SCHEPPACH SG3500 - Generator

SG3500 - Generator SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SG3500 SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 300 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice SCHEPPACH SG3500 - page 74

Download de handleiding voor uw Generator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SG3500 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SG3500 van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING SG3500 SCHEPPACH

Omvormergenerator Vertaling van de originele gebruikshandleiding

Verklaring van de symbolen op het apparaat Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico‘s. De vei- ligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico‘s en kunnen de juiste maatregelen betre󰀨ende ongevallenpreventie niet vervangen.

Let op! Het niet in acht nemen van de op de machine aangebrachte veiligheidstekens en waarschuwingen alsook het niet in acht nemen van de veiligheids- en bedieningsaanwijzingen kan tot ernstig of zelfs dodelijk letsel leiden. WAARSCHUWING - Ter vermindering van het risico op letsel, moet de gebruikshandleiding worden gelezen. Draag gehoorbescherming. Het e󰀨ect van lawaai kan gehoorverlies zijn. Draag werkhandschoenen! Stel het apparaat niet bloot aan regen. Open vuur of roken in de nabijheid van het apparaat is streng verboden! Waarschuwing voor hete delen. Waarschuwing voor elektrische spanning. Zorg ervoor dat andere personen voldoende veiligheidsafstand aanhouden. Houd onbevoegde personen uit de buurt van het apparaat. Let op hete oppervlakken! Gevaar voor brandwonden. Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden de motor uit en trek de bougiestekker uit de bougie. Gevaar voor vergiftiging! Gebruik het apparaat alleen buitenshuis en nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten. Bij het starten van de motor kunnen vonken ontstaan. Deze kunnen ontsteken in de nabijheid van brandbare gassen. Lees voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding zorgvuldig door!www.scheppach.com

Belangrijk. Schakel eerst de motor uit voordat de brandstof wordt bijgevuld. Vul niet bij als de motor stationair draait. Wees uiterst voorzichtig bij de omgang met brandsto󰀨en en smeermiddelen! Controle van het oliepeil Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. m Let op! In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betre󰀨en van dit teken voorzien.www.scheppach.com

Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn. De vereiste minimumleeftijd moet in acht worden ge- nomen. Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen vei- ligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van ma- chines van hetzelfde type. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor on- gevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.

2. Apparaatbeschrijving (afb. 1 - 14)

5. Startmotor met trekkabel

6. Verklikker in bedrijf

9. USB aansluiting (2x)

10. Energiebesparingsschakelaar (ECO)

11. Aan-/uit schakelaar met choke

14. 12V DC aansluiting

19. Aansluiting - 12V

3. Inhoud van de levering (afb. 4)

  • Aansluiting - 12V (19)

Fabrikant: Scheppach GmbH Günzburger Straße 69 D-89335 Ichenhausen Geachte klant, Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. Aanwijzing: De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aan- sprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:

  • ondeskundige behandeling,
  • Niet in acht nemen van de gebruikshandleiding
  • Reparaties door derden, niet geautoriseerde vak- mensen
  • Inbouw en vervanging van niet-originele reserveon- derdelen
  • Dat niet conform de voorschriften is.
  • Uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE 0113 Let op: Lees voor de montage en voor de inbedrijfstelling de complete tekst van de gebruikshandleiding door. De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelij- ker te maken, uw apparaat te leren kennen en de be- oogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten. De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwij- zingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, repa- ratiekosten uitspaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat ver- hoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze ge- bruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Bewaar de gebruikshandleiding bij het apparaat in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De ge- bruikshandleiding moet door elke bediener van de ma- chine voor aanvang van de werkzaamheden worden gelezen en zorgvuldig worden nageleefd.www.scheppach.com

m Let op! Bij het gebruik van apparaten moeten enkele veilig- heidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees daarom absoluut deze gebruikshandleiding / veiligheidsvoorschriften door. Indien u het apparaat aan andere personen mocht overhandigen, overhandig dan tevens deze gebruiks- aanwijzing/veiligheidsaanwijzingen. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of scha- de, veroorzaakt door niet-naleving van deze handlei- ding of de veiligheidsvoorschriften. m GEVAAR Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op zeer ernstig of dodelijk letsel. m WAARSCHUWING Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op ernstig of dodelijk letsel. m VOORZICHTIG Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat er gevaar voor licht tot gemiddeld ernstige verwonding. AANWIJZING! Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op een beschadiging van de motor of van andere zaken of goederen.

1. Er mogen geen veranderingen aan de generator

2. Het door de fabrikant ingestelde toerental mag niet

worden gewijzigd. Generator of aangesloten appa- raten kunnen beschadigd raken.

3. Gevaar voor vergiftiging! Uitlaatgassen, brand-

sto󰀨en en smeermiddelen zijn giftig. Uitlaatgas- sen mogen niet worden ingeademd.

4. Brandgevaar! Benzine en benzinedampen zijn

licht ontvlambaar resp. explosief.

