CSE2600 - Zaag SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CSE2600 SCHEPPACH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CSE2600 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CSE2600 van het merk SCHEPPACH.
GEBRUIKSAANWIJZING CSE2600 SCHEPPACH
Elektrische kettingzaag Vertaling van de originele gebruikshandleiding
Verklaring van de symbolen op het product Let op! Bij het niet in acht nemen, bestaat levensgevaar, gevaar voor letsel of beschadiging aan het werktuig. Lees voorafgaand aan de ingebruikname de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften! Draag altijd een veiligheidsbril, gehoorbescherming en een veiligheidshelm. Draag altijd veiligheidshandschoenen bij het gebruik van het product. Draag altijd snijbestendige veiligheidsschoenen met een antislipzool , als u het product gebruikt. Het is belangrijk beschermende kleding te dragen voor voeten, benen, handen en onderarmen. WAARSCHUWING! Gevaar voor terugslag. Pas op voor de terugslag van de kettingzaag en voorkom contact met het uiteinde van het zaagblad. Bedien de kettingzaag altijd met beide handen tegelijk. Werk niet met maar één hand aan de kettingzaag. Gegarandeerd geluidsvermogensniveau van het product Als het netsnoer beschadigd of gescheurd is, moet deze direct van de stroomvoorziening worden losgekoppeld.www.scheppach.com
Het product mag niet bij regen of in vochtige omgevingen worden gebruikt. Beschermingsklasse II (dubbel geïsoleerd) Aan/uit-schakelaar looprichting kettingspanning Montagerichting van de zaagketting Kettingrem AAN/UIT Vulopening voor kettingolie Gewicht Lengte kettingzwaard Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. Het product voldoet aan de geldende Servische richtlijnen.www.scheppach.com
GEVAAR Signaalwoord voor aanduiding van een direct aanwezige, gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, de dood of ernstige verwondingen tot gevolgd heeft. WAARSCHUWING Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot de dood of ernstige verwondingen kan leiden. VOORZICHTIG Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot geringe of matige verwondingen kan leiden. LET OP Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigen- dommen tot gevolg kan hebben. AANWIJZING Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigen- dommen tot gevolg kan hebben. LET OP! Lees deze gebruikshandleiding voorafgaand aan het eerste gebruik grondig door en volg altijd de veiligheidsvoorschriften! Het wordt aanbevolen een professionele veiligheidscursus „Motorkettingzaag cursus“ te volgen met een landspecieke opleidingsnorm over het gebruik, het onderhoud van de kettingzaag en een EHBO-cursus. Als u de kettingzaag gedurende langere tijd niet gebruikt en om te oefenen, dient u voor aanvang altijd een aantal eenvoudige zaagsnedes in veilig ondersteund hout te maken om weer vertrouwd te raken met de kettingzaag. Bewaar de gebruikshandleiding zorgvuldig! Aanwijzing: Houd er rekening mee dat sommige nationale voorschriften, bijv. inzake gezondheid en veiligheid op het werk, milieu, het gebruik van de kettingzaag kunnen beperken.www.scheppach.com
Inhoudsopgave: Pagina:
10. Aanwijzingen voor het werk ....................................................... 87
Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding en de veiligheidsvoorschriften.
7. Zwaard (geleidingsrail)
13. Aan-/uit-schakelaar
- Zwaard (kettinggeleider)
- Beschermhoes voor zwaard
De kettingzaag mag uitsluitend worden gebruikt om hout in de buitenlucht mee te zagen. Voor andere doeleinden mag de kettingzaag niet worden gebruikt. Gebruik de kettingzaag niet voor werkzaamheden waarvoor deze niet geschikt is. Voorbeeld: Gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van metaal, kunst- stof, metselwerk of bouwmaterialen die niet van hout zijn. Het product mag uitsluitend voor het beoogde doel worden gebruikt. Elk ander of verdergaand gebruik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/bediener en niet de fabrikant is aansprakelijk voor ontstane schade of elke vorm van letsel. Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de ge- bruikshandleiding maken deel uit van het beoogd gebruik. Personen die het product gebruiken of onderhoud aan het product verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren.
Fabrikant: Scheppach GmbH Günzburger Straße 69 D-89335 Ichenhausen Geachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. Advies:
- Volgens de van toepassing zijnde wet voor produc- taansprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:
- Niet-naleving van de gebruiksinstructies,
- Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werklui,
- Installatie en vervanging van niet-originele reser- veonderdelen,
- Ongepast gebruik, falen van het elektronisch sys- teem ten gevolge van niet-naleving van de elek- trische specicaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften. Aanbevelingen: Lees de volledige handleiding voor de montage en besturing van het apparaat. Deze handleiding is bedoeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te maken voor u en om ver- trouwd te geraken met het gebruik van het apparaat. De handleiding bevat belangrijke nota’s over hoe veilig, goed en economisch gebruik te maken van uw apparaat, en over hoe u gevaar kan vermijden, reparatiekosten kann besparen, downtime kan ver- minderen en de betrouwbaarheid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheidsvoorschriften in deze hand- leiding, moet u ook voldoen aan de geldende voor- schriften van uw land in verband met het gebruik van het apparaat. Plaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plas- tic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en bewaar ze in de nabijheid van het apparaat. De instructies moeten gelezen en nauw gevolgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken. Enkel getrainde personen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijke gevaren en risico’s mogen het apparaat gebruiken. De vereiste minimumleeftijd moet worden voldaan. Als aanvulling op de veiligheidsvoorschriften in de- ze handleiding en de speciale voorschriften van uw land, moeten ook de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtverwerkende appa- raten in acht genomen worden.www.scheppach.com
b. Let op dat u geen fysiek contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radiato- ren, elektrische haarden, koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. c. Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elek- trische schok. d. Gebruik het netsnoer niet om het elektrische gereedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het netsnoer uit de buurt van hitte, scher- pe randen of bewegende delen. Beschadigde of opgewikkelde snoeren verhogen het risico op een elektrische schok. e. Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een ver- lengsnoer dat ook geschikt is voor gebruik bui- tenshuis. De toepassing van een voor buitenshuis gebruik geschikt verlengsnoer vermindert het risico op een elektrische schok. f. Als het gebruik van het elektrische gereed- schap in een vochtige omgeving niet kan wor- den vermeden, gebruik dan een aardlekscha- kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok.
3. Veiligheid van personen
a. Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werkzaamhe- den met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van onachtzaam- heid bij gebruik van het elektrische gereedschap kan leiden tot ernstig letsel b. Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een vei- ligheidshelm of gehoorbescherming, al naar ge- lang het soort gereedschap en de toepassing er- van, verkleint het risico op verwondingen. c. Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Con- troleer of het elektrisch gereedschap is uitge- schakeld voordat u het op de stroomvoorzie- ning en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schake- laar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden. d. Verwijder instelgereedschap of de moersleutel, voordat u het elektrische gereedschap inscha- kelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel van het elektrische gereed- schap bevindt, kan verwondingen veroorzaken. Bovendien moeten de van kracht zijnde voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden nage- leefd. Andere algemene arbo-, gezondheids- en veilig- heidsvoorschriften moeten in acht worden genomen. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan het product worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade. Let erop dat onze producten volgens het beoogd ge- bruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industri- ele toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het product in bedrijfsmati- ge, ambachtelijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden worden ingezet.
