CST 3018 - CST 3518 - Kettingzaag GARDENA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CST 3018 - CST 3518 GARDENA in PDF-formaat.
| Producttype | Elektrische kettingzaag |
| Merk | Gardena |
| Model | CST 3018 / CST 3518 |
| Gewicht (leeg) | 5,4 kg (CST3018) / 5,5 kg (CST3518) |
| Nominaal vermogen | 1,8 kW |
| Nominale spanning / Frequentie | 230 V ~ 50 Hz |
| Oliereservoirinhoud | 180 cm³ |
| Geleiderail lengte (max) | 300 mm (CST3018) / 350 mm (CST3518) |
| Kettingspoed | 3/8 inch |
| Kettingmaat | 1,3 mm |
| Snijsnelheid onbelast | 10 m/s |
| Gegarandeerd geluidsvermogen | 108 dB(A) |
| Geluidsdrukniveau (LpA) | 95 dB(A) (onzekerheid K=2,5 dB) |
| Hand-armtrillingen (a_h) | 3,4 m/s² (onzekerheid K=1,5 m/s²) |
| Beschermingsklasse | II (dubbele isolatie) |
| Kettingrem | Ja, traagheids- en handbeschermer activering |
| Kettingsmering | Automatisch, via oliepomp |
| Kettingspanner | Zonder gereedschap, externe spanningsknop |
| Puntbumper / Spoor | Ja |
| Normaal onderhoud | Regelmatig reinigen van de ventilatiesleuven, smeren van de geleiderail, slijpen van de ketting met ronde vijl Ø4 mm elke 2-3 uur |
| Periodieke revisie | Elke 30 gebruiksuren door een erkend servicecentrum |
| Reserveonderdelen | Ketting, geleiderail, aandrijftandwiel - verkrijgbaar bij erkend servicecentrum (ketting en geleiderail niet gedekt door garantie) |
| Opslag / Transport | Laten afkoelen, beschermkap plaatsen, opbergen op een droge en koele plaats buiten het bereik van kinderen |
Veelgestelde vragen - CST 3018 - CST 3518 GARDENA
Gebruikersvragen over CST 3018 - CST 3518 GARDENA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kettingzaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CST 3018 - CST 3518 - GARDENA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CST 3018 - CST 3518 van het merk GARDENA.
GEBRUIKSAANWIJZING CST 3018 - CST 3518 GARDENA
NL Instructies voor gebruik
Elektrische kettingzaag
S Bruksanvisning
Elektrisk motorsåg
DK Brugsanvisning
Elektrisk kædesav
N Bruksanvisning
Elektrisk kjedesag
FIN Käyttöohje
NL Oorspronkelijke instructies. Lees deze informatie voor het gebruik en bewaar ze voor toekomstige raadpleging.
BELANGRIJKE INFORMATIE
1) Kabel 17) Geleider 2) Handvat achter 18) Neuskettingwiel 3) Handbescherming achter 19) Kettingopspanplaat 4) Kijkglas oliereservoir 20) Uitschakelknop 5) Ventilatiegaten 21) Geleiderkap 6) Schakelaar 22) Ketting 7) Dop oliereservoir 23) Handleiding 8) Handvat voor 24) Snijtand 9) Handbescherming voor / remhendel 25) Snijdieptemeter 10) Gepunte bumper 26) Aandrijftand 11) Kettingopspankop - buitenste knop 27) Snijschakel 12) Geleiderborgknop - binnenste knop 28) Kettingwiel 13) Kettingvanger 29) Geleiderborgschroef 14) Kettingwielkast 30) Trekontlasting 15) Smeergat 31) Oliefles 16) Geleidergroef

Voorbeeld-etiket
1) Gegarandeerd geluidsvermogen volgens richtlijn 2000/14/EC 2) Werktuig van klasse II 3) CE-markering 4) Nominale frequentie 5) Nominaal vermogen 6) Wisselstroom 7) Nominale spanning 8) Productcode 9) Bouwjaar 10) Maximale lengte van geleider 11) Naam en adres fabrikant 12) Model
B. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
BETEKENIS VAN DE SYMBOLEN









Waarschuwing
Gebruiksaanwijzing aandachtig lezen
Veiligheidslaarzen
Helm, gehoorbescherming en veiligheidsbril of vizier
Veiligheidshandschoenen
Lange veiligheidsbroek tegen snijwonden
Rem uitgeschakeld, ingeschakeld
Als het snoer beschadigd of doorgesneden is, dient u de stekker onmiddellijk uit het stopcontact te halen
Houd omstanders uit de buurt












Richting van de snijtand
Altijd met twee handen gebruiken
Gevaar voor terugslag
Niet blootstellen aan regen of vocht
Kettingolie
Machine uitschakelen
Haal de stekker uit het stopcontact voordat u de machine verstellt of schoonmaakt
Kans op elektrische schok
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen.
WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies.
Het niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan stroomschokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor toekomstig gebruik.
Onder de term "elektrisch gereedschap" in de waarschuwingen worden verstaan uw elektrisch gereedschap met netvoeding (met snoer) of uw elektrisch gereedschap met batterij (zonder snoer).
1) Veiligheid op de werkplek
a) Zorg ervoor dat de werkplek schoon en goed verlicht is. Een rommelige of donkere werkplek kan ongelukken veroorzaken. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in explosieve atmosferen, bijvoorbeeld in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen vlam kunnen doen vatten.
c) Zorg ervoor dat kinderen en omstanders op een afstand blijven wanneer u een elektrisch gereedschap gebruikt. Als u afgeleid wordt, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet geschikt zijn voor het stopcontact. Nooit een stekker modificeren. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Ongemodificeerde stekkers en geschikte stopcontacten reduceren het risico van stroomschokken. b) Vermijd lichaamscontact met geaarde oppervlakken zoals pijpen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Het risico van stroomschokken neemt toe als uw lichaam geaard wordt. c) Stel elektrische gereedschappen niet bloot aan regen of natte condities. Als er water in een elektrisch gereedschap komt, neemt het risico van stroomschokken toe.
d) Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap te dragen of naar u toe te trekken, of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen en bewegende onderdelen. Met een beschadigd of verward snoer neemt het risico van stroomschokken toe. e) Als het elektrisch gereedschap buiten gebruikt wordt, gebruik dan een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een geschikt snoer vermindert het risico van stroomschokken. f) Als gebruik van elektrisch gereedschap op een vochtige plek onvermijdelijk is, gebruik dan een door een aardlekschakelaar (RCD) beschermde voedingsbron. Een RCD vermindert het risico van stroomschokken. 3) Persoonlijke veiligheid a) Blijf alert, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand bij gebruik van elektrisch gereedschap. Gebruik elektrische gereedschappen niet als u moe of onder invloed van drugs, alcohol of geneesmiddelen bent. Zelfs als u een ogenblik niet oplet tijdens gebruik van elektrisch gereedschap, kan dit ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, slipvrije veiligheidsschoenen, een helm of oorbescherming in bepaalde omstandigheden verminderen het risico van persoonlijk letsel. Deze bescherming is verkrijgbaar van een werkledingleverancier. c) Voorkom dat u de apparatuur per ongeluk opstart. Controleer of de schakelaar in de uit-stand staat voordat u de stekker in het stopcontact steekt, een batterij aansluit of het gereedschap oppakt. Het dragen van elektrisch gereedschap met uw vinger op de schakelaar of het inschakelen van elektrisch gereedschap dat aanstaat kan ongelukken veroorzaken. d) Reik niet te ver. Zorg dat u altijd stevig staat en in balans blijft. U heeft dan beter controle over het elektrisch gereedschap in onverwachte situaties. e) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kan verstrengeld raken in bewegende onderdelen. 4) Gebruik en verzorging van elektrische gereedschappen a) Forceer het elektrisch gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrisch gereedschap voor het betreffende doel. Het juiste elektrisch gereedschap levert betere resultaten op en is veiliger voor het doel waarvoor het ontworpen werd. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als het niet met de schakelaar aan en uit te zetten is. Een elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar te bedienen is, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Neem de stekker uit het stopcontact en uit het elektrisch gereedschap voordat u instellingen verandert, hulpstukken verwisselt of het gereedschap opbergt. Dergelijke voorzorgsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart. d) Bewaar elektrische gereedschappen buiten het bereik van kinderen en laat ze niets bedienen door personen die niet vertrouwd zijn met het gereedschap en deze instructies. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk in de handen van onervaren gebruikers. e) Houd het elektrisch gereedschap goed bij. Controleer op foutief uitlijnen of vasthaken van bewegende onderdelen, kapotte onderdelen en andere condities die de werking van het gereedschap kunnen aantasten. Indien het elektrisch gereedschap
beschadigd is, repareer het dan alvorens het weer te gebruiken. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrische gereedschappen.
f) Houd snijgereedschappen scherp en schoon. Goed onderhouden snijgereedschappen met scherpe snijranden blijven minder snel haken en zijn gemakkelijker te bedienen. g) Gebruik het elektrisch gereedschap, de hulpstukken en boren etc. In overeenstemming met deze instructies. Houd tevens rekening met de werkomstandigheden en het doeleinde. Het gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan die waarvoor het bedoeld is, kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5. Onderhoud
a) Laat het elektrisch gereedschap door een bevoegde monteur onderhouden, uitsluitend met gebruik van identieke vervangingsonderdelen. Zo wordt de veiligheid van het elektrisch gereedschap gehandhaafd.
Veiligheidswaarschuwingen:
- Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de ketting wanneer de kettingzaag wordt gebruikt. Voordat u de kettingzaag start, moet u ervoor zorgen dat de ketting nergens contact mee maakt. Een moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van de kettingzaag kan ervoor zorgen dat uw kleding of uw lichaam met de ketting in contact komt. Houd de kettingzaag altijd met uw rechterhand aan het achterste handvat vast en met uw linkerhand aan het voorste handvat. Als u de kettingzaag omgekeerd vasthoudt, vergroot u de kans op lichamelijk letsel. Doe dit dus nooit.
- Het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde oppervlakken vasthouden, want de zaagketting kan contact maken met verborgen bedrading of het eigen snoer. Als de zaagketting contact maakt met een stroomvoerende draad, kan dit blootliggende metalen delen van het elektrische gereedschap stroomvoerend maken en de gebruiker een elektrische schok geven.
- Draag een veiligheidsbril en oorbeschermers. Aanbevolen worden ook uw hoofd, handen, benen en voeten te beschermen. Goede beschermende kleding verlaagt de kans op lichamelijk letsel door rondvliegende deeltjes of contact met de ketting. Deze bescherming is verkrijgbaar bij een werkliedenleverancier.
- Gebruik de kettingzaag niet in een boom. Als u de kettingzaag gebruikt wanneer u in een boom bent geklommen, loopt u kans op lichamelijk letsel. Zorg er altijd voor dat u een stevige voetensteun hebt en gebruik de kettingzaag alleen wanneer u op een stabiel, veilig en horizontaal oppervlak staat. Glibberige of instabiele oppervlakken, zoals ladders, kunnen ervoor zorgen dat u uw evenwicht verliest en de controle over de kettingzaag verliest.
- Wanneer u een tak afzaagt die onder spanning staat, moet u oppassen voor de terugvering. Wanneer de spanning in de houtvezels wordt afgelaten, kan de tak u met kracht raken en/of ervoor zorgen dat u de controle over de kettingzaag verliest.
- Wees heel voorzichtig wanneer u kreupelhout en jonge boompjes afzaagt. Dit dunne hout kan de ketting raken en vooruit in uw richting worden getrokken of u uit uw evenwicht trekken.
- Draag de kettingzaag bij het voorste handvat wanneer de ketting is uitgeschakeld en houd de zaag uit de buurt van uw lichaam. Wanneer u de kettingzaag vervoert of opbergt, moet u altijd de kap over de geleider van de zaagketting doen. Als de kettingzaag goed wordt gebruikt, loopt u minder risico dat u per ongeluk contact maakt met de ketting.
- Volg de aanwijzingen voor smering, kettingaanspanning en het verwisselen van accessoires. Onjuist gespannen of gesmeerde kettingen breken of vergroten de kans op terugslag.
- Houd de handvatten droog, schoon en vrij van olie en vet. Vettige, olieachtige handvatten zijn glibberig en kunnen ervoor zorgen dat u de controle over de machine verliest.
- Zaag alleen hout met deze machine. Gebruik de kettingzaag nooit voor andere doeleinden dan waarvoor deze is bedoeld. Gebruik de kettingzaag bijvoorbeeld niet voor het zagen van plastic, steen of constructiematerialen die niet van hout zijn gemaakt. Als u de kettingzaag gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor deze is bedoeld, kan een gevaarlijke situatie ontstaan.
