MH 2C - Hogedrukreiniger NILFISK - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MH 2C NILFISK in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - MH 2C NILFISK
Download de handleiding voor uw Hogedrukreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MH 2C - NILFISK en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MH 2C van het merk NILFISK.
GEBRUIKSAANWIJZING MH 2C NILFISK
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special Markering van aanwijzingen 1 Belangrijke veiligheids- aanwijzingen 2 Beschrijving 3 Vóór de inbedrijfstelling 4 Bediening/gebruik 5 Toepassingsgebieden en werkmethoden 6 Na het gebruik 7 Onderhoud 8 Eliminatie van storingen 9 Allerlei Inhoudsopgave
4.3 Drukregeling met de Variopress-spuitinrichting
6.1 De reiniger uitschakelen en de aanvoerleidingen afsluiten 78
6.2 Oprollen van het netsnoer alsook de hogedrukslang en
8.1 Melding aan het bedieningspaneel.....................................81
8.2 Nog meer storingen ............................................................82
9.1 Machine voor recycling beschikbaar maken ......................83
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special 1 Belangrijke veiligheidsinstrukties Markering van aanwijzingen De in dit hand- boek vermelde veiligheidsin- structies, waar- van het niet na- leven tot gevaar voor personen kan leiden, worden door dit ge- varensymbool speciaal gemar- keerd. Voor uw eigen veiligheid Het toestel mag - alleen door personen gebruikt worden die qua hantering ge- instrueerd zijn en uitdrukkelijk de opdracht gekregen hebben het toestel te bedienen - alleen onder toezicht bedre- ven worden - niet door kinderen gebruikt worden - Mag niet gebruikt worden door geestelijk of lichamelijk gehandicapte personen. VOORZICHTIG! De hogedrukstraal kan gevaar- lijk zijn als zij misbruikt wordt. De straal mag niet op personen, dieren, onder spanning staande installaties of op het toestel zelf worden gericht. Veiligheidskleding, gehoorbe- scherming en veiligheidsbril dra- gen. Gebruik de machine niet als er andere personen zonder be- schermende kleding op de werk- locatie aanwezig zijn. Richt de straal niet op u zelf of an- dere personen om kleding of schoe- nen te reinigen. Verwondingsgevaar! Richt de straal niet op levende dieren Tijdens het bedrijf van de machine treden aan de spuitinrichting terug- slagkrachten op. Indien de spuit- lans schuin staat, treedt er boven- dien een draaimoment op. Houdt u daarom de spuitinrichting met beide handen vast. Algemeen Het gebruik van de stofzuiger valt onder de geldende nationale be- palingen. Naast de gebruiksaanwijzing en de in het land waar het apparaat wordt gebruikt geldende, binden- de regelingen inzake ongevallen- preventie dienen ook de erkende vaktechnische regels voor veilig en oordeelkundig werk in acht te worden genomen. Elke werkwijze die gevaarlijk kan zijn voor de veiligheid dient te worden nagelaten. Laat de spuitkop niet open staan door deze vast te binden. Transport Voor het veilig transport in en op voertuigen bevelen wij aan dat het toestel met banden goed wordt bevestigd en dat de rem wordt aangehaald om te verhinderen dat het toestel kipt of slipt. Als het toestel en het toebehoren bij temperaturen van rond of on- der 0°C, antivries dient van tevo- ren in de pomp en de boiler ge- goten te worden overeenkomstig hoofdstuk 6. Voor de inbedrijfstelling Als uw machine een 3-fase-versie is en geleverd is zonder een plug, laat dan een geschikte 3-faseplug met een aardgeleider installeren door een elektricien. Vóór elke inbedrijfstelling moe- ten de netaansluitingsleiding en andere belangrijke delen van het toestel zoals de hogedrukslang en de spuitpistool gecontroleerd worden. Het toestel niet in bedrijf stellen als één van deze delen bescha- digd is. Het toestel zodanig opstellen dat de netstekker gemakkelijk bereikt kan worden. Controleer regelmatig of het net- Hier staan ad- viezen of in- structies, die het werk ge- makkelijker maken en voor een veilig bedrijf zorgen. Voordat u de hoge- drukreiniger in be- drijf neemt, dient u in ieder geval deze gebruiksaanwijzing door te lezen en hem binnen handbereik te bewaren. Dit symbool vindt u bij veiligheidsin- structies, waarvan het niet naleven ge- vaar voor het toe- stel en het functioneren ervan kan veroorzaken.69
