CS3625DC - Zaag HiKOKI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CS3625DC HiKOKI in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CS3625DC - HiKOKI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CS3625DC van het merk HiKOKI.
GEBRUIKSAANWIJZING CS3625DC HiKOKI
- è arrugginita Affi lare la catena della sega. Se l’usura o la rottura sono gravi, sostituire con una nuova catena della sega. La direzione della catena della sega è inversa. Rimontare nella direzione corretta. La tensione della catena è insuffi ciente. Controllare la tensione della catena e, se è troppo lenta, tenderla. L’olio della catena ○ fl uisce lentamente ○ non fuoriesce (grippa) Mancanza di olio per catena nel serbatoio Rabboccare con olio per catena. L’erogatore dell’olio della catena è ostruito. Pulire l’erogatore dell’olio della catena. La batteria non può essere installata Si sta tentando di installare una batteria diversa da quella specifi cata per l’utensile. Installare una batteria di tipo multi-volt. 00BookCS3625DCEU.indb6500BookCS3625DCEU.indb65 2022/12/0816:29:222022/12/0816:29:2266 Nederlands (Vertaling van de oorspronkelijke aanwijzingen) SYMBOLEN WAARSCHUWING Hieronder staan symbolen afgebeeld die van toepassing zijn op deze machine. U moet de betekenis hiervan begrijpen voor u de machine gaat gebruiken. CS3625DC / CS3630DC: Snoerloze Kettingzaagmachine Om het risico op verwondingen te verminderen, moet de gebruiker de instructiehandleiding lezen. Gebruik een elektrisch gereedschap niet in de regen of in een erg vochtige omgeving en laat het ook niet buiten liggen wanneer het regent. Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recycle bedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen. Lees alle waarschuwingen en aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing en op de machine zelf, zorg ervoor dat u ze begrijpt en volg ze stipt op. Draag altijd oog-, hoofd- en gehoorbescherming wanneer u deze machine gebruikt. Pas op voor terugslag van de kettingzaag en vermijd contact met de punt van de geleiderbalk. Gebruik de kettingzaag altijd met twee handen. Het is belangrijk dat u de beschermende kleding draagt voor uw voeten, benen, handen, onderarmen en hoofd. Deze kettingzaag mag uitsluitend worden gebruikt door een vakbekwame boomverzorger. Gebruik zonder de juiste training kan leiden tot ernstig letsel. Kettingolie levering prijsaanpassing Koppel de batterij los WAT IS WAT? (Afb. 1) A: Accu (los verkrijgbaar): Voedingsbron voor het gereedschap. B: Schakelaar: Deze schakelaar wordt met de vinger bediend. C: Ontgrendelingshendel: Hendel die het per ongeluk bedienen van de trekker verhindert. D: Kettingrem: Voorziening voor het stoppen of vergrendelen van de zaagketting. E: Zijafdekking: Beschermkap voor de zaagketting van het zwaard, de koppeling en het kettingwiel wanneer de kettingzaag wordt gebruikt. F: Moer: Moer voor het vastmaken van de zijafdekking. G: Spanschroef: Voorziening voor het afstellen van de spanning van de zaagketting. H: Voorste handgreep: Steunhandgreep die zich bij of in de richting van de voorkant van het gereedschap bevindt. I: Achterste handgreep (bovenste handgreep): Steunhendel aan de achterkant van de hoofdbehuizing. J: Zaagketting: Ketting met punten die het echte zaagwerk doet. K: Zwaard: Dit onderdeel steunt en geleidt de zaagketting. L: Gepunte schorssteun: Voorziening die als vast draaipunt dient wanneer in contact met een boom of stam. M: Olietankdop: Dop voor het afsluiten van de olietank. N: Oliekijkglas: Venster voor het controleren van de hoeveelheid kettingolie. O: Haak: Voorziening om het gereedschap met een touw enz. op te hangen. P Olietoevoer: Reservoir voor de olie. Q: Kettingkast: Hiermee worden het zwaard en de zaagketting afgedekt wanneer het gereedschap niet wordt gebruikt. R: Combi-buissleutel: Het gereedschap voor het verwijderen of monteren van een zijafdekking en voor het spannen van de zaagketting. WAARSCHUWING Deze kettingzaag (CS3625DC / CS3630DC) is ontwikkeld voor gebruik als zaag voor boomzorg en -chirurgie. De zaag mag alleen worden gebruikt door personen die ge-schoold zijn in boomzorg en chirurgie. Leef de aanbevelingen, procedures en literatuur van de vakorganisatie na. Het misachten ervan vormt een hoog ongevallenrisico. We bevelen u aan altijd een hefplatform te gebruiken bij het zagen in bomen. Werken, hangend aan touwen, is zeer gevaarlijk en vordert speciale training. De ge-bruiker moet geÔnstrueerd zijn in en bekend met het gebruik van veiligheidsuitrusting en werk- en klimtechnieken. Gebruik altijd valbescherming voor gebruiker en zaag. 00BookCS3625DCEU.indb6600BookCS3625DCEU.indb66 2022/12/0816:29:222022/12/0816:29:2267 Nederlands ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN
VOOR ELEKTRISCH GEREEDSCHAP
WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specifi caties die met dit elektrisch gereedschap worden meegeleverd. Niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan resulteren in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor eventuele naslag in de toekomst. De term „elektrisch gereedschap” heeft zowel betrekking op elektrisch gereedschap dat via de netvoeding van stroom wordt voorzien als gereedschap dat via een accu (snoerloos) van stroom wordt voorzien.
1) Veiligheid van de werkplek
a) Zorg voor een schone en goed verlichte werkplek. Een rommelige of donkere werkplek verhoogt de kans op ongelukken. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in een omgeving met ontvlambare of explosieve vloeistoff en, gassen of stof. Elektrisch gereedschap kan vonken afgeven. Deze vonkjes kunnen stofdeeltjes of gassen doen ontbranden. c) Houd kinderen en andere omstanders tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap uit de buurt. Afl eidingen kunnen gevaarlijk zijn.
2) Elektrische veiligheid
a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet geschikt zijn voor aansluiting op het stopcontact. De stekker mag op geen enkele manier gemodifi ceerd worden. Gebruik geen verloopstekker met geaard elektrisch gereedschap. Deugdelijke stekkers en geschikte stopcontacten verminderen het risico op een elektrische schok. b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Wanneer uw lichaam geaard is, loopt u een groter risico op een elektrische schok. c) Stel het elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vochtige omstandigheden. Het risico op een elektrische schok wordt vergroot wanneer er water in het elektrische gereedschap terechtkomt. d) Behandel het snoer voorzichtig. Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap aan te dragen of mee te slepen en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen. Een beschadigd of verward snoer verhoogt het risico op een elektrische schok. e) Gebruik buitenshuis een verlengsnoer dat specifi ek geschikt is voor het gebruik buiten. Het gebruik van een snoer dat specifi ek geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving gebruikt moet worden, dient een voeding met aardlekschakelaar te worden gebruikt. Gebruik van een aardlekschakelaar vermindert de kans op een elektrische schok.
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf waakzaam, let voortdurend op uw werk en gebruik uw gezond verstand wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onoplettendheid kan in ernstig lichamelijk letsel resulteren. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, anti-slip veiligheidsschoenen, een helm of gehoorbescherming, gebruikt voor gepaste omstandigheden, verminderen het risico op lichamelijk letsel. c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk kan starten. Controleer of de schakelaar in de uit-stand staat voordat u de voeding en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of gaat dragen. Zorg ervoor dat u tijdens het verplaatsen van het elektrisch gereedschap uw vingers uit de buurt van de schakelaar houdt en sluit de stroombron niet aan terwijl de schakelaar op aan staat om ongelukken te vermijden. d) Verwijder sleutels en moersleutels uit het gereedschap voordat u het elektrisch gereedschap aanzet. Een (moer-)sleutel die op een bewegend onderdeel van het elektrisch gereedschap bevestigd is kan in lichamelijk letsel resulteren. e) Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u te allen tijde stevig staat en uw evenwicht behoudt. Op deze manier heeft u tijdens een onverwachte situatie meer controle over het elektrisch gereedschap. f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houdt uw kleding en haar uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende onderdelen verstrikt raken. g) Indien het elektrisch gereedschap van een aansluiting voor stofafzuiging is voorzien, dan dient u ervoor te zorgen dat de stofafzuiging aangesloten en op de juiste manier gebruikt wordt. Het gebruik van stofafzuiging vermindert eventuele stofgerelateerde risico’s. h) Laat bekendheid opgedaan bij veelvuldig gebruik van gereedschap u niet zelfgenoegzaam worden waardoor u veiligheidsprincipes van het gereedschap negeert. Een onzorgvuldige actie kan ernstig letsel veroorzaken binnen een fractie van een seconde.
4) Bediening en onderhoud van elektrisch
gereedschap a) Het elektrisch gereedschap mag niet geforceerd worden. Gebruik het juiste gereedschap voor het karwei. U kunt de klus beter en veiliger uitvoeren wanneer u het juiste elektrische gereedschap gebruikt. 00BookCS3625DCEU.indb6700BookCS3625DCEU.indb67 2022/12/0816:29:222022/12/0816:29:2268 Nederlands b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als de schakelaar niet goed werkt. Elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar bediend kan worden is gevaarlijk en moet onmiddellijk gerepareerd worden. c) Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu, als deze losgemaakt kan worden, van het elektrische gereedschap voordat u afstellingen verricht, accessoires verwisselt of voordat u het elektrische gereedschap opbergt. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart. d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op en sta niet toe dat personen die niet bekend zijn met het juiste gebruik van het gereedschap of deze voorschriften dit elektrisch gereedschap gebruiken. Eletrisch gereedschap is gevaarlijk in onbevoegde handen. e) Verzorg het elektrische gereedschap en accessoires. Controleer het gereedschap op een foutieve uitlijning, vastgelopen of defecte bewegende onderdelen en andere problemen die van invloed kunnen zijn op de juiste werking van het gereedschap. Indien het gereedschap defect of beschadigd is moet het gerepareerd worden voordat u het gereedschap opnieuw gebruikt. Slecht onderhouden elektrisch gereedschap is verantwoordelijk voor een groot aantal doe-het-zelf ongelukken. f) Houd snijwerktuigen scherp en schoon. Goed onderhouden snijwerktuigen met scherpe snijranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker in het gebruik. g) Elektrisch gereedschap, toebehoren, bits enz. moeten in overeenstemming met deze instructies worden gebruikt, waarbij de werkomstandigheden en het werk dat gedaan moet worden in overweging moeten worden genomen. Gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het is bedoeld, kan resulteren in een gevaarlijke situatie. h) Houd de handvat- en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Glibberige handvat- en greepoppervlakken zorgen voor onveilig gebruik en onveilige bediening van het gereedschap in onverwachte situaties.
