47646GTWN - Fornuis AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 47646GTWN AEG in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 47646GTWN - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 47646GTWN van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING 47646GTWN AEG
47646GT-MN NL Gebruiksaanwijzing 2
14. MONTAGE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
VOOR PERFECTE RESULTATEN Bedankt dat u voor dit AEG product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jaren
uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen
maken – functies die gewone apparaten wellicht niet hebben. Neem een paar minuten de tijd
om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en
onderhoudsinformatie:
Registreer uw product voor een betere service:
www.aeg.com/productregistration
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
KLANTENSERVICE Wij raden altijd het gebruik van originele onderdelen aan.
Zorg er als u contact opneemt met de klantenservice voor dat u de volgende gegevens bij de
De informatie staat op het typeplaatje. model, productnummer, serienummer.
Waarschuwing - Belangrijke veiligheidsinformatie.
Algemene informatie en tips
Wijzigingen voorbehouden.
www.aeg.com1. VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor in-
stallatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
niet verantwoordelijk voor letsel en schade veroorzaakt
door een foutieve installatie. Bewaar de instructies van
het apparaat voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
Gevaar voor verstikking, letsel of permanente inva-
• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van
8 jaar en ouder en door mensen met beperkte licha-
melijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of
een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan van een volwassene of van iemand die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
• Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
• Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kin-
• Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het ap-
paraat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat is
• Als het apparaat is uitgerust met een kinderbeveili-
ging, raden wij aan dit te activeren.
• Reiniging en onderhoud mag niet worden uitgevoerd
door kinderen zonder toezicht.
1.2 Algemene veiligheid
• Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan
worden heet tijdens gebruik. De verwarmingselemen-
• Bedien het apparaat niet met een externe timer of
een apart afstandbedieningssysteem.
NEDERLANDS 3• Zonder toezicht koken op een kookplaat met vet of
olie kan gevaarlijk zijn en brandgevaar opleveren.
• Probeer brand nooit met water te blussen, maar scha-
kel in plaats daarvan het apparaat uit en bedek de
vlam, d.w.z. met een deksel of blusdeken.
• Bewaar geen voorwerpen op de kookplaten.
• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon
• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en
deksels mogen niet op de kookplaat worden ge-
plaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
• Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voor-
dat u de lamp vervangt om elektrische schokken te
• Wees voorzichtig als u de opslaglade aanraakt. Deze
• Om de inschuifrailen te verwijderen trekt u eerst de
voorkant van de inschuifrail en dan de achterkant uit
de zijwanden. Installeer de inschuifrail in de omge-
• Verwijder spillage van het deksel voordat u het
opent. Laat de kookplaat afkoelen voordat u het dek-
• Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of
scherpe metalen schrapers om de glazen deur
schoon te maken, deze kunnen krassen veroorzaken
op het oppervlak, waardoor het glas zou kunnen bre-
• Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabri-
kant, een erkende serviceverlener of een gekwalifi-
ceerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke
situaties te voorkomen.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Dit apparaat is geschikt voor de
volgende markten: BE LU
Alleen een erkende installatie-
technicus mag het apparaat in-
• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
• Installeer en gebruik geen beschadigd
• Volg de installatie-instructies op die
zijn meegeleverd met het apparaat.
• Wees voorzichtig met het verplaatsen
van het apparaat, het is zwaar. Draag
altijd veiligheidshandschoenen.
• Trek het apparaat nooit aan de hand-
greep van zijn plaats.
• Houd de minimumafstand naar andere
apparaten en units in acht.
• Zorg ervoor dat het apparaat onder en
naast veilige installaties wordt geïn-
• De zijkanten van het apparaat moeten
naast apparaten of units staan van de-
• Installeer het apparaat niet op een
• Installeer het apparaat niet naast een
deur of onder een raam. Dit voorkomt
dat hete pennen van het apparaat val-
len als de deur of het raam wordt geo-
Gevaar voor brand en elektrische
• Alle elektrische aansluitingen moeten
door een gediplomeerd elektromon-
teur worden gemaakt.
• Dit apparaat moet worden aangeslo-
ten op een geaard stopcontact.
• Controleer of de elektrische informatie
op het typeplaatje overeenkomt met
de stroomvoorziening. Zo niet, neem
dan contact op met een elektromon-
• Gebruik altijd een correct geïnstal-
leerd, schokbestendig stopcontact.
• Gebruik geen meerwegstekkers en
• Zorg dat u de hoofdstekker en kabel
niet beschadigt. Neem contact op met
de service-afdeling of een elektro-
monteur om een beschadigde hoofd-
• Laat de stroomkabel niet in aanraking
komen met de deur van het apparaat,
met name niet als deze heet is.
• De schokbescherming van delen on-
der stroom en geïsoleerde delen
moet op zo'n manier worden beves-
tigd dat het niet zonder gereedschap
kan worden verplaatst.
• Steek de stekker pas in het stopcon-
tact als de installatie is voltooid. Zorg
ervoor dat het netsnoer na installatie
• Sluit de stroomstekker niet aan op een
losse stroomaansluiting.
