SCHEPPACH DP55 - Boor

DP55 - Boor SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DP55 SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 320 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice SCHEPPACH DP55 - page 62

Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DP55 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DP55 van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING DP55 SCHEPPACH

TafelboormachineVertaling van de originele gebruikshandleiding

Verklaring van de symbolen op het apparaat Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico‘s. De vei- ligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico‘s en kunnen de juiste maatregelen betre󰀨ende ongevallenpreventie niet vervangen. Waarschuwing! Bij het niet in acht nemen, bestaat levensgevaar, gevaar voor letsel of beschadiging aan het werktuig! Lees voorafgaand aan de inbedrijfstelling de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften! Draag een veiligheidsbril! Draag gehoorbescherming! Bescherm de luchtwegen bij stofontwikkeling! Draag lang haar niet los. Gebruik een haarnetje. Draag geen handschoenen. Beschermingsklasse II (dubbel geïsoleerd) Let op! Laserstraling Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. Het product voldoet aan de geldende Servische richtlijnen.www.scheppach.com

Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn. De vereiste minimumleeftijd moet aangehouden worden. Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen vei- ligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van ma- chines van hetzelfde type. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor on- gevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.

2. Apparaatbeschrijving(afb. 1-6, 11, 12)

6. Klemhendel diepteaanslag

12.1 Knop toerental verhogen

12.2 Knop toerental verminderen

12.3 Aan/uit-schakelaar kruislijnlaser

12.4 Aan/uit-schakelaar eenheid

15. Vleugelschroeven voor parallelaanslag

  • 1 Parallelaanslag (16)

Fabrikant: Scheppach GmbH Günzburger Straße 69 D-89335 Ichenhausen Geachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. Aanwijzing: De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan- sprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:

  • ondeskundige behandeling,
  • veronachtzaming van de instructies voor de bedie- ning,
  • reparaties door derden, niet geautoriseerde vak- mensen
  • inbouw en vervanging van niet-originele reserveon- derdelen
  • uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE0113. Let op: Lees voor de montage en voor de inbedrijfstelling de complete tekst van de gebruikshandleiding door. De gebruiksaanwijzing is bedoeld om het gemakkelij- ker te maken, uw apparaat te leren kennen en de be- oogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten. De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwij- zingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, repa- ratiekosten uitspaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat ver- hoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze ge- bruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het product in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De ge- bruikshandleiding moet door elke bediener van de ma- chine voor aanvang van de werkzaamheden worden gelezen en zorgvuldig worden nageleefd.www.scheppach.com

b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vloeisto󰀨en, gas of stof bevinden. Elektrisch gereedschap kan vonken veroorzaken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik uit de buurt van het elektrische ge- reedschap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elektrische apparaat verliezen.

2. Elektrische veiligheid

a) De aansluitstekker van het elektrische ge- reedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden ge- wijzigd. Gebruik geen adapterstekker samen met geaard elektrisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schok. b) Let op dat uw lichaam geen contact maakt met geaarde onderdelen zoals bijv. buizen, radia- toren, elektrische haarden, koelkasten. Er be- staat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is. c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Het indringen van water in een elektrisch apparaat vergroot het risico op een elektrische schok. d) Gebruik de kabel niet om het elektrisch ge- reedschap te dragen, aan op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, scherpe randen of bewegende apparaatdelen. Beschadigde of opge- wikkelde kabels verhogen het risico op een elek- trische schok. e) Als u met een elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, gebruik dan alleen een verleng- snoer dat ook geschikt is voor gebruikt buiten. Het gebruik van een voor buiten geschikt verleng- snoer vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereed- schap in een vochtige omgeving niet kan wor- den vermeden, gebruik dan een aardlekscha- kelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico op een elektrische schok.

3. Veiligheid van personen

a) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezig bent en ga verstandig te werk bij werk- zaamheden met elektrisch gereedschap.

