SG2500I - Generator SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SG2500I SCHEPPACH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over SG2500I SCHEPPACH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Generator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SG2500I - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SG2500I van het merk SCHEPPACH.
GEBRUIKSAANWIJZING SG2500I SCHEPPACH
NL Omvormergenerator | Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing .... 55
1 Inleiding....55
2 Productbeschrijving (afb. 1-14) 56
3 Meegeleverd 56
4 Beoogd gebruik.... 56
5 Veiligheidsvoorschriften 57
6 Technische gegevens 59
7 Uitpakken 59
8 Voor de ingebruikname.... 60
9 Bediening 61
10 Reiniging 62
11 Onderhoud 62
12 Opslag....63
13 Transport....63
14 Reparatie en reserveonderdelen bestellen ..... 64
15 Afvalverwerking en hergebruik.... 64
16 Verhelpen van storingen 65
17 Onderhoudsschema.... 65
18 EU-conformiteitsverklaring.... 66
19 Explosionszeichnung 298
Verklaring van de symbolen op het product
Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De veiligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico's en kunnen de juiste maatregelen betreffende ongevallenpreventie niet vervangen.
| Let op! Het niet in acht nemen van de op het product aangebrachte veiligheidstekens en waarschuwingen alsook het niet in acht ne-men van de veiligheids- en bedieningsaan-wijzingen kan tot ernstig of zelfs dodelijk let-sel leiden. | |
| Lees voorafgaand aan de ingebruikname de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoor-schriften! | |
| Lees voorafgaand aan de ingebruikname de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoor-schriften! | |
| Draag gehoorbescherming. | |
| Draag veiligheidshandschoenen! | |
| Stel het product niet bloot aan regen. | |
| Open vuur of roken in de nabijheid van het apparaat is streng verboden! |
| Waarschuwing voor hete oppervlakken. | |
| Waarschuwing voor elektrische spanning. | |
| Zorg ervoor dat andere personen voldoende veiligheidsafstand aanhouden. Houd onbe-voegde personen uit de buurt van het Pro-duct. Let op hete oppervlakken! Gevaar voor brandwonden. | |
| Schakel voor alle reinigings- en onder-houdswerkzaamheden de motor uit en trek de bougiestekker uit de bougie. | |
| Gevaar voor vergiftiging! Gebruik het pro-duct alleen buitenshuis en nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten. | |
| Bij het starten van de motor kunnen vonken ontstaan. Deze kunnen ontsteken in de na-bijheid van brandbare gassen. | |
| Lees voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding zorgvuldig door! | |
| Belangrijk. Schakel eerst de motor uit voor-dat de brandstof wordt bijgevuld. Vul niet bij als de motor stationair draait. | |
| Gegarandeerd geluidsvermogensniveau van het product. | |
| Wees uiterst voorzichtig bij de omgang met brandstoffen en smeermiddelen! | |
| Controle van het oliepeil | |
| Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. | |
| Het product voldoet aan de geldende Servi-sche richtlijnen. |
1 Inleiding
Fabrikant:
Scheppach GmbH
Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe product.
Aanwijzing:
De fabrikant van dit product is volgens de van kracht zijn- de wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijk voor schade die aan dit product of door dit product ont- staan bij:
• Ondeskundige behandeling
- Het niet in acht nemen van de gebruikshandleiding
- Reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmensen
- Inbouw en vervanging van niet-originele reserveonderdelen
- Gebruik dat niet conform de voorschriften is
Let op:
De gebruikshandleiding maakt deel uit van dit product.
Deze bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het product veilig, vakkundig en economisch werkt, hoe u geva- ren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitvaltijden vermin- dert en de betrouwbaarheid en levensduur van het product verhoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het product geldende voorschriften van uw land in acht nemen.
Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met alle bedienings- en veiligheidsinstructies. Gebruik het product uitsluitend als beschreven en voor de aangegeven toepassingen. Bewaar de gebruikshandleiding daarom goed, en verstrek alle documentatie als het product wordt doorgegeven aan derden.
2 Productbeschrijving (afb. 1-14)
- Draaggreep
- Tankdop
- Motorafdekking
- Bougieafdekking
- Startmotor met trekkabel
- Verklikker in bedrijf
- Verklikker overbelasting
- Verklikker laag oliepeil
- 230 V\~ stopcontact (2x)
- Energiebesparingsschakelaar
- USB aansluiting (2x)
- Aardingsschroef
- Aan-/uit schakelaar met choke
- Trechter
- Bougiesleutel
- Oliepeilstok
- Vleugelschroef
- Luchtfilterdeksel
- Luchtfilter
- Bougie
- Bougiestekker
- Brandstofffilterelement
- Vulpeilmarkering
3 Meegeleverd
Aantal Aanduiding
1 x Generator
1 x Bougiesleutel
1 x Trechter
1 x Gebruikshandleiding
4 Beoogd gebruik
De generator is geschikt voor producten die zijn voorzien voor het gebruik van een 230 V\~ wisselspanningsbron. Bij huishoudapparaten en elektronische producten dient u de geschiktheid volgens de desbetreffende gegevens van de fabrikant te controleren.
Het product mag uitsluitend worden gebruikt waarvoor het bedoeld is. Elk ander of verdergaand- is niet volgens de voorschriften. Voor hieruit ontstane schade of verwondingen, van welke soort dan ook, is de gebruiker en niet de fabrikant aansprakelijk.
Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de gebruikshandleiding maken deel uit van het beoogd gebruik.
Personen, die het product bedienen of onderhoud aan het product verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan het product worden aangebracht en de hieruit voortvloei- ende schade.
Het product mag uitsluitend met de originele onderdelen en originele accessoires van de fabrikant worden gebruikt.
De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsook de in de technische gegevens aangegeven afmetingen moeten in acht worden genomen.
Let erop dat onze producten volgens het beoogd gebruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het product in bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden worden ingezet.
Verklaring van de signaalwoorden in de gebruikshandleiding

GEVAAR
Signaalwoord voor aanduiding van een direct aanwezige, gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, de dood of ernstige verwondingen tot gevolgd heeft.

