SHT 660 K - Heggenschaar STIGA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SHT 660 K STIGA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over SHT 660 K STIGA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Heggenschaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SHT 660 K - STIGA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SHT 660 K van het merk STIGA.
GEBRUIKSAANWIJZING SHT 660 K STIGA
Leer de machine kennen 5
Veiligheidsvoorschriften 6
Gebruiksnormen 8
- Voorbereiding 8
- Gebruik van de machine 9
- Heggen Snijden En Bijsnoeien 10
- Gewoon onderhoud 11
- Buitengewoon onderhoud 12
- Storingen 13
HOE DE HANDLEIDING LEZEN
In de tekst van de handleiding worden enkele paragrafen, die gegevens van bijzonder belang bevatten, gekenmerkt door diverse symbolen die de volgende betekenis hebben:
OPMERKING of
BELANGRIJK Verstrekt nadere gegevens of elementen ter aanvulling op hetgeen daarvoor vermeld is, om te voorkomen dat de machine beschadigd wordt of er schade veroorzaakt wordt.

LET OP!
Gevaar van persoonlijk letsel of let-
sel aan anderen in geval van niet inachtneming.
GEVAAR!
Kans op ernstig persoonlijk letsel of ernstig letsel aan anderen met gevaar voor dodelijke ongelukken, in geval van niet inacht-neming.
LEER DE MACHINE KENNEN
OPMERKING - De afbeeldingen die overeenstemmen met de aanwijzingen bevinden zich op pag. 2 van deze handleiding.
BESCHRIJVING VAN DE MACHINE EN GEBRUIKSGEBIED
Deze machine is een tuingereedschap, en met name een draagbare heggenschaar met benzinemotor voor hobby gebruik.
De machine bestaat hoofdzakelijk uit een motoreenheid en een koppel getande messen, aangedreven door een mechanisme dat een afwisselende rechtlijnige beweging aangeeft.
De veiligheidssystemen verhinderen ongewilde bewegingen van de messen bij afwezigheid van de bediener.
Voorzien gebruik
Deze machine is ontworpen en vervaardigd voor het snijden en bijsnoeien van heggen, bestaande uit struiken met kleine takken, die hoe dan ook in verhouding zijn met de kenmerken van de machine.
Onjuist gebruik
Eender welk ander gebruik, dat afwijkt van wat hierboven beschreven is, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken. De volgende situaties behoren tot het ongeschikt gebruik (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend):
- snijden van gras in het algemeen en in het bijzonder in de nabijheid van stoepranden;
- kleinsnijden van materiaal voor compostering;
anderesnoeiwerken; - gebruik van de machine voor het snijden van nie plantaardig materiaal;
- gebruik van de machine door meer dan één pe soon tegelijk.
Het oneigenlijk gebruik brengt verval van zowel de garantie als de aansprakelijkheid van de fabrikant te- weeg waardoor de gebruiker zelf verantwoordelijk is voor schade of letsel die hijzelf of anderen oplopen.
IDENTIFICATIELABEL EN ONDERDELEN VAN DE MACHINE
- Motor
- Snij-inrichting (mes)
- Beschermplaat snijden
- Voorste handgreep
5.Achterstehandgreep -
Bediening vrijgave achterste handgreep
7.Dopbrandstofreservoir -
Startknop
-
Zitting bougie
-
Mesbescherming
-
Stopschakelaar motor
-
Bediening mes (Versnellingshendel)
-
Veiligheidshendel versneller
-
Chokeknop (starter)
-
Knop voorinspuiting (Primer)
-
Conformiteitskenteken
-
Naam en adres van de fabrikant
-
Gegarandeerd geluidsniveau
- Referentiemodel van de fabrikant
- Model van machine (indien aanwezig)
- Serienummer
- Markering Certificeringsinstituut (indien aanwezig)
- Bouwjaar
- Artikelcode
- Aantal emissies
Het voorbeeld van de verklaring van overeensteming bevindt zich op de voorlaatste pagina van handleiding.
BESCHRIJVING VAN DE VERKLARENDE SYMBOLEN (indien voorzien)
- Mengreservoir
- Werking
- Stilstand
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Uw machine dient met voorzichtigheid te worden gebruikt. Daarom zijn er op de machine pictogrammen op aangebracht die u aan de belangrijkste veiligheidsvoorschriften herinneren. Hun betekenis is hieronder weergegeven. Verder wordt u aanbevolen de veiligheidsvoorschriften in het speciale hoofdstuk daarover in dit boekje zorgvuldig door te lezen.
Vervang de beschadigde of onleesbare stickers.
