SCHEPPACH DP4500 - Gemotoriseerde kruiwagen

DP4500 - Gemotoriseerde kruiwagen SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DP4500 SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 408 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice SCHEPPACH DP4500 - page 75
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
ProducttypeMotorstortkar (dumper)
MerkScheppach
ModelDP4500
Motor4-takt, 4,1 kW
Laadvermogen400 kg
Transmissie3 versnellingen vooruit + 1 achteruit
Afmetingen bak (L x B x H)840 x 626 x 289 mm
Gewicht179 kg
BrandstofLoodvrije benzine 90 octaan (max 5% ethanol)
Brandstoftankinhoud3,6 L
MotorolieSAE 10W-30
Motoroliecapaciteit0,6 L
TransmissieolieSAE30 / 80W-90
CO2-uitstoot811,46 g/kWh
Maximale helling30°
Geluidsniveau (druk)79,4 dB(A)
Geluidsniveau (vermogen)99,4 dB(A)
Trillingen linkerhandgreep10,1 m/s²
Trillingen rechterhandgreep11,3 m/s²
StartenTrekstarter (Reversierstarter)
Motortoerental (stationair)1700 t/min
Motortoerental (max)4000 t/min
Onderhoud motorolie verversenElke 50 uur
Onderhoud luchtfilterElke 30 uur
Onderhoud bougieElke 50 uur

Veelgestelde vragen - DP4500 SCHEPPACH

Hoe start ik de koude motor?
Zet de chokehendel op CHOKE, zet de gashendel halverwege, de schakelaar op ON, open de brandstofkraan, trek langzaam een paar keer aan het touw, trek dan abrupt tot u weerstand voelt. Eenmaal gestart, laat het warmdraaien en open dan de choke.
Welke motorolie gebruiken en hoe het niveau controleren?
Gebruik SAE 10W-30 olie. Controleer het niveau voor elk gebruik: verwijder de dop, de machine moet waterpas staan en het niveau tussen de twee markeringen. Totale capaciteit: 0,6 L.
Wat is het maximale laadvermogen?
Het maximale laadvermogen is 400 kg. Pas de lading aan op het terrein om kantelgevaar te voorkomen.
Hoe ververst u de motorolie?
Laat de motor kort draaien zodat hij warm is, plaats dan een opvangbak onder de aftapplug. Verwijder de plug en laat de olie weglopen. Plaats de plug terug, vul met nieuwe olie (0,6 L) en sluit af.
Welk type brandstof gebruiken?
Gebruik loodvrije benzine met een octaangetal van ten minste 90 en een maximaal ethanolgehalte van 5%. Tankinhoud: 3,6 L.
Hoe stel ik de rupsbandspanning af?
Plaats de machine op een vlakke ondergrond, til hem op, meet de doorhang van de rupsband: deze moet 10 tot 15 mm zijn. Als te los, draai de borgmoer A los, draai de bout B vast, draai daarna moer A weer vast.
Wat te doen als de motor niet start?
Controleer de bougie (reinheid en afstand 0,6-0,7 mm), de bougiekabel, de brandstof (schoon en vers), de choke (gesloten bij koude motor), en de brandstofleiding (niet verstopt).
Hoe onderhoud ik het luchtfilter?
Reinig het luchtfilter elke 30 uur: verwijder het deksel, haal het filter eruit, tik het af om stof te verwijderen of vervang het indien nodig. Laat de motor nooit zonder filter draaien.
Waar vind ik reserveonderdelen?
Reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij het Scheppach-servicecentrum. Gebruik de QR-code op de startpagina of neem contact op met uw dealer. Vermeld het artikelnummer, het type en het bouwjaar.
Wat zijn de essentiële veiligheidsvoorschriften?
Draag altijd een veiligheidsbril, handschoenen, veiligheidsschoenen en gehoorbescherming. Nooit gebruiken in afgesloten ruimtes (vergiftigingsgevaar). Niet roken tijdens het tanken. Wacht met afkoelen voordat u onderhoud uitvoert. Houd mensen op afstand (23 m).

Gebruikersvragen over DP4500 SCHEPPACH

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Gemotoriseerde kruiwagen in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DP4500 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DP4500 van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING DP4500 SCHEPPACH

Verklaring van de symbolen op het apparatus

Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De veiligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg要去en goed worden begrepen. De waarschuwingen zich voorkomen geen risico's en+kunnen de juiste maatregelen betreffende ongevallenpreventie Niet verrangen.

Lees deze gezebruikshandleiding zorgvuldig door.
Draag gehoorbescherming.
Draag een veiligheidsbril.
Draag veiligheidsschoenen.
Draag werkhand Schoenen.
Het is verboden om veiligheidsvoorzieningen te verwijdenen of te wijdigen.
Raak geen hete machineonderdelen aan.
Roken of open vuur verboden.
Weggeslingerde voorwerpen hunnen letsel veroorzaken.
Houd andere mensen uit de buurt van het werkgebied.
XGebruik het apparaat Niet op hellingen met een helling vaneer dan 20°. Kantelge-vaar!
XGevaar voor vergiftiging! Gebruik het apparaat alleen buitenshuis en nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten.
+Beveilig het apparaat gegen onbedoeld inschakelen voordat u onderhouds- en/of in-standhoudingswerkzaamheden UITvoert.
CEHet product voldoet aan de geldende EU-bepalingen.
AHet product voldoet aan de geldende Servische richtlijnen.
△ Let op!In deze bebruikshandleiding hebben wij punten die uweiligkeit betreffen van dit teken voorzien.

Inhoudsopgave:

Pagina:

  1. Inleiding 75
  2. Beschrijving van het apparatusat 75
  3. Leveringsomvang 75
  4. Beoogd gebruik 75
  5. Algemene veiligheidsvoorschriften 76
  6. Aanvullende veiligheidsvoorschriften 78
  7. Technische gegevens 80
  8. Uitpakken 81
  9. Montage/Voor ingebruikname 81
  10. In gebruik nemen 81
  11. Reiniging 83
  12. Transport 83
  13. Opslag 83
  14. Onderhoud 84
  15. Afvalverwerking en hergebruik 86
  16. Verhelsen van storingen 87
  17. Conformiteitsverklaring 402

1. Inleiding

Fabrikant:

Scheppach GmbH

Günzburgerstraße 69

D-89335 Ichenhausen

Geachte klant,

Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw/Newe apparaat.

