HS105 - Zaag SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HS105 SCHEPPACH in PDF-formaat.
| Technische specificaties | SCHEPPACH HS105 tafelcirkelzaag, motorvermogen 1800 W, zaagbladdiameter 250 mm, toerental onbelast 5000 t/min. |
|---|---|
| Tafelmaten | Aluminium tafel, afmetingen 600 x 800 mm, uitbreidbaar voor grotere werkstukken. |
| Zaagcapaciteit | Zaagcapaciteit bij 90°: 85 mm, zaagcapaciteit bij 45°: 60 mm. |
| Gebruik | Ideaal voor het zagen van hout, spaanplaten, MDF en vergelijkbare materialen. |
| Onderhoud | Controleer regelmatig de staat van het zaagblad, reinig de tafel na elk gebruik, smeer bewegende delen. |
| Veiligheid | Draag een veiligheidsbril, handschoenen en volg de veiligheidsinstructies in de gebruiksaanwijzing. |
| Algemene informatie | Gewicht: 32 kg, 2 jaar fabrieksgarantie, voldoet aan CE-veiligheidsnormen. |
Veelgestelde vragen - HS105 SCHEPPACH
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HS105 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HS105 van het merk SCHEPPACH.
GEBRUIKSAANWIJZING HS105 SCHEPPACH
TafelcirkelzaagVertaling van de originele gebruikshandleiding
Verklaring van de symbolen op het product Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico’s. De veilig- heidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico’s en kunnen de juiste maatregelen betreende ongevallenpreventie niet vervangen. Lees voorafgaand aan de ingebruikname de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften. Draag een veiligheidsbril. Draag gehoorbescherming. Draag een stofmasker. LET OP: Gevaar voor letsel! Raak het draaiende zaagblad niet aan. Zaaghoogte bij 90°: 90 mm Zaaghoogte bij 45°: 65 mm Dikte van de splijtwig: 2 mm Beschermingsklasse II (dubbel geïsoleerd) Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. Het product voldoet aan de geldende Servische richtlijnen.www.scheppach.com
6a. Linker kijkglas 6b. Rechter kijkglas 6c. Vleugelmoeren 6d. Volgring 6e. Slotbout 6f. Zeskantmoer
13. Aan/uit-schakelaar
20a. vastzetgreep 20b. Aanslagrail 20c. Vleugelmoer
24. Opslag afschuiningsaanslag
Pos. Aantal Aanduiding 1 1x Zaagbladbescherming 2 1x Splijtwig 6 1x Parallelaanslag
Fabrikant: Scheppach GmbH Günzburger Str. 69 D-89335 Ichenhausen Geachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe product. Uitsluiting van aansprakelijkheid De fabrikant van dit product is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan- sprakelijk voor schade die aan dit product of door dit product ontstaan bij:
- Ondeskundige behandeling,
- Het niet in acht nemen van de gebruiksaanwijzing,
- Reparaties door derden, niet geautoriseerde vak- mensen,
- Inbouw en vervanging van niet-originele onderdelen,
- Niet-beoogd gebruik.
- Uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en-voorschriften 0100, DIN 57113 / 0113. Let op: De gebruikshandleiding maakt deel uit van dit product. Deze bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het product veilig, vakkundig en economisch werkt, hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitvaltij- den vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het product verhoogt. Aanvullend op de veilig- heidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het product geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met alle bedienings- en veiligheidsinstructies. Gebruik het product uitsluitend als beschreven en voor de aan- gegeven toepassingen. Bewaar de gebruikshandlei- ding daarom goed, en verstrek alle documentatie als het product wordt doorgegeven aan derden.
2. Productbeschrijving
Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd ge- bruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of indus- triële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in be- drijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemin- gen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet. Andere algemene arbo-, gezondheids- en veiligheids- voorschriften moeten in acht worden genomen. m LET OP Bij het gebruik van het product moeten enkele veilig- heidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees daarom zorgvuldig de- ze gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften door. Bewaar deze daarom goed, zodat u de informa- tie te allen tijde ter beschikking heeft. Als het product aan een derde wordt overhandigd, dient u tevens deze gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften te overhandigen. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze gebruikshandleiding of de vei- ligheidsvoorschriften. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan de machine worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade. Ondanks beoogd gebruik kunnen bepaalde restrisico- factoren niet volledig worden vermeden. Op grond van de constructie en montage van de machine kunnen de volgende risico’s optreden:
- Aanraken van het zaagblad in het niet afgedekte zaaggebied
- In het draaiende zaagblad grijpen (snijwonden)
- Terugslag van werkstukken en delen van werkstuk- ken
- Wegslingeren van slechte hardmetalen delen van het zaagblad
- Gehoorschade wanneer de nodige gehoorbescher- ming niet wordt gedragen
- Schadelijke emissies van houtstof bij gebruik in af- gesloten ruimtes. 15 4x Onderstelvoet 16 2x Dwarsarm onderstel (kort) (B) 16 a 2x Dwarsarm onderstel (lang) (A) 17 2x Kantelbeveiligingsbeugel 18 4x Rubbervoet 20 1x Afschuiningsaanslag 20b 1x Aanslagrail (afschuiningsaanslag) A 28x Borgtandmoer B 28x Inbusbout (M6x12) D 1x Ringsleutel (SW10/SW13) E 1x Ringsleutel (SW10/SW21) F 1x Schuifstok 1x Gebruiksaanwijzing
De tafelcirkelzaag dient voor het in de lengte en dwars (alleen met afschuiningsaanslag) zagen van alle soor- ten hout en kunststof, overeenkomstig de machine- grootte. Rondhout, van welke soort dan ook, mag niet gezaagd worden. Er mogen uitsluitend voor de machine geschikte zaag- bladen (HM- of CV-zaagbladen) worden gebruikt. Het gebruik van alle typen HSS-zaagbladen en snijwie- len is verboden. Aanwijzingen: Voor het juiste gebruik van de installatie dienen de voorschriften, veiligheidsvoorschriften, beschrijvingen en aanwijzingen en in deze gebruikshandleiding te worden opgevolgd. De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsook de in de gebruikshandleiding aan- gegeven afmetingen moeten in acht worden genomen. Er mogen uitsluitend werkzaamheden aan het product worden uitgevoerd die in deze gebruikshandleiding zijn beschreven. Alle overige onderhouds- en reparatie- werkzaamheden die niet in deze gebruikshandleiding worden beschreven, moeten door een servicecentrum worden uitgevoerd.www.scheppach.com
b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeistoen, gas of stof bevinden. Elektrisch apparaat produceert vonken, waardoor stof of dampen kunnen ontbranden. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische ge- reedschap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen.
2. Elektrische veiligheid
a) De aansluitstekker van het elektrische ge- reedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze wor- den gewijzigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok. b) Let op dat u geen fysiek contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radia- toren, elektrische haarden, koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elektrische schok. d) Gebruik het netsnoer niet om het elektrische gereedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het netsnoer uit de buurt van hitte, scher- pe randen of bewegende delen. Beschadigde of opgewikkelde snoeren verhogen het risico op een elektrische schok. e) Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een ver- lengsnoer dat ook geschikt is voor gebruik buitenshuis. De toepassing van een voor bui- tenshuis gebruik geschikt verlengsnoer vermin- dert het risico op een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereed- schap in een vochtige omgeving niet kan wor- den vermeden, gebruik dan een aardlekscha- kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok. Verklaring van de signaalwoorden in de gebrui- kershandleiding GEVAAR Signaalwoord voor aanduiding van een direct aanwezige, gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, de dood of ernstige verwondingen tot gevolgd heeft. WAAR- SCHUWING Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot de dood of ernstige verwondingen kan leiden. VOORZICH- TIG Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot geringe of matige verwondingen kan leiden. LET OP Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigendommen tot gevolg kan hebben. AANWIJ- ZING Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigendommen tot gevolg kan hebben.
5. Veiligheidsvoorschriften
Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektri- sche apparaten m WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidsvoor- schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni- sche gegevens die bij dit elektrische gereedschap zijn meegeleverd. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij- zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip “Elektrisch gereedschap” is van toepassing op netge- voed elektrisch gereedschap (met netsnoer) of op ac- cugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer).