- LET OP! Gevaar
- Voordat u deze machine in gebruik neemt, dient u eerst de gebruiksaanwijzingen lezen.
- Uw gehoor kan definitieve beschadiging oplo pen. De mensen die deze machine dagelijks normale omstandigheden gebruiken, zijn bloot-gesteld aan een geluidsniveau van 85 dB (A) of hoger. Het is verplicht de oorbeschermers te dragen. Draag altijd een veiligheidsbril (risico voor wegspringende voorwerpen) en oorbeschermers zoals een geluidshelm (om beschadiging van het gehoor te voorkomen) tijdens het gebruik van de machine. Ingeval er gevaar bestaat voor val-lende voorwerpen, moet ook een valhelm gedra-gen worden.
- Draag veiligheidsschoeisel en werkhandschoenen!
- Brandgevaar! Het brandstofmengsel is ontvlambaar. Mors geen brandstof.
- Levensgevaar als gevolg van vergiftiging! Als de motor draait, komen er schadelijke uitlaatgassen vrij. Gebruik de machine nooit in afgesloten ruimten of ruimten met onvoldoende ventilatie. Levensgevaar als gevolg van vergiftiging.
TECHNISCHE GEGEVENS
[61] Cilinderinhoud
[62] Vermogen
[63] Bougie
[64] Afstand elektrodes bougie
[65] Verhouding benzine: olie
[66] Inhoud reservoir
[67] Snijlengte
[68] Geluidsdruk oor bediener
[69] Gemeten akoestisch vermogen
[70] Gegarandeerd niveau van geluidsvermogen
[71] Meetonzekerheid
[72] Trillingen doorgegeven aan de hand door het voorste handvat
[73] Trillingen doorgegeven aan de hand door het achterste handvat
[74] Massa
[75] Code mes (koppel)
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN (zorgvuldig in acht te nemen)
A) VOORBEREIDING
1) DEZE MACHINE KAN ERNSTIGE SCHADE EN LETSELS VEROORZAKEN. Lees aandachtig de aanwijzingen voor correct gebruik, voorbereiding, onderhoud, opstarten en stilzetten van de machine. dat u vertrouwd raakt met de bedieningsknoppen en in staat bent de machine op de juiste wijze te gebruiken. Leer de motor snel af te zetten.
2) Laat nooit toe dat de machine gebruikt wordt door kinderen of door personen die niet vertrouwd zijn met deze aanwijzingen. De minimale leeftijd van de gebruiker kan landelijk gereglementeerd zijn.
3) De machine dient niet door meer dan één persoon gebruikt te worden.
4) Gebruik de machine in geen geval:
- als er personen, in het bijzonder kinderen of dieren in de buurt zijn;
- indien de gebruiker moe is, zich niet fit voelt of geneesmiddelen, drugs, alcohol of schadelijke stoffen ingenomen heeft die zijn reactievermogen en aan-dacht kunnen verminderen;
- indien de gebruiker niet in staat is om de machine stevig vast te houden met beide handen en/of tijdens het werk niet in evenwicht en stevig op beide voeten kan staan.
5) Denk eraan dat de persoon die de machine bedient of de gebruiker aansprakelijk is voor ongevallen en onvoorziene gebeurtenissen die personen of hun eigendommen kunnen overkomen.
B) VÓÓR HET GEBRUIK
1) Tijdens het werken moet gepaste kledij gedragen worden die de gebruiker niet hindert in zijn bewegingen.
- Draag aansluitende en beschermende kledij die bestand is tegen sneden.
- Draag werkhandschoenen, een veiligheidsbril veiligheidsschoeisel met een antislipzool.
- Gebruik de oorbeschermers.
- Draag geen sjaal, hemd, halsketting of andere hangende of ruime accessoires die gegrepen kunnen worden door de machine of voorwerpen en materiaal aanwezig op de werkplaats.
- Lang haar wordt zorgvuldig bijeengebonden.
2) LET OP: GEVAAR! Benzine is bijzonder brandbaar.
- bewaar de brandstof in gepaste houders die schikt zijn voor dit gebruik;
- rook niet wanneer de brandstof gehanteerd wordt;
- open de dop van het reservoir langzaam om de interne druk geleidelijk aan af te laten;
- vul benzine alleen bij in de open lucht en hiervoor een trechter;
- giet de brandstof in het reservoir vóórdat u de motor aanzet: als de motor aanstaat of warm is mag u geen brandstof toevoegen of de dop van de benzinetank afdraaien;
- als u benzine gemorst hebt mag u de motor starten maar dient u de machine uit de buurt van de plek waar u de benzine gemorst hebt te brengen en voorkomen dat er brand ontstaat. U dient te wachten totdat de brandstof verdampt is en de benzine-dampen opgelost zijn;
- reinig onmiddellijk elk spoor van benzine gemorst op de machine of op de grond;
- start de machine niet op de plaats waar de brandstof bijgevuld werd;
- vermijd dat de brandstof in contact komt met de kle- dij en, mocht dit toch gebeuren, trek dan andere kle- dij aan vooraleer de motor te starten ;
- draai de dop altijd weer goed op de tank van de machine en het benzinereservoir.
