BXUP750PTE - Pomp BLACK & DECKER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BXUP750PTE BLACK & DECKER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BXUP750PTE BLACK & DECKER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Pomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BXUP750PTE - BLACK & DECKER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BXUP750PTE van het merk BLACK & DECKER.
GEBRUIKSAANWIJZING BXUP750PTE BLACK & DECKER
1.1 Het door u aangeschaffe apparaat is geproduerd door een toonaangevende fabrikant op Europees niveau van pompen voor huishoudelijk gebruik en voor tuinen. Onze apparaten zichniet geschikt voor de typische belastingen van een commercieel of industrieel gebruik en voor een continu gebruik. Een optimaal gebruik van het apparaat vereist de kennis en navolging van de aanwijzingen in deze handleiding. Tijdens het aansluten, gebruik en onderhoud van het apparaat要去 u alle möglichke voorzorgsmaatregelen treffen voor het waarborgen van uw eigeneiligkeit en die van de Personen in de onmiddellijke nabijheid. Lees de aanwijzingen aandachtig door en houdt u zich strikt aan de veiligheidsvoorschriften odomat het nalaten ervan de gezondheid eneiligkeit van de Personen in gevaar kan brengen of economische schadeveroorzaken. De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor eventuele schade kanverozaakt door een fouitef of oneigenlijk gebruik.
2 VEILIGHEIDSSTICKERS / INFORMATIESTICKERS
2.1 Houdt u zich aan de op het apparaat aangebrachte stickers. Controller altijd of ze aanwezig en leesbaar�; mocht dit nicht het geval� dan moet u ze verrangen en opdezelfde plek neue stickers aanbrengen.
Let op - Gevaar
Leesdezegebruiksaanwijzing voor het gebruik aandachtig door.
Pictogram E1. Verbiedt de vermietiging van het apparaat als huishoudafval; hij kan bij aankoop van een/Newuw apparaat wee bij de distributeur worden ingeleverd. Vanwege de aanwezigheid van schadelijke substanties voor de gezondheid mogen de elektrische en elektronische delen waarmee het apparaat is samengesteld Niet opnieuw voor oneigenlijke doeleinden worden gebruikt.
Pictogram E3. Geeft aan dat het apparaat bestemd is voor een huishoudelijk gebruik.

CE CE-symbol. Geeft aan dat het
apparaat voldoet aan de geldende EU-richtlijnen.

Dit product heeft een bescherming van isolatieklasse
I. Dit betekent dat hij is uitgerust met een beschermende aardleiding (alleen wanner dit symbol op het apparaat is aangebracht).

3 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN / OVERIGE RISICO'S
3.1 WAARSCHUWINGEN: NIET TOEGESTAAN
3.1.1 Gevaar voor verwondingen! Het apparaat mag NIET worden gezruikt door kinderen of Personen met beperkte lichamelijke, sensorische of verstandelijkke vermogens of zonder ervaring en deoodzakelijkke kennis van het apparaat. Kinderen mogen Niet met het apparaat spelen. Het reinigen en onderhoud dat moet worden uitgevoerd door de gebruiker mag Niet door kinderen worden gedaan.
3.1.2 Gevaar voor explosie of vergiftiging! Gebruik in geen geval het apparaat met ontvlambare, giftige of agressieve vloeistoffen of met vloeistoffen die er de juiste werkig van konnen beinvloeden.
3.1.3 Gevaar voor verwondingen! Richt de waterstraal Niet op Personen of dieren.
3.1.4 Gevaar voor elektrocutie! Richt de waterstraal Niet op het apparaat, op elektrische onderdelen ervan of op andere elektrische apparaten.
3.1.5 Gevaar voor kortsluiting! Gebruik het apparaat Niet bij slecht waar buiten. Dit geldt Niet voor de dompelpompen, die ook bij regen worden gebruikt; u要去chter garanderen dat de stekker (A12) en eventuale aansluitingen van verlengsnoeren beschut+zijn tegen waterspatten en overstromingen.
3.1.6 Gevaar voor verwondingen! Sta Niet toe dat het apparaat door kinderen of personen met beperkte lichamelijke, sensorische of verstandelijkke vermogens of hoe dan ook zonder toestemming worden gebruikt.
