BENNING Duspol Expert - Meetinstrumenten

Duspol Expert - Meetinstrumenten BENNING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Duspol Expert BENNING in PDF-formaat.

📄 72 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BENNING Duspol Expert - page 49

Gebruikersvragen over Duspol Expert BENNING

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Meetinstrumenten in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Duspol Expert - BENNING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Duspol Expert van het merk BENNING.

GEBRUIKSAANWIJZING Duspol Expert BENNING

expert gebruikt: Lees de bedieningshandleiding en neem in ieder geval de veilig- heidsinstructies in acht! Inhoudsopgave

1. Veiligheidsinstructies

2. Apparaatbeschrijving

3. Functiecontrole voor het gebruik ter controle van de

spanningloosheid van de installatie

4. Controle van de installatie op spanningloosheid

5. Vermogeninschakeling met vibratiemotor

13. Algemeen onderhoud

14. Milieubescherming

1. Veiligheidsinstructies:

- Het apparaat mag bij het gebruik alleen worden vastge- nomen aan de geïsoleerde handgrepen L1

mogen niet worden aangeraakt! - Controleer vlak voor en na het gebruik ter controle van de spanningloosheid van de installatie de spanningszoeker ten aanzien van zijn functionaliteit! (zie hoofdstuk 3). De spanningstester mag niet worden gebruikt, wanneer de functie van één of meerdere indicators uitvalt of wanneer er geen gebruiksklare toestand kan worden vastgesteld! De controle dient dan met een andere spanningszoeker te worden herhaald. - De spanningstester kan bij lege batterijen slechts beperkt wordengebruikt!VanafeenspanningvanAC/DC≥50Vis eenspanningstestviadegradueleLED-indicator

ook zonder batterijen mogelijk. - De spanningstester mag alleen binnen het aangegeven nominale spanningsbereik en in elektrische installaties tot AC/DC1.000Vwordengebruikt! - De spanningstester mag alleen worden gebruikt in stroom- circuits van overspanningscategorie CAT III met maximum 1000VofoverspanningscategorieCATIVmetmaximum 600Vgeleidertegenaarde. - Het apparaat mag niet worden gebruikt met een geopend batterijvak. - De spanningstester is voorzien voor gebruik door gespe- cialiseerde elektrotechnici in combinatie met veilige werk- methoden.02/ 2019 DUSPOL

- DegradueleLED-indicatordientomhetspanningsbereik weer te geven en is niet bestemd voor meetdoeleinden. - Het creëren van een spanningstester voor meer dan 30 seconden spanning (maximaal toegestane inschakelduur ID=30seconden) - De spanningstester mag niet worden gedemonteerd! - De spanningstester moet worden beschermd tegen ver- ontreinigingen en beschadigingen van het behuizingop- pervlak. - Als bescherming tegen lichamelijke letsels moet na ge- bruik van de spanningstester de meegeleverde teststaaf- bescherming