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special snoer beschadigd of verweerd is. Gebruik uitsluitend hogedrukrei- nigers met een feilloos aansluit- kabel. Als het netsnoer beschadigd is dient deze, om gevaren te voor- komen, vervangen te worden door de fabrikant of via zijn klan- tenservice of een vergelijkbaar gekwalificeerd persoon. VOORZICHTIG! Niet geschikte verlengkabels kun- nen mogelijk gevaar opleveren. Rol de kabel altijd volledig van de rol af om te voorkomen dat het netsnoer oververhit raakt. De stekkers en de koppelingen van de netaansluitings- en ver- lengleidingen moeten waterdicht zijn. Bij het gebruik van een verleng- kabel dient u de minimale door- sneden van de kabel in acht te nemen: Kabellengte
Doorsnede <16 A <25 A tot 20 m ø1.5mm² ø2.5mm² 20 tot 50 m ø2.5mm² ø4.0mm² Controleer de nominale spanning van de zuiger, voordat u deze op het net aansluit. Overtuigt u er zich van dat de op het typeplaatje vermelde spanning overeenkomt met de plaatselijke netspanning. De elektrische aansluiting voor dit toestel moet door een elektro- monteur uitgevoerd zijn en aan IEC 60364 en de nationale voor- schriften voldoen. Er wordt aanbevolen dat in de elektrische aansluiting voor dit toestel - ofwel een aardlekschakelaar die de netspanning onder- breekt als de foutstrooom ge- durende 30 ms hoger dan 30 mA is, - of een aardingcontroleappa- raat opgenomen wordt. Controleer of van het te reinigen object gevaarlijke stoffen zoals b.v. asbest en olie kunnen losra- ken en het milieu kunnen vervui- len. Gevoelige delen van rubber, stof en dergelijke niet met de punt- straal reinigen. Bij het reinigen op voldoende afstand tussen de ho- gedruksproeier en het oppervlak letten om een beschadiging van het te reinigen oppervlak te ver- mijden. Gebruik de hogedrukslang niet als trekkabel. Maximaal toegelaten werkdruk en temperatuur staan op de hoge- drukslang gedrukt. Sla het apparaat vorstvrij op of gebruik antivries! Neem de machine nooit zonder water in gebruik. Zelfs een kort- stondig gebrek aan water kan tot ernstige beschadigingen van de pompmanchetten leiden! Aansluiting op het water Deze hogedrukreini- ger mag alleen aan- gesloten worden op het drinkwaternet als een geschikte terug- stroombeveiliging is geïnstal- leerd, van type BA volgens EN 60335-2-79. Indien de terug- stroombeveiliging niet geleverd is, kunt u deze bestellen bij uw leverancier. De lengte van de slang tussen de terugstroombe- veiliging en de hogedrukreiniger moet minimaal 6 meter zijn (min. doorsnee ¾ inch) om de mogelij- ke drukpieken te kunnen absor- beren. Bij gebruikmaking van aanzuiging (bijvoorbeeld uit een regenton) mag geen terugstroom- beveiliging worden gebruikt. Neem contact op met uw dealer voor aanbevolen aanzuigsets. Zodra het water door het BA-ven- tiel is gestroomd, is het niet langer geschikt als drinkwater. Bedrijf Tijdens het bedrijf alle afdekkin- gen en deuren van de machine gesloten houden. Netaansluitkabel niet bescha- digen (bijv. overrijden, trekken, knellen). De netkabel mag uitslui- tend aan de stekker uit het stop- contact worden getrokken (niet door aan de kabel te trekken of te rukken). ATTENTIE! Dit toestel werd ontwikkeld voor het gebruik van reinigingsmidde- len die door de producent gele- verd of aanbevolen worden. Het gebruik van andere reinigings- middelen of chemicaliën kan de veiligheid van het toestel negatief beïnvloeden. VOORZICHTIG! Het toestel is voorzien voor het gebruik van stookolie of diesel- olie. Ongeschikte brandstoffen (b.v. benzine) mogen niet worden gebruikt daar ze een gevaar kun- nen vormen. Het toestel aan tankstations of in andere gevarenzones wegens het explosiegevaar, dat van de bran- der kan uitgaan, slechts buiten de vastgelegde gevarenzone inzetten (In Duitsland: Op de TRbF - Tech- nische Richtlijnen voor Brandbare Vloeistoffen letten). Bij het opstellen in ruimten voor geschikte ventilatie zorgen en garanderen dat de uitlaatgas- sen op geschikte wijze afgevoerd worden. Voorstellen inzake aan- sluitsystemen stellen wij graag ter beschikking. Bij het aansluiten van het toestel op een schoorsteeninstallatie op de nationale bouwverordening letten. Voorstellen inzake aan- sluitsystemen stellen wij graag ter beschikking. VOORZICHTIG! Wees alert op vrijkomend heet water en stoom tot 150°C bij ge- bruik in stoomstand. VOORZICHTIG! De gasafvoeropening niet aanraken en niet afdekken. Blessure- en brandgevaar. Raak de schacht niet aan, dek hem niet af en plaats er geen slang of koord over- heen. Gevaar voor personen, risico op oververhitting en brand.70
