PH 700e - Heggenschaar STIGA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PH 700e STIGA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PH 700e STIGA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Heggenschaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PH 700e - STIGA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PH 700e van het merk STIGA.
GEBRUIKSAANWIJZING PH 700e STIGA
3.1 Beschrijving machine en beoogd gebruik..... 6
3.2 Veiligheidssignalen....6
3.3 Identificatielabel product 7
3.4 Belangrijkste onderdelen.... 7
- MONTAGE....7
4.1 Onderdelen voor de montage.... 7
4.2 Montage Heggenschaar....8
4.3 VERLENGING VAN DE Heggenschaar .....8
4.4 VERWIJDERING VAN DE HEGGENSCHAAR 8
4.5 VOORBEREIDING VAN DE ACCURUGZAK (indien aanwezig) 8
- BEDIENINGSELEMENTEN....8
5.1 Contacttoets (in/uitschakelinrichting) 8
5.2 Hendel versnelling....8
5.3 blokkeringshendel versnelling 8
- GEBRUIK VAN DE MACHINE....8
6.1 Voorafgaande werkzaamheden....8
6.2 Veiligheidscontroles 9
6.3 Starten 10
6.4 Het werken 10
6.5 Stoppen.... 11
6.6 Na het gebruik.... 11
- GEWOON ONDERHOUD....11
7.1 Algemeen.... 11
7.2 Accu....12
7.3 Reiniging van de machine 12
7.4 reiniging en smering van de snij-inrichting.... 13
7.5 Moeren en schroeven voor bevestiging......13
- BUITENGEWOON ONDERHOUD....13
8.1 Buitengewoon onderhoud van de snij-inrichting 13
- STALLING.... 13
9.1 Stalling van de machine 13
9.2 Stalling van de accu 14
-
HANTERING EN TRANSPORT 14
-
ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN 14
- GARANTIEDEKKING 14
- TABEL ONDERHOUD 14
- PROBLEMEN IDENTIFICATIE....15
- OP AANVRAAG LEVERBARE ACCESSOIRES ... 16
15.1 Batterijen.... 16
15.2 Batterijlader 16
15.3 Accurugzak 16
15.4 Accusimulator 16
1. ALGEMEEN
1.1 HOE DE HANDLEIDING LEZEN
In de tekst van de handleiding worden enkele paragrafen, die gegevens van bijzonder belang bevatten met betrekking tot de veiligheid of de werking, op verschillende wijze gekenmerkt, volgens het volgende criterium:
OPMERKING of BELANGRIJK verstrekt nadere gegevens of andere elementen ter aanvulling op hetgeen daarvoor vermeld is, om te voorkomen dat de machine beschadigd wordt of dat er schade veroorzaakt wordt.
Het symbool wijst op een gevaar. Veronachtzaming van de waarschuwing leidt tot mogelijke persoonlijke letsels of letsels aan anderen en/of schade.
De paragrafen die aangegeven zijn met een grijze stippen-boord wijzen op optionele kenmerken die niet aanwezig zijn op alle modellen die in deze handleiding beschreven zijn. Controleer of het kenmerk aanwezig is op het model in kwestie.
De aanwijzingen "voor", "achter", "rechts" en "links" hebben betrekking op de werkpositie van de bediener.
1.2 REFERENTIES
1.2.1 Afbeeldingen
De afbeeldingen in deze gebruiksaanwijzingen zijn genummerd 1, 2, 3 enz.
De onderdelen die op de afbeeldingen zijn aangegeven, zijn gekentekend met de letters A, B, C enz.
Een verwijzing naar het onderdeel C in afbeelding 2 wordt aangegeven met de tekst: "Zie afbeelding 2.C" of eenvoudigweg "(Afb. 2.C)".
De afbeeldingen zijn indicatief. De effectieve delen kunnen wijzigen ten opzichte van wat aangegeven is.
1.2.2 Titels
De handleiding is onderverdeeld in hoofdstukken en paragrafen. De titel van de paragraaf "2.1 Training" is
een ondertitel van "2. Veiligheidsvoorschriften". De verwijzingen naar titels of paragrafen zijn aangegeven met de afkorting hfdst. of par. en het desbetreffend nummer. Voorbeeld: "hfdst. 2" of "par. 2.1".
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
⚠ Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij de machine worden geleverd. Het niet in acht nemen van de hierna aangegeven instructies kan elektrische schokken, brand en/of ernstige letsels veroorzaken.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies om ze in de toekomst te kunnen raadplegen.
De term ‘elektrisch gereedschap’ in de waarschuwingen verwijst naar uw machine met netvoeding (met kabel) of met accuvoeding (zonder kabel).
1) Veiligheid van de werkzone
a) Houd de werkzone netjes et goed verlicht. Donkere en rommelige ruimtes vergemakkelijken ongelukken.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap in omgevingen met ontploffingsgevaar, in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gas of stof. De elektrische gereedschappen genereren vonken die stof of dampen kunnen doen ontvlammen.
c) Hou kinderen en omstanders uit de buurt wanneer gebruik gemaakt wordt van een elektrisch gereedschap. Een moment van onoplettendheid kan ertoe leiden dat men de controle over de machine verlies.
2) Elektrische veiligheid
a) De stekkers van het elektrische gereedschap moeten in het stopcontact passen. Wijzig de stekker op geen enkele manier. Gebruik geen adapterstekkers met geaard elektrisch gereedschap. Ongemodificeerde stekkers en bijpassende stopcontacten verminderen het risico op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.
c) Stel de elektrische gereedschappen niet bloot aan regen of vocht. Water dat
in een elektrisch gereedschap sijpelt verhoogt het risico voor elektrische schokken.
d) Misbruik de kabel niet. Gebruik de kabel nooit om het elektrisch gereedschap te dragen, te trekken of los te koppelen. Houd de kabel op afstand van hittebronnen, olie, scherpe randen of bewegende delen. Beschadigde of verwarde kabels verhogen het risico op elektrische schokken.
e) Als u elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruik dan een verlengstuk dat geschikt is voor buitenshuis gebruik. Het gebruik van een kabel die geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert het risico op elektrische schokken.
f) Als het onvermijdelijk is om elektrisch gereedschap op een vochtige plaats te gebruiken, gebruik dan een voeding die is beveiligd met een aardlekschakelaar (RCD). Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op elektrische schokken
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf attent, controleer wat er gaande is en gebruik altijd het gezond verstand wanneer een elektrisch gereedschap gebruikt wordt. Gebruik het elektrisch gereedschap niet wanneer u moe bent, geneesmiddelen, alcohol of drugs gebruikt hebt. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van een elektrisch gereedschap kan ernstige persoonlijke letsels veroorzaken.
b) Gebruik beschermende kleding. Draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van een beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislipschoenen, een veiligheidshelm of een oorbescherming voorkomt persoonlijke letsels.
c) Voorkom dat de machine ongewild start. Zorg ervoor dat het apparaat uitgeschakeld is vooraleer de accu te plaatsen, of gereedschap vast te nemen of te transporteren. Een elektrisch gereedschap transporteren met een vinger op de schakelaar of de accu monteren met de schakelaar in de stand "ON" verhoogt het risico op ongevallen.
d) Verwijder alle sleutels of regelinstrumenten vooraleer het elektrisch gereedschap in te schakelen. Een sleutel of gereedschap dat in contact blijft met een bewegend onderdeel kan persoonlijke let-sels veroorzaken.
e) Ga niet overhellen. Ga altijd stabiel staan en zorg ervoor dat het evenwicht niet verloren wordt. Zo heeft men in on-
verwachte situaties een betere controle over het elektrisch gereedschap.
f) Draag gepaste kleding. Draag geen ruime kleding of juwelen. Hou het haar, de kleding en de handschoenen op veilige afstand van bewegende onderdelen.
Loshangende kledingstukken, juwelen of lang haar kunnen gegrepen worden in de bewegende onderdelen.
g) Als er delen met stofafname-installaties verbonden moeten worden, verzeker u er dan van dat ze goed verbonden en gebruikt worden. Door het gebruik van deze inrichtingen kunnen de risico's met betrekking tot stof beperkt worden.
h) Laat de vertrouwdheid die u met het veelvuldig gebruik van de machine opgedaan heeft u niet misleiden, zodat u veiligheidsprincipes zou negeren. Nalatigheid kan in een fractie van een seconde ernstig letsel veroorzaken.
4) Gebruik en onderhoud van het elektrisch gereedschap
a) Het elektrisch gereedschap niet overbelasten. Gebruik het elektrisch gereedschap dat geschikt is voor het werk. Met een gepast elektrisch gereedschap zal het werk beter en op veiliger wijze uit te voeren, aan de snelheid waarvoor het gereedschap ontworpen werd.
b) Gebruik het elektrisch gereedschap indien de schakelaar hem niet correct kan in- en uitschakelen. Een elektrisch gereedschap dat niet bediend kan worden met de schakelaar is gevaarlijk en moet gerepareerd worden.
c) Verwijder de accu uit zijn zitting vooral-eer een regeling uit te voeren of accessoires te veranderen, of vooraleer het elektrisch gereedschap op te bergen. Deze preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico voor accidentele inschakelingen van het elektrisch gereedschap.
d) Hou de niet gebruikte gereedschappen buiten het bereik van kinderen en laat ze niet gebruiken door personen die niet vertrouwd zijn met het gereedschap zelf of met deze instructies. De elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk indien ze gebruikt worden door onervaren personen.
e) Onderhoud de elektrische gereedschappen correct. Controleer of de bewegende onderdelen goed uitgelijnd zijn en vrij kunnen bewegen, of er geen delen gebroken zijn en of er andere condities zijn die een invloed kunnen hebben op de werking van het elek-
trisch gereedschap. Bij schade moet het gereedschap gerepareerd worden vooraleer het opnieuw te gebruiken. Vele ongevallen worden veroorzaakt door een ontoereikend onderhoud.