1. Veiligheid op de werkplek
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed ver- licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen leiden tot ongevallen.www.scheppach.com
Achteloos handelen kan in een fractie van een se- conde tot ernstige verwondingen leiden.
4. Gebruik en behandeling van het elektrisch ge-
reedschap a) Zorg dat het elektrische gereedschap niet overbelast raakt. Gebruik voor de werkzaam- heden het daarvoor bedoelde elektrische ge- reedschap. Met het juiste elektrische apparaat werkt u beter en veiliger in het aangegeven ver- mogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch apparaat, waarvan de schakelaar defect is. Een elektrisch gereed- schap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan wor- den, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver- wijder de uitneembare accu voordat u de appa- raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor- zorgsmaatregel voorkomt dat het elektrische ge- reedschap per ongeluk wordt gestart. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten buiten bereik van kinderen. Laat het elektrisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk als deze door onervaren personen wor- den gebruikt. e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische apparaten en inzetstukken. Controleer of be- wegende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische apparaat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhou- den elektrische apparaten. f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden klemt minder snel vast en is makkelijker te gebruiken. g) Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandigheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere toepassingen dan het voorgeschreven gebruik kan leiden tot ge- vaarlijke situaties.
3. Veiligheid van personen
a) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werk- zaamheden met elektrisch gereedschap. Maak geen gebruik van elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van on- achtzaamheid bij gebruik van het elektrische ge- reedschap kan leiden tot ernstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepassing ervan, verkleint het risico op verwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Con- troleer of het elektrisch gereedschap is uitge- schakeld voordat u het op de stroomvoorzie- ning en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schake- laar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschap of de moersleutel, voordat u het elektrische gereedschap inscha- kelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel van het elektrische gereed- schap bevindt, kan verwondingen veroorzaken. e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange haren kunnen worden vastgegrepen door bewegende delen. g) Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kun- nen worden gemonteerd, moeten deze worden aangesloten en juist worden toegepast. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschrif- ten voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat.www.scheppach.com
d) Controleer voor het inschakelen van het elek- trisch gereedschap of het zaagblad niet de vei- ligheidsafdekking, de splijtwig of het werkstuk raakt. Onvoorziene aanraking van deze compo- nenten met het zaagblad kan tot een gevaarlijke situatie leiden. e) Stel de splijtwig af volgens de beschrijving in deze gebruikshandleiding. Onjuiste afstanden, positie en uitlijning kunnen de reden er voor zijn dat de splijtwig een terugslag niet vermijdt. f) Opdat de splijtwig kan functioneren, moet deze zich in de zaagsnede bevinden. Bij sneden in werkstukken die te kort zijn, om de splijtwig te la- ten functioneren, is de splijtwig niet actief. Onder deze voorwaarden kan een terugslag niet door de splijtwig worden voorkomen. g) Gebruik het zaagblad dat bij de splijtwig past. Om ervoor te zorgen dat de splijtwig goed werkt, moet de diameter van het zaagblad dunner zijn dan bij de splijtwig passen, moet het basisblad van het zaagblad dunner zijn dan de splijtwig en moet de bandbreedte dikker zijn dan de dikte van de splijtwig. Veiligheidsvoorschriften voor het zagen a) m GEVAAR: Kom met uw vingers en handen nooit in de buurt van het zaagblad of in het zaaggebied. Een moment van onachtzaamheid of bij wegslippen kan uw hand in het zaagblad schie- ten wat kan leiden tot ernstig letsel. b) Geleid het werkstuk alleen tegen de draairich- ting van de het zaagblad of snijwerktuig in. Aanvoeren van het werkstuk in dezelfde richting als de draairichting van het zaagblad boven de ta- fel kan er toe leiden dat het werkstuk en uw hand in het zaagblad wordt getrokken. c) Gebruik bij langssneden nooit de verstekaan- slag om het werkstuk aan te voeren, en gebruik bij dwarssneden met de verstekaanslag nooit de parallelaanslag voor de lengte-instelling. Het gelijktijdig aanvoeren van het werkstuk met de parallelaanslag en de verstekaanslag verhoogt de risico dat het zaagblad komt vast te zitten en er een terugslag ontstaat. h) Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greepoppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden.
a) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd deskundig personeel re- pareren met uitsluitend originele reserveon- derdelen. Hiermee wordt de veiligheid van het elektrische gereedschap gewaarborgd. m WAARSCHUWING Gevaar door elektrische elektromagnetisch veld Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagne- tisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. - Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te be- perken, raden we personen met medische im- plantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt. Veiligheidsvoorschriften voor tafelcirkelzagen Veiligheidsafdekkingsgerelateerde veiligheidsvoor- schriften a) Laat de veiligheidsafdekkingen gemonteerd. Veiligheidsafdekkingen moeten functionerend en juist gemonteerd zijn. Losse, beschadigde of niet juist functionerende veiligheidsafdekkingen moeten worden gerepareerd of worden vervan- gen. b) Gebruik voor eindsneden altijd de zaag- blad-veiligheidsafdekking en de splijtwig. Voor eindsneden waarbij het zaagblad volledig door de werkstukdikte zaagt, reduceert de veiligheidsaf- dekking en andere veiligheidsvoorzieningen het risico op letsel. c) Bevestig na het voltooien van afgedekte sne- den, zoals vouwen, opdelen tijdens het om- slaan of gutsen, de splijtwig weer in de boven- ste eindstand. Plaats de veiligheidsafdekking terug, terwijl de splijtwig zich in de bovenste eindstand bevindt. De veiligheidsafdekking en de splijtwig verminderen het risico op letsel.www.scheppach.com
l) Gebruik voor langssneden aan de werkstuk- ken die dunner zijn dan 2 mm, een extra pa- rallelaanslag die contact heeft met het tafelop- pervlak. Dunnere werkstukken kunnen vastlopen achter de parallelaanslag wat tot terugslag kan leiden. Terugslag − Oorzaken en overeenkomstige veilig- heidsvoorschriften Een terugslag is een plotselinge reactie van het werkstuk als gevolg van een hakend, vastklemmend zaagblad of een door het zaagblad schuin uitgevoer- de zaagsnede in het werkstuk of als een deel van het werkstuk tussen het zaagblad en de parallelaanslag of een ander vast object wordt vastgeklemd. In de meeste gevallen wordt bij een terugslag het werk- stuk door het achterste gedeelte van het zaagblad vast- gegrepen, van de zaagtafel opgetild en in de richting van de operator geslingerd. Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de tafelcirkelzaag. Dit kan door passende voorzorgsmaatregelen worden voorkomen, zoals hieronder beschreven. a) Sta nooit direct in lijn met het zaagblad. Ver- blijf altijd aan de zijde van het zaagblad waar de aanslagrail zich bevindt. Bij een terugslag kan het werkstuk met hoge snelheid naar perso- nen worden geslingerd die voor en op lijn met het zaagblad staan. b) Grijp nooit over of achter het zaagblad om het werkstuk aan te trekken of te steunen. Hierdoor kan het zaagblad onvoorzien worden aangeraakt of kan een terugslag ontstaan waardoor uw vin- gers in het zaagblad kunnen worden getrokken. c) Houd en druk het werkstuk, dat wordt afge- zaagd, nooit tegen het draaiende zaagblad. Door het werkstuk, dat wordt afgezaagd, tegen het zaagblad te drukken, wordt deze vastgeklemd en ontstaat er een terugslag. d) Lijn de aanslagrail parallel uit met het zaag- blad. Een niet uitgelijnde aanslagrail drukt het werkstuk tegen het zaagblad en genereert zo een terugslag. e) Gebruik bij afgedekte zaagsneden (bijv. vou- wen, gutsen of opdeling tijdens het omslaan) een drukkam om het werkstuk tegen de tafel en de aanslagrail te geleiden. Met een drukkam kunt u het werkstuk bij terugslag beter onder con- trole houden. d) Houd bij langssneden het werkstuk altijd vol- ledig in contact met de aanslagrail en voer de aanvoerkracht op het werkstuk altijd uit tussen de aanslagrail en het zaagblad. Gebruik een schuifstok als de afstand tussen de aanslag- rail en het zaagblad minder is dan 150 mm en een schuifblok als de afstand minder is dan 50 mm. Dergelijke hulpmiddelen zorgen er voor dat uw hand op veilige afstand van het zaagblad blijft. e) Gebruik uitsluitend de meegeleverde schuif- stok van de fabrikant of een die overeenkom- stig de instructies is vervaardigd. De schuif- stok zorgt voor voldoende afstand tussen hand en zaagblad. f) Gebruik nooit een beschadigde of ingezaag- de schuifstok. Een beschadigde of ingezaagde schuifstok kan breken en er toe leiden dat uw hand in het zaagblad terecht komt. g) Werk niet “zonder handbescherming”. Gebruik altijd de parallelaanslag of de verstekaanslag om het werkstuk aan te leggen en te geleiden. “Zonder handbescherming” betekent dat het werk- stuk in plaats van met de parallelaanslag of de ver- stekaanslag met de handen wordt ondersteund of geleid. Het zagen zonder handbescherming leidt tot onjuiste uitlijning, vastklemmen en terugslag. h) Grijp nooit om of over een draaiend zaagblad. Het grijpen naar een werkstuk kan tot onvoorzien aanraken van het draaiende zaagblad leiden.
