STIGA Combi 748 SE - Grasmaaier

Combi 748 SE - Grasmaaier STIGA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Combi 748 SE STIGA in PDF-formaat.

📄 281 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice STIGA Combi 748 SE - page 172
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over Combi 748 SE STIGA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Combi 748 SE - STIGA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Combi 748 SE van het merk STIGA.

GEBRUIKSAANWIJZING Combi 748 SE STIGA

LET OP: vooraleer de machine te gebruiken, dient men deleze handleiding aandachtig te lezen.

STIGA Combi 748 SE - 1

Motoren - INSTRUKSJONSBOK

3.1 Beschrijving van de machine en beoogd gebruik 3
3.2 Veiligheidssignaleringen 4
3.3 Identificatie-etiket 4
3.4 Onderdelen van de motor 4
3.5 Omgevingscondities 4
3.6 Brandstof 4
3.7 Olie 5
3.8 Luchtfilter 5
3.9 Bougie 5

4.1 Vóró ieder gebruik 5
4.2 Start van de motor 6
4.3 De motor op het einde van de werkzaamheden stoppen 6
4.4 Reiniging en opslag 6
4.5 Langdurige inactiviteit 6

  1. ONDERHOUD 6

5.1 Algemeen 6
5.2 Tabel met onderhoudswerkzaamheden 6
5.3 ACCU (indien voorzien) 7
5.4 De olie verversen 8
5.5 Reiniging van de geluidemper en van de motor... 8
5.6 Onderhoud van de luchtfilter 8
5.7 Controle en onderhoud van de bougie .. 8

  1. IDENTIFICATIE VAN PROBLEMEN....9

1. ALGEMENE INFORMATIE

1.1 HOE MOET U DE HANDLEIDING LEZEN

In de tekst van de handleiding worden enkele hoofdstukken, die gegevens van bijzonder belang bevatten met betrekking tot de verilgheid of de werking, gekenmerkt door diverse symbolen die de volgende betekenis hebben:

OPMERKING of BELANGRIJK verstrekt nadere gevevens of andere elementen ter aanvulling op hetgeen waarvoor vermeld is, om te voorkomen dat de motor beschadigd of dat er schade verooorzaakt worden.

Het symbool wijst op een gevaar. Het Niet naleven van de waarschuwing leidt tot möglichke letsels voor uzelf of derden en/of tot schade.

1.2 REFERENCES

1.2.1 Afbeeldingen

De afbeeldingen in deze gebruiksinstructies zich genummerd: 1, 2, 3, enzovoort.
De componenten aangegeven in de afbeeldingen zich gemarkeerd met de letters A, B, C, enzovoort.
Een referentie maar het component C in afbeelding 2 worden aangegeven met het opschrift: "Zie aflb. 2.C" of gewoon "(Afb. 2.C)".
De afbeeldingen zich indicatief. De effectieve onderdelen können afwijken ten opzichte van de afgebeelde onderdelen.

1.2.2 Titels

De handleiding is in hoofdstukken en paragrafen onderverdeeld. De titel van de paragraaf "2.1 Voorbereiding" is een subtitel van "2. Veiligheidsnormen". De referenties waar titels of paragrafen zijn aangegeven met de afkorting hfdst. of par. en het betreffende nummer. Voorbeeld: "hfdst. 2" of "par. 2.1".

2. VEILIGHEIDSNORMEN

2.1 VOORBEREIDING

Lees deze instructies aandachtig vooraleer de machine te gebruiken.

Zorg dat u vertrouwd bent met de commando's en met een geschikt gebruik van de machine.

Leer de motor snel af te zetten. Het Niet naleven van de waarschuwingen en van de instructies kan brandveroorzaken en/of ernstige letsels.Bewaar alle waarschuwingen en de instructies om ze later te kunnen raadplegen.

  • Laat de machine nooit gebruiken door kinderen of personen die nicht de nodige vertrouwdheid met de instructies hebben. Deplaatselijke wetten konnen een minimale leeftijd voor de gebruiker bepalen.
  • De machine nooit gebruiken indien de gebruiker moe is of zich onwel voelt, of als die medicijnen, verdovende middelen, alcohol of stoffen heeft ingenomen die schadelijk zijn voor+zijn reflectievermogen en aandacht.
    Denk eraan dat de bediener of gebruiker verantwoordelijk is voor ongevalen en onvoorziene gebeurtenissen die anderen of hun eigendommen können bettreffen.

2.2 HANDELINGEN VOORAF

Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM)

  • De machine nicht gebruiken als u geen geschikte kledij draagt.
  • Draag geen wijde of gescheurde kledij, sieraden of andere voorwerpen die kunnen blijven haperen; lang haar moet opgebonden worden. Blijf op een veilige afstandijdens het opstarten.
    Draag gehoorbescherming gegen het lawaai.

Werkzone / Machine

Vooraleer de motor te starten,要去 controlleren of alle commando's zich uitgeschakeld die bewegende onderdelen van de machine aansturen.