worden aangebracht op de teststaven! - Merk op dat de impedantie (inwendige weerstand) van de spanningstester de weergave van stoorspanningen (capa- citief of inductief gekoppeld) beïnvloedt! Afhankelijk van de inwendige impedantie van de spannings- tester zijn er, in aanwezigheid van stoorspanning, verschil- lende mogelijkheden voor de weergave “bedrijfsspanning aanwezig” of “bedrijfsspanning niet aanwezig”. Laagohmige spanningstester (impedantie<100kΩ),stoor- spanning wordt onderdrukt of verlaagd: Een spanningstester met relatief lage inwendige impedantie zal in vergelijking met de referentiewaarde 100 kΩ niet alle stoorspanningen weergeven met een oorsprongwaarde boven ELV(50VAC/120VDC).Bijcontactmetdetetestendelen kan de spanningstester de stoorspanningen door ontlading tij- delijktoteenniveauonderELVverlagen;nahetverwijderen van de spanningstester zal de stoorspanning echter weer haar oorspronkelijke waarde aannemen. Wanneer de indicatie “spanning aanwezig” niet verschijnt, is het ten stelligste aan te bevelen de aardingsinrichting in te leg- gen voor met de werken wordt begonnen. Hoogohmige spanningstester (impedantie>100kΩ):Stoor- spanning wordt niet onderdrukt of verlaagd: Een spanningstester met relatief hoge inwendige impedan- tie zal in vergelijking met de referentiewaarde 100 kΩ bij aanwezige stoorspanning “bedrijfsspanning niet aanwezig” niet eenduidig aangeven. Wanneer de aanduiding “spanning aanwezig” verschijnt bij een component die als gescheiden van de installatie geldt, is het dringend aan te bevelen met bijkomende maatregelen (bijvoorbeeld: gebruik van een ge- schikte spanningstester die een onderscheid kan maken tus- sen bedrijfsspanning en stoorspanning, visuele controle van het scheidingspunt in het elektrisch net, enz.) de toestand “bedrijfsspanning niet aanwezig” van het te testen onderdeel aan te tonen en vast te stellen dat de door de spanningstester aangegeven spanning een stoorspanning is. Spanningstesters die door belastingsbijschakeling een onderscheid kunnen maken tussen bedrijfsspanning en stoorspanning: Eenspanningstestermet vermelding vantwee waarden van de inwendige impedantie, is geslaagd in de test van zijn uit- voering/constructie voor de behandeling van stoorspanningen en is (binnen de technische grenzen) in staat een onderscheid te maken tussen bedrijfsspanning en stoorspanning en het aanwezige spanningstype direct of indirect weer te geven. Elektrischesymbolenophetapparaat: Symbool Betekenis

Belangrijke documentatie! Het symbool geeft aan dat de gids beschreven in de handleiding, om risico's te vermijden Apparaat of uitrusting voor het werken onder spanning Drukschakelaar AC wisselspanning DC gelijkspanning DC/AC gelijk- en wisselspanning Aarde (spanning naar aarde) Indicatie van de draaiveldrichting; de draai- veldrichting kan alleen bij 50 of 60 Hz en in een geaard netwerk worden weergegeven Dit symbool geeft de juiste plaatsingsrichting van de batterijpolen aan

2. Apparaatbeschrijving

+/-LED´svandepolariteitsindicatie

RodeLED voor het testen van de buitengeleider (fase- weergave)

Groene LED´s ◄LR► van de draaiveldindicatie (links/ rechts)

Gele LED Ω voor doorgangstest (lampje brandt perma- nent)/ kabelbreukdetector (lampje knippert)

3. Functiecontrole voor het gebruik ter controle van de

spanningloosheid van de installatie (afbeelding A) - Onmiddellijk voor en na het gebruik moet de spannings- tester worden gecontroleerd op zijn werking! - Activering van de ingebouwde testfunctie (zelftest):

moeten worden kort- gesloten .02/ 2019 DUSPOL

moet gedurende ca. 3 seconden ingedrukt worden gehouden om de ingebouwde testfunctie te starten.

en de meetpuntverlichting moeten hun werking aangeven. - Het vervangen van de batterijen is noodzakelijk, wanneer de ingebouwde testfunctie (zelftest) niet meer kan worden geactiveerd. - Test de spanningstester op bekende spanningsbronnen bijv.opeen230V-contactdoos.

Gebruik de spanningszoeker niet, wanneer spanningsindica- tor, fase-indicator en vibratiemotor niet correct functioneren!

4. Controle van de installatie op spanningloosheid (af-

beelding B/C) Bij de installatiecontrole dient u de spanningloosheid van de installatie te controleren door de spanningsindicator, de fase- indicator (fase-indicator functioneert alleen in het geaarde wisselspanningsnet) en de vibratiemotor (vibratiemotor wordt door bediening van beide druktoetsen geactiveer) te controle- ren.Vanspanningloosheidvandeinstallatieisalleensprake, wanneer alle drie testkringen spanningloosheid aangeven (spanningsindicator, fase-indicator en vibratiemotor). - Leg de beide teststaven L1/+

tegen de te testen installatieonderdelen. - De omvang van de aanwezige spanning wordt weergege- venviadegradueleLED-indicator

