CSA 2020 - Zaag AL-KO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CSA 2020 AL-KO in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CSA 2020 - AL-KO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CSA 2020 van het merk AL-KO.
GEBRUIKSAANWIJZING CSA 2020 AL-KO
3.1 Algemene veiligheidsinstructies voor elektrisch gereedschap .............................................. 49
3.2 Elektrische veiligheid............................................................................................................. 49 3.3 Veiligheid van personen ........................................................................................................ 49
3.4 Gebruik en behandeling van het elektrische gereedschap ................................................... 49
3.5 Veiligheid op de werkplek...................................................................................................... 50
3.6 Gebruik en behandeling van het accugereedschap .............................................................. 50
3.7 Service ..................................................................................................................................51
3.8 Veiligheid - Speciale eisen voor kettingzagen (EN 60745 deel 2-13) ................................... 51
3.9 Oorzaken van een terugslag en het voorkomen ervan (EN 60745 deel 2-13) ...................... 51
- 3.10 Veiligheidsinstructies voor hoogsnoeizagen p. 52
- 3.10.1 Werkinstructies (13) p. 52
- 3.10.2 Belasting door trillingen p. 52
- 3.10.3 Geluidsbelasting p. 53
3.10.4 Veiligheidsinstructies voor de accu ......................................................................... 53
3.10.5 Veiligheidsinstructies voor de lader......................................................................... 54
De Duitse versie is de originele gebruiksaan- wijzing. Alle andere taalversies zijn vertalin- gen van de originele gebruiksaanwijzing.
Lees voor de ingebruikname deze gebrui- kershandleiding absoluut zorgvuldig door. Dit is de voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik.
Bewaar deze gebruikershandleiding goed zo- dat u erin het antwoord op uw vragen kunt te- rugvinden wanneer u informatie over het ap- paraat nodig hebt.
Draag het apparaat alleen samen met deze gebruikershandleiding aan andere personen over.
Lees en neem de veiligheids- en waarschu- wingsinstructies in deze gebruikershandlei- ding in acht.
1.1 Verklaring van pictogrammen en
signaalwoorden GEVAAR! Wijst op een direct gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot de dood of tot een ernstig letsel leidt. WAARSCHUWING! Wijst op een potentieel gevaarlijke situa- tie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot de dood of tot een zwaar letsel kan leiden. VOORZICHTIG! Wijst op een potentieel gevaarlijke situa- tie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot een licht of middelzwaar letsel kan lei- den. LET OP! Wijst op een situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot materiële scha- de kan leiden. OPMERKING Speciale aanwijzingen voor meer duide- lijkheid en een beter gebruik. 2 PRODUCTOMSCHRIJVING Met de hoogsnoeizaag kunt u bomen en andere houtgewassen eenvoudig en veilig vanaf de grond snoeien. Zo kan het omslachtige en ge- vaarlijke vanaf een ladder of vanuit de boom ach- terwege blijven.
2.1 Inhoud van de levering
De accuhoogsnoeizaag is bedoeld voor gebruik met de accu B50 Li (art. nr. 113559). Deze is niet inbegrepen in de leveringsomvang. LET OP! Gevaar voor schade aan apparaat en accu Als het apparaat wordt gebruikt met een ongeschikte accu, kunnen apparaat en accu beschadigd raken.
Gebruik het apparaat alleen met de voorgeschreven accu. Voor het opladen van de accu heeft u de oplader C30 Li (art. nr.113560) of TC30 Li (art. nr.113561) nodig. OPMERKING De onderstaande aanwijzingen voor het gebruik bevatten belangrijke informatie:
"Oplader C30 Li / TC30 Li voor accu B50 Li" (doc. nr. 442230)
2.2 Symbolen op het apparaat
Symbool Betekenis Vereist extra voorzichtigheid tijdens gebruik! Gebruik de zaag niet in de regen! Bescherm de zaag tegen vocht! Draag een veiligheidshelm, gehoor- bescherming en oogbescherming! Draag beschermende handschoe- nen!NL 48 CSA 2020 Productomschrijving Symbool Betekenis Draag stevige schoenen! Lees vóór ingebruikname de ge- bruiksaanwijzing! Houd een afstand van 10 m ten op- zichte van stroomkabels!
beveiligingsvoorzieningen Beschermkap van het zaagblad Voor transport moet de beschermkap over het zaagblad en de zaagketting worden geschoven, om persoonlijk letsel en beschadiging van voor- werpen te voorkomen.