WAARSCHUWING
Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot de dood of ernstige verwondingen kan leiden.

VOORZICHTIG
Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot geringe of matige verwondingen kan leiden.
LET OP
Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigendommen tot gevolg kan hebben.
5 Veiligheidsvoorschriften
5.1 Algemene veiligheidsvoorschriften
LET OP
Let op!
Bij het gebruik van producten moeten enkele veiligheidsmaatregelen in acht genomen worden, om letse en schade te voorkomen. Lees deze gebruikshandleiding/veiligheidsvoorschriften daarom zorgvuldig door. Indien u het product aan andere personen mocht overhandigen, overhandig dan tevens deze gebruikshandleiding/veiligheidsvoorschriften. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.
- Bescherm kinderen door ze op een veiligheidsafstand te houden van het stroomaggregaat.
- Brandstof is brandbaar en licht ontvlambaar. Niet tijdens het bedrijf bijvullen. Niet bijvullen als er wordt gerookt, of in de buurt van een open vuur. Mors geen brandstof.
- Bepaalde delen van de zuigermotor zijn heet en kunnen bij aanraking voor verbrandingen zorgen. Let op de waarschuwingen die op de generator zijn aangebracht.

GEVAAR
Gevaar voor vergiftiging
Uitlaatgassen, brandstoffen en smeermiddelen zijn gif- tig. Uitlaatgassen mogen niet worden ingeademd.
LET OP
Brandgevaar
Brandstof en brandstofdampen zijn licht ontvlambaar resp. explosief.
- Uitlaatgassen zijn giftig. De generator mag niet worden gebruikt in gesloten ongeventileerde ruimten. Indien de generator in goed geventileerde ruimten wordt gebruikt, moeten de uitlaatgassen direct naar buiten worden geleid en dient er aan extra veiligheidseisen te worden voldaan ter voorkoming van brand en explosions. Ook bij het gebruik van een uitlaatgasslang kunnen giftige uitlaatgassen ontsnappen. Vanwege het brandgevaar mag de uitlaatslang nooit op brandbare stoffen worden gericht.
-
De generatoren kunnen alleen tot hun nominale vermogen onder de nominale omgevingsvoorwaarden worden toegepast. Als de toepassing van het generatoraggregaat plaatsvindt onder omstandigheden die niet voldoen aan de referentieomstandigheden volgens ISO 8528-8:2016, 7.1, en als de koeling van de motor of de generator wordt belemmerd, bijvoorbeeld als gevolg van de werking in gebieden met beperkte toegang, is een vermogensvermindering vereist.
-
Er mogen geen veranderingen aan de generator worden aangebracht.
- Het door de fabrikant ingestelde toerental mag niet worden gewijzigd. Generator of aangesloten apparaten kunnen beschadigd raken.
- De generator nooit in ruimtes met licht ontvlambare stoffen gebruiken.
LET OP
Warme oppervlakken!
Gevaar voor brandwonden, uitlaatsysteem en aandrijf aggregaat niet aanraken.
LET OP
Draag gehoorbescherming!
Gebruik een geschikte gehoorbescherming, indien u zich in de buurt van het apparaat bevindt.
- Raak geen mechanisch bewegende of hete onderde- len aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.
- Er mogen voor het onderhoud en als accessoires uitsluitend originele onderdelen worden gebruikt.
- Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uitsluitend door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.
- Bescherm uzelf tegen elektrische gevaren.
- De generator nooit met natte handen vastpakken.
- Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld H07RN.
- De generator nooit bij regen of sneeuwval gebruiken.
- Zet tijdens het transport en bijtanken de motor uit.
- Leeg de tank niet in de buurt van open licht, vuur of vonken. Niet roken!
- Het gebruik van de generator bij onweer is verboden - gevaar op blikseminslag!
- De generator op een veilige, effen plaats opstellen. Draaien en kantelen of verplaatsing tijdens het bedrijf is niet toegestaan.
- Plaats de generator op minimaal 1 meter afstand van muren of aangesloten apparaten.
- Bij de technische gegevens onder geluidsvermogensni-veau (LwA) en geluidsdrukniveau (LpA) aangegeven waarden, geven een emissieniveau weer en hoeven niet persé veilige werkniveaus te zijn. Aangezien een samenhang bestaat tussen de emissie- en immissien-veaus, kan deze niet betrouwbaar voor het bepalen van eventuele vereiste aanvullende voorzorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren op het actuele immissieniveau van de arbeid, sluiten de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen, geluidsemissie enz. zoals bijv. het aantal machines en andere naastgelegen processen en tijdmarge dat een gebruiker aan het lawaai wordt blootgesteld, uit. Bovendien kan het toegestane immissieniveau per land verschillen.
Deze informatie zal voor de exploitant van de machine de mogelijkheid geven om een betere inschatting van de risico's en gevaren uit te voeren. In enkele gevallen moeten akoestische metingen na de installatie worden uitgevoerd, om het geluidsdrukniveau te bepalen.
- Neem de voorschriften omtrent elektrische veiligheid in acht, die op de plaats gelden waar de generator wordt gebruikt.
5.2 Elektrische veiligheid
- Voor het gebruik dienen het stroomaggregaat en de bijbehorende elektrische uitrusting (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten geïnspecteerd te worden.
- De generatoraggregaat mag niet met andere stroombronnen worden verbonden, bijvoorbeeld de stroomvoorziening van het elektriciteitsbedrijf. In speciale gevallen, als een reserveverbinding met aanwezige elektrische installaties wenselijk is, mogen deze uitsluitend door een bevoegd elektrotechnicus worden uitgevoerd, die daarbij rekening dient te houden met de verschillen tussen het gebruik van de apparatuur op het openbare stroomnet, of op de generatoraggregaat. Conform dit gedeelte van de ISO 8528 moeten de verschillen in de gebruikshandleiding worden aangegeven.
- De bescherming tegen een elektrische schok hangt af van de veiligheidsschakelaars, die exact op de generatoraggregaat zijn afgestemd. Als een veiligheidsschakelaar moet worden vervangen, moet deze door een veiligheidsschakelaar met dezelfde meet- en vermogenseigenschappen geschieden.
- Door de hoge mechanische belasting mogen alleen duurzame rubberen slangleidingen (volgens IEC 60245-4) of gelijkwaardige apparatuur worden gebruikt.
- Indien verlengsnoeren of mobiele verdeelnetwerken worden gebruikt, mag de weerstandswaarde 1,5 Ω niet overschrijden. Als richtwaarde geldt, dat de totale lengte van leidingen voor een diameter van 1,5 mm² 60 m niet mag worden overschrijden, bij een diameter van 2,5 mm² mag 100 m niet worden overschreden.

WAARSCHUWING
Volg de voorschriften omtrent elektrische veiligheid op, die op de plaats gelden waar de generator wordt gebruikt.

WAARSCHUWING
Houd rekening met de vereisten en voorzorgsmaatregelen voor het geval een installatie opnieuw door middel aan generatoren van elektriciteit moet worden voorzien, en hoe deze zich verhouden tot de veiligheidsmaatregelen voor deze installatie en tot de toepasselijke richtlijnen.
5.3 Omgang met brandstof
LET OP
Gebruik uitsluitend super E10 benzine als brandstof.

GEVAAR
Levensgevaar!
Brandstof is giftig en zeer ontvlambaar.
- Bewaar brandstof alleen in daarvoor bedoelde containers (jerrycans).
- De sluitkappen van het tankreservoir moeten altijd correct opgeschroefd en aangehaald worden.
- Vanwege veiligheidsredenen moeten brandstoftank en tankdeksel bij beschadiging worden vervangen.
- Houd brandstof uit de buurt van vonken, open vuur, waakvlammen, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken!
- Vul de tank uitsluitend bij in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken.
- Schakel voor het tanken de verbrandingsmotor uit en laat deze afkoelen.
- Brandstof moet voor het starten de motor worden bijgevuld. Open de tankdop niet terwijl de motor loopt of onmiddellijk na het uitschakelen van het product en vul geen brandstof bij.
- Open de tankdop voorzichtig en langzaam. Drukcompensatie afwachten en pas daarna de tankdop volledig afnemen.
- Gebruik voor het tanken een geschikte trechter of een invoerbuis, zodat er geen brandstof op de verbrandingsmotor en behuizing kan terechtkomen. Vul de brandstoftank niet te vol!
- Om de brandstof ruimte tot uitzetting te bieden, brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulpijp vullen. Extra gegevens in de gebruikshandleiding van de verbrandingsmotor in acht nemen.
- Indien brandstof is overstroomd, de verbrandingsmotor pas starten, nadat de met brandstof vervuilde vlakken zijn gereinigd. Elke ontstekingspoging moet worden vermeden totdat de brandstofdampen zijn verdampt (droogvegen).
• Veeg gemorste brandstof direct weg.
- Als brandstof op kleding is terechtgekomen, moet deze worden vervangen.
- De tankdop moet na elke keer tanken correct opgeschroefd en aangehaald worden. Het product mag zonder opgeschroefde originele tankdop niet in gebruik worden genomen.
- Controleer vanwege veiligheidsredenen de brandstofleiding, brandstoftank, tankdop en aansluitingen regelmatig op beschadigingen, veroudering (breekbaarheid), op correcte bevestiging en ondichte plaatsen en vervang deze indien nodig.
- Leeg de tank alleen in de open lucht.
- Gebruik nooit drinkflessen of gelijksoortig voor het verwijderen of opslaan van bedrijfsmiddelen, zoals bijv. brandstof. Personen, in het specifiek kinderen, kunnen verleid worden daaruit te drinken.
- Bewaar nooit het product met brandstof in de tank binnen een gebouw. Ontstane brandstofdampen kunnen met open vuur en vonken in aanraking komen en zich ontsteken.
- Product en brandstoftank niet in de buurt van verwarmingen, warmtestralers, lasapparaten of andere warmtebronnen neerzetten.

