BLACK & DECKER BXUP750PTE - Pomp

BXUP750PTE - Pomp BLACK & DECKER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BXUP750PTE BLACK & DECKER in PDF-formaat.

📄 242 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BLACK & DECKER BXUP750PTE - page 138
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BLACK & DECKER

Model : BXUP750PTE

Categorie : Pomp

Download de handleiding voor uw Pomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BXUP750PTE - BLACK & DECKER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BXUP750PTE van het merk BLACK & DECKER.

GEBRUIKSAANWIJZING BXUP750PTE BLACK & DECKER

Lees deze gebruiksaanwijzing vóór het gebruik aandachtig door. Bewaar deze gebruiksaanwijzing voor latere raadpleging. Contacteer bij problemen of moeilijkheden de hulplijn voor de gebruikers: www.2helpu.com Pagina: 138-147

Max veetemperatuur (T max ) °C

Var tikt ieviesti tehniskie grozījumi!138 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

1.1 Het door u aangeschafte apparaat

is geproduceerd door een toonaangevende fabrikant op Europees niveau van pompen voor huishoudelijk gebruik en voor tuinen. Onze apparaten zijn niet geschikt voor de typische belastingen van een commercieel of industrieel gebruik en voor een continu gebruik. Een optimaal gebruik van het apparaat vereist de kennis en navolging van de aanwijzingen in deze handleiding. Tijdens het aansluiten, gebruik en onderhoud van het apparaat moet u alle mogelijke voorzorgsmaatregelen treffen voor het waarborgen van uw eigen veiligheid en die van de personen in de onmiddellijke nabijheid. Lees de aanwijzingen aandachtig door en houdt u zich strikt aan de veiligheidsvoorschriften omdat het nalaten ervan de gezondheid en veiligheid van de personen in gevaar kan brengen of economische schade veroorzaken. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor eventuele schade kan veroorzaakt door een foutief of oneigenlijk gebruik. 2 VEILIGHEIDSSTICKERS / INFORMATIESTICKERS

Houdt u zich aan de op het apparaat aangebrachte stickers. Controleer altijd of ze aanwezig en leesbaar zijn; mocht dit niet het geval zijn dan moet u ze vervangen en op dezelfde plek nieuwe stickers aanbrengen. Let op - Gevaar Lees deze gebruiksaanwijzing vóór het gebruik aandachtig door. Pictogram E1. Verbiedt de vernietiging van het apparaat als huishoudafval; hij kan bij aankoop van een nieuw apparaat weer bij de distributeur worden ingeleverd. Vanwege de aanwezigheid van schadelijke substanties voor de gezondheid mogen de elektrische en elektronische delen waarmee het apparaat is samengesteld niet opnieuw voor oneigenlijke doeleinden worden gebruikt. Pictogram E3. Geeft aan dat het apparaat bestemd is voor een huishoudelijk gebruik.139 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

CE-symbool. Geeft aan dat het apparaat voldoet aan de geldende EU-richtlijnen. Dit product heeft een bescherming van isolatieklasse

I. Dit betekent dat hij is uitgerust met

een beschermende aardleiding (alleen wanneer dit symbool op het apparaat is aangebracht).140 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

3.1.1 Gevaar voor verwondingen! Het apparaat mag NIET worden gebruikt door kinderen of personen

met beperkte lichamelijke, sensorische of verstandelijke vermogens of zonder ervaring en de noodzakelijke kennis van het apparaat. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Het reinigen en onderhoud dat moet worden uitgevoerd door de gebruiker mag niet door kinderen worden gedaan.

3.1.2 Gevaar voor explosie of vergiftiging! Gebruik in geen geval het apparaat met ontvlambare, giftige

of agressieve vloeistoffen of met vloeistoffen die er de juiste werking van kunnen beïnvloeden.

3.1.3 Gevaar voor verwondingen! Richt de waterstraal niet op personen of dieren.

3.1.4 Gevaar voor elektrocutie! Richt de waterstraal niet op het apparaat, op elektrische onderdelen

ervan of op andere elektrische apparaten.

