ALPINA ASC 1.3 E - Grasmaaier

ASC 1.3 E - Grasmaaier ALPINA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis ASC 1.3 E ALPINA in PDF-formaat.

📄 192 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice ALPINA ASC 1.3 E - page 118
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over ASC 1.3 E ALPINA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ASC 1.3 E - ALPINA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ASC 1.3 E van het merk ALPINA.

GEBRUIKSAANWIJZING ASC 1.3 E ALPINA

LET OP: vooraleer de machine te gebruiken, dient men deze handleiding aandachtig te lezen.

NEDERLANDS - Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing ....NL

LET OP Lees alle veiligheidsvoorschriften en instructies. Het niet in acht nemen van de voorschriften en instructies kan elektrische schokken, brand en/of ernstige letsels veroorzaken.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies om ze in de toekomst te kunnen raadplegen.

In de waarschuwingen wordt met de term "elektrisch gereedschap" het op het lichtnet (met snoer) werkende elektrische gereedschap of het met accuvoeding (zonder snoer) werkende elektrische gereedschap bedoeld.

1) Veiligheid van de werkzone

a) Houd de werkzone schoon en goed verlicht. Donke-re en rommelige ruimtes maken ongelukken gemakkelijker.

b) Gebruik geen elektrisch gereedschap in omgevingen met ontploffingsgevaar, in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gas of stof. De elektrische gereedschappen genereren vonken die stof of dampen kunnen doen ontvlammen.

c) Hou kinderen en omstanders uit de buurt wanneer gebruik gemaakt wordt van een elektrisch gereedschap. Een moment van onoplettendheid kan ertoe leiden dat men de controle over de machine verlies.

2) Elektrische veiligheid

a) De stekkers van het elektrische gereedschap moeten in het stopcontact passen. Wijzig de stekker op geen enkele manier. Gebruik geen adapterstekkers met geaard elektrisch gereedschap. Ongemodificeerde stekkers en bijpassende stopcontacten verminderen het risico op een elektrische schok.

b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, formuizen en koelka-

sten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.

c) Gebruik de maaier niet bij regen of in natte omstandigheden. Dit kan het risico op elektrische schokken verhogen.

d) Misbruik de kabel niet. Gebruik de kabel nooit om het elektrisch gereedschap te dragen, te trekken of los te koppelen. Houd de kabel op afstand van hittebronnen, olie, scherpe randen of bewegende delen.

Beschadigde of verwarde kabels verhogen het risico op elektrische schokken.

e) Als u elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruik dan een verlengstuk dat geschikt is voor buitenshuis gebruik. Het gebruik van een kabel die geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert het risico op elektrische schokken.

f) Als het onvermijdelijk is om elektrisch gereedschap op een vochtige plaats te gebruiken, gebruik dan een voeding die is beveiligd met een aardlekschakelaar (RCD). Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op elektrische schokken.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf attent, controleer wat er gaande is en gebruik altijd het gezond verstand wanneer een elektrisch gereedschap gebruikt wordt. Gebruik het elektrisch gereedschap niet wanneer u moe bent, geneesmiddelen, alcohol of drugs gebruikt hebt. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van een elektrisch gereedschap kan ernstige persoonlijke letsels veroorzaken.

b) Gebruik beschermende kleding. Draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van een beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislipschoenen, een veiligheidshelm of een oorbescherming voorkomt persoonlijke letsels.

c) Voorkom dat de machine ongewild start. Zorg ervoor dat het apparaat uitgeschakeld is vooraleer de accu te plaatsen, of gereedschap vast te nemen of te transporteren. Een elektrisch gereedschap transporteren met een vinger op de schakelaar of de accu monteren met de schakelaar in de stand "ON" verhoogt het risico op ongevallen.

d) Verwijder alle sleutels of regelinstrumenten vooraleer het elektrisch gereedschap in te schakelen. Een sleutel of gereedschap dat in contact blijft met een bewegend onderdeel kan persoonlijke letsels veroorzaken.

e) Ga niet overhellen. Ga altijd stabiel staan en zorg ervoor dat het evenwicht niet verloren wordt. Zo heeft men in onverwachte situaties een betere controle over het elektrisch gereedschap.

f) Draag gepaste kleding. Draag geen ruime kleding of juwelen. Hou het haar, de kleding en de handschoenen op veilige afstand van bewegende onderdelen. Loshangende kledingstukken, juwelen of lang haar kunnen gegrepen worden in de bewegende onderdelen.

g) Als er delen met stofafname-installaties verbonden moeten worden, verzeker u er dan van dat ze goed verbonden en gebruikt worden. Door het gebruik van deze inrichtingen kunnen de risico's met betrekking tot stof beperkt worden.

h) Laat de vertrouwdheid die u met het veelvuldig gebruik van de machine opgedaan heeft u niet misleiden, zodat u veiligheidsprincipes zou negeren. Nalatig handelen kan in een fractie van een seconde ernstig letsel veroorzaken.