i) Ondersteun lange en/of brede werkstukken
achter en/of aan de zijkant van de zaagtafel zo- dat deze horizontaal blijven. Lange en/of brede werkstukken kunnen aan de rand van de zaagtafel kantelen; dit leidt tot minder controle, vastklem- men van het zaagblad en terugslag. j) Voer het werkstuk gelijkmatig aan. Verbuig, verdraai of verschuif het werkstuk niet. Als het zaagblad vastklemt, schakelt u het elektrisch gereedschap direct uit, trekt u de voedings- stekker los en verhelpt u de oorzaak voor het vastklemmen. Het vastklemmen van het zaag- blad door het werkstuk kan leiden tot terugslag of het blokkeren van de motor. k) Verwijder niet het afgezaagde materiaal ter- wijl de zaag loopt. Afgezaagd materiaal kan zich vastzetten tussen het zaagblad en de aanslagrail of in de veiligheidsafdekking vast komen te zitten en bij het verwijderen uw vingers in het zaagblad trekken. Schakel de zaag uit en wacht tot het zaag- blad tot stilstand is gekomen, voordat u het mate- riaal verwijdert.www.scheppach.com
c) Stel de tafelcirkelzaag op een locatie op die waterpas is en goed wordt geventileerd en waar u veilig kunt staan en het evenwicht kunt bewaren. De opstellingslocatie moet voldoen- de ruimte bieden om de maat van uw werkstuk- ken goed te kunnen hanteren. Rommel en slecht verlichte werkomgevingen en oneen, gladde vloeren kunnen leiden tot ongevallen. d) Verwijder regelmatig het zaagsel en zaagmeel onder de zaagtafel en/of uit de stofafzuiging. Opgehoopt zaagmeel is brandbaar en kan uit zich- zelf gaan ontbranden. e) Borg de tafelcirkelzaag. Een tafelcirkelzaag die niet volgens de voorschriften is geborgd, kan gaan bewegen of kantelen. f) Verwijder instelgereedschap, houtresten etc. van de tafelcirkelzaag voordat u deze inscha- kelt. Aeiding of mogelijk vastklemmen kan ge- vaarlijk zijn. g) Gebruik altijd zaagbladen van het juiste for- maat en met passende opnameboring (bijv. ruitvormig of rond). Zaagbladen, die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen niet rond en leiden tot verlies van de controle. h) Gebruik nooit beschadigd of onjuist montage- materiaal voor het zaagblad, zoals bijv. en- sen, onderlegringen, schroeven of moeren. Het montagemateriaal van dit zaagblad is speciaal afgestemd op uw zaag en staat garant voor opti- maal vermogen en bedrijfsveiligheid.
i) Ga nooit op de tafelcirkelzaag staan en ge-
bruik de tafelcirkelzaag niet als opstapkrukje. Er kan ernstig letsel ontstaan als het elektrisch gereedschap kantelt of als u onvoorzien met het zaagblad in aanraking komt. j) Controleer of het zaagblad in de juiste draai- richting is gemonteerd. Gebruik geen slijp- schijf of staalborstel met de tafelcirkelzaag. Ondeskundige montage van het zaagblad of het gebruik van niet aanbevolen accessoires kan tot ernstig letsel leiden. Veiligheidsvoorschriften voor de behandeling van zaagbladen
1. Gebruik alleen inzetstukken als u weet hoe u er-
2. Houd rekening met het maximale toerental. Het
maximale toerental dat op het inzetstuk staat ver- meld, mag niet worden overschreden. Houd u, in- dien aangegeven, aan het toerentalbereik. f) Weeg met name voorzichtig bij het zagen in verborgen bereiken van samengevoegde werk- stukken. Het invallende zaagblad kan in objecten zagen die een terugslag kunnen veroorzaken. g) Ondersteun grote platen om het risico op een terugslag door een ingeklemd zaagblad te ver- minderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen moeten overal worden ondersteund waar deze uitsteken ten opzichte van het tafelblad. h) Wees met name voorzichtig bij het zagen van werkstukken die verdraaid, los zitten of vervormd zijn of niet over een rechte kant be- schikken waarmee ze met een verstekaanslag of langs een aanslagrail kunnen worden ge- leid. Een vervormd, losgeraakt of verdraaid werk- stuk is instabiel en leidt tot onjuiste uitlijning van de zaagvoeg met het zaagblad, zal vastklemmen en een terugslag veroorzaken.
i) Zaag nooit meerdere op elkaar of achter elkaar
gestapelde werkstukken. Het zaagblad kan een of meer onderdelen vastgrijpen en een terugslag veroorzaken. j) Als u een zaag, die in het werkstuk steekt, weer wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaag- snede dusdanig dat de zaagtanden niet in het werkstuk vastzitten. Als het zaagblad vastklemt, kan deze het werkstuk optillen en een terugslag veroorzaken als de zaag opnieuw wordt gestart. k) Zorg dat de zaagbladen schoon blijven, scherp en voldoende geschrankt is. Gebruik nooit vervormde zaagbladen of zaagbladen met scheuren of afgebroken tanden. Scherpe en juist geschrankte zaagbladen minimaliseren het vastklemmen, blokkeren of terugslag. Veiligheidsvoorschriften voor het gebruik van de tafelcirkelzagen a) Schakel de tafelcirkelzaag uit en koppel deze los van de stroomvoorziening voordat u het ta- felinzetstuk verwijderd, het zaagblad vervang, instellingen aan de splijtwig of de afdekking van het zaagblad aanbrengt en als de machine zonder toezicht is. Voorzorgsmaatregelen die- nen ter vermijding van ongevallen. b) Laat de tafelcirkelzaag nooit zonder toezicht lopen. Schakel het elektrisch gereedschap uit en ga pas weg als deze volledig tot stilstand is gekomen. Een zaag die zonder toezicht draait, vormt een ongecontroleerd gevaar.www.scheppach.com
19. Voorkom bij het zagen van hout en kunststoen
een oververhitting van de zaagtanden. Reduceer de aanvoersnelheid om te voorkomen dat het kunststof smelt.
20. Houd er rekening mee dat gecompliceerde pro-
cessen met verborgen sneden en het snijden van afschuiningen/wiggen niet zijn toegestaan.
21. Voer lengtesneden met een neiging niet op de zij-
de uit, waarnaar de neiging is gericht.
22. Controleer bij de montage of instelling van de pa-
rellelaanslag of de parallelaanslag parallel ten op- zichte van het zaagblad staat.
3. Let op de draairichting van de motor en het zaag-
4. Gebruik geen inzetstukken dat barsten vertoont.
Gooi het inzetstukken weg als het barsten ver- toont. Reparatie is niet toegestaan.
5. De klemoppervlakken moeten van vuil, vet, olie en
water worden ontdaan.
6. Gebruik geen losse pasringen of -bussen om het
boorgat van cirkelzaagbladen te verkleinen.
7. Zorg ervoor dat de bevestigde pasringen voor de
borging van het inzetstuk dezelfde parameter heb- ben en dat ze minimaal 1/3 van de snijdiameter hebben.
8. Zorg, dat bevestigde pasringen evenwijdig staan
9. Wees voorzichtig bij het gebruik van de inzetstuk-
ken. Bewaar ze bij voorkeur in de originele verpak- king en of in speciale houders. Draag veiligheids- handschoenen om de grip te vergroten en de kans op persoonlijk letsel nog verder terug te dringen.
