WA400MP - Niet gecategoriseerd MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WA400MP MAKITA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Niet gecategoriseerd in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WA400MP - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WA400MP van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING WA400MP MAKITA
Onkruidwiedhulpstuk GEBRUIKSAANWIJZING
- Inverbandmetononderbrokenresearchenontwikkelingbehoudenwijonshetrechtvoorbovenstaandetech- nischegegevenstewijzigenzondervoorafgaandekennisgeving.
- De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen. Goedgekeurd aandrijfsysteem Dithulpstukisalleengoedgekeurdvoorgebruikmetde volgendeaandrijfsystemen:
- MultifunctioneelaccuaandrijfsysteemDUX60
- MultifunctioneelaccuaandrijfsysteemDUX18
- MultifunctioneelaccuaandrijfsysteemUX01G WAARSCHUWING: Gebruik het hulpstuk nooit met een niet-goedgekeurd aandrijfsysteem. Een niet-goedgekeurde combinatie kan leiden tot ernstig letsel. Symbolen Hieronderstaandesymbolendievoorhetgereedschap kunnenwordengebruikt.Zorgervoordatudebetekenis ervankentvoordatuhetgereedschapgaatgebruiken. Leesdegebruiksaanwijzingenvolgdeze op. Draag een veiligheidshelm, oog- en gehoorbescherming. Draag veiligheidshandschoenen. Draag stevige schoenen met antislipzolen. Waarschuwing: Koppel de accu los alvo- rens onderhoud uit te voeren. Houduwvoetenuitdebuurtvanhet wiedmes. Houd omstanders en dieren ten minste 5meteruitdebuurtvanhetelektrisch gereedschap. Hetedelen-brandgevaarvoorvingersen handen. Gegarandeerd geluidsvermogenniveau conformEU-richtlijninzakegeluidsemissie buitenhuis. Geluidsvermogenniveau conform de Regelgeving Geluidsregeling van NSW, Australië Bedoeld gebruik Dithulpstukisuitsluitendbedoeldvoorhetwiedenvan grasopdegrondincombinatiemeteengoedgekeurd aandrijfsysteem.Gebruikhethulpstuknooitvoorenig anderdoel.Misbruikvanhethulpstukkanernstigletsel veroorzaken. EG-verklaring van conformiteit Alleen voor Europese landen Wijalsdefabrikanten:Makita Europe N.V., Bedrijfsadres:Jan-Baptist Vinkstraat 2, 3070 Kortenberg, BELGIË. Stellen Kazuhisa Makino aanomhettechnischebestandsamentestellenen verklarenondereigenverantwoordelijkheiddathet/de product(en); Aanduiding: Onkruidwiedhulpstuk. Aanduiding van type(n):WA400MP. Voldoet aan de relevante voorwaarden van 2006/42/ EG en voldoet tevens aan de relevante voorwaarden vandevolgendeEG/EU-richtlijnen:2000/14/ECenzijn gefabriceerdconformdevolgendegeharmoniseerde normen: EN 62841-1:2015+A11:2022, EN ISO 11806- 1:2022, EN IEC 62841-4-7:2022+A11:2022. Plaats en datum van verklaring: Kortenberg, België.
Verantwoordelijkepersoon:Kazuhisa Makino, direc- teur - Makita Europe N.V.35 NEDERLANDS VEILIGHEIDSWAAR- SCHUWINGEN Veiligheidswaarschuwingen voor een onkruidwiedhulpstuk
1. Gebruik het gereedschap niet onder slechte
weersomstandigheden, met name wanneer de kans op bliksem bestaat. Dit verkleint de kans omdoordebliksemgetroenteworden.
2. Inspecteer het gebied waar het gereedschap
gebruikt gaat worden zorgvuldig op de aanwe- zigheid van dieren. Dieren kunnen gewond raken tijdenshetgebruikvanhetgereedschap.
