Cuddy DC II - Airconditioner DOMETIC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Cuddy DC II DOMETIC in PDF-formaat.
| Producttype | Autonome maritieme airconditioning |
| Merk | Dometic |
| Model | Cuddy DC II |
| Koelcapaciteit | 6 000, 8 000, 12 000, 16 000, 20 000 BTU/u |
| Elektrische voeding | 230 V AC / 24 V DC (afhankelijk van model) |
| Koelmiddeltype | R32 (ontvlambaar) |
| Minimale zeewatertemperatuur | 4,4 °C (40 °F) |
| Maximale zeewatertemperatuur | 32,2 °C (90 °F) |
| Minimale zeewaterdruk | 4,5 psi (0,31 bar) |
| Maximale zeewaterdruk | 60 psi (4,14 bar) |
| Afmetingen (L x B x H) bij benadering | 400 x 300 x 250 mm (afhankelijk van model) |
| Geschatte gewicht | 25 tot 35 kg afhankelijk van model |
| Gebruik | Boten en jachten |
| Belangrijkste functies | Koeling, verwarming (omkeerbare modellen) |
| Onderhoud en reiniging | Regelmatig reinigen van luchtfilter, condensafvoer, onderhoud van zeewatercircuit |
| Veiligheid | Toegewijde stroomonderbreker, aardlekschakelaar, voorkomen van lekkage van ontvlambaar koelmiddel |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Luchtfilter, zeewaterpomp, elektrische onderdelen verkrijgbaar bij Dometic |
| Garantie | 2 jaar (afhankelijk van regio) |
| Algemene informatie | Installatie door een erkende professional, naleving van lokale normen |
Veelgestelde vragen - Cuddy DC II DOMETIC
Gebruikersvragen over Cuddy DC II DOMETIC
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Cuddy DC II - DOMETIC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Cuddy DC II van het merk DOMETIC.
GEBRUIKSAANWIJZING Cuddy DC II DOMETIC
Belangrijke opmerkingen... PG 2 Verklaring van de symbolen. PG M Aanduidingen. PR 41 Goed gebruik. PR P Verklaring van de symbolen op het toestel. PR Q Voorinstallatie. PR R Installatie. PR S Bediening. 02 T Technische gegevens. .Q2 J0V Wettelijk. JJ Garantie. QM
Belangrijke opmerkingen
Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en volg alle instructies en waarschuwingen in deze handleiding op en zorg ervoor dat u het product te allen tijde op de juiste manier installeert, gebruikt en onderhoudt. Deze gebruiksaanwijzing hoort bij dit product en moet worden bewaard.
Aanwijzingen: het is belangrijk om alle instructies en waarschuwingen zorgvuldig te lezen en op te volgen zoals hierin is beschreven. Het niet opvolgen van de instructies en waarschuwingen kan leiden tot letsel voor uzelf en anderen, schade aan uw product of schade aan andere eigendommen in de omgeving. Deze gebruiksaanwijzing met inbegrip van de instructies en waarschuwingen en de bijbehorende documentatie kan onderhevig zijn aan wijzigingen en updates. Voor de recente productinformatie, bezoek documents.domestic.com.
2 Verklaring van de symbolen
Een signaalwoord geeft informatie over veiligheid en eigendomsschade en geeft de mate van ernst van het gevaar aan.

GEVAAR -
Duidt op een gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt voorkomen, ernstig letsel of de dood tot gevolg heeft.

WAARSCHUWING
Duidt op een gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt voorkomen, ernstig letsel of de dood tot gevolg kan hebben.

LET OP
Duidt op een situatie die, indien deze niet wordt voorkomen, kan leiden tot materiële schade.

INSTRUCTIE Aanvullende informatie voor het gebruik van het product.
2. Aanvullende informatie
Om het risico op ongevallen en verwondingen te verminderen, dient u de volgende richtlijnen in acht te nemen voordat u doorgaat met het installeren van dit apparaat!
Lees alle veiligheidsinformatie en instructies door en volg deze. Lees deze instructies vóórgaand aan de installatie van dit product en zorg ervoor dat u deze geheel begrijpt. De installatie moet voldoen aan alle van toepassing zijnde lokale of nationale regels, waaronder de nieuwste uitgave van de volgende maatstaven.
Het niet in acht nemen van de volgende waarschuwingen kan ernstig of zelfs dodelijk letsel tot gevolg hebben.
Reparaties mogen uitsluitend door opgeleid onderhoudspersoneel worden uitgevoerd. Niet installeren of opslaan op een locatie met continu werkende ontstekingsbronnen. Alle vereiste ventilatieopeningen vrijhouden van belemmeringen. Koelmiddelleidingen niet doorboren. Raadpleeg het typeplaatje van het product voor het type koelmiddel.

