GD40TCS - Zaag GREENWORKS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GD40TCS GREENWORKS in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GD40TCS - GREENWORKS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GD40TCS van het merk GREENWORKS.
GEBRUIKSAANWIJZING GD40TCS GREENWORKS
OPMERKING BIJ DE SPECIFICATIES: De opgegeven trillingswearde is geme- ten volgens een standaardtestmethode en wordt gebruikt om de ene machine met de andere te vergelijken. De opgegeven trillingswearde wordt gebruikt als voorlopige evaluatie van de trillingsblootstelling. WAARSCHUWING De eigenlijke trillingswaarden tijdens het gebruik van het gereedschap kun- nen van bovenstaande waarden ver- schillen en hangen af van het gebruik van de machine; en van de noodzaak om veiligheidsmaatregelen te identice- ren om de gebruiker te beschermen die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling in de huidige gebruiksom- standigheden (rekening houdend met alle delen van de bedieningscyclus, zoals de momenten waarop de machine wordt uitgeschakeld en wanneer het stationair draait aanvullend op de acceleratietijd).
Fabrikant kettingzaag Ketting- geleider Oregon 25AP058X 100SDAA041 Een Oregon ketting moet met een Or- egon zwaard zijn uitgerust. BESCHRIJVING
1. Deksel kettinggeleider
2. Bescherming voorste handgreep /ket-
5. Aan/Uit-schakelaar
WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwin- gen en instructies. Wanneer u niet alle waarschuwingen en instructies volgt, kan dit leiden tot elektrische schok, brand en/ of ernstige verwondingen. Bewaar alle waarschuwingen en instruc- ties voor later gebruik. WAARSCHUWING
- Houd de stroomtoevoer- en verleng- snoeren ver weg van de maaimid- delen.
- De beginnende gebruiker moet als oefening eerst hout zagen op een zaagbok om een minimale ervaring op te doen. PRODUCTSPECIFICATIES Maximale spanning 40V DC Maximale onbelaste snelheid
Lengte ketting- geleider 254 mm Kettingstop < 0.15 s Capaciteit kettingolietank 120 ml Gewicht zonder batterijpack
Onzekerheid K 1.5 m/s 2Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
13. Aanspanmoeren van het kettingwield-
14. Aandrijfwieldeksel
15. Afstelschroef kettingspanner
16. Bout voor kettingzaagspanning
26. Richting van de val
30. Snede aan de onderkant
31. Houd het werk af van de grond en houd
steunbenen tot de tak is gesneden.
32. Tak wordt over de hele lengte onder-
33. Zaag van bovenaf (overstuk) en ver-
mijd om in de grond te zagen
34. Tak aan een uiteinde ondersteund.
37. Tak aan beide uiteinden ondersteund.
38. Een tak in stukken zagen
39. Sta aan de bovenzijde van de helling
wanneer u zaag want de tak kan naar beneden rollen MONTAGE Deze kettingzaag vereist geen montage, maar de gebruiker moet weten hoe het zwaard en de zaagketting worden gemonteerd. Contro-leer voor elk gebruik ook de kettingspanning en voeg olie toe zoals in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven.
ZWAARD EN ZAAGKETTING MONTER-
EN Zie afbeelding 2-7. Let op dat u het accupack van het toestel heeft verwijderd. draag beschermende kleding. Schroef de aanspanmoeren van het kettingwieldeksel en verwijder het kettingwieldeksel. De zaagketting moet in de richting van de kettingrotatie wijzen. Indien deze andersom wijst,draait u de ketting om. Plaats de kettingschakels in de groeven van het zwaard. Plaats de ketting zo dat er achteraan het zwaard een lus is. Houd de ketting op zijn plaats op het zwaard en plaats de lus rond de omkeerster en zorg ervoor dat deze juist wordt gemonteerd Zorg ervoor dat de geleideropening goed met de bouten past voor de kettingzaagspanning. Plaats het kettingwieldeksel terug, draai de afstelbout van de kettingspanning in de richting van de wijzers van de klok tot de kettingzaagmachine correct is aangespannen. Het zwaard moet dan omhoog worden geduwd, de kettingspanning opnieuw gecontroleerd, span de ketting niet te strak aan. Nadat de ketting goed is aangespannen, spant u de moeren opnieuw aan. Opmerking: de zaagketting is voldoende aangespannen als het midden van de zaag 3 tot 4 mm van de bovenste rand kan wor- den opgetild. Wanneer u de zaag opnieuwNederlands (Vertaling van de originele instructies)
start met een nieuwe zaagketting, laat deze dan 2 à 3 minuten draaien. WAARSCHUWING Na de inlooptijd controleert u de ketting- span-ning opnieuw en spant u indien no- dig de ketting weer aan. WERKING Voor volledige oplaadinstructies, verwij- zen wij naar de gebruiksaanwijzing voor uw accupack en oplaadmodellen. OPMERKING: Om ernstige letsels te vermijden,verwijdert u het accupack en houd u de handen weg van de vergrendelknop wanneer u het werktuig draagt of transporteert.