Explosiemotoren: brandstof

  • Waarschuwing: de brandstof islicht ontvlambaar. Voorzichtig hanteren! - Bewaar de brandstof algijd in geschikte recipiën. - Voer het tanken of bijvullen uit met behulp van een trechter; doe dit algijd in openlucht en rook Nietijdens het bijtanken.

  • Voer het bijvullenuit vooraleer de motor aan te zetten. De dop van de tank Niet openen en nicht bijvullen wanner de motor aan staat of als die nog warm is.

  • Indien er brandstof overloopt, mag u de motor Niet starten. Verwijder de machine uit de zone waar er brandstof is gemorst en neem alle sporen van gemorste brandstof op de machine of op de grond onmiddelijk weg

  • Schroef de dop van de tank van de recipienten met brandstof goed aan.

Vermijd dat brandstof met kledij in contact komt. Als dit toch gebeurt,要去 u eerst andere kledij aantrekken vooraleer de motor te starten.

  • De machine nicht gebruiken in omgevingen met ontploffingsgevaar, waar ontvlambare

vloeistoffen, gassen of stof aanwezig is.
Elektrische contacten of mechanische
wrijvingen hunnen vonden ontstaan, die
stof of dampen hunnen doen ontbranden.

  • Start de motor Niet in gesloten ruimten waar zich gevaarlijke Koolstofmonoxide kan concentreren. Het opstarten moet in openlucht of op een goed verluchte plaatsplaatsvinden. Denk er alttijd aan dat uitlaatgassen giftig+zijn.
  • Verwijder Personen, kinderen en dierenuit de werkzone. Kinderen moeten door een andere volwassene in het oog worden gehonden.

Gedragsregels

  • Vooraleer reparations, reinigingen, inspecties en afstellingen uit te voeren, moet u de motor uitzetten en de kabel ban de bougie losmaken (tenzij in de instructies expliciet andere aanwijzingen worden gegeben).
  • De delen van de motor Niet aanraken, waar dat dieijdens het gebruik erg heet worden. Gevaar voor brandwonden.

Gebruiksbeperkingen

  • De machine Niet gebruiken als de beschermingen onvoldoende zijn of als de veiligheidsvoorzieningen nicht correct geplaatst�.
  • De aanwezighe'veiligheidssystemen Niet uitschakelen of ermee knoeien.
  • De afstellenen van de motor Niet wijzigen, en de motor Niet op een te hoog toerental brengen. Indien de motor op een te hoog toerental draait, neemt het risico voor lichamelijke letsels toe.
  • Geen startvloeistoffen of andere, analoge producten gebruiken.
  • Laat de machine nicht zichwaarts overhellen zodat er brandstof UIT de dop van de tank van de motor loopt.
  • Laat de motor nicht zonder bougie draaien.

2.4 ONDERHOUD, OPSLAG EN TRANSPORT

Een goed onderhoud uitvoeren en de machine correct opslaan komt de veiligheid van de machine ten goede.

Defecte of versleten onderdelen moeten worden verrangen en mogen nooit gerepareerd worden. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen: het gebruik van Niet-originele en/of nicht correct gemonteerde reserveonderdelen brengt de veiligheid van de machine in gevaar. Dit kan ongevalten en lichamelijke letsels veroorzaken en ontheft de constructeur van elke verplichting of verantwoordelijkheid.

Onderhoud

  • Indien de tank要去 worden leeggemaakt, moet u dit in openlucht doen wanner de motor is afgekoeld.
  • Om brandgevaar te beperken, moet u regelmatig controleren of er geen olie en/of brandstof lekt.

Opslag

  • Laat geen brandstof in de tank als de machine in een gebouw worden opgeslagen waar de dampen van de brandstof met vrije vlammen, vonden of warmtebronnen in contact hunnen komen.
  • Laat de machine eerst afkoelen vooraleer u die in een gesloten ruimte opbergt.

Transport

  • Vervoer de machine met lege tank.

2.5 ACCU/ACCULADER (INDIEN VOORZIEN)

BELANGRIJK De hierna volgende veiligheidsnormen verrolledigen de veiligheidsvoorschriften die aangegeven zich in de specifieke handleiding van de accu en van de acculader die samen met de machine afgeleverd worden.

  • Gebruik voor het laden van de accu enkel de door de fabrikant geleverde acculaders. Een Niet geschikte acculader kan leiden tot elektrshock, oververhitting of lekken van de corrosieve vloeistof van de accu.
  • Gebruik enkel de specifieke accu's die voor uw toestel voorzien zijn. Het gebruik van andere accu's kan leiden tot letsels en risico op brand.
  • Houd de Niet gebruikte accu ver van kantoorklemmetjes, muntstukken, sleutels, spijkers of andere keine metalen voorwerpen die een kortsluiting van de contacten zonden hunnen verroorzaken. Een kortsluiting van de contacten van de accu kan tot brand leiden.
  • Gebruik de acculader Niet in een omgeving waar er stoom aanwezig is, met ontvlambare materialen of op gemakkelijk ontvlambare oppervlakten zoals papier, stof, enz. Tijdens het opladen, worden de accu opgewarmd en zou brand können veroorzaken.
  • Tijdens het vervoer van de accu's, moet men er op letten dat de contacten onderling Niet in contact komen, en dat er geen metalen houders gezruikt worden voor het vervoer.