GEVAAR
Explosiegevaar!
Als tijdens het gebruik een defect aan de tank, de tankdop of aan brandstofgeleidende delen (brandstofleidingen) wordt vastgesteld, moet direct de verbrandingsmotor worden uitgeschakeld.
Vervolgens moet contact met een leverancier worden opgenomen.
Restrisico's
Het elektrisch apparaat is vervaardigd volgens de stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn van enkele restrisico's.
- Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektriciteit bij gebruik van onjuiste snoeren.
- Bovendien kunnen er ondanks alle getroffen voorzie- ningen verborgen restrisico's bestaan.
- Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd als de "veiligheidsvoorschriften" en het "gebruik conform de voorschriften" alsook de bedieningshandleiding worden opgevolgd.
- Vermijd onvoorziene ingebruikname van het product.
- Houd uw handen buiten de werkomgeving, wanneer het product in bedrijf is.
- Onopzettelijk inschakelen van het product.
- Volg de in de gebruikshandleiding voorgeschreven onderhouds- en veiligheidsvoorschriften op.

WAARSCHUWING
Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt.
| Cilinderinhoud 79 cm3 | |
| Max. vermogen (motor) | 2,2 kW / 3 PS |
| Brandstof | Super E10 benzine |
| Tankinhoud | 4,1 l |
| Soort motorolie | 15W40 |
| Hoeveelheid olie (ca.) | 350 ml |
| Verbruik bij volledige belasting | 1,27 l/h |
| Gewicht | 17,5 kg |
| Temperatuur max. | 40 °C |
| Max. plaatsingshoogte (boven NAP) | 1000 m |
| Bougie | A7RTC |
Technische wijzigingen voorbehouden!
Bedrijfsmodus S1 (continu gebruik)
Het product kan continu met het aangegeven vermogen worden gebruikt.
Bedrijfsmodus S2 (kortstondig gebruik)
Het product mag kortstondig bij het aangegeven vermogen worden gebruikt (5 min).

WAARSCHUWING
Lawaai kan ernstige gezondheidsklachten tot gevolg hebben. Als het geluid van de machine hoger is dan 85 dB, draag dan geschikte gehoorbescherming voor u en personen in de omgeving.
Informatie over de geluidsproductie gemeten volgens de relevante normen (EN ISO 3744:1995, ISO 8528-10:1998):
| Geluidsdruk L_pA | 71,6 dB |
| Geluidsvermogen L_wA | 91,6 dB |
| Meetonnauwkeurigheid K_pA | 1,13 dB |
7 Uitpakken

WAARSCHUWING
Het product en de verpakkingsmaterialen zijn geen kinderspeelgoed!
Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar!
- Open de verpakking en haal het product er voorzichtig uit.
- Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).
- Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
- Controleer het product en de hulpstukken op transportschade. Meld eventuele schade direct bij het transportbedrijf dat het product heeft bezorgd. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
- Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd.
-
Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met het product aan de hand van de gebruikshandleiding.
-
Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveonderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier.
- Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het product aan.
8 Voor de ingebruikname
Elektrische veiligheid
Voor het gebruik dienen de generator en de bijbehorende elektrische apparatuur (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten geïnspecteerd te worden.
Verbind de stroomgenerator nooit met de stroomvoorziening (contactdoos).
De leidinglengtes naar de verbruiker moeten zo kort mogelijk worden gehouden.

WAARSCHUWING
Gevaar voor de gezondheid!
Bij het inademen van brandstof-/smeeroliedampen en uitlaatgassen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ontstaan en dit in extreme gevallen zelfs tot de dood leiden.
- Adem geen brandstof-/smeeroliedampen en uitlaatgassen in.
- Gebruik het product alleen in de open lucht.
LET OP
Productbeschadiging!
Als het product zonder of met te weinig motor- of transmissieolie wordt gebruikt, kan dit tot motorschade leiden.
- Vul voor de ingebruikname brandstof en olie in. Het product wordt zonder motor- of transmissieolie geleverd.
LET OP
Milieuschade!
Uitgelopen olie kan het milieu ernstig verontreinigen. De vloeistof is zeer giftig en kan snel tot waterverontreinig- ging leiden.
- Olie alleen op een vlakke, verharde ondergrond vullen/aftappen.
- Gebruik een vulpijp of trechter.
– Vang afgetapte olie in een geschikte container op. - Veeg gemorste olie direct zorgvuldig weg en verwijder de doek conform de lokale voorschriften.
- Verwijder olie conform de lokale voorschriften.
Benodigd gereedschap:
• Kruiskopschroevendraaier*
* = niet altijd meegeleverd!
Controle voor gebruik
- Controleer alle zijdes van de motor op olie of brandstoflekken.
- Controleer het motoroliepeil.
-
Controleer het brandstofpeil – de brandstoftank moet minstens halfvol zijn.
-
Controleer de conditie van het luchtfilter.
- Controleer de conditie van de brandstofleidingen.
- Let op tekenen van schade.
- Controleer of alle veiligheidsafdekkingen zijn aangebracht en of alle schroeven, moeren en pennen zijn aangedraaid.
- Zorg voor voldoende ventilatie van het product.
- Controleer of de bougiestekker aan de bougie is bevestigd.
- Aangesloten verbruikers verwijderen.
8.1 Aardingsschroef (12) (afb. 3)
LET OP
Elektrische schok!
- Geen ongeïsoleerd draad om te aarden gebruiken.
- Generator moet goed geaard zijn.
Om statische ladingen af te laten vloeien, moet de behui- zing worden geaard. Hiervoor wordt een kabel aan een zijde op de aardingsklem (12) van de generator en aan de andere kant met een externe massa (bijv. aardpen) ver- bonden.
8.2 Olie bijvullen (afb. 7+8)
LET OP
Het product wordt geleverd zonder motorolie. Voor ingebruikname daarom altijd olie bijvullen. Gebruik hiertoe SAE 15W-40 olie.
Controleer regelmatig voor elke ingebruikname het oliepeil. Een te laag oliepeil kan de motor beschadigen.
- Plaats het product op een vlak, recht oppervlak.
- Verwijder de motorafdekking (3) door de beide bouten met een kruiskopschroevendraaier er uit te schroeven.
- Schroef de oliepeilstok (16) los.
- Vul de motor met behulp van de trechter (14) met motorolie. Let op de max. vulhoeveelheid van 350 ml. Vul de olie voorzichtig bij tot aan de onderkant van de vulpijp.
- Veeg de oliepeilstok (16) met een schone, pluisvrije doek schoon.
- Plaats de oliepeilstok (16) terug zonder de peilstok weer vast te draaien en controleer vervolgens het oliepeil.
- Het oliepeil moet binnen de middelste markering op de oliepeilstok staan.
- Als het oliepeil te laag is, voeg dan de aanbevolen hoeveelheid olie toe (max. 350 ml totale vulhoeveelheid).
- Schroef de oliepeilstok (16) vervolgens weer vast.
- Plaats de motorafdekking (3) terug en zet deze stevig vast door de beide schroeven weer aan te draaien.
8.3 Brandstof bijvullen

