120 Mark II - Zaag HUSQVARNA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 120 Mark II HUSQVARNA in PDF-formaat.
| Producttype | Thermische kettingzaag |
| Merk | Husqvarna |
| Model | 120 Mark II |
| Gewicht | 5,0 kg |
| Motorinhoud | 38 cm³ |
| Maximaal vermogen | 1,4 kW / 1,9 pk bij 9 000 tpm |
| Brandstoftankinhoud | 0,28 L (280 ml) |
| Kettingolietankinhoud | 0,15 L (150 ml) |
| Type ketting/geleider (goedgekeurd) | Lengte: 35, 40, 45 cm; Steek: 3/8\"; Kaliber: 1,3 mm |
| Ontstekingssysteem | Bougie Champion RCJ7Y of BRISK HQT-1R |
| Elektrodeafstand | 0,5 mm |
| Geluidsvermogensniveau (gegarandeerd) | 116 dB(A) |
| Geluidsdrukniveau aan het oor | 95 dB(A) |
| Trillingen (voorste/achterste handgreep) | 4,4 / 5,9 m/s² |
| Kettingsnelheid bij max. toerental | 17 m/s |
| Veiligheidsvoorzieningen | Kettingrem, trekkervergrendeling, handbescherming |
| Brandstof | Mengsel benzine/olie 2-takt (50:1) |
| Type oliepomp | Automatisch |
| Stationair toerental | 2 800-3 200 tpm |
| Routineonderhoud | Reinigen luchtfilter, slijpen ketting, controleren kettingrem |
| Repareerbaarheid | Originele onderdelen beschikbaar; onderhoud bij erkende dealer |
Veelgestelde vragen - 120 Mark II HUSQVARNA
Gebruikersvragen over 120 Mark II HUSQVARNA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 120 Mark II - HUSQVARNA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 120 Mark II van het merk HUSQVARNA.
GEBRUIKSAANWIJZING 120 Mark II HUSQVARNA
NL Gebruiksaanwijzing
NO Bruksanvisning
Verklaring van overeenstemming 268
Inleiding
Gebruikershandleiding
De oorspronkelijke taal van deze gebruikshandleiding is Engels. Bedieningshandleidingen in andere talen zich vertalingen uit het Engels.
Productverzicht
(Fig. 1)
- Product- en serienummerplaatje
- Gashendelvergrendeling
- Voorhandgreep
- Cylinderkap
- Kettingrem met terugslagbeveiliging
- Geluiddemper
- Neustandwiel in zaagblad
- Rechterhandbescherming
- Trigger
- Kettingwieldeksel
- Kettingvanger
- Geleider
- Zaagketting
- Starthendel
- Kettingolietank
- Startmotor
- Brandstoftank
- Chokehendel
- Achterhandgreep
- Stopschakelaar
- Stelschroef voor stationair draaien
- Balgje voor extra brandstoftoevoer
- Informatie- en waarschuwingsplaatje
- Kettingspannerschroef
- Geleiderkap
- Combinatietang
- Gebruikershandleiding
- Schorssteun
Symbolen op het product
(Fig. 2) Waarschuwing
(Fig. 3) Lees deze handleiding
(Fig. 4)
Gebruik goedgekeurde
hoofdbescherming, gehoorbescherming en oogbescherming
(Fig. 5)
Draag goedgekeurde beschemende handschoenen
(Fig. 6)
Het product voldoet aan de geldende EG-richtlijnen
(Fig. 7)
Balgje voor extra brandstoffevoer
(Fig. 10)
Tanken
(Fig. 11)
Zaagkettingolie bijvullen
(Fig. 12)
Dit apparaat voldoet aan de geldende EAC-richtlijnen
(Fig. 13)
Dit apparaat voldoet aan de geldende Oekraiense richtlijnen
(Fig. 14)
Geluidsemissies waar de omgeving volgens de Europese richtlijn 2000/14/EG en de wetgeving van Nieuw-Zuid-Wales "Protection of the Environment Operations (Noise Control) Regulation 2017". De geluidsemissiegegevens vindt u op het machinelabel en in het hoofdstuk Technische gegevens. Technische gegevens op pagina 265 en op het label.
(Fig. 15) Houd het product op de juiste wijze met beiden handen vast
(Fig. 16) Niet gebruiken met slechts een hand
(Fig. 17) Voorkom contact met de neus van de geleider
(Fig. 18) Pas op voor terugslag
(Fig. 19) Dit apparaat voldoet aan de geldende Australische en Nieuw-Zeelandse richtlijnen inzake elektromagnetische compatibilititeit.
Let op: Andere symbolen/stickers op het product hebben betrekking op certificeringseisen voor overige commerciele markten.
Productaansprakelijkheid
Zoals uiteengezet in de wet voor productaansprakelijkheid zich wij Niet aansprakelijk voor schade die door ons product worden veroorzaakt, indien:
- het product nicht goed is gerepareerd.
- het product is gerepareerd met onderdelen die nicht van de fabrikant afkomstig�zijn, of onderdelen die nicht�zijn goedgekeurd door de fabrikant.
- het product een accessoire bevat dat nicht afkomstig is van de fabrikant of niet is goedgekeurd door de fabrikant.
- het product nicht is gerepareerd door een erkend servicepunt of door een erkende autoriteit.
Veiligheid
Veiligheidsdefinities
De onderstaande definities geben de mate van ernst\ weer voor elk trefwoord.

WAARSCHUWING: Letsel aan personen.