2.4 Doelmatig gebruik
De hoogsnoeizaag is bedoeld om, vanaf de grond, vaststaande bomen en andere houtge- wassen te snoeien. De gebruiker moet daarbij stevig op de grond staan (13). Gebruik uitsluitend biologisch afbreekbare ket- tingzaagolie. Een ander gebruik of een gebruik dat afwijkt van wat hier onder doelmatig gebruik wordt verstaan, wordt beschouwd als ondoelmatig. De hoogsnoeizaag mag niet beroepsmatig wor- den gebruikt.
2.5 Mogelijk voorzienbaar foutief gebruik
Snoei nooit takken, die zich recht boven of onder een scherpe hoek ten opzichte van de gebruiker of overige personen bevinden.
Gebruik het apparaat nooit terwijl u op een ladder staat.
Gebruik nooit meer dan één telescoopbuis, ook niet wanneer meerdere telescoopbuizen beschikbaar zijn.
Gebruik nooit afgewerkte olie of minerale olie.
Gebruik het apparaat niet in omgevingen met een potentieel explosiegevaar.
Ook bij doelmatig gebruik van het apparaat, res- teert altijd een zeker restrisico dat niet kan wor- den uitgesloten. Uit de aard en de bouwwijze van het apparaat kunnen, afhankelijk van het gebruik, de volgende potentiële gevaren worden afgeleid:
Aanraking met rondvliegende zaagspanen en oliespray
Inademen van zaagstof en oliespray
Letsel door rondvliegende delen van de zaagketting
Snijletsel door de zaagketting
Nr. Component 1 Beschermkap van het zaagblad 2 Telescoopstang 3 Vulopening van de olietank 4 Zaagketting 5 Zaagblad 6 Bevestigingsbout 7 Kettingwieldeksel 8 Boomklauw 9 Kijkglas olietank442216_a 49 Veiligheid Nr. Component 10 Klemschroef 11 Kettingspanschroef 12 Accu 13 Aan/uit-schakelaar 14 Ontgrendelknop 15 Greep 16 Oog voor draaggordel 17 Draagharnas 3 VEILIGHEID
3.1 Algemene veiligheidsinstructies voor
elektrisch gereedschap WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsinstructies, werkinstructies, illustraties en techni- sche gegevens waarmee dit elektrisch gereedschap is voorzien. Het niet naleven van de onderstaande in- structies kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel veroorzaken.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor toekomstig ge- bruik. De in de veiligheidsinstructies gebruikte term ‘elektrisch gereedschap’ heeft betrekking op elek- trische gereedschappen die op netspanning wer- ken (met netsnoer) en op elektrische gereed- schappen die op accuspanning werken (zonder netsnoer).
Vermijd lichaamscontact met geaarde op- pervlakken zoals bij buizen, verwarmin- gen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok wanneer uw lichaam is geaard.
Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vocht. Wanneer er water in het elektrische gereedschap binnendringt, ver- hoogt dit de kans op een elektrische schok.
3.3 Veiligheid van personen
Wees oplettend en voer uw handelingen bewust uit. Ga voorzichtig te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Wanneer u een moment niet oplet, kan het elektrische gereedschap ernstig letsel veroorzaken.
Draag een persoonlijke beschermingsuit- rusting en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmidde- len, zoals stofmasker, veiligheidsschoenen met antislipzolen, veiligheidshelm of gehoor- bescherming, afhankelijk van het type en ge- bruik van het elektrische gereedschap, ver- mindert het risico van letsel.
Voorkom dat het apparaat onbedoeld in gebruik wordt genomen. Controleer of het elektrische gereedschap is uitgeschakeld voordat u het op de stroomvoorziening en/of de accu aansluit, het optilt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap de vinger op de schakelaar hebt of het apparaat ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot onge- vallen leiden.
Verwijder afstel- of schroefgereedschap voordat het elektrische gereedschap wordt ingeschakeld. Gereedschap of sleu- tels die in de draaibare onderdelen terecht komen, kunnen verwondingen veroorzaken.
Voorkom een abnormale lichaamshou- ding. Zorg ervoor dat u stevig staat en uw evenwicht kunt bewaren. Hierdoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter controleren.
Draag geschikte kleding. Draag geen wij- de kleding of sieraden. Houd haren, kle- ding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kle- ding, sieraden of lange haren kunnen in be- wegende onderdelen terecht komen.
