SCHEPPACH PL45 - Zaag

PL45 - Zaag SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PL45 SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 174 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag 9 vragen ⚙️ Specs
Notice SCHEPPACH PL45 - page 119
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : PL45

Categorie : Zaag

Technische kenmerken SCHEPPACH PL45 lintzaag, vermogen 400 W, zaagsnelheid 800 m/min, zaagcapaciteit 90 mm.
Afmetingen Afmetingen van de machine: 600 x 400 x 900 mm, gewicht 25 kg.
Gebruik Ideaal voor houtbewerking, het zagen van diverse materialen, geschikt voor professionals en hobbyisten.
Onderhoud Controleer regelmatig de zaagbladspanning, verwijder houtresten, smeer bewegende delen.
Veiligheid Draag een veiligheidsbril, draag geen loszittende kleding, koppel het apparaat los bij het vervangen van het zaagblad.
Algemene informatie 2 jaar garantie, beschikbare klantenservice, vervangingsonderdelen toegankelijk.

Veelgestelde vragen - PL45 SCHEPPACH

Hoe monteer ik de SCHEPPACH PL45 zaag?
Volg de montage-instructies in de gebruikershandleiding. Zorg ervoor dat alle onderdelen aanwezig zijn voordat u begint.
Wat is de zaagcapaciteit van de SCHEPPACH PL45 zaag?
De SCHEPPACH PL45 heeft een maximale zaagcapaciteit van 45 mm dikte voor hout.
Hoe vervang ik het zaagblad van de SCHEPPACH PL45 zaag?
Koppel de zaag los, gebruik de meegeleverde sleutel om de zaagbladschroef los te draaien, verwijder het oude zaagblad en installeer het nieuwe zaagblad stevig.
Welke soorten materialen kan ik zagen met de SCHEPPACH PL45?
De SCHEPPACH PL45 is ontworpen om hout, multiplex en vergelijkbare materialen te zagen. Vermijd het zagen van metalen of zeer harde materialen.
Hoe onderhoud ik mijn SCHEPPACH PL45 zaag?
Reinig regelmatig het zaagblad en de zaagoppervlakken, controleer of schroeven en bouten goed vastzitten, en smeer bewegende delen indien nodig.
Wat moet ik doen als mijn zaag niet start?
Controleer eerst of de zaag goed is aangesloten en of het stopcontact werkt. Controleer ook of de zekering niet is gesprongen. Neem contact op met de klantenservice als het probleem aanhoudt.
Wat is het motorvermogen van de SCHEPPACH PL45?
De SCHEPPACH PL45 heeft een motorvermogen van 1500 W.
Kan ik de SCHEPPACH PL45 buiten gebruiken?
Het wordt aanbevolen de SCHEPPACH PL45 binnen in een droge ruimte te gebruiken. Als u hem buiten moet gebruiken, bescherm hem dan tegen weersinvloeden.
Waar kan ik vervangingsonderdelen voor mijn SCHEPPACH PL45 zaag vinden?
Vervangingsonderdelen kunnen worden besteld bij de dealer waar u de zaag hebt gekocht of rechtstreeks via de SCHEPPACH-website.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PL45 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PL45 van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING PL45 SCHEPPACH

Advies: Volgens de van toepassing zijnde wet voor productaan- sprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aan- sprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:

  • Niet-naleving van de gebruiksinstructies,
  • Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werk- lui,
  • Installatie en vervanging van niet-originele reserveon- derdelen,
  • Ongepast gebruik, falen van het elektronisch systeem ten gevolge van niet-naleving van de elektrische spe- cificaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften. AANBEVELINGEN: Lees de volledige handleiding voor de montage en bestu- ring van het apparaat. Deze handleiding is bedoeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te maken voor u en om vertrouwd te geraken met het gebruik van het apparaat. De handleiding bevat belangrijke nota’s over hoe veilig, goed en economisch gebruik te maken van uw apparaat, en over hoe u gevaar kan vermijden, reparatiekosten kan besparen, downtime kan verminderen en de betrouwbaar- heid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding, moet u ook voldoen aan de geldende voorschriften van uw land in verband met het gebruik van het apparaat. Plaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plastic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en be- waar ze in de nabijheid van het apparaat. De instructies moeten gelezen en nauw gevolgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken. Enkel getrainde per- sonen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijke gevaren en risico’s mogen het apparaat gebruiken. De ver- eiste minimumleeftijd moet worden voldaan. Als aanvulling op de veiligheidsvoorschriften in deze handleiding en de speciale voorschriften van uw land, moeten ook de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtverwerkende apparaten in acht geno- men worden. Lees de gebruikshandleiding, voordat u met dit elekronische gereedschap gaat werken.Draag gehoor- en oogbescherming.Draag een mondkapje.Beschermingsklasse II