5. Veiligheidsvoorschriften
Algemene veiligheidsinstructies voor elektrisch gereedschap m WAARSCHUWING Lees alle veiligheidsvoorschriften, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens, waarmee dit elektrisch apparaat is voorzien. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaande aanwijzin- gen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij- zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip „Elektrisch gereedschap“ is van toepassing op netge- voed elektrisch gereedschap (met netsnoer) en op ac- cugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer).
1. Veiligheid op de werkplek
a. Houd uw werkomgeving schoon en goed ver- licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen leiden tot ongevallen. b. Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeistoen, gas of stof bevinden. Elektrisch apparaat produceert vonken, waardoor stof of dampen kunnen ontbranden. c. Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische ge- reedschap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen.
2. Elektrische veiligheid
a. De aansluitstekker van het elektrische gereed- schap moet in het stopcontact passen. De stek- ker mag op geen enkele wijze worden gewij- zigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok.www.scheppach.com
f. Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorg- vuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden klemt minder snel vast en is makkelijker te gebruiken. g. Gebruik elektrische apparaten, inzetstuk, in- zetstukken etc. overeenkomstig deze aanwij- zingen. Houd daarbij rekening met de omstan- digheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elek- trisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot gevaar- lijke situaties. h. Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greepoppervlakken glad zijn, kan het elektrisch ge- reedschap in onvoorziene situaties niet veilig be- diend en onder controle gehouden worden.
a. Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd deskundig personeel re- pareren met uitsluitend originele reserveon- derdelen. Hiermee wordt de veiligheid van het elektrische gereedschap gewaarborgd. m WAARSCHUWING! Dit elektrisch apparaat gene- reert een elektromagnetisch veld als het is ingescha- keld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische im- plantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische im- plantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elek- trische apparaat wordt gebruikt. Trilling m WAARSCHUWING! Het witte vinger syndroom is een vaatziekte waarbij kleine bloedvaten in de vingers en tenen acuut verkrampen. Symptomen zijn onder andere: Ongevoeligheid, verlies van gevoeligheid, tintelingen, jeuk, pijn, verlies van kracht, verandering van kleur of conditie van de huid. De desbetreende lichaamsdelen worden dan niet meer voldoende van bloed voorzien waardoor ze een bleke kleur krijgen. Het frequente gebruik van trillende apparaten kan zenuwbeschadigingen veroorzaken bij personen met een verminderde doorbloeding (bijv. rokers, diabeti- ci). Als u ongewone beperkingen bespeurt, stopt u direct de werkzaamheden en raadpleegt u een arts. Voor langdurige en regelmatige gebruikers is het daarom aan te bevelen de conditie van handen en vingers goed in de gaten te houden. Neem de volgen- de aanwijzingen in acht om de risico‘s te beperken:
- Houd uw lichaam warm, vooral uw handen, met name bij koel weer.
- Las regelmatig pauzes in en beweeg hierbij de han- den om de doorbloeding te bevorderen. e. Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f. Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kle- ding of sieraden. Houd haren, kleding en hand- schoenen uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kun- nen worden vastgegrepen door bewegende delen. g. Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kunnen worden gemonteerd, moeten deze worden aan- gesloten en juist worden toegepast. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof vermin- deren. h. Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in een fractie van een seconde tot ernstige verwondingen leiden.
4. Gebruik en behandeling van het elektrische
gereedschap a. Zorg dat het elektrische gereedschap niet over- belast raakt. Gebruik voor de werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereed- schap. Met het juiste elektrische apparaat werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbe- reik. b. Gebruik geen elektrisch apparaat, waarvan de schakelaar defect is. Een elektrisch gereed- schap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan wor- den, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c. Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver- wijder de uitneembare accu voordat u de appa- raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor- zorgsmaatregel voorkomt dat het elektrische ge- reedschap per ongeluk wordt gestart. d. Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten buiten bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk als ze door onervaren personen worden gebruikt. e. Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische apparaten en inzetstukken. Controleer of be- wegende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel on- gevallen ontstaan door slecht onderhouden elektri- sche apparaten.www.scheppach.com
c) Houd de kettingzaag alleen aan de geïsoleer- de handgrepen vast, omdat de zaagketting of de eigen netkabel in aanraking kan komen met verborgen stroomleidingen. Als de zaag- ketting in contact komt met een onder spanning staande kabel, kunnen de metalen onderdelen van het apparaat onder spanning komen te staan en elektrische schokken veroorzaken. d) Draag oogbescherming. Overige bescher- mende uitrusting voor gehoor, hoofd, han- den, benen en voeten wordt geadviseerd. De juiste beschermende kleding vermindert het ge- vaar voor letsel door rondvliegende spaanders en onvoorzien contact met de zaagketting. e) Werk met de kettingzaag niet in een boom, een ladder of op een dak of een onstabiele standplaats. Bij gebruik op een dergelijke wijze bestaat ernstig gevaar voor letsel. f) Neem altijd een stevige stabiele stand in en gebruik de kettingzaag uitsluitend als u op een stevige, veilige en vlakke grond staat. Een gladde of een onstabiele ondergrond kan leiden tot evenwichtsverlies of verlies van de controle over de kettingzaag. g) Let er tijdens het zagen op dat een onder spanning staande tak, zal terugveren. Als de spanning in de houtvezels vrijkomt, kan de onder spanning staande tak de gebruiker raken en/of de controle over de kettingzaag laten verliezen. h) Wees met name voorzichtig bij het zagen van kreupelhout en jonge boompjes. Het dunne materiaal kan in de zaagketting verstrikt raken en op u slaan of u uit evenwicht brengen.
i) Draag de kettingzaag aan de voorste greep in
uitgeschakelde toestand, de zaagketting van het lichaam afgekeerd. Bij het transport of de opslag van de kettingzaag altijd de bescher- mende afdekking eroverheen trekken. Zorg- vuldige omgang met de kettingzaag beperkt de waarschijnlijkheid op een onvoorzien aanraken met de draaiende zaagketting. j) Neem de aanwijzingen inzake het smeren, de kettingspanning en het verwisselen van ge- leidebladen in acht. Een ondeskundig gespan- nen of gesmeerde ketting kan breken of meer kans op terugslag opleveren. k) Alleen hout zagen. Gebruik de kettingzaag niet voor werkzaamheden waarvoor deze niet geschikt is. Voorbeeld: Gebruik de ket- tingzaag niet voor het zagen van metaal, kunststof, metselwerk of bouwmaterialen die niet van hout zijn. Het gebruik van de ketting- zaag voor andere toepassingen dan het beoog- de gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. l) Probeer geen boom te kappen, voordat u dui- delijk begrip hebt van risico‘s en de preventie hiervan. De gebruiker of andere personen kunnen door een vallende boom ernstig letsel oplopen.
- Beperk het gebruik van gereedschap met hoge trillingen per dag en verdeel het over meerdere dagen. Maak een werkschema dat de blootstelling aan trillingen beperkt.