OPGELET: Schade aan het product.
Let op: Deze informatie maakt het product eenvoudiger in gebruik.
Algemene veiligheidsinstructies
- Gebruik het product op de juiste manier. Onjuist gebruik leidt möglichk tot letsel of de dood. Gebruik het product uitsluitend voor de taken die in deze handleiding worden genoemd. Gebruik het product Niet voor andere taken.
Lees, begrijp en houd u aan de instructies in\ deze handleiding. Volg de verilgheidssymbolen en
veiligeidsinstructies op. Het Niet in acht nemen van de instructies en de symbolen kan leiden tot letsel, schade of de dood.
- Gooi deze handleiding Niet weg. Gebruik de instructies voor het monteren, gebruiken en onderhonden van uw product. Gebruik de instructies voor een correcte installmentie van opzetstukken en accessoires. Gebruik alleen goedgekeurde opzetstukken en accessoires.
- Gebruik nooit een beschadigd product. Neem het onderhoudsschema in acht. Voer alleen onderhoudswerkzaamheden uit waarvoor u in deze handleiding een instructie aantreft. Alle overige onderhoudswerkzaamheden要去en door een erkend servicepunt worden uitgevoerd.
-
Deze handleiding kan nicht alle situations beschrijven die zich voor{kunnendoen wanner u dit product gebruikt. Wees voorzichtig en gebruik uw gezond verstand. Gebruik het product Niet en voer geen onderhoudswerkzaamheden aan het productuit als u Niet zeker bent van de situatie. Neem voor meer informatie contact op met een productexpert, uw dealer, serviceworkplaats of erkende servicepunt.
Koppel de bougiekabel los voordat u het product monteert, het product opslaat of onderhoudswerkzaamheden UITvoert. -
Gebruik het product zich als de oorspronkelijke specificatie is gewijzigd. Vervang geen onderdelen van het product zonder toestemming van de fabrikant. Gebruik alleen onderdelen die zich goedgekeurd door de fabrikant. Onjuist onderhoud kan leiden tot letsel of de dood.
- Adem geen uitlaatgassen van de motor in. Er kan een gezondheidsrisico optreden als u uitlaatgassen, kettingoliedampen en zaagsel gedurende een lange periode inademt.
- Start het product Niet in gesloten ruimtes of in de buurt vanlicht ontvlambaar materiaal. De uitlaatgassen zijn heet en kuren vonden overzaken die tot brand kuren leiden. Onvoldoende ventilatie kan leiden tot ernstig of fataal letsel door verstikking of het inademen van koolmonoxide.
- Dit apparaat genereertijdens bedrijf een elektromagnetisch veld. Het elektromagnetische veld kan schade veroorzaken aan medische implantaten. Raadpleeg uw arts en de fabrikant van het medische implantaat voordat u het product gezruikt.
- Laat het product Niet door een kind bedieren.
- Laat de machine nicht bedienen door Personen die de instructies nicht haben gelezen.
- Houd Personen met een lichamelijke of geestelijk beperking die het product gebruiken, alsijd in de gaten. Er要去 allen tjnde een verantwoordelijk volwassicene aanwezig zich.
- Berg het product op in een afgesloten ruimte die niediet toegankelijk is voor kinderen of onbevoegde personen.
- Het product kan objekten uitwerpen en letsel veroorzaken. Neem de veiligheidsinstrumenties in acht om het risico op letsel of de dood te verlagen.
- Blijf in de buurt van het product wanneer de motor is ingeschakeld. Schakel de motor uit en zorg ervoor dat de ketting Niet draait.
- De gebruiker van het product is verantwoordelijk indien zich een onceval voordoet.
Zorg dat er geen onderdelen beschadigd zich, voordat u het product gebruikt. - Neem nationale en lokale wetgeving in acht. Deze kan het gebruik van het product in sommige situations beperken of verbieten.
Voer altijd het onderhoud uit. Gebruik geen verwangende onderdelen die Niet zich goedgekeurd en verwijder of wijzig de veiligheidsvoorzieningen nicht. Dit kan leiden tot een langere remtijd van de kettingrem en een grotere mate van terugslag.
Veiligheidsinstructies voor bediening
- Het voortdurend of regelmatig bedieren van het product kan zorgen voor "witte vingers" of dergelijk medische problemen als gevolg van trillingen. Houd de toestand van uw handen en vingers in de gaten als u het product voortdurend of regelmatig gebruikt. Als uw handen of vingers verkleuren, bijn doein,
tintelen of doof aanvoelen, stop dan met werken en raadpleeg onmiddelijk een arts.
Zorg ervoor dat het product volledig is gemonteerd voordat u het gaat gebruiken.
- Het gebruik van het apparaat kan tot rondvliegende voorwerpen leiden, waardoor oogletsel kan ontstaan. Draag algtd goedgekeurde oogbescherming wanner u het apparaat gebruikt.
- Houd omstanders, kinderen en dieren uit de buurt tijdens het gebruik.
- Gebruik dit product nicht als zich Personen in het werkgebied bevinden. Schakel het product uit wanneer een persoon het werkgebied betreedt.
(Fig. 20)
Zorg dat u het product alsijd onder controle hebt.
- Het apparaat要去 meet twee handen worden gebruikt. Gebruik het apparaat nooit met een hand. Werken met een hand kan leiden tot ernstig letsel voor de gebruiker, medewerkers, omstanders of een combinatie van deze Personen.
- Houd de voorste handgreep vast met uw linkerhand en deijkenste handgreep met uwrechterland. Houd het apparaat rechts van uw lichaam.
(Fig. 21)
- Gebruik het apparaat Niet wanner u vermoeid of ziek bent, of alcohol of drugs hebt gebruikt.
- Gebruik het product Niet als u geen hulp=krijgen indien zich een onceval voordoet. Zorg ervoor dat anderen weten dat u het product gaat gebruiken voordat u het product start.
- Draai nicht met het product voordat u zeker weet dat er zich geen personen of dieren in de veiligheidszone bevinden.
- Verwijder alle ongewenste materialen uit het werkgebied voordat u begint. Als de ketting een voorwerp raakt, kan dit worden weggeslingerd en letsel of schade veroorzaken. Rondom de ketting kan zich ongewenst materiaal wikkelen dat schade veroorzaakt.
- Gebruik het apparaat zich bij slecht waar, zoals mistr, regen, sterke wind, gevaar voor blikkeminslag of andere ongunstige weersomstandigheden. Bij slecht waar+kennen gevaarlijke omstandigheden, zoals gladde oppervlakken, ontstaan.
- Zorg dat u vrij(Intjkunt bewegen en in een stabiele houding kunt werken.
- Zorg dat u nicht kunt vallen wonneer u het product gebruikt. Buig u Niet voorover of achterover wonneer u het product bedient.
- Houd het product alttijd met twee handen vast. Houd de voorste handgreep vast met uw linkerhand en dechterste handgreep met uw rechterhand. Houd het apparaatrecht van uw lichaam.
- De zaagketting begint met draaien als de chokehendel in de chokestand staat wonneer de motor worden gestart.
-
Schakel de motor uit voordat u het product verplaatst.
-
Zet het product Niet neer verwijl de motor is ingeschakeld.
- Stop de motor voordat u ongewenste materialen verwijdert van het apparaat. Laat de ketting eerst stoppen voordat u (al dan nicht met een hulpmiddel) het gesneden materiaal verwijdert.
- Gebruik dit product nicht in een boom. Het gebruik van dit apparaat in een boom kan letsel veroorzaken.
(Fig. 22)
- De kettingrem要去 zich ingeschakeld wonneer het product worden gestart, om te voorkomen dat uijdens het starten door de ketting worden gereakt.
(Fig. 23)
- Als gevolg van terugslag konnen de gebruiker en anderen ernstig of dodelijk letsel oplopen. Om de risico's te beperken, moet u de oorzaken van terugslag kennen en weten hoe u terugslag kunt voorkomen.
- Volg alle verilgheidsvoorschriften om het terugslagrisico en andere factoren te verlagen die kuren leiden ernstig letsel of de dood.
- Stel de spanning van de zaagketting regelmatig af om zeker teijken dat de zaagketting Niet verslapt. Een slappe zaagketting kan losraken en ernstig of dodelijk letselveroorzaken.
- Hanteer geen onjuiste werkwijze om bomen te kappen. Hierdoor kan lichamelijk letsel optreden, een nutsvoorzieening worden geraakt of materiele schade ontstaan.
- De gebruiker moet op het hogerliggende terrein blijven, aangezien deBoom nadat deze is gekapt, waarschijnlijk heuvelafwaarts rolt of schuift.
(Fig. 24)
-
Plan en bereid uw vluchtweg voor voordat u begint met zagen. De vluchtweg moet in een hoek van circa 135 graden (schuinijkenwaarts) tegenover de geplande valrichting liggen.
-
De gevarenzone
- De vluchtweg
- De valrichting
(Fig. 25)
- Schakel altijd de motor uit voordat u het product verplaatst.
Zorg dat uw voeten stevig op de grond staan en verdeel uw gewicht gelijkmatig over beiden voeten.
(Fig. 26)
- Gebruik het product alleen met uw voeten op een stabiele ondergrond. Zonder een stabiele ondergrond konnen de gebruiker en anderen ernstig of fataal letsel oplopen. Gebruik het product Niet vanaf een ladder of in eenBoom.
(Fig. 27)
Wegglieden, stuiteren, vallen en terugslag
Verschillende krachten können van invloed zich op een veilig gebruik van het apparatus.
- Wegglieden doet zich voor wanner de geleider snel langs het hout glijdt of beweegt.
- Stuiteren doet zich voor wanner de geleider omhoog komt van het hout en het hout telkens opnieuw raakt.
- Vallen doet zich voor wanner het apparaat in neerwaartse richting beweegt nadat de snede is gemaakt. Hierdoor kan de draaiende ketting een lichaamsdeel of andere voorwerpen raken en letsel of schade veroorzaken.
- Terugslag doet zich voor wanner het uiteinde van de geleider in aanraking komt met een Voorwerp en daardoor maarachten, maar boven of plotseling waar voren beweegt. Terugslag treedt ook op wanner het hout dichttrekt en de zaag beknel raaktijdens het snijden. Als het apparaat een voorwerp in het hout raakt, bestaat het gevaar dat u de controle verliest.
(Fig. 28)
- Roterende terugslag kan optreten wanner de draaiende ketting een voorwerp aan de bovenzijde van de geleider raakt. Hierdoor kan de ketting zich in het voorwerp werken en onmiddelijk tot stilstandkommen. Dit leidt tot een zeer snelle, omgekeerde reactie die tot gevolg heeft dat de geleider omhoog enaar achteren beweegt in de richting van de gebruiker.