10. Controleer voordat u de inzetstukken gebruikt of
de veiligheidsvoorzieningen correct zijn bevestigd.
11. Controleer vóór gebruik of het toegepaste inzet-
stuk aan de technische eisen van deze machine voldoet en of het goed bevestigd is.
12. Gebruik het meegeleverde zaagblad alleen voor
het zagen van hout en nooit voor het bewerken van metalen.
13. Gebruik het juiste zaagblad voor het te bewerken
14. Gebruik alleen een zaagblad met een diameter die
op de zaag staat aangegeven.
15. Gebruik alleen zaagbladen, die met een gelijk of
hoger toerental dan op het elektrisch gereedschap gemarkeerd zijn.
16. Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen
zaagbladen, die, indien deze voor het zagen van hout of gelijksoortige materialen zijn bedoeld, overeenkomen met EN 847-1.
17. Draag geschikte persoonlijke beschermingsmid-
delen, zoals bijv.: - Gehoorbescherming; - Veiligheidshandschoenen bij het hanteren van zaagbladen.
18. Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen
zaagbladen die voldoen aan EN 847-1. Waarschu- wing! Let er bij het wisselen van het zaagblad op, dat de zaagbreedte niet geringer en de dikte van het stamblad niet groter is dan de dikte van de splijtwig!www.scheppach.com
- Controleer de volledigheid van de leveringsomvang. Reclamaties moeten onmiddellijk worden gemeld aan de klantenservice. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
- Controleer de leveringsomvang op transportschade. Reclamaties moeten direct bij de “expediteur” wor- den gemeld. Reclamaties op een later tijdstip wor- den niet erkend.
- Bewaar de verpakking tot na het verstrijken van de garantietijd.
- Lees de gebruikshandleiding volledig door.
- Gebruik alleen originele reserveonderdelen of ac- cessoires. Originele onderdelen of originele acces- soires zijn verkrijgbaar bij uw leverancier.
- Controleer of de gegevens op het typeplaatje over- eenkomen met de gegevens van het stroomnet.
m WAARSCHUWING: Voor alle onderhouds-, om- bouw- en montagewerkzaamheden aan de tafelcirkel- zaag moet de voedingsstekker worden losgekoppeld. m Let op! Het apparaat moet voor de ingebruikname volledig zijn gemonteerd! Voor de montage heb je nodig: 1x ringsleutel (SW10/SW13) (D) 1x ringsleutel (SW10/SW21) (E)
- Plaats alle meegeleverde onderdelen op een vlakke ondergrond.
- Groepeer gelijke delen. AANWIJZING:
- Als verbindingen met een bout (ronde kop of zes- kant), zeskantmoeren en onderlegring worden ge- borgd, moet de onderlegring onder de moer worden aangebracht.
- Schroeven van buiten naar binnen aanbrengen, ver- bindingen met moeren van binnenuit vastzetten.
- Haal de moeren en bouten tijdens de montage alleen handvast aan, zodat ze er niet uitvallen. Als u de moe- ren en schroeven als voor de eindmontage aanhaalt, kan de eindmontage niet correct en stabiel worden opgesteld.
zaagtafel) op een vlak oppervlak. m WAARSCHUWING Overmatige en frequente geluidsbelasting kan leiden tot gehoorbeschadiging of gehoorverlies. - Draag gehoorbescherming - Las regelmatig pauzes in. Totale trillingswaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald conform EN 62841. Trillingseigenschap: Trilling ah: ≤ 2,5 m/s² AANWIJZING: De opgegeven geluidsemissiewaarden zijn gemeten volgens een standaard testmethode en kunnen worden gebruikt om elektrische apparaten met elkaar te vergelijken. De aangegeven geluidsemissiewaarden kunnen ook worden gebruikt als eerste indicatie van de belasting. WAARSCHUWING: De geluidsemissies kunnen van de opgegeven waarde afwijken wanneer de machine daadwerkelijk wordt gebruikt. Dit is afhankelijk van de wijze waarop het elektrisch apparaat wordt gebruikt en de aard van het werkstuk dat wordt bewerkt. Neem maatregelen om uzelf tegen geluidshinder te beschermen. Houd daarbij rekening met het complete werkproces, dus ook tijden, waarin het elektrisch gereedschap on- belast draait of uitgeschakeld is. Passende maatregelen omvatten onder andere het regelmatig onderhouden en verzorgen van het elektrisch gereedschap en van de inzetstukken, regelmatige pauzes evenals een goede planning van de werkprocessen.
m GEVAAR Gevaar op inslikken en verstikking Verpakkingsmateriaal, verpakkings- en transportbe- veiligingen zijn geen speelgoed. Kunststofzakken, folie en kleine onderdelen kunnen worden ingeslikt en tot verstikking leiden. - Zorg dat verpakkingsmateriaal, verpakkings- en transportbeveiligingen buiten het bereik van kin- deren worden gehouden.
- Open de verpakking en haal het product er voorzich- tig uit.
- Verwijder het verpakkingsmateriaal, de verpak- kings- en transportbeveiligingen (indien aanwezig).www.scheppach.com
c) de uitsparingen in de splijtwig (2) in de tappen van de splijtwighouder grijpen. d) het boorgat in de splijtwig (2) in de tappen van de splijtwighouder grijpen.
4. Sluit de klembeugel (2a).
8.2.3 Tafelinzetstuk plaatsen (afb. 4)
1. Plaats het tafelinzetstuk (22) in de uitsparing.
2. Open de vergrendeling (22b) door deze tegen de
wijzers van de klok in te draaien.
8.2.4 Zaagbladbescherming (1) monteren (afb. 1, 5)
1. Schuif het zaagblad (3) maximaal naar buiten,
door het handwiel (12) met de klok mee tot aan de aanslag te draaien.
van de splijtwig (2) en laat deze weer los.
4. Zorg ervoor dat de zaagbladbescherming (1) vrij
5. De demontage gebeurt in omgekeerde volgorde.
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door verkeerd gemonteerde zaag- bladbescherming - Voordat u begint met zagen, moet u ervoor zorgen dat de zaagbladbescherming (1) auto- matisch op het te zagen materiaal wordt neer- gelaten.
1. Zet de zaagbladbescherming (1) omhoog en laat
2. De zaagbladbescherming (1) moet zelfstandig te-
rugkeren naar de uitgangspositie.
8.3 Parallelaanslag plaatsen (afb. 8, 10)
1. Plaats de parallelaanslag (6) met geopende hen-
del parallelaanslag (19) eerst op het achterste ge- leideblad, daarna op het voorste geleideblad (9).
2. Om de positie van de parallelaanslag (6) te ver-
anderen, verschuift u de parallelaanslag (6) met geopende klemming parallelaanslag (19) langs het geleideblad.
3. Om de parallelle aanslag (6) in de gewenste po-
sitie vast te zetten, drukt u de klemming paralle- laanslag (19) helemaal in en stelt u de spanning zo nodig bij met de vleugelmoer (6f) (afb. 10).
2. Steek de vier onderstelpoten (15) in de betreende
uitsparingen in de machinebehuizing.
3. Schroef deze telkens met een inbusbout (B) en
een borgtandmoer (A) vast. Gebruik hiertoe de ringsleutel SW10 (D) en de ringsleutel SW10 (E).
4. Plaats telkens een dwarsarm onderstel (kort) (16)
en een dwarsarm onderstel (lang) (16a) tussen de onderstelpoten (15) aan de binnenzijde. Let op dat de lange zijde naar voren en de korte zijde aan de zijkant wordt geplaatst.
5. Bevestig de dwarsarmen onderstel (kort) (16) en
een dwarsarmen onderstel (lang) (16a) met tel- kens vier zeskantbouten (B) en vier borgtandmoe- ren (A) op de onderstelpoten (15). Gebruik hiertoe de bijgevoegde ringsleutel SW10 (D) om deze aan te halen.
6. Plaats een rubbervoet (18) op elke onderstelpoot
7. Monteer telkens een kantelbeveiligingsbeugel (17)
aan de achterste onderstelpoten (15). Schroef hiertoe telkens twee zeskantbouten (B) en twee borgtandmoeren (A) vast. Haal deze met de mee- geleverde ringsleutel SW10 (D) aan.
