VMD 2.5 Display - Airconditioner DOMETIC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VMD 2.5 Display DOMETIC in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VMD 2.5 Display DOMETIC
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VMD 2.5 Display - DOMETIC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VMD 2.5 Display van het merk DOMETIC.
GEBRUIKSAANWIJZING VMD 2.5 Display DOMETIC
Display voor air onditioning voor de s 'eepvaart Montagehandleiding en gebrui saanwijzing.... VX
I fer laring van de symbolen....VX
T Beoogd gebrui ...... VX
U Omvang van de levering.... VX
K Mereedschap....VX
V Installatie....VX
W Mebrui VY
X Droblemen oplossen....WK
Y Marantie......WX
CJ f erwijdering....WX
tees deze gebruï saanwijzing zorgvuldig door en volg alle instructies' richtlijnen en waarschuwingen in deze handleiding op om ervoor te zorgen dat u het product te allen tijde op de juiste manier installeert' gebruït en onderhoult. Leze gebruï saanwijzing MORV bij dit product worden bewaard.
L'oor het product te gebruï enf bevestigt u hierbij dat u alle instructies? richtlijnen en waarschuwingen zorgvuldig hebt gelezen en dat u uit voorwaarden zoals hierin beschreven begrijat en at repreent. . . . gaat remer a door dit product alleen te gebruï en voor het beogode doelen en de beogode toepassing en in overeenstemming met de instructies? richtlijnen en waarschuwingen zoals beschreven in deze gebruï saanwijzing en in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving, i et niet lezen en opvolgen van de hierin beschreven instructies en waarschuwingen - an leiden rot letsel voor uzel! en anderen? schade aan uw product of schade aan andere eigendommen in de omgeving. L'ze gebruï saanwijzing met inhegrip van de instructies? richtlijnen en waarschuwingen' en de bijbehorende documentatie - an onderhevig zijn aan wijzigingen en updates. I'oor de recentste productinormatie! bezoe documents.dometric.com.
2 Verklaring van de sym- olen
Ren signaalwoord geeg informatie over veiligheid en eigendomsschade en geeg de mate of ernst van het gevaar aan.

2 AARSC892)NBZ
Luidt op een gevaarlij e situatie die ^3 indien deze niet wordt voor omen ^p ernstig letsel o ^1 de dood tot gevolg an hebben.

LE&1 PZ
L uidt op een situatie die ^p indien deze niet wordt voor omen ^p an leiden tot materiële schade.

)NS&R9C&E " anvullende informatie voor het gebruik van het product.
2.1 Aany! llende ri ' tliönen
Om het risico op ongevallen en verwondingen te verminderenf dient u de volgende richtlijnen in acht te nemen voordat u doorgaat met het installeren en bedienen van dit product:
- tees alle veiligheidsinformatie en instructies door en volg deze.
- tees deze instructies vooraïgaand aan de installatie of inbedrijstelling van dit product en zorg ervoor dat u deze geheel begrijpt.
- L e installatie moet voldoen aan alle van toepassing zijnde lo ale o nationale regels? waaronder de nieuwste uitgave van de volgende maatstaven:
- "merican Boat and Yacht bouncil c" BYbd R-00 "b- en L b-ele trische systemen op boten
2.2 Algemene veilig' eidsmeldingen

2 AARSC892)NB7 Bevaar voor elektris 'e s 'okken, - rand en/o/eYplosies
r et niet in acht nemen van deze waarschuwing an leiden tot ernstig letsel of de dood.
Mebrui alleen vervangende onderdelen en componenten van L ometic die speci[ e zijn goedge eurd voor gebruik met het product.
fermijd onjuiste installatie ^3 a ^stellingen ^3 aanpassingen ^2 service o ^1 onderhoud van het product. *ervice en onderhoud mogen alleen worden uitgevoerd door ge wali[ ceerd servicepersoneel.
Lit product mag nooit worden aangepast. " anpassingen unnen eStreem gevaarlij zijn.
3 Beoogd ge- r! ik
L e L isplay f ML | .K chierna "display" of: "product" genoemd: is de bedieningsinterface voor het bedienen van compatibele limaatregelingssystemen voor schepen. L it display is alleen geschit voor het beoogde gebruï en de toepassing in overeenstemming met deze gebruï saanwijzing.
L eze handleiding geeg informatie die nodig is voor een correcte installatie en/o ^2 correct gebruik van het display. *lechte installatie en/o ^2 onjuist gebruik an leiden tot onvoldoende prestaties en mogelijk e storingen. L e fabri ant aanvaardt geen aanspra elij heid voor letsel o ^2 schade aan het product die het gevolg is van:
- Onjuiste montage o ^3 aansluiting ^2 inclusie ^1 te hoge spanning.
- Onjuist onderhoud of gebruik van andere dan door de fabri ant geleverde originele reserveonderdelen.
- Z ijzigingen aan het product zonder uitdru elij e toestemming van de labri ant.
- Mebrui voor andere doeleinden dan beschreven in deze handleiding.
L ometic behoudt zich het recht voor om het uiterlij en de speci| caties van het product te wijzigen.
4 1 mvang van de levering
In dit gedeelte worden de onderdelen beschreven die bij het display worden geleverd. Optionele onderdelen unnen a'zonderlij worden aangeschag.
| )n- egrepen onderdelen Aantal | |
| L isplay f ML I ,K Q | |
| hV Si in. zeltappende schroeven U | |
| Montagehandleiding en gebrui saanwijzing G | |
| 1 pationele onderdelen | Aantal |
| aand | Q |
| L isplay abel | I KFJ 'g cNPVI 'lmd or KJ FJ 'g cOKFI Ulmd |

)NS&R9C&E Rr wordt een display abel van I KfJ lg cMVI lmc meegeleverd bij airconditioners uit de Mf Nj -serie voor de scheepvaart.
5 Bereeds'ap
L ometic raadt aan de volgende gereedschappen te gebrui en bij het installeren van het display:
• *chroevendraaier/bit
- Boormachine
• Mar eerstig
• aeciprozaag/multitoolzaag
6) installatie

2 AARSC892 )NBZ Bevaar voor elektris 'e s 'okken, - rand en/o/eYplosies
r et niet in acht nemen van de volgende waarschuwingen an leiden tot de dood o! ernstig letsel:
Ont oppel de stroomvoorziening voordat u gaat zagen of boren.
bontroleer oû er zich geen obsta els zoals abels oû leidingen in de wanden van de cabine bevinden op de plaats waar u het display wilt monteren.

