DM500T - Houtdraaibank SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DM500T SCHEPPACH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DM500T SCHEPPACH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Houtdraaibank in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DM500T - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DM500T van het merk SCHEPPACH.
GEBRUIKSAANWIJZING DM500T SCHEPPACH
Verklaring van de symbolen op het apparaat
Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De veiligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico's en kunnen de juiste maatregelen betreffende ongevallenpreventie niet vervangen.
![]() | Waarschuwingen en veiligheidsvoorschriften in acht nemen! |
![]() | Lees voorafgaand aan de inbedrijfstelling de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften! |
![]() | Draag gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn. |
![]() | Draag een stofmasker. Tijdens het bewerken van hout en andere materialen kan stof ontstaan die schadelijk is voor de gezondheid. Asbesthoudend materiaal mag niet worden bewerkt! |
![]() | Draag een veiligheidsbril. Vonken die tijdens het werk ontstaan of vrijkomende houtsplinters, houtkrullen en stof uit het apparaat kunnen leiden tot verlies van het gezichtsvermogen. |
![]() | Draag lang haar niet los. Gebruik een haarnetje. |
![]() | Gebruik van handschoenen verbonden! |
![]() | Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. |
! | In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betreffen van dit teken voorzien. |
![]() | Het product voldoet aan de geldende Servische richtlijnen. |
Inhoudsopgave:
Pagina:
- Inleiding....60
- Beschrijving van het apparaat....60
- Meegeleverd....60
- Beoogd gebruik....61
- Algemene veiligheidsvoorschriften 61
- Overige risico's 64
- Technische gegevens....64
- Uitpakken 65
- Montage 65
- Bedrijf 66
- Werkinstructies....67
- Elektrische aansluiting....68
- Reiniging en onderhoud 68
- Transport....68
- Opslag....69
- Afvalverwerking en hergebruik....69
- Verhelpen van storingen....70
- Conformiteitsverklaring.... 312
1. Inleiding
Fabrikant:
Scheppach GmbH
Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat.
Aanwijzing:
De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:
• Ondeskundige behandeling,
- Niet in acht nemen van de gebruikshandleiding
- Reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmensen,
- Inbouw en vervanging van niet-originele inbouw
• Dat niet conform de voorschriften is
- Uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE0113
Let op:
Lees voor de montage en voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding door.
De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelijker te maken, uw apparaat te leren kennen en de beoogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten.
De gebruiksaanwijzing bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het product veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uit-spaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat verhoogt.
Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen.
Bewaar de gebruikshandleiding bij het apparaat in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De gebruikshandleiding moet door elke bediener van het apparaat voor aanvang van het werk gelezen en zorgvuldig nageleefd worden.
Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn. De vereiste minimumleeftijd moet aangehouden worden.
Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen veiligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van machines van hetzelfde type.
Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.
2. Beschrijving van het apparaat
- 4-tands-korrelpunt
- Gereedschapssteun
2a. Schroef, hoogteverstelling
2b. Onderste deel van de gereedschapssteun - Rail met motoreenheid
- Contramoer
- Losse kop
- Handwiel
- Voet
- Hendel, losse kop
- Hendel, gereedschapssteun
- Aan-schakelaar
- Uit-schakelaar
- Inbussleutel
- Opspanplaat
- Houtbeitel, recht
- Houtbeitel, hol
- Steeksleutel
- Inbusschroeven met span- en onderlegring en moer
- Aandrijfas
- Afsluitdop
- Aandrijfafdekking
- Vastzetschroef
- Motoreenheid
- Hendel, motoreenheid
- Aandrijfschijf
- V-snaar
- Vergrendelingsschakelaar
3. Meegeleverd
- Draaibank (tweedelig)
- Opsplanplaat
- Losse kop
• Gereedschapssteun (tweedelig)
• 2 houtbeitels (1 x recht, 1 x hol) - 2 x steeksleutel
- Inbussleutel
- Montagemateriaal:
- 4 inbusschroeven
- 4 spanschijven
- 4 onderlegringen
- 4 moeren
- Gebruikshandleiding
4. Beoogd gebruik
De draaibank wordt uitsluitend gebruikt voor het bewerken van hout met gebruik van beitels.
De ingespannen werkstukken worden gebruikt voor het roteren, hierbij kunnen verschillende toerentallen worden ingesteld. De werking van de bedieningsonderdelen vindt u in de volgende beschrijvingen.