  • 1 Gebruikshandleiding

De kolomboormachine is ontworpen voor het boren in metaal, hout, kunststof en tegels. Spanbereik boorkop: 1,5 - 13 mm. Het apparaat is bedoeld voor gebruik door doe-het- zelvers. Het is niet ontworpen voor continu commercieel gebruik. Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen jonger dan 16 jaar. Jongeren vanaf 16 jaar mogen het apparaat alleen onder toezicht gebruiken. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die het gevolg is van oneigenlijk gebruik of onjuiste bediening. Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd ge- bruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of indus- triële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in be- drijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemin- gen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet.

5. Veiligheidsvoorschriften

Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektri- sche apparaten m WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsvoor- schriften, aanwijzingen, afbeeldingen en techni- sche gegevens die bij deze elektrische machine zijn meegeleverd. Nalatigheden bij het niet naleven van de onderstaande aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwij- zingen voor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip “Elektrisch gereedschap” is van toepassing op netge- voed elektrisch gereedschap (met netsnoer) of op ac- cugevoed elektrisch gereedschap (zonder netsnoer).

1. Veiligheid op de werkplek

a) Houd uw werkomgeving schoon en goed ver- licht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen leiden tot ongevallen.www.scheppach.com

4. Gebruik en behandeling van het elektrisch

gereedschap a) Zorg dat het apparaat niet overbelast raakt. Gebruik voor de werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrisch gereedschap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap, waar- van de schakelaar defect is. Een elektrisch ge- reedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of ver- wijder de uitneembare accu voordat u de appa- raatinstellingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektrische apparaat weglegt. Deze voor- zorgsmaatregelen voorkomen dat het elektrische gereedschap onbedoeld start. d) Bewaar ongebruikt elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen. Laat het elek- trisch apparaat niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk als deze door onervaren personen worden gebruikt. e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektri- sche apparaten en inzetstukken. Controleer of bewegende delen probleemloos functioneren en niet klemmen, of onderdelen gebroken of bescha- digd zijn, waardoor de functie van het elektrische gereedschap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het elektrische ap- paraat eerst repareren. Veel ongevallen ontstaan door slecht onderhouden elektrisch gereedschap. f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijgereedschap met scherpe snijranden komt minder snel vast te zitten en is makkelijker te gebruiken. g) Gebruik elektrische apparaten, accessoires en inzetstukken, etc. overeenkomstig deze aan- wijzingen. Houd daarbij rekening met de omstan- digheden waarin gewerkt wordt en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereed- schap voor andere toepassingen dan het voorge- schreven gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd grepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en greepoppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereedschap in onvoorziene situaties niet veilig bediend en onder controle gehouden worden. Maak geen gebruik van elektrisch gereed- schap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicamenten. Een moment van onachtzaamheid bij gebruik van het elektrisch gereedschap kan leiden tot ernstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ook altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, een helm of gehoorbescherming, al naar gelang het soort gereedschap en de toepassing ervan, ver- kleint het risico op verwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Con- troleer of het elektrisch gereedschap is uitge- schakeld voordat u het op de stroomvoorzie- ning en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of draagt. Als u tijdens het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de schake- laar hebt of het reeds ingeschakelde elektrische apparaat op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschap of de moersleu- tel, voordat u het elektrische gereedschap in- schakelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draaiend onderdeel bevindt, kan verwon- dingen veroorzaken. e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat u altijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loszittende kleding, sieraden of lange ha- ren kunnen worden vastgegrepen door bewegen- de delen. g) Als er stof- en opvangrichtingen gemonteerd kunnen worden, moet u controleren of deze aangesloten zijn en correct worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd u altijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten, ook als u ervaren bent met het elektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in een fractie van een seconde tot ernstige verwondingen leiden.www.scheppach.com

a) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd deskundig personeel repareren met uitsluitend originele reserve- onderdelen. Hiermee blijft veilig gebruik van het elektrisch gereedschap gewaarborgd. Veiligheidsvoorschriften voor boormachines a) De boormachine moet vastgezet worden. Een onjuist bevestigde boormachine kan bewegen of kantelen en dit kan verwondingen veroorzaken. b) Het werkstuk moet met de werkstuksteun wor- den vastgeklemd of bevestigd. Boor niet in werkstukken die te klein zijn om veilig vast te klemmen. Als u het werkstuk met de hand vast- houdt, kan dat tot verwondingen leiden. c) Draag geen handschoenen. Handschoenen kunnen door draaiende delen of boorspaanders worden vastgegrepen, wat tot verwondingen kan leiden. d) Houd uw handen buiten het boorbereik als het elektrisch gereedschap in bedrijf is. Contact met draaiende delen of boorspaanders kan ver- wondingen veroorzaken. e) Het boorgereedschap moet draaien voordat u het naar het werkstuk brengt. Anders kan de boor in het werkstuk vastlopen en kunnen onver- wachte bewegingen van het werkstuk verwondin- gen veroorzaken. f) Als de boor vastloopt, moet u de boor niet verder naar beneden duwen en het elektrisch gereedschap uitschakelen. Bepaal de oorzaak van het vastlopen en verhelp dit probleem. Het vastlopen kan tot een onverwachte beweging van het werkstuk en tot verwondingen leiden. g) Voorkom lange boorspaanders door de neer- waartse druk regelmatig te onderbreken. Scherpe metaalspaanders kunnen vast komen te zitten en verwondingen veroorzaken. h) Verwijder nooit boorspaanders uit het boorbe- reik als het elektrisch gereedschap in bedrijf is. Om spaanders te verwijderen, beweegt u het boorgereedschap van het werkstuk af, schakelt u het elektrisch gereedschap uit en wacht u tot het boorgereedschap is gestopt. Gebruik hulpmiddelen zoals een borstel of haak om de spaanders te verwijderen. Contact met draaiende delen of boorspaanders kan ver- wondingen veroorzaken.

i) Het toegestane toerental van inzetstukken

met een nominaal toerental moet minstens zo hoog zijn als het maximale toerental dat op het elektrisch gereedschap staat vermeld. Acces- soires die sneller draaien dan toegestaan, kunnen afbreken en weggeslingerd worden. Let op: Laserstralingling Niet in de laserstraal kijken Laserklasse 2 Bescherm uzelf en uw omgeving door het nemen van de juiste voorzorgsmaatregelen ten behoeve van ongevallenpreventie!

  • Niet direct in de laserstraal kijken zonder oogbe- scherming.
  • Nooit direct in de straalbundel kijken.
  • Richt de laserstraal nooit op reecterende opper- vlakken en personen of dieren. Ook een laserstraal met een laag vermogen kan oogletsel veroorzaken.
  • Let op! Als andere dan de hier aangegeven han- delswijzen worden toegepast, kan dit tot een ge- vaarlijke stralingsexplosie leiden.
  • Lasermodule nooit openen. Dit kan tot onverwachte blootstelling aan straling leiden.
  • De laser mag niet door laser van een ander type worden vervangen.
  • Reparaties aan de laser mogen uitsluitend door de fabrikant van de laser of een bevoegde dealer wor- den uitgevoerd.
  • Aanduiding en aanbrenglocatie van het waarschu- wingsetiket, zie afbeelding 8 en 9 m WAARSCHUWING! Dit elektrisch apparaat gene- reert een elektromagnetisch veld als het is ingescha- keld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implan- taten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te be- perken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine wordt gebruikt.www.scheppach.com

89,6 dB Onzekerheid K

102,6 dB Onzekerheid K

3 dB Draag gehoorbescherming. Het e󰀨ect van lawaai kan gehoorverlies zijn. De opgegeven geluidsemissiewaarden zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kunnen worden gebruikt om elektrische apparaten met elkaar te ver- gelijken. De aangegeven geluidsemissiewaarden kunnen ook worden gebruikt als eerste indicatie van de belasting. Waarschuwing:

  • De geluidsemissies kunnen van de opgegeven waarde afwijken wanneer de machine daadwerkelijk wordt gebruikt. Dit is afhankelijk van de wijze waar- op het elektrisch apparaat wordt gebruikt en de aard van het werkstuk dat wordt bewerkt.
  • Probeer om de belasting zo gering mogelijk te hou- den. Zo kan bijvoorbeeld de werktijd worden be- perkt. Hierbij moeten alle aspecten van de bedrijfs- cyclus in aanmerking worden genomen (zoals de tijd dat de machine uitgeschakeld is en de tijd dat deze ingeschakeld is, maar onbelast draait).

7. Voor de ingebruikname

  • Open de verpakking en haal het apparaat er voor- zichtig uit.
  • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver- pakkings- en transportbeveiligingen (indien voor- handen).
  • Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
  • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans- portschade.
  • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd. LET OP Het apparaat en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er be- staat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar! Controleer vóór het aansluiten of de specicaties op het typeplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroomnet. Restrisico‘s Ook als u dit elektrisch apparaat conform de voor- schriften gebruikt, blijven er altijd restrisico’s be- staan. De volgende gevaren kunnen in relatie tot de con- structie en de uitvoering van dit elektrisch appa- raat optreden:
  • Longschade, als geen geschikt stofmasker wordt gedragen.
  • Gehoorschade, als de voorgeschreven gehoorbe- scherming niet wordt gedragen.
  • Lichamelijk letsel door trillingen van hand en arm als het apparaat gedurende langere tijd wordt gebruikt of niet conform de voorschriften wordt bediend en onderhouden.

6. Technische gegevens

Wisselstroommotor 220 - 240 V~ 50 Hz Nominaal vermogen S1 710 Watt Bedrijfsmodus S2 5min* 900W Stationair toerental n

Spanbereik boorkop 1,5 - 13 mm. Boorslag max. 70 mm Afmetingen grondplaat 320 x 305 mm Afstand boorkop tot bodemplaat 280 mm Gewicht ca. 8,3 kg beschermingsklasse II / Laserklasse 2 Aslengte laser 650 nm Vermogen laser < 1 mW Technische wijzigingen voorbehouden!

  • Na een ononderbroken bedrijfsduur van 5 minuten volgt een pauze totdat de temperatuur van het apparaat minder dan 2 K (°C) van de omgevingstemperatuur afwijkt. Het werkstuk moet minimaal een hoogte van 3 mm en een breedte van 45 mm hebben. Zorg ervoor dat het werkstuk altijd met de kleminrichting is geborgd. Geluid De geluidswaarden zijn overeenkomstig EN 62841 be- paald.www.scheppach.com

1. Verwijder de voorgemonteerde bevestigings-

2. Schuif de afstandhuls (K) en de handgreep (8) op

de opname (D), zoals weergegeven in afb. 2.

3. Haal de bevestigingsschroef (B) aan.

8.5 Montage klemhendel diepteaanslag (afb. 2)

Monteer de klemhendel diepteaanslag (6), zoals weer- gegeven in Afb. 2.

8.6 Montage op een werkoppervlak (afb. 3)

Bevestig het apparaat op het werkoppervlak door de grondplaat (1) op het werkoppervlak vast te schroeven.

9.1 Bediening van het display (afb. 4)

  • Display in-/uitschakelen: Druk op de knop (12.4) (2-3 sec.) totdat het display (9) in- of uitschakelt.
  • Instellen van het toerental:
  • Druk op de knop om het toerental te verhogen (12.1).
  • Druk op de knop om het toerental te verminderen (12.2).
  • Kruislijnlaser in/uitschakelen: Door op de knop (12.3) te drukken, kunt u de kruislijnla- ser in- en uitschakelen.

9.2 Hoogteverstelling (afb. 1)

U kunt de positie van de machinekop aanpassen aan de hoogte van het werkstuk of de lengte van het ge- reedschap.