• Trek niet aan het netsnoer om het ap-
paraat los te koppelen. Trek altijd aan
• Gebruik alleen de juiste isolatie-appa-
raten: stroomonderbrekers, zekerin-
gen (schroefzekeringen moeten uit de
houder worden verwijderd), aardlek-
schakelaars en contactgevers.
• De elektrische installatie moet een iso-
latieapparaat bevatten waardoor het
apparaat volledig van het lichtnet af-
gesloten kan worden. Het isolatieap-
paraat moet een contactopening heb-
ben met een minimale breedte van 3
• Alle gasaansluitingen moeten door
een gediplomeerd elektromonteur
• Controleer vóór de installatie of de
plaatselijke distributieomstandighe-
den (gassoort en -druk) en de afstel-
ling van het apparaat met elkaar te
NEDERLANDS 5• Zorg ervoor dat er koude luchtcircula-
tie in het apparaat aanwezig is.
• Op het typeplaatje staat informatie
• Dit apparaat mag niet aangesloten
worden op een inrichting dat produc-
ten afvoert voor verbranding. Sluit het
apparaat aan volgens de geldende in-
stallatieregels. Let op de vereisten
voor voldoende ventilatie.
Gevaar op letsel, brandwonden
of elektrische schokken.
• Gebruik dit apparaat in een huishou-
• De specificatie van het apparaat mag
niet worden veranderd.
• Zorg ervoor dat de ventilatieopenin-
gen niet geblokkeerd zijn.
• Laat het apparaat tijdens het gebruik
niet onbeheerd achter.
• Schakel het apparaat telkens na ge-
• Van binnen wordt het apparaat heet
als het in werking is. Raak de verwar-
mingselementen in het apparaat niet
aan. Gebruik altijd ovenhandschoenen
om accessoires of kookgerei te plaat-
• Wees voorzichtig met het openen van
de deur van het apparaat als het ap-
paraat aan staat. Er kan hete lucht ont-
• Bedien het apparaat niet met natte
handen of als het contact maakt met
• Oefen geen kracht uit op een geopen-
• Houd de deur van het apparaat altijd
dicht als het apparaat in werking is.
• Leg geen bestek of deksels van steel-
pannen op de kookzones. Ze zijn heet.
• Zet de kookzone op "uit" na elk ge-
• Het apparaat mag niet worden ge-
bruikt als werkblad of aanrecht.
• Zorg voor een goede ventilatie in de
ruimte waar het apparaat is geïnstal-
• Gebruik alleen stabiel kookgerei met
de juiste vorm en een diameter groter
dan de afmetingen van de branders.
• Zorg dat de vlam niet uit gaat als u de
knop snel van de maximale stand naar
de minimale stand draait.
• Zorg ervoor dat de pannen in het mid-
den van de ringen worden gezet en
niet uitsteken over de randen van de
• Gebruik alleen de accessoires die zijn
meegeleverd met het apparaat.
• Plaats geen vlamverdeler op de bran-
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd
om mee te koken. Het mag niet wor-
den gebruikt voor andere doeleinden,
zoals het verwarmen van een kamer.
Brand- of explosiegevaar.
• Verhitte vetten en olie kunnen ont-
vlambare damp afgeven. Houd vlam-
men of verwarmde voorwerpen uit de
buurt van vet en olie als u er mee
• De dampen die hete olie afgeeft kun-
nen spontane ontbranding veroorza-
• Gebruikte olie die voedselresten be-
vat kan brand veroorzaken bij een la-
gere temperatuur dan olie die voor de
eerste keer wordt gebruikt.
• Plaats geen ontvlambare producten of
items die vochtig zijn door ontvlamba-
re producten in, bij of op het appa-
• Houd vonken of open vlammen uit de
buurt van het apparaat bij het openen
• Open de deur van het apparaat voor-
zichtig. Als u alcoholische toevoegin-
gen gebruikt, kan er alcohol-lucht-
Risico op schade aan het appa-
• Om schade of verkleuring van het
– Zet geen kookgerei of andere voor-
werpen direct op de bodem van het
www.aeg.com– Leg geen aluminiumfolie op de bo-
dem van het apparaat.
– plaats geen water direct in het hete
– haal vochtige schotels en eten uit
het apparaat als u klaar bent met
– wees voorzichtig bij het verwijderen
of bevestigen van accessoires.
• Verkleuring van het email heeft geen
ongewenst effect op de werking van
het apparaat. Dit is geen defect dat
geldt voor het recht op garantie.
• Gebruik voor cakes met veel vocht
een diep bakblik. Fruitsappen kunnen
permanente vlekken maken.
• Zet geen heet kookgerei op het be-
• Laat kookgerei niet droogkoken.
• Laat geen voorwerpen of kookgerei
op het apparaat vallen. Het oppervlak
• Activeer de kookzones niet met leeg
kookgerei of zonder kookgerei erop.
• Geen aluminiumfolie op het apparaat
• Pannen van gietijzer, aluminium of
met beschadigde bodems kunnen
krassen veroorzaken in het glaskera-
miek. Til deze voorwerpen altijd op als
u ze moet verplaatsen op de kook-
• De specificatie van de deksel mag niet
• Maak de deksel regelmatig schoon.