1 Handgreep 2 Voorste handgreep 3 Inval-trekker 4 Aan / uit schakelaar 5 Bodemplaat 6 Stelschroef voor de diepte van de snede 7 Schaal voor de diepte van de snede 8 Schroef voor verstek-instelling 9 Verstek vierkant 10 90 graden verstelschroef 11 Zaagblad 12 Aansluittuit voor zaagselafvoer 13 Motor 14 Werkstukklemmechanisme 15 Verstelschroef voor de geleiderail PL45 Omvang van de levering Afkortzaag Hexagon moersleutel 5 mm Gebruiksaanwijzing Technische gegevensAfmetingen L x B x H mm 305 x 230 x 245Zaagbald ø mm / aantal tanden 145 / 24Z Dikte van het zaagblad 2,4 mm Toerental bij leegloop n0 5500 min

= 2,1 m/s², K = 1,5m/s² Meetwaarden vastgesteld volgens EN 60 745-2-5 en EN 60 745-1Technische wijzigingen voorbehouden! Waarschuwing: Lawaai kan nadelige effecten op de ge- zondheid hebben. Indien het geluidsniveau 85dB(A) zou overschrijden, dient u oorbescherming te dragen. Als de elektrische toevoer niet ideaal is, kan de stroom mogelijk dalen voor een korte periode wanneer de machine wordt ingeschakeld. Dit kan invloed hebben op ander materi- aal (bijvoorbeeld het knipperen van een lamp). Indien het elektrisch vermogen een maximaal vermogen van Zmax <0,27 heeft, zijn dergelijke storingen niet te verwachten. (Mocht u problemen hebben, neem dan contact op met uw plaatselijke dealer.) Algemene opmerkingen

  • Kijk bij het uitpakken van uw apparaat uit voor mo- gelijke transportschade. In geval van klachten dient u de leverancier onmiddellijk te informeren. Klachten die op een latere datum ontvangen worden zullen niet aanvaard worden.
  • Controleer de levering op volledigheid.
  • Lees de gebruiksaanwijzing om uzelf vertrouwd te ma- ken met het apparaat vooraleer u het gebruikt.
  • Gebruik enkel originele scheppach-onderdelen als ac-118

cessoires, alsook voor slijtage en onderdelen. Reserve- onderdelen zijn verkrijgbaar bij uw scheppach-dealer.

  • Geef steeds de nummers door voor de onderdelen als- mede het type en bouwjaar van het apparaat bij be- stellingen. In deze handleiding hebben wij de onderdelen die te maken hebben met uw veiligheid met het volgende symbool aange- duid: m m Algemen veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen
  • LET OP Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Verzuimen bij het naleven van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/ of ernstige verwondingen veroorzaken.
  • Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor toekomstig gebruik.
  • De in de veiligheidsinstructies gebruikte term “Elekt- ronisch gereedschap” heeft betrekking op netbediende elektronische gereedschappen (met netkabel).

1) Veiligheid op de werkplek

a) Houd uw werkplek schoon en zorg voor goede ver- lichting. Wanordelijke en onverlichte werkplekken kun- nen tot ongelukken leiden. b) Werk met het elektrische gereedschap niet in een ex- plosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brandbare vlo- eistoffen, gassen of stoffen bevinden. Elektrische ge- reedschappen veroorzaken vonken, die het stof of de dampen kunnen ontsteken. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap op afstand. Bij afleiding kunt u de controle over het apparaat verliezen.

2) Elektrische veiligheid

a) De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in de contactdoos passen. De stekker mag op gener- lei wijze worden veranderd. Gebruik geaarde elektrische gereedschappen niet met adapterstekkers. Ongewijzigde stekkers en geschikte contactdozen verkleinen het risico op een elektrische schok. b) Vermijd lichaamscontact met geaarde oppervlakken zoals pijpen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat, als uw lichaam is geaard, een verhoogd risico door elektrische schok. c) Houd elektrische gereedschappen uit de buurt van natheid en regen. Het binnendringen van water in een elektrisch gereedschap verhoogt het risico op een elek- trische schok. d) Gebruik de kabel niet voor een vreemd doel, om het elektrische gereedschap te dragen, op te hangen of om de stekker uit de contactdoos te trekken. Houd de kabel uit de buurt van warmte, olie, scherpe kanten of bewe- gende apparaatonderdelen. Beschadigde of verwarde ka- bels verhogen het risico op een elektrische schok. e) Als u met het elektrische gereedschap in het vrije veld werkt, gebruik dan alleen verlengkabels die ook voor buiten geschikt zijn. Het gebruik van een voor buiten geschikte verlengkabel verkleint het risico op een elek- trische schok. f) Als het niet te vermijden is, dat het elektrische ge- reedschap in een vochtige omgeving wordt bediend, ge- bruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar verkleint het risico op een elektrische schok.