4) Gebruik en onderhoud van het elektrisch gereedschap

a) Het elektrisch gereedschap niet overbelasten. Gebruik het elektrisch gereedschap dat geschikt is voor het werk. Het juiste elektrische gereedschap doet het werk beter en veiliger, met de snelheid waarvoor het is ontworpen.

b) Gebruik het elektrisch gereedschap indien de schakelaar hem niet correct kan in- en uitschakelen. Een

elektrisch gereedschap dat niet bediend kan worden met de schakelaar is gevaarlijk en moet gerepareerd worden.

c) Verwijder de accu uit zijn zitting vooraleer een regeling uit te voeren of accessoires te veranderen, of vooraleer het elektrisch gereedschap op te bergen. Deze preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico voor accidentele inschakelingen van het elektrisch gereedschap.

d) Hou de niet gebruikte gereedschappen buiten het bereik van kinderen en laat ze niet gebruiken door personen die niet vertrouwd zijn met het gereedschap zelf of met deze instructies. De elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk indien ze gebruikt worden door onervaren personen.

e) Onderhoud de elektrische gereedschappen correct. Controleer of de bewegende onderdelen goed uitgelijnd zijn en vrij kunnen bewegen, of er geen delen gebroken zijn en of er andere condities zijn die een invloed kunnen hebben op de werking van het elektrisch gereedschap. Bij schade moet het gereedschap gerepareerd worden vooraleer het opnieuw te gebruiken.

Vele ongevallen worden veroorzaakt door een ontoereikend onderhoud.

f) Alle snijonderdelen moeten scherp en schoon gehouden worden. Wanneer de snijonderdelen altijd scherp en schoon zijn, zullen ze minder snel vastlopen en makkelijker te beheersen zijn.

g) Gebruik het elektrisch gereedschap en de relatieve accessoires volgens de geleverde instructies en hou rekening met de werkcondities en het type werk dat men wilt uitvoeren. Het gebruik van en elektrisch gereedschap voor handelingen verschillend van die voorzien kan gevaarlijke situaties opleveren.

h) Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet. De gladde handgrepen staan geen veilige hantering en controle van het gereedschap in onverwachte situaties mogelijk.

5) Assistentie

a) Laat het elektrisch gereedschap repareren door gekwalificeerd personeel en gebruik alleen originele onderdelen. Op die manier wordt de veiligheid van het elektrisch gereedschap in stand gehouden.

1.2 VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR GAZONVERTICUTEERMACHINES EN BELUCHTERS

a) Gebruik de machine niet bij ongunstige weersomstandigheden, vooral wanneer er kans is op blikseminslag. Dit verkleint het risico om door de bliksem te worden getroffen.

b) Inspecteer het gebied waar de machine gebruikt zal worden, zorgvuldig op wilde dieren. Wilde dieren kunnen gewond raken door de machine tijdens het gebruik. c) Inspecteer het gebied waar de machine gebruikt gaat worden zorgvuldig en verwijder alle stenen, stokken, draden, botten en andere vreemde voorwerpen. Gegooide voorwerpen kunnen persoonlijk letsel veroorzaken.

d) Inspecteer het mes en de mesunit altijd visueel op slijtage of beschadiging voordat u de machine gebruikt. Versleten of beschadigde onderdelen verhogen het risico op letsel.

e) Controleer vòor het gebruik of de toevoerkabel en de eventuele verlengkabel geen tekens van beschadiging of slijtage vertonen. Gebruik de machine niet als de kabel beschadigd of versleten is. Als de kabel tijdens het gebruik beschadigd of versleten is, schakelt u de machine uit en raakt u de kabel niet aan voordat u

deze loskoppelt van de netspanning. Een beschadigde toevoerkabel of verlengkabel kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel veroorzaken.

f) Controleer de opvangzak van het gras regelmatig op tekenen van slijtage of beschadiging. Een versleten of beschadigde grasopvangzak kan het risico op persoonlijk letsel vergroten.