(Fig. 29)
(Fig. 30)
- Terugslag door beknelling kan optreten wanneer de zaagkettingijdens het snijden plotseling tot stilstand komt. Het hout trekt zich en klemt de draaiende zaagketting vast langs de bovenzijde van de geleider. Door het plotselinge stoppen van de ketting komen krachten in tegengestelde richting vrij, zodat het apparaat in omgekeerde richting van de kettingrotatie gaat bewegen. Het apparaat beweegt maar afterwards, in de richting van de gebruiker.
(Fig. 31)
- Intrekken kan optreden wonneer de zaagketting plotseling tot stilstand komt doordat de draaiende ketting een voorwerp in het hout aan de onderzijde van de geleider raakt. Door het plotselinge stoppen worden het apparaat maar voren, weg van de gebruiker getrokken, waardoor de gebruiker de controle over het apparaat kan verliezen.
(Fig. 32)
Voordat u het apparaat in gebruik neemt, moet uinzicht hebben in de verschillende krachten en weten hoe u deze situatuies kunt voorkommen.
Voorkomen van terugslag, weglijkden, stuiteren en vallen
- Wonneer de motor draait, moet u het apparaat stevig vasthouden. Houd de voorste handgreep vast met uw linkerhand en dechterste handgreep met uwrechterland. Zorg voor een stevige grip met uw duimen en vingers rond de handgrepen. Laat de handgrepen Niet los.
- Houd het apparaat onder controle tijdens het snijden en nadat het hout op de grond is gevallen. Let erop dat het apparaat Niet door het gewicht in neerwaartse richting beweegt nadat de snede is gemaakt. (Fig. 33)
Zorg dat het gebied waarin u aan het zagen bent, vrij is van obstakels. Voorkom dat de neus van de geleider een boomstronk, tak of ander obstakel raakt tijdens het gebruik van het apparaat. - Zaag met een hoop motortoerental.
- Reik nooit te ver en zaag nooit boven schouderhoogte. (Fig. 34)
- Houd u aan de instructies van de fabrikant voor het slijpen en onderhonden van de zaagketting.
- Monteeruitsluitend verrangende geleiders en zaagkettingen die door de fabrikant zich gespecifieerd. Als verkeerde verrangende zaagbladen en zaagkettingen worden gebruikt, kan de ketting breken en/of kan er terugslag ontstaan.
- Een te große snijdiepte vergroot het terugslagrisico van de ketting.
Persoonlijke beschermingsmiddelen
- Draag altijd de juiste persoonlijke beschemmingsmiddelen wonneer u het apparaat gebruikt. De persoonlijke beschemmingsmiddelen nemen het risico op letsel Niet weg. De persoonlijke beschemmingsmiddelen verlagen de ernst van het letsel indien zich een ongeval voordoet.
Over het algemeen moet kleding strak aansluiten,
zonder dat het uw bewegingen belemmert.
Draag een goedgekeurde veiligheidshelm. - Gebruik algtd goedgekeurde gehoorbescherming wanneer u het product gebruikt. Langdurig lawaai kan gehooorverlies veroorzaken.
- Draag altijd een veiligheidsbril of gezichtsvizier om letselgevaar door rondvliegende voorwerpen te verminderen. Het product is in staat om met groe kracht voorwerpen, zoals zaagsel,kleine stukjes hout enz.,weg te slingeren.Dit kan leiden tot ernstig letsel,vooral aan ogen.
- Draag handschoenen met kettingzaagbescherming.
Draag een broek met kettingzaagbescherming. - Draag laarzen met kettingzaagbescherming, stalen neuzen en antislipzolen.
Zorg ervoor dat u een EHBO-kit bij de hand hebt. - Er können vonden springen vanaf de uitlaatdempo, geleider en zaagketting of vanaf andere onderdelen. Zorg dat u altijd een brandblusser en een schop bij de hand hebont om bosbranden te voorkomen.
Veiligheidsvoorzieningen op het product
Zorg ervoor dat u regelmatig onderhoudswerkzaamheden uitvoert aan het product.
- De levensduur van het product neemt toe.
- Het risico van ongevalen neemt af.
Laat het product regelmatig door een erkende dealer of een erkend servicepunt controleren, zodate aanpassingen en reparations uitgevoerd hunnen worden.
- Gebruik geen product met beschadigde beschermingsmiddelen. Als het product beschadigd is, neemt u dan contact op met een erkend servicepunt.
Stopschakelaar
Start de motor. Controller of de motor stopt wanner u de stopschakelaar in de stop-stand zet.
Gashendelvergrendeling controlleren
- Zorg dat de gashendel (B) is vergrendeld in de stationaire stand wanner u de gashendelvergrendeling (A) ontgrendelt. (Fig. 35)
- Druk op de gashendelvergrendeling (A) en controllerer of deze teruggaat waar de oorspronkelijke stand wonneer u hem loslaat.
- Druk op de gashendel (B) en controllerer of deze teruggaat maar de oorspronkelijke stand wanner u hem loslaat.
- Start de motor en LAST de zaag met maximaal toerental draaien.
- Laat de gashendel los en controller of de zaagketting tot stilstand kommt.
- Als de zaagketting blijdt draaien wanner de motor stationair draait, controeert u de stelschroef voor stationair draaien op de carburateur.
Beschemkap
De beschemkap voorkomt dat voorwerpen in de richting van de gebruiker worden geslingerd. De beschemkap voorkomt ook dat de zaagketting gegen de gebruiker aan komt.
- Zorg dat de beschermkap is toegestaan voor gebruik in combinatie met het product.
- Gebruik het product Niet zonder de beschemkap.
- Controller of de beschemkap Niet is beschadigd.
Vervang de beschemkap als denen is versleten of scheuren vertoont.
-
Start het product Niet als er brandstof of motorolie op het product aanwezig is. Verwijder de ontgewenste brandstof/olie en LAST het product drogen. Verwijder ontgewenste brandstof van het product.
-
Als u brandstof op uw kleding morst, trek dan direct andere kleding aan.
Zorg dat er geen brandstof op uw lichaamterecht komt, dit kan letsel veroorzaken. Als er brandstof op uw lichaamterecht komt, verwijder deze dan met water en zeep. - Start de motor nicht als u brandstof op het product of op uw lichaam hebt gemorst.
- Start het product Niet als er sprake is van een motorlekkage. Controller de motor regelmatig op lekkage.
- Wees voorzichtig met brandstof. Brandstof islicht ontvlambaar en de dampen zijn explosief. Ze können letsel veroorzaken of leiden tot de dood.
- Adem geen brandstofdampen in, dit kan letsel veroorzaken. Zorg voor voldoende ventilatie.
- Rook nicht in de buurt van de brandstof of de motor.
- Plaats geen warme voorwerpen in de buurt van de brandstof of de motor.
Vul geen brandstof bij verwijl de motor is ingeschakeld.
Zorg ervoor dat de motor koud is wanner u brandstof bijvult. - Draai de tankdop langzaam open en LAST de druk voorzichtig ontsnappen voordat u brandstof bijvult.
Vul geen brandstof voor de motor bij in een afgesloten ruimte. Onvoldoende ventilatie kan leiden tot ernstig letsel of de dood door verstikking of het inademen van koalmonoxide. - Draai de tankdop goed vast, zodate er geen brand kan ontstaan.
- Verplaats het product minstens 3 m (10 ft) van de plaatssaar u de brandstoftank hebttGVuld,voordat u het product start.
- Doe nicht te veel brandstof in de brandstoffank.
Zorg dat er geen brandstof worden gemorst wanner u het product of de jerrycan met brandstof verplaatst. - Plaats het product of de jerrycan met brandstof Niet op eenplaats waar deze worden blootgesteld aan open vuur, vonden waakvlammen. Zorg dat er geen open vuur aanwezig is in de opslagruimte.
- Gebruik alleen goedgekeurde jerrycans voor het verplaatsen of opslaan van brandstof.
- Leeg de brandstoftank voordat het product gedurende langearend wordt opgeslagen. Neem lokale wetgeving in acht voor het afvoeren van brandstof.
- Reinig het product voordat het gedurende langearend wordt opgeslagen.
- Verwijder de bougiekabel voordat het product worden opgeslagen, zodate met motor Niet onbedoeld kan starten.
Veiligheidsinstructies voor onderhoud
Koppel altijd de bougie los voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat uitvoeren, behalve wanneru de carburateur wilt afstellen.
- Laat alle onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren door een erkende dealer, met uitzondering van de werkzaamheden in Onderhoud op pagina 262.
- Controller of de zaagketting tot stilstand komt wanner de gashendel worden losgelaten.
Zorg dat de handgrepen droog, schoon en vrij van olie of brandstof blijven.
- Zorg dat doppen en bevestigingen goed blijven vastzitten.
- Het gebruik van Niet-goedgekeurde verrangende onderdelen of het verwijderen van veiligheidsvoorzieningen kan leiden tot schade aan het apparaat. Hierdoor kan ook letsel ontstaan bij de gebruiker of bij omstanders. Gebruik alleen aanbevolen accessoires en verrangende onderdelen. Breng geen wijzigingen aan het product aan.
Zorg dat de zaagketting scherp en schoon blijft voor voilige, uitstekende prestaties.
- Volg de instructies voor het smeren en verrangen van onderdelen.
- Controller het product op beschadigde onderdelen. Controller of eventuele schade aan de beschermkap of een bepaald onderdeel een correcte werking in de weg staat, voordat u het apparaat opnieuw in gebruik neemt. Controller op defecte of onjuist uitgelijnde onderdelen en op onderdelen die nicht vrij bewegen. Controller of er andere omstandigheden zijn die de werking van het apparaat negatif konnen beinvloeden. Controller of het apparaat correct is gemonteerd. Een beschadigde beschermkap of ander beschadigd onderdeel moet worden gerepareerd of verrangen door een erkende dealer, tenzij de gebruikershandleiding anders vermeldt.
- Wonneer het apparaat Niet in gebruik is, bewaart u het op een droge, hoge en afgesloten locatie buiten het bereik van kinderen.
- Gebruik tijdens het transporteren of opslaan van het apparaat een transportbescherming of afterschering om het apparaat te verplaatsen.
- Gebruik geen afgewerkte olie. Afgewerkte olie kan gevaarlijk voor uijken en schade aan het apparaat en milieu toebrengen.
Montage