3) Veiligheid van personen

a) Ben opmerkzaam en let erop wat u doet, en gebruik uw verstand bij het werken met elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onwaakzaamheid bij het gebruik van het elektrisch gereedschap kan tot ernstige verwondin- gen leiden. b) Draag persoonlijke bescherming en altijd een veilig- heidsbril. Het dragen van persoonlijke bescherming, zo- als stofmaskers, anti-slip veiligheidsschonen, veiligheids- helm of gehoorbescherming, afhankelijk van het type em gebruik van het elektrische gereedschap, verkleint het risico op verwondingen. c) Voorkom een niet bedoelde ingebruikneming. Stel u ervan op de hoogte, dat het elektrische gereedschap is uitgeschakeld, voordat u het aansluit op de voeding, het optilt of draagt. Als u bij het dragen van het elektrische gereedschap de vinger op de schakelaar houdt of het ap- paraat ingeschakeld op de voeding aansluit, kan dit tot ongelukken leiden. d) Verwijder instelgereedschappen of moersleutels, voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Ge- reedschap of een sleutel, dat zich in een draaiend ap- paraatdeel bevindt, kan tot verwondingen leiden. e) Vermijd een abnormale lichaamshouding. Zorg voor een stabiele houding en houd te allen tijde de balans. Hierdoor kunt u het elektrische gereedschap in onver- wachte situaties beter controleren. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Wijde kleding, sieraden of lange haren kunnen door bewegende delen worden ge- grepen. g) Indien stofafzuiging- en opvanginstallaties kunnen worden gemonteerd, stel u er dan van op de hoogte, dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging kan gevaren door stof ver- kleinen.

4) Gebruik en behandeling van het elektrische gereedschap

a) Het apparaat niet overbelasten. Gebruik voor uw werk het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het geschikte elektrische gereedschap werkt u beter en vei- liger in het aangegeven prestatiegebied. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap, waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap, dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd. c) Trek de stekker uit de contactdoos, voordat u de ap- paraatinstellingen uitvoert, accessoires wisselt of het ap- paraat ter zijde legt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt een niet bedoelde start van het elektrische gereedschap.119

een passende boring (bijv. stervormig of rond). Zaagbla- den die niet op de montagedelen van de zaag passen, lopen niet rond en leiden tot controleverlies. h) Gebruik nooit beschadigde of onjuiste zaagblad-on- derlegringen of –schroeven. De zaagblad-onderlegringen en –schroeven worden spe- ciaal voor uw zaag gemaakt, voor een optimale prestatie en bedrijfsveiligheid. m Meer veiligheidsinstructies voor alle zagen Oorzaken en voorkomen van een terugslag:

  • Een terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van een hakende, vastzittende of onjuist uitgelijnd zaagblad, dat ertoe leidt, dat een ongecontroleerde zaag loskomt en uit het werkstuk in de richting van het bediend per- soneel beweegt. Als het zaagblad in de zich sluitende zaagsleuf blijft haken of vastzit, blokkeert het, en de motorkracht slaat de zaag in de richting van de bedienende persoon terug. Als het zaagblad in de zaagsnede verdraait of onjuist is uitgelijnd, kunnen de tanden van de achterste zaag- bladkant in het opperlak van het werkstuk blijven ha- ken, waardoor het zaagblad uit de zaagsleuf beweegt en de zaag in de richting van de bedienende persoon terugspringt.
  • Een terugslag is het gevolg van een fout of een onjuist gebruik van de zaag. Dit kan door passende voorzorg- maatregelen, zoals hierna beschreven, worden voorko- men. a) Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in een positie waarin u de terugslagkracht kunt opvangen. Ga altijd aan de zijkant van het zaagblad sta- an, nooit met het zaagblad in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cirkelzaag terugspringen, echter kan de bedienende persoon door passende voorzorgs- maatregelen de terugslagkracht te bedwingen. b) Indien het zaagblad vast komt te zitten of wanneer u het werk onderbreekt, schakel de zaag uit en houd ze in stil in het werkdeel, tot het zaagblad tot stilstand is ge- komen. Probeer nooit, de zaag uit het werkstuk te verwi- jderen of naar achteren te trekken, zo lang het zaagblad beweegt, anders kan dit in een terugslag resulteren. Be- paal en verhelp de oorzaak voor het vastzitten van het zaagblad. c) Als u een zaag, die in een werkstuk vastzit, weer wilt starten, centreer dan het zaagblad in de zaaggleuf en controleer, of de zaagtanden niet in het werkstuk haken. Als het zaagblad vastzit, kan het uit het werkstuk bewe- gen of een terugslag veroorzaken, als de zaag opnieuw wordt gestart. d) Ondersteun grote platen, om het risico van een terugs- lag door een vastzittend zaagblad te verkleinen. Grote platen kunnen door uw eigen gewicht gaan doorbuigen. Platen moeten altijd aan beide zijden worden onder- steund, zowel in de buurt van de zaaggleuf alsmede aan de zijkant. e) Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. d) Berg ongebruikte elektrische gereedschappen buiten het bereik van kinderen op. Zorg ervoor, dat personen die niet vertrouwd zijn met het apparaat of die de aanwijzin- gen niet hebben gelezen, het apparaat niet gebruiken. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk, als deze door onervaren personen worden gebruikt. e) Onderhoud elektrische gereedschappen met zorg. Con- troleer, of bewegende delen ongemoeid functioneren en niet klemmen, of delen gebroken of beschadigd zijn, dat de werking van het elektrische gereedschap is beïnvlo- ed. Laat beschadigde delen voor het gebruik van het ap- paraat repareren. Veel ongelukken vinden hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen. f) Houd snijdgereedschappen scherp en schoon. Zorg- vuldig onderhouden snijdgereedschappen met scherpe snijkanten blijven minder vaak vastzitten en zijn een- voudiger te leiden. g) Gebruik elektrisch gereedschap, accessoires, gebruiks- gereedschappen enz. volgens deze aanwijzingen. Houd hierbij rekening met werkomstandigheden en de uit te voeren handeling. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor ande- re dan de bedoelde toepassing kan tot gevaarlijke situ- aties leiden.

