GD40ST - Sneeuwblazer GREENWORKS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GD40ST GREENWORKS in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - GD40ST GREENWORKS
Gebruikersvragen over GD40ST GREENWORKS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Sneeuwblazer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GD40ST - GREENWORKS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GD40ST van het merk GREENWORKS.
GEBRUIKSAANWIJZING GD40ST GREENWORKS
Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
TECHNISCHE GEGEVENS
| Stroomspanning 40 V | |
| Snelheid zonder lading 1900 | ± 10% rpm |
| Werkbreedte 50,8 cm | |
| Netto gewicht | 17,2 kg |
| Maximale schietafstand | 5,5 m |
| A = Lengte | 1135 mm |
| B = Hoogte | 940 mm |
| C = Breedte | 525 mm |
| Gemeten akoestisch vermogen | 94,9 dB(A) |
| Gewaarborgd akoestisch vermogen | 96 dB(A) |
| Niveau geluidsdruk | 68 dB(A), K=3.0 dB(A) |
| Trillingsniveau | < 2.5 m/s2, K=1.5 m/s2 |
| Batterij | 29727/29717 |
| Batterijlader | 2910907 |
VERKLARING
- Bovenste handvat
- Starthendel
- Onderste handgreep
- Handwieltje richting glijvlak
- Transporthandvat
- Middelste handvat
- Contactsleutel
- Uitlaatklep
- Deflector
- Toevoerschroef
- Huizing toevoerschroef
- Wiel
- Onderste mes
- Batterijholte
- Activeringsknop
- Bovenste uitlaatregelstok
- Onderste uitlaatregelstok
- Veerpen
-
Nokvergrendeling
-
Bout
- Handvatknop
- Sleutelopening
- Koppelingsopening
- Knipsluiting
- Gleuf
- Stijl
- Accu
- Led-lamp
- Lampschakelaar
WAARSCHUWING
Het gebruik van een ander accupack kan leiden tot risico op brand, elektrische schok of lichamelijke let-sels.
KEN UW SNEEUWRUIMER (Zie afbeelding 1-3)
Het veilig gebruik van het product vereist dat u de informatie op het werktuig en in deze gebruiksaanwijzing begrijpt en kennis heeft over het project dat u probeert uit te voeren. Voor u dit product gebruikt, dient u zichzelf bekend te maken met alle werkende eigenschappen en veiligheidsvoorschriften.
Contactsleutel
Staat toe de motor te stoppen en te starten. De in- schakelsleutel heeft twee standen.
■ Sleutel verwijderd - OFF - de motor stopt en kan niet opgestart worden.
■ Sleutel in - ON - de motor kan opgestart en in dienst gezet worden.
Starthendel
Staat toe de motor te stoppen en te starten.
■ Starten: Druk op contactsleutel en trek aan de starthendel.
■ Stoppen: laat de starchendel los.
Vergrendeling starchendel
Dit verhindert een onvoorziene inschakeling van de starchendel. Druk op con tactsleute I om de starchendel te ontgrendelen.
Handwieltje richting uitlaatglijvlak
Dit bedient de rotatie van het uitlaatglijvlak om de aflaat van de sneeuw in de gewenste richting te oriënteren. Verdraai het handwieltje met de klok mee / tegen de klok in om het glijvlak te draaien.
Led-lampschakelaar
Om de koplampen in te schakelen, drukt u de schakelaar vooruit.
AAN: druk op de schakelaar
UIT: laat de schakelaar los
Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
MONTAGE
UITPAKKEN
Dit product vereist montage.
■ Neem het product en de accessoires voorzichtig uit de doos. Zorg ervoor dat alle opgelijste items op de verpakkingslijst zijn inbegrepen.
WAARSCHUWING
Gebruik dit product niet als er onderdelen op de verpakkingslijst al op uw product zijn gemonteerd wanneer u dit uitpakt. Onderdelen op deze lijst zijn door de fabrikant niet op het product gemonteerd en moeten door de klant worden geïnstalleerd. Het gebruik van een product dat onjuist is gemonteerd kan leiden tot ernstige letsels.
