BD 5070 R Classic Bp Pack - Niet gecategoriseerd Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BD 5070 R Classic Bp Pack Kärcher in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BD 5070 R Classic Bp Pack - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BD 5070 R Classic Bp Pack van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING BD 5070 R Classic Bp Pack Kärcher
Chairman of the Board of Management Director Regulatory Affairs & Certification 34 IT- 1 Lees deze oorspronkelijke ge- bruiksaanwijzing voordat u uw apparaat voor het eerst gebruikt, handel dienovereenkomstig en bewaar de ge- bruiksaanwijzing voor later gebruik of voor de volgende eigenaars. Lees vóór het eerste gebruik van het appa- raat deze gebruiksaanwijzing en de bijbe- horende brochure Veiligheidsinstructies voor borstelreinigingsapparaten, nr. 5.956-251.0 en neem deze in acht. Het apparaat is toegelaten voor het werken op oppervlakken met een maximale stijging die in het hoofdstuk "Technische gege- vens" wordt vermeld. 몇 WAARSCHUWING Bedieners moeten adequaat worden opge- leid in het gebruik van dit apparaat. Het apparaat moet veilig worden wegge- borgen. Veiligheidsinrichtingen dienen voor de be- scherming van de gebruiker en mogen niet buiten werking worden gesteld en de func- tie ervan mag niet worden omzeild. Schakelt de rijmotor met een korte vertra- ging uit, wanneer de bediener de stoel ver- laat tijdens het werken of tijdens het rijden. GEVAAR Voor een onmiddellijk dreigend gevaar, dat tot zware lichamelijke verwondingen of tot de dood leidt. 몇 WAARSCHUWING Voor een mogelijk gevaarlijke situatie, die tot zware lichamelijke verwondingen of tot de dood zou kunnen leiden. 몇 LET OP Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot lichte verwondingen kan lei- den. OPGELET Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot materiële schade kan leiden. Deze schuurzuigmachine wordt gebruikt voor de natte reiniging van effen vloeren. – Het apparaat kan door het instellen van de waterhoeveelheid en de reinigings- middelhoeveelheid makkelijk aan de overeenkomstige reinigingsopdracht worden aangepast. De reinigingsmiddeldosering kan wor- den aangepast via toevoeging in de tank. – Het apparaat heeft een schoonwater- en een vuilwaterreservoir (elk 70 liter). Op die manier maakt het een efficiënte reiniging bij een hoge gebruiksduur mo- gelijk. – Een werkbreedte van 510 mm maakt effectief gebruik gedurende lange ge- bruiksduur mogelijk. – Batterijen kunnen in functie van de con- figuratie worden gekozen (zie daartoe hoofdstuk "Aanbevolen batterijen"). Opmerking: Overeenkomstig de desbetreffende reini- gingstaak kan het apparaat met verschil- lend toebehoren worden uitgerust. Vraag om onze catalogus of bezoek ons op internet op www.kaercher.com. Dit apparaat is geschikt voor commercieel en industrieel gebruik, bijvoorbeeld in ho- tels, scholen, ziekenhuizen, fabrieken, win- kels, kantoren en verhuurbedrijven. Gebruik dit apparaat uitsluitend overeen- komstig de gegevens in deze gebruiksaan- wijzing. – Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt voor het reinigen van gladde vloeren die niet gevoelig zijn voor vocht of voor polijstwerkzaamheden. – Dit apparaat is bedoeld voor gebruik binnenshuis. – Het gebruikstemperatuurbereik ligt tus- sen +5°C en +40°C. – Het apparaat is niet geschikt voor de reiniging van bevroren vloeren (bijvoor- beeld in koelhuizen). – Het apparaat mag alleen worden uitge- rust met origineel toebehoren en dito reserveonderdelen. – Het apparaat is niet bedoeld voor het reinigen van openbare verkeerswegen. – Het apparaat mag niet worden gebruikt op drukgevoelige vloeren. Houd