a) Laat uw elektrische gereedschap alleen door gekwali- ficeerde vakmensen en alleen met originele onderdelen repareren. Hiermee wordt gewaarborgd, dat de veiligheid van het elektrische gereedschap wordt behouden. m Veiligheidsinstructies voor alle zagen a) GEVAAR: Zorg ervoor, dat uw met uw handen niet in het zaaggebied en aan het zaagblad komt. Houd met uw tweede hand de extra greep of de motor- behuizing vast. Als beide handen de zaag vasthouden, kunnen deze niet door het zaagblad verwond worden. b) Grijp niet onder het werkstuk. De beschermingskap kan u onder het werkstuk niet voor het zaagblad be- schermen. c) Pas de snijdiepte aan, aan de dikte van het werkstuk. Het dient minder dan een volledige tandhoogte onder het werkstuk zichtbaar te zijn. d) Houd het te zagen werkstuk nooit in de hand of bo- ven het been vast. Borg het werkstuk aan een stabiele houder. Het is belangrijk, het werkstuk goed vast te ma- ken, om het gevaar van lichaamscontact, vastlopen van het zaagblad controleverlies te minimaliseren. e) Pak het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde greepvlakken vast, als u werkzaamheden uitvoert, waar- bij het gebruiksgereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen netkabel kan raken. Contact met een span- ningsvoerende leiding zet ook de metalen delen van het elektrische gereedschap onder stroom en leidt tot een elektrische schok. f) Gebruik bij het in de lengte snijden altijd een aanslag of een rechte kantengeleiding. Deze verbetert de snijdnauwkeurigheid en verkleint de mogelijkheid dat het zaagblad vast gaat zitten. g) Gebruik altijd zaagbladen in de juiste afmeting en met120

CIRKELZAGEN a) Gebruik alleen geadviseerde zaagbladen, die voldoen aan EN 847-1.b) Gebruik geen slijpschijven.c) Gebruik alleen originele zaagbladen van de fabrikant met het kenmerk Ø 145 mm, 5500/min, 145x20x2,4.Zaagbladen, die niet overeenkomen met de in deze ge-bruikshandleiding aangegeven productgegevens, mogen niet worden gebruikt. Zaagbladen mogen niet door zijwaartse druk op het basiselement worden afgeremd.Er moet op worden gelet, dat het zaagblad goed is be-vestigd en in de juiste richting draait. m Speciale veiligheidsinstructies Veiligheidsinstructies voor cirkelzagen- Houd het apparaat aan de geïsoleerde greepvlakken vast, als u werkzaamheden uitvoert, waarbij het gebruiks-gereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen net-kabel kan raken. Het contact met een spanningsleidende leiding kan ook metalen apparaatdelen onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden. m Correct gebruik CE geteste machines voldoen aan alle geldige voorschriften voor EG-apparaten alsmede alle relevante richtlijnen voor elk apparaat.• Het apparaat mag enkel gebruikt worden in technisch perfecte staat in overeenstemming met zijn doel en de instructies in de handleiding, en enkel bestuurd wor-den door personen door veiligheids-bewuste personen die zich volledig bewust zijn van alle risico’s die ver-bonden zijn met het besturen van het apparaat. Elke functionele stoornissen, met name die voor de veilig-heid van het apparaat, moeten daarom onmiddellijk hersteld worden.• Elk ander gebruik is verboden. De fabrikant is niet ver-antwoordelijk voor schade als gevolg van ongeoorloofd gebruik; dit risico is volledig de verantwoordelijkheid van de operator.• De veiligheid, werk-en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsmede de technische gegevens in de kalibraties en afmetingen moeten in acht genomen worden.• Relevante voorschriften ter voorkoming van ongevallen alsmede andere, algemeen erkende veiligheidstech-nische regels moeten ook in acht genomen worden.• Het apparaat mag enkel gebruikt, onderhouden en be-stuurd worden door personen die vertrouwd zijn met de instructies voor het gebruik ervan. Arbitraire wijzi-gingen aan het apparaat stellen de fabrikant vrij van elke verantwoordelijkheid voor de daaruit voortvloei-ende schade.• Het apparaat mag enkel gebruikt worden met originele onderdelen van de fabrikant.• De machine mag niet met slijpschijven worden ge-bruikt.Zaagbladen met stompe of fout uitgelijnde tanden ver-oorzaken door een te nauwe zaaggleuf een verhoogde wrijving, een vastzitten van het zaagblad en terugslag.f) Stel voor het zagen de zaagdiepte- en zaaghoekinstel-lingen vast. Als er tijdens het zagen instellingen veran-deren, kan het zaagblad gaan klemmen en kan tot een terugslag leiden.g) Ga zeer voorzichtig om met ‚ondersneden’ in besta-ande wanden of andere niet inzichtbare gebieden. Het binnendringende zaagblad kan bij het zagen in verborgen objecten blokkeren en een terugslag veroorzaken. mVeiligheidsinstructies voor handcirkelzagen a) Controleer voor elk gebruik, of de beschermkap zon-der problemen sluit. Gebruik de zaag niet, als de be-schermkap niet vrij kan bewegen en niet onmiddellijk sluit. Klem of bind de beschermkap nooit in geopende stand vast. Indien de zaag onbedoeld op de grond valt kan de beschermkap worden verbogen. Zorg ervoor, dat de beschermkap vrij kan bewegen en bij alle zaaghoeken en –diepten noch het zaagblad noch anderedelen aanraakt.b) Controleer de toestand en werking van de veren voor de beschermkap. Laat de zaag voor het gebruik onder-houden, als de beschermkap en veren niet zonder prob-lemen werken. Beschadigde delen, kleverige afzettingen of ophopingen van spanen zorgen voor een vertragende werking van de onderste beschermkap.c) Zorg ervoor, dat bij de ‘dieptesnede’, die niet rechthoekig wordt uitgevoerd, dat de geleidingsplaat van de zagen tegengesteld worden verschoven. Het zijwaarts verschuiven kan tot klemmen van het zaagblad en hier-mee tot een terugslag leiden.d) Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond, zon-der dat de beschermkap het zaagblad beschermt. Een onbeschermd zaagblad beweegt de zaag tegen de sni-jrichting in en zaagt dat wat hij tegenkomt. Houd reke-ning met de nalooptijd van de zaag.