De oorzaak van terugslag en hoe dit voorkomen kan worden:
Terugslag kan optreden wanneer de neus of punt van de geleider een voorwerp raakt (afb. B3) of wanneer het hout de ketting tijdens het zagen vastklemt.
Dit contact met de punt kan een plotselinge omgekeerde reactie veroorzaken, waardoor de geleider omhoog en naar achteren wordt geduwd, in de richting van de gebruiker.
Als de ketting langs de bovenkant van de geleider wordt vastgeknepen, kan de geleider ineens naar achteren worden geduwd, in de richting van de gebruiker.
Beide reacties kunnen ervoor zorgen dat u de controle over de kettingzaag verliest, wat tot ernstig lichamelijk letsel kan leiden. Vertrouw niet uitsluitend op de veiligheidsfuncties van de kettingzaag. Als gebruiker van de kettingzaag moet u enkele stappen ondernemen om ervoor te zorgen dat er bij uw werk geen ongelukken of ongevallen voorkomen.
Terugslag is het gevolg van onjuist gebruik van het gereedschap en/of onjuiste bedrijfsprocedures of omstandigheden en kan worden vermeden door de onderstaande voorzorgsmaatregelen te treffen.
- Handhaaf een stevige greep op de machine, waarbij de duimen en vingers de handvatten van de kettingzaag omvatten. Houd de kettingzaag met beide handen vast en plaats uw lichaam en arm zo dat u de terugslagkracht kunt weerstaan. De terugslagkracht kan door de gebruiker worden weerstaan als de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. Laat de kettingzaag nooit los.
- Strek niet te ver vooruit en zaag niet boven schouderhoogte. Dit helpt te voorkomen dat de punt van de ketting per ongeluk ergens tegenaan stoot en zorgt ervoor dat u de kettingzaag in een onverwachte situatie beter onder controle kunt houden.
- Gebruik alleen geleiderails en kettingen die door de fabrikant worden aangeraden. Onjuist vervangen geleiderails en kettingen kunnen ervoor zorgen dat de ketting breekt en/of terugslaat.
- Volg de slijp- en onderhoudsaanwijzingen van de fabrikant. Als de snijdiepte wordt verminderd, kan dit tot meer terugslag leiden.
Aanvullende veiligheidsaanbevelingen
- Handleiding. Iedereen die deze machine gebruikt, moet de handleiding zorgvuldig doorlezen. De handleiding moet bij de machine worden meegeleverd als iemand anders de kettingzaag koopt of leent.
- Voorzorgsmaatregelen. Zorg ervoor dat niemand deze machine gebruikt die niet weet wat er in de handleiding staat. Onervaren mensen moeten eerst worden getraind (alleen met een zaagbok).
- Controles. Controleer de machine zorgvuldig voor elk gebruik, ook als hij zwaar werk moet leveren of als u het idee hebt dat zich een storing heeft voorgedaan. Voer alle handelingen uit die staan beschreven in het hoofdstuk "Onderhoud en opslag - voorafgaand aan elk gebruik".
- Reparatie en onderhoud. Alle machineonderdelen die vervangen kunnen worden, staan duidelijk beschreven in het hoofdstuk "Assemblage / demontage". Alle andere machineonderdelen mogen alleen vervangen worden door een erkend reparatiecentrum.
- Kleding. (afb. B1) Wanneer deze machine wordt gebruikt, moet de gebruiker de volgende goedgekeurde persoonlijke beschermende kleding dragen: nauw aansluitende beschermende kleding, veiligheidsschoenen met antislipzolen, kreukelvrije beenbeschermers en snijbestendige bescherming, snijbestendige trillingsvrije handschoenen, veiligheidsbril of vizier, oorbescherming en helm (als er kans is op vallende voorwerpen). Deze bescherming is verkrijgbaar bij een werkkledingleverancier.
- Gezondheidswaarschuwingen - Trillingen en geluidsniveau. Controleer of er lawaailimieten in de onmiddellijke omgeving bestaan. Langdurig gebruik van de machine stelt de operator bloot aan trillingen die zogenaamde 'dode vingers' (fenomeen van Raynaud), carpaal tunnel-syndroom en soortgelijke aandoeningen kunnen veroorzaken.
- Gezondheidswaarschuwingen - Chemische stoffen. Gebruik de soort olie die door de fabrikant wordt aanbevolen.
- Gezondheidswaarschuwingen - Hitte. Tijdens het gebruik bereiken het tandwiel en de ketting erg hoge temperaturen. Raak deze onderdelen dus niet aan wanneer ze heet zijn.
Voorzorgsmaatregelen voor transport en opslag. (afb. B2) Telkens wanneer van werklocatie wordt veranderd, moet de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de remhendel worden gebruikt. Breng de geleiderkap aan, telkens wanneer de kettingzaag wordt vervoerd of opgeborgen. Draag de machine altijd met de hand met de geleider naar achteren gekeerd. Als de machine in een voertuig wordt vervoerd, moet hij altijd goed worden vastgezet, om schade te voorkomen.
Terugslag. (afb. B3) Terugslag bestaat uit een plotselinge harde beweging van de geleider naar boven en naar achteren, richting gebruiker. Dit gebeurt meestal wanneer het bovenste deel van de geleiderneus (ook wel de 'terugslagzone' genoemd - zie de rode markeringen op de geleider) contact maakt met een voorwerp of als de ketting in het hout komt en vast komt te zitten. Door deze terugslag raakt de operator de controle over de machine kwijt, wat tot ernstig en soms fataal letsel kan leiden. De remhendel en andere veiligheidsfuncties zijn onvoldoende om de gebruiker tegen lichamelijk letsel te beschermen: de gebruiker moet zich goed bewust zijn van de omstandigheden waarin terugslag voorkomt en deze vermijden door er de aandacht bij te houden, op basis van zijn ervaring, en door de machine verstandig en juist te gebruiken (bijvoorbeeld: zaag nooit meerdere takken tegelijkertijd, onder deze per ongeluk in contact kunnen komen met de 'terugslagzone'.
Veiligheid in het werkgebied
- Laat de machine nooit gebruiken door kinderen of mensen die de gebruiksaanwijzingen niet kennen. Plaatselijke regels kunnen beperkingen opleggen aan de leeftijd van de gebruiker.