5) Gebruik en onderhoud van de accu
a) Herlaad alleen met de lader die door de fabrikant wordt gespecifi ceerd. Een lader die geschikt is voor één bepaald type accu kan brandgevaar veroorzaken bij gebruik met een andere accu. b) Gebruik elektrisch gereedschap alleen met de specifi ek daarvoor bestemde accu’s. Het gebruik van andere accu’s kan letsel of brand veroorzaken. c) Wanneer de accu niet in gebruik is, moet u deze uit de buurt houden van andere metalen voorwerpen zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die de contacten zouden kortsluiten. Kortsluiten van de accucontacten kan brandwonden of brand veroorzaken. d) Bij een verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de accu lekken; vermijd elk contact daarmee. Als u dit onverhoopt toch aanraakt, moet u goed met water spoelen. Indien de vloeistof in contact komt met de ogen, moet u ook onmiddellijk medische hulp inroepen. Vloeistof die uit de accu lekt kan irritatie en brandwonden veroorzaken. e) Gebruik geen accu of gereedschappen die zijn beschadigd of aangepast. Beschadigde of aangepaste accu’s kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen, wat brand, explosie of risico op letsel veroorzaakt. f) Stel een accu of gereedschap niet bloot aan vuur of excessief hoge temperaturen. Blootstelling aan vuur of temperaturen boven de 130°C kan een explosie veroorzaken. g) Volg alle instructies voor het opladen en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat in de gebruikershandleiding wordt voorgeschreven. Onjuist opladen of bij temperaturen buiten het voorgeschreven bereik kan de accu beschadigen en het risico op brand verhogen.
a) Het gereedschap mag uitsluitend door bevoegd onderhoudspersoneel worden onderhouden en er mag daarbij uitsluitend gebruik gemaakt worden van identieke vervangingsonderdelen. Hierdoor kunt u er op rekenen dat het elektrisch gereedschap veilig blijft. b) Probeer beschadigde accu’s nooit te repareren. Onderhoud aan accu’s dient alleen te worden uitgevoerd door de fabrikant of erkend onderhoudspersoneel. VOORZORGSMAATREGELEN Houd kinderen en kwetsbare personen op een afstand. Het gereedschap moet na gebruik buiten het bereik van kinderen en andere kwetsbare personen worden opgeborgen. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR SNOERLOZE KETTINGZAAGMACHINE
1) Algemene veiligheidswaarschuwingen voor
kettingzaag a) Deze kettingzaag is niet bedoeld voor het vellen van bomen. Het gebruik van de kettingzaag voor andere werkzaamheden dan bedoeld, kan leiden tot ernstig letsel aan de gebruiker of omstanders. b) De bediener moet getraind zijn in veilige klimtechnieken en in het gebruik van alle aanbevolen extra veiligheidsuitrusting, zoals een harnas, lussen, riemen, touwen en karabijnhaken, en andere valbeveiligingssystemen voor de bediener en de zaag. Het is van essentieel belang om op elke werkplek een veilige plaats in de boom te bepalen om een gevaarlijke situatie te voorkomen. c) Draag oogbescherming, gehoorbescherming en een beschermende uitrusting voor hoofd, onderarmen, handen, benen en voeten die geschikt zijn voor het beklimmen van bomen. Een geschikte beschermende uitrusting vermindert persoonlijk letsel door rondvliegend puin of onbedoeld contact met de zaagketting. 00BookCS3625DCEU.indb6800BookCS3625DCEU.indb68 2022/12/0816:29:232022/12/0816:29:2369 Nederlands d) Zaag alleen hout. Gebruik de kettingzaagmachine niet voor toepassingen waarvoor deze niet is bedoeld. Bijvoorbeeld: gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van metaal, plastic, metselwerk of andere bouwmaterialen dan hout. Gebruik van de kettingzaagmachine voor andere werkzaamheden dan waarvoor deze is bedoeld kan resulteren in een gevaarlijke situatie. e) Houd de kettingzaagmachine stevig vast met uw rechterhand aan de achterste handgreep en uw linkerhand aan de voorste handgreep. Wanneer u de kettingzaagmachine vasthoudt met uw handen aan de tegengestelde handgrepen, bestaat er kans op letsel en dit mag daarom nooit worden gedaan. f) Houd de kettingzaag alleen vast bij de geïsoleerde greepoppervlakken, omdat de zaagketting in contact kan komen met verborgen bedrading. Zaagkettingen die in contact komen met bedrading die onder spanning staat, kunnen ervoor zorgen dat blootliggende metalen onderdelen van de kettingzaag onder spanning komen te staan en de gebruiker een elektrische schok geven. g) Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting wanneer de kettingzaagmachine in werking is. Controleer alvorens de kettingzaagmachine te starten of deze nergens mee in contact is. Een ogenblik van onoplettendheid tijdens het gebruik van de kettingzaagmachine kan resulteren in het verstrikt raken van uw kleding of contact van uw lichaam met de zaagketting. h) Bij het doorzagen van een dikke tak die gespannen staat, moet u er rekening mee houden dat deze kan terugspringen. Wanneer de spanning in de houtvezels vrijkomt, kan de dikke tak tegen u slaan en/ of de kettingzaagmachine zelf raken waardoor u de controle verliest.
i) Wees uiterst voorzichtig bij het zagen van dunne
takken. Het zachte materiaal kan in de zaagketting vast komen te zitten en naar u toe gezwiept worden of u uit balans brengen. j) Volg alle instructies wanneer u vastgelopen materiaal verwijdert, de kettingzaag opslaat of er onderhoud aan verricht. Zorg ervoor dat de schakelaar is uitgeschakeld en dat de accu is verwijderd. Het onverwacht activeren van de kettingzaag tijdens het verwijderen van vastgelopen materiaal of onderhoud kan leiden tot ernstig lichamelijk letsel. k) Draag de kettingzaagmachine alleen aanj de voorste handgreep met de kettingzaagmachine uitgeschakeld en van uw lichaam verwijdert. Monteer altijd de beschermkap van de geleidingsstang wanneer u de kettingzaag vervoert of opbergt. Een juiste behandeling van de kettingzaagmachine vermindert de kans op abusievelijk contact met de bewegende zaagketting. l) Volg de instructies voor het smeren, aanspannen van de ketting en het vervangen van het zaagblad en de ketting. Een niet juist gespannen of gesmeerde zaagketting kan breken en vergroot de kans op terugslag.
2) Oorzaken en voorkomen van terugslag:
De kettingzaag kan terugslaan wanneer de neus of het uiteinde van het zwaard tegen iets aankomt, of wanneer de zaag vastloopt in de zaagsnede. (Afb. 2) Een terugslag als gevolg van het feit dat het uiteinde ergens tegenaan komt zodat het zwaard naar boven en naar achteren, dus in uw richting, slaat, gebeurt soms bliksemsnel. Als de zaagketting vastloopt langs de bovenkant van het zwaard, kan het zwaard ook ineens in uw richting slaan. Door allebei deze reacties kunt u de controle over de kettingzaag verliezen, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Vertrouw niet blindelings op de veiligheidsinrichtingen die in uw zaag zijn ingebouwd. Als gebruiker van een kettingzaagmachine moet u de vereiste maatregelen nemen om ongelukken of letsel bij de zaagwerkzaamheden te voorkomen. Terugslag is het resultaat van het onjuist gebruiken van de machine en/of incorrecte gebruiksprocedures of -omstandigheden en kan worden vermeden door de juiste voorzorgsmaatregelen te treff en zoals die hieronder vermeld staan: a) Houd het gereedschap stevig vast met uw duim en andere vingers rondom de handgrepen van de kettingzaagmachine en altijd beide handen op de zaagmachine, en zorg voor een positie van uw lichaam en armen waarbij u een eventuele terugslag kunt opvangen. (Afb. 3) U kunt de terugslag beheersen indien de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen. Laat de kettingzaagmachine in geen geval los. b) Reik niet te ver. Hierdoor wordt onbedoeld contact met het uiteinde voorkomen en kunt u de kettingzaagmachine beter onder controle houden in onverwachte situaties. c) Gebruik alleen vervangende geleidingsstangen en zaagkettingen die door de fabrikant zijn gespecifi ceerd. Onjuiste vervangende geleidingsstangen en zaagkettingen kunnen kettingbreuk en/of terugslag veroorzaken. d) Volg de slijp- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant om de kettingzaagmachine in goede staat te behouden. Verlagen van de hoogte van de dieptemeter kan leiden tot meer terugslag. AANVULLENDE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN
1. Werk ontspannen. Houd uw lichaam altijd goed warm.
2. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting
wanneer de kettingzaagmachine in werking is.
3. Alvorens met het werk te beginnen, moet u de
werkprocedures zorgvuldig doorlopen om een ongeluk te voorkomen, dat eventueel zou kunnen resulteren in letsel.