reke- ning met de toelaatbare oppervlaktebe- lasting van de vloer. De oppervlaktebe- lasting door het apparaat is aangege- ven in de technische gegevens. – Het apparaat is niet geschikt voor ge- bruik in explosiegevaarlijke omgevin- gen. – Er mogen geen ontvlambare gassen, onverdunde zuren of oplosmiddelen met het apparaat worden opgenomen. Daartoe behoren benzine, verfverdun- ner of stookolie, die door opwerveling met de zuiglucht explosieve mengsels kunnen vormen. Verder ook aceton, on- verdunde zuren of oplosmiddelen, aan- gezien deze de in het apparaat gebruikte materialen aantasten. Instructies betreffende inhoudsstoffen (REACH) Actuele informatie over stoffen vindt u op: www.kaercher.de/REACH In elk land gelden de garantievoorwaarden die door onze verantwoordelijke verkoop- maatschappij zijn uitgegeven. Mogelijke storingen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode gratis, voor zo- ver een materiaal- of fabricagefout de oor- zaak is. Als u gebruik wilt maken van de ga- rantie, neemt u met uw aankoopbon con- tact op met uw distributeur of de dichtstbij- zijnde geautoriseerde klantenservice. Inhoudsopgave Veiligheidsinstructies . . . . . . . . NL 1 Functie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 1 Reglementair gebruik . . . . . . . NL 1 Milieubescherming. . . . . . . . . . NL 1 Garantie. . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 1 Bedieningselementen . . . . . . . NL 2 Vóór inbedrijfstelling . . . . . . . . NL 3 Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 4 Vervoer . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 5 Opslag . . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 5 Verzorging en onderhoud . . . . NL 6 Hulp bij storingen. . . . . . . . . . . NL 7 Toebehoren . . . . . . . . . . . . . . . NL 8 Technische gegevens . . . . . . . NL 8 Toebehoren en reserveonderde- len . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 8 EU-conformiteitsverklaring . . . NL 8 Veiligheidsinstructies Veiligheidsinrichtingen Stoelschakelaar Symbolen op het apparaat GEVAAR Gevaar door elektrische schokken tijdens het laadpro- ces. Afschermkappen op de accupolen niet verwijderen en erop letten dat deze correct zijn gemonteerd. Gevarenniveaus Functie Reglementair gebruik Milieubescherming De verpakkingsmaterialen zijn herbruikbaar. Werp de verpak- kingen niet bij het huisvuil, maar zorg dat ze gerecycled worden. Oude apparaten bevatten waardevolle, herbruikbare ma- terialen die gerecycled moeten worden. Accu's, olie en soort- gelijke stoffen mogen niet in het milieu terechtkomen. Voer oude apparaten daarom af via geschikte inzamelsystemen. Garantie 35NL- 2 1 Stoel 2 Deksel vuilwaterreservoir 3 Doseerapparaat voor vuil water 4 Stuurwiel 5 Toets claxon 6 Rijrichtingsschakelaar 7 Draaiknop werksnelheid 8 Sleutelschakelaar 9 Display 10 Hendel zuigbalk 11 Regelknop waterhoeveelheid 12 Rijpedaal 13 Pedaal borstelwissel 14 Schijfborstel 15 Reinigingskop 16 Vulstandindicatie verswater 17 Zuigbalk * 18 Vuilwaterreservoir 19 Aftapslang vuil water 20 Draaiende handgreep voor het schuin zetten van de zuigbalk 21 Vleugelmoeren voor het bevestigen van de zuigbalk 22 Zuigslang 23 Sluiting verswaterreservoir met filter vers water 24 Pedaal reinigingskop optillen/neerlaten 25 Deksel schoonwaterreservoir Vulopening schoon water 26 Accustekker 27 Hoogte-instelling stuurwiel
- niet in leveringsomvang – Bedieningselementen voor het reini- gingsproces zijn geel. – Bedieningselementen voor onderhoud en service zijn lichtgrijs. ** Optie Bedieningselementen Kleurmarkering Symbolen op het apparaat Accustekker Vulniveau schoonwater- reservoir 25% Dosering reinigingsop- lossing Reinigingskop optillen/ neerlaten Pedaal borstelwissel Zuigbalk optillen/neerla- ten Zwabberhouder ** Aftapopening verswa- terreservoir Aftapopening vuilwater- reservoir Sjoroog 36 NL- 3
