CV 85 2 RS - Industriële stofzuiger KARCHER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CV 85 2 RS KARCHER in PDF-formaat.
| Type product | Industriële stofzuiger met zelfrijdende bezem voor tapijten |
| Merk | KARCHER |
| Model | CV 85 2 RS |
| Nominale spanning | 36 V |
| Batterijcapaciteit | 105 Ah (5h) |
| Gemiddeld opgenomen vermogen | 1475 W |
| Werkbreedte | 800 mm |
| Diameter roterende borstel | 100 mm |
| Toerental roterende borstels | 1750 tr/min |
| Diameter zijborstel | 300 mm |
| Toerental zijborstel | 85 tr/min |
| Zuigluchtdebiet | 45 l/s |
| Maximale onderdruk | 4,0 kPa |
| Volume filterzak | 35 L |
| Maximale rijsnelheid | 5,6 km/h |
| Maximale toelaatbare helling | 10% |
| Afmetingen (L × B × H) | 1330 × 927 × 1285 mm |
| Totaal toelaatbaar gewicht | 451 kg |
| Geluidsdrukniveau | 62 dB(A) |
| Theoretisch reinigbaar oppervlak | 3270 m²/h |
| Voeding | Batterij 36 V (niet meegeleverd) |
| Hoofdfuncties | Zuigen en vegen van tapijten, zelfrijdend |
| Veiligheidsvoorzieningen | Noodstopknop, veiligheidspedaal, elektrische parkeerrem |
| Lopend onderhoud | Leegmaken filterzak, reinigen borstels, controleren zuurpeil (natte accu) |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Originele onderdelen verkrijgbaar via KARCHER service of website www.kaercher.com |
Veelgestelde vragen - CV 85 2 RS KARCHER
Gebruikersvragen over CV 85 2 RS KARCHER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Industriële stofzuiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CV 85 2 RS - KARCHER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CV 85 2 RS van het merk KARCHER.
GEBRUIKSAANWIJZING CV 85 2 RS KARCHER
Lees vóór het eerste gebruik van uw apparaat deze originele
gebruiksaanwijzing, ga navenant te werk en bewaar hem voor later gebruik of voor een latere eigenaar.
Inhoudsopgave
| Veiligheidsaanwijzingen | NL - | 1 |
| Functie | NL - | 1 |
| Doelmatig gebruik | NL - | 1 |
| Milieubescherming, afvalverwerking | NL - | 1 |
| Bediening- en werkingsonderdelen | NL - | 2 |
| Voor ingebruikneming | NL - | 3 |
| Gebruik | NL - | 4 |
| Vervoer | NL - | 5 |
| Opslag | NL - | 5 |
| Onderhoud | NL - | 5 |
| Storingen | NL - | 7 |
| Accessoires | NL - | 7 |
| Technische gegevens | NL - | 8 |
| Reserveonderdelen | NL - | 8 |
| Garantie | NL - | 8 |
| CE-verklaring | NL - | 8 |
Veiligheidsaanwijzingen
Voordat u het apparaat voor de eerste keer in gebruik neemt, dient u deze gebruikshandleiding en de bijgevoegde brochure met veiligheidsaanwijzingen voor nat-/droogzuiger nr. 5.956-249 te lezen en er nota van te nemen.
Het apparaat is toegelaten voor het gebruik op oppervlakken met een helling tot 10%.
Veiligheidsinrichtingen
Beveiligingselementen dienen ter bescherming van de gebruiker en mogen niet buiten gebruik gesteld worden of in de functie omgaan worden.
Noodstopknop
Voor een directe buitengebruikstelling van alle functies: Noodstopknop indrukken.
Veiligheidspedaal
De rijaandrijving kan alleen geactiveerd worden indien de bediener het pedaal met de voet ingedrukt houdt.
Symbolen
In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende symbolen gebruikt:
⚠️ Gevaar
Voor een onmiddellijk dreigend gevaar dat leidt tot ernstige en zelfs dodelijke lichamelijke letsels.
⚠ Waarschuwing
Voor een mogelijks gevaarlijke situatie die zou kunnen leiden tot ernstige en zelfs do- delijke lichamelijke letsels.
Voorzichtig
Voor een mogelijks gevaarlijke situatie die kan leiden tot lichte lichamelijke letsels of materiële schade.
Functie
Het apparaat wordt gebruikt voor het schoonzuigen van tapijten. Het vuil wordt door borstels uit het tapijt gehaald, opgezogen en in een filterzak verzameld.
- Een werkbreedte van 850 mm maakt een effectief gebruik bij hoge gebruiksduur mogelijk.
- Het apparaat is zelfrijdend.
- De accu's kunnen door middel van een oplaadapparaat aan een 230-V-stop-contact opgeladen worden.
- Batterij en oplaadapparaat behoren niet tot het leveringspakket en moeten afzonderlijk besteld worden.
Waarschuwing
In functie van de verschillende reinigingstaken en de gebruiksplaats kan het apparaat uitgerust worden met verschillende accessoires.
Vraag onze catalogus aan of bezoek onze webpagina op www.kaercher.com.
Doelmatig gebruik
Gebruik dit apparaat uitsluitend volgens de gegevens in deze gebruiksaanwijzing.
- Het apparaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het schoonzuigen van droge tapijten.
- Het apparaat mag alleen uitgerust worden met originele toebehoren en reserveonderdelen.
- Het gebruikstemperatuurbereik ligt tussen +5°C en +40°C.
- Het apparaat mag ook niet gebruikt worden op drukgevoelige vloeren. Rekening houden met de toegelaten oppervlaktebelasting van de vloer. De oppervlaktebelasting van het apparaat is vermeld in de technische gegevens.
- Het apparaat is niet geschikt voor het gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen.
- Het apparaat is niet geschikt voor het opzuigen van gezondheidsschadelijke stoffen.
- Reactief metaalstof (bv. aluminium, magnesium, zink) vormt in verbinding met sterk alkalische en zure reinigingsmiddelen explosieve gassen.
Milieubescherming, afvalverwerking