Aanwijzig:

De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid Niet aansprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:

ondeskundige behandeling
- Niet inucht nemen van de gebruikshandleiding
- Reparaties door derden, nicht geautoriseerde vak-mensen
- Inbouw en verwanging van Niet-originele reserveonderdelen
- Niet-beoogd gebruik.

Let op:

Lees voor de montage en voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding door.

De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelijker te make, uw apparaat te leren kennen en de beoogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten.

De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gezaven vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uittvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat verhoogt.

Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absolut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen.

Bewaar de gebruikshandleiding bij het apparaat in een plastic hoes, beschermd gegen vuil en vocht. De gebruikshandleiding moet door elke operator voor aanvang van de werkzaamheden worden gelezen en zorgvuldig worden nageleefd.

Aan het apparaat mooten alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geinstrueerd en over de daarmee verbonden gezaren geinformeerd zijn. De vereiste minimumleeftijd moet in acht worden genomen.

Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen veiligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van machines van hetzelfde type.

Wij hunen Niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevalen of schade,veroorzaakt door Niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.

2. Beschrijving van het apparaat

  1. Motorschakelaar
  2. Gashendel
  3. Rechter stuurhendel
  4. koppelingshendel
  5. Linker stuurhendel
  6. Transportbak
  7. Kuipbevestiging
  8. Versnellingspook
  9. Ketting
  10. aandrijving
  11. Oliepeilstok
  12. Choke
  13. benzinekraan
  14. Bout M8 x 25 mm
  15. Bout 5/16 inch x 30 mm
  16. Olieaftapplug
  17. Olietoevoerplug

3. Leveringsomvang

a. Dumper DP4500
b. Bougiesleutel
c. accessoiretas
d. gebruikshandleiding

4. Beoogd gebruik

De machine mag uitsluitend voor het voorgeschreven doel worden gebruikt. Elk ander of verdergaand gebruik is Niet volgens de voorschriften. De gebruiker/bediener en Niet de fabrikant is aansprakelijk voor ontstane schade of elke vorm van letsel.

Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de gebruikshandleiding make deel uit van het beoogd gebruik.

Personen die de machine bedieren of die onderhoud aan de machine verrachten,要去 hiermee bekend zich en op de hoogte zich van de möglichke bevaren.

De fabrikant is Niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan de machine worden aangebracht en de hieruit voortvloeijeende schade.

De machine mag uitsluitend met de originele onderden en originele accessoires van de fabrikant worden gebrukt.

Let erop dat once apparaten volgens het beoogd gebruik Niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijkke of industrièle toepassenen zich ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanner het apparaat in bedrijfsmatige, ambachtelijkke of industrièle onderemingen of bij soortgelijke werkzaamheden worden ingezet.

5. Algemene verilgheidsvoorschriften

In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uwveiligheid betreffen van dit teken voorzien:

Bovendien bevat de gebruikshandleiding andere belangrijke tekstgedeeltes die zich voorzien van hetwoord "LET OP!".

Letop!

Bij het gebruik van apparaten要去en enkele visilheidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees waarom absolut deze gebruikshandleiding / veiligheidsvoorschriften door. Indien u het apparaat aan andere Personen mayt overhandigen, overhandig dan tevens deze gebruiksaanwijzing/veiligheidsaanwijzingen. Wij hunnen Niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade,veroorzaakt door Niet-naleving van deze handleiding of de visilheidsvoorschriften.

GEVAAR

Bij het Niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op zeer ernstig of dodelijk letsel.

WAARSCHUWING

Bij het Niet inucht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op ernstig of dodelijk letsel.

VOORZICHTIG

Bij het Niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat er gevaar voor Licht tot gemiddeld ernstige verwonding.

AANWIJZING

Bij het Niet inucht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op een beschadiging van de motor of van andere zaken of goederen.

Algemene veiligheidsvoorschriften

1. Houd uw werkomgeving schoon en netjes

  • Een rommelige werkomgeving kan ongevallen met zich meebrengen.

2. Houd rekening met omgevingsinvloeden

  • Werk nooit met dit apparaat in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes. Als de motor draait, veroorzaakt dit giftige gassen. Deze gassen können geurloos en onzichtbaar zich.
  • Stel het apparaat Niet bloot aan regen.
  • Gebruik het apparaat Niet in een vochtige of natte omgeving.
  • Let er bij een oneffen terrein op, dat het apparaat stabel staat.
    Zorg voor goede verlichtingijdens het werk.
  • Gebruik het apparaat Niet opplaaten waar sprake is van brand-of explosiegevaar, bijv. door ontvlambare vegetatie.
  • Zet bij droogte een brandblusser maar (brandgevaar).

3. Houd andere Personen op afstand

  • Laat andere Personen, met name kinderen enjongeren, Niet aan het apparaatkommen. Houdhen buiten het gebied waar gewerkt worden.

4. Berg ongebruikte apparaten veilig op

Berg een apparaat dat nicht worden gebrukt, op een droge, hooggelegen of afgesloten plaats op, zodate het zich buiten het bereik van kinderen bevindt.

5. Zorg dat uw apparaat Niet overbelast raakt

  • Werk binnen het aangegeven vermogensbereik.

6. Draag geschikte kleding

  • Draag geen wijde kleding of sieraden,DEXe kunnen door bewegende delen worden vastgegrepen.
  • Draag stevige werkhandsohenen, leren handsohenen bieden goede bescherming.
  • Draagavigilheidsschoenen met stalen neuzen.
  • Draag algtdjeen werkoverall van stevig materi-aal voor alle werkzaamheden.
  • Draag een haarnetje en een veiligheidshelm als u lang haar hebt.

  • Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Draag algijd hoofd-, oog-, hand-, voet- en gehoorbescherming.

  • Vermijd een onnatuurlijk lichaamshouding

Zorg ervoor dat uijdens het gebruik van het apparaat stabel en stevig staat.

  1. Werk bij volledig bewustzijn

  2. Werk nooit onder invloed van alcohol, drugs, medicijnen of andere substanties die uw gezichtsvermögen, handigheid of oordeelkundigheid können aantasten.