f) Alle snijonderdelen moeten scherp en schoon gehouden worden. Wanneer de snijonderdelen altijd scherp en schoon zijn, zullen ze minder snel vastlopen en makkelijker te beheersen zijn.
g) Gebruik het elektrisch werktuig en de bijhorende toebehoren volgens de verschafte instructies, en houd rekening met de werkcondities en het soort werk dat uitgevoerd moet worden. Het gebruik van een elektrisch werktuig voor andere handelingen dan diegene die voorzien zijn kan tot gevaarlijk situaties leiden.
h) Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet. De gladde handgrepen staan geen veilige hantering en controle van het gereedschap in onverwachte situaties mogelijk.
5) Gebruik en voorzorgsmaatregelen voor het gebruik van de werktuigen met accu
a) Enkel herladen met de door de fabrikant aangegeven acculader. Een acculader geschikt voor een bepaalde accugroep kan een risico op brand inhouden indien deze gebruikt wordt voor een andere accugroep.
b) Gebruik de elektrische werktuigen enkel met de specifiek bepaalde accugroepen. Het gebruik van eender welke andere accugroep kan risico op letsels en brand veroorzaken.
c) Wanneer de accugroep niet in gebruik is, moet men deze op afstand houden van andere metalen voorwerpen zoals nietjes, muntstukken, nagels, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding tussen de twee aansluitklemmen kunnen creëren. Kortsluiting van de aansluitklemmen van de accu kan brandwonden of brand veroorzaken.
d) Indien de accu in slechte staat is, kan er vloeistof uit lekken: vermijd alle aanrakingen. Indien er zich een ongewilde aanraking voordoet, moet men onmiddellijk met water spoelen. Indien de vloeistof in de ogen komt, moet men onmiddellijk medische hulp zoeken. De vloeistof die uit de accu lekt, kan huidirritatie of brandwonden veroorzaken.
e) Gebruik geen beschadigde of gewijzigde accu's of instrumenten. Beschadigde of gewijzigde accu's kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen, wat kan leiden tot brand, explosie of risico op letsel.
f) Stel een accu niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Blootstelling aan vuur of temperaturen boven 130°C kan explosies veroorzaken. OPMERKING. De temperatuur "130°C" kan worden vervangen door de temperatuur "265°F".
g) Volg alle oplaadinstructies en laad de accu niet op buiten het in de instructies gespecificeerde temperatuurbereik.
Onjuist opladen of bij temperaturen buiten het gespecificeerde bereik kan de accu beschadigen en het risico op brand vergroten.
6) Assistentie
a) Laat het elektrisch gereedschap repareren door gekwalificeerd personeel en gebruik alleen originele onderdelen. Op die manier wordt de veiligheid van het elektrisch gereedschap in stand gehouden.
b) Herstel geen beschadigde accu's. Onderhoud aan de accu mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of geautoriseerde serviceproviders.
2.2 SPECIFIEKE VEILIGHEIDSNORMEN VOOR HEGGENSCHAREN
a) Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van het mes. Verwijder het gesneden materiaal niet en houd het niet vast terwijl de messen bewegen. De messen blijven bewegen nadat de schakelaar is uitgeschakeld. Een moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van de heggenschaar kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
b) Verplaats de heggenschaar door hem bij de handgreep vast te houden met het mes stil en zorg ervoor dat u geen enkele stroomschakelaar bedient. Door de heggenschaar op de juiste manier te vervoeren, vermindert u het risico op onbedoeld starten en daaropvolgend persoonlijk letsel veroorzaakt door de messen.
c) Breng altijd de mesbescherming aan wanneer u de heggenschaar vervoert of opbergt. Als u de heggenschaar op de juiste manier gebruikt, vermindert u het risico op persoonlijk letsel door de messen.
d) Als u vastgelopen materiaal verwijdert of onderhoud pleegt aan het apparaat, zorg er dan voor dat alle schakelaars uit staan en dat de accu verwijderd of losgekoppeld is. Onverwachte bediening van de heggenschaar tijdens het verwijderen van vastgelopen materiaal of tijdens onderhoud kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
e) Houd de heggenschaar alleen vast aan de geïsoleerde handgreepoppervlakken, omdat het mes in contact kan komen met verborgen kabels. Als messen in contact komen met een kabel die onder spanning staat, kunnen blootliggende metalen onderdelen van de heggenschaar on-
der spanning komen te staan en een elektrische schok veroorzaken bij de gebruiker.
f) Houd alle stroomkabels en kabels uit de buurt van het snijgebied. Stroomkabels kunnen verborgen zijn in heggen of struiken en per ongeluk worden doorgesneden door het blad.
g) Gebruik de heggenschaar niet bij slecht weer, vooral niet als er kans is op bliksemin-slag. Dit verkleint het risico om door de bliksem te worden getroffen.
h) Om het risico op elektrocutie te verminderen, mag de heggenschaar op steel nooit in de buurt van elektrische leidingen worden gebruikt. Het contact met elektrische leidingen of het gebruik in de buurt ervan kan ernstig letsel of levensgevaarlijke elektrische schokken veroorza-ken.
i) Gebruik altijd twee handen bij het gebruik van de heggenschaar op steel. Houd de heggenschaar op steel met beide handen vast om controleverlies te voorkomen.
j) Draag altijd een helm bij gebruik van de heggenschaar op steel. De val van afval kan ernstig letsel veroorzaken.
In geval van breuken of ongevallen tijdens het werk, dient men de motor onmiddel- lijk stil te zetten en de machine te verwijderen om geen verdere schade te berokkenen; in geval van ongevallen met persoonlijke letsels of letsels aan derden, dient men onmiddellijk de meest geschikte eerste-hulp-procedures te volgen voor de situatie en zich tot een gezondheidsstructuur te richten voor de nodige zorgen. Verwijder zorgvuldig eventuele resten die schade of letsels aan personen of dieren kunnen veroorzaken indien ze onopgemerkt blijven.
De langdurige blootstelling aan trillingen kan neuro-vasculaire letsels en problemen veroorzaken (ook gekend onder de naam «fenomeen van Raynaud» of «witte hand»), vooral bij personen die circulatiestoornissen hebben. De symptomen kunnen betrekking hebben op de handen, de polsen en de vingers, met verlies van gevoeligheid, loomheid, jeuk, pijn, verkleuring of structurele wijzigingen van de huid. Deze effecten kunnen versterkt worden door een lage omgevingstemperatuur en/of een overdreven druk op de handgreep. Wanneer deze symptomen optreden, moet de machine minder lang gebruikt worden en is het noodzakelijk een arts te raadplegen.
2.3 ONDERHOUD, STALLING
Regelmatig onderhoud en een correcte stalling garanderen de veiligheid van de machine en het niveau van de performance.
- Wanneer u de machine uitschakelt voor onderhoud, inspectie, opslag of om een hulpstuk te vervangen, moet u de motor uitschakelen, de stekker van de machine uit het stopcontact trekken en ervoor zorgen dat alle bewegende delen volledig stilstaan.
- Laat de machine afkoelen voordat u controles en afstellingen uitvoert en voordat u het opbergt.
- Bewaar het zorgvuldig en bewaar het schoon, op een droge plaats en buiten het bereik van kinderen.
- Gebruik de machine nooit als er onderdelen versleten of beschadigd zijn. Defecte of versleten onderdelen moeten worden vervangen en nooit gerepareerd. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Laat geen houders met restmateriaal in een gesloten ruimte, om het risico op brand te voorkomen.
⚠ De geluids- en trillingsniveaus in deze instructies zijn maximumwaarden voor het gebruik van de machine. Het gebruik van een niet gebalanceerd maai-element, een overdreven snelheid van de beweging en gebrekkig onderhoud hebben een negatieve invloed op het geluidsniveau en op de trillingen. Bijgevolg is het noodzakelijk preventieve maatregelen te treffen om mogelijke schade ten gevolge van een hoog geluidsniveau en stress van trillingen te vermijden; zorg voor het onderhoud van de machine, draag gehoorbescherming, maak pauzes tijdens het werk.
2.4 ACCU / ACCULADER
LET OP
De hierna volgende veiligheidsnormen vervolledigen de veiligheidsvoorschriften die aangegeven zijn in de specifieke handleiding van de acculader.
- Gebruik voor het laden van de accu enkel de door de fabrikant aanbevolen acculaders. Een niet geschikte acculader kan leiden tot elektroshock, oververhitting of lekken van de corrosieve vloeistof van de accu.
-
Gebruik enkel de specifieke accu's die voor uw toestel voorzien zijn. Het gebruik van andere accu's kan leiden tot letsels en risico op brand.
-
Houd de niet gebruikte accu ver van kan-toorklemmetjes, muntstukken, sleutels, spijkers of andere kleine metalen voorwerpen die een kortsluiting van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Een kortsluiting van de contacten van de accu kan tot brand leiden.
- Gebruik de acculader niet in een omgeving waar er stoom aanwezig is, met ontvlambare materialen of op gemakkelijk ontvlambare oppervlakten zoals papier, stof, enz. Tijdens het opladen, wordt de accu opgewarmd en zou brand kunnen veroorzaken.
- Zorg er bij het transport van accu's voor dat de contacten niet met elkaar verbonden zijn en gebruik geen metalen containers voor het transport.
- Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, accu's, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op het milieu; dit afval mag niet met de huisafval weggeworpen worden, maar moet gescheiden worden en aan speciale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen.
- Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de afdanking van het afval
- Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldende plaatselijke normen.

