BENNING DUTEST pro - Multimeter

DUTEST pro - Multimeter BENNING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DUTEST pro BENNING in PDF-formaat.

📄 52 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BENNING DUTEST pro - page 37

Gebruikersvragen over DUTEST pro BENNING

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DUTEST pro - BENNING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DUTEST pro van het merk BENNING.

GEBRUIKSAANWIJZING DUTEST pro BENNING

pro Voor u de doorgangsmeter DUTEST

pro gebruikt: Leesdebedieningshandleidingenhoudabsoluut rekeningmetdeveiligheidsaanwijzingen! Inhoud

1. Veiligheidsaanwijzingen

2. Beschrijvingvanhettoestel

5. Stoorspannings-enpolariteitsweergave

1. Veiligheidsaanwijzingen:

Opgelet! Magneten kunnen de werking beïnvloeden van pacemakers en inge- plantedefibrillatoren.Alsdragervander- gelijke toestellen dient u een voldoende groteafstandtotdemagneetaantehou- den. - Neem het toestel tijdens de controle alleen vast aan de geïsoleerde testpennen

niet aan! - Controleer de goede werking van het toestel onmiddellijk voor en na het gebruik! (zie paragraaf 3). Het toestel mag niet worden gebruikt als de functie van een of meer indicatoren uitvalt of als er geen werkingsparaatheid kan worden vastge- steld! - Wanneer verondersteld mag worden dat gevaar- loos gebruik niet meer mogelijk is, moet toestel buiten gebruik worden genomen. - Vermijd in elk geval dat het toestel nat wordt of bedauwd raakt (condenswatervorming). Het toe- stel moet ook worden beschermd tegen verontrei- niging en beschadiging! - Als de batterij leeg is, werkt het toestel niet meer! - Het toestel mag alleen worden gebruikt in het opgegeven nominale spanningsbereik en in elek- trische installaties tot AC/DC 400 V! - Het toestel mag alleen worden gebruikt in stroom- kringen van de overspanningscategorie CAT III met max. 300 V t.o.v. aarde. Bij metingen binnen meetcategorie III mag het uitstekende, geleidende gedeelte van een testelektrode

van de meetka- bel niet langer zijn dan 4 mm. Vooraleer metingen in meetcategorie III worden uitgevoerd, moeten de meegeleverde, met CAT III gemerkte opsteek- kappen op de testelektroden

worden gestoken. Deze maatregel beschermt de gebruiker. - Merk op dat werken aan spanningsvoerende onderdelen en installaties altijd gevaarlijk zijn. Zelfs spanningen vanaf 30 V AC en 60 V DC kun- nen levensgevaarlijk zijn voor de mens. - Gebruik het toestel niet met geopend batterijvak. - Het toestel is bedoeld voor gebruik door elektri- ciens in combinatie met veilige werkwijzen. - Het toestel mag niet uit elkaar worden genomen! Opgelet! Onmiddellijk voor het gebruik van het toestel moet altijd worden gecontroleerd of de installatiecompo- nent spanningsvrij is! Gebruik daartoe een tweepolige spanningstester. Opgelet! Het toestel is uitgerust met een krachtige LED-zak- lamp. Kijk nooit direct of indirect via weerkaatsende oppervlakken in de LED-straal. De LED-straal kan onherstelbare schade aan het oog veroorzaken. Symbolen op het toestel: Symbool Betekenis

Opgelet Documentatie opvolgen! Het symbool geeft aan dat de aanwijzin- gen in de bedieningshandleiding moeten worden opgevolgd om gevaar te vermij- den DC/AC gelijk- en wisselspanning

Aarde (spanning t.o.v. aarde) Dit symbool geeft de oriëntatie van de batterijen aan om ze met de juiste pola- risatie te plaatsen. Opgelet potentieel gevaarlijke optische straling! Kijk niet direct in de straal, gevaar voor het netvlies! Opgelet! Magneten kunnen de werking beïnvloeden van pacemakers en inge- plante defibrillatoren. Als drager van der- gelijke toestellen dient u een voldoende grote afstand tot de magneet aan te houden.

2. Beschrijvingvanhettoestel

GeleLEDvoordoorgangsmetingtotR≤1kΩ

GeleLEDvoordoorgangsmetingtotR≤10kΩ

Rode + LED van stoorspanningsindicatie (oplich- tend), + Pluspool van polariteitsindicatie (oplichtend), Buitengeleidercontrole (fase) en kabelbreukde- tector (knipperend)

Rode - LED van stoorspanningsindicatie (oplich- tend), - Minpool van polariteitsindicatie (oplichtend)

Meetkabel Krachtige LED-zaklamp Knop Vergrendeling deksel van batterijvak Deksel batterijvak met magneet, riemklem en technische gegevens Sensor van kabelbreukdetector