g) Houd de afschermingen op hun plaats. De afschermingen moeten goed werken en correct gemonteerd zijn. Een losse, beschadigde of slecht werkende afscherming kan leiden tot persoonlijk letsel.

h) Houd alle koelluchtinlaten vrij van vuil. Belemmerde luchtinlaten en vuil kunnen oververhitting of brand veroorzaken.

i) Draag tijdens het gebruik van de machine altijd antislip, beschermend schoeisel. Bedien de machine niet op blote voeten of met open sandalen. Dit verkleint de kans op voetletsel wegens contact met het bewegende mes.

j) Draag altijd een lange broek wanneer u de machine gebruikt. Blootliggende huid vergroot de kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen.

k) Gebruik de machine niet op nat gras. Stap, loop nooit. Dit vermindert het risico op uitglijden en vallen, wat kan persoonlijk letsel kan veroorzaken.

I) Gebruik de machine niet op te steile hellingen. Dit vermindert het risico op verlies van controle, uitglijden en vallen, wat persoonlijk letsel kan veroorzaken.

m) Let bij het werken op hellingen altijd op uw stappen, werk altijd dwars op de helling, nooit heuvelopwaarts of heuvelafwaarts en wees uiterst voorzichtig bij het veranderen van richting. Dit vermindert het risico op verlies van controle, uitglijden en vallen, wat persoonlijk letsel kan veroorzaken.

n) Wees uiterst voorzichtig wanneer u achteruit rijdt of de grasmaaier naar u toe trekt. Houd altijd rekening met uw omgeving. Dit vermindert het risico van struikelen tijdens het werken.

o) Houd de toevoerkabel ver van de snijmessen. Een beschadigde toevoerkabel kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel veroorzaken.

p) Schakel uit en haal de stekker uit het stopcontact als het snoer in de knoop zit of beschadigd is. Verstrikte of beschadigde kabels kunnen het risico op elektrische schokken verhogen.

q) Houd het elektrische gereedschap alleen vast bij de geïsoleerde handgrepen, aangezien de snijbladen in contact kunnen komen met verborgen bedrading of het netsnoer zelf. Als snijbladen in contact komen met een spanningvoerende kabel, kunnen de blootliggende metalen onderdelen van het elektrische gereedschap onder spanning komen te staan, wat de gebruiker een elektrische schok kan bezorgen.

r) Raak de messen en andere gevaarlijke bewegende delen niet aan terwijl ze nog bewegen. Dit vermindert het risico op letsel door bewegende delen.

s) Wanneer u vastgelopen materiaal verwijdert of de machine reinigt, moet u ervoor zorgen dat alle stroomschakelaars uitgeschakeld zijn en dat de toevoerkabel losgekoppeld is. Onverwacht gebruik van de machine kan ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.

1.3 ONDERHOUD EN OPSLAG

⚠ Schakel de machine af van het toevoernet en lees de bijgeleverde instructies alvorens enige reinigings-, of onderhoudswerkzaamheden te verrichten. Draag geschikte kleding en werkhandschoenen voor alle handelingen die gevaarlijk kunnen zijn voor de handen.

Gebruik de machine nooit als er onderdelen versleten of beschadigd zijn. De defecte of beschadigde onderdelen moeten vervangen en niet gerepareerd worden. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen: het gebruik van niet originele en/of niet goed gemonteerde onderdelen beïnvloedt de veiligheid van de machine, kan ongelukken of persoonlijk letsel aanrichten en de fabrikant kan hiervoor niet aansprakelijk gesteld worden.

BELANGRIJK Alle onderhouds- en afstelwerkzaamheden die niet in deze handleiding worden beschreven, moeten worden uitgevoerd door uw dealer of door een gespecialiseerd centrum dat over de kennis en uitrusting beschikt die nodig zijn om de werkzaamheden correct uit te voeren, met behoud van het oorspronkelijke veiligheidsniveau van de machine. Handelingen die uitgevoerd werden in niet geschikte structuren of door onbekwame personen doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikant vervallen.

