DGE5661HM - DGE5661HM-942022568 - Fornuis AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DGE5661HM - DGE5661HM-942022568 AEG in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DGE5661HM - DGE5661HM-942022568 - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DGE5661HM - DGE5661HM-942022568 van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING DGE5661HM - DGE5661HM-942022568 AEG
INHOUDSOPGAVE 1. INLICHTING BETREFFENDE VEILIGHEID22 2. VEILIGHEIDSRICHTLIJNEN 25 3. ONDERHOUD26 4. BEDIENINGEN26 5. INSTALLATIEMETHODEN27 6. VERLICHTING27 7. ZORG VOOR HET MILIEU27
ONTWIKKELD VOOR U Bedankt dat u voor dit AEG product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profi teren. Ga naar onze website voor: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en onderhoudsinformatie: www.aeg.com Registreer uw product voor een betere service: www.aeg.com/productregistration Accessoires, verbruiksmaterialen en originele onderdelen voor uw apparaat aan te schaffen: www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE EN ONDERHOUD Wij adviseren altijd het gebruik van originele onderdelen. Controleer of u over de volgende gegevens beschikt als u contact opneemt met een erkend servicecentrum: model, productcode (PNC), serienummer. Deze informatie vindt u op het gegevensplaatje. Waarschuwing / Let op - Belangrijke veiligheidsinformatie Algemene informatie en adviezen Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden.
INLICHTING BETREFFENDE VEILIGHEID Alvorens het toestel te installeren en in gebruik te nemen wijzen wij u er op, deze handleiding goed door te lezen. De producent is niet aansprakelijk voor welke schaden of letsels dan ook die door onjuiste installatie of gebruik van het toestel ontstaan. Deze instructie dient op een veilige en toegankelijke plaats bewaard te worden, zodat het later gebruikt kan worden. 1.1 Veiligheid van kinderen en gehandicapte personen
• Dit toestel kan gebruikt worden door kinderen die tenminste 8 jaar oud zijn en door fysiek, sensorisch of geestelijk minder valide personen, als ook door personen die geen relevante ervaring en kennis hebben alleen maar onder geschikte toezicht op die personen, of onder de voorwaarde dat deze personen geïnstrueerd zijn betreffende het gebruik van het toestel op een manier die veilig is en de personen laat begrijpen wat de daarmee verbonden gevaren zijn. • Kinderen tussen 3 en 8 jaar en personen met uitgebreide beperkingen van complexe aard mogen geen toegang tot het toestel hebben, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan. • Kinderen onder 3 jaar oud mogen geen toegang tot het toestel hebben, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan. • Kinderen mogen niet het toestel als speelgoed gebruiken. • Houd alle verpakkingen uit de buurt van kinderen en deponeer ze op de juiste manier. • Kinderen en dieren mogen geen toegang hebben tot het toestel wanneer het aan staat. • Kinderen mogen geen reiniging- of onderhoudsactiviteiten zonder toezicht uitvoeren. 1.2 Algemene veiligheidsregelingen • Het toestel is bestemd voor huishoudelijk gebruik boven kookplaten, fornuizen en soortgelijke kooktoestellen. • Alvorens onderhoud uit te voeren, koppel het apparaat los van de voeding. • WAARSCHUWING: Bereikbare onderdelen kunnen heet worden tijdens het gebruik van kooktoestellen. • Gebruik alleen de bevestigingsschroeven die met het toestel zijn meegeleverd; indien er geen schroeven zijn niet meegeleverd, gebruik de schroeven die in de installatie instructie aanbevolen worden. • Gebruik geen lijm om het toestel te bevestigen. • De minimale afstand tussen het oppervlakte van de kookplaat waarop de pannen staan en het onderste deel van het gasfornuis moet minstens 65 cm zijn, tenzij het in de installatie instructie anders is aangegeven. Als er in de instructie van de kookplaat montage een grotere afstand is aangeven, moet er hiermee rekening worden gehouden. • De luchtafvoer moet aan de lokale voorschriften voldoen. • Zorg voor goede ventilatie in de kamer waar het toestel geïnstalleerd
is om te voorkomen dat er ongewenste gassen de kamer binnendringen door apparaten die gas of andere brandstoffen verbranden, inclusief open vuur. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet worden geblokkeerd en dat de lucht die door het toestel wordt verzameld niet wordt getransporteerd naar een kanaal dat voor het afvoeren van rook en stoom van andere toestellen wordt gebruikt (centrale verwarmingssystemen, thermosifonen, waterverwarmers, enz.). • Wanneer het toestel gelijktijdig met andere toestellen aan staat, mag het maximale vacuüm dat in de kamer wordt gegenereerd niet groter zijn dan 0,04 mbar. • Wees voorzichtig om de voedingskabel niet te beschadigen. Om een beschadigde voedingskabel te vervangen, neem contact op met een door ons erkende servicecentrum of elektricien. • Indien het toestel rechtstreeks op de voeding is aangesloten, moet de elektrische installatie uitgerust zijn met een isolatieapparaat dat het mogelijk maakt om het toestel volledig van het stroomnet los te koppelen. Volledige ontkoppeling moet aan de voorwaarden voldoen die in de overspanningscategorie III zijn gespecificeerd. Het toestel gebruikt voor ontkoppeling moet worden aangesloten door middel van vaste bedrading conform de bedradingsregels. • Flambeer niet onder het apparaat. • Gebruik geen gevaarlijke of explosieve substanties om de materialen en dampen te verwijderen. • Het toestel moet regulier worden gereinigd, zodat de toestand van het oppervlakte niet verslechtert. • Het toestel moet regulier met een zacht doekje gereinigd worden. • Gebruik geen stoomreiniger, water spray, schurende schoonmaakmiddelen of scherpe metalen schrappers om het oppervlakte van het toestel te reinigen. Gebruik alleen maar neutrale schoonmaakmiddelen. • Reinig vetfilters regelmatig (ten minste één keer per 2 maanden) en verwijder vetaanslag van het toestel om het risico van brand te voorkomen. • Gebruik een doekje of een borstel om de binnenkant van het toestel schoon te maken.
2. VEILIGHEIDSRICHTLIJ NEN 2.1 Installatie WAARSCHUWING! Gevaar van letsels, elektrische schokken en brandwonden of van schade aan het toestel. • Alleen een gekwalificeerd persoon mag dit toestel installeren. • Installeer geen beschadigd toestel en maak er eveneens geen gebruik van. • Volg de installatieinstructie die met het toestel is meegeleverd. • Omdat het toestel zwaar is, wees altijd voorzichtig als u het verplaatst. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten, duurzame schoenen. • Alvorens het toestel te installeren, verwijder de etikettering en de beschermende folie. • Voer de afgezogen lucht niet uit door een muurholte, tenzij de holte voor dat doel is ontworpen.
2.2 Elektrische aansluiting WAARSCHUWING! Gevaar van brand en elektrische schokken. • Alle elektrische aansluitingen moeten door een gekwalificeerde elektricien gedaan worden. • Zorg ervoor dat de parameters op het typeplaatje compatibel zijn met de elektrische specificaties van de hoofdvoeding. ) niet op het type• Als het symbool ( plaatje geprint staat, moet het toestel worden geaard. • Maak altijd gebruik van een correct geïnstalleerd en volledig geïsoleerd stopcontact. • Zorg ervoor dat de stroomvoer niet in de knoop raakt. • Gebruik geen stekkerdoos of verlengkabels. • Als het stopcontact los zit, mag de stekker niet daaraan aangesloten worden. • Trek niet aan de voedingskabel om het toestel los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
• De schokbescherming van onder spanning staande en geïsoleerde delen moet zodanig worden bevestigd dat deze niet zonder gereedschap kan worden verwijderd. • Zorg ervoor dat het toestel correct is geïnstalleerd. Een losse en onjuiste elektriciteitskabel kan de contactpunten te heet maken. Sluit het toestel pas aan op het einde van de installatie. Zorg ervoor dat er na de installatie toegang tot het elektriciteitsnet is.
2.3 Gebruik WAARSCHUWING! Gevaar van letsels, brandwonden, en elektrische schokken. • Het toestel is uitsluitend voor het koken bestemd. Gebruik het toestel niet voor andere doeleinden. • Wijzig de specificatie van dit toestel niet. • Gebruik het toestel niet met natte handen of als het in contact met water komt. • Gebruik uitsluitend de accessoires die met het toestel zijn meegeleverd. • Houd vlammen of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën tijdens het koken en frituren. • Gebruik geen onbedekte elektrische roosters. • Gebruik het toestel niet als opslag oppervlakte. • Gebruik geen vergrootglazen, brillen of soortgelijke optische apparaten om rechtstreeks naar de verlichting van het toestel te kijken.
2.4 Onderhoud • Om het toestel te repareren, neem contact op met een geautoriseerd servicecentrum. • Gebruik alleen maar originele vervangonderdelen.
