Herkules HSG 190D - Lasapparaat

HSG 190D - Lasapparaat Herkules - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HSG 190D Herkules in PDF-formaat.

📄 288 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Herkules HSG 190D - page 65
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Herkules

Model : HSG 190D

Categorie : Lasapparaat

Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HSG 190D - Herkules en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HSG 190D van het merk Herkules.

GEBRUIKSAANWIJZING HSG 190D Herkules

Gevaar! Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding / veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de in- formatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit toestel aan andere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding / veiligheidsins- tructies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de vei- ligheidsinstructies.

1. Veiligheidsaanwijzingen

De overeenkomstige veiligheidsinstructies vindt u in de bijgaande brochure. Gevaar! Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzin- gen. Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstruc- ties en aanwijzingen voor de toekomst.

2. Beschrijving van het gereedschap

2.1 Beschrijving van het gereedschap

2. Bedrijfsindicatie

3. Controlelampje thermobewaker

4. Afdekking van de behuizing

5. Legvlak voor gasfl essen

7. Lasstroomschakelaar

8. Aan/Uit-/spanningskeuzeschakelaar

16. Gastoevoeraansluiting

23. Aansluiting gasslang

27. Greep voor afdekking van de behuizing

29. Lasdraad-snelheidsregelaar

a. 16 x schroef voor loop-/stuurwielen b. 16 x snapring voor loop-/stuurwielen c. 16 x onderlegplaatje voor loop-/stuurwielen d. 2 x slangklem k. 1 x frame schutglas l. 1 x lasglas m. 1 x transparant schutglas n. 2 x bevestigingsbus schutglas o. 3 x moer voor handvat p. 3 x schroef voor handvat q. 2 x bevestigingspen schutglas r. 1 x handvat s. 1 x frame lasscherm

Gelieve de volledigheid van het artikel te contro- leren aan de hand van de beschreven omvang van de levering. Indien er onderdelen ontbreken, gelieve u dan binnen 5 werkdagen na aankoop van het artikel te wenden tot ons servicecenter of tot het verkooppunt waar u het apparaat heeft ge- kocht, en leg een geldig bewijs van aankoop voor. Gelieve daarvoor de garantietabel in de service- informatie aan het einde van de handleiding in acht te nemen.

Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpakking.

Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpakkings-/transportbeveiligingen (indien aanwezig).

Controleer het toestel en de accessoires op transportschade.

Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het verloop van de garantieperiode. Gevaar! Het toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mo- gen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen! Er bestaat inslik- en verstik- kingsgevaar! Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 65Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 65 12.08.2015 17:42:0112.08.2015 17:42:01NL

Veiligheidsinstructies

3. Reglementair gebruik

Het MIG/MAG lasapparaat is uitsluitend geschikt voor het lassen van staal in het MAG (metaal-ac- tief-gas) procedé met gebruik van de betreff ende lasdraden en gassen. De machine mag alleen worden gebruikt voor werkzaamheden waarvoor hij is bedoeld. Elk daarboven uitgaand gebruik is niet-doelmatig. Voor daaruit voortvloeiende schade of verwon- dingen van welke aard dan ook is de gebruiker/ bediener aansprakelijk, en niet de fabrikant. Belangrijke informatie over de stroomaans- luiting Het apparaat valt onder de klasse A van de norm EN 60974-10, d.w.z. het is niet voorzien voor het gebruik in woonruimtes waarin de stroomtoevoer gebeurt via een openbaar laagspannings-voe- dingssysteem, omdat het daar bij ongunstige net- verhoudingen storingen kan veroorzaken. Indien u het apparaat wilt inzetten in woonruimtes waarin de stroomtoevoer gebeurt via een openbaar laagspannings-voedingssysteem, dan is de inzet van een elektromagnetisch fi lter noodzakelijk, dat de elektromagnetische storingen in die mate reduceert, dat ze door de gebruiker niet meer als storend worden ervaren. In industriegebieden of andere omgevingen waa- rin de stroomtoevoer niet gebeurt via een open- baar laagspannings-voedingssysteem, kan het apparaat zonder de inzet van zo´n fi lter worden gebruikt. Algemene veiligheidsmaatregelen De gebruiker is er verantwoordelijk voor om het apparaat conform de opgaven van de fabrikant vakkundig te installeren en te gebruiken. Indien er elektromagnetische storingen zouden worden vastgesteld, dan is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker om deze aan de hand van de hierboven onder het punt „Belangrijke informatie over de stroomaansluiting“ genoemde technische hulpmiddelen te elimineren. Vermindering van emissies Hoofdstroomtoevoer Het apparaat moet conform de opgaven van de fabrikant worden aangesloten aan de hoofdstro- omtoevoer. Als er storingen optreden, dan kan het noodzakelijk zijn om aanvullende voorzorgsmaat- regelen te treff en, bijv. het aanbrengen van een fi lter aan de hoofdstroomtoevoer (zie hierboven onder het punt „Belangrijke informatie over de stroomaansluiting“). De laskabels moeten zo kort mogelijk worden gehouden. Pacemakers Personen die een elektronisch levensreddend apparaat (zoals bijv. pacemakers enz.) dragen, moeten navraag doen bij hun arts voordat ze zich in de buurt van lichtboog-, snij-, uitbrand- of puntlasinstallaties begeven, om te garanderen dat de magnetische velden in combinatie met de hoge elektrische stromen hun apparaten niet beïnvloeden. De garantieperiode bedraagt 12 maanden bij in- dustrieel gebruik, 24 maanden voor consumenten en begint met het moment van aankoop van het apparaat.

