Climate 3000i - Airconditioning BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Climate 3000i BOSCH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Climate 3000i BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Climate 3000i - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Climate 3000i van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING Climate 3000i BOSCH
Inhoudsopgave 1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsin-
1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsinstructies. . . .138
1.1 Toelichting op de symbolen....138
1.2 Algemene veiligheidsinstructies ....138
1.3 Aanwijzingen bij deze instructie ....139
2 Productinformatie....140
2.1 Conformiteitsverklaring....140
2.2 Technische gegevens afstandsbediening ..... . . .140
2.3 Gebruik met multisplit-airconditioning....140
2.4 Specificaties koudemiddel ....140
3 Bediening ....140
3.1 Overzicht binnenunit ....140
3.2 Overzicht afstandsbediening....141
3.3 Gebruik van de afstandsbediening....141
3.4 Hoofdbedrijfsmodus instellen....142
3.5 Timer instellen .... 142
3.6 Overige functies....142
3.6.1 Zwenkfunctie instellen....142
3.6.2 Weergave en alarmzoemer omschakelen (Mute Mode)....143
3.6.3 Energiespaarfuncties....143
3.6.4 Geluidsreductie (Silent Mode) .....143
3.6.5 Indirecte luchtstroom (Wind avoid me) ..... 143
3.6.6 Snelafkoelen/snelopwarmen....143
3.6.7 Zelfreiniging (I clean)....143
3.6.8 Vorstbescherming (8 °C Heating) .....143
3.6.9 Toetsblokkering....143
3.6.10 Uitgebreide bedrijfsfuncties ....143
4 Storingen verhelpen ....144
4.1 Storingen met weergave (Self diagnosis function) ...144
4.2 Storingen zonder weergave....144
5 Onderhoud ....145
5.1 Batterijen vervangen....145
5.2 Reiniging toestel en afstandsbediening ....145
5.3 Luchtfilter reinigen....145
5.4 Buitenbedrijfstelling voor langere tijd....145
5.5 Handbediening....145
6 Milieubescherming en afvalverwerking....146
7 Informatie inzake gegevensbescherming ....146
structies
1.1 Toelichting op de symbolen
Waarschuwingen
Bij waarschuwingen geven signaalwoorden de soort en de ernst van de gevolgen aan indien de maatregelen ter voorkoming van het gevaar niet worden opgevolgd.
De volgende signaalwoorden zijn vastgelegd en kunnen in dit document worden gebruikt:

GEVAAR
GEVAAR betekent dat ernstig tot levensgevaarlijk lichamelijk letsel zal ontstaan.

WAARSCHUWING
WAARSCHUWING betekent dat zwaar tot levensgevaarlijk lichamelijk letsel kan ontstaan.

VOORZICHTIG
VOORZICHTIG betekent, dat licht tot middelzwaar lichamelijk letsel kan ontstaan.
OPMERKING
OPMERKING betekent dat materiële schade kan ontstaan.
Belangrijke informatie

Belangrijke informatie, zonder gevaar voor mens of materialen, wordt met het getoonde info-symbol gemarkteerd.
| Symbool Betekenis | |
![]() | Waarschuwing voor ontvlambare stoffen: het koudemiddel R32 in dit product is een gas met geringe brandbaarheid en geringe giftigheid (A2L of A2). |
![]() | Het onderhoud moet door een gekwalificeerd persoon worden uitgevoerd volgens de instructies in de onderhoudsinstructie. |
![]() | Tijdens gebruik de instructies in de gebruiksinstructie aanhouden. |
Tabel 1
1.2 Algemene veiligheidsinstructies
⚠ Instructies voor de doelgroep
Deze gebruiksinstructie is bedoeld voor de gebruiker van de airconditioning. De instructies in alle installatierelevante handleidingen moeten worden aangehouden. Indien deze niet worden aangehouden kan materiële schade en lichamelijk letsel en zelfs levensgevaar ontstaan.
▶ Lees de gebruiksinstructies van alle componenten van de installatie voor de bediening en bewaar deze zorgvuldig.
▶ Houd de veiligheids- en waarschuwingsinstructies aan.
⚠️ Correct gebruik
De binnenunit is bedoeld voor de installatie in het gebouw met aansluiting op een buitenunit en andere systeemcomponenten, bijvoorbeeld regelingen.
De buitenunit is bedoeld voor de installatie buiten het gebouw met aansluiting op één of meerdere binnenunits en andere systeemcomponenten, bijvoorbeeld regelingen.
leder ander gebruik komt niet overeen met de voorschriften. Verkeerd gebruik en daaruit resulterende schade valt niet onder de aansprakelijkheid.
Voor de installatie op speciale locaties (parkeergarages, technische ruimte, balkon of andere half open plaatsen):
▶ Houd de eisen aan de installatieplaats in de technische documentatie aan.
