BOSCH AdvancedTemp - Thermometer

AdvancedTemp - Thermometer BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis AdvancedTemp BOSCH in PDF-formaat.

📄 511 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice BOSCH AdvancedTemp - page 105
SKIP

Veelgestelde vragen - AdvancedTemp BOSCH

Gebruikersvragen over AdvancedTemp BOSCH

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Thermometer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AdvancedTemp - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AdvancedTemp van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING AdvancedTemp BOSCH

nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing

da Original Brugsanvishing

sv Bruksanvisning i original

no Original driftsinstruks

fi Alkuperaiset onjeet

Veiligheidsaanwijzingen

BOSCH AdvancedTemp - Veiligheidsaanwijzingen - 1

Alle aanwijzingen moeten gelezen en in acht genomen worden om gevaarloos en veilig met het meetgereedschap te werken.

Wanneer het meetgereedschap niet volgens de beschikbare aanwijzingen gebruikt wordt, kunnen de geïntegreerde veiligheids- voorzieningen in het meetgereedschap belemmerd worden.

Maak waarschuwingsstickers op het meetgereedschap nooit onleesbaar. BEWAAR DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE.

▶ Voorzichtig – wanneer andere dan de hier aangegeven bedienings- of afstelvoorzieningen gebruikt of andere methods uitgevoerd worden, kan dit resulteren in een gevaarlijke blootstelling aan straling.
- Het meetgereedschap is voorzien van een laser-waarschuwingsplaatje (aangegeven op de weergave van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen).
Is de tekst van het laser-waarschuwingsplaatje niet in uw taal, plak dan vóór het eerste gebruik de meegeleverde sticker in uw eigen taal hieroverheen.

BOSCH AdvancedTemp - Veiligheidsaanwijzingen - 2

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk niet zelf in de directe of gereflecteerde laserstraal. Daardoor kunt u personen verblinden, ongevallen veroorzaken of het oog beschadigen.

▶ Als laserstraling het oog raakt, dan moeten de ogen bewust gesloten worden en moet het hoofd onmiddellijk uit de straal bewogen worden.
▶ Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheidsbril. De laserbril dient voor het beter herkennen van de laserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laserstraling.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril of in het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-bescherming en vermindert het waarnemen van kleuren.
Laat het meetgereedschap alleen repareren door gekwalificeerd geschoold personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het meetgereedschap in stand blijft.

106 | Nederlands

▶ Laat kinderen het lasermeetgereedschap niet zonder toezicht gebruiken. Zij zouden per ongeluk andere personen of zichzelf kunnen verblinden.
▶ Werk met het meetgereedschap niet in een omgeving waar ontploffingsgevaar heerst en zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. In het meetgereedschap kunnen vonken ontstaan die het stof of de dampen tot ontsteking brengen.
- Het meetgereedschap kan om technologische redenen geen honderd procent veiligheid garanderen. Invloeden van buitenaf (bijv. stof of damp in het meetbereik), temperatuurschommelingen (bijv. door elektrische ventilatorkachels) evenals aard en toestand van de meetoppervlakken (bijv. sterk reflecterende of transparante materialen) kunnen de meetresultaten vervalsen.

Beschrijving van product en werking

Neem goed nota van de afbeeldingen in het voorste deel van de gebruiksaanwijzing.

Beoogd gebruik

Het meetgereedschap is bestemd voor de contactloze meting van oppervlaktetemperatuur, omgevingstemperatuur en relatieve luchtvochtigheid. Het berekent de dauwpunttemperatuur en wijst op koudebruggen en risico van schimmelvorming. Met het meetgereedschap kunnen geen schimmelsporen worden gedetecteerd.

Het meetgereedschap mag niet voor de temperatuurmeting bij personen en dieren of voor andere medische doeleinden worden gebruikt.

Het meetgereedschap is niet geschikt voor de oppervlaktetemperatuurmeting van gas- sen of vloeistoffen.