De machine voldoet aan de geldende EG-machine-richtlijn.
- De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsook de in de technische gegevens aangegeven afmetingen moeten in acht worden genomen.
- De desbetreffende ongevallenpreventievoorschriften alsook de overige algemene erkende veiligheidstechnische voorschriften moeten in acht worden genomen.
- De machine mag alleen door deskundige personen worden gebruikt, onderhouden en worden gerepareerd, die bekend zijn met deze werkzaamheden en op de hoogte zijn van de gevaren. Zelf aangebrachte wijzigingen aan de machine sluiten een aansprakelijkheid van de fabrikant voor hieruit voortvloeiende schade uit.
- De machine mag uitsluitend met de originele accessoires en originele gereedschappen van de fabrikant worden gebruikt.
- leder daarboven uitgaand gebruik geldt als niet volgens de voorschriften. Voor hieruit voortvloeiende schade kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld, het risico hiervoor ligt volledig bij de gebruiker.
Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd gebruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet.
5. Algemene veiligheidsvoorschriften
Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten
⚠ WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsvoorschriften, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens die bij deze elektrische machine zijn meegeleverd. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken.
Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwijzingen voor toekomstig gebruik.
Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip "Elektrisch gereedschap" is van toepassing op netgevoed elektrisch gereedschap (met netsnoer) of op accugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer).
Veiligheid op de werkplek
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen leiden tot ongevallen.
b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich E U D Q G E D U H Y O R H L V W R - H Q , J D V F Elektrisch gereedschap kan vonken veroorzaken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische gereedschap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen.
Elektrische veiligheid
a) De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok.
b) Let op dat uw lichaam geen contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radiatoren, elektrische haarden, koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is.
c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht.
Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elektrische schok.
d) Gebruik de kabel niet om het elektrisch gereedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, scherpe randen of bewegende apparaatdelen. Beschadigde of opgewikkelde kabels verhogen het risico op een elektrische schok.
e) Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een verlengsnoer dat ook geschikt is voor gebruikt buiten. Het gebruik van een voor buiten geschikt verlengsnoer vermindert het risico op een elektrische schok.
f) Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving niet kan worden vermeden, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok.
Veiligheid van personen
a) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werkzaamheden met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van onachtzaamheid bij gebruik van het elektrisch gereedschap kan leiden tot ernstig letsel.
b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een helm of gehoorbescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepassing ervan, verkleint het risico op verwondingen.
c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Controleer of het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld voordat u het op de stroomvoorziening en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schakelaar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden.
d) Verwijder instelgereedschap of de moersleutel, voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel bevindt, kan verwondingen veroorzaken.
e) Voorkom een onnatuurlijke lichamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen.
Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegrepen door bewegende delen.
g) Als er stof- en opvangrichtingen gemonteerd kunnen worden, moet u controleren of deze aangesloten zijn en correct worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen.
h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in een fractie van een seconde tot ernstige verwondingen leiden.
Gebruik en behandeling van het elektrisch gereedschap
a) Zorg dat het apparaat niet overbelast raakt.
Gebruik voor de werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrisch gereedschap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik.
b) Gebruik geen elektrisch apparaat, waarvan de schakelaar defect is. Een elektrisch gereedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de uitneembare accu voordat u de apparaatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregelen voorkomen dat het elektrische gereedschap onbedoeld start.
d) Bewaar ongebruikt elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk als deze door onervaren personen worden gebruikt.
e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische apparaten en inzetstukken.
Controleer of bewegende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhouden elektrische apparaten.
f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden klemt minder snel vast en is makkelijker te gebruiken.
g) Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandigheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties.
h) Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greepoppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden.
Service
a) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend GRRRUJHHNZDOLFHHUGI GHH repareren met uitsluitend originele reserve-onderdelen. Hiermee blijft veilig gebruik van het elektrisch gereedschap gewaarborgd.
Waarschuwing! Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine wordt gebruikt.
Veiligheidsvoorschriften voor de draaibank
- Het apparaat mag daarom alleen worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Zorg dat u bekend bent met de eigenschappen van de machine en de draaibank voordat u de machine in gebruik neemt.
-
Controleer alle werkstukken op scheuren of takken. Lijmverbindingen moeten voor het keren volledig zijn uitgehard.
-
Controleer of het werkstuk goed vergrendeld is en alle opzetstukken zijn geborgd.
