SCHEPPACH SG3500 - Generator

SG3500 - Generator SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SG3500 SCHEPPACH in PDF-formaat.

📄 300 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice SCHEPPACH SG3500 - page 74
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Producttype Invertergenerator
Merk Scheppach
Model SG3500
Continu vermogen (COP) 230 V 3,0 kW
Max. vermogen (P_max) 230 V 3,2 kW
Piekvermogen (P_peak) 230 V 3,5 kW
Nominale spanning 230 V~
Nominale stroom (2 stopcontacten 230 V) 2 x 13 A
Nominale stroom 12 V DC 8,0 A
USB-aansluiting 2 x 2,1 A
Frequentie 50 Hz
Vermogensklasse G1
Arbeidsfactor φ 1
Kwaliteitsklasse A
Motortype 4-takt, 1 cilinder, luchtgekoeld
Cilinderinhoud 141 cm³
Max. motorvermogen 3,6 kW / 4,8 PS
Brandstof Benzine Super E10
Tankinhoud 6,3 L
Motorolie 15W40, ca. 400 ml
Verbruik bij vollast 1,78 L/h
Max. gebruikstemperatuur 40 °C
Max. hoogte 1000 m
Bougie A7RTC, elektrodenafstand 0,6-0,7 mm
Geluidsvermogenniveau (L_WA) 96 dB
Geluidsdrukniveau (L_pA) 74,6 dB
Beschermingsklasse IP23M
Gewicht Ca. 25 kg (schatting)
Afmetingen (L x B x H) Ca. 55 x 40 x 45 cm (schatting)
Ontstekingstype Trekstarter
Beschermingsfuncties Automatische uitschakeling bij laag oliepeil, overbelastingsbeveiliging, overbelastingswaarschuwing
Energiebesparing ECO-schakelaar
Meegeleverde accessoires Trechter, bougiesleutel, 12V kabel, gebruikershandleiding
Garantie CE-conformiteit, wettelijke garantie

Veelgestelde vragen - SG3500 SCHEPPACH

Welk type brandstof moet ik gebruiken voor de Scheppach SG3500?
Gebruik uitsluitend Super E10 benzine. Gebruik nooit een olie-benzinemengsel of andere brandstof.
Hoe start ik de generator koud?
Zet de aan/uit-schakelaar op de stand 'Choke' (handmatige starter). Trek stevig aan de trekstarter tot de motor start. Na 15-30 seconden zet u de schakelaar op 'RUN'.
Wat moet ik doen als de motor niet start?
Controleer het oliepeil (de automatische uitschakeling kan zijn geactiveerd), de staat van de bougie (reinigen of vervangen) en het brandstofpeil. Raadpleeg het hoofdstuk 'Problemen oplossen' in de handleiding.
Welk type motorolie moet ik gebruiken en hoeveel?
Gebruik motorolie 15W40. De capaciteit is ongeveer 400 ml. Controleer het niveau met de peilstok en vul bij tot de middelste markering zonder de peilstok in te draaien.
Hoe onderhoud ik het luchtfilter?
Reinig het luchtfilter elke 50 bedrijfsuren. Tik het uit op een vlak oppervlak of was het met zeepwater, spoel het en laat het drogen. Laat de motor nooit draaien zonder filter.
Wat zijn de olieverversingsintervallen?
Ververs de olie na de eerste 20 bedrijfsuren, daarna elke 50 uur of elke drie maanden. Tap de olie af terwijl de motor warm is voor een gemakkelijkere afvoer.
Kan ik de generator binnenshuis gebruiken?
Nee, nooit binnenshuis of in een slecht geventileerde ruimte. Uitlaatgassen zijn giftig. Gebruik de generator alleen buiten, op minimaal 1 m van muren.
Wat betekent de overbelastingswaarschuwing (rode indicator)?
Het geeft een overbelasting van de 230V-stopcontacten aan. Koppel de apparaten los, schakel de generator uit en druk gedurende 1 seconde op de 'RESET'-knop om de stroomvoorziening te herstellen.
Hoe moet ik de generator opslaan na gebruik?
Tap de benzinetank leeg met een zuigpomp. Tap de warme olie af en vul met nieuwe olie. Verwijder de bougie, giet 20 ml olie in de cilinder en trek langzaam aan de starter. Bewaar op een goed geventileerde plaats.
Wat is het maximale vermogen op 12 V?
De 12V DC-aansluiting levert 8,0 A. Deze wordt beschermd door een veiligheidsschakelaar. Gebruik de meegeleverde 12V-kabel om accu's op te laden of 12V-apparaten van stroom te voorzien.

Gebruikersvragen over SG3500 SCHEPPACH

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Generator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SG3500 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SG3500 van het merk SCHEPPACH.

GEBRUIKSAANWIJZING SG3500 SCHEPPACH

Verklaring van de symbolen op het apparaat

Het gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeld om uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De veiligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goed worden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomen geen risico's en kunnen de juiste maatregelen betreffende ongevallenpreventie niet vervangen.

SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 1Let op! Het niet in acht nemen van de op de machine aangebrachte veiligheidstekens en waarschuwingen alsook het niet in acht nemen van de veiligheids- en bedieningsaanwijzingen kan tot ernstig of zelfs dodelijk letsel leiden.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 2WAARSCHUWING - Ter vermindering van het risico op letsel, moet de gebruikshandleiding worden gelezen.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 3Draag gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 4Draag werkhandschoenen!
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 5Stel het apparaat niet bloot aan regen.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 6Open vuur of roken in de nabijheid van het apparaat is streng verboden!
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 7Waarschuwing voor hete delen.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 8Waarschuwing voor elektrische spanning.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 9Zorg ervoor dat andere personen voldoende veiligheidsafstand aanhouden. Houd onbevoegde personen uit de buurt van het apparaat.Let op hete oppervlakken! Gevaar voor brandwonden.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 10Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden de motor uit en trek de bougiestekker uit de bougie.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 11Gevaar voor vergiftiging! Gebruik het apparaat alleen buitenshuis en nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 12Bij het starten van de motor kunnen vonken ontstaan. Deze kunnen ontsteken in de nabijheid van brandbare gassen.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 13SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 14Lees voor de ingebruikname de complete tekst van de gebruikshandleiding zorgvuldig door!Belangrijk. Schakel eerst de motor uit voordat de brandstof wordt bijgevuld. Vul niet bij als de motor stationair draait.
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 15Wees uiterst voorzichtig bij de omgang met brandstoffen en smeermiddelen!
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 16Controle van het oliepeil
SCHEPPACH SG3500 - Verklaring van de symbolen op het apparaat - 17Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen.
Let op!In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betreffen van dit teken voorzien.

Inhoudsopgave:

Pagina:

  1. Inleiding....74
  2. Apparaatbeschrijving....74
  3. Inhoud van de levering 74
  4. Beoogd gebruik....75
  5. Algemene veiligheidsvoorschriften 75
  6. Technische gegevens 78
  7. Uitpakken 79
  8. Voor de ingebruikname....79
  9. Bediening 80
  10. Reiniging en onderhoud 82
  11. Opslag....83
  12. Transport....83
  13. Afvalverwerking en hergebruik....84
  14. Verhelpen van storingen....85
  15. Onderhoudsschema 85
  16. Conformiteitsverklaring....295

1. Inleiding

Fabrikant:

Scheppach GmbH

Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat.

Aanwijzing:

De fabrikant van dit apparaat is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijk voor schade die aan dit apparaat of door dit apparaat ontstaan bij:

  • ondeskundige behandeling,
  • Niet in acht nemen van de gebruikshandleiding
  • Reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmensen
  • Inbouw en vervanging van niet-originele reserveonderdelen
  • Dat niet conform de voorschriften is.
  • Uitvallen van de elektrische installatie bij het niet in acht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE 0113

Let op:

Lees voor de montage en voor de inbedrijfstelling de complete tekst van de gebruikshandleiding door.

De gebruikshandleiding is bedoeld om het gemakkelijker te maken, uw apparaat te leren kennen en de beoogde toepassingsmogelijkheden van het apparaat te benutten.

De gebruikshandleiding bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het apparaat veilig, vakkundig en economisch werkt en hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitvaltijden vermindert en de betrouwbaarheid en levensduur van het apparaat verhoogt.

Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het apparaat geldende voorschriften van uw land in acht nemen.

Bewaar de gebruikshandleiding bij het apparaat in een plastic hoes, beschermd tegen vuil en vocht. De gebruikshandleiding moet door elke bediener van de machine voor aanvang van de werkzaamheden worden gelezen en zorgvuldig worden nageleefd.

Aan het apparaat mogen alleen personen werken, die voor het gebruik van het apparaat geïnstrueerd en over de daarmee verbonden gevaren geïnformeerd zijn.

De vereiste minimumleeftijd moet in acht worden genomen.

Naast de in deze gebruikshandleiding opgenomen veiligheidsvoorschriften en de bijzondere voorschriften van uw land moet u de algemeen erkende technische voorschriften in acht nemen voor de werking van machines van hetzelfde type.

Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.

2. Apparaatbeschrijving (afb. 1 - 14)

  1. handgreep
  2. Tankdop
  3. motorafdekking
  4. Bougieafdekking
  5. Startmotor met trekkabel
  6. Verklikker in bedrijf
  7. Verklikker overbelasting
  8. Verklikker laag oliepeil
  9. USB aansluiting (2x)
  10. Energiebesparingsschakelaar (ECO)
  11. Aan-/uit schakelaar met choke
  12. RESET-knop
  13. 230 V\~ stopcontact (2x)
  14. 12V DC aansluiting
  15. 12V DC inschakelmechanisme
  16. Aardingsschroef
  17. Trechter
  18. Bougiesleutel
  19. Aansluiting - 12V
  20. Oliepeilstok
  21. luchtfilterdeksel
  22. Luchtfilter
  23. Bougie
  24. Bougiestekker
  25. Brandstofffilterelement
  26. Vulpeilmarkering

3. Inhoud van de levering (afb. 4)

  • Inverter generator
  • Trechter (17)
  • Bougiesleutel (18)
    • Aansluiting - 12V (19)
  • Gebruikshandleiding

4. Beoogd gebruik

De generator is geschikt voor apparaten die zijn voorzien voor het gebruik van een 230 V wisselspanning of 12V.

Bij huishoudapparaten en elektronische apparatuur dient u de geschiktheid volgens de desbetreffende gegevens van de fabrikant te controleren.

Let op! De stroomgenerator mag niet op het elektrici- teitsnet worden aangesloten als huishoudelijke noodstroomvoorziening. Er kunnen daardoor beschadigingen aan de generator of aan de elektrische apparaten worden veroorzaakt.

De machine mag uitsluitend voor het voorgeschreven doel worden gebruikt. Elk ander of verdergaand gebruik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/ bediener en niet de fabrikant is aansprakelijk voor ont- stane schade of elke vorm van letsel.

Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de gebruikshandleiding maken deel uit van het beoogd gebruik.

Personen die de machine bedienen of die onderhoud aan de machine verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren.

Bovendien moeten de van kracht zijnde voorschriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden nageleefd.

Andere algemene arbo-, gezondheids- en veiligheids- voorschriften moeten in acht worden genomen.

De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan de machine worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade.

Let erop dat onze apparaten volgens het beoogd gebruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het apparaat in bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden wordt ingezet.

5. Algemene veiligheidsvoorschriften

In deze gebruikshandleiding hebben wij punten die uw veiligheid betreffen van dit teken voorzien: △

Bovendien bevat de gebruikshandleiding andere belangrijke tekstgedeeltes die zijn voorzien van het woord "LET OP!".

⚠ Let op!

Bij het gebruik van apparaten moeten enkele veiligheidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen. Lees daarom absoluut deze gebruikshandleiding / veiligheidsvoorschriften door. Indien u het apparaat aan andere personen mocht overhandigen, overhandig dan tevens deze gebruiksaanwijzing/veiligheidsaanwijzingen. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, veroorzaakt door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften.

GEVAAR

Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op zeer ernstig of dodelijk letsel.

⚠ WAARSCHUWING

Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op ernstig of dodelijk letsel.

⚠️ VOORZICHTIG

Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat er gevaar voor licht tot gemiddeld ernstige verwonding.

AANWIJZING!

Bij het niet in acht nemen van deze aanwijzing bestaat het gevaar op een beschadiging van de motor of van andere zaken of goederen.

  1. Er mogen geen veranderingen aan de generator worden aangebracht.
  2. Het door de fabrikant ingestelde toerental mag niet worden gewijzigd. Generator of aangesloten apparaten kunnen beschadigd raken.
  3. Gevaar voor vergiftiging! Uitlaatgassen, brandstoffen en smeermiddelen zijn giftig. Uitlaatgassen mogen niet worden ingeademd.
  4. Brandgevaar! Benzine en benzinedampen zijn licht ontvlambaar resp. explosief.
  5. Uitlaatgassen zijn giftig. De generator mag niet worden gebruikt in gesloten ongeventileerde ruimten. Indien de stroomgenerator in goed geventileerde ruimten wordt gebruikt, moeten de uitlaatgassen direct naar buiten worden geleid en dient er aan extra veiligheidseisen te worden voldaan ter voorkoming van brand en explosies. Ook bij gebruik van een uitlaatslang kunnen giftige uitlaatgassen ontsnappen. Vanwege het brandgevaar mag de uitlaatslang nooit op brandbare stoffen worden gericht.

  6. De generator nooit in ruimtes met licht ontvlamba-re stoffen gebruiken.

  7. Warme oppervlakken! Gevaar voor brandwonden, uitlaatsysteem en aandrijfaggregaat niet aanra- ken.
  8. Raak geen mechanisch bewegende of hete onderdelen aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.
  9. Beschermende uitrusting! Gebruik een geschikte gehoorbescherming, indien u zich in de buurt van het apparaat bevindt.
  10. Er mogen voor het onderhoud en als accessoires uitsluitend originele onderdelen worden gebruikt.
  11. Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uit-sluitend door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.
  12. Bescherm uzelf tegen elektrische gevaren.
  13. De generator nooit met natte handen vastpakken.
  14. Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld H07RN.
  15. Indien verlengsnoeren of mobiele verdeelnetwerken worden gebruikt, mag de weerstandswaarde 1,5 Ω niet overschrijden. Als richtwaarde geldt, dat de totale lengte van leidingen voor een diameter van 1,5 mm² 60 m niet mag worden overschrijden, bij een diameter van 2,5 mm² mag 100 m niet worden overschreden.
  16. Generator nooit bij regen of sneeuwval gebruiken.
  17. Bij het transport en bijtanken de motor altijd uitschakelen.
  18. Brandstof is brandbaar en licht ontvlambaar. Niet tijdens het bedrijf bijvullen. Niet bijvullen als er wordt gerookt, of in de buurt van een open vuur. Mors geen brandstof.
  19. Niet in de buurt van open licht, vuur of vonkenregen tanken, resp. de tank legen. Niet roken!
  20. Het gebruik van de generator bij onweer is verboden. - Bliksemgevaar!
  21. De generator op een veilige, effen plaats opstellen. Draaien en kantelen of verplaatsing tijdens het bedrijf is niet toegestaan.
  22. De generator moet ten minste op een afstand van 1 m ten opzichte van wanden of aangesloten apparatuur worden opgesteld.
  23. Bescherm kinderen door ze op een veilige afstand te houden van de inverter generator.

  24. Bepaalde delen van de zuigermotor zijn heet en kunnen bij aanraking voor verbrandingen zorgen. Let op de waarschuwingen die op de stroomgenerator zijn aangebracht.

  25. Bij de technische gegevens onder geluidsvermogensniveau (LWA) en geluidsdrukniveau (LpA) aangegeven waarden, geven een emissieniveau weer en hoeven niet persé veilige werkniveaus te zijn. Aangezien een samenhang bestaat tussen de emissie- en immissieniveaus, kan deze niet betrouwbaar voor het bepalen van eventuele vereiste aanvullende voorzorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren op het actuele immissieniveau van de arbeid, sluiten de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen, geluidsemissie etc. zoals bijv. het aantal machines en andere naastgelegen processen en tijdmarge dat een gebruiker aan het lawaai wordt blootgesteld, uit. Bovendien kan het toegestane immissieniveau per land verschillen. Deze informatie zal voor de exploitant van de machine de mogelijkheid geven om een betere inschatting van de risico's en gevaren uit te voeren. In enkele gevallen moeten akoestische metingen na de installatie worden uitgevoerd, om het geluidsdrukniveau te bepalen.
  26. Waarschuwing! Volg de voorschriften omtrent elektrische veiligheid op, die op de plaats gelden waar de inverter generatoren worden gebruikt.
  27. Waarschuwing! Houd rekening met de vereisten en voorzorgsmaatregelen voor het geval een installatie opnieuw door inverter generatoren van elektriciteit moet worden voorzien, en hoe deze zich verhouden tot de veiligheidsmaatregelen voor deze installatie en tot de toepasselijke richtlijnen.
  28. De inverter generatoren kunnen alleen tot hun nominale vermogen onder de nominale omgevingsvoorwaarden worden toegepast. Als de toepassing van de inverter generatoren plaatsvindt onder omstandigheden die niet voldoen aan de referentieomstandigheden volgens ISO 8528-8:2016, 7.1, en als de koeling van de motor of de generator wordt belemmerd, bijvoorbeeld als gevolg van de werking in gebieden met beperkte toegang, is een vermogensvermindering vereist.
  29. Door de hoge mechanische belasting mogen alleen duurzame rubberen slangleidingen (volgens IEC 60245-4) of gelijkwaardige apparatuur worden gebruikt.
  30. Neem de voorschriften omtrent elektrische veiligheid in acht, die op de plaats gelden waar de inverter generatoren worden gebruikt.

  31. Houd rekening met de vereisten en voorzorgsmaatregelen voor het geval een installatie opnieuw door inverter generatoren van elektriciteit moet worden voorzien, en hoe deze zich verhouden tot de veiligheidsmaatregelen voor deze installatie en tot de toepasselijke richtlijnen.

Elektrische veiligheid

  1. Voor het gebruik dienen het stroomaggregaat en de bijbehorende elektrische uitrusting (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten ge-inspecteerd te worden.
  2. De generatoraggregaat mag niet met andere stroombronnen worden verbonden, bijvoorbeeld de stroomvoorziening van het elektriciteitsbedrijf. In speciale gevallen, als een reserveverbinding met aanwezige elektrische installaties wenselijk is, mogen deze uitsluitend door een bevoegd elektrotechnicus worden uitgevoerd, die daarbij rekening dient te houden met de verschillen tussen het gebruik van de apparatuur op het openbare stroomnet, of op de generatoraggregaat. Conform dit gedeelte van de ISO 8528 moeten de verschillen in de gebruikshandleiding worden aangegeven.
  3. De bescherming tegen een elektrische schok hangt af van de veiligheidsschakelaars, die exact op de generatoraggregaat zijn afgestemd. Als een veiligheidsschakelaar moet worden vervangen, moet deze door een veiligheidsschakelaar met dezelfde meet- en vermogenseigenschappen geschieden.

Waarschuwing! Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat het elektrische apparaat wordt gebruikt.

LET OP: Gebruik uitsluitend super E10 benzine als brandstof.

⚠ Omgang met benzine

⚠ Levensgevaar! Benzine is giftig en zeer ont- vlambaar.

  • Bewaar benzine alleen in daarvoor bedoelde en gecontroleerde containers (jerrycans). De sluitkappen van het tankreservoir moeten altijd correct opgeschroefd en aangehaald worden. Defecte sluitingen moeten vanwege veiligheidsredenen worden vervangen.
  • Houd benzine uit de buurt van vonken, open vuur, waakvlammen, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken!
  • Vul de tank uitsluitend bij in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken.
  • Schakel voor het tanken de verbrandingsmotor uit en laat deze afkoelen.
  • Benzine moet voor het starten de verbrandingsmotor worden bijgevuld. Als de verbrandingsmotor loopt of bij een hete machine mag de tankdop niet geopend worden of er benzine worden bijgevuld.
  • Open de tankdop voorzichtig en langzaam. Drukcompensatie afwachten en pas daarna de tankdop volledig afnemen.
  • Gebruik voor het tanken een geschikte trechter of een invoerbuis, zodat er geen brandstof op de verbrandingsmotor en behuizing resp. het gazon kan terechtkomen.
    • Vul de brandstoftank niet te vol!
  • Om de brandstof ruimte tot uitzetting te bieden, brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulpijp vullen. Extra gegevens in de gebruikshandleiding van de verbrandingsmotor in acht nemen.
  • Indien benzine is overstroomd, de verbrandingsmotor pas starten, nadat de met benzine vervuilde vlakken zijn gereinigd. Elke ontstekingspoging moet worden vermeden totdat de benzinedampen zijn verdampt (droogvegen).
    • Veeg gemorste brandstof direct weg.
  • Als benzine op kleding is terechtgekomen, moet deze worden vervangen.
  • De tankdop moet na elke keer tanken correct opgeschroefd en aangehaald worden. Het apparaat mag zonder opgeschroefde originele tankdop niet in gebruik worden genomen.
  • Controleer vanwege veiligheidsredenen de brandstofleiding, brandstoftank, tankdop en aansluitingen regelmatig op beschadigingen, veroudering (breekbaarheid), op correcte bevestiging en ondichte plaatsen en vervang deze indien nodig.

• Leeg de tank alleen in de open lucht.
- Gebruik nooit drinkflessen of gelijksoortig voor het verwijderen of opslaan van bedrijfsmiddelen, zoals bijv. brandstof. Personen, in het specifiek kinderen, kunnen verleid worden daaruit te drinken.
- Bewaar nooit het apparaat met benzine in de tank binnen een gebouw. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur en vonken in aanraking komen en zich ontsteken.
- Apparaat en brandstoftank niet in de buurt van verwarmingen, warmtestralers, lasapparaten of andere warmtebronnen neerzetten.

Explosiegevaar!

Als tijdens het gebruik een defect aan de tank, de tankdop of aan brandstofgeleidende delen (brandstof-leidingen) wordt vastgesteld, moet direct de verbrandingsmotor worden uitgeschakeld. Vervolgens moet contact met een leverancier worden opgenomen.

Restrisico's

Het apparaat is vervaardigd volgens de stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn van enkele restrisico's.

  • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektriciteit bij gebruik van onjuiste snoeren.
  • Bovendien kunnen er ondanks alle getroffen voorzieningen verborgen restrisico's bestaan.
  • Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd als de "veiligheidsvoorschriften" en het "gebruik conform de voorschriften", alsook de gebruikshandleiding in acht worden genomen.
  • Voorkom het onvoorzien opstarten van de generator.
  • Gebruik het apparaat zoals in deze gebruikshandleiding wordt aanbevolen. Zo zorgt u dat uw generator optimale prestaties levert.
Nominale spanning Un230 V~
Nominale stroom In2 x 13 A (230 V~)
Nominale stroom In8,0 A (12 V)
Nominale stroom In2 x 2,1 A (USB)
Frequentie Fn50 Hz
Vermogensklasse G1
Actieve vermogensfactor φ 1
Kwaliteitsklasse A
Opbouw aandrijfmotor4-takt 1 cilinder luchtgekoeld
Cilinderinhoud 141 cm/s3
Max. vermogen (motor) 3,6 kW / 4,8 PS
Brandstof Super E10 benzine
Tankinhoud 6,3 l
Type motorolie 15W40
Hoeveelheid olie (ca.) 400 ml
Verbruik bij volledige belasting 1,78 l/h
Temperatuur max. 40 °C
Max. plaatsingshoogte (boven NAP)1000 m
Bougie A7RTC

Technische wijzigingen voorbehouden!

Bedrijfsmodus S1 (continu gebruik)

De machine kan continu met het aangegeven vermogen worden gebruikt.

Bedrijfsmodus S2 (kortstondig gebruik)

De machine mag korte tijd op het maximum- of piekvermogen worden gebruikt.

Geluid en trilling

⚠ Waarschuwing! Lawaai kan ernstige gezondheidsklachten tot gevolg hebben. Als het geluid van de machine hoger is dan 85 dB, dient u geschikte gehoorbescherming te dragen.

Informatie over geluidsproductie conform

EN ISO 3744:1995, ISO 8528-10:1998

Geluidswaarden

Geluidsvermogensniveau L_WA 96 dB
Geluidsdrukniveau L_pA 74,6 dB
Onzekerheid K_wa/pA 1,5 dB

7. Uitpakken

  • Open de verpakking en haal het apparaat er voorzichtig uit.
  • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).
  • Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
  • Controleer het apparaat en de hulpstukken op transportschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
  • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd.
  • Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met het apparaat aan de hand van de gebruikshandleiding.
  • Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveonderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier.
  • Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het apparaat aan.

⚠ WAARSCHUWING!

Het apparaat en verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar!

8. Voor de ingebruikname

Elektrische veiligheid

Voor het gebruik dienen de generator en de bijbehorende elektrische apparatuur (inclusief de leidingen en stekkerverbindingen) op defecten geïnspecteerd te worden.

Verbind de stroomgenerator nooit met de stroomvoorziening (contactdoos).

De leidinglengtes naar de verbruiker moeten zo kort mogelijk worden gehouden.

⚠ GEVAAR!

Brand- en explosiegevaar!

Brandstof kan zich bij het vullen ontsteken en even-tueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood.

  • Schakel de motor uit en laat deze afkoelen.
  • Houd uit de buurt van hitte, vlammen en vonken.
  • Vul brandstof alleen in de open lucht bij.
  • Draag veiligheidshandschoenen.

  • Vermijd huid- en oogcontact.

  • Start het apparaat met een afstand van minste 3 m tot de vullocatie van de brandstof.
  • Let op voor ondichte plekken. Start de motor niet als er benzine uitloopt.

⚠ WAARSCHUWING!

Gevaar voor de gezondheid!

Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ontstaan en dit in extreme gevallen zelfs tot de dood leiden.

  • Adem benzine-/smeeroliedampen niet in.
  • Gebruik het apparaat alleen in de open lucht.

AANWIJZING!

Productbeschadiging

Als het apparaat zonder of met te weinig motor- of transmissieolie wordt gebruikt, kan dit tot motorschade leiden.

- Vul voor de ingebruikname benzine en olie in. Het apparaat wordt zonder motor- of transmissieolie geleverd.

AANWIJZING!

Milieuschade!

Uitgelopen olie kan het milieu ernstig verontreinigen. De vloeistof is zeer giftig en kan snel tot waterverontreiniging leiden.

  • Olie alleen vullen/aftappen op effen, stevige ondergronden.
  • Gebruik een vulpijp of trechter.
  • Vang afgetapte olie in een geschikte container op.
  • Veeg gemorste olie direct zorgvuldig weg en verwijder de doek conform de lokale voorschriften.
  • Verwijder olie conform de lokale voorschriften.
  • Geen ongeïsoleerd draad om te aarden gebruiken.
  • Generator moet goed geaard zijn.

Om statische ladingen af te laten vloeien, moet de behuizing worden geaard. Hiervoor wordt een kabel aan een zijde op de aardingsklem (16) van de generator en aan de andere kant met een externe massa (bijv. aardpen) verbonden.

LET OP!

Controle voor gebruik

  • Controleer alle zijdes van de motor op olie of brandstoflekken.
  • Controleer het motoroliepeil.
  • Controleer het brandstofpeil – Vul de tank met minstens 2 liter Super E10 benzine.
  • Controleer de conditie van het luchtfilter.
  • Controleer de conditie van de brandstofleidingen.
  • Let op tekenen van schade.
  • Controleer of alle veiligheidsafdekkingen zijn aangebracht en of alle schroeven zijn aangedraaid.
  • Zorg voor voldoende ventilatie van het apparaat.
  • Controleer of de bougiestekker aan de bougie (23) is bevestigd.
  • Eventueel aangesloten elektrisch apparaat loskoppelen van de stroomgenerator.

8.2 Olie bijvullen (afb. 7 + 8)

⚠ Let op!

De generator wordt geleverd zonder motorolie. Voor ingebruikname daarom altijd olie bijvullen. Gebruik hiertoe 15W40 olie.

Controleer regelmatig voor elk gebruik het oliepeil. Een te laag oliepeil kan de motor beschadigen.

  1. Plaats de generator op een vlak, recht oppervlak.
  2. Verwijder de motorafdekking (3) door de beide schroeven met een kruiskopschroevendraaier (niet bij de levering inbegrepen) er uit te schroeven.
  3. Schroef de oliepeilstok (20) los.
  4. Vul de tank met behulp van de trechter (17) met motorolie. Let op de max. vulhoeveelheid van 400 ml. Vul de olie voorzichtig bij tot aan de onderkant van de vulpijp.
  5. Veeg de oliepeilstok (20) met een schone, pluisvrije doek schoon.
  6. Voer de oliepeilstok (20) weer in en controleer het oliepeil zonder de peilstok weer vast te schroeven.
  7. Het oliepeil moet binnen de middelste markering op de oliepeilstok staan.
  8. Als het oliepeil te laag is, voeg dan de aanbevolen hoeveelheid olie toe (max. 400 ml).
  9. Schroef de oliepeilstok (20) vervolgens weer vast.
  10. Plaats de motorafdekking (3) terug en zet deze stevig vast door de beide schroeven weer aan te draaien.

8.3 Brandstof bijvullen

⚠️ Let op!

De generator wordt geleverd zonder benzine. Voor ingebruikname daarom altijd benzine bijvullen. Gebruik hiervoor Super E10 benzine.

  1. Schroef de tankdop (2) open en vul met behulp van een trechter (17) maximaal 6,3 liter Super E10 benzine in het tankreservoir bij.
  2. Let op dat de tank niet te vol wordt gevuld (Vulpeilmarkering (26) in acht nemen!) en dat er geen benzine wordt gemorst. Brandstofffilterelement (25) gebruiken. Gemorste benzine direct opnemen en wachten tot de benzinedampen zijn vervlogen (vanwege ontstekingsgevaar).
  3. Sluiten van de tankdeksel (2).

⚠ LET OP!

Tank in een goed geventileerde omgeving waarbij de motor is uitgeschakeld.

Als de motor direct daarvoor in gebruik was, moet deze eerst afkoelen. Tank de motor nooit in een gebouw, waar de benzinedampen vlammen of vonken kunnen bereiken.

Benzine is zeer brandgevaarlijk en explosief. U kunt bij het omgaan met brandstof brandwonden of ander ernstig letsel oplopen.

9. Bediening

⚠ Let op!

Het apparaat moet voor de ingebruikname volledig zijn gemonteerd!

9.1 Motor starten (afb. 5 + 6)

⚠ Let op! Gevaar voor vergiftiging!

Gebruik het apparaat alleen buitenshuis en nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten.

  1. Zet de beluchting op de tankdop (2) op "ON".

  2. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in positie "RUN".

Aanwijzing: De energiebesparingsschakelaar (10) moet op "OFF" staan.

In "koude" toestand

  1. Let op! Laat nooit het starterkoord (5) terugschie- ten. Dit kan tot schade leiden.
  2. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in de stand "Choke".
  3. Trek nu het starterkoord (5) snel aan tot de motor start. Als de motor niet start, herhaalt u de werkwijze.

  4. Zet de aan/uit-schakelaar (11) nadat de motor is gestart (na ca. 15-30 sec) uit stand "CHOKE" in stand "RUN". (afb. 6)

  5. Als de motor ook na meerdere pogingen niet aanspringt, dient u het hoofdstuk "Verhelpen van storingen" te raadplegen.

Aanwijzing:

Als de motor voor de eerste keer wordt gestart, zijn er meerdere pogingen nodig, totdat de brandstof van de tank naar de motor is verplaatst en deze aanspringt.

Aanwijzing: Bij hoge buitentemperaturen kan het voorkomen dat de generator ook bij een koude motor zonder choke moet worden gestart!

In "warme" toestand

  1. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in positie "RUN".

  2. Trek nu snel aan het starterkoord (5). Het apparaat moet na maximaal 2 keer trekken starten. Als het apparaat nog altijd niet start, herhaalt u de werkwiize onder "Starten bij koude motor".

9.2 Motor uitzetten

Laat de generator kort (ca. 30 seconden) onbelast lopen, voordat u hem uitzet, zodat deze kan "nakoelen".

  1. De aan/uit-schakelaar (11) in de stand "OFF" zetten.

  2. Koppel de stroom los van het aangesloten apparaat.

  3. Zet de beluchting op de tankdop (2) op "OFF".

9.3 Bedrijfsweergave (6) (afb. 3)

De bedrijfsindicator (6) is bij een draaiende motor actief.

De overbelastingsbeveiliging wordt actief bij een te hoge vermogensafname en schakelt de 230 V\~ stopcontacten (13) uit.

  1. Schakel het apparaat uit zoals beschreven in hoofdstuk 9.2.

  2. Koppel de stroom los van het aangesloten apparaat.

9.5 "RESET" knop (12) (Fig. 3)

Als de overbelastingsbeveiliging in werking is getreden en de overbelastingsindicator (7) rood oplicht, kan de "RESET"-knop (12) het uitgangsvermogen van de stroomgenerator van de omvormer herstellen. Het is dan niet nodig om de motor opnieuw te starten.

  1. Houd de "RESET" knop (12) 1 seconde ingedrukt totdat het lampje (rood) uitgaat en de bedrijfsindicator (6) (groen) oplicht.

Als de overbelastingsbeveiliging niet in werking is getreden, heeft de "RESET"-knop (12) geen effect.

9.6 Oliecontrolelampje (8) (afb. 3)

Het lampje gaat branden als het oliepeil te laag is en gaat uit zodra het juiste peil is bereikt.

9.7 Automatisch uitschakelmechanisme voor olie

Het automatische uitschakelmechanisme voor olie wordt geactiveerd als er te weinig motorolie aanwezig is. Het oliecontrolelampje (8) begint te knipperen, als er te weinig olie in de motor aanwezig is. Het controle-lampje gaat branden als de oliehoeveelheid onder de veiligheidshoeveelheid komt. De motor wordt na korte tijd automatisch uitgeschakeld. Het starten is pas weer mogelijk als er motorolie is bijgevuld (zie hoofdstuk 8.2).

Het lampje gaat branden als het oliepeil te laag is en gaat uit zodra het juiste peil is bereikt.

Als het oliepeil te laag is, brandt het oliecontrolelampje (8) tijdens het starten. Vul de motorolie, zoals onder 8.2 beschreven, bij en herhaal de startprocedure.

9.8 Energiebesparingsschakelaar (10) (afb. 3)

Om het brandstofverbruik bij stationair toerental te reduceren, zet u de energiebesparingsschakelaar (10) op de stand "ON".

De energiebesparingsschakelaar (10) moet zijn uitgeschakeld, als alle elektrische apparaten zijn aangesloten, die en hoge startstroom vereisen, zoals bijv. een compressor. Ook als de generator wordt gestart, moet eerst de energiebesparingsschakelaar op "OFF" staan.

9.9 USB-aansluiting (9) (afb. 3)

Deze generator is voorzien van twee USB-aansluitingen. Deze kunnen bijvoorbeeld worden gebruikt voor het opladen van smartphones.

9.10 Externe apparaten opladen (fig. 3)

⚠ GEVAAR!

Gevaar door verkeerd opladen.

  1. Steek de adapterkabel met 12 V klemmen (19) in de daarvoor bestemde 12 V DC aansluiting (14).

  2. Als de 12 V DC veiligheidsontgrendeling (15) is geactiveerd, kan de 12 V DC veiligheidsontgren- deling (15) het uitgangsvermogen van de stroom- generator van de omvormer herstellen.

Houd de 12 V DC veiligheidsontgrendelingsknop (15) 1 seconde ingedrukt.

  1. Als de 12 V DC veiligheidsontgrendeling (15) niet is geactiveerd, is de 12 V DC veiligheidsontgren- deling (15) ineffectief.

10. Reiniging en onderhoud

Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden de motor uit en trek de bougiestekker (24) uit de bougie (23).

LET OP! Gevaar voor brandwonden! Wacht tot het apparaat is afgekoeld voordat u reinigings- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert.

10.1 Reiniging

Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleuven en de motorbehuizing zo stof- en vuilvrij mogelijk zijn. Wrijf het apparaat met een schone doek schoon of blaas het met perslucht bij een lage druk uit. Wij adviseren om het apparaat direct na elk gebruik te reinigen. Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Hierdoor kunnen de kunststofonderdelen van het apparaat worden aangetast. Let op dat er geen water in het apparaat terecht komt.

10.2 Onderhoud

WAARSCHUWING!

Draag bij onderhoudswerkzaamheden altijd veiligheidshandschoenen en luchtwegbescherming!

10.2.1 Oliepeil controleren

  1. Ga te werk, zoals beschreven onder punt 8.2.

10.2.2 Olieverversing (afb. 7 + 8)

Vervang de motorolie na de eerste 20 bedrijfsuren, daarna steeds na 50 uur resp. om de drie maanden. Het verversen van de motorolie moet bij een bedrijfswarme motor worden uitgevoerd.

  1. Plaats de generator op een vlak, recht oppervlak.
  2. Verwijder de motorafdekking (3) zoals onder 8.2 beschreven. (Afb. 7)
  3. Zet een opvangreservoir (niet bij de levering inbegrepen) klaar.
  4. Open de oliepeilstok (20) en tap warme motorolie door het kantelen van de generator in het opvangreservoir af.

  5. Vul nieuwe motorolie bij (ca. 0,35 l).

  6. Schroef de oliepeilstok (20) weer vast.
  7. Voer de afgewerkte olie op correcte wijze af.

10.2.3 Luchtfilter (afb. 9 + 10)

AANWIJZING!

Risico op materiële schade!

Het bedrijf van de motor zonder of met een beschadigd filterelement kan tot motorschade leiden.

- Laat de motor nooit zonder of met een beschadigd luchtfilterelement draaien. Dan komen er verontreinigingen in de motor terecht, die de motor ernstig kunnen beschadigen.

Luchtfilter (22) elke 50 bedrijfsuren regelmatig reinigen, zo nodig vervangen.

  1. Verwijder de motorafdekking (3) (afb. 7).
  2. Verwijder het luchtfilterdeksel door de bevestigingslipjes aan de zijkant in te drukken.
  3. Haal het luchtfilter (22) eruit.
  4. Voor het reinigen van het filter mogen geen scherpe reinigingsmiddelen of benzine worden gebruikt.
  5. De elementen moeten worden gereinigd door het uitkloppen van een vlak oppervlak. Bij sterke vervuiling met zeepleog wassen, aansluitend met schoon water uitspoelen en aan de lucht laten drogen.
  6. De montage volgt in omgekeerde volgorde.

10.2.4 Bougie (afb. 11 + 12)

⚠ LET OP: Vervang de bougie alleen als de motor koud is!

Controleer de bougie (22) voor de eerste keer na 20 bedrijfsuren op verontreiniging en reinig deze eventueel met een koperdraadborstel. Daarna de bougie (22) elke 50 bedrijfsuren onderhouden.

  1. Open de bougieafdekking (4).
  2. Trek de bougiestekker (24) er met een draaibeweging af.
  3. Verwijder de bougie (23) met de meegeleverde bougiesleutel (18).
  4. Verwijder het vuil van het voetstuk van de bougie (23).
  5. Controleer de bougie (23) visueel. Verwijder evt. aangekoekte resten met een koperen draadborstel.
  6. Controleer de elektrodeafstand van de bougie. Stel de elektrodenafstand met een voelermaat in op 0,6 tot 0,7 mm.
  7. De montage volgt in omgekeerde volgorde.

AANWIJZING

Een losse bougie kan oververhit raken en zo de motor beschadigen. En een te strak vastgedraaide bougie kan de schroefdraad in de cilinderkop beschadigen.

10.2.5 Brandstofffilterelement reinigen (afb. 13 + 14)

Aanwijzing: Bij het brandstofffilterelement (25) gaat het om een filterbeker, die zich direct onder de tankdop (2) bevindt en alle gevulde brandstof filtert.

  1. Zet de aan/uit-schakelaar (11) in positie "OFF".
  2. Open de tankdop (2).
  3. Verwijder het brandstofffilterelement (25) en de vulpeilmarkering (26). Reinig deze niet in ontvlambaar oplosmiddel of een oplosmiddel met een hoog vlampunt.
  4. Plaats het brandstofffilterelement (25) met de vulpeilmarkering (26) weer terug.
  5. Sluit de tankdop (2).

Vermeld in geval van vragen de volgende gegevens:

  • Gegevens van het typeplaatje van de machine
  • Gegevens van het typeplaatje van de motor

Belangrijke aanwijzing bij reparatie:

Houd er bij retourlevering van het apparaat voor reparatie rekening mee dat het apparaat om veiligheidsredenen vrij van olie en brandstof naar het servicestation moet worden gestuurd.

10.3 bestelling van reserveonderdelen

Bij het bestellen van reserveonderdelen moeten de volgende gegevens worden vermeld:

  • Type apparaat
  • Artikelnummer van het apparaat

Service-informatie

Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Bougie, luchtfilter

* niet persé in de levering opgenomen!

Neem in het geval van reserveonderdelen en accessoires contact op met ons servicecentrum. Scan hiervoor de QR code op de voorpagina.

11. Opslag

11.1 Voorbereiding voor de opslag

  1. Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor benzine (zie hoofdstuk 11.2). Waarschuwing: Verwijder de benzine niet in gesloten ruimtes, in de buurt van vuur of bij het roken. Gasdampen kunnen explosies of brand veroorza-ken.

  2. Ververs de olie na elk seizoen.

  3. Verwijder daartoe de oude motorolie uit de warme motor en vul nieuwe olie bij.
  4. Verwijder de bougie (23). (afb. 12)
  5. Vul met een oliekan ca. 20 ml olie in de cilinder.
  6. Trek langzaam aan het starterkoord, zodat de olie de cilinder aan de binnenkant beschermt.
  7. Schroef de bougie (23) weer vast.

  8. Bewaar het apparaat op een goed geventileerde plaats of locatie.

11.2 Benzine met de afzuigpomp voor benzine af- tappen

Bij opslag voor langere tijd moet de benzine worden afgetapt.

  1. Houd een opvangreservoir onder de slang van de afzuigpomp voor benzine (niet bij de levering inbegrepen).
  2. Schroef de tankdop (2) los en haal hem van de opening af.
  3. Verwijder het brandstofffilterelement (24).
  4. Schuif de slang van de afzuigpomp van de benzine in de benzinetank en tap de benzine met behulp van de afzuigpomp voor benzine volledig af.
  5. Plaats het brandstofffilterelement (24) weer terug.
  6. Schroef de tankdop (2) er weer op.

