Telwin TW821075 - Lasapparaat

TW821075 - Lasapparaat Telwin - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TW821075 Telwin in PDF-formaat.

📄 108 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Telwin TW821075 - page 36

Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TW821075 - Telwin en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TW821075 van het merk Telwin.

GEBRUIKSAANWIJZING TW821075 Telwin

MIG/MAG EN VOORZIENE FLUX VOOR INDUSTRIEEL EN PROFESSIONEEL GEBRUIK. Opmerking: In de volgende tekst zal de term “lasmachine” gebruikt worden.

1. ALGEMENE VEILIGHEID VOOR HET BOOGLASSEN

Deoperatormoetvoldoendeingelichtzijnvoorwatbetrefteen veiliggebruikvandelasmachineenoverderisico’sinverband met de procedures van het booglassen, de desbetreffende beschermingsmaatregelenenproceduresbijnoodgevallen. (Ook de norm ”EN 60974-9 raadplegen: Apparatuur voor booglassen.Deel9:Installatieengebruik”). - Rechtstreeks contact met de lascircuits vermijden; de nullastspanninggeleverddoordelasmachinekaninbepaalde gevallengevaarlijkzijn. - Deverbindingvandelaskabels,deoperatiesvannazichten reparatiemoetenuitgevoerdwordenmeteenuitgeschakelde lasmachinedielosgekoppeldisvanhetvoedingsnet. - De lasmachine uitschakelen en loskoppelen van het voedingsnet voordat men de versleten elementen van de toortsvervangt. - De elektrische installatie uitvoeren volgens de voorziene ongevallenpreventienormenen-wetten. - De lasmachine mag uitsluitend verbonden worden met een voedingsnet met een neutraalgeleider verbonden met de aarde. - Veriërenofhetvoedingscontactcorrectverbondenismetde beschermende aarde. - Delasmachinenietgebruikeninvochtigeofnatteruimtenof in de regen. - Geen kabels met een versleten isolering of met loszittende verbindingengebruiken. - Nietlassenopcontainers,bakkenofleidingendievloeibareof gasachtigeontvlambareproductenbevattenofbevathebben. - Vermijden te werken op materialen die schoongemaakt zijn met chloorhoudende oplosmiddelen of in de nabijheid van dergelijke producten. - Niet lassen op bakken onder druk. - Alleontvlambareproductenuitdewerkzoneverwijderen(vb. hout,papier,vodden,enz.). - Zorgen voor een adequate ventilatie of voor geschikte middelenvoordeafvoer vandelasrook indenabijheid van deboog;er iseen systematischebenaderingnodigvoor de evaluatievandelimietenvanblootstellingaandelasrookin functievanhunsamenstelling,concentratieentijdsduurvan deblootstellingzelf. - De gases (indien gebruikt) beschermen tegen warmtebronnen,inbegrepenzonnestralen). - Brengeengoedeelektrischeisolatieaanvoordetoorts,het werkstuk en eventuele geaarde metalen onderdelen in de buurt(dietoegankelijkzijn). Dit kan normaal bekomen worden door het dragen van handschoenen, veiligheidsschoeisel, hoofddeksels en voor dit doel voorziene kledij en middels het gebruik van voetplankenofisolerendetapijten. - Beschermdeogenaltijdmetdejuisteltersdievoldoenaan UNI EN 169 of UNI EN 379, aangebracht op maskers of helmen dievoldoenaanUNIEN175. Gebruik speciale brandwerende beschermende kleding (volgensUNIEN11611)enlashandschoenen(volgensUNIEN 12477)omtevoorkomendatdehuidwordtblootgesteldaan de ultravioletteen infraroodstralingvande lasboog;andere personen die zich in de buurt van de lasboog bevinden, moetenwordenbeschermddoormiddelvanniet-reecterende schermen of gordijnen. - Geluid: Als er door bijzonder intensieve laswerkzaamheden een niveau van dagelijkse blootstelling (LEPd) bestaat van 85dB(A)ofhoger,ishetgebruikvangeschiktepersoonlijke beschermingsmiddelenverplicht(Tab.1). - Dedoorgangvandelasstroomveroorzaakthetontstaanvan elektromagnetische velden (EMF) geplaatst in de omgeving vanhetlascircuit. Deelektromagnetischeveldenkunneninterfererenmetsommige medische toestellen (vb. Pace-maker, beademingstoestellen, metalenprothesenenz.). Er moeten adequate beschermende maatregelen getroffen worden voor de dragers van deze toestellen. Zo moet bijvoorbeeld de toegang naar de gebruikszone van de lasmachineverbodenworden. Deze lasmachine beantwoordt aan de technische standaards van het product voor het uitsluitend gebruik op industriële plaatsen voorprofessionele doeleinden. Deovereenstemming met de basislimieten m.b.t. de menselijke blootstelling aan elektromagnetische velden in huiselijk milieu is niet gegarandeerd. Deoperatormoetdevolgendeproceduresgebruikenteneindede blootstellingaandeelektromagnetischeveldenteverminderen: - Detweelaskabelszodichtmogelijksamenbevestigen. - Hethoofdenderompvanhetlichaamzovermogelijkvanhet lascircuit houden. - De laskabels nooit rond het lichaam draaien. - Niet lassen met het lichaam midden in het lascircuit. Beide kabelslangshetzelfdegedeeltevanhetlichaamhouden. - Deretourkabelvandelasstroomverbindenmethettelassen stukzodichtmogelijkbijhetlasseninuitvoering. - Niet lassen in de nabijheid van, zittend of steunend op de lasmachine(minimumafstand:50cm). - Geen ferromagnetische voorwerpen in denabijheid van het lascircuit laten. - Minimum afstand d= 20cm (Afb. M). - ApparatuurvanklasseA: Deze lasmachine beantwoordt aan de vereisten van de technische standaard van het product voor het uitsluitend gebruik op industriële plaatsen en voor professionele doeleinden. De overeenstemming met de elektromagnetische compatibiliteit is niet gegarandeerd in de gebouwen voor huiselijk gebruik en in gebouwen die rechtstreeks verbonden zijnmeteenvoedingsnetaanlagespanningdatdegebouwen voorhuiselijkgebruikvoedt. SUPPLEMENTAIRE VOORZORGSMAATREGELEN - DEOPERATIESVANHETLASSEN: - Ineenruimtemeteenverhoogdrisicovanelektroshock - Inaangrenzenderuimten - Inaanwezigheidvanontvlambareofontploffendematerialen MOETEN vooraf geëvalueerd worden door een ”Verantwoordelijke expert” en altijd uitgevoerd worden in aanwezigheid vanandere personendieopgeleid zijnvoor ingrepeninnoodgeval. De technische beschermingsmiddelen beschreven in 7.10; A.8; A.10 van de norm ”EN 60974-9: Apparatuur voor booglassen. Deel 9: Installatie en gebruik” MOETEN gebruikt worden. - Het lassen MOET verboden zijn terwijl de lasmachine of de draadvoeder ondersteund wordt door de operator (vb. middels riemen). - HetlassenMOETverbodenzijnmeteenoperatordievande grondopgehevenstaat,behoudensheteventueelgebruikvan- 37 - eenveiligheidsplatform. - SPANNINGTUSSENELEKTRODENHOUDEROFTOORTSEN: wanneer men werkt met meerdere lasmachines op een enkel stuk of op meerdere elektrisch verbonden stukken, kan er een gevaarlijke som van nullastspanningen tussen twee verschillende elektrodenhouders of toortsen gegenereerd worden, aan een waarde die het dubbel van de toegelaten limiet kan bereiken. Het is noodzakelijk dat een ervaren coördinator de instrumentmetinguitvoertomtebepalenofereenrisicobestaat, zodanig dat hij de geschikte beschermingsmaatregelen kan treffenzoalswordtaangeduidin7.9vandenorm”EN60974-9: Apparatuurvoorbooglassen.Deel9:Installatieengebruik”.