- Eenknipperendlampjeniveaulaatziendatdespanning vandeLEDfasenietiszijnbewerkt(behalvede12/24V LED).EenLEDstaplichtenvan75-85%vandeschaal- waarde - Wisselspanningen (AC) worden weergegeven door het gelijktijdigoplichtenvande+12VLEDenvande-12V LED. - Gelijkspanningen (DC) worden weergegeven door het oplichtenvande+12VLEDofvande-12VLED.Via de polariteitsindicatie

wordt de op de teststaaf L2/+

aanwezige polariteit + of - weergegeven. - Om een onderscheid te maken tussen energierijke en energiearme spanningen (bijv. capacitief ingekoppelde stoorspanningen) kan door bediening van de beide druk- schakelaars een interne last in de spanningstester worden ingeschakeld. (zie hoofdstuk 5.) Overbelastingsindicatie Wanneer de spanning aan de teststaven L1/-

. De overbelastingsin- dicatievindtplaatsvanafAC/DC1.100V.

5. Vermogeninschakeling met vibratiemotor (afbeelding

zijn voorzien van druk- schakelaars

. Bij bediening van de beide drukschakelaars wordt er op een lagere inwendige weerstand geschakeld. Hierbij wordt in de indicatiehandgreep L2

een vibratiemotor (motormetonbalans)onderspanninggezet.Vanafca.200V wordt deze in een draaibeweging gebracht. Naarmate de spanning stijgt, verhogen ook het toerental en de vibratie. De duur van de test met een lagere inwendige weerstand (last- test) is afhankelijk van de omvang van de te meten spanning. Om ervoor te zorgen dat het apparaat niet ontoelaatbaar wordt verhit, is er een thermische beveiliging (terugregeling) voor- zien. Bij deze terugregeling daalt het toerental van de vibratie- motor en stijgt de inwendige weerstand. De lastinschakeling (beide drukschakelaars zijn ingedrukt) kan worden gebruikt om … - blinde spanningen (inductieve en capacitieve spanningen) te onderdrukken - condensatoren te ontladen - een 10/30 mA aardlekschakelaar te activeren. De active- ring van de aardlekschakelaar vindt plaats door middel van een test aan de buitengeleider (faseweergave) tegen PE(aarde).(afbeeldingE)

6. Buitengeleider testen (faseweergave) (afbeelding D)

over het vol- ledige oppervlak vast om een capacitieve koppeling tegen aarde te garanderen. - Leg de teststaaf L2/+

tegen het te testen installatieon- derdeel. Zorg er daarbij in ieder geval voor dat bij de eenpolige bui- tengeleidertest (faseweergave) de teststaaf L1/-

niet wordt aangeraakt en deze contactvrij blijft. - Wanneerde rode LED

in het indicatieveld brandt, dan ligt op dit installatieonderdeel de buitengeleider (fase) van een wisselspanning. Opmerking: De eenpolige buitengeleidertest (faseweergave) is mogelijk in hetgeaardenetwerkvanaf230V,50/60Hz(fasetegenaarde). Beschermende kleding en isolerende lokale omstandigheden kunnen de werking negatief beïnvloeden. Let op! Eenspanningsvrijheidkanalleenwordenvastgestelddooreen tweepolige test.

7. Draaiveld testen (afbeelding F/G)

over het vol- ledige oppervlak vast om een capacitieve koppeling tegen aarde te garanderen. - Leg de teststaven L1/-

tegen twee buitengelei- ders (fasen) en controleer of er een buitengeleiderspan- ningvanbijv.400Vaanwezigis. - Eenrechtsdraaiveld(faseL1voorfaseL2)isaanwezig, wanneerdegroeneLED►vandedraaiveldindicatie

brandt. - Een linksdraaiveld(faseL2voorfaseL1) is aanwezig,02/ 2019 DUSPOL

wanneerdegroeneLED◄vandedraaiveldindicatie

brandt. - Bij het testen van het draaiveld is steeds een tegencon- trole vereist met verwisselde teststaven L1/-

, waarbij het draaiveld moet veranderen. Opmerking: Het testen van het draaiveld is vanaf 400V-900V,50/60Hz (fase tegen fase) in het geaarde draaistroomnet mogelijk. Beschermende kleding en isolerende lokale omstandigheden kunnen de werking negatief beïnvloeden

8. Doorgangstest (afbeelding H)

- De doorgangstest moet worden uitgevoerd op spannings- vrij geschakelde installatieonderdelen, eventueel moeten condensatoren worden ontladen. - Leg de beide teststaven L1/-

tegen de te testen installatieonderdelen. - Bijdoorgang(R<100 kΩ)weerklinktereengeluidssig- naalendegeleLEDΩ

voor doorgang brandt. - De test kan ook worden gebruikt om de doorlaat- en blok- keerrichting van halfgeleiderelementen te bepalen. - Wanneer er op het testpunt een spanning aanwezig is, dan schakelt de spanningstester automatisch om op span- ningstest en wordt dit weergegeven.

9. Kabelbreukdetector (afbeelding I)

- De kabelbreukdetector lokaliseert contactloos kabelbreu- ken aan open liggende en onder spanning staande leidin- gen. - Neem de indicatiehandgreep L2

over het volledige op- pervlak vast en ga met de detector

over een leiding die onder spanning staat (bijv. kabeltrommel of lichtketting), van het voedingspunt (fase) in de richting van het andere leidinguiteinde. - Zolang de leiding niet onderbroken is, knippert de gele LEDΩ

voor doorgang. - Hetkabelbreukpuntisgelokaliseerd,zodradegeleLEDΩ

dooft. Opmerking: De kabelbreuk detector kan geaard stopcontact van 230 V, 50/60 Hz (fase naar aarde) worden gebruikt. Isolerende be- schermende kleding en de plaatselijke omstandigheden kun- nen invloed hebben op de functie.

10. Meetpuntverlichting (afbeelding J)

- De meetpuntverlichting

kan bij geopende teststaven door bediening (1 seconde) van de drukschakelaar

worden ingeschakeld. - Het automatisch uit na 10 seconden

11. Batterij vervangen(afbeeldingK)

- Het apparaat mag niet onder spanning worden gezet bij een geopend batterijvak! - Het batterijvak bevindt zich aan de achterzijde van de indi- catiehandgreep L2

- Draai de schroef van het deksel van het batterijvak los en vervang de gebruikte batterijen door twee nieuwe bat- terijen van het type Micro (LR03/AAA). Let op de juiste plaatsingsrichting van de batterijpolen! - Plaats het batterijdeksel op de indicatiehandgreep L2

en draai de schroef vast.

<550mA(1.000V) - Polariteitsindicatie:+12VLED,-12VLED - Testenvandebuitengeleider(faseweergave):≥U

6 - eerste kengetal: Bescherming tegen toegang tot ge-

vaarlijke onderdelen en bescherming tegen vaste vreem- de voorwerpen, stofdicht

5 - tweede kengetal: Beschermd tegen straalwater. Ook te

gebruiken bij neerslag. - max. toegestane Inschakelduur: 30 s (max. 30 seconden), 240suit - Batterij:2xmicro,LR03/AAA(1,5V) - Gewicht: ca. 250 g - Lengte van de verbindingsleiding: ca. 1000 mm - Temperatuurbereik voor werking en opslag: - 15 °C tot + 55 °C (klimaatcategorie N)

Relatieveluchtvochtigheid:20%tot96%(klimaatcategorieN) - Terugregeltijden (thermische beveiliging): Spanning/tijd: 230V/30s,400V/9s,690V/5s,1000V/2s. - Activeringstijd van de indicator (inschakeltijd): 750 ms

13. Algemeen onderhoud

Reinigdebehuizingaandebuitenkantmeteenschone,droge doek. Indien er verontreinigingen of afzettingen aanwezig zijn in het gebied van de batterij of van de batterijbehuizing, dan reinigt u ook deze met een droge doek. Verwijderdebatterijenuithetapparaatbijeenlangdurigeop- slag!02/ 2019 DUSPOL

Lever het apparaat aan het einde van zijn levensduur in bij de beschikbare recycling- en inzamelsystemen. Instrukcja obsługi DUSPOL

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BENNING

Model : Duspol Expert

Categorie : Meetinstrumenten