2.6 MILIEUBESCHERMING

De milieubescherming要去en belangrijk, prioritair aspect zichtijdens het gebruik van de machine, ten Voordele van de sociale samenleving en van het milieu waarin we leven. Vermijd om een storend element te zicht ten overstaan van de buren. Gebruik de machine enkel op redelijkke uren (niet's ochtends vroeg of's avonds LAST wonneer dit andere personen zou+kunnen storen). Volg nauwgezet deplaatselijkke normen voor het verwerken van de verpakking, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op het milieu; Deze afvalstoffen mogen Niet zomaar worden weggegooid, maar moeten geschieren worden enaar de voorziene inzamelcentra worden gebracht, die zullen instaan voor de recyclage van deze materialen. Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de afdanking van het afval

Wanneer de machine buiten Dienst worden gesteld, mag u die Niet in het milieu achefterlaten. Wendt u tot een inzamelcentra, volgens de geldende plaatselijke normen.

STIGA Combi 748 SE - MILIEUBESCHERMING - 1

Gooi elektrische apparatuur nicht bij het gewoon huishoudelijk afval. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/UE inzake elektrisch en elektronisch afval en de toepassing ervan overeenkomstig de nationale wetgeving, moet de afgedankte

elektrische apparatuur apart ingezameld worden voor recyclagedoeleinden. Indien de elektrische apparatuur afgedankt worden op een afvalpark of in de ondergrond,+kennen de schadelijke stoffen de waterlaag bereiken en in de voedingskettenerecht komen, met nadelige gevolgen voor uw gezondheid en welzijn.Voor meer informatie over de afdanking van dit product,contacteer de instantie die bevoegd is voor de verwerking van het huishoudelijk afval of raadpleeg uw Verkoper.

STIGA Combi 748 SE - MILIEUBESCHERMING - 2

Aan het einde van hun levensduur, moet men de accu's met de nodige zorg voor het milieu afdanken. De accu bevat materialen die gevaarlijk zijn voor U en voor de omgeving. Ze要去 verwijderd worden en gescheden

ingezameld worden nabij een structuur die lithium-ion-accu's aanvaardt.

STIGA Combi 748 SE - MILIEUBESCHERMING - 3

De geschienen inzameling van gebruikte producten en verpakkingen staat recycling en hergebruik van de materialen toe. Het hergebruik van gerecycled materiaal helpt de verruiling van het milieu te voorkomen en

vermindert de vraag maar grondstoffen.

2.7 EMISSIES

Het verbrandingsproces genereert giftige stoffen zoals koolmonoxide, stikstofoxid en koolwaterstoffen.

De contrôle over deze stoffen is belangrijk,ondat ze kuren reageren opotochemische smog endus op de directe bloatstelling aan het zonlicht. Koolmonoxide reageert Niet opdezelfde wijze op bloatstelling aan het zonlicht,maar moet desondanks als giftig worden beschouwd.

Onze machines zijn uitgerust met emissiebeperkingssystemen voor bovengenoemde stoffen.

3. DE MACHINE KENNEN

3.1 BESCHRIJVING VAN DE MACHINE EN BEOOGD GEBRUIK

Deze machine is een explosiemotor.

De motor is een toestel waarvan de prestaties, normale werking en levensduur door vele factoren worden bepaald; sommige factoren zijn externe factoren, andereল strikt verbonden

met de kwaliteit van de gebruikte producten en met de regelmaat van het onderhoud. Hierna worden bijkomende informatie verstrekt, aan de hand waarvan een bewuster gebruik van uw machine kan worden gemaakt. Ieder ander gebruik dat afwijk van bovenstaande toepassingen, kan gevaarlijk zijn en schade voor Personen en/of voorwerpen veroorzaken.

BELANGRIJK Wonneer de machine oneigenlijk worden gebruikt, vervalt de garantie en wijst de constructeur alle verantwoordelijkheid af; alle onkosten voor eigen schade of letsels of aan derden word bijgevolg op de gebruiker verhaald.

3.1.1 Type gebruiker

Deze machine is bestemd voor gebruik door consumenten, dit betekent door Niet-professionele bedieners. Het is bestemd voor "hobby-gebruik".

3.2 VEILIGHEIDSSIGNALERINGEN

Op de machine staan verschillende symbolen. Deze dienen om de bediener te herinneren aan de gedragsregels die gevolgd要去en worden, om de machine met de nodige aandacht en voorzichtigheid te gebruiken. Betekenis van de symbolen:

STIGA Combi 748 SE - VEILIGHEIDSSIGNALERINGEN - 1

Let Op! - Benzine is brand-haar. Laat de motor minstens 2 minutes akkoelen voor bij te tanken.