Het meetgereedschap is niet bestemd voor bedrijfsmatig gebruik.

Het meetgereedschap is geschikt voor gebruik binnenshuis.

Dit product is een laserproduct voor consumenten conform EN 50689.

Afgebeelde componenten

De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen.

(1) Toets Meten
(2) Opening voor laserstraal
(3) Ontvangstlens infraroodstraling
(4) Luchtvochtigheids- en temperatuursensor

(5) Sticker emissiegraad

(6) Laser-waarschuwingsplaatje

(7) Serienummer

(8) Bevestiging vasthoudlus

(9) Batterijvakdeksel

(10) Vergrendeling van het batterijvakdeksel

(12) Aan/uit-toets/toets Mode

(13) Toets Emissiegraad

(14) Display

(15) Signaallampje

(16) Opbergetui

Aanduidingselementen

(a) Aanduiding schimmelwaarschuwingsmodus

(b) Aanduiding koudebrugmodus

(c) Aanduiding referentietemperatuur-modus

(d) Aanduiding oppervlaktetemperatuurmodus

(e) Emissiegraad

(f) Maateenheid temperatuurmetingen

(g) Batterij-aanduiding

(h) Actuele meetwaarde oppervlaktetemperatuur

(i) Vorige meetwaarde oppervlaktetemperatuur

(j) Referentiewaarde oppervlaktetemperatuur

(k) Verschilwaarde oppervlaktetemperatuur

(I) Symbool verschilwaarde

(m) Symbool referentiewaarde

(n) Aanduiding testresultaat

(o) Symbool oppervlaktetemperatuur

(p) Symbool dauwpunttemperatuur

(q) Dauwpunttemperatuur

(r) Symbool omgevingstemperatuur

108 | Nederlands

(s) Meetwaarde omgevingstemperatuur
(t) Symbool relatieve luchtvochtigheid
(u) Meetwaarde relatieve luchtvochtigheid

Technische gegevens

Thermodetector AdvancedTemp
Productnummer3 603 F83 2..
Meetbereik
- Oppervlaktetemperatuur -30 ... +500 °C
- Omgevingstemperatuur -5 ... +50 °C
- Relatieve luchtvochtigheid 10 ... 90 %
Meetnauwkeurigheid
Oppervlaktetemperatuur^A)B)
- -30 ... -10 °C ±(1,5 + 0,1 × |t|) °CC)
- -10 ... 0 °C ±2,5 °C
- 0 ... 100 °C ±1,5 °C
- 100 ... 500 °C ±0,015 × t °C
Omgevingstemperatuur ±1 °C
Relatieve luchtvochtigheid^B)
- < 20 % ±3 %
- 20 ... 60 % ±2 %
- 60 ... 90 % ±3 %
Optiek (verhouding meetafstand : meetvlek) ^D)E) 12 : 1
Gebruikstemperatuur -5 °C ... +50 °C
Opslagtemperatuur -20 °C ... +70 °C
Max. gebruikshoogte boven referentiehoogte 2000 m
Relatieve luchtvochtigheid max. 90 %
Vervuilingsgraad volgens IEC 61010-1 2F)
Laserklasse2
Lasertype (typisch)650 nm, < 1 mW
Divergentie laserpunt≤ 1,5 mrad

160992A85E|(19.10.2022)

Bosch Power Tools

Thermodetector AdvancedTemp

Batterijen 2 × 1,5 V LR6 (AA)
Gebruiksduur ca. 8 h
Gewicht volgens EPTA-Procedure 01:2014 0,28 kg
Afmetingen (lengte × breedte × hoogte) 124 × 53 × 180 mm

A) bij een meetafstand van 0,75-1,25 m tot het oppervlak

B) bij een omgevingstemperatuur van 21-25 °C

C) bij een meetafstand van 0,1 - 0,3 m tot het oppervlak

D) Informatie volgens VDI/VDE 3511 blad 4.3 (verschijningsdatum juli 2005); geldt voor 90 % van het meetsignaal.