- OMKANTELING:delasmachineopeenhorizontaaloppervlak plaatsen meteen adequaat draagvermogen voorde massa; zoniet(vb.hellende,oneffenbevloeringenenz...)bestaathet gevaarvanomkanteling.

ONJUISTGEBRUIK:hetgebruikvandelasmachineisgevaarlijk voor gelijk welke bewerking die verschilt van diegene die voorzienzijn(vb.ontvriezenvanbuizenvandewaterleiding). - VERPLAATSING VAN HET LASAPPARAAT: bevestig de gases altijdmet geschikte middelenom te voorkomen dat dezekanvallen(indiengebruikt). Debeschermingenende mobiele gedeeltenvanhetomhulsel van de lasmachine en van de draadvoeder moeten in hun stand staan voordat de lasmachine wordt verbonden met het voedingsnet. OPGELET! Gelijk welke manuele ingreep op gedeelten in bewegingvandedraadvoeder,bijvoorbeeld: - Vervangingrollenen/ofdraadgeleiders; - Invoervandedraadinderollen; - Ladingvandedraadspoel; - Schoonmaak van de rollen, van de raderwerken en van de eronderstaandezone; - Smeringvanderaderwerken.

MOET UITGEVOERD WORDEN MET EEN UITGESCHAKELDE

LASMACHINE DIE LOSGEKOPPELD IS VAN HET VOEDINGSNET. - De handgreep mag niet worden gebruikt om het lasapparaat aan op te hangen. - Hetisverbodendelasmachineoptehijsen.

2. INLEIDING EN ALGEMENE BESCHRIJVING

Deze lasmachine is een stroombron voor het booglassen, speciaal gerealiseerd voor het MAG-lassen van koolstofstaal of laaggelegeerd staal met beschermingsgas CO

gebruik makend van massieve of geaderde (buisvormige) draadelektroden. Ze zijn bovendien geschikt voor het MIG-lassen van roestvrij stalen met gas Argon + 1-2% zuurstof en van aluminium met gas Argon, gebruik makend van draadelektroden met een adequate analyse voor het te bewerken stuk (alleen modellen Fig. B1). Bovendien is het gebruik mogelijk van geaderde draden die geschikt zijn voor het gebruik zonder beschermend gas waarbij de polariteit van de toorts moet aangepast worden aan hetgeen door de fabrikant van de draad wordt aangeduid (Model Fig. B2 gebruikt alleen kerndraad). SERIE-ACCESSOIRES: - toorts; - retourkabel volledig met massatang; - kit wielen (in de modellen met wagen).

3. TECHNISCHE GEGEVENS

KENTEKENPLAAT De belangrijkste gegevens m.b.t. het gebruik en de prestaties van de lasmachine zijn samengevat op de kentekenplaat met de volgende betekenis: Fig. A

1- EUROPESE referentienorm voor de veiligheid en de bouw van

de machines voor booglassen.

2- Symbool van de binnenstructuur van de lasmachine.

3- Symbool van de voorziene lasprocedure.

4- Symbool S: wijst erop dat er lasoperaties mogen uitgevoerd

worden in een ruimte met een verhoogd risico van elektroshock (vb. in de onmiddellijke nabijheid van grote metalen massa’s).

5- Symbool van de voedingslijn:

1~ : eenfase wisselspanning; 3~ : driefasen wisselspanning.

6- Beschermingsgraad van het omhulsel.

7- Kentekens van de voedingslijn:

: Wisselspanning en voedingsfrequentie van de lasmachine (toegelaten limieten ±10%). - I 1 max : Maximum stroom verbruikt door de lijn . - I 1eff : Effectieve voedingsstroom .