Gooi elektrische apparatuur niet bij het gewoon huishoudelijk afval. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/EG inzake elektrisch en elektronisch afval en de toe-passing ervan overeenkomstig de nationale wetgeving, moet de afgedankte elektrische apparatuur apart ingezameld worden voor recyclagedoeleinden. Indien de elektrische apparatuur afgedankt wordt op een afvalpark of in de ondergrond, kunnen de schadelijke stoffen de waterlaag bereiken en in de voedingsketen terecht komen, met nadelige gevolgen voor uw gezondheid en welzijn. Voor meer informatie over de afdanking van dit product, contacteer de instantie die bevoegd is voor de verwerking van het huis-houdelijk afval of raadpleeg uw Verkoper.

Li-ion
Aan het einde van hun levensduur, moet men de accu's met de nodige zorg voor het milieu afdanken. De accu bevat materialen die gevaarlijk zijn voor U en voor de omgeving. Ze moet verwijderd worden en gescheiden ingezameld worden nabij een structuur die lithium-ion-accu's aanvaardt.

De gescheiden inzameling van gebruikte producten en verpakkingen staat recycling en hergebruik van de materialen toe. Het hergebruik van gerecycled materiaal helpt de vervuiling van het milieu te voorkomen en vermindert de vraag naar grondstoffen.
3. LEER DE MACHINE KENNEN
3.1 BESCHRIJVING MACHINE EN BEOOGD GEBRUIK
Deze machine is een tuingereedschap en met name een draagbare heggenschaar met accutoevoer.
De machine bestaat hoofdzakelijk uit een motor die een snij-inrichting inschakelt.
De bediener kan de belangrijkste commando's bedienen terwijl hij steeds op veilige afstand van de draaiende delen blijft.
3.1.1 Voorzien gebruik
Deze machine is ontworpen en gebouwd voor:
- het snijden en bijwerken van struiken en heggen, bestaande uit struikgewas met kleine takjes;
- gebruik door een enkele bediener.
3.1.2 Onjuist gebruik
Eender welk ander gebruik, dat afwijkt van wat hierboven beschreven is, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken. De volgende situaties behoren tot het onjuist gebruik (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend):
- maaien van gras in het algemeen en in het bijzonder in de nabijheid van stoepranden;
- kleinsnijden van materiaal voor compostering;
- snoeiwerken;
- gebruik van de machine met de snij-inrichting boven de schouderhoogte van de bediener;
- gebruik van de machine voor het snijden van niet plantaardig materiaal;
- het gebruik van andere snij-inrichtingen dan diegene die vermeld zijn in de tabel "Technische gegevens". Gevaar op ernstige wonden en kwetsuren;
- gebruik van de machine door meer dan één persoon tegelijk.
BELANGRIJK Het onjuist gebruik brengt verval van zowel de garantie als de aansprakelijkheid van de fabrikant teweeg waardoor de gebruiker zelf verantwoordelijk is voor schade of letsel die hijzelf of anderen oplopen.
3.1.3 Type gebruiker
Deze machine is bestemd voor gebruik door consumenten, d.w.z. door niet professionele bedieners. Ze is bestemd voor een "amateuriëel gebruik".
3.2 VEILIGHEIDSSIGNALEN
Er zijn verschillende symbolen op de machine aanwezig (Afb. 2). Hun taak is de bediener te herinneren aan het gedrag dat hij moet aanhouden om de machine met de nodige aandacht en voorzichtigheid te gebruiken.
Betekenis van de symbolen:

LET OP! GEVAAR! Indien deze machine niet correct gebruikt wordt, kan ze gevaarlijk zijn voor de bediener en voor anderen.