4. Gebruik het gereedschap niet bij slecht weer, zoals bij
sterke wind, regen, sneeuw, mist of op plaatsen waar de kans bestaat op vallende rotsen of lawines. Bij slecht weer kan uw beoordelingsvermogen minder goed zijn en eventuele trillingen kunnen resulteren in een ongeluk.
5. Wanneer het zicht slecht is, zoals bij slecht weer of ´s
avonds, mag het gereedschap niet worden gebruikt. Gebruik het gereedschap ook niet in de regen of op een plaats blootgesteld aan regen. Een onstabiele houding of verlies van uw evenwicht kan resulteren in een ongeluk.
6. Controleer het zwaard en de zaagketting alvorens het
gereedschap in te schakelen. ○ Als er barsten in het zwaard of de zaagketting zijn of als het product bekrast of verbogen is, mag het niet worden gebruikt. ○ Controleer of het zwaard en de zaagketting stevig zijn gemonteerd. Als het zwaard of de zaagketting beschadigd is of als deze niet juist zijn bevestigd, kan dit resulteren in een ongeluk. 00BookCS3625DCEU.indb6900BookCS3625DCEU.indb69 2022/12/0816:29:232022/12/0816:29:2370 Nederlands
7. Voordat u met de werkzaamheden begint, controleert
u of de schakelaar niet wordt ingeschakeld, tenzij de ontgrendelingshendel wordt ingedrukt. Als het gereedschap niet juist werkt, moet u meteen met het gebruik stoppen en het gereedschap voor reparatie naar een offi cieel HiKOKI servicecentrum brengen.
8. Monteer de zaagketting zorgvuldig overeenkomstig de
instructies in de gebruiksaanwijzing. Als de zaagketting verkeerd is aangebracht, kan deze loskomen van het zwaard en letsel veroorzaken.
9. Verwijder nooit een van de veiligheidsvoorzieningen
op de kettingzaag (kettingrem, ontgrendelingshendel, kettingvanger, enz.). U mag deze ook niet wijzigen of buiten gebruik stellen. Dit zou kunnen resulteren in letsel.
10. In de volgende gevallen schakelt u het gereedschap
uit en zorgt u ervoor dat de zaagketting niet meer beweegt: ○ Wanneer niet in gebruik. ○ Wanneer u naar een andere werkplek gaat. ○ Tijdens inspecteren, afstellen of vervangen van de zaagketting, zwaard, kettingkast of een ander onderdeel. ○ Bij het bijvullen van de kettingolie. ○ Bij het verwijderen van stof enz. van de behuizing. ○ Bij het verwijderen van obstakels, vuilnis of door het werk ontstaan zaagsel van de werkplek. ○ Wanneer u het gereedschap neerzet of wanneer u het gereedschap achterlaat. ○ Wanneer u op een andere wijze gevaar waarneemt of als er risico's zijn. Als de zaagketting nog beweegt, kan dit resulteren in een ongeluk.
11. Over het algemeen moet het werk door één persoon
worden uitgevoerd. Wanneer er meerdere personen aan het werk zijn, moet u voor voldoende afstand tussen de personen zorgen.
12. Houd een afstand van minimaal 15 meter aan tot
andere personen. Bij het werken met meerdere personen dient u meer dan 15 meter uit elkaar te staan. ○ Rondvliegende delen kunnen personen raken of een ander ongeluk veroorzaken. ○ Leg een waarschuwingsfl uitje enz. klaar en vertel andere werkers dat u dit gebruikt om hen bij gevaar te waarschuwen.
13. Voordat u staande bomen omzaagt, moet u zorgen
voor het volgende: ○ Bepaal vóór het zagen een veilige evacuatieplaats. ○ Verwijder vooraf obstakels (bijv. takken en struiken).
14. Als de prestatie van het gereedschap tijdens het werk
afneemt of als u een abnormaal geluid of trillingen waarneemt, schakelt u het gereedschap meteen uit en stopt met het gebruik, waarna u het gereedschap voor inspectie of reparatie naar een offi cieel HiKOKI servicecentrum brengt. Als u doorgaat met het gebruik, bestaat er kans op letsel.
15. Als u het gereedschap per ongeluk laat vallen of als dit
aan schokken wordt blootgesteld, moet u zorgvuldig op beschadigingen en barsten controleren en kijken of het gereedschap niet vervormd is. Als het gereedschap beschadigd, gebarsten of vervormd is, bestaat er kans op letsel.
16. Wanneer het gereedschap in een auto wordt vervoerd,
maakt u het stevig vast om te voorkomen dat het gaat schuiven. Anders bestaat er kans op een ongeluk.
17. Schakel het gereedschap niet in terwijl de kettingkast
is aangebracht. Dit zou kunnen resulteren in letsel.
18. Controleer of er geen spijkers of andere vreemde
voorwerpen in het materiaal zijn. Als de zaagketting tegen een spijker enz. slaat, kan dit resulteren in letsel.
19. Om te voorkomen dat het zwaard in het materiaal vast
komt te zitten bij het werken op een rand of als gevolg van het gewicht van het materiaal tijdens het zagen, kunt u een steun aanbrengen dicht bij de zaagpositie. Als het zwaard komt vast te zitten, kan dit resulteren in letsel.
20. Als het apparaat na gebruik moet worden vervoerd of
opgeborgen, verwijdert u de zaagketting of plaatst u de kettingkast. Als de zaagketting in contact komt met uw lichaam, kan dit resulteren in letsel.
21. Verzorg het gereedschap zorgvuldig.
○ Om ervoor te zorgen dat het werk veilig en effi ciënt kan worden uitgevoerd, moet u de zaagketting zorgvuldig verzorgen zodat deze een optimale zaagprestatie blijft leveren. ○ Volg de instructies in de gebruiksaanwijzing voor het vervangen van de zaagketting of het zwaard, het onderhoud van de buitenkant, het bijvullen van olie enz.
22. Breng het gereedschap naar de winkel om het te laten
repareren. ○ Probeer geen wijzigingen in het product aan te brengen, aangezien het bij afl evering aan alle voorgeschreven veiligheidsnormen voldoet. ○ Laat alle reparaties door een offi cieel HiKOKI servicecentrum uitvoeren. Wanneer u het gereedschap zelf probeert te repareren, kan dit resulteren in een ongeluk of letsel.
23. Berg het gereedschap zorgvuldig op wanneer dit niet
wordt gebruikt. Tap de kettingolie af en berg het gereedschap op een droge plaats op, buiten het bereik van kinderen of in een afgesloten kast.
24. Als het waarschuwingslabel niet meer zichtbaar is of
als het afgeschilderd is of op andere wijze onleesbaar is geworden, moet u een nieuw waarschuwingslabel aanbrengen. Neem voor een nieuw waarschuwingslabel contact op met een offi cieel HiKOKI servicecentrum.
25. Neem tijdens de werkzaamheden alle plaatselijke
wetgeving en bepalingen in acht.
26. Zorg ervoor dat de batterij stevig geplaatst wordt.
Indien dit niet gebeurd, kan het voorkomen dat de accu eruit valt en een ongeluk veroorzaakt.
27. Gebruik het product niet als het gereedschap of de
accupolen (batterijhouder) vervormd zijn. Het installeren van de accu kan kortsluiting veroorzaken, wat kan leiden tot rookontwikkeling of ontbranding.
28. Houd de accupolen van het gereedschap (accuhouder)
vrij van spaanders en stof. ○ Controleer vóór gebruik of er geen spaanders en stof zijn opgehoopt in het gebied van de aansluitingen. ○ Probeer te voorkomen dat spaanders of stof van het gereedschap op de accu terechtkomen tijdens het gebruik. ○ Wanneer het gebruik wordt onderbroken of na gebruik, moet u het gereedschap niet op een plaats achterlaten waar het kan worden blootgesteld aan vallende spaanders of stof. Als u dat doet kan er kortsluiting ontstaan, wat kan leiden tot rookontwikkeling of ontbranding.
29. Gebruik het gereedschap en de accu altijd bij
1. Laad de accu altijd op bij een temperatuur van
0°C–40°C. Een temperatuur van minder dan 0°C zal overlading veroorzaken, wat gevaarlijk is. De accu kan niet worden opgeladen bij een temperatuur hoger dan 40°C. De geschiktste temperatuur voor opladen ligt tussen de 20°C–25°C.
2. Gebruik de acculader niet continu.
Wacht ongeveer 15 minuten nadat u een accu hebt opgeladen voordat u begint met het opladen van een andere accu.
3. Voorkom dat stof of vuil in de aansluitopening van de
Kortsluiten van de accu zal resulteren in een grote stroom en oververhitting. Dit zal resulteren in brandwonden en schade aan de accu.
6. Gooi de accu niet in het vuur.
Een brandende accu kan ontploff en.
7. Gebruiken van een accu die het eind van zijn levensduur
heeft bereikt zal de acculader beschadigen.
8. Breng de accu naar de winkel waar deze gekocht werd,
nadat deze na opladen onvoldoende kracht heeft voor praktisch gebruik. Gooi een accu die het eind van zijn levensduur heeft bereikt niet zomaar weg.
9. Steek nooit voorwerpen in de ventilatie-openingen van
de acculader. Als er voorwerpen of ontvlambaar materiaal in de ventilatie-openingen van de acculader wordt gestoken, kan dit resulteren in een elektrische schok of schade aan de acculader.
OPMERKINGEN BIJ GEBRUIK
LITHIUM-ION BATTERIJ De lithium-ion batterij is voorzien van een beschermingsfunctie die volledige ontlading van de batterij voorkomt waardoor de levensduur wordt verlengd. In geval 1 tot 3 hieronder kan de motor tijdens het gebruik van het product tot stilstand komen, zelfs wanneer u de schakelaar ingedrukt houdt. Dit geeft geen probleem met het product aan maar wordt veroorzaakt door de beschermingsfunctie.