• Open het deksel niet als er is ge-
knoeid op het oppervlak.
• Schakel alle branders uit voordat u het
• Sluit het deksel niet tot de kookplaat
en de oven volledig zijn afgekoeld.
• Glazen deksels kunnen breken als ze
warm worden (indien van toepassing).
Installeer een stabilisator om te
voorkomen dat het apparaat kan-
telt. Raadpleeg de installatiegids.
2.3 Onderhoud en reiniging
Gevaar voor letsel, brand en
schade aan het apparaat.
• Schakel het apparaat uit en trek de
stekker uit het stopcontact voordat u
onderhoudshandelingen verricht.
• Zorg ervoor dat het apparaat is afge-
koeld. Er bestaat een risico dat de
glasplaten kunnen breken.
• Vervang direct de glazen deurpanelen
als deze beschadigd zijn. Neem con-
tact op met de service-afdeling.
• Wees voorzichtig bij het verwijderen
van de deur uit het apparaat. De deur
• Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het
oppervlak achteruitgaat.
• Resterend vet of voedsel in het appa-
raat kan brand veroorzaken.
• Maak het apparaat schoon met een
vochtige, zachte doek. Gebruik alleen
neutrale schoonmaakmiddelen. Ge-
bruik geen schuurmiddelen, schuur-
sponsjes, oplosmiddelen of metalen
• Raadpleeg als u een ovenspray ge-
bruikt eerst de aanwijzingen op de
• Reinig niet het katalytisch emaille (in-
dien van toepassing) met een schoon-
• De branders niet in de afwasautomaat
2.4 Binnenverlichting
• De gloeilampen of halogeenlampen in
dit apparaat zijn uitsluitend bedoeld
voor gebruik in huishoudelijke appara-
ten. Gebruik deze niet voor andere
Gevaar voor elektrische schok-
NEDERLANDS 7• Voordat u het lampje vervangt, dient u
de stekker van het apparaat uit het
stopcontact te halen.
• Gebruik alleen lampjes met dezelfde
Gevaar voor letsel of verstikking.
• Haal de stekker uit het stopcontact.
• Snijd het netsnoer van het apparaat af
• Verwijder de deurgreep om te voorko-
men dat kinderen en huisdieren opge-
sloten raken in het apparaat.
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Algemeen overzicht
Toetsen voor de kookplaat
Elektronische tijdschakelklok
Temperatuurregelknop voor de
Knop voor ovenfuncties
3.2 Indeling kookplaat
Voor gebak en koekjes.
Voor braden en roosteren of als pan
om vet op te vangen.
Onder de ovenruimte bevindt zich een
• Optionele telescopische geleiders
Waardoor bakplaten en roosters volle-
dig kunnen worden uitgeschoven. Ze
zijn apart te bestellen.
4. VOOR HET EERSTE GEBRUIK WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
Pak, om de deur te openen, altijd
de handgreep in het midden
4.1 Eerste reiniging
• Verwijder alle accessoires en uitneem-
bare rails (indien van toepassing).
• Reinig het apparaat voor het eerste
Zie het hoofdstuk "Onderhoud
De oven werkt pas als u de tijd
Na aansluiting van het apparaat op het
stopcontact en na een stroomstoring
knippert het display automatisch.
Druk op de toets Selectie. Het symbool
timer actief gaat branden. Gebruik de "
+" of " -"-toets om de huidige tijd in te
Na ongeveer 5 seconden stopt het knip-
peren en geeft de klok de ingestelde tijd
Voor een tijdswijziging moet u
niet gelijktijdig een automatische
functie (Bereidingsduur of Einde )
Verwarm het apparaat voor om het res-
terende vet weg te branden.
Stel de functie en de maximum-
Laat het apparaat een uur werken.
Stel de -functie in. De maximale
temperatuur voor deze functie is 210
Laat het apparaat 10 minuten wer-
Stel de functie en de maximum-
Laat het apparaat 10 minuten wer-
Accessoires kunnen heter worden dan
normaal. Het apparaat kan een vreemde
Zorg dat er voldoende luchtcirculatie is.
NEDERLANDS 95. KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
5.1 De branders aansteken
Ga voorzichtig te werk bij het ge-
bruik van branders (open vuur) in
de keuken. De fabrikant kan niet
aansprakelijk gesteld worden in
geval van onjuist gebruik van de
De brander steeds aansteken al-
vorens het kookgerei erop te
Druk de knop helemaal in en draai
hem naar de maximale stand
het indrukken van de knop wordt de
Houd de bedieningsknop ongeveer
10 seconden ingedrukt. Het thermo-
koppel kan dan opwarmen. Als u dat
niet doet, wordt de gastoevoer on-
Als de brander na enkele pogin-
gen niet aan gaat, controleer dan
of de kroon en het branderdek-
sel goed op hun plaats zitten.
Als de brander na 10 seconden
niet aan gaat, laat u de knop los
en draait u de knop naar de uit-
stand. Wacht 1 minuut voordat u
de brander nogmaals probeert
U kunt de brander aansteken
zonder elektrisch apparaat (bij-
voorbeeld wanneer er geen elek-
triciteit is in de keuken). Breng
hiertoe de vlam dicht bij de bran-
der, druk de knop 10 seconden
in en draai de knop naar de
stand voor maximale gasuitgifte.