8. Draai het product voorzichtig om en leg deze op
8.2.1 Tafelinzetstuk verwijderen (afb. 4)
1. Stel het zaagblad (3) in op max. zaagdiepte, breng
deze in de 0°-positie en borgen het (zie 11.2 en 11.3).
2. Open de vergrendeling (22b) door deze met de wij-
zers van de klok mee te draaien.
3. Verwijder het tafelinzetstuk (22) van de zaagtafel
8.2.2 Splijtwig plaatsen en instellen (afb. 5)
Aanwijzing: De splijtwig (2) moet voor de ingebruikname worden gebruikt.
1. Open de klembeugel (2a).
2. Duw de splijtwig (2) in de houder. AANWIJZING:
Deze stap is niet nodig als de splijtwig (2) al is aan- gebracht.
3. Lijn de splijtwig (2) zodanig uit dat
a) de afstand tussen het zaagblad (3) en de splijtwig (2) max. 3-8 mm (afb. 5) is en b) het zaagblad (3) evenwijdig aan de splijtwig (2) is.www.scheppach.com
- De machine moet stabiel staan.
- Het zaagblad (3) moet vrij kunnen draaien.
- Let bij al bewerkt hout op vreemde voorwerpen, zo- als bijv. spijkers of schroeven etc.
- Voordat u de aan/uit-schakelaar (13) bedient, con- troleert u of het zaagblad (3) correct is gemonteerd en dat de bewegende delen soepel bewegen.
- Sluit de machine alleen aan op een correct geïnstal- leerd geaard stopcontact dat met minimaal 16 A is gezekerd.
10.1.1 Aan/uit-schakelaar en STOP-schakelaar
1. Om de zaag in te schakelen, drukt u op de “I”-toets
van de aan/uit-schakelaar (13). Wacht met zagen tot het zaagblad (3) zijn maximale toerental heeft bereikt.
2. Om de zaag uit te schakelen, drukt u de
STOP-schakelaar (14) in of tilt u de afdekkap op en drukt u op de aan/uit-schakelaar (13) de toets “0” in.
10.1.2 Overbelastingsbeveiligings (afb. 1)
Bij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelf uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer worden ingeschakeld.
1. Laat het product afkoelen.
2. Druk op de reset-knop (10).
3. Schakel de machine weer in zoals beschreven on-
Door te draaien aan het handwiel (12) kan het zaagblad (3) op de gewenste zaagdiepte worden ingesteld.
- Met de klok mee: grotere snijdiepte
- Tegen de klok in: kleinere zaagdiepte Controleer de instelling aan de hand van een testsnede.
10.3 Zaaghoek instellen (afb. 11)
Met de tafelcirkelzaag kunnen versteksneden naar links worden gemaakt van 0° tot 45° tot aan de paral- lelaanslag (6). m Controleer voor elke snede of er geen botsing mo- gelijk is tussen de parallelaanslag (6), afschuinings- aanslag (20) en het zaagblad (3).
8.4 Afschuiningsaanslag monteren (afb. 9)
1. Monteer de aanslagrail (5) op de afschuiningsaan-
slag (20) en maak beide vleugelmoeren (20c) vast.
2. Duw de afschuiningsaanslag (20) in de groef van
3. Maak de vastzetgreep (20a) los door deze tegen
de wijzers van de klok in te draaien.
4. Draai de afschuiningsaanslag (20) tot de pijl naar
de gewenste hoek wijst.
5. Zet deze positie vast door de vastzetgreep (20a)
met de wijzers van de klok mee te draaien.
8.5 Afzuiginstallatie aansluiten (afb. 7)
m WAARSCHUWING Gevaar voor oogletsel door ronddwarrelende spaanders - Draag een veiligheidsbril. - Bedien het product alleen met een geschikte spanenafzuiginstallatie. Gebruik geen huishoud- stofzuiger.
1. Sluit een geschikte spanenafzuiginstallatie (niet
meegeleverd) aan op de afzuigmof (21).
2. Sluit de afzuigslang van een geschikte spanenaf-
zuiginstallatie (bijv. een multifunctionele stofzui- ger) aan op de afzuigmof (21). LET OP Controleer en reinig regelmatig de afzuigkanalen.
9. Voor de ingebruikname
9.1 Algemene aanwijzingen
- Controleer of het product geheel gemonteerd is.
- Controleer of de veiligheidsafdekkingen aanwezig, geïnstalleerd en gebruiksklaar zijn.
- Controleer of de schakelaar conform de voorschrif- ten functioneren.
- Controleer of het product stabiel is opgesteld.
- Controleer of de stickers op het product aanwezig en leesbaar zijn. Ontbrekende of beschadigde stic- kers moeten worden vervangen of verwisseld.
- Controleer of de netspanning en de bedrijfsspan- ning overeenkomen, zie Technische gegevens.
- Controleer of de toevoerleidingen, verlengstukken, kabelhaspel, etc. niet te lang zijn. Anders kan er een spanningsval of een vertraagde start van de motor optreden.
- Controleer of de omgevingstemperatuur in acht wordt genomen.www.scheppach.com
1. Draai de klemming parallelaanslag (19) los.
2. Verschuif de parallelaanslag (6) tot de gewenste
afmeting op de schaalverdeling van het geleide- blad in het kijkglas (6a/6b) zichtbaar is. Aanwijzing: Als de parallelaanslag rechts van het zaagblad wordt gebruikt, gebruikt u het rech- ter kijkglas (6b). Als de parallelaanslag links van het zaagblad wordt gebruikt, gebruikt u het linker kijkglas (6a).
3. Druk de klemming parallelaanslag (19) volledig
naar beneden om deze te xeren.
4. Voer een testsnede uit en meet het afgezaagde
5. Als de maat niet met de schaalverdeling overeen-
komt, gaat u als volgt te werk:
6. Schuif de parallelaanslag (6) tegen het zaagblad
7. Draai de bout op het kijkglas (6a) los.
8. Verschuif het kijkglas (6a) naar nul.
- Bij het in de lengte zagen van houten delen moet de parallelaanslag (6) worden gebruikt.
- De parallelaanslag (6) kan op beide zijden van de zaagtafel (4) worden gemonteerd.
- Er bevindt zich een schaalverdeling op het geleide- blad aan de voorkant van de zaagtafel (4). Om de parallelaanslag (6) op een specieke afmeting in te stellen, gaat u als volgt te werk:
1. Draai de klemming parallelaanslag (19) los.
2. Verschuif de parallelaanslag (6) tot de gewenste
afmeting op de schaalverdeling van het geleide- blad in het kijkglas (6a) zichtbaar is. Aanwijzing: Als de parallelaanslag rechts van het zaagblad wordt gebruikt, gebruikt u het rechter kijkglas. Als de parallelaanslag links van het zaag- blad wordt gebruikt, gebruikt u het linker kijkglas.
3. Druk de klemming parallelaanslag(19) volledig
naar beneden om deze te xeren.
10.6 Instellen van de afschuiningsaanslag (20)
(afb. 1, 9) Schuif de aanslagrail (20b) niet te ver in de richting van het zaagblad (3). De afstand tussen aanslagrail (20b) en zaagblad (3) moet ca. 2 cm bedragen.
10.6.1 Afschuiningsaanslag instellen (afb. 1, 9)
1. Bevestig de aanslagrail (20b) op de afschuinings-
aanslag (20) door de vleugelmoer (21c) aan te draaien.
1. Draai de klemming hoekafstelling (11) los.
2. Stel de gewenste hoek op de schaalverdeling in
door tegelijkertijd het handwiel (12) in te drukken en te draaien.
De hoogte van het tafelinzetstuk (22) kan worden inge- steld met de vier stelbouten (22a).
1. Draai de gewenste stelbout (22a) met de wijzers
van de klok mee om het tafelinzetstuk op de betref- fende plaats op te tillen.
2. Om het tafelinzetstuk neer te laten, draait u de stel-
bout (22a) op het betreende punt tegen de wijzers van de klik in.
10.5 Gebruik van de parallelaanslag
10.5.1 Aanslaghoogte (afb. 12)
- Afhankelijk van de dikte van het te zagen materiaal, moet de aanslagrail (5) voor dik materiaal (meer dan 25 mm werkstukdikte) worden gedemonteerd en voor dun materiaal (minder dan 25 mm werkstukdik- te) worden gemonteerd.