⚠️ Algemene gevaren door het koudemiddel
▶ Dit toestel is met koudemiddel gevuld. Koudemiddelgas kan bij contact met vuur giftige gassen vormen.
▶ Laat de installatie regelmatig door een erkende installateur inspecteren en onderhouden.
▶ Wanneer vermoeden van ontsnappend koudemiddel bestaat, de ruimte grondig ventileren en een erkende installateur inschakelen.
⚠️ Ombouw en reparaties
Verkeerde aanpassingen aan de airconditioning of andere delen van de installatie kunnen persoonlijk letsel en/of materiële schade tot gevolg hebben.
▶ Laat werkzaamheden alleen door een erkend gespecialiseerd bedrijf uitvoeren.
▶ Voer geen veranderingen uit aan de buitenunit, binnenunit of andere onderdelen van de airconditioning.
Koppel voor uitvoeren van alle onderhoudswerkzaamheden de airconditioning los van de voedings-spanning.
⚠ Aanwijzingen betreffende de omgang met de installatie
Verkeerd gebruik van de airconditioning kan uw gezondheid in gevaar brengen.
▶ Het lichaam niet gedurende langere tijd direct aan de luchtstroom blootstellen.
▶ Voor zuigelingen, kinderen, oudere mensen, bedlegerige of gehandicapte mensen waarborgen, dat de kamertemperatuur geschikt is voor de personen die zich in de ruimte bevinden.
▶ Steek nooit objecten in het toestel. U kunt gewond raken.
Verkeerd omgaan met het toestel kan vermindering van het vermogen, materiële schade of lichamelijk letsel tot gevolg hebben.
▶ Blokkeer de luchtinlaten en luchtuitlaten van de toestellen niet.
▶ Sluit deuren en ramen tijdens het gebruik.
▶ Bescherm de binnenunit tegen binnendringen van water.
▶ Controleer het montageframe van de buitenunit regelmatig op slijtage en goede bevestiging.
▶ Oefen geen gewicht uit op de buitenunit, bijvoorbeeld door voorwerpen of personen.
▶ Houd stof, damp en vochtigheid in de opstellings-ruimte van de binnenunit tot een minimum beperkt.
- Gebruik geen licht ontvlambare gassen in de nabijheid van de toestellen, bijvoorbeeld uit spuitbussen.
▶ Wanneer iets met de airconditioning niet in orde lijkt te zijn (bijvoorbeeld brandlucht, defecte kabel), stop dan direct met het gebruik en ontkoppel de voedingsspanning.
⚠ Veiligheid van huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen
Ter voorkoming van gevaar door elektrische apparatuur gelden conform EN 60335-1 de volgende instructies:
“Dit toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar en ouder en door personen met verminderde fysische, sensorische of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, wanneer deze onder toezicht staan of voor wat betreft het veilig gebruik van het toestel zijn geïnstrueerd en de daaruit resulterende geva- ren begrijpen. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.”
"Wanneer de netaansluitkabel wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of haar servicedienst of een gekwalificeerde persoon worden vervangen, om gevaar te vermijden."
1.3 Aanwijzingen bij deze instructie
Afbeeldingen vindt u verzameld aan het eind van deze instructie. De tekst bevat verwijzingen naar de afbeeldingen.
De producten kunnen afhankelijk van het model afwijken van de weergave in deze instructie.
2 Productinformatie
2.1 Conformiteitsverklaring
Dit product voldoet qua constructie en werking aan de Europese en nationale vereisten.
CE Met de CE-markering wordt de conformiteit van het product met alle toepasbare EU-voorschriften bevestigd, welke samenhangen met het aanbrengen van deze markering.
De volledige tekst van de conformiteitsverklaring is via internet beschikbaar: www.bosch-thermotechniek.nl.
| Voedingsspanning 2 AAA batterijen | |
| Signaalbereik 8 m | |
| Toegestane omgevingstemperatuur -5 °C ... 60 °C | |
Tabel 2
2.4 Specificaties koudemiddel
Dit toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen als koudemiddel. De unit is hermetisch gesloten. De volgende gegevens van het koudemiddel voldoen aan de eisen van de EU-verordeningen nr. 517/2014 betreffende gefluoreerde broeikasgassen.