WAARSCHUWING: Brand- en/of explosiegevaar. Het niet in acht nemen van de volgende waarschuwingen kan leiden tot de dood of ernstig letsel!
Gebruik geen mogelijke ontstekingsbronnen om koelmiddellekken te detecteren of op te sporen. Gebruik geen gasontladingslamp of een andere detector met open vlam. De detectieapparatuur moet geschikt zijn voor het type koelmiddel dat in het product wordt gebruikt. Raadpleeg het typeplaatje voor het gebruikte koelmiddel. Elektronische lekzoekers mogen worden gebruikt om koelmiddellekken te detecteren, maar hun gevoeligheid is mogelijk onvoldoende voor brandbare koelmiddelen, waardoor mogelijk een nieuwe kalibratie noodzakelijk is. Kalibreer detectieapparatuur in een ruimte zonder koelmiddel.

WAARSCHUWING: Koolmonoxidegevaar. Het niet in acht nemen van de volgende waarschuwingen kan leiden tot de dood of ernstig letsel!
Installeer of gebruik een onafhankelijke airconditioner niet in het onderruim of in de machinekamer, of nabij een interne verbrandingsmotor. Kies de locatie zodanig dat er geen direct contact kan zijn met dampen uit het onderruim en/of het motorhuis. Controleer of de condensafvoerleiding correct is geïnstalleerd en afgedicht. Laat een condensafvoerleiding niet eindigen binnen een straal van 0,5 m van een uitlaatsysteem van een motor of generator, in een ruimte met een motor of generator, of in een onderruim, tenzij de afvoerleiding goed is aangesloten op een afgedichte condensaat- of douchewaterpomp. Als de afvoerleiding niet goed is geïnstalleerd, kunnen er gevaarlijke dampen in de afvoerleiding terechtkomen en de leefruimte verontreinigen. Installeer de airconditioning niet op een plaats waar hij koolmonoxidebrandstofdampen of andere schadelijke dampen in de leefruimtes van het schip kan circuleren.

WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schokken
De installatie mag alleen worden uitgevoerd door een bevoegde elektricien.

WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schokken, brand en/of explosies
Het niet opvolgen van deze voorzorgsmaatregelen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met een lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke beperking of gebrek aan ervaring of kennis, tenzij zij onder toezicht staan of geïnstrueerd zijn in het gebruik van het apparaat door een volwassene die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten onder toezicht staan om te garanderen dat ze niet met het toestel spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. Dit apparaat mag niet publiekelijk toegankelijk zijn.

WAARSCHUWING: Explosiegevaar. Het niet opvolgen van deze voorzorgsmaatregelen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Installeer de airconditioner niet op een locatie waar zich benzinemotoren, tanks, [U9B7] NB-cilinders, regelaars, kleppen of koppelingen van brandstofleidingen bevinden. Tenzij anders vermeld, moeten zelfregulerende apparaten niet aan de leidingen worden geïnstalleerd voor ontstekingsbeveiliging. Het niet in acht nemen van deze waarschuwing kan leiden tot ernstig letsel of de dood. Elektrische componenten die vlammen of vonken kunnen veroorzaken, mogen uitsluitend worden vervangen door onderdelen die door de fabrikant van het toestel worden voorgeschreven. Vervanging door andere onderdelen kan leiden tot ontbranden van het koudemiddel in het geval van lekkage.

WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schokken. Het niet opvolgen van deze voorzorgsmaatregelen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Zorg ervoor dat de airconditioning goed geaard is om het gevaar van elektrische schokken te minimaliseren. Raadpleeg de installatierichtlijnen voor meer informatie. Voor geïnstalleerde airconditioning is een speciale stroomonderbreker vereist. Als er slechts één airconditioner is geïnstalleerd, is voor de zeewaterpomp geen speciale stroomonderbreker nodig. Als twee of meer airconditioningsapparaten gebruikmaken van dezelfde zeewaterpomp, worden de draden van de pomp aangesloten op een pomprelaispaneel [19R90] dat op zichzelf een specifieke stroomonderbreker moet hebben voor de pomp. Raadpleeg het aansluitschema dat bij het [9R9] is geleverd. Bij alle elektrische aansluitingen in het onderruim en/of onder de waterlijn moeten zelfdichtende, warmtekrimpende kabelverbinders worden gebruikt. De bedrading moet voldoen aan de elektrische voorschriften van [AI X]. De voeding voor het apparaat moet binnen het op het gegevensplaatje aangegeven bedrijfsspanningsbereik liggen. Ter beveiliging van vertakte circuits moeten zekeringen van de juiste grootte of [A] R-stroomonderbrekers worden geïnstalleerd. Raadpleeg het gegevensplaatje voor de maximale grootte van de zekering/stroomonderbreker [M] en de minimale circuitcapaciteit [M] A.

LET OP
Dit apparaat bevat gefluoreerde broeikasgassen in hermetisch afgesloten apparatuur. Raadpleeg het label op het productgegevensplaatje van de condensor voor de hoeveelheid koelmiddel in gewicht en [BV 9]. De hoeveelheid toegevoegd koelmiddel moet worden genoteerd op het label van het apparaat.