INSTRUCTIES VOOR ALLE ZAGEN

  • Gebruik geen slijpschijven.• Zorg ervoor, dat de stofopvanginstallatie juist wordt ge-bruikt, zoals in deze handleiding is aangegeven.• Draag een stofmasker.• Er mogen alleen de in deze handleiding geadviseerde zaagbladen worden gebruikt.• Draag altijd gehoorbescherming.• Vervang de zaagbladen, als in deze handleiding wordt aangegeven.• De maximale zaagdiepte bedraagt 45 mm.Als de netaansluitleiding van dit apparaat beschadigd raakt, moet zij door de fabrikant ofDoor zijn klantenservice of door een overeenkomstig ge-kwalificeerde persoon worden vervangen, om gevaarlijke situaties te voorkomen.121

De selectie van dit apparaat moet in overeenstemming zijn met de elektrische specificaties zoals vermeld op de motor van de machine. OPMERKING: uw inval-cirkelzaagmachine is uitgerust met een onderspanning relais die het circuit automatisch opent wanneer de spanning beneden het vooraf ingestel- de minimum valt, hetgeen voorkomt dat de machine zich- zelf reset wanneer de spanning opnieuw tot een normaal niveau komt. Als de machine ongewenst stopt, wees dan niet ongerust. Controleer of er geen probleem met de spanning was in het elektrische systeem. AANPASSEN Let op: vooraleer u aanpassingen uitvoert, schakel de ma- chine uit en trek de stekker uit het stopcontact. Aanpassen van de zaagdiepte, Afb. 2 De zaagdiepte kan van 0 tot 45 mm aangepast worden. Maak de schroef voor het aanpassen van de zaagdiepte (6) los en stel de gewenste diepte in met de schaal (7) en draai de schroef vast. De afmetingen op het spoor tonen de zaagdiepte zonder spoor. Verstek-instellingen, Afb. 3 Het verstek vierkant kan van 0° tot 45° ingesteld worden. Draai de verstek-verstelschroeven (8) aan beide kanten los, stel de gewenste verstek-instellingen in op de schaal (9) en draai beide schroeven vast. Het zaagblad vervangen, Afb. 4, 5, 6 Waarschuwing: Zet de machine uit en haal de stekker uit het contact voordat u het zaagblad vervangt 1 Druk op de insteektrekker (3), breng het zaagblad naar de zaagvervangingspositie (Afstelschroef voor de diepte van de snede moet op 25mm worden afgesteld) en plaats de zeskantige sleutel in de sluitschroef van het blad (17). 2 Duw op het slot voor de as (13) en draai het zaagblad (10) tot het slot op zijn plaats klikt. 3 Druk de borgschacht (13) naar beneden en draai de bladborgschroef (17) tegen de wijzers van de klok in open en houd hierbij het blad in debladinstelpositie. 4 Verwijder de buitenste flens (16) en het zaagblad (10). (Let op: risico op blessures, draag beschermende hand- schoenen) 5 Plaats het nieuwe zaagblad en flens. 6 Schroef de borgschroef van het zaagblad vast terwijl u het slot voor de as ingedrukt houdt. 7 Plaats de insteekzaag in zijn oorspronkelijke positie. GEBRUIK Nadat u alle bovenstaande procedures uitgevoerd heeft, kunt u beginnen snijden. Let op: Houd uw handen steeds uit de buurt van het snij- gebied en probeer de machine niet te benaderen wanneer het in werking is. m Overige risico’s Het apparaat is ontwikkeld met behulp van moderne techno- logie in overeenstemming met erkende veiligheidsregels. Er kunnen echter wel risico’s overblijven.