- Houd de trillingen van het apparaat zo laag moge- lijk door regelmatig onderhoud en vaste onderde- len op het apparaat. Vervang versleten componen- ten onmiddellijk.
- Wissel regelmatig van werkpositie.
- Als de machine vaak wordt gebruikt, moet u con- tact opnemen met uw leverancier en eventueel an- titrilingsaccessoires (grepen) aanschaen. Veiligheidsvoorzieningen voor kettingzagen
- De voorste handbescherming beschermt de lin- kerhand van de gebruiker als deze van de voorste handgreep wegglijdt terwijl de kettingzaag loopt.
- De achterste handbescherming beschermt de rech- terhand tegen contact met een gevallen of gebroken zaagketting.
- De kettingrem is een veiligheidsfunctie om letsel te beperken als gevolg van terugslagen, doordat een draaiende zaagketting in milliseconden kan worden gestopt. Deze wordt door de voorste handbescher- ming bij terugslag geactiveerd.
- De inschakelblokkering voorkomt een onvoorziene ac- celeratie van de motor. De gashendel kan alleen wor- den ingedrukt, als de inschakelblokkering is ingedrukt.
- De klauwaanslag ondersteunt de kettingzaag op het hout tijdens het werk. Werk nooit zonder klauwaan- slag, de kettingzaag kan de bediener naar voren trekken. Gebruik de klauwaanslag voor het zagen van boomstammen of dikke takken. Het gebruik van de klauwaanslag verhoogt de arbeidsveiligheid, ver- mindert de persoonlijke belasting tijdens het werk en vermindert ook de trillingen. Bij gebruik van de ket- tingzaag moet de klauwaanslag altijd op de boom- stam worden aangebracht. Druk met de achterste handgreep de klauwaanslag tegen de boomstam. Om te snijden duwt u de voorste handgreep naar de snijlijn. Het is mogelijk dat de klauwaanslag moet worden verplaatst voor verder snijden. Algemene veiligheidsvoorschriften voor ketting- zagen a) Houd u bij een draaiende zaag alle lichaams- delen uit de buurt van de zaagketting. Contro- leer voor het starten van de zaag of de zaag- ketting niets raakt. Tijdens werkzaamheden met een kettingzaag kan een moment onoplettend- heid er toe leiden dat bekleding of lichaamsdelen door de zaagketting worden vastgegrepen. b) Houd de kettingzaag altijd vast met uw rech- terhand op de achterste greep en uw linker- hand op de voorste handgreep. Het vast- houden van de kettingzaag in een omgekeerde werkpositie verhoogt het risico op letsel en mag nooit worden toegepast.www.scheppach.com
- Volg zorgvuldig de onderhouds-, controle- en ser- vice-instructies in deze gebruiksaanwijzing op.
- Beschadigde beschermingsvoorzieningen en on- derdelen moeten vakkundig door ons service-cen- ter worden gerepareerd of vervangen, tenzij anders vermeld in de gebruiksaanwijzing.
- Voordat u met de elektrokettingzaag begint te wer- ken, maak u goed vertrouwd met alle bediendelen. Oefen de omgang met de zaag (rondhout op een zaagblok op maat snijden) en laat u zich functie, werking, zaagtechnieken en personenbescher- mingsuitrusting door een ervaren gebruiker of des- kundige uitleggen.
6. Technische gegevens
Snijgegevens kettingzaag Snijlengte 44 cm Zwaardlengte 45,5 cm Olietankcapaciteit 0,2 l Type olie Slijtvaste olie Zaagkettingafdeling 3/8" Schakel de linkdikte 1,27 mm Zaagketting type 3/8,050x62DL Tandhoogte van de aandrijving 7 x 9,525 Tandwielaandrijving tandwiel 3/8" Kettingrem en Gids bar type AP18-62-507P Aandrijving Motor 230-240 V ~ / 50 Hz Maximaal nominaal nettovermogen 2400 W Snijsnelheid max. 15 m/s Gewicht 5,5 kg Gewicht zonder ketting en zwaard 4,3 kg Technische wijzigingen voorbehouden! Informatie over de geluidsontwikkeling volgens de re- levante normen gemeten: Geluidsdruk L
2,36 dB Gegarandeerd geluidsvermogensniveau
107 dB Draag gehoorbescherming. De blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies veroor- zaken. Vibratie A
(handgreep voor) 6,02 m/s
Oorzaken en vermijding van terugslag Opgepast terugslag!
- Terugslag kan zich voordoen wanneer het uiteinde van de geleiderail een voorwerp raakt of wanneer het hout kromt en de kettingzaag in de snede vastklemt.
- Een aanraking met het uiteinde van de rail kan in sommige gevallen tot een onverwachte, achter- waarts gerichte reactie leiden, waarbij de geleide- rail opwaarts en in de richting van de met de bedie- ning belaste persoon geslagen wordt.
- Het vastzitten van de kettingzaag aan de boven- kant van de geleiderail kan de rail fel in de richting van de operator terugstoten.
- Iedere van deze reacties kan ertoe leiden dat u de controle over de zaag verliest en u zich mogelijkerwijs ernstig verwondt. Vertrouw niet uitsluitend op de in de kettingzaag ingebouwde veiligheidsvoorzieningen.
- Als gebruiker van een kettingzaag dient u verschil- lende maatregelen te treen om vrij van gevaar voor ongevallen en verwondingen te kunnen werken. Een terugslag is het gevolg van een verkeerd of ont- brekend gebruik van het elektrische gereedschap. De terugslag kan door gepaste voorzorgsmaatregelen, zoals hierna beschreven, verkomen worden:
- Houd de zaag met beide handen vast, waarbij duim en vinger de handgrepen van de kettingzaag om- sluiten (afb. L). Breng uw lichaam en armen in een positie, waarin u tegen de terugslagkrachten be- stand kunt zijn.
- Als er gepaste maatregelen getroen worden, kan de met de bediening belaste persoon de terugslag- krachten meester zijn. Noot de kettingzaag losla- ten.
- Vermijd een abnormale lichaamshouding en zaag niet boven schouderhoogte.
- Daardoor wordt een onopzettelijk contact met het uiteinde van de rail vermeden en een betere con- trole van de kettingzaag in onverwachte situaties mogelijk gemaakt.
- Gebruik steeds door de fabrikant voorgeschreven reserverails en zaagkettingen.
- Verkeerde reserverails en zaagkettingen kunnen tot een scheur van de ketting en/of tot een terug- slag leiden.
- Houd u aan de aanwijzingen vanwege de fabrikant voor het scherpen en het onderhouden van de zaagketting.
- Te lage dieptebeperkers verhogen de neiging om terug te keren. Aanvullende veiligheidsinstructies
- Wanneer de netaansluitleiding van dit apparaat beschadigd raakt, moet zij worden vervangen door een speciale aansluitleiding, die verkrijgbaar is bij de fabrikant of bij uw klantenservice.