GEVAAR
Brand- en explosiegevaar!
Brandstof kan zich bij het vullen ontsteken en eventueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood.
- Schakel de motor uit en laat deze afkoelen.
- Houd uit de buurt van hitte, vlammen en vonken.
- Vul brandstof alleen in de open lucht bij.
• Draag veiligheidshandschoenen. - Vermijd huid- en oogcontact.
- Start het product met een afstand van min. 3 m tot de vullocatie van de brandstof.
- Let op voor ondichte plekken. Start de motor niet als er brandstof uitloopt.
LET OP
Het product wordt geleverd zonder brandstof. Voor ingebruikname daarom altijd brandstof bijvullen. Gebruik hiervoor Super E10 benzi- ne.
- Schroef de tankdop (2) open en vul met behulp van een trechter (14) maximaal 4,1 liter Super E10 benzi- ne in het tankreservoir bij.
- Let op dat de brandstoftank niet te vol wordt gevuld (vulpeilmarkering (23) in acht nemen!) en dat er geen brandstof wordt gemorst. Brandstofffilterelement (22) gebruiken. Gemorste brandstof direct opnemen en wachten tot de benzinedampen zijn vervlogen (vanwege ontstekingsgevaar).
- Sluiten van de tankdeksel (2).
LET OP
Tank in een goed geventileerde omgeving waarbij de motor is uitgeschakeld.
Als de motor direct daarvoor in gebruik was, moet deze eerst afkoelen. Tank de motor nooit in een gebouw, waar de brandstofdampen vlammen of von- ken kunnen bereiken.
Brandstof is zeer brandgevaarlijk en explosief. U kunt bij het omgaan met brandstof brandwonden of ander ernstig letsel oplopen.
9 Bediening
9.1 Motor starten (afb. 5, 6)

GEVAAR
Gevaar voor vergiftiging!
Gebruik het product alleen buitenshuis en nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten.
- Zet de beluchting op de tankdop (2) op "ON".
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) in de stand "RUN".
Aanwijzing:
De energiebesparingsschakelaar (10) moet op "OFF" staan.
In "koude" staat:
LET OP
Laat het starterkoord nooit terugschieten. Dit kan tot schade leiden.
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) in de stand "Choke".
- Trek nu het starterkoord (5) snel aan tot de motor start. Als de motor niet start, herhaalt u de werkwijze.
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) nadat de motor is ge-start (na ca. 15-30 sec) uit stand "CHOKE" in stand "RUN". (afb. 6)
- Springt de motor ook na meerdere pogingen niet aan, dient u hoofdstuk 16 te raadplegen.
AANWIJZING
Bij hoge buitentemperaturen kan het voorkomen dat de generator ook bij een koude motor zonder choke moet worden gestart!
In "warme" stand:
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) in de stand "RUN".
- Trek nu snel aan het starterkoord (5). Het product moet na maximaal 2 keer trekken starten. Als het product nog altijd niet start, herhaalt u de werkwijze onder "Starten bij koude motor".
AANWIJZING
Als de motor voor de eerste keer wordt gestart, zijn er meerdere pogingen nodig, totdat de brandstof van de tank naar de motor is verplaatst en deze aanspringt.
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) nadat de motor is ge-start (na ca. 15-30 sec) uit stand "CHOKE" in stand "RUN". (afb. 6)
9.2 Motor uitzetten
Laat de generator kort (ca. 30 seconden) onbelast lopen, voordat u hem uitzet, zodat deze kan "nakoelen". Schakel nu de aangesloten verbruiker uit.
- De aan/uit-schakelaar (13) in de stand "OFF" zetten.
- Koppel de stroom los van het aangesloten product.
- Zet de beluchting op de tankdop (2) op "OFF".
9.3 Bedrijfsweergave (6) (afb. 3)
De bedrijfsindicator brandt als de motor loopt.
De overbelastingsbeveiliging wordt actief bij een te hoge vermogensafname en schakelt de 230 V\~ - stopcontacten (9) uit.
- Schakel het product uit zoals beschreven in hoofdstuk 9.2.
- Koppel de stroom los van het aangesloten product.
9.5 Oliecontrolelampje (8) (afb. 3)
Het lampje gaat branden als het oliepeil te laag is en gaat uit, zodra het juiste peil is bereikt.
Als het oliepeil te laag is, brandt het oliecontrolelampje (8) tijdens het starten. Vul de motorolie bij, zoals onder 8.2 beschreven en herhaal de startprocedure.
9.6 Automatisch uitschakelmechanisme voor olie
Het automatische uitschakelmechanisme voor olie wordt geactiveerd als er te weinig motorolie aanwezig is. Het oliecontrolelampje (8) begint te knipperen, als er te weinig olie in de motor aanwezig is. Het controlelampje gaat branden als de oliehoeveelheid onder de veiligheidshoeveelheid komt. De motor wordt na korte tijd automatisch uitgeschakeld. Het starten is pas weer mogelijk als er motorolie is bijgevuld (zie hoofdstuk 8.2.
9.7 Energiebesparingsschakelaar (10) (afb. 3)
Om het brandstofverbruik bij stationair toerental te reduceren, zet u de energiebesparingsschakelaar (10) op de stand "ON".
De energiebesparingsschakelaar (10) moet zijn uitgeschakeld, als alle elektrische product zijn aangesloten, die en hoge startstroom vereisen, zoals bijv. een compressor. Ook als de generator wordt gestart, moet eerst de energiebesparingsschakelaar op "OFF" staan.
9.8 USB-aansluiting (11) (afb. 3)
Deze generator is voorzien van twee USB-aansluitingen. Deze kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor het opla- den van smartphones.
10 Reiniging
- Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden de motor uit.
LET OP
Gevaar voor brandwonden!
Wacht tot het product is afgekoeld voordat u reinigings- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
LET OP
Vervuild onderhoudsmateriaal en bedrijfsstoffen bij een hiervoor bestemd inzamelingsstation afgeven.
- Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleuven en de motorbehuizing zo stof- en vuilvrij mogelijk zijn. Wrijf het product met een schone doek* af en blaas deze met perslucht* bij lage druk uit. Wij advise-ren u, om het product direct na elk gebruik te reinigen.
- Maak het product regelmatig schoon met een vochtige doek* en een beetje zachte zeep. Gebruik geen reinigingsmiddelen of oplosmiddelen; deze kunnen de kunststofonderdelen van het product aantasten. Zorg ervoor dat er geen water in het product kan komen.
* = niet altijd meegeleverd!
11 Onderhoud