De verpakkingsmaterialen zijn recyclebaar. Gooi het verpak- kingsmateriaal niet met het huis- vuil weg, maar zorg dat het gerecycled kan worden.

Oude apparaten bevatten waar- devolle materialen die gerecy- cled kunnen worden. Batterijen, olie en gelijksoortige stoffen mo- gen niet in het milieu terechtko- men. Geef oude apparaten daarom bij een geschikte verza- melplaats af.
Aanwijzingen betreffende de inhoudsstoffen (REACH)
Huidige informatie over de inhoudsstoffen vindt u onder:
Bediening- en werkingsonderdelen

1 Accustekker
2 Accu
3 Vergrendeling batterijkast
4 Batterijkast
5 Filterzak
6 Filterzak
7 Aansluiting
8 Binnendeksel filterkamer
9 Deksel filterkamer
10 Ontgrendelhefboom parkeerrem
11 Zijborstel
12 Borstel-/zuigkop
13 Hendel borstel-/zuigeenheid omhoog/omlaag
14 Gaspedaal
15 Plaats voor bediener
16 Veiligheidspedaal
17 Batterijafdekking
18 Sluitschroef batterijafdekking
19 Stuurwiel
20 Bedieningspaneel

1 Sleutelschakelaar
2 Ontgrendeltoets
3 Rijrichtingsschakelaar
4 Schakelaar snelheid
5 Claxon
6 Noodstopknop
7 Accu-ladingsindicator
8 Zekering wielaandrijving
9 Zekering besturing
10 Zekering zijbezemaandrijving
11 Zekering aandrijving borstelrol
12 Zekering zuigturbine
13 Indicatie Filterzak vol
14 Bedrijfsurenteller
Voor ingebruikneming
Accu's
Let bij de omgang met accu's absoluut op de volgende waarschuwingstip:
| Aanwijzingen op de accu, in de gebruiksaanwijzing en in de voertuig-gebruiksaanwijzing naleven | |
| Oogbescherming dragen | |
| Kinderen uit de buurt houden van zuren en accu's | |
| Ontploffingsgevaar | |
| Vuur, vonken, open licht en roken verboden |
![]() | Pas op voor bijtende vloeistoffen |
![]() | Eerste hulp |
![]() | Waarschuwingstekst |
![]() | Afvalverwerking |
![]() | Accu niet in vuilnisbak gooien |
⚠ Gevaar
Explosiegevaar. Geen werktuigen e.d. op de accu, d.b. op eindpolen en accucelverbinder leggen.
Verwondingsgevaar. Wonden nooit in contact brengen met lood. Na het werk aan accu's altijd de handen reinigen.
Accu plaatsen en aansluiten
→ Sluitschroef van de batterijafdekking uitdraaien.
→ Batterijafdekking naar achteren zwenken.
→ Vergrendeling van de batterijkast naar links schuiven en naar beneden zwenken.
→ Batterijkast naar achteren trekken.