3) Vervang defecte of beschadigde geluidsdempers.
4) Ga vóór het gebruik over op een algemene controle van de machine, en in het bijzonder:
- de versnellingshendel en de veiligheidshendel moeten vrij kunnen bewegen, zonder geforceerd te worden, en bij het loslaten moeten ze automatisch en snel terug in de neutrale stand komen;
- de versnellingshendel moet geblokkeerd blijven indien niet op de veiligheidshendel geduwd wordt;
- de stopschakelaar van de motor moet makkelijk controleer de schade; van de ene stand in de andere gebracht kunnencontroleer of er delen losgekomen zijn en schroef worden; ze weer vast.;
- de elektrische kabels en in het bijzonder de kabel van de bougie moeten onbeschadigd zijn om voorkomen dat vonken ontstaan; de kap moet correct op de bougie gemonteerd zijn;
- de handgrepen en beschermingen van de machine moeten schoon, droog, en stevig bevestigd zijn op
de machine;
- de messen mogen geenszins beschadigd zijn.
5) Vóór het werk te beginnen, controleer of alle beschermingen correct gemonteerd zijn.
C) TIJDENS HET GEBRUIK
1) Start de motor niet in gesloten ruimten waar zich gevaarlijke koolstofmonoxide kan ontwikkelen.
2) Werk alleen bij daglicht of bij goed kunstlicht.
3) Blijf stil en stabiel staan:
- vermijd zoveel mogelijk te werken op een natte of glibberige grond, of in ieder geval op te oneffen of steile terreinen die de stabiliteit van de bediener tijdens het werken niet kunnen garanderen;
ge- vermijd het gebruik van ladders en onstabiele platformen;
- loop niet maar ga normaal en let op oneffenheden van het terrein en de aanwezigheid van eventuele hindernissen.
gebruïkees steeds bewust van wat er zich rondom u bevindt en let op mogelijke risico's waar u zich niet bewust van zou kunnen zijn wegens het lawaai van de machine.
4) Start de motor met de vrije hand terwijl de machine stevig tegen de grond gehouden wordt:
-niestart de motor op een afstand van minstens 3 meter van de plaats waar de brandstof bijgevuld werd;
- controleer of er zich andere personen in de draagwijdte van de machine bevinden;
- richt de geluidsdemper en dus de uitlaatgassen nooit naar ontvlambare materialen.
5) Let op nabij elektrische kabels onder spanning.
6) Wijzig de afstelling van de motor niet en laat het toerental van de motor niet buitengewoon hoog oplopen.
7) Controleer of het laagste toerental van de machine niet te laag is zodat de messen niet bewegen en of de motor na een plotse versnelling niet te snel terugvalt tot het laagste toerental.
8) Let erop dat de messen niet hevig botsen met vreemde lichamen en let op eventueel wegspringend materiaal veroorzaakt door het draaien van de mes- sen.
9) Als de snij-inrichting tegen een vreemd voorwerp stoot of indien de heggenschaar een ongewoon geluid maakt of op abnormale wijze begint te trillen, moet men de motor uitschakelen en de machine stil laten staan. Koppel de kabel van de bougie los van de bougie zelf en ga als volgt te werk:
unnencontroleer of er delen losgekomen zijn en schroef ze weer vast.;
- vervang of herstel de beschadigde delen met delen te met gelijkwaardige kenmerken.
10) Zet de motor stil vooraleer:
– te reinigen na een blokkering of deze los te maken;
- controles uit te voeren, onderhoud uit te voeren of te werken aan de heggenschaar;
– de positie van de snij-inrichting af te stellen;
– de machine onbewaakt achter te laten.
1) Laat bouten en schroeven vastgedraaid zitten om er zeker van te zijn dat de machine altijd op een veilige manier gebruiksklaar is. Als u regelmatig onderhoud aan de heggenschaar pleegt, zal de werking ervan veilig blijven en zal het prestatieniveau bewaard blijven.
2) Zet de machine niet met benzine in de tank in een ruimte waar de benzinedampen met vlammen, von- ken of een warmtebron in aanraking zouden kunnen komen.