WAARSCHUWING: Zorg dat u het hoofdstuk over veiligheid hebt gelezen en begrepen voordat u het apparaat monteert.
Geleider en zaagketting monteren
-
Verwijder voorafgaand aan het monteren de kap van de bougie om onbedoeld starten te voorkomen.
-
Draai de zaagbladmoeren los en verwijder het kettingwieldeksel. Verwijder de transportbescherming (A). (Fig. 36)
- Houd de geleider boven de zaagbladbouten. Duw de geleider volledig in dechterste positie. (Fig. 37)
- Trek handschoenen met kettingzaagbescherming aan.
- Til de zaagketting boven het kettingaandrijfwiel en positioneer de ketting in de groef van de geleider. Begin aan de boenzijde van de geleider. (Fig. 38)
- Zorg dat de snijkanten van de zaagschakels aan de bovenrand van de geleideraar voren wijzen.
- Monteer het kettingwieldeksel en breng de stelpen van de kettingspanner aan in de uitsparing van de geleider.
- Controller of de aandrijfschakels van de zaagketting correct aanliggen op het kettingaandrijfwiel. Controller ook of de zaagketting correct is gespositioneerd in de groef op de geleider.
- Draai de geleidermoeren met de hand vast.
- Span de zaagketting door de kettingspannerschroef rechtsom te draaien met de combinatietang (Fig. 39). Verhoog de spanning van de zaagketting totdat deze Niet更是 slap onder geleider hangt, maar u de ketting nog wel gemakkelijk met de hand kunt draaien. (Fig. 40)
-
Houd het uiteinde van de geleider omhoog en draai de zaagbladmoeren vast met de combinatietang. (Fig. 41)
-
Controller na het monteren van een neue zaagketting regelmatig de kettingspanning, totdat de zaagketting is ingelopen.
- Controller de kettingspanning op gezette tijden. Een correcte kettingspanning leidt tot goede zaagresultaten en een lange levensduur.
Kettingrem terugstellen
Als de koppelingskap per ongeluk is verwijderd verwijl de kettingrem is vergrendeld, moet de kettingrem worden ontgrendeld, zodate het koppelingsdeksel kan worden aangebracht zonder dat het de koppelingsstrommel raakt.