3. Inspecteer het gebied waar het gereedschap
gebruikt gaat worden zorgvuldig en verwijder alle stenen, stokken, draden, botten en andere vreemde voorwerpen. Weggeworpen voorwer- penkunnenpersoonlijkletselveroorzaken.
4. Voordat u het gereedschap gebruikt, voert u
altijd een visuele inspectie uit om te contro- leren of het wiedmes niet beschadigd is. Een beschadigdonderdeelverhoogthetrisicovan letsel.
5. Houdt u aan de instructies voor het verwisse-
len van de accessoires. Verkeerd aangedraaide bevestigingsmoerenof-boutenvanhetmeskun- nenhetmesbeschadigenofertoeleidendathet mes los komt.
6. Draag oog-, gehoor-, hoofd- en handbescher-
ming.Afdoendebeschermingsmiddelenverklei- nendekansoppersoonlijkletselalsgevolgvan rondvliegendafvalofonbedoeldeaanrakingvan de snoeidraad of het mes.
7. Draag tijdens gebruik van het gereedschap
altijd slipvast veiligheidsschoeisel. Gebruik het gereedschap niet wanneer u op blote voe- ten loopt of open sandalen draagt. Dit verkleint de kans op letsel aan uw voeten door contact met de/hetbewegendesnoeidraadofmes.
8. Draag tijdens gebruik van het gereedschap
altijd een lange broek. Blootliggende huid verhoogt de kans op letsel door weggeworpen voorwerpen.
9. Houd omstanders uit de buurt wanneer u het
gereedschap gebruikt. Weggeworpen afval kan leidentoternstigpersoonlijkletsel.
10. Gebruik altijd twee handen om het gereed-
schap te bedienen. Door het gereedschap met twee handen vast te houden voorkomt u de con- trole over het gereedschap te verliezen.
11. Houd het gereedschap alleen vast bij het
geïsoleerde oppervlak omdat de snoeidraad of het mes met verborgen bedrading in aanraking kan komen. Wanneer de snoeidraad of het mes in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staanzodatdegebruikereenelektrischeschok kankrijgen.
12. Zorg er altijd voor dat u stevig staat en bedien
het gereedschap alleen terwijl u op de grond staat.Opeengladdeofinstabieleondergrond kunt u uw evenwicht of de controle over het gereedschap verliezen.
13. Gebruik het gereedschap niet op zeer steile
hellingen. Dit verkleint de kans op verlies van controle,uitglijdenenvallendiekunnenleidentot persoonlijkletsel.
14. Verzeker u bij het werken op hellingen er altijd
van dat u stevig staat, werk altijd dwars op de helling, nooit hellingopwaarts of -afwaarts, en wees uiterst voorzichtig bij het veranderen van richting. Dit verkleint de kans op verlies van controle,uitglijdenenvallendiekunnenleidentot persoonlijkletsel.
15. Houd alle delen van uw lichaam uit de buurt
van het wiedmes wanneer het gereedschap is ingeschakeld. Voordat u het gereedschap start, verzekert u zichzelf ervan dat het wied- mes niets raakt.Eenogenblikvanonoplettend- heidkantijdenshetgebruikvanhetgereedschap leiden tot letsel voor u of anderen.
16. Gebruik het gereedschap niet boven heup-
hoogte. Dit helpt te voorkomen dat het wiedmes perongelukietsraaktenbiedteenbeterecontrole over het gereedschap in onverwachte situaties.
17. Bij het afzagen van een takje of jong boom-
pje dat onder spanning staat, let u goed op eventuele terugslag. Wanneer de spanning in dehoutvezelsvrijkomt,kanhetonderspanning staandetakjeofjongeboompjetegendegebrui- ker slaan en/of de controle over de kettingzaag doen verliezen.
18. Wees uiterst voorzichtig bij het zagen van
struiken en jonge boompjes. Het dunne materi- aal kan zich vasthaken aan het mes en naar u toe geslingerdwordenofuuitbalansbrengen.
19. Behoud de controle over het gereedschap
en raak het wiedmes en andere gevaarlijke, bewegende delen niet aan zolang deze nog bewegen. Dit verkleint de kans op letsel door bewegendedelen.
