RCS-4446C2 - Kettingzaag RYOBI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RCS-4446C2 RYOBI in PDF-formaat.
| Merk | RYOBI |
| Model | RCS-4446C2 |
| Type | Benzinekettingzaag |
| Cilinderinhoud | 44 cm³ |
| Nominaal vermogen | 1,9 kW / 9500 tpm |
| Brandstoftankinhoud | 310 cm³ |
| Olietankinhoud | 210 cm³ |
| Zwaardslengte | 46 cm |
| Snijlengte | 410 mm |
| Kettingsteek | 8,26 mm |
| Kettingdikte | 1,27 mm |
| Kettentype | Carlton K1L-BL-72E (lage terugslag) |
| Aandrijftandwiel | 7 tanden |
| Gewicht (zonder vloeistoffen, zwaard en ketting) | 4,6 kg |
| Stationair toerental | 2700 – 3100 tpm |
| Maximaal toerental | 12000 tpm |
| Geluidsdrukniveau | 103 dB(A) |
| Geluidsvermogensniveau | 113 dB(A) |
| Trillingen voorste handgreep | 6,4 m/s² |
| Trillingen achterste handgreep | 7,0 m/s² |
| Brandstof | Mengsel van loodvrije benzine 87 octaan + synthetische 2-takt olie (50:1) |
| Bougie | Champion RZ7C of NGK CMR7H (elektrodenafstand 0,64 mm) |
| Kettingrem | Ja, geïntegreerd in de voorste handbeschermer |
| Startmethode | Trekstarter |
| Garantie | 24 maanden (onderdelen en arbeid) |
Veelgestelde vragen - RCS-4446C2 RYOBI
Gebruikersvragen over RCS-4446C2 RYOBI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kettingzaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RCS-4446C2 - RYOBI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RCS-4446C2 van het merk RYOBI.
GEBRUIKSAANWIJZING RCS-4446C2 RYOBI
Gefeliciteerd met de aankoop van Ryobi gereedschap! Deze kettingzaag is ontwikkel en vervaardig volgens de hoge norm van Ryobi voor betrouwbaarheid, gebruiksgemak en bedieningsveiligheid. Door het op de juiste manier te onderhoden kunst u jarenlang plezier hebben van dit robuste en krachtige apparaat.

WAARSCHUWING
Om gevaar voor lichamelijk letsel te verminderen dient u deze gebruikshandleiding absolut goed door te lezen en te gebruiken.

BELANGRIJK
Onderhoud vereist groze zorg en een degelijkke kennis van het apparaat: het moet waarom door een vakbekwame personen worden uitgevoerd. Voor reparaties mogen uitsluitend originelle Ryobi reservationden worden gebruikt. Voor een veilig gebruik dient u alle aanwijzingen op te volgen en te begrijpen voordat u de kettingzaagGaat gebruiken.Houd u aan alleveiligeidsvoorschriften. Het Niet opvolgen van alle onderstaande veiligeidsaanwijzingen kanresulteren in ernst ligameligk letset.

WAARSCHUWING
Lees deze gebruikershandleiding in zich geheel door voordat u de kettingzaag gaat gebruiken. Lees aandachtig de veiligheidsvoorschriften en de betekenis van alle veiligheidssymbolen, waaronder Gevaar, Waarschuwing en Let op. Deze veiligheidsvoorschriften zijn er voor uwveiligheid en om mogelijk ernstig letsel te voorkomen. Indien u uw zaag op de juiste wijze gebruikt en alleen waarvoord het bedoeld is, zult u hiervan vele jarenveilig en betrouwbaar gebruik kunnen maken.

WAARSCHUWING
Dit symbolism duidt aan dat er belangrijke voorzorgsmaatregelen要去en worden genomen. Het betekent: Let op! Uw verilgheid staat op het spel!

WAARSCHUWING
Tijdens het gebruik van gereedschap hunnen deelijts wegspatten en in uw ogen teerechtkomen, wat ernstig oogletsel kan veroorzaken. Zet waarom altiqd eeneilveigheidsbril of een beschembril met zijschotjes op enzonodig een gelaatsmasker,voordat u uw gereedschap gaat gebruiken. Wij raden brildragers aan hun bril te beschemden door er een gelaatsmasker of een standardeeilveigheidsbril met zijschotjes overheen te dragen.Draag altijd oogbescherming.
LEES ALLE AANWIJZINGEN.
ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

WAARSCHUWING
De waarschuwingen, stickers en aanwijzingen in dit gedeelte van de gebruikershandleiding zijn bestemd voor uw verilgheid. Het Niet opvolgen van alle aanwijzingen kan resulteren in ernstig lichamelijk letsel. Voor het verilige gebruik van dit gereedschap is het noodzakelijk dat u de gebruikershandleiding leest en begrijpt evenals alle stickers die op het gereedschap zijn aangebracht. Verilgheid is een kwestie van gezond verstand, opletendheid en kennis van de kettingzaag.
MAAK UZELF VERTROUWD MET HET APPARAAT.
Lees deze gebruikershandleiding zorgvuldig door. Leer de toepassenen en de beperkingen van het apparatus aan kennen, evenals de specifieke potentielle gezaven die eraan verbonden zijn.
KETTINGZAGEN zijn uitsluitend ontworpen voor het zagen van hout.
- TERUGSLAG KAN GBEUREN WANNEER DE NEUS OF DE PUNT VAN HET ZWAARD EEN VOORWERP RAAKT OF het hout de kettingzaag afknelt in de zaagsnede. Contact met de punt kan in sommige gevallen een bliksemsnelle tegengestelde reactie veroorzaken, waar bij het zwaard omhoog en in de richting van de gebruiker terugslaat. Dit gebeurt ook als de ketting bekneld raaktijdens het zagen. In beiden gevallen kunt u de macht over de zaag verliezen wat kan resulteren in ernstig letsq. Vertrouw NIET ALLEEN op de veiligheidsvoorzieningen die in de zaag zijn ingebouwd. Als gebruiker van de kettingzaag dient u verschillende maatregelen te nemen om uw omgang met de zaag te vrijwaren van ongelukken of letsqs.
- Met elementaire kennis van terugslag sunt u het verrassingselement verkleinen of elimineren. Het verrassingeffect is een factor die meeweegt bij ongelukken.
- Houd de kettingzaagijdens het gebruik algtd stevig met twee handen vast. Plaats uwrechterland op de achtergreep en uw linkerhand op de voorgreep, waar bij uw duimen en vingers de handgrepen van de kettingzaag omsluiten. Door het apparaat goed vast te honden met uw linker arm gestrekt kun t de macht over de machine behonden in geval van terugslag.
- Zorg ervoor dat het gebied waarin u zaagt, vrij is van obstakels. Laat het uiteinde van het zwaard NIET in aanraking komen met een stam, een tak, een omheining of enig ander voorwerp dat kan worden aangestotenijdens het gebruik van de kettingzaag.
Nederlands
ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
- Zaag altiqd met de motor op volgas. Druk de schakelaar altiqd helemaal in en zorg dat de zaagsnelheid gelijkmatig blijft.
- Reik nieduitenuwbereik enzaagnietboven borsthoogte.
- Volg de slijp- en onderhoudsaanwijzingen van de fabrikant voor de hettingzaag op.
- Gebruik uitsluitend de zwaarden die door de fabrikant zich aanbevolen.
GEBRUIK DE KETTINGZAAG NIET MET EEN HAND. Eenhandige bediening kan resulteren in ernstig letsel bij uzelf en andere personen verwonden (zoals helpers of omstanders) die in het werkgebied aanwezig zijn. Een kettingzaag is bedoeld voor tweehandig gebruik.
GEBRUIK DE ZAAG NIET WANNEER U VERMOEID BENT. Bedien nooit een hettingzaag wanner u moe bent of onder de invloed van medicijnen, drugs of alcohol.
GEBRUK VEILIGHEIDSSCHOEISEL. Draag nauwsluitende kleding, beschemende handschoenen, een veiligheidsbril en oog-, gehoor en hoofdbescherming.
GA NIET OP EEN ONSTABIEL OPPERVLAK STAAN verwijl u de kettingzaag gebruikt, zoals op een ladder, een steiger, in een boom, enz.
- WEES VOORZICTHIG TIJDENS DE OMGANG MET BRANDSTOF. Zorg voor een afstand van minimaal 15 meterussenkettingzaag en brandstoflocatie voordat u de motor start.
HOUD ANDERE PERSONEN UIT DE BUURT VAN DE KETTINGZAAGijdens het starten van of zagen met de kettingzaag. Houd omstanders en dieren buiten het werkterrein.
NEEM EERST EEN AANTAL MAATREGELEN VOORDAT U BEGINT TE ZAGEN: zorg dat de werkzone goed is opgeruimd en dat uw werkpositionie stabel is en bedenk aan welke kant u wegloopt op het moment dat deBoom begint te vallen.
HOUD DE KETTINGZAAG OP AFSTAND VAN UW LICHAM en lichaamsdelen wanneer de motor draait.
DRAAG DE KETTINGZAAG ALTIJD MET UITGESCHAKELDE MOTOR EN INGESCHAKELDE REM, met het zwaard en de zaagkettingaar achteren gericht en de geluidsdempster van uw lichaam verwijderd. Bij vervoer van de kettingzaag dient u de juiste zwaardbeschermer te gebruiken.
GEBRUK GEEN KETTINGZAAG DIE BESCHADIGD, verkeerd afgesteld of nicht volledig en
veilig is samengebouwd. Controller of de zaagketting stopt wanner de handgashendel worden losgelaten.
SCHAKEL HET APPARAAT UIT voordat u de kettingzaag neerzet. Laat de motor NOOIT onbeheerd latent draaien. Als aanvullende veiligheidsmaatregel dient u de kettingrem in te schakelen voordat u de zaag neerzet.
- WEES BUITENGEWOON VOORZICTIG wonneer ukleine struiken en dunne takjes zaagt, odmat het buigzame materiaal zich in de zaagketting kan vastgrijpen, waardoor deze maar u toe worden geslagen of uuit uw evenwicht brengt.
WANNEER EEN TAK WORDT GEZAAGD DIE ONDER SPANNING STAAT, wees dan bedacht op het terugveren zodate u Niet wordt geraakt wanner de veerkracht in de houtvezels worden vrijgelaten.
HOUD DE HANDGREPEN droog, schoon en vrij van olie of brandstof.
GEBRUIK DE KETTINGZAAG ALLEEN IN GOED GEVENTILEERDE RUIMTEN.
GEBRUIK DE KETTINGZAAG NIET IN EEN BOOM tenzij u specifiek hiervoord bent opgeleid.
ZORG DAT U ALTIJD EEN BLUSAPPARAAT BIJ DE HAND HEBT ALS U DE KETTINGZAAG GEBRUIKT.
- Plaats de beschemmkoker over het zwaard als u de kettingzaag vervoert of opbergt.
- Controller altijd of de steunklauw op de juiste wijze op de kettingzaag is gemonteerd.
VOLG DES SLIJP-EN ONDERHOUDSAANWIZINGEN VOOR DE KETTING VAN DE ZAAG.
GEBRUIK UITSLUITEND ZWAARDEN EN KETTINGEN met een lage terugslag die voor uw zaag zijn Voorgeschreven.
PROBEER DE aandrijfkop Niet aan te passen voor een beugelgeleider en gebruik de zaag Niet om hulpstukken aan te vrijden die fabrikant nicht heeft voorzien.
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN ZORGVULDIG. Raadpleeg deze regelmatig en gebruik ze om andere gebruikers te instrueren. Als u dit gereedschap aan iemand uitleant, geef deze aanwijzingen er dan ook bij.
Nederlands
SPECIFIEKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR KETTINGZAGEN