→ Batterijen in de bak van de batterijkast zetten.
→ Polen met de bijgevoegde verbindings-kabels verbinden.
⚠ Waarschuwing
Op juiste polariteit letten.
→ Meegeleverde aansluitingskabels aan de nog vrije accupool (+) en (-) vast-klemmen.
→ Batterijkast naar voren schuiven.
→ Vergrendeling van de batterijkast vastklikken.
⚠ Waarschuwing
Voor de inbedrijfstelling van het apparaat de accu opladen.
Accu laden
→ Indien de verlichte balken aan de linkerkant van de accu-ladingsindicator knipperen, moet het apparaat onmiddellijk naar het oplaadstation gereden worden; hellingen moeten daarbij verme- den worden.
⚠️ Gevaar
Verwondingsgevaar door elektrische schok. Letten op stroomnet en beveiliging, zie „Oplaadapparaat“.
Oplaadapparaat alleen in een droge omgeving met voldoende verluchting gebruiken!
Instructie
De oplaadtijd bedraagt gemiddeld ongeveer 10 uren.
De aanbevolen oplaadapparaten (die bij de gebruikte accu's passen) zijn elektronisch geregeld en beëindigen het laadproces automatisch.
⚠️ Gevaar
Explosiegevaar. Het opladen van natte accu's is alleen toegelaten bij een geopende accu-afdekking.
→ Sluitschroef van de batterijafdekking uitdraaien.
→ Batterijafdekking naar achteren zwenken.
→ Accustekker uittrekken en verbinden met de oplaadkabel.
→ Oplaadapparaat verbinden met het stroomnet en inschakelen.
Na het laadproces
→ Oplaadapparaat uitschakelen en van het stroomnet scheiden.
→ Accukabel van de laadkabel trekken en met het apparaat verbinden.
→ Batterijafdekking naar voren zwenken en sluitschroef aandraaien.
Extra bij onderhoudsarme accu's (natte accu's):
→ Een uur voor het einde van het laadproces gedestilleerd water toevoegen, letten op het juiste zuurpeil. Accu is overeenkomstig gekenmerkt. Aan het einde van het laadproces moeten alle cellen gas ontwikkelen.
⚠️ Gevaar
Gevaar van brandwonden!
- Navullen van water in de ontladen toestand van de accu kan leiden tot het vrijkomen van zuren.
- Bij de omgang met accuzuur een veiligheidsbril dragen en de voorschriften in acht nemen om verwondingen en de beschadiging van kledij te vermijden.
- Eventuele zuurspatten op huid of kledij onmiddellijk met overvloedig water uitspoelen.
Voorzichtig
Beschadigingsgevaar!
- Voor het bijvullen van accu's alleen ge- destilleerd of ontzilt water (EN 50272- T3) gebruiken.
- Geen vreemde toevoegingsstoffen (zogenoemde verbeteringsmiddelen) gebruiken, anders vervalt elke garantie.
Aanbevolen accu's
| Accu | Bestel-nr. |
| 3 x 12V/105 A, onder-houdsvrij (gel) | 6.654-141.0 |
Aanbevolen oplaadapparaten
| Oplaadapparaat | Bestel-nr. |
| 36V, voor onder-houdsvrije batterijen | 6.654-229.0 |
Accu's en oplaadapparaten zijn verkrijgbaar in de vakhandel.
Maximale batterijafmetingen
| Lengte | Breedte | Hoogte |
| 406 mm | 533 mm | 432 mm |
Indien natte batterijen gebruikt worden, moet het volgende in acht genomen worden:
- De maximale accuafmetingen moeten gerespecteerd worden.
- Bij het opladen van natte batterijen moet de batterijafdekking geopend worden.
- Bij het opladen van natte accu's moeten de voorschriften van de accufabrikant in acht genomen worden.
Batterijen demonteren
→ Sluitschroef van de batterijafdekking uitdraaien.
→ Batterijafdekking naar achteren zwenken.
→ Vergrendeling van de batterijkast naar links schuiven en naar beneden zwenken.
→ Batterijkast naar achteren trekken.
→ Kabel van de minpool van de batterij losmaken.
→ Resterende kabels van de batterijen af-halen.
→ Batterijen eruit nemen.
→ Verbruikte batterijen conform de geldende bepaleingen verwijderen.
Apparaat verschuiven
Staand wordt het apparaat door een elektrische parkeerrem tegen wegrollen beschermd. Voor het verschuiven van het apparaat moet de parkeerrem ontgrendeld worden.
→ Voor het ontgrendelen van de parkeerrem de ontgrendelhefboom naar omlaag duwen.
⚠️ Gevaar
Ongevalgevaar door wegrollend apparaat. Na het verschuiven moet de ontgrendelhefboom in elk geval weer naar omhoog gezet worden om de parkeerrem opnieuw te activeren.
Afladen
Waarschuwing
Voor een onmiddellijke buitenwerkingstelling van alle functies de voet van het gaspedaal nemen, noodstopknop indrukken en sleutelschakelaar op „0“ drehen.
→ Schroeven losdraaien en houten kooi wegnemen.
→ Kunststof pakband opensnijden en folie verwijderen.
→ Bevestiging aan de wielen verwijderen.
→ Bijgevoegde houten plaat aan de achterkant van het apparaat als platform op het pallet leggen en met schroeven bevestigen.