5. Uitlaatgassen zijn giftig. De generator mag niet

worden gebruikt in gesloten ongeventileerde ruim- ten. Indien de stroomgenerator in goed geventi- leerde ruimten wordt gebruikt, moeten de uitlaat- gassen direct naar buiten worden geleid en dient er aan extra veiligheidseisen te worden voldaan ter voorkoming van brand en explosies. Ook bij gebruik van een uitlaatslang kunnen giftige uitlaat- gassen ontsnappen. Vanwege het brandgevaar mag de uitlaatslang nooit op brandbare sto󰀨en worden gericht.

De generator is geschikt voor apparaten die zijn voor- zien voor het gebruik van een 230 V wisselspanning of 12V. Bij huishoudapparaten en elektronische apparatuur dient u de geschiktheid volgens de desbetre󰀨ende ge- gevens van de fabrikant te controleren. Let op! De stroomgenerator mag niet op het elektrici- teitsnet worden aangesloten als huishoudelijke nood- stroomvoorziening. Er kunnen daardoor beschadigin- gen aan de generator of aan de elektrische apparaten worden veroorzaakt. De machine mag uitsluitend voor het voorgeschreven doel worden gebruikt. Elk ander of verdergaand ge- bruik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/ bediener en niet de fabrikant is aansprakelijk voor ont- stane schade of elke vorm van letsel. Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de ge- bruikshandleiding maken deel uit van het beoogd ge- bruik. Personen die de machine bedienen of die onderhoud aan de machine verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren. Bovendien moeten de van kracht zijnde voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden nage- leefd. Andere algemene arbo-, gezondheids- en veiligheids- voorschriften moeten in acht worden genomen. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan de machine worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade. Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd ge- bruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of indus- triële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in be- drijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemin- gen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet.

5. Algemene veiligheidsvoorschriften

In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betre󰀨en van dit teken voorzien: m Bovendien bevat de gebruikshandleiding andere be- langrijke tekstgedeeltes die zijn voorzien van het woord “LET OP!”.www.scheppach.com

24. Bepaalde delen van de zuigermotor zijn heet en

kunnen bij aanraking voor verbrandingen zorgen. Let op de waarschuwingen die op de stroomgene- rator zijn aangebracht.

25. Bij de technische gegevens onder geluidsvermo-

gensniveau (LWA) en geluidsdrukniveau (LpA) aangegeven waarden, geven een emissieniveau weer en hoeven niet persé veilige werkniveaus te zijn. Aangezien een samenhang bestaat tussen de emissie- en immissieniveaus, kan deze niet betrouwbaar voor het bepalen van eventuele ver- eiste aanvullende voorzorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren op het actuele immissie- niveau van de arbeid, sluiten de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen, ge- luidsemissie etc. zoals bijv. het aantal machines en andere naastgelegen processen en tijdmarge dat een gebruiker aan het lawaai wordt blootge- steld, uit. Bovendien kan het toegestane immis- sieniveau per land verschillen. Deze informatie zal voor de exploitant van de machine de mogelijkheid geven om een betere inschatting van de risico’s en gevaren uit te voeren. In enkele gevallen moe- ten akoestische metingen na de installatie worden uitgevoerd, om het geluidsdrukniveau te bepalen.

26. Waarschuwing! Volg de voorschriften omtrent

elektrische veiligheid op, die op de plaats gelden waar de inverter generatoren worden gebruikt.

27. Waarschuwing! Houd rekening met de vereisten

en voorzorgsmaatregelen voor het geval een in- stallatie opnieuw door inverter generatoren van elektriciteit moet worden voorzien, en hoe deze zich verhouden tot de veiligheidsmaatregelen voor deze installatie en tot de toepasselijke richtlijnen.

28. De inverter generatoren kunnen alleen tot hun no-

minale vermogen onder de nominale omgevings- voorwaarden worden toegepast. Als de toepas- sing van de inverter generatoren plaatsvindt onder omstandigheden die niet voldoen aan de referen- tieomstandigheden volgens ISO 8528-8:2016, 7.1, en als de koeling van de motor of de generator wordt belemmerd, bijvoorbeeld als gevolg van de werking in gebieden met beperkte toegang, is een vermogensvermindering vereist.

29. Door de hoge mechanische belasting mogen al-

leen duurzame rubberen slangleidingen (volgens IEC 60245-4) of gelijkwaardige apparatuur wor- den gebruikt.

30. Neem de voorschriften omtrent elektrische vei-

ligheid in acht, die op de plaats gelden waar de inverter generatoren worden gebruikt.

6. De generator nooit in ruimtes met licht ontvlamba-

re sto󰀨en gebruiken.

7. Warme oppervlakken! Gevaar voor brandwonden,

uitlaatsysteem en aandrijfaggregaat niet aanra- ken.

8. Raak geen mechanisch bewegende of hete onder-

delen aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.

9. Beschermende uitrusting! Gebruik een geschikte

gehoorbescherming, indien u zich in de buurt van het apparaat bevindt.

10. Er mogen voor het onderhoud en als accessoires

uitsluitend originele onderdelen worden gebruikt.

11. Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uit-

sluitend door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.

12. Bescherm uzelf tegen elektrische gevaren.

13. De generator nooit met natte handen vastpakken.

14. Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren

die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld H07RN.

15. Indien verlengsnoeren of mobiele verdeelnetwer-

ken worden gebruikt, mag de weerstandswaarde 1,5 Ω niet overschrijden. Als richtwaarde geldt, dat de totale lengte van leidingen voor een diameter van 1,5 mm² 60 m niet mag worden overschrijden, bij een diameter van 2,5 mm² mag 100 m niet wor- den overschreden.

16. Generator nooit bij regen of sneeuwval gebruiken.

17. Bij het transport en bijtanken de motor altijd uit-

18. Brandstof is brandbaar en licht ontvlambaar. Niet

tijdens het bedrijf bijvullen. Niet bijvullen als er wordt gerookt, of in de buurt van een open vuur. Mors geen brandstof.

20. Het gebruik van de generator bij onweer is verbo-

den. - Bliksemgevaar!

21. De generator op een veilige, e󰀨en plaats opstel-

len. Draaien en kantelen of verplaatsing tijdens het bedrijf is niet toegestaan.

22. De generator moet ten minste op een afstand van

1 m ten opzichte van wanden of aangesloten appa- ratuur worden opgesteld.

23. Bescherm kinderen door ze op een veilige afstand

m Omgang met benzine m Levensgevaar! Benzine is giftig en zeer ont- vlambaar.

  • Bewaar benzine alleen in daarvoor bedoelde en ge- controleerde containers (jerrycans). De sluitkappen van het tankreservoir moeten altijd correct opge- schroefd en aangehaald worden. Defecte sluitingen moeten vanwege veiligheidsredenen worden ver- vangen.
  • Houd benzine uit de buurt van vonken, open vuur, waakvlammen, warmtebronnen en andere ontste- kingsbronnen. Niet roken!
  • Vul de tank uitsluitend bij in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken.
  • Schakel voor het tanken de verbrandingsmotor uit en laat deze afkoelen.
  • Benzine moet voor het starten de verbrandings- motor worden bijgevuld. Als de verbrandingsmotor loopt of bij een hete machine mag de tankdop niet geopend worden of er benzine worden bijgevuld.
  • Open de tankdop voorzichtig en langzaam. Druk- compensatie afwachten en pas daarna de tankdop volledig afnemen.
  • Gebruik voor het tanken een geschikte trechter of een invoerbuis, zodat er geen brandstof op de ver- brandingsmotor en behuizing resp. het gazon kan terechtkomen.
  • Vul de brandstoftank niet te vol!
  • Om de brandstof ruimte tot uitzetting te bieden, brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulpijp vullen. Extra gegevens in de gebruikshand- leiding van de verbrandingsmotor in acht nemen.
  • Indien benzine is overstroomd, de verbrandings- motor pas starten, nadat de met benzine vervuilde vlakken zijn gereinigd. Elke ontstekingspoging moet worden vermeden totdat de benzinedampen zijn verdampt (droogvegen).
  • Veeg gemorste brandstof direct weg.
  • Als benzine op kleding is terechtgekomen, moet deze worden vervangen.
  • De tankdop moet na elke keer tanken correct opge- schroefd en aangehaald worden. Het apparaat mag zonder opgeschroefde originele tankdop niet in ge- bruik worden genomen.
  • Controleer vanwege veiligheidsredenen de brand- stoeiding, brandstoftank, tankdop en aansluitingen regelmatig op beschadigingen, veroudering (breek- baarheid), op correcte bevestiging en ondichte plaatsen en vervang deze indien nodig.

31. Houd rekening met de vereisten en voorzorgs-

maatregelen voor het geval een installatie opnieuw door inverter generatoren van elektriciteit moet worden voorzien, en hoe deze zich verhouden tot de veiligheidsmaatregelen voor deze installatie en tot de toepasselijke richtlijnen. Elektrische veiligheid

1. Voor het gebruik dienen het stroomaggregaat en

de bijbehorende elektrische uitrusting (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten ge- inspecteerd te worden.

2. De generatoraggregaat mag niet met andere

stroombronnen worden verbonden, bijvoorbeeld de stroomvoorziening van het elektriciteitsbedrijf. In speciale gevallen, als een reserveverbinding met aanwezige elektrische installaties wense- lijk is, mogen deze uitsluitend door een bevoegd elektrotechnicus worden uitgevoerd, die daarbij rekening dient te houden met de verschillen tus- sen het gebruik van de apparatuur op het open- bare stroomnet, of op de generatoraggregaat. Conform dit gedeelte van de ISO 8528 moeten de verschillen in de gebruikshandleiding worden aangegeven.

3. De bescherming tegen een elektrische schok

hangt af van de veiligheidsschakelaars, die exact op de generatoraggregaat zijn afgestemd. Als een veiligheidsschakelaar moet worden vervangen, moet deze door een veiligheidsschakelaar met dezelfde meet- en vermogenseigenschappen ge- schieden. Waarschuwing! Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfe- reren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt. LET OP: Gebruik uitsluitend super E10 benzine als brandstof.www.scheppach.com

50 Hz Vermogensklasse G1 Actieve vermogensfactor φ 1 Kwaliteitsklasse A Opbouw aandrijfmotor 4-takt 1 cilinder luchtgekoeld Cilinderinhoud 141 cm/s

Max. vermogen (motor) 3,6 kW / 4,8 PS Brandstof Super E10 benzine Tankinhoud 6,3 l Type motorolie 15W40 Hoeveelheid olie (ca.) 400 ml Verbruik bij volledige belasting 1,78 l/h Temperatuur max. 40 °C Max. plaatsingshoogte (boven NAP) 1000 m Bougie A7RTC Technische wijzigingen voorbehouden! Bedrijfsmodus S1 (continu gebruik) De machine kan continu met het aangegeven vermo- gen worden gebruikt. Bedrijfsmodus S2 (kortstondig gebruik) De machine mag korte tijd op het maximum- of piekver- mogen worden gebruikt. Geluid en trilling m Waarschuwing! Lawaai kan ernstige gezondheids- klachten tot gevolg hebben. Als het geluid van de ma- chine hoger is dan 85 dB, dient u geschikte gehoorbe- scherming te dragen. Informatie over geluidsproductie conform

EN ISO 3744:1995, ISO 8528-10:1998

Geluidswaarden Geluidsvermogensniveau L

  • Gebruik nooit drinkessen of gelijksoortig voor het verwijderen of opslaan van bedrijfsmiddelen, zoals bijv. brandstof. Personen, in het speciek kinderen, kunnen verleid worden daaruit te drinken.
  • Bewaar nooit het apparaat met benzine in de tank binnen een gebouw. Ontstane benzinedampen kun- nen met open vuur en vonken in aanraking komen en zich ontsteken.
  • Apparaat en brandstoftank niet in de buurt van ver- warmingen, warmtestralers, lasapparaten of andere warmtebronnen neerzetten. Explosiegevaar! Als tijdens het gebruik een defect aan de tank, de tankdop of aan brandstofgeleidende delen (brandstof- leidingen) wordt vastgesteld, moet direct de verbran- dingsmotor worden uitgeschakeld. Vervolgens moet contact met een leverancier worden opgenomen. Restrisico‘s Het apparaat is vervaardigd volgens de stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn van enkele restrisico’s.
  • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elek- triciteit bij gebruik van onjuiste snoeren.
  • Bovendien kunnen er ondanks alle getro󰀨en voor- zieningen verborgen restrisico’s bestaan.
  • Restrisico’s kunnen worden geminimaliseerd als de “veiligheidsvoorschriften” en het “gebruik conform de voorschriften”, alsook de gebruikshandleiding in acht worden genomen.
  • Voorkom het onvoorzien opstarten van de genera- tor.
  • Gebruik het apparaat zoals in deze gebruikshandlei- ding wordt aanbevolen. Zo zorgt u dat uw generator optimale prestaties levert.

- Vermijd huid- en oogcontact. - Start het apparaat met een afstand van minste 3 m tot de vullocatie van de brandstof. - Let op voor ondichte plekken. Start de motor niet als er benzine uitloopt. m WAARSCHUWING! Gevaar voor de gezondheid! Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ont- staan en dit in extreme gevallen zelfs tot de dood lei- den. - Adem benzine-/smeeroliedampen niet in. - Gebruik het apparaat alleen in de open lucht. AANWIJZING! Productbeschadiging Als het apparaat zonder of met te weinig motor- of transmissieolie wordt gebruikt, kan dit tot motorschade leiden. - Vul voor de ingebruikname benzine en olie in. Het apparaat wordt zonder motor- of transmissieolie ge- leverd. AANWIJZING! Milieuschade! Uitgelopen olie kan het milieu ernstig verontreinigen. De vloeistof is zeer giftig en kan snel tot waterveront- reiniging leiden. - Olie alleen vullen/aftappen op e󰀨en, stevige onder- gronden. - Gebruik een vulpijp of trechter. - Vang afgetapte olie in een geschikte container op. - Veeg gemorste olie direct zorgvuldig weg en verwij- der de doek conform de lokale voorschriften. - Verwijder olie conform de lokale voorschriften.

  • Geen ongeïsoleerd draad om te aarden gebruiken.
  • Generator moet goed geaard zijn. Om statische ladingen af te laten vloeien, moet de be- huizing worden geaard. Hiervoor wordt een kabel aan een zijde op de aardingsklem (16) van de generator en aan de andere kant met een externe massa (bijv. aard- pen) verbonden.
  • Open de verpakking en haal het apparaat er voor- zichtig uit.
  • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver- pakkings- en transportbeveiligingen (indien voor- handen).
  • Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
  • Controleer het apparaat en de hulpstukken op trans- portschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
  • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver- strijken van de garantietijd.
  • Maak u voor aanvang van de werkzaamheden be- kend met het apparaat aan de hand van de gebruiks- handleiding.
  • Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserve- onderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reser- veonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier.
  • Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het apparaat aan. m WAARSCHUWING! Het apparaat en verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plas- tic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkingsge- vaar!

8. Voor de ingebruikname

Elektrische veiligheid Voor het gebruik dienen de generator en de bijbeho- rende elektrische apparatuur (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten geïnspecteerd te worden. Verbind de stroomgenerator nooit met de stroomvoor- ziening (contactdoos). De leidinglengtes naar de verbruiker moeten zo kort mogelijk worden gehouden. m GEVAAR! Brand- en explosiegevaar! Brandstof kan zich bij het vullen ontsteken en even- tueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood. - Schakel de motor uit en laat deze afkoelen. - Houd uit de buurt van hitte, vlammen en vonken. - Vul brandstof alleen in de open lucht bij. - Draag veiligheidshandschoenen.www.scheppach.com

8.3 Brandstof bijvullen

m Let op! De generator wordt geleverd zonder benzine. Voor ingebruikname daarom altijd benzine bijvullen. Gebruik hiervoor Super E10 benzine.

1. Schroef de tankdop (2) open en vul met behulp

van een trechter (17) maximaal 6,3 liter Super E10 benzine in het tankreservoir bij.

2. Let op dat de tank niet te vol wordt gevuld (Vul-

peilmarkering (26) in acht nemen!) en dat er geen benzine wordt gemorst. Brandsto󰀩lterelement (25) gebruiken. Gemorste benzine direct opnemen en wachten tot de benzinedampen zijn vervlogen (vanwege ontstekingsgevaar).

3. Sluiten van de tankdeksel (2).

m LET OP! Tank in een goed geventileerde omgeving waarbij de motor is uitgeschakeld. Als de motor direct daarvoor in gebruik was, moet deze eerst afkoelen. Tank de motor nooit in een ge- bouw, waar de benzinedampen vlammen of vonken kunnen bereiken. Benzine is zeer brandgevaarlijk en explosief. U kunt bij het omgaan met brandstof brandwonden of ander ernstig letsel oplopen.

m Let op! Het apparaat moet voor de ingebruikname volledig zijn gemonteerd!

9.1 Motor starten (afb. 5 + 6)

m Let op! Gevaar voor vergiftiging! Gebruik het apparaat alleen buitenshuis en nooit in ge- sloten of slecht geventileerde ruimten.

1. Zet de beluchting op de tankdop (2) op “ON”.

2. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in positie “RUN”.

Aanwijzing: De energiebesparingsschakelaar (10) moet op “OFF” staan. In “koude” toestand

1. Let op! Laat nooit het starterkoord (5) terugschie-

ten. Dit kan tot schade leiden.

2. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in de stand “Choke”.

3. Trek nu het starterkoord (5) snel aan tot de motor

start. Als de motor niet start, herhaalt u de werk- wijze. m LET OP! Controle voor gebruik

  • Controleer alle zijdes van de motor op olie of brand- stoekken.
  • Controleer het motoroliepeil.
  • Controleer het brandstofpeil – Vul de tank met min- stens 2 liter Super E10 benzine.
  • Controleer de conditie van het luchtlter.
  • Controleer de conditie van de brandstoeidingen.
  • Let op tekenen van schade.
  • Controleer of alle veiligheidsafdekkingen zijn aan- gebracht en of alle schroeven zijn aangedraaid.
  • Zorg voor voldoende ventilatie van het apparaat.
  • Controleer of de bougiestekker aan de bougie (23) is bevestigd.
  • Eventueel aangesloten elektrisch apparaat loskop- pelen van de stroomgenerator.

8.2 Olie bijvullen (afb. 7 + 8)

m Let op! De generator wordt geleverd zonder motorolie. Voor ingebruikname daarom altijd olie bijvullen. Gebruik hiertoe 15W40 olie. Controleer regelmatig voor elk gebruik het oliepeil. Een te laag oliepeil kan de motor beschadigen.

1. Plaats de generator op een vlak, recht oppervlak.

2. Verwijder de motorafdekking (3) door de beide

schroeven met een kruiskopschroevendraaier (niet bij de levering inbegrepen) er uit te schroe- ven.

3. Schroef de oliepeilstok (20) los.

4. Vul de tank met behulp van de trechter (17) met

motorolie. Let op de max. vulhoeveelheid van 400 ml. Vul de olie voorzichtig bij tot aan de onderkant van de vulpijp.

5. Veeg de oliepeilstok (20) met een schone, pluis-

6. Voer de oliepeilstok (20) weer in en controleer het

oliepeil zonder de peilstok weer vast te schroeven.

7. Het oliepeil moet binnen de middelste markering

op de oliepeilstok staan.

8. Als het oliepeil te laag is, voeg dan de aanbevolen

hoeveelheid olie toe (max. 400 ml).

9. Schroef de oliepeilstok (20) vervolgens weer vast.

10. Plaats de motorafdekking (3) terug en zet deze

stevig vast door de beide schroeven weer aan te draaien.www.scheppach.com

totdat het lampje (rood) uitgaat en de bedrijfsindi- cator (6) (groen) oplicht. Als de overbelastingsbeveiliging niet in werking is ge- treden, heeft de “RESET”-knop (12) geen e󰀨ect.

9.6 Oliecontrolelampje (8) (afb. 3)

Het lampje gaat branden als het oliepeil te laag is en gaat uit zodra het juiste peil is bereikt.

9.7 Automatisch uitschakelmechanisme voor olie

Het automatische uitschakelmechanisme voor olie wordt geactiveerd als er te weinig motorolie aanwezig is. Het oliecontrolelampje (8) begint te knipperen, als er te weinig olie in de motor aanwezig is. Het controle- lampje gaat branden als de oliehoeveelheid onder de veiligheidshoeveelheid komt. De motor wordt na korte tijd automatisch uitgeschakeld. Het starten is pas weer mogelijk als er motorolie is bijgevuld (zie hoofdstuk 8.2). Het lampje gaat branden als het oliepeil te laag is en gaat uit zodra het juiste peil is bereikt. Als het oliepeil te laag is, brandt het oliecontrolelampje (8) tijdens het starten. Vul de motorolie, zoals onder 8.2 beschreven, bij en herhaal de startprocedure.

9.8 Energiebesparingsschakelaar (10) (afb. 3)

Om het brandstofverbruik bij stationair toerental te re- duceren, zet u de energiebesparingsschakelaar (10) op de stand “ON”. De energiebesparingsschakelaar (10) moet zijn uitge- schakeld, als alle elektrische apparaten zijn aangeslo- ten, die en hoge startstroom vereisen, zoals bijv. een compressor. Ook als de generator wordt gestart, moet eerst de energiebesparingsschakelaar op “OFF” staan.

9.9 USB-aansluiting (9) (afb. 3)

Deze generator is voorzien van twee USB-aansluitin- gen. Deze kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor het opladen van smartphones.

9.10 Externe apparaten opladen (g. 3)

m GEVAAR! Gevaar door verkeerd opladen.

1. Steek de adapterkabel met 12 V klemmen (19) in

de daarvoor bestemde 12 V DC aansluiting (14).

2. Als de 12 V DC veiligheidsontgrendeling (15) is

geactiveerd, kan de 12 V DC veiligheidsontgren- deling (15) het uitgangsvermogen van de stroom- generator van de omvormer herstellen.

4. Zet de aan/uit-schakelaar (11) nadat de motor is

gestart (na ca. 15-30 sec) uit stand “CHOKE” in stand “RUN”. (afb. 6)

5. Als de motor ook na meerdere pogingen niet aan-

springt, dient u het hoofdstuk “Verhelpen van sto- ringen” te raadplegen. Aanwijzing: Als de motor voor de eerste keer wordt gestart, zijn er meerdere pogingen nodig, totdat de brandstof van de tank naar de motor is verplaatst en deze aanspringt. Aanwijzing: Bij hoge buitentemperaturen kan het voorkomen dat de generator ook bij een koude motor zonder choke moet worden gestart! In “warme” toestand

1. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in positie “RUN”.

2. Trek nu snel aan het starterkoord (5). Het apparaat

moet na maximaal 2 keer trekken starten. Als het apparaat nog altijd niet start, herhaalt u de werk- wijze onder “Starten bij koude motor”.

Laat de generator kort (ca. 30 seconden) onbelast lo- pen, voordat u hem uitzet, zodat deze kan “nakoelen”.

2. Koppel de stroom los van het aangesloten appa-

3. Zet de beluchting op de tankdop (2) op “OFF”.

9.3 Bedrijfsweergave (6) (afb. 3)

De bedrijfsindicator (6) is bij een draaiende motor ac- tief.

9.4 Vulbelasting (7) (afb. 3)

De overbelastingsbeveiliging wordt actief bij een te hoge vermogensafname en schakelt de 230 V~ stop- contacten (13) uit.

1. Schakel het apparaat uit zoals beschreven in

2. Koppel de stroom los van het aangesloten appa-

Als de overbelastingsbeveiliging in werking is getre- den en de overbelastingsindicator (7) rood oplicht, kan de “RESET”-knop (12) het uitgangsvermogen van de stroomgenerator van de omvormer herstellen. Het is dan niet nodig om de motor opnieuw te starten.www.scheppach.com

5. Vul nieuwe motorolie bij (ca. 0,35 l).

6. Schroef de oliepeilstok (20) weer vast.

7. Voer de afgewerkte olie op correcte wijze af.

10.2.3 Luchtlter (afb. 9 + 10)

AANWIJZING! Risico op materiële schade! Het bedrijf van de motor zonder of met een beschadigd lterelement kan tot motorschade leiden. - Laat de motor nooit zonder of met een beschadigd luchtlterelement draaien. Dan komen er verontrei- nigingen in de motor terecht, die de motor ernstig kunnen beschadigen. Luchtlter (22) elke 50 bedrijfsuren regelmatig reini- gen, zo nodig vervangen.

1. Verwijder de motorafdekking (3) (afb. 7).

2. Verwijder het luchtlterdeksel door de bevesti-

gingslipjes aan de zijkant in te drukken.

3. Haal het luchtlter (22) eruit.

4. Voor het reinigen van het lter mogen geen scher-

pe reinigingsmiddelen of benzine worden gebruikt.

5. De elementen moeten worden gereinigd door

het uitkloppen van een vlak oppervlak. Bij sterke vervuiling met zeeploog wassen, aansluitend met schoon water uitspoelen en aan de lucht laten dro- gen.

6. De montage volgt in omgekeerde volgorde.

10.2.4 Bougie (afb. 11 + 12)

m LET OP: Vervang de bougie alleen als de motor koud is! Controleer de bougie (22) voor de eerste keer na 20 bedrijfsuren op verontreiniging en reinig deze eventu- eel met een koperdraadborstel. Daarna de bougie (22) elke 50 bedrijfsuren onderhouden.

1. Open de bougieafdekking (4).

2. Trek de bougiestekker (24) er met een draaibewe-

3. Verwijder de bougie (23) met de meegeleverde

4. Verwijder het vuil van het voetstuk van de bougie

5. Controleer de bougie (23) visueel. Verwijder evt.

aangekoekte resten met een koperen draadbor- stel.

6. Controleer de elektrodeafstand van de bougie.

Stel de elektrodenafstand met een voelermaat in op 0,6 tot 0,7 mm.

7. De montage volgt in omgekeerde volgorde.

Houd de 12 V DC veiligheidsontgrendelingsknop (15) 1 seconde ingedrukt.

3. Als de 12 V DC veiligheidsontgrendeling (15) niet

is geactiveerd, is de 12 V DC veiligheidsontgren- deling (15) ine󰀨ectief.

10. Reiniging en onderhoud

Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerk- zaamheden de motor uit en trek de bougiestekker (24) uit de bougie (23). LET OP! Gevaar voor brandwonden! Wacht tot het apparaat is afgekoeld voordat u reinigings- of onder- houdswerkzaamheden uitvoert.

Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleu- ven en de motorbehuizing zo stof- en vuilvrij mogelijk zijn. Wrijf het apparaat met een schone doek schoon of blaas het met perslucht bij een lage druk uit. Wij advi- seren om het apparaat direct na elk gebruik te reinigen. Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of op- losmiddelen. Hierdoor kunnen de kunststofonderdelen van het apparaat worden aangetast. Let op dat er geen water in het apparaat terecht komt.

WAARSCHUWING! Draag bij onderhoudswerkzaamheden altijd veilig- heidshandschoenen en luchtwegbescherming!

10.2.1 Oliepeil controleren

1. Ga te werk, zoals beschreven onder punt 8.2.

10.2.2 Olieverversing (afb. 7 + 8)

Vervang de motorolie na de eerste 20 bedrijfsuren, daarna steeds na 50 uur resp. om de drie maanden. Het verversen van de motorolie moet bij een bedrijfs- warme motor worden uitgevoerd.

1. Plaats de generator op een vlak, recht oppervlak.

2. Verwijder de motorafdekking (3) zoals onder 8.2

beschreven. (Afb. 7)

3. Zet een opvangreservoir (niet bij de levering inbe-

door het kantelen van de generator in het op- vangreservoir af.www.scheppach.com

11.1 Voorbereiding voor de opslag

1. Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor

benzine (zie hoofdstuk 11.2). Waarschuwing: Verwijder de benzine niet in ge- sloten ruimtes, in de buurt van vuur of bij het roken. Gasdampen kunnen explosies of brand veroorza- ken.

2. Ververs de olie na elk seizoen.

3. Verwijder daartoe de oude motorolie uit de warme

motor en vul nieuwe olie bij.

4. Verwijder de bougie (23). (afb. 12)

5. Vul met een oliekan ca. 20 ml olie in de cilinder.

6. Trek langzaam aan het starterkoord, zodat de olie

de cilinder aan de binnenkant beschermt.

7. Schroef de bougie (23) weer vast.

8. Bewaar het apparaat op een goed geventileerde

11.2 Benzine met de afzuigpomp voor benzine af-

tappen Bij opslag voor langere tijd moet de benzine worden afgetapt.

1. Houd een opvangreservoir onder de slang van de

afzuigpomp voor benzine (niet bij de levering in- begrepen).

2. Schroef de tankdop (2) los en haal hem van de

3. Verwijder het brandsto󰀩lterelement (24).

4. Schuif de slang van de afzuigpomp van de benzine

in de benzinetank en tap de benzine met behulp van de afzuigpomp voor benzine volledig af.

5. Plaats het brandsto󰀩lterelement (24) weer terug.

1. Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor

benzine (zie hoofdstuk 11.2).

2. Voor zover operationeel, laat de motor draaien tot

de rest van de brandstof verbruikt is.

3. Tap de motorolie van de warme motor af (zoals be-

schreven onder 10.2.2 Olieverversing).

4. Verwijder de bougiestekker (24) uit de bougie (23).

5. Beveilig het apparaat tegen wegglijden met bij-

voorbeeld spanbanden.

6. Het stroomaggregaat kan met de handgreep (1)

worden opgetild en verplaatst. AANWIJZING Een losse bougie kan oververhit raken en zo de motor beschadigen. En een te strak vastgedraaide bougie kan de schroefdraad in de cilinderkop beschadigen.