LET OP
Gebruik geen koperen buizen om het product te duwen of te trekken.
6 Doelgroep

De mechanische en elektrische installatie en de installatie van het toestel moeten worden uitgevoerd door een bevoegde technicus die vaardigheden en kennis heeft met betrekking tot de constructie en bediening van apparatuur en installaties in motorvoertuigen en die vertrouwd is met de toepasselijke regelgeving van het land waarin de apparatuur moet worden geïnstalleerd en/of gebruikt en die een veiligheidstraining heeft gevolgd om de gevaren te herkennen en te voorkomen.
9 Beoogd gebruik
Deze handleiding is bedoeld voor de installatie van zelfregulerende airconditioningsystemen A] UAU-ACB+K] Ar BCH B Cf H B Cf -U9H B aCf en Cf hierna airconditioners genoemd. De airconditioning is bedoeld voor gebruik op boten en jachten. Deze airconditioning is alleen geschikt voor het beoogde gebruik en de toepassing in overeenstemming met deze gebruiksaanwijzing.
Dit product is alleen geschikt voor het beoogde gebruik en de toepassing in overeenstemming met deze gebruiksaanwijzing.
Deze handleiding geeft informatie die nodig is voor een correcte installatie en/of correct gebruik van het product. Een slechte installatie, onjuist gebruik of onderhoud leidt tot onvoldoende prestaties en mogelijke storingen.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor letsel of schade aan het product die het gevolg is van:
- onjuiste installatie, montage of aansluiting, inclusief te hoge spanning - onjuist onderhoud of gebruik van andere dan door de fabrikant geleverde originele reserveonderdelen - wijzigingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant - gebruik voor andere doeleinden dan beschreven in deze handleiding
De fabrikant behoudt zich het recht voor om het uiterlijk en de specificaties van het product te wijzigen.
: Verklaring van de symbolen op het toestel

Let op: brandgevaar/ontvlambaar materiaal

Let op: niet ontvlambaar materiaal. Brandbaar koudemiddel.

Veiligheidsklasse koudemiddel A2L

Lees de gebruiksaanwijzing.

Uit deze servicehandleiding.
6 Voorinstallatie

LET OP
De zelfstandige condensaatvoerleidingen van de ACBH CF H BaC en CF zijn uitgerust met trillingsisolatoren die in de bodem van de bak waar geïnstalleerd. Deze isolatoren zijn ontworpen om de trillingen te dempen die worden veroorzaakt door de werkende airconditioning en die worden overgebracht aan het montageoppervlak. Wees voorzichtig bij het verplaatsen van de airconditioning over montageoppervlakken, zodat de isolatoren niet beschadigd kunnen raken.

LET OP
De airconditioning moet op een vlak en egaal oppervlak worden gemonteerd, zoals onder in een kluisje, onder een slaapkoof, of op een vergelijkbare plaat. Zorg ervoor dat de behuizing niet wordt blootgesteld aan slijtage, corrosie, buitensporige druk, trilling, scherpe randen of andere nadelige omgevingsinvloeden, waaronder effecten door veroudering of continue trilling veroorzaakt door bijvoorbeeld compressoren of ventilatoren. Zorg ervoor dat beschermingsapparatuur, buizen en leidingen zo goed mogelijk beschermd zijn tegen nadelige omgevingsinvloeden zoals vuilophoping of verzameling van water en vorst in afvoerleidingen. Er moeten voorzorgsmaatregelen worden getroffen om overmatige trilling of pulsatie van de koelleidingen te voorkomen.
NL
6 De installatielocatie bepalen
6.1 Plaatsing van BaC en Cf ten opzichte van luchtstroom
Minimaal 400 mm (16 inch) 2 cm vrij ruimte rondom het koellichaam: Afvoerlucht-rooster 6 schutbord 6 luchtstroom
Plaatsing van alle andere airconditioningsapparaten ten opzichte van de luchtstroom
Minimaal 400 mm (16 inch) 2 cm vrij ruimte rondom het koellichaam: Afvoerlucht-rooster 6 schutbord 6 luchtstroom
- Plaats en locatie met voldoende luchtstroom, het afvoerluchtrooster aan de voorzijde moet ten minste 400 mm (16 inch) of 2 cm aan vrije ruimte voor luchtcirculatie hebben, vrij van obstakels. Als de airconditioning loodrecht ten opzichte van het afvoerlucht-rooster staat, zorg dan voor een minimale vrije ruimte van 400 mm (16 inch) of 2 cm voor luchtcirculatie aan de luchtinlaatzijde.
- Alleen GVTX en TX: zorg voor een minimale vrije ruimte van 400 mm (16 inch) of 2 cm boven en onder het koellichaam.
6.2 De aan/uit-schakelaar draaien
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe de aanjager voor elk type apparaat moet worden gedraaid. Draai indien nodig de aanjager in de richting waarin de meest directe luchtstroom door de buisleidingen kan worden afgevoerd.
6.2.1 Aanjagers GTX, GVTX, DTG en TX
Aanjagerrotatie systeem B, C, BA, BC, ACB en C