Als de brander per ongeluk
dooft, draait u de knop naar de
uitstand. Wacht 1 minuut voordat
u de brander nogmaals probeert
tisch starten wanneer u de stek-
ker in het stopcontact steekt, na
de installatie of na een stroom-
onderbreking. Dat is normaal.
5.2 De brander uitschakelen
Draai de knop naar het symbool om
10 www.aeg.comWAARSCHUWING!
Draai de vlam altijd lager of scha-
kel de brander uit voordat u de
pan van de brander haalt.
6. KOOKPLAAT - HANDIGE AANWIJZINGEN EN TIPS
6.1 Energiebesparing
• Doe indien mogelijk altijd een deksel
• Wanneer de vloeistof begint te koken,
draait u de vlam omlaag, totdat de
vloeistof zachtjes pruttelt.
Gebruik pannen met een door-
snede die geschikt is voor de af-
meting van de brander.
Gebruik geen pannen op de
kookplaat die de randen over-
Brander Diameter van het
Driekronen 160- 240 mm
Normaal 140 - 240 mm
Sudderen 120 - 180 mm
Gebruik kookgerei met een bodem die
zo dik en plat mogelijk is.
7. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
Schakel het apparaat uit en laat
het afkoelen voordat u het
schoonmaakt. Trek de stekker
van het apparaat uit het stopcon-
tact voordat u reinigings- of on-
derhoudswerkzaamheden aan
het apparaat gaat uitvoeren.
Reiniging van het apparaat met
een stoom- of hogedrukreiniger
is om veiligheidsredenen niet
Gebruik geen agressieve reini-
gingsmiddelen, sponzen van
staalwol of zuren. Deze kunnen
het apparaat beschadigen.
Krassen of donkere vlekken op
de oppervlakte hebben geen in-
vloed op de werking van het ap-
• U kunt de pannendrager verwijderen
voor een gemakkelijke reiniging van
• Was de geëmailleerde delen, het dek-
sel en de kroon met een warm sopje
en laat ze goed drogen alvorens ze te-
• Was de onderdelen van roestvrij staal
af met water en droog ze vervolgens
met een zachte doek.
• De pannendrager mag niet in de af-
wasautomaat worden afgewassen. Hij
moet met de hand worden afgewas-
• Als u de pannendrager met de hand
afwast, let dan op bij het afdrogen,
omdat hij door het emailleerproces
soms scherpe randen heeft. Verwijder
hardnekkige vlekken zo nodig met een
• Zorg ervoor dat u de pannendrager na
de reiniging correct terugplaatst.
• Om ervoor te zorgen dat de branders
goed werken, moeten de armen van
de pannendrager in het midden van
de brander worden geplaatst.
NEDERLANDS 11• Ga zeer voorzichtig te werk bij het
vervangen van de pannendrager, dit
om schade aan het oppervlak van
de kookplaat te vermijden.
Droog het apparaat na reiniging af met
8. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
8.1 Het apparaat aan- en
Zet de functieknop van de oven op
Zet de temperatuurknop op de ge-
Het temperatuurlampje gaat aan zo-
lang de temperatuur in het apparaat
Draai om het apparaat uit te schake-
len de functieknop van de oven en
de thermostaatknop op de uit-stand.
8.2 Veiligheidsthermostaat
De veiligheidsthermostaat is een
thermische uitschakeling in een
actieve thermostaat.
Om schade door gevaarlijke oververhit-
ting van de oventhermostaat te verhin-
deren, beschikt de oven over een veilig-
heidsthermostaat die de stroomtoevoer
afsluit. Zodra de temperatuur is gedaald,
wordt de oven automatisch weer inge-
De veiligheidsthermostaat werkt
enkel indien de oventhermostaat
niet correct werkt. Als dit ge-
beurt, is de oventemperatuur
zeer hoog en kunnen alle ge-
rechten verbranden. U moet on-
middellijk contact nemen met de
service-afdeling om de oventher-
mostaat te vervangen.
Ovenfunctie Applicatie
Uitstand Het apparaat staat UIT.
De binnenkant van de oven verlichten zonder een be-
Verwarmt de oven met het bovenste en het onderste
De warmte komt alleen vanaf de onderkant van de
oven. Voor het bakken van taarten met een knapperi-
Verschillende gerechten tegelijkertijd koken. Om zelf-
gemaakte vruchten in siroop te bereiden en champig-
nons of fruit te drogen.
12 www.aeg.comOvenfunctie Applicatie
Voor het braden of braden en bakken van gerechten
waarvoor dezelfde bereidingstemperatuur nodig is,
op meer dan één roosterhoogte, zonder dat er sma-
ken worden overgebracht van het ene naar het ande-
re gerecht. Verlaag als u deze functie gebruikt de
oventemperatuur met 20 - 40 °C van de standaard-
temperatuur die u gebruikt voor Boven + onderwarm-
Met name voor de bereiding van: meringue, biscuit-
taart, botercake, Zwitserse rol.
Het grillelement en de ventilator van de oven werken
samen, zodat de hetelucht rond de gerechten circu-
leert. Voor het bakken van grote stukken vlees.