3) Laat de motor eerst afkoelen vóór het opbergen van de machine in elke willekeurige ruimte.
4) Om het risico voor brand te beperken, worden de motor, de geluidsdemper van de uitlaat en de opslagzone van de benzine vrij gehouden van takjes, bladeren of overtollig vet; laat geen houders met snijafval in de ruimte achter.
5) Als u het reservoir moet ledigen, dient u dit in de open lucht te doen en wanneer de motor koud is.
6) Draag werkhandschoenen voor elke ingreep aan de snij-inrichting.
7) Zorg ervoor dat de messen altijd scherp zijn. Alle handelingen die betrekking hebben op de messen vergen een specifieke vaardigheid en het gebruik van geschikt gereedschap; uit veiligheidsoverwegingen worden deze handelingen beter uitgevoerd in een gespecialiseerd centrum.
8) Gebruik de machine, uit veiligheidsoverwegingen, nooit indien de snij-inrichting of andere onderdelen versleten of beschadigd zijn. De beschadigde onderdelen moeten vernieuwd en niet gerepareerd worden. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen. Onderdelen van een andere kwaliteit kunnen de machine beschadigen en kunnen gevaarlijk zijn voor de gebruiker.
9) Bewaar de machine buiten het bereik van kinderen!
E) TRANSPORT EN VERPLAATSING
1) Telkens wanneer de machine gecontroleerd, verplaatst of vervoerd moet worden, is het noodzakelijk:
- de motor uit te schakelen, te wachten tot de messen tot stilstand gekomen zijn, de bougiekap los te koppelen en te wachten tot de machine afgekoeld is;
– de mesbeschermingen aanbrengen; - de machine alleen vastnemen aan de handgrepen en de messen richten in de richting tegenover looprichting.
2) Wanneer de machine vervoerd wordt met voertuig, moet het op dusdanige wijze geplaatst worden dat er voor niemand gevaar ontstaat en geblokkeerd worden om te voorkomen dat de machine omvalt en beschadigd wordt of dat brandstof lekt.
GEBRUIKSNORMEN
OPMERKING - De afbeeldingen die in de tekst vermeld worden, bevinden zich op de pagina's 3 en daaropvolgende van deze handleiding.
1. VOORBEREIDING
1.1 CONTROLE VAN DE MACHINE
Alvorens de machine te gebruiken, is het noodza- kelijk:
- Te controleren of er geen schroeven loszitten aan de machine of het mes;
- te controleren of de messen scherp zijn en niet beschadigd zijn;
– te controleren of de luchtfilter schoon is; - te controleren of de beschermingen goed vastzitten en efficiënt zijn;
- te controleren of de handgrepen goed bevestigd zijn.
m.2 BEREIDING VAN HET BRANDSTOFMENGSEL
Deze machine is uitgerust met een tweetaktmotor waarvoor een mengsel van benzine en smeerolie gebruikt moet worden.
BELANGRIJK Het gebruik van alleen benzine beschadigt de motor en doet de garantie vervallen.
BELANGRIJK Gebruik alleen brandstof en smeermiddelen van goede kwaliteit, om de prestaties in stand te houden en borg te staan voor de levensduur van de mechanische componenten.
1.2.1 Eigenschappen van de benzine
Gebruik alleen loodvrije benzine (groen) met een octaangehalte van minstens 90 N.O.
BELANGRIJK Groene benzine zorgt altijd voor wat afzettingen in de houder indien het langer dan 2 maanden bewaard wordt. Gebruik altijd verse benzine!
12.2 Eigenschappen van de olie
eenGebruik alleen synthetische olie van uitstekende kwaliteit, specifiek voor tweetaktmotoren.
stevig
Bij uw Verkoper zijn oliën beschikbaar die speciaal bestudeerd werden voor dit type van motor en in staat zijn om voor een hoge bescherming te zorgen.
Het gebruik van deze oliën leidt tot een mengsel 2%, d.w.z. 1 deel olie voor 50 delen benzine.
1.2.3 Bereiding en bewaring van het mengsel
GEVAAR! De benzine en het mengsel zijn ont- vlambaar!
- Bewaar de benzine en het mengsel in speciale houders voor brandstof, op een veilige plaats, uit de buurt van warmtebronnen of vrije vlammen.
- De houders moeten buiten het bereik van kinderen bewaard worden.
- Niet roken tijdens de bereiding van het mengsel en de benzinedampen niet inademen.
Voor de bereiding van het mengsel:
- Doe ongeveer de helft van de benzine in een geschikte tank.
- Voeg er alle olie aan toe.
- Voeg de rest van de benzine toe.