10.5.2 Aanslagrail monteren/demonteren (afb. 8, 12)
1. voor het demonteren van de aanslagrail (5) draait
u de beide vleugelmoeren (6c) los om de aanslag- rail (5) van de parallelaanslag (6) los te maken.
2. Trek de aanslagrail (5) langs de groef naar buiten.
3. Verwijder de slotbouten (6e), sluitringen (6d) en
4. De montage van de aanslagrail (5) wordt uitge-
voerd in omgekeerde volgorde.
10.5.3 Zijde van de parallelaanslag wisselen (afb.
1. Draai de vleugelmoeren (6c) volledig los.
2. Verwijder de aanslagrail (5) en plaats de slotbou-
ten (6e) op de tegenoverliggende zijde van de pa- rallelaanslag (6) weer terug.
3. Plaats de volgringen (6d) en de vleugelmoeren
(6c) weer terug en haal deze aan.
- Er bevindt zich een schaalverdeling op het geleide- blad aan de voorkant van de zaagtafel (4). Om de parallelaanslag (6) op een specieke afmeting in te stellen, gaat u als volgt te werk:www.scheppach.com
- Gebruik een schuifstok of duwhout om het werkstuk langs het zaagblad te geleiden. Vervang direct een beschadigde of versleten schuifstok.
- Beveilig lange werkstukken tegen omkantelen aan het einde van het snijproces. Gebruik hiervoor bij- voorbeeld een rolstaander.
- Wacht na het inschakelen van de tafelcirkelzaag tot het zaagblad zijn maximale snelheid heeft bereikt alvorens de zaagsnede te maken.
- Bedien de tafelcirkelzaag alleen met een afzuigin- stallatie.
- Voer na elke nieuwe instelling een testsnede uit om de ingestelde afmetingen te controleren.
- Controleer en reinig regelmatig de afzuigkanalen.
11.2 Langssneden uitvoeren (afb. 13)
Gevaar! Zaag rechthoekige werkstukken altijd met de lang- ste zijde langs de parallelaanslag. Nooit met de korte zijde! Gevaar voor terugslag! Met een langssnede zaagt u een werkstuk in de lengte- richting. Een kant van het werkstuk moet hierbij tegen de parallelaanslag (6) worden gedrukt, terwijl de platte zijde op de zaagtafel (4) rust.
1. Stel de parallelaanslag (6) overeenkomstig in
op de hoogte van het werkstuk en de gewenste breedte (zie 11.5).
2. Tijdens het zagen wordt de zaagbladbescherming
(1) door het werkstuk omhoog geschoven.
3. Schakel eerst de afzuiginstallatie in en daarna de
4. Plaats uw handen met gesloten vingers plat op het
werkstuk en schuif deze op de parallelaanslag (6) langs het zaagblad (3).
5. Geef het werkstuk een zijdelingse geleiding door
het met de linkerhand slechts tot aan de voorste rand van de zaagbladbescherming (1) vast te hou- den.
6. Schuif het werkstuk altijd tot het einde van de
splijtwig (2) met de schuifstok (F) door.
11.2.1 Versteksneden uitvoeren (afb. 14)
Versteksneden worden altijd gemaakt met behulp van de parallelaanslag (6). De parallelaanslag (6) moet al- tijd rechts van het zaagblad (3) worden gemonteerd. Anders kunnen werkstukken tijdens het zagen tussen de parallelaanslag (6) en het zaagblad (3) worden vast- geklemd en worden weggeslingerd.
1. Stel het zaagblad (3) in op de gewenste hoek (zie
2. Schuif de afschuiningsaanslag (20) in een van de
beide geleidingsgroeven van de zaagtafel (4).
3. Maak de vastzetgreep (20a) los en draai de af-
schuiningsaanslag (20) tot de gewenste hoek is ingesteld.
4. Draai de vastzetgreep (20a) weer vast.
10.7 Uitbreiding van de werktafel voor bredere
zaagsnedes (afb. 1) Om de werktafel van de tafelcirkelzaag voor bredere zaagsnedes uit te breiden, gaat u als volgt te werk:
1. Open de klemhendel (8) voor de tafelverbreding.
2. Trek de tafelverbreding er voorzichtig uit tot de ge-
wenste breedte is bereikt. Let op dat de verbreding gelijkmatig wordt uitgetrokken, om een kantelen te vermijden.
3. Schroef de klemhendel (8) er weer op.
LET OP: Controleer of de tafelverbreding goed vast is, voordat u de zaag inschakelt. Een loszittende tafelver- breding kan de stabiliteit van het werkstuk nadelig be- invloeden hetgeen kan leiden tot gevaarlijke situaties.
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door verkeerde installatie - Controleer of het product correct is geïnstal- leerd. - Controleer het zaagblad op beweegbaarheid en controleer de bewegende delen op soepel lopen. LET OP Na het inschakelen van de zaag moet u wachten tot het zaagblad (3) het maximum toerental heeft bereikt, voordat u de zaagsnede uitvoert.
11.1 Werkinstructies
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel! Onjuist gebruik kan leiden tot ernstig letsel. - Neem de veiligheidsvoorschriften en werkin- structies in acht en volg ze op.
- Ga bij het uitvoeren van langssneden niet voor de tafelcirkelzaag staan, maar plaats uzelf in een hoek ten opzichte van het zaagverloop.
- Gebruik altijd de parallelaanslag voor versteksne- den.www.scheppach.com
11.5 Zagen van zeer smalle werkstukken (afb. 16)
Voor langssneden van zeer smalle werkstukken met een breedte van 50 mm en minder moet absoluut een duwhout worden gebruikt. Het duwhout is niet meege- leverd! (Verkrijgbaar bij uw lokale vakhandel) Vervang een versleten duwhout op tijd. Werkstukken kunnen bij het zagen tussen de paralle- laanslag (6) en het zaagblad (3) vastgeklemd raken, door het zaagblad (3) worden vastgegrepen of worden weggeslingerd. Daarom moet de voorkeur worden ge- geven aan het lage geleideoppervlak van de paralle- laanslag (6) (zie afb. 12).
1. Stel de parallelaanslag (6) overeenkomstig in
op de hoogte van het werkstuk en de gewenste breedte (zie 11.4).
2. Druk het werkstuk met het duwhout tegen de aan-
slagrail (5) en schuif het werkstuk met de schuif- stok (F) tot het einde van de splijtwig (2) door.
11.6 Spaanplaten zagen
Om te voorkomen dat de snijranden bij het zagen van spaanplaat afbreken, gaat u als volgt te werk: Het zaagblad (3) mag niet hoger dan 5 mm boven de dikte van het werkstuk worden ingesteld (zie ook 11.2).
1. Schakel eerst de tafelcirkelzaag en daarna de af-
zuiginstallatie uit. Het zaagblad draait nog enige tijd na.
2. Koppel de tafelcirkelzaag los van het stroomnet,
door de voedingsstekker uit het stopcontact te trekken.
3. Verwijder het zaagafval van de zaagtafel pas als
het zaagblad zich weer in rustpositie bevindt.
4. Laat de tafelcirkelzaag volledig afkoelen.
11.8 Vastgelopen materiaal verwijderen
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel aan vingers en handen door scher- pe randen - Draag veiligheidshandschoenen.
- Als het zaagblad in het werkstuk zich heeft vastge- klemd of als er andere blokkades optreden, gaat u als volgt te werk: Schakel de tafelcirkelzaag direct uit en trek de voedingsstekker uit het stopcontact.
- Gebruik veiligheidshandschoenen, grijp het zaag- blad niet vast met blote handen.
2. Stel de parallelaanslag (6) in op basis van de
breedte en hoogte van het werkstuk (zie 11.5).
3. Laat de zaagbladbescherming (1) op de zaagtafel
4. Voer de snede uit volgens de breedte van het
werkstuk (zie 12.2).
11.3 Dwarssneden uitvoeren (afb. 15)
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door draaiende delen en scherpe randen - Houd het geleide werkstuk vast. - Schuif het werkstuk met de afschuiningsaanslag naar voren tot het volledig is doorgezaagd.
1. Stel de afschuiningsaanslag (20) naar wens in (zie
11.6.1). Als het zaagblad (3) ook gekanteld moet
worden, schuift u de afschuiningsaanslag (20) in de rechter geleidingsgroef. Zo voorkomt u dat noch uw hand, noch de afschuiningsaanslag (20) in contact komt met de zaagbladbescherming (1).