4. Symbolen en technische

gegevens EN 60974-1 Europese norm voor vlambooglasinrichtingen en lasstroombronnen met beperkte inschakelduur

1 max Hoogste netstroom ontwerpwaarde

Inschakelduur Netaansluiting Metaal-inert- en actief gaslassen inclusief het ge- bruik van vuldraad Symbool voor vallende karakteristiek Transformator Zekering met nominale waarde in ampère in de netaansluiting Berg het apparaat niet op of gebruik het niet in een vochtige of natte omgeving of in de regen. Vóór gebruik van het lasapparaat de handleiding zorgvuldig lezen en in acht nemen. Netaansluiting: .................... 230 V/400 V ~ 50 Hz Lasstroom: ........................25-160 A (max. 190 A) Inschakelduur X%: 10 15 25 35 60 100 Lasstroom I

5. Vóór inbedrijfstelling

(6/14) Loopwielen (6) en stuurwielen (14) monteren zo- als voorgesteld in de afbeeldingen 7, 9, 10, 11.

5.1.2 Montage van het lasscherm (17)

Lasglas (l) en daarboven transparant schut- glas (m) in het frame voor het schutglas (k) leggen (fig. 12).

Bevestigingspennen van het schutglas (q) buiten in de boringen in het frame van het las- scherm (s) drukken (fig. 13).

Frame voor het schutglas (k) met lasglas (l) en transparant schutglas (m) van binnen in de uitsparing in het frame aan het lasscherm (s) leggen, bevestigingsbussen van het schut- glas (n) op de bevestigingspen (q) drukken tot deze inklikken, om het frame voor het schutglas (k) te borgen. Het transparante schutglas (m) moet aan de buitenkant liggen (fig. 14).

Bovenkant van het frame van het lasscherm (s) naar binnen buigen (fig. 15/1.) en hoeken van de bovenkant inknikken (fig. 15/2.). Nu buitenkanten van het frame van het las- scherm (s) naar binnen buigen (fig. 15/3.) en deze verbinden door de hoeken van de bovenkant en de buitenkanten samen te druk- ken. Aan elke kant moeten bij het vergren- delen van de bevestigingspennen duidelijke inklikgeluiden te horen zijn (fig. 15/4.).

Als de beide bovenste hoeken van het las- scherm, zoals voorgesteld in figuur 16, zijn verbonden, de schroeven voor het handvat (p) van buiten door de 3 gaten in het las- scherm steken (fig. 17).

