SCHEPPACH dp 13 - Boor

dp 13 - Boor SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis dp 13 SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 64 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice SCHEPPACH dp 13 - page 40
Bekijk de handleiding : Français FR Nederlands NL
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over dp 13 SCHEPPACH

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding dp 13 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. dp 13 van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING dp 13 SCHEPPACH

Allen voor EU-landen.

Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Volgens de europese richtlijn 2012/19/EU inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar en recycle bedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen.

ES

SCHEPPACH dp 13 - ES - 1

Volgens de van toepassing zijnde wet voor productaansprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:

  • Onjuist gebruik,
  • Niet-naleving van de gebruiksinstructies,
  • Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werklui,
  • Installatie en vervanging van niet-originele reserveonderdelen,
  • Ongepast gebruik, falen van het elektronisch systeem ten gevolge van niet-naleving van de elektrische specificaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften.

WAARSCHUWING

Om elektrische gevaren, brandgevaar of schade aan het gereedschap te vermijden, moet u de geschikte circuitbeveiliging gebruiken.

De kolomboor is in de fabriek bekabeld voor gebruik met 230 V. Sluit dit aan op een circuit van 230 V, 15 amp met afgeleide stroom en gebruik een zekering van 15 amp met vertraagde werking of een stroomonderbreker. Om schok of brand te voorkomen, moet u het netsnoer onmiddellijk vervangen als het versleten, doorgesneden of op een andere manier beschadigd is.

Aanbevelingen:

Lees de volledige handleiding voor de montage en besturing van het apparaat. Deze handleiding is bedoeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te maken voor u en om vertrouwd te geraken met het gebruik van het apparaat.

De handleiding bevat belangrijke nota's over hoe veilig, goed en economisch gebruik te maken van uw apparaat, en over hoe u gevaar kan vermijden, reparatiekosten kann besparen, downtime kan verminderen en de betrouwbaarheid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding, moet u ook voldoen aan de geldende voorschriften van uw land in verband met het gebruik van het apparaat. Plaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plastic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en bewaar ze in de nabijheid van het apparaat. De instructies moeten gelezen en nauw gevolgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken. Enkel getrainde personen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijke gevaren en risico's mogen het apparaat gebruiken. De vereiste minimumleeftijd moet worden voldaan.

Als aanvulling op de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding en de speciale voorschriften van uw land, moeten ook de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtverwerkende apparaten in acht genomen worden.

Algemene opmerkingen

  • Kijk bij het uitpakken van uw apparaat uit voor mogelijke transportschade. In geval van klachten dient u de leverancier onmiddellijk te informeren.
  • Klachten die op een latere datum ontvangen worden zullen niet aanvaard worden.
  • Controleer de levering op volledigheid.
  • Lees de gebruiksaanwijzing om uzelf vertrouwd te maken met het apparaat vooraleer u het gebruikt.
  • Gebruik enkel originele -onderdelen als accessoires, alsook voor slijtage en onderdelen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw dealer.
  • Geef steeds de nummers door voor de onderdelen alsmede het type en bouwjaar van het apparaat bij bestellingen.
dp 13 dp 16
Technische gegevens
Spankopgrootte mm13 16
Min. snelheden500 / 890 / 1400 / 1900 / 2500230 / 330 / 370 / 460 / 530 / 580 / 1030 / 1160 / 1280 / 1600 / 1790 / 2470
Motor
Motorvermogen Watt350 520
SpilconusbevestigingB16 B16
Conusbevestiging boorkopB16 B16
Klembereik boorkop mm1,5-13 3-16
Oplopend en aflopende bereik spil mm50 60
Spankop tot werktafel mm145 350
Werkbereik spilvoet mm225 470
Kolom diam. mm46 60
Totale hoogte mm580 840
Gewicht kg14,5 30
Onderhevig aan technische wijzigingen!

■WAARDEN GELUIDSKENMERKEN

Geluidsdrukniveau LpA conform EN ISO 11201dp13: 66 dB(A) dp16: 67 dB(A)
Onzekerheid K 3 dB(A)
Geluidsvermogensniveau LWA conform EN ISO 3744dp13: 79 dB(A) dp16: 80 dB(A)
Onzekerheid K 3 dB(A)

NB: de aangegeven geluidsniveaus zijn vastgesteld volgens een gestandaardiseerde testprocedure en kunnen worden gebruikt voor het vergelijken van verschillende elektrische gereedschappen. Bovendien zijn deze waarden geschikt om vooraf te evalueren welke belasting die geluiden kunnen veroorzaken voor de gebruiker. Opgelet! Afhankelijk van de manier waarop u het elektrisch gereedschap zult gebruiken, kunnen de werkelijke waarden afwijken van de aangegeven waarden. Neem maatregelen om u te beschermen tegen geluidhinder. In dit proces is het belangrijk om rekening te houden met de volledige bedrijfscyclus. Dit omvat ook momenten wanneer het elektrische gereedschap werkt zonder belasting en wanneer het is uitgeschakeld.

Geschikte maatregelen omvatten onder andere zaken zoals gewoon onderhoud en service van het elektrische gereedschap en de inzetgereedschappen, regelmatige onderbrekingen en de geschikte planning van de bedrijfscycli.

In deze bedieningsinstructies hebben de we plaatsen die relevant zijn voor uw veiligheid, aangeduid met dit teken: △

⚠ ALGEMENE VEILIGHEIDSRICHTLIJNEN

Attentie! Bij het gebruik van elektrische gereedschappen moeten tegen schok-, verwondings- en brandgevaar in principe steeds de volgende veiligheidsmaatregelen in acht worden genomen. Lees en let goed op deze adviezen voor u een machine gebruikt.