1. De motor komt tot stilstand wanneer de batterij leeg is.
De batterij moet in dit geval onmiddellijk opgeladen worden.
2. De motor kan tot stilstand komen wanneer het
gereedschap overbelast is. Laat de schakelaar onmiddellijk los en zoek naar de oorzaak van de overbelasting. Wanneer u het probleem verholpen heeft kunt u het gereedschap opnieuw gebruiken.
3. Wanneer de batterij oververhit is door overbelasting,
kan het zijn dat de batterij stopt. In dit geval gebruikt u de batterij niet verder en laat u ze afkoelen. Daarna kunt u haar opnieuw gebruiken. Gelieve eveneens aandacht te schenken aan volgende waarschuwing en aandachtspunt. WAARSCHUWING Om acculekken, het opwekken van warmte, rookemissie, explosie en ontsteking bijtijds te vermijden, moet u ervoor zorgen volgende voorzorgsmaatregelen onder de aandacht te brengen.
1. Zorg ervoor dat er geen spaanders en stof op de
batterij ophopen. ○ Zorg er tijdens de werkzaamheden voor dat er geen spaanders en stof op de batterij kunnen vallen. ○ Zorg ervoor dat de spaanders en stof die tijdens het werk op het elektrisch gereedschap vallen zich niet op de batterij ophopen. ○ Bewaar een ongebruikte batterij niet op een plaats waar het aan spaanders en stof wordt blootgesteld. ○ Verwijder alle spaanders en stof van een batterij voordat u hem opbergt en bewaar de batterij niet op dezelfde plek als metalen onderdelen (schroeven, spijkers, enz.).
2. Doorboor de batterij niet met een scherp voorwerp,
zoals een nagel, klop er niet op met een hamer, stap niet op de batterij of gooi er niet mee of stel hem niet bloot aan ernstige fysieke schokken.
3. Gebruik geen zichtbare beschadigde of vervormde
4. Gebruik de batterij niet voor andere doeleinden dan
deze die gespecifi ceerd werden.
5. Wanneer de batterij niet kan worden opgeladen, zelfs
nadat de specifi eke oplaadtijd verstreken is, stopt u onmiddellijk met het opladen.
6. Breng de batterij niet op hoge temperaturen of drukken
of stel ze er niet aan bloot, zoals in een microgolfoven, droger of een hogedrukcontainer.
7. Blijf uit de buurt van vuur onmiddellijk nadat een lek of
vieze geur werd vastgesteld.
8. Gebruik hem niet in een plaats waar een grote statische
elektriciteit wordt opgewekt.
9. In geval van een acculek, vieze geur, warmteopwekking,
verkleuring of vervorming, of iets abnormaals tijdens het gebruik, het opladen of de opslag, haalt u hem onmiddellijk uit de uitrusting of de lader en stopt u het gebruik.
10. Dompel de batterij niet onder of laat geen vloeistoff en
erin vloeien. Binnendringen van geleidende vloeistof, zoals water, kan schade veroorzaken, met brand of een explosie tot gevolg. Bewaar de batterij op een koele, droge plaats, uit de buurt van explosieve en licht ontvlambare voorwerpen. Vermijd omgevingen met bijtend gas. LET OP
1. Wanneer u de lekkende vloeistof uit de batterij in de
ogen krijgt, wrijf dan niet in de ogen, en was ze goed uit met vers proper water, zoals kraantjeswater en roep er onmiddellijk een dokter bij. Indien u geen behandeling krijgt, kan de vloeistof oogproblemen veroorzaken.
2. Wanneer de vloeistof lekt op uw huid of kleding,
was ze onmiddellijk goed af met proper water, zoals kraantjeswater. De kans bestaat dat dit huidirritatie veroorzaakt.
3. Wanneer u roest, een vieze geur, oververhitting,
verkleuring, vervorming en/of andere onregelmatigheden vaststelt wanneer u de batterij voor de eerste maal gebruikt, gebruik ze dan niet verder en stuur ze terug naar de leverancier of de verkoper. WAARSCHUWING Als een elektrisch geleidend vreemd voorwerp in de aansluitpunten van de lithium-ion accu terechtkomt, kan er kortsluiting ontstaan met het risico van brand als gevolg. Let bij het opbergen van de accu op de volgende punten. ○ Plaats geen elektrisch geleidend zaagsel, spijkers, ijzerdraad, koperdraad of andere draad in de opbergdoos. ○ Plaats de accu in het elektrisch gereedschap of bewaar de batterij door deze stevig in het batterijdeksel te drukken totdat de ventilatieopeningen afgesloten zijn om kortsluiting te voorkomen. (Zie Afb. 4) 00BookCS3625DCEU.indb7100BookCS3625DCEU.indb71 2022/12/0816:29:232022/12/0816:29:2372 Nederlands
BETREFFENDE TRANSPORT VAN
LITHIUM-ION ACCU Neem bij transport van een lithium-ion accu de volgende voorzorgsmaatregelen in acht. WAARSCHUWING Stel het transportbedrijf op de hoogte dat er een lithium- ion accu wordt vervoerd, vermeld het vermogen en volg de instructies van het transportbedrijf bij het regelen van vervoer.
Lithium-ion accu’s die een uitgangsvermogen van 100 Wh overschrijden worden beschouwd als gevaarlijke goederen binnen de vrachtgoederenclassifi catie en vereisen speciale procedures. ○ Voor internationaal transport, moet u voldoen aan internationale wetgeving en wetten en voorschriften van het land van bestemming. Uitgangsvermogen 2 tot 3 cijferig nummer
BENADING VAN DE ONDERDELEN
(Afb. 1–Afb. 43) Accu (apart verkrijgbaar) Zwaard Vergrendeling Kettingwiel Ventilatieopeningen Bladrichting Aansluitpunten Afbeelding die de richting van het zaagblad toont Batterijdeksel Bout Insteken Verdikking kettingspanner Uittrekken Sleep Ontgrendelingshendel Uiteinde zwaard Schakelaar Aandrijfkoppeling Laadindicatielampje Kettingolie Combi-buissleutel Oliekijkglas Zijafdekking Oliepompafsteller Moer Kettingrem Spanschroef Activeren Spanning verhogen Vrijzetten Spanning verlagen Schakelaar voor accuniveau-indicator Zaagketting Indicatielampje acculading Pin Groef Achterste handgreep (bovenste handgreep) Oliegat Voorste handgreep Kettingvanger Ronde vijl Auto stop-lampje: brandt 1/5 van diameter van vijl Glijgroeven accu Dieptemeterverbinding Persluchtspuit Vlakke vijl Luchpistool Uitstekende kop van dieptemeter Aansluiting (accu) Afronden Haak Kettingolietuit TECHNISCHE GEGEVENS
Steek 9,5 mm (3/8") Kettingsnelheid onbelast 12,6 m/s (760 m/min) Inhoud kettingolietank 70 ml Accu verkrijgbaar voor dit gereedschap
- Gewicht: Zaagketting, geleiderbalk, kettingkast, olie, accu niet inbegrepen OPMERKING Op grond van het voortdurende research en ontwikkelingsprogramma van HiKOKI kunnen de hierin genoemde technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
2. Accu (apart verkrijgbaar)
Model BSL36A18 Spanning 36 V / 18 V* Accucapaciteit 2,5 Ah / 5,0 Ah*
- Het gereedschap zal zelf automatisch schakelen. 00BookCS3625DCEU.indb7200BookCS3625DCEU.indb72 2022/12/0816:29:232022/12/0816:29:2373 Nederlands STANDAARD TOEBEHOREN Naast het hoofdtoestel (1 toestel), bevat de verpakking de accessoires die vermeld staan op bladzijde 324. De standaard toebehoren kunnen zonder nadere aankondiging gewijzigd worden. TOEPASSINGEN ○ Zagen van planken/boomstammen ○ Snoeien van tuinbomen OPLADEN Batterij en lader worden niet met dit product meegeleverd. Voor het gebruik van het elektrisch gereedschap dient de accu als volgt opgeladen te worden.
1. Sluit het netsnoer van de acculader aan op het
stopcontact. Wanneer de stekker van de acculader verbonden wordt met een houder, zal het laadindicatielampje rood knipperen (met tussenpozen van 1 seconde).
2. Steek de batterij in de acculader.
Steek de accu stevig in de acculader zoals u kunt zien op Afb. 6 (op pagina 2).
Wanneer er een accu in de acculader wordt gedaan, zal het laadindicatielampje blauw knipperen. Wanneer de accu volledig is opgeladen, zal het laadindicatielampje groen oplichten. (Zie Tabel 1) (1) Aanduiding van het laadindicatielampje De aanduidingen van het laadindicatielampje zijn zoals aangegeven in Tabel 1, al naar gelang de toestand van de accu of de acculader. Tabel 1 Laderstatus Status van de indicatorlamp Indicatiebetekenis Voor het opladen AAN/UIT bij intervallen van 0,5 sec. (ROOD) Aansluiten op de stroombron.
Tijdens het opladen Brandt 0,5 sec. bij intervallen van 1 sec. (BLAUW) Opgeladen bij minder dan 50% Brandt 1 sec. bij intervallen van 0,5 sec. (BLAUW) Opgeladen bij minder dan 80% Blijft branden (BLAUW) Opgeladen bij meer dan 80% Opladen klaar Blijft branden (GROEN) (Continu zoemer geluid: ongeveer 6 seconden) Oververhitting uit (standby) AAN/UIT bij intervallen van 0,3 sec. (ROOD) De accu is oververhit. De accu kan niet opgeladen worden. *
Opladen onmogelijk AAN/UIT bij intervallen van 0,1 sec. (PAARS) (Intermitterend zoemer geluid: ongeveer 2 seconden) Er is iets mis met de accu of met de acculader *
*1 Als het rode lampje blijft knipperen, zelfs nadat de lader is bevestigd, controleer dan of de accu volledig is geplaatst. *2 Hoewel het opladen zal starten zodra de accu is afgekoeld, zelfs als hij op zijn plaatst wordt gelaten, is het raadzaam de accu te verwijderen en hem in een schaduwrijke, goed geventileerde locatie te laten afkoelen voordat hij wordt opgeladen.