2.3 Gebruik met multisplit-airconditioning
De binnenunit kan in een systeem met multisplit-airconditioning worden gebruikt. In dit geval zijn de volgende functies gedeactiveerd:
• Energiespaarfunctie ECO en GEAR
• Zelfreiniging (I clean)
• Geluidsreductie (Silent Mode)
- Handbediening
• Detectie van ontsnappend koudemiddel
• Automatische energiespaarmodus in stand-bybedrijf (1 W standby)
i
Instructie voor de exploitant: wanneer uw installateur koudemiddel bijvult, vult hij de bijvulhoeveelheid en de totale hoeveelheid van het koudemiddel in de volgende tabel in.
| Producttype | Nominaal vermogen koelen [kW] | Nominaal vermogen verwarmen [kW] | Type koudemiddel | Aardopwarmi ngsvermogen (GWP) [kgCo2eq.] | Co2-equivalent van de eerste vulling | Eerste vulhoeveelheid [kg] | Extra vulhoeveelheid [kg] | Totale vulhoeveelheid bij inbedrijfname [kg] |
| CL3000i 26 E | 2,64 | 2,93 | R32 | 675 | 0,41 | 0,6 | (buislengte-5)*0,012 | |
| CL3000i 35 E | 3,52 | 3,81 | R32 | 675 | 0,44 | 0,65 | (buislengte-5)*0,012 | |
| CL3000i 53 E | 5,28 | 5,57 | R32 | 675 | 0,74 | 1,1 | (buislengte-5)*0,012 | |
| CL3000i 70 E | 7,03 | 7,33 | R32 | 675 | 0,98 | 1,45 | (buislengte-5)*0,024 |
Tabel 3 F-gas
3 Bediening
3.1 Overzicht binnenunit
Legenda bij afb. 1:
[1] Bovenste afdekking
[2] Plaats voor klein filter
[3] Luchtfilter
[4] Achterzijde van het display
[5] Toets voor handbediening
[6] Luchtgeleidingsplaat
Display van de binnenunit

text_image
88:80010033387-001
| Symbool | Toelichting |
| Getal | Temperatuurweergave |
| WLAN-verbinding ^1) Actief | |
| ON | Wordt bij veel functies getoond, wanneer deze worden ingeschakeld. Geeft bij uitgeschakelde binnenunit aan, dat de inschakel-timer actief is. |
| OF | Wordt bij veel functies getoond, wanneer deze worden uitgeschakeld. |
| dF | Automatisch ontdooiing actief |
| FP | Vorstbescherming actief: de binnenunit houdt de kamertemperatuur op minimaal 8 °C. |
| CL | Zelfreinigingsfunctie is actief (I clean) |
| Ex, Px, Fx | Storingscode ("x" staat voor een willekeurig cijfer). |
1) Alleen met IP-gateway als accessoire mogelijk.
Tabel 4 Symbolen in display
3.2 Overzicht afstandsbediening
Toetsen van de afstandsbediening

flowchart
graph TD
A["①"] --> B["Mode"]
A --> C["eco gear"]
D["②"] --> E["SET"]
D --> F["OK"]
G["③"] --> H["Turbo"]
G --> I["LED"]
G --> J["Clean"]
K["0010032825-003"] --> L["Switch"]
Pos. Toets Funktie
| 1 In-/uitschakelen. | ||
| Modus Instellen bedrijfsmodus. | ||
| eco gear | Energiespaarfunctie | |
| 2 | S E | T Uitgebreide bedrijfsfuncties kiezen. |
| OK Keuze bevestigen. | ||
| L | Timer instellen. | |
| ^ Temperatuur verhogen. | ||
| V Temperatuur verlagen. | ||
| 3 Ventilatorstand | ||
Tabel 5 Toetsen van de afstandsbediening
Weergave van de afstandsbediening

text_image
① ② AUTO COOL DRY HEAT FAN SET TEMP. ECO GEAR ON 8.8.8 °F OFF % RH AUTO 0010037254-001Pos. Symbool Toelichting
| 1 | Bedrijfsfunctie: indirecte luchtstroom is actief (Wind avoid me). | |
| Infografiek: zelfreiniging is actief (I clean). | ||
| geen functie. | ||
| Bedrijfsfunctie: nachtbedrijf is actief. | ||
| Bedrijfsfunctie: mij-volgen-functie is actief (Follow Me); temperatuurmeting aan de afstandsbediening. | ||
| Infografiek: draadloze besturingsfunctie. | ||
| Infografiek: batterijstatus | ||
| 2 | Bedrijfsmodus: automatisch bedrijf | |
| Bedrijfsmodus: koelmodus | ||
| Bedrijfsmodus: ontvochtigingsmodus | ||
| Bedrijfsmodus: verwarmen | ||
| Bedrijfsmodus: ventilatorbedrijf | ||
| 3 | Waarde-indicatie: toont standaard de ingestelde temperatuur, de ventilatorsnelheid of (bij geactiveerde timer) de timer-instelling. | |
| Infografiek: overdrachtindicatie; gaat branden, wanneer de afstandsbediening een signaal aan de binnenunit zendt. | ||
| Infografiek: functie voor energiebesparing is actief. | ||
| GEAR | Infografiek: functie voor energiebesparing is actief. | |
| Infografiek: in-/uitschakel-timer is actief. | ||
| Infografiek: geluidsreductie actief (Silent Mode). | ||
| Waarde-indicatie: toont de actuele ventilatorstand. Er zijn 10 verschillende vermogenstrappen en de instelling AUTO voor automatische regeling. | ||
| 4 | Infografiek: automatische verticale zwenkfunctie is actief (omhoog/omlaag). | |
| Infografiek: snelafkoelen/snelopwarmen is actief. |
Tabel 6 Symbolen in display
3.3 Gebruik van de afstandsbediening
Het signaalbereik is 8 m. In de weg staande objecten of het gebruik van bepaalde TL-lampen in dezelfde ruimte kan de overdracht van het signaal beïnvloeden.