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special Elektrische inrichtingen PAS OP! Elektrische apparaten nooit met water afspuiten: gevaar voor per- sonen, kortsluitingsgevaar. Inschakelprocessen veroorzaken kortdurende spanningsdalingen. Bij netimpedanties huisaanslui- ting) kleiner dan 0,15 ohm zijn er geen storingen te verwachten. In geval van twijfel moet u uw elek- triciteitsbedrijf contacteren. Onderhoud en reparatie ATTENTIE! Voordat de hogedrukreiniger wordt gereinigd of een onderhoudsbeurt krijgt, dient steeds de stekker uit het stopcontact te worden getrok- ken. Voer uitsluitend onderhouds- werkzaamheden uit, die in de gebruiksaanwijzing beschreven zijn. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen. Breng geen technische wijzigingen aan de zuiger aan. PAS OP! Hogedrukslangen, fittingen en verbindingstukken zijn belangrijk voor de veiligheid van het appa- raat. Gebruik allen door de fabri- kant goedgekeurde hogedrukon- derdelen! Bij gebruik van een verlengkabel mag alleen de door de fabrikant aangegeven uitvoering of een hoogwaardigere uitvoering wor- den gebruikt. Voor verdergaande onderhouds- resp. reparatiewerkzaamheden gelieve u zich te richten tot de Nilfisk-ALTO-klantenservice of een geautoriseerde vakwerk- plaats! Controle De hogedrukreiniger voldoet aan de Duitse „Richtlijnen voor Vloei- stofstralers“. De hogedrukreiniger moet overeenkomstig de veilig- heidsvoorschriften „Werkzaam- heden met Vloeistofstralers (BGV D15)“ indien nodig (echter ten- minste alle 12 maanden) inzake bedrijfsveiligheid door een des- kundige gecontroleerd worden. Van elektrische apparaten dient na elke reparatie en wijziging de aar- dingsweerstand, de isolatieweer- stand en de lekstroom te worden gemeten. Bovendien moet er een optische controle van de aansluit- kabel, een spannings- en stroom- meting en een functietest worden uitgevoerd. Deskundige technici van onze klantenservice zijn u daarbij graag behulpzaam. De volledige UVV ‘Werken met vloeistofstralers’ kunnen worden aangevraagd bij Carl Heymanns- Verlag KG, Luxemburger Straße 449, 50939 Köln of bij de desbe- treffende beroepsvereniging. De delen met druk van deze ho- gedrukreiniger zijn overeenkom- stig § 9 van de Druktankveror- dening volgens de voorschriften geproduceerd en met succes aan een drukcontrole onderworpen. Veiligheisinrichtingen Te hoge druk wordt bij het in wer- king treden van de veiligheids- inrichting via een bypassleiding zonder restdruk in de zuigleiding van de pomp teruggeleid. Valt het pompvermogen onder een vast ingestelde waarde, scha- kelt het stromingscontroleappa- raat de oliebrander automatisch af. De oliebrander is op continue ontsteking ingesteld. Als aanvul- lend beschermingsmechanisme is een thermosensor opgenomen in de schacht van de warmtewis- selaar.Een oververhitting van het toestel is bijgevolg uitgesloten. De veiligheidsinrichtingen zijn in de fabriek ingesteld en met lood verzegeld en mogen niet versteld worden. WAARSCHUWING!
- Inademing van drijfgassen kan gevaar opleveren voor de gezondheid.
- Gebruik indien mogelijk uit- rusting om het vrijkomen van drijfgassen te voorkomen, bijv. een dop op de spuitkop.
- Gebruik ter bescherming te- gen drijfgassen een ademha- lingsmasker klasse FFP 2 of hoger. 2 Beschrijving
2.1 Gebruiksdoeleinde
De hogedrukreiniger is ontworpen voor professionele doeleinden. De machine kan gebruikt worden voor het reinigen van landbouw- en bouwapparatuur, stallen, voer- tuigen, roestige oppervlakken enz. De reiniger is niet goedgekeurd voor het reinigen van oppervlak- ken die in aanraking komen met levensmiddelen. In hoofdstuk 5 wordt het gebruik van de hogedrukreiniger voor di- verse schoonmaakwerkzaamhe- den beschreven. Gebruik de reiniger altijd in over- eenstemming met deze gebruiks- instructies. Andersoortig gebruik kan de reiniger of het te reinigen oppervlak beschadigen en kan leiden tot ernstig persoonlijk let- sel.71
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
7. Spuitlansoplegdeel
9. Invulinrichting voor
10. Hochdrukslangaansluiting
bij machines zonder slanghaspel
13. Brandstof bijvullen
15. Onderhoud door Nilfisk-
ALTO-service noodzakelijk
18. Hoofdschakelaars
19. Temperatuurregelaar
20. Reinigingsmiddeldosering
3 Vóór de inbedrijfstelling
3.1 Opstelling Voor het storingsvrije bedrijf is
voor elke oliebrander het exact ingesteld mengsel van verbran- dingslucht en brandstof nodig. Afhankelijk van de plaats van inzet en de hoogteligging zijn de luchtdruk en het zuurstofge- halte verschillend. Dit klopt, on- geacht de brandstof kerosine of diesel is. De hogedrukreiniger werd in de fabriek zorgvuldig getest en ingesteld om een zo groot mo- gelijk vermogen te bereiken. De fabriek ligt ca. 140 m (450 ft) boven zeeniveau en de instelling van de oliebrander is optimaal voor deze hoogteligging. Als de plaats van gebruik van het toestel meer dan 1200 m (3900 ft) boven zeeniveau ligt, moet de oliebrander voor een onberispelijke bediening en rendement daarop afgestemd worden. Neem daarvoor a.u.b. contact op met uw dealer of de Nilfisk-ALTO-service.