LET OP! Lees de gebruiksaanwijzingen voordat u deze machine in gebruik neemt.

Draag een veiligheidsbril.

Dikke anti-sliphandschoenen dragen.

Niet blootstellen aan de regen (of vocht).

Gevaar voor snijwonden! Houd handen en voeten op afstand van de messen.

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE
DELEN! Let goed op voor mogelijk wegschieten van materiaal, veroorzaakt door de snij-inrichting, die ernstige schade kan berokkenen aan personen of zaken.

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE
DELEN! Houd personen of huisdieren minstens 15 meter uit de buurt tijdens het gebruik van de machine.
BELANGRIJK De beschadigde of onleesbaar geworden labels moeten vervangen worden. Vraag nieuwe labels aan uw eigen geautoriseerd Dienstcentrum.
3.3 IDENTIFICATIELABEL PRODUCT
Het identificatielabel van het product geeft de volgende gegevens aan (Afb.: 1):
- Geluidsniveau
- Conformiteitskenteken
- Maand/Jaar van fabricatie
- Machinetype
- Serienummer
- Naam en adres van de fabrikant
- Artikelcode
- Toevoerspanning
Schrijf de identificatiegegevens van de machine in de vakjes op het label aan de achterkant van de omslag.
BELANGRIJK Gebruik de identificatiegegevens die aangegeven zijn op het identificatielabel van het product bij ieder contact met de geautoriseerde werkplaats.
BELANGRIJK Het voorbeeld van de verklaring van overeenstemming bevindt zich op de laatste pagina's van de handleiding.
3.4 BELANGRIJKSTE ONDERDELEN
De machine bestaat uit de volgende hoofdonderdelen, met de volgende functies (Afb.1):
A. Motor: geeft de beweging aan de snij-inrichting.
B. Bedienstaaf: hierop bevinden zich de belangrijkste bedieningsknoppen voor de versnelling.
C. Achterste handgreep: handgreep achteraan de bedienstaaf. Deze handgreep wordt met de rechterhand vastgenomen.
D. Voorste handgreep: handgreep op de bedienstaaf. Deze handgreep wordt met de linkerhand vastgenomen.
E. Heggenschaar Inrichting voor het snoeien van bomen. Deze is bij levering, reeds op de staaf gemonteerd.
F. Draagstel: stoffen gordel die over de schouder loopt en helpt het gewicht van de machine te dragen tijdens het werk.
G. Blad (Snij-inrichting): dit is het element dat de vegetatie snijdt.
H. Bladbescherming (voor het vervoer en de verplaatsing van de machine): beschermt tegen ongewilde aanraking van de snij-inrichtingen, wat ernstige letsels zou kunnen veroorzaken.
I. Accu(indien niet met de machine geleverd, zie hfdst. 15 "toebehoren op aanvraag): inrichting die de elektrische stroom verschaft aan het werktuig; de kenmerken en gebruiksnormen hiervan zijn in een afzonderlijke handleiding beschreven.
J. Acculader (toebehoren op aanvraag, par. 15.2): inrichting die gebruikt wordt om de accu op te laden; de kenmerken en gebruiksnormen hiervan zijn in een afzonderlijke handleiding beschreven. Er zijn twee modellen van acculader beschikbaar: J1 (snelle acculader); J2 (standaard acculader).
K. Accurugzak (accessoire op aanvraag par.15.3): apparaat dat de behuizing van de batterijen mogelijk maakt.
L. Aansluitkabel: kabel waarmee u de machine op de accu kunt aansluiten.
M. Accusimulator (accessoire op aanvraag par.15.4): apparaat dat, indien in de machinebehuizing geplaatst, het gebruik van de accurugzak mogelijk maakt.
4. MONTAGE
⚠ De veiligheidsnormen die in acht genomen moeten worden, zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.
Om vervoers- en opslagredenen worden sommige onderdelen van machine niet direct in de fabriek gemonteerd. Zij dienen na het uitpakken gemonteerd te worden aan de hand van de volgende instructies.
⚠ Het uitpakken en de vervollediging van de montage moeten uitgevoerd worden op een vlakke en stevige ondergrond, met voldoende ruimte voor de verplaatsing van de machine en de verpakkingen, en steeds met behulp van de geschikte instrumenten. Gebruik de machine niet vooraleer de aanwijzingen van de sectie "MONTAGE" teneinde gebracht te hebben.
4.1 ONDERDELEN VOOR DE MONTAGE
De verpakking bevat de onderdelen voor de montage.
4.1.1 Uitpakken
- Open de verpakking voorzichtig, let erop geen onderdelen te verliezen.
- Raadpleeg de documentatie in de doos, inclusief deze gebruiksaanwijzingen.
- Haal alle onderdelen die niet gemonteerd zijn uit de doos.
- Haal de machine uit de doos.
- Voer de doos en de verpakkingen af volgens de plaatselijke normen.
4.2 MONTAGE HEGGENSCHAAR

Alvorens de montage uit te voeren, moet men man of de accu niet in zijn zitting geplaatst is.
- Plaats de bedienstaaf (Afb. 3.A) in de heggenschaar (Afb. 3.B).
- Laat de beugel (Afb. 3.C) naar boven glijden en verdraai hem met de klok mee tot hij volledig vastgeklemd is.

Controleer regelmatig de verbindingen om u n te verzekeren dat ze goed vastgeklemd zijn.
4.3 VERLENGING VAN DE HEGGENSCHAAR
- Draai de knop los (Afb. 4.A) volgens de richting aangegeven door het pijltje - open slot;
- trek of duw aan de staaf (Afb. 4.B) om de gewenste lengte te verkrijgen;
- na de regeling, moet men de knop stevig aandraaien in de richting van het pijltje - gesloten slot.

Controleer regelmatig de verbindingen om u n te verzekeren dat ze goed vastgeklemd zijn.
4.4 VERWIJDERING VAN DE HEGGENSCHAAR
- Om de heggenschaar (Afb. 3.B), te verwijderen, moet men de bedienstaaf (Afb. 3.A) op de grond plaatsen, de beugel (Afb. 3.C) losmaken en de heggenschaar demonteren.
4.5 VOORBEREIDING VAN DE ACCURUGZAK (INDIEN AANWEZIG)
De accurugzak is reeds gemonteerd (Afb. 1K) en kan van de schouderbandsteun losgemaakt worden (Afb. 5) en met de hand vervoerd worden.
Druk op de twee bovenste knoppen om de accurugzak los te maken (Afb. 5.A). De accubehuizingen bevinden zich aan beide zijden van de rugzak (Afb. 6).
Aan de rechterkant van de rugzak zijn aanwezig:
• kabelhouder (Afb. 7.A);
- accuselector (Afb. 7.B);
- een USB-aansluiting voor het opladen van andere apparaten (bijv. mobiele telefoons) (Afb. 7.C).
Om een losse kabel te voorkomen, zijn er aan beide zijden en aan de achterkant doorgangen waar de stroomkabel doorheen kan.
5. BEDIENINGSELEMENTEN
5.1 CONTACTTOETS (IN/ UITSCHAKELINRICHTING)

Door op deze toets te drukken, wordt het elektrisch circuit van de machine in- en uitgeschakeld (Afb. 8.C).