  1. Na elk gebruik wordt de machine losgekoppeld van het voedingsnet en wordt eventuele schade opgespoord.
  2. Houd de schroeven en moeren goed vastgedraaid, om er zeker van te zijn dat de machine altijd veilig werkt. Als u regelmatig onderhoud aan de heggenschaar pleegt, zal de werking ervan veilig blijven en zal het prestatieniveau bewaard blijven.
  3. Controleer regelmatig of de schroeven van het maaisysteem goed zijn aangehaald.
  4. Draag werkhandschoenen wanneer u aan het maaisysteem komt om dit te demonteren of te monteren.
  5. Let op de balans van de snij-inrichting, wanneer dit geslepen wordt. Alle handelingen die betrekking hebben op de snij-inrichting (demontage, slijpen, in balans brengen, hermontage en/of vervanging) vergen een specifieke vaardigheid en het gebruik van geschikt gereedschap; uit veiligheidsoverwegingen moeten deze handelingen daarom steeds uitgevoerd worden in een gespecialiseerd centrum.
  6. Tijdens de afstellingen van de machine, moet men erop letten dat de vingers niet tussen de bewegende snijinrichting en de vaste delen van de machine geklemd geraken.
  7. Raak de snij-inrichting niet aan totdat de machine losgekoppeld is van het stopcontact en de snij-inrichting volledig stilstaat. Tijdens het werken aan de snij-inrichting, dient men erop te letten dat de snij-inrichting kan bewegen, ook al is de machine losgekoppeld van het netwerk.
  8. Controleer vaak de zijdelingse aflaatbeveiliging, of de achterste aflaatbeveiliging, en de opvangzak op slijtage of beschadiging. Vervang ze indien ze beschadigd zijn.
  9. Vervang beschadigde waarschuwings- en instructiestickers.
  10. Berg de machine op in een ruimte die niet voor kinderen toegankelijk is.
  11. Laat de motor eerst afkoelen vóór de machine in elke willekeurige ruimte op te bergen.
  12. Houd de machine, en in het bijzonder de motor vrij van resten gras, bladeren of teveel vet, om het risico op brand tot een minimum te herleiden. Leeg de opvangzak en laat geen containers met gemaaid gras in gesloten ruimtes achter.

De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven.

  • Wees geen storend element voor uw buren. Gebruik de machine enkel op redelijke uren (niet 's ochtends vroeg of 's avonds laat wanneer dit andere personen zou kunnen storen).
  • Tijdens het werken wordt er een zekere hoeveelheid olie in de omgeving verspreid, noodzakelijk voor de smering van de ketting; gebruik om die reden alleen biologisch afbreekbare oliën, specifiek bedoeld voor dit gebruik. Het gebruik van een minerale olie of motorolie brengt ernstige schade toe aan het milieu.
  • Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, accu's, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op het milieu; dit afval mag niet met de huisafval weggeworpen worden, maar moet gescheiden worden en aan speciale containerpark toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen.
  • Volg scrupuleus de lokale normen op voor de afdanking van het afval.
  • Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldende plaatselijke normen.

ALPINA ASC 1.3 E - ONDERHOUD EN OPSLAG - 1

Gooi elektrische apparatuur niet bij het gewoon huishoudelijk afval. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/EG inzake elektrisch en elektronisch afval en de toepassing ervan overeenkomstig de nationale wetgeving, moet de afgedankte elektrische

apparatuur apart ingezameld worden voor recyclagedoeleinden. Indien de elektrische apparatuur afgedankt wordt op een afvalpark of in de ondergrond, kunnen de schadelijke stoffen de waterlaag bereiken en in de voedingsketen terecht komen, met nadelige gevolgen voor uw gezondheid en welzijn. Voor meer informatie over de afdanking van dit product, contacteer de instantie die bevoegd is voor de verwerking van het huishoudelijk afval of raadpleeg uw Verkoper.

ALPINA ASC 1.3 E - ONDERHOUD EN OPSLAG - 2

De gescheiden inzameling van gebruikte producten en verpakkingen staat recycling en hergebruik van de materialen toe. Het hergebruik van gerecycled materiaal helpt de vervuiling van het milieu te voorkomen en vermindert de vraag naar grondstoffen.

2. LEER DE MACHINE KENNEN

2.1 BESCHRIJVING VAN DE MACHINE EN GEBRUIKSGEBIED

Deze machine is een tuingereedschap en namelijk een elektrische grasmatventilator/verticuteermachine, met lopende bediener.

De machine bestaat hoofdzakelijk uit een motor, die een werkrotor aanschakelt die beschermd is door een carter, voorzien van wielen en een handgreep. De bediener kan de machine besturen en de belangrijkste commando's bedienen terwijl hij steeds achter de handgreep blijft, en dus op veilige afstand van de draaiende delen. Indien de bediener zich van de machine verwijdert, vallen de motor en de draaiende delen na enkele seconden stil.