OPGELET: De veer van de kettingrem staat onder spanning. Wees voorzichtig bij het terugstellen van de kettingrem.
Let op: Houd de remband Niet vast terwijl u de rem terugstelt.
- Lijn de inkepingen op het geleidergereedschap uit, zodat ze passen op de roterende remkoppeling. (Fig. 42)
- Draai de koppeling rechtsom tot de aanslag om de rem terug te stellen. De voorste koppeling staat omlaag gedraaid wanner de kettingrem is ontgrendeld. (Fig. 43) (Fig. 44)
Werking

WAARSCHUWING: Lees en begrijp het hoofdstuk over veiligheid voordat u het product gebruikt.
Brandstof gebruiken

OPGELET: Dit product heeft een tweetaktmotor. Gebruik een meldsel van benzine en tweetakt-motorolie. Zorg dat u de juiste hoeveelheid olie gebruikt in het meldsel. Door een onjuiste verhouding van benzine en olie kan de motor beschadigd raken.
Mengverhouding voor brandstof
De mengverhouding voor benzine en tweetakt-motorolie is 50:1 (2%)
| Benzine | Tweetakt-motorolie |
| 1 U.S. Gal. 77 ml (2,6 oz) | |
| 1 UK Gal. 95 ml (3,2 oz) |
| Benzine Tweetakt-motorolie | |
| 5 l 100 ml (3,4 oz) |
Brandstof mengen
- Bepaal de juiste hoeveelheid benzine en motorolie (mengverhouding 50:1). Prepareer geen grotere hoeveelheid brandstofmensel dan u binnen 30ragen zult gebruiken. Zie Brandstof gebruiken op pagina 259.
- Giet de helft van de hoeveelheid benzine in een schone jerrycan met een anti-morsschenktuit.

OPGELET: Gebruik geen benzine met een ethanolgehalte van meer dan 10% (E10). Dit kan schade aan het product veroorzaken.

OPGELET: Gebruik geen benzine met een octaangetal lager dan 90 RON (87 AKI). Dit kan schade aan het product veroorzaken.
Let op: Gebruik benzine met een hoger octaangetal als u het product regelmatig gebruikt met een hoog motortoerental.
- Voeg de volledige hoeveelheid tweetakt-motorolie toe aan de jerrycan.

OPGELET: Gebruik algtd motorolie van hoge kwaliteit voor luchtgekoelde tweetaktmotoren. Andere olien kenn schade aan het apparaat veroorzaken.
- Schud het brandstofmengsel om de stoffen te mengen.
- Voeg de resterende hoeveelheid benzine toe aan de jerrycan.
- Schud het brandstofmengsel om de stoffen te mengen.
- Vul de brandstoftank van het apparaat met het brandstofmengsel. Zie Brandstof gebruiken op pagina 259.
Brandstoftank vullen
- Zorg dat het brandstofmengsel juist is en zich in een jerrycan met een anti-morsschenktuit befindt.
- Als zich aan de buitenzijde van de jerrycan brandstof bevindt, verwijdert u dit en LAST u de jerrycan drogen.
- Zorg dat het oppervlak rond de tankdop schoon is.
- Verwijder de brandstoffankdop.
- Schud de jerrycan voordat u het brandstofmengsel in de brandstoffank staat lopen.
- Plaats de tankdop terug.
Zaagketting smeren
Het apparaat is voorzien van een automatisch smeersysteme. De tank voor de kettingolie en de brandstoftank zich zo gedimensioneerd dat de brandstof op is voordat de kettingolie op is. Deze veiligheidsvoorziening vereist dat de juiste kettingolie worden gezrukt en dat de instructies worden opgevolgd.
- Gebruik plantaardige zaagkettingolie of een standard hettingolie.
- Zorg dat het gebied in de buurt van de tankdop van de kettingolietank schoon is.
- Verwijder de dop van de kettingolietank.
- Vul de kettingolietank met de aanbevolen zaagkettingolie.
- Plaats de dop van de kettingolietank terug.
Starten en stoppen
Voordat u het product gebruikt
-
Controller het product op ontbrekende, beschadigde, loszittende of versleten onderdelen.
-
Controller de moeren, schroeven en boute.
- Controller het luchtfilter.
- Controller of de gashendelvergrendeling en de gashendel maar behoren werken.
- Controller of de stopschakelaar maar behoren werk.
- Controller het product op brandstoflekkage.
- Controller de scherpte en de spanning van de zaagketting.
Zorg ervoor dat het product onmiddelijk stopt wanneer de kettingrem worden geactiveerd.
Koude motor starten
- Duw de terugslagbeveiliging waar voren om de kettingrem in te schakelen. (Fig. 45)
- Trek de chokehendel volledig maar buiten. (Fig. 46)
- Druk de primerbalg van de brandstofpomp langzaam 6 maal in. (Fig. 47)
- Druk de behuizing van het apparaat met uw linkerhand op de grond.
- Plaats uwrechtervoet door dechterhandgreep.
- Trek met uw rechterhand langzaam aan de greedp van het startkoord totdat u enige watstand voelt.
- Trek stevig aan de greep van het startkoord. (Fig. 48)

OPGELET: Trek Niet aan het startkoord totdat deze stopt. Laat het startkoord Niet los wanner het volledig is uitgetrokken. Laat het startkoord langzaam los. Het Niet naleven van deze instructies kan leiden tot motorschade.
Let op: Trek nicht aan de gashendel als u de motor start.
- Trek herhaaldelijk aan de greedp van het startkoord totdat de motor start of probeert te starten (max. 5 vier trekken).
- Als de motor start of probeert te starten, zet u de chokehendel in de half geopende stand. (Fig. 49)
- Trek net zolang aan de greed totdat de motor start.
- Houd de achefterste handgreep vast met uw rechterhand en de voorste handgreep met uw linkerhand. (Fig. 50)
- Trek de terugslagbeveiliging onmiddelijk maarachten in de richting van de voorste handgreep om de kettingrem uit te schakelen. (Fig. 51)
Let op: De ketting zar bewegen.
- Laat 20-30 seconden draaien met verhoogd stationair toerental.
-
Trek gedurende 8-10 seconden de gashendel langzaam maar volledig UIT en LAST deze verrolgens los. (Fig. 52)
-
Laat 10 seconden draaien met normalaal stationair toerental.
- Trek gedurende 5 seconden de gashendel langzaam maar vollediguit om de acceleratie te controleren en LASTDeze verrolgens los.
- Neem het apparaat in gebruik.
Warme motor starten
- Duw de terugslagbeveiliging maar voren om de kettingrem in te schakelen.
- Trek de chokehendel volledig maar buiten.
- Druk deprimerbalg van de brandstofpomp 6 maal in.
- Druk de chokehendel volledig in.
- Druk de behuizing van het apparaat met uw linkerhand op de grond.
- Plaats uw rechtervoet door dechterhandgreep.
- Trek met uw rechterhand langzaam aan de greedp van het startkoord totdat u watstand voelt.
- Trek stevig aan de greep van het startkoord.