STIGA Combi 748 SE - VEILIGHEIDSSIGNALERINGEN - 2

Let op! Lees de aanwijzingen door voordat de machine worden gebruikt.

STIGA Combi 748 SE - VEILIGHEIDSSIGNALERINGEN - 3

Let Op! Bij de motoren komt koolmonoxide vrij. NIET starten in gesloten ruimtes.

STIGA Combi 748 SE - VEILIGHEIDSSIGNALERINGEN - 4

Gevaar! Houd voldoende afstand van de hete oppervlakken.

3.3 IDENTIFICATIE-ETIKET

Schrif het serienummer (S/n) van uw machine op in de voorziene ruimte van het etiket dat u op dechterkant van de omslag vindt.

3.4 ONDERDELEN VAN DE MOTOR

De machine bestaat uit de volgende belangrijkste onderdelen (afb. 1).

A. Olievuldop met peilstok
B. Carburator

C. Afdekking van de luchtfilter
D. Bougiekapje
E. Serienummer van de motor
F. Knop van de startkabel (indien voorzien)
G. Accu (indien voorzien)

De werking van een viertakt verbrandingsmotor worden beinvloed door:

a) Temperatuur:

  • Als bij lage temperatuur gewerkt worden, kuren er zich moeilijkheden bij een koude start voordoen.
  • Als bij erg hoge temperatuur gewerkt,\ wordt kuren er zich moeilijkheden bij\ een warme start voordoenveroorzaakt\ door de verdamping van de brandstof in\ het bakje van de carburator of in de pomp.
  • In jeder geval moet het soort olie aangepast worden aan de gebruikstemperatuur.

b) Hoogte:

  • Het maximale vermogen van een verbrandingsmotor neemt progressief af naarmate de hoogte boven de zeespiegel groter worden.
  • Wanneer de hoogte aanzienlijk toeneemt, moet u waarom de belasting op de machine verminderen en bijzonder zware werkzaamheden vermijden.

3.6 BRANDSTOF

De goede kwaliteit van de brandstof is onontbeerlijk voor de correcte werkking van de motor.

De brandstof moet aan de volgende vereisten voldoen:

a) Gebruik reine, verse brandstof zonder lood, met minimum 90 octaan;
b) Gebruik geen brandstof met een ethanolgehalte van meer dan 10% ;
c) Voeg geen olie bij;
d) Gebruik een stabilisator om het carburatiesysteme te beschermen gegen de vorming van harsafzettingen.

Het gebruik van Niet toegestane brandstof leidt tot beschadiging van de onderdelen van de motor en tot verval van de garantie.

OPMERKING Gebruik uitsluitend de brandstof die in de tabel met technische gegevens is aangegeven. Gebruik geen andere soorten brandstof. U mag wel ecologische brandstoffen gebruiken, zoals alkylaatbenzine. De samenstellung van deze benzine heeft minder invloed op mensen en het milieu. Er zichen geen negatieve effecten gesignaleerd die met het gebruik hiervan in verband kan worden gebracht. In de handel bestaan erECHter soorten alkylaatbenzine, waardoor wij geen nauwkeurige aanwijzingen hunnen verstrekken wat betreft het gebruik ervan.

3.7 OLIE

Gebruik alkijd olie van goede kwaliteit, en kies de gradatie in functies van de gebruikstemperatuur.

  • Gebruik alleen detergentolie met een kwaliteit van minstens SF-SG.
    Kies de SAE-viscositeitsgraad op basis van de tabel met technische gegevens.
  • Het gebruik van multigraad olie kan een groter verbruik in de warme periodes met zich meebrangen, het oliepeil要去 dan vaker gecontrolererd worden.
  • Meng geen oliesoorten van verschillende merken of met verschillende kenmerken.
  • Het gebruik van SAE 30 olie bij temperaturen onder +5^ kan schade aan de motor aanrichten doordat de smering Niet voldoende is.

3.8 LUCHTFILTER

De efficiente van de luchtfilter is bepalend om te vermijden dat er zich restjes en stofdeeltjes door de motor worden aangezogen, waardoor de prestaties en de levensduur afnemen.

Zorg er voor dat het filtrelement vrij van restjes blijft en altiend perfect efficien is (par. 5.6).
- Indien nodig要去 het filtrelement verwangen door een origineel reservenderdeel Niet-compatible filtrelementen kuren de efficiente en de levensduur van de motor aantasten.
- Start de motor nooit wanner het filtrerelement Niet correct gemonteerd is.

3.9 BOUGIE

De bougies voor verbrandingsmotoren zichniet allemaalgelijk.

  • Gebruik alleen bougies van het aangegeven type, voorzien van de juiste thermische gradatie.
  • Let op de lenghte van het draadje; een te lang draadje kan de motor onherstelbaar beschadigen.
  • Controller de reinheid en de correcte afstand tussen de elektroden (par. 5.7)

Het Beste is om telkens een aantal controles te verrachten voordat de motor worden gebruikt, om een goede werkig te garanderen.

4.1.1 Controle van het oliepeil

  1. Zet de machine horizontal.
  2. Reinig de zone rond de vuldop.
  3. Schroef de dop (afb. 2.A) los, reinig het uiteinde van de peilstok (afb. 2.B) en steek die in de olie door de dop op de opening te soften rusten zonder aan te schroeven, zoals geillustreerd in de afbeelding :

  4. in geval van een korte peilstok moet de dop geplaatst worden zonder hem vast te draaien,

  5. in geval van een lange peilstok moet een draai vastgedraaid worden en daarna opnieuw losgedraaid worden,
  6. Neem de dop met de peilstok opniew weg en controllerer of het oliepeilussen detwee streepjes «MIN» en «MAX» staat.
  7. Indien nodig bijvullen met olie vandezelfde soort tot aan het «MAX»-niveau, let erop dat u geen olie naast de vuldop morst
  8. Schroef de dop (afb. 2.A) werk volledig vast en verwijder elk spoor van eventueel gemorste olie.

OPMERKING Vul geleidelijk bij doorkleine hoeveelheden olie toe te voegen en controllerer telkens het bereekte niveau.

Niet bijvullen tot over het «MAX»-niveau Een te hoog peil kan volgende problemen veroorzaken:

rook bij de uitlaat;

  • verzuipen van de bougie of van de luchtfilter, waardoor de motor moeilijk start.

OPMERKING Houdt u aan de aanwijzingen in de tabel met technische gegevens voor de te gebruiken soort olie.

4.1.2 Controle van de luchtfilter

De efficientre van de luchtfilter is eenoodzakelijk conditie voor de correcte werking van de motor; start de motor Niet indien het filtrelement ontbreekt, stuk is of Niet voldoende doordrongen is met olie.

  1. Reinig de zone rond de afdekking (afb. 4.A) van de filter.
  2. Verwijder het deksel (afb. 4.A) door de lipjes (afb. 4.B) los te haken;
  3. Controller de staat van het filterelement (afb. 4.C o 4.C.1), dat intact, rein en in perfect werkende staat要去en; verricht er anders onderhoud aan of verwang het (zie 5.6).
  4. Monteer de afdekking (afb. 4.A) opniew.

4.1.3 Brandstof bijvullen

De handelingen om brandstof bij te vullen staan beschreiben in de handleiding van de machine en worden hier enkel vermeld. Om brandstof bij te vullen:

  1. Draai de brandstofdop (afb.3.A) los, en verwijder hem.
  2. Plaats de trechter in de opening. (afb.3.B)
  3. Vul met brandstof en neem daarna de trechter weg (afb.3.B)
  4. Op het einde van het bijvullen moet u de dop van de brandstof (afb.3.A) goed aanschroeven en eventuele gemorste vloeistof wegemen.

BELANGRIJK Vermijd om brandstof te gieten op de plastic onderdelen van de motor of van de machine om schade aan deze delen te vermijden; reinig onmiddelijk alle sporen van eventueel gemorste brandstof. De garantie dekt geen schade aan plastic onderdelenveroorzaakt door brandstof.

4.1.4 Bougiekapje

Sluit het kapje (afb. 5.A) van de kabel stevig aan op de bougie (afb. 5.B), zorg er voor dat er vanbinnen in het kapje en op de aansluitklem van de bougie geen sporen van vuil zich.

4.1.5 Controle van de staat van de lading van de accu

Zie paragraaf 5.3.2

4.2 START VAN DE MOTOR

Het opstarten van de motor要去 plaatsvinden volgens de werkwijzen aangegeven in de handleiding van de machine; zorg er.altijd voor om alle inrichtingen (indien voorzien) los te koppelen die de machine hunnen doen vooruitgaan of de motor hunnen doe stoppen.

BELANGRIJK Niet werken op hellingen vaneer dan 20^ om de correcte werking van de motor Niet te beinvloeden

BELANGRIJK Voor de modellen met start via accu要去 gecontroleerd worden dat de accu correct in de specifieke zitting is geplaatst (par. 5.3.3)

4.3 DE MOTOR OP HET EINDE VAN DE WERKZAAMHEDEN STOPPEN

  1. Zet de motor af volgens de aanwijzingen in de handleiding van de machine.
  2. Wanner de motor is afgekoeld, ontkoppelt u het kapje (afb. 5.A) van de bougie en neemt u de contactsleutel (indien voorzien) weg.
  3. Verwijder resten van de motor en in het bijzonder van de zone van de uitlaatdemper, om brandgevaar te vermijden.

4.4 REINIGING EN OPSLAG

  • Gebruik geen waterstralen of hagedrukreinigers om de buitenkant van de motor schoon te make.
  • Gebruik bij voorkeur een persluchtpistool (max. 6 bar) maar vermijd dat er resten en stof binnendringen.
    Stal de machine (met de motor) op een droge, voldoende geventileerde plaats beschermd gegen weersomstandigheden.