1. Houd de handgreep (8) vast.

2. Open de klemhendel voor de hoogteverstelling (5).

3. Bepaal de positie van de machinekop met de

4. Zet de machinekop op deze positie vast met de

klemhendel voor de hoogteverstelling (5). Let op! In de laagste positie van de machinekop moet u erop letten dat deze niet voorbij het uiteinde van de markering wordt verplaatst. Borg de machinekop in deze positie met de klemhendel hoogteverstelling (5). Als dit niet wordt gedaan, kan de geleiding beschadigd raken.

  • Controleer het apparaat op transportschade. Meld eventuele schade direct bij het transportbedrijf dat het elektrisch apparaat heeft bezorgd.
  • Lange snoeren (verlengsnoeren) moeten worden vermeden.
  • Gebruik het elektrisch apparaat niet in een vochtige of natte ruimte.
  • Het elektrisch apparaat mag alleen in daartoe ge- schikte (goed geventileerde) ruimtes worden ge- bruikt.

m Let op! Het product voor de ingebruikstelling in ieder geval volledig monteren! mControleer vóór het aansluiten van het apparaat of de specicaties op het typeplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroomnet. m Waarschuwing! Trek altijd de voedingsstekker er- uit voordat u instellingen aan het apparaat uitvoert.

8.1 Grondplaat en kolom monteren (afb. 2)

1. Schuif de snelspanner (2) over de kolom (3).

2. Plaats de kolom (3) zo in de grondplaat (1) dat de

geleidingspen aan het onderste uiteinde van de ko- lom (3) in de groef van de grondplaat (1) vastklikt.

3. Draai de voorgemonteerde bevestigingsschroe-

ven (A) aan de achterkant van de grondplaat (1) vast met de inbussleutel (L).

8.2 Parallelaanslag monteren (afb. 3)

1. Schuif de parallelaanslag (16) in de groeven van

2. Zorg ervoor dat de schuifblokken onder de vleu-

gelschroeven voor de parallelaanslag (15) op de groeven zijn uitgelijnd.

3. Verplaats de parallelaanslag (16) naar de gewens-

te positie en draai de vleugelschroeven voor de parallelaanslag (15) vast.

8.3 Montage boorkopbescherming (afb. 2)

1. Plaats de boorkopbescherming (13) in de daarvoor

aanwezige boorgaten in het frame.

2. Borg de boorkopbescherming (13) door de schroe-

De uitsparing van de snelspanner moet gecentreerd ten opzichte van het boorgat zijn uitgelijnd. Anders kan de boor of boorvoering door de snelspanner worden geblokkeerd.

1. Positioneer het werkstuk met behulp van de kruis-

3. Laat de snelspanner (2) op het werkstuk rusten.

4. Draai de snelspanschroef (17) rechtsom om het

werkstuk vast te klemmen.

Gebruik voor grotere werkstukken de parallelaanslag (16):

1. Draai de vleugelschroeven van de parallelaanslag

(15) los en plaats de parallelaanslag (16) in de groeven van de grondplaat.

2. Draai de vleugelschroeven van de parallelaanslag

3. Lijn uw werkstuk uit op de parallelaanslag (16) en

klem het vast met de snelspanner (2). Waarschuwing! Bij werkstukken die breder of langer zijn dan het tafelblad, moet u voor voldoende onder- steuning zorgen, bijvoorbeeld met onderstellen of zaagbokken. Werkstukken die langer of breder zijn dan de grond- plaat van de kolomboormachine, kunnen omkantelen als ze niet stevig worden ondersteund. Als het werk- stuk kantelt, kan het de boorkopbescherming of het snijgereedschap beschadigd raken.

9.8 Toerental instellen (afb. 4)

Het juiste toerental moet afhankelijk van het te bewerken werkstuk en de gereedschapsdiameter worden ingesteld.

9.8.1 Elektronische toerenregeling

Met de elektronische toerenregeling kunt u het toeren- tal instellen: Stel het toerental in met behulp van de toerenregelaar (12.1/12.2). Het actuele toerental kan op het display (9) worden af- gelezen.