WAARSCHUWING
De waarschuwingen, stickers en aanwijzingen in dit gedeelte van de gebruikershandleiding zijn bestemd voor uw verilgheid. Het Niet opvolgen van alle aanwijzingen kan resulteren in ernstiglichamelijk letsel.
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN
ZAAG GEEN STENGELS en/of Klein struikgewas (dunner dan 76~mm in diameter).
- DE UITLAATDEMPER IS ZEER HEET tijdens en na het gebruik van de kettingzaag. Het aanraken van de buitenkant kan resulteren in ernstige brandwonden.
HOUD DE KETTINGZAAG ALTIJD MET BEIDE HANDEN VAST wanneer de motor draait. Zorg voor een stevige grip waar bij duimen en vingers de handgrepen van de kettingzaag goed omsluten.
LAAT NOOIT IEMAND DE KETTINGZAAG gebruiken die nicht is onderwezen in het jeuste gebruik. Dit geldt zowel voor gehuurde zagen als voor eigen zagen.
- VOORDAT U DE MOTOR START,Client u er zeker van teijken dat de ketting met geen enkel voorwerp in aanraking is.
GEBRUK DE KETTINGZAAG alleen in goed geventileerde ruimten.
DRAAG GESCHIKTE KLEDING. Draag nauwsluitende kleding. Draag altijd een lange, stevige broek, laarzen en handschoenen. Draag geen sieraden, korte broek of sandalen en loop nooit op blote voeten. Draag geen kleding die in de motor kan worden getrokken of verstrekt kan raken in de ketting of het struikgewas. Draag een overall, spijkerbroek of een lange broek vanDICke en stevige stof. Steek uw haar op boven de schouders.
- Draag verilheidsschoeisel met antislipzolen en handschoenen van zware kwaliteit om uw grip te verbeteren en uw handen te beschermen.
- Draag oog-, gehoor- en hoofdbeschermingijdens het gebruik van dit apparaat.
BIJTANKEN (NIET ROKEN!)
Ga voorzichtig om met de brandstof om het gevaar voor brand en verbranding te beperken. Het is een uiterst ontvlambare stof.
Meng en sla brandstof op in een houder die goedgekeurd is voor benzine.
Meng de brandstofcomponenten in de buitenlucht enuit de buurt van vonden of vlammen.
Kies een plek vrij van obstakels,stop de motor en laat
hem afkoelen voordat u de tank bijvult.
Draai de brandstofdop voorzichtig open om de druk te verminderen en om te voorkomen dat er brandstof langus de dop ontsnapt.
Draai de dop stevig vast na het bijvullen van de tank.
Veeg gemorste brandstof van het apparaat. Zorg voor een afstand van minimaal 15 meter tot de plek waar u de tank heb hijgevuld voordat u de motor start.
Probeer onder geen enkele omstandigheid gemorste brandstof te verbranden.
Gebruik de hettingzaag Niet in een boom.
- Gebruik de kettingzaag Niet op een ladder: dit is buitengewoon gevaarlijk.
Houd omstanders en dieren buiuten het werkgebied. Houd andere personnes uit de buurtijdens het starten van of zagen met de kettingzaag.
Opmerking: de grootte van het werkgebied is afhankelijk van het werk dat wordt uitgevoerd, alsmede de maten van de desbetreffendeBoom of het werkstuk. Voor het vellen van een boom is bijvoorbeeld een veel groter werkgebied nodig dan voor andere zaagwerkzaamheden (bijv. voor kortzagen, enz.).
DUWEN EN TREKKEN
De reactiekracht is algijd gegenovergesteld aan de richting waarin de ketting beweegt. U moet er dus op bedacht zijn om de macht over de TREK-kracht te behouden wanner u met de onderkant van het zwaard zaagt en over de DUW-kracht wanner u met de bovenkant van het zwaard zaagt.
Opmerking: de kettingzaag is volledig door de fabriek getest. Eenlicht olieresidu op de zaag is normala.
ONDERHOUDSVOORZORGSGMAATREGELEN
Gebruik geen kettingzaag die beschadigd of verkeerd afgesteld is of Niet volledig en veilig in elkaar gezet is.
Controleer of de zaagketting stopt wanner de handgashendel worden losgelaten. Als de zaagketting bij stationair toerental beweegt,要去 de carburateur worden afgesteld. Raadpleeg het deel « Bediening - Stationair toerental afstellen» later in deze handleiding.
Als de zaagketting nog steeds beweegt bij stationair toerental nadat de aanpassing is uitgevoerd, dient u contact op te nemen met een erkend Ryobi servicecentrum en mag u de zaag Niet更是 gebruiken totdat het probleem is verholpen.
Nederlands
SPECIFIEKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR KETTINGZAGEN

WAARSCHUWING
Alle reparatiewerkzaamheden aan de kettingzaag, uitgezonderd de items die in de onderhoudsaanwijzingen in de gebruikershandleiding staan vermeld,要去en door een bekwamevakman worden uitgevoerd. Als onjuist gereedschap wordt gebruikt om het vliegewiel of de overbrenging te verwijderen, of om het vliegewiel vast te honden om de koppeling te demonteren, dan kan er structurele schade aan het vliegewiel ontstaan waardoor cervolgens het vliegewiel uiteen kan barsten, wat ernstiglichamelijk letsel tot geolg kan hebben.
TERUGSLAG
Terugslag is een gevaarlijke reactie die tot ernstig lichamelijk letsel kan leiden. Vertrouw Niet alleen op de veiligheidsvoorzieingen die in uw zaag+zijn ingebouwd. Als gelebruiker van de kettingzaag dient u speciale veiligheidsvoorzorgsmaatregelen te treffen om uw omgang met de zaag te vrijwaren van ongelukken of lichamelijk letsel.
Opmerking: raadpleeg het deel "Bedieten" verderoi in deze handleiding voor aanvullende informatie ove terugslag en de wijze waarop u ernstlichelijk letse kunt Voorkommen.
BEWAAR DEZE HANDLEIDING ZORGVULDIG VOOF LATER GEBRUIK.
Nederlands
SYMBOLEN
Op uw apparaat kunnen onderstaande symbolen voorkomen. Leer deze symbolen kennen en onthoud hun betekenis. Als u deze symbolen op de juiste manier interpreteert,kest u het apparaat veiliger en doeltreffender gebruiken.
| SYMBOOL | NAAM | OMSCHRIJVING / VERKLARING |
| Waarschuwing | Geeft de voorzorgsmaatregelen aan die u moet nemen voor uwveiligheid. | |
| Lees de gebruikershandleidingzorgvuldig door | Om gevaar voor lichamelijk letsel te beperken dient u dezegebruiskhandleiding goed door te lezen en te begrijpen voordat uhet apparaat gaat gebruiken. | |
| Draag een veiligheidsbril,gehoorbeschemers en eenhelm | Draag oog-, gehoor- en hoofdbeschermingijdens het gebruik van dit apparaat. | |
| Roken verboden | Verboden om te roken en te werkden in de nabijheid van vonden open vuur. | |
| Gebruik met twee handen | Houd de kettingzaag.altijd met uw twee handen vast bij gebruik. | |
| Gebruik met een hand verboden | Gebruik de kettingzaag Niet door deze met een hand vast te houden. | |
| Koolmonoxide | Benzinemotoren wekken koolmonoxidegas dat een geurloos gasdat dodelijk kan+zijn. Gebruik de kettingzaag nooit in een geslotenuimte. | |
| Terugslag | GEVAAR! Wees bedacht op het gevaar van terugslag. | |
| Aanraking met uiteinde vanzwaard | Voorkom dat het uiteinde van het zwaard met iets in aanrakingkomt. | |
| Draag altijd handschoenen | Draag/DDke antislip werkhandschoenen als u de kettingzaaggebuikt. | |
| Benzine en olie | Gebruik loodvrije autobenzine met een octaangehalte van87 ([R+M]/2) of hoger. Dit apparaat is voorzien van een tweetaktmotor die werk op een mengsel van benzine ensynthetische tweetaktolie (2% olie). | |
| Houd omstanders uit de buurt | Zorg dat omstanders en dieren op minimaal 15 m afstand blijvenvan deplaats waar u werkt. |
Nederlands
| TECHNISCHE GEGEVENS | |||
| RCS-3535C235 cc | RCS-4040C240 cc | RCS-4446C244 cc | |
| Gewicht - zonder zwaard, ketting,brandstof of olie | 4,6 kg | 4,6 kg | 4,6 kg |
| Inhoud brandstoffank | 310 cm3 | 310 cm3 | 310 cm3 |
| Inhoud olietank | 210 cm3 | 210 cm3 | 210 cm3 |
| Zaaglengte | 35 cm | 40 cm | 46 cm |
| Zwaardtype | 320 mm | 370 mm | 410 mm |
| Zwaardlengte | Carlton 14-10-N1-MHC UNB | Carlton 16-10-N1-MHC UNB | Carlton 18-10W-K1-HC UNB |
| Kettingsteek | 9,53 mm | 9,53 mm | 8,26 mm |
| Kettinggeleiding | 1,27 mm | 1,27 mm | 1,27 mm |
| Kettingtype | Carlton N1C-BL-M-52E SK | Carlton N1C-BL-M-57E SK | Carlton K1L-BL-72E |
| Kettingwiel | 6-tands | 6-tands | 7-tands |
| Cilinderinhoud motor | 35 cm3 | 40,1 cm3 | 44 cm3 |
| Nominaal vermogen | 1,7 kW / 10000 t.p.m. | 1,8 kW / 10000 t.p.m. | 1,9 kW / 9500 t.p.m. |
| Nominaal toerental | 12.000 t.p.m. | 12.000 t.p.m. | 12.000 t.p.m. |
| Stationair toerental | 2.700 - 3.100 t.p.m | 2.700 - 3.100 t.p.m | 2.700 - 3.100 t.p.m |
| Specifiek brandstoffverbruik bijmaximum motortoerental | 435g/kwh | 435g/kwh | 435g/kwh |
| Geluidsdrukniveau (ISO22868) | 103 dB(A) | 103 dB(A) | 103 dB(A) |
| Geluidsvermogen- niveau(ISO22868) | 113 dB(A) | 113 dB(A) | 113 dB(A) |
| Trillingsniveau (ISO22867) | |||
| - Voorste handgreep | 6,4 m/s2 | 6,4 m/s2 | 6,4 m/s2 |
| - Achterste handgreep | 7,0 m/s2 | 7,0 m/s2 | 7,0 m/s2 |
| VERKLARING (afb. 1) | |||
| 1. Voorste handbescherming / kettingrem | 10. Startkabelbehuzing / ventilatieopeningen | ||
| 2. Voorste handgreep | 11. Handgreep van startkabel | ||
| 3. Cilinderdeksel | 12. Aan/uit-schakelaar | ||
| 4. Aanzuigpompbal | 13. Gashendelontgrendelknop | ||
| 5. Choke | 14. Achterste handgreep | ||
| 6. Koppelingdeksel | 15. Gashendel | ||
| 7. Montageschroef van het zwaard | 16. Olietankdop | ||
| 8. Zwaard (kettinggeleider, zaagblad) | 17. Brandstoftankdop | ||
| 9. Zaagketting met lage terugslag | 18. Steunklaw | ||
MONTAGE