→ Blokken achter beide achterste wielen wegnemen.
→ Batterij-afdekking openen en stuurwiel eruit nemen.
→ Stuurwiel aanbrengen en voorwiel recht uitrichten.
→ Stuurwiel wegnemen, uitrichten en opnieuw aanbrengen.
→ Stuurwiel met bijgevoegde moer bevestigen.
→ Afdekking in het stuurwiel steken.
→ Bij apparaten zonder batterij: batterij inbouwen.
→ Batterijstekker met het apparaat verbinden.
→ Op de bedieningsplaats gaan staan en het veiligheidspedaal met de linkervoet ingedrukt houden.
→ Nood-stop-knop door draaien ontgren-delen.
→ Sleutelschakelaar op „1“ stellen.
→ Rijrichting achteruit met de rijrichtingsschakelaar op het bedieningspaneel instellen.
→ Kleinste snelheidsbereik met schakelaar Snelheid selecteren.
→ Ontgrendelingsknop indrukken.
→ Om te rijden het gaspedaal voorzichtig indrukken en langzaam van het pallet rijden.
→ Sleutelschakelaar op „0“ stellen.
→ Wieldoppen op de achterste wielen steken.
Gebruik
Waarschuwing
Voor een onmiddellijke buitenwerkingstelling van alle functies de voet van het gaspedaal nemen, noodstopknop indrukken en sleutelschakelaar op „0“ drehen.
→ Onderhoudswerkzaamheden „Dagelijks / voor het bedrijfsbegin“ uitvoeren (zie hoofdstuk „Onderhoud en instandhouding“).
Parkeerrem controleren
⚠️ Gevaar
Ongevalgevaar. Voor elke werking moet de functionaliteit van de parkeerrem op een vlakte gecontroleerd worden.
→ Sleutelschakelaar op „0“ stellen.
→ Noodstopknop indrukken.
Indien het apparaat met de hand kan verschoven worden, is de parkeerrem niet functioneel.
→ Ontgrendelhefboom van de parkeerrem naar omhoog duwen.
Indien het apparaat nog steeds met de hand verschoven kan worden, is de par-keerrem defect. Apparaat stilleggen en de klantendienst contacteren.
Remmen
⚠️ Gevaar
Ongevalgevaar. Indien het apparaat op hellingen niet voldoende remwerking vertoont, noodstopknop indrukken:
Rijden
Om met het apparaat vertrouwd te raken, de eerste rijpogingen op een open ruimte ondernemen.
⚠️ Gevaar
Kantelgevaar bij de sterke hellingen.
→ In rijrichting alleen hellingen tot 10% be- rijden.
Kantelgevaar bij snel door de bochten rijden.
Slipgevaar bij natte bodems.
→ In bochten langzaam rijden.
Kantelgevaar bij onstabiele ondergrond.
→ Het apparaat uitsluitend op bevestigde ondergrond bewegen.
Kantelgevaar bij de zijwaartse hellingen.
→ Dwars op de rijrichting alleen hellingen tot maximaal 10 % berijden.
→ Op de bedieningsplaats gaan staan en het veiligheidspedaal met de linkervoet ingedrukt houden.
→ Gaspedaal niet indrukken.
→ Nood-stop-knop door draaien ontgrendelen.
→ Sleutelschakelaar op „1“ stellen.
→ Rijrichting met de rijrichtingsschakelaar op het bedieningspaneel instellen.
→ Snelheidsbereik met de schakelaar Snelheid selecteren (3 trappen).
→ Ontgrendelingsknop indrukken.
→ Om te rijden het gaspedaal voorzichtig indrukken.
Instructie
De rijrichting kan ook tijdens de rit veranderd worden. Op die manier kunnen door meermaal vooruit en achteruit te rijden ook sterk vervuilde plaatsen gereinigd worden.
Overbelasting
Bij overbelasting wordt de motor van de wielaandrijving na een bepaalde tijd uitgeschakeld.
→ Apparaat gedurende minstens 15 minuten laten afkoelen.
→ Zekering rijaandrijving op het bedieningspaneel opnieuw indrukken.
Zuigen
→ Vóór het zuigen grof vuil, draden en snoeren verwijderen van het schoon te zuigen oppervlak om te vermijden dat ze in de borstels vast komen te zitten.
⚠ Waarschuwing!
Beschadigingsgevaar voor bodemdeklaag. Apparaat niet op die plaats gebruiken. Zuig-/borstelkop alleen tijdens de rit omhoog en omlaag zetten. Niet stoppen met een omlaag gezette borstel-/zuigkop.
→ Hendel Borstel-/zuigeenheid omhoog/omlaag naar beneden bewegen - Zijbezem en borstel-/zuigkop worden omlaag gezet.
Borstelaandrijving en zuigturbine starten zodra de borste-/zuigeenheid omlaag gezet wordt
→ Gaspedaal bedienen en over het te reinigen oppervlak rijden.
Waarschuwing
Voor het reinigen wordt snelheidstrap 2 aanbevolen. Snelheidstrap 3 is enkel voorzien voor transport.
→ Snelheidsbereik met schakelaar Snelheid selecteren.
Zuigen beëindigen
→ Hendel Borstel-/zuigeenheid omhoog/omlaag naar boven bewegen en naar links laten vastklikken - Zijbezem en borstel-/zuigkop worden omhoog gezet en uitgeschakeld.
Buitenwerkingstelling
→ Apparaat op een egaal oppervlak neerzetten.
→ Sleutelschakelaar op '0' draaien en sleutel uittrekken.
→ Onderhoudswerkzaamheden „Dagelijks / na het bedrijfseinde“ uitvoeren (zie hoofdstuk „Onderhoud en instandhouding“).
→ Apparaat met blok tegen wegrollen beveiligen.
Vervoer
⚠️ Gevaar
Verwondingsgevaar! Voor het in- en uitla- den van het apparaat mag het hellingsper- centage van 10% niet overschreden worden. Langzaam rijden.
Voorzichtig
Gevaar voor letsels en beschadigingen! Houd bij het transport rekening met het gewicht van het apparaat.
→ Zuigbalk, borstels en spatbescherming van het apparaat verwijderen.
→ Bij het transport in voertuigen moet het apparaat conform de geldige richtlijnen beveiligd worden tegen verschuiven en kantelen.