3.1.7 Gevaar voor elektrocutie! Raak de stekker (A12) of het stopcontact Niet aan met natte handen.
3.1.8 Gevaar voor elektrocutie en kortsluiting! Als de voedingskabel (A8) beschadigd is moet u hem, om elk risico te voorkomen, lately verrangen door de fabrikant of door zich technische servicedienst, of in ieder geval door een persoon met vergelijkbare kwalificatie.
3.1.9 Ontploffingsgevaar! Gebruik het apparaat Niet met een beschadigde zuig- of persleiding.
3.1.10 Gevaar voor verwondingen! Het apparaat要去 stabel worden geplaatst; bij gebruik van het apparaat vlakbij zwembaden, vrijvers of andere open wateren,要去 u een minimumafstand aanhonden van 2 m en het apparaat beschermen gegen het vallen in water of overstromingen. Dit geldt Niet voor de dompelpompenbout die ondergedompeld in water kannen worden gebruikt.
3.1.11 Gevaar voor verwondingen! Controller op de aanwezigheid van hetplaatje met de technische karakteristieken op het apparaat, waarschuw onmiddelijk de dealer indien dit Niet het geval is. Aangezien ze Niet te identificeren en potentieel gevaarlijk zijn,ogens apparaten zonder typeplaatje NIET worden gezruikt.

3.1.12 Ontploffingsgevaar! Het is nicht toegestaan om werk uit te voeren op de bedieningskleppen, veiligheidskleppen of andere beveiligingen, of er de afstellingen van te veranderen.
3.1.13 Gevaar veroorzaakt door warm water! In geval van een defecte pressostaat of bij een ontbrekende wateraanvoer, kan het nog in het pompuis (A4) aanwezige water oververhit raken en bij het waar buiten komen verwondingen veroorzaken.
3.1.14 Gevaar voor verwondingen! Gebruik het apparaat Niet zonder toezicht wanner de möglichkheid bestaat dat vreemde bestanddelen het konnen verstoppen.
3.1.15 Gevaar voor kortsluiting! Verplaats het apparaat Niet door aan de stekker (A12), de voedingskabel (A8) of andere aangesloten elementen te trekken; gebruik alleen de handgreep (A4 b).
3.1.16 Ontploffingsgevaar! Voorkom dat voertuigen over de zuig- of persleiding rijden. Trek Niet aan het apparaat of verplaats hem Niet met de zuig- of persleiding.
3.1.17 Gevaar voor verwondingen! Gebruik het apparaat Niet wanner Personen of dieren in de pompvloeistof verblijven of ermee in aanraking+kennen.
3.2 WAARSCHUWINGEN: WEL TOEGESTAAN
3.2.1 Gevaar voor kortsluiting! Alle elektriciteitsgeleidende delen要去en worden afgeschermd gegen waterspatten.
3.2.2 Gevaar voor elektrocutie! Sluit het apparaat alleen aan op een geschikte stroombron conform de geldende normgevingen (IEC 60364-1). Tijdens het opstarten kan het apparaat netstoringen veroorzaken. Sluit het apparaat alleen aan op een stopcontact uitergerust met een differentieelschakelaar met nominale reststrom van maximaal 30mA . Gebruik uitsluitend verlengsnoeren conform de geldende normgevingen, goedgekeurd voor gebruik buiten en met een diameter van ten minste gelijk aan, of groter dan die van de voedingskabel van het apparaat. De elektrische kabels op de kabelhaspel要去en volledig worden afgerold.
3.2.3 Gevaar! Het apparaat mag nooit drooglopen; vul het pomphuis (A4).altijd eerst met water voor u hem inschakelt. Ook een korte periode van werking zonder water kan schade veroorzaken.
3.2.4 Gevaar van ongewenste inschakeling! Trek, vór alle werkzaamheden op het apparaat de stekker (A12) uit het stopcontact.
3.2.5 Gevaar! Om de veriligheid van het apparaat te waarborgen mag de maximumtemperatuur van de pompvloeistof nooit hoger� dan 35^ . De omgevingstemperatuur mag nicht lager� dan +5^
3.2.6 Gevaar! Het apparaat is nicht bestemd voor gebruik met drinkwater of water voor menselijkke consumptie. Het door het apparaat vervoerde water kan worden verontreinigd door het verlies van smeermiddel.

3.2.7 Gevaar voor verwondingen! Het onderhoud en/of de reparatie van het apparaat of het onderdeel要去en worden uitgevoerd door gespecialiseerd personeel.