3.1.5 Gevaar voor kortsluiting! Gebruik het apparaat niet bij slecht weer buiten. Dit geldt niet voor

de dompelpompen, die ook bij regen kunnen worden gebruikt; u moet echter garanderen dat de stekker (A12) en eventuele aansluitingen van verlengsnoeren beschut zijn tegen waterspatten en overstromingen.

3.1.6 Gevaar voor verwondingen! Sta niet toe dat het apparaat door kinderen of personen met beperkte

lichamelijke, sensorische of verstandelijke vermogens of hoe dan ook zonder toestemming wordt gebruikt.

3.1.7 Gevaar voor elektrocutie! Raak de stekker (A12) of het stopcontact niet aan met natte handen.

3.1.8 Gevaar voor elektrocutie en kortsluiting! Als de voedingskabel (A8) beschadigd is moet u hem,

om elk risico te voorkomen, laten vervangen door de fabrikant of door zijn technische servicedienst, of in ieder geval door een persoon met vergelijkbare kwalicatie.

3.1.9 Ontploffingsgevaar! Gebruik het apparaat niet met een beschadigde zuig- of persleiding.

3.1.10 Gevaar voor verwondingen! Het apparaat moet stabiel worden geplaatst; bij gebruik van het

apparaat vlakbij zwembaden, vijvers of andere open wateren, moet u een minimumafstand aanhouden van 2 m en het apparaat beschermen tegen het vallen in water of overstromingen. Dit geldt niet voor de dompelpompen omdat die ondergedompeld in water kunnen worden gebruikt.

3.1.11 Gevaar voor verwondingen! Controleer op de aanwezigheid van het plaatje met de technische

karakteristieken op het apparaat, waarschuw onmiddellijk de dealer indien dit niet het geval is. Aangezien ze niet te identificeren en potentieel gevaarlijk zijn, mogen apparaten zonder typeplaatje NIET worden gebruikt.141 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

3.1.12 Ontploffingsgevaar! Het is niet toegestaan om werk uit te voeren op de bedieningskleppen,

veiligheidskleppen of andere beveiligingen, of er de afstellingen van te veranderen.

3.1.13 Gevaar veroorzaakt door warm water! In geval van een defecte pressostaat of bij een ontbrekende

wateraanvoer, kan het nog in het pomphuis (A4) aanwezige water oververhit raken en bij het naar buiten komen verwondingen veroorzaken.

3.1.14 Gevaar voor verwondingen! Gebruik het apparaat niet zonder toezicht wanneer de mogelijkheid

bestaat dat vreemde bestanddelen het kunnen verstoppen.

3.1.15 Gevaar voor kortsluiting! Verplaats het apparaat niet door aan de stekker (A12), de voedingskabel

(A8) of andere aangesloten elementen te trekken; gebruik alleen de handgreep (A4 b).

3.1.16 Ontploffingsgevaar! Voorkom dat voertuigen over de zuig- of persleiding rijden. Trek niet aan het

apparaat of verplaats hem niet met de zuig- of persleiding.

3.1.17 Gevaar voor verwondingen! Gebruik het apparaat niet wanneer personen of dieren in de

pompvloeistof verblijven of ermee in aanraking kunnen komen.

3.2 WAARSCHUWINGEN: WEL TOEGESTAAN

3.2.1 Gevaar voor kortsluiting! Alle elektriciteitsgeleidende delen moeten worden afgeschermd tegen

3.2.2 Gevaar voor elektrocutie! Sluit het apparaat alleen aan op een geschikte stroombron conform

de geldende normgevingen (IEC 60364-1). Tijdens het opstarten kan het apparaat netstoringen veroorzaken. Sluit het apparaat alleen aan op een stopcontact uitgerust met een differentieelschakelaar met nominale reststroom van maximaal 30 mA. Gebruik uitsluitend verlengsnoeren conform de geldende normgevingen, goedgekeurd voor gebruik buiten en met een diameter van ten minste gelijk aan, of groter dan die van de voedingskabel van het apparaat. De elektrische kabels op de kabelhaspel moeten volledig worden afgerold.

3.2.3 Gevaar! Het apparaat mag nooit drooglopen; vul het pomphuis (A4) altijd eerst met water voor u

hem inschakelt. Ook een korte periode van werking zonder water kan schade veroorzaken.