12. Transport

  1. Leeg de benzinetank met een afzuigpomp voor benzine (zie hoofdstuk 11.2).
  2. Voor zover operationeel, laat de motor draaien tot de rest van de brandstof verbruikt is.
  3. Tap de motorolie van de warme motor af (zoals beschreven onder 10.2.2 Olieverversing).
  4. Verwijder de bougiestekker (24) uit de bougie (23).
  5. Beveilig het apparaat tegen wegglijden met bijvoorbeeld spanbanden.
  6. Het stroomaggregaat kan met de handgreep (1) worden opgetild en verplaatst.

13. Afvalverwerking en hergebruik

Aanwijzingen op de verpakking

SCHEPPACH SG3500 - Aanwijzingen op de verpakking - 1

SCHEPPACH SG3500 - Aanwijzingen op de verpakking - 2

De verpakkingsmaterialen zijn recyclebaar. Verpakkingen milieu-vriendelijk afvoeren.

Aanwijzingen betreffende de wetgeving Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA)

SCHEPPACH SG3500 - Aanwijzingen betreffende de wetgeving Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) - 1

Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur behoort niet bij het huishoudelijke afval, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!

- Oude batterijen of accu's die niet vast in het afge-

dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór

het afvoeren op niet-destructieve wijze worden ver-

wijderd! Het afvoeren hiervan is geregeld in de wet-

geving inzake batterijen.

- Eigenaars resp. gebruikers van elektrische en elek-

tronische apparaten zijn wettelijk verplicht om na

gebruik de batterijen en accu's in te leveren.

- De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wis-

sen van persoonsgerelateerde gegevens op het af

te voeren afgedankte apparaat!

- Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak bete-

paratuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden

gegoid.

- Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur

kunnen bij de volgende punten kosteloos worden

ingeleverd:

- Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten

(bijv. gemeentewerven)

- Verkooppunten van elektrische apparaten (statio-

nair en online), voor zover dealers verplicht zijn ze

terug te nemen of dit vrijwillig aanbieden.

per apparaattype, met een randlengte van niet

meer dan 25 centimeter, kunnen gratis naar de

fabrikant worden teruggebracht zonder eerst een

nieuw apparaat van de fabrikant te hoeven kopen

of naar een ander erkend inzamelpunt in je omge-

of Haar een ander erkend inzamelpunt in je omgeving worden gebracht.

ving worden gebracht.

- Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaar-

den van de fabrikanten en distributeurs verzoe-

ken wij u contact op te nemen met de betreffende

klantenservice

- Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door de fabrikaat aan een particulier huishouden, kan de fabrikant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor het kosteloos afhalen van het afgedankte elektrische apparaat. Neem hiertoe contact op met de klantenservice van de fabrikant.

- Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten die in de landen van de Europese Unie worden ge-installeerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn 2012/19/EU vallen. In landen buiten de Europese Unie kunnen andere voorschriften gelden voor het afvoeren van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.

Informatie over het afvoeren van versleten apparatuur kunt u opvragen bij uw gemeente.

Brandstoffen en oliën

- Voor het afvoeren van het apparaat moeten de brandstoftank en het motorreservoir worden geleegd!

- Brandstof en motorolie horen niet bij het huishoudelijke afval of in het riool, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!

- Lege olie- en brandstoftanks moet milieuvriendelijk worden afgevoerd.

14. Verhelpen van storingen

De volgende tabel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kunt lossen, als uw machine niet goed werkt. Als u het probleem hiermee niet kunt vinden en kan oplossen, neem dan contact op met uw service-werkplaats.

Storing Mogelijke oorzaak Oplossing
Motor kan niet worden gestartAutomatische olie-uitschakeling start automatischControleer het oliepeil, vul de motorolie bij
Bougie verroest Reinig of vervang de bougie.
Geen brandstof Brandstof bijvullen
Generator heeft te weinig of geen spanningElektronica defect Reparatie door een geautoriseerde service-werkplaats.
Overstromingsbeveiligingsscha-kelaar is geactiveerdGenerator opnieuw opstarten, verbruiker verminderen
Luchtfilter vervuild Filter reinigen of vervangen

15. Onderhoudsschema

De volgende onderhoudstermijnen absoluut in acht nemen om een storingsvrij bedrijf te waarborgen.

LET OP! Bij de eerste inbedrijfstelling moet motorolie en brandstof worden bijgevuld.

Voor elk gebruikna een bedrijfstijd van 20 uurna een bedrijfstijd van 50 uurna een bedrijfstijd van 300 uur
Controle van de motorolieX
Verversen van de motorolieeerste controle daarna elke 50 uurX
Controle van het luchtfilterXEvt. filterinzetstuk vervangen
Reiniging van het luchtfilterX
Visuele controle op het apparaatX
Reinigen van de bougieAfstand: 0,6 - 0,7 mm, indien nodig vervangen
Controleren en herstellen van de smoorklepX*
Reinigen van de cilinderkopX*
Klepspeling instellenX*
Let op: De punten “X*” alleen laten uitvoeren bij een gespecialiseerd bedrijf.

- Izslēdziet motoru un laujiet tam atdzist.

Zichtbare gebreken moeten binnen de 8 dagen na ontvangst van de goederen worden gemeld, zo niet verliest de verkoper elke aanspraak op grond van deze gebreken. Onze machines worden geleverd met een garantie voor de duur van de wettelijke garantietermijn. Deze termijn gaat in vanaf het moment dat de koper de machine ontvangt. De garantie houdt in dat wij elk onderdeel van de machine dat binnen de garantietermijn aantoonbaar onbruikbaar wordt als gevolg van materiaal- of productiefouten, kosteloos vervangen. De garantie vervalt echter bij verkeerd gebruik of verkeerde behandeling van de machine. Voor onderdelen die wij niet zelf produceren, geven wij enkel de garantie die wij zelf krijgen van de oorspronkelijke leverancier. De kosten voor de montage van nieuwe onderdelen vallen ten laste van de koper. Eisen tot het aanbrengen van veranderingen of het toestaan van een korting en overige schadeloosstellingsclaims zijn uitgesloten.

Garantía ES

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SCHEPPACH

Model : SG3500

Categorie : Generator