20. Draag het gereedschap terwijl dit is uitge-
schakeld en uit de buurt van uw lichaam. Een juistebehandelingvanhetgereedschapverkleint de kans op het per ongeluk aanraken van de/het bewegendesnoeidraadofmes.
21. Wanneer u het gereedschap transporteert of
opbergt, bevestigt u altijd de afdekking op het wiedmes.Eenjuistebehandelingvanhet gereedschap verkleint de kans op het per ongeluk aanraken van het mes.
22. Gebruik voor vervanging uitsluitend wied-
messen die zijn opgegeven door de fabrikant. Verkeerde vervangingsonderdelen kunnen het risico van defect en letsel verhogen.
23. Bij het verwijderen van vastgelopen materi-
aal of het uitvoeren van onderhoud aan het gereedschap, verzekert u zich ervan dat de schakelaar uit staat en de accu is verwijderd. Onverwachtsstartenvanhetgereedschaptijdens hetverwijderenvanvastgelopenmateriaalofhet uitvoeren van onderhoud, kan leiden tot ernstig persoonlijkletsel.36 NEDERLANDS Aanvullende veiligheidswaarschuwingen Algemene instructies
1. Voor een correct gebruik dient de gebruiker
deze gebruiksaanwijzing te lezen om zichzelf bekend te maken met de juiste manier van omgaan met het gereedschap.Gebruikersdie onvoldoendegeïnformeerdzijn,lopendekans zichzelfenandereningevaartebrengenals gevolgvanonjuisthanteren.
2. Laat in geen geval kinderen, personen met een
verminderd lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen, of gebrek aan kennis en ervaring, en personen die deze gebruiksaanwijzing niet gelezen hebben, het gereedschap gebruiken. De leeftijd van de gebruiker kan landelijk gere- glementeerd zijn.
3. Gebruik het gereedschap met de hoogst moge-
lijke zorg en aandacht.
4. Gebruik het gereedschap alleen als u in goede
lichamelijke conditie bent. Werk altijd rustig en voorzichtig. Gebruik uw gezond verstand en denk eraan dat de gebruiker van het gereed- schap verantwoordelijk is voor ongelukken en gevaren die personen of hun eigendommen kunnen overkomen.
5. Bedien het gereedschap nooit in de buurt
van andere personen, met name kinderen, of huisdieren.
6. In het geval dat het gereedschap enig pro-
bleem of abnormaal gedrag vertoont, moet de motor onmiddellijk worden uitgeschakeld.
7. Tijdens uitrusten en wanneer het gereedschap
onbeheerd achtergelaten wordt, schakelt u het gereedschap uit en verwijdert u de accu, en legt u het gereedschap op een veilige plaats neer om gevaar voor anderen en beschadiging van het gereedschap te voorkomen.
8. Vermijd het gebruik van het gereedschap
onder slechte weersomstandigheden, met name wanneer de kans op bliksem bestaat. Persoonlijke-veiligheidsmiddelen
1. Draag tijdens het gebruik van het gereedschap
altijd oogbescherming en stevige schoenen.
2. Draag tijdens het gebruik van het gereedschap
altijd stevige schoenen en een lange broek. Het gereedschap inschakelen
1. Zorg ervoor dat geen kinderen of andere per-
sonen zich in de buurt bevinden, en let ook op of er geen dieren in de werkomgeving zijn. Als dathetgevalis,stoptumethetgebruikvanhet gereedschap.
2. Houd tijdens het gebruik omstanders en dieren
ten minste 5 meter uit de buurt van het gereed- schap. Zet het gereedschap uit zodra iemand dichterbij komt.
3. Controleer voor gebruik altijd of het gereed-
schap veilig is om te gebruiken. Controleer de veiligheid van het snijgarnituur, en controleer of de trekkerschakelaar goed werkt en gemak- kelijk kan worden bediend. Controleer of de handgrepen schoon en droog zijn en test de werking van de aan-uitschakelaar.