WAARSCHUWING
Draag bij onderhoudswerkzaamheden altijd veiligheids- handschoenen en luchtwegbescherming!
Benodigd gereedschap:
- Opvangbak*
• Koperdraadborstel*
• Voelermaat*
* = niet altijd meegeleverd!
11.1 Onderhoudsschema
Voor een probleemloze werking moeten de volgende onderhoudsintervallen absoluut in acht worden genomen, zoals beschreven onder Onderhoudsschema.
LET OP
Bij de eerste inbedrijfstelling moet motorolie en brandstof worden bijgevuld.
11.2 Controleren van het oliepeil (afb. 5+6)
- Ga te werk zoals beschreven onder 8.2.
11.3 Olieverversing
Vervang de motorolie na de eerste 20 bedrijfsuren, daar- na steeds na 50 uur resp. om de drie maanden.
Het verversen van de motorolie moet bij een bedrijfswarme motor worden uitgevoerd.
- Plaats het product op een vlak, recht oppervlak.
- Verwijder te de motorafdekking (3) zoals beschreven onder 8.2.
- Zet een opvangbak klaar.
- Open de oliepeilstok (16) en tap warme motorolie door het kantelen van de generator in de opvangbak af.
- Vul nieuwe motorolie bij (ca. 0,35 l).
- Schroef de oliepeilstok (16) weer vast.
- Voer de afgewerkte olie op correcte wijze af.
11.4 Luchtfilter (19) reinigen (afb. 7)
LET OP
Risico op materiële schade!
Het bedrijf van de motor zonder of met een beschadigd filterelement kan tot motorschade leiden.
- Laat de motor nooit zonder of met een beschadigd luchtfilterelement draaien. Dan komen er verontreinigingen in de motor terecht, die de motor ernstig kunnen beschadigen.
Luchtfilter (19) elke 50 bedrijfsuren regelmatig reinigen, zo nodig vervangen.
- Verwijder de motorafdekking (3).
- Verwijder de vleugelschroef (17).
- Klap het luchtfilterdeksel (18) omhoog.
- Haal het luchtfilter (19) eruit.
- Voor het reinigen van het filter mogen geen scherpe reinigingsmiddelen of benzine worden gebruikt.
- De elementen moeten worden gereinigd door het uit-kloppen van een vlak oppervlak. Bij sterke vervuiling met zeeploog wassen, aansluitend met schoon water uitspoelen en aan de lucht laten drogen.
- De montage volgt in omgekeerde volgorde.
11.5 Bougie (20) controleren (afb. 11+12)
LET OP
Vervang de bougie alleen als de motor koud is!
Controleer de bougie voor de eerste keer na 20 bedrijfsuren op verontreiniging en reinig deze eventueel met een koperdraadborstel. Daarna de bougie elke 50 bedrijfsuren onderhouden.
- Open de bougieafdekking (4).
- Trek de bougiestekker (21) er met een draaibeweging af.
- Verwijder de bougie (20) met de meegeleverde bougiesleutel (15).
- Verwijder het vuil van het voetstuk van de bougie (20).
- Controleer de bougie (20) visueel. Verwijder evt. aan- gekoekte resten met een koperen draadborstel.
- Controleer de elektrodeafstand van de bougie. Stel de elektrodenafstand met een voelermaat in op 0,6 tot 0,7 mm.
- De montage volgt in omgekeerde volgorde.
AANWIJZING
Een losse bougie kan oververhit raken en zo de motor beschadigen. En een te strak vastgedraaide bougie kan de schroefdraad in de cilinderkop beschadigen.
11.6 Brandstofffilterelement (22) reinigen (afb. 13+14)
Aanwijzing:
Bij het brandstofffilterelement gaat het om een filterbeker, die zich direct onder de tankdop bevindt en alle gevulde brandstof filtert.
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) in positie "OFF".
- Open de tankdop (2).
- Verwijder het brandstofffilterelement (22) en de vulpeil-markering (23). Reinig deze niet in ontvlambaar oplos-middel of een oplosmiddel met een hoog vlampunt.
- Plaats het brandstofffilterelement (22) met de vulpeilm-arkering (23) weer terug.
- Sluit de tankdop (2).
12 Opslag