OPGELET: Trek Niet aan het startkoord totdat deze stopt. Laat het startkoord Niet los wanner het volledig is uitgetrokken. Laat het startkoord langzaam los. Het Niet naleven van deze instructies kan leiden tot motorschade.
Let op: Trek nicht aan de gashendel als u de motor start.
- Trek aan de greep van het startkoord totdat de motor start.
- Houd dechterste handgreep vast met uw rechterhand en de voorste handgreep met uw linkerhand.
- Trek de terugslagbeveiliging onmiddelijk waar achteren in de richting van de voorste handgreep om de kettingrem uit te schakelen.
Let op: De ketting zar bewegen.
- Wacht 10-15 seconden.
- Trek zachtjes aan de gashendel om het normale stationaire toerental in te stellen.
- Gebruik het product.
Motor starten als de brandstof te warm is
Als het apparaat Niet start, is de brandstof möglich te warm.
Let op: Gebruik algijdijke brandstof en verkort de gebruiksduur bij warm wee.
-
Leg het apparaat op een koele plek,uit de buurt van direct zonlicht.
-
Laat het apparaat minimaal 20 minutes afkoelen.
- Druk het balgje van de brandstofpomp gedurende 10 tot 15 seconden telkens opnieuw in.
- Volg de procedure voor het starten van een koude motor. Zie Koude motor starten op pagina 260.
Motor uitschakelen
- Druk de stopschakelaar in om de motor te stoppen.
Let op: De stopschakelaar keert automatischtering aan+zijn oorspronkelijke stand.
Een schorssteun gebruiken
Een schorssteun houdt het hout vastijdens het zagen. De schorssteun is een draipenCUSSEN het motorblok en de geleider.
- Stel de onderzijde van de schorssteun in op de juiste bredte van het scharnierstuk.
- Duw gegen de voorste handgreep met uw linkerhand en til deijkenste handgreep op met uwrechtzerhand.
- Zaag totdat u een scharnierstuk met de juiste bredte heb.
Let op: Het scharnierstuk moet overal even dik zich.
- Zaag de stam voor meer dan de helft door enplaats verwolgens de velwig in de zaagsnede.
Boom kappen
- Verwijder vuil, stenen, losese schors, spijkers, nieten en draden uit deBoom.
- Maak een schuine zaagsnede met een diepte van een derde van de stamdkte, loodrecht op de valrichting. (Fig. 53)
- Maak de onderste horizontale zaagsnede van de valkerf. Hierdoor voorkomt u dat de zaagketting of de geleider bekneld raakt wanner u de tweede zaagsnede maakt.
-
Maak aan de tegenoverliggende zichde de velsnede (X), minimaal 50~mm (2 inch) hoger dan de horizontale zaagsnede van de valkerf. Zorg dat de velsnede evenwijdig loopt aan de horizontale inkeping, zodate er voldoende hout overblijft om als Kantelpunt te dieren. Zaag Niet door het Kantelpunt. Het Kantelpunt zorgtervoordat de boom Niet draait of in de verkeerde richting valt. (Fig. 54) (Fig. 55)
-
Wanner dechterste velsnedeDICHTBij het Kantelpuntkomt,za de boom beginnen te vallen. Zorgdatdeboomindejuisterichtingkanvallen endatdeboomnietachterwaartsoverhelten de zaagkettingafklemt.Omdittevoorkomen,stoptu metzagenvoordatdeachterstevelsnedeisvoltooid. Gebruik houten, kunststofaluminiumwiggen om de snede teopenen en deboom in de gewenste richtingtelatenvallen.(Fig.56)
- Wanner de boom begint te vallen, verwijdert u het product uit de snede, stopt u de motor en zet u het product neer. Daarna loopt u weg over de geplande vluchtweg. Let op takken die van boven u maar beneden vallen en kijk uit waar u loopt. (Fig. 57)
Boom snoeien
- Laat grotere takken aan de boom zitten om de stam van de grond te houden.
- Verwijder keine takken met een enkele snede. (Fig. 58)
- Takken onder spanning moeten van beneden waar boven worden gezaagd om te voorkomen dat de zaagketting of geleiderbekneld raakt.
Stam in stukken zagen

OPGELET: Zorg dat de zaagketting Niet in aanraking komt met de grond.
- Als de stam over de gehele lenghte worden ondersteund, zaagt u vanaf de bovenzijde van de stam (dit worden ook wel 'overbucking' of overzagen genoemd). (Fig. 59)
- Als de stam aan een uiteinde worden ondersteund, maakt u vanaf de onderzijde een snede met een diepte van een derde van de stamdkte (dit worden ook wel 'underbucking' of onderzagen genoemd). (Fig. 60)
- Als de stam aan beiden uiteinden worden ondersteund, maakt u vanaf de bovenzijde een snede met een diepte van een derde van de stamdkte. Voltooi de snede vanaf de onderzijde en zaag het onderste twee derde deel van de stam totdat u uitkomt bij de eerste zaagsnede. (Fig. 61)
- Als u de stam op een helling zaagt, moet u altijd op het hogerliggende terrein blijven. Zaag de boomstam door verwijl u het product volledig onder controle houdt. Verminder de zaagdruk als u de snede bijna hebt voltooid en houd de achechterste en voorste handgreep stevig vast. (Fig. 62)
Onderhoud

WAARSCHUWING: Lees en begrijp het hoofdstuk over veiligheid voordat u gaat reinigen of reparatives of onderhoud gaat uitvoeren.
Onderhoudsschema
Houd u aan het onderhoudsschema. De intervallen worden berekend op basis van het dagelijks gebruik van het product. De intervallen wijken af als u het product Niet dagelijks gebruikt. Voer alleen onderhoudswerkzaamheden uit die in deze handledigding worden beschreiben. Neem voor overige onderhoudswerkzaamheden die nicht in deze handledigding worden beschreiben contact op met een erkend servicepunt.
Dagelijks onderhoud
- Reinig de externe oppervlakken.
- Controller of de vergrendeling en gashendel correct werken.
- Reinig de kettingrem en contrôleer de remfunctie.
(Fig. 63)
- Controller de kettingvanger op schade. Vervang de kettingvanger als deutsche beschadigd is.
(Fig. 64)
- Draai de geleider dagelijks, zodat gelijkmatige slijtage ontstaat.
- Controller of de smeeropening in de geleider nicht is verstopt.
(Fig. 65)
- Reinig de groef van de geleider.
(Fig. 66) - Controller of er voldoende olie worden toegevoerd waar de geleider en zaagketting.
-
Controller de zaagketting:
-
op scheuren in klinknagels en schakels.
- op abnormale slijtage van klinknagels en schakels.
- op de juiste spanning.
Vervang zo nods de zaagketting.
- Slijp de zaagketting. Zie Zaagketting slijpen op pagina 264.
- Controller het kettingwiel op abnormale slijtage, verwang indien nodig.
(Fig. 67)
- Reinig de luchtinlaat van de startmotor.
- Controller of de moeren en schroeven goed zijn vastgedraaid.
- Controller of de stopschakelaar correct werkt.
- Controller de motor, tank en brandstofleidingen op brandstoflekken.
Zorg dat de zaagketting Niet draait wonneer demotor stationair draait.
Wekelijks onderhoud
- Controller of het koelsysteme correct werkt.
- Controller of de startmotor, het startkoord en de terugtrekveer correct werken.
- Controller of de onderdelen van de trillingsdempo niet+zijn beschadigd.
(Fig. 68)
- Verwijdeer eventuele bramen op de randen van de geleider met een vrij.
Reinig of verrang het vonkenschem op de geluiddemper.
(Fig. 69)
- Reinig de externe oppervlakken van de carburateur en de aangrenzende oppervlakken.
- Reinig het luchtfilter. Breng een neue luchtfilter aan als het beschadigd is of te vuil is om het volledig te konnen reinigen. Zie Het luchtfilter schoonmaken op pagina 264 voor meer informatie.
Maandelijks onderhoud
- Controller de remvoering van de kettingrem op slijtage. Vervang de remvoering als deze op het meest versleten punt minder dan 0,6 mm (0,024 inch) dik is.
(Fig. 70)
- Controller het middenstuk van de koppeleling, de koppelelingstrommel en de koppelingsveer op slijtage.
- Bougie reinigen. Controller of de afstandussen de elektroden juist is.
(Fig. 71)
- Reinig de externe oppervlakken van de carburateur en de aangrenzende oppervlakken.
- Controller het brandstofffilter en de brandstoffslang. Vervang indien nodig.
Leeg de brandstoftank.
Leeg de olietank. - Controller alle kabels en aansluitingen.
Jaarlijs onderhoud
- Controller de bougie.
- Reinig de externe oppervlakken van de carburateur en de aangrenzende oppervlakken.
Reinig het koelsysteme. - Controller het vondenopvangnet.
- Controller het brandstofffilter.
-
Controller de brandstofslang op schade.
-
Controller alle kabels en aansluitingen.
Incidenteel onderhoud
- Laat de geluidemper na 50 bedrijfsuren repareren of verrangen door een erkend servicecentrum.
-
Voer onderhoud aan de bougieuit als:
-
het vermogensniveau van de motor te laag is.
- de motor moeilijk kan worden gestart.
-
de motor Nietaar behoren werkt bij stationair toerental.
-
Controller de smering van de zaagketting telkens wanner u brandstof bijvult. Zie Smering van de zaagketting controleren op pagina 264.
Stationair toerental afstellen
Zorg dat het luchtfilter schoon is en dat het luchtfilterdeksel is aangebracht voordat het stationaire toerental worden afgesteld.
- Draai de stelschroef voor stationair draaien, die is gemarkeerd met een 'T', rechtsom totdat de zaagketting begint te draaien.
- Draai de stelschroef voor stationair draaien, die is gemarkeerd met een 'T', linksom totdat de zaagketting stopt.
- Het stationaire toerental要去lager zanden het toerental waar bij de zaagketting gaat draaien. Het stationaire toerental is juist wonneer de motor in alle standen soepel draait.
Vonkenscherm reinigen
- Gebruik een staalborstel om het vonkenschem ter reinigen.
Onderhoud uitvoeren aan de bougie