4. Controleer op beschadigde onderdelen voor-
dat u het gereedschap verder gebruikt. Een onderdeel dat beschadigd is, moet nauwkeurig worden onderzocht om te beoordelen of het goed werkt en zijn beoogde functie kan uitvoe- ren. Controleer of bewegende delen goed uit- gelijnd zijn en niet vastgelopen zijn, of onder- delen niet kapot zijn en stevig gemonteerd zijn, en enige andere situatie die van invloed kan zijn op de werking van het gereedschap. Een onderdeel dat beschadigd is, dient vakkundig te worden gerepareerd of vervangen door ons erkend servicecentrum, behalve indien anders aangegeven in deze gebruiksaanwijzing.
Schakel de motor alleen in wanneer de handen en voeten uit de buurt van het snijgarnituur zijn.
6. Controleer vóór het starten of het snijgarnituur
geen contact maakt met enig voorwerp.
7. Houd tijdens het gebruik het gereedschap
8. Voorkom onbedoeld starten. Draag het gereed-
schap niet terwijl de accu is aangebracht met uw vinger op de schakelaar. Verzeker u ervan dat de schakelaar uit staat voordat u de accu aanbrengt.
9. Onderzoek vóór gebruik het werkgebied op
draadafrasteringen, stenen en andere mas- sieve voorwerpen. Zij kunnen het wiedmes beschadigen.
10. Controleer de heggen en struiken op vreemde
voorwerpen, zoals draadafrastering of ver- borgen draden, voordat u het gereedschap gebruikt. Gebruiksmethode
Gebruik het gereedschap alleen bij goed licht en zicht. Wees in de winter bedacht op gladde of natte plaatsen, ijs en sneeuw (gevaar voor uitglij- den). Verzeker u er altijd van dat u stabiel staat op hellingen, en ren nooit maar loop rustig.
2. Wees voorzichtig uw handen en voeten niet te
verwonden aan het snijgarnituur.
3. Sta nooit op een ladder met draaiend
4. Klim nooit in een boom om daar met het
gereedschap te werken.
5. Werk nooit op een instabiele ondergrond.
6. Verwijder zand, stenen, nagels, enz. die u bin-
nen uw werkbereik vindt. Vreemde voorwerpen kunnenhetsnijgarnituurbeschadigenengevaar- lijketerugslagenveroorzaken.
7. Als het snijgarnituur stenen of andere harde
voorwerpen raakt, moet u de motor onmid- dellijk uitschakelen en het snijgarnituur controleren.
8. Controleer het snijgarnituur regelmatig op
beschadiging (inspecteren op haarscheurtjes met de klopgeluidentest).
9. Verwijder altijd de accu uit het gereedschap:
— iedere keer als u het gereedschap onbe- heerd achterlaat; — voordat u een verstopping opheft; — voordat u het gereedschap controleert, reinigt of er werkzaamheden aan gaat verrichten;37 NEDERLANDS — na het raken van een vreemd voorwerp; — als het gereedschap op ongebruikelijke manier begint te trillen.
10. Het snijgarnituur blijft werken nadat de motor
11. Wees bij het aanbrengen en verwijderen van
de schede voorzichtig dat u uw handen niet verwondt. Onderhoudsinstructies
1. De toestand van het gereedschap, met name
die van het snijgarnituur en de veiligheids- uitrusting, moet worden gecontroleerd voor aanvang van de werkzaamheden.
2. Schakel de motor uit en verwijder de accu
voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert, het snijgarnituur vervangt, of het gereedschap of de snijgarnituur schoonmaakt.
3. Als het gereedschap niet wordt gebruikt,
bevestigt u de schede op het gereedschap en bergt u het gereedschap binnen op op een droge, hoge of afgesloten plaats, buiten het bereik van kinderen. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij- zing kan leiden tot ernstig letsel.