8- Prestaties van het lascircuit:

: Genormaliseerde overeenstemmende stroom en spanning die door de lasmachine tijdens het lassen kunnen verdeeld worden. - X : Verhouding intermittentie: duidt de tijd aan dat de machine de overeenstemmende stroom kan verdelen (zelfde kolom). Wordt uitgedrukt in %, op basis van een cyclus van 10min (vb. 60% = 6 minuten werk, 4 minuten pauze; en zo verder). Ingeval de gebruiksfactoren (van de kentekenplaat, die verwijzen naar 40°C ruimte) overschreden worden, wordt de ingreep van de thermische beveiliging bepaald ( de lasmachine blijft in stand-by tot haar temperatuur terug binnen de toegestane limieten ligt). - A/V-A/V : Duidt de gamma aan van de regeling van de lasstroom (minimum - maximum) aan de overeenstemmende boogspanning.

9- Inschrijvingsnummer voor de identicatie van de lasmachine

(noodzakelijk voor de technische service, de aanvraag van reserve onderdelen en het opzoeken van de oorsprong van het product).

: De waarde van de zekeringen met vertraagde werking moet voorzien worden voor de bescherming van de lij.

11- Symbolen m.b.t. de veiligheidsnormen waarvan de betekenis

aangeduid is in hoofdstuk 1 “Algemene veiligheid voor het booglassen”. Opmerking: Het aangegeven voorbeeld van de kentekenplaat geeft een indicatieve aanwijzing van de betekenis van de symbolen en van de cijfers; de exacte waarden van de technische gegevens van de lasmachine in uw bezit moeten rechtstreeks genomen worden van de kentekenplaat van de lasmachine zelf. ANDERETECHNISCHEGEGEVENS: - LASMACHINE:zietabel1(TAB.1) - TOORTS:zietabel2(TAB.) Hetgewichtvandelasmachinestaataangeduidintabel1(TAB. 1).

UITGEVOERDWORDENDOORERVARENOFGEKWALIFICEERD PERSONEEL. INRICHTING Fig.C De lasmachine uitpakken, de montage van de losgemaakte gedeelten bevat in de verpakking uitvoeren. Assemblage beschermend masker Fig. D- 38 - Assemblage retourkabel- tang Fig. E WIJZENVANOPHIJSENVANDELASMACHINE Alle lasmachines beschreven in deze handleiding zijn voorzien van hijssystemen.

PLAATSING VAN DE LASMACHINE

De plaats van installatie van de lasmachine identiceren zodanig dat er zich geen hindernissen bevinden ter hoogte van de opening van de ingang en de uitgang van de koellucht (geforceerde circulatie middels ventilators, indien aanwezig); tegelijkertijd controleren of er geen geleidend stof, corrosieve dampen, vocht, enz. aangezogen worden. Minstens 250mm ruimte vrijhouden rond de lasmachine. OPGELET!Delasmachineplaatsenopeenhorizontaal oppervlak met een adequaat draagvermogen voor het gewichtteneinde de kanteling ofgevaarlijkeverplaatsingente voorkomen. VERBINDING STEKKER ENSTOPCONTACT (geldt alleenvoor de modellen geleverd zonder stekker): een genormaliseerde stekker, (2P + T -1ph, 3P + T - 3ph) met een adequaat vermogen met de voedingskabel verbinden en een contact van het net voorinstellen uitgerust met zekeringen of een automatische schakelaar; een speciale terminal van de aarde moet verbonden worden met de aardegeleider (geel-groen) van de voedingslijn. De tabel 1 (TAB.1) geeft de aanbevolen waarden in ampères van de vertraagde zekeringen van de lijn gekozen op basis van de max. nominale stroom verdeeld door de lasmachine en van de nominale voedingsspanning. - Voor de operaties van verandering van spanning moet men naar de binnenkant van de lasmachine gaan, het paneel wegnemen en het klemmenbord verandering spanning zodanig voorinstellen dat er een overeenstemming is tussen de verbinding aangeduid op de desbetreffende kentekenplaat en de beschikbare spanning van het net. Fig. F Het paneel zorgvuldig terug monteren en hierbij gebruik maken van de desbetreffende schroeven. Opgelet!Delasmachinewordtindefabriekvooringesteldop dehoogstebeschikbarespanningvandegamma,voorbeeld:

400V <=Indefabriekvooringesteldespanning.