- Gebruik het product alleen op de manier en voor de doeleinden die in deze aanwijzingen staan beschreven.
- Controleer het hele werkgebied zorgvuldig op mogelijke gevaren (bijv. wegen, paden, elektrische kabels, gevaarlijke bomen, enz.)
- Houd alle omstanders en dieren uit de buurt van het werkgebied (zet zo nodig het gebied af en plaats waarschuwingsborden). Zorg voor een minimum afstand van 2,5 x de stamhoogte; nooit minder dan tien meter.
- De operator is verantwoordelijk voor ongelukken of gevaarlijke situaties voor andere mensen en hun eigendommen.
Elektrische beveiliging
- Aanbevolen wordt dat u een aardlekschakelaar gebruikt met een uitschakelstroom van niet meer dan 30 mA. Zelfs met een aardlekschakelaar kan de veiligheid niet 100% worden gegarandeerd en moet men te allen tijde de veiligheidsrichtlijnen toepassen. Controleer uw aardlekschakelaar telkens wanneer u hem gebruikt.
- Het snoer vóór gebruik op tekenen van schade of slijtage controleren. Als het snoer defect is, het product naar een erkend reparatiecentrum brengen om het snoer te laten vervangen.
- Gebruik het product niet als de elektrische snoeren beschadigd of versleten zijn.
- Als het snoer wordt doorgesneden of als de isolatie is beschadigd, moet de netstroom onmiddellijk van de kettingzaag worden gehaald. Raak het elektriciteitsnoer niet aan totdat de stroom is uitgeschakeld. Repareer een doorgesneden of beschadigd snoer niet. Neem het product mee naar een erkend reparatiecentrum en laat het snoer vervangen.
- Zorg er altijd voor dat het (verleng)snoer bij de gebruiker blijft, waarbij het geen gevaar voor de gebruiker of andere mensen mag opleveren. Zorg ervoor dat het snoer niet kan worden beschadigd (door ditte, scherpe voorwerpen, scherpe randen, olie, enz.)
- Houd het snoer zo vast dat het tijdens het zagen niet over takken e.d. blijft haken.
- Schakel de machine altijd bij de netstroom uit voordat u een stekker, contact of verlengsnoer verwijdert.
- Schakel de machine uit, haal de stekker uit het stopcontact en inspecteer het stroomsnoer op beschadiging of slijtage voordat u het snoer oprolt. Een beschadigd snoer mag niet gerepareerd worden. Neem het product mee naar een erkend reparatiecentrum en laat het snoer vervangen.
- Haal de stekker uit het stopcontact voordat u het product onbeheerd achterlaat. 10. Wikkel het snoer altijd voorzichtig op. Het mag niet geknakt worden.
- Gebruik alleen de wisselstroomspanning die op het productlabel staat aangegeven.
- De kettingzaag is dubbel geïsoleerd volgens EN60745 en EN60745-2-13. Onder geen beding mag een aarde aan enig onderdeel van het product worden verbonden.
Snoeren
- Stroom- en verlengsnoeren verkrijgbaar bij een erkend reparatiecentrum.
- Gebruik alleen goedgekeurde verlengsnoeren.
- Verlengsnoeren en kabels mogen alleen worden gebruikt als ze geschikt zijn voor gebruik buitenshuis.
- Als u een verlengsnoer met dit product wilt gebruiken, mogen alleen de volgende snoerafmetingen worden gebruikt:
- 1,0 mm² : max. 40 m lang
- 1,5 mm² : max. 60 m lang - 2,5 mm² : max. 100 m lang
C. BESCHRIJVING VAN DE VEILIGHEIDSUITRUSTINGEN
SCHAKELAARVERGRENDELING
Op uw machine is een inrichting (fig.1A) geïnstalleerd die, indien niet geactiveerd, verhindert dat de schakelaar kan worden ingedrukt, om per ongeluk starten van de machine te voorkomen.
KETTINGREM BIJ LOSLATEN VAN DE SCHAKELAAR
Uw machine is voorzien van een inrichting die de ketting onmiddellijk blokkeert wanneer de schakelaar wordt losgelaten; maar als deze beveiliging niet goed werkt, mag u de machine niet gebruiken en moet u hem direct naar een erkende servicewerkplaats brengen.
HANDBESCHERMING VOOR/KETTINGREMHANDEL
De handbescherming voor (fig.1B) voorkomt (mits u de machine op de juiste wijze vasthoudt) dat uw linkerhand in contact komt met de ketting. De handbescherming voor fungeert bovendien als kettingrem, een inrichting die werd ontwikkeld om de ketting binnen enkele milliseconden te blokkeren in geval van terugslag. De kettingrem wordt uitgeschakeld door de handbescherming voor naar achteren te trekken en te vergrendelen (fig.2). De kettingrem wordt geactiveerd wanneer de voorste handbescherming naar voren wordt geduwd, zodat de ketting stopt (fig.3). De kettingrem kan geactiveerd worden met de linkerpols door naar voren te duwen, of
wanneer de pols in contact komt met de voorste handbescherming door een terugslag. Wanneer de machine gebruikt wordt met het kettingblad in horizontale positie, bijvoorbeeld bij het omhakken van een boom, dan biedt de kettingrem minder bescherming. (fig.4)
OPMERKING: Wanneer de kettingrem is geactiveerd, koppelt een veiligheidsschakelaar de stroom naar de motor af.

Het loslaten van de kettingrem, terwijl de schakelaar wordt vastgehouden, zal het product starten.
KETTINGVANGER
Deze machine is uitgerust met een kettingvanger (fig. 5) geplaatst onder het kettingwiel. Dit mechanisme is bedoeld om de achterwaartse kettingbeweging te stoppen wanneer de ketting breekt of uit de groef loopt. Deze situaties kunt u vermijden door ervoor te zorgen dat u de ketting op de juiste wijze spant (zie hoofdstuk "D. In elkaar zetten/uit elkaar halen").
Deze dient ter bescherming (fig. 6) van de rechterhand in geval van breuk of aflopen van de ketting.
GELEIDER EN KETTING
Wees heel voorzichtig wanneer u de ketting over de geleider legt. Zorg dat dit goed gebeurt.
Haal de stekker uit het stopcontact voordat u werkzaamheden aan de kettingzaag uitvoert.