3.4 Gebruik en behandeling van het
Voorkom overbelasting van het elektri- sche gereedschap. Gebruik voor uw werk- zaamheden het juiste elektrische gereed- schap. Met het passende gereedschap werkt u beter en veiliger in het beschreven toepas- singsgebied.
Gebruik het elektrische gereedschap niet wanneer de schakelaar kapot is. Elektrisch gereedschap dat niet meer in- of uitgescha- keld kan worden, is gevaarlijk en moet wor- den gerepareerd.NL 50 CSA 2020 Veiligheid
Trek de stekker uit de contactdoos en/of verwijder de uitneembare accu voordat u instellingen aan het apparaat uitvoert, toe- behoren vervangt of het elektrische ge- reedschap opruimt. Deze veiligheidsmaat- regel voorkomt het onbedoeld starten van het elektrische gereedschap.
Bewaar ongebruikt elektrisch gereed- schap buiten het bereik van kinderen. Het elektrische gereedschap mag niet worden gebruikt door personen die er niet mee vertrouwd zijn of die de instructies niet hebben gelezen. Elektrische gereedschap- pen zijn gevaarlijk als ze worden gebruikt door onervaren mensen.
Onderhoud elektrisch gereedschap en in- zetgereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen goed werken en niet klemmen, of er delen gebroken zijn of zo- danig beschadigd dat de werking van het elektrische gereedschap wordt belem- merd. Laat beschadigde onderdelen repa- reren voordat u het elektrische gereed- schap gebruikt. Veel ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektri- sche gereedschappen.
Houd het snijgereedschap scherp en schoon. Goed onderhouden snijgereed- schap met scherpe snijkanten blijft minder snel haken en is gemakkelijker in het gebruik.
Gebruik het elektrische gereedschap, het toebehoren, inzetgereedschap enz. con- form deze instructies. Neem hierbij de werkomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden in acht. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere dan doelmatige toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
Zorg dat de handgrepen en oppervlakken ervan droog, schoon en vrij van olie of vet blijven. Gladde handgrepen en oppervlakken ervan maken geen veilige bediening van het elektrische gereedschap in onverwachte situ- aties mogelijk.
3.5 Veiligheid op de werkplek
Zorg voor een schoon en goed verlicht werkbereik. Wanorde of een gebrek aan goede verlichting kunnen ongevallen veroor- zaken.
Werk met het elektrische gereedschap niet in een explosiegevaarlijke omgeving met brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen. Elektrisch gereedschap veroorzaakt vonken, die de stof of dampen kunnen laten ontvlammen.
Houd kinderen en andere personen tij- dens het gebruik van het elektrische ge- reedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het elektri- sche gereedschap verliezen.
3.6 Gebruik en behandeling van het
Laad de accu's uitsluitend met opladers op die door de fabrikant worden aanbevo- len. Door een oplader die voor een bepaald type accu's geschikt is, bestaat brandgevaar wanneer deze met andere accu's wordt ge- bruikt.
Gebruik uitsluitend de hiervoor bedoelde accu's in het elektrische gereedschap. Het gebruik van andere accu's kan tot verwondin- gen en brandgevaar leiden.
Houd de ongebruikte accu uit de buurt van paperclips, muntgeld, sleutels, spij- kers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een overbrugging van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accucontacten kan ver- brandingen of vuur veroorzaken.
Bij verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de accu lopen. Voorkom de aanraking hier- mee. Spoel direct af met water wanneer u er per ongeluk mee in contact komt. Wan- neer de vloeistof in de ogen komt, moet er een arts worden geraadpleegd. Lekkende accuvloeistof kan huidirritaties of verbrandin- gen veroorzaken.
Gebruik geen beschadigde of gewijzigde accu. Beschadigde of gewijzigde accu´s kun- nen zich onvoorspelbaar gedragen en brand, explosie of letsel veroorzaken.
Stel een accu niet bloot aan brand of hoge temperaturen. Brand of temperaturen van meer dan 130°C kunnen een explosie ver- oorzaken.
Leef alle aanwijzingen voor het opladen na en laad de accu of het accugereed- schap nooit buiten het in de gebrui- kershandleiding aangegeven temperatuur- bereik op. Verkeerd opladen of laden buiten het toegestane temperatuurbereik kan de ac- cu vernielen en het brandgevaar vergroten.442216_a 51 Veiligheid
Laat het elektrische gereedschap alleen door gekwalificeerd personeel en met ori- ginele reserveonderdelen repareren. Zo wordt gegarandeerd dat de veiligheid van het elektrische gereedschap behouden blijft.