Draai de stelschroef op de bevestigingsring van de aanjager los.
- Draai de aanjager in de gewenste stand.
3. Draai de stelschroef aan.
6.2.2 Aanjagers MCS, ECD en GT
Aanjagerrotatie systeem M, H, K, A en BC
1. Draai de 6 ventilator
1. Verwijder de zeven schroeven op de plaat. 2. Draai de aanjager in de gewenste stand. 3. Zet de aanjager vast met zelftappende schroeven (niet meegeleverd).
6.2.3 DCU-aanjager
Aanjagerrotatie A, U-systeem
1. Schroef op de borgring 2. Schroef op drain pan of bracket 1. Verwijder de schroeven van de aanjagerring. 2. Verwijder de schroeven waarmee de ventilator aan de afvoerbak of plaat is bevestigd. 3. Draai de aanjager in de gewenste stand. 4. Zet de aanjager vast met zelftappende schroeven (niet meegeleverd). 5. Dicht alle ongebruikte gaten af om luchtverlies te voorkomen.
6.3 Luchtfilters vervangen
Luchtfilters verwijderen zwevende deeltjes uit de lucht in de cabine en houden de spoel van de verdamper schoon. Plaats voor elke airconditioning luchtfilters hetzij op de airconditioning, hetzij in het afvoerlucht-rooster.
6/9 roosters en overgangsdozen plaatsen
Houd rekening met het volgende bij het plaatsen van de roosters en overgangsdozen:
Monteer het toevoerlucht-rooster zo hoog mogelijk op een plaats waar gelijkmatige luchtverdeling in de passagiersruimte is gewaarborgd. Richt de lamellen van het luchtrooster omhoog. Monteer het afvoerlucht-rooster zo laag mogelijk en zo dicht mogelijk bij de airconditioning om luchtstroom naar de verdamper te garanderen. Richt de uitlaat van de toevoerlucht niet naar het afvoerlucht-rooster omdat het systeem anders kortsluit. Zorg voor voldoende ruimte achter het toevoerlucht-rooster ten behoeve van de overgangsdoos en buisleidingen. Raadpleeg specificaties op pagina 6/9.
7. Installatie

WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schokken
De installatie mag alleen worden uitgevoerd door een bevoegde elektricien.
7.1 Installatie van de montageplaten en condensafvoer

LET OP:
Om te voorkomen dat de afvoerbuis beschadigd raakt, mag u niet meer dan twee lagen loodgieterstape gebruiken om de slangfitting om te wikkelen en mag u de slangfitting niet te strak aandraaien.
Typische plaatsing van montageplaten en condensafvoer
Aansluiting voor condensafvoerslang
2. Montageplaat
Installatie van condensafvoer voor BCF + BACF + ACB en CF

Close-up van drain pan
2. Afvoeropening met schroefdraad : Afvoerslang
NL
Installatie van condensafvoer voor alle andere airconditioningsapparaten

Borgmoer 9 Vaste sluitring
2 Afvoerpakking
9a1-tingOPin2RmmolLOP in 2RmmM90
6 Afvoerstomp-afdichtring
Voor units BCH, BACH, HACB en CF units?
Gebruik het kleine uiteinde van de slangfitting om een slag uit een naar achteren gerichte afvoeropening te slaan door er één keer snel op te slaan met een rubberen hamer. Verwijder de uitgeslagen slag. Wikkel het schroefdraaduiteinde van de slangfitting met loodgieterstape. Schroef de slangfitting in de afvoeropening met schroefdraad en draai de fitting stevig vast.
2. Voor alle andere airconditionings?
Leid de slangfitting door een vaste afdichting en een vloeistofdichte afdichting en draai de fitting in de afvoeropening. Zet vast met een borgmoer.
M. Bevestig de afvoerslang aan de slangfitting met een roestvrijstalen slangklem.
- Leid de afvoerslang naar beneden naar een veilig en geschikt opvangpunt.
Installatie van montageplaat voor units BCH, BACH, HACB en CF units

1 Bevestigingsbout (niet meegeleverd) 2 Boorring (meegeleverd) 6 Montageplaat (meegeleverd).
Montage van montageplaat voor andere airconditioningsapparaten

AfvoerEak 2 Montageplaat 6 | BevestigingsOut niet meegeleverd
P. I reng "n montageplaat aan Geerszijden van de afvoerEak aan op gelijke afstand. Installatie van schuimgreepisolatie op units BaCf en Cf
1 Schuimgreepisolatie 2 Handgreepopening 6 AfvoerEak
G. voor units BaCf en Cf?
Verwijder de folie die de zelfklevende achterkant van de schuimgreepisolatie bedekt. Plaats de schuimgreepisolatie zodanig dat de opening van de handgreep volledig wordt afgedekt met de klevende zijde waar de afvoerEak gericht. Druk rond de opening van de handgreep om de schuimgreepisolatie aan de afvoerEak te bevestigen.
7/2 Installatie van leidingen