○ Plaats de accu volledig. ○ Controleer of er geen vuil op de accuhouder of aansluitingen zit. <Als het opladen lang duurt> ○ Opladen duurt langer bij extreem lage omgevingstemperaturen. Laad de accu op een warme plaats op (zoals binnenshuis). ○ Blokkeer de ventilatieopening niet. Anders zal de binnenkant oververhit raken, waardoor de prestaties van de lader afnemen. ○ Als de koelventilator niet werkt, neem dan contact op met een erkend HiKOKI-servicecentrum voor reparatie. 00BookCS3625DCEU.indb7300BookCS3625DCEU.indb73 2022/12/0816:29:242022/12/0816:29:2474 Nederlands (2) Met betrekking tot de temperaturen en oplaadtijd van de oplaadbare batterij De temperaturen en bijbehorende oplaadtijden worden gegeven in Tabel 2. Tabel 2 Model UC18YSL3 Type accu Li-ion Oplaadspanning 14,4–18 V Geschikte temperatuur voor het opladen 0°C–50°C Oplaadtijd voor accucapaciteit, ca. (bij 20°C) 1,5 Ah 15 min 2,0 Ah 20 min 2,5 Ah 25 min 3,0 Ah 20 min (BSL1430C, BSL1830C: 30 min) 4,0 Ah 26 min (BSL1840M: 40 min) 5,0 Ah 32 min 6,0 Ah 38 min 8,0 Ah 52 min Multi volt- accu 1,5 Ah (× 2 stuks) 20 min 2,5 Ah (× 2 stuks) 32 min 4,0 Ah (× 2 stuks) 52 min Aantal accucellen 4–10 Laadspanning voor USB 5 V Laadstroom voor USB 2 A Gewicht 0,6 kg OPMERKING De oplaadtijd hangt mede af van de temperatuur en het voltage van de stroombron. LET OP Wanneer de acculader onafgebroken wordt gebruikt, zal deze warm worden, waardoor storingen kunnen worden veroorzaakt Wacht daarom 15 minuten wanneer het opladen is voltooid voor u opnieuw begint met opladen.
4. Haal de stekker van het netsnoer van de acculader
uit het stopcontact.
5. Houd de acculader stevig vast en trek de accu
eruit. OPMERKING U moet de accu na het laden uit de acculader halen en op een veilige plek bewaren. Betreff ende elektrisch ontladen in het geval van nieuwe batterijen, enz. Als de chemische substantie van nieuwe batterijen en batterijen die niet gedurende een lange periode niet zijn gebruikt niet geactiveerd is, zal de stroomopbrengst mogelijk niet laag zijn het eerste en tweede gebruik. Dit is een tijdelijk fenomeen en de normale tijd benodigd voor het opladen zal worden hersteld door de batterijen 2–3 keer op te laden. De gebruiksduur van de batterijen verlengen. (1) Laad de batterijen op voordat ze volledig uitgeput raken. Wanneer u merkt dat de kracht van het gereedschap zwakker wordt, stop het gebruik van her gereedschap dan en laad de batterij op. Als u het gereedschap blijft gebruiken en de elektrische voeding uitput, kan de batterij beschadigd raken en wordt zal de levensduur verminderen. (2) Vermijd opladen bij hoge temperaturen. Een oplaadbare batterij zal direct na gebruik heet zijn. Als een dergelijke batterij direct na gebruik wordt opgeladen, zal de inwendige chemische substantie verslechteren en zal de levensduur van de batterij afnemen. Laat de batterij en laad deze op nadat het een tijdje is afgekoeld. LET OP ○ Als de accu wordt opgeladen terwijl deze warm is omdat de accu langere tijd op een plaats lag die werd blootgesteld aan direct zonlicht of omdat de accu zojuist is gebruikt, kan het laadindicatielampje van de acculader 0,3 seconde lang oplichten, dan 0,3 seconde niet oplichten (0,3 seconde uit). In dat geval moet u de accu eerst laten afkoelen voordat u met opladen begint. ○ Wanneer het laadindicatielampje snel knippert (elke 0,2 seconde), moet u controleren of er verontreinigingen zijn in de accu-aansluiting van de acculader en deze verwijderen als dat het geval is. Als er geen verontreinigingen zijn, is het mogelijk dat de accu of de acculader defect is. Breng deze dan naar een offi cieel servicecentrum.
Handeling Afbeelding Bladzijde Verwijderen en aanbrengen van de accu
Bedienen van de hoofdschakelaar*
Gebruik van de haak*
Selecteren van accessoires ― 325 *1 Bediening van de schakelaar Wanneer de schakelaar wordt ingeschakeld terwijl de ontgrendelingshendel wordt verschoven, draait de zaagketting. (Afb. 7) Tenzij de ontgrendelingshendel wordt verschoven, kan de schakelaar niet worden ingeschakeld. Nadat de schakelaar is aangezet, blijft de zaagketting draaien zolang de schakelaar wordt ingedrukt. Wanneer de schakelaar wordt losgelaten, treedt de rem in werking om de rotatie van de zaagketting te stoppen. WAARSCHUWING Zet de ontgrendelingshendel niet in de schuifpositie. Als de schakelaar dan per ongeluk wordt aangezet, kan het gereedschap onverwachts starten en letsel veroorzaken. *2 Gebruik van de haak WAARSCHUWING Zorg er bij gebruik van de haak voor dat het gereedschap stevig is opgehangen zodat het niet kan vallen. Als het gereedschap valt, kan dit resulteren in een ongeluk. 00BookCS3625DCEU.indb7400BookCS3625DCEU.indb74 2022/12/0816:29:242022/12/0816:29:2475 Nederlands
AANBRENGEN (VERVANGEN) VAN
DE ZAAGKETTING WAARSCHUWING ○ Om ongelukken te voorkomen, dient u het apparaat altijd uit te schakelen en de accu te verwijderen. ○ Gebruik alleen de kettingzaag en het zwaard die staan aangegeven in de“TECHNISCHE GEGEVENS”. LET OP Draag dikke handschoenen en wees voorzichtig om letsel door de zaagketting te voorkomen. OPMERKING ○ Verwijder zaagsel van de olietuit, het oliegat en de zwaardgroef alvorens de zaagketting te verwijderen. Bij opeenhoping van zaagsel is het mogelijk dat het gereedschap niet werkt. ○ Gebruik het juiste type zaagketting overeenkomstig de specifi caties. Als u een verkeerd type zwaard aanbrengt, kan de zaagketting losraken met letsel tot gevolg.
1. Verwijderen van de zijafdekking (Afb. 8)
Draai de moer en verwijder de zijafdekking.
2. Verwijderen van de zaagketting en het zwaard
(Afb. 9) Draai de spanschroef in de richting „-” om een kleine hoeveelheid speling in de zaagketting te veroorzaken en maak vervolgens los van het tandwiel.
3. De nieuwe zaagketting over het kettingwiel leggen
(Afb. 10) Bevestig de zaagketting vanaf de punt van de geleiderbalk. Zorg ervoor dat de zaagketting zo is gericht dat het zaagblad in de richting wijst zoals getoond in de afbeelding onder het tandwiel. Steek de bout en kettingspanner in het gat in de geleiderbalk terwijl u de ketting en de punt van de geleiderbalk vasthoudt. Breng het uiteinde van de zaagketting aan op het tandwiel en monteer de geleiderbalk op de behuizing van de zaag.
4. Aanbrengen van de zijafdekking (Afb. 11)
Bevestig de zijklep door de nok in de sleuf in de behuizing van de zaag te steken. Zorg ervoor dat de zaagketting niet loskomt van de geleiderbalk. Draai de moer eenmaal om deze tijdelijk vast te zetten. Verwijder eventueel vuil rond de zijkap voordat u deze opnieuw bevestigt.
5. Afstellen van de kettingspanning van de
zaagketting (Afb. 12) ○ Draai aan de spanschroef terwijl u de zaagbladpunt optilt om de spanning van de zaagketting af te stellen. ○ Draai de spanschroef naar „+” om de spanning van de zaagketting te verhogen en naar „-” om deze te verlagen.
6. Controleren van de kettingspanning van de
zaagketting (Afb. 13) Stel de kettingspanning zo af dat de opening tussen de kettingschakel van de zaagketting en het zwaard 0,5 tot 1 mm is wanneer u de zaagketting een stukje optilt in de buurt van het midden van het zwaard.
7. De moer vastzetten (Afb. 14)
Wanneer de afstelling is voltooid, tilt u het zaagblad omhoog en draait u de moer volledig vast. WAARSCHUWING Zorg er na het afstellen van de spanning van de zaagketting voor dat de moer stevig is vastgedraaid. Als de knop loszit, bestaat er kans op letsel.
INSPECTIE EN VOORBEREIDING
VOOR GEBRUIK Voor gebruik moet u de volgende inspecties uitvoeren en voorbereidingen maken. WAARSCHUWING ○ Om ongelukken te voorkomen, voert u altijd stappen 1 tot 3 uit en zorgt u hierbij dat de accu uit de behuizing is verwijderd. ○ Zet de ontgrendelingshendel niet in de schuifpositie. Als de schakelaar dan per ongeluk wordt aangezet, kan het gereedschap onverwachts starten en letsel veroorzaken.
1. Zorg dat de schakelaar uit staat
○ Als u de accu plaatst zonder te weten of de schakelaar is ingeschakeld, kan het apparaat onverwacht starten, wat kan resulteren in een ongeluk. ○ Wanneer de schakelaar wordt ingeschakeld terwijl de ontgrendelingshendel in de schuifpositie staat, schakelt het apparaat in en wanneer de schakelaar wordt losgelaten, schakelt het apparaat uit.