- Sluit de dop en schud krachtig.
BELANGRIJK Het mengsel is onderhevig aan veroudering. Bereid niet te veel mengsel, om afzettingen te voorkomen.
BELANGRIJK Zorg ervoor dat de houders van de benzine en het mengsel goed van elkaar onderscheiden worden, om geen vergissing te begaan op het moment van het gebruik.
BELANGRIJK Reinig de houders van de benzine en het mengsel periodiek, om eventuele afzettingen te verwijderen.
1.3 BIJVULLEN VAN BRANDSTOF
GEVAAR! Niet roken tijdens het bijvullen en de benzinedampen niet inademen.
▲ET OP! Open de dop van de tank voorzichtig omdat er druk ontstaan kan zijn aan de binnenkant.
Vooraleer bij te vullen:
– Schud de tank van het mengsel krachtig.
- Plaats de machine effen en stabiel, met de vuldop van het reservoir naar boven.
- Maak de dop van het reservoir en de zone rond de dop schoon om te voorkomen dat tijdens het bijvullen onzuiverheden terechtkomen in het mengsel.
- Open de dop van het reservoir voorzichtig
bij druk geleidelijk aan af te laten. Vul bij gebruik ma- kend van een trechter en vul het reservoir niet tot aan de rand (Afb. 1).
LET OP! De dop van het reservoir moet altijd stevig weer vastgedraaid worden.
LET OP! Reinig onmiddellijk elk spoor van mengsel dat eventueel gemorst werd op de machine of op de grond en start de motor pas wanneer de benzinedampen volledig opgelost zijn.
1.4 REGELING VAN DE HANDGREEP (Fig. 2)
De achterste handgreep (1) heeft 3 verschillende standen ten opzichte van de snij-inrichting, om het snoeiwerk zo goed mogelijk af te werken.
▲ LET OP! De handgreep wordt geregeld wanneer de motor uitgeschakeld is.
- Trek de vrijgavehendel (2) naar boven.
- Draai de achterste handgreep (1) in de gewenste stand.
- Alvorens de machine te gebruiken, controleer of de vrijgavehendel (2) volledig omlaag is en of de achterste handgreep goed stabiel is.
LET OP! Tijdens het werk moet de achterste handgreep altijd verticaal staan, ongeacht de stand van de snij-inrichting (3).
2. GEBRUIK VAN DE MACHINE
2.1 OPSTARTEN VAN DE MACHINE
LET OP! De machine wordt gestart op een afstand van minstens 3 meter van de plaats waar de brandstof bijgevuld werd.
Alvorens de machine op te starten:
– Zet de machine stabiel op de grond.
- Haal de beschermingen van het mes.
- Zorg ervoor dat het mes niet in aanraking komt met het terrein of met andere voorwerpen.
- Zorg ervoor dat de handgreep geblokkeerd is in de centrale positie.
2.1.1 Start met koude motor
OPMERKING Met start bij koude motor wordt bedoeld een start na minstens 5 minuten dat de motor uitgeschakeld is of na het bijvullen van brandstof.
Om de machine op te starten (Fig. 3):
- Duw de schakelaar (1) in de stand «I».
- Druk voorzichtig 7-10 keer op de knop (2) van de "primer" tot de brandstof uit het aftapbuisje komt.
- Draai de bedieningshendel van de starter (3) in de stand «B».
- Houd de machine stevig tegen de grond met een hand op de handgreep, om de controle ervan niet te verliezen tijdens het starten.
LET OP! Indien machine niet stevig vastgehouden wordt, kan de gebruiker door de duwkracht van de motor het evenwicht verliezen of zou het mes tegen een hindernis of de gebruiker zelf gericht kunnen worden.
- Trek de startknop langzaam 10-15 cm aan tot u een zekere weerstand gewaarwordt. Trek er dan enkele keren aan tot de machine in gang schiet.
BELANGRIJK Deze machine is voorzien van een "Easy Start" startinrichting waardoor het starten van de motor anders en makkelijker is ten opzichte van de traditionele methods. Met dit systeem is er minder kracht vereist voor het starten. De kabel hoeft slechts aangetrokken te worden totdat u de motor hoort beginnen te starten, zonder aan de kabel te hoeven rukken, omdat deze tijdens de handeling geen grote weerstand biedt.
LET OP! Om te voorkomen dat het touw breekt, wordt er niet over de gehele lengte aan getrokken. Laat het touw niet langs de rand van de opening van de touwgeleider schuren en laat de knop geleidelijk aan los, om te voorkomen dat het touw op ongecontroleerde wijze naar binnen schiet.