■ Inspecteer het product nauwkeurig om zeker te zijn dat er geen defect is opgetreden of het geen schade heeft opgelopen tijdens het verzenden.
■ Gooi het verpakkingsmateriaal niet weg tot u het product zorgvuldig heeft geïnspecteerd en met succes heeft gebruikt.
■ Als er onderdelen beschadigd zijn of ontbreken, nee m dan contact op met uw Greenworks Tools onderhoudscentrum voor hulp.
VERPAKKINGSLIJST
■ Sneeuwruimer
■ Bovenste uitlaatregelstok
■ Onderste uitlaatregelstok
■ Middelste handvat
■ Uitlaatdeflector
■ Nokvergrendeling
Bouten
■ Handvatknoppen
■ Veerpen
■ Contactsleutel
■ Aanwijzingen
WAARSCHUWING
Als er onderdelen zijn beschadigd of ontbreken, gebruik dan het toestel niet vooraleer de onderdelen werden vervangen. Gebruik van dit product met beschadigde of ontbrekende onderdelen kan leiden tot ernstige letsels.
WAARSCHUWING
Probeer het toestel niet aan te passen of toebehoren te creëren waarvan het gebruik in combinatie met dit toestel niet is aangewezen. Een dergelijke aanpassing of wijziging wordt als misbruik beschouwd en kan leiden tot gevaarlijke situaties die ernstige verwondingen kunnen veroorzaken.
WAARSCHUWING
Om te voorkomen dat de machine per ongeluk start, wat ernstige letsels kan veroorzaken, verwijdert u het accupack altijd van het product wanneer u onderdelen monteert.
MONTAGE VAN DE STEEL (Zie afbeelding 4)
■ Verwijder het batterijpack.
■ Lijn de gaten op het middelste en onderste handvat af. Breng de bouten in en gebruik de handvatknoppen om ze aan te spannen.
■ Lijn de gaten op het middelste en bovenste handvat af. Breng de nokvergrendelingen en span ze met de meegeleverde handvatknoppen aan. Eens aangespannen, sluit u de nokvergrendelingen om ze op hun plaats vast te maken.
Opmerking: Als het bovenste handvat los is of van het middelste handvat is losgemaakt, spant u de vergrendelingsnok aan door de knoppen tegen de richting van de wijzers van de klok te draaien. Span de handvatknoppen niet te sterk aan.
MONTAGE HANDWIELTJE RICHTING UITLAATGLIJVLAK (Zie afbeelding 5-6)
■ Lijn de openingen op de bovenste uitlaatregelstok af met de openingen op de onderste uitlaatregelstok.
■ Steek de spanveer in de opening en bevestig ze.
■ Breng het uiteinde van de uitlaatregelstok door de sleutelopening in de beugel die aan de bovenkant van het middelste handvat is vastgemaakt.
■ Breng het uiteinde van het handvat in de specifieke koppelingsopening op de uitlaat in, houd het recht met het handvat naar boven gericht.
■ Controleer het uitlaatglijvlak door het volledig naar beide richtingen te laten draaien. Het glijvlak moet vrij draaien.
MONTAGE VAN DE DEFLECTOR (Zie afbeelding 7)
■ Druk op de uitlaatdeflector tot de knipsluitingen aan beide zijden in de gleuven klikken en de stijlen in de sleutelopeningen.
Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
BEDIENING
WAARSCHUWING
Laat uw waakzaamheid niet verslappen als u eenmaal vertrouwd bent geraakt met het apparaat. Vergeet niet dat één seconde onoplettendheid voldoende is om ernstig letsel te veroorzaken.
WAARSCHUWING
Draag altijd gehoorbescherming. Er kunnen wegspattende deeltjes in uw ogen komen en ernstig oogletsel veroorzaken als u zich hier niet aan houdt.