2. Controleren van de kettingspanning van de
zaagketting ○ Als de kettingspanning verkeerd is, kan de zaagketting of het zwaard beschadigd raken en mogelijk foutief functioneren. Zie de stappen 5 t/m 7 in “Aanbrengen (vervangen) van de zaagketting” om de kettingspanning juist af te stellen. ○ Vooral wanneer de zaagketting nieuw is, zit er nog veel rek in en moet u de kettingspanning regelmatig controleren en afstellen. ○ Controleer ook of de moer goed is vastgedraaid.
3. Controleren van de kettingolie
○ Bij de afl evering zit er geen kettingolie in het gereedschap. Controleer voor gebruik of de olietank is gevuld met de bijgeleverde kettingolie. (Afb. 15) ○ Controleer tijdens het werk regelmatig het oliepeil in het oliekijkglas en vul indien nodig olie bij. ○ Als de bijgeleverde kettingolie op is, kunt u los verkrijgbare HiKOKI kettingolie gebruiken of een gelijkwaardige kettingolie die in de handel verkrijgbaar is. ○ De kettingolie smeert de ketting automatisch. De toegevoerde hoeveelheid kettingolie voor de automatische smering is op de fabriek op de maximale waarde ingesteld. Om de afvoersnelheid te verlagen, draait u de regelaar van de oliepomp aan de rechterkant van het oliekijkglas met de klok mee. (Afb. 16) OPMERKING ○ De inhoud van de olietank is ongeveer 70 ml. Zorg ervoor dat de olietank niet lekt of overstroomt bij het bijvullen van de kettingolie. ○ Wij bevelen u aan altijd reserveolie bij de hand te hebben. Als u doorgaat met het werk terwijl er geen kettingolie meer in het gereedschap is, kan de zaagketting doorbranden of de motor defect raken. ○ Wees voorzichtig dat er geen stof of andere verontreinigingen in de olietank terechtkomen. Als stof of andere verontreinigingen in de olietank terechtkomen, kan het gereedschap defect raken. ○ Als gevolg van de constructie van het gereedschap kan eventuele kettingolie die in de tank achterblijft gaan lekken. Hoewel dit niet op een foutieve werking van het gereedschap duidt, kan de opslagplaats hierdoor vuil worden, dus wees voorzichtig. Bij het opbergen van het gereedschap laat u alle olie uit de olietank lopen en zet een bak onder het gereedschap om eventuele lekkage van olie op te vangen. 00BookCS3625DCEU.indb7500BookCS3625DCEU.indb75 2022/12/0816:29:252022/12/0816:29:2576 Nederlands ○ Vul de olie bij na elke 10 minuten. (*hangt af van de zaaggebruiksomstandigheden)
4. Plaatsen van de accu (Afb. 5)
Druk stevig op de accu totdat deze op de plaats vastklikt, zoals aangegeven in Afb. 5. LET OP Bevestig de accu stevig. Als de accu niet stevig is bevestigd, kan deze losraken en letsel veroorzaken.
5. Controleren van de werking van de kettingrem
(Afb. 17) WAARSCHUWING ○ Hoewel de kettingrem een noodstopvoorziening is, mag u er niet blindelings op vertrouwen. Bedien de kettingriem voorzichtig om de kans op terugslag te vermijden. ○ De kettingrem is bedoeld voor gebruik in noodsituaties en tijdens het opstarten. Gebruik deze niet te pas en te onpas. ○ Om te voorkomen dat de kettingrem niet goed werkt als gevolg van opeenhoping van zaagsel enz., moet u deze regelmatig schoonmaken. ○ De kettingrem is een belangrijk onderdeel voor een veilig gebruik van het gereedschap. Als u zich zorgen maakt met betrekking tot de kettingrem, vraag dan reparatie aan bij uw erkend HiKOKI-servicecentrum. De kettingrem is een noodstopvoorziening die de zaagketting stopt wanneer het gereedschap blootgesteld wordt aan terugslag enz. en kan op deze wijze een gevaarlijke situatie voorkomen. (Zie “Oorzaken en voorkomen van terugslag”.) Duw de kettingrem in de richting die wordt aangegeven door de pijl ( ) om de kettingrem in te schakelen en de zaagketting te stoppen. Om de kettingrem vrij te geven, laat u de schakelaar los en trekt u de kettingrem terug. LET OP De kettingrem werkt alleen wanneer de stroom is ingeschakeld. Controleer de kettingremfunctie op een plaats waar zich geen mensen of obstakels in de buurt bevinden. (1) Druk op de schakelaar terwijl u de ontgrendelingshendel verschuift. (2) Wanneer de zaagketting begint te draaien, duwt u de kettingrem naar voren in de richting van de zaagketting. (3) Als de zaagketting stopt, werkt de kettingrem zoals het hoort. Om de rem vrij te geven, laat u de schakelaar los en trekt u de kettingrem terug.
6. Controleren van de toevoer van de kettingolie
(Afb. 18) ○ Wanneer het gereedschap wordt ingeschakeld, smeert de kettingolie automatisch de zaagketting en het zwaard. ○ Als er geen olie naar buiten komt binnen 2 tot 3 minuten nadat het gereedschap is gestart, moet u controleren of zich geen zaagsel heeft verzameld rondom de olietuit. (Zie “Reinigen van de kettingolietuit”.) (Zie “Controleren van de kettingolie”.) INDICATIE RESTERENDE ACCULADING U kunt de resterende capaciteit van de accu controleren met behulp van de indicatieschakelaar voor resterende acculading die het indicatielampje doet branden. (Afb. 20, Tabel 3) De indicatie gaat uit ongeveer 3 seconden nadat op de indicatieschakelaar voor resterende acculading is gedrukt. Het is raadzaam om de indicatie van de resterende acculading als richtlijn te gebruiken aangezien er lichte verschillen zijn afhankelijk van de omgevingstemperatuur en de staat van de accu. De indicatie van de resterende acculading kan bovendien verschillen voor een accu in een gereedschap of in de oplader. (Accu is niet inbegrepen, wordt apart verkocht) Tabel 3 Status van lampje Resterende accucapaciteit LED-lampjes De resterende accucapaciteit is meer dan 75%. LED-lampjes De resterende accucapaciteit is 50–75%. LED-lampjes De resterende accucapaciteit is 25–50%. LED-lampjes De resterende accucapaciteit is minder dan 25%. Knippert De resterende accucapaciteit is nagenoeg uitgeput. Laad de accu zo spoedig mogelijk opnieuw op. Knippert Uitgangsvermogen onderbroken wegens hoge temperatuur. Verwijder de accu uit het gereedschap en laat de accu volledig afkoelen. Knippert Uitgangsvermogen onderbroken vanwege storing of uitval. De accu kan de oorzaak van het probleem zijn, dus neemt u contact op met uw dealer. OPMERKING Stel het schakelaarpaneel niet bloot aan krachtige stoten om te voorkomen dat dit stuk gaat. Dit kan defecten veroorzaken. ZAAGPROCEDURES WAARSCHUWING ○ Draag bij het werken in bomen geschikte bescherming voor uw ogen, hoofd, handen, benen en armen, alsmede slipbestendige voetbescherming. ○ Controleer voor gebruik of de kettingrem werkt. ○ Pak de handgreep tijdens het gebruik stevig met beide handen vast. (Afb. 3) ○ Bij het zagen van planken vanaf onder moet u ervoor zorgen dat de zaagketting niet tegen de planken stoot. Als het gereedschap wordt teruggeduwd, bestaat er kans op letsel. ○ Zet het apparaat tijdens werkpauzes of na het werk altijd uit en verwijder de accu uit het apparaat. 00BookCS3625DCEU.indb7600BookCS3625DCEU.indb76 2022/12/0816:29:252022/12/0816:29:2577 Nederlands Kijk altijd zorgvuldig naar de werkplek en uw omgeving en als er voorwerpen zijn die letsel, een ongeluk of een defect kunnen veroorzaken, dient u deze vooraf te verwijderen. Vooral bij het uitkiezen van de plaats waar u gaat staan, moet er goed op gelet worden dat de ondergrond stabiel is en dat u niet over iets kunt vallen. Zorg dat het gereedschap uit staat Als u de accu plaatst terwijl de schakelaar aan staat, kan het gereedschap onverwachts starten met mogelijk een ongeluk tot gevolg. Plaatsen van de accu (Afb. 5) Druk stevig op de accu totdat deze op de plaats vastklikt, zoals aangegeven in Afb. 5. De schakelaar aanzetten Controleer of de zaagketting niet in contact is met het hout, zet dan de schakelaar aan en begin met zagen wanneer de zaagketting voldoende op snelheid is gekomen. LET OP ○ Bij het inschakelen van het gereedschap erop letten dat de zaagketting niet in contact is met materialen of iets anders. ○ Tijdens het gebruik erop letten dat de zaagketting niet in contact komt met andere materialen of voorwerpen. Vooral wanneer u klaar bent met zagen, moet u er goed op letten dat het gereedschap niet de grond raakt. OPMERKING Vul de olietank tijdig met olie om te voorkomen dat er geen olie meer in het gereedschap is.