ONDERDELEN ►Fig.1: 1. Schede 2. Dop 3. Wiedmes MONTAGE WAARSCHUWING: Alvorens het apparaat te monteren of af te stellen, schakelt u de motor uit en verwijdert u de accu. Anders kan het apparaat onbedoeldstarten,waardoorletselkanontstaan. WAARSCHUWING: Leg het gereedschap altijd op de grond wanneer u het afstelt of onder- delen aanbrengt. Alsuonderdelenaanbrengtof hetgereedschapafsteltterwijlhetrechtopstaat,kan ernstig letsel worden veroorzaakt. WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. Het hulpstuk aanbrengen
1. Bevestig de 2 stelplaten zodanig aan het hulpstuk
datdegroevenvandeplatennaarbuitenwijzen. ►Fig.2: 1. Stelplaat
2. Bevestighetwiedmesaandestelplatenterwijl
udebevestigingenvanhetwiedmesietsnaarbuiten trekt. Wanneeruhetwiedmesbevestigt,verzekertuzich ervandatdepijlinderichtingvandepijpwijst. ►Fig.3: 1.Pijl De hoek van het wiedmes kan worden veranderd door hetuitsteekselophetwiedmesuittelijnenmeteenvan de uitsteeksels op de stelplaten. ►Fig.4: 1. Uitsteeksel KENNISGEVING: Verzeker u ervan dat de pijlen op het wiedmes wijzen in de richting aangegeven in de afbeelding. ►Fig.5: 1.Pijl
4. Steekdebouterinvanafdezijkantzondermoer
endraaideboutvastmetbehulpvandeinbussleutel. Verzekerudatdeboutstevigisvastgedraaid. ►Fig.7: 1. Bout 2. Moer OPMERKING:Aanhaalkoppel:5-10N•m De hulpstukpijp bevestigen LET OP: Controleer na het aanbrengen altijd of de hulpstukpijp stevig is bevestigd.Dooronjuist aanbrengenkanhethulpstukvanhetaandrijfsysteem afvallenenpersoonlijkletselveroorzaken. Bevestigdepijpvanhethulpstukaanhet aandrijfsysteem.
1. Verwijderdedopvanafhetuiteindevandepijp.
►Fig.8: 1.Pijp2. Dop KENNISGEVING: Gooi de dop niet weg omdat deze weer nodig is voor het opbergen van het hulpstuk.
2. Kantel de hendel naar het hulpstuk.
drijfsysteem.Steekdepijperintotdeontgrendelknop omhoog springt. Verzekeruervandatdepositielijntegendepuntvan depijlmarkeringophetaandrijfsysteemkomt,endatde pijlmarkeringophetaandrijfsysteemendepijlmarkering opdepijptegenoverelkaarliggen. ►Fig.10: 1. Ontgrendelknop 2.Pijlmarkeringop hetaandrijfsysteem3. Pen 4.Positielijn 5.Pijlmarkeringopdepijp38 NEDERLANDS
4. Kanteldehendelnaarhetaandrijfsysteem.
►Fig.11: 1. Hendel Zorgervoordathetbovenvlakvandehendelparallel ligtaandepijp. KENNISGEVING: Zet de hendel niet vast zonder dat de hulpstukpijp erin is gestoken. Als u dit doet, kandehendeldeingangvoordeaandrijfschachtte verdichtknijpenenbeschadigen. Omdepijpteverwijderen,kanteltudehendelnaarhet hulpstukentrektudepijperuitterwijludeontgrendel- knop ingedrukt houdt. ►Fig.12: 1. Ontgrendelknop 2. Hendel 3.Pijp De schede verwijderen en aanbrengen Omdemesafdekkingteverwijderen,duwtudemesaf- dekkinginderichtingvandebinnenkantenkanteltu hem. ►Fig.13: 1. Mesafdekking Omdemesafdekkingaantebrengen,zetudemesaf- dekking tegen één kant van het wiedmes en kantelt u hem erop. ►Fig.14: 1. Mesafdekking OPMERKING:Ukuntdemesafdekkingaandepijp bevestigen,zoalsaangegevenindeafbeelding. ►Fig.15: 1. Mesafdekking Het wiedmes aanbrengen en verwijderen LET OP: Draag tijdens het vervangen van het wiedmes altijd handschoenen zodat uw handen niet rechtstreeks in aanraking komen met het wiedmes. LET OP: Breng de mesafdekking aan voordat u het wiedmes aanbrengt of verwijdert.