Onderhoud beschadigde accu´s in geen geval. Alle onderhoudswerkzaamheden aan de accu´s moeten door de fabrikant of een geautoriseerde klantenservice worden uitge- voerd.
3.8 Veiligheid - Speciale eisen voor
kettingzagen (EN 60745 deel 2-13)
Houd bij lopende zaag alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting. Contro- leer voor het starten van de zaag of de zaagketting niets aanraakt. Bij werkzaam- heden met een kettingzaag kan een moment van onoplettendheid ertoe leiden dat kleding of lichaamsdelen door de zaagketting gegre- pen worden.
Houd de kettingzaag altijd met uw rechter- hand aan de achterste greep en uw linker- hand aan de voorste greep vast. De ket- tingzaag in omgekeerde werkhouding vast- houden, verhoogt het risico op letsels en mag niet toegepast worden.
Houd het elektrische gereedschap vast aan de geïsoleerde greepvlakken, omdat de zaagketting in aanraking kan komen met de eigen stroomkabel. Het contact van de zaagketting met een spanningvoerende kabel kan metalen apparaatonderdelen onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden.
Draag veiligheidsbril en gehoorbescher- ming. Overige bescherming voor hoofd, handen, benen en voeten wordt aanbevo- len. Geschikte werkkleding vermindert het letselgevaar door rondvliegende spaanders en toevallig aanraken van de zaagketting.
Werk nooit vanuit een boom met de ket- tingzaag. Wanneer u vanuit een boom werkt, bestaat gevaar voor persoonlijk letsel.
Let altijd op een stabiele positie en ge- bruik de kettingzaag alleen wanneer u op een stevige, veilige en vlakke ondergrond staat. Gladde ondergrond of onstabiele standvlakken zoals op een ladder, kunnen leiden tot evenwichtsverlies of tot controle- verlies over de kettingzaag.
Houd er bij het knippen van een tak die onder spanning staat rekening mee dat deze terugveert. Wanneer de spanning in de houten vezels vrijkomt, kan de tak onder spanning de bedienende persoon raken en/of de kettingzaag aan de controle onttrekken.
Wees bijzonder voorzichtig bij het knip- pen van onderbegroeiing en jonge bomen. Het dunne materiaal kan verstrikt geraken in de zaagketting en tegen u slagen of u uit evenwicht brengen.
Draag de kettingzaag bij de voorste greep in uitgeschakelde toestand, de zaagket- ting van uw lichaam afgewend. Bij het transport of het opbergen van de ketting- zaag moet de beschermkap altijd gebruikt worden. Zorgvuldige omgang met de ketting- zaag vermindert de waarschijnlijkheid van een toevallige aanraking met de lopende zaagketting.
Volg de aanwijzingen voor de smering, de kettingspanning en het vervangen van toebehoren. Een foutief gespannen of ge- smeerde ketting kan scheuren of het terug- slagrisico verhogen.
Zorg dat de grepen droog, schoon en vrij van olie of vet blijven. Vette, olieachtige grepen zijn glibberig en leiden tot controle- verlies.
Zaag alleen hout. Gebruik de kettingzaag niet voor werkzaamheden waarvoor deze niet bedoeld is. Voorbeeld: gebruik de ket- tingzaag niet om plastic, metselwerk of bouwmaterialen die niet van hout zijn, te zagen. Het gebruik van de kettingzaag voor niet-reglementaire werkzaamheden kan tot gevaarlijke situaties leiden.
3.9 Oorzaken van een terugslag en het
voorkomen ervan (EN 60745 deel 2-13) Terugslag kan optreden wanneer het uiteinde van het zaagblad een voorwerp raakt of wanneer het hout buigt en de zaagketting in de snede vastklemt. Een aanraking met het zaagbladuiteinde kan in veel gevallen tot een onverwachte, achterwaartse reactie leiden, waarbij het zaagblad naar boven en in de richting van de bedienaar wordt gesla- gen. Wanneer de zaagketting aan de bovenkant van het zaagblad klem raakt, kan het blad hierdoor heftig in de richting van de bedienaar terugslaan.NL 52 CSA 2020 Veiligheid Elke van deze reacties kan ertoe leiden dat u de controle over de zaag verliest en mogelijkerwijze zware letsels oploopt. Vertrouw niet uitsluitend op de beveiligingen die in de kettingzaag zijn inge- bouwd. Als gebruiker van een kettingzaag dient u verschillende maatregelen te treffen om ongeval- en letselvrij te kunnen werken. Een terugslag is het gevolg van een verkeerd of foutief gebruik van het elektrische gereedschap. Die kan vermeden worden door geschikte voor- zorgsmaatregelen, zoals hierna beschreven:
Houd de zaag met beide handen vast, waarbij duimen en vingers de grepen van de kettingzaag omsluiten. Breng uw li- chaam en de armen in een positie waarin u stand kunt houden tegen de terugslag- krachten. Mits hij/zij geschikte maatregelen treft, kan de bedienaar de optredende terug- slagkrachten beheersen. Laat de kettingzaag nooit los.
Vermijd een abnormale lichaamshouding en zaag niet boven schouderhoogte. Daar- door wordt een onbedoelde aanraking met het zaagbladuiteinde vermeden en een bete- re controle van de kettingzaag in onverwach- te situaties mogelijk gemaakt.
Gebruik altijd vervangbladen en zaagket- tingen die de fabrikant voorschrijft. Foutie- ve vervangbladen kunnen de ketting doen scheuren en/of een terugslag veroorzaken.
Respecteer de aanwijzingen van de fabri- kant voor het slijpen en het onderhoud van de zaagketting. Te lage dieptebegren- zers verhogen de neiging tot een terugslag.
3.10 Veiligheidsinstructies voor
3.10.1 Werkinstructies (13)
Hef de hoogsnoeizaag (13/1) tijdens het snoeien maximaal onder een hoek van 60° (13/2). Wanneer u snoeit onder een steilere hoek, begeeft u zich onvermijdelijk in een ge- bied, waarbinnen de afgezaagde takken om- laag kunnen vallen. Zorg ervoor dat u altijd buiten dit gebied staat.
Plan altijd vooraf wat uw vluchtweg zal zijn voor het ontwijken van omlaagvallende tak- ken. Deze weg moet vrij zijn van obstakels, zoals afgezaagde takken of gladde plekken, die het ontwijken van takken kunnen hinde- ren.
Houd ten opzichte van omstanders, dieren, voorwerpen of gebouwen steeds een veilig- heidsafstand aan, die minimaal 2,5-maal de lengte van de af te zagen tak bedraagt. Wan- neer dit niet mogelijk is, moet de tak stuksge- wijs worden afgezaagd.
Probeer nooit een tak door te zagen, waar- van de doorsnede groter is dan de lengte van het zaagblad.
Voorkom dat bewegende takken of voorwer- pen door de zaagketting kunnen worden ge- grepen. Schakel in een dergelijk geval de hoogsnoeier onmiddellijk uit.
Verwijder de accu uit het apparaat en schuif de beschermkap over de zaagketting bij:
Test-, afstel- en reinigingswerkzaamhe- den
Werkzaamheden aan het zaagblad en de zaagketting
Het achterlaten van het apparaat
Onderhouds- en reparatiewerkzaamhe- den
Houd steeds een veiligheidsafstand van 10 m aan ten opzichte van bovengrondse elektrici- teitsleidingen.
3.10.2 Belasting door trillingen
WAARSCHUWING! Gevaar als gevolg van trillingen De werkelijke trillingsemissiewaarde tij- dens het gebruik van het apparaat kan afwijken van de door de fabrikant opge- geven waarde. Let voor of tijdens het ge- bruik op de volgende factoren die van in- vloed zijn:
Wordt het apparaat gebruikt voor het beoogde gebruik?
Wordt het materiaal op de juiste wijze gesneden of verwerkt?
Bevindt het apparaat zich in een goe- de staat van gebruik?
Is het snijblad goed scherp en is het juiste snijblad ingebouwd?
Zijn de handgrepen en, indien nodig, optionele trillingsdempende handgre- pen gemonteerd en zijn deze vast verbonden met het apparaat?442216_a 53 Veiligheid
Gebruik het apparaat alleen met het motor- toerental dat nodig is voor de uit te voeren werkzaamheden. Gebruik het maximale toe- rental zo min mogelijk om geluid en trillingen te beperken.
Als gevolg van verkeerd gebruik en onder- houd kunnen de trillingen en het lawaai van het apparaat toenemen. Dit leidt tot schade aan de gezondheid. Schakel in dit geval het apparaat onmiddellijk uit en laat het repare- ren door een geautoriseerde servicewerk- plaats.