3.2 Voor gebruik 1. Vóór de eerste inbedrijfstel-
ling het toestel zorgvuldig in- zake fouten en schade con- troleren en de vastgestelde schade onmiddellijk aan uw Nilfisk-ALTO-dealer meede- len.
2. Het toestel alleen maar in
een onberispelijke toestand in bedrijf stellen.
3. De helling waarin de hoge-
drukreiniger geplaatst wordt, mag in iedere richting niet hoger zijn dan 10
Afbeelding: Zie uitklapbare zijde vooraan in deze gebruiksaanwij- zing.
1. Reinigingsmiddeltank met
Nilfisk-ALTO-reinigingsmid- delen vullen. Vulhoeveelheid: Zie hoofd- stuk 9.4 Technische gege- vens. Max. 10°72
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special AANWIJZING! Bij temperaturen onder 8°C begint de brandstofolie te stollen (parafineafscheiding). Daardoor kunnen moeilijkheden bij het starten van de brander optreden. Daarom vóór de winterperiode stolpunt- en vloeiverbeteraar aan de brandstofolie toevoegen of “winter-dieselolie” gebruiken.
Bij koud toestel: Vul het brandstofreservoir met verse brandstof, stookolie, DIN 51603-1 (zonder biodiesel) of Diesel EN 590 (Diesel met een biodieselgehalte van maximaal 7%). Diesel volgens EN 590 (tot 7% biodiesel) kan worden gebruikt mits de volgende beperkingen in acht worden genomen: maxi- male opslagtijd in dieselreser- voir hogedrukreiniger: 1 maand. Diesel die gedurende meer dan 6 maanden extern wordt opge- slagen mag niet in Nilfisk-AL- TO hogedrukreinigers worden gebruikt. Diesel EN 590 is niet aanbevolen voor gebruik in ho- gedrukreinigers in omgevings- temperaturen onder 0°C. Diesel EN 590 uit een open reservoir mag niet worden gebruikt. De brandstof moet vrij van vuil zijn. Vulhoeveelheid: Zie 9.4 Techni- sche gegevens. Let op dat u de brandstoftankfil- ter niet beschadigt, om te voor- komen dat er vuil in de tank ge- raakt
1. De aansluitkoppeling van de
hogedrukslang op de nippel in het asmidden steken.
3.6 Waterslang aansluiten 1. De waterslang vóór de aan-
sluiting op het toestel kort met water spoelen opdat zand en andere vuilpartike- len niet in het toestel kunnen geraken.
2. De waterslang met de snel-
koppeling op de wateraan- sluiting aansluiten.
3. De waterkraan openen.
AANWIJZING! Nodige waterhoeveelheid en water- druk: Zie hoofdstuk 9.4. Technische gegevens. Bij slechte waterkwaliteit (spoel- zand enz.) bevelen wij aan dat een waterfijnfilter in de watertoevoer wordt gemonteerd. Voor het aansluiten van het toestel een met weefsel versterkte water- slang met een nominale breedte van tenminste 3/4” (19 mm) gebrui- ken.73
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
3.7 Elektrische aansluiting
Bij toestellen met spanningsom- schakeling
in elk geval erop letten dat de correcte netspan- ning aan het toestel ingesteld is vooraleer de netstekker in het stopcontact wordt gestoken. Anders kunnen de elektrische componenten van het toestel vernietigd worden. VOORZICHTIG! Bij gebruik van kabeltrommels:
1. Wegens oververhittings- en
brandgevaar de aanslui- tingsleiding steeds helemaal afwikkelen. Het toestel alleen maar op een elektrische installatie aanslui- ten, die aan de voorschriften voldoet.
1. Op de veiligheidsinstructies
in hoofdstuk 1 letten.
2. De toestelstekker in het stop-
opvangen Het leidingsysteem van het toestel is in de fabriek met anti- vriesmiddel gevuld. 4 Bediening / Bedrijf
4.1 Toestel inschakelen
ATTENTIE! Steeds vuil van de nippel verwijde- ren vooraleer de spuitlans met het spuipistool wordt verbonden.
1. De hoofdschakelaar in de
positie koud water (A) bren- gen. De besturingselektronica voert een automatische controle door, alle LED‘s schijnen één keer. De motor start. schijnt.
2. Ventileer de machine voor
frisse lucht door het spuitpi- stool te activeren.