  • Het gebruik van onjuiste of of beschadigde kabels kan leiden tot verwonding door elektriciteit.
  • Zelfs wanneer alle veiligheidsmaatregelen genomen zijn, kunnen sommige overblijvende risico’s nog steeds aanwezig zijn, zonder dat dit evident is.
  • Resterende risico’s kunnen geminimaliseerd worden door de volgende instructies uit de hoofdstukken “Vei- ligheidsmaatregelen” en “Correct gebruik” en uit de volledige handleiding te volgen.
  • Forceer het apparaat niet onnodig: overmatige druk door het snijden kan leiden tot snelle verslechtering van het blad en een afname van de prestaties op het gebied van afwerking en precisie.
  • Gebruik bij het snijden van aluminium en kunststoffen steeds de juiste klemmen: elk werkstuk moet stevig worden vastgeklemd.
  • Voorkom dat u per ongeluk start: druk nooit op de start-knop terwijl de stekker in het stopcontact steekt.
  • Gebruik altijd het aanbevolen gereedschap om de bes- te resultaten te verkrijgen met uw apparaat.
  • Houd uw handen altijd uit de buurt van de werkplek wanneer de machine draait; voordat u aan een taak begint, lost u de schakelaar op het handvat, waardoor u de machine uitschakelt. m Geschikt gebruik OM TE SNIJDEN: Hard en zacht, huiselijk en exotisch hout zowel in de lengte en overdwars met de nodige aanpassingen (speci- fiek zaagblad en klemmen); ONGESCHIKT GEBRUIK Om niet te snijden: IJzerhoudend materiaal, staal en gietijzer of enig ander materiaal dat niet eerder genoemd werd, en in het bijzon- der levensmiddelen. Start-up Let op de veiligheidsaanwijzingen in de gebruiksaanwijzing vooraleer u de machine bedient.

VERWIJDEREN VAN DE VERPAKKING

Verwijder de doos die gebruikt werd om de machine tij- dens het vervoer te beschermen, en houd deze intact voor toekomstig transport en opslag. ELEKTRISCHE AANSLUITINGEN Controleer of het elektrische systeem waarop de machine is aangesloten geaard is in overeenstemming met de hui- dige veiligheidsvoorschriften en dat het stopcontact in perfecte staat is. Het elektrische systeem moet voorzien zijn van een mag- netothermische beveiliging om alle geleiders tegen kort- sluiting en overbelasting te beschermen.122

De aansluiting met het stroomvoorzieningssysteem van de klant, en alle verlengsnoeren die gebruikt worden, moeten voldoen aan plaatselijke voorschriften.

DEFECTE ELEKTRISCHE KABELS

Elektrische kabels lijden vaak isolatie-schade. Mogelijke oorzaken zijn:

  • Knelpunten bij aansluitkabels worden door raam-of deuropeningen geleid.
  • Knikken als gevolg van het onjuist bevestigen of plaat- sen van de elektrische kabel.
  • Beschadiging als gevolg van stappen of rijden over de kabel.
  • Schade aan isolatie als gevolg van het met kracht ver- wijderen uit het stopcontact.
  • Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische kabels mogen niet gebruikt worden aangezien de schade aan de isolatie hen uiterst gevaarlijk maken. Controleer elektrische kabels regelmatig op schade. Zorg ervoor dat de kabel is losgekoppeld tijdens de controle. Elektrische kabels moeten voldoen aan de voorschriften van uw land. Eenfasige motor De netspanning moet samenvallen met de spanning op het typeplaatje van de motor. Verlengsnoeren met een lengte van tot en met 25 m moe- ten een doorsnede hebben van 1,5 mm

, en kabels van langer dan 25 m moeten een doorsnede hebben van min- stens 2,5 mm

De aansluiting op het elektriciteitsnetwerk moet be- schermd worden met een 16A traag zekering. Alleen een gekwalificeerd elektricien mag het apparaat aansluiten en reparatie uitvoeren. In het geval van vragen vragen wij naar de volgende ge- gevens:

  • Aard van de stroom van de motor
  • Gegevens op het typeplaatje van het apparaat
  • Gegevens op het typeplaatje van de schakelaar Als een motor moet worden teruggestuurd, moet deze altijd verzonden worden met de volledige aandrijving en schakelaar. m Onderhoud Als gespecialiseerd personeel betrokken moet worden voor buitengewoon onderhoud tijdens of na de garantieperiode, neem dan contact op met een service provider die door ons aangeraden wordt, of met de fabrikant.
  • Revisies, onderhoudswerken, schoonmaak, evenals de eliminatie van eventuele storingen mogen enkel uit- gevoerd worden wanneer de motor uitgeschakeld is.
  • Alle beschermings-en veiligheidsuitrusting moet on- middellijk na het voltooien van reparaties of onder- houdswerk opnieuw geïnstalleerd worden. Het apparaat in-en uitschakelen, Afb. 1 Om de inval-cirkelzaagmachine in te schakelen, duwt u op de aan/uit schakelaar (4). Voor het uitschakelen de in-/uitschakelaar (4) loslaten. Besturing en onderhoud van de inval-cirkelzaagmachine, Afb. 8 1 Zet het werkstuk vast zodat het niet verplaatst kan worden tijdens het zagen. 2 Beweeg de zaag enkel voorwaarts. 3 Houd de zaag stevig met beide handen vast en zorg ervoor dat u één hand op de handgreep en de andere hand op de voorste handgreep heeft. 4 Bij het gebruik van een geleiderail, moet deze vast gemaakt worden met klemmen. 5 Zorg ervoor dat het netsnoer zich niet in de zaagrich- ting bevindt. Zagen 1 Plaats het voorste deel van de machine op het werk- stuk. 2 Schakel de machine aan met de aan/uit schakelaar (4). 3 Druk op de inval-trekker (3). 4 Duw de zaag naar beneden om de zaagdiepte te be- reiken. 5 Duw de zaag gelijkmatig naar voren. 6 Na het afronden van het zagen, schakelt u de machine uit en zet u het zaagblad omhoog. Inval-snede, Afb. 9 1 Plaats de zaag op het werkstuk. 2 Plaats de indicator voor het snijden met de achterste pijl (A) op de gemarkeerde inval positie. 3 Schakel de machine aan en duw de zaag naar beneden tot u de ingestelde zaagdiepte bereikt. 4 Beweeg de zaag naar voren tot de indicator voor het snijden (C) het aangeduide punt bereikt. 5 Na het afronden van de inval-snede, zet u het zaagblad omhoog en schakelt u de machine uit. Snijden met rails 1 Plaats de machine in de geleiderails. U kan aanpas- singen aanbrengen met de sleutel die bijgeleverd werd, indien de instelschroeven zichzelf los maken. 2 Schakel de machine aan met de aan/uit schakelaar (4). 3 Duw op de inval-trekker (3). 4 Duw de zaag naar beneden om de zaagdiepte te berei- ken. Tijdens het eerste gebruik wordt de rubberen rand afgezaagd, waardoor er bescherming tegen splinters is tot aan het zaagblad. 5 Duw de zaag gelijkmatig naar voren. 6 Na het afronden van het zagen, schakelt u de machine uit en zet u het zaagblad omhoog. Zagen met afzuiging Sluit de afzuigslang aan op de afzuigkoker - Ø 38 mm (12). m Elektrische aansluiting De geïnstalleerde elektrische motor is volledig bedraad en klaar voor gebruik.123

NORMAAL ONDERHOUD Het bovenstaande en onderstaande onderhoud kan door ongeschoold personeel.

  • Smeer de inval-cirkelzaagmachine niet, aangezien het zagen in droge omstandigheden moet worden uitge- voerd. Alle bewegende onderdelen zijn zelfsmerend.
  • Draag beschermend materiaal tijdens het onderhoud (veiligheidsbril en handschoenen).
  • Verwijder resten van snijhout aan beide zijden van het snijgebied en werkvlak indien nodig. Het gebruik van een aspirator of borstel is aangeraden. Let op: Gebruik geen perslucht! Controleer regelmatig de toestand van het zaagblad: in- dien er zich moeilijkheden voordoen tijdens het zagen, laat het zaagblad dan verscherpen of vervangen door een deskundige. ASSISTENTIE Indien u hulp nodig heeft van getraind personeel voor onderhoud, reparaties of beide tijdens en na de garan- tieperiode, vraag dan altijd hulp aan erkende centra of rechtstreeks aan de fabrikant indien er geen erkend cen- trum in uw buurt is. VERWIJDERING VAN DE MACHINE. Van zodra haar operationele activiteiten voltooid zijn, moet de machine naar een afzonderlijk inzamelpunt voor industrieel afval gebracht worden. Trouble shooting Probleem Mogelijke oorzaak Help De motor start niet. Defecte motor, elektrische kabel of stekker. Doorgebrande zekeringen. Laat de motor door vakkundig personeel controleren. Probeer niet om de machine zelf te repareren aangezien dit gevaarlijk kan zijn. Controleer de zekeringen en vervang indien nodig. De motor start traag en geraakt niet op loopsnelheid. Lage voedingsspanning. Beschadigde wikkelingen. Doorgebrande conden- sator. Vraag de elektriciteitsleverancier om de beschikbare spanning te controleren. Laat de machine door vakkundig personeel con- troleren en laat de condensoren vervangen. Overmatig motorgeluid. Beschadigde wikkelingen. Defecte motor. Laat de motor door vakkundig personeel controleren. De motor geraakt niet op volle kracht. Overbelast circuit door bliksem, toepassingen of andere motoren. Gebruik geen andere toepassingen of motoren op het circuit waarop de zaag aangesloten is. De motor oververhit gemakkelijk. Overbelasting van de motor, onvoldo- ende afkoeling van de motor. Voorkom overbelasting van de motor tijdens het snijden, verwijder stof van de motor om een optimale afkoeling te garanderen. Afname in het snijvermogen tijdens het zagen. Het zaagblad is te klein (te vaak geslepen) Stel het einde van de zaag-eenheid opnieuw in De zaagsnede is ruw of golvend. Het zaagblad is bot, de tandvorm is niet geschikt voor het materiaal Laat het zaagblad slijpen of gebruik een geschikt zaagblad Het werkstuk scheurt of splintert. De druk tijdens het snijden is te groot of het zaagblad is niet geschikt voor deze toepassing Gebruik het juiste zaagblad124