VOORAFGAANDE WERKZAAMHEDEN (Zie afbeelding 8)
■ Controleer of de toevoerschroef niet reeds sneeuw opneemt wanneer ze in de startpositie staat.
■ Plaats de batterij in haar huizing.
Opmerking: Vooraleer de sneeuw te ruimen, is het raadzaam silicone op de toevoerschroef te spuiten om de vorming van ijs op de draaiende organen te voorkomen.
VEILIGHEIDSCONTROLES
Na het opstarten en vooraleer de machine te gebruiken, is het zeer belangrijk de volgende veiligheidstesten uit te voeren. Controleer of de resultaten van de veiligheidscontroles overeenstemmen met wat aangegeven is in de tabel.
WAARSCHUWING
Voer steeds de veiligheidscontroles uit vooraleer de machine te gebruiken.
WAARSCHUWING
Indien eender welke van deze resultaten verschilt van wat aangegeven is in de volgende tabel, mag de machine niet gebruikt worden! Breng de machine naar een dienstcentrum voor de nodige controles en herstelling.
START / WERK (Zie afbeelding 9)
WAARSCHUWING
Wanneer de sneeuwruimer opgestart wordt, begint de toevoerschroef te draaien. Houd de personen op veiligheidsafstand en controleer of de toevoerschroef niet tegen stenen of voorwerpen stoot, die zouden kunnen weggeschoten worden.
Vertrek
■ Hel de sneeuwruimer lichtjes naar achter en hef de toevoerschroef een beetje op van de grond.
■ Druk de ontgrendeling van de starchendel in en houd deze ingedrukt.
■ Trek aan de starchendel om de machine op te starten.
WAARSCHUWING
Indien de toevoerschroef geblokkeerd is, mag men niet proberen de motor in werking te zetten. De machine is voorzien van een automatische beveiliging van de motor; wanneer deze beveiliging ingeschakeld is, moet men enkele seconden wachten alvorens de machine weer op te starten.
Bedrijf
Breng de toevoerschroef naar de grond en begin opnieuw sneeuw te ruimen.
WAARSCHUWING
Stop de motor steeds alvorens werkzaamheden uit te voeren om de blokkeringen te vermijden.
STOPPEN (Zie afbeelding 9)
Laat de starchendel los om de machine te stoppen.
BELANGRIJK: Verwijder de batterij indien u zich van de machine moet verwijderen.
SUGGESTIES VOOR HET GEBRUIK
■ De sneeuw wordt efficiënter verwijdert wanneer deze nog vers is. Ga nogmaals over reeds gereinigde zones om de sneeuwresten te verwijderen.
■ Spuit de sneeuw, indien mogelijk, in de richting van de wind. Controleer de afstand en de richting van de weggeschoten sneeuw.
- Bij sterke wind, moet men de deflector omlaag brengen, om de geloste sneeuw naar het terrein te richten en zo de kans dat de wind de sneeuw naar niet geschikte zones brengt, te verminderen.
Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
■ Na het werk, het werktuig enkele minuten aan laten staan om ijsvorming in de sneeuwuitlaat te voorkomen.
Droge en normale sneeuw
Sneeuw met dikte tot 20 cm kan snel verwijderd worden aan een gelijkmatige snelheid. In geval van diepere of opgehoopte sneeuw, moet men de snelheid verminderen en de machine aan haar ritme laten werken.
Natte en compacte sneeuw
Ga langzaam vooruit. Vermijd het onderste mes te gebruiken om compacte sneeuw en ijs te verwijderen.
BELANGRIJK: Een intens gebruik van de machine met natte en compacte sneeuw, kan defecten veroorzaken aan de huizing van de toevoerschroef.
NA HET GEBRUIK
■ Verwijder de batterij onmiddellijk uit de huizing.
■ Reinig alle sneeuw die op de machine gebleven is met een borstel.
■ Beweeg alle commando's meerdere malen voor- en achteruit.
■ Draai schroeven en moeren die eventueel losgekomen zijn tijdens het gebruik vast.
■ Controleer of er geen onderdelen los of beschadigd zijn. Vervang de beschadigde onderdelen indien nodig.
WAARSCHUWING
Dek de machine niet af zolang ze nog warm is.
RICHTING DEFLECTOR (Zie afbeelding 10)
■ Om de uitlaatklep af te stellen, draait u de uitlaatafstelhendel in de richting waarin u de sneeuw wilt richten.
■ Om de uitlaatdeflector af te stellen (en zo de hoogte van de sneeuw), drukt u op de activeringsknop en verhoogt of verlaagt u de uitlaatdeflector.
ONDERHOUD
WAARSCHUWING
Alle controles en werkzaamheden voor onderhoud moeten uitgevoerd worden bij stilstaande machine, en met de motor uitgeschakeld. Alvorens eender welke ingreep voor onderhoud uit te voeren, moet men de motor uitschakelen en de sleutel verwijderen.
WAARSCHUWING
Draag geschikte kledij, handschoenen en bril vooraleer onderhoud uit te voeren.
■ Het gebruik van niet originele wisselstukken en toebehoren kan negatieve gevolgen hebben op de werking en de veiligheid van de machine. De fabrikant wijst alle aansprakelijkheid af in geval van schade of letsels veroorzaakt door die producten.
■ De originele wisselstukken worden geleverd door de geautoriseerde dienstcentra en wederverkopers.
BELANGRIJK: Alle werkzaamheden voor onderhoud en afstelling die niet in deze handleiding beschreven zijn, moeten uitgevoerd worden door uw Wederverkoper of door een gespecialiseerd Centrum.
REINIGING
WAARSCHUWING
Voer de reiniging uit bij stilstaande machine. Tracht de sneeuw niet van de aflaat te verwijderen zonder eerst.
- het commando van de toevoerschroef losgelaten te hebben
- de contactsleutel verwijderd te hebben
- de batterij verwijder te hebben
Reinig de machine steeds na gebruik.
Neem de volgende instructies in acht bij het reinigen:
■ Schakel de motor uit.
■ Verwijder de batterij uit zijn huizing.
■ Laat de sneeuwruimer afkoelen.
■ Reinig de sneeuwruimer buiten en binnen met een geschikte borstel en/of perslucht.
WAARSCHUWING
Reinig de sneeuwruimer nooit met water, de elektrische inrichtingen zouden beschadigd worden en electrocutie kunnen veroorzaken.
STALLING
Wanneer de machine gedurende meer dan 30 dagen opgeborgen moet worden:
■ Reinig de sneeuwruimer nauwkeurig.
■ Controleer of de sneeuwruimer geen schade vertoont. Voer eventueel de nodige herstellingen uit.
- Indien de verf beschadigd is, moet men bijverven om roestvorming te voorkomen.
■ Bescherm de metalen oppervlaktes die aan roest blootgesteld zijn.
Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN
Deze handleiding verstrekt alle gegevens die u nodig hebt om de machine te kunnen gebruiken en om er op de juiste manier eenvoudige onderhoud-swerkzaamheden aan te kunnen verrichten, die de gebruiker zelf kan uitvoeren. Alle afstellingen en onderhoudshandelingen die niet beschreven zijn in deze handleiding moeten uitgevoerd worden door uw Verkoper of in een gespecialiseerd Centrum dat beschikt over de nodige kennis en uitrustingen om de werken correct uit te voeren, met respect voor het oorspronkelijk niveau van veiligheid van de machine. Handelingen die uitgevoerd werden in niet geschikte structuren of door onbekwame personen doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikant vervallen.
- Enkel de geautoriseerde dienstcentra mogen de herstellingen en onderhoudsingrepen in garantie uitvoeren.
- De geautoriseerde dienstcentra gebruiken enkel originele wisselstukken. De originele wisselstukken en toebehoren werden speciaal voor de machines ontwikkeld.
- Niet originele wisselstukken en toebehoren zijn niet goedgekeurd, het gebruik van niet originele wisselstukken en toebehoren leidt tot verval van de garantie.
- Men raadt aan de machine eens per jaar aan een geautoriseerd dienstcentrum toe te vertrouwen voor het onderhoud, assistentie en controle van de veiligheidsinrichtingen.
MOPLOSSEN
| PROBLEMEN MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING | ||
| De machine start niet | Geen batterij of batterij niet correct geplaatst. | Controleer de correcte plaatsing van de batterij |
| Tussenkomst bescherming overbelasting | Wacht enkele seconden voor automatische reset | |
| De toevoerschroef is bezet en de motor kan niet starten | Laat het startcomando onmiddellijk los en verwijder de hindernis. Tracht de machine opnieuw op te starten. | |
| De motor draait moeizaam | Toevoerschroef of uitlaatglijvlak verstopt, geblokkeerd door hindernissen of beschadigd. | Reinig de toevoerschroef en het glijvlak. Verwijder eventuele afval of vreemde voorwerpen. Vervang ze indien ze beschadigd zijn. |
| De condensator is defect. | Contacteer de assistentie of de wederverkoper. | |
| De motor valt plots stil | Elektrisch defect | Contacteer de assistentie of de wederverkoper. |
| Tussenkomst bescherming tegen overbelasting | Wacht 10 minuten en probeer opnieuw. | |
| Overdreven trillingen | Losse delen of toevoerschroef of rotor beschadigd. | Klem alle bevestigingsinrichtingen vast. Vervang de beschadigde delen nabij een geautoriseerd Assistentiecentrum. |
| Niet correct geplaatste steel. | Verzeker u ervan dat de steel op zijn plaats is. | |
| Verlies of vertraging bij wegschieten van de sneeuw. | Uitlaatglijvlak verstopt. Reinig het uitlaatglijvlak | Verwijder eventuele afval of vreemde voorwerpen uit de toevoerschroef. |
| Toevoerschroef geklemd. | ||
| De sneeuwruimer laat een dunne laag sneeuw op het terrein. | Snijmes van de toevoerschroef versleten. | Contacteer het geautoriseerde dienstcentrum. |
Greenworks Tools garantiebeleid voor doe-het-zelfmachine
PÉRIODE DE LA GARANTIE
Naam en adres van de persoon, bevoegd voor het samenstellen van de technische fiche:
Naam: Peter Söderström
Adres: Greenworks Tools Europe AB, Propellergatan 1, 211 19 Malmö, Sweden
Hierbij verklaren wij dat het product
Categorie ...... SNEEUWRUIMER
Model 2600007
Serienummer ...... Zie machineplaatje
Bouwjaar ...... Zie machineplaatje
■ is in overeenstemming met de relevante bepalingen van de Machine Richtlijn (2006/42/EC)
■ is in overeenstemming met de bepalingen van de volgende andere EC-richtlijnen EMC Richtlijn (2014/30/EU),
Geluidsrichtlijn (2000/14/EC gewijzigd door 2005/88/EC)
En bovendien verklaren we dat
■ de volgende (onderdelen/clausules van) Europese geharmoniseerde normen werden gebruikt
EN 60335-1; ISO/DIS 8437; EN 62233, EN ISO 3744;
EN 55014-1; EN 55014-2; ISO 11904
Gemeten geluidsniveau 94.9 dB(A)
Gegarandeerd geluidsniveau 96 dB(A)
Conformiteitsbeoordelingsmethode in overeenstemming met Bijlage VI / Richtlijn 2000/14/EC
Plaats, datum: Changzhou, 01/03/2017
Handtekening: Ted Qu Haichao