De mate van belasting als gevolg van trillin- gen is afhankelijk van de uit te voeren werk- zaamheden of van de toepassing van het ap- paraat. Schat hem in en las voldoende pau- zes in. Daardoor wordt de belasting door tril- lingen gedurende de volledige werktijd in be- langrijke mate verminderd.
Door een langer gebruik van het apparaat wordt de bediener blootgesteld aan trillingen, waardoor problemen kunnen ontstaan met de bloedsomloop (‘dode vingers’). Om dit risico te verminderen, handschoenen dragen en de handen warmhouden. Wanneer een symp- toom van ‘dode vingers’ wordt waargenomen, onmiddellijk medische hulp inroepen. Tot de- ze symptomen behoren: Gevoelloosheid, ver- lies van gevoeligheid, tintelingen, jeuk, pijn, vermindering van de kracht, verandering van kleur of van de conditie van de huid. Meestal worden deze symptomen waargenomen aan vingers, handen of polsen. Bij lage tempera- turen neemt het gevaar toe.
Las langere pauzes in tijdens uw werkdag, zodat u kunt herstellen van het geluid en van de trillingen. Plan uw werk zodanig dat het gebruik van apparaten die sterke trillingen veroorzaken, wordt verspreid over meerdere dagen.
Wanneer u een onaangenaam gevoel of een verkleuring van de huid tijdens het gebruik van het apparaat waarneemt aan uw handen, onderbreekt u het werk onmiddellijk. Las vol- doende pauzes in. Zonder voldoende pauzes kan een trillingensyndroom ontstaan aan handen en armen.
Minimaliseer het risico door uzelf zo min mo- gelijk bloot te stellen aan trillingen. Verzorg het apparaat volgens de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing.
Als het apparaat vaak wordt gebruikt, neemt u contact op met uw dealer om trillingsdem- pende accessoires (bijv. handgrepen) aan te schaffen.
Gebruik het apparaat niet bij temperaturen onder 10°C. Leg in een werkschema vast hoe de belasting door trillingen kan worden begrensd.
3.10.3 Geluidsbelasting
Een zekere geluidsbelasting door dit apparaat is onvermijdelijk. Plan luidruchtige werkzaamheden gedurende acceptabele en daarvoor geschikte tij- den. Respecteer rusttijden en beperk de duur van het werk tot het minimum. Voor uw persoonlijke bescherming en ter bescherming van personen die zich in de buurt bevinden, moet geschikte ge- hoorbescherming worden gedragen.
3.10.4 Veiligheidsinstructies voor de accu
In dit gedeelte vindt u alle elementaire veilig- heidsinstructies en waarschuwingen voor het ge- bruik van de accu. Lees de instructies!
Accu uitsluitend reglementair gebruiken, dit is voor apparaten met accuvoeding van de fir- ma AL-KO. Accu alleen laden met de daar- voor bestemde AL-KO lader.
Nieuwe accu voor ingebruikname eerst uit de originele verpakking halen.
De accu voor ingebruikname volledig opla- den en daarvoor altijd de voorgeschreven op- lader gebruiken. De instructies in deze ge- bruiksaanwijzing voor het laden van de accu opvolgen.
Gebruik de accu niet in omgevingen waar ge- vaar voor explosie en brand bestaat.
Stel de accu niet bloot aan water en vocht wanneer u de accu in het apparaat gebruikt.
De accu beschermen tegen hitte, olie en vuur, zodat ze niet beschadigd wordt en er geen elektrolyt kan vrijkomen.
De accu niet stoten of werpen.
De accu niet vuil of nat gebruiken. Voor ge- bruik de accu met een droge, schone doek reinigen en drogen.
Accu niet openen, uit elkaar halen of slopen. Er bestaat gevaar voor elektrocutie en kort- sluiting.
Deze accu mag niet worden gebruikt door onbevoegden, behalve wanneer ze onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of wanneer ze in-NL 54 CSA 2020 Montage structies hebben gekregen hoe ze de accu moeten gebruiken. Onbevoegde personen zijn bijv.:
Personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke capaciteiten
Personen die geen ervaring met en/of geen kennis over de accu hebben.
Kinderen mogen niet alleen in de buurt van de accu komen om te garanderen dat ze niet met de accu spelen.
De accu mag niet langdurig aan de oplader gekoppeld blijven. Bij langdurige opslag accu van de oplader loskoppelen.