GEVAAR
Brand- en explosiegevaar!
Bij het opslaan van het product in de buurt van mogelijke ontstekingsbronnen, kan er een brand of explosie ontstaan. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood.
- Verwijder mogelijke ontstekingsbronnen, zoals bijv. ovens, heetwaterboilers met gas, gasdrogers, enz.
LET OP
Risico op materiële schade!
Als het product niet correct wordt opgeslagen, kan dit tot motorschade leiden.
-Bewaar het product beschermd tegen vuil, stof en vocht.
Benodigd gereedschap:
- Brandstof-afzuigpomp*
- Opvangbak*
* = niet altijd meegeleverd!
12.1 Voorbereiding voor de opslag

WAARSCHUWING
Verwijder de brandstof niet in gesloten ruimtes, in de buurt van vuur of bij het roken. Gasdampen kunnen explosies of brand veroorzaken.
- Leeg de brandstoftank met een afzuigpomp voor brandstof.
- Start de motor en laat de motor net zo lang lopen, totdat de resterende brandstof is verbruikt.
- Bewaar de brandstof in reservoirs, die speciaal hiervoor zijn bestemd.
- Ververs de olie na elk seizoen.
- Verwijder daartoe de oude motorolie uit de warme motor en vul nieuwe olie bij.
- Verwijder de bougie (20).
- Vul met een oliekan ca. 20 ml olie in de cilinder.
- Trek langzaam aan het starterkoord, zodat de olie de cilinder aan de binnenkant beschermt.
- Schroef de bougie (20) weer vast (afb. 12).
- Bewaar het product op een goed geventileerde plaats of locatie.
12.2 Tap de brandstof af met een brandstof-afzuigpomp (afb. 13)
Bij opslag voor langere tijd moet de brandstof worden afgetapt.
- Houd een opvangbak onder de slang van de brandstofafzuigpomp.
- Schroef de tankdop (2) los en haal deze van de opening af.
- Verwijder het brandstofffilterelement (22).
- Schuif de slang van de afzuigpomp voor brandstof in de brandstoftank en tap de brandstof met behulp van de afzuigpomp voor brandstof volledig af.
- Plaats het brandstofffilterelement (22) weer terug.
- Schroef de tankdop (2) er weer op.
13 Transport
Voorbereiding voor het transport
- Leeg de brandstoftank in een goedgekeurde container met behulp van een brandstofzuigpomp.
-
Voor zover operationeel, laat de motor draaien tot de rest van de brandstof verbruikt is.
-
Leeg de motorolie uit de warme motor.
- Verwijder de voedingsstekker van de bougie.
- Beveilig het product tegen wegglijden met bijvoorbeeld spanbanden.
- Het product kan met de handgreep worden opgetild en verplaatst.
14 Reparatie en reserveonderdelen bestellen
Na reparatie of onderhoud controleren of alle veiligheids-technische delen zijn bevestigd en in optimale toestand zijn. Delen, waarbij er gevaar voor verwonding voor andere personen en kinderen bestaat, ontoegankelijk bewaren.
LET OP
Conform de wetgeving voor productgaranties wordt er geen garantie geboden voor schade die ontstaan is door incorrecte reparaties of door het niet gebruiken van originele reserveonderdelen.
Neem contact op met een servicecentrum of een erkende specialist. Overeenkomstig geldt dit ook voor accessoires.
Reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij ons servicecentrum. Scan hiertoe de QR-code op de titelpagina.
Aansluitingen en reparaties
Aansluitingen en reparaties aan de elektrische apparatuur mogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitgevoerd.
14.1 Bestelling van reserveonderdelen
Bij het bestellen van reserveonderdelen moeten de volgende gegevens worden vermeld:
- Modelaanduiding
- Artikelnummer
- Gegevens op het typeplaatje
14.2 Service-informatie
Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt.
Slijtageonderdelen*: Bougie, luchtfilter
* = niet meegeleverd!
15 Afvalverwerking en hergebruik
Aanwijzingen op de verpakking



De verpakkingsmaterialen zijn re- cyclebaar. Verpakkingen milieu- vriendelijk afvoeren.
Aanwijzingen betreffende de wetgeving Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA)

Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishoudelijke afval, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Oude batterijen of accu's die niet vast in het afge-dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór het afvoeren op niet-destructieve wijze worden verwijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wetgeving in-zake batterijen.
- Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elektronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruik de batterijen en accu's in te leveren.
- De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wissen van persoonsgerelateerde gegevens op het af te voeren afgedankte apparaat!
- Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak betekent dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden gegooid.
-
Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunnen bij de volgende punten kosteloos worden ingeleverd:
-
Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten (bijv. gemeentewerven)
- Verkooppunten van elektrische apparaten (stationair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden.
- Tot drie afgedankte elektronische apparaten per apparaattype, met een randlengte van niet meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven kopen, of naar een ander erkend verzamelpunt in je omgeving worden gebracht.
- Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaarden van de fabrikanten en distributeurs verzoeken wij u contact op te nemen met de betreffende klantenservice.
- Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikant aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elektrische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.
- Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden geïnstalleerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Europese Unie kunnen andere voorschriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.
Informatie over het afvoeren van versleten apparatuur kunt u opvragen bij uw gemeente.
Brandstoffen en oliën
- Voor het afvoeren van het apparaat moeten de brandstoftank en het motorolie-reservoir worden leeggemaakt!
- Brandstof en motorolie horen niet bij het huishoudelijke afval of in het riool, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Lege olie- en brandstoftanks moet milieuvriendelijk worden afgevoerd.
16 Verhelpen van storingen
De volgende tabel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kunt lossen, als uw product niet goed werkt. Als u het probleem hiermee niet kunt vinden en oplossen, neem dan contact op met uw service-werkplaats.
Storing Mogelijke oorzaak Oplossing
| Motor kan niet worden gestart Automatische olie-uitschakeling start automatisch | Controleer het oliepeil, vul de motorolie bij |
| Bougie verroest Reinig of vervang de bougie | |
| Geen brandstof Brandstof bijvullen | |
| Luchtfilter vervuild Luchtfilter reinigen of vervangen | |
| Generator heeft te weinig of geen spanning. | Elektronica defect Vraag een vakhandel |
| Overstromingsbeveiligings-schakelaar is geactiveerd | |
| Luchtfilter vervuild Luchtfilter reinigen of vervangen | |
17 Onderhoudsschema
De volgende onderhoudstermijnen absoluut in acht nemen om een storingsvrij bedrijf te waarborgen. Let op! Bij de eerste inbedrijfstelling moet motorolie en brandstof worden bijgevuld.
| Voor elk gebruik na een bedrijfstijd van 20 uur | na een bedrijfstijd van 50 uur | na een bedrijfstijd van 300 uur | ||
| Controle van de motorolie | X | |||
| Verversen van de motorolie | eerste controle daar- na elke 50 uur | X | ||
| Controle van het luchtfilter | X | Evt. filterinzetstuk ver- vangen | ||
| Reiniging van het luchtfilter | X | |||
| Visuele controle van het product | X | |||
| Reinigen van de bougie | Afstand: 0,6– 0,7 mm, indien nodig vervangen | |||
| Controleren en herstellen van de smoorklep | X* | |||
| Reinigen van de cilinderkop | X* | |||
| Klepspeling instellen | X* | |||
| Let op: De punten "X" alleen laten uitvoeren bij een gespecialiseerd bedrijf. | ||||
18 EU-conformiteitsverklaring
Vertaling van de originele conformiteitsverklaring
Fabrikant:
Scheppach GmbH
Wij verklaren onder eigen verantwoordelijkheid dat het hier beschreven product voldoet aan de geldende richtlijnen en normen.
Merk: SCHEPPACH
Art.-aanduiding: Omvormergenerator – SG2500i
Art.nr. 5906226901
EU-richtlijnen:
2014/30/EU, 2006/42/EG, 2011/65/EU*,
2000/14/EG_2005/88/EG, 2016/1628/EU
* Het hierboven beschreven onderwerp van deze verklaring voldoet aan de voorschriften van richtlijn 2011/65/EU van het Europese Parlement en de Raad van 8 juni 2011 omtrent de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparaten.
2000/14/EG\_2005/88/EG - Bijlage: VI
Gegarandeerd
93 dB
geluidsvermogensniveau (LWA):
91,6 dB
Gemeten
geluidsvermogensniveau (LWA):
Vermelde instantie: Notified Body:
TÜV Rheinland LGA
Products GmbH,
Tillystraße 2,
90431 Nürnberg
Nummer: 0197
2016/1628/EU
Emissie. Nr.: e24*2016/1628*2018/989SHB2/P*0438*01
Toegepaste normen:
EN ISO 8528-13:2016;
EN 55012:2007+A1;
EN IEC 61000-6-1:2019;
EN ISO 3744:1995;
Documentatie gevolmachtigde:
Niko Vraschek
Günzburger Str. 69
D-89335 Ichenhausen
Zichtbare defecten moeten binnen 8 dagen na ontvangst van de goederen worden gemeld, anders verliest de koper alle aanspraken op grond van dergelijke defecten. Wij verstrekken garantie voor onze machines, bij juiste behandeling, voor de duur van de wettelijke garantieperiode vanaf het moment van overdracht, op dusdanige wijze dat wij elk machineonderdeel dat binnen deze periode aantoonbaar onbruikbaar wordt als gevolg van materiaal- of fabricagefouten, kosteloos vervangen. Voor onderdelen, die wij niet zelf vervaardigen, verlenen wij uitsluitend garantie, voor zover wij recht hebben op garantieclaims bij de toeleveranciers. De kosten voor het plaatsen van nieuwe onderdelen zijn voor rekening van de koper. Aanspraak op vorderingen tot omzetting en vermindering en overige vorderingen op schadevergoeding zijn uitgesloten.