- Controleer of de kettingrem is geactiveerd. Is dat het geval, haal de rem eraf. 2a & 2b. Haal de binnenste geleiderborgknop naar buiten en draai hem naar links om de kap van het kettingwiel te verwijderen.
A Draag altijd handschoenen.
- Leg de ketting over de geleider. Begin bij het neuswiel en leg de ketting in de groef van de geleider. Zorg dat de scherpe kant van de snijtanden aan de bovenkant van de geleider naar voren gericht is (zie de markering op de geleider).
- Plaats de geleider op de borgschroef en zorg ervoor dat hij zo ver mogelijk naar achteren, richting tandwiel, zit. Plaats de ketting over het tandwiel en trek de geleider naar voren om de ketting op te spannen.
- Zet de kap van het kettingwiel terug en draai de binnenste geleiderborgknop naar rechts, totdat hij goed vast zit. 6 & 7. Om de ketting op spanning te brengen, draait u de buitenste knop van de kettingspanner naar rechts. Breng de ketting op spanning, totdat de spanning juist is. Controleer de spanning door de ketting van de geleider af te trekken. Zorg dat de tussenruimte ca. 2-3 mm is. Als u de spanning van de ketting af wilt halen, draait u de knop naar links. (Wanneer u dit doet, houdt u de neus van de geleider naar boven gericht.) 8a & 8b. Wanneer de spanning juist is, draait u de binnenste geleiderborgknop naar rechts, totdat hij goed strak zit. Klap de knop terug op zijn plaats.
Als de ketting te strak is gespannen, wordt de motor overbelast, wat schade kan veroorzaken. Onvoldoende spanning kan ervoor zorgen dat de ketting van de geleider af gaat. Een ketting die juist is gespannen zorgt voor uitstekend resultaat en gaat lang mee. Controleer de spanning regelmatig, want de ketting wordt door het gebruik langer (vooral wanneer de ketting nieuw is; na de eerste montage moet de kettingspanning na enkele minuten werk worden gecontroleerd); maak de ketting niet onmiddellijk na het gebruik strakker, wacht totdat hij is afgekoeld.
Waarschuwing: De ketting en de geleider kunnen heel heet worden
Begin: pak beide handgrepen stevig vast, maak de kettingremhendel los terwijl u ervoor zorgt dat uw hand nog steeds op de voorste handgreep ligt, druk het schakelblok in en houdt dit ingedrukt; druk dan de schakelaar in (u kunt nu het schakelblok loslaten).
Stoppen: De machine stopt wanneer de schakelaar wordt losgelaten of wanneer de kettingrem wordt gebruikt.
F. SMEREN VAN ZWAARD EN KETTING
OPGEPAST! Onvoldoende smering zorgt ervoor dat de ketting breekt en veroorzaakt ernstig lichamelijk letsel.
Controleer volgens de aanwijzingen in 'Onderhoud' de juiste hoeveelheid kettingolie die wordt afgegeven.
Keuze van de kettingolie
Gebruik de soort olie die door de fabrikant wordt aanbevolen.
Wij raden het gebruik van biologische kettingolie aan, die biologisch afbreekbaar is.
Olie bijvullen
Draai de olietankdop open, vul de tank zonder olie te morsen (mocht dit toch gebeuren, reinig de machine dan zorgvuldig) en draai de dop goed vast.
G. ONDERHOUD EN OPSLAG
Haal de stekker uit het stopcontact voordat u onderhouds- of schoonmaakwerkzaamheden gaat uitvoeren.
PAS OP! In geval van werk in een bijzonder vuile of stoffige omgeving, moeten de beschreven werkzaamheden met kortere intervallen worden uitgevoerd dan hier aangegeven.
Voor elk gebruik
Controleer of de kettingoliepomp goed werkt: richt het zwaard op een licht oppervlak, op een afstand van ca. twintig centimeter; nadat de machine een minuut heeft gewerkt, moet het oppervlak duidelijke oliesporen vertonen (fig.1). Controleer of het in- en uitschakelen van de kettingrem niet te moeizaam of te gemakkelijk gaat en of hij niet geblokkeerd is. Controleer vervolgens de werking ervan als volgt: schakel de kettingrem uit, pak de machine op de juiste wijze vast en start hem, schakel de kettingrem in door de handbescherming voor met uw linker pols/arm naar voren te duwen, maar zonder de handgrepen los te laten (fig.2). Als de kettingrem correct werkt, moet de ketting onmiddellijk geblokkeerd worden. Controleer of de ketting scherp is (zie hieronder), in goede staat verkeert en correct is gespannen; indien hij onregelmatig gesleten is of een snijtand heeft van slechts 3 mm, moet hij worden vervangen (fig.3).
Reinig de ventilatieopeningen regelmatig om oververhitting van de motor te voorkomen (fig. 4).
Controleer de werking van de schakelaar en de schakelaarvergrendeling (uit te voeren bij uitgeschakelde kettingrem): bedien de schakelaar en de schakelaarvergrendeling en controleer of ze in de ruststand terugkomen zodra ze worden losgelaten; controleer of het onmogelijk is de schakelaar te bedienen zonder dat de schakelaarvergrendeling is ingedrukt.
Controleer of de kettingvanger en de handbescherming altijd in perfecte staat verkeren en geen defecten vertonen, zoals beschadigingen van het materiaal.
Elke 2-3 werkuren
Controleer het zwaard en reinig indien nodig zorgvuldig de smeergaten (fig. 5) en de kettinggeleider (fig. 6); indien deze versleten is of diepe putten vertoont, moet hij worden vervangen. Maak het kettingwiel regelmatig schoon en zorg ervoor dat het niet te veel is versleten (fig. 7). Smeer het neuswiel van het zwaard met lagervet via de aangegeven opening (fig. 8).
Vijlen van de ketting
Neem contact op met een erkend servicecentrum als u een probleem ondervindt met het slijpen van de ketting.
De ketting moet op de juiste wijze worden geslepen. Een onjuist geslepen ketting zorgt voor terugslag en een grotere kans op lichamelijk letsel.