Lasscherm omdraaien en het handvat (r) via de schroefdraad van de 3 schroeven voor het handvat (p) leiden. Handvat (r) met de 3 moe- ren voor het handvat (o) vastschroeven aan het lasscherm (fig. 18). Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 67Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 67 12.08.2015 17:42:0112.08.2015 17:42:01NL

5.2 Gasaansluiting (fi g. 4-6, 19-25)

Bij het lassen met doorlopende draad is een gasmasker noodzakelijk, de samenstelling van het schermgas is afhankelijk van het gekozen lasprocedé: Schermgas CO2 Argon/CO2 Te lassen metaal: ongelegeerd staal

5.2.2 Gasfl es monteren op het apparaat (fi g.

19-25) Gasfl es is niet meegeleverd! Monteer de gasfl es zoals voorgesteld in de afbeeldingen 19 - 21. Let op de goede bevestiging van de borgketting (28) en zorg ervoor dat het lasapparaaat niet kan kantelen. Gevaar! Op het legvlak voor de gasfl essen (fi g. 19/5) mogen alleen fl essen tot maximaal 20 liter worden gemonteerd. Bij het gebruik van grotere gasfl essen bestaat kantelgevaar; deze mogen daarom alleen naast het apparaat worden op- gesteld. Als dit het geval is, dan moet de gasfl es voldoende tegen omkantelen worden beveiligd!

5.2.3 Aansluiting van de gasfl es

Na de beschermkap (fi g. 22/A) eraf te hebben genomen het ventiel van de fl es (fi g. 22/B) in een van het lichaam afgewende richting kort ope- nen. Aansluitschroefdraad (fi g. 22/C) eventueel met een droge doek, zonder daarbij ook maar enig reinigingsmiddel te gebruiken, reinigen van vervuilingen. Controleren of de afdichting aan de drukregelaar (19) voorhanden en in foutloze staat is. Drukregelaar (19) met de klok mee op de aansluitschroefdraad (fi g. 23/C) van de gasfl es schroeven (fi g. 23). De beide slangklemmen (d) over de schermgasslang (18) leiden. Scherm- gasslang (18) op de aansluiting voor de slang (23) aan de drukregelaar (19) en de gastoevoera- ansluiting (16) aan het lasapparaat steken en aan beide aansluitpunten borgen met de slangklem- men (d) (fi g. 24 - 25). Gevaar! Controleer de dichtheid van alle gasaansluitingen en verbindingen! Controleer de aansluitingen en verbindingspunten met lekspray of zeepwater.

5.2.4 Verklaring van de drukregelaar (fi g.

4/19) De manometer (31) geeft de druk van de fl es in bar aan. Aan de draaiknop (24) kan het gasdebiet worden ingesteld. Het ingestelde gasdebiet kan aan de manometer (20) in liter per minuut (l/min) worden afgelezen. Het gas treedt aan de aanslu- iting van de schermgasslang (23) uit en wordt via de slang (fi g. 3/18) verder getransporteerd naar het lasapparaat (zie 5.2.3). Aanwijzing! Ga voor het instellen van het gas- debiet altijd te werk zoals beschreven onder punt

De drukregelaar wordt met behulp van de schro- efverbinding (21) gemonteerd aan de gasfl es (zie

Gevaar! Ingrepen en reparaties aan de drukrege- laar mogen alleen worden uitgevoerd door vak- personeel. Stuur defecte drukregelaars eventueel aan het serviceadres.

Controleer of de gegevens vermeld op het kenplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroomnet, alvorens het apparaat aan te sluiten.

Het apparaat mag alleen aan zoals voorge- schreven geaarde en beveiligde contactdo- zen worden ingezet Gelieve de volgende instructies in acht te nemen om het gevaar van brand, een elektrische schok of verwondingen van personen te vermijden:

Gebruik het apparaat nooit met 400 V nomi- nale spanning, als het is ingesteld op 230 V. Voorzichtig: brandgevaar!

Isoleer het apparaat van de stroomtoevoer, voordat u de nominale spanning instelt.

Het verstellen van de nominale spanning tijdens het bedrijf van het lasapparaat is ver- boden.

Controleer vóór de inzet van het lasapparaat of de ingestelde nominale spanning van het apparaat overeenstemt met de stroombron. Opmerking: Het lasapparaat is uitgerust met een 400V~ 16 ACeCon stekker. Indien u het lasapparaat wilt inzetten met 230 V~, dan moet de meegeleverde adapterkabel nr. 30 worden gebruikt. Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 68Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 68 12.08.2015 17:42:0112.08.2015 17:42:01NL

5.4 Montage van de draadspoel (fi g. 1, 5, 6,

26-34) Draadspoel is niet meegeleverd!

5.4.1 Soorten draden

Al naargelang de toepassing zijn verschillende lasdraden nodig. Het lasapparaat kan worden ingezet met lasdraden met een diameter van 0,6, 0,8 en 1,0 mm. De bijhorende aanzetrollen en contactbuizen zijn bij het apparaat gevoegd. Aanzetrol, contactbuis en draaddiameter moeten altijd bij elkaar passen.