AANSLUITING OP HET NET

- Voordat men gelijk welke elektrische aansluiting uitvoert, moet men veriëren of de gegevens van de kentekenplaat overeenstemmen met de spanning en de frequentie van het net die beschikbaar zijn op de plaats van installatie. - De lasmachine moet uitsluitend aangesloten worden op een voedingssysteem met een neutraalgeleider verbonden met de aarde. - Om de bescherming tegen onrechtstreeks contact te garanderen, differentiaalschakelaars gebruiken van het type: - Type A ( ) voor eenfase machines; - Type B ( ) voor driefasen machines. - Teneinde te voldoen aan de vereisten van de Norm EN 61000-3-11 (Flicker) raadt men aan de lasmachine te verbinden met de punten van interface van het voedingsnet die een impedantie hebben kleiner dan Zmax =0.1 ohm. - De lasmachine valt onder de vereisten van de norm IEC/EN 61000-3-12. OPGELET! Het niet in achtnemen van de voornoemde regels maakt het door de fabrikant voorzien veiligheidssysteem inefciënt (klasseI)metdaaruitvolgendezwarerisico’svoordepersonen (vb.elektroshock)envoordedingen(vb.brand).

DE LASMACHINE UITGESCHAKELD IS EN LOSGEKOPPELD IS VAN HET VOEDINGSNET. De Tabel 1 (TAB. 1) geeft de aanbevolen waarden voor de laskabels (in mm

) op basis van de maximum stroom verdeeld door de lasmachine. Verbindingmetdegases(indiengebruikt) - Gases laadbaar op het steunvlak es van de lasmachine: max 20 kg. - De drukreductor(*) vastdraaien op de klep van de gases en hierbij de speciale reductie tussenplaatsen die als accessoire wordt geleverd, wanneer gas Argon of een mengsel Argon/CO

wordt gebruikt. - De ingangsbuis van het gas verbinden met de reductor en het strookje in dotatie vastzetten. - De beslagring voor de regeling van de drukreductor loszetten voordat de klep van de gases geopend wordt. (*) Toebehoren gescheiden te kopen indien niet samen met het product geleverd. Verbindingretourkabelvandelasstroom Moet verbonden worden met het te lassen stuk of met de metalen bank waarop het steunt, zo dicht mogelijk bij de koppeling in uitvoering. Verbindingtoorts(alleenvoordeversiesmetaansluitingEURO) De toorts in de desbetreffende connector steken en hierbij met de hand de beslagring van blokkering tot op het einde toe vastdraaien. Deze voorinstellen voor de eerste lading van de draad, en hierbij de sproeier en het contactbuisje demonteren om het buitenkomen ervan te vergemakkelijken. Verandering polariteit (alleenvoordeversiesGAS-NOGAS) Fig. G - De ruimte haspel openen. - MIG/MAG lassen (gas): - De kabel van de toorts afkomstig van de draadtrekker verbinden met de rode klem (+). - De retourkabel tang verbinden met de zwarte klem (-). - FLUX -lassen (geen gas): - De kabel van de toorts afkomstig van de draadtrekker verbinden met de zwarte klem (-). - De retourkabel tang verbinden met de rode klem (+). - De ruimte haspel sluiten. Aanbevelingen: - De connectors van de laskabels tot op het einde toe draaien in de snapmofverbindingen (indien aanwezig), om een perfect elektrisch contact te garanderen; zoniet zullen er zich verhittingen van de connectors zelf voordoen met een bijhorende snelle slijtage en verlies van efciëntie. - De kortst mogelijke laskabels gebruiken. - Vermijden metalen structuren te gebruiken die geen deel uitmaken van het stuk in bewerking, ter vervanging van de retourkabel van de lasstroom; dit kan gevaarlijk zijn voor de veiligheid en onbevredigende resultaten geven voor het lassen. LADING DRAADSPOEL (FIG. H)