3. Wanneer de waterstroom
constant is, gaat u verder met de volgende stappen.
spuitpistool aansluiten
1. Trek de blauwe snelkoppe-
ling (A) van het spuitpistool naar achteren.
2. Duw de nippel van de spuit-
lans (B) in de snelkoppeling en laat deze los.
3. Trek de spuitlans (of een an-
der hulpstuk) naar voren om te controleren of deze stevig vastzit op het spuitpistool. De het eerst uitstromende vloei- stof (ca. 5 l) voor hergebruik in een vat opvangen. 400V 400V230V 230V
4.2.2 Koudwaterbedrijf/
heetwaterbedrijf (tot 100°C)
1. Schakel de hoofdschakelaar
naar de positie ‘Heet water’ (B) en selecteer de vereiste temperatuur op de tempera- tuurregeling.
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
4.2.3 Stoomaandrijving
Wees alert op vrijkomend heet water en stoom tot 150°C bij gebruik van stoom- functie.
1. De spuitlans met de stoom-
sproeier gebruiken (Zie ca- talogus voor accessoires).
3. De draaiknop aan het regel-
veiligheidsblok tegen de wij- zers van de klok in tot aan de aanslag draaien.
4. De hoofdschakelaar in de
positie warm water brengen.
5. De temperatuur selecteren
4.3 Drukregeling met
De brander wordt ingeschakeld. Bij werkonderbrekingen: De veiligheidsgrendel ook bij korte werkonderbrekingen inleg- gen (zie afb. in hoofdstuk 6.1) ATTENTIE! Bij toestellen met slangtrommel: Bij bedrijf met warm water de ho- gedrukslang volledig van de slang- trommel afwikkelen, daar de slang- trommel zich anders door hitte-in- vloed kan vervormen.
1. Gebruik de Vario-handgreep
om de waterstroom te varië- ren, en dus de druk
2. Druk de hendel naar voren
voor volledig druk en water- stroom Om veiligheidsredenen mag u de hendel van de spuit nooit vastbin- den of openzetten tijdens gebruik. De hendel moet gesloten kunnen worden als hij wordt losgelaten, om zo de waterstroom te stoppen BAR75
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
ATTENTIE! De reinigingsmiddelen mogen niet op- drogen. Het te reinigen oppervlak zou anders beschadigd kunnen worden! Voor speciale toepassingen (b.v. des- infectie) moet de aangezogen reinig- ingsmiddelhoeveelheid bepaald worden door een controle van de uitstroomho- eveelheid. Waterdebiet van het toes- tel: Zie hoofdstuk 9.4 Technische Ge- gevens. NEPTUNE 1 Slechts bij lage-druk-bedrijf kun- nen reinigingsmiddelen worden aangezogen via de injector, die tot de standaarduitrusting be- hoort:
1. Verdun het reinigingsmiddel
aan de hand van de aanwijz- ingen van de fabrikant.
2. draai de dop van de Flexo-
PowerPlus-sproeier zover mogelijk richting "CHEM”.
3. De hoeveelheid aangevoerd
reinigingsmiddel kan worden geregeld door de meetklep te verdraaien.
4. Hoofdschakelaar Draai de
schakelaar naar de stand " I ".
5. Activeer het spuitpistool.
1. De gewenste concentratie
van het reinigingsmiddel aan de reinigingsmiddeldosering instellen.
2. Het te reinigen object inspu-
3. Naargelang van de vervui-
lingsgraad laten inwerken. Vervolgens met hogedruk- straal afspoelen.76
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
aanmerkingen 5 Toepassingsgebieden en arbeidsmethoden Een efficiënte hogedrukreiniging wordt bereikt door het naleven van enkele richtlijnen gecombineerd met uw eigen ervaringen op speci- ale gebieden. Toebehoren en reinigingsmiddelen kunnen het reini- gingseffect versterken als ze correct worden gebruikt. Hierna volgen enkele principiële instructies.
Aangekoekte of dikke lagen vuil kunnen losgeweekt worden. Een ideale methode voor gebruik binnen de landbouw, bijvoorbeeld in varkensstallen. U kunt weken door middel van schuim of eenvoudig alkalisch detergens. Laat het product ongeveer een kwartier in de vuile ondergrond intrekken voordat u de hogedrukspuit gebruikt. Zo kunt u met de hogedrukspuit veel sneller reinigen.
5.1.2 Reiniginsmiddel en
schuim aanbrengen Reinigingsmiddel en schuim dienen op het droge oppervlak te wor- den gespoten (niet in direct zonlicht) opdat het reinigingsmiddel zonder verdere verdunning met het schuim in contact komt. Aan verticale vlakken van beneden naar boven te werk gaan om slierten te vermijden als de reinigingsmiddeloplossing uitloopt. Enkele minu- ten laten inwerken alvorens met de hogedrukstraal wordt gereinigd. Reinigingsmiddel niet laten opdrogen. Om sterke lagen vuil los te maken wordt bovendien een mecha- nische inwerking noodzakelijk. Speciale spuitlansen en (roterende) wasborstels bieden het beste effect om de laag vuil los te maken.