Een led aan: het elektrisch circuit van de machine is ingeschakeld. De machine is klaar voor gebruik. Beide leds aan: de machine is in bedrijf (Afb. 8.D).
Leds uit: het elektrisch circuit is volledig uitgeschakeld.
BELANGRIJK Houd tijdens de verplaatsingen nooit de vinger op de toets om te vermijden de machine ongewild in te schakelen.

Het symbool "Let op" (Afb. 8.E) licht op in geval van een storing aan de machine (zie de tabel Problemen identificeren, par. 14).
5.2 HENDEL VERSNELLING
De versnellingshendel (Afb. 8.A) staat toe de snijinrichting in te schakelen.
De inschakeling van de versnellingshendel (Afb. 8.A) kan enkel ingeschakeld worden indien de vergrendelingshendel van de versnelling ingedrukt wordt (Afb. 8.B-M).
5.3 BLOKKERINGSHENDEL VERSNELLING
De blokkeringshendel van de versnelling (Afb. 8.B-M) staat toe de versnellingshendel in te schakelen (Afb. 8.A).
6. GEBRUIK VAN DE MACHINE
BELANGRIJK De in acht te nemen
veiligheidsnormen zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.
6.1 VOORAFGAANDE WERKZAAMHEDEN
Alvorens te beginnen met werken dienen er enkele controles en handelingen uitgevoerd te worden om er
zeker van te zijn dat het werk op de meest nuttige en veilige manier zal verlopen.
Plaats de machine horizontaal en stevig op het terrein.
6.1.1 Controle van de accu
Voor eender welk gebruik:
- de status van de accu controleren volgens de aanwijzingen in de handleiding van de accu.
6.1.2 Afstelling van de hoek van de heggenschaar
De heggenschaar is voorzien van een scharnier van 112° en kan op 6 verschillende standen geblokkeerd worden.
- Plaats de machine op de grond, druk op de scharnierknoppen (Afb. 9.A) om de heggenschaar te verdraaien, die correct in zijn zitting geplaatst wordt.
Deze werkzaamheid moet uitgevoerd worden bij stilstaande machine, en met de accu uit zijn zitting (par. 7.2.2).
6.1.3 Gebruik van het draagstel
⚠️ Controleer regelmatig de doeltreffendheid van de snelle ontkoppeling, om bij gevaar de riemen snel van de machine te kunnen halen.
Het draagstel moet aangedaan worden vooraleer de machine vast te haken en de riem moet geregeld worden volgens de lichaamsbouw van de gebruiker.
- De riem (Afb. 10.A) komt over de linkerschouder, naar de rechterflank toe.
- Bevestig de haak (Afb. 10.B) aan de daarvoor voorziene plek op de bedienstaaf.
- Haak, indien nodig, de klemgesp los (Afb. 10.C) om de machine uit het draagstel los te maken.
6.1.4 Gebruik de rugzak (indien voorzien)
- Plaats de batterij in een van de vakken op de accurugzak (Afb. 6) en duw hem aan tot u een "klik" hoort die aangeeft dat de accu op zijn positie vast zit en het elektrisch contact verzekereld is;
- sluit de kabel aan op de rugzak in de daarvoor bestemde aansluiting (Afb. 7.A) en verdraai hem tot u een "klik" hoort die aangeeft dat de accu op zijn positie vast zit en het elektrisch contact verzekerd is;
- pas de schouderbanden aan en sluit het harnas van voren (Afb. 11).
6.2 VEILIGHEIDSCONTROLES
Voer de volgende veiligheidscontroles uit en controleer of de resultaten overeenstemmen met wat aangegeven is in de tabellen.
⚠ Voer steeds de veiligheidscontroles uit vooraleer de machine te gebruiken.
6.2.1 Algemene controle
Indien eender welke van deze resultaten verschilt van wat aangegeven is in de volgende tabellen, mag de machine niet gebruikt worden! Breng de machine naar een dienstcentrum voor de nodige controles en herstelling.
| Object | Resultaat |
| Handgrepen en beschermingen | Gereinigd, afgedroogd, correct en stevig aan de machine bevestigd |
| Schroeven op de machine en op het blad | Goed vastgedraaid (niet los) |
| Doorgangen van de koellucht | Niet verstopt |
| Blad | Scherp, zonder tekens van beschadiging of slijtage |
| Beschermingen | Ongeschonden, niet beschadigd. |
| Accu | Geen schade aan het omhulsel, geen lekken van vloeistoffen |
| Machine | Geen tekens van beschadiging of slijtage |
| Versnellingshendel, hendel blokkering versnelling | De beweging moet vrij zijn, zonder verklemmingen. |
| Inschakeltest | Geen abnormale trillingen. Geen abnormaal geluid |
6.2.2 Test werking van de machine
| Actie | Resultaat |
| Plaats de accu in zijn zitting (par. 7.2.3). | Het blad mag niet bewegen |
| Schakel de versnellingshendel in. (zonder de vergrendelhendel van de versnelling in te drukken) | De versnellingshendel blijft geblokkeerd. |
| Schakel de vergrendelhendel van de versnelling en de versnellingshendel in. | De beweging van de hendels moet vrij zijn, zonder verklemmingen. Het blad beweegt. |
| De versnellingshendel loslaten | De hendel moet automatisch en snel terug naar de neutrale stand terugkeren. Het blad moet stilvallen. |
6.3 STARTEN
6.3.1 Starten met accu
- Verwijder de bladbescherming (Afb. 1.H) (indien gebruikt);
- zorg ervoor dat het blad niet in aanraking komt met het terrein of met andere voorwerpen;
- plaats de accu correct in zijn huizing (Afb. 12.B) (par. 7.2.3);
- druk op de contacttoets (Afb. 8.C);
- Schakel de blokkeringshendel van de versnelling (Afb. 8.B-M) en de hendel van de versnelling (Afb. 8.A).
6.3.2 Starten met accusimulator (indien voorzien)
- Blijf stil en stabiel staan;
- verwijder de bladbescherming (Afb. 1.H) (indien gebruikt);
- zorg ervoor dat het blad niet in aanraking komt met het terrein of met andere voorwerpen;
- plaats de accusimulator correct in de sleuf op de machine (Afb.12.J);
- bevestig de verbindingskabel aan de accusimulator (Afb.12.I);
- selecteer de te activeren accu met de keuzeschakelaar (Afb. 7.B);
- druk op de contacttoets (Afb. 8.A);
- Schakel de blokkeringshendel van de versnelling (Afb. 8.B-M) en de hendel van de versnelling (Afb. 8.A).
6.4 HET WERKEN
Alvorens voor de eerste keer aan te vangen met het snoeien en bijwerken van struiken en heggen, is het raadzaam:
- een specifieke opleiding gevolgd hebben over het gebruik van dit type van gereedschap;
- draag het draagstel correct;
- de veiligheidsvoorschriften en gebruiksaanwijzingen bevat in deze handleiding zorgvuldig gelezen hebben;
- oefenen om voldoende vertrouwd te raken met de machine en de meest geschikte snijtechnieken.
Doe als volgt om met de machine te werken:
- maak de machine steeds vast aan het draagstel dat correct gedragen moet worden (zie par. 6.1.3);
- De machine moet altijd stevig vastgehouden worden met beide handen, met de linkerhand op het voorste handgreep en de rechterhand op de achterste, onafhankelijk van het feit of de bediener eventueel linkshandig is.
⚠️ Verwijder het afgesneden materiaal niet en houd het materiaal dat gesneden moet worden niet vast terwijl het blad in bedrijf is. Verzeker u ervan dat de machine uitgeschakeld is wanneer u het gemaaide materiaal weghaalt.
OPMERKING Tijdens het werk, is de accu tegen volledige ontlading beschermd door een beschermingssysteem dat de machine uitschakelt en de werking ervan blokkeert.