• Voorzien gebruik

Deze machine werd ontworpen en vervaardigd voor de ventilatie en de verticulatie van het terrein, in aanwezigheid van een lopende bediener.

Het verschillend effect op het terrein is het resultaat van de verschillende conformatie van de wisselbare werkrotoren en van de werkdiepte in het terrein.

- Onjuist gebruik

Eender welk ander gebruik, dat afwijkt van wat hierboven beschreven is, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken.

De volgende situaties behoren tot het ongeschikt gebruik (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend):

  • vervoer van personen, kinderen of dieren op de machine;
  • zich door de machine laten vervoeren;
  • gebruik van de machine voor het aanslepen of aanduwen van een last;
  • gebruik van de machine door meer dan één persoon tegelijk;
  • de werkrotor omlaag brengen en aanschakelen op harde ondergronden of kiezelsteen of stenen.

2.2 IDENTIFICATIELABEL EN ONDERDELEN VAN DE MACHINE (AFB. A)

  1. Niveau geluidsdruk
  2. Conformiteitskenteken
  3. Bouwjaar
  4. Machinetype
  5. Serienummer
  6. Naam en adres van de fabrikant
  7. Artikelcode
  8. Vermogen motor
  9. Gewicht in kg
  10. Spanning en frequentie voeding
  11. Steel
  12. Motor
  13. Steenbeschermkap
  14. Opvangzak
  15. Afstelling van de werkdiepte
  16. Commando schakelaar
  17. Haak elektrisch snoer

  18. Werkrotor (met stijve messen of met veren)

2.3 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

Uw machine moet voorzichtig gebruikt worden. Daarom zijn er op de machine pictogrammen aangebracht die u aan de belangrijkste veiligheidsvoorschriften herinneren. Hun betekenis is hieronder weergegeven. Verder wordt u aanbevolen de veiligheidsvoorschriften in het speciale hoofdstuk daarover in dit boekje zorgvuldig door te lezen.

Vervang de beschadigde of onleesbare stickers.

Betekenis van de symbolen:

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 1

Lees de aanwijzingen alvorens de machine te gebruiken.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 2

Gevaar! Indien deze machine niet correct gebruikt wordt, kan ze gevaarlijk zijn voor de bediener en voor anderen.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 3

Gevaar! Risico wegschietende voorwerpen. Houd de personen tijdens het gebruik buiten de werkzone.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 4

Let op! Haal de stekker uit het stopcontact vooraleer het onderhoud aan te vangen of wanneer de kabel beschadigd is. Steek uw handen of voeten niet in de holte van de snijinrichting.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 5

Let op! houd het toevoersnoer ver van de snij-inrichting.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 6

Let op! Risico op blootstelling aan geluid en stof. Gebruik een gehoorbescherming en draag een veiligheidshelm.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 7

Gevaar! De stekker onmiddellijk uit het stopcontact halen indien het snoer (of verlengsnoer) beschadigd of doorgesneden is.

ALPINA ASC 1.3 E - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 8

Klasse II: Dubbele isolatie

BELANGRIJK De beschadigde of onleesbaar geworden labels moeten vervangen worden. Vraag nieuwe labels aan uw eigen geautoriseerd Dienstcentrum.

[61] Nominaal vermogen
[62] Maximale snelheid voor de werking van de motor
[63] Gewicht machine
[64] Werkbreedte
[65] Gemeten geluidsdrukniveau
[66] Meetonzekerheid
[67] Gemeten geluidsniveau
[68] Gegarandeerd geluidsniveau
[69] Gemeten trillingsniveau
[70] Code werkrotor met stijve messen
[71] Code werkrotor met veren

Het voorbeeld van de verklaring van overeenstemming bevindt zich op de laatste pagina's van de handleiding.

OPMERKING - de opgegeven totale trillingswaarde en de opgegeven geluidsemissiewaarde zijn gemeten volgens een standaard testmethode en kunnen worden gebruikt om de ene machine met de andere te vergelijken;

- de opgegeven totale trillingswaarde(n) en opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kunnen ook worden gebruikt in een voorafgaande blootstellingsevaluatie.

- De trillings- en geluidsemissies tijdens het werkelijke gebruik van de machine kunnen verschillen van de opgegeven totale waarde, afhankelijk van hoe de machine wordt gebruikt en de noodzaak om veiligheidsmaatregelen te bepalen om de bediener te beschermen op basis van een schatting van de blootstelling onder werkelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de uit- en stationaire perioden van de machine en de inschakeltijd).