Het reinigingseffect wordt bij hogere temperaturen versterkt. Vooral vetten en oliën kunnen gemakkelijker en sneller worden losgemaakt. Proteïnes kunnen bij temperaturen van 60°C het best worden los- gemaakt, oliën en vetten bij 70°C tot 90°C. (Poseidon max. 85 °C). Grote watercapaciteit en hoge druk Hoge druk is niet altijd de beste oplossing en te hoge druk kan oppervlakken beschadigen. Het reini- gingseffect hangt eveneens van de watercapaciteit af. Een druk van 100 bar is voor de voertuigreiniging voldoende (gecombineerd met warm water). Door een grotere watercapaciteit is het mogelijk het losgemaakte vuil af te spoelen en weg te transporteren.
5.1.5 Grote watercapaciteit
Gebruik Toebehoren Methode Stallen Varkenskooi Reiniging van wan- den, vloeren, in- richting Desinfectie Schuiminjector Schuimlans Powerspeed Floor Cleaner Reiniginsmiddelen Universal Alkafoam Desinfectie DES 3000
1. Inweken – schuim op alle oppervlakken aanbrengen
(van beneden naar boven) en 30 minuten laten inwer- ken.
2. Vuil met hogedruk en eventueel passend toebehoren
verwijderen. Aan verticale vlakken opnieuw van bene- den naar boven te werk gaan.
3. Voor het transport van grote hoeveelheden vuil op ma-
ximaal watervolume instellen.
4. Slechts aanbevolen desinfectiemiddelen gebruiken om
de hygiëne te garanderen. Desinfectiemiddelen alleen maar aanbrengen nadat het vuil volledig werd verwijderd. Wagenpark Tractor, ploeg enz. Standaardlans Reinigingsmiddelen- injector Powerspeed lans Gebogen lans en on- dervloerreiniger Borstels
1. Reinigingsmiddel op het oppervlak aanbrengen om het
vuil los te maken. Van beneden naar boven te werk gaan.
2. Met de hogedrukstraal afspoelen. Opnieuw van bene-
den naar boven te werk gaan. Gebruik toebehoren om moeilijk toegankelijke plaatsen te reinigen.
3. Reinig gevoelige delen zoals motoren en rubber met
lage druk om beschadigingen te vermijden.77
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
1. Reinigingsmiddel op het oppervlak aanbrengen om
het vuil los te maken. Van beneden naar boven te werk gaan. Om insectenresten te verwijderen vooraf met b.v. Allosil insproeien, dan met lage druk afspo- elen en het volledige voertuig onder toevoeging van reinigingsmiddelen reinigen. Reinigingsmiddelen gedurende ongeveer 5 minuten laten inwerken. Me- talen oppervlakken kunnen met VelgenTop worden gereinigd.
2. Met de hogedrukstraal afspoelen. Opnieuw van be-
neden naar boven te werk gaan. Toebehoren gebru- iken om moeilijk toegankelijke plaatsen te reinigen. Borstels gebruiken. Korte spuitlansen zijn voor de reiniging van motoren en wielkasten. Gebogen spuit- lansen of ondervloerreinigers gebruiken.
3. Gevoelige delen zoals motoren en rubber met lage
druk reinigen om beschadigingen te vermijden.
4. Met de hogedrukreiniger vloeibare was aanbrengen
om het ontstaan van nieuw vuil te verminderen. Toepassing Toebehoren Methode Oppervlakken Metalen voorwer- pen Schuiminjector Standaardlans Gebogen lans Tankreinigingskop Reinigingsmiddel Intensive J25 Multi Combi Aktive Alkafoam Desinfectie DES 3000
1. Een dikke laag schuim op het droge oppervlak aan-
brengen. Aan verticale vlakken van beneden naar boven te werk gaan. Schuim gedurende ongeveer 30 minuten laten inwerken voor een optimaal effect.
2. Met de hogedrukstraal afspoelen. Het passende toe-
behoren gebruiken. Hoge druk gebruiken om het vuil los te maken. Lage druk en hoge waterhoeveelheid gebruiken om het vuil af te voeren.
3. Desinfectiemiddel alleen maar na de volledige ver-
wijdering van het vuil aanbrengen. Sterk vuil, b.v in slachthuizen, kan met grote waterhoe- veelheid afgevoerd worden. Tankreinigingskoppen dienen voor de reiniging van va- ten, kuipen, mengtanks enz. Tankreinigingskoppen worden hydraulisch of elektrisch aangedreven en maken een automatische reiniging zonder voortdurende controle mogelijk. Verroeste, be- schadigde op- pervlakken vóór de behandeling Natstraalset 1. Natstraalinrichting met de hogedrukreiniger verbin- den en zuigslang in het zandreservoir steken.