- Controleer de goede werking van het toestel onmiddellijk voor en na het gebruik! - Houd de toets gedurende ca. 5 seconden inge- drukt om de werking van alle LED's, de LED-zak- lamp en de zoemer te controleren. - Sluit de testpennen

voor de doorgangsmeting moe- ten oplichten. - De batterijen moeten worden vervangen zodra de LED's

tijdens de doorgangsmeting knipperen. - Test de LED's van de stoorspanningsindicatie

en de werking van de eenpolige buitengelei- dercontrole (fase)

op bekende spanningsbron- nen, bijv. een 230 V stopcontact - Gebruik het toestel niet als niet alle functies per- fect werken!05/ 2018 DUTEST

- De doorgangs- en diodecontrole moet worden uit- gevoerd op spanningsvrij geschakelde installatie- componenten, eventueel moeten condensatoren worden ontladen. - Plaats de twee testpennen

op de te con- troleren installatiecomponenten. - Bij doorgang (weerstandswaarde R ≤ 100 Ω - 200Ω)weerklinkteengeluidssignaalendegele LED's

lichten op. - Aan de hand van de LED-niveau-indicator

kan de hoogte van de weerstandswaarde grof worden ingeschat. Weerstand (R) ≤100Ω

LED10kΩ ● ● ● 3.●↓ - Om de doorlaatrichting van een diode te bepalen, plaatst u de zwarte - testpen

tegen de kathode en de rode + testpen

tegen de anode van de diode. De doorlaatrichting is bepaald wanneer de gele LED's

als een looplicht oplichten. - Als op de controleplaats een spanning staat, waarschuwt het toestel door het oplichten van de rode LED's

voor de aanwezigheid van een stoorspanning. De controle moet onmiddel- lijk worden gestopt en de spanningsvrijheid moet worden verzekerd! Instellingvanhetzoemervolume Het volume van de zoemer kan in vier standen worden ingesteld. Stand 1 (stil), stand 2 (gemiddeld), stand 3 (luid) en stand 4 (zeer luid). In stand 5, de zoemer: UIT, LED-zaklamp: AAN). Om het volume in te stellen, sluit u de testpennen

kort en houdt u de toets ingedrukt tot het gewenste volume ingesteld is. Het ingestelde zoemer- volume blijft opgeslagen tot het weer wordt gewijzigd.

5. Stoorspannings-enpolariteitsweergave

- Plaats de twee testpennen

tweepolig tegen de te controleren installatiecomponenten. - De LED's voor de stoorspanningsindicatie

herkennen gelijk- ( ) en wisselspanningen () in een bereik van 6 V - 400 V. - Wisselspanningen () worden aangegeven door het gelijktijdig oplichten van de + LED

- Gelijkspanningen ( ) worden aangegeven door het oplichten van de + LED

licht op wanneer de pluspool van de spanningsbron aan de rode + testpen

en de minpool van de spanningsbron aan de zwarte - testpen

wordt aangelegd. Opgelet! De stoorspanningsindicatie vormt geen vervanging voor een tweepolige spanningstester om de span- ningsvrijheid vast te stellen. Bijkomendeindicatievoorstoorspanningsherken- ning(tweepolig) Als de zoemer tijdens de doorgangsmeting ingescha- keld is, waarschuwt een pulserend geluidssignaal voor de aanwezigheid van een stoorspanning. Als de zoemer tijdens de doorgangsmeting uitgeschakeld is, knippert de LED-zaklamp als er een stoorspan- ning aanwezig is. De bijkomende indicatie (pulserend geluidssignaal of knipperende LED-zaklamp ) kan worden uitgeschakeld. Plaats daartoe de twee test- pennen

op een spanningsbron (6 V - 400 V) en bedien de toets gedurende ca. 1 seconde. Om de bijkomende indicatie (pulserend geluidssignaal of knipperende LED-zaklamp ) te activeren, herhaalt u de procedure.

6. Eénpoligebuitengeleidercontrole(fase)

- Leg de zwarte - testpen

eenpolig tegen de te controleren installatiecom- ponent. Let er in elk geval op dat bij de eenpolige buitengeleidercontrole (fase) de blanke testelek- trode

niet in contact komt met de andere test- pen en deze contactvrij blijft. - Als de rode LED

knippert, staat op deze installatiecomponent de buitengeleider (fase) van een wisselspanning. Bijkomende indicatie voor buitengeleidercontrole Indien nodig kan een bijkomende indicatie (pulserend geluidssignaal of knipperende LED-zaklamp ) wor- den geactiveerd voor de buitengeleidercontrole. Om deze functie te activeren, contacteert u eenpolig de zwarte - testpen

met de bui- tengeleider (fase) van een stopcontact en bedient u de toets gedurende ca. 1 seconde. Om de bijkomende indicatie uit te schakelen, bedient u toets nogmaals. De bijkomende indicatie (pulserend geluidssignaal of knipperende LED-zaklamp ) is afhankelijk van het ingestelde zoemervolume van de doorgangsmeting. (zie hoofdstuk 4). Opmerking: De eenpolige buitengeleidercontrole (fase) is in het geaarde net mogelijk vanaf 230 V, 50 Hz / 60 Hz (fase t.o.v. aarde).

