Darwin Plus 1310XP - Hogedrukreiniger Lavor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Darwin Plus 1310XP Lavor in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Darwin Plus 1310XP Lavor
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Hogedrukreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Darwin Plus 1310XP - Lavor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Darwin Plus 1310XP van het merk Lavor.
GEBRUIKSAANWIJZING Darwin Plus 1310XP Lavor
NL • LET OP: vóór gebruik de gebruiksaanwijzing aandachtig lezen.
- Het apparaat kan gebruikt worden voor het reinigen van oppervlakken buiten, telkens als er water onder hoge druk benodigd is om vuil te verwijderen.
- Met de nodige hulpstukken kan het apparaat gebruikt worden voor opbrengen van schuim, zandstralen en wassen met de roterende borstel die op de pistool aangebracht moet worden.
- De machine is bestemd voor PROFESSIONEEL gebruik.
TECHNISCHE GEGEVENS
(zie technische gegevens die op het plaatje)
1 Netvoeding
2 Opgenomen vermogen
3 IP-aanduiding (IEC 60259)
4 Werkdruk
5 Maximum druk
6 Maximum temperatuur toevoerwater
7 Maximum druk toevoerwater
8 Nominaal debiet
9 Maximum debiet
10 Ketelbrandstof
11 Serienummer
12 Maximumtemperatuur uitgang water
13 Brander vermogen
14 Geluidsvermogensniveau (Gegarandeerd)
15 Gewicht
m/s² 2,2 Trillingen hand-arm bediener - on - k 15% zeker. Metingen verricht in overeenstemming met EN 60335-2-79.
N 43 Maximum reactiekracht op water - pistool.
ℓ 3,5 Flacon reinigingsmiddel
ℓ 15 Gasolietank
Deze toestel is onderworp aan een electrische verbinding op basis van een respekt van het impedantie Zmax = 0,0924 Ohm. De maximaal toegelaten netimpedantie aan het elektrische aansluitpunt, mag niet overschreden worden. In geval van onduidelijkheden in verband met de netimpedantie aan uw aansluitpunt neemt u best contact op met uw electriciteitsmaatschappij.
SYMBOLEN

LET OP: Uit veiligheidsoverwegingen goed opletten.

BELANGRIJK

Draag de volgende persoonlijke veiligheidsvoorzieningen: Draag gehoorbescherming.
VEILIGHEID
LET OP: Lees de INSTRUCTIEHANDLEIDING en neem de voorschriften in acht - VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN.
VEILIGHEIDSSYSTEMEN:
- LET OP: Het pistool is uitgerust met een veiligheidspal. Telkens als het gebruik van het apparaat onderbroken wordt is het belangrijk dat de veiligheidspal ingeschakeld wordt om per ongeluk opendraaien van het pistool te voorkomen.
- Veiligheidssystemen: Pistool uitgerust met veiligheidspal, apparaat met beveiliging tegen elektrische overbelasting (Kl. I), pomp met bypassklep of stopsysteem.
- De veiligheidsknop op het pistool dient niet om de hendel tijdens de werking vast te zetten maar om het per ongeluk opendraaien ervan te voorkomen.
- LET OP: Het apparaat is uitgerust met een motor beveiligingssysteem: wacht een aantal minuten of koppel het apparaat van de stroomtoevoer los en sluit hem vervolgens weer aan als het systeem ingegrepen heeft. Breng het apparaat naar het dichtstbijzijnde assistentiecentrum als het probleem aanhoudt of als u niet in staat bent het apparaat op-nieuw in te schakelen.
NL
STABILITEIT
- LET OP: Het apparaat moet op een veilige en stabiele manier op een horizontale ondergrond neergezet worden.