KETTINGSPANNING CONTROLEREN Trek de ketting in het midden onderaan het zwaard weg van het zwaard. De opening tussen de zaag in de ketting en het zwaard moet tussen de 3 en 4 mm bedragen. Als u de kettingspanning moet aanspannen, raadpleeg dan het hoofdstuk “KETTINGSPANNING AFSTELLEN” verder in deze gebruiksaanwijzing. ACCUPACK INSTALLEREN Zie afbeelding 2. Lijn het batterijpack af met het batterij- compartiment op de kettingzaag. Neem de kettingzaag stevig vast. Druk het batterijpack in het batterijcom- partiment tot de sluiting op zijn plaats vastklikt. U hoort een “klik” wanneer de batterij is geinstalleerd. ACCUPACK VERWIJDEREN Zie afbeelding 2. Druk op de batterijontgrendelknop op de kettingzaag. Neem de kettingzaag stevig vast en trek het batterijpack uit het handvat. KETTINGOLIE CONTROLEREN Zie afbeelding 1. Controleer de hoeveelheid olie in de kettingzaag door de oliepeilmeter af te lezen. Indien het oliepeil zich binnen het laatste derde van de oliepeilmeter bevindt, volgt u de stappen in het hoofdstuk “KETTING EN ZWAARD SMEREN” in deze gebruiksaanwijzing. WAARSCHUWING Controleer elke keer de kettingspanning voor u de zaag gebruikt. WAARSCHUWING Werk nooit met de kettingzaag zonder voldoende kettingolie aangezien dit de machine kan beschadigen en een gevaar is voor de veiligheid. Controleer het kettingoli-epeil voor elk gebruik! Om terugslag te vermijden, volgt u deze veiligheidsrichtlijnen: Zaag nooit met de top van het zwaard! Wees voorzichtig wanneer u verder zaagt in een snede die u al voordien maakte! Start altijd te zagen met een kettingzaag die al draait. Zorg ervoor dat de zaagketting altijd goed is geslepen. Zaag nooit door meer dan één tak tegelijk! Wanneer u takken snoeit, wees dan voorzichtig en raak geen andere takken. Wanneer u kortzaagt, let er dan op dat de stammen erg dicht bij elkaar staan. Gebruik indien mogelijk een zaagtafel.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
KETTINGZAAG GEBRUIKEN Zorg er steeds voor dat u stevig op de grond staat en de kettingzaag met beide handen stevig vast heeft terwijl de motor draait. .
VAN EEN BOOM Zie afbeelding 9 BOMEN VELLEN Wanneer u met twee of meer personen tegelijkertijd zaagt en velt, moet het vellen op een andere plaats gebeuren dan het zagen en moet de afstand tenminste twee keer de hoogte van de te vellen boom be- dragen. Bomen mogen niet worden geveld wanneer iemand in gevaar wordt gebracht, een leiding kan worden geraakt of ma- teriële schade kan worden veroorzaakt. Als de boom met een stroomleiding in aanrak- ing komt, breng dan de energiemaatschap- pij onmiddellijk hiervan op de hoogte. Stel u als bediener van de ket- tingzaag op een helling,boven de te vellen boom op, omdat de boom na de val waarschi- jnlijk bergaf zal rollen of glijden.Voor het vel- len dient een vluchtweg te worden gepland en wanneer nodig vrijgemaakt te worden. De vluchtweg dient van de te verwachten val- lijn schuin naar achteren weg te leiden, zoals getoond. Houd voor het vellen rekening met de natuurlijke helling van de boom, de plaats van grote takken en de windrichting om de valrichting van de boom te kunnen beoordel- en. Verwijder vuil, stenen, losse schors, spijk- ers, nieten en draad van de boom.
TE BEPALEN) Zie afbeelding 10 Zaag haaks op de valrichting een kerf met een diepte van 1/3 van de boomdiameter. Zaag eerst de onderste horizontale inkeping. Hierdoor voorkomt u het vastklemmen van de kettingzaag of van het zwaard bij het zagen van de tweede inkeping. KETTINGZAAG VASTHOUDEN Zie afbeelding 8 Houd beide handvatten vast zodat duimen en vingers rond de handvatten grijpen. Zorg ervoor dat uw linkerhand het voorste handvat vasthoudt zodat uw duim zich onderaan bevindt.
VOORBEREIDINGEN VOOR GEBRUIK
Voor u begint te werken, moet u het accupack in de machine installeren. Start de machine: druk de inschakel- beveiliging in en druk dan op de aan-/ uitschakelaar.
HET GEBRUIK STOPZETTEN
Laat de aan/uit-schakelaar los om de kettingzaag te stoppen.
DE KETTINGREM GEBRUIKEN
Zie afbeelding 22 Controleer voor gebruik altijd de werking van de kettingrem Schakel de kettingrem in door uw linkerhand rond de voorste handgreep te draaien, waardoor de achterzijde van uw hand de hendel/handbescherming van de kettingrem naar de balk duwt terwijl de ketting snel ronddraait. Zorg ervoor dat u beide handen altijd op de zaaghandgrepen heeft. Reset de kettingrem weer naar de RUN-stand door de bovenzijde van de remhendel/handbescherming van de ketting vast te pakken en in de richting van de voorste handgreep te trekken. WAARSCHUWING Als de kettingrem de ketting niet onmid- dellijk stopt of als de kettingrem niet in de RUN-stand blijft zonder hulp,dient u de zaag voor gebruik naar een erkend onderhoudsservice te brengen ter repa- ratie.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
EERSTE INKEPING) Zie afbeelding 10 Zaag de inkeping voor het vellen van de boom minstens 50 mm boven de horizon- tale inkeping. Zaag de inkeping voor het vellen van de boom parallel met de hori- zontale inkeping. Zaag de inkeping slechts zo diep in dat er voldoende hout is om als scharnier te werken. Het verbindingsstuk verhindert dat de boom draait en in de verkeerde richting valt. Zaag het verbind- ingsstuk niet door. Als de inkeping voor het vellen van de boom in de buurt van het verbindingsstuk komt, moet de boom be- ginnen te vallen. Als het erop lijkt dat de boom misschien niet in de gewenste richting valt of terug- buigt en de zaagketting vastklemt, onder- breekt u het zagen van de inkeping voor het vellen van de boom en gebruikt u een spie van hout, kunststof of aluminium om de inkeping te openen en om de boom in de gewenste valrichting te doen omslaan. Als de boom begint te vallen, verwijdert u de kettingzaag uit de inkeping, schakelt u de zaag uit, legt u deze neer en verlaat u het gevarenbereik via de geplande vluch- troute. Let op voor naar beneden vallende takken en struikel niet.
TAKKEN VAN EEN GEVELDE BOOM AF-
ZAGEN Zie afbeelding 11 Wanneer u de takken van een gevelde boom afzaagt,laat u grote, naar beneden gerichte takken eerst nog staan om steun te geven aan de stam die van de grond wordt afgehouden. Zaag kleine takken in één keer af.Zaag onder spanning staande takken van onderen naar boven om vastkl- emmen van de kettingzaag te voorkomen.
BOOMSTAM IN STUKKEN ZAGEN
Zie afbeelding 12 - 15 Het is belangrijk dat u stevig staat en uw lichaamsgewicht gelijkmatig over beide voeten verdeelt.Haal indien mogelijk de stam van de grond af en ondersteun deze met takken, stammen of spieën. Volg deze eenvoudige richtlijnen om ge- mak-kelijk te kunnen zagen: Als de boomstam over de gehele lengte wordt ondersteund, zaagt u vanaf de bovenkant. Als de boomstam aan één kant wordt ondersteund,zaag dan 1/3 van de boomdiameter van onderaf.Maak dan een laatste inkeping door van bovenaf te zagen tot in de eerste inkeping. Als de boomstam aan twee kanten wordt ondersteund, zaagt u 1/3 van de boomdiameter van bovenaf en zaagt u tot slot het laatste 2/3 van onderaf tot in de eerste inkeping. Ga bij zaagwerkzaamheden op een helling altijd hoger dan de boomstam staan. Verminder de aandrukkracht wanneer de stam bijna is doorgezaagd en blijf de handgrepen van de kettingzaag stevig vasthouden om volledige controle te behouden. Laat de ketting de grond niet raken. Nadat u het zagen heeft voltooid, wacht u tot de zaagketting tot stilstand is gekomen voor u de kettingzaag beweegt. Schakel de motor altijd uit voordat u naar een andere boom gaat. ONDERHOUD WAARSCHUWING Verwijder het accupack altijd uit de machine voor u de kettingspanning controleert of de ketting afstelt. Draag beschermhandschoe-nen terwijl u de ketting, het zwaard of plaa sen rond de ketting aanraakt. KETTINGSPANNING AFSTELLEN Zie afbeelding 2-7 Maak de aanspanmoeren van het kettingdeksel met de meegeleverde sleutel los. De aanspanmoeren van het kettingdeksel moeten niet volledig worden verwijderd om de kettingspanning af te stellen.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
Draai de kettingafstelschroef in de richting van de wijzers van de klok om de kettingspaning te verhogen en tegen de richting van de wijzers van de klok om de kettingsspanning te verlagen. Als de gewenste kettingspanning is ingesteld, spant u de aanspanmoeren van het kettingdeksel opnieuw aan.
ZWAARD EN KETTING VERVANGEN
Zie afbeelding 3-7 Verwijder de batterij uit de kettingzaag. Verwijder de vergrendelmoer van het kettingdeksel van het kettingdeksel door het met de sleutel tegen de richting van de wijzers van de klok te draaien. Verwijder het kettingdeksel van het montage -oppervlak. Het zwaard en de ketting kunnen nu worden verwijderd door ze weg van de behuizing van de kettingzaag te kantelen en de ketting van het kettingwiel los te maken. Verwijder de oude ketting van het zwaard. Plaats de nieuwe kettingzaag in een lus en verwijder mogelijke kinken. De snijelementen moeten in de richting van de kettingrotatie wijzen. Als ze achterwaarts wijzen,draait u de lus om. Plaats de kettingdrijfstangen in de zwaardgroef. Plaats de ketting zo dat er een lus is aan de achterkant van het zwaard. Houd de ketting op zijn plaats op het zwaard en plaats de lus rond het kettingwiel.Plaats het kettingdeksel terug.Plaats het zwaard losjes tegen het montage-oppervlak zodat de zwaardspijkers zich in de lange gleuf van het zwaard bevinden. Zorg ervoor dat de ketting over het kettingwiel is getild. Plaats het kettingdeksel terug. Verwijder alle speling van de ketting door de kettingafstelschroef in de richting van de wijzers van de klok te draaien tot de ketting strak tegen het zwaard zit met de drijfstangen in de zwaardgroef. Hef de tip vab het zwaard op om te controleren of er nog speling is. Laat de tip van het zwaard los en draai de kettingafstelschroef een halve draai in de richting van de wijzers van de klok. Herhaal dit proces tot er geen speling meer is. Houd de tip van het zwaard omhoog en span de aanspanmoeren van het kettingdeksel aan door ze met de sleutel aan te draaien. De ketting is correct aangespannen wanneer er geen speling aan de onderkant van het zwaard bestaat, de ketting strak zit maar met de hand kan worden gedraaid zonder dat deze vast raakt.
OLIE AAN KETTING EN ZWAARD
AANB-RENGEN Schroef het deksel los en verwijder het van de olietank. Giet olie in het oliereservoir en controleer de oliepeilmeter. Zorg ervoor dat er geen vuil in het oliereservoir terecht komt terwijl u met olie vult. Plaats de oliedop terug en draai deze vast. Met een volle olietank kunt u 20-40 minuten werken. KETTINGZAAG VERVOEREN Voor u de kettingzaag vervoert, moet u al- tijd de stekker uit het stopcontact trekken en de kettinghoes over zwaard en ketting plaatsen. Als verschillende zaagwerkzaam- heden met de kettingzaag moeten worden uitgevoerd, moet de machine tussen de werkzaamheden worden uitgeschakeld. ZWAARDSCHEDE Zie afbeelding 1 De zwaardschede moet op de ketting en het zwaard worden geplaatst als de zaagwerkzaamheden voltooid zijn en wan- neer de machine moet worden vervoerd.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
Zie afbeelding16 - 21 Wanneer de ketting moeilijk in het hout dringt, moet deze als volgt worden geslepen: Plaats de ketting onder spanning. Plaats het zwaard in een schroefbank zodat de ketting kan glijden. Maak de vijl aan de vijlhouder vast en plaats deze in een hoek van 35°. Vijl in een voorwaartse beweging totdat de versleten delen van de snijranden zijn verdwenen. Tel het aantal vijlbewegingen die u aanbrengt als referentiebasis en vijl alle zagen met evenveel bewegingen. Als de dieptepeilmeter uit de mal uitsteekt nadat u deze een paar keer heeft gescherpt, reset u het peil. Gebruik een platte vijl.Tot slot rondt u de dieptemeter af. OPMERKING: We raden u aan om diep of belangrijk slijpen door een onderhoudsagent te laten uitvoeren die uitgerust is met een ele- ktrische slijper.
ONDERHOUD VAN HET ZWAARD
Wanneer u klaar bent met werken, reinigt u de groef en de delen die met olie zijn bedekt met een krabber. Schaaf regelmatig de zijkanten van de rails bij met een platte vijl.Als dit op lange termijn niet gebeurt, kunnen de over lappingen wegbreken en het zwaar d beschadigen. Als een rail hoger is dan de andere, is het nodig om deze even hoog te maken met een platte vijl en ze vervolgens af te schuren met een vijl of schuurpapier. WAARSCHUWING Gebruik voor het onderhoud enkel iden- tieke vervangonderdelen. Gebruik van andere onderdelen kan gevaar opleveren of schade aan het product veroorzaken. WAARSCHUWING Om ernstige letsels te vermijden, verwi- jdert u het accupack altijd van het werk- tuig wanneer u het reinigt of onderhoud- swerken uitvoert . GENEREL VEDLIGEHOLDELSE Voor elk gebruik dient u het gehele product te controleren om beschadigde, ontbrekende of losse onderdelen, zoals schroeven, mo- eren, bouten, doppen, etc. Maak alle binders en doppen stevig vast en gebruik dit product niet tot alle ontbrekende of beschadigde on- derdelen vervangen zijn, Bel de Greenworks tools klantendienst voor hulp. Vermijd het gebruik van oplosmiddelen wan- neer u kunststof onderdelen schoonmaakt. De meeste kunststoffen zijn gevoelig voor schade door verschillende types van com- merciele oplosmiddelen en kunnen door hun gebruik worden beschadigd. Gebruik schone doeken om vuil, stof, olie, vet, etc. te verwij- deeren. WAARSCHUWING Laat op geen elk moment remvloeistoffen, benzine, producten op petroleumbasis, penetrerende olien, etc. in contact komen met kunststof beschadigen, verzwakken of vernietigen, wat kan leiden tot ernstige letsels. Enkel de onderdelen die op de onderdelen- lijst voorkomen zijn bedoeld om te worden hersteld of vervangen door de klant. Alle andere onderdelen moeten worden ver- vangen door een geautoriseerd onder- houdscentrum.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
OPSLAG PRODUCT BEWAREN Verwijder het accupack van de machine voor u deze opbergt. Verwijder alle vreemde voorwerpen van de machine. Bewaar deze op een plaats die niet toegankelijk is voor kinderen. Houd weg van corrosieve stoffen, zoals tuinchemicaliën en dooizout. Bewaar en laad het accupak op een koele plaats. Temperaturen die hoger of lager zijn dan de normale omgevingstemperatuur verkorten de levensduur van een accupak. Bewaar accu's nooit wanneer ze niet zijn opgeladen. Bewaar accupacks in een laadtoestand van 30%-50%. Bewaar het accupack op een plaats waar de temperatuur lager is dan 27°C en weg van vocht. Alle accu’s verliezen na verloop van tijd hun laadcapaciteit. Hoe hoger de temperatuur, des te sneller verliest een accu zijn laadcapaciteit. Als u het apparaat voor lagere tijd niet gebruikt, moet u het accupak wel elke maand of twee maanden opladen. Zo verlengt u de levensduur van het accupak. RANSPORT Voor transport beveiligt u de machine tegen bewegingen of vallen om letsels of schade aan de machine te voorkomen. AFVALVERWIJDERING Afzonderlijke ophaling. Dit product mag niet met het normaal huishoudelijk afval worden weggegooid. Als u vindt dat uw Greenworks tools werktuig aan vervanging toe is of niet langer meer bruikbaar is, gooit u het niet met het huishoudelijk afval weg. Zorg voor een afzonderlijke collectie van dit product. Afzonderlijk ophaling van gebruikte pro- ducten en verpakkingsmateriaal laat toe dat materialen worden gerecycled en hergebruikt. Het hergebruik van gerecyclde materialen helpt milieuvervuiling te voorkomen en ver- mindert de vraag naar grondstoffen. Batteries Li-ion Aan het einde van hun levensduur, gooit u batterijen op een milieuvriendelijke manier weg. De batterij bevat materiaal dat gevaarlijk is voor u en het milieu. Het moet worden verwijderd en naar een afvalverza- melpunt gebracht dat lithium-ionbatterijen aanvaardt.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
Zwaard en zaagketting worden warm en roken. Controleer of de zaagkettingspanning te strak is aangespannen. Spanning zaagketting. Geen olie in de olietank. Olie bijvullen in de olietank. De uitlaatpoort wordt door afval geblokkeerd. Zie gebruiksaanwijzing om het zwaard te verwijderen en afval te verwijderen. Olietank geblokkeerd door vuil. Olietank reinigen en met schone olie hervullen. Zwaard en kettingolietankdop worden door vuil geblokkeerd. Vuil van de oliedop verwijderen. Het kettingwiel of de geleidingswielen worden door vuil geblokkeerd. Reinig en verwijder afval van het ketting- en geleidingswiel. Motor loopt, maar ketting draait niet. Kettingzaagspannign is te strak. Zie Zaagkettingspanninggids eerder in deze gebruiksaanwijzing. Controleer het zwaard en de montage van de zaagketting. Zie pagina 67. Controleer het zwaard en de zaagketting op schade. Verwijder de batterij uit de eenheid. Verwijder het zwaarddeksel en verwijder het zwaard en de zaagketting. Verwijder al het vuil van de zaagketting. Nadat het vuil is verwijderd, plaatst u de batterij terug en schakelt u de kettingzaag in. Als het kettingwiel draait, is uw motor in orde. Als het kettingwiel niet draait, neemt u contact op met de klantendienst. Motor draait, ketting draait, maar zaagt niet. Stompe ketting. Slijp of vervang de zaagketting. Ketting achterste voren gemonteerd. Zie Zwaard en zaagketting vervangen eerder in deze gebruiksaanwijzing. Kettingspanning kan te strak of te los zijn. Zie Kettingspanning aanspannen in de gebruiksaanwijzing.Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
Kettingzaag start niet. Kettingrem is geactiveerd. Trek de kettingrem naar u toe tot de kettingrem is gedeactiveerd. Geen elektrisch contact tussen de kettingzaag en de batterij. Om de batterij vast te maken, zorgt u ervoor dat de knipsluitingen op het batterijvak op hun plaats klikken. Het batterijpack is leeg. Batterijpack opladen. De batterij en het werktuig zijn te warm of te koud. Raadpleeg het onderdeel m.b.t. het onderhoud van de batterij en de lader in de gebruiksaanwijzing. Motor draait, maar zaag abnormaal Motor stopt na ongeveer 10 seconden. Batterij opladen. Als de machine stopt en tijdens het zagen piept, is deze in de veiligheidsmodus geschakeld. Dit beschermt de PCB tegen schade. Laat de schakelaar los en start de kettingzaag opnieuw. Laat de kettingzaag het werk doen en forceer de insnede niet. Batterij is niet opgeladen Batterij opladen. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de batterij en lader voor de correct oplaadprocedure. De zaagketting moet worden gesmeerd en de wrijving zal toenemen indien niet correct onderhouden. Zorg ervoor dat de ketting altijd wordt gesmeerd door ervoor te zorgen dat de zwaard- en kettingolie nooit leeg raken. Foutieve batterijopslagtemperatuur. Laat het batterijpack afkoelen tot deze tot kamertemperatuur is afgekoeld.RU EN DE ES IT FR PT NL FI SV NO DA PL CS SK SL HR HU RO BG EL AR TR HE LT LV ET
2. Routine onderhoud of afstelling.
3. Schade veroorzaakt door foutieve handelingen/misbruik of
4. Oververhitting tengevolge van een gebrek aan onderhoud.
5. Schade tengevolge van verbinders/armaturen die los komen door een
gebrek aan onderhoud.
6. Schade veroorzaakt door reiniging met water.
7. Machines die worden onderhouden of hersteld door niet-geautoriseerde
Greenworks Tools onderhoudscentra.
8. Machines die foutief zijn gemonteerd of afgesteld.
9. Schade veroorzaakt door een foutief gebruik van de machine.
10. Schade veroorzaakt door foutieve voorbereidingen voor winterisering
11. Voorwerpen die als verbruiksartikelen worden beschouwd, zijn
normaal gezien niet door de garantie gedekt, met inbegrip van, maar niet beperkt tot:
Zaagblad en bladonderdelen
Boor- en gereedschaphouders
12. Bepaalde producten kunnen onderdelen bevatten, zoals motoren of
transmissies van een andere fabrikant. Deze voorwerpen zijn onderworpen aan het overeenkomstige garantiebeleid van de fabrikant, behalve in de gevallen waar Greenworks Tools Europe GmbH ermee instemt om vorderingen te aanvaarden die zich buiten de garantieperiode van de respectievelijke fabrikant bevinden.
13. Tweedehandsartikelen zijn niet gedekt onder dit garantiebeleid.
14. Het monteren van vervang- of bijkomende onderdelen die niet door
Greenworks Tools Europe GmbH worden geleverd of zijn goedgekeurd. Garantie Om in het kader van dit beleid een vordering voor een product in te dienen, is het noodzakelijk een bewijs van de originele aankoopbon voor te leggen. Een kredietkaartafschrift geldt niet als voldoende aankoopbewijs. Bij een eerste garantie-indcident dient de klant het product naar de originele aankoopplaats terug te brengen, voorzien van het aankoopbewijs. De machine wordt naar onze centrale onderhoudsdienst gestuurd, waar een inspectie wordt uitgevoerd. Indien wordt vastgesteld dat er een fout aan de machine aanwezig is, zal deze worden hersteld en gratis naar het adres van de klant worden teruggezonden. Machines met een verkoopprijs van minder dan €100, inclusief BTW, worden over het algemeen vervangen. Als de centrale onderhoudsdienst vaststelt dat de machine geen fout bevat, wordt de klant op de hoogte gesteld van het feit dat hij de kosten van de herstelling dient te betalen. Dit garantiebeleid is onder voorbehoud van wijzigingen om tegemoet te komen aan de noden van nieuwe producten. Een exemplaar van het meest recente garantiebeleid is beschikbaar op www.greenworkstools.eu.
Notice-Facile