5.4.2 Capaciteit van de draadspoel

In het apparaat kunnen draadspoelen tot maxi- maal 5kg worden gemonteerd.

5.4.3 Onderhoud van de draadspoel

Afdekking van de behuizing (fig. 2/4) openen; daarvoor de greep aan de afdekking (fig. 2/27) naar achter schuiven en de afdekking (fig. 2/4) openklappen.

Controleer of de wikkelingen op de spoel elkaar niet overlappen, om te garanderen dat de draad gelijkmatig wordt afgewikkeld. Beschrijving van de draadgeleidingseenheid (fi g. 26-27) A Spoelarrêt B Spoelhouder C Meenemerpen D Afstelschroef voor rolrem E Schroeven voor houder van de aanzetrol F Houder van de aanzetrol G Aanzetrol H Drager van het slangpakket I Drukrol J Drukrolhouder K Drukrolveer L Afstelschroef voor tegendruk M Geleidebuis N Draadspoel O Meeneemopening van de draadspoel Erin zetten van de draadspoel (fi g. 26, 27) Draadspoel (N) op de spoelhouder (B) leggen. Erop letten dat het uiteinde van de lasdraad aan de kant van de draadgeleiding wordt afgewikkeld, zie pijl. Ervoor zorgen dat het spoelarrêt (A) wordt ingedrukt en dat de meenemerpen (C) in de mee- neemopening van de draadspoel (O) zit. Het spoelarrêt (A) moet weer boven de draadspo- el (N) inklikken (fi g. 27). Erin leiden van de lasdraad en afstellen van de draadgeleiding (fi g. 28-34)

Drukrolveer (K) naar boven drukken en naar voor zwenken (fig. 28).

Drukrolhouder (J) met drukrol (I) en drukrol- veer (K) naar beneden klappen (fig. 29).

Schroeven voor aanzetrolhouder (E) losdraai- en en aanzetrolhouder (F) naar boven eraf trekken (fig. 30).

Aanzetrol (G) controleren. Aan de bovenste kant van de aanzetrol (G) moet de juiste dikte van de draad zijn aangegeven. De aanzetrol (G) is uitgerust met 2 geleidegroeven. Aan- zetrol (G) eventueel omdraaien of vervangen (fig. 31).

Aanzetrolhouder (F) weer erop zetten en vastschroeven.

Gasbek (fig. 5/12) door hem naar rechts te draaien van de brander (fig. 5/13) aftrekken, contactbuis (fig. 6/26) eraf schroeven (fig.

5 - 6). Slangpakket (fig. 1/11) zo recht moge-

lijk van het lasapparaat wegleiden en op de grond leggen.

De eerste 10 cm van de lasdraad zo afsnij- den, dat er een rechte snede zonder uitsteek- sels, kromtrekking en vervuilingen ontstaat. Einde van de lasdraad ontbramen.

Lasdraad door de geleidebuis (M), tussen druk- een aanzetrol (G/I) heen in de drager van het slangpakket (H) schuiven (fig. 32). Lasdraad voorzichtig met de hand zo ver in het slangpakket schuiven, tot hij aan de bran- der (fig. 5/13) ca. 1 cm uitsteekt.

Afstelschroef voor tegendruk (L) enkele om- draaiingen losdraaien (fig. 34).

Drukrolhouder (J) met drukrol (I) en druk- rolveer (K) weer naar boven klappen en de drukrolveer (K) weer inhangen aan de afstel- schroef voor tegendruk (L) (fig. 33).

Afstelschroef voor tegendruk (L) nu zo instel- len, dat de lasdraad vast tussen drukrol (I) en aanzetrol (G) zit zonder bekneld te raken (fig. 34).

Passende contactbuis (fig. 6/26) voor de gebruikte lasdraaddiameter op de brander (fig. 5/13) schroeven en het gasmondstuk (fig. 5/12) door het naar rechts te draaien erop steken.

Afstelschroef voor rolrem (D) zo instellen, dat de draad nog altijd kan worden geleid en de rol na afremmen van de draadgeleiding auto- matisch stopt. Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 69Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 69 12.08.2015 17:42:0112.08.2015 17:42:01NL

Aangezien de instelling van het lasapparaat al naargelang de toepassing verschillend gebeurt, raden wij aan om de instellingen uit te voeren aan de hand van een proefl as.