Maximale temperatuur voor deze functie is 210
Het onderste element geeft directe warmte af voor de
onderkant van de pizza-, quiche- of taartbodem, ter-
wijl de ventilator de lucht rond het beleg of de taart-
vulling laat circuleren
Voor het ontdooien van diepvriesvoedsel. De tempe-
ratuurknop moet in de uitstand staan.
9. OVEN - KLOKFUNCTIES
9.1 Elektronische tijdschakelklok
Indicator voor de tijdsduur en de
Toets " -" NEDERLANDS 13Klokfunctie Applicatie
Kookwekker Om de tijd af te tellen (1 min - 23 uur 59 minuten).
Als de ingestelde tijd is verstreken, klinkt er een ge-
Deze functie heeft geen invloed op de werking van
dur Bereidingsduur Instellen hoe lang de oven moet worden gebruikt (1
End Eindtijd Hier stelt u de tijd in wanneer de oven moet worden
uitgeschakeld (1 min - 10 uur).
Bereidingsduur en einde kunnen
gelijktijdig worden gebruikt,
wanneer de oven op een later
tijdstip automatisch wordt in- en
uitgeschakeld. Stel eerst de Be-
reidingsduur en daarna het Einde
9.2 De klokfuncties instellen
Druk meerdere malen op de keuzet-
oets tot het gewenste functielampje
Om de tijd in te stellen voor de
, Bereidingsduur dur
of Einde End, gebruikt u de "+" of
De bijbehorende functie gaat bran-
den. Voor Einde en Bereidingsduur
Wanneer de tijd is verstreken, knip-
pert het functielampje en klinkt er
gedurende 2 minuten een geluidsig-
Bij de functies Bereidingsduur en
Druk op een willekeurige toets om
het signaal uit te zetten.
9.3 De klokfunctie annuleren
Druk meerdere malen op de keuzet-
oets tot het gewenste functielampje
Druk gelijktijdig op de toetsen "-"
De klokfunctie gaat na een paar se-
9.4 Het geluidssignaal
1. Houd om het huidige geluidssignaal
te horen de toets "-" ingedrukt.
2. Druk herhaaldelijk op "-" om het ge-
3. Laat de toets "-" los. Het laatste ge-
luid dat u instelt is het nieuwe geluid.
Als het apparaat uit het stopcontact
wordt getrokken of na een stroomsto-
www.aeg.comring is het geluidssignaal weer ingesteld
op het standaardgeluid.
10. OVEN - GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
10.1 De bakplaat plaatsen
Plaats de bakplaat in het midden van de
oven, tussen de voor- en achterwand. Dit
zorgt ervoor dat de warmte zich voor en
achter de bakplaat kan verspreiden.
Zorg dat de bakplaat zoals op de afbeel-
ding wordt geplaatst, met het hellend
oppervlak achteraan.
Duw de bakplaat niet helemaal
tot het einde van de oven. Dit zal
voorkomen dat de warmte rond-
om de bakplaat kan circuleren.
Het gerecht kan verbranden,
vooral aan de achterzijde van de
10.2 Ovenaccessoires plaatsen
Plaats de schuifaccessoires zo dat de
dubbele zijranden zich achter in de oven
bevinden en naar beneden wijzen. Druk
de schuifaccessoires tussen de geleides-
tangen van een van de ovenniveaus.
NEDERLANDS 15Ovenrooster en diepe bakplaat samen
Leg het ovenrooster op de diepe bak-
plaat. Duw de diepe braadpan in de ge-
leidestangen van een van de ovenni-
rechts en links naar buiten.
Plaats het ovenrooster op de tele-
scopische geleiders en duw ze voor-
zichtig in het apparaat.
Zorg dat u de telescopische gelei-
ders helemaal naar achteren schuift,
voordat u de ovendeur sluit.
Dankzij de telescopische gelei-
ders kunt u makkelijker roosters
en bakplaten plaatsen en uitne-
men. Bewaar de montage-in-
structies voor de telescopische
geleiders om later terug te kun-
U kunt de telescopische gelei-
ders op verschillende niveaus
plaatsen, behalve op niveau 4.
ders niet in de afwasautomaat.
Maak de telescopische geleiders
11. OVEN - HANDIGE AANWIJZINGEN EN TIPS LET OP!
Gebruik voor cakes met veel
vocht een diep bakblik. Vruch-
tensappen kunnen het emaille
• Het apparaat heeft vier inzetniveaus.
Tel de inzetniveaus vanaf de bodem
• U kunt op 2 niveaus tegelijk gerechten
bereiden. Plaats de roosters op niveau
• Vocht kan in het apparaat of op de
glazen deuren condenseren. Dit is
normaal. Ga altijd iets terug staan van
het apparaat als u de deur van het ap-
paraat tijdens de werking opent. Om
de condens te verminderen, dient u
het apparaat 10 minuten te laten voor-
• Veeg na elk gebruik het vocht van het
• Plaats geen voorwerpen direct op de
bodem van het apparaat en bedek het
niet met aluminiumfolie als u kookt.
Dit kan de bakresultaten veranderen
en de emaillelaag beschadigen.