Er kunnen op alle gebieden buiten de weergegeven grootheden in de technische gegevens afwijkingen van de meetresultaten ontstaan.

E) heeft betrekking op infraroodmeting, zie grafiek:

BOSCH AdvancedTemp - | Nederlands - 1

text_image 0,18 m 1 m 1,5 cm 8,3 cm

F) Er ontstaat slechts een niet geleidende vervuiling, waarbij echter soms een tijdelijke geleidbaarheid wort verwacht door bedauwing.

Het serienummer (7) op het typeplaatje dient voor een duidelijke identificatie van uw meetgereedschap.

Montage

Batterijen plaatsen/vervangen

Voor het gebruik van het meetgereedschap wordt het gebruik van alkali-mangaanbatterijen aanbevolen.

Voor het openen van het batterijvakdeksel (9) drukt u op de vergrendeling (10) en klapt u het batterijvakdeksel open. Plaats de batterijen. Let hierbij op de juiste plaatsing van plus- en min-pool volgens de afbeelding aan de binnenkant van het batterijvakdeksel.

De batterij-aanduiding (g) geeft de laadtoestand van de batterijen aan:

110 | Nederlands

Aanduiding Capaciteit

76% ... 100%
51% ... 75%
26% ... 50%
15 min ... < 25%
maximaal 15 min

Als de batterij-aanduiding (g) met een leeg batterijsymbool knippert, dan moeten de batterijen worden vervangen.

Vervang altijd alle batterijen tegelijk. Gebruik alleen batterijen van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.

Haal de batterijen uit het meetgereedschap, wanneer u dit langere tijd niet gebruikt. De batterijen kunnen bij een langere periode van opslag in het meetgereedschap corroderen en zichzelf ontladen.

Gebruik

Ingebruikname

▶ Bescherm het meetgereedschap tegen vocht en fel zonlicht.
Stel het meetgereedschap niet bloot aan extreme temperaturen of temperatuurschommelingen. Laat het bijv. niet gedurende langere tijd in de auto liggen. Laat het meetgereedschap bij grotere temperatuurschommelingen eerst op temperatuur komen, voordat u het in gebruik neemt. Bij extreme temperaturen of temperatuurschommelingen kan de nauwkeurigheid van het meetgereedschap nadelig beïnvloed worden.
▶ Let op een correcte acclimatisering van het meetgereedschap. Bij sterke temperatuurschommelingen kan de acclimatiseringstijd tot wel 30 minuten bedragen, in extreme situaties tot wel 90 minuten. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn, wanneer u het meetgereedschap in een koude auto opbergt en dan een meting in een warm gebouw uitvoert.
▶ Vermijd heftige stoten of vallen van het meetgereedschap. Na sterke invloeden van buitenaf en bij opvallende zaken in de functionaliteit moet u het meetgereedschap bij een geautoriseerde Bosch-klantenservice laten controleren.
▶ De luchtvochtigheids- en temperatuursensor (4), de ontvangstlens (3) en de laserstraalopening (2) mogen niet worden afgesloten of bedekt.

In-/uitschakelen

U kunt het meetgereedschap met de aan/uit-toets/toets Mode (12) of met de toets

Meten (1) inschakelen. Na een korte startsequentie bevindt het meetgereedschap zich altijd in de modus voor oppervlaktetemperatuur en is gereed voor gebruik met de emissiegraad die bij de laatste keer uitschakelen opgeslagen is. Er wordt nog geen meting ge-start, de laser is uitgeschakeld. Na het indrukken van de toets Meten (1) begint het meetgereedschap met een meting.

Laat het ingeschakelde meetgereedschap niet onbeheerd achter en schakel het meetgereedschap na gebruik uit. Andere personen kunnen door de laserstraal verblind worden.
Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote afstand.