4.5 LANGDURIGE INACTIVITEIT

Indien u voorziet dat de motor langer dan 30\ dagen Niet gebruikt za worden (bijvoorbeeld\ op het einde van het seizoen), moet u enkele\ voorzorgen nemen zodate de motor daarna zonder\ problemen opnieuw in dienst kan worden gesteld.
- Start de motor en houdt deze in gang totdat hij stilvalt, om alle brandstof die in de tank en in de carburator gebleven is te verbruiken, om te vermijden dat er zich binnenin bezinksel vormen.

  • Verwijder de bougie en giet circa 3 cl zuivere motorolie in het gat van de bougie; verwijl u het gat met een vod dichthoudt, maar u de startmotor kort starten zodate de motor enkele toeren draait en de olie over het interne oppervlak van de cilinder worden verdeld. Monteer ten slotte de bougie opnieuw, zonder het kapje van de kabel te monteren.

5. ONDERHOUD

Elke poging om aan het emissiebeperkingssystem te knoeien kan het emissieniveau tot boven de wettelijk limiet verhogen. Hieronder worden verstaan het verwijderen of wijdigen van onderdelen zoals het inlaatsystem, het brandstofsystemen en het uitlaatsystem.

5.1 ALGEMEEN

Deveiligheidsnormen die u tijdens de onderhoudswerkzaamheden moet volgen,staan beschreiben in par.2.4.
Alle controles en onderhoudsinterventions要去 uitgevoerd worden terwijl de machine stilligt en de motor uit staat. Ontkoppel de bougie en lees de betreffende instructies vooraleer een interventie voor reiniging of onderhoud aan te vatten. Trek geschikte kledij, handschoenen en een veiligheidsbril aan vooraleer onderhoudsinterventions uit te voeren.

  • De frequents en de aard van de interventions zijn samengevat in de "Tabel met onderhoudswerkzaamheden".
  • Het gebruik van nicht-originele reserveonderdelen en accessoires kan negatieve gevolgen hebben voor de werkinq en de veiligheid van de machine. De constructeur wijst alle verantwoordelijkheid af in geval van schade of letselsveroorzaakt door deze producten.
  • De oorspronkelijke reserveonderdelen worden geleverd door bevoegde assistentiecentra en door erkende verkopers.

BELANGRIJK Alle handelingen voor onderhoud en afstelling die Niet in deze handleiding staan beschreven,要去en door uw verkoper of door een gespecialiseerd centrum worden uitgevoerd.

5.2 TABEL MET ONDERHOUDSWERKZAAMHEDEN

BELANGRIJK Het is de verantwoordelijkheid van de eigenaar van de machine om de onderhoudswerkzaamheden uit te voeren die in de onderstaande babel staan beschreiben.

BELANGRIJK Maak hem vaker schoon bij gebruik onder zware omstandigheden of wanner de lucht sterk verontreinigd is.

OPMERKING Bij gebruik van de machine op verzestige ondergronden要去en de filters vaker worden schoongemaakt /ervangen.

HandelingNa de eersite 5 werkurenIedere 5 werkuren of na ieder gebruikIedere 50 werkuren of op het einde van het seizoenIedere 100 werkuren
Controle van het oliepeil (par. 4.1.1)-✓--
Verversing van de olie1 (par. 5.4)✓-
Reiniging van de geluidemper en van de motor (par. 5.5)-✓--
Controle en reiniging van de lucht2 (par. 5.6)-✓--
Vervanging van de luchtfilter (par. 5.6)3--
Controle van de bougie (par. 5.7)--✓-
Bougie verrangen (par. 5.7)--✓

1 Vervang de olie iedere 25 aur als de motor volledig belast of bij hoge temperaturen werkt. 2 Maak de luchtfilter vaker schoon als de machine in stoffige zones werkt.
3 Enkel voor het patroonfilterelement.

Het is fondamenteel om de accu zorgvuldig te onderhonden voor een duurzaam bestaan. De accu van uw machine dient steeds te worden opgeladen:

  • bij het eerste gebruik na de aankoop van de machine;
  • alvorens elke langdurige periode van inactiviteit (meer dan 30 dagen) (par. 4.5);
  • voör de machine na een langeperiode van stilstand opnieuw in gebruik te nemen.

BELANGRIJK In geval van langdurig Nietgebruik, moet men de accu om de twee maanden opladen, om de duur ervan te verlengen.

Als deze procedures nicht in acht worden genomen of als de accu Niet wordt opgeladen,

kan er zich onherstelbare schade voordoen aan de elementen van de accu. Een lege accu moet zo snel möglichk opgeladen te worden.

BELANGRIJK Het opladen mag enkel met de bijgeleverde acculader uitgevoerd worden (afb. 7.C). Andere oplaadsystemen können de accu op een onherstelbare manier beschadigen.

5.3.1 Verwijdering en opladen van de accu

Om ze te verwijden:

  • Druk op de knop op de accu, en schuif ze maar boven (afb. 6.A).