9.3 Boordiepte instellen (afb. 1, 11)

Met de diepteaanslag (7) kunt u de boordiepte bepalen.

1. Open de klemhendel voor de diepteaanslag (6).

2. Voer een proefboring uit. Zodra de gewenste diep-

te is bereikt, haalt u de klemhendel diepteaanslag (6) weer aan.

3. De diepteaanslag (7) is nu op de gewenste boor-

4. Controleer aansluitend de positie van de diep-

teaanslag. Indien nodig, de aanwijzer (18) met een kruiskopschroevendraaier losdraaien, op de 0°-positie van de schaalverdeling (20) zetten en de borgschroef (19) weer vastdraaien.

9.4 Gereedschap vastklemmen/losmaken(afb. 4, 7)

Voorzichtig! Zorg ervoor dat de boorkopsleutel niet vast komt te zitten. Gevaar voor letsel door het wegslingeren van de boorkopsleutel.

1. Klap de boorkopbescherming (13) naar boven.

2. Plaats de boorkopsleutel (G).

3. Draai de boorkopsleutel (G) tegen de klok in om de

spanhuls (E) te openen.

4. Plaats het inzetstuk (F).

5. Houd het inzetstuk (F) vast.

6. Draai de boorkopsleutel (G) met de klok mee om de

spanhuls (E) te sluiten en het inzetstuk te borgen.

7. Controleer het inzetstuk (F) op vaste zitting.

1. Klap de boorkopbescherming (13) naar boven.

2. Plaats de boorkopsleutel (G).

3. Draai de boorkopsleutel (G) tegen de klok in, totdat

het inzetstuk (F) kan worden verwijderd.

4. Haal de boorkopsleutel (G) er weer af.

9.5 Werkstuk uitlijnen

1. Schakel de kruislijnlaser via de aan/uit-schakelaar

2. Het snijpunt van beide laserlijnen geeft exact het

boormiddelpunt weer.

3. Lijn uw markering op het werkstuk uit op het la-

Het te bewerken werkstuk moet veilig kunnen worden vastgeklemd. Bewerk geen werkstukken die niet kun- nen worden vastgeklemd.www.scheppach.com

11. 1 Algemene onderhoudsvoorschriften

Veeg van tijd tot tijd met een doek de spaanders en het stof van de machine. Olie om de levensduur van het ap- paraat te verlengen eenmaal per maand de draaiende delen. De motor niet oliën. Gebruik voor de reiniging van de kunststof geen bijten- de middelen. m Werkzaamheden die niet in deze gebruikshand- leiding worden beschreven, door een gespeciali- seerde werkplaats laten uitvoeren. Gebruik uitslui- tend originele onderdelen. Laat het apparaat altijd afkoelen voordat onder- houds- of reinigingswerkzaamheden worden uit- gevoerd. m Er bestaat gevaar voor brandwonden! Controleer het apparaat voor elk gebruik op zichtbare defecten, zoals losse, versleten of beschadigde on- derdelen, of loszittende bouten of andere onderdelen. Vervang beschadigde onderdelen.

Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Chemi- sche sto󰀨en kunnen de kunststof onderdelen van het apparaat aantasten. Reinig het apparaat nooit onder stromend water.

  • Reinig het apparaat grondig na elk gebruik.
  • Reinig de ventilatieopeningen en het oppervlak van het apparaat met een zachte borstel, een kwast of een doek.
  • Verwijder spaanders, stof en vuil zo nodig met een stofzuiger.
  • Smeer bewegende delen regelmatig.

Inspectie van de koolborstels (afb. 10) Controleer de borstels van de koolborstels bij een nieuwe machine na de eerste 50 bedrijfsuren, of wan- neer er nieuwe borstels gemonteerd zijn. Controleer na de eerste controle om de 10 bedrijfsuren. Wanneer de koolstof tot een lengte van 6 mm versleten is of de veer of shuntdraad verbrand of beschadigd is, moet u beide borstels vervangen. Wanneer de borstels na het demonteren als inzetbaar beschouwd worden, kunt u ze weer inbouwen. Voor het onderhoud van de koolborstels, draait u de vier kruiskopschroeven (M) van de revisiekap (zoals in afbeelding 10 weergegeven) linksom los en tilt u de revisiekap omhoog.