Om het meetgereedschap uit te schakelen drukt u circa 2 seconden op de aan/uit-toets/toets Mode (12).

Als circa 5 minuten lang geen toets op het meetgereedschap wordt ingedrukt, schakelt het meetgereedschap automatisch uit om de batterijen te sparen.

Meetvoorbereiding

Maateenheid temperatuurmetingen omschakelen

Om tussen maateenheden Celsius en Fahrenheit te wisselen, drukt u circa 3 seconden op de toets Emissiegraad (13).

De actuele instelling verschijnt in de aanduiding maateenheid temperatuurmetingen (f).

Emissiegraad voor oppervlaktetemperatuurmetingen

Voor het bepalen van de oppervlaktetemperatuur wordt contactloos de natuurlijke infra-rood-warmtestraling gemeten die het object waar het meetgereedschap op wordt gericht, uitzendt. Voor correcte metingen moet de bij het meetgereedschap ingestelde emissiegraad vóór elke meting gecontroleerd en eventueel aan het meetobject aangepast worden.

Voor het wijzigen van de emissiegraad drukt u zo vaak kort op de toets

Emissiegraad (13) tot in de aanduiding Emissiegraad (e) de voor de volgende meting juiste emissiegraad is geselecteerd. Bevestig de keuze met de toets Meten (1) of met de aan/uit-toets/toets Mode (12).

112 | Nederlands

BOSCH AdvancedTemp - | Nederlands - 1

  • Hoge emissiegraad ( ≈ 0,95): beton (droog), baksteen (rood, ruw), zandsteen (ruw), marmer, kunststof (PE, PP, PVC), rubber, aluminium geanodiseerd (mat), tegels, radiatorlak, hout, specie, dakvilt, behang, plakband, lakverf, stucwerk
  • Gemiddelde emissiegraad ( ≈ 0,85): graniet, emaille, gietijzer, chamotte, straatsteen, textiel, linoleum, papier, vezelplaat
    – Lage emissiegraad (≈ 0,75): kurk, porselein (wit), leer, natuursteen
  • i: Meer informatie Scan de QR-code om meer informatie te krijgen.

▶ Correcte temperatuurmetingen zijn alleen mogelijk, wanneer de ingestelde emissiegraad en de emissiegraad van het object overeenstemmen. Objecten zouden met een te hoge of te lage temperatuur kunnen worden weergegeven, wat mogelijk tot een gevaar bij aanrakingen kan leiden.

Meetvlak bij oppervlaktetemperatuurmetingen

De door het meetgereedschap geproduceerde lasercirkel geeft het meetvlak aan waarvan de infraroodstraling bij de contactloze oppervlaktetemperatuurmeting wordt bepaald.

De middelste laserpunt markeert het middelpunt van het meetvlak. Voor een optimaal meetresultaat lijnt u het meetgereedschap zodanig uit dat de laserstraal het meetvlak op dit punt loodrecht raakt.

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote afstand.

De grootte van de lasercirkel en daarmee de grootte van het meetvlak neemt toe met de afstand tussen meetgereedschap en meetobject. De optimale meetafstand bedraagt 0,75 m tot 1,25 m.

Houd het meetgereedschap niet direct op hete oppervlakken. Het meetgereedschap kan door de hitte beschadigd worden.

Het aangegeven meetresultaat is de gemiddelde waarde van de gemeten temperaturen binnen het meetvlak.

Aanwijzingen m.b.t. de meetomstandigheden

Sterk reflecterende, glanzende of transparante oppervlakken (bijv. glanzende tegels, fronten van roestvrij staal of kookpannen) kunnen de meting van de oppervlaktetemperatuur belemmeren. Plak indien nodig het meetvlak af met een donkere, matte plakband

die goed warmtegeleidend is. Laat de plakband kort op het oppervlak op temperatuur komen.

De meting door transparante materialen heen is vanwege het principe niet mogelijk.