  3. Gebruik het apparaat alleen waar het voor is ontworpen

  4. Gebruik het elektrisch gereedschap Niet voor andere doeleinden, dan waaroor het bedoeld is.

Veiligheidsinstrumentes voor omgang met ontstekingsgevoelige bedrijfsmiddelen

  1. WAARSCHUWING! Benzine is licht ontvrambaar.
  2. Bewaar de benzine in reservoirs die special hiervoor zijn vervaardigd.
  3. Vul benzine uitsluitend in de buitenlucht en rook hierbij Niet.
  4. Vul benzine bij voordat u de motor start. Verwijder nooit de brandstoffankdeksel of vul benzine bij, verwijl de motor draait of nog heet is.
  5. Als brandstof worden gemorst, moet u Niet proberen om de motor te lately draaien, maar brengt u de machine uit het bereik van de plek waar de brandstof is gemorst en vermijdt u alle ontstekingsbronnen tot alle brandstoffdampen zich verdamt. Breng de brandstoffankdeksel en de sluiting van de jerry-can goed aan.

Vullen van brandstof

Voor het vullen要去 algid de motor worden uitgeschakeld.

Let op! Tankdop algijd voorzichtig openen, zodate de bestaande overdruk langzaam kan afbouwen.

Tijdens werkzaamheden met het apparaat ontstaan hoge temperaturen in de behuizing. Laat het apparaat voor het tanken algid volledig afkoelen.

Let op! Bij onvoldoende afkoeling van het apparaat kan de brandstof tijdens het tanken ontsteken en tot ernstige brandwonden leiden.

  • Let op dat de tank nicht met te veel brandstof worden gezuld. Als u brandstof morst, moet het brandstof direct worden verwijderd en moet het apparaat worden gereinigd.
  • De brandstof tankdeksel algijd goed sluiten, om het losraken door eventuele trillingenijdens het gebruik van het apparaat te vermijden.

GEVAAR

Tank de machine Niet vol nabij open vuur.

2. Speciale veiligheidsbepalingenijdens het gebruik van verbrandingsmotoren

GEVAAR

Verbrandingsmotoren vormenijdens het gebruik enijdens het tanken een bijzonder gevaar. Lees de waarschuwingen en neem deze in acht. Het Niet in acht nemen kan leiden tot ernstig of zichs dodelijk letsel.

  1. Er mogen geen veranderingen op het apparaat worden aangebracht.
  2. Let op!

Gevaar voor vergiftig, uitlaatgassen, brandstoffen en smeermiddelen zijn giftig. Uitlaatgassenmightniet worden ingeademd.

  1. Let op!

Gevaar voor brandwonden, uitlaatsystem en aanrijfaggregaat Niet aanraken.

  1. Het apparaat Niet in ongeventileerde ruimtes of inlicht ontvlambare omgeving gebruiken. Als het apparaat in goed geventileerde ruimtes wordt gebruikt,要去en de uitlaatgassen via een uitlaatslang direct maar buiten worden geleid. Let op!Ook bij het gebruik van een uitlaatgass slang kunnen giffige uitlaatgassen ontsnappen. Vanwege het brandevaar mag de uitlaatslang nooit op brandbare stoffen worden gericht.
  2. Explosiegevaar! Het apparaat nooit in ruimtes metlicht ontvlambare stoffen gebruiken.
  3. Tijdens het transport moet het apparaat gegen wegslippen en kantelen worden beveiligd.
  4. Let op dat bij het tanken geen brandstof op de mot- tor of in de uitlaat worden gemorst.
  5. Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uitsluitend door geauthoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.
  6. Raak geen mechanismisch bewegende of hete onder-delen aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.

  7. Bij de technische gegevens onder geluidsvermögens niveau (L_wA) en geluidsdruk niveau (L_PA) aangegeven waarden geben een emissieniveau waar en hoeven Niet persé veilige werkniveau te zich.

  8. Aangezien een samenhang bestaat tussen de emissie- en immissieniveaus, kan deze nicht betrouwbaar voor het bepalen van eventuele vereiste aanvullende voorzorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren op het actuele immissieniveau van de arbeid, sluiten de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen, enz. zoals bijv. het aantal machines en andere naastgelegen processen en tijdmarge dat een gebruiker aan het lawaai worden blootgesteld,uit. Bovendien kan het toegestane immissieniveau per land verschillen. Deze informatatie zal voor de exploitant van de machine de möglichkheid gezven om een betere inschatting van de risico's en bevaren uit te voeren.
  9. Steek nooit voorwerpen door de ventilatiesleuven. Dit geldt ook als het apparaat isuitgeschakeld. Het Niet in achecht nemen kan tot letsel of schade aan het apparaat leiden.
  10. Houd het apparaat vrij van olie, vuil en andere verontreinigingen.
  11. Controller of de geluidsdemper en het luchtfilter conform de voorschriften functioneren. Deze onder-delen dienen als vlamvertrager bij een vlaminslag.
  12. Schakel de motor uit: -Altijd, als u de machine verlaat -Voordat u brandstof bijvult
  13. Sluit de brandstofkraan algid als de machine nicht worden gebruikt.
  14. Gebruik nooit de chokehendel om de motor te stoppen.

6. Aanvullende veriligeidsvoorschriften

Restrisico's

De machine is gebouwd volgens de stand van de techniek en de erkende verilgheidstechnische regels. Toch kanijdens de werkzaamheden spreke zichn van enkele restrisico's.

  • Bovendien kann er ondanks alle getroffen voorzieningen verborgen restrisico's bestaan.
  • Restrisico's kuren worden geminaliseerd als de "veiligheidsvoorschriften" en het "gebruik conform de voorschriften" alsook de bedieningshandleiding worden opgevolgd.
  • Houd uw handen buiten de werkomgeving, wanneer de machine in bedrijf is.

  • Inspecteer zorgvuldig het gebied waar gewerkt moet worden en houd de werkomgeving schoon en vrij van vuil om struikelgevaar te voorkomen. Werk op een vlakke, gladde ondergrond.