▶ Afstandsbediening op het signaalontvangstvenster van het toestel richten en de gewenste toets indrukken. Het toestel genereert een pieptoon, wanneer het een signaal ontvangt.
OPMERKING
De optimale werking van de afstandsbediening kan constant worden beinvloed.
▶ Afstandsbediening niet blootstellen aan direct zonlicht.
▶ Afstandsbediening niet in de buurt van een verwarming laten liggen.
▶ Afstandsbediening beschermen tegen vocht en stoten.
3.4 Hoofdbedrijfsmodus instellen
Toestel in-/uitschakelen
▶ Toets ⏻ indrukken, om het toestel aan of uit te schakelen. Het toestel start in de ingestelde bedrijfsmodus.
Ook in uitgeschakelde toestand kunnen instellingen worden uitgevoerd. Het toestel bewaart de instellingen, ook bij stroomuitval.
i
Na uitschakeling blijft het toestel in stand-bybedrijf. Intelligente aan-uittechnologie maakt automatische energiespaarmodus in stand-bybedrijf mogelijk (1 W standby).
automatisch bedrijf
In automatisch bedrijf schakelt het toestel automatisch tussen verwarmingsmodus en koelmodus, om de gewenste temperatuur vast te houden.
▶ Druk toets Mode zo vaak in tot in het display Ⓐ verschijnt.
▶ Gewenste temperatuur met toetsen ∧ en ∨ instellen.
i
In automatisch bedrijf kan de ventilatorstand niet worden ingesteld.
Koelmodus
▶ Druk toets Mode zo vaak in tot in het display ✉ verschijnt.
▶ Toets net zo vaak indrukken, tot de gewenste ventilatorsnelheid is bereikt.
▶ Gewenste temperatuur met toetsen ∧ en ∨ instellen.
Ventilatorbedrijf
▶ Druk toets Mode zo vaak in tot in het display verschijnt.
▶ Toets net zo vaak indrukken, tot de gewenste ventilatorstand is bereikt. Voor de automatische regeling kan AUTO worden gekozen.
i
In ventilatorbedrijf kan de temperatuur niet worden ingesteld of weergegeven.
Ontvochtigingsmodus
▶ Druk toets Mode zo vaak in tot in het display ≈ verschijnt.
▶ Gewenste temperatuur met toetsen ∧ en ∨ instellen.
i
In ontvochtigingsbedrijf kan de ventilatorstand niet worden ingesteld.
Cv-bedrijf
▶ Druk toets Mode in tot in het display verschijnt.
▶ Gewenste temperatuur met toetsen ∧ en ∨ instellen.
▶ Toets net zo vaak indrukken, tot de gewenste ventilatorsnelheid is bereikt.
i
Bij zeer lage buitentemperaturen is het verwarmingsvermogen van de airconditioning eventueel niet voldoende. Wij adviseren aanvullende warmtebronnen bij te schakelen.
3.5 Timer instellen
Inschakel- en uitschakeltimer kunnen van 0 tot 24 uur worden ingesteld, voor de eerste 10 uur met stapgrootte 30 minuten, daarna met stapgrootte 1 uur. Door het instellen van 0 uur wordt de timer onderbroken.
Inschakel-timer instellen
▶ Druk toets zo vaak in tot op het display het symbool verschijnt.
▶ Druk op toets ∧ of ∨, om de gewenste tijd in te stellen. Na korte tijd wordt de instelling overgenomen.
Uitschakel-timer instellen
▶ Druk toets zo vaak in tot op het display het symbool verschijnt.
▶ Druk op toets ∧ of ∨, om de gewenste tijd in te stellen. Na korte tijd wordt de instelling overgenomen.
Timer annuleren
▶ Met toets de betreffende timer kiezen.
▶ 0,0 uur instellen.
Na korte tijd wordt de timer onderbroken.
Timer combineren
De beide timers kunnen gelijktijdig worden ingesteld. Elke timer kan zodanig worden geprogrammeerd, dat deze voor de andere wordt geactiveerd.