WAARSCHUWING- Brand- of explosiegevaar
Externe apparatuur met mogelijke ontstekingsbronnen mogen niet in de leidingen worden geïnstalleerd met uitzondering van apparaten die worden vermeld voor gebruik met het specifieke toestel. Bij modellen die brandbare koudemiddelen gebruiken die via een luchtkanalensysteem worden aangesloten op een of meer ruimtes moet de aanvoer- en retourlucht direct naar de ruimte worden geleid. Open ruimtes zoals in verlaagde plafonds mogen niet worden gebruikt voor een retourluchtkanaal. Leid leidingen niet door een machinekamer of open gebied waar ze kunnen worden blootgesteld aan gevaarlijke dampen of uitlaatgassen.
Houd u aan de volgende voorwaarden bij het aanbrengen van de leidingen?
Leidingen moeten de juiste afmetingen hebben voor uw toepassing. Laat leidingen zo recht, glad en strak mogelijk lopen om het aantal bochten en lussen van 90 tot een minimum te beperken omdat bochten nadelig kunnen zijn voor de luchtstroom. Maak de leidingen stevig vast om doorzakken te voorkomen. Zorg ervoor dat de leidingen niet afgeplat of geknikt worden. Snijd overtollige leidinglengte na installatie af. Isoleer leidingen wanneer deze zich in zeer warme gebieden bevinden.
Als een overgangsdoos wordt gebruikt moet het totale oppervlak van de toevoerluchtkanalen die de kast verlaten ten minste gelijk zijn aan het totale oppervlak van de toevoerleidingen die de kast in gaan. Raadpleeg specificaties op pagina OM
Luchtverbindingen

Glasvezelisolatie 9 MFlar FinnenLuchtslang 2 Montage: Auct tape
6 h vergangsgdoos
Schuif de mof van de flexibele buitenmantel rond de montagering naar de overgangsdoos. 2. Schroef drie of vier roestvrijstalen schroeven door de flexibele buitenmantel in de bevestigingsring en klem daarbij de drie draden vast met behulp van de schroefkappen. 3. Schuif de glasvezelisolatie rond de flexibele binnenmantel naar de overgangsdoos. Zet alles vast met duct tape.
7/6 Het zeewatersysteem installeren

LET OP
Als u deze procedure niet volgt, vervalt de garantie.
Neem de volgende overwegingen in acht bij het instellen van het zeewatersysteem:
De zee moet zich onder de pomp bevinden. Slangen moeten dubbel worden vastgeklemd. De slangen mogen niet knikken of hogere gebieden hebben waarin zich lucht kan verzamelen. De pomp en zee moeten zich onder de waterspiegel bevinden. De rompinlaat, kogelklep, slang en zee mogen niet kleiner zijn dan de pompinlaat. Breng de fitting van de rompinlaat zo ver mogelijk onder de waterspiegel aan. De pomp moet een speciale rompinlaat hebben. Vermijd elleboogstukken van 90 graden zo veel mogelijk. Zorg ervoor dat de pompkop in de richting van de waterstroming wordt gedraaid. Zorg alle schroefdraadverbindingen met loodgieterstape.
Raadpleeg de specificaties op pagina GM voor de maximale en minimale
watertemperatuur en drukwaarden.
Zeewatersysteem
NL
#
Zeewater-uitlaat 7: omhoog lopende inlaatstroom 2: Uitlaatstroom 8: kogelklep 6: Airconditioning A: waterschep-rompinlaat 9: zeewaterpomp B: waterspiegel 10: slangklemmen. De richting van de pompkopzeel corrigeren
6 mee
1. Plaats een waterschep-rompinlaat voor zeewater zo dicht mogelijk bij de kiel en zo ver mogelijk onder de waterspiegel, en bevestig de waterschep-rompinlaat met een afdichtmiddel voor maritiem gebruik dat is ontworpen voor gebruik onder water. 2. Breng een bronzen zeewaterkraan met volledige doorstroming aan op de waterschep-rompinlaat. 3. Breng een zeewaterzee aan onder het niveau van de pomp met toegang tot het water. 4. Monteer de pomp boven de zee en ten minste 30 cm onder de waterspiegel. 5. Verbind de zeewaterkraan en zee middels een versterkte omhooglopende slang voor maritiem gebruik. 6. Sluit de afvoer van de pomp omhooglopend aan op de onderste inlaat van de condensorspoel van de airconditioning met een versterkte slang met diameter van 1/2 inch voor maritiem gebruik. 7. Sluit de afvoer van de condensorspoel aan op de buitenboord-uitlaatfitting middels een versterkte slang met diameter van 1/2 inch voor maritiem gebruik. 8. Voorkom bij de zeewaterslang schuren, verhogingen en het gebruik van 90-graden bochtstukken. Elk bochtstuk van 90 graden is gelijk aan 24,4 meter slang en een bochtstuk van 90 graden op de uitlaat van de pomp is gelijk aan 20,0 meter slang. 9. Zorg alle slangverbindingen met dubbele klemmen van RVS. Breng de klemmen in omgekeerde richting aan waar nodig. 10. Sluit alle metalen onderdelen die in contact komen met zeewater aan op het aansluitsysteem van het vaartuig.
Schakel altijd de stroomonderbreker van de airconditioning uit voordat u de elektrische kast opent. Het niet in acht nemen van deze waarschuwing kan leiden tot ernstig letsel of de dood. Zorg ervoor dat de schakelkast zich op een plaats bevindt waar deze is beschermd tegen water.