3.2.8 Gevaar voor verwondingen! Blaas de restdruk af voordat u de flexibele leiding loskoppelt van het apparaat; koppel het apparaat hiervoor los van de elektrische voeding en open een gebruikspunt.
3.2.9 Gevaar voor verwondingen! Controller het gebruik en met regelmatige tussenpozen de accessoires en verzeker uervaan dat de onderdelen van het apparaat geen tekens van breuk en/of slijtage vertonen.
4 ALGEMENE INFORMATIE
4.1 Gebruik van de handleiding
Deze handleding is een integraal onderdeel van het apparaat; bewaar hem voor latere raadpleging. Lees de handleiding voor de installment/ het gebruik aandachtig door. Bij een eigendomsoverdracht is de oude eigenaar ertoe verplicht om de handleiding aan de neue eigenaar te overhandigen. Verzeker u ervan datijdere gebruiker voor de inbedrijfstelling van het apparaat beschikt over de handleiding en zich kan informeren over de aanwijzingen voor de verilgheid en het gebruik.
4.2 Levering
Het apparaat worden geleverd in een kartonnen doos.
Zie voor de samenstelling van de levering fig. 1.
4.2.1 Meegeleverd informatiematerialial
D1 Gebruiks- en onderhoudsandleiding
D2 Veiligeidsvoorschriften
D3 Garantiebepalingen
4.3 Vernietiging van het verpakkingsmaterial
De verpakkingsmaterialen vormen geen bedreiging voor het milieu, maar要去en wel gerecycled of vernietigd worden conform de geldende normen in het land van gebruik.
Deze apparaten zich geschickt voor het verpompen van schoon water of vuil water met vaste stoffen in suspensie met een maximale grotte tot 35mm (bv. het leegpompen bij overstromingen of voor gebruik in hemelwateropvangbekkens). Houd rekening met de respectieve deeltjesgroote van het gebruekte type apparaat. De deeltjesgroote en verdere technische gegevens staan weergegeven in de technische specificaties van deze handleiding.
Apparaten met een deeltjesgrootte tot 5mm zijn geschikt voor schoon water, die vanaf 25~mm zijn geschikt voor vuil water. De aanduiding van een deeltjesgrootte en/of van vaste stoffen verwijst Nietaar zand of stenen! Het verwijdnestaar zachte en flexibele elementen (bv. pluizen of bladers) die Niet in het pomphuis (A4) vastgeklemd raken, en dus Niet de waaier blokkeren en een motorstoring voorzaken. Als het Niet möglich is om vast te stellen of de pompvloeistof zand of stenen bevat, moet het apparaat alleen onder toezicht worden bediend. Bijblokkering van de waaier, moet het apparaat onmiddelijk worden uitgeschakeld en要去en de blokkeringen van de waaier worden verwijderd met spoelingen met schoon water.
Het apparatus voldoet aan de Europese norm EN 60335-2-41.
5.2 Niet toegestaan gebruik
Het gebruik door Personen zonder ervaring of die de instructcies in de handleiding Niet hebben gelezen en begren, is verboden.
Het gebruik van het apparaat met ontvlambare, explosieve, giftinge of chemisch agressieve vloeistoffen, is verboden.
Het gebruik van het apparaat in möglichn ontvlambare of explosieve omgeveingen, is verboden.
Het is verboden om wijzigingen aan te brengen aan het apparaat. Het aanbrengen van wijzigingen doet de garantie verrallen en ontheft de fabrikant van civielrechtelijkne en strafrechtelijkke aanspraelijkheid.
Slijpende stoffen of andere stoffen die het materiaal aantastenvermietigen het apparaat. Deze apparaten zichniet geschikt voor gebruik in gemopnte vloeistoffen die zand, slim of schurende klei bevatten. Deze apparaten zichnig geschikt voor het transport van water voor voorzieningen, maar zichnig nicht geschicht voor het transport van drinkwater!
Met deutsche apparaten is het transport van fecalien Niet toegestaan.
De apparaten zich nicht geschickt voor gebruik als pompen voor fonteinen, filtraatpompen voor tuinvijvers of voor continu gebruik (bijvoorbeeld in continue hercirculatiemodus in filtersystemen van zwembaden of voor een industrieel gebruik).
Vermijd het drooglopen van het apparatusat of het transport van vloeistoffen met een gesloten klep!