3. VERVOLLEDIG DE MONTAGE

OPMERKING De machine kan mogelijk geleverd worden met sommige onderdelen reeds gemonteerd.

- De machine moet op een vlakke en stevige ondergrond uitgepakt en gemonteerd worden, met voldoende bewegingsruimte voor de machine en de verpakking, en steeds met gebruik van geschikte werktuigen.

De verpakking moet volgens de plaatselijk geldende bepalingen worden afgevoerd.

3.1 MONTAGE VAN DE STEEL (AFB. 1.1)

Steek het onderste deel van de steel (1) In de gaten van het chassis en zet dit vast met de bijgeleverde schroeven (2). Bevestig de twee centrale delen (4) aan het onderste deel (1), met behulp van de bijgeleverde knopjes (4) en schroeven, zoals aangegeven.

Bevestig de snoerhouder (6) op de aangegeven positie en bevestig deze met de schroef en de moer (7). Monteer het bovenste deel van de steel (8) gebruik makend van de bijgeleverde knopjes (5) en schroeven, zoals aangegeven.

Bevestig de snoerhouder (9) op de aangegeven positie en haak de elektrische kabel (10) vast.

3.2 MONTAGE VAN DE ZAK (AFB. 1.2)

Steek het frame (1) in de zak (2) en haak alle plastic profielen vast (3), met behulp van een schroevendraaier, zoals aangegeven in de afbeelding.

4. BESCHRIJVING VAN DE COMMANDO'S

Symbolen op de knoppen:

ALPINA ASC 1.3 E - BESCHRIJVING VAN DE COMMANDO'S - 1

Stoppen

ALPINA ASC 1.3 E - BESCHRIJVING VAN DE COMMANDO'S - 2

Werking

4.1 SCHAKELAAR MET TWEEVOUDIGE BEDIENING (AFB. 2.1)

De motor wordt bediend door een schakelaar met twee-voudige bediening, om ongewild opstarten te verhinderen. Voor het opstarten, drukt men de toets (2) in en trekt men aan de hendel (1).

ALPINA ASC 1.3 E - SCHAKELAAR MET TWEEVOUDIGE BEDIENING (AFB. 2.1) - 1

- Bij het opstarten van de motor wordt tegelijkerbook de werkrotor ingeschakeld.

De motor stopt automatisch wanneer men de hendel (1) loslaat.

4.2 AFSTELLER VAN DE WERKDIEPTE (AFB. 2.2)

De hendel (1) staat toe de positie van de werkrotor op vier verschillende hoogtes af te stellen en dus de werkdiepte van de priktanden van de werkrotor in het terrein te wijzigen.

ALPINA ASC 1.3 E - AFSTELLER VAN DE WERKDIEPTE (AFB. 2.2) - 1

- De overgang van de ene positie naar de andere uitgevoerd worden wanneer de motor uitgeschais en de werkrotor stilstaat.

5. GEBRUIK VAN DE MACHINE

5.1 VOORAFGAANDE WERKZAAMHEDEN

5.1.1 VOORBEREIDING VAN DE WERKROTOR (AFB. 3.1)

De machine wordt geleverd met twee verschillende werkrotoren, die in functie van het gewenste type werk

gebruikt moeten worden:

  • met veren (1), voor het harken en oppervlakkig ventileren van het terrein;
  • met stijve messen (2) voor de verticutering van het terrein.

Om de werkrotor te demonteren:

  • koppel de machine los van het elektriciteitsnet.
  • draag werkhandschoenen en kantel de machine om;
  • draai de twee schroeven (3) op de rechterkant van de machine los;
  • hef de werkrotor aan de rechterkant op en haal hem er langs de linkerkant uit;
  • verwijder de plastic steun (4).

Om de werkrotor te hermonteren:

  • bevestig de plastic steun (4) op het lager (5) aan het uiteinde van de werkrotor;
  • steek eerst het linkse uiteinde (6) van de werkrotor in de uitstekende as (7) en let erop dat deze correct overeenstemt met de groeven (7a) van de as;
  • steek het rechtse uiteinde met de steun (4) in de zitting, met het vlakke deel (4b) naar buiten gericht;
  • hermonteer en klem de twee schroeven (3) stevig vast.