  • Houdhet werkgebied op orde. Een wanordelijke werkomgeving leidt tot ongelukken.
  • Houdtrekening met omgevingsinvloeden. Laat elektrische gereedschappen niet in de regen liggen. Gebruik elektrische gereedschappen niet in een vochtige of natte omgeving. Zorg voor een goede verlichting. Gebruik elektrische gereedschappen niet in de buurt van brabdbare vloeistoffen of gassen.
  • Voorkom een elektrische schok. Vermijd lichaamskontakt met geaarde objekten, zoals metalen buizen, radiatoren. C. V. kachels, koelkasten enz.
  • Houdtkinderen uit de buurt. Laat andere personen niet aan gereedschap of snoer komen, houdtze weg van het werkgebied.
  • Berg het gereedschap veilig op. Niet in gebruik zijnde elektrische gereedschappen moeten in droge, afgesloten ruimten, buiten het bereik van kinderen bewaard worden.
  • Overbelast het gereedschap niet. Men werkt beter en veiliger binnen het aangegeven vermogensbereik.
  • Gebruik het juiste gereedschap. Gebruik geen machines met een te laag vermogen of voorzetapparatuur voor een te zware belasting. Gebruik de machines niet voor een doel of karwei, waarvoor zij niet bestremd zijn, bijv. gebruik geen handcirkelzaag voor het omzagen van bomen of snoeien van takken.
  • Draag geschikte werkkleding. Draag geen slobberende kleding of sieraden. Deze kunnen door de bewegen-de delen gegrepen worden. Bij het werken in de open lucht zijn rubber werkhandschoenen en schoenen met profielzolen aan te bevelen. Draag bij lang haar enn haarnet.
  • Gebruik een veiligheidsbril. Gebruik ook een stofmasker bij stofverwekkende werkzaamheden.
  • Gebruik het snoer niet verkeerd. Draag de machine niet aan het snoer en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopkontakt te trekken. Bescherm het snoer tegen hitte, olie en scherpe kanten.
  • Klem het werkstuk vast. Gebruik spanelementen of een bankschroef om het werkstuk vast te klemmen. Dit garandeert een veiligere klemming dan met de hand, bovendien kan men met twee handen werken.
  • Zorg voor een veilige houding. Vermijd een abnormale lichaamshouding en zorg voor een stabiel evenwicht.
  • Onderhoudthet gereedschap zorgvuldig. Houdthet gereedschap scherp en schoon om better en veiliger te

kunnen werken. Volg de onderhoudsvoorschriften en de adviezen omtrent het verwisselen van gereedschappen op. Kontroleer regelmatig het snoer en laat dit bij beschadiging door een erkende vakman vernieuwen. Kontroleer regelmatig het verlengsnoer en vervang het indien het is beschadigd. Houdt de handgrepen droog en vrij van olie en vet.

  • Trek de stekker uit het stopkontakt. Als het apparaat niet in gebruik is, tijdens het onderhoudt en het verwisselen van gereedschappen, zoals, bijv. zaagbladen, boren en machinege-reedschappen van welke soort dan ook.
  • Laat geen gereedschapsleutels op de machine zitten. Kontroleer voor het inschakelen of sleutels en andere hulpgereedschappen zijn verwijderd.
  • Voorkom het per ongeluk inschakelen. Draag geen aangesloten machines met de vinger aan de schakelaar. Kontroleer of de schakelaar bij aansluiting aan het lichtnet, uitgeschakeld staat.
  • Verlengsnoer bij het gebruik buiten. Gebruik buiten alleen voor dit doel goedgekeurde en overeenkomstig gekenmerkte verlengsnoeren.
  • Wees steeds opmerkzaam. Let steeds op het werk, ga met verstand te werk, gebruik de machine niet als men niet gekoncen-treerd is.
  • Kontroleer het elektrisch gereedschap op beschadigingen. Voor het verdere gebruik van de machine moeten veiligheidsinrichtingen of beschadigde delen, zorgvuldig op een uitstekende en doelgerichte funktie, worden beproefd. Kontroleer of de funktie van de bewegende delen in orde is: of deze niet klemmen, of er geen delen gebroken zijn, of alle andere delen perfekt en juist zijn gemonteerd en of alle andere voorwaarden, die het funktioneren van het apparaat zouden kunnen beinvloeden, juist zijn. Indien in de gebruiksaanwijzing niet anders is aangegeven, moeten beschadigde veiligheidsinrichtingen en machinedelen, door een servicewerkplaats vakkundig worden gerepareerd of worden verwisseld. Beschadigde schakelaars moeten door een servicewerkplaats worden vervangen. Gebruik geen apparatuur, waarvan de schakelaar niet aan-en uitschakeld kan worden.
  • Attentie! Gebruik in het belang van persoonlijke veiligheid, alleen toebehoren en hulpapparaten, die in de gebruiksaanwijzing of in de katalogus worden aanbevolen. Het gebruik van andere dan de vermelde toebehoren of hulpgereedschappen, kan verwondingsgevaar opleveren.
  • Reparaties mogen alleen door erkende reparateurs worden uitgevoerd. Dit elektrisch gereedschap voldoet aan de betreffende veiligheidsvoorschriften. Ter voorkoming van ongevallen voor de gebruiker mogen reparaties alleen door vakkundig personeel worden uitgevoerd.
  • Sluit de stofafzuiginrichting aan. Als er installaties voor het aansluiten van stofaf zuiginrichtingen voorhanden zijn, vergewis U zich dat deze aangesloten en gebruikt worden.