1 Bevestigingspunten
Opslag
Voorzichtig
Gevaar voor letsel en beschadiging! Het gewicht van het apparaat bij opbergen in acht nemen.
Het apparaat mag alleen binnen worden opgeborgen.
Onderhoud
⚠️ Gevaar
Verwondingsgevaar! Voor alle werkzaamheden aan het apparaat de sleutelschakelaat op „0“ stellen en de sleutel uittrekken. Accustekker uittrekken.
Onderhoudsschema
Dagelijks
Voor werkbegin:
→ Toestand van de banden controleren.
→ Controleren of het binnenste deksel van de filterkamer goed sluit.
→ Zuigslang controleren op vuilafzettingen, indien nodig reinigen.
→ steekverbindingen van de zuigslang controleren op dichtheid.
→ Veiligheidspedaal, gaspedaal en stuur-wiel controleren op functionaliteit.
→ Bij natte accu's het zuurpeil controleren en indien nodig gedestilleerd water navullen.
→ Vulgraad van de filterzak controleren, indien nodig vervangen.
Na werkzaamheden::
→ Borstels reinigen en controleren op slijtage.
De bostels zijn versleten indien ze de lengte hebben van de gele borstels.
→ Apparaat aan de buitenkant met een vochtige, in mild zeepsop gedrenkte doek reinigen.
→ Apparaat uitwendig controleren op beschadigingen.
→ Batterijen laden.
Alle 50 bedrijfsuren
→ Bovenkant van de batterijen reinigen.
→ Bij natte batterijen de zuurdichtheid controleren.
→ Batterijkabel controleren op correcte positie.
Alle 100 bedrijfsuren
→ Batterijruimte en behuizing van de batterijen reinigen.
→ Spanning van de aandrijfketting controleren (zie „Onderhoudswerkzaamheden“).
→ Aandrijfketting controleren op slijtage.
→ Uitrichting van de borstel-/zuigkop controleren.
Alle 200 bedrijfsuren
→ Parkeerrem controleren. *
→ Kettingen, kabellopen en rollen voor het omhoog zetten van de borstel-/zuigkop en de zijbezem controleren op slijtage en spanning. *
→ Koolborstels en commutator van alle motoren controleren op slijtage. *
→ Spaninrichting van de stuurkettingen controleren. *
* Uitvoering door klantendienst.
Onderhoudswerkzaamheden
Onderhoudscontract
Ter verzekering van een betrouwbare werking van het apparaat kunt u met het bevoegde Kärcher-verkoopkantoor een onderhoudscontract afsluiten.
Filterzak vervangen