  • Plaatsijdens montage, installmentie, bediening, onderhoud, reparatie of transport nooit enig deel van uw li-chaam in een positie waar u gevaar loopt bij beweging.
  • Houd alle toeschouwers, kinderen en huisdieren op minstens 23 meter (75 voet) afstand. Stop de machine onmiddelijk als er iemand in de buurt kommt.
  • Klim Niet op de laadbak en vervoer geen passagiers.
  • Parkeer de machine nooit op eenplaats met een onstabiele ondergrond die zou konnen bezwijken, vooral Niet wanner de machine geladen is.
  • Laat de koppelingshendel los voordat u de motor start.
  • Start de motor voorzichtig volgens de instructies en houd uw voeten uit de buurt van de bewegende delen.
  • Verlaat nooit de bedieningspositie verwijl de motor draait.
  • Houd het productijdens het gebruik.altijd met beiden handen vast. Houd het stuur.altijd goed vast.Denk eraan dat de machine onverwacht omhoog of maar voren kan springen als deze verborgen obstakels tegenkomt,zoals grote stenen.
    Rijd alkijd stapvoets met de machine.
    Overbelast de machine nicht. Rijd met een veilige slelheid, pas de slelheid aan de helling van het terrein aan, de staat van het wegdek en het gewicht van de lading.
  • Wees met name voorzichtig wanner u dechteruit-versnelling gezruikt of de machine maar u toe trekt.
  • Wees met name voorzichtig wanner u werkst op grindpaden, trotoirs of wegen deze paasseert. Kijk.altijduit voorverborgen gevaren en verkeer.
  • Rijd op een zachtte ondergrond met de eerste versnelling vooruit/achteruit. Versnel, stuur en rem Niet te hard.

Veiligheidsinstructies Service/onderhoud en op-slag

  1. Gebruik voor onderhoud en accessoiresuitsluitend originele onderdelen.
  2. Vervang defecte geluidempers.
  3. Controleer het apparaat voor gebruik algijd op slijtage of beschadiging door middel van een visuelle controle. Vervang versleten of beschadigde elementen en schroeven. Haal alle moeren, bouteen en schroeven aan om te waarborgen dat de uitrusting zich in een veilige werktoestand bevindt.

  4. Er dient regelmatig op lekken of slijtdeeltjes in het brandstofsystemeem gecontroleerd te worden, die kuren optreten door poreuze slangen, losese of ontbrekende klemmen en schade aan de tank of het tankdeksel. Voor gebruik要去en alle defecten zichn verholpen.

  5. Voordat u het apparaat c.q. de motor controleert of instelt, moet de bougie c.q. de ontstekingskabel worden verwijderd, om onwillekeurig inschaklen te voorkomen.

Opslag

  1. Bewaar de apparatuur nooit met brandstof in de tank binnenin een gebouw, odomat dampen in contact kuren komen met open vuur of vonden.
  2. Laat de motor voor de opslag in een gesloten ruim-te afkoelen.
  3. Om brandgevaar te vermijden, houdt u de motor, geluidemper en het brandstof-opslagbereik vrij van vegetatieve materialen en overtollig smeer-middel.

Langere opslag/overwintering

  1. Tap alle brandstof af bij langere opslag/overwintering. Brandstoffen zijn chemische verbindingen waarvan hun eigenschappen veranderen tijdens langere opslag. Als de brandstoftank要去 worden leeggeprompt,要去 dit in de buitenlucht gebeuren.

WAARSCHUWING

Ondeskundig onderhoud of het Niet in acht nemen resp. het Niet verhelpen van een probleem kan tijdens het gebruik een gezarenbron verroorzaken. Gebruik uitsluitend regelmatig en juist onderhoden machines. Alleen zo kurz u er van uitgaan dat u uw apparaat veilig, zuinig en storingsvrijkunt gebruiken.

De machine mag nicht in een draaiende toestand worden gereinigd, onderhouden, ingesteld of gerepareererd. Bewegende onderdelen können ernstig letsel veroorzaken.

Gebruik geen benzine of andere ontvlambare oplos-middelen om de machineonderdelen te reinigen.

WAARSCHUWING

Dampen van brandstoffen en oplosmiddelen können explodeen.

Breng na reparatie- en onderhoudswerkzaamheden de afschermingen en veiligheidsuitrustingen wee por het apparaat aan.

Zorg voor een bedrijsveilige toestand van het apparaat, controllerer hierbij met name het brandstofsystem op dichthed.

Maak algijd de koelribben van de motor vrij van enige verwuiling.

Restgevaren en voorzorgsmaatregelen
Het Niet naleven van de ergonomische basisprincipes

Onzorgvuldig gekruik van persoonlijke beschermingsmiddelen

Nalatig gebruik of het weglaten van persoonlijke beschermingsmiddelen kan ernstige verwondingen tot gevolg hebben.

-Voorgeschreve n beschermende uitrusting dragen.

Menselijk gedrag, incorrect gedrag

  • Weesijdens alle werkzaamheden algijd volledig ge-concentreerd.

Restgevaar kan nicht worden uitgesloten.

Het aanraken van de bougiekap kan bij een draaiende motor een elektrische schok veroorzaken.

  • Raak nooit de bougiekap of de bougie aan als de motor draait.

Thermische restgevaren

Verbrandingen, bevriezing

Het aanraken van de uitlaat/behuizing kan brandwon-den veroorzaken.

  • Laat een gemotoriseerd apparatusaat eerst afkoelen.

Gevaardoorlawaai

Gehoorschade

Langere werkzaamheden met het apparaat zonder gehoorbescherming kan leiden tot gohoorschade.

  • Altijd gehoorbescherming dragen.

Gevaren door materialen en andere stoffen

Contact, inademing

Uitlaatgassen van de machine konnen schadelijk voor de gezondheid.

  • Gebruik gemotoriseerd apparaat alleen in de buitenlucht

Brand,explosionie

Brandstof is brandgevaarlijk.
- Tijdens de werkzaamheden en het tanken is roken en open vuur verboden.

Gedrag bijoodgevallen

Bij een eventuele ongeval moet u direct deoodzakelijkke EHBO-maatregelen nemen en zo snel möglichk hulpvragen aan een gekwalificeerde arts.

Geef de volgende gegevens door als om hulp worden gevraagd:

  1. Waar het is gebeurd
  2. Water is gebeurd
  3. Hoeveel verwonden
  4. Wat de aard is van de verwondingen
  5. Wie om hulp vraagt!
Motor4,1 kW
aandrijving3F + 1R
Draagvermogen400 kg
Lengte transportbak840 mm
Breedte transportbak626 mm
Diepte transportbak289 mm
Gewicht179 kg
Motortype4-taktmotor
Stationair toerenal1700 1/min
Maximum toerenal4000 1/min
MotorstarterTrekstarter (Startmotor met trekkabel)
brandstofLoodvrije benzine met octaangetal 90 en max. bio-ethanolgehalte van 5%
Tankinhoud brandstof 3,6 I
Benodigde motorolie SAE 10W-30
transmissieolie SAE30 / 80W-90
CO2-uitstoot 811,46 g/kWh
maximale helling 30°
Tankinhoud olie maximaal0,6 l

Technische wijzigingen voorbehouden!