6.4.1 Werktechnieken
Het is altijd wenselijk eerst de twee verticale zijden van de heg te snijden en pas dan de bovenkant.
OPMERKING De autonomie van de accu (en dus de oppervlakte van de vegetatie die gesneden kan worden alvorens de accu weer op te laden) wordt beïnvloed door verschillende factoren, beschreven in (par. 7.2.1).
6.4.1.a Verticaal snijden
Snij met een boogvormige beweging van onder naar boven, waarbij het blad zo ver mogelijk van het lichaam gehouden moet worden (Afb. 13).
6.4.1.b Horizontaal snijden
De beste resultaten worden bekomen met het blad (Afb. 14) licht overhellend (0° - 15°) in de snijrichting, met een boogvormige, langzame en constante beweging, vooral bij bijzonder dichtgegroeide heggen (Afb. 14).
6.4.2 Suggesties voor het gebruik
Indien de messen tijdens het gebruik geblokkeerd geraken of verklemd geraken tussen de takken van de heg:
- de machine onmiddellijk stopzetten (par. 6.5);
- wachten tot de snij-inrichting volledig stil staat;
- de accu verwijderen (par. 7.2.2);
- Het verklemde materiaal verwijderen.
6.4.3 Smering van de messen tijdens het werk
Indien de snij-inrichting teveel verhit tijdens het werk, moeten de binnenoppervlakken van de messen gesmeerd worden (par. 7.4).
Deze werkzaamheid moet uitgevoerd worden bij stilstaande machine, en met de accu uit zijn zitting (par. 7.2.2).
6.5 STOPPEN
- De versnellingshendel loslaten (Afb. 8.A).
- De contacttoets uitschakelen (lichtje uit) (Afb. 8.C).
⚠️ Na de machine stopgezet te hebben, moet men enkele seconden wachten vooraleer de snijinrichting tot stilstand komt.
De machine steeds stoppen:
- tijdens verplaatsingen tussen werkzones.
⚠ Houd tijdens de verplaatsingen nooit de vinger op de schakelaar om te vermijden de machine ongewild in te schakelen.
6.6 NA HET GEBRUIK
6.6.1 Na het gebruik met accu
- Verwijder de accu uit zijn huizing (Afb. 15.B) en laad het op (par. 7.2.2).
• Monteer de bladbescherming. - Laat de motor eerst afkoelen vóór de machine in elke willekeurige ruimte op te bergen.
• Reinig de machine (par. 7.3). - Controleer of er geen onderdelen los of beschadigd zijn. Vervang, indien nodig, de beschadigde delen en draai losgekomen schroeven en bouten aan.
6.6.2 Na gebruik met de accusimulator (indien voorzien)
- Zet de keuzeschakelaar van de accurugzak op "OFF" (Afb. 7.B);
- verwijder de accusimulator van de machine (Afb. 15.J);
- Verwijder de accurugzak;
- koppel de verbindingskabel los van de accusimulator (Afb. 15.I) en van de rugzak (Afb. 7.A);
- verwijder de accu uit zijn huizing (Afb. 16) en laad het op (par. 7.2.2);
- laat de motor eerst afkoelen vóór de machine in elke willekeurige ruimte op te bergen;
- reinig de machine (par. 7.3);
- controleer of er geen onderdelen los of beschadigd zijn. Vervang, indien nodig, de beschadigde onderdelen en klem eventueel schroeven en moeren die losgekomen zijn weer vast of neem contact op met het geautoriseerde dienstcentrum.
BELANGRIJK Verwijder steeds de accu (par. 7.2.2) en monteer de bladbescherming elke keer wanneer de machine ongebruikt of onbewaakt achtergelaten wordt.
7. GEWOON ONDERHOUD
7.1 ALGEMEEN
⚠ De veiligheidsnormen die in acht genomen moeten worden, zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.
⚠️ Vooraleer eender welke controle, reiniging of ingreep voor onderhoud/afstelling op de machine uit te voeren:
- Breng de machine;
• Wachten tot de snij-inrichting stilvalt;
- Verwijder de accu uit zijn huizing;
- Breng de bladbescherming aan, tenzij aan het blad zelf gewerkt moet worden;
- Wacht tot de motor voldoende afgekoeld is.
- Lees de desbetreffende instructies;
- Draag geschikte kledij, werkhandschoenen en een beschermende bril.
De frequenties en de soorten ingrepen zijn samengevat in de "Tabel Onderhoud". Het doel van de tabel is om uw machine een optimale conditie te laten behouden. Hierin staan de voornaamste ingrepen en
de tijden waarop ze uitgevoerd moeten worden. Voer de desbetreffende handeling uit in functie van de eerstkomende vervaldatum.
- Het gebruik van niet originele of niet correct gemonteerde wisselstukken en toebehoren kan negatieve gevolgen hebben op de werking en de veiligheid van de machine. De fabrikant wijst alle aansprakelijkheid af in geval van schade, letsels of ongevallen veroorzaakt door die producten.
- De originele wisselstukken worden geleverd door de geautoriseerde dienstcentra en wederverkopers.
BELANGRIJK
Alle
werkzaamheden
onderhoud en afstelling die niet in deze handleiding beschreven zijn, moeten uitgevoerd worden door uw Wederverkoper of door een gespecialiseerd Centrum.
7.2 ACCU
7.2.1 Autonomie van de accu
De autonomie van de accu wordt hoofdzakelijk beïnvloed door:
a. omgevingsfactoren, die leiden tot een grotere energiebehoefte:
- snijden/bijwerken van zeer dikke of vochtige heggen;
– snijden/bijwerken van struiken met te grote takken;
b. gedrag van de bediener, die moet vermijden:
- de machine vaak aan- en uit te schakelen tijdens het werken;
- een niet geschikte snijtechniek te gebruiken voor het werk dat moet uitgevoerd worden (par. 6.4.1).
Om de autonomie van de accu te optimaliseren, raadt men aan:
- de heg te snijden wanneer ze droog is;
- de juiste techniek te gebruiken voor het werk dat moet uitgevoerd worden.
Indien men de machine met langere werkbeurten wenst te gebruiken dan wat mogelijk is met de standaard-accu, kan men:
- een tweede standaard-accu kopen om de platte accu onmiddellijk te vervangen, zonder de continuïteit in het gedrang te brengen;
- een accu kopen met grotere autonomie dan de standaard-accu (par. 15.1).
7.2.2 Verwijdering en opladen van de accu
-
Druk op de vergrendelingsknop in de accu op de machine (Afb. 15.A) of op de rugzak (Afb. 16.A) (indien voorzien);
-
verwijder de accu uit de machine (Afb. 15.B) of uit de accurugzak (Afb. 16.B) (indien aanwezig);
- plaats de accu (Afb. 17.A) in zijn huizing in de acculader (Afb. 17.B);
- sluit de acculader aan (Afb. 17.C) op een stopcontact, met een spanning die overeenstemt met wat aangegeven is op het plaatje.
- Laad de accu volledig op en volg hierbij de aanwijzingen die in het instructieboekje van de accu /acculader aangegeven zijn.
OPMERKING De accu is voorzien van een voor bescherming die de herlading ervan verhindert indien de omgevingstemperatuur niet tussen 0 en +45°C is.
OPMERKING De accu kan op eender welk moment, ook gedeeltelijk, opgeladen worden, zonder risico op beschadiging.
7.2.3 Hermontage van de accu op de machine.
- Verwijder de accu (Afb. 18.A) in zijn huizing in de acculader (Afb. 18.B) (zorg ervoor dat u het apparaat na het opladen niet meer lang tijd aan de oplader verbonden blijft);
- ontkoppel de acculader (Afb. 18.C) van het elektrisch netwerk;