Accu uit het apparaat verwijderen wanneer het niet wordt gebruikt.
De ongebruikte accu droog en op een afge- sloten plaats opslaan. Bescherm de accu te- gen hitte en rechtstreekse zonnestraling. On- bevoegde personen en kinderen mogen geen toegang tot de accu krijgen.
3.10.5 Veiligheidsinstructies voor de lader
In deze paragraaf worden alle basis veiligheids- en waarschuwingsinstructies opgesomd, die bij het gebruik van de lader moeten worden geres- pecteerd. Lees de instructies!
Gebruik het apparaat uitsluitend reglemen- tair, dit is voor het opladen van de vermelde accu . Uitsluitend originele accu's van AL-KO met de lader laden.
Voor elk gebruik het volledige apparaat en vooral het netsnoer en de accuschacht op beschadigingen controleren. Gebruik het ap- paraat alleen wanneer het in perfecte staat is.
Gebruik het apparaat niet in omgevingen waar gevaar voor explosie en brand bestaat.
Gebruik het apparaat enkel binnen en stel het niet bloot aan water en vocht.
De oplader altijd op een goed verlucht en niet brandbaar oppervlak plaatsen, omdat hij bij het opladen warm wordt. De ventilatie-ope- ningen vrijhouden en het apparaat niet afdek- ken.
Voor het aansluiten van de lader controleren of de in de technische gegevens vermelde netspanning beschikbaar is.
Het netsnoer uitsluitend gebruiken voor het aansluiten van de oplader, niet voor andere doeleinden. De oplader niet aan het netsnoer optillen, en de stekker niet door trekken aan het snoer uit het stopcontact trekken.
Het netsnoer beschermen tegen hitte, olie en scherpe kanten, zodat het niet beschadigd raakt.
De oplader en accu niet vuil of nat gebruiken. Voor gebruik het apparaat en de accu reini- gen en drogen.
Oplader en accu niet openen. Er bestaat ge- vaar voor elektrocutie en kortsluiting.
Laat het apparaat voor uw eigen veiligheid al- leen door gekwalificeerd personeel en met originele reserveonderdelen repareren.
Dit apparaat mag niet worden gebruikt door onbevoegden, behalve wanneer ze onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of wanneer ze in- structies hebben gekregen hoe ze het appa- raat moeten gebruiken. Onbevoegde perso- nen zijn bijv.:
Personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke capaciteiten
Personen die geen ervaring met en/of geen kennis over het apparaat hebben.
Kinderen mogen niet alleen in de buurt van de accu komen om te garanderen dat ze niet met het apparaat spelen.
Ongebruikte apparaten droog en op een af- gesloten plaats opslaan. Onbevoegde perso- nen en kinderen mogen geen toegang tot het apparaat krijgen. 4 MONTAGE WAARSCHUWING! Gevaar voor zwaar letsel Door het gebruik van een hoogsnoeizaag waarvan niet alle onderdelen zijn gemon- teerd, kan zwaar letsel worden veroorzaakt.
Gebruik de hoogsnoeizaag uitslui- tend, wanneer alle onderdelen zijn gemonteerd.
Voer voor elk gebruik een visuele contro- le uit, om te controleren of de hoogsnoei- zaag compleet is, geen beschadigingen heeft of versleten of losgeraakte onder- delen bevat. De veiligheids- en bescher- mingsvoorzieningen moeten intact zijn.442216_a 55 Montage VOORZICHTIG! Gevaar voor snijletsel. Bij het monteren van de zaagketting, kunnen de scherpe randen snijletsel ver- oorzaken.
Verwijder de accu voor het monteren van de ketting.
Draag veiligheidshandschoenen bij de montage van de zaagketting en het zaagblad.
4.1 Monteren van de snoeikop(01 - 02)
1. Steek de koppeling (01/2) op de telescoop-
steel (01/3) en schuif deze tot aan de aan- slag (01/a) in de snoeikop (01/1).
2. Schroef de koppeling (02/1) tot aan de aan-
slag richting de snoeikop (02/2) (02/a).
4.2 Verlengen/verkorten van de
telescoopsteel (03) De telescoopsteel (03/1) kan traploos worden versteld. Zo kunt u de lengte precies zo aanpas- sen, als nodig is voor de beoogde werkzaamhe- den.
1. Draai de klembout (03/2) los (03/a), tot de
klemming is opgeheven.