- Voor het inschakelen van de machine moet u waarborgen dat het werkstuk door het handmatig draaien vrij kan draaien.
- Houd uw handen en vingers buiten het bereik van het roterende werkstuk.
- Schakel de machine uit en wacht tot deze tot stilstand is gekomen, voordat u instellingen aan het werkstuk, de losse kop of de werkstukoplage uitvoert.
- Onderhoud, instelling, kalibratie en reiniging mo-gen uitsluitend worden uitgevoerd als de motor is uitgeschakeld.
- De machine is uitsluitend bestemd voor het gebruik met draaibankbeitels.
- Bewaar de draaibankbeitel altijd veilig op, voordat u uw werkplek verlaat.
- Gebruik de draaimachine niet zonder afdekkingen en veiligheidsvoorzieningen.
- Snijgereedschap scherp houden.
- Gebruik de laagste snelheid als u een nieuw werkstuk wilt starten.
- Stop de draaimachine altijd met de langzaamste snelheid. Als de machine zo snel draait, dat deze trilt, bestaat het gevaar dat het werkstuk wordt weggeslingerd of dat het snijgereedschap uit de handen wordt gerukt.
- Laat het snijgereedschap niet in het werkstuk vastklemmen. Het hout kan hierdoor splijten of van de X Q Q G L b k S W H U E M R Q G H S I N e r d.
- Positioneer de werkstukoplage altijd boven de midden- lijn van de draaimachine, als u een werkstuk vormt.
- Voordat u een werkstuk op de frontplaat wilt bevestigen, moet deze altijd zo grof mogelijk zijn uitgewerkt, om deze zo rond mogelijk te maken. Hierdoor worden de trillingen tijdens het draaien van het werkstuk tot een minimum beperkt. Bevestig het werkstuk altijd goed op de frontplaat. Anders kan het werkstuk door de draaimachine worden weggeslingerd.
- Gebruik een borstel of perslucht om houtspaanders te verwijderd; nooit uw handen. De spaanders kunnen scherp zijn.
- Het snijgereedschap moet altijd goed in de werk-tuighouder of in de spanvoering zijn geplaatst en dusdanig zijn ingesteld dat het uitsteken wordt be-perkt. Dit reduceert de mogelijkheid dat het gereedschap breekt of wordt verbogen.
- Tijdens het gebruik mag er niet over de draaimachine worden gelopen.
- Werkstuk uitsluitend tegen de draairichting in, in het snijgereedschap brengen. Het werkstuk moet naar u toe draaien.
- Laat het apparaat niet zonder toezicht als deze op een stopcontact is aangesloten, schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat achter laat.
- Dit product is geen speelgoed. Buiten het bereik van kinderen bewaren.
-
Enig stof, dat tijdens het slijpen, zagen, schuren, boren en andere werkzaamheden ontstaan, bevatten chemicaliën, waarvan bekend is dat deze kanker, geboorteafwijkingen of andere voortplantingsrisico's kan veroorzaken. Enige voorbeelden van deze chemicaliën zijn:
-
Lood uit ijzermenie
- Kristallijn kiezelzuur van tegels en cement of andere metselwerken
- Arseen en chroom uit chemisch behandeld hout
- Afhankelijk van hoe u deze werkzaamheden verricht, varieert het risico. Om uw blootstelling aan deze chemicaliën te beperken: Werk uitsluitend in goed geventileerde ruimtes en werk met de toegestane veiligheidsvoorzieningen, zoals bijv. stofmaskers, die speciaal ontwikkeld zijn om microscopisch kleine deeltjes weg te filteren.
- Personen met pacemakers moeten voor gebruik eerst een arts raadplegen. Elektromagnetische velden nabij de pacemaker kunnen storingen in de pacemaker veroorzaken of zorgen dat de pacemaker uitvalt. Bovendien moeten personen met een pacemaker:
- Vermijden om alleen te werken.
- Juist onderhoud en inspecties om een elektrische schok te vermijden.
- De in deze gebruikershandleiding beschreven waarschuwingen, voorzorgsmaatregelen en aanwijzingen kunnen niet alle mogelijke voorwaarden en situaties afdekken. De gebruiker moet begrijpen dat een gezond verstand en voorzichtigheid factoren zijn die niet in dit product kunnen worden ingebouwd, maar door de gebruiker moeten worden geleverd.
Aanvullende veiligheidsvoorschriften voor het gebruik van een opspanplaat
- Controleer of de opspanplaat de juiste grootte heeft om het werkstuk te ondersteunen.