GEVAARExplosiegevaar!Geen werktuig e.d. op de batterij leggen. Gevaar van kortsluiting en explosie.Gevaar van letsel. Wonden nooit in contact met lood laten komen. Reinig na werk-zaamheden aan batterijen altijd uw han- den. Het apparaat heeft 2 batterijen nodig Complete set (24 V/105 Ah) incl. aansluit-kabel, bestelnr. 4.039-287.0Bij de variant "Pack" zijn de accu's al inge-bouwd. Batterijstekker uittrekken. Vuilwaterreservoir naar achteren zwen- ken. 1 AfstandsstukOPGELETBeschadigingsgevaar. Let op een correcte polariteit. Polen met de bijgevoegde verbindings-kabels verbinden. Meegeleverde aansluitingskabels aan de nog vrije accupool (+) en (-) vast-klemmen. Controleer of de afschermkappen aan de polen correct gemonteerd zijn. Accustekker insteken.OPGELETBeschadigingsgevaar door diepontlading. Vóór de inbedrijfstelling van het apparaat de accu's opladen.Opmerking:Het apparaat beschikt over een beveiliging tegen volledige ontlading, d.w.z. dat, wan-neer de nog toegestane minimale capaci-teit bereikt wordt, alleen nog gereden kan worden.De borstelaandrijving en afzuiging zijn bui-ten werking. Het apparaat direct naar de oplader verplaatsen, hierbij stijgingen vermij- den. Opmerking:Bij gebruik van andere accu's (bijv. van an-dere fabrikanten) moet de diepontladings-beveiliging voor de betreffende accu door de Kärcher-klantenservice opnieuw wor-den ingesteld. GEVAAR Gevaar voor elektrische schok. Letten op stroomnet en beveiliging, zie "Oplaadappa-raat". Gebruik het oplaadapparaat enkel in droge ruimten met voldoende verluchting!Opmerking:De oplaadtijd bedraagt gemiddeld ca. 10-12 uur.De aanbevolen oplaadapparaten (passen bij de telkens gebruikte batterijen) zijn elek-tronisch geregeld en beëindigen het laad-proces automatisch. GEVAAR Explosiegevaar. De ruimte waarin het ap-paraat voor het opladen van de batterij wordt geplaatst, moet een van het batte-rijtype afhankelijk minimumvolume en een ventilatie met een minimumluchtstroom vertonen (zie "Aanbevolen batterijen").Explosiegevaar. Het opladen van natte ac-cu´s is alleen toegestaan bij een hoogge-klapt vuilwaterreservoir. Het vuilwaterreservoir leegmaken. Sleutelschakelaar op stand "0" zetten en sleutel verwijderen. Vuilwaterreservoir naar achteren zwen- ken. 1 Accustekker, accuzijde2 Accustekker, apparaatzijde Accustekker aan de kant van de accu uittrekken.OPGELETBeschadigingsgevaar! – Oplaadapparaat niet verbinden met de batterijstekker aan de kant van het ap-paraat.– Enkel het bij het ingebouwde batterijty-pe passende oplaadapparaat gebrui- ken: Opmerking: Gebruiksaanwijzing van de fabrikant van het oplaadapparaat lezen en in het bijzonder de veiligheidsinstructies in acht nemen! Batterijstekker aan de kant van de bat-terij verbinden met het oplaadapparaat Netstekker van het oplaadapparaat in de contactdoos steken. Laadproces volgens de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van het op-laadapparaat uitvoeren. Een uur voor het einde van het laadpro-ces gedestilleerd water toevoegen, let-ten op het juiste zuurpeil. De accu is overeenkomstig gekenmerkt. Aan het einde van het laadproces moeten alle cellen gas ontwikkelen. GEVAAR Verbrandingsgevaar. Als water wordt bijge-vuld wanneer de batterij ontladen is, kan er zuur uittreden!Bij het omgaan met batterijzuur een veilig-heidsbril dragen en de voorschriften in acht nemen om letsel en onherroepelijke scha-de aan kleding te voorkomen.Eventuele zuurspetters op de huid of kle-ding moeten onmiddellijk met een ruime hoeveelheid