6.1.1 Instellen van de lasstroom

De lasstroom kan in 6 trappen worden ingesteld aan de lasstroomschakelaar (fi g. 1/7). De vereiste lasstroom is afhankelijk van de dikte van het ma- teriaal, de gewenste inbranddiepte en de gebruik- te lasdraaddiameter.

6.1.2 Instellen van de snelheid van de draa-

daanzet De snelheid van de draadaanzet wordt automa- tisch aangepast aan de gebruikte stroominstel- ling. Een fi jninstelling van de snelheid van de draadaanzet kan traploos worden uitgevoerd aan de snelheidsregelaar voor de lasdraad (fi g. 1/29). Het valt aan te bevelen om bij de instelling in trap 5, die een gemiddelde waarde vormt, te beginnen en eventueel bij te regelen. De vereiste hoeveelheid draad is afhankelijk van de dikte van het materiaal, de inbranddiepte, de gebruikte lasdraaddiameter, en ook van de grootte van te overbruggen afstanden van de aaneen te lassen werkstukken.

6.1.3 Instellen van het gasdebiet

Het gasdebiet kan traploos worden ingesteld een de drukregelaar (fi g. 4/19). Het wordt aan de manometer (fi g. 4/20) aangegeven in liter per minuut (l/min). Aanbevolen gasdebiet in tochtvrije ruimtes: 5 – 15 l/min. Om het gasdebiet in te stellen eerst de druk- rolveer (fi g. 26/K) van de draadaanzeteenheid losmaken, om onnodige slijtage van de draad te vermijden (zie 5.4.3). Netaansluiting maken (zie punt 5.3) en Aan/Uit-/spanningskeuzeschakelaar (fi g. 1/8) dienovereenkomstig instellen. Lasstro- omschakelaar (fi g. 1/7; 8) op niveau 1; 230 V/400 V zetten en branderschakelaar (fi g. 5/25) active- ren om de gasstroming vrij te geven. Nu aan de drukregelaar (fi g. 4/19) het gewenste gasdebiet instellen. Naar links draaien van de draaiknop (fi g. 4/24): lager gasdebiet Naar rechts draaien van de draaiknop (fi g. 4/24): hoger gasdebiet Drukrolveer (fi g. 26/K) van de draadaanzeteen- heid weer vastklemmen.

6.2 Elektrische aansluiting

6.2.2 Aansluiting van de massaklem (fi g.

1/10) Massaklem (10) van het apparaat zo dicht mo- gelijk in de buurt van de plaats waar wordt gelast aanklemmen. Op metalen blanke overgang aan het contactvlak letten.

Als alle elektrische aansluitingen voor stroom- toevoer en lasstroomkring en de schermgasaans- luiting zijn uitgevoerd, dan kan men als volgt te werk gaan: De te lassen werkstukken moeten in de buurt van de las vrij zijn van verf, metalen coatings, vuil, roest, vet en vocht. Stel de lasstroom, draadaanzet en het gasdebiet (zie 6.1.1 – 6.1.3) juist in. Houd het lasscherm (fi g. 3/17) voor het gezicht en leid de gasbek naar de plaats van het werkstuk, waar gelast moet worden. Activeer nu de brander- schakelaar (fi g. 5/25). Als de lichtboog brandt, dan transporteert het ap- paraat draad naar het lasbad. Als de laslens groot genoeg is, dan wordt de brander langzaam langs de gewenste rand geleid. Eventueel licht pende- len om het lasbad iets te vergroten. De ideale instelling van lasstroom, snelheid van de draadaanzet en gasdebiet vaststellen aan de hand van een proefl as. In het ideale geval valt er een gelijkmatig lasgeluid te horen. De inbrand- diepte moet zo diep mogelijk zijn, het lasbad mag echter niet door het werkstuk heen vallen.

Het lasapparaat is voorzien van een beveiliging tegen oververhitting, die de lastransformator beschermt tegen oververhitting. Mocht de over- verhittingsbeveiliging reageren, dan gaat het con- trolelampje (3) op uw apparaat branden. Laat het lasapparaat dan enige tijd afkoelen. Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 70Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 70 12.08.2015 17:42:0112.08.2015 17:42:01NL

7. Vervanging van de

netaansluitleiding Gevaar! Als de netaansluitleiding van dit apparaat be- schadigd wordt, dan moet hij door de fabrikant of diens klantendienst of door een gelijkwaardig gekwalifi ceerde persoon vervangen worden, om gevaren te vermijden.