- Controleer of het werkstuk goed op de opspanplaat is bevestigd.
- Snij het werkstuk vóór montage op een opspanplaat zo goed mogelijk in de definitieve vorm.
- Voor het draaien van de opspanplaat mag uitsluitend een schraapbeitel worden gebruikt. Snijbeitels kunnen makkelijk uit de handen worden gerukt.
- Let op dat de draaibankbeitel de stelschroeven voor de definitieve maten van het werkstuk niet kunnen raken.
6. Overige risico's
De machine is volgens de nieuwste stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels gebouwd. Toch kunnen er tijdens het werken nog een enkele risico's optreden.
- Verwerk alleen uitgezocht hout zonder fouten zoals: Kwasten, dwarsscheuren, oppervlaktescheuren. Hout met fouten neigt tot splinters en vormt een risico tijdens het werken.
- Niet zorgvuldig gelijmd hout kan door de middel-puntvliedende kracht tijdens het bewerken exploderen.
- Voor het inspannen het ruwe werkstuk in vierkante vorm zagen, centreren en op goede inspanning letten. Onbalans in het werkstuk leidt tot gevaar voor verwondingen.
- Gevaar voor verwondingen door slechte werkstukgeleiding bij niet exact opgestelde support en stomp draaiers gereedschap. Voorwaarde voor deskundig draaien is goed, scherp draaiersgereedschap.
- Gevaar voor verwondingen door het roterende werk stuk bij lang haar en losse kleding. Persoonlijke bescher mingsmiddelen zoals haarnetje en nauwsluitendewerkkleding.
- Gevaar voor uw gezondheid door houtstof of houtspaan ders. Persoonlijke beschermingsmiddelen zoals oog be scherming en stofmasker dragen.
- Gevaar voor uw gezondheid door stroom, bij gebruik van aansluitkabels, die niet aan de voorschriften voldoen.
- Verder kunnen er ondanks alle voorzorgsmaatregelen nog niet bekende risici's bestaan.
- Deze overige risico's kunnen geminimaliseerd worden, als de „Veiligheidswenken“ en het „Gebruik volgens de voorschriften“ en de gebruiksaanwijzing in z'n geheel in acht genomen worden.
| Toerental 890/1260/1760/2600 min | -1 |
| Werkstukgrootte max. 500 mm | |
| Diameter werkstuk max. 350 mm | |
| Spilkopschroefdraad | M18 x 2,5 |
Gewicht 18 kg
Motor 230-240 V /50 Hz
Opgenomen vermogen 400 W S6 15%
Technische wijzigingen voorbehouden
*Bedrijfsmodus S6 15%, ononderbroken periodiek bedrijf. Het gebruik is opgebouwd uit een opstarttijd, een tijd met een constante belasting en een uitlooptijd. De cyclusduur bedraagt 10 minuten en de relatieve inschakelduur bedraagt 15% van de cyclustijd.
De geluids- en trillingswaarden zijn bepaald volgens EN 61029.
| Geluidsdrukniveau L_pA | 71 dB |
| Onzekerheid K_pA | 3 dB |
| Geluidsvermogensniveau L_WA | 84 dB |
| Onzekerheid K_WA | 3 dB |
Draag gehoorbescherming.
Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn. Totale trillingswaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald conform EN 61029.
8. Uitpakken
- Open de verpakking en haal het apparaat er voorzichtig uit.
- Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).
- Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
- Controleer het apparaat en de hulpstukken op transportschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
- Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd.
- Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met het apparaat aan de hand van de gebruikshandleiding.
- Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveonderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier.
- Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het apparaat aan.
⚠ LET OP!
Het apparaat en verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar!
9. Montage
Draaibank opstellen (afb. 1)
- Plaats de draaibank op een vaste ondergrond.
- Schroef de draaibank vast op de ondergrond. Gebruik hiertoe telkens de twee boorgaten in de twee voeten (7).
- U kunt hiertoe de meegeleverde inbusschroeven (17) gebruiken.
- Schuif de onderlegring en de spanring op de in- busschroef (17) (zie afb. 1).
- Schroef de draaibank op de ondergrond vast met behulp van de inbusschroef, onderlegring, spanring en moer (17).
Gereedschapsopnamen monteren/wisselen(afb. 2)
⚠ LET OP!
Schakel het apparaat uit en trek de stekker eruit.