Geluid & Trilling

Waarschuwing: Lawaai kan ernstige gezondheidsklachten tot gevolg haben. Als het geluid van de machine hoger is dan 85 dB, dient u geschikte gehoorbescherming te dragen.

Informatie over de geluidsproductie gemeten volgens de relevante normen:

Draag gehoorbescherming.

Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn.

Trilling stuurgreep links A_hv = 10,1 ~m / s

Trilling stuurgreep rechts A= 11,3 m/s

De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens een standardtestmethode en kan worden gebruikt om apparaten met elkaar te vergelijkken. De aangegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt als eerste individatie van de belasting.

WAARSCHUWING

De trillingsemissiewaarde kan van de opgegeven waarde afwijken. Dit is afhankelijk van de wijze waarop het product worden toegepast. Probeer de belasting door vibratie zo gering möglich te houden. Voorbeelden van maatregelen om de belasting door trillingen te verminderen zijn: het dragen van handschoenenijdens het gebruik van het gereedschap en de duur van de werkzaamheden. Hierbij要去en alle aspecten van de bedrijfscylus in aanmerking worden genomen (zoals deijd dat het apparaat uitgeschakeld is en deijd dat deze ingeschakeld is, maar onbelast draait).

Beperk de geluidsproductie en trilling tot een minimum!

8. Uitpakken

Verwijder de transportvergrendelingen met een geschikt gereedschap (bijv. een schaar) (niet meegeleverd).

Open de verpakking en haal het apparaat er voorzichtig UIT.

Verwijder het verpakkingsmaterialie evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).

Controller of de inhoud van de levering volledig is.

Controleer het apparaat en de hulpstukken op transportschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een laterijdstip worden nicht erkend.

Bewaar de verpakking indien möglichk tot na het verstreijken van de garantietijd.

Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met het apparaat aan de hand van de gebruikshandeling.

Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveonderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveonderdelen zichn verkrijgbaar bij de leverancier.

Geef bij bestellingen once artikelnummers alsook type en bouwjaar van het apparatusaat aan.

LET OPI!

Het apparaat en verpakkingsmaterialaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen Niet met plastic zakken, folies enkleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar!

9. Montage / Voor ingebruikname

U kunt de machine in slechts enkele minuten in el-kaar zetten met behulp van de volgende montage-in-stricties.

Stuur (afb. 3)

Lijn de gaten in het stuuruit met de gaten in de zijdelen en zet het stuur vast met de boute A_·

LET OP!

Controleer voor het starten van de motor:

  • het brandstofpeil, vul bij indien nodig
  • de brandstoffank moet minstens halfvol zich
  • voor voldoende ventilatie van het apparaat zorgen
  • controller of de bougiestekker aan de bougie is bevestigd
  • de toestand van het luchtfilter
  • de toestand van de brandstofleidingen
  • de externe schroefverbindingen op goede bevestiging

Brandstof bijvullen

Aanbevolen brandstof

Vul de brandstoftank alleen met schone brandstof met minimaal 90 octaan en maximaal 5% bio-ethanol.

AANWIJZING

De tank mag tot maximaal 12,5 mm (1/2") onder de onderkant van de vulopening gemuld worden om ruimte te lately voor uitzetting.

Gebruik uitsluitend vers, schoon brandstof.

Let op!

Water of verontreinigung in de benzine beschadigen het brandstofsystem.

Tank in een goed geventileerde omgeving bij uittgeschakelde motor. Als de motor direct waarvoor in gebruik was,要去 deze eerst afkoelen. Tank de motor nooit in een gebouw, waar de benzinedampen vlammen of vonden konnen bereiken.

Benzine is zeer brandgevaarlijk en explosief. U kunt bij het omgaan met brandstof brandwonden of ander ernstig letsel oplopen.

  • Motor uitschakelen en uit de buurt van warmte en vonden of yuur houden.
  • Uitsluitend in de buitenlucht tanken.
    Gemorste benzine direct schoonvegen.

Motorolie

De olie is afgetapt voor transport. Als de olie- pan Niet met olie bevuld is voordat de motor gestart worden, leidt dit tot blijvende schade en verwalt de garantie op de motor.

Het apparaat要去 voor de ingebruikname volledig zich gemonteerd!

Motorschakelaar (1)

De motorschakelaar (1) activeert en deactiveert het ontstekingssystem.

De motorschakelaar (1)要去 in de stand "ON" staan om de motor te kuren starten.

De motorschakelaar (1)要去 in de stand "OFF" staan om de motor uit te schakelen.

Koppelingshendel (4)

Bedieren van de koppelingshendel (4) - Koppeling gekoppeld. Losdraaien van de hendel - Koppeling losgekoppeld.

Gashendel (2)

Regelt het motortoerental. Zet de gashendel (2) op laag (L) of hoog (H) toerental om het motortoerental te verhogen of te verlagen.

  • Bedient de voorwaartse ofchterwaartse beweging van de machine.

Kuipbevestiging (7)

Voor het kantalen de ontgrendleing op de kantelhendel indrukken en de transportkuip met behulp van de hendel optillen.

AANWIJZING

Bij volle belading of transport van zware lasten要去 de transportbak (6) geleegd worden met behulp van een tweede persoon.

  • Nadat de transportbak (6) is geleed, deze waar la-ten zakken en vergrendelen.

Starten van de motor

Koude start

  • Zet de chokehendel (12) op de motor in positie.
  • Zet de gashendel (2) op de bovenste handgreep in de halfopen stand.
  • Zet de motorschakelaar (1) aan.
    Zet de benzinekraan (13) in de stand.
  • Trek enkele keren langzaam aan het starterkoord zodat de benzine in de carburateur stroomt.

  • Houd verwolgens de hendel van de trekstarter stevig vast en trek het koord een beetje uit totdat u watstand voelt.

Trek het koord verwolgens neln in een beweginguit en laat het koord langzaam oprollen. Laat het koord Niet terugveren. Trek indien nodig enkelekeren aan het koord tot de motor start.

  • Laat de motor enkele seconden warmdraaien.
  • Zet dan de chokehendel (12) geleidelijk in de stand.

AANWIJZING

Bij het opnieuw starten van een motor die al warm is door eerdere werkung, hoeft de choke normalaal gesproken Niet te worden gebruikt.

warme start

  • Zet de gashendel (2) op de bovenste handgreep in de halfopen stand.
  • Zet de motorschakelaar (1) in de stand "ON".
    Zet de benzinekraan (13) in de stand
  • Houd verwolgens de hendel van de trekstarter stevig vast en trek het koord een beetje uit totdat u onderstand voelt. Trek het koord verwolgens snel in een beweging uit en LAST het koord langzaam oprollen. Laat het koord Niet terugveren.