8. Reiniging, onderhoud en

bestellen van wisselstukken Gevaar! Trek vóór alle schoonmaakwerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact.

Hou de veiligheidsinrichtingen, de ventila- tiespleten en het motorhuis zo veel mogelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het toestel met een schone doek af of blaas het met perslucht bij lage druk schoon.

Het is aan te bevelen het toestel direct na elk gebruik te reinigen.

Reinig het toestel regelmatig met een vochti- ge doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zouden de kunststofcomponenten van het toestel kun- nen aantasten. Let er goed op dat geen water in het toestel terechtkomt. Door binnendrin- gen van water in een elektrische apparatuur verhoogt het risico van een elektrische schok.

In het toestel zijn er geen andere te onderhouden onderdelen.

8.3 Bestellen van wisselstukken:

Gelieve bij het bestellen van wisselstukken vol- gende gegevens te vermelden:

Type van het toestel

Artikelnummer van het toestel

Ident-nummer van het toestel

Wisselstuknummer van het benodigd stuk Actuele prijzen en info vindt u terug onder www.isc-gmbh.info

9. Verwijdering en recyclage

Het toestel bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan naar de grondstofkringloop worden teruggevo- erd. Het toestel en zijn accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof. Defecte toestellen horen niet thuis in het huisvuil. Om zich van het toestel naar behoren te ontdoen dient het naar een geschikte verzamelplaats te worden gebracht. Als u geen verzamelplaats kent gelieve u dan bij de gemeente te informeren.

Bewaar het toestel en de accessoires op een donkere, droge en vorstvrije plaats die voor kinderen ontoegankelijk is. De optimale opberg- temperatuur ligt tussen 5° C en 30° C. Bewaar het elektrische gereedschap in de originele ver- pakking. Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 71Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 71 12.08.2015 17:42:0112.08.2015 17:42:01NL

Fout Oorzaak Oplossing Aanzetrol draait niet - Netspanning ontbreekt - Regelaar draadaanzet op 0 - Aansluiting controleren - Instelling controleren Aanzetrol draait, maar geen draadt- oevoer - Slechte roldruk (zie 5.4.3) - Rolrem te vast ingesteld (zie 5.4.3) - Vervuilde / beschadigde aanzetrol (zie 5.4.3) - Beschadigd slangpakket - Contactbuis verkeerde grootte / vervuild / versleten (zie 5.4.3) - Lasdraad aan gasbek/contactbuis vastgelast - Instelling controleren - Instelling controleren - Reinigen resp. vervangen - Mantel van de draadgeleiding cont- roleren - Reinigen / vervangen - Losmaken Apparaat functio- neert na langer bedrijf niet meer, controlelampje thermobewaker (3) brandt - Apparaat is door te lang gebruik resp. niet-naleving van de terugstel- tijd oververhit geraakt - Apparaat minstens 20-30 minuten laten afkoelen Zeer slechte las- naad - Verkeerde stroom-/aanzetinstelling (zie 6.1.1/6.1.2) - Geen / te weinig gas (zie 6.1.3) - Instelling controleren - Instelling controleren resp. vuldruk van de gasfl es controleren Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 72Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 72 12.08.2015 17:42:0212.08.2015 17:42:02NL

Enkel voor EU-landen Elektrisch gereedschap hoort niet bij het huisvuil thuis! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG op afgedankte elektrische en elektronische toestellen en omzetting in nationaal recht dienen afgedankte elektrische gereedschappen afzonderlijk te worden ver- zameld en milieuvriendelijk te worden gerecycleerd. Recyclagealternatief i.p.v. het toestel terug te sturen: De eigenaar van het elektrische toestel is alternatief verplicht, i.p.v. het toestel terug te sturen, mede te werken bij de behoorlijke recyclage in geval hij zich van het eigendom ontdoet. Het afgedankte toestel kan hiervoor ook bij een verzamelplaats worden afgegeven die voor een verwijdering als bedoeld in de wetgeving in zake recyclage en afvalverwerking zorgt. Hieronder vallen niet bij de afgedankte toestellen gevoegde accessoires en hulpmiddelen zonder elektrische componenten. Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of ge- deeltelijk, enkel toegestaan mits uitdrukkelijke toestemming van iSC GmbH. Technische wijzigingen voorbehouden Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 73Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 73 12.08.2015 17:42:0212.08.2015 17:42:02NL