7. Kabelbreukdetector

- De kabelbreukdetector lokaliseert aanraakvrij kabelbreuken aan blootliggende en onder span- ning staande leidingen. - Beweeg de detector over een spanningsvoe- rende leiding (bijv. kabeltrommel of lichtketting) van de voedingsplaats (fase) in de richting van het andere leidinguiteinde. - Zolang de leiding niet onderbroken is, knippert de rode LED

- De kabelbreukplaats is gelokaliseerd als de rode LED

uitgaat. Bijkomende indicatie voor kabelbreukdetector Een geactiveerde bijkomende indicatie (pulserend geluidssignaal of knipperende LED-zaklamp ) tij- dens de eenpolige buitengeleidercontrole (zie hoofd- stuk 6) is eveneens actief voor de kabelbreukdetector. Opmerking: De kabelbreukdetector kan worden gebruikt in een geaard net vanaf 230 V, 50 Hz/ 60 Hz (fase t.o.v. aarde).

Opgelet! Potentieelgevaarlijkeoptischestraling! Kijknietdirectofindirectviaweerkaats- ende oppervlakken in de straal, gevaar voorhetnetvlies! - Het toestel beschikt over een geconcentreerde, krachtige LED-zaklamp , die door bediening van de toets kan worden in- of uitgeschakeld. - De LED-zaklamp wordt automatisch uitgeschakeld na ca. 2 minuten. Instellenvandelichtsterkte De lichtsterkte van de LED-zaklamp kan in vier standen worden ingesteld. Stand 1 (25%), stand 2 (50%), stand 3 (75%) en stand 4 (100%). Om de lichtsterkte in te stellen, houdt u de05/ 2018 DUTEST

toets ingedrukt tot de gewenste lichtsterkte inge- steld is. De hoogste stand 4 (100%) wordt bevestigd door een geluidssignaal. De ingestelde lichtsterkte blijft opgeslagen tot aan de volgende wijziging.

9. Batterij vervangen

- Leg het toestel niet aan spanning terwijl het bat- terijvak geopend is! - Het batterijvak bevindt zich aan de achterzijde van het toestel. - Druk met een schroevendraaier de vergrendeling lichtjes in en schuif tegelijk het deksel van het batterijvak langs onder weg. - Vervang de lege batterijen door drie nieuwe bat- terijen van het type Mignon (LR06/AA). Let op de juiste polarisatie van de nieuwe batterijen! - Schuif het deksel van het batterijvak weer op de behuizing tot de vergrendeling hoorbaar vergrendelt. Opmerking: In het deksel van het batterijvak zijn een magneet en een riemclip geïntegreerd voor de bevestiging van het toestel. 10 Technischegegevens - Gebouwd en gekeurd: DIN EN 61010-1 en -031, IEC 61010-1 en -031, DIN EN 62471 - Stoorspanningsbeveiliging: max. 400 V, 50 Hz/ 60 Hz - Meetcategorie: CAT III 300 V t.o.v. aarde - Doorgangsmeting: Akoestisch met zoemer voor meetweerstanden R ≤100Ω-200Ω Optisch via drie LED-niveaus: 100ΩLEDvoor meetweerstanden R ≤ 100Ω - 200Ω 1kΩLEDvoormeetweerstandenR≤1kΩ 10kΩLEDvoormeetweerstandenR≤10kΩ - Tolerantiebereik: ± 20 % van de maximumwaarde van het LED-niveau - Zoemervolume: Stand 1 (stil), stand 2 (gemid- deld), stand 3 (luid), stand 4 (zoemer: UIT, LED- zaklamp: AAN) - Nullastspanning:≤4,5V - Teststroom:≤30µA - Diodecontrole:~1,5V,max.30µA - Stoorspanningsherkenning: 6 V - 400 V AC/ DC, 50 Hz/ 60 Hz - Inwendigeweerstand:166kΩ - Stroomverbruik: I

< 3,5 mA (400 V) - Polariteitsindicatie: vanaf ± 6 V - Buitengeleidercontrole (fase): U

4 - eerste cijfer: bescherming tegen toegang tot

gevaarlijke componenten en bescherming tegen vaste vreemde voorwerpen > 1,0 mm diameter

0 - tweede cijfer: geen waterbescherming

- Batterijen: 3 x Mignon, LR06/ AA (1,5 V) - Gewicht: ca. 130 g - Meetleiding met testgrepen: ca. 1000 mm - Bedrijfstemperatuurbereik: - 15 °C tot + 55 °C - Bewaartemperatuurbereik: - 15 °C tot + 55 °C - Relatieve luchtvochtigheid: 20 % tot 80 % - Lichtsterkte van de LED-zaklamp: Stand 1 (25%), stand 2 (50%), stand 3 (75%), stand 4 (100%) 11.Algemeenonderhoud Reinig het toestel aan de buitenkant met een schone, droge doek. Als verontreinigingen of afzettingen ter hoogte van de batterij of de batterijbehuizing voorhan- den zijn. Reinig ook deze met een droge doek. Haal de batterijen uit het toestel als u het toestel gedu- rende lange tijd niet gebruikt! 12.Milieubescherming Breng de lege batterijen en het toestel op het einde van zijn levensduur naar de daartoe bestemde inzamelpunten.05/ 2018 DUTEST

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BENNING

Model : DUTEST pro

Categorie : Multimeter