▶ Inschakel- en uitschakel-timer instellen.
De instellingen worden automatisch gecombineerd.
| Actuele tijd 13:00 uur | |
| Instelling inschakel-timer | 4,0 h |
| Instelling uitschakel-timer | 8,5 h |
| Inschakeltijd | 17:00 uur |
| Uitschakeltijd | 21:30 uur |
Tabel 7 Voorbeeld
i
In- en uitschakel-timer kunnen niet zodanig worden geprogrammeerd, dat het toestel met verschillende temperaturen of andere instellingen wordt gebruikt.
3.6 Overige functies
3.6.1 Zwenkfunctie instellen
OPMERKING
Wanneer de luchtstroomlamel tijdens de koelmodus gedurende een langere periode in de onderste stand blijven staan, kan condenswater ontsnappen. Handmatig verstellen van de luchtstroomlamel kan storingen veroorzaken.
- Gebruik voor het verticaal verstellen van de luchtstroomlamel alleen de afstandsbediening.
Horizontaal zwenken (links/rechts)
De horizontale positie moet met de hand worden ingesteld.
▶ Binnenunit uitschakelen en de voedingsspanning onderbreken.
▶ Luchtgeleidingsplaat naar beneden klappen (→ afb. 2).
▶ Luchtstroomlamel met de hand horizontaal in de gewenste positie zwenken.
▶ Luchtgeleidingsplaat in de oorspronkelijke positie terugzetten.
Automatisch verticaal zwenken (omhoog/omlaag)
▶ Toets Swing langer dan 2 seconden ingedrukt houden, om het automatische verticale zwenken te activeren.
De afstandssymbool toont het symbool
- Om het automatisch verticaal zwenken te beëindigen: toets Swing opnieuw indrukken.
Reinigingspositie
Voor eenvoudiger reiniging kan de luchtstroomlamel in een speciale positie worden gezet (afhankelijk van het model).
▶ Bij uitgeschakeld toestel de toetsen Mode en Swing een seconde lang tegelijkertijd ingedrukt houden.
- Om de reinigingspositie te verlaten: beide toetsen opnieuw ingedrukt houden.
3.6.2 Weergave en alarmzoemer omschakelen (Mute Mode)
- Om het display op de binnenunit en de alarmzoemer aan of uit te schakelen: toets LED indrukken.
- Om de actuele kamertemperatuur weer te geven: toets LED 5 seconden ingedrukt houden.
- Om de ingestelde temperatuur weer te geven: toets LED extra 5 seconden ingedrukt houden.
3.6.3 Energiespaarfuncties
Het toestel biedt keuze uit de volgende energiespaarfuncties:
- ECO ^1) : bedrijf met ventilatorstand AUTO en ingestelde temperatuur van minimaal 24 °C
• GEAR (75%): stroomverbruik met 25 % reduceren
• GEAR (50%): stroomverbruik met 50 % reduceren - Geen van de bovenstaande symbolen: normaal bedrijf
- Om een energiespaarfunctie te activeren, toets 20 vaak indrukken, tot de gewenste functie wordt getoond.
i
De functie ECO stelt automatisch 24 °C in, wanneer de eerder ingestelde temperatuur lager is. De functie schakelt uit, zodra de temperatuur tot onder 24 °C afneemt.
3.6.4 Geluidsreductie (Silent Mode)
Deze functie vermindert het geluid van de binnen- en buitenunit tijdens bedrijf. Dit is vooral nuttig, wanneer u 's nachts rekening met de buren moet houden.
▶ Tijdens bedrijf de toets 2 seconden lang indrukken.
Beëindigen van de functie:
▶ Druk de toets opnieuw 2 seconden lang in.
-of-
▶ Toets ⏻, toets Mode, toets Turbo of toets Clean indrukken.
i
Tijdens het fluisterbedrijf van de buitenunit kan vanwege de laagfrequentiemodus van de compressor het koel-/verwarmingsvermogen eventueel niet worden bereikt.
3.6.5 Indirecte luchtstroom (Wind avoid me)

Deze functie voorkomt, dat een directe luchtstroom op het lichaam terecht komt.
i
De functie is alleen in koelmodus, ontvochtigingsmodus en ventilatorbedrijf beschikbaar.
3.6.6 Snelafkoelen/snelopwarmen
Bij snelafkoelen/snelopwarmen werkt de binnenunit met maximaal vermogen, om de ruimte sneller te verwarmen of te koelen.
▶ Snelafkoelen: koelmodus inschakelen en de toets Turbo indrukken.
▶ Snelopwarmen: verwarmingsmodus inschakelen en de toets Turbo indrukken.
1) Alleen in koelmodus
Beëindigen van de functie:
▶ Druk opnieuw optoets Turbo.