De meetresultaten worden nauwkeuriger en betrouwbaarder naarmate de meetomstandigheden beter en stabieler zijn.

De luchtvochtigheids- en omgevingstemperatuursensor (4) kan door schadelijke chemische stoffen zoals bijv. uitdampende lak of verf worden beschadigd. De infrarood-temperatuurmeting wordt belemmerd door rook, stoom of stoffige lucht.

Zorg daarom voor de meting voor voldoende ventilatie in de ruimte, vooral wanneer de lucht vuil of wasemig is. Meet bijv. in de badkamer niet meteen na het douchen.

Laat de ruimte na het ventileren een tijdje op temperatuur komen tot deze weer de gebruikelijke temperatuur heeft bereikt.

Omgevingstemperatuur en relatieve luchtvochtigheid worden direct op het meetgereedschap bij de luchtvochtigheids- en omgevingstemperatuursensor (4) gemeten. Houd voor bewijskrachtige resultaten het meetgereedschap niet direct boven of naast storingsbronnen zoals verwarmingen of open vloeistoffen. Dek de sensor (4) in geen geval af.

Meetfuncties

Enkele meting

Door één keer kort op de toets Meten (1) te drukken schakelt u de laser in en activeert u een enkele meting in de gekozen modus. Het meetproces kan 1 tot 2 seconden duren.

Het meetresultaat verschijnt in het gedeelte met witte achtergrond op het display.

Na voltooiing van de meting wordt de laser automatisch uitgeschakeld.

Op het display verschijnen de laatste meetresultaten.

Continuumeting

Houd voor continuemetingen in de gekozen modus de toets Meten (1) ingedrukt. De laser blijft ingeschakeld. Richt de lasercirkel met een langzame beweging achtereenvolgens op alle oppervlakken waarvan u de temperatuur wilt meten. Voor vochtigheids- en omgevingstemperatuurmetingen beweegt u het meetgereedschap langzaam door het vertrek.

De aanduiding op het display evenals het signaallampje (15) worden voortdurend geactualiseerd. Zodra u de toets Meten (1) loslaat, wordt de meting onderbroken en de laser uitgeschakeld.

Op het display verschijnen de laatste meetresultaten. Het signaallampje blijft onveranderd bij de laatste aanduiding.

114 | Nederlands

Moduskeuze

BOSCH AdvancedTemp - Moduskeuze - 1

Om het modusmenu op te vragen, drukt u op de aan/uit-toets/toets Mode (12). Met de aan/uit-toets/toets Mode (12) kiest u de gewenste modus. Bevestig met de toets Me- ten (1) of met de toets Emissiegraad (13) uw keuze.

Druk op de terug-toets/wis-toets (11) om terug te gaan naar het vorige menu.

Oppervlaktetemperatuurmodus (zie afbeelding A)

BOSCH AdvancedTemp - Oppervlaktetemperatuurmodus (zie afbeelding A) - 1

BOSCH AdvancedTemp - Oppervlaktetemperatuurmodus (zie afbeelding A) - 2

In de oppervlaktetemperatuurmodus wordt de oppervlaktetemperatuur van een meetobject gemeten.

Druk op de toets Meten (1) en richt de lasercirkel loodrecht op het midden van het meetobject. De gemeten oppervlakte-temperatuur (h) verschijnt in het gedeelte met witte achtergrond op het display. Bij de volgende meting verschijnt de te-voren gemeten waarde in de aanduiding (i).

Druk op de terug-toets/wis-toets (11) om de meetwaarde (h) in het gedeelte met witte achtergrond op het display te wissen.

In de oppervlaktetemperatuurmodus brandt het signaallampje (15) niet.

In deze modus kunt u bijv. de temperatuur van radiators, vloerverwarmingen of binnen-ruimtes van koelkasten meten.