2. Laat de zaagbladbescherming (1) op de zaagta-
fel (4) zakken. Tijdens het zagen wordt de zaag- bladbescherming (1) door het werkstuk omhoog geschoven.
3. Druk het werkstuk stevig tegen de afschuinings-
4. Schakel de afzuiginstallatie en vervolgens de ta-
5. Om de snede uit te voeren, schuift u de afschui-
ningsaanslag (20) en het werkstuk in de richting van het zaagblad (3).
11.4 Smalle werkstukken snijden (afb. 16)
Langssneden van werkstukken met een breedte van minder dan 120 mm moet worden uitgevoerd met be- hulp van een schuifstok (F). Voor korte werkstukken moet de schuifstok (F) al direct aan het begin van de snede worden gebruikt.
1. Stel de parallelaanslag (6) overeenkomstig in
op de hoogte van het werkstuk en de gewenste breedte (zie 11.5).
2. Plaats uw handen met gesloten vingers plat op het
werkstuk en schuif deze op de parallelaanslag (6) langs het zaagblad (3).
3. Schuif het werkstuk altijd tot het einde van de
splijtwig (2) met de schuifstok (F) door.www.scheppach.com
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door onverwacht opstarten van de machine - Neem de voedingsstekker uit het stopcontact.
13.1 Algemene aanwijzingen
- Draag het product niet aan de tafelverbredingen (7), maar aan de zaagtafel (4).
- Verpak het product om transportschade t te voorko- men. Gebruik de originele verpakking.
- Bescherm het product tegen trillingen en schokken, met name wanneer u het in een voertuig vervoert.
- Let op voldoende borging van de lading, tijdens transport in een voertuig.
13.2 Productspecieke opmerkingen
1. Let bij het tillen van het product op het gewicht, zie
technische gegevens.
2. Schakel het elektrisch apparaat altijd uit voor
transport en koppel het los van de voeding.
3. Draag het elektrisch gereedschap in ieder geval
met twee personen, grijp het niet vast bij de ta- felverbredingen. Om te transporteren, tilt u het elektrische apparaat op aan de machinebehuizing.
4. Bescherm het elektrische apparaat tegen schok-
ken, stoten en sterke trillingen, bijvoorbeeld bij het transport in voertuigen.
5. Beveilig het elektrisch apparaat tegen kantelen en
6. Gebruik nooit de veiligheidsvoorzieningen om het
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door onverwacht opstarten van de machine - Neem de voedingsstekker uit het stopcontact. m WAARSCHUWING Waarschuwing voor onvoorzienbare gevaren en pro- ductschade - Voer nooit ongeoorloofde wijzigingen of repara- ties aan het product uit die niet zijn beschreven in de gebruikshandleiding. - Laat de hier niet beschreven werkzaamheden uitvoeren door een gespecialiseerde werkplaats.
m GEVAAR Gevaar voor elektrische schokken door het binnen- dringen van water in het inwendige gedeelte van het apparaat - Spuit het product nooit af met water. m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door onverwacht opstarten van de machine - Neem de voedingsstekker uit het stopcontact.
12.1 Product en zaagbladbescherming reinigen
LET OP Productschade door onvoldoende reiniging - Reinig het product na elk gebruik. LET OP Productbeschadiging door agressieve oplos- of reini- gingsmiddelen - Verwijder grof vuil met een borstel. - Maak het product schoon met een vochtige, scho- ne, pluisvrije doek en wat zachte zeep.
1. Verwijder stof en spaanders met een borstel na
2. Reinig de ventilatieopeningen zorgvuldig met een
12.2 Product met perslucht reinigen
LET OP Productbeschadiging door het gebruik van een te hoge druk op het persluchtinstallatie. Door met een hoge druk op de persluchtinstallatie het product te reinigen, kunnen elektrische componenten beschadigd raken. - Gebruik een persluchtinstallatie met een lage druk van max. 2 bar.
1. Zorg voor een geschikte afstand tot het product.
2. Verwijder zware verontreinigingen met een pers-
luchtinstallatie (max. 2 bar).
12.3 Spanenafzuiginstallatie reinigen
Een spanenafzuiginstallatie is niet meegeleverd. Volg voor de correcte reiniging van de afzuiginstallatie altijd de gebruikshandleiding van de desbetreende fabri- kant.www.scheppach.com
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel aan vingers en handen door scher- pe randen - Draag veiligheidshandschoenen.
14.4.1 Zaagbladbescherming en tafelinzetstuk
verwijderen (afb. 4)
de zaagbladbescherming (1) uit de groef van de splijtwig.(2).
3. Stel het zaagblad (3) in op max. zaagdiepte, breng
deze in de 0°-positie en borgen het (zie 11.3).
4. Open de vergrendeling (22b) door deze met de wij-
zers van de klok mee te draaien.
5. Verwijder het tafelinzetstuk (22) van de zaagtafel
14.4.2 Zaagblad verwijderen (afb. 4, 5, 6)
VOORWAARDE: Het zaagblad (3) moet op de maxi- male zaagdiepte worden ingesteld (zie 11.2).
1. Steek de ringsleutel SW21 (E) op de buitenste
zaagbladens (3b) en bevestig zo de aandrijfas.
2. Draai de ensbout (3c) met de ringsleutel SW13
(D) tegen de klok in, om de ensbout (3c) te ope- nen.
3. Houd het zaagblad (3) voorzichtig met één hand
ens (3b) van de aandrijfas af.
5. Haal nu het zaagblad (3) van de aandrijfas en trek
dit voorzichtig naar boven uit de zaagtafel (4).
14.4.3 Zaagblad plaatsen (afb. 6)
1. Reinig zorgvuldig de buitenste zaagbladens (3b)
voordat u een nieuw zaagblad (3) monteert.
2. Reinig de binnenens (3a) en plaats deze weer
3. Plaats een nieuw zaagblad (3) op de aandrijfas.
Let op de draairichting: De versteksneden van de tanden moet in de looprichting (naar voren) wijzen. Normaal gesproken wordt de looprichting ook op het zaagblad (3) aangegeven.
4. Plaats de buitenste zaagbladens (3b) terug op de
aandrijfas. Zorg ervoor dat de buitenste zaagblad- ens (3b) correct is uitgelijnd.
5. Schroef de ensbout (3c) met de hand op de aan-
14.1 Algemene aanwijzingen
- Controleer het product op losse, versleten of be- schadigde componenten.
- Controleer de stevige bevestiging van moeren, bou- ten en schroeven.
- Controleer afdekkingen en veiligheidsvoorzieningen op beschadigingen en juiste bevestiging.
- Controleer de elektrische aansluitingen. Reparaties aan de elektrische aansluitingen mogen alleen door een gespecialiseerde werkplaats worden uitge- voerd.
1. Olie om de levensduur van het apparaat te verlen-
gen eenmaal per maand de draaiende delen.
2. De motor niet oliën.
14.3 Koolborstels controleren en onderhouden
(afb. 17) Controleer de koolborstels bij een nieuwe machine na de eerste 50 bedrijfsuren of wanneer nieuwe kool- borstels worden gemonteerd. Controleer na de eerste controle om de 10 bedrijfsuren. Wanneer de koolstof tot een lengte van 6 mm versleten is of de veer of shuntdraad verbrand of beschadigd is, moet u beide borstels vervangen. Wanneer de borstels na het demonteren als inzetbaar beschouwd worden, kunt u ze weer inbouwen.
1. Kantel het zaagblad naar 45°. (zie 11.3)
2. Draai de tafelcirkelzaag op de zijkant op een vlak
3. Neem de motorafdekking weg door eerst twee
kruiskopbouten los te draaien.
4. Ontspan de veer van de koolborstels (25).
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel! Bij ondeskundig gebruik van de tafelcirkelzaag bestaat er gevaar op ernstige verwon- dingen. m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door onverwacht opstarten van de machine - Neem de voedingsstekker uit het stopcontact.www.scheppach.com
15.1 Bestelling van reserveonderdelen
Bij de bestelling van reserveonderdelen moeten de volgende gegevens worden vermeld:
Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Koolborstels, tafelinzetstuk, schuifstok, zaagblad
- niet persé meegeleverd!
m WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door onverwacht opstarten van de machine - Neem de voedingsstekker uit het stopcontact. LET OP Productbeschadiging door verkeerde opslag - Bewaar het product beschermd tegen vuil, stof en vocht. - Bewaar het product in de originele verpakking.