- plaats de batterij in de daarvoor bestemde behuizing op de machine (Afb. 19.B) of in een van de behuizingen van de accurugzak (Afb. 6) (indien voorzien);
- duw de accu aan tot u een "klik" hoort die aangeeft dat de accu op zijn positie vast zit en het elektrisch contact verzekerd is.
7.3 REINIGING VAN DE MACHINE
Na het werken, wordt de machine zorgvuldig vrijgemaakt van stof en vuil.
- Houd de machine, en in het bijzonder de motor vrij van resten bladeren, takken of teveel vet, om het risico op brand tot een minimum te herleiden.
- Reinig de machine steeds na gebruik met een schone en met een neutraal reinigingsmiddel bevochtigd doek.
- Verwijder alle sporen van vochtigheid met een zachte en droge doek. Vochtigheid kan leiden tot risico op elektrocutie.
- Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen of oplosmiddelen om de plastic delen of de handgrepen te reinigen.
- Gebruik geen waterstralen en vermijd de motor en de elektrische onderdelen nat te maken.
- Om oververhitting en schade aan de motor of aan de accu te vermijden, moet men zich er steeds van verzekeren dat de zuigroosters van de koellucht schoon en vrij van afval zijn.
7.4 REINIGING EN SMERING VAN DE SNIJ-INRICHTING
Na iedere werksessie, is het raadzaam de messen te reinigen en in te smeren, om de werkzaamheid en de duur ervan te verhogen.
⚠️ Raak de snij-inrichting niet aan totdat de accu verwijderd is en de snij-inrichting volledig stilstaat.
- Plaats de machine horizontaal en stevig op het terrein.
- Reinig de messen met een droge doek en gebruik een borstel in geval van hardnekkig vuil.
- Smeer de bladen door een dunne laag specifieke olie, bij voorkeur van een niet vervuilend type, op de bovenste rand van het blad, aan te brengen.
- Houd de schroeven en moeren goed vastgedraaid, om er zeker van te zijn dat de machine altijd veilig werkt;
- Controleer regelmatig of de handgrepen stevig bevestigd zijn.
8. BUITENGEWOON ONDERHOUD
8.1 BUITENGEWOON ONDERHOUD VAN DE SNIJ-INRICHTING
⚠️ Raak de snij-inrichting niet aan totdat de accu verwijderd is en de snij-inrichting volledig stilstaat. Indien de messen overeenkomstig de instructies gebruikt worden, is er geen onderhoud of slijpen benodigd.
8.1.1 Controle
⚠️ Controleer regelmatig of de messen niet geplooid, beschadigd of versleten zijn en of de schroeven degelijk zijn vastgedraaid.
Er is geen afstelling vereist van de afstand tussen de messen, aangezien de vrije ruimte vooraf bepaald wordt in de fabriek.
8.1.2 Bijslijpen
De messen moeten geslepen worden wanneer ze minder goed werk leveren en de takken makkelijk geklemd raken.
Om veiligheidsredenen, raadt men aan het slijpen door een gespecialiseerd Centrum te laten uitvoeren, die over de geschikte bevoegdheid en werktuigen beschikt om deze handeling uit te voeren, zonder risico het blad te beschadigen en het gebruik ervan onveilig te maken.
⚠️ Een blad dat versleten is wordt nooit geslepen maar altijd vervangen.
8.1.3 Vervanging
⚠ Het blad dient nooit gerepareerd te worden, maar moet vervangen worden zodra eerste sporen van breuk vastgesteld worden of de vijllimiet overschreden is. Om veiligheidsredenen, raadt men aan de vervanging door een gespecialiseerd Centrum te laten uitvoeren.
Op deze machine is het gebruik voorzien van messen met de code die aangegeven is in de tabel Technische Gegevens.
Gezien de ontwikkeling van het product, kunnen de messen aangegeven in de "Technische Gegevens" in de loop van de tijd vervangen worden door andere, met soortgelijke eigenschappen voor wat betreft verwisselbaarheid en functionele veiligheid.
9. STALLING
BELANGRIJK De veiligheidsnormen die tijdens de berging in acht genomen moeten worden, zijn beschreven in par. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.
9.1 STALLING VAN DE MACHINE
Wanneer de machine gestald moet worden:
- Haal de accu uit zijn zitting en laad hem op (par. 7.2.2).
- De bescherming op het mes plaatsen.
- Wacht tot de motor voldoende afgekoeld is.
- Reinig de machine (par. 7.3).
- Controleer of er geen onderdelen los of beschadigd zijn. Vervang, indien nodig, de beschadigde onderdelen en klem eventueel schroeven en moeren die losgekomen zijn weer vast of neem contact op met het geautoriseerde dienstcentrum.
- Berg de machine op:
- in een droge ruimte;
- beschermd tegen slechte weersomstandigheden;
- buiten bereik van kinderen;
- na zich ervan verzekerd te hebben de sleutels of werktuigen die voor het onderhoud gebruikt werden, verwijderd te hebben.
9.2 STALLING VAN DE ACCU
De accu moet in op een schaduwrijke, frisse plaats bewaard worden, waar er geen vochtigheid is.
OPMERKING In geval van langdurig niet-gebruik, moet men de accu om de twee maanden opladen, om de duur ervan te verlengen.
10. HANTERING EN TRANSPORT
Telkens wanneer de machine verplaatst, geheven, vervoerd of overgeheld moet worden, moet men:
- Breng de machine;
- Wachten tot de snij-inrichting stilvalt;
- Haal de accu uit zijn zitting en laad hem op.
- De bescherming op het mes plaatsen;
- Wacht tot de motor voldoende afgekoeld is;
• Stevige werkhandschoenen dragen; - De machine alleen vast te nemen aan de handgrepen en het blad in de richting tegenover de loop- of rijrichting te houden.
Wanneer men de machine met een wagen vervoert, moet men:
- de machine tijdens het vervoer goed met touwen of kettingen bevestigen;
- de machine zo plaatsen dat ze geen gevaar veroorzaakt.
11. ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN
Deze handleiding verstrekt alle gegevens die u nodig hebt om de machine te kunnen gebruiken en om er op de juiste manier eenvoudige onderhoudswerkzaamheden aan te kunnen verrichten, die de gebruiker zelf kan uitvoeren. Alle afstellingen en onderhoudshandelingen die niet beschreven zijn in deze handleiding moeten uitgevoerd worden door uw Verkoper of in een gespecialiseerd Centrum dat beschikt over de nodige kennis en uitrustingen om de werken correct uit te voeren, met respect voor het oorspronkelijk niveau van veiligheid van de machine. Handelingen die in niet geschikte structuren of door onbekwame personen uitgevoerd werden, doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikant vervallen.
- Enkel de geautoriseerde dienstencentra mogen de herstellingen en onderhoudsingrepen in garantie uitvoeren.
- De geautoriseerde dienstencentra gebruiken enkel originele wisselstukken. De originele wisselstukken en toebehoren werden speciaal voor de machines ontwikkeld.
- Niet originele wisselstukken en toebehoren zijn niet goedgekeurd, het gebruik van niet originele wisselstukken en toebehoren leidt tot verval van de garantie.
- Men raadt aan de machine eens per jaar aan een geautoriseerd dienstcentrum toe te vertrouwen voor het onderhoud, assistentie en controle van de veiligheidsinrichtingen.