- Laat de knop (4) van het starttouw geleidelijk aan los en voorkom dat het op ongecontroleerde wijze naar binnen schiet.
- chakel de versnellingshendel (5) kort in, om de bedieningshendel van de starter (3) automatisch terug naar de stand «A» te brengen.
- Laat de motor minstens 1 minuut draaien vooraleer naar het maximaal toerental te gaan.
BELANGRIJK Indien de knop (4) van het starttouw herhaaldelijk bediend wordt met de bedieningshendel van de starter (3) in de stand «B», kan de motor vastlopen en de start bemoeilijken.
Indien de motor vastloopt, de bougie demonteren en voorzichtig aan de knop (5) van het starttouw treken om de overtollige brandstof te verwijderen; vervolgens de elektrodes van de bougie afdrogen en de bougie weer monteren op de motor.
2.1.2 Start bij warme motor
Voor de start bij warme motor (onmiddellijk na de uitschakeling van de motor), volg de punten 1 - 4 - 5 - 6 van de vorige werkwijze.
2.2 AFSTELLING VAN DE SNELHEID VAN DE SNIJ-INRICHTING (Afb. 4)
De snelheid van de snij-inrichting wordt geregeld met de versnellingshendel (1) op de achterste hand-greep (2). Deze hendel kan alleen bediend worden indien gelijk-tijdig op de veiligheidshendel (3) geduwd wordt. De beweging wordt van de motor overgedragen op de messen, door middel van een koppeling met cen-trifugaalgewichten die de beweging van de messen no verhindert wanneer de motor op het minimaal toe- rental draait.
▲ LET OP! De snij-inrichting mag niet bewegen met de motor op het minimumtoerental. Als de snij-inrichting beweegt met de motor op zijn minimumtoerental, neem dan contact op met uw verkoper om de motor goed af te stellen.
De correcte werksnelheid wordt bekomen met de versnellingshendel (1) tegen de eindaanslag.
BELANGRIJK Gedurende de eerste 6-8 werkuren van de machine, wordt vermeden de hoogste toerentallen te gebruiken.
2.3 STOP VAN DE MACHINE (Afb. 5)
Om de machine te stoppen, dient men:
- Laat de versnellingshendel los (1) en laat de motor minstens enkele seconden draaien.
- Duw de schakelaar (2) in de stand «O».
▲ LET OP! Nadat de versneller in de minimumstand gezet werd, moet enkele seconden gewacht worden vooraleer de messen tot stilstand komen.
LET OP! In geval van noodstop, dient men de schakelaar onmiddellijk op de positie «O» te zetten.
Uit respect voor de anderen en het milieu:
- Wees geen storend element.
-
Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de af-danking van het snijafval.
-
Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de af-danking van olie, benzine, beschadigde onderde-len of om het even welk element dat niet mi vriendelijk is.
- De verpakking moet volgens de plaatselijk geldende bepalingen worden afgevoerd.
LET OP! De langdurige blootstelling aan trillingen kan neuro-vasculaire letsels en problemen veroorzaken (ook gekend onder de naam "fenomeen van Raynaud" of "witte hand"), vooral bij personen die circulatiestoornissen hebben. De symptomen kunnen betrekking hebben op de handen, de polsen en de vingers, met verlies van gevoeligheid, loomheid, jeuk, pijn, verkleuring of structurele wijzigingen van de huid. Deze effecten kunnen versterkt worden door een lage omgevingstemperatuur en/of een overdreven druk op de handgreep. Wanneer deze symptomen optreden, moet de machine minder lang gebruikt worden en is het noodzakelijk een arts te raadplegen.
GEVAAR! De aanschakelinrichting van deze machine genereert een elektromagnetisch veld van beperkte omvang, dat echter de mogelijkheid op interferentie met de werking van actieve of passieve medische inrichtingen die op de bediener aangebracht zijn, niet kan uitsluiten, met als gevolg mogelijke ernstige risico's voor zijn veiligheid. Men raadt daarom aan dat te dragers van dergelijke medische apparaten de geneesheer of de fabrikant van deze apparaten zelf raadplegen, vooraleer de machine te gebruiken.
▲ LET OP! Draag tijdens het werk gepaste kle- dij. Uw Verkoper zal u alle nodige informatie geven over de meest geschikte veiligheidskledij, met het oog op een veilig gebruik van de machine.
▲ET OP! In geval van breuken of ongevallen tijdens het werk, dient men de motor onmiddellijk stil te zetten en de machine te verwijderen om geen verdere schade te berokkenen; in geval van ongevallen met persoonlijke letsels of letsels aan derden, dient men onmiddellijk de meest geschikte eerste-hulp-procedures te volgen voor de situatie en zich tot een gezondheidsstructuur te richten voor de nodige zorgen. Verwijder zorgvuldig eventuele resten die schade of letsels aan personen of dieren kunnen veroorzaken indien ze onopgemerkt blijven.