WAARSCHUWING
Mocht er een onderdeel ontbreken, gebruik het apparaat dan Niet voordat u het betreffende onderdeel haeft ontvangen. Niet naleving van deze waarschuwing kan ernstig lichamelijk letsel tot gevolg hebben.

WAARSCHUWING
Probeer Niet om veranderingen aan uw apparata aan te brengen of om accessoires toe te voegen waarvan het gebruik Niet worden aanbevolen. Dergelijk aanpassingen of wijzigingen vallen onder verkeerde gebruik en+kunnen gevaarlijke situatuies teweegbrengen die ernstiglichamelijk letsel konnenveroorzaken.
Opmerking: de kettingzaag is volledig door de fabriek getest. Eenlicht olieresidu op de zaag is normalaal. Lees het etiket over brandstof dat op het apparaat geplakt, verwijder het en berg het bij de gebruikshandleiding op.
Zie afbeeldingen 34-43.
Raadpleeg het deel "Zwaard en ketting verrangen"verderop in deze handleiding.
Nederlands
BEDIENING

WAARSCHUWING
Laat uw waakzaamheid Niet verslappen als u eenmaal vertrouwd bent geraakt met het apparaat. Vergeet Niet dat een seconde onoplettendheid voldoende is om ernstig letsel teveroorzaken.

WAARSCHUWING
Draag.altijd eenveiligheidsbril ofeen beschembril met zijschotjes wanneer u met dit gereedschap werkt. Erknurenwegspattende deeltijn in uwe openen en ernstig oogletselveroorzaken als u zich hier Niet aan houdt.

WAARSCHUWING
Gebruik geen andere onderdelen of accessoires dan die door de fabrikant voor dit apparaat zijn aanbevolen en bijgeleverd. Bij gebruik van nicht aanbevolen onderdelen of accessoires bestaat gevaar voor ernstiglichelijk letsel.
TOEPASSINGEN
Gebruik de kettingzaag voor de volgende toepassingen:
- Snoeiwerk, bomen vellen en kortzagen in het algemeen
Steunwortels verwijden
BRANDSTOF EN HET BIJVULLEN VAN DE TANK
VEILIG OMGAAN MET BRANDSTOF

WAARSCHUWING
Zet.altijd de motor uit voordat u de tank gaat bijvullen.Vul de tank van een apparaat nooit als de motor aan staat of nog heet is. Loop minstens 15m weg van de plek waar u de brandstoffank hebt bijgevuld voordat u de motor start.NIET ROKEN!Niet naleving van deze waarschuwing kan ernstig lichamelijk letsel tot gevolg hebben.

WAARSCHUWING
Controleer het apparaat op eventuele brandstofflekkage. Ingeval u lekkages mocht vinden, herstel deze dan voordat u de zaag gaat gebruiken om brand of brandwonden te voorkomen.
Ga altijd voorzichtig om met brandstof; dit is een zeer ontvlambare stof.
Werk altijd in de open lucht en uit de buurt van vonden of vlammen bij het mengen van brandstofcomponenten en het bijvullen van de tank. Adem geen benzinedampen in.
Zorg ervoor dat benzine of olie nicht met uw huid in contact komt.
Voorkom vooral dat er benzine of olie in uw ogen spat. Als er benzine of olie in uw ogen is gespat, moet u ze onmiddelijk met helder water spoelen. Als de irritatie aanhoudt, gaat u onmiddelijk een dokter raadplegen.
Ruim gemorste brandstof onmiddelijk op.
BRANDSTOF MENGEN
- Dit apparaat is voorzien van een tweetaktmotor die werkt op een mensel van benzine en synthetische tweetaktolie. Meng vooraf ontelode benzine en tweetaktolie voor motoren in een schon container die goedgekeurd is voor benzine.
De motor werkt op loodvrijne autobenzine met een octaangehalte van 87 ([R+M]/2) of hoger. - Gebruik geen mengsmering zoals die bij benzinestations worden verkocht voor motoren, brommers, enz.
Gebruikuitsluitend synthetische tweetaktolie.
Meng 2% olie door de benzine. Dat is een verhouding van 50:1 (2%)
Meng de brandstof zorgvuldig en doe dit elke keer weeer voordat u bijtankt.
Meng de brandstof inkleine hoeveelheden:maak een voorraad voor hoogstens een maand. Wij raden u tevens aan om een synthetische tweetaktolie te gebruiken die een brandstoff stabilisator bevat.

TANK MET BRANDSTOF VULLEN (afb. 2)
Maak het gebied rond de brandstofdop schoon om verruiling te voorkomen.
Draai de brandstoffankdop voorzichtig open om de druk te verminderen en om te voorkomen dat er brandstof langus de dop ontsnapt.
Giet voorzig in zonder morsen het brandstofmengsel in de tank.
Reinig de affdichting en controller de goede staat ervan voordat u de dop terugplaatst.
- Plaats de brandstofdop meteen terug op de tank en draai deze handvast. Veeg eventueel gemorste brandstof af. Loop minstens 15 m weg van de plek
Nederlands
BEDIENING
aar u de brandstoffank hebt bijgevuld voordat u de motor start.
Opmerking:ijdens en na het eerste gebruik van een neue motor kan er rook worden uitgeblazen. Dit is normal.

KETTING EN ZWAARD SMEREN (afb. 3)
Gebruik Ryobi olie voor kettingen en zwaarden. Deze is bestemd voor kettingen en kettingsmeersystemen en is zodanig samengesteld dat de olie bij sterk uiteenlopende temperaturen doelmatig is zonder verdund te hoeven worden. De kettingzaag dient gemiddeld een tank olie per elke tank brandstof te gebruiken.
Opmerking: gebruik geen vuile, verwerkte of verontreinigde olie. Dit zou de oliepomp, het zwaard of de ketting konnen beschadigen.
Giet de zwaard- en kettingolie voorzichtig in de tank.
Vul de olietank elke keer wanner u brandstof bijvult.
BEDIENING VAN DE KETTINGREM (afb. 4-5)
Controleer de goede werkig van de kettingrem voor elk gebruik.
Schakel met de rug van uw linkerhand de kettingrem in door de handbescherming/kettingremaar voren te duwen terwijl de ketting op maximum snelheid draait.
Zet de kettingrem'erug in de vrije stand door de handbescherming/kettingrem in de richting van de voorste handgreep te trekken tot u een klik hoogt.

WAARSCHUWING
Als de ketting Niet onmiddelijk door de kettingrem worden gestopt of als u de kettingrem tijdens gebruik moet tegenhouden om te voorkomen dat hij vanzelf in werkung treedt, brengt u de kettingzaag maar een erkend Ryobi servicecentrum voor reparatie voordat u het apparaat opnieuw gebruikt.
MOTOR STARTEN (afb. 6-10)
Het apparaat worden nicht opdezelfde manier gestart wanneer de motor koud of warm is.