3.2.4 Gevaar van ongewenste inschakeling! Trek, vóór alle werkzaamheden op het apparaat de stekker

(A12) uit het stopcontact.

3.2.5 Gevaar! Om de veiligheid van het apparaat te waarborgen mag de maximumtemperatuur van de

pompvloeistof nooit hoger zijn dan 35°C. De omgevingstemperatuur mag niet lager zijn dan +5°C.

3.2.6 Gevaar! Het apparaat is niet bestemd voor gebruik met drinkwater of water voor menselijke

consumptie. Het door het apparaat vervoerde water kan worden verontreinigd door het verlies van smeermiddel.142 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

3.2.7 Gevaar voor verwondingen! Het onderhoud en/of de reparatie van het apparaat of het onderdeel

moeten worden uitgevoerd door gespecialiseerd personeel.

3.2.8 Gevaar voor verwondingen! Blaas de restdruk af voordat u de flexibele leiding loskoppelt van het

apparaat; koppel het apparaat hiervoor los van de elektrische voeding en open een gebruikspunt.

3.2.9 Gevaar voor verwondingen! Controleer vóór het gebruik en met regelmatige tussenpozen de

accessoires en verzeker u ervan dat de onderdelen van het apparaat geen tekens van breuk en/of slijtage vertonen.143 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

4.1 Gebruik van de handleiding

Deze handleiding is een integraal onderdeel van het apparaat; bewaar hem voor latere raadpleging. Lees de handleiding voor de installatie/ het gebruik aandachtig door. Bij een eigendomsoverdracht is de oude eigenaar ertoe verplicht om de handleiding aan de nieuwe eigenaar te overhandigen. Verzeker u ervan dat iedere gebruiker voor de inbedrijfstelling van het apparaat beschikt over de handleiding en zich kan informeren over de aanwijzingen voor de veiligheid en het gebruik.

Het apparaat wordt geleverd in een kartonnen doos. Zie voor de samenstelling van de levering fig. 1.

4.2.1 Meegeleverd informatiemateriaal

D1 Gebruiks- en onderhoudshandleiding D2 Veiligheidsvoorschriften D3 Garantiebepalingen

4.3 Vernietiging van het verpakkingsmateriaal

De verpakkingsmaterialen vormen geen bedreiging voor het milieu, maar moeten wel gerecycled of vernietigd worden conform de geldende normen in het land van gebruik. 5 TECHNISCHE INFORMATIE

Deze apparaten zijn geschikt voor het verpompen van schoon water of vuil water met vaste stoffen in suspensie met een maximale grootte tot 35 mm (bv. het leegpompen bij overstromingen of voor gebruik in hemelwateropvangbekkens). Houd rekening met de respectieve deeltjesgrootte van het gebruikte type apparaat. De deeltjesgrootte en verdere technische gegevens staan weergegeven in de technische specificaties van deze handleiding. Apparaten met een deeltjesgrootte tot 5 mm zijn geschikt voor schoon water, die vanaf 25 mm zijn geschikt voor vuil water. De aanduiding van een deeltjesgrootte en/of van vaste stoffen verwijst niet naar zand of stenen! Het verwijst naar zachte en flexibele elementen (bv. pluizen of bladeren) die niet in het pomphuis (A4) vastgeklemd raken, en dus niet de waaier blokkeren en een motorstoring veroorzaken. Als het niet mogelijk is om vast te stellen of de pompvloeistof zand of stenen bevat, moet het apparaat alleen onder toezicht worden bediend. Bij blokkering van de waaier, moet het apparaat onmiddellijk worden uitgeschakeld en moeten de blokkeringen van de waaier worden verwijderd met spoelingen met schoon water. Het apparaat voldoet aan de Europese norm EN 60335-2-41.

5.2 Niet toegestaan gebruik

Het gebruik door personen zonder ervaring of die de instructies in de handleiding niet hebben gelezen en begrepen, is verboden. Het gebruik van het apparaat met ontvlambare, explosieve, giftige of chemisch agressieve vloeistoffen, is verboden. Het gebruik van het apparaat in mogelijk ontvlambare of explosieve omgevingen, is verboden. Het is verboden om wijzigingen aan te brengen aan het apparaat. Het aanbrengen van wijzigingen doet de garantie vervallen en ontheft de fabrikant van civielrechtelijke en strafrechtelijke aansprakelijkheid. Slijpende stoffen of andere stoffen die het materiaal aantasten vernietigen het apparaat. Deze apparaten zijn niet geschikt voor gebruik in gepompte vloeistoffen die zand, slib of schurende klei bevatten. Deze apparaten zijn geschikt voor het transport van water voor voorzieningen, maar zijn niet geschikt voor het transport van drinkwater! Met deze apparaten is het transport van fecaliën niet toegestaan. De apparaten zijn niet geschikt voor gebruik als pompen voor fonteinen, filtraatpompen voor tuinvijvers of voor continu gebruik (bijvoorbeeld in continue hercirculatiemodus in filtersystemen van zwembaden of voor een industrieel gebruik). Vermijd het drooglopen van het apparaat of het transport van vloeistoffen met een gesloten klep!

5.3 Belangrijkste Onderdelen (fig. 1)

A1 Aanzuigrooster A2 Persaansluiting A3 Uitlaatstomp A4 Pomphuis A4b Handgreep A5 Vlotterschakelaar A5b Kabelclip voor vlotterschakelaar A6 Inklapbare poten (indien aanwezig) A7 Ontluchtingsopening A8 Voedingskabel 6 INSTALLATIE Let op - gevaar! Tijdens alle werkzaamheden voor de installatie en montage moet het apparaat losgekoppeld zijn van het elektriciteitsnet (fig. 3). Let op - gevaar! Voer, vóór het gebruik, altijd een visuele inspectie uit om te bepalen of het apparaat, en met name de stekker (A12) en de voedingskabel (A8), beschadigd zijn. Een beschadigd apparaat mag niet worden gebruikt; in geval van schade moet u het apparaat laten nakijken door de klantenservice of een erkende elektricien. Let op - gevaar! Het doorsnijden van de voedingskabel (A8) doet de garantie vervallen en brengt tijdens de reparatie (ook bij reparaties onder garantie) een installatie tegen betaling met zich mee van een originele voedingskabel (A8). Gebruik voor de verlenging van de voedingskabel (A8) alleen een verlengkabel waarvan de diameter ten minste gelijk is aan die van de originele voedingskabel (A8). Gebruik de voedingskabel (A8) nooit om het apparaat mee op te tillen of om de stekker (A12) mee uit het stopcontact te trekken.

6.1 Montage van de persleiding

Voordat u de flexibele afvoerleiding monteert moet u de uitlaatstomp (A3) op maat snijden om de maximaal mogelijke doorstroming in combinatie met de gebruikte flexibele leiding (fig. 4) te waarborgen. Een diameter van de flexibele leiding die groter is dan de deeltjesgrootte van het apparaat is ideaal. Leidingen met kleinere diameters zullen het debiet drastische verminderen. Schroef de uitlaatstomp op het pomphuis (A4), en sluit de flexibele persleiding aan op de uitlaatstomp (A3, afb. 4).

6.2 Ontluchting van het apparaat

Dompel het apparaat schuin in de pompvloeistof om alle lucht uit het huis (Fig. 5) te laten ontsnappen. Houd het apparaat schuin tot geen luchtbellen meer verschijnen; het apparaat is dan gereed voor gebruik. Tussen de boven- en onderzijde van de apparaten van kunststof is een ontluchtingsopening (A7) aangebracht, die de langzame uitstroming van de lucht mogelijk maakt. Wanneer alle lucht is ontsnapt, vloeit water uit dit gat; dit is geen fout, maar een technische noodzaak. Het in de technische specificaties aangegeven debiet houdt al rekening met dit verlies!144 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

In de roestvrijstalen apparaten bevindt deze ontluchtingsopening (A7) zich in het bovenste deel van het apparaat.