1. Algemene zaagprocedures
(1) Schakel de stroom in terwijl u de zaag een stukje verwijderd houdt van het hout dat u gaat zagen. Begin met zagen nadat het gereedschap de volle snelheid heeft bereikt. (2) Bij het zagen van een dun stuk hout drukt u de basis van het zwaard tegen het hout en zaagt dan naar beneden zoals aangegeven in Afb. 21. (3) Wanneer u een dik stuk hout zaagt, drukt u de spike aan de voorzijde van het apparaat tegen het hout en zaagt u met een hefboomwerking terwijl u de spike als steunpunt gebruikt, zoals afgebeeld in Afb. 22. (4) Bij het horizontaal zagen van hout draait u het gereedschap naar rechts zodat het zwaard onder is en houdt u de bovenzijde van de voorste handgreep met uw linkerhand vast. Houd het zaagblad horizontaal en plaats de spike die zich aan de voorkant van de behuizing van het apparaat bevindt op de balk. Gebruik de pin als een draaipunt en zaag het hout door de handgreep naar rechts te draaien. (Afb. 23) (5) Wanneer hout vanaf onder wordt gezaagd, moet het bovenste gedeelte van het zwaard het hout lichtjes raken. (Afb. 24) (6) Lees voor gebruik de bedieningsinstructies en zorg dat u praktische ervaring heeft met het gebruik van de kettingzaagmachine, of dat u op zijn minst met de kettingzaagmachine oefent met het zagen van stukken rond hout op een zaagschraag. (7) Bij het zagen van boomstammen of planken die niet worden ondersteund, gebruikt u een zaagschraag of een andere methode om ervoor te zorgen dat het hout niet kan bewegen. LET OP ○ Bij het zagen van hout vanaf onder bestaat het gevaar dat het gereedschap in uw richting wordt teruggeduwd wanneer de zaagketting hard tegen het hout stoot. ○ Zaag niet helemaal door het hout heen wanneer u vanaf onder begint, aangezien het zwaard mogelijk ongecontroleerd naar boven vliegt wanneer het einde van de zaagsnede wordt bereikt. ○ Pas op dat de draaiende kettingzaag niet de grond of draadhekken raakt.
(1) Takken van een staande boom afzagen: Een dikke tak moet eerst een stuk verwijderd van de stam van de boom worden afgezaagd. Begin met de tak ongeveer een derde vanaf onder door te zagen en zaag de tak dan vanaf boven volledig door. Zaag daarna het resterende gedeelte van de tak langs de stam van de boom af. (Afb. 25) LET OP ○ Wees altijd voorzichtig met vallende takken. ○ Wees voorbereid op terugslag van de kettingzaagmachine. (2) Takken van een omgevallen boom afzagen: Zaag eerst de takken af die de grond niet raken en daarna de takken die de grond wel raken. Bij het afzagen van dikke taken die de grond raken zaagt u de tak eerst vanaf boven ongeveer half door en daarna zaagt u de tak vanaf onder door. (Afb. 26) LET OP ○ Bij het afzagen van taken die de grond raken moet u voorzichtig zijn dat het zwaard niet door de druk vast komt te zitten. ○ Houd er rekening mee dat de stam plotseling kan gaan rollen bij het afzagen van de laatste takken.
3. Boomstammen doorzagen
Bij het doorzagen van een boomstam die geplaatst is zoals aangegeven in Afb. 27 zaagt u de boomstam eerst vanaf onder ongeveer een derde door en daarna zaagt u de boomstam vanaf boven helemaal door. Bij het doorzagen van een boomstam die over een kuil ligt zoals aangegeven in Afb. 28 zaagt u de boomstam eerst vanaf boven ongeveer twee derde door en daarna zaagt u vanaf onder naar boven. LET OP ○ Pas op dat het zwaard niet door de druk in de boomstam klem komt te zitten. ○ Wanneer u op een helling werkt, moet u altijd aan de hellingopwaartse zijde van de boomstam staan. Als u aan de hellingafwaartse zijde van de boomstam staat, kan de boomstam naar u toe rollen.
4. Een houtblok zagen dat plat is gelegd
Zorg ervoor dat het houtblok stabiel is. Duw de punt tegen het houtblok. Gebruik de punt als draaipunt waarop de hendel kan worden opgetild om het zagen te vergemakkelijken. (Afb. 29)
5. Een houtblok zagen dat aan beide uiteinden wordt
ondersteund Zaag eerst tot een diepte van ongeveer een derde vanaf de bovenkant en zaag dan van onderen om de zaagsnede te voltooien. De geleiderbalk kan vast komen te zitten in de zaagsnede als u vanaf de bovenkant helemaal probeert door te zagen. (Afb. 30) Voorzorgsmaatregelen bij de zaagwerkzaamheden Voor uitgebreide werkzaamheden of bij ononderbroken werken Dit gereedschap is uitgerust met een beveiligingscircuit voor oververhitting dat de elektronische onderdelen die de oplaadbare accu regelen beschermt. Tijdens aanhoudend gebruik of tijdens werkzaamheden onder hoge belastingen gegenereerd door druk tegen het gereedschap, zal de temperatuur van het gereedschap stijgen en uiteindelijk het oververhittingsbeveiligingscircuit activeren, waardoor het gereedschap wordt uitgeschakeld. Laat in dit geval het gereedschap gedurende enige tijd afkoelen. Wanneer de temperatuur is afgenomen, kan het gereedschap weer opnieuw gebruikt worden. Wanneer de oplaadbare accu tijdens langdurig gebruik verwisseld moet worden, het gereedschap gedurende ongeveer 15 minuten laten afkoelen. 00BookCS3625DCEU.indb7700BookCS3625DCEU.indb77 2022/12/0816:29:252022/12/0816:29:2578 Nederlands Grijp/drukkracht van de kettingzaag Pak de kettingzaag altijd stevig vast. Druk niet harder dan nodig is op de kettingzaag. De zaagsnelheid is niet groter wanneer tijdens het zagen extra hard op de kettingzaag wordt gedrukt. Hierdoor wordt wel de motor extra belast, wat resulteert in een lagere prestatie en mogelijk beschadiging of een defect van de motor of het zwaard tot gevolg. Gebruik het gereedschap binnen het bereik waar de zaagketting met normale snelheid werkt. Als de zaagketting stopt (vast komt te zitten) als gevolg van het uitoefenen van een te grote druk, kan dit mogelijk letsel of een defect van het gereedschap veroorzaken. Kettingvanger ○ De kettingvanger bevindt zich dichtbij de aandrijving, net onder de ketting en dient om te voorkomen dat een gebroken ketting de gebruiker zou kunnen raken. ○ Wanneer de zaagketting is gebroken, vervangt u deze door een nieuwe zaagketting zoals beschreven in “Aanbrengen (vervangen) van de zaagketting”.
SLIJPEN VAN HET KETTINGBLAD
WAARSCHUWING Om ongelukken te voorkomen, moet u de schakelaar altijd uitzetten en de accu uit de hoofdbehuizing halen. LET OP Draag altijd handschoenen wanneer u de zaagketting aanraakt. OPMERKING Slijp de zaagketting en stel de dieptemeter op de middelste positie van het zwaard af, met de zaagketting aan het gereedschap bevestigt. Wanneer de scherpte van een zaagketting afneemt, worden de motor en de andere onderdelen van het gereedschap extra belast en levert het gereedschap een inferieure prestatie. Voor een optimale werking van het gereedschap is regelmatig onderhoud vereist om de zaagketting scherp te houden.
1. Slijpen van de bladen
Gebruik een ronde vijl met een diameter van 4 mm. De ronde vijl moet tegen het zaagblad worden gehouden, zodat één vijfde van de diameter boven de bovenkant van het zaagblad uitsteekt, zoals weergegeven in Afb. 31. Slijp de bladen door de ronde vijl onder een hoek van 30° ten opzichte van de geleiderbalk te houden, zoals weergegeven in Afb. 32. Vijl de bladen door de ronde vijl voorzichtig in de richting van de greep te duwen. Zorg ervoor dat de ronde vijl de zaagketting niet raakt wanneer u de vijl terugtrekt. Zorg ervoor dat alle zaagbladen met dezelfde hoek worden gevijld, anders wordt de zaageffi ciëntie van het gereedschap negatief beïnvloed. De juiste hoeken voor het slijpen van de bladen zijn aangegeven in Afb. 33. (Ronde vijl is los verkrijgbaar.)
2. Afstelling van de dieptemeter
WAARSCHUWING ○ Schuur het bovenste deel van de bumperband en de bumperkoppeling niet, en zorg ervoor dat voornoemde onderdelen niet vervormd raken. ○ Aanpassing van dieptemeters moet in lijn zijn met de vooraf bepaalde afmetingen en vormen, anders kan het risico op terugslag toenemen, wat letsel kan veroorzaken. Bumperbindriem Bumperkoppeling Dieptemeters moeten allemaal op dezelfde manier worden uitgelijnd omdat ze worden gebruikt om de diepte aan te passen op de positie waar het blad het hout ingaat. Controleer bij het slijpen van de zaagketting elke twee of drie keer de dieptemeter. (Afb. 34) Plaats een dieptemeterverbinding op de zaagketting, laat de meter zichtbaar in de groef achter en gebruik een vlakke vijl om het gedeelte uit de dieptemeterverbinding te trekken. (Afb. 35) (Dieptemeterverbinding en vlakke vijl worden afzonderlijk verkocht.) Nadat u de dieptemeter hebt weggevijld, rondt u de voorkant van de dieptemeter af zoals het was. (Afb. 36) Na het slijpen van de zaagketting legt u deze in kettingolie om het slijpsel af te wassen. Als het slijpsel niet wordt afgewassen, zullen de zaagketting en het zwaard tijdens het gebruik snel slijten. De dieptemeterverbinding kan ook worden gebruikt bij slijpen met een ronde vijl. (Afb. 37)
ONDERHOUD EN INSPECTIE
Na gebruik voert u de vereiste inspecties en het onderhoud van de onderdelen uit voordat u het gereedschap opbergt. WAARSCHUWING Zet tijdens onderhoud en inspectie het apparaat altijd uit en verwijder de accu uit de hoofdbehuizing. LET OP Draag altijd handschoenen wanneer u de zaagketting aanraakt.