WAARSCHUWING
Houd uw lichaam links van het zwaard. Ga Niet zo staan dat de kettingzaag of de ketting zich:tussen uw benen bevindt; buig u nooit over de zaaglijk Been.
- Plaats de kettingzaag op een vlokke ondergrund en zorg ervoor dat er geen voorwerpen of obstakels in de directe omgeving়n die met het zwaard en de ketting in aanraking hunken komen. Om te voorkomen dat de ketting voortijdig bot worden dient u ervoor te zorgen dat het zwaard en de ketting Niet met de grond in aanraking komen.
Houd de voorste handgreep stevig vast met de linkerhand en plaats uw rechtervoet op het onderste gedeelte van dechterste handgreep.
Koude start:
Zet de schakelaar in de stand "I" (Aan).
Zorg ervoor dat de kettingrem Niet ingeschakeld is door de handbescherming/kettingremaar deachten te trekken.
Druk 4 maal op de aanzuigpompbal.
Trek de chokehendel geheel in de smoortstand ( -)
Trek aan de handgreep van de startkabel totdat de motor+klaar is om te starten, maar nicht meer dan 5 keer.
Duw de chokehendel in de middelste smoorstand (halfopen) (1 - 1) .
Trek aan de handgreep van de startkabel tot de motor aanslaat.
Opmerking:That de motor van de kettingzaag met de choke in deze stand gedurende 15-30 seconden draaien, afhankelijk van de temperatuur.
Duw na afloop de choke geheel in de AAN-stand ()

LET OP
Het Niet loslaten van de gashendel om de motor langzamer te lately lopen terwijl de kettingrem is ingeschakeld, kan resultederen in ernstige schade aan het apparaat. Houd nooit de gashendel ingedrukt wonneer de kettingrem zich in de remstand bevindt.
Warme start:
Zet de schakelaar in de stand "I" (Aan).
Zorg ervoor dat de kettingrem Niet ingeschakeld
Nederlands
BEDIENING
is door de handbescherming/kettingrem waar de achteren te trekken.
Druk 4 maal op de aanzuigpompbal.
Trek aan de handgreep van de startkabel tot de motor aanslaat.
MOTOR STOPPEN (afb. 11-12)
Laat de gashendel los en LAST de motor stationair draaien. Om de motor uit te zetten plaast u de schakelaar in de stand STOP "C". Leg de kettingzaag Niet op de grond terwijl de ketting nog draait. Voor extra veiligheid dient u de kettingrem in te schakelen wanner de zaag Niet worden gebruikt.
Voor het geval dat de schakelaar de zaag Niet stopt, trekt u de chokehendel in de volledig uitgetrokken stand (smoorstand / + ) en schakelt u de kettingrem in om de motor uit te zetten. Als de schakelaar de zaag Niet stopt wanneer u deze in de STOP-stand "m" zet, LAST u de schakelaar repareren voordat u de kettingzaag opnieuw gebruikt om onveilige situatives of ernstig letsei te voorkomen.
Opmerking: wonneer u kaar bent zagen, haal dan de druk van de tanks door de doppen voor de kettingolie en de brandstof iets loe te draaien. Laat de motor afkoelen voordat u de kettingzaag opbergt.
- Als de motor wel aanslaat, draait en versnelt, maar Niet stationair wil blijven draaien, draait u de toerentaltschroef "T" rechtsom om het stationair toerental te verhogen.
Wanneer de ketting bij stationair torental toch blijft doordraaien, draait u de toerentalschroef "T" linksom om het stationair torental te verlagen en de kettingbeweging te stoppen. Als de ketting nog steeds op stationair torental blijft doordraaien na afstelling van de carburateur, dient u contact op te nemen met een erkend servicecentrum die deoodzakelijkke afstelling za uitvoeren en mag u de kettingzaag voor die reparatie Niet更是 te gebruiken.

WAARSCHUWING
DE KETTING MAG NOOIT DRAAIEN ALS DE MOTOR STATIONAIR DRAAIT. Draai de stationaire stelschroef "T" linksom om het stationaire toerental te verlagen en de ketting te lately stoppen of neem contact op met een erkend servicecentrum om waar de noodzakelijkke afstellingen te lately uitvoeren. Gebruik het apparaat Niet zolang de reparatie Niet is uitgevoerd. Een ketting die doordraait op stationair toerental kan ernstig lichamelijkketseveroorzaken.
DUWEN EN TREKKEN (afb. 14)
De reactiekracht is algijd gegenovergesteld aan de richting waarin de ketting beweegt. U moet er dus op bedacht zijn om de macht over de TREK-kracht te behouden wanner u met de onderkant van het zwaard zaagt en over de DUW-kracht wanner u met de bovenkant van het zwaard zaagt.
Opmerking: de kettingzaag is volledig door de fabriek getest. Eenlicht olieresidu op de zaag is normala.
VOORZORGSGMAATREGELEN TEGEN TERUGSLAG (afb. 15-16)

WAARSCHUWING
Een terugslag treedt op als de rondddraaiende ketting aan het voorste uiteinde van het zwaard ergens mee in aanraking komt of als de ketting beklemd raakt en in het houtkomt vast te zitten tijdens het zagen. Wanner het voorste uiteinde van het zwaard met een Voorwerp in aanraking komt, kan dit de ketting inklemsmen in het element dat op dat moment gezaagd worden en de ketting voor een ogenblik stoppen. Dit veroorzaakt dat het zwaard met geweld omhoog enaarachtenwegspringt, juist in de richting van de gebruiker. Ook kan het zwaard met kracht in de richting van de gebruiker wegpringen als de ketting beklemd raakt langs het uiteinde van het zwaard. In beiden gevallen kunt u de macht over het apparaat verliezen en ernstiglichelijk letsel oplopen.
Stel Niet al uw vertrouwen in de beschermende voorzieningen die in het apparaat+zijn ingebouwd. U dient zich ook allerlei maatregelen te nemen om gevaar voor ontogulken of lichamelijk letsel te vermiijden. Raadpleeg het deel "Algemene veiligheidsvoorschriften" erder in deze handledieing voor aanvullende informatie.
Gebruik nooit een linkshandige (kruislingse) grep of een houting waardoor uw lichaam of arm de zaaglij kruist.

WAARSCHUWING
Bedien de gashendel Niet met uw linkerhand waar bij u de voorste handgreep met uw rechterhand vasthoudt. Zorg ervoor dat geen enkel deel van uw lichaam zich in zaaglijk bevindt terwijl u de zaag gekruikt.
Nederlands
BEDIENING
JUISTE ZAAGHoudING (Afb. 18)
- Breng uw gewicht in evenwicht met beiden benen op een stevige ondergrond.
Houd uw linkerarm met de elleboog gestrekt om de zaag bij een eventuele terugslag in uw macht te kunnen honden.
Houd uw lichaam links van het zwaard.
Houd uw duimen aan de onderkant van de handgrepen.
WERKGEBIED (afb.19)
- Gebruik het apparaat alleen voor hout of van hout afgeleide producten. Zaar er geen metaalplaat, kunststof, steen of andere bouwmaterialen mee.
Laat de kettingzaag nooit door kinderen gebruiken. Laat de kettingzaag Niet gebruiken door iemand die de gebruikershandleiding Niet gelezen heeft of geen adequate aanwijzingen heeft gekreten voor veilig en correct beetruik van deze hettingzaag.
Houd iedereen (helpers, omstanders en kinderen) en ook dieren op een VEILIGE AFSTAND van het werkgebied. Tijdens het vellen van bomen moet de veilige afstand minimaal tweeemaal zo groot zijn als de lengte van de hoogste bomen in het werkgebied. Tijdens het kortzagen dient u een afstand van 4,5 m zusammen de meewerkende personen aan te houden.
Ga op uw.beide benen staan en op een stabiele ondergrond om te voorkomen dat u uw evenwicht verliestijdens het werk.
Zaag Niet boven borsthoogte onions een hoog gehonden zaag moeilijker onder controle is te houden bij een terugslag. - Vel geen bomen in de nabijheid van elektrificiteitskabels of gebouwen. Dit soort werk is voorbehouden aan personen die van bomen Snoeien hunvak hebben gemaakt.
- Gebruik de kettingzaag alleen als er voldoendeicht is en als u voldoende zich hebt op uw werk zodat u goed kunt zich wa u doet.
BASISPROCEDURES VOOR HET ZAGEN
Oefen het zagen op een aantal Kleinere houtblokken met de onderstaande technieken om gebruik van de zaag 'onder de knie' te krijgen voordat u aan het母公司 zaagwerk begint.
Ga vast in de juiste houding staan voor het hout terwijl de kettingzaag stationair draait.
Laat de motor pas op maximumsnelheid komen net voordat u met zagen begint door de gashendel
geheel in te drukken.
Start het zagen door de kettingzaag gegen de stam duwen.
Laat de motor op volle snelheid draaien tijdens de hele zaagsnede.
Laat de zaag steeds het "werk"doen en oefen alleen enige benedenwaartse drukuit. Geforceerd zagen kanresulteren in schade aan zwaard,ketting of motor.
Laat de gashendel los zodra de zaagsnede voltooid is, zodat de motor op stationair toerial kan gaan draaien. Als u de zaag op volgas laut draaien zonder een zaagbelasting, kunt u onnodige slijtageveroorzaken aan ketting, zwaard en motor.
Oefen geen drukmeeruit op de zaag als u aan het einde van de zaagsnede bent.
BOMEN VELLEN - GEVAARLIJKE OMSTANDIGHEDEN (afb. 20)

WAARSCHUWING
Vel geen bomenijdens perioden met harde wind of veel neerslag. Wacht tot het gevaarlijke weer voor bij is.
Tijdens het vellen van een boom is het belangrijk dat u de volgende waarschuwingen in acht neemt om möglichk ernstig letsel te voorkomen.
Draag oog-, gehoor- en hoofdbescherming (A)ijdens de bediening van dit apparatus.
Zaag geen bomen om die zeer schuin staan of bomen met verrotte of dode takken, losse schors of holle stammen. Laat deze bomen omduwen of slopen met waar materieeel en zaag zeervolgens in stukken.
Houd rekening met de verdeling en het gewicht van zware takken (B).
- Verwijder struikgewas rond de te vellen boom (C).
- Vel geen bomen in de nabijheid van elektriciteitsdraden of gebouwen (D).
Houd rekening met de richting waarin de boom is gegroeid (E).
- Controleer de boom op beschadigde of dode takken die kunden vallen en u tijdens het vellen kunden raken (F).
- Kijkijdens het zagen regelmatig waar de top van deBoom om er zeker van teijken dat deBoom in degewenste richting valt.
Houd alle omstanders op een veilige afstand (G)
Nederlands
BEDIENING
(tenminste tweemaal de hoogte van de boom).
Bereid een pad voor veilige aftocht voor op het moment dat deBoom valt (H)
Wonneer de boom in een andere richting begint te vallen of als de zaag vast komt te zitten tijdens het vallen,That u de zaag achefter en zorgt u dat u snel wegkom!
Houd rekening met de windrichting voordat u de boom velt.
- Vel geen bomen in de nabijheid van elektriciteitskabels of in de nabijheid van gebouwen die door vallende takken of door deBoom zich kunnen worden geraakt.
- De gebruiker van de hettingzaag要去 heuvelopwaarts staan op het terrein omdat de boom, nadat deze gezeld is, zeer waarschijnlijk omlaag za rollen of glijden.
- Verwijder vuil, stenen, losse schors, spijkers, niieten en draad van deBoom op de plek waar deze ingezaagd要去 worden.