2. Tijdens het werk veiligheidsbril en –kleding dragen.
3. Met het zand/water-mengsel kan men roest en lak
4. Na het zandstralen de oppervlakken behandelen te-
gen roest (metaal) en rotting (hout) Dit zijn slechts enkele toepassingsvoorbeelden. Elke reinigingstaak is verschillend. Contacteer a.u.b. uw Nilfisk-ALTOhandelaar inzake de beste oplossing voor uw reinigingstaak.78
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special 6 Na de arbeid
uitschakelen en de aanvoerleidingen afsluiten
1. De waterkraan sluiten.
2. Activeer het spuitpistool zon-
der de lans aan te sluiten, zodat al het achtergebleven water in het systeem afge- voerd wordt
3. De hoofdschakelaar uitscha-
kelen, de schakelaar in de positie “OFF”.
4. De toestelstekker uit het
het toestel drukloos is.
6. De veiligheidsgrendel aan de
spuitpistool inleggen.
7. De waterslang van het toe-
6.2 Oprollen van het
netsnoer alsook de hogedrukslang en verstouwen van toebehoren Om ongevallen te vermijden, dienen het netsnoer en de ho- gedrukslang steeds zorgvuldig opgerold te worden. Plaats de spuitlans in de opslag- positie.
Bewaring (vorstbestendige opslag) Sla de reiniger in een vorstvrije ruimte op of neem de volgende beschermingsmaatregelen:
1. Haal de watertoevoerslang
los van de watertoevoer.
2. Leg de watertoevoerslang
in een emmer met antivrie- smiddel.
3. Verwijder de spuitlans.
4. Zet de reiniger aan met de
hoofdschakelaar in de stand “Cold Water” (Koud water).
5. Activeer het spuitpistool.
6. Tijdens het aanzuigen ac-
tiveert u het spuitpistool twee of drie keer.
7. De machine is beschermd
tegen vorst wanneer een oplossing met antivriesmid- del uit het spuitpistool komt.
8. Vergrendel de veiligheidspal
van het spuitpistool.
9. Haal de watertoevoerslang
10. Zet de reiniger uit en zet
gebruik wordt genomen, moet de antivriesoploss- ing opgevangen worden en bewaard worden voor toekomstig gebruik of op verantwoorde wijze worden afgevoerd.79
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2NEPTUNE 2 Special
Bewaring (vorstbestendige opslag) Het toestel in een droge, vorst- bestendige ruimte plaatsen of op de volgende manier vorstbe- stendig maken:
1. De watertoevoerslang van
het toestel losmaken.
2. De spuitlans afnemen.
3. Het toestel inschakelen,
6. Het antivriesmiddel (ca. 5 l)
langzamerhand in de water- kast (A) gieten.
7. Tijdens het aanzuigproces
de spuitpistool 2 tot 3 keer activeren.
8. Het toestel is vorstbestendig
als antivriesmiddeloplossing uit de spuitpistool stroomt.
9. De veiligheidsgrendel aan de
11. Het toestel uitschakelen,
12. Om elk risico te vermijden
moet het toestel voor de her- inbedrijfstelling in een ver- warmde ruimte worden op- geslagen.
13. Bij de volgende inbedrijfstel-
ling de antivriesmiddeloplos- sing voor hergebruik opvan- gen.
transporteren De machine kan rechtop of ge- bogen vervoerd worden. Gebruik de bevestigingspunten (A) voor het vastmaken van de riemen. Let erop dat er water kan lek- ken door plotselinge schokken tijdens het transport.
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
7.1 Onderhoudsschema
Onderhoud waterfilters en brandstoffilter naar behoefte. Leeg ook de brandstofolietank naar behoefte.
In de watertoevoer zijn twee ze- ven gemonteerd die grotere vuil- partikelen tegenhouden, opdat deze niet in de hogedrukpomp geraken.
1. Draai de snelkoppeling met
een schroevendraaier los
2. Verwijder de filter en reinig
3. Plaats de filter en de snel-
7.2.2 Onderhoud van de
3. Plaats de machine in een
4. Laat de benzine in een lege
4. De reinigingsvloeistof/de
defecte filter volgens de voorschriften verwijderen.