9.9 In-/uitschakelen (afb. 1)

m Zorg ervoor dat de boorkopbescherming (13) naar beneden is geklapt voordat u het apparaat inschakelt. Inschakelen: Druk op de Aan-schakelaar (11) om het apparaat in te schakelen. Uitschakelen: Druk op de Uit-schakelaar (10) om het apparaat uit te schakelen. m Let op: Het tijdens het boorproces ingestelde toerental wordt opgeslagen en blijft ingesteld, tot deze wordt gewijzigd of het elektrisch apparaat van de stroomvoorziening wordt losgekoppeld. Na het opnieuw aansluiten op de stroomvoorziening, draait het elektrisch gereedschap met een vooraf ingesteld toerental van 1500 min

1. Lijn het werkstuk uit en klem het vast, zoals onder

punt 9.5 beschreven.

2. Start het apparaat en stel het toerental in, zoals

onder punt 9.7 beschreven.

3. Voor het boren beweegt u de handgreep (8) met

gelijkmatige aanvoer, totdat de gewenste boor- diepte is bereikt. Bij het boren van metalen moet u de beweging van het handwiel kortstondig onder- breken, zodat de spanen kunnen afbreken.

4. Als u de boordiepte hebt bereikt, brengt u de hand-

greep (8) weer terug naar de uitgangspositie.

5. Schakel het apparaat uit.

Houd het elektrisch gereedschap vast bij de grondplaat (1) om het te transporteren.

11. Reiniging en onderhoud

m Waarschuwing! Trek altijd de stekker uit het stop- contact voordat u instellings-, instandhoudings- of re- paratiewerkzaamheden uitvoert!www.scheppach.com

13. Elektrische aansluiting

De geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangesloten. De aansluiting voldoet aan de rele- vante VDE- en DIN-voorschriften. De netaanslui- ting van de klant en het gebruikte verlengsnoer moeten eveneens aan deze voorschriften voldoen.

13.1 Algemene instructies

Bij overbelasting van de motor schakelt deze zelfstan- dig uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer worden ingeschakeld.

13.2 Defecte elektrische aansluitkabel

Bij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de isolatie op. Mogelijke oorzaken zijn:

  • Versleten plekken, als aansluitkabels door venster- of deuropeningen worden geleid.
  • Knikken door een onvakkundige bevestiging of ge- leiding van de aansluitkabel.
  • Snijplekken omdat over de aansluitkabel is gereden.
  • Beschadigde isolatie omdat de stekker uit het stop- contact is getrokken.
  • Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet worden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie is beschadigd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Let erop dat bij het controleren de aansluitka- bel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten. Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE- en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitslui- tend netsnoeren met de aanduiding “H05VV-F”. Op de aansluitkabel moet de typeaanduiding vermeld staan. Als het snoer moet worden vervangen, dan moet dit door de fabrikant of zijn vertegenwoordiger worden ge- daan om veiligheidsrisico‘s te voorkomen.

13.3 Wisselstroommotor

  • De netspanning moet 220 - 240 V~ 50Hz zijn.
  • Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m een doorsnede hebben van 1,5 vierkante millimeter. Aansluitingen en reparaties van de elektrische uitrus- ting mogen uitsluitend door een elektromonteur wor- den uitgevoerd. Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:
  • Stroomtype van de motor
  • Gegevens van het typeplaatje van de motor Verwijder vervolgens de koolborstels. Plaats de koolborstels in omgekeerde volgorde terug.