Bedrijf

Trek na het opwarmen aan de gashendel om het mortoerental te verhogen. Schakel de gewenste versnelling in en bedien de koppelingshendel langzaam. Als de versnelling Niet meteen aangrijpt,That u de koppelingshendel langzaam los en probeert u het opnieuw. Hierdoor wordt de minitransporter in beweging gezet. De minitransporter heeft stuurhendels aan het stuur, wat het sturen erg gemakkelijk maakt. Bedien gewoon de correspondende rechter of linker stuurhendel om maar rechts ofaar links te sturen. De sturgevoeligheid neemt evenredig toe met de snelheid van de machine, en met een lege machine is slechts een lichte druk op de hendel nodig om een bocht te nemen. Er isECHtermeer druk nodig als de machine geladen is. De minitransporter heeft een maximale capacititeit van 400kg . Het is echter raadzaam om de belasting te beoordelen en aan te passen aan de ondergrond waarop de machine gebruikt zal worden. Het is daarom raadzaam om op gevoelige routes in een lage versnelling en bijzonder voorzichtig te rijden.

In dergelijk situatuies要去 de machine gedurende de hele afstand in een lage versnelling worden gehonden. Vermijd scherpe bochten en veelvuldige richtingsveranderingen tijdens het rijden op de weg, vooral op ruw, hard terrein vol scherpe, oneffen plekken met veel wrijving.

Denk eraan dat u, zichs als het apparaat over rubberen kettingen beschikt, voorzichtig moet+zijn bij het werken in ongunstige weersomstandigheden (ijs, zware regen

en sneeuw) of op grondsoorten die de minitransporter instabiel konnen make. Houd er rekening meed dat dit een kettingvoertuig is, dat onderhevig is aan aanzienlijke knibbewegingen bij het rijden over bulten, gaten en treden.

Wonneer u de koppelingshendel loslaat, stopt de machine en remt deutsche automatisch. Als u de machine op een steile helling tot stilstand brengt, moet u een wigplaatsen voor een van de kettingen.

Stationair toerental

Zet de gashendel (2) in de stand "L" om de belasting van de motor te verminderen als u Niet werkt.

Als u het motortoerental verlaagt om de motor stationair te lien draaien, verlengt u de levensduur van de motor, bespaart u brandstof en verlaagt u het geluidsniveau van de machine.

De motor uitschakelen

Let op!

Zet de motorschakelaar (1) in de "OFF"-stand om de motor in geval van nood uit te schakelen.

Gebruik onder normale omstandigheden het volgen de proces.

  • Zet de gashendel (2) in de stand "L".
  • Laat de motor één of wee minuten stationair draaien.
  • Zet de motorschakelaar (1) op "OFF".
  • Draai de benzinekraan (13) in de gegenovergestelde stand.

AANWIJZING

Gebruik nooit de choke-hendel (12) om de motor uit te zetten. Dit kan leiden tot ontstekingsfouten of motorschade.

11. Reiniging

Let op!

Schakel altijd de motor uit en verwijder de bougiestekker Alvorens reinigingswerkzaamheden uit te voeren.

Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleuven en de motorbehuzing zo stof- en vuilvrij möglichk zich. Wrijf het apparaat met een schone doeck schoon of blaas het met perslucht bij een lage druk UIT.

Wij adviseren om het apparaat direct na elk gebruik te reinigen.

Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige doeken wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Hierdoor kuren de kunststofonderdelen van het apparaat worden aangetast. Let op dat er geen water in het apparaatterecht kommt.

12. Transport

WAARSCHUWING

Voor het transport resp. voor het wegzetten in ruimtes, dient u de motor van de machine af te lately koelen om brandwonden te voorkomen en om brandgevaaruit te sluiten. Als u het apparaat wilt transporteren, moet u de benzinetank eerst leegmaken.

Verwijder grof vuil van het apparaat met een borstel of handveger.

13. Opslag

Bewaar het apparaat en de bijbehorende accessoires op een donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontogankelijkke plaats. De optimale opslagtemperatuur ligtussen 5 en 30^

Bewaar het gereedschap in de originele verpakking. Dek het gereedschap af om het te beschermen gegen stof of vocht. Bewaar de gebruikshandleiding bij het gereedschap.

  1. Voer alle algemene onderhoudswerkzaamhedenuit die in de paragraaf onderhoud in de handleidingstaan beschreiben.
  2. Verwijder de brandstof uit de tank (gebruik hiervoor een algemeen verkrijgbare kunststof benzinepomp uit de bouwmarkt).
  3. Nadat de brandstof is uitgeprompt, start u de machine.
  4. Laat de machine stationair doorlopen totdatdezestopt. Hierdoor verdwijnt overtollige brandstofuitde carburateur.
  5. Laat de machine afkoelen. (ca. 5 Minutes)
  6. Verwijder de bougie.
  7. Doe een hoeveelheid 2-takt-motorolie ter grootte van een theelepel in de verbrandingskamer. Trek nu meertere keren voorzichtig aan de startkabel om de olie over de interne componenten te verdelen.
  8. Plaats de bougie wee terug.
  9. Maak de buitenste behuizing van de machine schoon. Gebruik schone doeken om de buitenkant van de machine schoon te makeen en houd de ventilatiesleuven vrij van vreemde delen.

Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen op basis van petroleum wonneer u kunststof onderdelen reinigt. Chemicalien kann den kunststoffen beschadigen.

  1. Bewaar de machine op een vlakke vloer in een schoon, droog gebouw met goede ventilatie.
    Bewaar de machine met brandstof nicht in een ongeventileerde ruimte waar benzinedampen vlammen, vonken, waakvlammen of andere ontstekingsbronnen können bereiken.

Hernieuwde inbedrijfstelling

  1. Verwijder de bougie.
  2. Trek meerdere keren aan het touw van de trekstar- ter om olieresten uit de verbrandingskamer te verwijderen.
  3. Reinig de contacten van de bougie ofplaats een neue bougie.
  4. Vul de tank.

14. Onderhoud

Let op!

Schakel alkij de motor uit en verwijder de bougiestekker voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat uityoeren.