- De ruimte haspel openen. - De draadspoel op de haspel plaatsen, en hierbij het uiteinde van de draad naar boven houden, controleren of de aandrijfpin van de haspel op correcte wijze in het voorzien gat behuisd is (1a). - De contrarol/rollen van druk vrijmaken en verwijderen van de onderste rol/rollen (2a-b). - Veriëren of de rol/rollen van tractie geschikt is/zijn voor de gebruikte draad (2c). - Het uiteinde van de draad vrijmaken, het vervormd uiteinde recht en zonder bramen afknippen, de spoel draaien tegen de wijzers van de klok en het uiteinde van de draad in de draadgeleider van de ingang steken en 50-100mm in de draadgeleider van de aansluiting toorts (2d) duwen. - De contrarol/rollen terugplaatsen en de druk ervan regelen op een gemiddelde waarde; veriëren of de draad correct geplaatst is in de uitholling van de onderste rol (3). - De haspel lichtjes afremmen door in te grijpen op de desbetreffende stelschroef geplaatst in het midden van de haspel zelf (1b). - De sproeier en het contactbuisje wegnemen (4a). - De stekker in het stopcontact steken, de lasmachine aanschakelen, de drukknop toorts of de drukknop voorwaartse beweging draad op het bedieningspaneel (indien aanwezig) indrukken en wachten tot het uiteinde van de draad, nadat hij heel het omhulsel van de draadgeleider doorlopen heeft 10-15cm uit het voorste gedelete van de toorts steekt, de drukknop loslaten. OPGELET! Tijdens deze operaties is de draad onder elektrische spanning onderworpen aan mechanische inspanningen; indien men niet de geschikte voorzorgsmaatregelen treft, kan dit leiden tot gevaar voor elektroshock,kwetsingenenontstaanvanelektrischebogen. - Het mondstuk van de toorts niet tegen lichaamsdelen richten. - De toorts niet naar de gases brengen. - Het contactbuisje en de sproeier terug op de toorts monteren (4b). - Veriëren of de voorwaartse beweging van de draad regelmatig verloopt; de druk van de rollen en de afremming van de haspel ijken op de mogelijke minimum waarden en hierbij veriëren of de draad niet glijdt in de uitholling en of op het ogenblik van de stilstand van de tractie de draadwikkelingen niet los geraken wegens een excessieve inertie van de spoel. - Het uiteinde van de uit de sproeier komende draad op 10-15mm afknippen. - De ruimte haspel sluiten. 6.LASSEN:BESCHRIJVINGVANDEPROCEDURE - De retourkabel aan het te lassen stuk bevestigen. - De polariteit veriëren (FLUX). - Als de massieve draad wordt gebruikt, dient tevens de toevoer van het beschermingsgas met behulp van de drukregelaar te worden geopend en afgesteld (5/7 l/min.). LET OP! Vergeet niet het beschermingsgas af te sluiten na beëindiging van de werkzaamheden. - Het lasapparaat aanzetten en de lasstroom met de schakelaars of de draaicommutator (indien aanwezig) instellen. Fig. I - Om het lassen te starten de drukknop toorts indrukken . - Om de parameters van het lassen te regelen, (indien voorzien) de snelheid van de draad instellen met de desbetreffende knop tot men een regelmatig lassen bekomt. (Fig. B-3). WERKINGPUNTLASSEN(indienvoorzien) Fig. L - Om de tijd van het lassen te wijzigen, ingrijpen op de regelknop (Fig. B-5). OPGELET: - Bij sommige modellen staat de punt van de lasdraadgeleider gewoonlijk onder spanning; wees voorzichtig om ongewenst inschakelen te voorkomen. - De seinlamp gaat aan bij een conditie van verhitting en onderbreekt hierbij de verdeling van vermogen; de reset wordt automatisch uitgevoerd na enkele minuten van afkoeling.