11.1 Voor de bereiding van
• Warm de oven ongeveer 10 minuten
voor het bakken voor.
• Doe de ovendeur niet open voordat
driekwart van de baktijd is verstreken.
• Als u twee bakplaten tegelijkertijd ge-
bruikt, dient u één niveau ertussen
11.2 Voor de bereiding van
• Bereid geen vlees dat minder weegt
dan 1 kg. Het bereiden van te kleine
hoeveelheden maakt het vlees droog.
• Gebruik een lekbak voor erg vet voed-
sel om te oven te behoeden voor blij-
• Laat het vlees ongeveer 15 minuten
rusten voordat u het aansnijdt, zodat
het vleessap er niet uit stroomt.
• Om te veel rook tijdens het braden in
de oven te vermijden, kunt u een
beetje water in de lekbak gieten. Om
rook te vermijden, voegt u water toe
wanneer het is opgedroogd.
11.3 Bereidingstijden
Bereidingstijden zijn afhankelijk van het
soort voedsel, de structuur en het volu-
Houd de werking van de oven in de ga-
ten tijdens de eerste keren dat u het ap-
paraat gebruikt. Op die manier ontdekt
u de beste instellingen (warmte-instel-
ling, bereidingstijd etc.) voor uw oven-
schalen, recepten en hoeveelheden
wanneer u dit apparaat gebruikt.
11.4 Boven + onderwarmte
Flan (800 g) emailen bakplaat
Pizza (1000 g) emailen bakplaat
Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 7 minuten in de oven.
Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 10 minuten in de oven.
Stel de temperatuur in op 250 °C om voor te verwarmen.
Als de taart op stand 4 klaar is, haal de taart eruit en zet de taart van stand 1 erin. Nog
Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 7 minuten in de oven.
Stel de temperatuur in op 250 °C om voor te verwarmen.
emaillen bakplaat op
Flan (800 g) emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
emaillen bakplaat op
10 150 - 170 20 - 30
Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 7 minuten in de oven.
Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 10 minuten in de oven.
Stel de temperatuur in op 230 °C om voor te verwarmen.
Draai de knop voor de temperatuur naar 250 °C.
Plaats een bakplaat onder het ovenrek, op inzetniveau 1.
NEDERLANDS 2511.9 Pizza-functie
Type bakplaat en steun-
bakplaat op niveau 1 en
Pizza (1000 g) emaillen bakplaat op ni-
12. OVEN - ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
• Maak de voorkant van het apparaat
schoon met een zachte doek en een
• Gebruik voor de metalen oppervlak-
ken een universeel reinigingsmiddel.
• Reinig de binnenkant van de oven na
elk gebruik. Verontreinigingen laten
zich dan het makkelijkst verwijderen
en kunnen dan niet aanbranden.
• Verwijder hardnekkig vuil met een
speciale ovenreiniger.
• Maak alle oventoebehoren na elk ge-
bruik schoon met een zachte doek en
een warm sopje en een reinigingsmid-
del en laat ze drogen.
• Toebehoren met antiaanbaklaag mo-
gen niet worden schoon gemaakt met
een agressieve reinigingsmiddel,
voorwerpen met scherpe randen of af-
wasautomaat. Hierdoor kan de anti-
aanbaklaag onherstelbaar worden be-
26 www.aeg.com12.1 Verwijderen van de inschuifrails
U kunt de inschuifrails verwijderen om
de zijwanden te reinigen.
Trek de inschuifrail bij de voorkant
Trek de geleider bij de achterkant
uit de zijwand en verwijder deze.
Installeer de inschuifrails in omgekeerde
De afgeronde uiteinden van de
inschuifrails moeten naar voren
12.2 De ovendeur reinigen
De ovendeur beschikt over twee glazen
panelen. U kunt de ovendeur en de in-
terne glasplaat verwijderen om ze
De ovendeur kan dichtslaan als u
de interne glasplaat probeert te
verwijderen als de deur nog ge-
De ovendeur en de glasplaat verwijderen
ren omhoog en draai ze.
Sluit de ovendeur in de eerste ope-
ningsstand (halfopen). Trek hem
daarna naar voren en haal de deur
Leg de deur op een zachte doek op
een stabiele ondergrond.
Maak het vergrendelingssysteem
open om de interne glasplaat te
Draai de twee bevestigingen 90° en
verwijder ze uit hun houders.
Til de glasplaat voorzichtig op (stap
1) en verwijder het glazen paneel
Reinig de glasplaat met een sopje.
Droog de glasplaat voorzichtig af.
De deur en de glasplaten terugplaatsen
Als u de glasplaat en de ovendeur heeft
schoongemaakt, plaatst u ze terug. Voer
bovenstaande stappen uit in de omge-
De bedrukte zijde moet naar de binnen-
kant van de deur gericht zijn. Zorg er-
voor dat na de installatie het oppervlak
van de glazen paneelrand niet ruw aan-
voelt als u het aanraakt.
Zorg dat u de interne glasplaat in de zit-
tingen plaatst. Raadpleeg de illustratie.