LET OP
Sluit de airconditioning aan op het aansluitsysteem van de boot om corrosie door elektrische strooistroom te voorkomen. Alle pompen, metalen kleppen en aansluitingen in de zeewaterkringloop die van de airco geïsoleerd zijn met slangen moeten afzonderlijk worden gekoppeld aan het aansluitsysteem van de boot.

INSTRUCTIE Als het systeem niet correct is geaard en verbonden, vervalt de garantie.
Alle airconditioningsapparaten hebben een klemmenstrook geplaatst voor de juiste aansluitingen in de elektrische kast. Het aansluitschema in de elektrische kast heeft voorrang op de AI-normen. Gebruik een stroomonderbreker van de juiste grootte om het systeem te beschermen zoals aangegeven op het gegevensplaatje van de
airconditioning. Gebruik minimaal een bootkabel van 12 AWG om de airconditioning en de zeewaterpomp van stroom te voorzien. Breng alle verbindingen tot stand met ringvormige of vorkvormige aansluitingen.
Let op het volgende bij het maken van elektrische verbindingen:
De aarding van de wisselstroom (AC) moet worden aangesloten op de aardaansluiting (PE) op het aansluitblok voor de netvoeding. Verbindingen tussen de aardgeleider van het wisselstroomsysteem (AC) van het vaartuig en het negatieve gelijkstroomsysteem (DC) van het vaartuig moeten worden gemaakt als onderdeel van de bedrading van het vaartuig. Controleer bij onderhoud of vervanging van bestaande apparatuur met een op het chassis gemonteerde aardingsbout de bedrading van het vaartuig op deze verbindingen. AC- en DC-airconditioners zijn ontworpen om te werken op wisselstroom of hoogspannings-gelijkstroom. Raadpleeg het aansluitschema van het vaartuig voor de juiste plaatsing.
Zorg ervoor dat de gelijkstroomaarde van de boot. Zorg er in de boot voor dat de gelijkstroomaarde op de elektra een punt is verbonden met de wisselstroomaarde.
Controleer vóór het opstarten alle elektrische aansluitingen en maak deze waar nodig opnieuw vast.
8 Verwijdering

Dit toestel bevat ontvlambaar isolerend blaasgas.
Laat het toestel alleen door een specialist verwijderen en afvoeren.

Gooi het verpakkingsmateriaal indien mogelijk altijd in recyclingafvalbakken. Vraag het dichtstbijzijnde recyclingcentrum of dealer om informatie over hoe het product kan worden weggegooid in overeenstemming met alle van toepassing zijnde nationale en lokale regelgeving.
A Technische gegevens
Lees deze instructies volledig door en plan vervolgens de aansluitingen die op de airconditioning moeten worden gemaakt, inclusief leidingen, condensafvoerleidingen, zeewaterinlaat- en -afvoerslangen, elektrische voedingsaansluitingen, plaats van de bediening en plaatsing van de zeewaterpomp, zodat deze gemakkelijk toegankelijk zijn voor geleiding en toekomstig onderhoud.
A/1 Locaties van onderdelen
Identificatie van onderdelen van het airconditioningsysteem
1) Toevoerlucht-rooster en overgangsdoos A Afsluitklep zeewaterkraan 2 Digitale weergave B Zeewaterzeef (schakelaar) 3 Pomp
9 Optionele externe luchtsensorkabel 2 Aansluiting voor condensaatafvoerslang
5 Afvoerslang voor zeewater 6 Montageplaat 6 Buitenboord-uitlaat 9 Airconditioning 7 Inlaatslang voor zeewater 4 Retourluchtrooster en -filter 8 Waterschep-rompinlaat voor zeewater 6 Geïsoleerde flexibele leidingen
A/2 Specificaties
De koelkring bevat een kleine hoeveelheid milieuviendelijk en onbrandbaar koelmiddel. Het schaadt de ozonlaag niet en versterkt het broeikaseffect niet. Lekkend koelmiddel kan vlam vatten.
Dit product bevat gefluoreerde broeikasgassen.
Het koelaggregaat is hermetisch gesloten.
Tabel 6: Minimale afmetingen van kanalen en roosters per BTU-capaciteit
| 6/3 BTU 6 3 BTU 8 3 BTU | B 3 BTU | |||
| Minimale 3anaaldiameter | M100 in IRGF2 mm² | 4400 in ||0|H0 mm² | PH00 in ||2R#0 mm² | Q100 in ||P2#4 mm² |
| Minimale 3anaalpper- 2la3te | O15 inj MHT cmj0 | ||2G inj NSjHM cmj0 | JTH inj ||2GP cmj0 | 2SIR inj ||S2#0 cmj0 |
| Minimaal af2oer- 101' t-rooster | 45H0 inj MOTHR cmj0 | Q4H0 inj ||4)2T cmj0 | S0H0 inj ||PQ#2 cmj0 | ||00H0 inj ||Q4P 12 cmj0 |
| Minimaal toe2oer- 101' t-rooster | ||2H0 inj RRR4 cmj0 | W2H0 inj ||20HP cmj0 | 4S#0 inj WOTHR cmj0 | Q0H0 inj WSRj cmj0 |
| ||23 BTU | ||6 3 BTU | ||8 3 BTU | 27 3 BTU | |
| Minimale 3anaaldiameter | Q100 in || P2#4 mm² | R800 in || RRRS mm² | R900 in || RRS mm² | S100 in ||20M2 mm² |
| 123 BTU | 163 BTU | 183 BTU | 273 BTU | |
| Minimale 3anaalpper-2la3re | 25M inj|| S24Q cmjC | MSHP inj|24S44 cmjC | MSHP inj|24S44 cmjC | P0M inj|W24P cmjC |
| Minimaal af2oor-101' t-rooster | | W00 inj|SMS|S cmjC | | G00 inj|OM24M cmjC | 2000 inj|I2T04 cmjC | 2400 inj|IP4SHP cmjC |
| Minimaal toe2oor-101' t-rooster | R00 inj|4P|Q cmjC | S00 inj|P024 cmjC | J000 inj|IO4P2 cmjC | J200 inj|RR4+2 cmjC |
Tabel 9: Bedrijfstemperatuur en -druk van het water
| Minimale , edrillstemperat00r 2an ' et water | 4000 iY [4944 i] ( |
| Maximale , edrillstemperat00r 2an ' et water | 5000 iY [23HQQ i] ( |
| Minimale , edrillwaterdr03 | 412 psi [002T Earl [2TH00 k9a] |
| Maximale , edrillwaterdr03 | 000 psi [004J Earl [4J4J 4k9a] |
Volg de KGA-gebruiksvoorwaarden.