1. Inspectie van zaagkettingen
○ Inspecteer de zaagketting regelmatig. Bij een abnormale situatie vervangt u de zaagketting door een nieuwe zoals beschreven in “Aanbrengen (vervangen) van de zaagketting”. ○ Inspecteer de kettingspanning en controleer of de ketting correct is aangebracht. ○ Stop met het gebruik van het gereedschap wanneer de zaagketting bot wordt en slijp de zaagketting vervolgens zoals beschreven in “Slijpen van het kettingblad”. ○ Smeer de zaagketting en de zwaarden na gebruik zorgvuldig met olie om roest te voorkomen. OPMERKING Voor het reinigen van de zijkap, het tandwiel, de kettingolie-uitloop en de geleiderbalk, zie de procedure „Zaagketting installeren (vervangen)” en verwijder de zaagketting.
2. Reinigen van de zijkap en het tandwiel (Afb. 38)
Reinig en verwijder alle spaanders of stof die in de onderdelen zijn achtergebleven.
3. Reinigen van de kettingolietuit (Afb. 39)
Verwijder de zijafdekking en het zwaard alvorens de kettingolietuit te reinigen.
4. Reinigen van het zwaard (Afb. 40)
Wanneer zich zaagsel en andere verontreinigingen in de groef van het zwaard of de olietuit hebben opgehoopt, kan er geen olie stromen met mogelijk een defect van het gereedschap tot gevolg. Verwijder het zwaard en veeg eventueel zaagsel in de groef na gebruik weg en ook wanneer de zaagketting wordt vervangen. (Zie “Aanbrengen (vervangen) van de zaagketting”.) 00BookCS3625DCEU.indb7800BookCS3625DCEU.indb78 2022/12/0816:29:252022/12/0816:29:2579 Nederlands
5. Reinigen van de kettingrem (Afb. 41)
Gebruik een borstel om spaanders uit de opening naar de zaagbehuizing te verwijderen.
6. De kettingvanger inspecteren (Afb. 42)
De kettingvanger is ontworpen om te voorkomen dat de gebruiker wordt geraakt door de zaagketting als de ketting losraakt of breekt. De kettingvanger is geïntegreerd in de zijkap. Controleer of de kettingvanger niet beschadigd is.
7. Inspectie van bevestigingsschroeven
Kontroleer deze schroeven regelmatig om te verzekeren dat ze goed aangedraaid zijn. Draai loszittende schroeven onmiddellijk vast. Dit om ongelukken te voorkomen.
8. Onderhoud van de motor
De motorwikkeling is het “hert” van het electrishce gereedschap. Er moet daarom bijzonder zorgvuldig op gelet worden, dat de wikkeling niet beschadigd en/or met olie or water bevochtigd wordt.
9. Het schoonmaken van het accucompartiment en
de accu (Afb. 43) WAARSCHUWING Draag een veiligheidsbril en een stofmasker wanneer u reinigt met een persluchtspuit. Doet u dit niet, dan kan dit leiden tot inademing of blootstelling van de ogen aan vuil of stof. Gebruik een borstel of luchtspuitpistool om spaanders of stof te verwijderen en houd de zaag schoon. OPMERKING ○ Als zich tijdens het gebruik spanen en stof ophopen, kan de accu vallen of kunnen andere ongelukken gebeuren. Als spaanders en stof zich ophopen, kan dit ook leiden tot storingen, waaronder een defect contact tussen de accu en de aansluitingen. ○ Controleer na het reinigen of de accu gemakkelijk van het gereedschap kan worden losgemaakt en weer op het gereedschap kan worden bevestigd.
10. Reiningen van de behuizing
Wanneer de kettingzaagmachine vuil is, kunt u deze reinigen met een zachte doek of een doek bevochtigd met zeepwater. Gebruik geen oplosmiddelen op chloorbasis, benzine of witte spiritus want deze middelen kunnen het plastic aantasten.
○ Reinig alle onderdelen grondig. Bedek metalen onderdelen met een dunne laag corrosieremmer. ○ Repareer beschadigde delen voor het opbergen. ○ Bij het opbergen van het gereedschap de onderdelen reinigen en het vereiste onderhoud verrichten, en de kettingkast op het zwaard aanbrengen. ○ Bewaar het elektrisch gereedschap en de accu op een plaats waar de temperatuur lager is dan 40°C en buiten het bereik van kinderen is. OPMERKING Opbergen van lithium-ion accu’s Zorg dat de lithium-ion accu volledig is opgeladen voordat u deze opbergt. Langdurig opbergen (3 maanden of langer) van een accu die bijna leeg is kan resulteren in slechtere prestaties, een sterke afname van de gebruiksduur van de accu en ook is het mogelijk dat de accu niet meer opgeladen kan worden. Een sterke afname van de gebruiksduur van de accu kan soms wel weer verholpen worden door de accu herhaaldelijk, van twee- tot vijfmaal, op te laden en te gebruiken. Als de gebruiksduur van de accu zeer kort blijft nadat deze meerdere malen is opgeladen en gebruikt, is de accu versleten en dient u een nieuwe accu aan te schaff en. LET OP Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd. Belangrijke informatie voor batterijen van HiKOKI snoerloos elektrisch gereedschap Gebruik altijd een van onze voorgeschreven originele batterijen. Wij kunnen de veiligheid en prestatie van ons snoerloos elektrisch gereedschap niet garanderen bij gebruik van andere dan de voorgeschreven batterijen, of als de batterij gedemonteerd of gewijzigd is (zoals demontage of vervanging van batterijcellen of andere inwendige onderdelen). GARANTIE De garantie op het elektrisch gereedschap van HiKOKI is in overeenstemming met de wettelijke/landspecifi eke richtlijnen. Deze garantie dekt geen defecten of schade als gevolg van foutief gebruik, misbruik of normale slijtage. In geval van klachten verzoeken wij u het elektrisch gereedschap samen met het GARANTIECERTIFICAAT dat u achterin deze handleiding aantreft naar een erkend servicecentrum van HiKOKI te sturen. Indien door de gebruiker de machine wordt gedemonteerd vervalt de aanspraak op garantie. 00BookCS3625DCEU.indb7900BookCS3625DCEU.indb79 2022/12/0816:29:252022/12/0816:29:2580 Nederlands Informatie betreff ende luchtgeluid en trillingen De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN62841 en voldoen aan de eisen van ISO 4871. CS3625DC Gemeten A-gewogen geluidsniveau: 98 dB (A) Gemeten A-gewogen geluidsdrukniveau: 89 dB (A) Onzekerheid K: 3 dB (A) CS3630DC Gemeten A-gewogen geluidsniveau: 98 dB (A) Gemeten A-gewogen geluidsdrukniveau: 88 dB (A) Onzekerheid K: 3 dB (A) Draag gehoorbescherming. Totale trillingswaarden (triax vector som) bepaald overeenkomstig EN62841. CS3625DC
De opgegeven totale trillingswaarde en de opgegeven geluidsemissiewaarde zijn gemeten in overeenstemming met een standaardtestmethode en kunnen worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. Ze kunnen ook worden gebruikt in een voorlopige beoordeling van de blootstelling. WAARSCHUWING ○ De trillings- en geluidsemissie tijdens het werkelijke gebruik van het elektrische gereedschap kan verschillen van de opgegeven totale waarde afhankelijk van de manieren waarop het gereedschap wordt gebruikt, vooral wat voor soort werkstuk wordt verwerkt; en ○ Neem kennis van de veiligheidsmaatregelen voor de bescherming van de gebruiker die gebaseerd zijn op een schatting van blootstelling onder feitelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle onderdelen van de gebruikscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en wanneer dit onbelast draait inclusief de triggertijd). OPMERKING Op grond van het voortdurende research en ont wikkelingsprogramma van HiKOKI zijn veranderingen van de hierin genoemde technische opgaven voorbehouden. 00BookCS3625DCEU.indb8000BookCS3625DCEU.indb80 2022/12/0816:29:252022/12/0816:29:2581 Nederlands
OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
Voer de inspecties in onderstaande tabel uit als het gereedschap niet normaal werkt. Als dit het probleem niet oplost, contact opnemen met uw dealer of het erkende HiKOKI onderhoudscentrum. Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing De motor draait maar de zaagketting... ○ beweegt niet ○ beweegt niet vrij De kettingrem kan geactiveerd zijn. Ontgrendel door de kettingrem naar u toe te trekken. De zaagketting is te strak gespannen. Controleer de spanning van de zaagketting en als de ketting te strak gespannen is zet u deze losser. De zaagketting is van het kettingwiel af. Controleer of de zaagketting goed vastzit op het tandwiel. Binnenkant van de zijkap…
- is verstopt met zaagsel
- zit vol met verontreinigingen Maak de zijkap schoon. De zwaardgroef...
- is verstopt met zaagsel
- er stroomt geen olie Reinig de zwaardgroef en het oliegat. Controleer of er olie in de olietank is en vul indien nodig olie bij. Zaag is niet scherp De zaagketting...
- is versleten of het blad is stuk
Wij verklaren onder onze eigen verantwoordelijkheid dat Snoerloze Kettingzaagmachine, geïdentifi ceerd door het type en de specifi eke identifi catiecode *1), voldoet aan alle relevante vereisten van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij*4) – zie onder. De Europese Normen Manager bij de vertegenwoordiging in Europa is gemachtigd om het technisch dossier samen te stellen. 2000/14/EC CS3625DC, CS3630DC Gemeten geluidsdruk: 98 dB Gegarandeerde geluidsdruk: 101 dB Volgens (2006/42/EC): 0158 DEKRA Testing and Certifi cation GmbH Handwerkstraße 15 70565 Stuttgart, Duitsland heeft een EC- type onderzoek uitgevoerd en het EC-type onderzoekcertifi caat nr. 4821002.22003 volgens Aanhangsel IX afgegeven. Deze verklaring is van toepassing op producten voorzien van de CE- markeringen. Français Español
Notice-Facile