SG1400i - Generator SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SG1400i SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 212 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice SCHEPPACH SG1400i - page 51

Download de handleiding voor uw Generator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SG1400i - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SG1400i van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING SG1400i SCHEPPACH

Inverter-stroomgenerator Vertaling van de originele gebruikshandleiding

Verklaring van de symbolen op het apparaat Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico‘s. De veiligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorko- men geen risico‘s en kunnen de juiste maatregelen betre󰀨ende ongevallenpreventie niet vervangen. Lees de gebruikshandleiding. Voordat u het apparaat gebruikt, dient u het desbetre󰀨ende hoofdstuk in de gebruikshandleiding te raadplegen. Belangrijk. Warme onderdelen. Houd afstand. Belangrijk. Schakel eerst de motor uit voordat de brandstof wordt bijgevuld. Vul niet bij als de motor stationair draait. Belangrijk. De uitlaatgassen zijn giftig, gebruik de motor daarom niet in niet- geventileerde bereiken. Draag gehoorbescherming. Draag veiligheidshandschoenen. Waarschuwing voor elektrische spanning Wees uiterst voorzichtig bij de omgang met brandsto󰀨en en smeermiddelen! Verwijder de ontstekingskabels voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert en lees eerst de aanwijzingen door. Stel het apparaat niet bloot aan regen. Bij het starten van de motor kunnen vonken ontstaan. Deze kunnen ontsteken in de nabijheid van brandbare gassen. Open vuur of roken in de nabijheid van het apparaat is streng verboden! Gegarandeerd geluidsvermogensniveau van het apparaat.www.scheppach.com

Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen vei- ligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van ma- chines van hetzelfde type. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor on- gevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.

2. Apparaatbeschrijving (afb. 1-7)

8. Verklikker in bedrijf

10. Aan/uit-schakelaar

14. Beluchtingsrooster

A. Gereedschapstas B. Trechter/-slang voor olie C. Steeksleutel D. Schroevendraaier E. Bougiesleutel F. Gebruikshandleiding

De generator is geschikt voor apparaten die zijn voor- zien voor het gebruik van een 230V wisselspannings- bron. Bij huishoudapparaten en elektronische appara- tuur dient u de geschiktheid volgens de desbetre󰀨ende gegevens van de fabrikant te controleren.

Fabrikant: Scheppach GmbH Günzburger Straße 69 D-89335 Ichenhausen Geachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. Aanwijzing: De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan- sprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:

  • ondeskundige behandeling,
  • Het niet in acht nemen van de gebruikshandleiding
  • reparaties door derden, niet geautoriseerde vak- mensen
  • inbouw en vervanging van niet-originele reserveon- derdelen
  • Niet-beoogd gebruik Let op: Lees voor de montage en voor de inbedrijfstelling de complete tekst van de gebruikshandleiding door. De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelij- ker te maken, uw apparaat te leren kennen en de be- oogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten. De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwij- zingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, repa- ratiekosten uitspaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat ver- hoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze ge- bruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het product in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De ge- bruikshandleiding moet door elke bediener van de ma- chine voor aanvang van de werkzaamheden worden gelezen en zorgvuldig worden nageleefd. Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn. De vereiste minimumleeftijd moet aangehouden worden.www.scheppach.com

Kwaliteitsklasse B Bougie A5RTC Bedrijfsmodus S1 (continu gebruik) De machine kan continu met het aangegeven vermo- gen worden gebruikt. Bedrijfsmodus S2 (kortstondig gebruik) De machine mag kortstondig bij het aangegeven ver- mogen worden gebruikt (5 min). Toegestane omgevingstemperatuur: -5 tot +40 °C Hoogte: 1000 m boven NAP Relatieve luchtvochtigheid: 90% (niet condenserend)

6. Veiligheidsvoorschriften

In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betre󰀨en van dit teken voorzien: m Bovendien bevat de gebruikshandleiding andere be- langrijke tekstgedeeltes die met het woord „LET OP!” worden weergegeven. m Let op! Bij het gebruik van apparaten moeten enkele veilig- heidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees daarom absoluut deze gebruikshandleiding / veiligheidsvoorschriften door. Indien u het apparaat aan andere personen mocht overhandigen, overhandig dan tevens deze gebruiks- aanwijzing/veiligheidsaanwijzingen. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of scha- de, veroorzaakt door niet-naleving van deze handlei- ding of de veiligheidsvoorschriften. m GEVAAR Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op zeer ernstig of dodelijk letsel. m WAARSCHUWING Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op ernstig of dodelijk letsel. m VOORZICHTIG Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat er gevaar voor licht tot gemiddeld ernstig persoonlijk letsel. De machine mag uitsluitend voor het voorgeschreven doel worden gebruikt. Elk ander of verdergaand ge- bruik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/ operator en niet de fabrikant is aansprakelijk voor de hieruit voortvloeiende schade of enige vorm van letsel. Bovendien moeten de van kracht zijnde voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden nage- leefd. Andere algemene arbo-, gezondheids- en vei- ligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan de machine worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade. Let erop dat het apparaat volgens de voorschriften niet voor bedrijfsmatige toepassingen is ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in bedrijfsmatige, ambachtelijke of industrië- le ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet.

19. Let op dat bij het tanken geen brandstof op de mo-

tor of in de uitlaat wordt gemorst.

21. De generator op een veilige, e󰀨en plaats opstel-

len. Draaien en kantelen of verplaatsing tijdens het bedrijf is niet toegestaan.

22. De generator moet ten minste op een afstand van

1 m ten opzichte van wanden of aangesloten appa- ratuur worden opgesteld.

23. Kinderen uit de buurt houden van de generator.

24. Bij de technische gegevens onder geluidsver-

) en geluidsdrukniveau (L

aangegeven waarden, geven een emissieniveau weer en hoeven niet persé veilige werkniveaus te zijn. Aangezien een samenhang bestaat tussen de emissie- en immissieniveaus, kan deze niet betrouwbaar voor het bepalen van eventuele ver- eiste aanvullende voorzorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren op het actuele immissie- niveau van de arbeid, sluiten de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen, ge- luidsemissie etc. zoals bijv. het aantal machines en andere naastgelegen processen en tijdmarge dat een gebruiker aan het lawaai wordt blootge- steld, uit. Bovendien kan het toegestane immis- sieniveau per land verschillen. Deze informatie zal voor de exploitant van de machine de mogelijkheid geven om een betere inschatting van de risico‘s en gevaren uit te voeren. In enkele gevallen moe- ten akoestische metingen na de installatie worden uitgevoerd, om het geluidsdrukniveau te bepalen.

25. Waarschuwing! Volg de voorschriften omtrent

elektrische veiligheid op, die op de plaats gelden waar de stroomaggregaten worden gebruikt.

26. Waarschuwing! Houd rekening met de vereisten en

voorzorgsmaatregelen voor het geval een installa- tie opnieuw door middel stroomaggregaten van elektriciteit moet worden voorzien, en hoe deze zich verhouden tot de veiligheidsmaatregelen voor deze installatie en tot de toepasselijke richtlijnen.

27. De generatoraggregaten kunnen alleen tot hun no-

minale vermogen onder de nominale omgevings- voorwaarden worden toegepast. Als de toepas- sing van het generatoraggregaat plaatsvindt onder omstandigheden die niet voldoen aan de referen- tieomstandigheden volgens ISO 8528-8:2016, 7.1, en als de koeling van de motor of de generator wordt belemmerd, bijvoorbeeld als gevolg van de werking in gebieden met beperkte toegang, is een vermogensvermindering vereist. m AANWIJZING Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op een beschadiging van de motor of van andere zaken of goederen.

1. Er mogen geen veranderingen aan de generator

2. Het door de fabrikant ingestelde toerental mag niet

worden gewijzigd. Generator of aangesloten appa- raten kunnen beschadigd raken.

3. Gevaar voor vergiftiging! Uitlaatgassen, brand-

sto󰀨en en smeermiddelen zijn giftig. Uitlaatgassen mogen niet worden ingeademd.

4. Brandgevaar! Benzine en benzinedampen zijn

licht ontvlambaar resp. explosief.

5. De generator niet in ongeventileerde ruimtes of

in licht ontvlambare omgeving gebruiken. Als de generator goed geventileerde ruimten wordt ge- bruikt, moeten de uitlaatgassen via een uitlaatgas- slang direct naar buiten worden geleid.

6. Ook bij gebruik van een uitlaatslang kunnen giftige

uitlaatgassen ontsnappen. Vanwege het brandge- vaar mag de uitlaatslang nooit op brandbare stof- fen worden gericht.

7. De generator nooit in ruimtes met licht ontvlamba-

re sto󰀨en gebruiken.

8. Warme oppervlakken! Gevaar voor brandwon-

den, uitlaatsysteem en aandrijfaggregaat niet aan- raken.

9. Raak geen mechanisch bewegende of hete onder-

delen aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.

10. Beschermende uitrusting! Gebruik een geschik-

te gehoorbescherming, indien u zich in de buurt van het apparaat bevindt.

11. Er mogen voor het onderhoud en als accessoires

uitsluitend originele onderdelen worden gebruikt.

12. Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uit-

sluitend door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.

13. Bescherm uzelf tegen elektrische gevaren.

14. De generator nooit met natte handen vastpakken.

15. Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren

die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld H07RN.

16. Bij gebruik van verlengsnoeren mag de volledige

installatie voor 1,5 mm² 60 m, voor 2,5 mm² 100 m niet overschrijden.

17. Generator nooit bij regen of sneeuwval gebruiken.

18. Bij het transport en bijtanken de motor altijd uit-

  • Verbind de stroomgenerator nooit met de stroom- voorziening (contactdoos).
  • De leidinglengtes naar de verbruiker moeten zo kort mogelijk worden gehouden.
  • Controleer vóór het aansluiten of de specicaties op het typeplaatje overeenkomen met de gegevens van het stroomnet.
  • Wegens de hoge mechanische spanning mogen alleen taaie, met rubber beklede soepele kabels of gelijkwaardige kabels gebruikt worden.
  • Zorg ervoor dat het bedieningspaneel, de ventila- tiesleuven en de onderkant goed gekoeld zijn en dat er geen spaanders, modder of water in kan komen. Schade aan de generator of veiligheidsrisico‘s kun- nen het gevolg zijn als de generator lekt. Aarding (afb. 1) Om statische ladingen af te laten vloeien, moet de be- huizing worden geaard. Hiervoor wordt een kabel aan de ene zijde aangesloten op de aardingsklem (4) van de stroomgenerator en aan de andere zijde met een externe massa (bijv. aardpen) verbonden. LET OP! Bij de eerste ingebruikname moet motorolie (15 W-40, ca. 0,28 l) en brandstof (benzine, normaal, loodvrij) worden bijgevuld. Brandstofpeil en motorolie controleren, eventueel bijvullen. Voor voldoende venti- latie van het apparaat zorgen. Controleer of de ontstekingskabel aan de bougie is bevestigd. Eventueel aangesloten elektrisch apparaat loskoppe- len van de stroomgenerator. Olie bijvullen (afb. 5) Kantel de generator niet als u motorolie bijvult. Dit kan leiden tot een overvulling en beschadiging van de mo- tor.

1. Plaats de generator op een vlak oppervlak.

2. Verwijder de schroeven en het deksel (5).

Brandstof bijvullen (afb. 1/8) m GEVAAR Buiten bereik van ontstekingsbronnen houden! Tank uitsluitend in goed geventileerde ruimtes of in de bui- tenlucht. Laat de generator ten minste 2 minuten afkoelen voor- dat u de tankdop verwijdert.

28. Dek de generator niet af en plaats geen voorwer-

pen op de generator. LET OP: Gebruik uitsluitend loodvrije benzine als brandstof. Waarschuwing! Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt.

7. Voor de ingebruikname

  • Open de verpakking en haal het apparaat er voor- zichtig uit.
  • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver- pakkings- en transportbeveiligingen (indien voor- handen).
  • Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
  • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans- portschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
  • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver- strijken van de garantietijd.
  • Maak u voor aanvang van de werkzaamheden be- kend met het apparaat aan de hand van de gebruiks- handleiding.
  • Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserve- onderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reser- veonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier.
  • Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het apparaat aan. m LET OP! Het apparaat en verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plas- tic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkings- gevaar! Elektrische veiligheid
  • Voor het gebruik dienen het stroomaggregaat en de bijbehorende elektrische uitrusting (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten geïn- specteerd te worden.www.scheppach.com

Aansluiten op wisselstroom (AC)

  • Laat de generator enkele minuten draaien voordat u elektrische apparaten aansluit.
  • Overschrijdt nooit de belastbaarheid van de genera- tor, door meer elektrische apparaten aan te sluiten dan dat het apparaat kan verwerken.
  • Schakel de elektrische apparaten pas in als de ge- nerator is aangesloten. Tip: Als de generator op meerdere lasten of stroomver- bruikers is aangesloten, dient u in acht te nemen om eerst degene met de hoogste startstroom aan te sluiten en als laatste degene met de laagste startstroom. Overbelastings-indicator (3) De overbelastingsbeveiliging wordt actief bij een te hoge vermogensafname en schakelt de 230 V stop- contacten (7) uit.
  • Schakel het apparaat uit.
  • Verlaag het totale watt-vermogen van de aangeslo- ten elektrische apparaten naar het nominale vermo- gen.
  • Controleer het luchtlter op verontreiniging. Indien verontreinigingen worden geconstateerd, dient u deze te verwijderen. (zie luchtlter)
  • Neem het apparaat weer in bedrijf. Tip: De overbelastings-indicator kan eerst enkele seconden gaan branden, als elektrische apparaten worden gebruikt die een hoge startstroom vereisen, zoals bijv. een compressor of de motor van een dom- pelpomp. Dit is echter geen storing. LET OP! Schakel het apparaat onmiddellijk uit en neem contact op met uw service-station:
  • Bij ongewone trillingen of geluiden.
  • Als de motor overbelast lijkt te zijn of een verkeerde bougie heeft. Bedrijfsindicator (8) De bedrijfsindicator brandt als de motor loopt. Indicator laag oliepeil (12) Het lampje gaat branden als het oliepeil te laag is en gaat uit zodra het juiste peil is bereikt. Tip: Als de motor afslaat of niet start, draait u de ben- zinekraan op „ON“ en trekt u vervolgens aan het star- terkoord. Als het oliewaarschuwingslampje enkele seconden lang knippert, is de motorolie niet voldoende. Vul olie bij en start opnieuw. Maak het deksel langzaam los om eventuele druk in de tank te ontlasten. Schroef de tankdop (2) open en vul met behulp van een trechter (niet bij de levering inbegrepen) maximaal 3 liter benzine, loodvrij, in het tankreservoir bij. Let op dat de tank niet te vol wordt gevuld en dat er geen benzine wordt gemorst. Gebruik een benzinelter. Gemorste benzine direct opnemen en wachten tot de benzine- dampen zijn vervlogen (vanwege ontstekingsgevaar). Sluiten van de tankdeksel (2).

Motor starten (afb. 1) LET OP! Bij het starten met de starterkoord van de startmotor (6) kan plotselinge terugslag verwondingen aan de hand veroorzaken. Draag veiligheidshandschoenen bij het starten. In warme toestand

  • De motor met het starterkoord (6) starten; hiertoe krachtig aan de greep trekken. Als de motor niet is gestart, nogmaals aan de greep trekken. In koude toestand
  • De aan/uit-schakelaar (10) in stand “ON” zetten
  • Chokehendel (11) er uit trekken.
  • Draai de benzinekraan (9) in stand „ON“.
  • De motor met het starterkoord (6) starten; hiertoe krachtig aan de greep trekken. Als de motor niet is gestart, nogmaals aan de greep trekken.
  • Chokehendel (11) na het starten van de motor weer terugschuiven. LET OP! Dit stopcontact mag continu (S1) met 700 W en kortdurend (S2) voor max. 5 minuten met 800 W worden belast. Aanwijzing: Vele elektrische apparaten (motorsteekza- gen, boormachines, etc.) kunnen een hoger stroomver- bruik hebben, als deze onder zwaardere omstandighe- den worden ingezet. Motor uitschakelen (afb. 1) Laat de generator kort onbelast lopen, voordat u hem uitzet, zodat het aggregaat kan “nakoelen”.
  • De aan/uit-schakelaar (10) in de stand „OFF“ zetten.

Vervang eventueel het luchtlterelement elke 25 uur. Raadpleeg hiertoe ook de service-informatie. Luchtlter (19) regelmatig reinigen, zo nodig vervan- gen.

  • Open het luchtlterdeksel (18) door de bouten te verwijderen.
  • Verwijder het lter (19).
  • Voor het reinigen van het lter mogen geen scherpe reinigingsmiddelen of benzine worden gebruikt.
  • De elementen moeten worden gereinigd door het uitkloppen van een vlak oppervlak. Bij sterke vervui- ling met zeeploog wassen, aansluitend met schoon water uitspoelen en aan de lucht laten drogen.
  • De montage volgt in omgekeerde volgorde. Bougie (afb. 4) Controleer de bougie voor de eerste keer na 20 be- drijfsuren op verontreiniging en reinig deze eventueel met een koperdraadborstel. Daarna de bougie elke 50 bedrijfsuren onderhouden.
  • Verwijder het deksel.
  • Trek de bougiestekker (16) er met een draaibewe- ging af.
  • Verwijder de bougie met de meegeleverde bougies- leutel (E).
  • De montage volgt in omgekeerde volgorde. Benzinelter (afb. 8+9) Aanwijzing: Bij het benzinelter (22) gaat het om een lterbeker, die zich direct onder de tankdop (2) bevindt en alle gevulde brandstof ltert.

1. De aan/uit-schakelaar (10) in de stand „OFF“ zet-

3. Het benzinelter (22) verwijderen en in een niet

ontvlambaar oplosmiddel of een oplosmiddel met een hoog vlampunt reinigen.

4. Benzinelter (22) weer terugplaatsen.

5. De tankdop (2) sluiten.

Olie verversen (afb. 5) Als de benzinemotor vaak onder hoge temperaturen of hoge last wordt gebruikt, moet de olie elke 25 bedrijfsu- ren worden ververst. Het verversen van de motorolie moet bij een bedrijfs- warme motor worden uitgevoerd. LET OP! Voor het verversen van de olie eerste de ben- zine aftappen. Uitsluitend motorolie (15 W-40) gebruiken.

Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerk- zaamheden de motor uit en trek de bougiestekker (16) uit de bougie. LET OP! Gevaar voor brandwonden! Wacht tot het ap- paraat is afgekoeld voordat u een reiniging of onder- houd uitvoert. LET OP! Vervuild onderhoudsmateriaal en bedrijfssto󰀨en bij een hiervoor bestemd inzamelingsstation afgeven. Reiniging Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleu- ven en de motorbehuizing zo stof- en vuilvrij mogelijk zijn. Wrijf het apparaat met een schone doek schoon of blaas het met perslucht bij een lage druk uit. Wij advi- seren om het apparaat direct na elk gebruik te reinigen. Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of op- losmiddelen. Hierdoor kunnen de kunststofonderdelen van het apparaat worden aangetast. Let op dat er geen water in het apparaat terecht komt. Geluiddemper en vonkenvanger (afb. 2+7) De motor en geluiddemper worden tijdens en na het lopen van het motor zeer heet. Raak de motor en ge- luiddemper tijdens de inspectie of reparatie niet aan, zo lang deze nog heet is.

1. Verwijder de schroeven en trek het deksel naar

2. Draai de schroef los en verwijder de geluiddem-

en de vonkenvanger met een staalborstel. Gebruik voor het reinigen de staalborstel lichtjes om be- schadigingen of krassen op de geluiddemper en de vonkenvanger te voorkomen.

4. Geluiddemper en vonkenvanger controleren. Ver-

vang deze als deze beschadigd zijn.

6. Breng het deksel aan en draai de schroeven vast

Luchtlter (afb. 6) Als de motor vaak onder sto󰀩ge of andere zware om- standigheden wordt gebruikt, moet het luchtlterele- ment elke 10 uur worden gereinigd.www.scheppach.com

Voorbereiding voor het transport

  • Leeg de benzinetank met een benzineafzuigpomp resp. alternatief over de benzinekraan in een ge- schikte jerrycan.
  • Voor zover operationeel, laat de motor draaien tot de rest van de brandstof verbruikt is.
  • Tap de motorolie van de warme motor af (zoals be- schreven).
  • Verwijder de bougiestekker (16) uit de bougie.
  • Beveilig het apparaat tegen wegglijden met bijvoor- beeld spanbanden.

12. Bestelling van reserveonderdelen

Service-informatie Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtdelen*: Bougie

  • niet persé in de leveringsomvang opgenomen! Neem in het geval van reserveonderdelen en accessoi- res contact op met ons servicecentrum. Scan hiervoor de QR code op de voorpagina.

13. Afvalverwerking en hergebruik

Het apparaat zit in een verpakking om trans- portschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en kan dus opnieuw gebruikt worden of kan terugkeren in de kringloop van grondsto󰀨en. Het apparaat en de accessoires ervan be- staan uit verschillende soorten materiaal, zoals metaal en kunststo󰀨en. Verwijder defecte componenten als speciaal afval. Informeer hiernaar bij uw speciaalzaak of bij de gemeente! Oude apparatuur mag niet bij het huisafval worden gegooid! Dit symbool geeft aan dat dit product conform de richtlijn inzake verbruikte elektrische en elektronische apparatuur (2012/19/EU) en nati- onale wettelijke bepalingen niet bij het huishou- delijk vuil mag worden gegooid. Dit product moet bij een hiervoor bestemde verzamelpunt worden afgege- ven.

  • Plaats het apparaat altijd op een e󰀨en en stabiele ondergrond. De generator niet op bosgrond gebrui- ken, deze straalt tijdens het bedrijf en in de afkoel- fase hitte af en kan brandbare materialen ontsteken!
  • Verwijder de schroeven en het deksel (5).
  • De olievuldop (17) openen en de warme motorolie door het kantelen van de generator in een opvangre- servoir opvangen.
  • Motorolie bijvullen (ca. 0,28 l)
  • Sluit de deksel (5) en maak de bouten vast. Automatisch uitschakelmechanisme voor olie Het automatische uitschakelmechanisme voor olie wordt geactiveerd als er te weinig motorolie aanwezig is. Het oliecontrolelampje (12) begint te knipperen, als er te weinig olie in de motor aanwezig is. Het controle- lampje gaat branden als de oliehoeveelheid onder de veiligheidshoeveelheid komt. De motor wordt na korte tijd automatisch uitgeschakeld. Het starten is pas weer mogelijk als er motorolie is bijgevuld (zie hoofdstuk „Olie verversen“).