1 Filterzak
2 Filterzak
3 Aansluiting
4 Binnendeksel filterkamer
5 Deksel filterkamer
→ Beide deksels van de filterkamer openen.
→ Ritssluiting van de filterzak openen.
→ Volle filterzak van de aansluitmof trekken.
→ Filterzak uit de filterzak nemen en verwijderen.
→ Indien nodig de filterkamer reinigen.
→ Indien nodig de filterzak van de aan-sluitmof trekken en uitschudden of reinigen.

1 Reservevak voor filterzakken
→ Nieuwe filterzak uit het reservevak in het deksel nemen en plaatsen.
→ Opening van de filterzak over de aansluitmof schuiven.
→ Ritssluiting van de filterzak sluiten.
→ Beide deksels van de filterkamer sluiten.
Borstelwalsen vervangen

→ Beide schroeven van de afdekking aan de rechterkant van het apparaat verwijderen.
→ Afdekking wegnemen.

→ Schroeven voor de bevestiging van het lagerschild losdraaien.
→ Lagerschild verwijderen.
→ Borstels eruit trekken.

→ Nieuwe borstels inschuiven en draaien tot de meenemer vastklikt. De rangschikking van de borstels moet overeenkomen met de bovenstaande afbeelding.
→ Lagerschild en afdekking opnieuw aanbrengen.
Uitrichting van de borstel-/zuigkop controleren
→ Apparaat op een hard, effen oppervlak rijden (geen tapijt).
→ Apparaat met omlaag gezette borstel-/zuigkop gedurende 30 seconden ter plaatse gebruiken. (gaspedaal voorzichtig indrukken zodat de borstels werken zonder dat het apparaat rijdt).
→ Borstel-/zuigkop omhoog zetten en ca. 1 m vooruitrijden.
→ De borstels hebben op de grond een patroon achtergelaten. Patroon beoordelen volgens de onderstaande afbeelding:

A Beide borstels produceren een markering met dezelfde breedte - de borstel-/zuigkop is parallel aan de grond uitgericht.
B De borstels produceren een markering met verschillende breedte - de borstel-/zuigkop moet gejusteerd worden.
Uitrichting van de borstel-/zuigkop jus- teren

→ Schroef aan beide kanten losdraaien, in het lengtegat verschuiven en opnieuw aandraaien.
- Raakvlak van de achterste borstel vergroten - schroeven naar voren verschuiven.
- Raakvlak van de voorste borstel vergroten - schroeven naar achteren verschuiven.
Zijbezem vervangen

1 Bevestigingsschroef flens
2 Bevestigingsschroef borstel
→ Bevestigingsschroef flens eruit draaien en borstel met flens van de aandrijfas trekken.
→ Bevestigingsschroeven borstel eruit draaien en borstel van de flens scheiden.
→ Nieuwe borstel in de omgekeerde volgorde monteren.
Aandrijfketting controleren

→ Schroeven eruit draaien.
→ Frontbekleding wegnemen.

1 Schroeven
2 Deksel
3 Aandrijfketting
→ Schroeven eruit draaien.
→ Deksel verwijderen.
→ Aandrijfketting en tandwiel controlleren op slijtage.
Storingen
⚠️ Gevaar
Verwondingsgevaar! Voor alle werkzaamheden aan het apparaat de sleutelschakelaat op „0“ stellen en de sleutel uittrekken. Accustekker uittrekken.
Bij storingen die met behulp van deze tabel niet opgelost kunnen worden de klantendienst raadplegen.
| Storing | Oplossing | Door wie |
| Apparaat wil niet starten. | Accustekker in het apparaat steken. | Bediener |
| Nood-stop-knop door draaien ontgrendelen. | Bediener | |
| Batterijcapaciteit uitgeput, batterij opladen. | Bediener | |
| Accukabel controleren op correcte positie. | Bediener | |
| Accukabel controleren op corrosie, indien nodig reinigen. | Bediener | |
| Apparaat rijdt niet of langzaam | Ontgrendelingsknop indrukken. | Bediener |
| Zekering wielaandrijving resetten | Bediener | |
| Parkeerrem gedeactiveerd, voor het activeren de ontgrendelhefboom naar boven duwen. | Bediener | |
| Gaspedaal loslaten, sleutelschakelaar op „0“ draaien, sleutelschakelaar op „1“ draaien, veiligheidspedaal indrukken, ontgrendelingsknop indrukken, gaspedaal bedienen. | Bediener | |
| Besturing oververhit Apparaat uitschakelen en laten afkoelen | Bediener | |
| Batterijcapaciteit uitgeput, batterij opladen. | Bediener | |
| Apparaat remt niet | Parkeerrem gedeactiveerd, voor het activeren de ontgrendelhefboom naar boven duwen. | Bediener |
| Borstels in de borstel-/zuigkop werken niet | Zekering borstelrolaandrijving resetten. | Bediener |
| Borstels controleren op blokkering door vreemde voorwerpen, vreemde voorwerpen verwijderen. | Bediener | |
| Zijbezem werkt niet | Zekering zijbezemaandrijving resetten. | Bediener |
| Borstels draaien langzaam | Batterijcapaciteit uitgeput, batterij opladen. | Bediener |
| Zuigturbine werkt niet | Zekering zuigturbine resetten. | Bediener |
| Batterijcapaciteit uitgeput, batterij opladen. | Bediener | |
| Filterzak vol, indicatie Filterzak vol brandt. Filterzak vervangen. | Bediener | |
| Slechte stofafzuiging | Zuigslang/zuigkanaal verstopt, zuigslang/zuigkanaal reinigen. | Bediener |
| Batterijcapaciteit uitgeput, batterij opladen. | Bediener | |
| Filterzak vol, filterzak vervangen. | Bediener |
Accessoires