6.3 Opmerkingen over de plaats van installatie

Voordat u het apparaat plaatst moet u een installatiekabel vastmaken aan de handgreep (A4 b) om hem op geschikte wijze te kunnen laten zakken/ophalen (fig. 6). Het apparaat wordt bij voorkeur op voldoende afstand van de bodem in de pompvloeistof opgehangen om het aanzuigen van vaste bestanddelen van ongeschikte grootte, en bijgevolg de mogelijke verstopping van het aanzuigrooster (A1) of blokkering van de waaier (fig. 6) te voorkomen. Als alternatief kan het apparaat ook iets verhoogd boven de grond worden geplaatst (bv. op bakstenen, fig. 6). In dit geval wordt echter een grotere hoeveelheid vuildeeltjes aangezogen die uiteindelijk het apparaat kunnen verstoppen. Na het uitschakelen van het apparaat stroomt het water in de leiding in tegengestelde richting; dit kan worden verhinderd door een terugslagklep. De installatie van een snelle sluiting op een geschikte plaats voor een scheiding van de leiding vergemakkelijkt het reinigings- en onderhoudswerk. Wanneer het apparaat wordt gebruikt in een rioolput of put voor de pompen, moet de grootte van het opzuiggebied groot genoeg zijn om de normale werking van het apparaat niet te belemmeren. Het drijven van de vlotterschakelaar (A5) van het apparaat mag niet geblokkeerd of belemmerd worden, omdat anders een goede werking niet kan worden gegarandeerd. Als u er niet zeker van bent dat de vlotterschakelaar (A5) op reguliere wijze kan worden geactiveerd of gedeactiveerd, moet het apparaat alleen onder toezicht worden bediend.

6.4 Veiligheidsmaatregelen

De bediener moet in geval van storingen van het apparaat of van externe apparaten schade door overstromingen van de ruimten of door andere oorzaken, met passende maatregelen uitsluiten (bv. de installatie van een overstromingsbeveiliging, alarmsysteem, reservepomp, verzameltank en dergelijke), die moeten worden aangesloten op een afzonderlijk en fail-safe elektrisch circuit. De beveiligingsmaatregelen moeten worden aangepast aan de afzonderlijke gebruikssituaties en in staat zijn om de schade veroorzaakt door waterlekkages te verminderen en/of te voorkomen. Verder moet de gebruiker er met een spatbeveiliging voor zorgen dat na een storing het gelekte of spatwater geen schade aanricht. Het gelekte water moet met een reservepomp of via een afvoer worden verwijderd. Als alternatief kan een alarmsysteem worden geïnstalleerd dat in geval van waterlekkage een alarm doet afgaan en/of voor een noodstop van het apparaat en de watertoevoer zorgt, voordat de apparatuur of goederen beschadigd raken. In de ruimten waar de apparaten worden geïnstalleerd bevelen wij aan om alle apparatuur ca. 5-10 cm hoger te plaatsen om directe schade door het gelekte water te voorkomen. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van het niet naleven van deze voorschriften. Let op - gevaar! Drooglopen Wanneer het apparaat langer dan 5 minuten draait met een gesloten wateraanzuigpunt, kan het door oververhitting beschadigd raken. Zet het apparaat uit als de normale waterstroom is onderbroken. Het drooglopen vernietigt het apparaat, laat het apparaat dus nooit meer dan 10 seconden lang drooglopen. 7 AFSTELLINGEN

7.1 Instellingen vooraf

Het apparaat is klaar voor gebruik en alleen de activering en deactivering van de vlotterschakelaar (A5) moeten worden afgesteld aan de hand van het specifieke toepassingsgeval.

7.2 Afstelling van de vlotterschakelaar

Het punt van inschakeling van het apparaat kan worden ingesteld door het inkorten van de kabel van de vlotterschakelaar in de betreffende clip (A5 b, fig. 7). Een korte kabel bepaalt een vertraagde activering en een vervroegde uitschakeling.

7.3 Speciale functies

7.3.1 Variabele basis voor helder of afvoerwater

Bij de multifunctionele modellen kunnen de pootjes van de basis van het apparaat (A6) worden ingeklapt voor het omschakelen van het apparaat van de gebruiksmodus voor afvalwater naar die voor zuiver water. Hierbij zuigt het apparaat water op tot een resterende hoeveelheid van 5 mm, het kan echter alleen stoffen in suspensie met een deeltjesgrootte tot max. 5 mm (g. 8) behandelen.