5.1.2 AFSTELLING VAN DE WERKDIEPTE (AFB. 3.2)

Kies de werkdiepte in functie van de werkwijze en van het type werkrotor dat gebruikt wordt, volgens de volgende basisaanwijzingen:

«1» = Transfer (voor de verplaatsingen van de machine, met de werkrotor opgetild die het terrein niet aanraakt).
«2» = Met de werkrotor met veren en opvangzak, voor het harken van bladeren en gras op de oppervlakte, en voor het ventileren van het terrein, met opvang van het gemaaid materiaal;
«2» = Met de werkrotor met stijve messen en opvangzak, voor de oppervlakkige verticulatie van het terrein, met opvang van het gemaaid materiaal;
«3» «4» = Met de werkrotor met stijve messen en zonder opvangzak, voor de min of meer diepe verticulatie van het terrein, waarbij het gemaaid materiaal op het terrein achtergelaten wordt. Bij ideale condities, is het ook mogelijk de opvangzak te monteren en het gemaaid materiaal op te vangen, op voorwaarde dat dit de werkrotor niet doet verstoppen.

5.1.3 BEVESTIGING VAN DE ZAK (AFB. 3.3)

Plaats de steenbeschermkap (1) omhoog en bevestig de zak (2) correct zoals aangegeven op de afbeelding.

5.2 OPSTARTEN (AFB. 3.4)

Bevestig het verlengsnoer correct zoals aangegeven. Om de motor aan te schakelen, drukt men op de veiligheidstoets (2) en trekt men aan de hendel (1) van de schakelaar.

5.3 VENTILATIE EN VERTICUTERING VAN HET TERREIN (AFB. 3.5)

Let erop dat de elektrische kabel zich, tijdens het werk, steeds achter uw rug bevindt en langs de kant van de reeds bewerkte zone.

Men verkrijgt de beste resultaten met twee beurten, op afstand van een week, in twee verschillende richtingen.

BELANGRIJK Raadgevingen voor de zorg van het gazon

  • Mettertijd vormt er zich op het terrein een oppervlakkige laag mos en grasresten die de aanvoer van zuurstof vermindert en het doordringen van het water en van de voedingselementen verhindert en het gazon verarmt en geel doet worden.
  • De ideale periode voor het ventileren of verticuteren van het gazon is de herfst of de lente.
  • De optimale werkcondities zijn met kort en licht vochtig gras, aangezien men bij werken op een te droog terrein of een terrein dat te zacht is vanwege het water, het materiaal moeilijk kan opvangen en het gazon mogelijk kan beschadigen.
  • Men raadt steeds aan de bladeren van het gazon te verwijderen vooraleer de ventilatie of verticulatie uit te voeren.
  • Met een oppervlakkige ventilatie (met een beperkte werkdiepte van de priktanden in het terrein) wordt de bovenste viltachtige laag verwijderd.
  • Door de werkdiepte van de priktanden in het terrein (verticutering) te verhogen, wordt ook de hardere laag van het terrein verwijderd en verkrijgt men tegelijkertijd een scheiding van de wortels van het gras en een vermeerdering van het aantal wortels, met als gevolg een dichtere gazon dank zij het grotere aantal grassprieten.

5.4 LEDIGING VAN DE ZAK (AFB. 3.6)

Om de zak te verwijderen en te ledigen,

  • laat de schakelhendel (1) los en wacht tot de werkrotor stilvalt;
  • plaats de steenbeschermkap (2) omhoog, neem de handgreep vast en verwijder de zak; houd de zak rechtop.

5.5 NA HET WERKEN (AFB. 3.7)

Na het werk, laat men de hendel (1) los.

EERST de stekker uit het stopcontact (2) trekken en DAARNA het snoer van de schakelaar van de machine (3) loskoppelen.

ALPINA ASC 1.3 E - NA HET WERKEN (AFB. 3.7) - 1

WACHT TOT DE WERKROTOR STIL STAAT, voor eender welke ingreep uit te voeren op de machine.

BELANGRIJK Indien de motor tijdens het werk stopt wegens oververhitting, moet men 5 minuten wachten vooraleer deze weer op te starten.

6. GEWOON ONDERHOUD

BELANGRIJK Een regelmatig en zorgzaam onderhoud is onontbeerlijk om de veiligheid en originele prestaties van de machine mettertijd te behouden.

Bewaar de grasmaaier op een droge plaats.