Voorbereiding voor de opslag

  • Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor ben- zine. Benzinelter verwijderen en de carburateur (23) legen. Draai de schroef aan de onderzijde van de carburateur los en laat de benzine in een hiervoor bestemd reservoir weglopen.
  • Waarschuwing: Verwijder de benzine niet in geslo- ten ruimtes, in de buurt van vuur of bij het roken. Gasdampen kunnen explosies of brand veroorza- ken.
  • Start de motor en laat de motor net zo lang lopen totdat de resterende benzine is verbruikt.
  • Bewaar de brandstof in reservoirs, die speciaal hier- voor zijn bestemd.
  • Ververs de olie na elk seizoen.
  • Verwijder daartoe de oude motorolie uit de warme motor en vul nieuwe olie bij.
  • Vul met een oliekan ca. 20 ml olie in de cilinder.
  • Trek langzaam aan het starterkoord, zodat de olie de cilinder aan de binnenkant beschermt.
  • Schroef de bougie weer terug vast.
  • Bewaar het apparaat op een goed geventileerde plaats.www.scheppach.com

14. Schema voor foutopsporing

Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Motor kan niet worden gestart Automatische olie-uitschakeling start automatisch Controleer het oliepeil, vul de motorolie bij Bougie verroest Reinig of vervang de bougie. Elektrodeafstand 0,6 mm Geen brandstof Brandstof bijvullen / benzinekraan laten controleren Generator heeft te wei- nig of geen spanning Elektronica defect Vraag een vakhandel Overstromingsbeveiligingsschake- laar is geactiveerd Generator opnieuw opstarten, Verbruiker verminderen Luchtlter vervuild Filter reinigen of vervangen Dit kan bijv. door teruggave bij de aanschaf van een soortgelijk product of door inlevering bij een erkend inzamelpunt voor het recyclen van verbruikte elektri- sche en elektronische apparatuur. Het onjuist afvoeren van oude apparatuur kan door mogelijke gevaarlijke sto󰀨en, die veelal in verbruikte elektrische en elektro- nische apparatuur zijn verwerkt, negatieve e󰀨ecten op het milieu en de gezondheid van de mens heb- ben. Door een juiste afvoer van dit product levert u bovendien een bijdrage aan een e󰀨ectief gebruik van natuurlijke ressources. Informatie inzake inzamelpun- ten voor verbruikte apparatuur kunt u opvragen bij de gemeente, de publieke afvalverwerker, een erkend af- valverwerkingsstation voor het afvoeren van verbruikte elektrische en elektronische apparatuur of uw afvalver- werkingsstation. Milieubescherming Vervuild onderhoudsmateriaal en bedrijfssto󰀨en bij een hiervoor bestemd inzamelingsstation afgeven. Verbruikte olie moet conform de voorschriften worden verwijderd. Volg bij het af voeren van restvloeisto󰀨en (olie en brand- stof) de betre󰀨ende milieubepalingen op. Wij adviseren om achtergebleven bedrijfssto󰀨en in een geschikte ge- sloten container naar het inzamelpunt bij u in de buurt te brengen. Gooi resten van olie en brandstof niet bij het huishoudelijk afval en giet ze niet op de grond.www.scheppach.com

15. Onderhoudsschema

De volgende onderhoudstermijnen absoluut in acht nemen om een storingsvrij bedrijf te waarborgen. LET OP! Bij de eerste inbedrijfstelling moet motorolie en brandstof worden bijgevuld. Voor elk gebruik na een bedrijfstijd van 20 uur na een bedrijfstijd van 50 uur na een be- drijfstijd van 100 uur na een be- drijfstijd van 300 uur Controle van de motorolie

Verversen van de motorolie eerste controle daarna elke 50 uur

Controle van het luchtlter

Evt. lte- rinzetstuk vervangen Reiniging van het luchtlter

Reiniging van het benzinelter

Visuele controle op het apparaat

Klepspeling instellen X* Let op: De punten „X*“ alleen laten uitvoeren bij een gespecialiseerd bedrijf.www.scheppach.com

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : SG1400i

Categorie : Generator