3.1 MANIEREN VAN SNIJDEN
▲ LET OP! Tijdens het snijden, moet de machine altijd stevig vastgehouden worden met beide handen.
LET OP! Schakel de machine onmiddellijk uit indien de messen tijdens het werk vastlopen of blijven vastzitten in de takken van de heg.
Het is altijd wenselijk eerst de twee verticale zijden van de heg te snijden en pas dan de bovenkant. Stel het handvat van de machine af in functie van het type snit (zie 1.4).
3.1.1 Verticaal snijden (Afb. 6)
Snij met een boogvormige beweging van onder naar boven, waarbij het mes zo ver mogelijk van het li-chaam gehouden moet worden.
3.1.2 Horizontaal snijden (Afb. 7)
De beste resultaten worden bekomen met het mes licht overhellend (5° - 10°) in de snijrichting, met een boogvormige, langzame en constante beweging, vooral bij bijzonder dichtgegroeide heggen.
3.2 NA HET WERKEN
Na het werken:
- Stop de machine zoals hiervoor beschreven is (zie 2.3).
- Wacht tot de messen tot stilstand gekomen zijn en monteer de bescherming.
4. GEWOON ONDERHOUD
Een correct onderhoud is fundamenteel om mettertijd de oorspronkelijke efficiëntie en gebruiksveiligheid van de machine in stand te houden.
LET OP! Tijdens het onderhoud:
- haal de kap van de bougie.
- Wacht tot de motor voldoende afgekoeld is.
- Gebruik werkhandschoenen voor alle handelingen die betrekking hebben op de messen.
- Houd de mesbeschermingen op hun plaats, tenzij aan het mes zelf gewerkt moet worden.
- De olie, benzine of andere vervuilende materialen niet in het milieu gooien.
4.1 BEWARING
Na het werk wordt de machine zorgvuldig vrijgemaakt van stof en vuil, dient men zich ervan te verzekeren dat er geen delen beschadigd zijn, de defecte delen vervangen en de messen smeren om roestvorming te voorkomen.
De machine moet bewaard worden op een droge aantal voorzorgsmaatregelen getroffen worden om proplaats, beschermd tegen de weersomstandigheden blemen te vermijden bij het hervatten van het werk of en met de mesbescherming gemonteerd. om permanente schade aan de motor te voorkomen.
4.2 REINIGING VAN DE MOTOR EN VAN DE GELUIDSDEMPER
Om brandgevaar te beperken, worden de vleugels van de cilinder regelmatig gereinigd met perslucht en wordt de zone van de geluidsdemper vrijgemaakt van - takjes, bladeren of ander afval.
4.3 REINIGING VAN DE LUCHTFILTER
IMPORTANTE Het is essentieel dat de luchtfilter gereinigd wordt, voor de goede werking en de levensduur van de machine.
De reiniging wordt uitgevoerd elke 8-10 werkuren.
Om de filter te reinigen (Afb. 8):
- Draai de knop los (1), verwijder het deksel (2) en het filterelement (3).
- Was het filterelement (3) met water en zeep. Gebruik geen benzine of andere oplosmiddelen.
– Laat de filter drogen aan de lucht. - Hermonteer het filterelement (3) en het deksel (2) door de knop (1) stevig vast te draaien.
4.4 CONTROLE VAN DE BOUGIE
Periodiek wordt de bougie gedemonteerd en gere nigd, door eventuele restjes te verwijderen met een metalen borsteltje (Afb. 9).
Controleer en herstel de correcte afstand tussen de elektrodes (Afb. 9).
Hermonteer de bougie en draai hem stevig vast met de bijgeleverde sleutel.
De bougie moet in geval van doorgebrande elektro- den of een beschadigde isolatie, en ieder geval elke 100 werkuren, vervangen worden door een met analoge karakteristieken.
4.5 SMERING VAN DE REDUCTOR (Afb. 10)
Elke 20 werkuren wordt het niveau aangevuld speciaal vet op basis van molybdeenbisulfide, aan de hand van de smeerinrichting (1).
4.6 LANGE STILSTAND
BELANGRIJK Indien men van plan is de machine langer dan 2 - 3 maanden niet te gebruiken, moeten een
Alvorens de machine op te bergen:
– Ledig de brandstoftank.
- Start de motor en laat hem op het laagste toerental s draaien tot de stilstand, zodat alle in het reservoir overgebleven brandstof opgebruikt wordt.