Als de ketting niet zaagt zonder dat men het zwaard tegen het hout drukt en als het zaagsel zeer fijn is, is dit een teken dat de ketting niet goed scherp is. Als de snede geen zaagsel produceert, dan is de snijkant van de ketting volledig afgesleten en wordt het hout bij het zagen verpulverd. Een goed geslepen ketting gaat moeiteloos door het hout en vormt grof, lang zaagsel. Het snijdende gedeelte van de ketting wordt gevormd door de snijschakel (fig.9), met een snijtand (fig.10) en een dieptesteller (fig.11). Het hoogteverschil hiertussen bepaalt de zaagdiepte; om een goede scherpte te verkrijgen zijn een vrijgeleider en een ronde vijl met een diameter van 4mm vereist. Ga als volgt te werk: met de ketting gemonteerd en correct gespannen, de kettingrem inschakelen en de vrijgeleider loodrecht op het zwaard plaatsen zoals in de afbeelding getoond (fig.12). Vijl de snijtand met de aangegeven hoek (fig.13A & fig 13B), steeds van de binnenkant naar de buitenkant en met afnemende druk bij de teruggaande beweging (het is van groot belang dat deze aanwijzingen worden opgevolgd: een overmatige of onvoldoende slijphoek of een verkeerde vijldiameter verhoogt de kans op terugslag). Om een betere precisie op de zijhoeken te verkrijgen wordt aangeraden de vijl zo te plaatsen dat hij verticaal ca. 0,5 mm over de bovenste snijkant steekt. Vijl eerst alle tanden aan de ene kant, draai daarna de machine om en vijl de tanden aan de andere kant. Zorg ervoor dat een gelijke lengte van alle tanden wordt verkregen en dat de hoogte van de dieptestellers 0,6mm lager is dan de bovenste snijkant: controleer de hoogte met behulp van een kaliber en vijl (met een platte vijl) het uitstekende gedeelte af, en werk het voorste gedeelte van de dieptesteller rond af (fig.14), waarbij u erop moet letten dat u NIET ook de terugslag-beschermingstand afvijlt (fig.15).
Om de 30 bedrijfsuren.
Breng de machine naar een erkend reparatiecentrum.
Opslag/Transport
Laat het product afkoelen en plaats de kap over de geleider en de ketting.
Sla het product op een koele, droge plaats op, buiten het bereik van kinderen. Niet buiten opslaan.
Zorg ervoor dat er geen olie uit het product lekt.
H. ZAAGTECHNIEKEN
Voorkom het volgende tijdens gebruik: (fig.1)
- zaagwerk in situaties waarbij de stam tijdens het zagen kan breken (hout onder spanning, droge dode bomen, etc.): een onverwachte breuk kan zeer gevaarlijk zijn.
- dat het zwaard of de ketting in de snede geklemd raakt: mocht dit gebeuren, de machine van het voedingsnet afkoppelen en probeer de stam op te tillen door een geschikt middel als hefboom te gebruiken; tracht de machine niet te bevrijden door schudden of trekken, omdat u hiermee schade of letsel kunt veroorzaken.
- situaties die de kans op terugslag kunnen verhogen.
- het product boven schouderhoogte te gebruiken
- hout te zagen waarin vreemde objecten zoals spijkers zitten
De machine nooit gebruiken in aarde of stenen, waar dit de ketting direct zou beschadigen.
Tijdens het gebruik: (fig.1)
- Indien u op hellend terrein werkt, blijf dan boven de stam, zodat deze u niet kan raken mocht hij naar beneden rollen.
- Bij het vellen van bomen het werk altijd afmaken: een gedeeltelijk gezaagde boom kan breken.
- Na beëindiging van elke snede voelt u een aanzienlijke verandering in de kracht die nodig is om de machine vast te houden. Wees zeer voorzichtig zodat u de controle over de machine niet verliest.
In de onderstaande tekst wordt verwezen naar de volgende twee zaagmethodes:
Zagen met getrokken ketting (van boven naar beneden) (fig.2), waarbij het risico bestaat van een plotselinge beweging van de machine naar de stam toe met als gevolg controleverlies. Gebruik indien mogelijk de veltand tijdens het zagen.
Zagen met geduwde ketting (van onder naar boven) (fig.3): hierbij bestaat het gevaar van een plotselinge beweging van de machine naar de gebruiker toe, met het risico dat deze geraakt wordt, of stoten van de risicozone tegen de stam met als gevolg terugslag; bij deze zaagmethode is grote voorzichtigheid geboden.
De meest veilige methode om de machine te gebruiken is met het hout op de zaagbok geblokkeerd, van boven naar onder zagend en op het gedeelte buiten de steun. (fig.4)
Gebruik van de veltand
Gebruik wanneer mogelijk de veltand om veiliger te werken: plant hem in de schors of het stamoppervlak, zodat u gemakkelijker de controle over de machine bewaart.
Hieronder worden de standaardprocedures beschreven die in bepaalde situaties moeten worden toegepast. U dient van keer tot keer te beoordelen of deze procedures al dan niet op uw geval van toepassing zijn, om een methode te kiezen die zo min mogelijk risico's met zich meebrengt.
Stam aan de grond (risico dat de grond aan het eind van de snede met de ketting wordt geraakt). (fig.5) Zaag van boven naar onder door de hele stam. Werk voorzichtig aan het eind van de snede om te voorkomen dat de ketting de grond raakt. Stop indien mogelijk op 2/3 van de dikte van de stam, draai hem om en zaag het resterende gedeelte van boven naar onder, om het risico van contact met de grond te voorkomen.
Stam aan een kant ondersteund (risico dat de stam breekt tijdens het zagen) (fig.6)
Begin de snede van onder tot op circa 1/3 van de diameter, en zaag vervolgens van bovenaf tot u bij de onderste snede uitkomt.
Stam aan te be de keitigde rakt. (fig.7)
Begin de snede van bovenaf tot op circa 1/3 van de diameter, en zaag vervolgens van onderaf tot u bij de bovensnede uitkomt.
Een boomstam die tegen een helling aan ligt. Ga altijd aan de hoge kant van de boomstam staan. Wanneer u de boomstam doorzaagt, bewaar u controle over de kettingzaag door de snijdruk tegen het einde van de zaagbeweging wat af te laten, zonder dat u uw greep op de handvatten van de kettingzaag ontspant. Zorg ervoor dat de ketting niet in contact komt met de grond.
Bomen vellen
PAS OP! Probeer geen bomen te vellen wanneer u hier niet de nodige ervaring heeft, en vel in geen geval een boom die een grotere diameter heeft dan de lengte van het zwaard! Deze operatie mag alleen door deskundigen en met geschikte uitrustingen worden uitgevoerd.