⚠ ALGEMENE tips

VERLENGSNOEREN

Wanneer u een elektrisch gereedschap op een aanzienlijke afstand van een stroombron gebruikt, moet u een verlengsnoer gebruiken dat zwaar genoeg is om de stroom te dragen die het gereedschap zal opnemen. Een te kort verlengsnoer zal een daling in de lijnspanning veroorzaken en leiden tot stroomverlies en oververhitting. Gebruik het schema in deze instructies om de minimale draadgrootte die vereist is bij een verlengsnoer, te bepalen. Er mogen alleen ronde dubbelwandige draden als aanbevolen door de Underwriter's Laboratories (UL) worden gebruikt.

Gebruik alleen ronde dubbelwandige draden, bedoeld voor gebruik buitenshuis. Dit wordt aangegeven met de letters „WA“ op de mantel van de draad.

Inspecteer een verlengsnoer voor het gebruik op losse of blootliggende draden en doorgesneden of versleten isolatie.

Aanvullende veiligheidsrichtlijnen voor kolomboren

WAARSCHUWING: Voor uw persoonlijke veiligheid mag u niet proberen uw kolomboor te gebruiken zolang deze niet volledig is gemonteerd en geïnstalleerd in overeenstemming met de instructies en zolang u het volgende niet hebt gelezen en begrepen.

  • Uw kolomboor moet stevig met bouten op een werkbank zijn bevestigd. Als de kolomboor daarnaast de neiging heeft te bewegen tijdens bepaalde werkzaamheden, moet u de werkbank met bouten in de vloer vastmaken.
  • Deze kolomboor is bedoeld voor gebruik onder droge omstandigheden en alleen voor gebruik binnenshuis.
  • Bescherm uw ogen (draag altijd een veiligheidsbril die voldoet aan een erkende norm), handen, gezicht (gebruik een gelaats- of stofmasker samen met de veiligheidsbril als het boren veel stof veroorzaakt), oren (gebruik oorbeschermers, vooral tijdens langere gebruiksperioden) en lichaam.
  • Probeer nooit stukken materiaal te boren die te klein zijn om veilig te kunnen vasthouden.
  • Houd uw handen altijd buiten het pad van de boorkop. Vermijd ongemakkelijke handposities waardoor uw hand door een plotse uitglijder in het boorpad terecht kan komen.
  • Installeer of gebruik geen boorkop die langer is dan 175 mm (7") of die 150 mm (6") onder de spanklauwen uitsteekt. Ze kunnen plots naar buiten buigen of breken.
  • Gebruik geen draadwielen, frezen, freesbeitels, cirkelbeitels (vliegen) of roterende schaafmachine op deze kolomboor.
  • Wanneer u een groot stuk materiaal zaagt, moet u controleren of het volledig wordt ondersteund op tafelhoogte.
  • Voer geen enkele werkzaamheid uit met de vrije hand. Houd het werkstuk altijd stevig tegen de geleider en de tafel zodat deze niet schommelt of draait tijdens het zagen. Gebruik mallen, bevestigingen of andere hulpmiddelen voor onstabiele werkstukken.
  • Voer het materiaal niet te snel toe tijdens het boren.

Voer het materiaal slechts zo snel door, dat de boorkop kan boren zonder overbelasting.

  • Controleer of er geen nagels of vreemde objecten in het te boren deel van het werkstuk zitten.
  • Plaats altijd „ondersteuningsmateriaal“ dat in contact staat met de linkerzijde van de kolom.
  • Plaats het werkstuk waar mogelijk in contact met de linkerzijde van de kolom. Als het te kort is of als de tafel gekanteld is, moet u dit stevig aan de tafel vastklemmen. Gebruik tafelsleuven of een spanaanslag rond de buitenrand van de tafel.
  • Als het werkstuk over de randen van de tafel hangt zodat het zal vallen of kantelen als het niet wordt vastgehouden, moet u het aan de tafel vastklemmen of extra ondersteuning voorzien.
  • Wanneer u een boorkolombankschroef gebruikt, moet u deze altijd aan de tafel bevestigen.
  • Gebruik speciale bevestigingsmiddelen voor ongewone werkzaamheden om het werkstuk op gepaste wijze vast te houden, te geleiden en te plaatsen.
  • Zorg dat alle klemmen en vergrendelingen stevig zijn vastgemaakt voordat u boort.
  • Maak de kop en tafelsteun stevig vast aan de kolom en zorg voor ondersteuning tussen tafels voordat u de kolomboor gebruikt.
  • Schakel uw kolomboor nooit in voordat u alle objecten (werktuigen, houtafval, enz.) van de tafel hebt verwijderd, behalve het werkstuk en de gekoppelde toevoer of de ondersteuningsapparaten voor het geplande werk.
  • Voordat u de werkzaamheden aanvat, drukt u even op de motorschakelaar om zeker te zijn dat de boorkolom of een ander snijdgereedschap niet schommelt of trillingen veroorzaakt.
  • Wacht tot de as op volle snelheid draait voordat u het boren start. Als uw boorkolom een vreemd geluid laat horen of als deze overmatig trilt, moet u onmiddellijk stoppen, de boorkolom uitzetten en de stekker uittrekken. Start het gereedschap niet opnieuw op zolang u het probleem niet hebt opgespoord en gecorrigeerd.
  • Voer geen montage uit en plaats het werkstuk niet op de tafel terwijl de boorkolom in gebruik is.
  • Wanneer u gaten met een grote diameter boort, moet u het werkstuk stevig aan de tafel vastmaken. Anders kan het mes vastlopen en op hoge snelheid rondtollen. Gebruik geen korte heugelmessen of klokboren in meerdere delen omdat deze uit elkaar kunnen vallen en tijdens het gebruik uit balans kunnen raken. Houd de snelheid lager dan 1400 tpm.
  • Zorg dat de as volledig tot stilstand is gekomen voordat u de hoek van het werkstuk wijzigt of het werkstuk verwijdert of bevestigt.
  • Om letsel door per ongeluk starten te voorkomen, moet u de kolomboor altijd loskoppelen voordat u een boorkop, accessoire of hulpstuk installeert of verwijdert of voordat u aanpassingen uitvoert.