LE& 1 PZ Bevaar voor s ' ade
Dositioneer het displaypaneel niet in direct zonlicht? in de buurt van warmteproducerende apparaten o! in een schutbord waar temperaturen die van achter het paneel uitstralen de prestaties unnen beïnvloeden.

LE&1 PZ Bevaar voor s'ade
Mebrui MRR' schroepistool en draai de schroeven niet te stra vast bij het monteren van het display.

LE& 1 PZ Bevaar voor s ' ade
'iet sensor abels niet vast tijdens de installatie.
6.1 De lo atie voor ' et display kiezen
L e ge ozen locatie voor het display moet aan de volgende criteria voldoen;
- Op een binnenwand van de cabine ^p niet in direct zonlicht
- Op een ple iets hoger dan de middenhoogte van de cabine
- In een ruimte waarin lucht vrij an circuleren
- Op een maSimale astand van 'WKPJ lg d | FXV'md ten opzichte van de airconditioning
6.2 De montageplaats voor- ereiden
- Onderbree de voedingsspanning.
* Cmetingen wandopening
□

- Mar eer de almetingen van de opening en de locaties van de schroelgaten op de wand van de cabine.
T. uaag de opening uit.
U. Boor vier schroelgaten.
C. teid het ene uiteinde van de display abel door de ele trische bedienings ast van de airconditioning en sluit deze aan op de aansluiting op de printplaat.
L e display abel geleiden
□

1 L isplay abel 2 *te eraansluiting
I. teid het andere uiteinde van de display abel door de wandopening en sluit deze aan op de ste eraansluiting aan de achter ant van het display.
T. Mebrui de schroeven om het display aan de wand van de cabine te bevestigen.
U. /li de rand optioneel op het display.
a Be-r! ik

2 AARSC892)NBZ Bevaar voor elektris 'e s 'okken
r et niet in acht nemen van deze waarschuwing an leiden tot ernstig letsel of de dood.
r et display blijg ingescha eld wanneer de stroomvoorziening is uitgescha eld. Ont oppel de stroomvoorziening voordat u onderhoud aan het display uitvoert.
L it systeem maa t gebruï van technologie met variabel toerental ^F waardoor de compressor gedurende lange perioden an wer en in plaats van continu in- en uit te scha elen. L e voordelen hiervan zijn onder meer een grotere betrouwbaarheid ^F een lager energieverbruï F een betere ontvochtiging en lagere geluidsniveaus.
a.1 Startpagina
I

text_image
5 4 3 2 1 2021.0 .18 09:00 AM Inside 70 °F RH 0% 10 7 8 9 10 Auto Cool1 Indicator ventilatortoerental a Indicator temperatuur-/instelwaarde
2 Modusweergave b Nemperatuurregeling omlaag
3 Dlannerweergave c Indicator relatieve vochtigheid
| 4 | Indicator *tille moduso | 1d | f ermogensregeling |
| 5 | * larmindicator/-regeling | 12 | ægeling hood'dmenu |
| 6 | Indicator Rco-moduso | 13 | tuchtstroomregeling |
| a | Nemperatuurregeling | 14 | f entilatortoerentalregeling |
o " Ileen beschi baar op de Mf Nj -serie
&a- el 13e Regelingen en stat! sindi atoren - egins 'erm
| Pi togram | Regeling/in- di ator | Bes ' riéving |
![]() | Modusweerga-ve | r et moduspictogram duidt de huidige bedrij'smo- dus aan, r et pictogram is geanimeerd wanneer de compressor in bedrij' is en statisch wanneer deze niet in bedrij' is. r et pictogram nippert wanneer de compressor uitscha elt en overscha elt naar een vertragingsmodus van drie minuten voordat de com- pressor weer an worden ingescha eld. |
| i)NS&R9C&E In dit voorbeeld wordt het pictogram voor de oelmodus weergegeven. | ||
![]() | Modus: /oelen r et systeem voert een oelcyclus uit wanneer de temperatuur in de passagiersruimte hoger wordt dan de instelwaarde voor de oeling en met meer stijgt dan het instelwaardedi'erentieel. r et standaard in- stelwaardedi'erentieel is l q] c0.0 qbc. uie Darameters op paginalwI voor informatie over het a'stellen van het instelwaardedi'erentieel. r et pictogram is geanimeerd wanneer de compressor in bedrij' is. | |
![]() | Modus: f erwar- men | r et systeem voert een oelcyclus uit wanneer de temperatuur in de passagiersruimte lager wordt dan de instelwaarde voor de oeling en met meer daalt dan het instelwaardedi'erentieel. r et standaard in- stelwaardedi'erentieel is l q] c0.0 qbc. uie Darameters op paginalwI voor informatie over het a'stellen van het instelwaardedi'erentieel. r et pictogram is geanimeerd wanneer de compressor in bedrij' is. |
![]() | Modus: ' uto | r et systeem scha elt automatisch tussen een oelcy-clus en omge eerste cyclus overwarmingP a'han elij van het 'eit o' de temperatuur in de passagiersruim- te U o] c1.0 qbc hoger o3 lager dan de instelwaarde ornt. |
![]() | Modus: 'l-leen-ventilator | r et systeem laat de ventilator draaien om de lucht continu te laten circulerenF waardoor de compressor wordt ingescha eld. |
| Pi togram Regeling/in- di ator | Bes ' rifving |
![]() | Indicator venti- latortoerentalLe indicator geeg het geselecteerde ventilatortoer- rental aan. In andere modi dan ' lleen-ventilatorf geeg de indicator ' uto aan' wat aanduidt dat het ventilatortoerental het compressortoerental volgt.L it is de ideale instelling voor prestaties met echte variabele capaciteit. r er pictogram is geanimeerd wanneer de ventilator draait en statisch wanneer de- ze niet draait. uie Darameters op paginaMl voor informatie over het alstellen van de lage en hoge ventilatortoerentallen. r et pictogram is geanimeerd wanneer de ventilator in wer ing is. |
![]() | Dlannerweerga- veLe indicator wordt weergegeven wanneer een ge- pland programma actie' is. aaadpleeg Dlanner-modus op paginaMw voor informatie over het in- en uitscha elen van de Dlanner-modus en het configure- ren en uitvoeren van programmais. |
![]() | ' larmindica- tor/-regelingLeze indicator wordt weergegeven wanneer er een actie' alarm is. ' Is u de alarmmelding wist' wordt het alarm niet opgelost. Le alarmmelding wordt weerge- geven op het beginscherm tordat het probleem is opgelost. aaadpleeg Drobleemoplossing voor infor- matie over het oplossen van alarmen.Ni op de alarmindicator om het huidige alarm weer te geven.'ls er meer dan twee alarmen zijn'ti tu op de pijl-omhoog en de pijl-omlaag om door de lijst " larm te bladeren.Ni op een alarm in de lijst om de details ervan weer te geven.Ni op CLR om een alzonderlij alarm te wissen van het scherm " larmdetails. |
![]() | Indicator *tille modusoLeze indicator wordt weergegeven wanneer de functie actie' is. aaadpleeg n uiet-modus op pagi- naMw voor informatie over het in- en uitscha elen van de 'tille modus en het aanpassen van de instelwaarde. |
![]() | Indicator Rco- modusoLeze indicator wordt weergegeven wanneer de functie actie' is. aaadpleeg Rco-modus op pagi- naMw voor informatie over het in- en uitscha elen van deze modus en het aanpassen van de instelwaar- de. |
![]() | Dijl-omhoog Ni hierop om de temperatuur op het beginscherm te verhogen. Op andere schermen unt u met deze pijl naar het vorige menu navigeren en/o' een numerie- e waarde verhogen. |
![]() | Indicator temperatuur-/in- stelwaardeLe indicator geeg de nieuwe ingestelde temperatuur weer terwijl de temperatuur wordt aangepast met de pijl-omhoog o'i pijl-omlaag en geeg vervolgens de temperatuur in de passagiersruimte weer. |
![]() | Dijl-omlaag Ni hierop om de temperatuur op het beginscherm te verlagen. Op andere schermen unt u met deze pijl naar het volgende menu navigeren en/o' een numerie e waarde verlagen. |
| RH 0% | Indicator relatie- ve vochtigheidLe indicator geeg de relatieve vochtigheid in de pas- sagiersruimte weer als er een vochtigheidssensor is geinstalleerd. |
| Pi togram Regeling/in- | di ator | Bes ' rifving |
![]() | f ermogensregeling | Met de " an/uit- nop scha elt u het systeem in o/. uit." Is deze functie is ingescha eld? wer t het systeem in de geselecteerde modus wanneer de temperatuur in de passagiersruimte hoger o oelmodus o/. lager overwarmingsmodus: is dan de instelwaarde. " Is deze functie is uitgescha eld? wer t het systeem niet? maar blijg het wel verbonden met het netwer indien aanwezigd.8 of d ingedr! kt om ' et apparaat in o/ ! it te s ' akelen. |
![]() | aegeling hoo'd-menu | f ia het hoo'dmenu unt u het systeem instellen? plannen en problemen oplossen.Mi hierop om het eerste scherm van het hoo'dmenu weer te geven en ti vervolgens op de pijl-omlaag om het tweede scherm van het hoo'dmenu weer te geven. |
![]() | tuchtstroomregeling | Mi hierop om te wisselen tussen de modi /oelen?f erwarmen? ' uto en ' lleen-ventilator. |
![]() | f entilatortoe- rentalregeling | L eze regeling is alleen beschi baar wanneer het systeem in de modus ' lleen-ventilator staat, uie Carameters op pagina!!! voor informatie over het aanpassen van het ventilatortoerental.Mi hierop om te wisselen tussen ventilatortoerental- len. |
o " lleen beschi baar op de Mf Nj -serie
&a- el 14e EYtra regelingselementen
| Pi togram Regeling/in- di ator | Bes ' riðving | |
![]() | " nnuleren Ni hierop om een invoer te annuleren o/ om terug te eren naar het voorgaande scherm. | |
![]() | ' elder Ni hierop om de huidige invoer te wissen. | |
![]() | Bewer en Ni hierop om wijzigingen aan te brengen in het huidige scherm. | |
![]() | O/ Ni hierop om een invoer te bevestigen. | |
![]() | 'aar begin-scherm | Ni hierop om terug te eren naar het beginscherm. |
Pi togram Regeling/in-
Bes 'ri6ving
di ator