2.5 Utilisatie WAARSCHUWING! Het risico van letsels of stikken. • Inlichting betreffende juiste utilisatie van
het toestel kunt u verkrijgen door contact op te nemen met de locale autoriteiten. • Schakel de elektriciteit van het toestel uit. • Knip de voedingskabel dicht bij de behuizing van het toestel af en deponeer het.
3. ONDERHOUD Reiniging van de vetfilters. Minstens 1 keer in de 2 maanden reinigen om brandgevaar te vermijden, met betrekking tot gebruik. Was de filters met de hand of in de vaatwasser met een neutraal reinigingsmiddel. De vaatwasser kan de kleur van de filters iets doen vervagen; dit heeft echter geen invloed op de goede werking van de filters.
Het actieve koolstoffilter kan niet worden gewassen of gerecycled, en moet ongeveer om de 4 maanden worden vervangen, of vaker bij zeer intensief gebruik.
Knop A: verlichtingsschakelaar. Knop B: eerste snelheidsschakelaar / motor AAN / UIT. Knop C: tweede snelheidsschakelaar / alarm AAN / UIT. Houdt deze knop gedurende 3 seconden ingedrukt, als de ufzuigkap is uitgeschakeld, om het koolstoffiltersalarm in te schakelen (LED L2 knippert tweemaal). Als u nogmaals de knop gedurende 3 sec. ingedrukt houdt, wordt het alarm UITGESCHAKELD (LED L2 knippert tweemaal). Het standaard alarm blijft uitgeschakeld. Knop D: derde snelheids- / resetschakelaar. Als de of zuigkap is uitgeschakeld, houdt u deze knop 3 seconden ingedrukt om het filteralarm RESET (vetfilters en koolstoffilters) te activeren en knippert de L3-led driemaal. Knop E: snelscheidsschakelaar / afstandsbediening. Als de motor draait, activeert deze knop de hoge snelheid gedurende 6 minuten (LED 4 brandt); aan het einde van deze periode schakelt de motor automatisch over op de snelheid die was ingesteld voordat deze functie werd ingesteld. Houdt deze knop gedurende 3 seconden ingedrukt, als de afzuigkap is uitgeschakeld, om de infraroodcommunicatie aan / uit te schakelen met de afstandsbediening. Wanneer het afstandsbedieningssysteem is ingeschakeld, knippert LED viermaal; wanneer het afstandsbedieningsysteem is uitgeschakeld, knippert LED 4 eenmaal. Diode L5: filteralarm. De brandende L5-diode geeft de noodzaak aan om de vetfilters schoon te maken (na 40 uur werk). Knipperende LED L5 geeft aan dat koolstoffilters moeten worden vervangen (na 160 uur werk) en de vetfilters moeten worden gereinigd. Als de afzuigkap geen filtermodel
is en deze niet is uitgerust met koolstoffilters, moeten alleen vetfilters worden gereinigd. Het filteralarm klinkt ongeveer 30 seconden lang. Houdt de knop D gedurende 3 seconden ingedrukt met de afzuigkap uit om een reset van een uurmeter uit te voeren.
5. INSTALLATIEMETHODEN AFVOER OF RECIRCULATIE? De afzuigkap is beschikbaar in verschillende afvoer of recirculatie uitvoeringen. Beslis op voorhand welke installatie u verkiest (afvoer of recirculatie). Voor een grotere doeltreffendheid, is het raadzaam de aanzuigende kap te installeren (indien mogelijk). Voor het beste rendement, is het raadzaam (indien mogelijk) een afvoer afzuigkap te installeren. Afvoer afzuigkap De kap filtert de afgezogen lucht en voert die af door een afvoerbuis.
Recirculatie afzuigkap De kap filtert en recirculeert de gezuiverde lucht in de binnenruimte.
6. VERLICHTING Als de verlichting kapot is, hoort deze vervangen te worden door de fabrikant, een erkende technische dienst of een persoon met vergelijkbare kwalificaties, teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
7. ZORG VOOR HET MILIEU Materialen met het symbool moeten gerecycled worden. Plaats de verpakking in relevante containers om het ze te recyclen. Help het milieu en het menselijk welzijn te beschermen door afval van elektrische en elektronische apparaten te recyclen. Toestelmogen niet samen len met het symbool met het huishoudelijk afval worden gedeponeerd. Retourneer het product naar uw lokale
recyclingfaciliteit of neem contact op met uw gemeente.
Notice-Facile