INSTRUCTIE: Als niet aan deze omstandigheden wordt voldaan, werkt het apparaat mogelijk met een verminderde capaciteit.
B. Installatie
Alleen GVTX-modellen? Om te voldoen aan IK] 00PMNH mag u het product niet binnen TIS b W/00 m van een ontvangstantenne installeren.
Garantie
Lees de onderstaande paragrafen voor informatie over garantie en ondersteuning in de VS, Canada en alle andere regio's.
Verenigde Staten en Canada
DOMETIC CORPORATION MARINE CUSTOMER SUPPORT CENTER 2000 NORTH ANDREWS AVENUE POMPANO BEACH, FLORIDA, USA 33069 1-800-542-2477
Azië-Pacific (APAC) landen
Neem contact op met de verkoper of met de vestiging van de fabrikant in uw land via dometic.com/dealer als het product niet naar behoren werkt. De garantie van toepassing op uw product bedraagt 1 jaar.
Stuur voor de afhandeling van reparaties onder garantie de volgende documenten mee?
Een kopie van de factuur met datum van aankoop, een bewijs van de claim en een beschrijving van de fout.
Houd er rekening mee dat eigenmachtige of niet-professionele reparatie gevolgen voor de veiligheid kan hebben en dat de garantie hierdoor kan komen te vervallen.
Alleen Australië
Onze producten worden geleverd met garanties die niet kunnen worden uitgesloten onder de Australische consumentenwet. U heeft recht op een vervanging of vergoeding voor ernstige fouten en op compensatie voor elk ander redelijkerwijs te voorzien verlies of schade. U heeft bovendien recht op reparatie of vervanging van de producten indien de producten niet van acceptabele kwaliteit zijn en de fout niet gelijk staat aan ernstige fouten.
Alleen Nieuw-Zeeland
Dit garantiebeleid is onderhevig aan de voorwaarden en garanties die verplicht zijn zoals geïmpliceerd door de Wet op consumentengaranties.
Alle andere regio's
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, neem dan contact op met de vestiging van de fabrikant in uw land via dometic.com/dealer of uw verkoper.
Heeft u voor de afhandeling van reparaties of garantie de volgende documenten mee?
Een kopie van de factuur met datum van aankoop, de reden voor de claim of een beschrijving van de fout.
Houd er rekening mee dat eigenmachtige, niet-professionele reparatie gevolgen voor de veiligheid kan hebben en dat de garantie hierdoor kan komen te vervallen.
Dans3
Inhoudsopgave... 2 Verklaring van symbolen.. 3 Modelgroep.. 4 Correct gebruik. 4 Verklaring van de symbolen op het apparaat. 5 Voor installatie. 5 Montage.. 6 Storingsmeldingen.. 7 Technische gegevens. 8 Juridische opmerkingen. 8 Garantie. 8
9 (afvoerpomp) B aanvoerleiding
: (slangklemmen) Correcte plaatsing van de pompbehuizing
ter
6 Filter
1. Installeer een scoop-schroefinlaat voor zeewater zo dicht mogelijk bij de kiel en zo ver mogelijk onder de waterlijn. Bevestig de scoop-schroefinlaat met een afdichtingsmiddel van maritieme kwaliteit dat geschikt is voor onderwatergebruik. 2. Installeer een bronzen afsluiter met volledige doorstroming op de scoop-schroefinlaat voor zeewater. 3. Installeer een zeewaterfilter onder het niveau van de pomp met toegang tot het filter. 4. Monteer de pomp boven het filter en ten minste één voet onder de waterlijn. 5. Sluit de afsluiter en het filter aan op een versterkte slang van maritieme kwaliteit die omhoog loopt. 6. Sluit de uitlaat van de pomp omhoog aan op de onderste inlaat van de condensorspoel van het airconditioningsysteem met een versterkte P/SY-slang van maritieme kwaliteit. 7. Sluit de uitlaat van de condensorspoel aan op de doorvoer van de romp voor de buitenuitgang met een versterkte P/SY-slang van maritieme kwaliteit. 8. Vermijd lussen op hoge plaatsen en gebruik alle T-stukken samen met de zeewaterslang; elk T-stuk is gelijk aan 2,5 meter slang, en een T-stuk op de pompuitlaat is gelijk aan 20 meter slang. 9. Bevestig alle slangverbindingen met twee klemmen van roestvrij staal; draai indien nodig de klemmen om. 10. Sluit alle metalen delen die in contact komen met zeewater aan op het aardingssysteem van de boot.
Aukstuma eenta dros,Es grupa A2
1 katiet lietosanas rokasgr: matu.
! katiert servisa rokasgr: matu.