5.3 Belangrijkste Onderdelen (fig. 1)
A1 Aanzuigrooster
A2 Persaansluiting
A3 Uitlaatstomp
A4 Pomphuis
A4b Handgreep
A5 Vlotterschakelaar
A5b Kabelclip voor vlotterschakelaar
A6 Inklapbare poten (indien aanwezig)
A7 Ontluchtingsopening
A8 Voedingskabel
6 INSTALLATIE

Let op - gevaar!
Tijdens alle werkzaamheden voor de installmente en montage要去 het apparaat losgekoppeld zijn van het elektrificiteitsnet (fig. 3).

Let op - gevaar!
Voer, vór het gebruik, algijd een visuele inspectie uit om te bepalen of het apparaat, en met name de stekker (A12) en de voedingskabel (A8), beschadigd zijn. Een beschadigd apparaat mag Niet worden gebruikt; in geval van schade moet u het apparaat lately nakijken door de klantenservice of een erkende elektricien.

Let op - gevaar!
Het doorenjiden van de voedingskabel (A8) doet de garantie verrallen en brengt tijdens de reparatie (ook bij reparations onder garantie) een installmentie gegen betaling met zich mee van een originele voedingskabel (A8). Gebruik voor de verlenging van de voedingskabel (A8) alleen een verlangkabel waarvan de diameter ten minste gelijk is aan die van de originele voedingskabel (A8). Gebruik de voedingskabel (A8) nooit om het apparaat mee op te tillen of om de stekker (A12) mee ut het stopcontact te trekken.
6.1 Montage van de persleiding
Voordat u de flexible afvoerleiding monteert moet u de uitlaatstomp (A3) op maat snijden om de maximaal möglichke doorstroming in combinatie met de gebruekte flexibele leiding (fig. 4) te waarborgen.
Een diameter van de flexiblele leiding die groter is dan de deeltjesgroote van het apparaat is ideaal. Leidingen met Kleinere diameters zullen het debiet drastische verminderen. Schroef de uitlaatstomp op het pomphuis (A4), en sluit de flexible persleiding aan op de uitlaatstomp (A3, afb. 4).
6.2 Ontluchting van het apparaat
Dompel het apparaat schuin in de pompvloeistof om alle luchtuit het huis (Fig. 5) te latent ontsnappen. Houd het apparaat schuin tot geen luchtbellen meer verschijnen; het apparaat is dan gereed voor gebruik.
Tussen de boven- en onderzieje van de apparaten van kunststof is een ontluchtingsopening (A7) aangebracht, die de langzame uistroming van de lucht möglichkt. Wanner alle lucht is ontsnapt, vloeit water uit dit gat; dit is geen fout, maar een technischeoodzaak. Het in de technische specificaties aangegeven debiet houdt al rekening met dit verlies!
In de roestvrijstalen apparaten bevindt deze ontluchtingsopening (A7) zich in het bovenste.Deel van het apparatus.
6.3 Opmerkingen over deplaats van installmentie
Voordat u het apparaat staat moet u een installmentiekabel vastmaken aan de handgreep (A4 b) om hem op geschikte wijze te+kunnen latent zakken/ophalen (fig. 6).
Het apparaat worden bij voorkeur op voldoende afstand van de bodem in de pompvloeistof opgehangen om het aanzuigen van vaste bestanddelen van ongeschikte grootte, en bijgevolg de möglichke overstopping van het aanzuigrooster (A1) of blokkering van de waaier (fig. 6) te voorkomen. Als alternatif kan het apparaat ook iets verhoogd boven de grond worden geplaatst (bv. op bakstenen, fig. 6). In dit geval worden beschuer een grotere hoeveelheid vuildeeltjes aangezogen die uiteindelijk het apparaat konnen verstappen.
Na het uitschakelen van het apparaat stroomt het water in de leiding in tegengestelde richting; dit kan worden verhinderd door een terugslagklep. De installmentie van een snelle sluiting op een geschikte plaat voor een scheiding van de leiding vergemakkelijk het reinigings- en onderhoudswerk. Wanner het apparaat worden gebruikt in een rioolput of put voor de pompen, moet de grotte van het opzuiiggebied groot genoeg zijn om de normale werkig van het apparaat Niet te belemmeren.
Het drijven van de vlotterschakelaar (A5) van het apparaat mag nicht geblokkeerd of belemmerd worden, waar anders een goede werkig niet kan worden gegardeend. Als u er nicht zeker van bent dat de vlotterschakelaar (A5) op reguliere wijze kan worden geactiveerd of gedeactiveerd, moet het apparaat alleen onder toezicht worden bediend.