- Laat de motor afkoelen alvorens de machine op te bergen.
Wanneer de machine weer gestart wordt, dient men de machine voor te bereiden zoals aangegeven is in het hoofdstuk "1. Voorbereiding".
5. BUITENGEWOON ONDERHOUD
Deze ingrepen mogen enkel door uw Verkoper uitgevoerd worden.
Handelingen die uitgevoerd werden in niet geschikte structuren of door onbekwame personen doen de garantie vervallen.
5.1 AFSTELLING VAN HET MINIMUMTOERENTAL
LET OP! Als de snij-inrichting beweegt met de motor op zijn minimumtoerental, neem dan contact op met uw verkoper om de motor goed af te stellen.
5.2 FILTER BRANDSTOF
In het reservoir werd voorzien in een filter die voorkomt dat onzuiverheden binnendringen in de motor. Eenmaal per jaar moet de filter vervangen worden @door uw verkoper.
5.3 REGELING VAN DE CARBURATOR
met De carburator werd in de fabriek geregeld met het oog op de beste prestaties in alle omstandigheden, met een minimale uitstoot van schadelijke gassen, overeenkomstig de geldende normen. Ingeval van slechte prestaties, controleer eerst of de messen niet gedeeltelijk geblokkeerd of vervormd zijn en wend u tot uw Verkoper voor een controle van de carburator en de motor.
5.4 ONDERHOUD VAN DE MESSEN
LET OP! Controleer regelmatig of de messen niet geplooid of beschadigd zijn en of de schroeven degelijk zijn vastgedraaid.
5.4.1 Afstelling van de messen
De messen zijn onderhevig aan een geleidelijke slijtage die zichtbaar is wanneer het snijresultaat slechter wordt door een overmatige speling.
AET OP! Let afstellen van de messen is een handeling die, indien ze niet correct uitgevoerd wordt, schade kan berokkenen aan de messen zelf en aan de machine of letsels aan personen of ongevallen kan veroorzaken. Daarom moet dit steeds door Uw verkoper uitgevoerd worden.
5.4.2 Slijpen van de messen
De messen moeten geslepen worden wanneer ze minder goed werk leveren en de takken makkelijk geklemd raken.
LET OP! Een mes dat versleten is wordt nooit geslepen maar altijd vervangen.
BELANGRIJK Het is altijd noodzakelijk het slijpen te laten uitvoeren door uw verkoper, die over de gepaste gereedschappen en de nodige bekwaamheid beschikt.
5.4.3 Vervanging van de messen
BELANGRIJK De vervanging van de messen moet door uw verkoper uitgevoerd worden.
Op deze machine is het gebruik voorzien van messen met de code die aangegeven is in tabel a op pagina 2. Gezien de ontwikkeling van het product, kunnen de boven vermelde messen in de loop van de tijd vervangen worden door andere, met soortgelijke eigenschappen voor wat betreft verwisselbaarheid en functionele veiligheid.
- STORINGEN
| Wat te doen bij ... | |
| Oorsprong van het probleem Correctieve actie | |
| 1. De machine start niet of blijft niet in beweging | |
| De startprocedure is niet correct | Volg de aanwijzingen (zie hoofdstuk 2) |
| De bougie is vuil of de afstand tussen de elektroden is niet gepast | Controleer de bougie (zie hoofdstuk 4) |
| Verstopte luchtfilter Reinig en/of vervang de filter (zie hoofdstuk 4) | |
| Brandstofproblemen Contacteer uw Verkoper | |
| 2. De machine start maar heeft weinig vermogen. | |
| Verstopte luchtfilter Reinig en/of vervang de filter (zie hoofdstuk 4) | |
| Brandstofproblemen Contacteer uw Verkoper | |
| 3. De machine werkt onregelmatig of heeft geen vermo-gen bij belasting | |
| De bougie is vuil of de afstand tussen de elektroden is niet gepast | Controleer de bougie (zie hoofdstuk 4) |
| Brandstofproblemen Contacteer uw Verkoper | |
| 4. De machine maakt teveel rook. | |
| Verkeerde samenstelling van het mengsel | Bereid het mengsel volgens de aanwijzingen (zie hoofdstuk 1) |
| Brandstofproblemen Contacteer uw Verkoper | |
| 5. De messen worden warm en maken rook. | |
| Oververhitting wegens slechte afstelling. | Contacteer uw Verkoper |
| 6. De messen bewegen terwijl de motor aan het mini-mumtoerental draait. | |
| Verkeerde afstelling van de carburator | Contacteer uw Verkoper |