12.3 De lade verwijderen
De lade onder de oven kan worden ver-
wijderd om gemakkelijker te worden
Trek de lade volledig naar buiten,
tot deze niet verder kan.
Til de lade langzaam op.
Trek de lade volledig uit.
Voer de bovenstaande stappen in om-
gekeerde volgorde uit om de lade te in-
Bewaar geen ontvlambare din-
oven gebruikt, kan de lade heet
Wees voorzichtig bij het vervan-
gen van het ovenlampje. Schakel
het apparaat altijd uit alvorens u
het lampje gaat vervangen. Er
bestaat risico op elektrische
De lampjes die in dit apparaat
worden gebruikt, zijn speciale
lampjes voor huishoudelijke ap-
paraten. Gebruik deze niet om
kamers of delen van kamers in
het huis te verlichten. Als u een
lampje moet vervangen, moet
het reservelampje hetzelfde ver-
mogen hebben en uitsluitend
geschikt zijn voor gebruik in huis-
houdelijke apparaten.
Voordat u het ovenlampje vervangt:
• Schakel het apparaat uit.
• Verwijder de zekeringen in de zekerin-
genkast, of schakel de stroomonder-
• Leg een doek op de bodem van de
oven. Hierdoor voorkomt u schade
aan het ovenlampje en de glazen af-
Het ovenlampje vervangen:
Het afdekglas van het lampje be-
vindt zich aan de achterkant van de
Draai het afdekglas van de lamp
naar rechts en verwijder het.
Reinig het afdekglas.
Vervang het ovenlampje met een re-
levant, tegen 300 °C hittebestendig
Gebruik uitsluitend hetzelfde oven-
lamptype als het reservelampje. Het
moet hetzelfde vermogen hebben
en uitsluitend geschikt zijn voor ge-
bruik in huishoudelijke apparaten.
Plaats het afdekglas terug.
13. PROBLEMEN OPLOSSEN Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Er is geen vonk als het
gas wordt aangestoken.
Er is geen elektrische
Controleer of het appa-
raat goed is aangesloten
en de elektrische voe-
ding is ingeschakeld.
Er is geen vonk als het
gas wordt aangestoken.
Er is geen elektrische
Onderzoek de huisinstal-
latie (zekeringenkast).
Er is geen vonk als het
gas wordt aangestoken.
kroon zitten niet goed
Controleer of de bran-
goed op hun plaats zit-
30 www.aeg.comProbleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De vlam gaat meteen na
Het thermokoppel is niet
voldoende opgewarmd.
Houd, na het ontsteken
van de vlam, de knop cir-
ca 5 sec. ingedrukt.
De branderkroon is ver-
stopt met etensresten.
Controleer of de hoofd-
sproeier niet verstopt is
en of de branderkroon
Het apparaat werkt hele-
De zekering in de zeke-
ringkast is doorgebrand.
Controleer de zekering.
Als de zekering meer
dan een keer doorslaat,
raadpleeg dan een be-
De oven is niet ingescha-
De benodigde kookstan-
den zijn niet ingesteld.
Controleer de kookstan-
Het ovenlampje brandt
Het ovenlampje is kapot. Het ovenlampje vervan-
Op het display verschij-
nen "12.00" en "LED".
Er is een stroomstoring
Stel de klok weer in.
Stoom en condens slaan
neer op de gerechten en
Het gerecht heeft te lang
Laat gerechten na het
bereiden niet langer dan
Als u niet zelf het probleem kunt verhel-
pen, neem dan contact op met uw ver-
koper of de klantenservice.
De contactgegevens van het servicecen-
trum staan op het typeplaatje. Het type-
plaatje bevindt zich aan de voorkant van
de binnenkant van de oven.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
14. MONTAGE WAARSCHUWING!
Zie de veiligheidshoofdstukken.
NEDERLANDS 3114.1 Locatie van het apparaat
B A U kunt uw vrijstaand apparaat met kas-
ten aan een of twee zijden en in de hoek
Diameter van de brander
Kies voor vaste leidingen of gebruik een
flexibele pijp van roestvrij staal die vol-
doet aan de geldende voorschriften. Als
u flexibele metalen pijpen gebruikt, let
er dan op dat deze niet in aanraking ko-
men met beweegbare onderdelen en
niet platgedrukt worden.
14.4 Aansluiting van flexibele
niet-metalen leidingen
Als het mogelijk is om de aansluiting
overal in de aansluitzone gemakkelijk te
controleren, kunt u een flexibele leiding
gebruiken. Bevestig de flexibele leiding
Gebruik een pijphouder voor de installa-
tie. Zorg ervoor dat u de pijphouder
goed aan de afdichting bevestigt en ga
verder met de gasaansluiting. De flexi-
bele pijp is correct als:
– Het niet heter kan worden dan kamer-
temperatuur of hoger dan 30 °C.
– De leiding niet langer is dan 1500 mm.
– De leiding niet in te drukken is.
– De leiding niet onderworpen is aan
– Er geen contact wordt gemaakt met
scherpe randen of hoeken.
– De leiding gemakkelijk onderzocht
kan worden om de toestand ervan te
Voor het behoud moet de flexibele lei-
ding regelmatig worden gecontroleerd:
– Of ze geen barsten, sneden, vlekken
of brandsporen vertoont op de twee
uiteinden en over de volledige lengte.