WAARSCHUWING
Vel GEEN bomen in de nabijheid van elektriciteitskabels of in de nabijheid van gebouwen die door vallende takken of de boom zich kuren worden gereakt.
JUISTE PROCEDURE VOOR BOMEN VELLEN (afb. 21-24)
- Kies van tevoren uw ontsnappingsroute (of meerdere routes in het geval de gewenste route geblokkeerd is). Maak het directe gebied rond deBoom schoon en zorg ervoor dat er zich geen obstakels bevinden op uw geplande pad van aftocht. Maak het pad voor deze veilige aftocht circa 135^ van de geplande bijn van de val vrij (A).
- Houd rekening met de kracht en de richting van de wind, de stand en het evenwicht van de boom en de locatie van de große takken. Deze zaken zijn van invloed op de richting waarin de boom zal vallen. Probeer geen bomen te vellen langs een lijn die afwijk van de naturulijke richting van de boom om te vallen (B).
- Maak een inkeping van ca. 1/3 van de diameter van de stam aan de kant waar de boom zal vallen (C). Breng de zaagsneden voor de inkeping dusdanig aan dat deze in een rechte hoek ten opzichte van de lijn van de val staan. Deze inkeping moet leeg gemaakt worden, zodate er een horizontale doorgang voor de kettingzaag komt. Om het gewicht van het hout van de zaag te houden dient u.altijd eerst de lagere
zaagsnede van de zaagsnede te make n voordat u de hogere zaagsnede maakt.
- Maak horizontally de rechte zaagsnede (D), minimaal 5 cm boven de horizontale zaagsnede van de inkening.
Opmerking: zaag nooit hebemaal door tot aan de inkening. Laat altijd een deel van de stam overussen de inkening en de valsnede (ondeveeer 5cm of 1/10 van de diameter van de bom). Dit overgelaten stuk wordt het "scharnier" of "scharnierstuk" (E) genoemd. Hiermee wordt de val van deBoom gecontroleerd en het voorkomt dat de stam van de stomp weglijkdt of verdraait of achteruitschiet.
Bij bomen met een grote diameter moet u de zaagsnede Niet te diep makeen om te voorkomen dat de boom achefterovervalt of zich in evenwicht brengt op de stomp. Plaats verrolgens houten of kunststof wiggen (F) in de zaagsnede, maar zorg dat ze de ketting Niet raken. Sla de wiggen er steeds een Klein stukje in zodat hierdoor deBoom worden omgeduwd.
- Wanneer de boom begint te vallen, stopt u kettingzaag en legt u het apparaat onmiddellijk neer. Loopweg via het geruimde pad, terwijl u in de gaten houdt of er iets uw kan t op valt.

WAARSCHUWING
Zaag nooit door tot aan de inkening tijdens het makeen van de valsnede. Het scharnier controert de val van deBoom: dit is het stuk stam:tussen de inkening en de zaagsnede.
STEUNWORTELS VERWIJDEREN (afb. 25)
Zoals de naam al zegt, is een steunwortel een groote wortel die boven de ground groeit vanuit de stam. Verwijder grote steunwortels Voordat u deBoom gaat vellen. Maak eerst een horizontale zaagsnede (A) in de steunwortel, gevolgd door een verticale zaagsnede (B)recht op de eerste. Haal het losgezaagde stuk (C) weguit der kerf.Begin de boomwelprocedure nadat u de steunwortels hebt verwijderd.Raadpleeg het deel Bediening - Juiste procedure voor bomen vellen"eerder in deze handleiding.
KORTZAGEN (afb. 26)
Kortzagen is de term die worden gebruikt voor het in gewlijke stukken zagen van een geveldeBoom op de gewenste lengte.
Zaag slechts een stam per keer.
- Ondersteun korteere lenghten op een zaagbok of op een andere stamijdens het kortzagen.
Houd het zaaggebied vrij. Zorg ervoor dat er geen voorwerpen in contact hunken met het uiteinde van het zwaard of de kettingijdens het zagen: dit zou
Nederlands
BEDIENING
een terugslag (A) können veroorzaken.
Tijdens kortzagen dient u heuvelopwaarts te staan, zodat het afgezaagde stuk van de stam Niet over u heben kan rollen.
Soms is het onmogelijk om het afknellen van de ketting te voorkomen (met alleen de standarda zaagtechnieken) of is het moeilijk om te voorspellen op welke wijze een stam zich gedraagtijdens het zagen.
KORTZAGEN MET EEN WIG (afb. 27)
Als de stam diameter grot genoeg is om een zaagwig (B) te plaatsen zonder dat deze de ketting raakt, dient u een wig te gruibieren op de zaagsnede open te houden en afknellen te voorkomen.
BOOMSTAMMEN ONDER SPANNING KORTZAGEN (afb. 28)
(C) BOOMSTAM ONDERSTEUND AAN EEN UITEINDE (D) BOOMSTAM ONDERSTEUND AAN BEIDE UITEINDEN
Maak de eerste zaagsnede (E) 1/3 door de stam en maak het af door de stam van de andere kant 2/3 (F) door te zagen. Terwijl u de stam zaagt, zal deze de neiging hebben om door te buigen. Hierdoor kan de zaag worden aufgefnekld of vast komen te zitten in het hout als u de eerste zaagsnede dieper maakt dan 1/3 van de stam diameter.
Wees bijzonder behoedzaam bij stammen onder spanning (G) om te voorkomen dat zwaard en ketting worden afgekneld.
KORTZAGEN VAN BOVENAF (afb. 29)
Begin aan de bovenkant van de stam met de onderkant van het zwaard. Oefen een lichte druk omlaag uit. Wees erop bedacht dat de kettingzaag de neiging heeft om zich maar voren te trekken.
KORTZAGEN VAN ONDERAF (afb. 30)
Begin aan de onderkant van de stam met de bovenkant van het zwaard gegen de stam. Oefen een lichte druk omhoog UIT.
Tijdens het kortzagen van onderaf zal de zaag de neiging hebben u terug te duwen. Wees op deze reactie voorbereid en houd de zaag stevig vast om de macht erover te bewaren.
SNOEEN EN INKORTEN (afb. 31-32)
Haast u zich bij het werk en houd de kettingzaag stevig met beiden handen vast. Zorg dat u altiijd goed uw evenwicht kunt bewaren.
Blijpopeviligeafstand van de takt die aan het doorzagen bent.Zaag vanaf de kant van de boom die zichtegenoverde taktbveindtieduzaagt.
- Gebruik de kettingzaag Niet op een ladder: dit is buitengewoon gevaarlijk. Dit soort werk is voorbehonden aan personen die van bomen snoeieren hunvak hebben gemaakt.
Zaag Niet boven borsthoogte odomat een hoog gehoonden zaag moeilijker onder controle is te houden bij een terugslag.

WAARSCHUWING
Klim nooit in een boom om een tak af te zagen of om te gaan snoeien. Ga Niet op een ladder, een platform, een boomstam of en een andere positie staan waardoor u uw evenwicht of de macht over het apparaat sunt verliezen.
Bij het snoeien van bomen is het belangrijk dat u niet langs de stam zaagt of grote takken afzaagt zonder eerst het uiteinde ervan te hebben afgezaagd om het gewicht te verminderen. Zo voorkomt u dat de schors inscheurt bij de stam.
- Bij de eerste zaagsnede (A) zaagt u de tak van onderaf 1/3 door.
- Zaag de tak van bovenaf door om deze te lately vallen (B).
- Zaag de tak vervolgens glad af langs de hoofdast (C), terwij u het zwaard langzaam doorduwt, zodate het schorrs teruggroei en de zaagsnede bedekt.

WAARSCHUWING
Wanneer takken boven borsthoogte要去en worden gesnoeid, moet u hiervoor een vakman inhuren.
GEOGEN TAKKEN ZAGEN (afb. 33)
Met een gebogen tak (A) bedoelen we in deze handleiding elke stam, tak, boomstronk of twijg die onder spanning gebogen staat door een ander stuk hout zodat het in zijn oorspronkelijke positie terugspringt zodiah het hout dat de 'gebogen tak' in+zijn positie houdt, worden gezaagd of verwijderd. Bij een omgevalten boom is de kans groot dat een in de grond gewortelde boomstronk terugspringt in zich oorspronkelijke positie tijdens het zagen om de stam van de stronk te scheiden. Pas op voor takken onder spanning, deze zich gaarlijk.
Nederlands
BEDIENING

WAARSCHUWING
Gebogen takken onder spanning zijn gevaarlijk en kuren ervoor zorgen dat de gebruiker de controle over de kettingzaag verliest. Dit kan resulteren in ernstig of fataal letsel voor de gebruiker.
ONDERHOUD

WAARSCHUWING
Voor verranging mogen uitsluitend originele Ryobi reserveonderdelen worden gebruikt. Het gebruik van andere onderden kan geleaar opleveren of het product beschadigen.

WAARSCHUWING
Draag.altijd eenveiligheidsbril ofeen beschembril met zijschotjes wonneer u met elektrisch gereedschap werkt of wonneer u het met perslucht schoon blaat. Draag ook een gelaatsmasker of een stofmasker als er bij de werkzaamheden stofdeeltjes vrijkommen.
ALGEMEEN ONDERHOUD
Gebruik geen oplosmiddelen om kunststof onderdelen te reinigen. De meeste kunststoffen können worden beschadig door de in de handel verkrijgbare oplosmiddelen. Gebruik een schon doeok om verruiling, stof, olie, vet e.d. te verwijderen.