OM TE ZAGEN: 1 Zet de zaag op de geleiderail. 2 Schakel de machine aan. 3 Duw de zaag langzaam naar beneden tot aan de vooraf ingestelde zaagdiepte en duw de zaag gelijkmatig naar voren. INVAL-SNEDE: Om te zagen: 1 Plaats de zaag op de geleiderail op het aangeduide punt. 2 Maak de bescherming tegen het terugstuiten of het rooster (onderdeel niet inbegrepen) vast aan het voorste en achterste snijpunt op de geleiderail. 3 Schakel de machine aan. 4 Duw de zaag langzaam naar voren tot aan de vooraf ingestelde zaagdiepte en duw de zaag gelijkmatig over de geleiderail naar het voorste snijpunt. VERSTEKSNEDEN: Voor versteksneden moet u de twee stelschroeven (E) een halve draai naar rechts draaien na het plaatsen van de zaag. Dit helpt ongewenst hellen van de zaag in de schu- instaande positie te voorkomen. Draai de stelschroeven (E) enkel vast tot aan het punt waar de zaag nog langs de rails kan worden geduwd. Hiermee helpt u voorkomen dat de bediener gewond raakt of de machine schade oploopt. ONDERDELEN Begeleidend systeem 2 stuk geleiderail 700 mm 1 stuk rail-verbinder

ONDERDELENPAKKET (HET IS GEEN

STANDAARDONDERDEEL LEVERING): 2 stuks schroefklemmen 1 stuk bescherming tegen terugstuiten (rooster) BEGELEIDEND SYSTEEM (AFB. 10, 11) De geleiderails (A) helpen voor schone, precieze sneden En beschermen tegen schade aan oppervlaktes. Bij het zagen met de geleiderail is de zaagdiepte 4,5 mm minder dan de waarde van de schaal op de machine. Voor de veiligheid kan de geleiderail met schroefklemmen (B) vastgezet worden. De bescherming tegen terugstuiten (D) zorgt voor een vei- lige geleiding tijdens het zagen in het werkstuk. Door middel van de rail-verbinder (F), kunnen 2 geleide- rails met elkaar verbonden worden en dit zorgt voor lange, precieze sneden. De regeling van de rails op de montage van de geleiderail kan door de twee instelschroeven (E) geregeld worden. Met de aangeboden onderdelen kunnen versteksnedes, hoeksnedes en aanpassend werk uitgevoerd worden. Bij het eerste gebruik van deze zaag op de optionele geleidingsrails zal ze moeten worden afgesteld om met zo min mogelijk zijwaartse beweging over de geleidingsrails te gaan. De verstelbare nokken (Fig. 10 “E”) zijn geplaatst om die reden.

1. Plaats zaag op de geleidingsrails.

2. Draai de nokken (Fig. 10 “E”) tegen de klok in tot-

dat ze vast zitten, dan enigszins met de klok mee om afvoer toe te staan. Zet vast door de kapschroeven van de fittingkop in het midden van elke nok (5mm inbussleutel bij de machine geleverd) vast te schroeven terwijl u de knoppen op hun positie houdt.

3. Beweeg de zaag heen en weer over de rails om er zeker

van te zijn dat ze soepel glijdt. Stel indien nodig nader af.

4. Verdere afstelling kan in de toekomst nodig zijn afhan-

kelijk van het gebruik van de zaag. Let op! Maak het werkstuk altijd op zodanige wijze dat het niet kan kantelen. Beweeg de machine altijd naar voren; trek het nooit naar uw lichaam toe.125

verklaart hierbij dat het volgende artikel voldoet aan de daarop betrekking hebbende EG-richtlijnen en normen RUS заявляет о соответствии товара следующим директивам и нормам ЕС

Allen voor EU-landen. Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Volgens de europese richtlijn 2012/19/EU inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar en recycle bedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen.