GEBRUIKSAANWIJZING ExactFit 3 BRAUN
Beoogd gebruik van de ExactFit 3 en ExactFit 5 van Braun
De Braun bovenarm bloeddrukmonitor is ontwikkeld voor nauwkeurige en comfortabele bloeddrukmetingen. De nauwkeurigheid van de metingen met de Braun bovenarm bloeddrukmonitor is getest tijdens de fabricage en is door klinisch onderzoek volgens ESH bewezen.
Wat u over bloeddruk moet weten
Gedurende de dag is de bloeddruk continu aan verandering onderhevig. In de vroege ochtend stijgt je bloeddruk aanmerkelijk en gedurende de late ochtenduren daalt hij. In de namiddag stijgt hij opnieuw en 's nachts zakt hij uiteindelijk tot een laag niveau. Hij kan ook in een korte tijdsperiode veranderen. Daarom kunnen de lezingen van opeenvolgende metingen variëren.

Bloeddrukmetingen die bij een gezonde 31-jarige man, met intervallen van 5 minuten, zijn gemeten
De bloeddruk die in de praktijk van de arts wordt gemeten, is maar een momentopname. Herhaalde metingen die thuis worden genomen, weerspiegelen beter de feitelijke bloeddrukwaarden van een persoon, onder dagelijkse omstandigheden.
Bovendien hebben veel mensen een andere bloeddruk als zij deze thuis meten, omdat zij dan meer ontspannen zijn dan in de praktijk van de arts. Regelmatige metingen van de bloeddruk thuis kunnen uw arts waardevolle informatie geven over uw gewone bloeddrukwaarden onder feitelijke "dagelijkse" omstandigheden.
De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) heeft de volgende waarden voor een standaardbloeddruk ingesteld, wanneer deze tijdens rust wordt gemeten.
| Bloeddruk (mmHg) | Normale waarden | Rustige hypertensie | Ernstige hypertensie |
| SYS = systole tot 140 140-180 boven180 (bovenwaarde) |
| DIA = diastole tot 90 90-110 boven 110 (onderwaarde) |

Lees de volledige gebruiksaanwijzing aandachtig door om nauwkeurige meetresultaten te verzekeren.
- Dit product is alleen voor gebruik thuis bedoeld. Houd het product en de batterijen UIT de buurt van kinderen.
- Mensen die aan hartritmestoornissen, bloedvatvernauwing, aderverkalking in de ledematen of diabetes lijden, en gebruikers van pacemakers moeten hun arts raadplegen voordat zij hun bloeddruk meten, omdat in dergelijke gevallen afwijkingen bij de bloeddrukwaarden kunnen voorkomen.
- Als u een medische behandeling ondergaat of medicijnen inneemt, dient u eerst uw arts te raadplegen.
- Het gebruik van deze bloeddrukmonitor is niet bedoeld ter vervanging van het raadplegen van uw arts.
Productbeschrijving (Zie pagina 2-3, afb.1)
1. Startknop
- Geheugenknop M
- Knop datum/tijd aanpassen
- Knop instellen
- Knop gemiddelde 6. Schakelaar gebruiker A/B
7 LCD-display
- Slangpoort
- Connector
- Armmanchet (geleverd met 2 manchetten)
11. Luchtslang 12. Deksel van batterijvak (4 X 1,5 V type AA (LR6) batterijen)
Batterijenplaatsen (Zie afb. 2-3)
- Verwijder het deksel van het batterijvak aan de onderkant van het apparaat en plaats 4 AA LR6 alkalinebatterijen op de juiste manier (zie symbool in het batterijvak). Opmerking: Nadat u de batterijen hebt geplaatst, dient u altijd de datum en tijd opnieuw in te stellen om te verzekeren dat de meetresultaten met de juiste datum en tijd worden opgeslagen.

Gooi alleen lege batterijen weg.
Ze mogen niet worden weggegooid met het normale huisvuil, maar moeten worden ingeleverd bij de juiste verzamelplaatsen of bij uw verkooppunt.
Hoofdregels voor nauwkeurige bloeddrukmetingen
- Metingen dienen idealiter op hetzelfde tijdstip van de dag, bij voorkeur in de ochtend en 's avonds, en onder dezelfde omstandigheden te worden genomen.
- Tot 30 minuten na roken of drinken van koffie of thee geen metingen uitvoeren. Voordat u de manchet om de te meten arm doet, moet u uw polshorloge en sieraden afdoen. Tijdens het meten dient u te zitten, zich te ontspannen en stil te houden en mag u niet bewegen of praten.
- Plaats de manchet stevig rondom de arm. De manchet moet ter hoogte van het hart zitten.
- Het apparaat mag tijdens het meten niet trillen, anders wordt niet de juiste meting verkregen.
- Voer de meting rustig en in een ontspannen houding uit. Ga in een stoel zitten en houd beide voeten plat op de grond.
Afb. 2
Afb. 3
- Plaats de manchet niet over de mouw van een jas of trui, anders kan de meting niet worden uitgevoerd.
- Strak zittende kleding moet van uw linkerarm worden verwijderd.
- De armmanchet mag op geen enkele manier worden verdraaid.
- Als de controlemanchet niet rondom de arm is aangebracht, mag u deze niet vullen. Probeer geen van de onderdelen van de monitor, inclusief de manchet, te demonteren of te verwisselen.
- Laat het product niet vallen en zorg dat het niet aan schokken wordt blootgesteld.
- Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik als uw arm verwond is of enig letsel vertoont.
De juiste manchet kiezen
Voor een nauwkeurige meting is het van belang dat u de juiste manchetgrootte kiest; dit is de manchet die het best bij uw bovenarm past. Kies de manchetgrootte op basis van uw armomtrek, waarbij de onderkant van de manchet 2 à 3 cm boven uw elleboog moet zitten.
De armmanchet aanbrengen
- Schuif het uiteinde van de armmanchet dat zich het verst van de slang bevindt, in een lus door de metalen ring. De gladde kant moet aan de binnenkant van de manchet zitten.



- Steek de luchtslang in de connector (afb.4).
- Als de manchet juist is geplaatst, bevindt het klittenband zich aan de buitenkant van de manchet en raakt de metalen ring uw huid niet (afb.5).
- Breng uw linkerarm door de lus van de manchet. De onderkant van de manchet moet ongeveer 2-3 cm boven de elleboog zitten. De slang moet aan de binnenkant van de arm over de slagader van de bovenarm liggen (afb.6).
Afb.7
Afb.8
Afb.9
- Trek zo aan de manchet, dat de boven- en onderrand strak rondom uw arm komen te zitten (afb.7).
- Als de manchet juist is geplaatst, drukt u het klittenband stevig tegen de fluwelen kant van de manchet.
- De manchet is klaar voor gebruik wanneer het <index> - teken <ok> - aangeeft, wat wordt weergegeven door twee rijphen wanneer de manchet is bevestigd op de arm (afb.8).
- Ga op een stoel zitten en leg uw arm op de tafel zodat de manchet ter hoogte van uw hart zit (afb. 9).
Display BP6000, BP6100 en BP6200 * alleen voor BP6200
Opmerking: bij de BP6200 gaat de displayverlichting aan wanneer het apparaat wordt aangezet. De verlichting blijft aan totdat het apparaat wordt uitgeschakeld.
Modus selecteren
Gebruiker A/gebruiker B selecteren
Zorg ervoor dat het apparaat uitgeschakeld is. Schuif de gebruikersknop naar gebruiker A of gebruiker B. Op de lcd-display knippert de huidige gebruikersmodus.
De WGO/ESH-indicator om de bloeddrukgegevens te evalueren

Dit apparaat heeft een bloeddrukwaarde-indicator die is ontwikkeld volgens de richtlijnen van de WGO en de European Hypertension Society Guidelines (ESH) in 2007. Voor elke meting die op de display verschijnt, duidt de cursor de bloeddrukwaarde aan met de overeenkomstige kleurcode, van groen tot rood. U kunt deze classificatie dagelijks gebruiken om uw bloeddruk beter te begrijpen. Raadpleeg uw arts als u zich zorgen maakt over het classificatieniveau.
Datum en tijd instellen
a. Schakel het apparaat uit voor het instellen van de datum en tijd.
b. Druk op de knop instellen (4) om het jaar in te stellen. Op de display knippert het jaar. Met de knop datum/tijd aanpassen kunt u het jaar aanpassen met stappen van 1 omhoog. c. Druk op de knop instellen (4) om de maand in te stellen. Op de display knippert de maand. Met de knop datum/tijd aanpassen kunt u de maand aanpassen met stappen van 1 omhoog. d. Druk op de knop instellen (4) om de dag in te stellen. Op de display knippert de dag. Met de knop datum/tijd aanpassen kunt u de dag aanpassen met stappen van 1 omhoog. e. Druk op de knop instellen (4) om het uur in te stellen. Op de display knippert het uur. Met de knop datum/tijd aanpassen kunt u het uur aanpassen met stappen van 1 omhoog. f. Druk op de knop instellen (4) om de minuut in te stellen. Op de display knippert de minuut. Met de knop datum/tijd aanpassen (5) kunt u de minuut aanpassen met stappen van 1 omhoog. g. Druk op de knop instellen (4) om het instellen van de datum en tijd te beëindigen. Het knipperen stopt.
Opmerking: Door de knop datum/tijd aanpassen ingedrukt te houden kunt u door de waarden scrollen.
Een meting uitvoeren
Vouw de manchet om de arm (zie "De armmanchet aanbrengen" hierboven). 1. Zorg voor een correcte houding door rechtop op de stoel te zitten. 2. Druk kort op de startknop (1). De datum/tijd en huidige gebruiker worden weergegeven. 3. Schuif de gebruikersknop (6) naar A voor gebruiker A of naar B voor gebruiker B. Op de lcd-display wordt het symbool voor gebruiker A of B weergegeven. 4. Druk kort op de startknop (1). Gedurende 2 seconden worden alle pictogrammen op de
display weergegeven. Het apparaat wordt automatisch op nul gezet. Vervolgens knippert het meetsymbool op de display, wordt de luchtdruk automatisch opgevoerd tot een bepaald drukniveau en begint de meting.
Tijdens het meten van de bloeddruk mag u niet bewegen of praten.
- Na de toename van de luchtdruk wordt de hartslag gemeten. Het hartslagsymbool begint te knipperen.
- Na de meting worden op het LCD-display de resultaten en de indicatorpijl volgens de WGO weergegeven.
Nadat de bloeddruk is gemeten, kunt u het apparaat uitschakelen door op de startknop (1) te drukken. Als u dit niet doet, wordt het apparaat na 1 minuut automatisch uitgeschakeld.
Geheugenfunctie
De BP6000 kan voor beide gebruikers de laatste 40 meetwaarden opslaan. Bij de BP6100 en de BP6200 is dit respectievelijk 50 en 60.
Meetgegevens opslaan
Na elke bloeddrukmeting worden automatisch de systolische druk, diastolische druk, hartslag en tijd & datum van de specifieke dag opgeslagen. Geheugen #01 is altijd het meest recente. Zodra het geheugen vol is, worden de oudste metingen overschreven.
Als u de opgeslagen gegevens wilt bekijken, drukt u op de geheugenknop M (2). Op het LCD-display worden de laatst bewaarde gegevens (sys/dia/pul) samen met de datum/tijd, het symbool onregelmatige hartslag (geldt alleen voor BP6200) en de indicator volgens de WGO weergegeven. Als u eerdere gegevens wilt bekijken, drukt u nogmaals op de geheugenknop M (2). Zorg ervoor dat u de juiste gebruiker (A of B) kiest.
Gemiddelde-functie van BP6000
Als u op de knop gemiddelde drukt, worden het gemiddelde van de laatste 3 meetwaarden weergegeven op het LCD-display. Door nogmaals op de knop gemiddelde te drukken, maakt u het LCD-display gedurende 0,5 seconden leeg, waarna de resultaten opnieuw worden weergegeven.

Gemiddelde-functie van BP6100
Als u op de knop gemiddelde drukt, wordt het daggemiddelde van de afgelopen 7 dagen weergegeven op het LCD-display. Door nogmaals op de knop gemiddelde te drukken, maakt u het LCD-display gedurende 0,5 seconden leeg, waarna de resultaten opnieuw worden weergegeven.
Gemiddelde-functie van BP6200
Als u op de knop gemiddelde drukt, wordt het daggemiddelde van de afgelopen 7 dagen weergegeven op het LCD-display. Als u een tweede maal op de knop gemiddelde drukt, wordt het ochtendgemiddelde van de afgelopen 7 dagen weergegeven op het LCD-display. Als er sprake is van ochtendhypertensie, wordt het desbetreffende symbool weergegeven. Als u een derde maal op de knop gemiddelde drukt, wordt het avondgemiddelde van de afgelopen 7 dagen weergegeven op het LCD-display. Als u een vierde maal op de knop gemiddelde drukt, wordt het daggemiddelde van de afgelopen 7 dagen opnieuw weergegeven.

Gegevens wissen
Als u de geheugenknop M (2) gedurende meer dan 5 seconden ingedrukt houdt, knippert op de LCD-display 'ALL' (als de gebruikersknop zich aan de A-kant bevindt, wordt het pictogram voor gebruiker A weergegeven en als de gebruikersknop zich aan de B-kant bevindt, wordt het pictogram voor gebruiker B weergegeven).


Als u nogmaals op de geheugenknop M (2) drukt, worden op de LCD-display '----' weergegeven. Dit betekent dat alle opgeslagen gegevens van de desbetreffende gebruiker zijn gewist.
Detector onregelmatige hartslag (alleen voor BP6200)
Dit symbool geeft aan dat tijdens de meting een bepaalde onregelmatigheid in de hartslag is waargenomen. Dit pictogram kan verschijnen als u tijdens de meting praat, beweegt of schudt, of door een onregelmatige hartslag. Meestal hoeft u zich hierom geen zorgen te maken, maar als het symbool vaak verschijnt, raden wij u aan een arts te raadplegen. Het apparaat vervangt geen hartonderzoek, maar dient om in een vroeg stadium onregelmatigheden in de hartslag op te sporen.
Indicator lege batterij
Als de indicator voor lege batterijen op de display knippert, betekent dit dat de batterijen leeg zijn en de vier batterijen door LR6 (AA) alkalinebatterijen moeten worden vervangen.
** Nadat de batterijen zijn vervangen, gaat de bloeddrukmonitor automatisch naar de modus tijdinstelling en verschijnt het tijdstip van de laatste meting op de display. Voordat u de volgende meting uitvoert, dient u om een juist gemiddeld resultaat te krijgen, de huidige datum/tijd in te stellen.
Opslag en reiniging
- Bewaar het apparaat na gebruik altijd in de draagtas.
- Plaats het apparaat niet in direct zonlicht of op plaatsen met hoge temperaturen, vochtigheid of stof.
- Niet bij een extreem lage (lager dan -20 °C) of hoge (hoger dan 60 °C) temperatuur bewaren.
- Gebruik een doek met water of een zacht reinigingsmiddel om de behuizing te reinigen en gebruik daarna een droge doek om deze af te drogen. Gebruik een droge doek om de manchet af te vegen als deze vies is.
- Gebruik geen sterke reinigingsmiddelen om het te reinigen.
- Als het apparaat gedurende lange tijd niet wordt gebruikt, dient u de batterijen eruit te verwijderen (batterijen kunnen lekken of schadelijk zijn).
- Breng geen wijzigingen aan het apparaat aan. Open het apparaat NOOIT! Hierdoor vervalt de garantie van de fabrikant.
Kalibratie
Dit product is tijdens het productieproces gekalibreerd. Als het wordt gebruikt volgens de instructies, is periodieke kalibratie niet nodig. Als u op enig moment twijfelt aan de nauwkeurigheid van een meting, neem dan contact op met onze vertegenwoordiger voor onderhoud (zie laatste pagina voor contactgegevens) of ga naar www.hot-europe.com/support.
Dit apparaat is niet bedoeld ter vervanging van de regelmatige controles door uw arts; blijf regelmatig bij uw arts langsgaan voor een deskundige meting.
De productiedatum is af te leiden uit het partijnummer op de zijkant van het apparaat. De eerste drie cijfers achter het woord "LOT" verwijzen naar de dag van het productiejaar. De volgende twee cijfers zijn de laatste twee cijfers van het productiekalenderjaar. De letters aan het einde geven aan wie de fabrikant van het product is. Voorbeeld: LOT 1561VTN betekent dat het desbetreffende product is gemaakt op dag 156 van het jaar 2014 bij de producent met identificatiecode VTN.
Wat te doen in geval van ....
| Probleem Reden | Oplossing | |
| Hartslagssymbol Verh | Verschijntijdens de meting en knippert zodra een hartslag worden waargenomen. | • Meting aan de gang. Blijstil. |
| Lege batterij-indicator | Verschijnt als de batterijspanning uitemate laag is of als de batterijen verkeerd zijn geplaatst. | • Vervang alle vier de batterijen doorulative. Plaats de batterijen in de juiste posities. Let op de posities +/-. |
| Metingsfout Verschrij | Injnt ingeval geen nauwkeurige bloeddruk en hartslag konden worden waargenomen. | • Druk nogmaals op de start/stop-knop en voer eenulative meting ult. |
| Error | • Controller de manchet volgens de instructies is aangebracht. | |
| • Controller de slang nicht is verdraaid. | |
| • Controller de handpalm gespannen is. | |
| • Controller de tijdens de meting werk gepraat of bewogen. | |
| • Controller de de juiste houding worden aangenomen. | |
| E1 wordt weergegeven | De manchet zich Niet goed vast • Breng de manchet opnieuw aan en voer opnieuw een meting ult. |
| E2 wordt weergegeven | De manchet zich heel strak • Breng de manchet opnieuw aan en voer opnieuw een meting ult. |
| E 10 of E 11 De moor | • Ontspan u even en voer dan opnieuw een meting ult. |
| E20 wordt weergegeven | Tijdens het meten is geen hartlagsignaal waargenomen. | • Zorg dat de kleding losjes om de arm zit en meet dan opnieuw. |
| E21 wordt weergegeven | Meting onjuist • Ontspan u even en voer dan opnieuw een meting ult. |
| EE 3 - EE15 | Foutijdens meting • Voer de meting nogmaals ult. Als het probleem zich bleift voordoen, kut u voor hulp contact opnemen met het verkooppunt of once klantenservice. Zie de garantie voor contactgegevenden en instructies voor retourzending. |
Specificaties
Meetmethode
Oscillometrisch
Modelnummer BP6000, BP6100, BP6200
Meetbereik Druk 0-300 mmHg
Hartslag 40-199 slagen/minuut
Nauwkeurigheid Druk +/- 3 mmHg
Hartslag +/- 5% max.
Vullen Deluxe automatisch
Displayverlichting voor BP6200
Geheugensets BP6000: 40 sets per gebruiker
BP6100: 50 sets per gebruiker
BP6200: 60 sets per gebruiker
Manchetgrootte: Small manchet = armomtrek 22-32 cm
Large manchet = armomtrek 32-42 cm
Bedrijfstemperatuur: +10 °C tot +40 °C, minder dan 85% relatieve vochtigheid
Opslagtemperatuur: -20 °C tot +60 °C, minder dan 85% relatieve vochtigheid
Luchtdruk bij gebruik: 860-1060 hPa
Gewicht apparaat: Ongeveer 500 g (zonder batterijen)
Voeding: Alkalinebatterij: 4 x AA (LR6)
Levensduur batterij: 300 metingen
Automatische uitschakeling: Wanneer gedurende 1 minuut niet gebruikt
Accessoires: 4 batterijen, 2 armmanchetten met slang, handleiding,
opbergtas, reistas
Levensduur apparaat
5 jaar.
BELANGRIJK