1. Breng de mesafdekking aan op het wiedmes.
2. Verwijderdeboutdoordeboutlostedraaienmet
behulpvandeinbussleutel. ►Fig.16: 1. Bout
3. Verwijderhetwiedmesterwijludebevestigingen
vanhetwiedmesietsnaarbuitentrekt. ►Fig.17 Breng het wiedmes aan door de instructies voor het aanbrengenvanhethulpstukteraadplegen.
FUNCTIES LET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. De snoeihoek instellen LET OP: Verzeker u er altijd van dat het gereedschap is uitgeschakeld voordat u de snoei- hoek instelt. De hoek van het wiedmes kan in drie stappen wor- denveranderd.Omdehoekteveranderen,lijntuhet uitsteeksel op het wiedmes uit met een van de uit- steekselsopdestelplaten,enbrengtuvervolgenshet wiedmes aan.
1. Draaideboutwaarmeehetwiedmesisbevestigd
losmetbehulpvandeinbussleutel.
2. Lijnhetuitsteekselophetwiedmesuitmeteen
van de uitsteeksels op de stelplaten.
3. Draaideboutweervastomhetwiedmeste
bevestigen. ►Fig.18: 1. Uitsteeksel BEDIENING WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. Het gereedschap bedienen WAARSCHUWING: Houd uw handen uit de buurt van het wiedmes. WAARSCHUWING: Let er goed op dat u te allen tijde de controle over het gereedschap behoudt. Zorg ervoor dat het gereedschap zich niet in uw richting of in de richting van iemand die in de buurt staat beweegt. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan dat leiden tot ernstig letsel vandegebruikerenomstanders. WAARSCHUWING: Voor het wieden, verwij- dert u alle takken en stenen uit het gebied dat u gaat wieden. OPMERKING:Hetgereedschapisbedoeldvoorhet verwijderenvanonkruidenkorterdan15cm(5-7/8"). ►Fig.1939 NEDERLANDS LET OP: Vermijd, voor zover dat praktisch is, het gebruik van het gereedschap bij zeer warm weer. Let tijdens gebruik van het gereedschap op uw fysieke toestand. LET OP: Wees voorzichtig niet per ongeluk een metalen afrastering of andere harde voorwer- pen te raken tijdens het wieden. Het wiedmes kan brekenenletselveroorzaken. LET OP: Het is bijzonder gevaarlijk om met het gereedschap te ver te reiken, met name op een ladder.Werknietmethetgereedschapterwijlu opeenwankelofinstabielhulpmiddelstaat. KENNISGEVING: Gebruik het gereedschap niet op een manier waardoor de motor stopt of zeer langzaam werkt. Houdhetgereedschapmetbeidehandenvastdoor de voorhandgreep en achterhandgreep van het aan- drijfsysteemvasttepakken. ►Fig.20: 1. Voorhandgreep 2. Achterhandgreep Schakelhetgereedschapinterwijlhetwiedmesde grond niet raakt. Plaats het wiedmes op de grond en trek het gereedschap langzaam naar u toe om te wie- den.Hetwerktgemakkelijkeralshetwiedmesongeveer loodrecht op de grond staat. ►Fig.21 ►Fig.22 ONDERHOUD WAARSCHUWING: Alvorens het gereed- schap te inspecteren of te onderhouden, zet u de motor uit en verwijdert u de accu. Anders kan het apparaatonbedoeldstarten,waardoorernstigletsel kan ontstaan. WAARSCHUWING: Leg het gereedschap altijd op de grond wanneer u het inspecteert of onderhoudt.Alsuonderdelenaanbrengtofhet gereedschapafsteltterwijlhetrechtopstaat,kan ernstig letsel worden veroorzaakt. WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. LET OP: Draag handschoenen bij het verrich- ten van inspectie of onderhoud. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was- benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoudofafstellingentewordenuitgevoerdbijeen erkendMakita-servicecentrumofdeMakita-fabriek,en altijdmetgebruikvanMakita-vervangingsonderdelen. Het gereedschap reinigen Reinig het gereedschap door het stof eraf te vegen met een droge doek of een doek gedoopt in zeepwater en uitgewrongen. Onderhoud van het mes Nagebruikverwijdertuhetvastgelopengrasofonkruid vanaf het mes. KENNISGEVING: Was het mes niet met water. Als u dit toch doet, kan het mes of hulpstuk gaan roestenofwordenbeschadigd. Opslag Breng de mesafdekking aan op het wiedmes. Bewaar hetgereedschapbuitenbereikvankinderen.Bewaar hetgereedschapopeenplaatsdienietisblootgesteld aan vocht of regen. Alshethulpstuklosvanhetaandrijfsysteemwordt opgeborgen,brengtudedopaanophetuiteindevan depijp. ►Fig.23 Bewegende delen smeren KENNISGEVING: Houd u aan de frequentie en de opgegeven hoeveelheid vet. Als u dat niet doet, kunnendooronvoldoendesmeringdebewegende delenwordenbeschadigd. Aandrijfas: Vulsmeervet(Makita-smeervetNNo.2ofgelijkwaardig) bijelke25bedrijfsuren. ►Fig.24 OPMERKING: Origineel Makita-smeervet kan wor- denaangeschaftbijuwplaatselijkeMakita-dealer. Smeren met vet Smeerinterval:Elke25bedrijfsuren
1. Verwijderdeboutuithetsmeergat.
2. Brenghetsmeervet(Makita-vetSGNo.0ofgelijk-
waardig) aan in het gereedschap (ongeveer 3,0 gram alsrichtlijn).
3. Draaideboutvast.40 NEDERLANDS
PROBLEMEN OPLOSSEN Alvorensuverzoektomreparatie,kuntuzelfalsvolgthetprobleemopsporenenoplossen.Alsumeteen probleemkamptdatindezehandleidingnietwordtbeschreven,probeerdanniethetgereedschaptedemon- teren.LaatreparatiesoveraaneenerkendMakita-servicecentrum,uitsluitendmetgebruikvanoriginele Makita-vervangingsonderdelen. Probleemomschrijving Waarschijnlijke oorzaak (storing) Oplossing De motor start niet. - Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhet aandrijfsysteem. De motor stopt spoedig. - Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhet aandrijfsysteem. Het motortoerental neemt niet toe. - Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhet aandrijfsysteem. Hetwiedmesbeweegtniet: stop het gereedschap onmiddellijk! Deaandrijvingwerktnietgoed. Vraaguwplaatselijke,erkendeservicecentrumhet gereedschap te repareren. Abnormaletrillingen: stop het gereedschap onmiddellijk! Hetwiedmesisgebroken,verbogenof versleten. Vervang het wiedmes. Deaandrijvingwerktnietgoed. Vraaguwplaatselijke,erkendeservicecentrumhet gereedschap te repareren. Het wiedmes en de motor kunnen niet stoppen: verwijderdeaccuonmiddellijk! Elektrische storing. Verwijderdeaccuenvraaguwplaatselijkerkende servicecentrum het gereedschap te repareren. OPTIONELE ACCESSOIRES LET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita- apparaat dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven.Hetgebruikvanandereaccessoiresof hulpstukkenkangevaarvoorpersoonlijkeverwonding opleveren.Gebruikaccessoiresofhulpstukkenuit- sluitend voor de aangegeven doeleinden. Wenstumeerbijzonderhedenoverdezeacces- soires,neemdancontactopmethetplaatselijke Makita-servicecentrum.
misplaatidel oleva eendiga.
Notice-Facile