GEBRUIK
TOESTEL UITZICHT
zie blz. AB
1 Bedieningspaneel
2

Hoofdschakelaar "1/0" ON/OFF
3

Temperatuuregelknop
4 Schoorsteen
5 Stuur
6 Dop reinigingsmiddeltank
7 Zak voor accessoires (optioneel)
8 Ringmoer leidinghaspel (optioneel)
9 Leidinghaspel (optioneel)
10 Knop leidinghaspel (optioneel)
11 Draaiwiel
12 Wielrem
13 Hijspunt
14 Drukaanwijzer
15 Dop gasolietank
16 Diesel vulfilter
17 Aansluiting waterinlaat (INLET)
18 Waterinlaatfilter
19 Aansluiting wateraanzuiging
20 Aansluiting wateruitlaat (OUTLET)
21 Hogedrukslang
22 Snelkoppeling hogedrukslang (zijde pomp)
23 Koppeling hogedrukslang (zijde waterpis tool)
24 Waterpistool
25 Hendel waterpistool
26 Veiligheidsblokkering hendel waterpistool
27 Straalbuis
28 Mondstukhouderkop
29 Mondstuk: hogedruk
30 Speld voor reiniging mondstuk
31 Elektrische voedingskabel
zie blz.
32 Reinigingsmiddel aanzuigleiding
33 Aansluiting aanzuiging reinigingsmiddel uit externe tank
34 Dop aanzuiging reinigingsmiddel uit externe tank
35 Koppeling aanzuigleiding reinigingsmiddel uit externe tank
36 Aanzuigleiding reinigingsmiddel uit externe tank
37 Filter aanzuigleiding reinigingsmiddel uit externe tank
38 Regelknop reinigingsmiddel
zie blz. A B
A Waarschuwingsplaatjes.
B Typeplaatje. Toont het serienummer, de waarde van het gegarandeerd geluidsvermogen (in overeenstemming met de richtlijn 2000/14/EG) en de belangrijkste technische kenmerken
MONTAGE VAN HET APPARAAT
zie blz. 5.
WATERTOEVOER
Hydraulische aansluiting

LET OP: (SYMBOL) De apparat niet mag alleen dan rechtstreeks op het openbare drinkwaterleidingnet worden aangesloten er in de toevoerleiding
De hogedrukreiniger mag alleen dan rechtstreeks op het openbare drinkwaterleidingnet worden aangesloten als er in de toevoerleiding een terugstroomklep met afvoer overeenkomstig de geldende normen is geïnstalleerd. Verzeker u ervan dat de binnendiameter van de slang tenminste 13mm is en dat hij verstevigd is.
- LET OP: Het water dat door de anti-reflux systemen gelopen is, is niet langer drinkbaar.
BELANGRIJK Zuig uitsluitend gefilterd of schoon water op. De waterkraan moet een watertoevoer garanderen die tenminste dubbel is aan de capaciteit van de pomp. - Minimum wateropbrengst: 15 l/ min.
- Maximum temperatuur van het inlaatwater: 40°C
- Maximale waterdruk toevoer: 1Mpa
De hogedrukreiniger moet zo dicht mogelijk bij het waterleidingnet worden geplaatst.
Het niet in acht nemen van bovengenoemde omstandigheden heeft ernstige mechanische schade aan de pomp tot gevolg of leidt tot verlies van het recht op garantie.
INSTALLATIE
zie blz.
- Controleer of de hoofdschakelaar op "OFF""0" staat en of het waterfilter in de inlaataansluiting van de pomp (INLET) zit.
- Draai de snelkoppeling met de hand vast, zonder gebruik te maken van gereedschap.Sluit de watertoevoerslang aan op de snelkoppeling. De slang moet een inwendige diameter van minimaal 13 mm (1/2") hebben.
- Sluit de hogedrukslang aan op de uitlaataansluiting van de pomp (OUTLET). Druk de koppeling van de hogedrukslang helemaal naar beneden en draai hem daarna met de hand aan zonder gebruik te maken van gereedschap.
- zie blz. 1 Rol de hoge drukleiding (21) geheel af.
- Indien u over een model beschikt dat uitgerust is met een leidinghaspel (9), deblokkeert u dan dit systeem door de ringmoer (8) tegen de wijzers van de klok in te draaien; wikkel de benodigde hoeveel -heid leiding af door de haspel tegen de wijzers van de klok in te draaien met knop (10); blokkeer het systeem door de ringmoer (8) met de wijzers van de klok mee te draaien.
- Sluit de hogedrukslang aan op het pistool
- Draai de waterkraan helemaal open. De watertemperatuur moet absoluut beneden de 40°C zijn.