Instandholding

WAARSCHUWING

Schakel de motor uit en LAST alle bedieningshendels los. De motor要去 zijn afgekoeld. Trek de bougiestekker van de bougie. Controller de algemene toestand van de machine. Let op losse bouten, verkeerd uittgelijnde of klemmende bewegende delen, gebroken onderdelen en alle andere zaken die van invloed können zich op een veilig gebruik.

Verwijder alle vreemde objcten en andere materiai- len die zich op de wielen en de eenheid hebben opgehoopt. Reinig de machine na elk gebruik. Gebruik daarna een hoogwaardige dunvloeibare machineolie om alle bewegende delen te smeren.

Gebruik nooit een hogedrukreiniger om de machine te reinigen. Het water kan in de afgeslotendelen van de machine en de tandwielkast binnendringen en schade aan de spillen, tandwielen, lagers of de motorveroorzaken. Gebruik van een hogedrukreiniger leidt tot een kortere levensduur en een verminderde onderhoudsvriendelijkheid.

De kettingen spannen (afb. 8 - 10)

De kettingen hebben de neiging los te rakenijdens het gebruik. Wanner u met losse kettingen werkt, hebben

ze de neiging om over het aandrijftandwiel te glijden, waardoor ze in hun behuizing springen of in een onzekere toestand werken, met slijtage van de behuizing tot gevolg. Ga als volgt te werk om de spanning van de kettingen te controleren.

  1. Parkeer de machine op een vlakke ondergrond met een compacte basis, bij voorkeur op asfalt of stenen bestrating.
  2. Zet de machine omhoog en steun deze op blokken of schragen met een geschikt draagvermögen voor het gewicht van de machine, zDat de kettingen zich ongeveer 100mm boven de grond bevinden.
  3. Meet de middelijn van de ketting ten opzichte van de horizontale lijn. De waarde mag nicht meer dan 10 - 15 mm afwijken.

Ga als volgt te werk als de waarde groter is.

  1. Kantel de transportbak met de kantelhendel en steun deutsche op blokken of schragen met een geschikt draagvermögen voor het gewicht van de transportbak.
  2. Draai de borgmoer A los.
  3. Draai bout B vast totdat de juiste spanning is bereikt.
  4. Zet bout B vast door de borgmoer A vast te draaien.
  5. Zet de transportbak terug in zich oorspronkelijke positie.

De afstelling van de kettingen en de remmen zichn met elkaar verbonden, dus ga zeer voorzichtig te werk, aangezien het remeffect verlorenGaat als de kettingen te strak worden aangedraaid.
Als de stelschroef geen verdere afstelling toe- laat, kan het nodig+zijn om de kettingen te verrangen.

De kettingen verrangen (afb. 11 - 13)

Controleer de toestand van de kettingen regelmatig. Als een ketting gescheurd of gerafeld is, moet deze zo snel möglich verwangen worden.

  1. Demonteer de transportkuip.
  2. Maak de hettingen voldoende los.
  3. Vervang de kettingen zoals aangegeven in de afbeelding.
  4. Span de kettingen op de juiste manier.
  5. Monteer de beschermkast.

Let er bij het verwijderen of aanbrengen van de kettingen op dat u uw vingers nicht tussen de kettingen en de poelie klemt.

Instellen van de koppeling

Als de koppeling versljt, kan dit leiden tot een grotere opening van de hendel, waardoor deze moeilijker te gebruiken is. Dit betekent dat hetoodzakelijk is om de kabel af te stellen en de hendel in de oorspronke-lijke stand te zetten door de stelschroef te bedieren en de borgmoer vast te draaien.

De besturing instellen

Als u moeite heeft met het sturen van het apparaat, moet u de stuurhendels (3) + (5) opnieuw afstellen met behulp van de stelschroef.

Draai de borgmoer los en draai de stelschroef los om eventuele speling in de kabel, die na het eerste gebruik of door normale slijtage kan ontstaan, te verwijderen.

Zorg ervoor dat u het verstelmechanisme Niet te ver losdraait, waar dit het probleem van onderbreking van de aandrijving kan verroorzaken. Vergeet Niet om de borgmoer na het afstellen werk vast te draaien.

Smering

De aandrijving is in de fabriek al gesmeerd en afgedicht.

Olieverversing

Verversen van de transmissieolie (afb. 7)

De olie要去 elke 1000 bedrijfsuren en bij een warmer en uitgeschakelde motor ververst worden. Laat de motor hiervoor indien nodig korteijd draaien.

  • Plaats een geschikte opvangbak met een inhoud van minstens 2 liter onder de olieaftapschoef (16).
  • Open eerst de olieaftapschroef (16) en cervolgens de olievuldop (17) en LAST alle transmissieolie eruit lopen.
  • Sluit de olieaftapschroef (16) weeer.
    Vul ca. 1,5 liter verse transmissieolie bij via de olievuldop (17). Gebruik hiervoor een transmissieoliepomp met slang. Steek de slang via de opening in de olievuldop.

Motorolie

Controleer het oliepeil voor elk gebruik. Verwijder de oliepeilstok (afb. 11) en controller bij een waterpas geplaatste machine of het oliepeil zich:tussen de tweem markeringen bevindt. Vul zo nodig olie bij.

Motorolie verversen

De olie要去elke 50 bedrijfsuren en bij een warmenuitgeschakelde motor ververst worden. Laat de motor hiervoor indien nodig korteijd draaien. Tap de olieervolgens af in een geschikte bak door de oliepeilstok en de olieaftapschroef te verwijderen. Gebruik indien nodig een geschikte slang of pijp. Zodra de olie volledig is afgetapt,plaatst u de olieaftapschroef terug, vultu verse olie bij en sluit u de olievulopening.

Aanbevolen motorolie

SAE 10W-30 of SAE 10W-40 (afhankelijk van de bedrijfstemperatuur).

Voer de verbruike olie conform de voorschriften in bij hetplaatselijk afvalverwerkingsstation voor verbruike olie. Het is verboden om verbruike oliën in de grond af te voeren of bij het afval te gooien.

Belangrjke aanwijzing bij reparatie:

Als het apparaat voor reparatie geretourneerd worden, moet het apparaat vanwege veiligheidsredenen vrij van olie en benzine geretourneerd worden aan het servicestation.

Luchtfilter

Regelmatig reinigen van het luchtfilter voorkomt carburateurstoringen.