7.3.2 Stop van de vlotterschakelaar (A5)

Bij sommige modellen kan de vlotterschakelaar (A5) in rechtopstaande positie worden geblokkeerd in een drager (A5 b, g. 10). Bij een geblokkeerde vlotterschakelaar werkt het apparaat continu, ongeacht het waterniveau en mag het alleen onder toezicht worden bediend om het drooglopen ervan te voorkomen.

8 INWERKINGSTELLING EN AANZUIGING

Let op - gevaar! Tijdens alle werkzaamheden voor de installatie en montage moet het apparaat losgekoppeld zijn van het elektriciteitsnet (g. 3).

8.1 Inwerkingstelling

Nadat het apparaat is aangesloten zoals beschreven in paragraaf 6, en alle veiligheidsinstructies zijn nagelopen, kunt u de stekker (A12) in het stopcontact steken. Het apparaat wordt dan automatisch geactiveerd wanneer het waterniveau de door de vlotterschakelaar ingestelde hoogte bereikt en weer uitgeschakeld bij het bereiken van het deactiveringsniveau.

8.2 Het aanzuigen van water

Voor het aanzuigen/starten van het apparaat is een waterniveau van ongeveer 30-50 mm hoger dan de minimale aangezogen hoeveelheid. Nadat het apparaat is begonnen met zuigen, is het in staat om te pompen tot aan de aangegeven minimumhoogte. Het apparaat zuigt het water via het aanzuigrooster (A1) aan zijn basis, en voert het via een persleiding die is aangesloten op de uitlaatstomp (A3), naar de gewenste plaats. Indien, ondanks een voldoende waterniveau en een werkende motor, het water niet wordt aangezogen kan er lucht in het pomphuis (A4) zijn achtergebleven. Ga verder zoals beschreven in punt 6.2 en ontlucht het systeem opnieuw.

8.3 Het aanzuigen van water

De aangegeven debietwaarden van het apparaat zijn maximumwaarden, en zullen afnemen bij gebruik van externe componenten (bv. persleiding, elleboogstukken, verloopstukken, enz.). Het verdient aanbeveling hier rekening mee te houden bij de keuze van het apparaat. Het werkelijke debiet voor de specieke toepassingsgevallen staat weergegeven in de debiettabel (g. 10).145 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

9 ONDERHOUD Let op - gevaar! Voor ieder onderhoud en/of tijdens het oplossen van problemen moet u de stekker (A8) van de voedingskabel uit het stopcontact trekken. Later kunt u alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uitvoeren.

Spoel het apparaat en de externe componenten na ieder gebruik met schoon water. Verwijder de afzettingen met een waterstraal. Vuil en klei in het pomphuis (A4) veroorzaken een blokkering van de waaier en werkingsstoringen als hij later weer in gebruik wordt genomen. Mocht u deze handelingen zijn vergeten dan kunt u het apparaat een paar dagen ondergedompeld houden in water met een maximale temperatuur van 35°C om het vuil op te lossen.

9.2 Controle van de werking

Controleer regelmatig de werking van de vlotterschakelaar (A5) om problemen te voorkomen. 10 OPSLAG Het apparaat moet absoluut vorstvrij worden gehouden en, bij temperaturen van +5°C of lager, gedemonteerd worden en opgeslagen in een droge en tegen vorst beschutte omgeving.146 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