10.2.5 Brandsto󰀩lterelement reinigen

(afb. 13 + 14) Aanwijzing: Bij het brandsto󰀩lterelement (25) gaat het om een lterbeker, die zich direct onder de tankdop (2) bevindt en alle gevulde brandstof ltert.

1. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in positie “OFF”.

2. Open de tankdop (2).

3. Verwijder het brandsto󰀩lterelement (25) en de

vulpeilmarkering (26). Reinig deze niet in ont- vlambaar oplosmiddel of een oplosmiddel met een hoog vlampunt.

4. Plaats het brandsto󰀩lterelement (25) met de vul-

Vermeld in geval van vragen de volgende gege- vens:

  • Gegevens van het typeplaatje van de machine
  • Gegevens van het typeplaatje van de motor Belangrijke aanwijzing bij reparatie: Houd er bij retourlevering van het apparaat voor repa- ratie rekening mee dat het apparaat om veiligheidsre- denen vrij van olie en brandstof naar het servicestation moet worden gestuurd.

10.3 bestelling van reserveonderdelen

Bij het bestellen van reserveonderdelen moeten de vol- gende gegevens worden vermeld:

  • Artikelnummer van het apparaat Service-informatie Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Bougie, luchtlter
  • niet persé in de levering opgenomen! Neem in het geval van reserveonderdelen en accessoi- res contact op met ons servicecentrum. Scan hiervoor de QR code op de voorpagina.www.scheppach.com
  • Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikaat aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elek- trische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.
  • Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden ge- installeerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Eu- ropese Unie kunnen andere voorschriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Informatie over het afvoeren van versleten appara- tuur kunt u opvragen bij uw gemeente. Brandsto󰀨en en oliën
  • Voor het afvoeren van het apparaat moeten de brandstoftank en het motorreservoir worden ge- leegd!
  • Brandstof en motorolie horen niet bij het huishoude- lijke afval of in het riool, maar moeten worden inge- zameld resp. gescheiden worden afgevoerd!
  • Lege olie- en brandstoftanks moet milieuvriendelijk worden afgevoerd.

13. Afvalverwerking en hergebruik

Aanwijzingen op de verpakking De verpakkingsmaterialen zijn re- cyclebaar. Verpakkingen milieu- vriendelijk afvoeren. Aanwijzingen betre󰀨ende de wetgeving Afgedank- te elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishoude- lijke afval, maar moeten worden ingeza- meld resp. gescheiden worden afgevoerd!

  • Oude batterijen of accu’s die niet vast in het afge- dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór het afvoeren op niet-destructieve wijze worden ver- wijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wet- geving inzake batterijen.
  • Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elek- tronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruik de batterijen en accu’s in te leveren.
  • De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wis- sen van persoonsgerelateerde gegevens op het af te voeren afgedankte apparaat!
  • Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak bete- kent dat afgedankte elektrische en elektronische ap- paratuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden gegooid.
  • Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunnen bij de volgende punten kosteloos worden ingeleverd: - Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten (bijv. gemeentewerven) - Verkooppunten van elektrische apparaten (statio- nair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden. - Tot drie afgedankte elektronische apparaten per apparaattype, met een randlengte van niet meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven kopen, of naar een ander erkend inzamelpunt in je omge- ving worden gebracht. - Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaar- den van de fabrikanten en distributeurs verzoe- ken wij u contact op te nemen met de betre󰀨ende klantenservice.www.scheppach.com

14. Verhelpen van storingen

De volgende tabel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kunt lossen, als uw machine niet goed werkt. Als u het probleem hiermee niet kunt vinden en kan oplossen, neem dan contact op met uw service-werk- plaats. Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Motor kan niet worden gestart Automatische olie-uitschakeling start automatisch Controleer het oliepeil, vul de motorolie bij Bougie verroest Reinig of vervang de bougie. Geen brandstof Brandstof bijvullen Generator heeft te weinig of geen spanning Elektronica defect Reparatie door een geautoriseerde service-werkplaats. Overstromingsbeveiligingsscha- kelaar is geactiveerd Generator opnieuw opstarten, verbruiker verminderen Luchtlter vervuild Filter reinigen of vervangen

15. Onderhoudsschema

De volgende onderhoudstermijnen absoluut in acht nemen om een storingsvrij bedrijf te waarborgen. LET OP! Bij de eerste inbedrijfstelling moet motorolie en brandstof worden bijgevuld. Voor elk gebruik na een bedrijfstijd van 20 uur na een bedrijfstijd van 50 uur na een bedrijfstijd van 300 uur Controle van de motorolie

Verversen van de motorolie eerste controle daarna elke 50 uur

Controle van het luchtlter

Evt. lterinzetstuk vervangen Reiniging van het luchtlter

Visuele controle op het apparaat

Let op: De punten “X*” alleen laten uitvoeren bij een gespecialiseerd bedrijf.www.scheppach.com

16. Conformiteitsverklaring

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : SG3500

Categorie : Generator