1) Draag robuuste werkhandschoenen bij alle ingrepen voor reiniging, onderhoud of afstelling van de machine.
2) Reinig de machine zorgvuldig na iedere werkbeurt; verwijder de resten en de modder die zich op de werkrotor en op de priktanden opgehoopt heeft om te vermijden dat deze, wanneer ze opdrogen, nadien moeilijk kunnen verwijderd worden.
3) Gebruik geen benzine of oplosmiddelen op de plastic delen van de machine om schade te vermijden. De garantie dekt geen schade aan de plastic onderdelen, veroorzaakt door het gebruik van benzine of oplosmiddelen.

6.1 ONDERHOUD VAN DE ROTOREN (AFB. 4.1)

De werkrotoren bestaan uit verschillende elementen, die in de Fabriek gemonteerd worden en niet afzonderlijk door de gebruiker vervangen mogen worden; in geval van breuk van een mes of een veer, dient men dus de hele werkrotor te vervangen of zich tot zijn Verkoper te richten voor de vervangen.

De vervanging dient uitgevoerd te worden volgens aangegeven is onder punt 5.1.1.

Op deze machine is het gebruik voorzien van rotoren met stijve messen (1) of met veren (2) met de code die aangegeven is in tabel a op pagina 2.

Gezien de ontwikkeling van het product, kunnende boven vermelde rotoren in de loop van de tijd vervangen worden door andere, met soortgelijke eigenschappen voor wat betreft verwisselbaarheid en functionele veiligheid.

6.2 REINIGING VAN DE MACHINE (AFB. 4.2)

Gebruik geen waterstralen en vermijd de motor en de elektrische onderdelen nat te maken.

Gebruik geen agressieve vloeistoffen voor de reiniging van het chassis.

De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven.

  • Wees geen storend element voor uw buren.
  • Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de afdanking van de snijafval.
  • Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op het milieu; dit afval mag niet met de huisafval weggeworpen worden, maar moet gescheiden worden en aan speciale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen.
  • Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldende plaatselijke normen.

  • STORINGEN

Wat te doen bij ...
Oorsprong van het probleem Correctieve actie
1. De machine werkt niet
Er komt geen stroom aan de machineControleer de elektrische aansluiting
2. Het opstarten van de machine doet de stroom uitvallen
De stroomsterkte van het stopcontact is niet voldoendeVerbind de machine aan een stopcontact met een voldoende stroomsterkte
Er staan andere elektrische apparaten aanSluit geen andere apparaten tegelijkertijd op hetzelfde stopcontact aan
3. De motor valt stil tijdens het gebruik
Tussenkomst van de bescherming:Wacht minstens 5 minuten alvorens de motor weer op te starten.
4. De machine valt vaak stil tijdens het werk of werkt onregelmatig
Zware werkcondities Controleer ofde afstelling van de werkrotor geschikt is voor de condities van het gazon en/ of stel deze af voor een hogere maaihoogte.
Verstopping van de werkrotor Koppel de machine los van het elektrisch net, draag beschermende handschoenen en reinig de werkrotor en de zone errond.
Verstopping van de opvangzak. Ledig de zak regelmatig voor deze volledig vol geraakt.
5. Slechte of ontoereikende prestaties
Werkrotor met versleten of ontbrekende messen of verenVervang de werkrotor met een origineel wisselstuk
Te hoog gras Maai het gras op een geschikte hoogte.
Terrein te nat Stel de werkrotor af op een hogere maaihoogte of stel het werk uit tot de condities van het terrein beter zijn

In geval van eender welke twijfel of probleem, raadpleeg de meest nabije Klantendienst of uw Verkoper.

INNHOLD

  1. SIKKERHETSBESTEMMELSER.... 1
  2. BLI KJENT MED MASKINEN 3
  3. FULLF∅RING AV MONTERINGEN 4
  4. BESKRIVELSE AV KONTROLLENE.... 4
  5. BRUK AV MASKINEN 4
  6. ORDINÆRT VEDLIKEHOLD 5
  7. MILJ∅VERN 5
  8. FEILS∅KING 6

1. SIKKERHETSBESTEMMELSER

1.1 GENERELLE SIKKEHETSVARSLER FOR ELEKTRISKE VERKTÖY

NL • De inhoud en de afbeeldingen van deze gebruikshandleiding werden gerealiseerd voor rekening van ST. SpA en zijn beschermd door het auteursrecht – Elke niet-geautoriseerde reproductie of wijziging, ook gedeeltelijke, van het document is verboden.

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : ALPINA

Model : ASC 1.3 E

Categorie : Grasmaaier