6.4 Veiligheidsmaatregelen
De bediener moet in geval van storingen van het apparaat of van exter apparaten schade door overstromingen van de ruimten of door andere oorzaken, met passende maatregelen uitsluiten (bv. de installmentie van een overstromingsbeveiliging, alarmsystemeem, reservepomp, verzameltank en dergelijkke), die moeten worden aangesloten op een afzonderlijk en fail-safe elektrisch circuit. De beveiligingsmaatregelen moeten worden aangepast aan de afzonderlijke gebruikssituatuies en in staat+zijn om de schade veroorzaakt door waterlekkages te verminderen en/of te voorkomen. Verder moet de gebruiker er met een spatbeveiliging voor zorgen dat na een storing het gelekte of spatwater geen schade aanricht. Het gelekte water moet met een reservepomp of via een afvoer worden verwijderd. Als alternatif kan een alarmsystemeem worden geinstalleerd dat in geval van waterlekkage een alarm doet afgaan en/of voor een moodstop van het apparaat en de watertoevoer zorgt, voordat de apparatuur of goederen beschadigd raken.
In de ruimten waar de apparaten worden geinstalleerd bevelen wij aan om alle apparatuur ca. 5-10 cm hoger teplaatsen om directe schade door het geleekte water te voorkomen. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het Niet naleven van deze voorschriften.

Let op - gevaar! Drooglopen
Wanner het apparaat longer dan 5 minuten draait met een gesloten wateraanzuiigpunt, kan het door oververhitting beschadigd raken. Zet het apparaat uit als de normale watersroom is onderbroken.
Het drooglopen vermietigt het apparaat, LAST het apparaat dus nooit meer dan 10 seconden lang drooglopen.
7 AFSTELLINGEN
7.1 Instellingen vooraf
Het apparaat is maar voor gebruik en alleen de activering en deactivering van de vlotterschakelaar (A5)要去en worden afgesteld aan de hand van het specifieke toepassingsgeval.
7.2 Afstelling van de vlotterschakelaar
Het punt van inschakeling van het apparaat kan worden ingesteld door het inkorten van de kabel van de vlotterschakelaar in de betreffende clip (A5 b, fig. 7). Een korte kabel bepaalt een vertraagde activering en een verrvoegde uitschakeling.
7.3 Speciale functies
7.3.1 Variabile basis voor helder of afvoerwater
Bij de multifunctionele modellen können de pooljes van de basis van het apparaat (A6) worden ingeklapt voor het omschakelen van het apparaat van de gebruiksmodus voor afvalwateraar die voor zuiver water. Hierbij zuijt het apparaat water op tot een resterende hoeveelheid van 5mm het kan echter alleen stoffen in suspensie met een deeltjesgroote tot max. 5mm (fig. 8) behandelen.
7.3.2 Stop van de vlotterschakelaar (A5)
BijSENSmige modellen kan de vlotterschakelaar (A5) in rechtstopstaande positie worden geblokkeerd in een drager (A5 b, fig. 10). Bij een geblokkeerde vlotterschakelaar werkt het apparaat continu, ongeacht het waterniveau en mag het alleen onder toezicht worden bediend om het drooglopen ervan te voorkomen.
8 INWERKINGSTELLING EN AANZUIGING

Let op - gevaar!
Tijdens alle werkzaamheden voor de installmente en montage要去 het apparaat losgekoppeld zijn van het elektriciteitsnet (fig. 3).
8.1 Inwerkingstelling
Nadat het apparaat is aangesloten zoals beschreiben in paragraf 6, en alle veiligheidsinstructies zijn nagelopen, kut u de stekker (A12) in het stopcontact steken. Het apparaat worden dan automatisch geactiveerd wanneer het waterniveau de door de vlotterschakelaar ingestelde hoogte bereikt en weeutgeschakeld bij het bereiken van het deactiveringsniveau.
8.2 Het aanzuigen van water
Voor het aanzuigen/starten van het apparaat is een watemiveau van ongeveer 30 - 50mm hoger dan de minimale aangezogen hoeveelheid. Nadat het apparaat is begonnen met zuigen, is het in staat om te pompen tot aan de aangegeven minimumhoogte. Het apparaat zuijt het water via het aanzuigrooster (A1) aan zijn basis, en voert het via een persleiding die is aangesloten op de uitlaatstomp (A3), maar de gewensteplaats.