WAARSCHUWING
Laat de kunststof delen nooit in aanraking komen met remvloeistof, benzine, petroleumproducts, kruipolie, enz. Deze produits bevatten namelijk chemicalien die de kunststof konnen beschadigen, broos maken of aantasten.
SMERING
Alle lagers van deze machine zijn met een hoeveelheid hoogwaardig smeermiddel gesmeerd die bij normaal gebruik voldoende is voor de hele levensduur van deze machine. Extra smering is�amniet nooodzakelijk.
ZWAARD EN KETTING VERVANGEN (afb. 34-43)

GEVAAR
Start nooit de motor voordat u zwaard, ketting, motorbehuiizing en tandwielkast hebt gemonteerd. Zonder alle delen op de juiste plaat, kan de overbrenng eraf vliegen of explodingeren waardoor de gebruiker b loot komt te staan aan möglichnestig letsel.

WAARSCHUWING
Om ernstig lichamelijk letset te voorkomen, dient u alle veiligheidsaanwijzingen in dit hoofdstuk te lezen en begrijpen.
Zet de schakelaar altiijd in de -stand "w" voordat u aan de zaag gaat werken.
Zorg ervoor dat de kettingrem Niet ingeschakeld is door de handbescherming/kettingremaar deachten te trekken.
Opmerking: Gebruik voor verwanging van het zwaard en de ketting uitsluitend een door de fabrikant aanbevolen zwaard en ketting.
Draag handsochoenen wonneer u omgaat met de ketting en het zwaard. Deze onderdelen zijn scherp en kennun bramen hebben.
- Verwijder met behulp van de bijgeleverde combinatiesleutel de montagemoer van het zwaard.
Verwijder het koppelingsdeksel.
Verwijder het zwaard en de ketting.
Haal de oude hetting van het zwaard.
Leg de neue zaagketting in een lus en verwijder eventuele knikken. De zaagtanden (A)要去en in de draairichting van de ketting wijzen (B). Als deze naar achteren wijzen,要去 u delus omdraaien.
- Plaats de aandrijschakels (C) van de ketting in der rails van het zwaard (D) zoals getoond in afbeelding 38.
- De ketting要去en lus vormen aan de achterkant van het zwaard.
Houd de ketting op+zijnplaats op het zwaard en plaats de Ius rond het kettingwiel (E).
- Plaats het zwaard zo dat de zwaardboutein zich in de lange sleuf aan dechterzijde van het zwaard bevinden.
Opmerking: wanner u het zwaard op de zwaardbouteu (F) plaatst, dient u ervoor te zorgen dat de instelpen (G) zich in het gettingspannergat (H) bevindt.
- Plaats de tandwielkast (I) en de bevestigingsmoeren (J) van het zwaard terug.
- Draai de montagebouteen met de hand vast. Het zwaard要去 nog{kunnen bewegen om de kettingspanning te kuren afstellen.
- Span de ketting door de stelschroef van de kettingspanning (K) rechtsom te draaien tot de ketting strak gegen de rails van het zwaard aanligt met de aandrijschakels in de rails van het zwaard.
Til het voorste uiteinde van het zwaard op om te controlleren of de ketting Niet loskomt van het zwaard.
Nederlands
ONDERHOUD
- Als er spelimg is:tussen de ketting en het zwaard, Iaat het uiteinde van het zwaard los en draai de stelschroef van de kettingspanning een halve slag rechtsom. Herhaal deze operatie tot er geen spelimgeer is.
Til het uiteinde van het zwaard op en draai de bevestigingsmoeren van het zwaard stevig vast.
De ketting heeft de juiste spanning wanner de ketting nicht slap meer hangt onder het zwaard en de ketting strak staat maar+zonder haperen met de hand kan worden gedraaid. Zorg ervoor dat de kettingrem nicht ingeschakeld is.
Opmerking: een te strak gespannen ketting draait nicht meer. Draai de zwaardschroeven iets los en draai de stelschroef van de kettingspanning een 1/4 slag linksom. Til het uiteinde van het zwaard op en draai de bevestigingsmoeren van het zwaard opnieuw stevig vast. Controller of de ketting zonder haperen kan draaien.
KETTINGSPANNING INSTELLEN (afb. 44-46)

WAARSCHUWING
Raak de ketting Niet aan en stel de spanning nooit bij als de motor aanstaat. De zaagketting is zeer scherp. Draag altijd beschermende handschoenen tijdens het uitvoeren van onderhoud aan de ketting.
Zet de motor af voordat u de kettingspanning instelt.
Zorg ervoor dat de zwaardschroeven tot handvast worden losgedraaid.
Draai de stelschroef van de kettingspanning rechtsom om de ketting strakker te spannen.
Opmerking: een koude ketting heeft de juiste spanning wanneer de ketting Niet slap meer hangt onder het zwaard en de ketting strak staat en zonder haperen met de hand kan worden gedraaid.
Span de ketting opniew wanner de aandrijschakels (A) van onderuit de rails van het zwaard hangen.
Opmerking: de temperatuur van de ketting loopt opijdens het gebruik. De aandrijschakels van een warme ketting die goed is gespannen hangen ongeveer 1,25 mm onder de rails van het zwaarduit. Om de juiste spanning van een warme ketting te bepalen, gebruikt u de punt van de combinatiesleutel als voelermaat.
Opmerking: neue wettingen hebden de neiging
om uit te rekken. Controller de kettingspanning regelmatig en stel de spanning bij zodra dat nooodzakelijk is.

LET OP
Een ketting die in warme toestand is gespannen, kan te strak zitten als hij is afgekoeld. Controller de "koude" spanning voordat u het apparaat opniewu gebruikt.
KETTINGONDERHOUD (afb. 47-48)

LET OP
Controleer of de schakelaar in de STOP "stop" -stand staat voordat u aan de zaag gaat werken. Gebruik voor deze zaag uitsluitend een ketting met een lage terugslag. Deze snelzagende ketting geeft minder kans op terugslag, mits juist onderhoven.
Voor soepel en snel zagen dient u de ketting op juiste wijze te onderhonden.
De ketting moet worden geslepen zodia de spaanders Klein en poederachtig worden, als u kracht meot uitoefenen bij het zagen of als de ketting maar aan een kant zaagt. Let op de volgende punten bij het onderhoud van de ketting:
- een verkeerde slijphoek van de zichplaat het terugslaggevaar vergroten.
de spelimg van de dieptebegrenzers (spaandiepte) (A):
hoe groter de speling van de dieptebegrenzers is, deste groter is het terugslagrisico. - een tekleine speleng daarentegen verlaagt het zaagvermogen.
Wanner de tanden van de ketting harde voorwerpen raken, zoals spijkers of stenen, of afgesloten raken door moeder of zand op het hout, maar u een erkend servicecentrum de ketting bijslijpen.
Opmerking: inspecteer het kettingwiel (B) op slijtage of schade wanner u de ketting terugplaatst.
Wanneer er tekenen van slijtage of schade aanwezig,zijn,laat u het verrangen door een erkend servicecentrum.
Opmerking: als u de hieronder beschreiben procedure voor het slijpen van de ketting Niet helemaal begrijpt, maar u de ketting van de kettingzaag door een erkend servicecentrum slijpen of vervangt u de ketting door een ketting met lage terugslag.
Nederlands
ONDERHOUD
ZAAGTANDEN SLIJPEN (afb. 49-52)
Beschrijving van een tand
(A) Mes
(B) Zijplaat
(C) Dieptebegrenzer
(D) Teen
(E) Uitsparing
(F) Hak
(G) Niet
(H) Bovenplaat
Zorg ervoor dat alle zaagtanden onderdezelfde hoek en opdezelfde lenghte zich genvijd,omentum zagen alleen möglichk is wonneer alle zaagtanden gelijkvormig zich.

WAARSCHUWING
De zaagketting is zeer scherp. Draag alti\dj handschoenen wonneur u de ketting moet onderhoden. Zo vermijdt u de kans op lichamelijk letsel.
- Span de ketting voorafaand aan het slijpen. Zie voor aanwijzingen het deel "Kettingspanning instellen" hierboven.
- Gebruik een Ronde vijl van 1,6 mm in diameter met een handvat (niet meegeleverd). Vijl de tandenuitsuiutend boven het midden van het zwaard.
Houd de vijl evenwijdig met de bovenkant van het mes. Laat de vrij Niet schuin omhoog of omlaag bewegen. - Gebruik een lichte, maar stevige druk. Vijl in derrichting van de voorste hoek van de tand.
Til de vijl op bij elke beweging achterwaarts.
Vijl elk mes met enkele stevige slagen bij. Vijl alle linkse zaagtanden (A) in een richting. Ga verwolgens maar de andere kant en vijl de rechtse zaagtanden (B) in de gegenoverliggende richting. - Verwijder het schraapsel dat vast is blijven zitten met behulp van een metaalborstel.

LET OP
Door een slecht geslepen of botte ketting kan de motor overtoeren makeen tijdens het zagen waardoor de motor kan worden beschadigd.

WAARSCHUWING
Door een slecht geslepen ketting is het gevaar van terugslag groter.