SCHEPPACH dp 13 - Aanvullende veiligheidsrichtlijnen voor kolomboren - 1

Correct gebruik

CE-geteste machines voldoen aan alle geldige EG-machine- richtlijnen en aan alle relevante richtlijnen voor elke machine.

  • De machine mag alleen worden gebruikt in technisch perfecte conditie in overeenstemming met het bedoeld gebruik en de instructies die in de gebruiksaanwijzing uiteen worden gezet. Alleen personen die zich volledig bewust zijn van de risico's mogen deze machine gebruiken. Alle functionele stoornissen, vooral die de veiligheid van de machine beïnvloeden, moeten daarom onmiddellijk worden opgelost.
  • De veiligheids-, werk- en onderhoudsinstructies van de fabrikant en de technische gegevens die zijn vermeld bij de kalibratie en afmetingen, moeten worden nageleefd.
  • Ook relevante voorschriften voor ongevallenpreventie en andere algemeen erkende veiligheidstechnische richtlijnen moeten worden nageleefd.
  • De machine mag alleen worden gebruikt, onderhouden en bediend door personen die op de hoogte zijn van de werking en procedures. Willekeurige wijzigingen aan de machine ontheffen de fabrikant van elke verantwoordelijkheid voor eventuele hieruit voortvloeiende schade.
  • De machine mag alleen worden gebruikt met origine-le accessoires en gereedschappen van de fabrikant.
  • Elk ander gebruik gaat voorbij aan het toegelaten gebruik. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enige schade die voortvloeit uit niet-geautoriseerd gebruik. Het risico is de volledige verantwoordelijkheid van de gebruiker.

SCHEPPACH dp 13 - CE-geteste machines voldoen aan alle geldige EG-machine- richtlijnen en aan alle relevante richtlijnen voor elke machine. - 1

Restrisico's

De machine is gebouwd met moderne technologieën in overeenstemming met de erkende veiligheidsvoorschriften. Er kunnen echter nog steeds restrisico's blijven bestaan.

  • Lang haar en loszittende kleding kan gevaarlijk zijn wanneer het werkstuk draait. Draag persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals een haarnet en nauwsluitende werkkleding.
  • Houtsplinters en zaagstof kunnen een gevaar voor de gezondheid betekenen. Zorg dat u persoonlijke beschermingsmiddelen draagt, zoals een veiligheidsbril en een stofmasker. Gebruik een afzuigsysteem.
  • Wegslingerende werkstukken kunnen letsel veroorzaken als ze niet goed zijn bevestigd of toegevoerd, zoals bij het werken zonder eindaanslag.
  • Het gebruik van verkeerde of beschadigde netsnoeren kan leiden tot letsel als veroorzaakt door de elektriciteit.
  • Zelfs wanneer alle veiligheidsmaatregelen worden genomen, kunnen er nog steeds restrisico's bestaan die nog niet duidelijk zijn.
  • Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd door de instructies te volgen onder „Veiligheidsmaatregelen“, „Correct gebruik“ en in de volledige gebruiksaanwijzing.

Fig. 1/dp 13
SCHEPPACH dp 13 - De machine is gebouwd met moderne technologieën in overeenstemming met de erkende veiligheidsvoorschriften. Er kunnen echter nog steeds restrisico's blijven bestaan. - 1

text_image 1 2 3 4 10 11 12 13 14 16

SCHEPPACH dp 13 - De machine is gebouwd met moderne technologieën in overeenstemming met de erkende veiligheidsvoorschriften. Er kunnen echter nog steeds restrisico's blijven bestaan. - 2

WAARSCHUWING: als er onderdelen ontbreken, mag u niet proberen de kolomboor te monteren, het netsnoer aan te sluiten en het gereedschap in te schakelen zolang de ontbrekende onderdelen niet zijn gevonden en correct zijn geïnstalleerd.

Verwijder het verpakkingsmateriaal van alle onderdelen en controleer elk item, zoals vermeld in de „standaard inhoud“ (sommige onderdelen zijn verpakt binnen de schijfklep).

Bewaar de verpakking nog even voor het geval u het product moet terugsturen naar uw dealer.

Afb. 1 Afb. 2
Inhoud/beschrijving/aantaldp 13 dp 16
1 Bodemplaat11
2 Kolom11
3 Boortafel11
4 Machinekop11
5 Getande heugel-1
6 Geleidering van getande heugel-1
7 Kruk-1
8 Sleutelloze boorkop11
9 Grepen33
10 Boorkopbescherming11
11 Klauwplaatbescherming met diepteaanslag-1
12 Bevestigingsschroeven34
Inbussleutel (zeshoekige inbusschroefsleutel) 3mm11
Inbussleutel (zeshoekige inbusschroefsleutel) 4mm11
Inbussleutel (zeshoekige inbusschroefsleutel) 5mm--
Vlakke moersleutel 12 mm11
Vlakke moersleutel 16 mm--
Vlakke moersleutel 18 mm11
Vlakke moersleutel 24 mm--
Gebruiksaanwijzing11

Verwijder de olieachtige beschermlaag op de machineta-fel. Gebruik hiervoor originele keukenolie of vlekkenver-wijderaar.

Waarschuwing:

Om brand en vergiftiging te voorkomen, mag u hiervoor nooit benzine, aardolie of soortgelijke ontvlambare stoffen gebruiken.