Om ze op te laden:

  • Verwijder de rubberen dop onderaan de accu (afb. 7.B)
  • verbind de acculader (afb. 7.C) aan een stopcontact, met een spanning die overeenstemt met wat aangegeven is op hetplaatje van de acculader.
    Zodra de accu is aangesloten, zal de controelamp oplicht die aanduid dat de accu worden opgeladen (afb. 7.F): als het Licht rood is worden opgeladen, als het groen worden is de accu helemaal opgeladen.

OPMERKING De accu is voorzijen van een bescherming die de herlading ervan verhinder indien de omgevingstemperatuur nicht:tussen 0 en +45^ is.

OPMERKING De accu kan op eender welt moment, ook gedeeltelijk, opgeladen worden zonder risico op beschadiging.

5.3.2 Controle van de staat van de lading van de accu

De accu is voorzien van een systemd waarmee de staat van de accu kan gecontroleerd worden (afb. 7.D).

Druk op de knop (afb. 7.E) zodate de lichten worden geactiveerd die de restlading van de accu aanduiden:

  • drie groene lichten en een rood Licht: 100% tot 78% lading
  • twee groene lichten en een roodlicht: 77% tot 55% lading
  • een groen lichten en een roodlicht: 54% tot 33% lading
  • een roodlicht: minder dan 32% restlading, laad zo snel möglichk op.

5.3.3 Hermontage van de accu op de machine

  1. koppel de accu los van de acculader
  2. ontkoppel de acculader (afb. 7.C) van het elektrisch netwerk;
  3. plaats de accu (afb. 1.G) in de zitting en duw ze helemaal maar onder (afb. 6.B) tot een

"klik" wordt gehoord die ze in positie blokkeert en het elektrische contact garandeert;

5.4 DE OLIE VERVERSEN

Houdt u aan de aanwijzingen in de tabel met technische gegevens voor de te gebruiken soort olie.

BELANGRIJK Laat de olie af terwijl de motor nog warm is, maar let erop de hete onderdelen van de motor of de afgelaten olie Niet aan te raken.

Wat het te gebruiken type olie gebruikt, gelieve de aanwijzingen in het relatief hoofdstuk te raadplegen.

BELANGRIJK Laat de olie af terwijl de motor nog warm is, maar let erop de hete onderdelen van de motor of de afgelaten olie Niet aan te raken.

a) Zet de grasmaier op een effen ondergrond.
b) Controller of de brandstoftank nicht vol is en of de dop goed zich is.
c) Reinig de zone rond de vuldop (afb. 2.A.).
d) Schroef de dop los (afb. 2.A).
e) Voorzie een gepadst recipient (afb. 8.B) om de olie op te vangen.
f) Leg de grasmaier op de rechterzijde om de olieuit de vulopening (afb. 8) te lien lopen.
g) Zet de machine weever overeind en vul neue olie bij (zie par. 4.1.1).
h) Controller op de oliepeilstok (afb. 2.B) of het oliepeil tot aan «MAX» staat.
j) Doe de dop wee rcht en verwijder elk spoor van eventueel gemorste olie.

5.5 REINIGING VAN DE GELUIDDEMPER EN VAN DE MOTOR

De geluideddemper moet schoongemaakt worden terwijl de motor koud is.

a) Verwijder van de geluiddempoer (9) en van zijn bescherming (9) alle resten afvalmaterialial of vuil of wat dan ook brand kan veroorzaken. Doe dit bij voorkeur met een borstel of met perslucht.
b) Reinig de lipjes van de cilinder en de kop (afb. 9 C) om de afkoeling te bevorderen en te voorkomen dat de motor oververhit.
c) Ga met een spons (afb. 9.D) gedrenkt in water en reinigingsproduct over de onderdelen in plastic.

5.6 ONDERHOUD VAN DE LUCHTFILTER

Het filtrilegement moet.altijd goed schoon gehouden worden en moet verrangen worden indien kapot of beschadigd.

a) Reinig de zone rond de afdekking (afb. 4.A) van

de filter.

b) Verwijder het deksel (afb. 4.A) door de lipjes (afb. 4.B) los te haken.
c) Verwijder het filterelement (afb. 4.C of 4.C.1).
d) Sluit het aanzuigkanaal (afb. 4.E) met behulp van een vod om te voorkomen dat er vuil in raakt.
e) Voer het onderhoud van het filtrelement uit zoals hieronder aangegeven voor de verschillende types.
f) Maak de binnenkant van het filtrvak (afb. 4.D) vrij van stof, afvalmaterialiaal en vuil en let erop dat die Niet in het aanzuigkanaal (afb. 4.E)terechtkommen.
g) Plaats het filtrelement (afb. 4.C of 4.C.1) in de zitting en sluit het deksel (fig. 4.B).

  • Filterelement van badstof (afb. 4.C)

Het filtrilegement moet.altijd schoon en doordrongen zijn met olie; verrang het wanner het stuk is, er scheuren in zitten of stukjes verbrokkeld+zijn.