WAARSCHUWING
Nalatigheid bij het verwangen of repareren van een beschadigde ketting kan resulteren in ernst letsel.
VIJLHOEK BOVENPLAAT (afb. 53)
(A) JUIST 30^ -De vijlhouders zich gemarkeerd met geleidingsmerktekens om de vij op de juiste wijzeuit te lijnen zodate de bovenplaat op juiste wijze wordt geslepen.
(B) MINDER DAN 30^ - Voor haaks op boomstammen zagen.
(C) MEER DAN 30^ - De afgeschuinde rand wordt snel bot.
HOEK ZIJPLAAT (afb. 54)
(D) JUIST 80^ -Korn automatisch tot stand wanner u een vijl met de juiste diameter gebruikt in de vijlhouder.
(E) HAAK - "Hapert" en wordt snel bot; verhoegt de kans op terugslag. Is het gevolg van een vrij met een tekleine diameter of een vrij die te laag worden gezchoolden.
(F) NEGATIEVE HOEK - Hiervoort is een te hoge aanduwdruk vereist, zorgt voor buitensporige slijtage aan het zwaard en de ketting. Is het gevolg van een vijl met een te grote diameter of een vijl die te hoog worden gehouden.
SPELING VAN DIEPTEBEGRENZERS BEHOUDEN (Afb. 55-57)
Zorg dat de speling van de dieptebegrenzers (de spaandiepte) (A) op 0,6 mm blijft. Gebruik een diepteter voor de contrôle van de speling van de dieptebegrenzers.
Elke keer wanner u de ketting vijt, dient u de spel ing van de dieptebegrenzers te controlen.
- Gebruik een platte vijl (B) (niet meegeleverd) en een slijpkaliber (C) (niet meegeleverd) om alle dieptebegrenzers over evenveel te verlagen. Gebruik een kaliber van 0,6 mm. Na het verlagen van alle dieptebegrenzers, herstelt u de oorspronkelijke vom door de voorzijde af te ronden. Zorg ervoor dat de naastliggende aandrijschakels Niet beschadigd worden door de rand van de vijl.
Dieptebegrenzers要去en met een platte vijl in bezelfde richting worden aangepast als waarin de naastliggende zaagtand met een Ronde vijl is gezvild. Zorg dat de platte vijl Niet in aanraking komt met de zaagtanden tijdens het verlagen van de dieptebegrenzers.
ZWAARD ONDERHOUDEN (afb. 58)

LET OP
Zorg ervoor dat de ketting stil staat voordat u eventuele werkzaamheden aan de zaag UITvoert.
Nederlands
ONDERHOUD
Monteer na elke week van gebruik het zwaard in de omgekeerde stand om de slijtage gelijkmatig te verdelen voor een maximale levensduur van het zwaard. Het zwaard moet elké gebruiksdag worden schoongemaaakt en gecontroleerd op slijtage en schade.
Afgeschuinde randen en bramen op de rails van het zwaard zijn normale verschijnselen bij slijtage van een kettinggeleider. Dergelijke gebreken要去en worden gladgevijd met een vijl zodra ze optreden.
Een zwaard met de volgende defecten要去 worden verrangen:
■ slijtage aan de binnenkant van de rails waardoor hetketting zijiwaarts kan omklappen;
een kromgetrokken zwaard;
gebarsten of kapotte rails;
uiteengebogen rails.
Daarnaast dient u het zwaard wekelijks te smeren. Gebruik een smeerspuit en spuit wekelijks smeervet in het smeergat. Draai het zwaard om en controllerer of de smeergaten (A) en de kettingrails vrij zijn van verontreinigingen.
LUCHTFILTER REINIGEN (afb. 59-60)
LET OP

Zorg ervoor dat het luchtfilter op de juiste wijze in het luchtfilterdeksen is geplaatst voordat u het luchtfilter wee samenbouwt. Laat de motor nooit zonder luchtfilter draaien omdat dit de motor kan beschaden.
CARBURATEUR AFSTellen (afb. 61-63)
Doe het volgende voordat u de carburateur afstelt:
- Gebruik een borstel of perslucht om de koelsleuven van de startkabelbehuzing te reinigen.
Maak het luchtfilter schoon (A). Raadpleeg het deel "Luchtfilter reinigen".
Laat de motor warmdraaien voordat u het stationair toerental gaat afstellen.

WAARSCHUWING
De weersomstandigheden en de hoogte kunnen van invloed zich op de werkking van de carburateur. Laat geen omstanders bij de kettingzaag komen als u bezig bent met het afstellen van de carburateur.
Stationair toerental afstellen
Met de stelschroeef voor stationair toerental(Int) u regelen hoe ver de klep openstaat verwijl de gashendel Niet is ingedrukt.
Installing
Draai de stelschroef voor stationair toerental "T" rechtsom om het stationaire toerental te verhogen.
Draai de stelschroef voor stationair toerental "T" linksom om het stationaire toerental te verlagen.
Doe een test in een stuk afvalhout en stel daarna de stelschroeef voor hoog torental H^ af om een optimaal zaagvermogen te verkrijgen (niet om het maximum torental te regelen). De stelschroeef voor hoog torental kan slechts een kwart slag worden verdraaid.

WAARSCHUWING
DE KETTING MAG NOOIT DRAAIEN ALS DE MOTOR STATIONAIR DRAAIT. Een ketting die doordraait op stationair toerental kan ernstig lichamelijk letsel veroorzaken.
STARTEENHEID REINIGEN (afb. 62)
Gebruik een borstel of perslicht om de koelsleuven (B) van de startkabelbehuzing te reinigen van verontreinigingen.
IJZELBEVEILIGING VAN DE CARBURATEUR (afb. 64-65)
De kettingzaag is uitgerust met een ventilatieklep die zich aan de rechtserkant van de cylinderbehuiizing befindt. Door deze opening worden warme lucht vanaf de motor waar de carburateur geleid om te vorstproblemen te voorkomen tijdens gebruik bij koud werk. Als u de kettingzaag bij temperaturen:tussen 0^ en 5^ en een hoge luchtvochtigheid gebruikt, bestaat de kans dat zich ijzel afzet in de carburateur. Hierdoor kan de motor langzamer of met storingen gaan werken. Als u de kettingzaag onder dergelijk overstandigheden wilt gebruiken, zet u de carburateur in de ijzelbeveiligingsstand voordat u begint te werken.
Zet de ijzelbeveiliging als volgt aan:
Plaats de schakelaar op STOP "
Haal het deksel van het luchtfiltervak (A).
Verwijder het luchtfilter.
- Til de choke (E) op om deze van het cilinderdeksel (C) te verwijderen.
Draai de vijf schroeven los waarmee het cilinderdeksel vastzit. Verwijder het cilinderdeksel.
Nederlands
ONDERHOUD
- Verwijder de klep (D) die aan de rechterkant van de cilinderbehuizing bevindt door erop te drukken.
Draai deze klep om zodate het opschrift "Snow" aan de bovenkant komt te staan, en zet de klep daarna weer terug op+zijn plaats.
Zet het cylinderdeksen terug op zijn plaatens en draai de schroeven vast waarmee dit vastzit. - Breng de choke, het luchtfilter en het deksel van het luchtfilter waar aan.

WAARSCHUWING
Zet de klep alkjid weer terug in de normale bedrijfsstand ("Sun") als er geen gevaar voor ijzelvorming meer bestaat. Als u de motor van de kettingzaag met de ijzelbeveiliging aan gebruikt verwijl de temperatuur buiten hoger is, bestaat het gevaar dat de motor Niet goed更是 Werk.
MOTOR REINIGEN (afb. 66-67)
Maak de koelribben van de cilinder (B) en het vliegwiel (A) regelmatig schoon met perslucht of een borstel. Als gezolg van verontreinigingen op de cilinder kan de motor gevaarlijk oververhitten.

WAARSCHUWING
Laat de zaag nooit draaien zonder dat alle onderdelen, waaronder motorbehuizing en startkabelbehuzing, stevig gemonteerd zich. Omdat onderdelens soms konnen barsten waardoor het gevaar voor wegvliegende voorwerpen ontstaat, dient u reparaties aan het vliegwiel en de overbrenging over teLATEN aan vakkundig personeel van een erkend servicecentrum.
Opmerking: als u vermogensverlies bij het apparaat constaeteert, kan de uiltaatpoort of de geluidsdempeter verstopt zich geraakt door koolaanslag. U dient deze aanslag te verwijderen om de motor zijn volle vermogen terug te gehen.
BRANDSTOFFILTER CONTROLEREN (afb. 68)
Controller regelmatig het brandstofffilter (B). Vervang dit indien het verruild of beschadigd is.
BOUGIE VERVANGEN (afb. 69)
De motor werkkt met een Champion RZ7C of NgK CMR7H bougie met een elektrodenafstand van 0,64 mm. Vervang de bougie om de 50 bedrijfsuren of vaker, indienoodzakelijk, met een bougie van hetzelfde type.
Maak de bougie los doorzsche linksom te draaien met een sleutel (A).
Verwijder de bougie.
Steek de neue bougie met de hand in het schroefgat en schroef de bougie eerst rechtsom met de hand vast. Draai de bougie daarna stevig aan met een sleutel (B).
Opmerking: zorg dat u geen kortsluiting veroorzaakt met de bougiekabel: dit zou het apparaat ernst konnen beschaden.
VONKENVANGER EN UITLAAT CONTROLEREN / REINIGEN (afb. 70)
De uitlaat is uitgerust met een vonkenvangrooster. Een defect vonkenvangrooster kan een brandgevaar opleveren. Door normal gebruik kan het rooster vuil worden en moet het wekelijks worden gecontroleerd enzonodig worden schoongemaakt. Houd de uitlaattemper en de vonkenvanger in uw zaag altiijd in goede conditie.
Controller altijd of de steunklauw op de juiste wijze op de kettingzaag is gemonteerd.