OPGELET: Gebruik de aanbevolen bougie. Zorg dat het verwangende onderdeel identiek is aan het onderdeel dat door de fabrikant worden geleverd. Een onjuiste bougie kan leiden tot schade aan het product.
- Als het apparaat Niet soepel start of draait, controleert u de bougie op de aanwezigheid van ongewenst materiaal. Om het risico van ongewenst materiaal op de elektroden van de bougie te beperken:
a) zorg dat het stationaire motortoerental correct is afgesteld.
b) zorg dat het brandstofmengsel correct is.
c) zorg dat het luchtfilter schoon is.
- Reinig de bougie als deutsche vuil is. Controller of de afstand zusammen de elektroden juist is. (Fig. 71)
- Vervang de bougie indien nodig.
Het luchtfilter schoonmaken
- Verwijder het luchtfilterdeksel en verwijder het luchtfilter.
- Reinig het luchtfilter met een warm sopje van water en zeep. Zorg dat het luchtfilter droog is wanner u dit aanbrengt.
- Vervang het luchtfilter als het zo vuil is dat het nicht meer volledig kan worden gereinigd. Vervang een beschadigd luchtfilter.altijd.
Zaagketting lijpen
De snijder
De zagende delen van een zaagketting worden zaagschakels genoemd en bestaanuit een snijtand (A) en een dieptestellernok (B). De snijdiepte van de snijder wordt bepaald door het hoogteverschilussen deze beiden punten, oftewel de instelling van de dieptesteller (C).
(Fig. 72)
Bij het slijpen van snijtanden moet u rekening honden met vier belangrijke factoren:
Vijlhoek.
(Fig. 73)
- Snijhoek.
(Fig. 74)
Vijlpositie.
(Fig. 75)
- Diameter van de Ronde vijl.
(Fig. 76)
Snijtanden slijpen
Gebruik voor het slijpen van de snijtanden een Ronde vijl en een vijlmal. Zie Zaagkettingvijl en zaagkettingcombinations op pagina 267oor informatatie over de aanbevolen bredte van de vijl en de vijlmal voor de zaagketting die op uw apparaat is aangebracht.
- Zorg ervoor dat de zaagketting correct is gespannen. Een slappe ketting kan zichwaarts bewegen, waardoor hij moeilijker op de juiste manier geslepen kan worden.
- Vijil alle tanden eerst aan de ene kant. Vijl de snijtanden vanaf de binnenkant en oefen minder druk uitijdens het terughalen van de vijl.
- Draai het product om en vijl de tanden aan de andere kant.
- Vijl zo dat alle tanden even lang zich. Wanneer de lengte van de snijtand slechts 4mm (5/32") bedraagt, is de zaagketting versleten en要去 verzervangen worden. (Fig. 77)
Hoogte van de dieptesteller aanpassen
Slijp de snijtanden voordat u de instelling van de dieptesteller aanpast. Zie Snijtanden lijpen op pagina 264 Wanner u de zaagtanden (A) slijpt, neemt de instelling van de dieptesteller (C) af. Om de maximum zaagcapaciteit te behouden,要去 dieptestellernok (B) verlaagd worden tot de aanbevolen hoogte. Zie Zaagkettingvijl en zaagkettingcombinations op pagina 267 voor de juiste instelling van de dieptesteller voor uw specifieke ketting.
(Fig. 78)
(Fig. 79)
Let op: Bij deze aanbeveling worden ervan uitgegaan dat de lenghte van de snijtanden Niet abnormaal afgevijd werk.
Gebruik een platte vrij en een vrijmal om de hoogte van de dieptesteller aan te passen.
- Plaats de vijilmal op de zaagketting. Gedetailleerde informatatie over het gebruik van de vijilmal staat op de verpakking van de vijilmal.
- Gebruik de platte vijl om het overschot van het deel van de dieptestellernok dat onder de mal uitkomt, weg te vrijlen. De snijdiepe is correct als u geen watstand voelt wanner u de vijl over de mal haalt.
Zaagketting spannen
Let op: Controller er gedurende de inlopperiode regelmatig de spanning van een neue zaagketting.
- Draai de geleidermoeren los die het koppelingdeksel op+zijnplaats houden.Gebruik de combinatietang. (Fig.80)
- Draai de geleidermoeren met de hand zo vast möglichk aan.
- Til de bovenzijde van de geleider omhoog en rek de zaagketting uit door de kettingspannerschroef aan te draaien. Gebruik de combinatietang. Verhoog de spanning van de zaagketting totdat deze Niet meer slap onder de geleider hangt. (Fig. 81)
- Draai de geleidermoeren vast met de combinatietang en til tegelijkertijd de punt van de geleider omhoog. (Fig. 82)
- Controller of u de zaagketting met de hand soepel kunt draaien en of de ketting Niet slap hangt. (Fig. 83)
Snijuitrusting smeren
Smering van de zaagketting controlleren
Controleer de smering van de kettingzaag telkens wanner u brandstof bijvult.
- Start het apparaat en laat het draaien op driekwart van het maximale toerental. Richt de neus van de geleider op een lichtgeleurd oppervlak dat zich op een afstand van bijna 20~cm (8 inch) bevindt.
- Na een minuut draaien is op hetlichtgeleurde oppervlak een oliestreep zichtaar.
-
Als de oliestreep na eén minuut Niet zichtaar is, reinigt u het oliekanaal in de geleider. Reinig de groef in de rand van de geleider. Controller of het kettingwiel in de neus van de geleider vrij draait en of de smeeropening Niet is verstopt. Reinig en smeer het neuskettingwiel.
-
Start het apparaat en LAST het draaien op driekwart van het maximale toerental. Richt de neus van de geleider op een lichtgeleurd oppervlak dat zich op een afstand van bijna 20 cm (8 inch) bevindt.
- Na een minuut draaien is op hetlichtgeleurde oppervlak een oliestreep zichtaar.
- Als de oliestreep na een minuut nicht zichtaar is, neemt u contact op met uw erkende dealer.
Transport
-
Plaats de transportbeschermingijdens transport op de snijuitrusting om letsel te voorkomen.
-
Zorg ervoor dat het product Niet kan bewegen om verlies van brandstof, schade of letsel tijdens het transport te voorkomen.
Opslag
- Berg het apparaat als teig op wonneer u het Niet gebruikt. Lekkages en dampen uit het apparaat kuren in aanraking kom met vonden of open vuur van elektrische apparatuur, elektrische grasmaaiers, relais, schakelaars, ketels enzovoort.
- Leeg de brandstof- en kettingolietank wonneer u het apparaat voor langere tijd opstaat. Zorg dat de gebruekte vloeistoffen veilig worden afgevoerd.
- Bewaar brandstof.altijd in een goedgekeurde jerrycan.
- Plaats de transportbeschermingijdens opslag op de snijuitrusting om letsel te voorkomen.
- Verwijder de kap van de bougie en schakel de het kettingrem in voordat u het apparaat opstaat.
Technische gegevens
| 120 Mark II | |
| Motor | |
| Cylinderinhoud, cm3 | 38 |
| Cylinderdiameter, Ø mm 39 | |
| Stationair toerental, min-1(tpm) 2800-3200 | |
| Maximaal motorvermogen volgens ISO 7293, kW/hp @ min-1(tpm) | 1,4/1,9 bij 9000 |
| Ontstekingssysteme65 | |
| Bougie Champion RCJ7Y, BRISK HQT-1R | |
| Elektrodenafstand, mm 0,5 | |
| Brandstof-/smeersysteme | |
| Inhoud brandstoftank, liter/cm3 | 0,28/280 |
| Inhoud olietank, l/cm3 | 0,15/150 |
| Type oliepomp Automatisch | |
| Gewicht | |
| Gewicht, kg 5,0 | |
| Geluidsemissies 66 | |
| Geluidsvermogenniveau, gemeten dB(A) 113 | |
| Geluidsvermogenniveau, gegardeerd LWA dB(A) 116 | |
| Geluidsniveauaus 67 | |
| Equivalent geluidsdrukniveau bij het oor van de gebrui-ker, dB(A) | 95 |
| Equivalente trillingsniveaua, a hveq 68 | |
| Voorste handgreep, m/s2 | 4,4 |
| Achterste handgreep, m/s2 | 5,9 |
| Zaagketting/geleider | |
| Type aandrijfwieten/aantal tanden 0,375" Spur6 | |
| Zaagkettingtoerental op maximale motortoerental, m/s. 17 | |
Accessoires
Combinations van geleiders en zaagkettingen
De onderstaande snijuitrustingen zijn goedgekeurd voor het product.
| Geleider Zaagketting | |||||
| Lengte, cm (inch) | Kettingsteek, mm (inch) | Maat, mm (inch) | Max. kopradius Type | Lengte, aandrijfs- | chakels (stuks) |
| 35 (14) 9,52 (3/8) | 1,3 (0,050) 7T Husqvarna S93G | Husqvarna H37 | 52 | ||
| 40 (16) 9,52 (3/8) | 56 | ||||
| 45 (18) 9,52 (3/8) | 62 | ||||
Zaagkettingvijl en zaagkettingcombinations
| H37 | 5/32 inch / 4,0 mm | 579 65 36-01 | 0,025 inch / 0,65 mm | 30° 80° | |
| S93G 5/32 inch / 4,0 mm | 587 80 90-01 0,025 inch / 0,65 mm | 30° 60° | |||
Verklaring van overeenstemming
EU-verklaring van overeenstemming
Wij, Husqvarna AB, SE-561 82 Huskvarna, Zweden, tel: +46-36-146500, verklaren onder once alleenverantwoordelijkheid dat het product:
| Beschrijving Kettingzaag op benzine | |
| Merk Husqvarna | |
| Platform/Type/Model Platform P02138 | HV, 120 Mark II |
| Identificatie Serienummer vanaf 2024. |
volledig voldoet aan de volgende EU-richtlijnen en -regelgeving:
| Verordening Beschrijving | |
| 2006/42/EG "beteffende machines" | |
| 2014/30/EU "beteffende elektromagnetische compatibiliteit" | |
| 2000/14/EG "beteffende geluid buitenschuis" | |
| 2011/65/EU "beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen" |
Toegepaste geharmoniseerde normen en/of technische
specificaties juices als volgt: EN ISO 12100:2010, EN
ISO 11681-1:2022, EN ISO 14982:2009, EN IEC
63000:2018
In overeenstemming met richtig 2000/14/EC, Annex V. Voor informatatie over geluidsemissies, wie Technische gegevens op pagina 265.
TUV Rheinland LGA Products GmbH, aangemelde instantie voor machines (kennisgeving geschied onder 0197), Tillystraße 2, -90431 Nurnberg, Duitsland. TUV Rheinland heeft een EG-typeonderzoek verricht volgens de machinerichtlijn (2006/42/EG), artworkel 12, punt 3b. Het certificaat voor EG-typeonderzoek in overeenstemming met bijlage IX, heeft nummer: BM 50612495.
Dit typeonderzoekscertificaat is van toepassing op alle fabriekslocations en landen van herkomst, zoals vermeld op het product.
De geleverde kettingzaag op benzine is conform het exemplaar dat een EG-typeonderzoek heeft ondergaan.
Namens Husqvarna AB, SE-561 82 Huskvarna, ZWEDEN, 2024-01-18