1. Verwijder de sensor en rei-
nig deze met een zachte doek
2. Controleer of de sensor na
het terugplaatsen goed zit – de symbolen moeten naar boven wijzen. 7 Onderhoud81
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special 8 Eliminatie van storingen
8.1 Melding aan het bedieningspaneel
Indicatielampjes Oorzaak Oplossing
Het licht brandt constant - De toepassing is gereed voor gebruik Knipperend licht - Fout in stroomsensor - Waterkraan gesloten of te weinig water -Tank met schoonmaak-middel leeg - Drukregeling op de veiligheidsregelings blokken of de Vario Press-lans
zijn ingesteld op een lage waterhoeveelheid - Machine geschaald - Spuitpistool lekt - Hogedrukslang, koppeling of slangsysteem lekt - Motor is oververhit
> Vul schoonmaakmiddel bij of stel SDR-waarde in op “0” Zet de hoofdschakelaar op “UIT” (OFF) – laat de ma- chine afkoelen Verwijder/ontkoppel het ver- lengsnoer > Het licht brandt constant - Laag brandstofniveau
Vul brandstof bij Het is mogelijk koud water te gebruiken > Knipperend licht - Laag Nilfi sk-ALTOAn- tiStone-niveau
> Vul Nilfi sk-ALTOAntiStone bij
Het licht brandt constant - Onderhoudsinterval is verlopen Knipperend licht - Onderhoudsinterval over 20 uur - Fout microprocessor
Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService Schakel de machine uit – neem contact op met Nilfi sk- ALTOService > Het licht brandt constant - Boiler oververhit. Uitlaatdruksensor (EXT-H) heeft de brandstoftoevoer afgesloten - Onvoldoende watertoevoer - Machine geschaald - Boiler niet onderhouden
Machine wordt uitgeschakeld. Het is mogelijk koud water te gebruiken Controleer de watertoevoer Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService > Het licht brandt constant - Brandsensor (B7) is vet geworden - Fout in start- of brandstofsysteem
Maak brandsensor schoon (B7) (zie hoofdstuk 7.2.4) Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService Het is mogelijk koud water te gebruiken
Alleen beschikbaar voor NEPTUNE 182
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special
8.2 Nog meer storingen
Storing Oorzaak Eliminatie Schijnt niet
Netstekker niet ingestoken
Stekker in het stopcontact steken
Voldoende zekering controleren (Zie hoofdstuk
Hogedruksproeier versle- ten
Hogedruksproeier vervangen
Drukhoeveelheidsregeling resp. Variopress-inrichting
op te lage druk ingesteld
Drukhoeveelheidsregeling aan het regelveilig- heidsblok in de richting “+” draaien resp. Vario- press-draaiknop
aan de pistool op grotere wa- terhoeveelheid instellen (Zie hoofdstuk 4.4) Reinigingsmiddelen blij- ven uit
Reinigingsmiddelreservoir leeg
Reinigingsmiddelreservoir opvullen
Reinigingsmiddelreservoir dichtgeslibt
Reinigingsmiddelreservoir reinigen
Zuigklep aan de reinigings- middel-aanzuigslang ver- vuild
Brandstof verontreinigd
Brander vervuild of niet cor- rect ingesteld Indicatielampjes Oorzaak Oplossing > Knipperend licht - Motor is oververhit
Zet de hoofdschakelaar op “UIT” (OFF) – laat de machine afkoelen Verwijder/ontkoppel het ver- lengsnoer Mogelijke fasefout op 3-fa- sevariant: Laat elektrische aansluitingen nakijken Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService > Knipperend licht - Defecte temperatuursen- sor (B1)
Het is mogelijk koud water te gebruiken Controleer de draad naar de temperatuursensor (B1) Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService > Knipperend licht - Fout in stroomsensor
Het is mogelijk koud water te gebruiken Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService > Knipperend licht - Er is een oververhittings- fout opgetreden
Het is mogelijk koud water te gebruiken Neem contact op met Nilfi sk- ALTOService > Visuele test van lampen - Bij het inschakelen lichten alle LED’s ongeveer 1 seconde op83
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special EU Verklaring van overeenstemming Product: Hogedrukreiniger Type: NEPTUNE 1, NEPTUNE 2, NEPTUNE 2 Special Het ontwerp van de unit stemt overeen met de volgende geldende bepalingen: EG Machinerichtlijn 2006/42/EG EG Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG EG EMC-richtlijn 2004/108/EG EU RoHS-Richtlijn 2011/65/EG EU PED-Richtlijn 97/23/EG Toegepaste geharmoniseerde normen: EN ISO 12100-1, EN ISO 12100-2, EN 60335-2-79, EN 55014-1(2002), EN 55014-2(2001), EN 61000-3-2 (2006) Toegepaste nationale normen en tech- nische specificaties:
9.1 Machine voor recycling
beschikbaar maken Het uitgediende toestel onmid- dellijk onbruikbaar maken.
1. Netstekker uittrekken en net-
snoer doorsnijden. Het toestel bevat waardevolle stoffen die voor recycling ter beschikking dienen te worden gesteld. Doe daarom voor re- cycling een beroep op uw ge- meentelijke recycling-autoriteit. Wend u in geval van vragen tot uw gemeentebestuur of uw dichtstbijgelegen dealer.
Voor garantie en vrijwaring gel- den onze algemene handels- voorwaarden. Veranderingen in het kader van technische ver- nieuwingen voorbehouden.
Speciaal toebehoren voor de verschillende uitvoeringen Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing NEPTUNE 1, NEPTUNE 2 NEPTUNE 2 Special Beschrijving Alge- meen 2-25 KR 220/1/60/15 2-40 EXPT 220,440/3/60
Notice-Facile