water worden afgespoeld.OPGELETGebruik om de batterijen na te vullen enkel gedestilleerd of ontzout water (EN 50272- T3). Geen vreemde toevoegingsstoffen (zoge-noemde verbeteringsmiddelen) gebruiken, anders vervalt elke garantie. Vóór inbedrijfstelling Accu’s Aanwijzingen op de accu, in de gebruiksaanwijzing en in de voer-tuiggebruiksaanwijzing nalevenOogbescherming dragenKinderen uit de buurt houden van zuren en accu'sExplosiegevaarVuur, vonken, open licht en roken verboden.VerbrandingsgevaarEerste hulpWaarschuwingAfvalverwijderingAccu niet in vuilnisbak gooienAanbevolen accu's105 Ah - onderhoudsvrijBestelnr. 6.654-141.0 Volume [m } * 2,64Luchtstroom [m
- Minimaal volume van de batterij-laadruimte** Minimale luchtstroom tussen accu-laadruimte en omgevingAccu's plaatsen en aansluitenBatterijen ladenAccutype Oplaadapparaat6.654-141.0 6.654-367.06.654-093.0 6.654-367.0Onderhoudsarme accu’s (nat)Maximale afmetingen batterijLengte 408Breedte 348Hoogte 284 37NL- 4 Sleutelschakelaar op "0" draaien. Batterijstekker uittrekken. Vuilwaterreservoir naar achteren zwen- ken. Kabel van de minpool van de batterij losmaken. Resterende kabels van de batterijen af- halen. Batterijen eruit nemen. Verbruikte batterijen conform de gel- dende bepalingen afvoeren. De montage van de borstel wordt beschre- ven in het hoofdstuk "Onderhoudswerk- zaamheden". Zuigbalk zodanig in de ophanging plaatsen dat de vormplaat boven de op- hanging ligt. Vleugelmoeren vastdraaien. Zuigslang plaatsen. Beide schroeven van de hoogte-instel- ling stuurwiel losdraaien. Stuurwiel op gewenste hoogte instel- len. Beide schroeven aanspannen. OPGELET Beschadigingsgevaar! Batterijstekker niet loskoppelen tijdens het gebruik. Opmerking: Breng voor een onmiddellijke buitenbedrijf- stelling van alle functies de veiligheids- schakelaar in stand "0". Zitpositie innemen. Sleutelschakelaar op stand "1" zetten. Het display toont achtereenvolgens: – Periode tot de volgende klantendienst– Softwareversie, bedieningselement– Laadtoestand van de accu en aantal bedrijfsuren GEVAAR Gevaar voor ongevallen. Vóór elke werking moet de functionaliteit van de parkeerrem worden gecontroleerd op een vlakke on- dergrond. Apparaat inschakelen. De rijrichtingsschakelaar op "vooruit" zetten. Gaspedaal licht induwen. De rem moet hoorbaar ontgrendelen. Het apparaat moet op effen terrein vlot wegrollen. Wanneer het pedaal wordt losgelaten, vergrendelt de rem hoor- baar. Als dat niet het geval is, moet het apparaat buiten bedrijf worden gesteld en moet de klantendienst worden inge- roepen. GEVAAR Gevaar voor ongevallen. Als het apparaat niet meer remt, ga dan als volgt te werk: Als het apparaat op een platform met een helling van meer dan 2% niet tot stilstand komt, mag de sleutelschake- laar niet op 0 worden gezet. Het appa- raat moet verder worden verplaatst tot een horizontaal oppervlak wordt be- reikt. Nadat het horizontale oppervlak is be- reikt, moet het apparaat worden stop- gezet en de klantendienst worden inge- roepen. Bijkomend moeten de onderhoudsin- structies voor remmen in acht worden genomen. GEVAAR Kantelgevaar bij de sterke hellingen. In rijrichting mogen enkel hellingen ber- gop tot 8% worden genomen. Hellingen bergop en bergaf alleen in lengterichting nemen, niet zijwaarts. Kantelgevaar bij snel door de bochten rij- den. Slipgevaar op natte vloeren. In bochten langzaam rijden. Kantelgevaar bij onstabiele ondergrond. Het apparaat uitsluitend op vaste on- dergrond bewegen. Kantelgevaar bij steile zijwaartse hellingen. Dwars op de rijrichting mogen slechts stijgingen tot max. 8% worden geno- men. Zitpositie innemen. Hendel zuigbalk omhoog trekken en vastklikken. Pedaal reinigingskop omlaag drukken en vastklikken. Sleutelschakelaar op stand "1" zetten. Rijrichting met de rijrichtingschakelaar aan het stuurwiel instellen. Rijsnelheid bepalen door het gaspedaal te bedienen. Apparaat stoppen: Gaspedaal loslaten. Opmerking: Bij een opgetilde reinigingskop wordt de maximumsnelheid niet door de draaiknop werksnelheid beïnvloed. De rijrichting kan ook tijdens de reiniging worden veranderd. Zo kan door meerdere keren vooruit- en achteruitrijden een gese- lecteerd punt intensief worden gereinigd. 