4-tands-korrelpunt monteren
- Draai indien nodig de opspanplaat (13) los. Houd hiertoe de aandrijfas (18) met behulp van de steeksleutel (16) vast en draai de opspanplaat (13) van de aandrijfas (18).
- Houd de aandrijfas (18) met de steeksleutel (16) vast.
- Draai de 4-tands-korrelpunt (1) met behulp van de tweede steeksleutel (16) op de aandrijfas vast.
Voor het draaien van bijv. schalen of bakken moet de opspanplaat (13) in plaats van de 4-tands-korrelpunt (1) worden gebruikt.
Opspanplaat monteren
- Draai de 4-tands-korrelpunt (1) los. Plaats hiertoe de beide steeksleutels (16) op de aandrijfas (18) en op de 4-tands-korrelpunt (1) vast en draai de 4-tands-korrelpunt (1) los.
- Houd de aandrijfas (18) met de steeksleutel (16) vast.
- Draaien de opspanplaat (13) op de aandrijfas (18).
10. Bedrijf
⚠ Let op!
Voor ingebruikneming het toestel zeker volledig mon- teren!
Toerental selecteren (afb. 3)
LET OP!
De stekker mag bij het instellen van het toerental niet zijn geplaatst.
Selecteren van het juiste toerental:
- Selecteer bij nieuwe werkstukken eerst een lager toerental. Verhoog het toerental met toenemende onbalans van het werkstuk.
- Het selecteren van het juiste toerental hangt af van meerdere factoren, bijv. materiaal, diameter, lengte en onbalans van het werkstuk. In principe geldt: Selecteer bij harde houtsoorten, bij niet ronde, lange of werkstukken met een grotere diameter een lager toerental.
- Raadpleeg de tabel voor het selecteren van het juiste toerental:

line
| φ | min⁻¹ | | ---- | ----- | | 0 | 2600 | | 100 | 1600 | | 200 | 1000 | | 300 | 800 | | 400 | 750 |Op de x-as is de diameter van het werkstuk aangegeven. Op de y-as wordt het toerental afgelezen. Wanneer de diameter van het werkstuk verticaal is, ga dan verticaal omhoog en lees het toerental af waarmee de denkbeeldige verticale lijn de curve raakt.
- Draai beide slotbouten (19) van de aandrijfafdekkingen (20) los.
- Open de apparaatafdekkingen (20).
- Draai de vastzetschroef (21) van de motoreenheid met de inbussleutel (12).
-
Til de motoreenheid (22) op door de hendel (23) te bedienen om de V-snaar (25) te ontlasten.
-
Fixeer de motoreenheid (22) door het aanhalen van de vastzetschroef (21).
- Leg de V-snaar (25) op de gewenste groef van de aandrijfschijf (24) om het gewenste toerental te bereiken:

bar
| Category | Value | |---|---| | 1 | 2600 | | 2 | 1760 | | 3 | 1260 | | 4 | 890 |De V-snaar moet op de bovenste en onderste aandrijfschijf in dezelfde groef liggen.
Aanwijzing: De beide apparaatafdekkingen (20) zijn voorzien van een vergrendelingsschakelaar (26). De vergrendelingsschakelaar (26) worden bij het sluiten van de apparaatafdekkingen (20) automatisch bediend. Bij niet juist gesloten aan- drijfafdekking (20) kan het apparaat niet worden ingeschakeld.
- Draai de vastzetschroef (21) los en laat de hendel met de motoreenheid weer zakken, zo spant u de V-snaar.
- Fixeer de vastzetschroef (21).
- Sluit de apparaatafdekkingen (20). Fixeer de aan- drijfafdekkingen met de afsluitdop (19).
Werkstuk borgen
Borg met 4-tands-korrelpunt (1) en losse kop (5) (afb. 1)
- Teken een diagonale lijn aan beide einden van het werkstuk om het midden te lokaliseren. Het midden is het punt waar de lijnen elkaar treffen. Plaats een centreerboring, waar 4-tands-korrelpunten en losse kop op het werkstuk moeten plaatsen. Hierdoor kan een betere houvast worden verkregen.
- Plaats een 2 mm diepe zaagsnede langs de diagonale lijn waarin de 4-tands-korrelpunt (1) beter kan vastgrijpen.