Luchtfilter reinigen en luchtfilter verrangen

  • Het luchtfilter要去elke 30 bedrijfsuren worden gereinigd resp. worden verrangen.
  • Verwijder het luchtfilterdeksel door de vleugelschroef los te draaien.
  • Draai de vleugelschroef los en verwijder het luchtfilter.
  • Reinig het luchtfilter door het uit te kloppen of vervang het indien nodig.
  • De montage worden in omgekeerde volgorde uitgevoerd

WAARSCHUWING

Gebruik NOOT benzine of reinigingsoplossingen met een laag vlampunt voor het reinigen van het luchtfiltrelement. Dit kan tot brand of een ontploffing leiden.

AANWIZING

Laat de motor nooit zonder, of met een beschadigd luchtfilterelement draaien. Dan komen er verontreini-gingen in de motor terecht, die de motor ernstig konnen beschadigen. In dit geval vervalt de verplichting van verkoper en fabrikant om garantie te verlenen.

Bougie controlleren, reinigen en verrangen

Controleer de bougie na 10 bedrijfsuren op verontreinigingen en vuil. Verwijder deze zo nodig met een koperdraadborstel. Pleeg na nogiens 50 bedrijfsuren opnieuw onderhoud aan de bougie.

  • Verwijder de bougiestekker.
  • Verwijder het vuil van het voetstuk van de bougie.
  • Gebruik een moersleutel om de bougie uit de motor te halen.
  • Controller de bougie visuel. Verwijder EVT. aangekoekte resten met een koperen staalborstel.
  • Kijk of u verkleuringen ziet aan de bovenkant van de bougie. Standaard moet de bougie Licht van kleurijken.
  • Controller de elektrodeafstand van de bougie. Een acceptabele spleetbreedte is 0,6 - 0,7 mm.
  • Plaats de bougie voorzichtig met de hand terug in de motor.
  • Als de bougie goed geplaatst is, draait u hem vast met de bougiesleutel.
  • Bevestig de bougiestekker aan de bougie.

AANWIZING

Een losse bougie kan oververhit raken en zo de motor beschadigen. En een te strak vastgedraide bougie kan de schroefdraad in de cilinderkop beschadigen.

Service-informatie

Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zich aan gebruiksmatige of naturulijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmaterialial worden gebruikt. Slijtageonderdelen*: Bougie, snaar

* Niet persé meegeleverd!

Reserveonderdelen en accessoires waarverkrijgbaar bij ons servicecentrum. Scan hertoe de QR-code op de titelpagina.

15. Afvalverwerking en hergebruik

Aanwijzingen op de verpakking

SCHEPPACH DP4500 - Aanwijzingen op de verpakking - 1

De verpakkingsmaterialen zijn recyclebaar. Verpakkingen milieuvriendelijk afvoeren.

Informatie over het afvoeren van versleten apparatuur=kunt u opvragen bij uw gemeente.

Brandstoffen en olien

  • Voor het afvoeren van het apparaat要去en de brandstoftank en het motorreservoir worden geleegd!
  • Brandstof en motorolie horen nicht bij het huishoude-lijke afval of in het riool, maar moeten worden ingezameld resp. geschienen worden afgevoerd!
  • Lege olie-en brandstoftanks要去 milieuvriendelijk worden afgevoerd.

16. Verhelpen van storingen

De volgende babel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kurz losesen, als uw machine Niet goed werkt. Als u het probleem hiermee nicht kurz vinden en oplossen, neem dan contact op met uw service-werkplaats.

Storing Mogelijk oorzaak Oplossing
De motor start nicht.Bougiekabel losgekoppeld. Sluit debougiekabel goed aan op de bougie.
Geen brandstof of oude brandstof. MMet schone, verse benzine vullen.
Choke nicht in open positie.De gashendel要去 bij een koude start in de stand Choke worden gezet.
Brandstoffleiding geblokkeerd. Reinigde brandstoffleiding.
Vervuilde bougie. Reinigen, afstandnstellen of verrangen.
Motor is verzopen.Wacht een pau minuten voordat u opnieuw start, maar LAST de motor Niet aanlopen.
Motor loopt onregelmatig.Bougiekabel los. Sluit de bougiekabelaan en maak hem vast.
Motor loopt met CHoke. Zet de chokehendel op OFF.
Brandstoffleiding verstoct of oude brandstof.Reinig de brandstoffleiding. Vul de tank met schone, verse benzine.
Ventilator verstoct. Ontluchting reinigen.
Water of vuil in het brandstofsysteme.Maak de tank leeg. Vul de tank met verse brandstof.
Vuil luchtfilter. Reinig of verrang het luchtfilter.
Onjuiste instelling carburateur. Neemcontact op met de klantenservice.
Motor oververhit.Motoroliepeil laag.Vul het carter met de juiste olie.
Vuil luchtfilter. Luchtfilter reinigen.
Luchtstroom beperkt.Verwijder en reinig de behuizing.
Carburateur Niet goed afgesteld.Neem contact op met de klantenservice.
De machine beweegt nicht als de motor draait.De versnelling was Niet goed gekozen.Controler of de versnellingshendel Niet in twee verschillende versnellingen staat.
De aandrijfkettingen zijn nicht voldoende gespannen.Span de kettingen.

Merknad om emballasjen

SCHEPPACH DP4500 - Verhelpen van storingen - 1

SCHEPPACH DP4500 - Verhelpen van storingen - 2

Emballasjemateriale kan resirkuleres. Vennligst kast emballasje pa en miljovennlig mate.

Du kan finne ut hvordan du kasserer det gamle apparatet hos dinCOMMune-ller byadministrasjon.

Drivstoff og oljer

Zichtbare gebreken要去en binnen de 8 dagenaontvangst van de goederen worden gemeld, zoietverliest de verkoper elke aanspraak op grond van deze gebreken. Onze machines worden geleverd met een garantie voor de duur van de wettelijkke garantietermiin. Deze termijn gaat in vanaf het moment dat de koper de machine ontvangt. De garantie houdt in dat wij elk onderdeel van de machine dat binnen de garantietermijn aantoonbaar onbruikbaar wordt als gevolg van materiaal- of productiefouten, koseloos verrangen. De garantie vervalt echter bij verkeerd gebruik of verkeerde behandeling van de machine. Voor onderdelen die wij Niet zelf produceren, geven wij enkel de garantie die wij zich krijgen van de oorspronkelijke leverancier. De Kosten voor de montage van neue onderdelen vallen ten laste van de koper. Eisen tot het aanbrngen van veranderingen of het toestaan van een korting en overige schadeloosstellingsclaims zij uitgesloten.

Garantía ES

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : DP4500

Categorie : Gemotoriseerde kruiwagen