Bescherm de tafel, de kolom en het machineoppervlak met een beschermende waslaag tegen roest. Veeg alle onderdelen zorgvuldig af met een schone droge stofdoek.

Fig. 2/dp 16
SCHEPPACH dp 13 - Waarschuwing: - 1

1 Bodemplaat
2 Kolom
3 Boortafel
4 Machinekop
5 Getande heugel
6 Geleidering van getande heugel
7 Kruk
8 Sleutelloze boorkop
9 Grepen
10 Boorkopbescherming
11 Diepteaanslag
12 Motor
13 Aan/uit-schakelaar
14 Riembeschermkap
15 Riemspanhefboom
16 Vergrendelinggreep voor riemspanning

MONTAGERICHTLIJNEN

WAARSCHUWING:

Voor uw persoonlijke veiligheid mag u het gereedschap nooit aansluiten op de stroombronuitgang zolang de montagestappen niet zijn voltooid en u de veiligheids- en bedieningsinstructies niet hebt gelezen en begrepen.

SCHEPPACH dp 13 - WAARSCHUWING: - 1

text_image Fig. 4 B a a a A

SCHEPPACH dp 13 - WAARSCHUWING: - 2

text_image Fig. 5.1 2 3 b

Kolom naar voet, afb.4

1 Plaats de voet (A) op de vloer of een bank.
2 Plaats de kolommontage (B) op de voet en lijn de openingen in de kolomsteun uit op de openingen in de voet.
3 Om de kolomeenheid te bevestigen, schroeft u de drie (of 4) schroeven (a) vast in de bodemplaat en maakt u ze vast met een moersleutel.

Tafel en kolom, afb. 5.1 dp 13

1 Schuif de boortafel (3) op de kolom (2). Plaats de tafel direct boven de bodemplaat.
2 Installeer de boutvergrendeling van de tafel (b) in de tafeleenheid vanaf de linkerzijde en maak deze stevig vast.

SCHEPPACH dp 13 - Tafel en kolom, afb. 5.1 dp 13 - 1

text_image Fig. 5.2 1 2 3 5

SCHEPPACH dp 13 - Tafel en kolom, afb. 5.1 dp 13 - 2

text_image Fig. 5.3 2 3 ← b 7

Tafel en kolom, afb. 5.2 – 5.3 dp 16

1 Schuif de boortafel (3) met de getande heugel (5) aan op de kolom (2).
2 Installeer de boutvergrendeling van de tafel (b) in de tafeleenheid vanaf de linkerzijde en maak deze stevig vast.
3 Plaats de kruk (7) op de bout en bevestig met de inbussleutel.

Fig. 6
SCHEPPACH dp 13 - Tafel en kolom, afb. 5.2 – 5.3 dp 16 - 1

text_image 4 c 2

Fig. 7.1
SCHEPPACH dp 13 - Tafel en kolom, afb. 5.2 – 5.3 dp 16 - 2

1 Schuif de machinekop (4) op de kolom (2).
2 Plaats de as van de boormachine met de tafel en bodemplaat in het deksel en bevestig de 2 inbus-schroeven (c).

Boorkopbescherming met diepteaanslag, afb. 7.1 (alleen dp 13)

Pas de klauwplaatbescherming met de diepteaanslag (11) op de spilbuis en maak de sleufschroef (d) vast. Voorzichtig! De diepteaanslag moet worden ingevoerd door de boring (17) in de behuizing. Schroef de twee moeren (e) vast en plaats de indicator (g) op de diepteaanslag. De indicator (g) moet naar de schaal wijzen.

Bij dp 16, de aanslag ring (6) op gewenste waarde en haal deze stevig met de duim schroef (7). (Figuur 10.2)

Boorkopbescherming, afb. 7.2

(alleen dp 16)

Toevoerhandgrepen naar de asnaaf.

1 Schroef de toevoerhandgrepen (A) stevig vast in de schroefopeningen in de naaf (B).

De klauwplaat installeren, afb. 9

1 Maak de conische opening in de klauwplaat (8) en de asconus schoon met een schoon stuk stof. Controleer of er geen vreemde deeltjes aan de oppervlakken plakken. Het kleinste stukje vuil op een van deze oppervlakken kan verhinderen dat de klauwplaat correct wordt bevestigd. Hierdoor zal de boorkop wankelen". Als de conische opening in de klauwplaat extreem vuil is, moet u een reinigend oplosmiddel op een schone doek gebruiken.
2 Duw de klauwplaat zo ver mogelijk omhoog op de spilneus.
3 Draai de klauwplaatmof linksom (gezien vanaf de bovenkant) en open de klauwen in de boorkop volledig.
4 Leg een stuk hout op de machinetafel en laat de spil zakken tot op het houtstuk. Druk stevig aan zodat de toevoer correct zit.

De radiale boorkolom bevestigen op het ondersteunend vlak Voor uw eigen veiligheid wordt het sterk aanbevolen om de machine te installeren op een bank of een soortgelijk oppervlak.

AANPASSINGEN

WAARSCHUWING:

Alle nodige aanpassingen voor de goede werking van uw kolomboor zijn uitgevoerd in de fabriek. Wijzig ze niet. Omdat uw gereedschap echter onderhevig is aan normale slijtage, kunnen sommige nieuwe aanpassingen nodig zijn.

WAARSCHUWING:

Koppel het gereedschap altijd los van de stroombron vóór elke aanpassing"

SCHEPPACH dp 13 - WAARSCHUWING: - 1

Het is mogelijk dat u de terugslagveer van de spilbus moet aanpassen als de spanning zo is, dat de spilbus te snel of te langzaam terugkeert.