BELANGRIJK: Het te gebruiken water voor de hoge- drukreiniger moet schoon zijn om het functioneren van de machine niet te belemmeren, of schade aan de machine te voorkomen.
- Ontgrendel de veiligheidspal van het pistool en houd de trekker van het pistool ingedrukt totdat er zoveel water uitgestroomd is dat alle lucht eruit ge-gaan is.
- Steek de lans in het pistool.
- Steek de stekker in het stopcontact. Om het apparaat in werking te stellen moet u de trekker van het pistool indrukken en tegelijkertijd de hoofdschakelaar op "ON" "1" zetten.
BRANDSTOF NAVULLEN
Indicatie te gebruiken type Diesel: Diesel voor voertuigen zonder toevoegingen.
De brandstoftank met de op het plaatje met technische gegevens aangegeven brandstof bijvullen.
NL
Vermijden dat de tank leeg raakt tijdens het functioneren, om de dieselpomp niet te beschadigen.
- LET OP: Het kan gevaarlijk zijn om verkeerde brandstof te gebruiken.
REINIGINGSMIDDEL VULLEN
De schoonmaakmiddelentank vullen met aangeraden producten, geschikt voor de uit te voeren type reiniging.
- LET OP: Maak alleen gebruik van vloeibaar schoonmaakmiddel, gebruik absoluut geen zuur of produkten met teveel alkaline.
Wij adviseren u alleen produkten te gebruiken die getest zijn voor gebruik in dit soort machines.
- LET OP: Bij ieder gebruik van de machine wordt de juiste lichamshouding aanbevolen; de ene hand aan het pistool en de andere aan de lans zie blz.
Standaardwerking (bij hoge druk) met Koud Water
- Controleer of de knop voor de temperatuurregeling (3) in de uitgeschakelde stand staat (positie "0") en of de mondstukhouderkop (28) niet in de positie voor de afgifte van het reinigingsmiddel staat (zie ook de paragraaf "Werking met reinigingsmiddelen").
- Start opnieuw de waterreiniger door de hoofdscha - kelaar (2) op "1" te zetten.
Opmerking: Na deze start komt de waterreiniger on - middelijk tot stilstand, aangezien het Total Stop systeem geactiveerd wordt. - Om de waterreiniger in werking te stellen en met het reinigen te beginnen, volstaat het de hendel (25) van het waterpistool in te drukken.
- De drukwaarde kan worden afgelezen van de druk - wijzer (14).
Standaardwerking (bij hoge druk) met Warm Water
- Controleer of de mondstukhouderkop (28) niet in de stand voor de afgifte van het reinigingsmiddel staat (zie ook de paragraaf "Werking met reinigingsmiddelen").
-
Start opnieuw de waterreiniger en zet de hoofdscha - kelaar (2) in stand "1".
Opmerking: tijdens het starten zal de waterreiniger, na het vertrek, onmiddellijk tot stilstand komen om- dat het Total Stop-systeem geactiveerd komt. -
Draai de knop voor de temperatuurregeling (3) zo, dat de gewenste temperatuur bereikt wordt.
- Om de waterreiniger in werking te stellen, en dus met het reinigen te beginnen, zal het volstaan de hendel (25) van het waterpistool te activeren.
- De drukwaarde kan afgelezen worden van de druk - indicator (14).
- Indien u van de warmwaterwerking wilt overgaan naar de koudwaterwerking, dan zet u de knop voor de temperatuurregeling (3) op "0".
- LET OP: Als de machine binnen gebruikt wordt, dient u voor voldoende ventilatie te zorgen.
WERKING MET REINIGINGSMIDDELTE
Zie blz. E E1 E2
Zie voor de gebruikswijze het etiket op de verpakking van het reinigingsmiddel.
- Zet de hoofdschakelaar (2) in de stand "0".
- Aanzuiging vanuit de tank van de hogedrukreiniger: verwijder de dop (11). Let erop dat u geen vloeistof morst (we raden u aan om een trechter toe te passen die u uitsluitend voor dit doeleinde gebruikt). Vul de tank volgens de aanwijzingen voor de dosering die zijn gegeven op de verpakking van het reinigings - middel. Breng vervolgens de dop weer aan.