Claes Losdal, R&D Manager, Husqvarna AB
Verantwoordelijk voor technische documentationie

INNHOLD
Innledning 269
Sikkerhet. 270
Montering. 274
Bruk. 274
Vedlikehold 277
Transport. 279
Oppbevaring 280
Tekniske data. 280
Tilbehør. 281
Samsvarserklaering 282
Innledning
Bruksanvisning
Det originale språket i/DDne brauksanvisningen er engelsk. Bruksanvisninger pa andre sprak er oversettelser fra engelsk.
Produktoversikt
(Fig. 1)
- Produkt- og serienummerskilt
- Gassregulatorsperre
- Fremrehandtak
- Sylinderdeksel
- Kjedebrems med kastbeskyttelse
- Lyddemper
- Nesehjul
- Høyrehandsvern
- Utløser
- Drivhjuldeksel
- Kjedefanger
- Sverd
- Sagkjede
- Starthandtak
- Kjedeoljetank
- Startapparat
- Drivstofftank
- Chokehendel
- Bakre händtak
- Stoppbryter
- Justeringsskrue for tomgang
- Drivstoffpumper
- Informasjons- og advanselsetikett
- Kjedestrammerskrue
- Sverddeksel
- Kombinasjonsverktøy
- Bruksanvising
- Barkstøtte
Echipament de protectie personala
Utilizarea unei bare de protectie
O bară de protectie tine lemnul in timpul tacierilor. Bara de protectie este un pivot intre sina de ghidaj si motor.