12. GARANTIEDEKKING
De garantie dekt alle defecten van het materiaal en van de fabricatie. De gebruiker moet aandachtig de aanwijzingen volgen die in de bijgevoegde documentatie verschaft is.
De garantie geldt niet voor schade te wijten aan:
- Onvoldoende kennis van de vergezellende documentatie.
- Onoplettendheid.
- Onjuist of niet toegestaan gebruik en montage
- Gebruik van niet originele wisselstukken.
- Gebruik van toebehoren dat niet door de fabrikant verschaft of goedgekeurd werd.
Deze garantie geldt bovendien niet voor:
- De normale slijtage van verbruiksmateriaal zoals wielen, messen, veiligheidsbouten en draden.
- Normale slijtage
De aankoper is beschermd door de nationale wetten van zijn eigen land. De rechten van de koper die voorzien zijn in de nationale wetten van zijn eigen land, zijn op geen enkele wijze beperkt door deze garantie.
13. TABEL ONDERHOUD
* Raadpleeg de handleiding van de accu/acculader.
** Handeling die door uw Verkoper of door een gespecialiseerd Centrum moet uitgevoerd worden
| Ingreep | Frequentie | Opmerkingen |
| MACHINE | ||
| Controle van alle bevestigingen | Voor eender welk gebruik | par. 7.5 |
| Veiligheidscontroles / Controle van de commando's | Voor eender welk gebruik | par. 6.2 |
| Controle bevestiging staven | Voor eender welk gebruik | 4.3, 4.4 |
| Controle van de staat van de lading van de accu | Voor eender welk gebruik | * |
| Ingreep Frequentie Opmerkingen | ||
| Herlading van de accu | Aan het einde van ieder gebruik | par. 7.2.2* |
| Reiniging van de machine en van de motor | Aan het einde van ieder gebruik | par. 7.3 |
| Reiniging en smering van de snij-inrichting | Aan het einde van ieder gebruik | par. 7.4 |
| Controle van eventuele schade aan de machine. Contacteer, indien nodig, het geautoriseerde dienstencentrum. | Aan het einde van ieder gebruik | - |
| Controle van de snij-inrichting | Aan het einde van ieder gebruik | par. 8.1.1 |
| Bijslijpen van de snij-inrichting | - par. 8.1.2 | ** |
| Vervanging snij-inrichting | - par. 8.1.3 | ** |
14. PROBLEMEN IDENTIFICATIE
| PROBLEEM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING | ||
| 1. Door de veiligheidsknop in te drukken, gaat het blauwe lampje op de veiligheidsknop (Afb. 8.C) niet aan | Geen accu of accu niet correct geplaatst. | Verzeker u ervan dat de accu goed geplaatst is (par. 7.2.3). |
| 2. Door de de veiligheidsknop in te drukken, gaat het blauwe lampje (Afb. 8.C) niet aan, het controlelampje knippert | Accu plat Controleer de ladingss status en herlaad de accu (par. 7.2.2). | |
| 3. De motor stopt tijdens het werk | Accu niet correct geplaatst Verzeker u ervan dat de accu goed geplaatst is (par. 7.2.3). | |
| Machine beschadigd Gebruik de machine niet Verwijder de accu en Contacteer een Dienstcentrum. | ||
| 4. Met de versnellingshendel (Afb. 8.A) en de vergrendelingshendel (Afb. 8.B) ingeschakeld, draait de snij-inrichting niet | Machine beschadigd Gebruik de machine niet. Stop de machine onmiddellijk, verwijder de accu en Contacteer een Dienstcentrum. | |
| 5. De snij-inrichting warmt te veel op tijdens het werk | Onvoldoende smering van de messen | Stop de machine, wacht tot de snij-inrichting stilstaat, verwijder de accu, smeer de messen (par. 7.4) |
| 6. De snij-inrichting komt in aanraking met een lijn of een elektrische kabel | - RAAK HET BLAD NIET AAN WANT DIT KAN GEELEKTRIFICEERD WORDEN EN UITERST GEVAARLIJK WORDEN! Neem de machine stevig vast aan de achterste, geïsoleerde handgreep en zet ze voorzichtig op afstand van uw eigen lichaam. Schakel de stroom die de lijn of kabel voedt, uit en verwijder de accu vooraleer de tanden van het blad vrij te zetten. | |
| PROBLEEM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING | ||
| 7. De snij-inrichting komt in aanraking met een vreemd voorwerp. | - Stop de machine, verwijder de accu en:– controleer de schade;– controleer of er delen losgekomen zijn en schroef ze weer vast.;– vervang of herstel de beschadigde delen met delen met gelijkwaardige kenmerken. | |
| 8. Men hoort overdreven geluiden en/of trillingen tijdens het werk | Losgekomen of beschadigde delen | Stop de machine, verwijder de accu en:– controleer de schade;– controleer of er delen losgekomen zijn en schroef ze weer vast.;– vervang of herstel de beschadigde delen met delen met gelijkwaardige kenmerken. |
| 9. Er komt rook uit de machine tijdens de werking | Machine beschadigd Gebruik de machine niet. Stop de machine onmiddellijk, verwijder de accu en Neem contact op met een Dienstcentrum. | |
| 10. Kleine autonomie van de accu | Zware gebruiksconditiemet grotere stroomabsorptie | Optimaliseer het gebruik (par. 7.2.1). |
| Accu niet voldoende voor de werkbehoeften | Gebruik een tweede accu of een sterkere accu (par. 15.1). | |
| Verslechtering van de capaciteit van de accu | Koop een nieuwe accu. | |
| 11. De acculader laadt de accu niet op | Accu niet correct geplaatst in de acculader | Controleer of de accu correct geplaatst is (par. 7.2.3). |
| Niet geschikte omgevingscondities | Herlaad de accu in een omgeving met geschikte temperatuur (zie handleiding van de accu/acculader). | |
| Vuile contacten Reinig de contacten. | ||
| Geen spanning aan de acculader | Controleer of de stekker in het stopcontact steekt en of er spanning aanwezig is in het stopcontact. | |
| Defecte acculader Vervangen met een origineel wisselstuk. | ||
| Indien het probleem aanhoudt, raadpleeg de handleiding van de accu / acculader. | ||
Mochten de problemen aanhouden na het toepassing van de bovengenoemde remedies, dan dient er contact te worden opgenomen met uw Verkoper.
15. OP AANVRAAG LEVERBARE ACCESSOIRES
15.1 BATTERIJEN
Er zijn accu's met verschillende vermogens beschikbaar, voor de specifieke werkvereisten (Afb. 20) De lijst van de voor deze machine gehomologeerde accu's bevindt zich in de tabel "Technische Gegevens".
15.2 BATTERIJLADER
Inrichting die gebruikt wordt voor het opladen van de accu: snel (Afb. 21.A), standaard (Afb. 21.B).
15.3 ACCURUGZAK
Apparaat dat de behuizing van twee accu's mogelijk maakt en de elektrische stroom levert die nodig is voor de werking van de machine.
Het wordt geleverd met de verbindingskabel naar de machine (Afb. 1.L) e een keuzeschakelaar (Afb. 7.B) waarmee u een van de twee accu's kunt selecteren (stand "1" en "2") e "OFF".
15.4 ACCUSIMULATOR
Inrichting die, indien in de zitting van de machine geplaatst, het gebruik van de accuhouder mogelijk maakt.
INNHOLD
Folositi ochelarii de protectie.

NL • De inhoud en de afbeeldingen van deze gebruikshandleiding werden gerealiseerd voor rekening van ST. S.p.A. en zijn beschermd door het auteursrecht – Elke niet-geautoriseerde reproductie of wijziging, ook gedeeltelijke, van het document is verboden.