Indien, ondanks een voldoende waterniveau en een werkende motor, het water Niet wordt aangezogen kan er lucht in het pompuis (A4) zijn achtergebleven. Ga verdier zoals beschreiben in punt 6.2 en ontlucht het system opnieuw.
8.3 Het aanzuigen van water
De aangegeven debietwaarden van het apparaat zijn maximumwaarden, en zullen afnemen bij gebruik van externe componenten (bv. persleiding, alleboogstukken, verloopstukken, enz.). Het verdient aanbeveling hier rekening mee te honden bij de keuze van het apparaat. Het werkelijkde debiet voor de specifieke toepassingsgeallen staat weergegeven in de debiettabel (fig. 10).
9 ONDERHOUD

Let op - gevaar!
Voor ieder onderhoud en/ofijdens het oplossen van problemen moet u de stekker (A8) van de voedingskabel uit het stopcontact trekken. Later kunt u alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uitvoeren.
9.1 Reiniging
Spoel het apparaat en de externe componenten na ieder gebruik met schoon water. Verwijder de afzettingen met een waterstraal. Vuil en klei in het pompuis (A4) veroorzaken een blokkering van de waier en werkingsstoringen als hij later weein gebruik worden.
Mocht u deze handelingen zijn vergeten dan kurz u het apparaat een pauar dagen ondergedompeld houden in water met een maximale temperatuur van 35^ om het vuil op te losers.
9.2 Controle van de werking
Controleer regelmatig de werkung van de vlotterschakelaar (A5) om problemen te voorkomen.
10 OPSLAG
Het apparaat moet absolut vortsvrij worden gehonden en, bij temperaturen van +5^ of lager, gedemonteerd worden en opgeslagen in een droge en gegen vorst beschutte omgeving.
11 PROBLEMEN OPZOEKEN
| Storing Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat voert geen water aan omdat de motor Niet werkt | 1. Onvoldoende netspanning. | 1. Controller of er netspanning is en of de stekker (A12) goed in het stopcontact is gestoken. |
| 2. Stekker (A12) verkeerd geplaatst. 2. Steek de stekker (A12) goed in het stopcontact. | ||
| 3. Differentieelschakelaar getriggerd. | 3. Activeer de differentieelschakelaar. Wordt de differentieelschakelaar wederom getriggerd, dan要去 een elektricien raadplegen. | |
| 4. Waaier geblokkeerd. 4. Verwijder alle mogelijk belemmeringen | van de waaier. | |
| 5. Schade aan de motor of de condensator. 5. Informeer de leverancier. | ||
| Het apparaat voert geen water aan, hoewel de motor draait | 1. Aanzuigrooster (A1) verstopt. 1. Reinig het aanzuigrooster (A1) | |
| 2. Geblokkeerde terugslagklep (indien aanwezig). 2. Reinig of verlang de klep (indien aanwezig). | ||
| 3. Luchtbel in het pompuis (A4). | 3. Houd het apparaat schuin onder water om de luchtuit het pompuis (A4) te lately ontsnappen. | |
| Het apparaat voert slechts een beperkte hoeveelheid water aan | 1. Aanzuigrooster (A1) gedeelijk verstopt. 1. Reinig het aanzuigrooster (A1). | |
| 2. Leiding verstopt. 2. Verwijder de verstopping. | ||
| 3. Diameter van de persleiding teklein. 3. Gebruik flexibele leidingen van ten minste ø25 mm (1 inch). | ||
| 4. Punt van uitgang van het water te hoog ten opzichte van het apparaat. | 4. Houd er rekening mee dat de prevalentie ten koste van het debiet gaat. | |
| Onregelmatie werking | 1. Vaste bestanddelen blokkeren de vrijdraaing van de waaier. | 1. Verwijder de vreeerde bestanddelen. |
| 2. Temperatuur van de vloeistof te hoog. | 2. De maximale temperatuur van de getransporteerde vloeistof mag nicht hoger+zijn dan 35°C | |
| 3. Elektrische spanning buiten de tolerantie. | 3. Sluit het apparaat aan op een elektrische installmentie die voldoet aan de vereisten op het etiket. | |
| 4. Motor defect. 4. Informeer de leverancier. | ||
| Lekkage van water UIT het pompuis (A4) | 1. Het water vloeit UIT de ontluchtingsopening (A7)CUSSEN het boven- en benedendeel. | 1. Geen ingreep is vereist, de ontluchtingsopening is technisch noodzakelijk. |
GARANTIE
De garanties met betrekking tot de in deze handleiding beschreven apparaten veronderstellen het opvolgen en de naleving van alle erin opgenomen aanwijzingen, in het bijzonder die met betrekking tot het gebruik, de installmente en bediening.