Lees de bedieningsinstructies.
Indien het apparaat niet binnen het gespecificeerde temperatuur-, luchtvochtigheids- en luchtdrukbereik wordt gebruikt, kan de technische nauwkeurigheid van de meting niet worden gegarandeerd.
Classificatie:

- Intern gevoede apparatuur
- Type BF-apparatuur
- IP22: Beschermd tegen vaste vreemde voorwerpen met een diameter van 12,5 mm en groter
Beschermd tegen verticaal vallende waterdruppels wanneer het apparaat tot 15 graden wordt gekanteld
Niet geschikt voor gebruik in de nabijheid van een mengsel van licht ontvlambare anesthetica met lucht, zuurstof of stikstofoxide - Doorlopende werking met kortstondig laden

Bedrijfstemperatuur
Opslagtemperatuur

Luchtvochtigheid opslag
Kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.

Dit product voldoet aan de voorwaarden van de EG-richtlijn 93/42/EEG (Richtlijn voor medische hulpmiddelen). Dit apparaat voldoet aan de volgende normen:
EN 60601-1:2006 + AC:2010 - Algemene eisen voor basisveiligheid en essentiële prestaties EN 60601-1-2:2007 - Elektromagnetische compatibiliteit - Eisen en beproevingen EN 60601-1-11:2010 - Eisen voor medische elektrische apparatuur en medische elektrische systemen die gebruikt worden voor de medische verzorging in de thuissituatie EN 1060-1:1995 + A2:2009 - Niet-invasieve bloeddrukmeters - Algemene eisen - EN 1060-3:1997 + A2:2009 - Niet-invasieve bloeddrukmeters - Aanvullende eisen voor elektromechanische bloeddrukmeetsystemen EN 1060-4:2004 - Niet-invasieve bloeddrukmeters - Beproevingsprocedures voor totale nauwkeurigheid van automatische niet-invasieve bloeddrukmeters
MEDISCHE ELEKTRISCHE APPARATUUR heeft speciale voorzorgsmaatregelen nodig ten aanzien van EMC. Voor een gedetailleerde beschrijving van de EMC-vereisten, dient u contact op te nemen met een geautoriseerd lokaal servicecentrum (zie garantie).
Draagbare en mobiele RF-communicatieapparatuur kunnen de werking van elektrische medische apparatuur beïnvloeden.

Aan het einde van de levensduur mag u het product niet met huishoudelijk afval wegwerpen. U kunt het product inleveren bij uw lokaal verkooppunt of bij de daarvoor ingerichte verzamelpunten.
Garantie
Klantenkaart beschikbaar via onze website www.hot-europe.com/support
Raadpleeg de laatste pagina van deze gebruiksaanwijzing voor de contactnummers van de dienst. Ondersteuning in uw land.
Het partijnummer en het serienummer van uw apparaat vindt u op het etiket op de rechterzijde van het product.
| Richtlijn en verklaring van de fabrikant - elektron magnetische emissies |
| De ME-apparatuur is bedoeld voor gebruik in de hieronder gespecifieerde elektron magnetische omgeving. De klant of de gebruiker van de ME-apparatuur要去ervoort zorgen dat die wordert gebruikt in een dergelijk omgeving. |
| Emissietest Compliante Elektromagnetische omgeving - richtlijn |
| RF-emissies CISPR 11 | Groep 1 | In de ME-apparatuur wordert RF-energieuitsluitend gezrukt voor zijn interne functie.Daarom+zijn RF-emissies heel laag en zullenze elektronische emissies in de nabijemomgeveing waarschijnlijk Niet storen. |
| RF-emissies CISPR 11 | Klasse B Voldogt | |
| Harmonische emissiesIEC 61000-3-2 | Niet vantoepassing | De ME-apparatuur werkuitsluitend op batterijen. |
| Spanningssschom-melingen/flickkermissies | Niet vantoepassing |
| Berekening scheidingsafstand voor nicht-levensondersteunende apparatuur (complainie: 3 Vrms / 3 V/m) |
| Nominala maximaal afgeveen vermogen van de zender (W) | Scheidingsafstand volgens freiagentie van de zender (m) |
| 150 kHz tot 80 MHz in ISM-banden d = |3,5/V1|√P | 80 MHz tot 800 MHz d = |3,5/F1|√P | 800 MHz tot 2,5 GHz d = |7/F1|√P |
| 0,01 0,12 0,12 0,23 | | | |
| 0,1 0,37 0,37 0,74 | | | |
| 1 1,17 1,17 2,33 | | | |
| 10 3,69 3,69 7,38 | | | |
| 100 11,67 11,67 23,33 | | | |
| Richtlijn en verklaring van de fabrikant - elektromagnetische immunititeit |
| De ME-apparatuur is bedoeld voor gebruik in de hieronder gespecifieerde elektronikatieve omgeving. De klant of de gebruiker van de ME-apparatuur要去ervoort zorgen dat hij worden gebruikt in een dergelijkke omgeving. |
| Immunititeitstest | IEC 60601-testniveau | Complain-tieniveau | Elektronikmatheorie omgeving - aanbevelingen |
| Elektrostatice ontloading (ESD)IEC 61000-4-2 | ± 6 kV contact± 8 kV lucht | Voldoet | Vloeren dielen van hout of beton teijken, of voorzien van keramische tegels. Als de vloer met een synthetisch materiaal is bedekt,要去e relatieve vochtighield ten minste 30%ঃ |
| Uitgestraalde RFIEC 61000-4-3 | 3 V/m 80 MHz tot 2,5 GHz | Voldoet | Veldsterktesuiten de afgeschermde locatie van vaste RF-zenders, zoals is vastgesteld aan die hand van een onderzoekaar elektronikmatheorie locatie, dienen minder dan 3 V/m teijken.Storing kan optreden in de buurt van apparatuur met het volgende symboel erop:Boven staat een berekening aangegeven van de scheldingsafstand. Als een bekende zender aanwezig is, kan de specifieke afstand worden bereken met behulp van de vergelijkden. |
| Geleide RFIEC 61000-4-6 | 3 Vrms 150 kHz tot 80 MHz | Niet van toepassing(geen elektrische bekabe-ling) |
| Elektrische snelle transiennentenIEC 61000-4-4 | ± 2 kV voor voedingskabels± 1 kV voor ingangs-/uitgangdijnen | Niet van toepassing | De ME-apparatuur werkduituitsluitend op batterijen. |
| SpanningspiekIEC 61000-4-5 | ± 1 kV differentie nullijn± 2 kV gemeenschappe-lijke nullijn | Niet van toepassing |
| Vermogensfre-quente magnetisch veldIEC 61000-4-8 | 3 A/m | Voldoet | De vermogensfrequentie van de magnetische velden moet overeenkomen met die van een typische locatie in een typische commerciale of ziekenhuisomgeving. |
| Spanningsdalingen, korte onderbrakingen en spanningschom-melingen in voedingstoevoeilijnenIEC 61000-4-11 | >95% daling geduren 0,5 cyclus60% daling geduren 5 cycli70% daling geduren 25 cycli95% daling geduren 5 sec. | Niet van toepassing | De ME-apparatuur werkduituitsluitend op batterijen. |
NO Norsk


C
C. 2α = 1/3 ∴ 2α = - 1/3
(1) a,4 ( 4) ° Im all j,j, ( 2n + 1) ( n = 1,2,3)
a#
y