BELANGRIJK Gebruik geen perslucht voor de reiniging van het filtrelement.

  • Was het filtrelement van badstof met water en een reinigingsproduct en droog af met een schone doek.
  • Doordrenk het filtrelement met 2 eetlepels schone moorolie en knijp hem enkele kerenuit om de olie gelijkmatig te verdelen.
  • Verwijder eventuele overtollige olie met een schone doeck.

Bij verwanging van het filtrelement, moet de neue filter geolied worden zoals hierboven beschreiben.

Patroonfilterelement (afb.4.C.1)
- Blaas met perslucht vanaf de binnenkant om stof en afvalmaterialiaal te verwijdersen.

5.7 CONTROLE EN ONDERHOUD VAN DE BOUGIE

  1. Demonteer de bougie (afb. 10.A) met een stiftsleutel (afb. 10.B).
  2. Reinig de elektroden (afb. 10.C) met een metalen borstel om eventuele koolstofaanslag weg te nemen.
  3. Controller de correcte afstand tussen de elektroden (0,6 - 0,8 mm) met een diktemeter (afb. 10.D).
  4. Monteer de bougie (afb. 10.A) opnieuw en zet stevig vast met een stiftsleutel (afb. 10.B). Vervang de bougie als de elektroden verbrand zichen of als de keramiek kapot of gebarsten is.

Brandgevaar! De startinstallatie Niet controlleden als de bougie nicht in+zijn zitting aangeschroefd is.

BELANGRIJK Gebruik uitsluitend bougies van het aangegeven type (zie Tabel met technische gegevens).

6. IDENTIFICATIE VAN PROBLEMEN

PROBLEEM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
1. StartmoeilijkhedenGeen brandstof Controleren en bijvullen(hfdst. 5.1.3)
Oude brandstof en bezinksel in de tankMaak de tank leeg en giet verse brandstof erin
Onjuiste startprocedureVoer het opstarten correct uit (par. 5.2 en par. 5.3)
Bougie losgekoppeldControleer of het kapje goed op de bougie is vastgezet (par. 5.1.4)
Bougie nat of elektroden van de bougie vuil of op onjuiste afstandControleren (par. 6.6)
Verstopte luchtfilter Controleren en reinegen (par. 6.5)
Olie Niet geschikt voor het seizedoen Vervang door geschikte olie (par. 6.3)
Verdamping van de brandstof in de carburator (vapor lock)wegens te hoge temperaturenWacht enkele minutes en probeer daarna om opnieuw te starten (par. 5.3)
VerbrandingsproblemenNeem contact op met een erkend servicecentrum
Accu leeg Laad de accu wee ter op (par. 5.3.1)
Accu Niet correct geplaatst Plaats de accu一周 op (par. 5.3.3)
2. Onregelmatige werkinq.Elektrodes van de bougie vuil of Niet op de juiste afstandControleren (par. 6.6)
Kapje van de bougie Niet goed aangebrachtControleer of het kapje stabel is aangebracht (par. 5.1.4)
Verstopte luchtfilter Controleren en reinegen (par. 6.5)
VerbrandingsproblemenNeem contact op met een erkend servicecentrum
3. Vermogenverlies tijdens het werkenVerstopte luchtfilter Controleren en reinegen (par. 6.5)
VerbrandingsproblemenNeem contact op met een erkend servicecentrum

Indien de problèmes nicht verdwijnen na het toepassen van de beschreiben oplossingen,要去 u met uw verkoper contact opnemen..

INDICE

  1. GENERELL INFORMASJON 1
  2. SIKKERHETSBESTEMMELSER. 1
  3. BLIKJENT MED MASKINEN 3

3.1 Beskrivelse av maskinen og tiltenkt bruk 3
3.2 Sikkerhetsskilt 4
3.3 Merkeetikett 4
3.4 Motorkomponenter 4
3.5 Miljobetingelser 4
3.6 Drivstoff 4
3.7 Olje 5
3.8 Luftfilter 5
3.9 Tennplugg 5

  1. BRUKSREGLER 5

Echipamente individuale de protectie (EIP)

  • Nuutilizati masina fara imbracaminte adecvara.
  • Nuutilizati imbracaminte larga,snururi, bijuterii sau alte obiecte care pot ramane agatate;legati paurul lung si pastra distanta de siguranta in tampul pornirii.
    Utiliziţi CASTI de protectie impotrivazgomotului.

Zone de lucru/Maşina

5.3.1 Vybratie a nabitie akumuláțora

PriVyberani:

  • Stlacte tlacidlo umiestnene nad akumulatorom a nechajte ho vysunut nahor (obr. 6.A).

Pri nabijani:

NL • De inhoud en de afbeeldingen van deze gebruikshandeldeigwerden gerealiseerd voor rekening van ST. S.p.A. en+zijn beschermd door het autoursrecht - Elke Niet-geautoriserde reproductie of wijziging, ook gedeelijike, van het document is verboden.

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIGA

Model : Combi 748 SE

Categorie : Grasmaaier