11.4 Vervangen van de boorkop (afb. 4/10)

m Waarschuwing! Netstekker loskoppelen! Benodigd gereedschap (niet bij de levering inbegre- pen): 1x steeksleutel 27 mm

  • Verwijder het inzetstuk, zoals beschreven onder 9.3.2.
  • Haal de spanhuls (E) vast aan, door de boorkops- leutel met de klok mee te draaien.
  • Houd de boorkop met een hand vast, terwijl u met de steeksleutel (27 mm) de moer (H) met de klok mee naar onderen beweegt.
  • Zodra de boorkop van de as is losgehaald, kan deze worden verwijderd.
  • Zet de nieuwe boorkop in omgekeerde volgorde vast. De boorkop mag alleen worden vervangen door een boorkop die door de fabrikant is goedgekeurd. Bestelnummer: 390 6814 001

11.5 Service-informatie

Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Koolborstels, boor

  • niet persé in de leveringsomvang opgenomen! Neem in het geval van reserveonderdelen en accessoi- res contact op met ons servicecentrum. Scan hiervoor de QR code op de voorpagina

Bewaar het apparaat en de bijbehorende accessoires op een donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontoegankelijke plaats. De optimale opslagtempera- tuur ligt tussen 5 en 30 °C. Bewaar het elektrisch apparaat in de originele verpak- king. Dek het elektrisch apparaat af ter bescherming tegen stof en vocht. Bewaar de gebruikshandleiding bij het elektrische ap- paraat.www.scheppach.com

- Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaar- den van de fabrikanten en distributeurs verzoe- ken wij u contact op te nemen met de betre󰀨ende klantenservice.

  • Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikaat aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elek- trische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.
  • Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden ge- installeerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Eu- ropese Unie kunnen andere voorschriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Aansluittype X Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd is, moet dit worden vervangen door een speciaal uitgevoerd netsnoer, dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of diens klantenservice.

14. Afvalverwerking en hergebruik

Aanwijzingen op de verpakking De verpakkingsmaterialen zijn re- cyclebaar. Verpakkingen milieu- vriendelijk afvoeren. Aanwijzingen betre󰀨ende de wetgeving Afgedank- te elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishoude- lijke afval, maar moeten worden ingeza- meld resp. gescheiden worden afgevoerd!

  • Oude batterijen of accu’s die niet vast in het afge- dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór het afvoeren op niet-destructieve wijze worden ver- wijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wet- geving inzake batterijen.
  • Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elek- tronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruik de batterijen en accu’s in te leveren.
  • De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wis- sen van persoonsgerelateerde gegevens op het af te voeren afgedankte apparaat!
  • Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak bete- kent dat afgedankte elektrische en elektronische ap- paratuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden gegooid.
  • Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunnen bij de volgende punten kosteloos worden ingeleverd: - Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten (bijv. gemeentewerven) - Verkooppunten van elektrische apparaten (statio- nair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden. - Tot drie afgedankte elektronische apparaten per apparaattype, met een randlengte van niet meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven kopen, of naar een ander erkend inzamelpunt in je omge- ving worden gebracht.www.scheppach.com

15. Verhelpen van storingen

Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Apparaat start niet Motor, kabel of stekker defect, huisze- kering wordt geactiveerd Stopcontact, netsnoer, leiding en stek- ker controleren en zo nodig door een elektricien laten repareren. Huiszekering controleren Aan/uit-schakelaar (11/10) defect Reparatie door klantenservice Motor defect Reparatie door klantenservice Krachtige trillingen Grondplaat (1) niet vastgezet Machine op werkbank o.i.d. bevestigen Gereedschap niet gecentreerd vast- geklemd Gereedschap in boorkop (14) controleren Motor raakt snel oververhit Overbelasting van de motor, ontoerei- kende koeling van de motor. Voorkom overbelasting van de motor tijdens het boren, verwijder stof van de motor om een optimale koeling van de motor te garanderen. De motor maakt te veel lawaai Wikkelingen beschadigd, motor defect. Controle door klantenservicewww.scheppach.com

16. Conformiteitsverklaring

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : DP55

Categorie : Boor