Opslaan Ni hierop om een item op te slaan.
a.2 E o-mod! s
Mebruï de Rico-modus om de gebruïs duur te verlengen en het energieverbruït beper en. "Is deze functie is ingescha eld ^2 beper t de Rico-modus het maSimale vermogen dat door het toestel wordt gebruït. L it resulteert in een verlaging van de benodigde stroom en een verhoging van de energie-es clientie. L oor de maSimale capaciteit van de eenheid te verlagen ^2 an deze oer wer en wanneer de stroomvereisten beper t zijn. L eze optie is alleen beschi baar bij eenheden met variabele capaciteit.

)NS&R9C&E Le Rco-modus en de *tille modus unnen tegelijk ertijd actie zijn, r et systeem wer t op de laagste instelwaarde, r oud er re ening mee dat het te laag instellen van de instelwaarde invloed an hebben op de oelcapaciteit van het systeem.
-
Vi in het beginscherm op 📞oodmenu.
-
Ni op Function.
T. Vi op Rco-modust om deze functie in of uit te scha elen.
√ Le indicator Rco-modus wordt op het beginscherm weergegeven als deze modus is ingescha eld.
a.2.2 De instel4 aarde van de E o-mod! s aanpassen
Q. Vi in het beginscherm op 📞oodmenud.
- Ni op Function.
T. Vi op Rco-modusc.
U. Ni op de pijl-omlaag.
K. Ni op Eco Mode Set Point.
V. Ni op de pijl-lin s of de pijl-rechts om de instelwaarde aan te passen.
W. Vi op [Opslaanc.
- Le indicator Rco-modus wordt op het beginscherm weergegeven als deze modus is ingescha eld.
a.3 Q! iet-mod! s
Mebrui ers unnen de *tille modus inscha elen om het maSimale toerental te beper enf waardoor er is nachts minder verstoringen optreden. L e *tille modus zorgt ervoor dat het apparaat consistent wer t ^2 in tegenstelling tot de uit- en aan-cyclus van traditionele airconditioningsystemen. * Is de eenheid in de *tille modus maar beper t wer t ^2 scha elt de eenheid deze modus over om de ruimte weer op een aangename temperatuur te brengen. L eze optie is alleen beschi baar bij eenheden met variabele capaciteit.

)NS&R9C&E Le Rco-modus en de *tille modus unnen tegelijk ertijd actie zijn, r et systeem wer t op de laagste instelwaarde, r oud er re ening mee dat het te laag instellen van de instelwaarde invloed an hebben op de oelcapaciteit van het systeem. Le *tille modus wordt automatisch uitgescha eld als de temperatuur hoger is dan T eJ c0%xlqbd ten opzichte van de instelwaarde.
a.3.1 De Stille mod! s in- o/ ! its 'akelen
-
Vi in het beginscherm op 📞 oocdmenuc.
-
Ni op Function.
T. Vi op tille modusl om deze functie in of uit te scha elen.
- Le indicator *tille modus wordt op het beginscherm weergegeven als deze modus is ingescha eld.
a.3.2 De instel4 aarde van de Stille mod! s aanpassen
Om de beste instelwaarde te vindenf verlaagt u langzaam het instelwaardepercentage totdat het gewenste geluidsniveau is berei t.
-
Ni in het beginscherm op 📞 goldmenud.
-
Ni op Function.
T. Ni op 2*tille modus.
U. Ni op de pijl-omlaag.
K. Ni op Quiet Mode Set Point.
V. Ni op de pijl-lin s o de pijl-rechts om de instelwaarde aan te passen.
W Ni op [Opslaand.
v Le indicator *tille modus wordt op het beginscherm weergegeven als deze modus is ingescha eld.
a.4 Planner-mod! s
In de Dlanner-modus unnen automatisch maSimaal vier programmals worden uitgevoerd nadat deze zijn ingesteld en geactiveerd. Drogramma's unnen worden ingesteld op de gewenste dagen en tijden en omvatten modi? functies en temperaturen.
a.4.1 De Planner-mod! s in- o/ ! its ' akelen
Le Dlanner-modus moet zijn ingescha eld om programmals te unnen uitvoeren of bewer en.
-
Ni in het beginscherm op 📅 ooidmenud.
-
Ni op Scheduler.
T. Ni op 📄lanner! om deze functie in o: uit te scha elen.
a.4.2 Een programma in- o/ ! its 'akelen
Le Clanner-modus moet zijn ingescha eld om programmaks te unnen uitvoeren. Drogrammais en hun geplande acties worden weergegeven op het scherm Drogramma.
-
Ni in het beginscherm op 📅 ooldmenul.
-
Ni op 📄lannerd.
T. Ni op Programs.
U. Mebrui de pijl-omhoog o° pijl-omlaag om naar het gewenste programma te navigeren.
K. Ni op de menubal van het programma om dit in ol uit te scha elen.
a.4.3 Een programma - e4 erken
Rr zijn verschillende programmaopties ^P waaronder het instellen van de modus ^P functies ^P temperatuurinstelwaarde en de tijd en dagen van de wee waarop het programma wordt uitgevoerd zodra het is ingescha eld.
-
Ni in het beginscherm op 📅oodmenud.
-
Ni op 📄plannerd.
T. Ni op Programs.
U. Mebrui de pijl-omhoog of pijl-omlaag om naar het gewenste programmascherm te navigeren.
K. Ni op [C] (Bewer end.
V. Ni op * c/oclenf [1] cf erwarmenP [2] c* utod o3 off c. itc om de modus te selecteren en ti vervolgens op de pijl-omlaag om naar het volgende scherm te gaan.
Ni op Rcomodus en of: z* tille modus om deze functies in of uit te scha elen en ti vervolgens op de pijl-omlaag.
Leze functies zijn niet beschi maar als de geselecteerde modus off c. itu was in de vorige stap. Beide unnen naar wens worden ingesteld op aan of uit.
X. Ni op de pijl-lin s o' pijl-rechts om de temperatuur in te stellen en ti vervolgens op de pijl-omlaag.
Y. Ni op de pijl-lin s of pijl-rechts om de tijd in te stellen en ti vervolgens op de pijl-omlaag.
CJ. Ni op een o ^1 meer dagen om in te stellen op wel e dagen het programma moet worden uitgevoerd.
CO. Ni op 📄Opslaan om het programma op te slaan.
a.5 Parameters
Q. Ni in het beginscherm op 📄 goldmenud.
- Ni op Parameters en gebruik vervolgens de pijl-omhoog en de pijl-omlaag om door de selecties te bladeren.
| Sele tie Bes 'rifving A ties | ||
| Memorize Setting | L eze selectie onthoudt de huidige instellingen voor alle parameters die een systreembreed punt bieden waarnaar an worden terugge eerd bij het oplossen van problemen. | O. Ni op Memorize Settings.I. Ni op Yes.T. Ni op ∞ o/o/. |
| Recall Memo- rized | Met deze selectie worden alle parameters teruggezet naar de laatst opgeslagen in-stellingen. | O. Ni op Recall Memo- rize.I. Ni op Yes.T. Ni op ∞ o/o/. |
| Recall De- faults | Met deze selectie worden alle parameters teruggezet naar de fabrie sinstellingen. | O. Ni op Recall Fac- tory.I. Ni op Yes.T. Ni op ∞ o/o/. |
| High Fan Speed | r iermee past u het ventilatortoerental aan naar de hoge instelling ^ waardoor het luchtgeluid dat door het systeem wordt geproduceerd ^ wordt verminderd. | O. Ni op High Fan Speed.I. Ni op de pijl-lin s o ^ de pijl-rechts om het ma ^ male percentage voor het ventilatortoerental in te stellen.T. Ni op ∞ opslaand. |
| Low Fan Speed | r iermee past u het ventilatortoerental aan naar de lage instelling ^ zodat het ventila- tortoerental hoog genoeg is om de stati-sche dru in de leidingen tegen te gaan. | O. Ni op Low Fan Speed.I. Ni op de pijl-lin s o ^ de pijl-rechts om het mini- male percentage voor het ventilatortoerental in te stellen.T. Ni op ∞ opslaand. |
| Fan Operate Mode | ' Is u Continuous selecteert ^ blijg de ventilator op laag toerental draaien wann- neer de compressor wordt uitgescha eld. * Is u Cycled selecteert ^ wordt de venti- lator samen met de compressor in- en uit-gescha eld. | O. Ni op Fan Operate Mode.I. Nap Continuous or Cycled |
| Pump Operate Mode | ' Is u Continuous selecteert ^ blijg de pomp continu draaien wanneer de com- pressor wordt uitgescha eld. " Is u Cy- cled selecteert ^ wordt de pomp samen met de compressor in- en uitgescha eld. | O. Ni op Pump Operate Mode.I. Ni op Continuous o ^ Cycled |
| Room Temp Offset | L eze selectie wordt gebrui t om de waar- de van de temperatuur in de passagiers- ruimte te alibreren wanneer deze consis- tent a ^ wij t van de wer elij e temperatuur. | O. Ni op Inside Temp Calibrate.I. Ni op de pijl-lin s o ^ de pijl-rechts om de waarde aan te passen.T. Ni op ∞ opslaand. |
| Temperature Units | L eze selectie scha elt de temperatuur- waarden tussen q] en qb en is van invloed op alle temperatuurschermen. L e stan- daardinstelling is q]. | Ni op Temperature Units om te scha elen tus- sen q] o ^ qb. |
| Pressure Units | L eze selectie scha elt de dru waarden tussen psi ^ Da o ^ bar en heeg invloed op alle dru schermen. L e standaardwaarde is psi. | O. Ni op Pressure Units.I. Ni op de pijl-lin s o ^ de pijl-rechts om de waarde aan te passen.T. Ni op ∞ opslaand. |
| Sele tie Bes 'rifving A ties | ||
| Aux Electric Heat | L eze selectie activeert het relais van de ele trische hulpverwarming als deze is aangesloten. Rle trische hulpverwarming wer t alleen in plaats van de omge eerde cyclus voor verwarmen en niet als estra warmtebron. L eze optie is standaard uitgescha eld. r et juiste vermogen moet worden geselecteerd om de verwarming te activeren. | Q. Ni op Aux Electric Heat.I. Ni op de pijl-lin s oï de pijl-rechts om door de opties te bladeren.T.Ni opOpslaand en volg de aanwijzingen om de selectie te bevestigen. |
| Filter Hours Setting | Z anneer deze optie is geactiveerd? duidt deze aan wanneer het ÷lter moet worden vervangen op basis van de geselecteerde levensduur van het ÷lter. L eze optie is standaard uitgescha eld. | Q. Ni op Filter Hours Setting.I. Ni op de pijl-lin s oï de pijl-rechts om door de opties te bladeren.T.Ni opOpslaand. |
| Filter Hours Reset | L eze selectie zet de teller voor de levensduur van het ÷lter terug op nul. L e filter-uren moeten worden gerezet wanneer het ÷lter wordt vervangen oï gereinigd. L eze selectie is niet beschi baar wanneer Filter Hours Setting is uitgescha eld. | Q. Ni op Filter Hours Reset.I. Ni op Yes.T.Ni opO/O/. |
| Zone Leze selectie wijst een zonenaam toe aan een oï meer eenheden. f oor apparaten in een netwer geldt dat hierdoor via één display alle eenheden in die zone unnen worden aangestuurd. L e standaardinstelling voor alle eenheden is J . | Q. Ni op Zone/Area.I. Ni de pijl-lin s oï de pijl-rechts aan om door de lijst met zones/gebieden te bladeren.T.Ni opOpslaand. | |
| Instance Number | L eze selectie wordt gebruït om handmatig een instantienummer toe te wijzen aan een r f " b-eenheid in een netwer wanneer automatische instancing niet actie/ingescha eld is. | Q. Ni op Instance Number.I. Ni op de pijl-lin s oï de pijl-rechts om door de lijst met nummers te bladeren.T.Ni opOpslaand. |
| Auto Instance | L eze selectie wordt gebruït om automatische instancing in en uit te scha elen. | Q. Ni op Auto Instan-cing.I. Ni op de menu nop om te scha elen tussen inges-scha eld en uitgescha-eld.T.Ni opOpslaand. |
| Set Point Temp Diffe-rential | Met deze selectie wordt het temperatuur-verschil tussen de instelwaarde en de temperatuur in de passagiersruimte aangepast? dat wordt gebruït om te bepalen wanneer het systeem moet worden inges-scha eld. | Q. Ni op Set Point Temp Differenti-al.I. Ni de pijl-lin s oï de pijl-rechts aan om door de lijst met instellingen te bladeren.T.Ni opOpslaand. |
| Dischar-ge Pressure Offset | L eze selectie wordt gebruït v voor het a-libreren van de uitlezing van de persdru wanneer deze consistent al'wij t van de wer elij e dru . L e alezing van de pers-dru wordt gebruït om de staat van het systeem te controleren. * Is de waarde de in de fabrie ingestelde limiet overschrijde wordt een alarm weergegeven met de datum en tijd van de gebeurtenis. | Q. Ni op Discharge Pressure Cali-bration.I. Ni op de pijl-lin s oï de pijl-rechts om de waarde aan te passen.T.Ni opOpslaand. |
| Suction Pressure Offset | L eze selectie wordt gebruït om de ale-zing van de zuigdru te alibreren wan-neer deze consistent al'wij t van de wer e-lij e dru . | Q. Ni op Suction Pressure Cali-bration.I. Ni op de pijl-lin s oï de pijl-rechts om de waarde aan te passen.T.Ni opOpslaand. |
| Sele tie Bes ' rìfving A ties | |
| Suction Temp Offset | L eze selectie wordt gebrui t om de a'lezing van de aanzuigtemperatuur te alibreren wanneer deze consistent a'wij t van de wer elij e temperatuur. |
| Compressor Staging Delay | Met deze selectie wordt de tijd aangepast die de compressor nodig heeg om te starten na een harde uit- en inscha eling. Mebrui deze optie voor installaties waarin meer dan een systeem door dezel'de stroombron wordt gevoed. L oor verschillende ordeningsvertragingen unnen compressoren op verschillende tijd-stippen starten wanneer de stroom wordt onderbro en. Orden de apparaten min-stens vijl seonden na elaar. |
| Low Voltage Monitor | ' Is deze optie is geactiveerd' wordt ge-detecteerd en aangegeven wanneer de voedingsspanning onder het geselecteer-de instelwaarde ligt. |
a.6 Systeeminstellingen
-
Ni in het beginscherm op 📅 ooldmenud.
-
Mi op System en gebruik vervolgens de pijl-omhoog en de pijl-omlaag om door de selecties te bladeren.
| Sele tie Bes 'rijving A tie | ||
| Display Brightness | r iermee past u de helderheid van het display aan. | Q. Ni op Display Brightness.I. Ni op de pijl-lin s of de pijl-rechts om het percentage aan te passen. |
| Sleep Mode Delay | r iermee bepaalt u hoe lang het display inactie moor blijven voordat de schermbeveiliging wordt weergegeven. 'Is u . it selecteer' wordt de schermbeveiliging uitgescha eld. | Q. Ni op Sleep Mode Set- tings.I. Ni op de pijl-lin s of de pijl-rechts om door de opties te bladeren.T.Ni op [IMAGE] |
| Language r iermee stelt u in wel e taal door het display wordt gebrui t. | Q. Ni op Language.I. Ni op de pijl-lin s of de pijl-rechts om door de opties te bladeren.T.Ni op [IMAGE] | |
| Screen Saver r iermee stelt u in wel scherm wordt opgeslagen op het beginscherm na een periode van inactiviteit: het L o- metric-logo cstandaardf een vereenvoudigd temperatuurscherm en een leeg zwart scherm. 'Is u het scherm aanraa r2 wordt het display geacti- veerd. | Q. Ni op Screen Saver.I. Ni op de pijl-lin s of de pijl-rechts om door de opties te bladeren.T.Ni op [IMAGE] | |
| Versions r iermee gee g u de geïnstalleerde firmwareversies weer. | Ni op Versions. | |
a.a Pro- leemoplossing
-
Ni in het beginscherm op 📅oodmenu.
-
Ni op Troubleshoot en gebrui vervolgens de pijl-omhoog en de pijl-omlaag om door de selecties te bladeren.
| Sele tie Bes ' riåving A tie | |
| Fault History | r iermee geeg u de geschiedenis weer van alle storingen die zich in het systeem hebben voorgedaan sinds de laatste eer dat de storings-geschiedenis werd gereset. L e storingsgeschiedenis an alleen worden gereset door een servicemonteur. |
| System Status | r iermee geeg u informatie weer over de huidige systeemstatus. |
a.b)nstellingen vergrendelen
Met het menu Lock Setting unt u de toegang tot de menus System ^3 Parameter en Scheduler vergrendelen en beveiligen met een viercijferige pincode.
a.b.1 De pin ode voor vergrendeling instellen
-
Ni in het beginscherm op 📄 ooidmenul.
-
Ni op Lock Setting.
T. Ni op Yes om te bevestigen dat u wilt doorgaan.
U. Ni op het numerie e toetsenblo om een viercijferige pincode in te voeren.
K. Ni op ⓄO/1 om de pincode op te slaan en de menuks te vergrendelen.
a.b.2 Pin ode voor vergrendeling 4 i6zigen
-
Ni in het beginscherm op 📞oodmenu.
-
Ni op Lock Setting.
T. Ni op Yes om te bevestigen dat u wilt doorgaan.
U. Ni op Change PIN.
K. Ni op het numerie e toetsenblo om een viercijlerige pincode in te voeren.
V. Ni op ⓄO/ð om de nieuwe pincode op te slaan.
a.b.3 Ver4 i6der de pin ode voor vergrendeling.
-
Ni in het beginscherm op 📅 00:dmenud.
-
Ni op Lock Setting.
T. Ni op Yes om te bevestigen dat u wilt doorgaan.
U. Ni op Remove PIN.
K. Mi op ⓄO/1 om de pincode te verwijderen en de menuks te ontgrendelen.
a.c Dat! m en ti6d
In het menu Date & Time unt u de datum en tijd instellen in de gewenste indeling en iezen of u deze wilt weergeven op het beginscherm.
a.c.1 De dat! m en ti6d in- o/ ! its 'akelen
Met deze instelling unt u de optie voor het weergeven van de datum en tijd op het beginscherm in- of uitscha elen.
-
Ni in het beginscherm op 📋 ooidmenud.
-
Ni op Date & Time.
T. Ni op Date & Time Display om deze optie in of uit te scha elen.
a.c.2 De dat! minstelling on/ig! reren
Met deze instelling unt u de datum in verschillende indelingen weergeven. L e standaardindeling is MM-L L -mm.
-
Ni in het beginscherm op 📋 ooidmenu.
-
Ni op Date & Time.
T. Ni op Date Format.
U. Ni op de pijl-lin s o de pijl-rechts om door de indelingen te bladeren.
K. Ni op [Opslaand.
a.c.3 De tibdindeling instellen
Met deze instelling unt u de tijd weergeven in 01 - o0 I U-uursindeling. L e standaardindeling is 01 -uursindeling.
-
Vi in het beginscherm op 📞 ooldmenu.
-
Ni op Date & Time.
T. Ni op Time Format om tussen de opties te scha elen.
a.c.4 De dat! m en tid instellen
Met deze instelling unt u de datum en tijd con[ gureren.
-
Ni in het beginscherm op 📞oodmenud.
-
Ni op Date & Time.
T. Ni op Date Time Settings.
U. folg de aanwijzingen op het scherm om de wijzigingen door te voeren.
K. Ni op [Opslaanc.
b Pro- lemen oplossen
| Fol t Mogelijke oorzaak Voorstel tot oplossing | ||
| r et systeem start niet op. | L e stroomonderbre er voor de airconditioning is uit. | *cha el de stroomonderbre er van de airconditioning in op het display. |
| L e ' an/uit- nop is uitgescha eld op het display. | *cha el de " an/uit- nop op het display in. | |
| L e spanning op de voedings abel is niet hoog genoeg. | 0. bontroleer de spanning op de voedings abel.1. bontroleer de bedrading en lemmen op correct formaat en correcte verbindingen. aaadpleeg de installatiehandleiding die bij de airconditioning is geleverd.T. Mebrui een voltmeter om te controleren of de voeding gelij is bij de airconditioning en bij de voedingsbron. | |
| Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ' eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| r et systeem wordt uitgescha eld. | Rr is een harde 'out opgetreden in het systeem. | 0. bontroleer de 'outengeschiedenis. uie Obpleemoplos-sing op paginaWT.1. f olg de bijbehorende stappen voor probleemoplossing in dit gedeelte. |
| L e stroombron heeg geen stroom meer. | bontroleer of de voedingsbron stroom levert. | |
| Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ' eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| r et systeem reageert niet op de wijzigingen die op het dis-play worden ingevoerd. | Rr is een voedingsprobleem met het display? zoals een stroomonderbre ing? spannings'reeuentieschommeling? ele - tromagnetische inter'erentie van andere apparatuur of een soortgelij probleem. | 0. *cha el rachtige ele tronica in de buurt van het display uit of plaats deze uit de buurt van het display.1. f erwissel de bestaande display abel voor een a'ge-schermde abel.T. aaadpleeg een ge wali'iceerde onderhoudsmonteur als het probleem blijg bestaan. |
| r et display en de airconditioner zijn niet compatibel. | bontroleer of het display dat wordt gebruik t comparibel is met de airconditioning. | |
| r et display geeg niet de juiste ruimitetemperatuur weer. L e retourluchtsensor bevindt zich op een plaats waar hij de temperatuur in de passagiersruimte niet nauw eurig an me- ten. | L e zeewatertemperatuur is te hoog. | 0. Elaats de retourluchtsensor indien mogelijk op een betere plaats.1. Mebrui in het menu parameters de functie /alibratie bin-nentemperatuur om de luchtsensor te alibreren. |
| r et systeem blaast geen oude lucht. | L e zeewatertemperatuur is te hoog. | L e zeewatertemperatuur heeg rechtstree s invloed op de e'iciëntie van het apparaat, f oor optimale oeling moet de wa-tertemperatuur lager zijn dan YKlu] cTKqbd. |
| L e waterstroming is ontoerei end. | bontroleer of de watersstroming niet wordt belemmerd. | |
| r et systeem heeg oelmiddel verloren. | ' eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| L e modus op het display is niet ingesteld op oelen. | *cha el naar de /oelmodus. | |
| r et systeem blaast geen hete lucht. | L e zeewatertemperatuur is te laag. | L e zeewatertemperatuur heeg rechtstree s invloed op de e'iciëntie van het apparaat. Om het apparaat te laten verwarmen zals de optie voor omge eerde cyclus beschi baar is? moet de watertemperatuur UJ [k] dUqb4 o# hoger zijn. |
| L e om eer lep zit vast. | 0. L uw licht op de lep met een rubberen hamer terwijl het apparaat in de modus f erwarmen staat.1. aaadpleeg een ge wali'iceerde onderhoudsmonteur als het probleem blijg bestaan. | |
| L e ele trische hulpverwarming is ingescha eld maar niet aan-gesloten. | 0. *cha el in het menu Parameters de optie voor de ele tri-sche hulpverwarming uit.1. bontroleer of de onderbre er voor de hulpverwarming ingescha eld is. | |
| L e modus is niet ingesteld op verwarmen op het display. | *cha el naar de modus f erwarmen. | |
| r et systeem heeg oelmiddel verloren. | ' eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| L e luchtstroom in het systeem is ontoerei end. L e luchtstroom is geblo eerd o# beper t. | 0. f erwijder eventuele blo eringen in de retourlucht-stroom.1. aeinig het retourluchtälter en -rooster.T. bontroleer de buisleidingen op neuzingen en blo erin-gen. | |
| Fol t Mogeliske oorzaak Voorstel tot oplossing | ||
| Buisleidingen moeten zo rechte e/ten en zo goed ondersteund als mogelijk worden gemonteerd. | ||
| r et systeem draait in beper te modus om abnormale bedrij's-omstandigheden op te vangen die worden veroorzaa r door omgevingsactoren zoals de zeewatertemperatuur? lading enz. | bontroleer in het menu Dobreemoplossing de systeenstatus voor de bedrij'smodus. * Is het systeem normaal bedrij niet binnen een uur an hervatten wordt een alarm in de beper te modus naar het display gestuurd totdat normaal bedrij an worden hervat. | |
| L e compressor stopt niet. | L e compressortechnologie met variabel toerental vertraagr maar stopt niet tenzij het temperatuurinstelwaarde met j 'V cb c' ol wordt overschreden. | *tel de temperatuurinstelwaarde in o'gebruï de "an uit-nop op het display om het systeem handmatig uit te scha e- len. |
| Ren ele trisch onderdeel is deect. | * eem contact op met een ge wallïceerde onderhoudsmon-teur. | |
| L e ventilator blaast niet o' stopt niet met blazen. | L e bedrij'smodus van de ventilator is ingesteld op cyclisch o/ continu. | *tel in het menu Parameters de bedrij'smodus van de ventila- tor in op de gewenste instelling. |
| Ren ele trisch onderdeel is deect. | * eem contact op met een ge wallïceerde onderhoudsmon-teur. | |
| r et moduspictogram nippert. | L e compressor is uitgescha eld omdat de modus is gewij-zigd. | L e compressor scha elt drie minuten na de moduswijziging weer in. |
| L e compressor is uitgescha eld omdat de doeltemperatuur J 'V qo q' ol 'meer is overschreden. | L e compressor scha elt in zodra de temperatuur in de passa-giersruimte de instelwaarde niet meer overschrijdt. | |
| L e 'literwaarschuwing wordt weergegeven. L e timerinstelling voor reinigen o' vervangen van het luchtil- ter is berei t. | 0, r et lucht'ilter reinigen o' vervangen.1. Mebrui in het menu Parameter de functie aeset 'filteruren om de timer te resetten. | |
| Fault: Return Air Sensor Failure Ren ele trische aansluiting o' onderdeel is deect. | * eem contact op met een ge wallïceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Suction Temp Sensor Failure Ren ele trische aansluiting o' onderdeel is deect. | * eem contact op met een ge wallïceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Discharge Pressure Transducer Fai-lure | Ren ele trisch onderdeel is deect. | * eem contact op met een ge wallïceerde onderhoudsmon-teur. |
| Fault: High Discharge Pressure | L e zeewaterstroom wordt beper to' geblo eerd. | 0. bontroleer of de zeewater raan open is en o' er water naar de pomp stroomt1. eeinig de zeewaterzee2.T. bontroleer o' uit de buitenboord-uitlaat een ster e' con-stante waterstraal stroomt. |
| L e zeewaterpomp is mogelijk luchtvergrendeld. | 0. bontroleer of de zeewaterleidingen zijn geinstalleerd vol-gens de instructies in de installatiehandleiding die bij de airconditioning is geleverd.1. f erwijder de slang van de pompuitlaat om lucht uit de lei-ding te laten en sluit de slang vervolgens weer aan. | |
| L e zeewaterpomp draait niet. | 0. uorg ervoor dat de pomp niet beschadigd raa t door drooglopen.1. bontroleer of de pomp spanning ontvangt.T. bontroleer o' er veel water uit de overloop stroomt. | |
| L e spoel van de condensator is vuil. | aeinig de spoel van de condensator. | |
| L e temperatuur van het zeewater is te hoog tijdens de verwar-mingsmodus. | L e zeewatertemperatuur heeg rechtstree s invloed op de eï-ciëntie van het apparaat. Om het apparaat te laten verwarmen als de optie voor omge eerde cyclus beschi baar is? moet de watertemperatuur lager zijn dan VKqj cXlebc. | |
| Rr is onvoldoende retourluchtstroom. | 0. f erwijder eventuele blo eringen in de retourlucht-stroom.1. eeinig het luchalter en -rooster.T. bontroleer de buisleidingen op neuzingen en blo erin-gen.Buisleidingen moeten zo rechte e/ten en zo goed onder-steund als mogelijk worden gemonteerd. | |
| Fault: Low Suction Pressure | L e retourluchtdru is te laag tijdens het oelen. | L e omgevingstemperatuur heeg rechtstree s invloed op de eïciëntie van het apparaat. f oor de beste oeling moet de luchttemperatuur VKqj cX qo# hoger zijn. |
| L e retourlucht is beper to' geblo eerd. | 0. f erwijder eventuele blo eringen in de retourlucht-stroom.1. eeinig o' vervang het luchalter en -rooster. | |
| Fol t Mogelijke oorzaak Voorstel tot oplossing | ||
| L e temperatuur van het zeewater is te laag tijdens de verwar-mingsmodus. | L e zeewatertemperatuur heeg rechtstree s invloed op de eif-ciëntie van het apparaat. Om het apparaat te laten verwarmen tals de optie voor omge eerste cyclus beschi baar isb moet de watertemperatuur UJ [o] Ujbol of hoger zijn. | |
| r et systeem heeg oelmiddel verloren | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Compressor Start Failure | L e voedingsspanning is te laag. | 0. bontroleer of de spanning bij de voedingsbron juist is.1. aadpleeg een ge wali'iceerde onderhoudsmonteur als het probleem blijg bestaan. |
| Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Low Superheat Ren ventilator of eSpansie lep heeg een storing. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Low Suction Temperature Ren ventilator of eSpansie lep heeg een storing. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Clock Board Fault or Not Connected Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: AC Low Voltage Le voedingsspanning is te laag. | 0. bontroleer of de spanning bij de voedingsbron juist is.1. aadpleeg een ge wali'iceerde onderhoudsmonteur als het probleem blijg bestaan. | |
| Fault: AC High Voltage Le voedingsspanning is te hoog. | 0. bontroleer of de spanning bij de voedingsbron juist is.1. aadpleeg een ge wali'iceerde onderhoudsmonteur als het probleem blijg bestaan. | |
| Fault: Communication Loss | Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. |
| *toring door ele trische ruis. | uorg ervoor dat de communicatie abels en connectoren zich niet in de buurt van stroom abels of grote ele trische apparatuur bevinden. | |
| Fault: Overcurrent Alarm Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: High VFD Temperature | L e luchtstroom wordt beper t door een object in het lucht-stroompad. | f erwijder de obstructie van de oelluchtstroom voor het warmtelichaam. |
| L e oelventilator wer t niet naar behoren. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Fan Fault Ren ele trisch onderdeel is de'ect. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
| Fault: Low Refrigerant Ren mechanische interlace is de'ect en er is oelmiddel verlo-ren. | ‘ eem contact op met een ge wali'iceerde onderhoudsmon-teur. | |
c Barantie
uie onderstaande paragrafen voor informatie over garantie en ondersteuning in de f *p banada en alle andere regiols.
A! stralië en Nie! 4 -Zeeland
Beper te garantie beschi baar op endometic.com/bineDb. Mocht u vragen hebben of een gratis opie van de beper te garantie willen ver rijgen? neem dan contact op met:
Onze producten worden geleverd met garanties die niet unnen worden uitgesloten onder de ustralische bonsumentenwet. . hebt recht op een vervanging o/ vergoeding voor ernstig talen en op compensatie voor el ander redelij erwijs te voorzien verlies o/ schade. . hebt bovendien recht op reparatie o/ vervanging van de producten indien de producten niet van acceptabele waliteit zijn en de fout niet gelij staat aan ernstig talen. L e voordelen die deze garantie u als consument biedt? vormen een aanvulling op andere rechten en rechtsmiddelen waarover u rachtens de wet beschi t.
Alleen Nie! 4 -Zeeland
L it garantiebeleid is onderhevig aan de voorwaarden en garanties die verplicht zijn zoals geïmpliceerd door de Z et op bonsumentengaranties QYYTc' ud.
Lokale onderste! ning
to ale ondersteuning vindt u onder de volgende lin : dometic.com/dealer
Verenigde Staten en Canada
Beper te garantie beschi baar op er.dometic.com/boneRw.
Mocht u vragen hebben of een gratis opie van de beper te garantie willen ver rijgen ^3 neem dan contact op met:
DOMETIC CORPORATION
MARINE CUSTOMER SUPPORT CENTER
2000 NORTH ANDREWS AVENUE
POMPANO BEACH, FLORIDA, USA 33069
1-800-542-2477