1. Bewaar het product op een donkere, droge en vorst-
vrije locatie buiten het bereik van onbevoegden.
2. De optimale opslagtemperatuur ligt tussen 5 °C en
3. Bewaar de gebruikshandleiding bij het product.
4. Schuif het zaagblad (3) maximaal omlaag, door het
handwiel (12) met de klok mee tot aan de aanslag te draaien (zie afb. 1).
5. Reservezaagbladen en de meegeleverde rings-
leutels (E + D) kunnen worden opgeborgen in de daarvoor bestemde opbergruimte voor zaagblad + ringsleutels (23) (zie afb. 18).
6. Draai voorzichtig het zaagblad (3) in de looprich-
ting: Het moet nauwkeurig gecentreerd zijn en mag geen “ei” zijn. Controleer op juiste bevesti- ging van het zaagblad (3) en de buitenste zaag- bladens (3b). Lijn de onderdelen opnieuw uit als het zaagblad niet precies gecentreerd is. m WAARSCHUWING Waarschuwing voor onvoorzienbare gevaren en productschade. - Controleer de instelling van het zaagblad na elke zaagbladvervanging.
7. Houd de buitenste zaagbladens (3b) met de
ringsleutel SW21 (E) vast.
8. Draai de ensbout (3c) met de ringsleutel SW13
(D) met de klok mee vast.
9. Monteer het tafelinzetstuk (22) en zaagbladbe-
15. Reparatie & bestellen van reserve-
onderdelen Na reparatie of onderhoud controleren of alle veilig- heidstechnische delen zijn bevestigd en in optimale toestand zijn. Delen, waarbij er gevaar voor verwon- ding voor andere personen en kinderen bestaat, on- toegankelijk bewaren. Let op: Conform de wetgeving voor productgaranties wordt er geen garantie geboden voor schade die ont- staan is door incorrecte reparaties of door het niet ge- bruiken van originele reserveonderdelen. Draag hiertoe een klantenservice of een geautoriseer- de specialist op. Overeenkomstig geldt dit ook voor accessoires. Reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij ons servicecentrum. Scan hiertoe de QR-code op de titelpagina. Aansluitingen en reparaties Aansluitingen en reparaties aan de elektrische appa- ratuur mogen uitsluitend door een elektromonteur wor- den uitgevoerd. Geef bij vragen de volgende gegevens door:
- Stroomtype van de motor
- Gegevens van het typeplaatje van de machinewww.scheppach.com
Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitslui- tend snoeren met dezelfde aanduiding. Op de aansluitkabel moet de type-aanduiding vermeld staan. Aansluitingen en reparaties aan de elektrische appa- ratuur mogen uitsluitend door een elektromonteur wor- den uitgevoerd.
17. 2 Wisselstroommotor
- De netspanning moet 220−240 V~ zijn.
- Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m een doorsnede hebben van 1,5 mm².
- Verlengsnoeren met een lengte van meer dan 25 m moeten een doorsnede van 2,5 mm
hebben. Aansluittype Y Als het netsnoer moet worden vervangen, dan moet dit door de fabrikant of zijn vertegenwoordiger worden ge- daan om veiligheidsrisico’s te voorkomen.
18. Afvalverwerking en hergebruik
Aanwijzingen op de verpakking De verpakkingsmaterialen zijn re- cyclebaar. Verpakkingen milieu- vriendelijk afvoeren. Aanwijzingen betreende de wetgeving Afgedank- te elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishoude- lijke afval, maar moeten worden ingeza- meld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Oude batterijen of accu’s die niet vast in het afge- dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór het afvoeren op niet-destructieve wijze worden ver- wijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wet- geving inzake batterijen.
- Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elek- tronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruik de batterijen en accu’s in te leveren.
- De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wis- sen van persoonsgerelateerde gegevens op het af te voeren afgedankte apparaat!
- Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak bete- kent dat afgedankte elektrische en elektronische ap- paratuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden gegooid.
6. De afschuiningsaanslag (20) kan in de houder
voor het bewaren van de afschuiningsaanslag (24) worden bewaard, die zich aan de zijkant van het product bevindt (zie afb. 18).
17. Elektrische aansluiting
De geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangesloten. De aansluiting voldoet aan de rele- vante VDE- en DIN-voorschriften. De netaanslui- ting ter plaatse en de gebruikte verlengsnoeren moeten eveneens aan deze voorschriften voldoen.
- Het product voldoet aan de eisen van EN 61000-3- 11 en valt onder de speciale aansluitvoorwaarden. Dit betekent dat gebruik op een willekeurig vrij te kiezen aansluitpunt niet toegestaan is.
- Het product kan tijdelijke spanningsschommelingen veroorzaken bij ongunstige condities van het elek- triciteitsnet.
- Het product is uitsluitend voorzien voor het gebruik op aansluitpunten, die a) een maximaal toegestane netimpedantie “Z” niet overschrijden, (Zmax. = 0,395 Ω) mag niet worden overschreden, of b) een duurstroombelastbaarheid van het netwerk van ten minste 100 A per fase hebben.
- Als gebruiker moet u, zo nodig in overleg met uw energiebedrijf, ervoor zorgen dat het aansluitpunt dat u voor het product wilt gebruiken aan een van beide genoemde eisen a) of b) voldoet.
17.1 Defect elektrisch netsnoer
Bij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de isolatie op. Mogelijke oorzaken zijn:
- Drukpunten, als aansluitkabels door venster- of deuropeningen worden geleid
- Knikken door een onvakkundige bevestiging of ge- leiding van het netsnoer
- Snijplekken omdat over het netsnoer is gereden
- Beschadigde isolatie omdat de stekker uit de wand- contactdoos is getrokken
- Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet worden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de iso- latie is beschadigd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Let erop dat bij het controleren het netsnoer niet op het stroomnet is aangesloten.www.scheppach.com
19. Verhelpen van storingen
Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Zaagblad laat los na het uitschakelen van de motor Bevestigingsmoer te licht aangedraaid Bevestigingsmoer rechts schroefdraad vastdraaien Motor start niet Uitval netzekering Netzekering controleren Verlengsnoer defect Verlengsnoer vervangen Aansluitingen op de motor of schakelaar niet OK Door elektricien laten controleren Motor of schakelaar defect Door elektricien laten controleren Motor heeft geen vermogen, de zekering wordt geactiveerd Onvoldoende doorsnede van het verlengsnoer Zie "Elektrische aansluiting Overbelasting door stomp zaagblad Zaagblad vervangen Brandplekken op de zaagsnede Stomp zaagblad Zaagblad slijpen (alleen door een geautoriseerde slijper) of vervangen Onjuist zaagblad Zaagblad vervangen Motor verkeerde Draairichting Condensator defect Door elektricien laten controleren Onjuiste aansluiting Laat een elektricien de polariteit van de wandcontactdoos veranderen - Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaar- den van de fabrikanten en distributeurs verzoe- ken wij u contact op te nemen met de betreende klantenservice.
- Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikant aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elek- trische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.
- Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden ge- installeerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Eu- ropese Unie kunnen andere voorschriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.
- Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunnen bij de volgende punten kosteloos worden ingeleverd: - Openbare afvalverwijderings- of inzamelingspun- ten (b.v. gemeentewerven). - Verkooppunten van elektrische apparaten (statio- nair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden. - Tot drie afgedankte elektronische apparaten per apparaattype, met een randlengte van niet meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven kopen, of naar een ander erkend verzamelpunt in je om- geving worden gebracht.www.scheppach.com
EU-conformiteitsverklaring Vertaling van de originele conformiteitsverklaring Wij verklaren onder eigen verantwoordelijkheid dat het hier beschreven pro- duct voldoet aan de geldende richtlijnen en normen. Het hier beschreven onderwerp van deze verklaring voldoet aan de voorschriften van richtlijn 2011/65/EU van het Europese Parlement en de Raad van 8 juni 2011 omtrent de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoen in elektrische en elektronische apparaten. * Technische documentatie verkrijgbaar bij: ** Artikelnummer *** Artikelnaam: Tafelcirkelzaag HS105 Merk ****
Notice-Facile