Bij het vellen van een boom is het de bedoeling hem in de meest geschikte positie te laten vallen voor het latere ont takken en in stukken zagen. (Voorkom dat een vallende boom in een andere boom verstrikt raakt: een verstrikte boom laten vallen is een zeer gevaarlijke operatie). U moet de juiste valrichting bepalen door het volgende te beoordelen: wat zich rond de boom bevindt, de helling en kromming van de boom, de windrichting en de dichtheid van de takken.
Houd ook rekening met de aanwezigheid van dode of gebroken takken die af kunnen breken tijdens het vellen en een gevaar kunnen vormen.
PAS OP! Tijdens het vellen van een boom in kritieke omstandigheden, na het zagen altijd direct de gehoorbescherming afnemen om ongewone geluiden en eventuele waarschuwingssignalen te kunnen horen.
Voorbereidende werkzaamheden en bepalen van de vluchtroute
Verwijder eventuele takken die het werk hinderen (fig.8), van boven naar onder werkend, en houd de stam tussen u en de machine terwijl u vervolgens de moeilijkere takken één voor één verwijdert. Verwijder de begroeiing rond de boom en let op eventuele aanwezige obstakels (stenen, wortels, greppels etc.) bij het plannen van uw vluchtroute (te benutten tijdens het vallen van de boom); zie de afbeelding (fig.9) voor de te kiezen richting (A Voorziene valrichting van de boom. B. Vluchtroute C. Risicozone)
VELTECHNIEK (fig.10)
Om de controle over de vallende boom te verzekeren, moeten de volgende stappen worden uitgevoerd: De valkerf, die het eerst wordt gemaakt en dient om de valrichting van de boom te bepalen: maak eerst de BOVENSNEDE van de valkerf aan de kant waarnaar de boom moet vallen. Blijf links van de boom en zaag met getrokken ketting; maak vervolgens de ONDERSNEDE van de valkerf, die op hetzelfde punt moet eindigen als de bovensnede. De diepte van de valkerf moet 1/4 van de stamdiameter bedragen, met een hoek tussen de boven- en ondersnede van tenminste 45°. Het ontmoetingspunt tussen de twee sneden wordt "valkerlijn" genoemd. Deze lijn moet perfect horizontaal zijn en een rechte hoek (90°) vormen met de valrichting.
De velsnede, die het doel heeft de boom te doen vallen, moet op 3-5 cm boven het ondervlak van de valkerf worden gemaakt, en moet eindigen op een afstand van de valkerf die overeenkomt met 1/10 van de stamdiameter. Blijf links van de boom en zaag met getrokken ketting, met gebruik van de veltand.
Controleer of de boom zich niet in een andere richting beweegt dan de beoogde valrichting. Steek zodra dit mogelijk is een wig in de zaagsnede. Het ongezaagde stuk van de stam wordt scharnier genoemd, en dient om de valrichting van de boom te sturen. Als het scharnier te klein is, niet recht is of geheel is doorgezaagd, is het niet meer mogelijk de vallende boom te sturen (zeer gevaarlijk).
Daarom moeten de diverse sneden met grote precisie worden uitgevoerd.
Wanneer de zaagsneden zijn voltooid, begint de boom te vallen en kan eventueel worden geholpen met een wig of velhevel.
Onttakken
Wanneer de boom is geveld, moet de stam van zijn takken worden ontdaan. Onderschat dit werk niet, want de meeste ongelukken als gevolg van terugslag vinden juist in deze fase plaats. Let dus goed op de positie van de neus van het zwaard tijdens het zagen en werk aan de linkerkant van de stam.
ECOLOGISCHE INFORMATIE
In dit hoofdstuk vindt u nuttige informatie voor het behoud van de ecologische kenmerken die in de ontwikkelingsfase van de machine werden vastgesteld, een correct gebruik van de machine en de verwerking van de olie.
GEBRUIK VAN DE MACHINE
De werkzaamheden voor het vullen van de olietank moeten zo worden uitgevoerd dat geen lozing van de kettingolie in het milieu wordt veroorzaakt.
LANGE PERIODES VAN STILSTAND
Maak de olietank altijd leeg in geval van langdurige opslagperiodes.
SLOOP
Voorkom lozing in het milieu van de afgedankte machine; lever hem in bij de aangewezen instellingen voor afvalverwerking volgens de geldende wettelijke voorschriften.
Het symbool op het product of de verpakking betekent dat dit product niet mag worden behandeld als gewoon huishoudelijk afval, maar in plaats daarvan moet worden ingeleverd bij het punt voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Door dit product correct te verwijderen helpt u om de negatieve gevolgen die een verkeerde verwerking van dit product kan hebben voor het milieu en de gezondheid te voorkomen.
Voor verdere informatie over recycling van dit product kunt u contact opnemen met uw gemeente, de relevante Dienst voor de verwerking van huishoudelijk afval of de winkel waar u het product hebt gekocht.
De ketting en kettinggeleider zijn verbruiksartikelen en worden niet door de garantie gedekt.
LABEL VOOR STORINGSOPSPORING
| De motor start nicht | De motor draaait slecht of verliest vermogen | De machine startwel maar zaagt nicht goed | De motor draaait op ongewone wijze | De draaiende ketting worden nicht goed door het remmechanisme geblokkeerd | |
| Controller of er stroom op het net staat | ● | ||||
| VController of de stekker goed in het stopcontact is gestoken | ● | ||||
| Controller de voedingskabel en de verlengkabel op beschadigingen | ● | ||||
| Controller of de kettingrem nicht is ingeschakeld | ● | ||||
| Controller of de ketting goed aangebrachte en gespannen is | ● | ● | |||
| Controller de smering van de ketting zoals beschreiben in hoofdstuk F en G | ● | ● | |||
| Controller of de ketting scherp is | ● | ||||
| Wend u tot een erkende serviceworkplaats | ● | ● | ● | ● |
EU CONFORMITEITSVERKLARING
Ondergetekende, Husqvarna AB, S-561 82, Huskvarna, Sweden, bevestigt hierbij dat hieronder genoemde apparaten in de door ons in de handel gebrachte uitvoering voldoen aan de eisen van, en in overeenstemming zijn met de EU-richtlijnen, de EU-veiligheidsstandaarden en de voor het product specifieke standaarden. Deze verklaring komt te vervallen wanneer de eenheid zonder onze goedkeuring gewijzigd wordt.