GARANTIE De garanties met betrekking tot de in deze handleiding beschreven apparaten veronderstellen het opvolgen en de naleving van alle erin opgenomen aanwijzingen, in het bijzonder die met betrekking tot het gebruik, de installatie en bediening. Voor het beschreven product verlenen wij een garantie van 24 maanden (12 maanden voor de professionele verkoop) tegen materiaal- of productiefouten, gerekend vanaf de datum van aankoop, conform de geldende wetten. Garantieclaims kunnen alleen op vertoon van een bewijs van aankoop worden ingediend. De garantie geldt niet voor de kosten van demontage en montage van het betrokken apparaat op de plaats van gebruik, voor de reiskosten van het reparatiepersoneel van en naar de plaats van gebruik en voor de transportkosten. Klachten waarvan de oorzaken kunnen worden teruggeleid naar een onjuiste installatie of bediening, ontoereikende arbeidsomstandigheden, onvoldoende zorg, ongeschikt commercieel gebruik of ondeskundige pogingen tot reparatie, evenals de normale slijtage, zijn uitgesloten van de garantie en aansprakelijkheid. De resulterende kosten, met name die van het testen en de transportkosten, zijn voor rekening van de verzender en/of de bediener van het apparaat. Dit geldt in het bijzonder ook bij het doorsturen van een garantieverzoek terwijl bij de controle blijkt dat het apparaat perfect werkt en geen gebreken heeft of dat het probleem niet te wijten is aan materiaal- of productiefouten. Vóór de terugzending wordt elk product onderworpen aan een strenge technische controle. Garantiereparaties mogen alleen worden uitgevoerd door onze geautoriseerde klantenservices of bevoegde en erkende werkplaatsen. Reparatiepogingen door de klant of onbevoegde derden tijdens de garantietermijn zullen de garantie doen vervallen. Het doorsnijden van de voedingsstekker en/of het inkorten van de voedingskabel doen de garantie vervallen. Het door ons verleende garantiewerk verlengt de garantieperiode niet, en zijn ook geen reden voor een nieuwe garantieperiode voor de vervangen of gerepareerde delen. Alle verdere rechten zijn uitgesloten, met name die op kortingen, wijzigingen of schadevergoedingen, maar ook die op indirecte schade van elke aard. Neem in geval van een storing contact op met de winkel waar u het product heeft gekocht, samen met het aankoopbewijs. 11 PROBLEMEN OPZOEKEN Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Het apparaat voert geen water aan omdat de motor niet werkt

het stopcontact is gestoken.

2. Stekker (A12) verkeerd geplaatst. 2. Steek de stekker (A12) goed in het stopcontact.

Wordt de differentieelschakelaar wederom getriggerd, dan moet u een elektricien raadplegen.

4. Waaier geblokkeerd. 4. Verwijder alle mogelijke belemmeringen van de waaier.

5. Schade aan de motor of de condensator. 5. Informeer de leverancier.

Het apparaat voert geen water aan, hoewel de motor draait

1. Aanzuigrooster (A1) verstopt. 1. Reinig het aanzuigrooster (A1).

2. Geblokkeerde terugslagklep (indien aanwezig). 2. Reinig of vervang de klep (indien aanwezig).

3. Luchtbel in het pomphuis (A4).

3. Houd het apparaat schuin onder water om de lucht uit het

pomphuis (A4) te laten ontsnappen. Het apparaat voert slechts een beperkte hoeveelheid water aan

1. Aanzuigrooster (A1) gedeeltelijk verstopt. 1. Reinig het aanzuigrooster (A1).

2. Leiding verstopt. 2. Verwijder de verstopping.

3. Diameter van de persleiding te klein. 3. Gebruik flexibele leidingen van ten minste ø25 mm (1 inch).

4. Punt van uitgang van het water te hoog ten opzichte van

4. Houd er rekening mee dat de prevalentie ten koste van het

debiet gaat. Onregelmatige werking

1. Vaste bestanddelen blokkeren de vrije draaiing van de waaier. 1. Verwijder de vreemde bestanddelen.

2. Temperatuur van de vloeistof te hoog.

2. De maximale temperatuur van de getransporteerde vloeistof mag

niet hoger zijn dan 35°C

3. Elektrische spanning buiten de tolerantie.

3. Sluit het apparaat aan op een elektrische installatie die voldoet

aan de vereisten op het etiket.

4. Motor defect. 4. Informeer de leverancier.

Lekkage van water uit het pomphuis (A4)

1. Het water vloeit uit de ontluchtingsopening (A7) tussen het

boven- en benedendeel.

1. Geen ingreep is vereist, de ontluchtingsopening is technisch

noodzakelijk.147 NEDERLANDS (Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing)

Max. watertemperatuur (T max ) °C

Hoogte restwater mm 5 5 / 32 14 45 Max. deeltjesgrootte Ø mm 5 5 / 30 5 35 Beschermingsklasse

Technische wijzigingen voorbehouden!148 NORSK (Oversettelse av den originale bruksanvisningen)