몇 WAARSCHUWING Beschadigingsgevaar. Alleen aanbevolen reinigingsmiddelen gebruiken. Voor andere reinigingsmiddelen is de exploitant het ver- hoogde risico met betrekking tot de be- drijfsveiligheid en het gevaar voor ongeval- len. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die vrij zijn van oplosmiddelen, zout- en vloei- zuur. Veiligheidsinstructies op de reinigingsmid- delen in acht nemen. Opmerking: Gebruik geen sterk schuimende reinigings- middelen. Deksel van het schoonwaterreservoir openen. Reservoir voor de helft met schoon wa- ter (maximaal 50 °C) vullen. Reinigingsmiddel vullen. Reservoir met water bijvullen. Deksel van het schoonwaterreservoir sluiten. Voor de verbetering van het zuigresultaat op stenen ondergronden kan de zuigbalk tot 5° schuine stand verdraaid worden. Vleugelmoeren lossen. Zuigbalk draaien. Vleugelmoeren vastdraaien. Batterijen uitbouwen Borstels monteren Zuigbalk monteren Stuurwiel instellen Werking Apparaat inschakelen Parkeerrem controleren Rijden Rijden Bedrijfsstoffen bijvullen Reinigingsmiddelen Toepassing Reinigings- middelen Onderhoudsreiniging van alle waterbestendige vloeren RM 746 RM 780 Onderhoudsreiniging van glanzende oppervlakken (bij- voorbeeld graniet) RM 755 es Onderhoudsreiniging en ba- sisreiniging van industriële vloeren RM 69 ASF Onderhoudsreiniging en ba- sisreiniging van fijne stenen tegels RM 753 Onderhoudsreiniging van te- gels in het sanitaire bereik RM 751 Reiniging en desinfectie in het sanitaire bereik RM 732 Decoating van alle alkalibe- stendige vloeren (bijvoor- beeld PVC) RM 752 Decoating van linoleumvloe- ren RM 754 Schoon water Zuigbalk instellen Schuine stand 38 NL- 5 Bij onvoldoende afzuigresultaat kan de hel- ling van de rechte zuigbalk veranderd wor- den. 1 Draaigreep 2 Spanhefboom Hendel optillen. Draaigreep voor de helling van de zuig- balk verzetten. Hendel naar beneden duwen. Met de hoogteverstelling wordt de buiging van de zuiglippen bij contact met de vloer beïnvloed. De draaigrepen van de hoogteverstel- ling al experimenterend verstellen tot- dat het beste zuigresultaat wordt be- reikt. Waterhoeveelheid in functie van de ver- vuiling van de bodemdeklaag aan de regelknop instellen. Opmerking: Voer de eerste reinigingspogingen met een kleine waterhoeveelheid uit. Vergroot de waterhoeveelheid stapsgewijs tot het ge- wenste reinigingsresultaat bereikt is. Zitpositie innemen. Sleutelschakelaar op stand "1" zetten. Rijrichting met de rijrichtingschakelaar aan het stuurwiel instellen. Draaiknop werksnelheid op de gewens- te waarde draaien. De snelheid wordt tijdens het instellen op het display weergegeven. De snelheid wordt weergegeven in pro- cent van de maximumsnelheid. Waterhoeveelheid instellen aan het re- gelventiel. Onderste greephelft van de hendel zuigbalk omhoog trekken en vasthou- den. Hendel zuigbalk omlaag drukken. De zuigbalk wordt neergelaten en de af- zuiging gaat van start. Pedaal reinigingskop omlaag/naar rechts drukken, losklikken en omhoog laten gaan. Rijsnelheid bepalen door het gaspedaal te bedienen. De reinigingskop wordt neergelaten, de borstelaandrijving start en reinigingsop- lossing wordt aangebracht. Over het oppervlak rijden dat gereinigd moet worden. Apparaat stoppen: Gaspedaal loslaten. Pedaal reinigingskop omlaag drukken tot het vastklikt. Apparaat nog een eindje verder laten lopen om het resterende water op te zuigen. Hendel zuigbalk omhoog trekken tot deze vastklikt. De zuigturbine wordt na een nalooptijd van 10 seconden uitgeschakeld. Sleutelschakelaar op "0" draaien. Opmerking: Als het vuilwaterreservoir vol is, sluit de vlotter de zuigopening en draait de zuigtur- bine met verhoogd toerental. 