- Gebruik een aardlekschakelaar met een uitscha- kelstroom van 30 mA of minder.www.scheppach.com
De kettingzaag is voorzien van een onderspannings- schakelaar. Het werkt alleen als u de inschakelver- grendeling (11) en de aan / uit-schakelaar (13) tegelij- kertijd met één hand indrukt. Wanneer de kettingzaag niet draait, moet de ketting- rem met de voorste handbescherming (3) worden vrijgegeven. Montage Geleidingsrail en ketting aanbrengen (afb. 1, 2, 3). Waarschuwing: wanneer de zaag reeds is aan- gesloten aan de stroomverzorging: altijd eerst het apparaat loskoppelen van het stroomnet. Bij alle werkzaamheden met/aan de zaag beschermhand- schoenen dragen. Belangrijke opmerking: De voorste handbescherming (3) moet altijd in de bovenste (verticale) positie zijn (afb. 5). Het zaagblad en de zaagketting worden apart gele- verd, dus niet gemonteerd. Draai bij de montage eerst de borgmoer / het SDS-systeem (5) los en verwijder vervolgens de kettingwieldeksel (6). De geleidepen (17) moet in het midden van de geleider zitten. Pas indien nodig de kettingspanning aan met de borgmoer / SDS-systeem (5) (afb. 3). Waarschuwing! Om letsel door de scherpe randen te voorkomen, moeten bij de montage, het spannen en controleren van de ketting altijd beschermhand- schoenen gedragen worden! Voor de montage van de geleidingsrail met de zaag- ketting de snijrichting van de tanden controleren! De looprichting wordt aangegeven door een pijl op het kettingwieldeksel (6). Om de richting van het snijden vast te leggen kan het nodig zijn de zaagketting (4) om te draaien. Houd de geleidingsrail (7) verticaal met de punt naar boven en breng de zaagketting (4) aan; begin aan het uiteinde van de geleidingsrail. Aansluitend wordt de ge- leidingsrail met de zaagketting als volgt gemonteerd:
- De geleidingsrail met de zaagketting aan het tand- wiel (16) en boutgeleider (17) aanbrengen.
- De zaagketting om het tandwiel (16) geleiden en controleren of zij correct ligt (zie afb. 3).
- Monteer de kettingwieldeksel (6) er bovenop en zet deze voorzichtig vast met de borgmoer (5). Nu moet de zaagketting nog juist worden gespannen. Zaagketting spannen Waarschuwing! Bij alle werkzaamheden aan de kettingzaag het appa- raat altijd van tevoren loskoppelen van het stroomnet! Bij alle werkzaamheden aan de ketting altijd be- schermhandschoenen dragen!
- De opgegeven totale trillingswaarde en de opge- geven geluidsemissiewaarde zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kunnen worden ge- bruikt om elektrische apparaten met elkaar te ver- gelijken.
- De opgegeven totale trillingswaarde en de opge- geven geluidsemissiewaarde kunnen ook worden gebruikt als eerste indicatie van de belasting. Waarschuwing:
- Afhankelijk van de manier, waarop het elektrische ge- reedschap gebruikt wordt, kan de trilingemissiewaar- de tijdens het eectieve gebruik van het elektrische gereedschap van de aangegeven waarde verschillen.
- De noodzaak bestaat, veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de operator vast te leggen, die op een inschatting van de blootstelling in de eectie- ve gebruiksomstandigheden gebaseerd zijn (hierbij moet er met alle aandelen van de bedrijfscyclus rekening gehouden worden, zo bijvoorbeeld met tijden, tijdens dewelke het elektrische gereedschap uitgeschakeld is, en tijden, tijdens dewelke het weliswaar ingeschakeld is, maar zonder belasting functioneert).
- Open de verpakking en haal het apparaat er voor- zichtig uit.
- Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).
- Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
- Controleer het apparaat en de hulpstukken op transportschade.
- Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd. m LET OP! Het apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met kunststof zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en ver- stikkingsgevaar!
8. Montage en bediening
Waarschuwing! Draag altijd een veiligheidsbril, oorkappen, veilig- heidshandschoenen en stevige werkkleding! De kettingzaag alleen gebruiken met goedgekeur- de verlengkabels (met rubberen ommanteling), de voorgeschreven sterkte en met voor het buitenbereik goedgekeurde aansluitingen, die bij de stekker van de zaag passen.www.scheppach.com
- De kettingrem (3) losmaken, de inschakelblokkering (11) drukken en de aan-/uit-schakelaar (13) drukken.
- De onderste klauw van de klauwaanslag (afb. 2, J) op het hout zetten. De kettingzaag aan de achter- ste handgreep (1) tillen en in het hout zagen. De kettingzaag iets naar achteren bewegen en dan de klauwaanslag iets dieper aanzetten.
- Wees voorzichtig met gespleten hout, omdat stuk- ken hout af kunnen breken. Let op! Na het inschakelen draait de kettingzaag onmiddellijk op volle snelheid. Uitzetten
- Voor het uitzetten moet de aan-/uit-schakelaar (13) aan de achterste handgreep worden losgemaakt.
- Bij het uitschakelen met de aan-/uit-schakelaar stopt de kettingzaag binnen 1 seconde, met hevige vonk- vorming. Dit is echter heel normaal, en het doet geen afbreuk aan de goede werking van de kettingzaag.
- Na het werk met de kettingzaag: altijd de zaagket- ting en het zwaard reinigen en de kettingbescher- ming weer aanbrengen.
- Bij het bedienen van de kettingrem wordt de ket- tingzaag onmiddellijk gedeactiveerd. Verklaring van de bedienings indicator (18) (afb. 2): Groene LED: De groene LED brandt wanneer het apparaat in ge- bruik is.
10. Aanwijzingen voor het werk
Vervoer van de kettingzaag Voordat de kettingzaag mag worden vervoerd, altijd de stekker uit het stopcontact trekken en de ketting- bescherming over de rail en ketting aanbrengen. Wanneer met de kettingzaag meerdere sneden die- nen te worden uitgevoerd, moet de zaag tussen de sneden worden uitgeschakeld. Verlengkabel Er mogen alleen verlengkabels worden gebruikt die voor buitenshuis gebruik zijn ontworpen. De ka- beldoorsnede (max. lengte van de verlengkabel: 75 m) moet minstens 2,5 mm² bedragen. De verlengkabel moet voor de veiligheid in een lus eindigen die door de trekontlasting aan de behuizing wordt gevoerd (afb. M). Verlengkabels van meer dan 30 m lengte hebben een nadelig eect op het vermogen van de kettingzaag.
- De zaagketting (4) moet per se in de geleidingsrail (7) liggen!
- Draai de borgmoer / het SDS-systeem (5) rechtsom (afb. 3) totdat de zaagketting goed gespannen is.
- De ketting mag niet te strak zijn gespannen. Bij koud weer moet het mogelijk zijn, de ketting in het midden van de geleidingsrail ongeveer 5 mm op te tillen.
- Bij warm weer breidt de ketting zich uit en zit dan soepeler. Hier bestaat dan het gevaar dat de ket- ting van de geleidingsrail aoopt.