Omschrijving van het apparaat: Chainsaw - Kettingzaag
Jaar van de CE-aanduiding 2009
EU-richtlijnen:
2006/42/EC, 2004/108/EC, 2000/14/EC, 2011/65/EU
Geharmoniseerd EN:
EN60745-1, EN60745-2-13, EN50366, EN55014-1, EN61000-3-2, EN61000-3-11
Erkend lichaam dat het EG-typeonderzoek heeft uitgevoerd MEEI Kft., 1007
Váci út 48/a-b
1132 Budapest
Hongarije
Certificaat nr. M3 69240048
Uitgegeven op 15/02/2013
Peter Lameli
Wereldwijd directeur O&O - Handheld
Houder van technische documentatie


| Type | CST3018 | CST3518 |
| Art. no. | 8864 | 8860 |
| Droog gewicht (Kg) | 5.4 | 5.5 |
| Vermogen (kW) | 1.8 | 1.8 |
| Inhoud olietank (cm3) | 180 | 180 |
| Kettingsteek (inches) | 3/8 | 3/8 |
| Kettingmaat (mm) | 1.3 | 1.3 |
| Maximale lenghte van geleider (mm) | 300 | 350 |
| Gemeten geluidsvermögen Lw2(dB(A)) | 106 | 106 |
| Gegarandeerd geluidsvermögen Lw2(dB(A)) | 108 | 108 |
| Geluidsdruk LpA1(dB(A)) | 86 | 86 |
| Onzekerheid KpA (dB(A)) | 2.5 | 2.5 |
| Hand-armtrillingen ah1(m/s2) | 3.4 | 3.4 |
| Onzekerheid Kah (m/s2) | 1.5 | 1.5 |
| Voedingsimpedantie Zmax(Ω) | 0.382 | 0.382 |
| Snijnsnelheid (m/s) | 10 | 10 |
1) Met werkgebied gerelateerd emissiekenmerk: niveau LpA voldoet aan EN60745-2-13 in de tabel.
Trillingen: waarde ah voldoet aan EN60745-2-13 in de tabel.
De vermelde totale trillingswaarde is gemeten in overeenstemming met een standaardtestmethode en kan worden gebruikt om gereedschappen met elkaar te vergelijken.
De vermelde totale trillingswaarde kan tevens worden gebruikt bij een voorlopige beoordeling van blootstelling.
Waarschuwing:
De trilling die dit elektrisch gereedschap tijdens het gebruik veroorzaakt, kan afwijken van de vermelde totale trillingswaarde, afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
Gebruikers moeten veiligheidsmaatregelen treffen om zichzelf te beschermen, die zij baseren op een geraamde blootstelling onder de werkelijke gebruiksomstandigheden (naast het eigenlijke gebruik ook rekening houdend met alle fasen van de gebruikscyclus, zoals keren dat het gereedschap wordt
uitgeschakeld en de tijd dat het stationair draait).
2) De geluidsniveauwaarden Lwa voldoen aan 2000/14/EC in de tabel.
Controleprocedure conformiteit.. Annex V
EN 61000-3-11 Verklaring van overeenkomstigheid
Naar gelang de kenmerken van het plaatselijke stroomnetwerk kan het gebruik van dit product voor een kort spanningsverlies zorgen, zodra het wordt ingeschakeld. Dit kan van invloed zijn op andere elektrische apparatuur, bijv. een lamp die tijdelijk dimt. Als de impedantie van uw stroomnetwerk lager is dan de waarde in de tabel (die voor uw model geldt), dan heeft u geen last van dit effect. De waarde van de netwerkimpedantie kan worden vastgesteld door contact op te nemen met uw elektriciteitsbedrijf.
A. ALGEMENE BESCHRIJVING
1) Snoer
16) Zaagsleuf
2) Achterste handvat
17) Zaagblad
3) Achterste handbeschermer
18) Neuskettingwiel
Annex V
EN 61000-3-11 Verklaring van overeenkomstigheid
Avaloya Me ta xapaKTNIATKau TOTIKU dktuO npoxnH AEkTPIouo, n xpno autou TPOIOVTOC mtopei va pokalei anotouc twnae taon c n otiyun nu Ttetai o aeitoupya. Auto mnpei y aempeae kai aldo nEkpUko EOnlAio, p.x. otuyiau meoioo tn C foWteivOTAC muc AaMuc. EaN y meyiotu uovtheta avToaOnc Zmax Tou dktuO ac elvai mkoTeepn ant tyu nou eapavctetai stov nivaoka (Tou ixuei yia to mvtelo oac), dev ta napoviaovtout autec o erntwoeic. Tnu tnc ouvtheta ncvrtotaoc tou dktuO mnpote ve ta bpeir etikovowwvntac me tvn etaipela oc npaoxnic nekTpiouo
A. ALGEMENE BESCHRIJVING
1) Kabel
17) As
2) Vergrendeling
18) Bovenste uiteinde van de as
3) Snijblad voor rechterhand
19) Plaat voor het kettingvangblad
4) Oliepeilstok
10) Beschermingsinrichting met pinnen
24) Snijtand
Veiligheidsbril of beschermingsscherm, veiligheidshelm en gehoorbescherming
Beschermende handschoenen tegen snijwonden
Lange beschermende broek tegen snijwonden
Certificaat nr. M3 69240048
Datum 15/02/2013
Peter Lameli
Globaal Ar&Ge Mūdūrū - Elde tasīnir
19) Kettingbeschermplaat
5) Oogbescherming
20) Vergrendelingsknop
6) Schakelaar
21) Geleiderailafdekking
7) Oliepijp dop
22) Ketting
8) Voorste handgreep
23) Gebruiksaanwijzing
Certificaat nr. M3 69240048
UIm 15/02/2013
Peter Lameli
Sterrebeekstraat 163
1930 Zaventem
Telefoon: (+32) 27 20 92 12
E-mail: info@gardena.be
Bosnië / Herzegovina
SILK TRADE d.o.o.
Industrijska zona Bukva bb
74260 Tešanj
Brazilië
Palash Comercio e
Importação Ltda.
GARDENA Nederland B.V.
Postbus 50176
1305 AD ALMERE
Telefoon: (+31) 365210000
info@gardena.nl
Nederlandse Antillen
Jonka Enterprises N.V.
Sta.Rosa Weg 196
P.O.Box 8200, Curacao
Telefoon: (+599) 9 767 66 55
pgm@jonka.com
Nieuw-Zeeland