- Plaats de afgemonteerde 4-tands-korrelpunt (1) gecentreerd in het midden van het werkstuk. Sla de 4-tands-korrelpunt (1) met een houten hamer (niet bij de levering inbegrepen) iets in het werkstuk. Let op dat het schroefdraad van de 4-tands-korrelpunt (1) met bijv. een houten plaat wordt beschermd.
- Verwijder de 4-tands-korrelpunt (1) weer van het werkstuk.
- Monteer aansluitend de 4-tands-korrelpunt (1) (weer) op het apparaat.
Aanwijzing: De montage en demontage van de 4-tands-korrelpunt vindt u in het hoofdstuk "Werkstukopnamen monteren/wisselen".
- Plaats het werkstuk tegen de 4-tands-korrelpunt (1). Let op dat u met de 4-tands-korrelpunt (1) de ingeslagen inkeping raakt, omdat er anders geen veilig inspannen kan worden gewaarborgd.
- Draai de hendel (8) los van de losse kop.
- Schuif de losse kop in de richting van de 4-tands-korrelpunt (1) nagenoeg tegen het werkstuk aan om deze in te spannen.
- Fixeer de losse kop door de hendel (8) geheel omlaag te drukken.
- Voor de fijnafstelling gebruikt u het handwiel (6).
- Fixeer de positie van het handwiel met de contra- moer (4).
Borg dit met de opspanplaat (13) (afb. 2)
- Houd de aandrijfas (18) met de steeksleutel (16) vast.
- Draai de opspanplaat (13) van de aandrijfas (18).
- Fixeer het werkstuk met houtschroeven (niet bij de levering inbegrepen) op de opspanplaat (13).
LET OP!
Gevaar voor letsel! De houtschroeven moeten zo worden geplaatst dat ze niet per ongeluk met het gereedschap worden blootgelegd bij de bewerking van het werkstuk.
- Houd de aandrijfas (18) met de steeksleutel (16) vast.
- Draai de opspanplaat (13) met het gemonteerde werkstuk op de aandrijfas (18).
Gereedschapssteun instellen (afb. 1)
⚠ LET OP!
Gevaar voor letsel! Let op dat de gereedschaps- [V]W|H|X|Q|J|R|H|G|J|H|ø|[H|H|U|G|L|V|H|Q|G niet kan losraken.
* H U H H G V F K D S V V W H X Q [H U H Q / O R G A r o d N h e Qliegbaan van het werkstuk staan.
- De gereedschapssteun (2) wordt gefixeerd door de hendel (9) omlaag te drukken.
- De gereedschapssteun (2) wordt losgemaakt door de hendel (9) omhoog te drukken. U kunt de gereedschapssteun nu verschuiven.
Aanwijzing:
Gaat het verschuiven van de gereedschapssteun (2), resp. de losse kop (5) zwaar, stelt u de moer aan de onderzijde met een steeksleutel of een ratel (SW 19) na.
Hoogteverstelling gereedschapssteun
- Draai de schroef (2a) aan het onderste deel van de gereedschapssteun (2b) los.
- Stel de gewenste hoogte in.
- Fixeer de gereedschapssteun (2) door het vastdraaien van de schroef (2a).
Aanzetten/uitschakelen (afb. 1)
- Sluit het apparaat aan op de netspanning.
- Inschakelen: Om het apparaat in te schakelen, bedient u de aan/uit-schakelaar (10).
- Uitschakelen: Om het apparaat uit te schakelen, bedient u de aan/uit-schakelaar (11) nogmaals.
⚠ LET OP!
Als u het apparaat onbewaakt achterlaat of met de werkzaamheden gereed bent, koppelt u de stekker los.
11. Werkinstructies
- Informeer u uitvoering middels vakliteratuur voordat u begint met de werkzaamheden.
- Let bij het selecteren van een werkstuk op takken, knoesten, scheuren of dergelijke. U kunt de controle over uw gereedschap verliezen en daardoor ernstige verwondingen oplopen. Gescheurde werkstukken kunnen tijdens het draaien barsten. Er bestaat gevaar voor letsel!
- Snij het werkstuk vóór bewerking zo goed mogelijk in vorm.
- Neem de maximale lengte van het werkstuk en de maximale diameter van het werkstuk in acht! Deze vindt u in de technische gegevens.
- Het werkstuk moet gecentreerd bevestigd worden, een niet-rond draaiend werkstuk beïnvloedt de le-
]HveMsdLMGdHoMackHe.WI EIHGUJLMI
- Gebruik uitsluitend voor het draaien geschikte gereedschappen.