| Benaming | Onderdelen-nr. |
| Filterzak, 10 st. | 8.600-121.0 |
| Batterijvervangingsset bestaand uit: batterijbak, kabelset, vergrendelingsset, 2 transportwagens | 8.601-121.0 |
| batterij, 12 V/105 Ah, onderhoudsvrij (gel), 3 stuks vereist | 6.654-141.0 |
| Oplaadapparaat, 36V, voor onderhoudsvrije batterijen | 6.654-229.0 |
Technische gegevens
| Vermogen | ||
| Nominale spanning | V | 36 |
| Accucapaciteit | Ah (5h) | 105 |
| Gemiddeld opgenomen vermogen | W | 1475 |
| Vermogen motor wielaandrijving (nominaal vermogen) | W | 560 |
| Borstels | ||
| Werkbreedte | mm | 800 |
| Brede walsborstel | mm | 710 |
| Diameter walsborstel | mm | 100 |
| Toerental walsborstel | 1/min | 1750 |
| Vermogen walsborstelaandrijving | W | 570 |
| Diameter zijbezem | mm | 300 |
| Toerental zijbezem | 1/min | 85 |
| Vermogen zijbezemaandrijving | W | 32 |
| Zuigen | ||
| Zuigvermogen, luchthoeveelheid | l/s | 45 |
| Zuigvermogen, onderdruk | kPa | 4,0 |
| Vermogen zuigmotor | W | 550 |
| Volume filterzak | l | 35 |
| Maten en gewichten | ||
| Rijsnelheid (max.) | km/h | 5,6 |
| Klimvermogen (max.) | % | 10 |
| Theoretische oppervlaktecapaciteit | m^2/u | 3270 |
| Lengte | mm | 1330 |
| Breedte | mm | 927 |
| Hoogte | mm | 1285 |
| Toelaatbaar totaalgewicht | kg | 451 |
| Transportgewicht | kg | 376 |
| Oppervlaktebelasting | kPa | 544 |
| Berekende waarden volgens EN 60335-2-72 | ||
| Totale waarde trilling armen | m/s^2 | <2,5 |
| Totale waarde trilling voeten | m/s^2 | <2,5 |
| Onzekerheid K | m/s^2 | 0,5 |
| Geluidsdrukniveau L_pA | dB(A) | 62 |
Reserveonderdelen
- Er mogen uitsluitend toebehoren en reserveonderdelen gebruikt worden die door de fabrikant zijn vrijgegeven. Originele toebehoren en reserveonderdelen bieden de garantie van een veilig en storingsvrije werking van het apparaat.
- Een selectie van de meest frequent benodigde reserveonderdelen vindt u achteraan in de gebruiksaanwijzing.
- Verdere informatie over reserveonderdelen vindt u op www.kaercher.com bij Service.
Garantie
In ieder land zijn de door ons bevoegde verkoopkantoor uitgegeven garantiebepalingen van toepassing. Eventuele storingen aan het apparaat verhelpen wij zonder kosten binnen de garantietermijn, mits een materiaal of fabrieksfout de oorzaak van deze storing is. Neem bij klachten binnen de garantietermijn contact op met uw leverancier of de dichtstbijzijnde klantenservicewerkplaats en neem uw aankoopbewijs mee.
CE-verklaring
Hierbij verklaren wij dat de hierna vermelde machine door haar ontwerp en bouwwijze en in de door ons in de handel gebrachte uitvoering voldoet aan de betreffende fundamentele veiligheids- en gezondheidseisen, zoals vermeld in de desbetreffende EG-richtlijnen. Deze verklaring verliest haar geldigheid wanneer zonder overleg met ons veranderingen aan de machine worden aangebracht.
Product: Tapijtborstelzuiger
Type: 1.011-xxx
De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de bedrijfsleiding.

CEO
Van toepassing zijnde EG-richtlijnen
2006/42/EG (+2009/127/EG)
2004/108//EG
Toegepaste geharmoniseerde normen
EN 55014-1: 2006
EN 55014-2: 1997 + A1: 2001
EN 60335-1
EN 60335-2-29
EN 60335-2-72
EN 61000-3-2: 2006 + A2: 2009
EN 61000-3-3: 2008
EN 62233: 2008
Toegepaste landelijke normen