- Aanzuiging vanuit een externe tank: verwijder de dop (55) en breng op de aansluiting (54) de koppeling (56) aan van de aanzuigleiding reinigingsmiddel uit een externe tank (57). Breng de leiding (57) aan in de externe tank met het reinigingsmiddel dat op gewenste wijze is aangelengd.
- Draai de reinigingsmiddel regelknop (34) rechtsom.
- Draai aan de mondstukhouder (30) zoals in Afb. 9-a en start de waterreiniger weer door de hoofdschake -laar (2) in de stand of "1", te zetten en activeer daarna de hendel (22): bij de doorgang van het water wordt het reinigingsmiddel automatisch aangezogen en vermengd. Om de werking met hoge druk te hervat- ten moet de waterreiniger worden gestopt door de hoofdschakelaar (2) in de stand "0" te zetten en moet de mondstukhouder (30) worden versteld zoals in Afb. 9-b (bij deze modellen vindt de afgifte van het reinigingsmiddel namelijk bij lage druk plaats).
- Draai aan de knop (34) totdat de gewenste hoeveel -heid van het product wordt afgegeven. Draai aan het einde van het gebruik de knop (34) linksom. Neem, bij een aanzuiging uit een externe tank de koppeling (56) weg van de aansluiting (54) en breng de dop (55) weer aan.
T.S.
T.S. (Automatic Stop System), die ervoor zorgt dat de hogedrukreiniger tijdens de omloopfase uitgeschakeld wordt. Om de hogedrukreiniger te starten dient u de schakelaar op de "1"ON -stand te zetten en vervolgens op de hendel van het spuitpistool te drukken. Het T.S. zorgt ervoor dat de machine wordt gestart en dat deze op het moment dat u de hendel loslaat weer uitgeschakeld wordt. Elke keer dat de machine niet in gebruik is, raden wij u aan de veiligheidspal, geplaatst op de hendel van het spuitpistool, op veilig te zetten om te voorkomen dat de machine bij toeval gestart wordt.
- Het uit eigen beweging aanslaan van de machine zonder bemiddeling van het pistool, is te wylen aan fenomenen zoals luchtbellen in het water en niet aan een fout van het product.
- Laat de machine nooit langer dan 5 minuten in de standby stand draaien. Voor de veiligheid en de levensduur van de machine is het noodzakelijk de machine uit te schakelen door middel van de aan/uit schakelaar op de machine.
- Controleren of de koppelingen van de slang aan de zijde van de machine en van het pistool op lekkage. Bij lekkage eerst de koppelingen controlleren en pas als de lekkage is verholpen kan u de machine gebruiken.
UITSCHAKELEN OFF
zie blz.
Zet de schakelaar in de "OFF""0" positie en wacht tot het water helemaal koud geworden is.
Op deze manier voorkomt u kalkaanslag en oververhitting van het verwarmingselement, welke altijd gevaarlijk zijn.

BELANGRIJK: Als de machine stilstaat, altijd de gedrukslang leeg laten lopen, door het pistool te penen.
VERZORGING EN ONDERHOUD
Zie blz.
Zie tafel.
⚠ LET OP: Alvorens enige onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uit te voeren moet u het apparaat eerst van het elektriciteitsnet afkoppelen.
⚠LET OP: Spuit niet met het apparaat met water en gebruik geen schoonmaakmiddelen of oplosmiddelen. Het apparaat kan worden beschadigd.
- het oppervlak van het polijsten met een droge doek.
- Zorg ervoor dat het apparaat altijd schoon is zodat de koellucht vrij door de gleuven kan stromen.
OLIE POMP: SAE 20W40, 70 gr.
OPSLAG
zie blz. D
- Apparaat aan de transportgreep verplaatsen.
- Apparaat met alle accessoires in een vorstvrije ruim - te bewaren, Buiten bereik van kinderen.
GARANTIE VOORWAARDEN
Al onze apparaten zijn onderworpen aan zorgvuldige tests en zijn gedekt voor fabrieksfouten in overeenstemming met de geldende voorschriften (minimaal 12 maanden). De aanvangsdatum van de garantie wordt bepaald door de aankoopdatum. Als uw machine of toebehoor moet hersteld worden, gelieve de kassticket of het factuur bijzetten.