1 Voor meer werkruimte u lager de tafel.
2 Werk aan de linkerkant van de boor.
3 Draai de stop moer (A) (dp 13) in de laagste stand en zet het vast met een moersleutel op. Dit voorkomt dat de as uit kunnen vallen tijdens de aanpassing. (Figuur 10.1) Bij dp 16, de aanslag ring (6) op 0 en haal deze stevig met de duim schroef (7). (Figuur 10.2)
4 Druk een schroevendraaier in de onderste voorste groef (C) van de veer (D). Hou hem daar.
5 Verwijder de schroef (E) en de moer (C) los met een inbussleutel (SW5).
6 Draai de schroef met de veer (D) voorzichtig tegen de klok in totdat de pen naar de volgende groef (G) op zijn plaats. Gebruik de schroevendraaier niet verwijderen.
7 Installeer de gekartelde moer (C) en de schroef (E) weer.
8 Als niet het einde mag voorspanning op de veer genoeg zijn, herhaalt u de stappen, waar je heen gaat altijd een aanleggen en elke keer opnieuw controleren de bias. De beste voorspanning wordt ingesteld als de spil langzaam van 20 mm Diepte wordt weer in de bovenste positie.
9 Controleer of de as vrij kan bewegen. Indien de kop moeten klemmen, draai de schroef (E) en de moer (F), totdat de spindel weer vrij kan bewegen. Draai de gekartelde moer (F) stevig.

De hoekspeling van de spil., Fig. 10.3

Terwijl de spil in een lage positie staat, neemt u deze in uw hand en probeert u deze rond de as te draaien. Als er teveel speling is, gaat u als volgt te werk:

1 Maak de borgmoer (A) los.
2 Draai de schroef (B) rechtsom om de speling weg te nemen zonder de beweging omhoog en omlaag van de spil te hinderen (een beetje speling is normaal).
3 Maak de borgmoer vast.

SCHEPPACH dp 13 - De hoekspeling van de spil., Fig. 10.3 - 1

text_image Fig. 11.1 A a 3

SCHEPPACH dp 13 - De hoekspeling van de spil., Fig. 10.3 - 2

text_image Fig. 11.2 3 b

SCHEPPACH dp 13 - De hoekspeling van de spil., Fig. 10.3 - 3

text_image Fig. 12 d e

Uw boorkolom gebruiken

WAARSCHUWING:

als u niet bekend bent met dit type machine, moet u zich laten bijstaan door een ervaren persoon.

In elk geval moet u de veiligheids- en bedieningsinstructies lezen en begrijpen voordat u probeert dit product te bedienen.

De tafel draaien, afb. 11.1, 11.2

Tip: Het kanteldisplay (a) doet alleen dienst als oriëntatie voor een ruwe hoekafstelling. Voor precisiewerk moeten geschikte hoekmeters worden gebruikt.

1 Om de tafel (3) naar de gekantelde positie te brengen, ontgrendelt u de tafelvergrendeling (b) en stelt u de gewenste tafelhoek af. Maak de tafelvergrendeling opnieuw vast.

1 Maak de vergrendelinghandgreep van de tafelsteun (A) los.
2 Stel de tafel (3) af naar de gewenste hoogte.
3 Maak de tafelvergrendeling (A) opnieuw vast.

NB: het is beter de tafel op de kolom te vergrendelen in een dergelijke positie dat de punt van de boor net iets boven de bovenkant van het werkstuk staat.

Boorkoppen installeren.

1 Stop de boorkop ver genoeg in de klauw (A) om een maximale grip van de spanklauwen (B) te verkrijgen. (Wanneer u een kleine boorkop gebruikt, mag u deze niet te ver plaatsen zodat de klauwen de spaangroeven van de boorkop raken.)
2 Controleer of de boorkop gecentreerd is in de klauw voordat u de klauw vastmaakt met de optionele klauws-leutel (C).
3 Maak de klauwplaat voldoende vast zodat de boorkop niet wegglijdt tijdens het boren.
4 Draai de klauwsleutel rechtsom om vast te maken en linksom om los te maken. Maak de boorkop gelijkmatig vast door de drie openingen achtereenvolgens te gebruiken. De boorkop kan worden vrijgegeven door slechts één opening te gebruiken.

De snelheid en spanriem kiezen, afb. 12

NB! trek de stroomstekker uit!

1 U kunt verschillende spilsnelheden instellen op uw kolomboormachine:
2 Open de schijfklep terwijl de schakelaar op „UIT“ staat.
3 Maak de aandrijfriem aan de rechterzijde van de machinekop los door de vleugelschroeven (d) aan beide zijden los te maken. Trek de rechterzijde van de motor in de richting van de spil om de V-riem los te maken (voor type stb 16s: maakt de V-riem los met de hendel (e)). Maak de vleugelschroeven opnieuw vast.
4 Bevestig de V-riem aan de overeenkomende riemschijven.
5 Maak de vleugelschroeven los en duw de rechterzijde van de motor naar achter om de V-riem opnieuw aan te spannen.
6 Draai de vergrendelingknop van de riemspanning vast.

SCHEPPACH dp 13 - NB! trek de stroomstekker uit! - 1

text_image Fig. 13 g f h H

De riem moet ongeveer 13 mm -1/2" -afbuigen door duimdruk op het middelpunt van de riem tussen de schijven.

7 Sluit de schijfklep.
8 Als de riem wegglijdt tijdens het boren, moet u de riemspanning opnieuw afstellen.

Tip: veiligheidsschakelaar

Als u de snelheid wilt regelen, moet u de schijfklep openen. Het apparaat schakelt automatisch uit om het risico op letsel te vermijden.