WAARSCHUWING
De uitlaatdemper is zeer heetijdens en na het gebruik van de kettingzaag. Vermijd aanraking van de uitlaatdemper om eventueel lichamelijk letse te voorkomen.
Laat de uitaatdemper afkoelen.
- Verwijder de Torx-schroef (E) en de 8 mm moeren (D) waarmee de kap van de uiltaattemper op+zijn plaatswart gehouden; verwijder de kap (C) en het vonkenvangrooster (A).
Reinig het vonkenvangrooster als dat vuil is met behulp van een metalen borsteltje. Vervang het vonkenvangerrooster als dit gebarsten of op een andere wijze beschadigd is.
Verwijder de uitlaatdempoer (B).
- Gebruik een platte schroevendraaier om de koolaanslag te verwijdenen via de luchtgleuven.
Haal ook de koolaanslag weg van de luchtseuven van de uitlaatdemper en van de cilinderuitlaat.
- Breng de uitlaatdempo, het vonkenvangrooster en de kap van de uitlaatdempo terug op hun plaats.
Schroef de Torx-schroeven en de moeren wee vast.
KETTINGREM CONTROLLEREN EN REINIGEN (afb. 71-72)
- Verwijder de tandwielkast en kaak de componenten van de kettingrem (A) schoon. Controller de slijtage van de riem van de rem (C) en verrang deze bij te große slijtage of verrorming. De riemdkte mag nicht minder� dan 0,60 mm ofplaatselijk doergesleten zich.
Nederlands
ONDERHOUD
Houd het kettingremmechanisme alsijd schoon en smeer de overbrenging (B) Licht.
- Controller na onderhoud of reiniging.altijd de kettingrem goed werkdt door een proof te doein. Meer informatie vindt u in het deel Bediening van de kettingrem" van deze handleiding.
- Controller de goede staat van de kettingvanger (D) en verrang deze bij beschadiging

WAARSCHUWING
Zelfs als het mechanisme dagelijks worden gereinig, kan de betrouwbaarheid van een kettingrem Niet onder alle werkomstandigheden worden gegardeerd. Houd u aan de zaaginstructies.
KETTINGZAAG OPBERGEN (VOOR EEN MAAND OF LANGER)
Tap alle brandstof uit de tank af in een container die goedgekeurd is voor benzine.
Laat de motor draaien tot hij vanzelf stopt. Hierdoor wordt het brandstof-olie-mensgel verwijderd dat kan verouderen waador lak en hors hunnen城县blijven in het brandstofsysteme.
- Druk meerderé malen op de aanzuigpompbal totdat alle overgebleven brandstof in de carburateur is weggelopen.
- Tap alle zwaard- en kettingolie ut de tank af in een houder die goedgekeurd is voor olie.
Maak de kettingzaag zorgvuldig schoon.
Berg de zaag op in een goedgeventileerde ruimte die nicht toegankelijk is voor kinderen.
Opmerking: bewaar de kettingzaag Niet in de buurt van corrosieve stoffen zoals chemicalien voor de tuin of strooizout.
Houd u aan de ISO-normen en de lokale wetgeving wat betreft de opslag en de behandeling van brandstoffen. Eventueel overgebleven brandstofkest u voor een ander apparaat gebruiken dat isuitgerust met een tweetaktmotor.
Nederlands
PROBLEM OPLOSSEN
| Probleem | Mogelijk oorzaak | Afhjælpning |
| Motor wil nicht starten. [Zorg dat de schakelaar in de Aan-stand (I) staat] | Geen vonk. De motor is verzopen. | Controleer de goede staat van de bougie. Verwijder het luchtfilterdeksel. Verwijder de bougie uit de cilinder. Sluit de bougie waar aan en leg de bougie bovenop de cilinder waar bij het metalen deel van de bougie in contact staat met de cilinder. Trek aan de startkabel en kijk of er een vonk ontstaat bij de elektronde van de bougie. Als u geen vonk ziet, herhaalt u deze test met een neue bougie.Terwijil de schakelaar op Uit staat, verwijdert u de bougie. Plaats de chokehendel in de stand Aan (volledig ingedrukt) en trek 15 tot 20 maal aan de startkabel. Hierdoor wordt overtollige brandstofuit de motor verwijderd. Maak de bougie schoon etzet hem terug op+zijn plaat. Zet de schakelaar in de stand Aan (I). Druk 4 maal op de aanzuigpompbal. Trek driemaal aan de startkabel met de chokehendel helemaal ingedrukt (Aan-stand). Als de motor Niet start,plaats u de chokehendel in de halve smoor-stand en hervat u de normale startprocedure. Als de motor nog steeds Niet start,herhaalt u de procedure met een/Newe bougie. |
| Motor start, maar het toerenal kan Niet goed worden opgevoerd. | De schroef "L" (laag toerenal)要去 worden bijgesteld. | Neem contact op met een erkend servicecentrum om een vakman de carburateur te soften. |
| Motor start wel, maar stopt meteen. | De schroef "L" (laag toerenal)要去 worden bijgesteld. | Neem contact op met een erkend servicecentrum om een vakman de carburateur te soften. |
| Motor start maar loopt Niet goed op hoog toerenal. | De schroef "H" (hoog toerenal)要去 worden bijgesteld | Neem contact op met een erkend servicecentrum om een vakman de carburateur te soften. |
| Motor haalt maximum toerenal Niet en/of ontwikkel Zoer veel rook. | Het benzine/olie-mengsel is Niet goed.Het luchtfilter is verruild.De vonkvanger is verruild.De schroef "H" (hoog toerenal)要去 worden bijgesteld | Gebruik brandstof die korteijd waaroor in de goede verhouding is gemengd met synthetische tweetaktolie.Maak het luchtfilter schoon. Raadpleeg het deel "Luchtfilter reinigen".Reinig het vonkenvangrooster. Raadpleeg het deel "Vonkenvanger en uitaat controlleden / reinigen".Neem contact op met een erkend servicecentrum om een vakman de carburateur te soften. |
| Motor start, draait en versnelt, maar blijft Niet stationair draaien. | De stelschroef van het stationaire toerenal要去 worden bijgesteld. | Draai de stelschroef voor stationair toerenal "T" rechtsom om het stationaire toerenal te verhogen. Raadpleeg het deel "Carburateur afstellen". |
Nederlands
PROBLEM OPLOSSEN
| Probleem | Mogelijk oorzaak | Afhjælpning |
| Ketting draait langzaam rond. | De stelschroef van het stationaire toenrental moet worden bijgesteld. Er is een luchtlek in het systeme. | Draai de stelschroef voor stationair toenrental "T" linksom het stationaire toenrental te verlagen. Raadpleeg het deel "Carburateur afstellen". Neem contact op met een erkend servicecentrum om het defecte systeem te lately verrangen. |
| Zwaard en ketting worden warm en.gaan roken. | De olietank is leeg. De ketting is te strak gespannen. Het smearsystem werkt Niet goed. De oliemondjes zijn verstopt. | De olietank要去 algijd worden bijgevuld wonneer de brandstoftank worden bijgevuld. Span de ketting volgens de aanwijzingen in het deel "Kettingspanning instellen" eerder in deze handleiding. Laat de motor gedurende 30 tot 45 seconden op half vermogen draaien. Stop de zaag en controller of er soms olie van het zwaard druppelt. Als er wel olie aanwezig is, kan het�at de ketting bot is of het zwaard beschadigd is. Verwijder het koppelingdeksel en het zwaard en reinig de oliemondjes met een harde borstel. |
| Motor start en draait, maar ketting draait nicht. | De kettingrem is ingeschakeld. De ketting is te strak gespannen. Het zwaard en de ketting zichniet goed gemonteerd. Het zwaard en/of de ketting zichnbeschadigd. Het kettingwiel (rondsel) is beschadigd. | Schakel de kettingrem uit. Raadpleeg het deel "Bediening van de kettingrem". Span de ketting volgens de aanwijzingen in het deel "Kettingspanning instellen" eerder in deze handleiding. Raadpleeg het deel "Zwaard en ketting verrangen". Inspecteer het zwaard en de ketting. Neem contact op met een erkend servicecentrum om eenvakman het kettingwiel te lately verrangen. |
Svenska
Tack for att du köpt en produit fran Ryobi.
Dit Ryobi product is gewaarbord gegen fabrikagefouten en defecte onderdelen gedurmente einperiode van vierentwintig (24)maanden, te rekenen vanaf de officielle datum op het origineel van de door de wedederverkoper aan de eindegrubruiker uitzgeschreiben rekeningen.
Beschadigingen veerooraakt door normale slijage, door abnormala of ongeoorlood gebruik of onderhoud, of door overbelasting vallen nicht onderthese garantie, evennin als accu's, lampen, bits, snijbladen, zakken enz.
InGeVan slechte werking tijden de garantieteperiode,wordt u verzocht het NIET GEDEMONTEERDE product samen met de koopbon aan uw leverancier of aan hachtstbizijinde Ryobi servicecentrum te sturen.
Deze garantie doet Niet af aan uw wettelijk rechten met betrekking tot defiecte producten.
Bovenstaande garantie is geldig voor Groot-Brittanniè, de Europese Unie en Australie. Voor andere landen is möglich een andere garantie van toepassing. Neem contact op met uw lokale leverancier voor meer informatie over de garantie.

GARANTI-VILLKOR
Wij verklaren onder oncee eigen verantwoordelijheid dat dit product voldoot aan de fundamentele eisen inzake gezendtho en veilghie die worden gesteel door Machinerichtlijn 98/37/EG en andere toepasselijke richtlijnen zoals EMC-richtlijn 89/336/EEG, Richtlijn 2000/14/EG inzake geluidsemisses en Richtlijn en 97/68/EG inzake gasmissen, 2002/88/EG en 2004/26/EG.
De volgende Europese en/of nationale normen en/of technische specifications verzijn geraadpleegd ten einde de eisen inzake gezondheid en veilghidte toe te passen zoals die in de richtlijnen van de Europese Gemeenschapzignest gesteld: DIN EN ISO 11681-1:2004 / ISO 22868:2005/ ISO 22867:2004 / EN 55012 : 2002
Dit product worden de Richtlijn 2000/14/EG inzake geluidemissies verkaard
| 35 cc | 40 cc | 44 cc | |
| Gemeten geluidsvermögensniveau | 112 dB (A) | 112 dB (A) | 112 dB (A) |
| Gewaerborgd geluidsvermögensniveau | 113 dB (A) | 113 dB (A) | 113 dB (A) |
| Ultigfiedatum | 1 / 2007 |
Dit product is getest en conform aan Richtlij 2000/14/EG bevonden door het verifiebureau SLG PRUF-UND ZERTIFIZIERUNGS GmbH. BURGSTADTER STRASSE 20, D-09232, HARTMANSDORF, DUITSLAND.
| Type | Typekeuringcertificaat nr. (afgegeben door Intertek Deutschland GmbH) |
| RCS-3535C2 | 07SHW0980-01 |
| RCS-4040C2 | 07SHW0984-01 |
| RCS-4446C2 | 07SHW1029-01 |
De technische documentatione wordt bewaard bij Homelite Far East Co., Ltd. 24/F, 388 Castle Peak Road, Tsuen Wan, N. T., Hong Kong. Deze conformitietisverklaring is in mei 2006 door Homelite Far East Co., Ltd opgesteld.