3.6.7 Zelfreiniging (I clean)
Het toestel heeft een functie voor zelfreiniging van de verdamper. De zelfreiniging bevriest stof, schimmel en vet. Vervolgens wordt alles snel weer ontdooit en met hete lucht gedroogd.
- Om de zelfreiniging te activeren, de toets Clean indrukken.
Tijdens de zelfreiniging toont het display van de binnenunit CL. Na 20 tot 45minuten eindigt de zelfreiniging automatisch.
3.6.8 Vorstbescherming (8 °C Heating)
De vorstbescherming kan geactiveerd worden, om de kamertemperatuur op minimaal 8 °C te houden.
In verwarmingsmodus 2x binnen 1 seconde de toets V indrukken. Het toestel blijft uit, tot de temperatuur tot onder 8 °C afneemt.
Beëindigen van de functie:
▶ Toets ⏻, toets Mode, toets Turbo of toets Clean indrukken.
3.6.9 Toetsblokkering
Met de toetsblokkering kunnen de toetsen van de afstandsbediening worden geblokkeerd.
- Om de toetsblokkering aan/uit te schakelen: toets Clean en toets Turbo tegelijkertijd 5 seconden indrukken.
Bij actieve toetsblokkering toont het display het symbool
3.6.10 Uitgebreide bedrijfsfuncties
▶ Druk de toets Setin.
▶ Functie met de toets Set of de toetsen , kiezen.
- 🙏 = rustmodus-functie
- ⚫ = mij-volgen-functie
- 📤 = draadloze besturingsfunctie
▶ De keuze met de toets OK bevestigen.
Beëindigen van de functie:
▶ De stappen van boven herhalen.
Nachtbedrijf
Deze functie is bedoeld om tijdens rusttijden energie te besparen. Na een uur verwarmt of koelt het toestel minder krachtig. Daarvoor wordt de ingestelde temperatuur met 1 °C veranderd. Na twee uur verandert de ingestelde temperatuur nogmaals met 1 °C. Vervolgens blijft de nieuwe temperatuur behouden.
i
De functie is in ontvochtigingsmodus en ventilatorbedrijf niet beschikbaar.
Mij-volgen-functie (Follow Me)

Deze functie activeert de afstandsbediening op de actuele locatie voor het meten van de tempratuur met intervallen van 3 minuten. De binnen-unit wordt nu afhankelijk van deze meetwaarde gestuurd.
i
De functie is alleen in koelmodus, verwarmingsmodus en automatisch bedrijf beschikbaar.
Draadloze besturingsfunctie

Deze functie is bedoeld voor de verbindingsopbouw via WLAN. Wanneer het toestel de functie niet weergeeft, moet in plaats daarvan de toets LED zeven keer snel achter elkaar worden ingedrukt.
i
Voor het verbinden met WLAN is een ingebouwde IP-gateway (accessoire) nodig.
4 Storingen verhelpen
4.1 Storingen met weergave (Self diagnosis function)
Wanneer tijdens bedrijf een storing optreedt, knipperen de leds gedurende een langere periode of het display toont een storingscode (bijvoorbeeld EH 02).
Wanneer een storing langer dan 10 minuten optreedt:
▶ Voedingsspanning gedurende korte tijd onderbreken en de binnen-unit weer inschakelen.
Wanneer een storing niet kan worden opgelost:
- Contact opnemen met de servicedienst en de storingscode en de toestelgegevens doorgeven.
4.2 Storingen zonder weergave
Wanneer tijdens bedrijf storingen optreden, die niet kunnen worden opgelost:
- Contact opnemen met de servicedienst en de storing en de toestelgegevens doorgeven.