Voor het beschreven product verlenen wij een garantie van 24 maanden (12 maanden voor de professionele verkoop) gegen materiaal- of productiefouten, gerekend vanaf de datum van aankoop, conform de geldende wetten. Garantieclaims hun alleen op vertoon van een bewijs van aankoop worden ingediend.
De garantie geldt nicht voor de kosten van demontage en montage van het betrokken apparaat op deplaats van gebruik, voor de reiskosten van het reparatiepersoneel van enaar de plaats van gebruik en voor de transportkosten.
Klachten waar van de ooorzaken kannen worden teruggeleid aan een onjuiste installmentie bediening, ontereikende arbeidsomstandigheden, onvoldende zorg, ongeschikt commercieel gebruik of ondeskundige pogingen tot reparatie, evenals de normale slijtage, zich uitgesloten van de garantie en aansprakelijkheid.
De resultedende kosten, met name die van het testen en de transportkosten, maar voor rekening van de verzender en/of de bediener van het apparatus.
Dit geldt in het bijzonder ook bij het doorsturen van een garantieverzoek verwijl bij de controle blijdt dat het apparaat perfect werkt en geen gebreken heeft of dat het probleem Niet te wijten is aan materiaal- of productiefouten.
Vór de terugzending worden elk product onderworpen aan een strenge technische contro. Garantiereparaties mogen alleen worden uitgevoerd door once geauthoriseerde klantenservices of bevoegde en erkende werkplaatsen. Reparatiepogingen door de klant of onbevoegde derden tijdens de garantietermijn zullen de garantie doeon verrallen.
Het dooreijden van de voedingsstekker en/of het inkorten van de voedingskabel doein de garantie vervallen.
Het door ons verleende garantiewerk verlengt de garantiperiode Niet, en zich ook geen reden voor een neue garantiperiode voor de verrangen of gerepareerde delen. Alle verdere rechten zijn uitgesloten, met name die op kortingen, wijzigingen of schadevergoedingen, maar ook die op indirecte schade van elke aard.
Neem in geval van een storing contact op met de winkel waar u het product heeft gekocht, samen met het aankoopbewijs.
| Technische gegevens Eenheid B | UP250PCE BX | UP750PTE BXUP750X | CE BXUP1100XDE | ||
| Spanning V/Hz | 230 V ~ 50 Hz 230 | V ~ 50 Hz 230 V ~ 50 Hz | 230 V ~ 50 Hz | ||
| Vermogen W 250 750 750 1100 | |||||
| Max. prevalentie (Hmax) | m | 688.5 10.5 | |||
| Max. debiet (Qmax) l/h | 6000 13000 | 11000 | 16500 | ||
| Max. watertemperatuur (Tmax) | °C | 35 | 35 | 35 | 35 |
| Max. dompeldiepte | m | 7777 | |||
| Hoogte restwater | mm | 5 | 5 / 32 | 14 | 45 |
| Max. deeltjesgrootte | Ø mm | 5 | 5 / 30 | 5 | 35 |
| Beschermingsklasse | - | ||||
| Motorisolatie | - | Klasse F | Klasse F | Klasse F | Klasse F |
| Motorbescherming | - | IPX8 | IPX8 | IPX8 | IPX8 |
| Nettogewicht | kg | 3.7 | 5.2 | 5.0 | 6.6 |
| Brutogewicht | kg | 4.4 | 5.8 | 5.6 | 7.2 |
| Diameter aansluitingen | mm | 25.4 - 31.75 - 38.1 | 25.4 - 31.75 - 38.1 | 25.4 - 31.75 | 25.4 - 31.75 - 38.1 |
| Lengte kabel | m | 10 | 10 | 10 | 10 |
Technische wizzigingen voorbehonden!

1 SIKKERHETSREGLER
Przecięcie przywymi są zoziale wychystawie zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale zoziale
Egide Walschaertsstraat 16
2800 Mechelen
Tel - NL. +32 15 47 37 65
Tel - FR. +32 15 47 37 66
Fax:+3215473799
www.blackanddecker.be
enduser.BE@SBDinc.com
Bulgaria
Stanley Black&Decker Polska Bucharest Branch