NEMIETVEA
ACB-BCfHBaCf un Cf autonomaj: m kondens: ta pamatnes tekemir viEr: cijas izolatoriKhas uzst: dti teknes apaks; Sie izolatori ir paredzeti tam lai sl petuviEr: ciju ko izraisa ieslegts gaisa kondicondct: jskas p:nes viEr: ciju uz mont:zas virsmu. B aisa kondicctione: ja p: rvietosana p: ri mont:zas virsm: mir j: veic uzman.gj io izolatori var tikt Eoj: ti.

NEMIETVEA
Baisa kondictione: js j: uzst: da uz zemas+ plakanas un l:dzenas virmas+ piemeram+ skap: sapaks: h zem divst: vu gultas vai pusdienosanas sedekja vai k: d: ldz:g. viet.: 9: rliecinietiesi ka kaEe i nav paklauti nodilumu izraisoem apst: kiem korozijai p: mre gam spiedienam Er cijai asu malu iedarE:Eai vai jeEk: dai citai nelaEvelgai itekmi uz vidit tostar itekmei ko izraisa novecosanaiv past:vga viEr cija ko rada t: di avotik: piemeram kompresorisi vai ventilatori. Nodrosinieti lai aizsard;Eas ierycescaurulvadi un armatura ir pec iespejas laE:kaizsarg:taspretnelaEvilguitekmiuzvidihiemeramntruun gruzu uzkr: sanos vaidensav: kisan un sasaianu iztuksoanas caurules. :veic piesardz;Eas pas: kumih lai izvair;tos no p: rmer,gas viEr: cijas vai puls:cijas aukstumaeenta caurulvados.
6/) U5stadiyanas 2ietas i52ele
J. BaCf un Cf novietojums attiec;E: pret gaisa plismu
)M00inRQcm 9 400in00Cm 2!ltumuztveeje:Atplides gais rezis 6 | tarpsiena 6 B aisa plisma
aisitu gaisa kondiconesanasiercu novietojums attieE: pret gaisa plismu
400inJ01Qcm 9 MH00 in R-G2 cm 2 Atpludes gaisa rezoiis :! tarpsiena 6 Baisaplusma
- Izveliieties Vietu ar pietiekamu gaisa plusmu. Baisa atpludes rezao priekspuseirj: Eut vismaz 400 in [0] 0 cm atstarpei gaisa cirkul: cijail un tas nedr;kst Eut nosprostots. M. la gaisa kondictionet: js ir novietots perpendicular: ri gaisa atpludes sadales rezoin uzturiet vismaz M00 in 10G2 cm atstarpi gaisa ieplides pus eaisa cirkul: cijai.
- Ti3ai GVTX On TX: Nodrosiniet vismaz No0 in RG2 cmf atvertu zonu virs un zem siltumuztvereja.
6/2 Ventilatoragprieyana
Saj: sadal: ir paskaidrots+ k: pagriezt ventilatoru katra tipa ier,cei. va nepiecieams+ pagrieziet ventilatoru virzien; kas lauj caur caurulvadu izpust visties: ko gaisa plismu.
6/2/) GTX, GVTX, DTG On TX(2entilatori
BCf + BaCf + ACB een CF ventilatiesysteem rotatie