Het volgende valt niet onder de garantie:
- De bewegende onderdelen die aan slijtage onderhevig zijn. - De rubberen onderdelen, koolborstels, hulpstukken, en optionele hulpstukken. - De garantie dekt geen defecten te wijten aan transport, nalatigheid, - De reiniging van de hoge drukreiniger valt niet onder de garantie, filters, mondstuk, geblokkeerde door de vorming van kalkaanslag,
NL
GEWOON ONDERHOUD
Voer de werkzaamheden die in de paragraaf 'STILSTAND' beschreven zijn uit aan de hand van de onderstaande tabel.
ONDERHOUDSINTERVAL INGREEP
| Bij ieder gebruik • Controleer de voedingskabel, de hogedrukslang, de koppelingen, het spuitpistool, de spuitlans.Indien één of meerdere delen beschadigd zijn, gebruik dan de waterreiniger beslist niet en wend u tot een Gespecialiseerd Monteur. | |
| Wekelijks • Controle en eventuele reiniging van het waterinlaatfilter (18).Draai de houder (19) los en verwijder het filter (18) van de aansluiting (17).Normaal gesproken is het voor het reinigen van het filter voldoende dat u het onder stromend water schoon spoelt of met perslucht schoon blaast.Bij hardnekkig vuil antikalkmiddel gebruiken of het filter vervangen.Wend u voor reserveonderdelen tot een Gespecialiseerd Monteur.Hermonteer het filter door de bovenstaande procedure in omgekeerde volgorde uit te voeren. | |
| Maandelijks • Reiniging van het mondstuk.Voor reiniging volstaat het meestal de bijgeleverde pin (30) in het gat van het mondstuk te voeren. Wanneer geen noemenswaardige resultaten worden verkregen, vervang het dan en wend u voor de aankoop van het vervangingsonderdeel tot een Gespecialiseerd Monteur. Het mondstuk kan worden vervangen met een (niet-bijgeleverde) sleutel van 14 mm/0,55 in. |
BUITENGEWOON ONDERHOUD
Buitengewoon onderhoud moet aan de hand van onderstaande tabel (indicatieve gegevens) worden uitgevoerd door een Gespecialiseerd Monteur:
ONDERHOUDSINTERVAL INGREEP
| Iedere 100 uur • Controle hydraulisch circuit (water)pomp.• Controle van de pompbevestiging.Bijstelling van de elektroden.Oliepeil pomp controleren/bijvullen. | • Reiniging mondstuk gasolie.• Controle/vervanging gasoliefilter.• Controle/vervanging waterfilter. | |
| Iedere 300 uur | • Vervanging oliepomp.• Vervanging elektroden.• Vervanging mondstuk gasolie.• Controle inlaat-/uitlaatkleppenpomp.• Controle aanhaling schroevenpomp. | • Controle regelklep pomp.• Reiniging ketel.• Verwijdering aanslag spiraal.• Controle veiligheidsinrichtingen. |
REMEDIES IN GEVAL VAN STORINGEN
| STORINGEN OORZAKEN REMEDIES | ||
| 1. Als u op de schakelaar druktstart de pomp niet. | 1. De stekker zit niet goed in het stopcontact.2. Het stopcontact functioneert niet.3. De netspanning is onvoldoende.4. De doorsnede van het verlengsnoer is niet geschikt.5. De pomp is geblokkeerd. | 1. Steek de stekker op de juiste manier in het stopcontact.2. Laat het stopcontact nakijken.3. Controleer of de elektrische installatie geschikt is.4. Raadpleeg de paragraaf over de elektrische aansluiting.5. Zet de schakelaar op ON en houd daarbij de hendel van het pistool ingedrukt; als de storing voortduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst. |
| 22. Het apparaat start maar er komt geen water uit. | 6. De pomp, de slangen of de hulpstukken zijn bevroren.7. Er wordt geen water toegevoerd.8. Het waterfilter is verstopt.9. De sproeier is verstopt. | 6. Laat de pomp en de slangen ontdooien.7. Sluit het apparaat aan op de waterleiding en draai de kraan open.8. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf "ONDERHOUD").9. Haal de lans van het pistool af en reinig de sproeier met de meegeleverde speld. |