Le Rngelse versie is rechtstree s te downloaden
L e wettelijk e garantieperiode is van toepassing. "Is het product de'ect isf neem dan contact op met de vestiging van de 'fabri ant in uw land czie dometic.com/dealer: o' uw ver oper.
* tuur voor de a'handeling van reparaties o: garantie de volgende documenten mee:
- Ren opie van de factuur met datum van aan oop
- Le reden voor de claim of een beschrijving van de tout
roud er re ening mee dat eigenmachtige of niet-professionele reparatie gevolgen voor de veiligheid an hebben en dat de garantie hierdoor an omen te vervallen.
1d Ver4 i6dering

Mooi het verpa ingsmateriaal indien mogelijk altijd in recyclinga/valba en. f raag het dichtsbijzijnde recyclingcentrum o' uw dealer naar informatie over hoe het product an worden weggegooid in overeenstemming met alle van toepassing zijnde nationale en lo ale regelgeving.
11 &e 'nis ' e gegevens
11.1 Displaya/metingen
In dit gedeelte vindt u de almetingen van het display.
| Breedte 8 oogte | ||
| *cherm met rand UPVYlin cGY mmd TFT0lin cXU mmd |
11.2 Compati- iliteit
L it display is compatibel met de Mf Nj -serie en alle eenheden die gebruik ma en van L Mtb-bedieningspanelen.
11.3 Bes 'ik- are modi en /! n ties
In dit gedeelte worden de beschi bare modi? functies en functies benoemd, aadpleeg het gedeelte Mebrui op pagina!VY voor meer informatie.
| Modi 5enmerken | |
| booleat"uto]an only | Rco-modus calleen Mf Nj -seriel"tile modus calleen Mf Nj -seriel"Dlanner an ma'simaal vier programmais uitvoerenInstelbare differentiaalinstellingen voor instelwaardenInstelbare bedrij'stoerentallen voor de ventilator en pompInstelbare lage en hoge ventilatortoerentallen"ansluiting/regeling ele trische hulpverwarming"utomatische detectie/beheer van stroombronnenjonetoewijzingrenteller/meldingen filterRenheden weergeven in Britse o' metrische maten"chemvergrendelingIndicator actie alarm |
11.4 Spe i/i aties
In dit hoo#dstu worden de bedrijsspeci[ caties van het display vermeld.
| Bedrijjsberei omgevingstemperatuur j [q] cv | OXIqb:w OMYVla] oXI qbd |
| MaSimale ah-voorwaarden YYlx f niet-condenserend | |
| Insteltemperatuurberei VK[q] dOXqbdw XKla] d Yqbd | |
| Z eergaveberei omgevingstemperatuur Kla] cv | OKIqb:w CTI la] dKVqbd |
| *ensornauw eurigheid ± I [q] at WW[q] c± TXla] cQqbd at WWlc] cl Klaqbc | |
| Nype voedingsspanning Qlf | == |





