D RGA HDN NHE Qliegbaan van het werkstuk staan.
- Controleer voor aanvang van de werkzaamheden, bij een losgekoppelde stekker, het volgende door draaien met de hand:
- zit het werkstuk vast?
-
komt het werkstuk met de gereedschapssteun in aanraking?
-
Begin altijd met een lager toerental en verhoog deze langzaam.
- Breng het gereedschap pas tegen het werkstuk als het de ingestelde draaisnelheid heeft bereikt.
Blokkades verwijderen
Schakel het apparaat uit en trek de stekker eruit.
Reinig het apparaat van stof en spaanders om blokka- de te verhelpen.
12. Elektrische aansluiting
De geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangesloten. De aansluiting voldoet aan de relevante VDE-en DIN-voorschriften. De netaansluiting van de klant en het gebruikte verlengsnoer moeten eveneens aan deze voorschriften voldoen.
Defecte elektrische aansluitkabel
Bij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de isolatie op.
Mogelijke oorzaken zijn:
- Versleten plekken, als aansluitkabels door venster-of deuropeningen worden geleid.
- Knikken door een onvakkundige bevestiging of geleiding van de aansluitkabel.
- Snijplekken omdat over de aansluitkabel is gereden.
- Beschadigde isolatie omdat de stekker uit het stopcontact is getrokken.
- Scheuren door veroudering van de isolatie.
Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet worden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie is beschadigd.
Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Let erop dat bij het controleren de aansluitkabel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten.
Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend aansluitkabels met de aanduiding H05VV-F.
Op de aansluitkabel moet de typeaanduiding vermeld staan.
Wisselstroommotor
- De netspanning moet 230 VAC zijn.
- Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m een doorsnede hebben van 1,5 vierkante millimeter.
Aansluittype X
Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd is, moet dit worden vervangen door een speciaal uitgevoerd netsnoer, dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of diens klantenservice.
Aansluitingen en reparaties van de elektrische uitrusting mogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitgevoerd.
Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:
• Stroomtype van de motor
- Gegevens van het typeplaatje van de machine
- Gegevens van het typeplaatje van de motor
13. Reiniging en onderhoud
Waarschuwing! Trek altijd de stekker uit het stopcontact voordat u instellings-, instandhoudings- of reparatiewerkzaamheden uitvoert!
Algemene onderhoudswerkzaamheden
Veeg van tijd tot tijd met een doek de spaanders en het stof van de machine. Olie om de levensduur van het apparaat te verlengen eenmaal per maand de draaiende delen. De motor niet oliën.
Gebruik voor de reiniging van de kunststof geen bijtende middelen.
Onderhoud
In het apparaat bevinden zich geen andere onderdelen die onderhoud vereisen.
Service-informatie
Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: koolborstels, V-snaar
* niet persé in de leveringsomvang opgenomen!
Neem in het geval van reserveonderdelen en accessoires contact op met ons servicecentrum. Scan hiervoor de QR code op de voorpagina.
14. Transport
Als u het apparaat naar een andere locatie wilt transporteren, moet u het apparaat van het stroomnet loskoppelen en in een andere hiervoor aangewezen ruimte plaatsen.
Let op!
Heet oppervlak. Er bestaat gevaar voor brandwonden. Transporteer de machine pas als de motoreenheid (22) volledig is afgekoeld.
Draag de draaibank indien mogelijk met een tweede persoon. Grijp de draaibank tijdens het transport aan de buitenste voeten (7) en aan de rail van de motoreenheid (3) vast.
15. Opslag
Bewaar het apparaat en de bijbehorende accessoires op een donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontoegankelijke plaats. De optimale opslagtemperatuur ligt tussen 5 en 30°C.
Bewaar het gereedschap in de originele verpakking.
Dek het gereedschap af om het te beschermen tegen stof of vocht. Bewaar de gebruikshandleiding bij het gereedschap.
16. Afvalverwerking en hergebruik
Aanwijzingen op de verpakking


De verpakkingsmaterialen zijn recyclebaar. Verpakkingen milieu-vriendelijk afvoeren.
\(D|Q|Z|L|M|]L|Q|J|H|Q|E|H|W|U|H-H|Q|G|H|G|te elektrische en elektronische apparatuur (AEEA)
![SCHEPPACH DM500T - \(D|Q|Z|L|M|]L|Q|J|H|Q|E|H|W|U|H-H|Q|G|H|G|te elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) - 1](/content/2026/04/675646/images/d00e35a133c8099c0db36964defd395d98d327944eb99cb3a182d8e4bc4179a5.jpg)
Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishoudelijke afval, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Oude batterijen of accu's die niet vast in het afge-dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór het afvoeren op niet-destructieve wijze worden verwijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wet-geving inzake batterijen.
- Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elektronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruik de batterijen en accu's in te leveren.
- De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wissen van persoonsgerelateerde gegevens op het af te voeren afgedankte apparaat!
- Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak betekent dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden gegooid.
- Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunnen bij de volgende punten kosteloos worden ingeleverd:
- Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten (bijv. gemeentewerven)
- Verkooppunten van elektrische apparaten (stationair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden.
- Tot drie afgedankte elektronische apparaten per apparaattype, met een randlengte van niet meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven kopen, of naar een ander erkend inzamelpunt in je omgeving worden gebracht.
- Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaarden van de fabrikanten en distributeurs verzoeken wij u contact op te nemen met de betreffende klantenservice.
- Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikaat aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elektrische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.
- Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden ge-installeerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Eu-
ZropWeJHyeLkonder\$andHEGDQSNhriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.
17. Verhelpen van storingen
De volgende tabel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kunt lossen, als uw product niet goed werkt. Als u het probleem hiermee niet kunt vinden en kan oplossen, neem dan contact op met uw service-werkplaats.
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| De snijkwaliteit is slecht. | Snijgereedschap is stomp. Snijgereedschap | slijpen of vervangen. |
| Te agressief snijden. Verlaag de bedrijfsdruk. | ||
| Het snijgereedschap wordt onder de middellijn van het werkstuk gepositioneerd. | Snijgereedschap op maximaal 3 mm boven het midden van het werkstuk neerlaten. | |
| Draaisnelheid te langzaam Draaisnelheid verhogen | Snelheid instellen | |
| Overmatige trillingen tijdens het draaien van dunnere werkstukken. | Het snijgereedschap bevindt zich onder de middellijn van het werkstuk. | Snijgereedschap op de middellijn van het werkstuk optillen. |
| Te agressief snijden. Verlaag de bedrijfsdruk. | ||
| Overmatige trillingen tijdens het draaien van grotere werkstukken of schalen. | Spilstok en/of losse kop onjuist op het einde van het werkstuk aangebracht. | Controleer of de werkstukpunten op de spilstok en/of losse kop juist zijn. |
| Het werkstuk is niet uitgebalanceerd. Snij het einde van het werkstuk bij totdat deze is uitgebalanceerd. | ||
| De draaimachine draait niet. | Kabel niet juist in het stopcontact aan-gesloten. | Op het stopcontact aansluiten. |
| De veiligheidsschakelaar van de ge-opende deur, die zich in de toegangsklep van de motor bevindt, is afgebroken of vergrendeld. | Vervang de veiligheidsschakelaar van de geopende deur. | |
| De draaimachine scha-kelt niet uit. | Beschadigde of defecte voedingsschake-laar en/of interne bekabeling. | Trek de stekker van de draaimachine direct uit het stopcontact. Gebruik de draaimachine pas als deze door een er-kende servicetechnicien is gerepareerd. |
Merknad om emballasjen


Emballasjemateriale kan resirkuleres. Vennligst kast emballasje på en miljøvennlig måte.
Henvisninger til elektro- og elektronikkenhetslov (ElektroG)

Zichtbare gebreken moeten binnen de 8 dagen na ontvangst van de goederen worden gemeld, zo niet verliest de verkoper elke aanspraak op grond van deze gebreken. Onze machines worden geleverd met een garantie voor de duur van de wettelijke garantietermijn. Deze termijn gaat in vanaf het moment dat de koper de machine ontvangt. De garantie houdt in dat wij elk onderdeel van de machine dat binnen de garantietermijn aantoonbaar onbruikbaar wordt als gevolg van materiaal- of productiefouten, kosteloos vervangen. De garantie vervalt echter bij verkeerd gebruik of verkeerde behandeling van de machine. Voor onderdelen die wij niet zelf produceren, geven wij enkel de garantie die wij zelf krijgen van de oorspronkelijke leverancier. De kosten voor de montage van nieuwe onderdelen vallen ten laste van de koper. Eisen tot het aanbrengen van veranderingen of het toestaan van een korting en overige schadeloosstellingsclaims zijn uitgesloten.








!