– Of het materiaal eleastisch en niet
– Of de bevestigingsklemmen niet ver-
– Of het niet verlopen is.
Als er een of meerdere defecten waar-
neembaar zijn, mag de leiding niet wor-
den gerepareerd, maar moet ze worden
Gebruik nadat de installatie com-
pleet is een zeepoplossing en
nooit een vlam om te kijken of u
de leidingenkoppelingen goed
De gastoevoer bevindt zich aan de ach-
terkant van het bedieningspaneel.
Trek de stekker uit het stop-
contact of trek de zekering uit
vóór u het gas aansluit. Sluit de
hoofdkraan van de gastoevoer.
NEDERLANDS 33ABC DE A)
Gasaansluitingspunt (er is slechts één
punt geschikt voor het apparaat)
Instelbare aansluiting
Houder voor de aardgaspijp
Het toestel is ingesteld op stan-
daard gas. Als u de instelling wilt
wijzigen, kiest u de bijbehorende
pijphouder uit de lijst. Gebruik
altijd de pakkingafdichting.
14.5 Aan verschillende types
Laat alleen een bevoegd per-
soon de afstelling aan verschil-
lende types gas uitvoeren.
Dit apparaat is bedoeld om met
Met de correcte gasinspuiters
kan het ook met vloeibaar gas
Alvorens de injectors te plaatsen,
zorg ervoor dat de gasbedie-
ningsknoppen in de Off-positie
gedraaid zijn en sluit het appa-
raat af van het elektriciteitsnet.
Laat het apparaat volledig afkoe-
len. U kan zich verwonden.
14.6 Vervangen van de
Verwijder de pannensteunen.
Verwijder de doppen en kronen van
Verwijder de sproeiers met een
moersleutel 7 en vervang ze door de
sproeiers voor het type gas dat u
Zet de onderdelen weer in elkaar;
volg dezelfde procedure in omge-
keerde volgorde uit.
Vervang het typeplaatje (naast de
gastoevoerleiding) door het label
voor het nieuwe type gastoevoer.
Het plaatje kunt u vinden in het zak-
je dat bij het apparaat geleverd is.
Als de gasdruk instelbaar is of afwijkt van
de vereist druk, moet u een geschikte
drukregelaar op de gasleiding installe-
14.7 Instellen van het
Het minimumniveau van de branders af-
Steek de brander aan.
Draai de knop op de minimumstand.
Stel de branderschroefstand (A) af
met een dunne schroevendraaier.
De branderschroefstand (A) verschilt
• Draai de instelschroef helemaal vast
als u overstapt van aardgas op vloei-
• Als u overschakelt van vloeibaar gas
op aardgas, draait u de instelschroef
Zorg dat de vlam niet uit gaat als
u de knop snel van de maximale
stand naar de minimale stand
14.8 Waterpas zetten
Gebruik kleine pootjes aan de onderkant
van het apparaat om het kookoppervlak
aan de bovenkant waterpas met andere
oppervlakken te brengen.
U moet de anti-kantelbescher-
ming installeren. Monteer de an-
ti-kantelbescherming zodat het
apparaat niet valt als het incor-
Uw apparaat is vorozien van het
symbool weergegeven in de af-
beelding (indien van toepassing)
om u te herinneren aan de mon-
tage van de anti-kantelbescher-
ming op de correcte hoogte in-
Stel de correcte hoogte in en bepaal
waar op het apparaat u de anti-kan-
telbescherming gaat plaatsen.
Zorg ervoor dat het oppervlak achter
het apparaat glad is.
Installeer de anti-kantelbescherming
232 - 237 mm onder het bovenvlak
van het apparaat en 110 - 115 mm
van de zijkant van het apparaat in de
ronde opening op een steun (zie
afb.). Schroef de beveiliging stevig
in solide materiaal of gebruik ge-
schikte versteviging (muur).
U vindt het gat aan de linkerachter-
kant van het apparaat. Zie afbeel-
Als u de afmetingen van het fornuis
hebt gewijzigd, dan moet u de anti-
kantelbescherming correct uitlijnen.
Als de afstand tussen de aan-
rechtkastjes groter is dan de
breedte van het apparaat, moet
u de zijmaten aanpassen als u
het apparaat wilt centreren.
14.10 Elektrische installatie
De elektrische installatie mag uit-
sluitend worden uitgevoerd door
een gekwalificeerd en deskundig
De fabrikant is niet verantwoor-
delijk in het geval dat u de veilig-
heidsmaatregelen uit het hoofd-
stuk 'Veiligheidsinformatie' niet
Dit apparaat wordt geleverd met stekker
De stroomkabel mag het onder-
deel van het apparaat dat ge-
toond wordt in de illustratie niet
15. MILIEUBESCHERMING Recycle de materialen met het
. Gooi de verpakking in
een geschikte verzamelcontainer om
Help om het milieu en de
volksgezondheid te beschermen en
recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het
huishoudelijk afval. Breng het
product naar het milieustation bij u
www.aeg.comin de buurt of neem contact op met
met au thermocouple de chauffer.
Notice-Facile