- Daarom moet zij indien nodig op tijd worden vastgezet. Wanneer een verwarmde zaagketting werd vastge- zet, moet zij aan het einde van het werk weer los worden gemaakt. Anders zou de kettingspanning bij het afkoelen en het daarmee verbonden inkrim- pen van de zaagketting te groot worden.
- Een nieuwe zaagketting moet ongeveer 5 minuten inlopen. Hier is de smering van de ketting bijzon- ders belangrijk.
- Na het inlopen moet de kettingspanning worden gecontroleerd en indien nodig worden bijgesteld.
m Let op! Het apparaat moet voor de ingebruikname volledig zijn gemonteerd! De spanning en de aard van de stroomverzorging moe- ten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje. Voor aanvang van de werkzaamheden moet altijd de goede en veilige werking van de kettingzaag worden gecontroleerd. Controleer ook of de ketting goed gesmeerd wordt, en of het oliepeil voldoende hoog is (zie afb. 4). Wan- neer het oliepeil ongeveer 5 mm boven de onderste markering ligt, moet olie worden bijgevuld. Wanneer het oliepeil hoger is, kunt u beginnen te werken.
- De kettingzaag aanzetten en boven de grond hou- den. De kettingzaag mag de grond niet raken. Om veiligheidsredenen moet hier een minimale afstand van 20 cm in acht worden genomen. Wanneer u toenemende oliesporen ontdekt, betekent dit dat het smeersysteem voor de ketting goed werkt. Wan- neer u geen tekenen van olie kunt vaststellen, rei- nig eerst de olie-uitlaat (afb. 2, C) en de olieleiding. Raadpleeg indien nodig een gespecialiseerd bedrijf. (Lees voordat u dit doet de relevante instructies in het hoofdstuk „Kettingsmeermiddel bijvullen“).
- Controleer ook indien nodig de kettingspanning en de speling (zie paragraaf „Zaagketting spannen“).
- Controleer de goede werking van de kettingrem (zie ook paragraaf „Kettingrem vrijgeven“).www.scheppach.com
Kettingrem vrijgeven (afb. 5) Om de zaag weer gebruiksklaar te maken, moet de blokkering van de zaagketting weer worden losge- maakt. Daarvoor eerst de kettingzaag uitschakelen. Dan de voorste handbescherming (3) in zijn verticale uitgangspositie terugklappen, totdat hij vastklikt (afb. 5, I). Daarmee is de kettingrem weer volledig functioneel. Bescherming van de kettingzaag De kettingzaag mag niet bij regen of onder vochtige omstandigheden worden gebruikt. Waarschuwing: Wanneer het verlengkabel bescha- digd is, onmiddellijk de stekker uit het stopcontact trekken. Er mag niet worden gewerkt met een be- schadigde kabel.
- Controleer de kettingzaag op schade. Voor herge- bruik van het apparaat de beschermvoorzieningen of eventuele licht beschadigde onderdelen zorgvuldig op hun perfecte en doelmatige functie controleren.
- Controleer de beweegbare onderdelen op goede werking.
- Alle onderdelen moeten juist zijn gemonteerd en aan alle voorwaarden voldoen, om de perfecte werking van de kettingzaag te garanderen.
- Beschadigde veiligheidsvoorzieningen en -onder- delen moeten door een gespecialiseerd bedrijf vol- gens de voorschriften worden gerepareerd of ver- vangen; tenzij andersluidende bepalingen kunnen worden gevonden in deze gebruiksaanwijzing. Informatie voor praktisch gebruik Terugslag U voorkomt zaagongelukken wanneer u niet met de punt van de geleidingsrail zaagt, omdat de zaag dan plotseling omhoog en terug kan slaan. Bij het werken met de zaag altijd de complete be- schermuitrusting en stevige werkkleding dragen. Een terugslag is een opwaartse en/of achterwaart- se beweging van de geleidingsrail, die optreden kan wanneer de zaagketting op het punt van het zwaard op een obstakel (voorwerp) stuit. Beveilig uw werkstuk altijd goed. Gebruik spanvoor- zieningen om het werkstuk vast te houden. Dit ver- gemakkelijkt de veilige bediening van de kettingzaag met beide handen. Een terugslag veroorzaakt een ongecontroleerd ge- drag van de zaag, dit gevaar bestaat bijzonders bij een soepele of stompe zaagketting. Een onvoldoen- de geslepen ketting verhoogt het terugslaggevaar. Nooit boven schouderhoogte zagen. Smeren van de ketting Ter bescherming tegen overmatige slijtage moe- ten zaagketting en geleidingsrail tijdens het gebruik gelijkmatig worden gesmeerd. De smering gebeurt automatisch. Nooit zonder kettingsmering werken. Wanneer de ketting droog loopt, wordt de gehele snij- voorziening binnen korte tijd sterk beschadigd. Daarom voor elk werkbegin de kettingsmering en het oliepeil controleren (afb. 4). De zaag niet in gebruik nemen wanneer het oliepeil onder de markering “Min.” ligt.
- Min.: Wanneer het oliepeil op de display (15) nog maar 5 mm boven de onderste markering ligt, moet olie worden bijgevuld.
- Max.: Met olie aanvullen tot de hoogste stand op de display (15) bereikt is. Kettingsmeermiddel De houdbaarheid van zaagketting en geleidings- rail wordt grotendeels ook bepaald door de kwaliteit van het gebruikte smeermiddel. Geen afgewerkte olie gebruiken! Alleen milieuvriendelijk smeermiddel gebruiken. Het kettingsmeermiddel mag alleen in opbergboxen worden bewaard die aan de relevante voorschriften voldoen. Zwaard Het zwaard (7) wordt bijzonders op de punt (neus) en beneden zwaar belast. Om een eenzijdige slijtage te vermijden, draai de geleidingsrail om wanneer u de ketting slijpt. Tandwiel Het tandwiel (16) wordt bijzonders hoog belast. Wan- neer u aan de tanden diepe slijtagesporen vindt, moet het tandwiel worden vervangen. Een versleten tand- wiel verkort de houdbaarheid van de zaagketting. Het vervangen van het tandwiel moet bij de vakhandel of door een gespecialiseerd bedrijf worden uitgevoerd. Kettingbescherming De kettingbescherming moet onmiddellijk na het ein- de van het werk en bij vervoer over de ketting en ge- leidingsrail worden aangebracht. Kettingrem Bij een terugslag van de zaag wordt de kettingrem in werking gesteld (3) over de voorste handbescher- ming (3). De voorste handbescherming (3) wordt met de handrug naar voren gedrukt. Daardoor wordt door de kettingrem de kettingzaag, ofwel de motor binnen 0,15 sec. tot stilstand gebracht. (afb. 5, H).www.scheppach.com
Bij het kappen van bomen is erop te letten dat an- dere personen niet worden blootgesteld aan gevaar, geen verzorgingsleidingen getroen en geen materi- ele schade veroorzaakt worden. Wanneer een boom in contact komt met een verzorgingsleiding, dan is het verzorgingsbedrijf onmiddellijk in te lichten. Let op vernielde en verrotte boomdelen. Wanneer de stam verrot is, kan hij plotseling breken en op u vallen. Zorg ervoor dat voldoende plaats voor de vallende boom voorhanden is. Houd een afstand van 2 1/2 boomleng- ten tot de volgende persoon ofwel andere objecten. Mo- torlawaai kan boven waarschuwroepen uitkomen. Verwijder vuil, stenen, losse schors, spijkers, nieten en draad van de zaagplek. Houd een vluchtweg vrij (afb. A) Voor het kappen dient een vluchtweg te worden ge- pland en indien nodig vrijgemaakt. De vluchtweg dient vanuit de verwachte vallijn schuin naar achteren weg te voeren (afb. A). Positie 1: Vluchtweg Positie 2: Richting van de val van de boom Kappen van grote bomen – alleen met dienover- eenkomstige opleiding (vanaf 15 cm doorsnede) Voor het kappen van grote bomen gebruikt men de ondersnijmethode. Daarbij wordt zijdelings een wig uit de boom gesneden, overeenkomstig de gewenste richting van de val. Nadat de valsnede aan de andere kant van de boom werd verricht, valt de boom in de richting van de wig. Let op: Wanneer de boom grote steunwortels ver- toont, dienen deze te worden verwijderd, voordat de kerf ingesneden wordt. Indien de zaag voor de ver- wijdering van de steunwortels gebruikt wordt, dient de zaagketting niet de grond te raken, zodat de ket- ting niet stomp wordt. Ondersnede en kappen van de boom (afb. B - C)
- Zaag loodrecht op de richting van de val een kerf met een diepte van 1/3 van de boomdoorsnede. Eerst de onderste horizontale kerfsnede (afb. B, pos. 1) doorvoeren. Daardoor wordt het inklemmen van de zaagketting of geleidingsrail bij het zetten van de tweede kerfsnede (afb. B, pos. 2) verme- den. Verwijder nu de uitgesneden wig.