Referentietemperatuur-modus

BOSCH AdvancedTemp - Referentietemperatuur-modus - 1

BOSCH AdvancedTemp - Referentietemperatuur-modus - 2

text_image ℃ 89.3 REF 122.5 -33.2

In de referentietemperatuur-modus worden 2 gemeten oppervlaktetemperaturen vergeleken en het verschil ervan weergegeven. Zo kunnen significante temperatuurverschillen op 2 verschillende punten van een of meerdere oppervlakken worden gemeten.

Druk op de toets Meten (1) om de referentiewaarde (j) te meten. Alle volgende meetwaarden worden in relatie tot de referentiewaarde (j) geplaatst. Het temperatuurverschil (k) verschijnt direct na een nieuwe meting op het display. Bij elke nieuwe meting wordt de meetwaarde (h) in het gedeelte met witte achtergrond op het display bijgewerkt en het verschil met de referentiewaarde opnieuw berekend.

Als de nieuwe meetwaarde (h) meer dan 1 °C lager is dan de referentiewaarde (j), dan brandt het signaallampje (15) blauw. Wanneer de nieuwe meetwaarde (h) meer dan 1 °C hoger is dan de referentiewaarde (j), dan brandt het signaallampje (15) rood. Als de verschilwaarde (k) binnen het bereik van ±1 °C ligt, dan brandt het signaallampje (15) niet.

Koudebrugmodus (zie afbeelding B)

BOSCH AdvancedTemp - Koudebrugmodus (zie afbeelding B) - 1

BOSCH AdvancedTemp - Koudebrugmodus (zie afbeelding B) - 2

text_image 19.7 °C 22.5

In de koudebrugmodus worden oppervlakte- en omgevingstemperatuur gemeten en met elkaar vergeleken. Bij grotere verschillen tussen beide temperaturen wordt er gewaarschuwd voor een koudebrug (zie „Koudebrug“, Pagina 118). Druk op de toets Meten (1) en richt de lasercirkel loodrecht op het midden van het meetobject. Na voltooiing van de meting verschijnt de gemeten oppervlaktetemperatuur (h). De omgevingstemperatuur (s) verschijnt vóór de meting al automatisch.

Het meetgereedschap vergelijkt automatisch de waarden en interpreteert het resultaat als volgt:

BOSCH AdvancedTemp - Koudebrugmodus (zie afbeelding B) - 3

groen signaallampje (15): gering temperatuurverschil, geen koudebrug aanwezig.

116 | Nederlands

BOSCH AdvancedTemp - | Nederlands - 1

geel signaallampje (15): temperatuurverschil in het grensbereik, in het meetbereik bestaat eventueel een koudebrug; herhaal de meting eventueel met tussenpozen.

BOSCH AdvancedTemp - | Nederlands - 2

rood signaallampje (15): het symbool geeft aan dat de oppervlaktetemperatuur binnen het meetvlak duidelijk afwijkt van de omgevingstemperatuur. In het meetbereik bestaat een koudebrug, wat duidt op een slechte isolatie. Het vertrek is te koud – wordt het normaal verwarmd, dan duidt de lage temperatuur op een slechte isolatie in z'n geheel.

Controleer bij een koudebrug de isolatie in dit gebied, eventueel met behulp van een bouwkundige.

Schimmelwaarschuwingsmodus (zie afbeelding C)

BOSCH AdvancedTemp - Schimmelwaarschuwingsmodus (zie afbeelding C) - 1

text_image 18.1 °C 17.9 °C 46% 29.7 °C

In de schimmelwaarschuwingsmodus worden de omgevingstemperatuur en de relatieve luchtvochtigheid (zie „Relatieve luchtvochtigheid“, Pagina 118) gemeten. Uit beide waarden wordt de dauwpunttemperatuur (zie „Dauwpunttemperatuur“, Pagina 118) berekend. Bovendien wordt de oppervlaktetemperatuur gemeten.

De dauwpunttemperatuur wordt vergeleken met de oppervlaktetemperatuur en het resultaat met betrekking tot het risico van schimmelvorming geïnterpreteerd.

Relatieve luchtvochtigheid (u), omgevingstemperatuur (s) en berekende dauwpunttemperatuur (q) worden automatisch bepaald en weergegeven.

Druk op de toets Meten (1) en richt de lasercirkel loodrecht op het midden van het meetobject. De meetwaarde oppervlaktetemperatuur (h) verschijnt in het gedeelte met witte achtergrond op het display.

Het meetgereedschap vergelijkt automatisch de waarden en interpreteert het resultaat als volgt:

BOSCH AdvancedTemp - Schimmelwaarschuwingsmodus (zie afbeelding C) - 2

groen signaallampje (15): onder de huidige omstandigheden bestaat er geen risico op schimmelvorming.

BOSCH AdvancedTemp - Schimmelwaarschuwingsmodus (zie afbeelding C) - 3

geel signaallampje (15): de waarden liggen in het grensbereik; let op kamertemperatuur, koudebruggen evenals luchtvochtigheid en herhaal de meting eventueel met tussenpozen.

BOSCH AdvancedTemp - Schimmelwaarschuwingsmodus (zie afbeelding C) - 4

rood signaallampje (15): er bestaat een verhoogd risico op schimmelvorming, omdat de luchtvochtigheid te hoog is of de oppervlaktetemperatuur zich dichtbij het bereik van de dauwpunttemperatuur bevindt.

Bij het risico op schimmelvorming moet u afhankelijk van de oorzaak de luchtvochtigheid verlagen door vaker en grondiger ventileren, de kamertemperatuur verhogen of koudebruggen verhelpen. Neem eventueel contact op met een bouwkundige.

Aanwijzing: Met het meetgereedschap kunnen geen schimmelsporen worden gedetecteerd. Het geeft alleen aan dat er bij gelijkblijvende omstandigheden schimmelvorming kan ontstaan.

Fouten - oorzaken en verhelpen

Meetwaarden buiten het meetbereik

Wanneer de meetwaarden van het meetobject in de lasercirkel zich buiten het meetbereik bevinden, verschijnen op het display de aanduidingen:

BOSCH AdvancedTemp - Meetwaarden buiten het meetbereik - 1

500 °C – de oppervlaktetemperatuur is te hoog.

BOSCH AdvancedTemp - Meetwaarden buiten het meetbereik - 2

<-30 °C - de oppervlaktetemperatuur is te laag.

Bij de omgevingstemperatuur: > 50 °C (te hoog) of < -5 °C (te laag)

De waarden van dit object kunnen niet worden gemeten. Richt de lasercirkel op een ander object en start een nieuwe meting.

118 | Nederlands

Interne fout

BOSCH AdvancedTemp - Interne fout - 1

text_image °C ERROR

Het meetgereedschap heeft een interne fout en wordt na 5 seconden uitgeschakeld. Voor het resetten van de software verwijdert u de batterijen, wacht u enkele seconden en plaatst u de batterijen weer terug.

Als de fout daarna blijft bestaan, laat dan het meetgereedschap bij een Bosch-klantenservicewerkplaats controleren.

Uitleg van begrippen

Emissiegraad

De emissiegraad van een object is afhankelijk van het materiaal en van de structuur van zijn oppervlak. Deze geeft aan hoeveel infrarood-warmtestraling het object in vergelijking met een ideale warmtestraler (zwart lichaam, emissiegraad ε = 1) afgeeft en bedraagt dienovereenkomstig een waarde tussen 0 en 1.

Koudebrug

Een koudebrug is een plek bij de buitenmuur van een gebouw waar door de constructie een lokaal verhoogd warmteverlies ontstaat.

Koudebruggen kunnen resulteren in een verhoogd risico op schimmelvorming.

Relatieve luchtvochtigheid

De relatieve luchtvochtigheid geeft aan hoe sterk de lucht is verzadigd met waterdamp. Dit wordt aangegeven als een procentwaarde van de maximale hoeveelheid waterdamp die de lucht kan opnemen. De maximale hoeveelheid waterdamp is afhankelijk van de temperatuur: hoe hoger de temperatuur, des te meer waterdamp kan de lucht opnemen.

Als de relatieve luchtvochtigheid te hoog is, dan wordt het risico op schimmelvorming groter. Een te lage luchtvochtigheid kan leiden tot schade aan de gezondheid.

Dauwpunttemperatuur

De dauwpunttemperatuur geeft aan bij welke temperatuur de in de lucht aanwezige waterdamp begint te condenseren. De dauwpunttemperatuur is afhankelijk van de relatieve luchtvochtigheid en de luchttemperatuur.

Als de temperatuur van een oppervlak lager is dan de dauwpunttemperatuur, dan begint water op dit oppervlak te condenseren.

Condenswater op oppervlakken is een hoofdoorzaak voor schimmelvorming.

Onderhoud en service

Onderhoud en reiniging

- Controleer het meetgereedschap vóór elk gebruik. Bij zichtbare beschadigingen of losse delen binnenin het meetgereedschap is de veilige werking niet meer gewaarborgd.

Houd het meetgereedschap altijd schoon en droog om goed en veilig te werken.

Dompel het meetgereedschap niet in water of andere vloeistoffen.

Verwijder vuil met een droge, zachte doek. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.

Tijdens het reinigen mag geen vloeistof in het meetgereedschap binnendringen.

Reinig vooral de luchtvochtigheids- en temperatuursensor (4), de ontvangstlens (3) en de laserstraalopening (2) zeer voorzichtig:

let erop dat geen pluizen op de ontvangstlens of de laserstraalopening liggen. Probeer niet met spitse voorwerpen vuil uit de sensor of van de ontvangstlens te verwijderen. Indien nodig kunt u vuil voorzichtig wegblazen met olievrije perslucht.

Bewaar het meettoestel niet in een plastic zak waarvan uitdampingen de luchtvochtigheids- en temperatuursensor (4) zouden kunnen beschadigen. Plak geen stickers in de buurt van de sensor op het meetgereedschap.

Bewaar het meetgereedschap niet gedurende langere tijd buiten een luchtvochtigheidsbereik van 30 tot 50 %. Als het meetgereedschap te vochtig of te droog wordt bewaard, dan kunnen er bij de ingebruikname verkeerde metingen ontstaan.

Bewaar en transporteer het meetgereedschap alleen in het meegeleverde opbergetui.

Stuur voor reparaties het meetgereedschap in het opbergetui op.

Klantenservice en gebruiksadvies

Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op: www.bosch-pt.com

Het Bosch-gebruiksadviesteam helpt u graag bij vragen over onze producten en accessoires.

Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande productnummer volgens het typeplaatje van het product.

120 | Dansk

Nederland

Tel.: (076) 579 54 54

Fax: (076) 579 54 94

E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com

Meer serviceadressen vindt u onder:

Meetgereedschappen, accessoires en verpakkingen dienen op een voor het milieu verantwoorde manier te worden gerecycled.

BOSCH AdvancedTemp - Meer serviceadressen vindt u onder: - 1

Gooi meetgereedschappen en batterijen niet bij het huisvuil!

Alleen voor landen van de EU:

Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en de implementatie in nationaal recht moeten niet meer bruikbare meetgereedschappen en volgens de Europese richtlijn 2006/66/EG moeten defecte of verbruikte accu's/batterijen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden gerecycled.

Bij een verkeerde afvoer kunnen afgedankte elektrische en elektronische apparaten vanwege de mogelijke aanwezigheid van gevaarlijke stoffen schadelijke uitwerkingen op het milieu en de gezondheid van mensen hebben.

Dansk

Kastepunkti temperatuur

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : AdvancedTemp

Categorie : Thermometer