Service-informatie Wij werken in alle landen die in het garantiebewijs zijn genoemd, samen met competente servicepart- ners, wier contactgegevens u kunt afl eiden uit het garantiebewijs. Deze staan voor alle diensten zoals reparatie, het verschaff en van wisselstukken of slijtdelen of voor de aankoop van verbruiksmaterialen te uwer beschikking. U moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen. Categorie Voorbeeld Slijtstukken* Aanvoerrol, draadkern, massaklem Verbruiksmateriaal/verbruiksstukken* Lasdraad, straalpijpen, contactbuis Ontbrekende onderdelen

  • niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen! Bij gebreken of defecten verzoeken wij u om de fout te melden op het internet onder www.isc-gmbh.info. Gelieve te zorgen voor een nauwkeurige beschrijving van de fout en daarbij in elk geval de volgende vragen te beantwoorden:

Heeft het toestel reeds eenmaal gewerkt of was het vanaf het begin defect?

Is u iets opgevallen voordat het defect zich voordeed (symptoom vóór het defect)?

Welke foutieve werkwijze vertoont het toestel volgens u (hoofdsymptoom)? Beschrijf deze foutieve werkwijze. Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 74Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 74 12.08.2015 17:42:0212.08.2015 17:42:02NL

Garantiebewijs Geachte klant, onze producten worden onderworpen aan een strenge kwaliteitscontrole. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren werken, spijt het ons ten zeerste en verzoeken wij u zich te wenden tot onze service- dienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs, of tot het verkooppunt waar u het toestel heeft gekocht. Voor eisen in verband met het recht garantie geldt het volgende:

1. Deze garantievoorwaarden regelen aanvullende garantieprestaties, die de hieronder genoemde

fabrikant kopers van zijn nieuwe apparaten toezegt in aanvulling tot de wettelijke garantie. Uw wette- lijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor u gratis.

2. De garantieprestatie geldt uitsluitend voor gebreken aan een door u aangekocht nieuw apparaat

van de hieronder genoemde fabrikant die aantoonbaar berusten op een materiaal- of productiefout, en is naar onze keuze beperkt tot het verhelpen van zulke gebreken aan het apparaat of de vervan- ging ervan. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor com- mercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Van een garantiecontract is derhalve geen sprake, als het apparaat binnen de garantieperiode in commerciële, ambachtelijke of industriële bedrijven werd ingezet of aan een daarmee gelijk te stellen belasting werd blootgesteld.

3. Van onze garantie zijn uitgesloten:

- Schade aan het apparaat als gevolg van niet-inachtneming van de montagehandleiding of op grond van ondeskundige installatie, als gevolg van niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing (zoals bijv. door aansluiting aan een verkeerde netspanning of stroomsoort) of niet-inachtneming van de onderhouds- en veiligheidsvoorschriften, door blootstelling van het apparaat aan abnormale omgevingsvoorwaarden of door nalatig onderhoud en verzorging. - Schade aan het apparaat als gevolg van misbruik of ondeskundige toepassingen (zoals bijv. over- belasting van het apparaat of de inzet van niet toegelaten gereedschappen of toebehoren), binnen- dringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals bijv. zand, stenen of stof, transportschade), gebruik van geweld of als gevolg van externe invloeden (zoals bijv. schade door vallen). - Schade aan het apparaat of aan delen van het apparaat die valt te herleiden tot slijtage als gevolg van gebruik, en als gevolg van normale of andere natuurlijke slijtage.

4. De garantieperiode bedraagt 60 maanden en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat.

Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vast- stellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het indienen van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt niet tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.

5. Gelieve om een garantieclaim geldend te maken het defecte apparaat aan te melden onder: www.

isc-gmbh.info. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie, dan bezorgen wij u per omgaande een hersteld of nieuw apparaat terug. Voor slijtstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen wordt verwezen naar de beperkingen van deze garantie conform de service-informatie van deze handleiding. Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 75Anl_HSG_190_D_SPK7.indb 75 12.08.2015 17:42:0212.08.2015 17:42:02PL