| 3. De pomp draait maar er wordt geen druk opgebouwd. | 10. De hoeveelheid water is onvoldoende.11. Het aanzuigfilter is verstopt.12. Het drukregelventiel (indien voorhanden) staat op de laagste drukstand.13. De sproeier van de lans is versleten.14. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten. | 10. Controleer of de wateropbrengst minimaal 12 l/min. bedraagt.11. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf "ONDERHOUD").12. Verhoog de druk door aan de knop te draaien.13. Vervang de lans.14.Wend u tot een erkende servicedienst. |
| 4. De werkdruk is onregelmatig. | 15. De sproeier van de lans is verstopt of vuil.16. Er zit lucht in het toevoerwater.17. Het aanzuigfilter is verstopt.18. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten.19. De dichtingen zijn versleten.20. De dichtingen van het drukregelventiel zijn versleten. | 15. Haal de lans van het pistool af en reinig de sproeier met de meegeleverde speld.16. Voorzie het apparaat van de juiste hoeveelheid water.17. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf "ONDERHOUD").18.Wend u tot een erkende servicedienst.19.Wend u tot een erkende servicedienst.20.Wend u tot een erkende servicedienst. |
| 5. De motor slaat plot-seling af. | 21. De overbelastingsbeveiligingsschakelaar van het apparaat is aangesproken.22. De doorsnede van het verlengsnoer is niet juist. | 21. Laat de motor enkele minuten afkoelen. Als de storing voortduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst.22. Raadpleeg de paragraaf over de elektrische aansluiting. |
| 6. Het apparaat lekt water. | 23. De slanghaspel (indien voorhanden) lekt.24. De toevoerkoppeling lekt.25. De pomp lekt. | 23. Draai de koppelingen aan; als de storing voortduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst.24. Controleer of de koppeling op de juiste manier gemonteerd is (zie de afbeeldingen in de paragraaf "INSTALLATIE").25.Wend u tot een erkende servicedienst. |
| 7. Het apparaat maakt abnormaal lawaai. | 26. Het aanzuigfilter is verstopt.27. De temperatuur van het inlaatwater is te hoog.28. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten.29. De lagers zijn versleten. | 26. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf "ONDERHOUD").27. Verlaag de temperatuur tot beneden de 40°C.28.Wend u tot een erkende servicedienst.29.Wend u tot een erkende servicedienst. |
| 8. Er zit water in de olie.. 30. | De dichtingsringen zijn versleten. 30.Wend u tot een erkende servicedienst. | |
| 9. Het apparaat start op-nieuw terwijl het pistool losgelaten is (uitvoeringen met T.S.). | 31. Er lekt water uit de aansluiting slang - pistool (met uitzondering van de modellen die geleverd worden met een reeds aangesloten slang en pistool).32. Er zit lucht in het toevoerwater.33. Er lekt water uit het pistool.34. Er lekt water uit de pomp. | 31. Draai de aansluiting vast en maak daarbij gebruik van 2 Engelse sleutels.32. Voorzie het apparaat van de juiste hoeveelheid water.33.Wend u tot een erkende servicedienst.34.Wend u tot een erkende servicedienst. |
NL
| 10. Het apparaat zuigt geen reinigingsmid-del aan. | 35. De tank is leeg.36. De knop van de lans staat op de hogedrukstand (indien voorhanden).37. De doorzichtige aanzuigslang is beschadigd of losgeraakt. | 35. Vul de tank.36. Zet de knop op de lagedrukstand door de knop in de richting van de sproeier te roterend.37. Sluit de slang weer aan. Als de storing voortduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst. |
| 11.Bij het inschakelen van de brander slaat verbrandingsketel niet aan. | 38.Diesel ontbreekt39.Dieselfilter verstopt40.Dieselpomp gebrokeerd of verbrand41.Thermostaat kapot42.Ontsteking te zwak of ontbreekt43.Onjuiste afstand tussen electrodes | 38.het niveau in de tank controleren en of de harde zuigpijp schoon is.39.Het kleine filter vervangen.40.Vervangen.41.Vervangen.42.Wend u tot een erkende servicedienst.43. Wend u tot een erkende servicedienst. |