몇 WAARSCHUWING Lokale voorschriften inzake de behande- ling van afvalwater in acht nemen. Verwijder de aftapslang voor het vuil water uit de houder en laat deze via een geschikte opslagplaats zakken. Opmerking: Door samendrukken van de doseerinrich- ting kan de afvalwaterstroom worden ge- controleerd. Water door openen van de doseerin- richting op de aftapslang aftappen. Vervolgens de vuilwatertank met helder water uitspoelen. Deksel schoonwaterreservoir eraf schroeven. Schoon water aflaten. Deksel schoonwaterreservoir erop schroeven. Indien nodig de accu opladen. GEVAAR Gevaar van letsel! Het apparaat mag voor het op- en afladen alleen op hellingen tot de maximale waarde (zie "Technische gege- vens") worden verreden. Langzaam rijden. 몇 LET OP Gevaar voor letsel en beschadiging! Neem bij het vervoer het gewicht van het appa- raat in acht. Vóór het vervoeren het schoonwaterre- servoir en vuilwaterreservoir legen. Discborstel uit de borstelkop verwijde- ren. Bij het transport in voertuigen het appa- raat conform de plaatselijk geldende richtlijnen borgen tegen wegglijden en omkantelen. 1 Ontgrendelingshendel Ontgrendelingshendel omhoog druk- ken en apparaat verschuiven. GEVAAR Gevaar voor ongevallen door ontbrekende remfunctie. Ontgrendelingshendel na het verschuiven altijd weer omlaag drukken. 몇 LET OP Gevaar voor letsel en beschadiging! Bij de opslag het gewicht van het apparaat in acht nemen. Dit apparaat mag alleen in binnenruim- tes worden opgeslagen. Bij het kiezen van de opbergplaats moet rekening worden gehouden met het max. toegelaten gewicht van het ap- paraat om de stabiliteit niet te in gevaar te brengen. Helling Hoogte Waterhoeveelheid instellen Reinigingsbedrijf Reiniging beëindigen Vuilwaterreservoir ledigen Schoonwaterreservoir ledigen Buitenwerkingstelling Vervoer Apparaat duwen Opslag 39NL- 6
GEVAAR Gevaar van letsel! Zet vóór alle werkzaam- heden aan het apparaat de sleutelschake- laar op "0" en verwijder de sleutel. De bat- terijstekker uittrekken. Vuil water en resterend schoon water aftappen en afvoeren. 몇 LET OP Verwondingsgevaar door nalopen van de zuigturbine. De zuigturbine loopt na het uitschakelen na. Voer onderhoudswerkzaamheden pas uit als de zuigturbine stilstaat. OPGELET Beschadigingsgevaar. Apparaat niet met water afspuiten en geen agressief reini- gingsmiddel gebruiken. Vuil water aftappen Vuilwaterreservoir met helder water uit- spoelen. Grofvuilfilter reinigen. Apparaat aan de buitenkant met een vochtige, in mild zeepsop gedrenkte doek reinigen. Zuiglippen reinigen, op slijtage contro- leren en indien nodig vervangen. Borstel op slijtage controleren, indien nodig vervangen. Accu opladen: Als de laadtoestand onder 50% is, de accu volledig en zonder onderbrekin- gen opladen. Als de ladingstoestand boven 50% is, de accu alleen bijkomend opladen, als u bij het volgende gebruik de volledige bedrijfsduur nodig zult hebben. Bij regelmatig gebruik de batterij min- stens een keer per week volledig en zonder onderbreking opladen. Schoonwaterreservoir legen en afzet- tingen uitspoelen. Schoonwaterfilter reinigen. Vlotter reinigen. Pluizenzeef reinigen.
Bij een voorlopig stilgelegd apparaat: ver- effeningslading van de accu uitvoeren. Accupolen op roest controleren, zo no- dig afborstelen. Op vastheid van de ver- bindingskabels letten. Afdichting tussen vuilwaterreservoir en deksel reinigen en op dichtheid contro- leren, indien nodig vervangen. Bij niet-onderhoudsvrije accu's, zuur- dichtheid van de cellen controleren. Bij een langere stilstandtijd het appa- raat alleen met volledig opgeladen ac- cu's wegzetten. Minstens een keer per maand de batterij opnieuw volledig op- laden. Voorgeschreven inspectie door klan- tendienst laten uitvoeren. Ter verzekering van een betrouwbare wer- king van het apparaat kunt u met het be- voegde Kärcher-verkoopkantoor een on- derhoudscontract afsluiten. Deksel vuilwatertank openen. 1 Grendelhaak 2 Pluizenzeef 3 Vlotter 4 Vlotterbehuizing De klikhaken losmaken. Vlotterreservoir naar onderen uittrek- ken. Vlotter uit het vlotterreservoir verwijde- ren en reinigen. Pluizenzeef reinigen. Alle onderdelen in omgekeerde volgor- de weer monteren. Deksel vuilwatertank openen. 1 Grofvuilzeef Grofvuilfilter naar boven uittrekken. Grofvuilfilter onder stromend water af- spoelen. Grofvuilfilter weer in het vuilwaterreser- voir plaatsen. Zuigbalk wegnemen. Stergrepen er uit schroeven. Kunststofonderdelen verwijderen. Zuiglippen verwijderen. Nieuwe zuiglippen inschuiven. Kunststofonderdelen opschuiven. Stergrepen inschroeven en vastdraai- en. Reinigingskop omhoog zetten. Pedaal borstelvervanging over de weerstand naar beneden duwen. Discborstel zijdelings onder de reini- gingskop eruit trekken. Nieuwe discborstel onder de reinigings- kop houden, naar boven duwen en la- ten vastklikken. Als er kans is op vorst: De reservoirs voor schoon en vuil water leegmaken. Apparaat in een vorstvrije ruimte plaat- sen. Verzorging en onderhoud Onderhoudsschema Na het werk Wekelijks Eens per maand Jaarlijks Onderhoudswerkzaamheden Onderhoudscontract Vlotter en pluizenzeef reinigen Grofvuilzeef reinigen Zuiglippen vervangen Discborstel vervangen Vorstbescherming 40 NL- 7
GEVAAR Gevaar van letsel! Zet vóór alle werkzaam- heden aan het apparaat de sleutelschake- laar op "0" en verwijder de sleutel. De bat- terijstekker uittrekken. Vuil water en resterend schoon water aftappen en afvoeren. 몇 LET OP Verwondingsgevaar door nalopen van de zuigturbine. De zuigturbine loopt na het uitschakelen na. Voer onderhoudswerkzaamheden pas uit als de zuigturbine stilstaat.
Hulp bij storingen Storing Oplossing Apparaat kan niet gestart wor- den Stoelschakelaar niet bediend, plaatsnemen op de stoel. Het apparaat werkt alleen als er zich een bediener op de zitplaats bevindt. Accustekker insteken. Sleutelschakelaar op stand "1" zetten. Vóór het inschakelen van de sleutelschakelaar, voet van het gaspedaal nemen. Als de fout toch op- treedt, de klantendienst inroepen. Batterij controleren, indien nodig opladen Apparaat rijdt niet Ontgrendelingshendel omlaag drukken (zie "Transport/apparaat schuiven"). Onvoldoende waterhoeveel- heid Waterhoeveelheid op de regelknop Waterhoeveelheid verhogen. Schoonwaterpeil controleren, indien nodig reservoir bijvullen. Schoonwaterfilter reinigen. Slangen op vervuiling controleren, indien nodig reinigen. Onvoldoende zuigcapaciteit Vuilwaterreservoir is vol, apparaat uitschakelen en vuilwaterreservoir leegmaken Afdichtingen tussen vuilwatertank en deksel reinigen en op dichtheid controleren, zo nodig vervangen. Pluizenzeef van de turbine controleren op verontreiniging, indien nodig reinigen. Zuiglippen aan de zuigbalk reinigen, indien nodig verdraaien of vervangen. Zuigslang controleren op verstopping, indien nodig verstopping verhelpen Controleren of het deksel aan de vuilwater-aftapslang gesloten is Zuigslang op verstopping controleren, indien nodig reinigen. Zuigslang op dichtheid controleren, indien nodig vervangen. Vuilwater-aftapslang controleren op lekkage. Instelling van de zuigbalk controleren. Extra gewicht (toebehoren) aanbrengen op de zuigbalk. Onbevredigend reinigingsresul- taat Borstels op slijtage controleren, indien nodig vervangen. Borsteltype en reinigingsmiddel controleren op geschiktheid. Zuigturbine heeft een verhoogd toerental Vuilwaterreservoir leegmaken. Vlotter reinigen. Pluizenzeef controleren/reinigen. Zuigslang op verstopping controleren, indien nodig reinigen. Zuigslang controleren op verstopping, indien nodig verstopping verhelpen Borstel draait niet Controleren of een vreemd voorwerp de borstels blokkeert, eventueel het voorwerp verwijderen. Bij storingen die met deze tabel niet kunnen worden verholpen de klantenservice raadplegen. 41NL- 8 Gebruik alleen origineel toebehoren en ori- ginele reserveonderdelen. Deze garande- ren een veilige en storingsvrije werking van het apparaat. Informatie over toebehoren en reserveon- derdelen vindt u op www.kaercher.nl. Hiermee verklaren wij dat de hierna ver- melde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt ge- brachte uitvoering voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine verliest deze verklaring zijn geldigheid. De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie. Gevolmachtigde voor de documentatie: S. Reiser Alfred Kärcher SE & Co. KG Alfred-Kärcher-Straße 28-40 71364 Winnenden (Duitsland) Tel.: +49 7195 14-0 Fax: +49 7195 14-2212 Winnenden, 2021/11/01 Toebehoren Benaming Onderdeel- nr. Beschrijving Schijfborstel, rood (gemiddeld, standaard) 4.905-026.0 Voor gebruik bij alle courante reinigingstaken. Discborstel, natuur (zacht) 4.905-027.0 Van natuurvezels voor het reinigen en polijsten. Discborstel, zwart (hard) 4.905-029.0 Voor sterke verontreiniging en basisreiniging. Enkel voor deli- cate ondergronden. Pad-drijfschijf 4.762-534.0 Voor het reinigen met pads. Met snelwisselkoppeling en cen- terlock. Pad, rood (middelmatig zacht) 6.369-079.0 Voor de reiniging en het cleanen van alle vloeren. Pad, groen (gemiddeld hard) 6.369-078.0 Voor de reiniging van sterk verontreinigde vloeren en basisrei- niging. Pad, zwart (hard) 6.369-077.0 Bij hardnekkige vervuiling en voor de basisreiniging. Pad, beige (kleine korrel) 6.369-468.0 Voor het polijsten en opfrissen van harde en elastische onder- gronden. Pad, beige (met natuurhaar) 6.371-146.0 Zuigbalk, 850 mm, recht 4.777-401.0 Zuigbalk, 850 mm, gebogen 4.777-411.0 Set Homebase Box 4.035-406.0 Zwaailicht 4.039-267.0 Fleetmanagement module 4.039-268.0 Filterzakhouder 4.039-269.0 Voorveegeenheid 4.039-270.0 Zwabberhouder 4.039-271.0 Spraymop 5.999-045.0 Tang grof vuil 6.999-113.0 Technische gegevens Vermogen Nominale spanning V 24 Accucapaciteit Ah (5h) 76 / 105 Gemiddelde netbelasting W 1400 Nominaal vermogen rij- motor W300 Vermogen zuigmotor W 600 Vermogen borstelmotor W 500 Beschermingsgraad IPX 3 Zuigen Zuigvermogen, luchthoe- veelheid l/s 17 Zuigvermogen, onder- druk, max. kPa 120 Reinigingsborstel Werkbreedte mm 510 Diameter borstel mm 510 Borsteltoerental, belast t/min 155 Borsteltoerental, onbelast t/min 180 Afmetingen en gewichten Rijsnelheid, max. km/h 6 Stijging max. % 8 Theoretische oppervlak- tecapaciteit
/h 2300 Volume schoonwaterre- servoir l70 Volume vuilwaterreservoir l 75 max. watertemperatuur °C 50 Omgevingstemperatuur °C 5...40 Lengte mm 1310 Breedte (zonder zuigbalk) mm 590 Hoogte mm 1066 Toegestaan totaal ge- wicht kg 340 Transportgewicht (reservoirs leeg, zonder bestuurder) kg 194 Oppervlaktebelasting (met bestuurder en vol schoonwaterreservoir) Voorwiel N/cm
<2,5 Onzekerheid K m/s
<0,5 Onzekerheid K m/s
dB(A) 66 Onzekerheid K
Notice-Facile