De klauw verwijderen.

Open de klauwen van de klauwplaat zo ver mogelijk door de klauwplaatmof (A) linksom te draaien (vanaf de bovenkant gezien).

Leg de klauwplaat met moker (B) voorzichtig in de ene hand terwijl u de klauwplaat in de ander hand houdt om te voorkomen dat deze valt wanneer deze wordt losge- maakt van de spilneus.

Diepteaanslag, afb. 10.2 (alleen voor dp 16)

Met de diepteaanslag kunt u gaten boren in het werkstuk tot een gedefinieerde diepte. Stel de ring (6) met de schaal af tot de gewenste diepte en maak de ring vast met de vleugelmoer (7).

Diepteaanslag, afb. 13 (alleen voor dp 13)

Met de diepteaanslag kunt u gaten boren in het werkstuk tot een gedefinieerde diepte. U hebt hiervoor twee opties.

Boren tot op een specifieke diepte.

1 Markeer de boordiepte (H) aan één zijde van het werkstuk.
2 Breng de boorkop omlaag terwijl de schakelaar op „UIT“ staat, tot de punt of rand op de hoogte van de markering staat.
3 Houd de toevoerhandgreep vast op deze positie.
4 Draai de onderste moer (B) omlaag om de diepteaanslagschoen (C) op de kop aan te raken.
5 Draai de bovenste moer (D) omlaag en maak deze vast tegen de onderste moer.
6 De spanklauw en de boorkop worden nu gestopt nadat ze omlaag zijn geschoven over de afstand die op de diepteschaal is gekozen.

Diepteschaalmethode

NB: voor deze methode moet de boorkop, terwijl de spil in de hoogste positie staat, zich net iets boven de bovenkant van het werkstuk bevinden

1 Schakel de machine uit, laat de boor zo ver zakken tot de indicator (E) naar de gewenste boordiepte van de diepteschaal (F) wijst.
2 Draai de onderste moer (B) omlaag tot deze de onderste aanslag (C) bereikt.
3 Vergrendel de onderste moer (D) tegen de bovenste moer.
4 De klauwplaat en de boorkop worden nu gestopt nadat ze omlaag zijn geschoven over de afstand die op de diepteschaal is gekozen.

SCHEPPACH dp 13 - Diepteschaalmethode - 1

text_image Fig. 14 2 H

De tafel en het werkstuk plaatsen, afb. 14

Plaats altijd een stuk ondersteuningsmateriaal (A) (hout, multiplex ...) op de tafel onder het werkstuk (B). Hierdoor wordt versplintering of een zware belasting op de onderzijde van het werkstuk wanneer de boor door het materiaal schiet, verhinderd. Om te verhinderen dat het ondersteuningsmateriaal niet meer onder controle is en begint te tollen, moet u zorgen dat dit materiaal de linkerzijde van de kolom raakt, zoals weergegeven.

Waarschuwing: om te verhinderen dat het werkstuk of het ondersteuningsmateriaal uit uw hand wordt getrokken tijdens het boren, plaatst u het aan de linkerzijde van de kolom. Als het werkstuk of ondersteuningsmateriaal niet lang genoeg is om de kolom te bereiken, moet u het aan de tafel vastmaken. Als u dat niet doet, kan dit lichamelijk letsel veroorzaken.

NB: voor kleine stukken (A) die niet aan de tafel kunnen worden bevestigd, moet u een kolomboorbankschroef gebruiken (optioneel accessoire).

De bankschroef (B) moet aan de tafel worden bevestigd met een klem of met bouten (C) voor het vermijden van letsel door rondtollende werkstukken, een draaiende bankschroef of breuk van het gereedschap.

Een gat boren.

Maak een inkeping in het werkstuk op de plaats waar u de opening wilt en gebruik hiervoor een centreerdrevel of een scherpe nagel. Voordat u de schakelaar aanzet, brengt u de boor omlaag naar het werkstuk en lijnt u deze uit op de locatie van de opening.

Zet de schakelaar aan en trek de toevoerhandgrepen omlaag met slechts voldoende kracht om de boor te laten draaien.

TE LANGZAAM TOEVOEREN kan verbranding van de boorkop veroorzaken.

TE SNEL TOEVOEREN kan de motor doen stoppen, de boorkop doen wegglijden, het werkstuk lostrekken of de boorkop breken.

Wanneer u metaal boort, kan het nodig zijn dat u de punt van de boor moet smeren met motorolie om verbranden van de boorkop te voorkomen.

Onderhoud

WAARSCHUWING:

Schakel voor uw veiligheid de schakelaar uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoud uitvoert aan onze kolomboor.

Houd uw apparaat schoon.

Wees voorzichtig want sommige huishoudelijke reinigingsproducten en oplosmiddelen, zoals benzine, trichlooretheen, chloor, ammonium, enz. kunnen plastic onderdelen beschadigen.

Om motorschade te voorkomen, moet u deze motor regelmatig uitblazen of uitzuigen om ervoor te zorgen dat het stof van de kolomboor de normale motorventilatie niet hindert.

Voedingskabel.

Om schok of brandgevaar te voorkomen, moet u het netsnoer onmiddellijk vervangen als het versleten, doorges-neden of op een andere manier beschadigd is.

Smering.

Alle kogellagers zijn in de fabriek voorzien van olie. Er is geen verdere smering nodig.

Smeer periodiek de spieën - groeven - in de spil en de heugel.

Om de spieën te smeren, brengt u de naaf omlaag en spuit u vet in de spil vanaf de bovenkant van de schijf.

Breng de naaf enkele keren omhoog en omlaag. Om de heugel te smeren, brengt u de naaf omlaag en smeert u wat olie op het buitenoppervlak van de heugel. Breng de naaf enkele keren omhoog en omlaag.