UITGEVOERDWORDENDOORDEOPERATOR. Toorts - Vermijden de toorts en haar kabel te doen steunen op warme stukken; dit zou het smelten van de isolerende materialen kunnen veroorzaken en bijgevolg de toorts snel buiten werking stellen. - Regelmatig de dichting van de leiding en de gasaansluitingen controleren. - Bij elke vervanging van de draadspoel met droge perslucht (max 5 bar) in het omhulsel draadgeleider blazen, de integriteit ervan veriëren. - Minstens een keer per dag de staat van slijtage en de correctheid van de montage van de uiteinden van de toorts controleren: sproeier, contactbuisje, gasdiffusor. Draadvoeder - Regelmatig de staat van slijtage van de rollen draadtrekker veriëren, regelmatig het metalen stof wegnemen dat zich heeft afgezet in de tractiezone (rollen en draadgeleider van ingang en uitgang). BUITENGEWOONONDERHOUD

TECHNISCHENORMIEC/EN60974-4. OPGELET! VOORDAT MEN DE PANELEN VAN DE LASMACHINEWEGNEEMTENNAARDEBINNENKANTERVAN GAAT, MOET MEN CONTROLEREN OF DE LASMACHINE UITGESCHAKELD IS EN LOSGEKOPPELD IS VAN HET VOEDINGSNET. Eventuele controles uitgevoerd onder spanning aan de binnenkant van de lasmachine kunnen zware elektroshocks veroorzaken gegenereerd door een rechtstreeks contact met gedeeltenonder spanning en/of kwetsingen te wijtenaaneen rechtstreeks contact met organen in beweging. - Regelmatig en in ieder geval met een zekere frequentie in functie van het gebruik en de stofgraad van de ruimte, de binnenkant van de lasmachine nakijken en het stof wegnemen dat zich heeft afgezet op de transformator, de reactantie en de gelijkrichter middels een straal droge perslucht (max 10bar). - Vermijden de straal perslucht te richten op de elektronische ches; zorgen voor hun eventuele schoonmaak met een heel zachte borstel of geschikte oplosmiddelen. - Bij gelegenheid veriëren of de elektrische verbindingen goed vastgedraaid zijn en of de bekabelingen geen beschadigingen aan de isolering vertonen. - Op het einde van deze operaties moet men de panelen van de lasmachine terug monteren en hierbij de stelschroeven tot op het einde toe vastdraaien. - Strikt vermijden de lasoperaties uit te voeren met een open lasmachine. - Nadat men het onderhoud of de reparatie heeft uitgevoerd, de verbindingen en bekabelingen herstellen zoals ze oorspronkelijk waren en erop letten dat ze niet in contact komen met componenten in beweging of met componenten die hoge temperaturen kunnen bereiken. Alle geleiders omwikkelen zoals ze oorspronkelijk waren en erop letten dat de verbindingen van de primaire transformator in hoge spanning goed gescheiden zijn van die van de secundaire transformators in lage spanning. Alle aanpasstukken en de originele schroeven gebruiken om de constructie terug te sluiten.- 40 - (HU)

1- Hoofdschakelaar (NL)

2- Regeling boogspanning

3- Snelheid van de draad (indien aanwezig)

4- Lamp ingreep thermostaat

5- Tijd lassen (modellen met I

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Telwin

Model : TW821075

Categorie : Lasapparaat