- Aansluitend kunt u op de tegenoverliggende boom- kant de valsnede (afb. B, pos. 3) uitvoeren. Zet daarvoor ongeveer 5 cm boven het midden van de kerf aan. De valsnede parallel met de horizontale kerfsnede uitvoeren. De valsnede (pos. 3) maar zo diep inzagen, dat nog een verbindingsstuk (pos.
4) (valrand) staan blijft die als scharnier kan fun-
geren. Het verbindingsstuk voorkomt dat de boom draait en in de verkeerde richting valt. Zaag het verbindingsstuk niet door. Tips voor praktisch gebruik van de zaag Belangrijke instructies
- Gebruik het apparaat uitsluitend voor het zagen van hout. Bewerk geen metaal, plastic, muurwerk, bouwmateriaal dat niet uit hout bestaat enz.
- Zet de motor af wanneer de zaag in contact komt met een vreemd voorwerp. Controleer de zaag en repareer ze indien nodig.
- Bescherm de ketting tegen vuil en zand. Zelfs kleine hoeveelheden vuil kunnen de ketting snel afstompen en het risico op een terugslagreactie verhogen.
- Begin ter oefening met het zagen van kleinere boomstammen, om een gevoel voor uw apparaat te krijgen, voordat u moeilijkere taken aanpakt.
- Druk de behuizing van de kettingzaag tegen de boomstam, wanneer u met het zagen begint.
- Laat de zaag voor u werken. Oefen slechts lichte druk naar beneden uit.
- Om na de uittreding van de ketting uit het hout niet de controle over het apparaat te verliezen, dient u aan het einde van de snede geen druk op de zaag uit te oefenen. Bomen kappen – alleen met dienovereenkomsti- ge opleiding Let op!: Let op gebroken of afgestorven takken die tijdens het zagen naar beneden vallen en ernstig let- sel kunnen veroorzaken. Zaag niet in de buurt van gebouwen of stroomleidingen, als u niet weet in wel- ke richting de gekapte boom valt. Werk niet s‘ nachts, omdat u dan slechter ziet, of bij regen, sneeuw of storm, omdat de richting van de val van de boom on- voorspelbaar is.
- Plan uw werk met de kettingzaag vooruit.
- De werkomgeving om de boom dient vrij te zijn, zo- dat u een veilige stand heeft.
- Bij zaagwerkzaamheden op een helling dient de machinevoerder zich altijd op het hoger gelegen niveau van de werkomgeving op te houden, omdat de boom na het kappen vermoedelijk naar bene- den rolt ofwel glijdt.
- Let op afgebroken of dode takken die naar bene- den vallen en zwaar letsel veroorzaken kunnen. De volgende voorwaarden kunnen de richting van de val van een boom beïnvloeden:
- Windrichting en -snelheid.
- Neiging van de boom. De neiging is op grond van oneen of hellend terrein niet altijd herkenbaar. Bepaal de neiging van de boom met behulp van een lood of een waterpas.
- Takkengroei (en dus gewicht) aan slechts één kant.
- Omringende bomen of obstakels. Wordt door twee of meer personen tegelijk bijge- sneden en gekapt, dan dient de afstand tussen de kappende en bijsnijdende personen minstens de dubbele hoogte van de te kappen boom bedragen.www.scheppach.com
Bovensnede (afb. E, Pos. 1) Zet voor de bovensnede aan de bovenkant van de stam aan en houd daarbij de zaag tegen de stam. Oefen bij de bovensnede slechts lichte druk uit naar beneden. Ondersnede (afb. E, Pos. 2) Zet voor de ondersnede aan de onderkant van de stam aan en houd daarbij de bovenkant van de zaag tegen de stam. Oefen bij de ondersnede slechts lich- te spanning uit naar boven. Houd de zaag goed vast om het apparaat te kunnen controleren. De zaag drukt naar achteren (uw kant op). m Let op!: Houd de zaag voor een ondersnede nooit verkeerd om. In deze positie heeft u geen controle over het apparaat. Voer de eerste snede altijd uit op de compressiekant van de stam. De compressiekant van een stam is daar waar zich de druk van het stamgewicht concentreert. Stamsplitsing zonder steunen (afb. F)
- Wanneer de gehele lengte van de boomstam ge- lijkmatig ligt, wordt van bovenaf gezaagd (pos. 1).
- Let erop niet in de grond te zagen. Stamsplitsing eenzijdig liggend (afb. G)
- Wanneer de boomstam op één einde ligt, de eer- ste snede (pos. 1) van onderen zagen (1/3 van de stamdoorsnede), om splinteren te vermijden.
- De tweede snede van boven (2/3 doorsnede) op hoog- te van de eerste snede, om inklemmen te vermijden. Stamsplitsing tweezijdig liggend (afb. H)
- Wanneer de boomstam op beide einden ligt, de eerste snede (pos. 1) van bovenaf zagen (1/3 van de stamdoorsnede), om splinteren te vermijden.
- De tweede snede van beneden (2/3 doorsnede) op hoogte van de eerste snede, om inklemmen te vermijden. Snoeien en aftoppen Let op! Kijk altijd uit en bescherm uzelf tegen terugslag. De draaiende ketting op de punt van de geleidingsrail bij het snoeien of het aftoppen van takken nooit met andere takken of objecten in contact laten komen. Een dergelijk contact kan ernstig letsel veroorzaken. Let op! Stap voor het snoeien of aftoppen nooit in de boom. Ga niet op ladders, voetstukken enz. staan. U zou uw evenwicht en de controle over het apparaat kunnen verliezen. Belangrijke instructies
- Werk langzaam en houd de zaag met beide han- den vast. Let op een veilig staande positie en evenwicht.
- Let op terugschietende boomdelen. Wees bij het snij- den van kleine boomdelen extreem voorzichtig. Buig- zaam materiaal kan in de zaagketting vastraken en u tegemoet schieten of u uit het evenwicht brengen. Let op: Bij het naderen van de valsnede naar het verbindingsstuk dient de boom beginnen te vallen. Wanneer blijkt dat de boom mogelijk niet in de ge- wenste richting valt of terughelt en de zaagketting vastklemt, de valsnede onderbreken en voor de ope- ning van de snede en voor het vellen van de boom in de gewenste vallijn wiggen uit hout, kunststof of aluminium gebruiken. Wanneer de boom begint te vallen, de kettingzaag uit de snede halen, uitschakelen, aeggen en de ge- varenzone via de geplande vluchtweg verlaten. Op vallende takken letten en niet struikelen.
- Let op signalen die aantonen dat de boom begint te vallen: krakende geluiden, een groter wordende valsnede of bewegingen in de bovenste takken.
- Snijd geen deels gekapte bomen met uw zaag, om letsel te vermijden. Let bijzonders op deels ge- kapte bomen die niet gesteund zijn. Wanneer een boom niet helemaal valt, leg de zaag neer en ge- bruik een lier, een takel of een tractor als hulp. Zagen van een gekapte boom (stamsplitsing) De term “stamsplitsing” duidt op het splitsen van een ge- kapte boom in stammen met de telkens gewenste lengte. Let op!: Ga niet op de stam staan die u net snijdt. De stam zou kunnen wegrollen en u verliest uw stand en de controle over het apparaat. Voer de zaagwerk- zaamheden nooit op hellende grond uit. Let op uw veilige stand en de gelijkmatige verdeling van uw lichaamsgewicht op beide voeten. Indien mogelijk dient de stam door takken, balken of wiggen onder- steund en gesteund te worden. Belangrijke instructies
- Zaag altijd maar één stam of tak.
- Wees voorzichtig bij het snijden van gesplinterd hout. U zou door scherpe stukjes hout kunnen wor- den getroen.
- Snijd kleine stammen of takken op een zaagblok. Bij het snijden van stammen mag geen andere per- soon de stam vasthouden. Beveilig de stam ook niet met uw been of voet.
- Gebruik de zaag niet voor plekken, waarin stam- men, wortels en andere boomdelen met elkaar zijn verbonden. Trek de stammen naar een vrije plek en neem daarbij het eerst de vrijgelegde stammen. Verschillende sneden voor stamsplitsing (afb. D) Let op! Indien de zaag in een stam ingeklemd wordt, trek ze niet met geweld eruit. U kunt de controle over het apparaat verliezen en daarbij ernstig gewond ra- ken en/of de zaag beschadigen. Houd de zaag stil en drijf een wig van plastic of hout in de snede, totdat de zaag zich er gemakkelijk uit laat trekken. Zet de zaag weer aan en zet de snede voorzichtig weer aan. Start de zaag nooit wanneer ze is ingeklemd in een stam.www.scheppach.com
- Om beschadigingen en letsel te vermijden, moet het product tijdens het transport in voertuigen wor- den beveiligd tegen omvallen en wegglijden.
- Gebruik steeds de beschermkap van het geleide- blad voor transport.
- Schakel de kettingzaag vóór elk transport uit, ook bij korte afstanden. Beveilig de machine tegen omvallen tijdens transport (ook in voertuigen) om brandstofverlies, schade of letsel te voorkomen.
- Draag het apparaat alleen aan de voorste hand- greep. Het geleideblad wijst daarbij naar achteren, weg van uw lichaam.
Waarschuwing! Voor alle werkzaamheden aan de kettingzaag moet het apparaat van tevoren altijd wor- den losgekoppeld van de stroomverzorging!
- De ventilatiesleuven op de motorbehuizing altijd schoon en vrij houden. Alleen de in deze gebruiks- aanwijzing beschreven onderhoudswerkzaamhe- den mogen zelf worden uitgevoerd. Alle andere on- derhoudstaken moeten door onze klantenservice worden doorgevoerd.
- De zaag mag op geen enkele manier worden aan- gepast, omdat dan de veiligheid van het apparaat niet meer gewaarborgd is.
- Wanneer de kettingzaag ondanks zorgvuldige verzorging en onderhoud toch eenmaal niet goed werkt, laat deze a.u.b. door een gespecialiseerd bedrijf repareren. Kettingsmeerolie bijvullen De afsluitdop van de olietank (14) voor het openen reinigen, zodat geen vuil in de tank kan komen. Bij het werken met de zaag de inhoud van de olietank met behulp van de oliepeilindicator (15) controleren. De afsluitdop (14) daarna weer goed sluiten en eventueel gemorste olie afvegen. Zaagketting slijpen Uw zaagketting wordt bij de vakhandel snel en vak- kundig bijgeslepen. U verkrijgt bij de vakhandel ook voorzieningen voor het slijpen van de ketting, waar- mee u zelf uw zaagketting slijpen kunt. Let a.u.b. op de betreende gebruiksaanwijzing. Onderhoud uw apparatuur met zorg. Houd uw gereedschap scherp en schoon, om goed en veilig te kunnen werken. Leef de onderhoudsvoorschriften en de instructies voor het vervangen van gereedschap na. Service-informatie U moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen. Slijtstukken*: Zaagketting, Geleidingsrail, Kettings- meerolie, Koolborstels, Klauwaanslag
- Let op terugschietende boomdelen. Dit geldt bij- zonders voor gebogen of belaste takken. Vermijd met de tak of zaag in contact te komen, wanneer de spanning van het hout nageeft.
- Houd uw werkomgeving vrij. Ruim de weg vrij van takken om niet over ze te struikelen. Snoeien (afb. J)
- Snoeien betekent het afscheiden van de takken van de gekapte boom.
- Laat de grotere takken onder de gekapte boom lig- gen en gebruik ze als steun, terwijl u doorwerkt.
- Begin aan de voet van de gekapte boom en werk naar de punt toe. Verwijder kleinere boomdelen met een snede in de groeirichting (pijlen afb. J).
- Let daarbij op, de boom altijd tussen u en de zaag te laten.
- Verwijder grotere, steunende takken met de me- thodes in paragraaf “Stamsplitsing zonder steu- nen”.
- Takken die onder spanning staan, altijd van bene- den naar boven zagen om vastklemmen van de zaag te voorkomen.
- Verwijder kleine vrijhangende boomdelen altijd met een bovensnede. Door een ondersnede zouden ze in de zaag kunnen vallen ofwel deze inklemmen. Aftoppen (afb. I) Let op!: Top alleen takken af onder ofwel gelijk aan schouderhoogte. Snijd nooit takken boven schouder- hoogte. Laat zulke werkzaamheden over aan een deskundige.
- Snijd bij de eerste snede (pos. 1) 1/3 in het onder- ste takdeel.
- Snijd dan met de tweede snede (pos. 2) helemaal door de tak heen. De derde snede (pos. 3) is een bovensnede, waarmee u de tak tot op 2,5 tot 5 cm van de stam scheidt. Zagen op de helling (afb. K) Bij zaagwerkzaamheden op de helling steeds boven de boomstam staan (afb. K). Om op het moment van het „doorzagen“ de volle controle te behouden, tegen het einde van de snede de aanligdruk verlagen, zon- der de vaste greep aan de handgrepen van de ket- tingzaag los te maken. Let op! De zaagketting mag de grond niet raken. Na voltooiing van de snede de stilstand van de zaag- ketting afwachten, voordat men de kettingzaag daar verwijdert. De motor van de kettingzaag altijd afzet- ten voordat men van boom tot boom wisselt.
- Om het product te transporteren koppel het eerst los van het stopcontact en zet het vervolgens op de bestemde plaats.www.scheppach.com
Mogelijke oorzaken zijn:
- Versleten plekken, als aansluitkabels door ven- sterof deuropeningen worden geleid.
- Knikken door een onvakkundige bevestiging of ge- leiding van de aansluitkabel.
- Snijplekken omdat over de aansluitkabel is ger den.
- Beschadigde isolatie omdat de stekker uit het stop- contact is getrokken.
- Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet worden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie is beschadigd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Let erop dat bij het controleren de aansluitka - bel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten. Elektri- sche aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend aansluitkabels met de aanduiding H05VV-F. Op de aansluitkabel moet de type-aanduiding vermeld staan. Wisselstroommotor
- De netspanning moet 230-240 VAC zijn.
- Uitbreidingskabels tot 25 m lengte moeten een dwarsdoorsnede hebben van 1,5 vierkante milli- meter, meer dan 25 vierkante meter, minstens 2,5 vierkante millimeter. Aansluittype Y Als het netsnoer moet worden vervangen, moet dit door de fabrikant of zijn vertegenwoordiger worden gedaan om veiligheidsrisico‘s te voorkomen. Aansluitingen en reparaties van de elektrische uit- rusting mogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitgevoerd. Vermeld in geval van vragen de volgende gege- vens:
- Stroomtype van de motor
- Gegevens van het typeplaatje van de machine
- Gegevens van het typeplaatje van de motor
15. Afvalverwijdering en recyclage
Aanwijzingen op de verpakking De verpakkingsmaterialen zijn recyclebaar. Verpakkin- gen milieuvriendelijk afvoe- ren.
- niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen! Neem in het geval van reserveonderdelen en acces- soires contact op met ons servicecentrum. Scan hier- voor de QR code op de voorpagina.
- Sla het apparaat op een droge plek op buiten het bereik van kinderen.
- Wanneer het apparaat niet wordt gebruikt, sla het zodanig op, dat het niet door onbevoegde perso- nen kan worden gestart. WAARSCHUWING! Bewaar het apparaat niet onbeschermd buiten of in een vochtige omgeving.
14. Elektrische aansluiting
De geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aan- gesloten. De aansluiting voldoet aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften. Als het snoer moet wor- den vervangen, dan moet dit door de fabrikant of zijn vertegenwoordiger worden gedaan om veiligheidsri- sico‘s te voorkomen. De netaansluiting van de klant en het gebruikte verlengsnoer moeten eveneens aan deze voorschriften voldoen.
- Het product beantwoordt aan de eisen van EN 61000-3-11 en is onderworpen aan speciale aan- sluitvoorwaarden. Dat will zeggen dat het gebruik op willekeurige vrij te kiezen aansluitpunten niet toegestaan is.
- Het product kan bij ongunstige netomstandigheden leiden tot tijdelijke spanningsschommelingen.
- Het product is uitsluitend voorzien om op aansluit- punten te werken die a) een maximaal toegestane netimpedantie „Z“ (Zmax. = 0,294 Ω) niet overschrijden of b) die een permanente stroombelastbaarheid van het net van minstens 100 A per fase hebben.
- U dient er zich als gebruiker van te vergewissen, indien nodig in overleg met uw energievoorziening- maatschappij, dat uw aansluitpunt waarop u uw product wilt gebruiken, één van de beide genoem- de eisen a) of b) vervult. Belangrijke aanwijzingen Bij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelf uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer worden ingeschakeld. Defecte elektrische aansluitkabel Bij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de isolatie op.www.scheppach.com
- Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaar- den van de fabrikanten en distributeurs verzoe- ken wij u contact op te nemen met de betreende klantenservice.
- Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikaat aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zor- gen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elektrische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.
- Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden ge- installeerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Eu- ropese Unie kunnen andere voorschriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Informatie over het afvoeren van versleten appa- ratuur kunt u opvragen bij uw gemeente. Brandstoen en oliën
- Voor het afvoeren van het apparaat moeten de brandstoftank en het motorreservoir worden ge- leegd!
- Brandstof en motorolie horen niet bij het huishou- delijke afval of in het riool, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Lege olie- en brandstoftanks moet milieuvriendelijk worden afgevoerd. Aanwijzingen betreende de wetgeving Afgedank- te elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishou- delijke afval, maar moeten worden ingeza- meld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Oude batterijen of accu’s die niet vast in het afge- dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór het afvoeren op niet-destructieve wijze worden verwijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wetgeving inzake batterijen.
- Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elektronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruik de batterijen en accu’s in te leveren.
- De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wis- sen van persoonsgerelateerde gegevens op het af te voeren afgedankte apparaat!
- Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak betekent dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden gegooid.
- Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kun- nen bij de volgende punten kosteloos worden ingeleverd: - Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten (bijv. gemeentewerven) - Verkooppunten van elektrische apparaten (stati- onair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden. - Tot drie afgedankte elektronische apparaten per apparaattype, met een randlengte van niet meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven ko- pen, of naar een ander erkend inzamelpunt in je omgeving worden gebracht.
Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Motor loopt niet Geen stroom Stopcontact, kabels en stekkers van de stroomverzorging controleren Kabel beschadigd: moet door een gespecialiseerd bedrijf ge- repareerd worden. Provisorische reparatie (isolatieband enz.) is streng verboden. Schakelaar beschadigd: moet door een gespecialiseerd bedrijf gerepareerd worden. Kettingrem Zie paragraaf “Kettingrem” en “Kettingrem vrijgeven”. Koolborstels versleten Koolborstels door een gespecialiseerd bedrijf laten vervangen. Ketting beweegt zich niet Kettingrem Kettingrem controleren en indien nodig vrijgeven. Onvoldoende snijvermogen Ketting stomp Kettingspanning Ketting ligt niet goed in de geleiding Ketting slijpen Ketting juist spannen Ketting juist aanbrengen Zagen moeilijk Ketting springt van het zwaard Kettingspanning Ketting juist spannen Zaagketting draait heet Kettingsmering Oliepeil controleren en indien nodig olie bijvullen.www.scheppach.com
Notice-Facile