⚠️ Elektrische aansluiting

De geïnstalleerde elektrische motor is volledig bedraad en klaar voor gebruik.

De verbinding van de klant met het stroomtoevoersysteem en alle verlengsnoeren die mogelijk worden gebruikt, moeten voldoen aan de lokale voorschriften.

Defecte elektrische aansluitkabels

Elektrische aansluitkabels krijgen vaak te maken met isolatieschade.

Mogelijke oorzaken zijn:

  • Drukpunten wanneer aansluitkabels door raam- of deuropeningen worden geleid.
  • Kinken die voortvloeien uit een onjuiste bevestiging of het verkeerd plaatsen van de aansluitkabel.
  • Sneden die worden veroorzaakt door overrijden van de aansluitkabel.
  • Isolatieschade die te wijten is aan het geforceerd uittrekken van de kabel uit het stopcontact.
  • Barsten door veroudering van de isolatie.

Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen niet worden gebruikt omdat de isolatieschade ze uiterst gevaarlijk maakt.

Controleer elektrische aansluitkabels regelmatig op schade. Controleer of de kabel is losgekoppeld van de netstroom bij de controle.

Elektrische aansluitkabels moeten voldoen aan de voorschriften die van toepassing zijn in uw land.

Eenfasige motor

  • De netspanning moet overeenkomen met de spanning die is opgegeven op het kenplaatje van de motor.
  • Kabels met een lengte tot 25 m moeten een doorsnede hebben van 1,5 mm ^a , en kabels van meer dan 25 m moeten een doorsnede van 2,5 mm ^a hebben.
  • De aansluiting op de netstroom moet worden beschermd met een langzaam werkende zekering van 16 A.

Belangrijke opmerking:

De motor wordt automatisch uitgeschakeld in het geval van overbelasting. De motor kan opnieuw worden ingeschakeld na een afkoelperiode die kan variëren.

Driefasige motor

  • De netstroom moet tussen 380 en 420 V / 50 Hz liggen.
  • De aansluiting op de netstroom en de aansluitkabel moeten vijf draden hebben (3 P + N + PE).
  • Verlengsnoeren moeten een doorsnede hebben van minstens 1,5 mm2.

Waarschuwing:

De kolomboor mag niet worden gebruikt in openlucht. De machine moet een aarding hebben om de gebruiker te beschermen tegen elektrische schokken.

Hulp probleemoplossing

WAARSCHUWING:

zet de schakelaar uit en trek altijd de stekker uit de stroombron voordat u de probleemoplossing uitvoert.

Probleem Probleem Oplossing
Naaf keert te langzaam of te snel terugDe veer heeft een verkeerde spanningStel de veerspanning af. Zie "Spilterugslagveer".
De klauwplaat blijft niet bevestigd aan de spil.Deze valt eraf wanneer u probeert te installeren.Vuil, vet of olie op het conische oppervlak binnen de klauwplaat of op het conische oppervlak van de spil.De conische oppervlakken van de klauwplaat en spil maakt u met huishoudelijk reinigingsmiddel schoon en hiermee verwijdert u al het vuil, het vet en de olie. Zie "De klauwplaat installeren".
Luide werking 1. Onjuiste riemspanning. 1. Stelde riemspanning nieuwe. Zie ook "de snelheid en de bandspanning selecteren."
2. Maak de spil droog. 2. Smeer de spil. Zie "Smering"
3. Maak de spilschijf los. 3. Controleer de dichtheid van de borgmoer op de schijf en span dit indien nodig aan.
4. Maak de motorschijf los. 4. Maak de borgpen vast in de motorschroef
Houtsplinters aan de onderzijde. Geen 'ondersteuningsmateriaal' achterwerkstuk.Gebruik "ondersteuningsmateriaal". Zie "De tafel en het werkstuk plaatsen".
Werkstuk losgetrokken uit de hand. Niet goed ono ersteund of vastgemaakt. Ondersteun het werkstuk of maak het vast. Zie "De tafel en het werkstuk plaatsen".
Boorkop blijft hangen. 1. Verkeerde snelheid. 1.Wijzig de snelheid. Zie "De snelheid en spanriem kiezen".
2. Spaanders komen niet uit opening. 2. Trek de boorkop frequent uit om splinters te verwijderen.
3. Stompe boorkop3. Scherp de boorkop.
4. Toevoer te traag4. Voer voldoende snel toe zodat de boorkop gaten kan boren.
Boor wijkt af... opening niet rond.1. Harde korrel in hout of lengte van snijrand en/of -hoek niet gelijk1. Scherp de boorkop opnieuw op de juiste manier.
2. Verbogen boorkop.2. Vervang de boorkop.
Boorkop loopt vast in werkstuk.1. Werkstuk knelt boorkop of overmatige toevoerdruk.1. Ondersteuning werkstuk vastmaken. Zie "De tafel en het werkstuk plaatsen".
2. Onjuiste riemspanning. 2. Stel de riemspanning af. Zie "De snelheid en spanriem kiezen".
Overmatige boorkopafwijking of wankele kop.1. Verbogen boorkop1. Gebruik een rechte boorkop.
2. Versleten kogellagers spil.2. Vervang de kogellagers.
3. Boor niet goed geïnstalleerd in klauw.3. Installeer de boorkop op de juiste manier. Zie "Boorkoppen installeren".
4. Klauwplaat niet goed geïnstalleerd.4. Installeer de klauwplaat op de juiste manier. Zie "De klauwplaat installeren".

dp 13
SCHEPPACH dp 13 - WAARSCHUWING: - 1

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : dp 13

Categorie : Boor