| Storing Mogelijke oorzaak | |
| Vermogen van de binnenunit is te laag. Temperatuur te hoog of te laag ingesteld. | |
| Binnenunit schakelt niet in. | De binnenunit heeft een beveiligingsmechanisme tegen overbelasting. Het kan 3 minuten duren voordat opnieuw starten van de binnenunit mogelijk is. |
| De batterijen van de afstandsbediening zijn leeg. | |
| De timer is ingeschakeld. | |
| Bedrijfsmodus wisselt van koelen of verwarmen naar ventilatorbedrijf. | De binnenunit verandert de bedrijfsmodus, om de bevriezing te voorkomen. |
| De ingestelde temperatuur is voorlopig bereikt. | |
| Binnenunit genereert witte nevel. | In vochtige regio's kan een groot temperatuurverschil tussen kamerlucht en geklimatiseerde lucht witte nevel veroorzaken. |
| Binnenunit en buitenunit genereren witte nevel. | Wanneer na de automatische ontdooiing direct de verwarmingsmodus actief wordt, kan vanwege de verhoogde luchtvochtigheid witte nevel ontstaan. |
| Binnenunit en buitenunit maken geluid. | Een ruisend geluid in de binnenunit kan optreden, wanneer het luchtstromingsrooster van positie verandert. |
| Een zacht sissend geluid tijdens bedrijf is normaal. Het wordt door het stromen van het koudemiddel veroorzaakt. | |
| Een piepend geluid kan optreden, omdat metalen en kunststof onderdelen van het toestel bij het verwarmen/koelen uitzetten of krimpen. | |
| De buitenunit maakt tijdens bedrijf diverse andere geluiden, die normaal zijn. | |
| Binnenunit of buitenunit stoot stof uit. | Bij langere perioden buitenbedrijfstelling kan stof in de toestellen zich verzamelen wanneer deze niet worden afgedekt. |
| Onaangename geur tijdens bedrijf. | Er kan onaangename geur uit de lucht in de toestellen binnendringen en verder worden verspreid. |
| Het luchtfilter kan beschimmeld zijn en moet worden gereinigd. | |
| De ventilator van de buitenunit draait niet continu. | Voor een optimaal bedrijf wordt de ventilator verschillend geregeld. |
| Het bedrijf is onregelmatig of onvoorspelbaar of de binnenunit reageert niet. | Interferenties van mobiele telefoonmasten of externe signaalversterkers kunnen de binnenunit beïnvloeden.► Binnenunit korte tijd van de voedingsspanning losmaken en opnieuw starten. |
| Luchtgeleidingsplaat of luchtstroomlamel beweegt niet correct. | De luchtgeleidingsplaat of de luchtstroomlamel is met de hand versteld of niet correct gemonteerd.► Binnenunit uitschakelen en controleren, of de onderdelen juist zijn geborgd.► Binnenunit inschakelen. |
Tabel 8
5
0
n
d
e
r
h
0

VOORZICHTIG
Gevaar door elektrische schokken of bewegende delen
▶ Voor alle onderhoudswerkzaamheden de voedingsspanning onderbreken.
▶ Hier niet genoemde onderhoudsstappen alleen door een erkende installateur laten uitvoeren.
5.1 Batterijen vervangen
U heeft 2 batterijen type AAA nodig. Gebruik van oplaadbare batterijen wordt afgeraden.
▶ Deksel batterijcompartiment afnemen (→ afb. 3).
▶ Nieuwe batterijen plaatsen en op de juiste polariteit letten.
▶ Deksel batterijcompartiment weer aanbrengen.
5.2 Reiniging toestel en afstandsbediening
OPMERKING
Schade aan het toestel door verkeerde reiniging!
▶ Niet direct met water bespuiten of begieten.
▶ Geen heet water, schuurmiddel of krachtig oplosmiddel gebruiken.
▶ Binnenunit en afstandsbediening voor de reiniging met een zachte doek afvegen.
▶ Buitenunit alleen door een erkend installateur laten reinigen.
5.3 Luchtfilter reinigen
OPMERKING
Het luchtfilter kan in direct zonlicht vervormen.
▶ Luchtfilter niet aan direct zonlicht blootstellen.
Het luchtfilter elke 2 weken reinigen en voor en na een langere buitenbedrijfstelling.
▶ Binnenunit uitschakelen.
▶ Bovenste afdekking van de binnenunit naar boven klappen.
▶ Luchtfilter naar boven drukken en uittrekken (→ afb. 4).
▶ Het kleine luchtfilter uitnemen, indien aanwezig (→ afb. 1, [2]).
▶ Het kleine luchtfilter met een handzuiger reinigen.
- Het grote luchtfilter met warm water en een mild reinigingsmiddel uitwassen en in de schaduw drogen.
▶ Het kleine luchtfilter en het grote luchtfilter weer aanbrengen.
5.4 Buitenbedrijfstelling voor langere tijd
Voor langere buitenbedrijfstelling:
▶ Luchtfilter reinigen.
Zelfreiniging van de binnenunit met de toets Clean activeren.
▶ Na de zelfreiniging het ventilatorbedrijf inschakelen, tot de binnen-unit droog is.
Binnenunit uitschakelen en van de voedingsspanning loskoppelen.
▶ Batterijen uit de afstandsbediening verwijderen.
▶ Toestellen tegen stof beschermen.
5.5 Handbediening
OPMERKING
Apparaatschade door ondeskundig gebruik
De handbediening is niet voor permanent gebruik bedoeld.
- Gebruik deze alleen voor testdoeleinden of in noodgevallen.
▶ Alleen gedurende korte tijd gebruiken.
▶ Binnenunit uitschakelen.
▶ Bovenste afdekking van de binnenunit naar boven klappen.
▶ Met een dun object de toets voor handmatige koelmodus indrukken:
- Eenmaal indrukken: automatisch bedrijf wordt geforceerd.
- Tweemaal indrukken: koelmodus wordt geforceerd.
- Driemaal indrukken: binnenunit wordt uitgeschakeld.
- Om het normale bedrijf weer te herstellen, afstandsbediening gebruiken.
6 Milieubescherming en afvalverwerking
Milieubescherming is een ondernemingsprincipe van de Bosch Groep. Productkwaliteit, economische rendabiliteit en milieubescherming zijn gelijkwaardige doelen voor ons. Milieuwet- en regelgeving worden strikt nageleefd. Ter bescherming van het milieu passen wij, met inachtneming van bedrijfseconomische aspecten, de best mogelijke technieken en materialen toe.
Verpakking
Bij het verpakken zijn we betrokken bij de landspecifieke recyclingsystemen, die een optimale recycling waarborgen. Alle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en recyclebaar.
Recyclen
Oude producten bevatten materialen die gerecycled kunnen worden. De componenten kunnen gemakkelijk worden gescheiden en kunststoffen zijn gemarkeerd. Daardoor kunnen ze worden gesorteerd en voor recycling of afvalverwerking worden afgegeven.
Dit symbool betekent dat het product niet samen met ander afval mag worden afgevoerd, maar voor behandeling, inzameling, recycling en afvalverwerking naar de daarvoor bedoelde verzamelplaatsen moet worden gebracht.
Dit symbool geldt voor landen met voorschriften op het gebied van verschrotten van elektronica, bijv. de "Europese richtlijn 2012/19/EG betreffende oude elektrische en elektronische apparaten". In deze regelgeving is het kader vastgelegd voor de inlevering en recycling van oude elektronische apparaten in de afzonderlijke landen.
Aangezien elektronische apparatuur gevaarlijke stoffen kan bevatten, moet deze op verantwoorde wijze worden gerecycled om mogelijke milieuschade en risico's voor de menselijke gezondheid tot een minimum te beperken. Bovendien draagt het recyclen van elektronisch schroot bij aan het behoud van natuurlijke hulpbronnen.
Voor meer informatie over de milieuvriendelijke verwijdering van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunt u contact opnemen met de plaatselijke autoriteiten, uw afvalverwerkingsbedrijf of de verkoper bij wie u het product hebt gekocht.
Meer informatie vindt u hier:
www.weee.bosch-thermotechnology.com/
Batterijen
Batterijen mogen niet met het huishoudelijk afval worden afgevoerd.
Lege batterijen moeten via de voorgeschreven inzamelingssystemen worden afgevoerd.
Koudemiddel R32

Het toestel bevat gefluoreerd broeikasgas R32 (aardopwarmingsvermogen 675 ^1) ) met geringe brandbaarheid en geringe giftigheid (A2L of A2).
De opgenomen hoeveelheid is op de typeplaat van de buitenunit aangegeven.
Koudemiddelen zijn een gevaar voor het milieu en moeten afzonderlijk worden verzameld en afgevoerd.
7 Informatie inzake gegevensbescherming

Wij, Bosch Thermotechniek B.V., Zweedsestraat 1, 7418 BG Deventer, Nederland verwerken product-en installatie-informatie, technische - en aansluitgegevens, communicatiegegevens, productregistraties en historische klantgegevens om productfunctionaliteit te realiseren (art. 6 (1) subpar. 1 (b) AVG) om aan
onze plicht tot producttoezicht te voldoen en om redenen van product-veiligheid en beveiliging (art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG), vanwege onze rechten met betrekking tot garantie- en productregistratievragen (art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG), voor het analyseren van de distributie van onze producten en om te voorzien in geïndividualiseerde informatie en aan-biedingen gerelateerd aan het product (art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG). Om diensten te verlenen zoals verkoop- en marketing, contractmanagement, betalingsverwerking, ontwikkeling, data hosting en telefonische dien-sten kunnen wij gegevens ter beschikking stellen en overdragen aan externe dienstverleners en/of bedrijven gelieerd aan Bosch. In bepaalde gevallen, maar alleen indien een passende gegevensbeveiliging is gewaarborgd, kunnen persoonsgegevens worden overgedragen aan ont-vangers buiten de Europese Economische Ruimte (EER). Meer informatie is op aanvraag beschikbaar. U kunt contact opnemen met onze Data Protection Officer onder: Data Protection Officer, Information Security and Privacy (C/ISP), Robert Bosch GmbH, Postfach 30 02 20, 70442 Stuttgart, DUITSLAND.
U heeft te allen tijde het recht om bezwaar te maken tegen de verwerking van uw persoonsgegevens conform art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG om redenen met betrekking tot uw specifieke situatie of voor direct marketing-doeleinden. Neem voor het uitoefenen van uw recht contact met ons op via privacy.ttnl@bosch.com. Voor meer informatie, scan de QR-code.