2. Verschuif de telescoopsteel, tot de gewenste
4.3 Monteren van zaagblad en zaagketting
(04 - 08) VOORZICHTIG! Letselgevaar door zaagketting De snijranden van de zaagketting zijn zeer scherp en kunnen, bij het hanteren van de zaagketting snijletsel veroorza- ken. Denk voor alle werkzaamheden aan de kettingzaag aan het volgende:
Schakel het apparaat uit en verwijder altijd de accu.
Draag veiligheidshandschoenen.
1. Draai de bevestigingsschroef (04/1) van het
kettingwieldeksel (04/2) los (04/a). Verwijder de bevestigingsschroef en het kettingwieldek- sel.
2. Draai de kettingspanschroef (05/1) los met
de schroevendraaier aan de inbussleutel. Draai zo lang aan de kettingspanschroef, tot de spanpen (05/2) zich aan het achterste ein- de van het schroefdraad bevindt (05/a).
3. Leg de zaagketting om het zaagblad:
De tanden (06/1) van de zaagketting (06/2) moeten aanliggen bovenop het zaagblad en moeten richting het zaag- bladeinde (06/3) wijzen (06/a). Opmerking:Let erop, dat de ketting op juiste wijze is gemonteerd!
Leg de zaagketting in de groef (06/4) van het zaagblad en draai deze volledig om het zaagblad.
4. Leg het zaagblad met gemonteerde zaagket-
Leg de zaagketting (07/1) om het ketting- wiel (07/2).
Plaats het zaagblad (07/3) zo, dat beide geleidepennen (07/4) door het sleufgat (07/5) in het zaagblad steken.
Plaats het zaagblad zo, dat de ket- tingspanpen (07/6) door een van beide kettingspangaten (07/7) steekt.
Plaats de zaagketting zo, dat deze ge- heel aanligt in de groef van het zaagblad en rond het kettingwiel.
5. Plaats het kettingdeksel (08/1) en de bevesti-
gingsschroef (08/2) en draai de schroef vast (08/a).
6. Spannen van de zaagketting (zie Hoofdstuk
4.4 "Spannen en ontspannen van de zaag-
ketting (09)", pagina55).
4.4 Spannen en ontspannen van de
1. Span de zaagketting, gebruik hiervoor de
schroevendraaier aan de inbussleutel:
2. Controleren van de kettingspanning (zie
Hoofdstuk 8.1 "Kettingspanning controleren", pagina57). Herhaal, indien nodig, de hier- boven vermelde stappen.NL 56 CSA 2020 Ingebruikname
4.5 Kettingzaagolie bijvullen (10)
In uitleveringstoestand is het apparaat NIET gevuld met kettingzaagolie! LET OP! Kans op schade aan het apparaat Bij gebruik van het apparaat zonder ket- tingzaagolie raken de zaagketting en het zaagblad beschadigd.
Gebruik het apparaat nooit zonder kettingzaagolie.
Vul voor aanvang van de werkzaam- heden de olietank met ketting- zaagolie en controleer het oliepeil re- gelmatig gedurende de werkzaamhe- den.
Controleer minimaal voor elke start van de werkzaamheden of de ket- tingsmering correct functioneert. De levensduur en de zaagcapaciteit van de zaag- ketting zijn afhankelijk van een optimale smering. Tijdens gebruik wordt de zaagketting automatisch bevochtigd met olie. LET OP! Kans op schade aan het apparaat Bij gebruik van afgewerkte olie voor de kettingsmering, zorgen de metaaldeeltjes die hierin zijn opgenomen voor een extra hoge slijtage aan het zaagblad en de zaagketting, zodat deze vroegtijdig ver- sleten raken. Bovendien vervalt hierdoor de garantie van de fabrikant.
Gebruik nooit afgewerkte olie, maar uitsluitend biologisch afbreekbare kettingzaagolie. LET OP! Gevaar voor milieuschade Het gebruik van minerale olie voor de kettingsmering leidt tot ernstige milieus- chade.
Gebruik nooit minerale olie, maar uit- sluitend biologisch afbreekbare ket- tingzaagolie. Controleer het oliepeil elke keer voor aanvang van de werkzaamheden en elke keer bij het ver- wisselen van de accu en vul, indien nodig, ket- tingzaagolie bij:
1. Controleer het oliepeil in het kijkglas (10/1)
van de olietank. Er moet altijd olie te zien zijn. Het minimale en het maximale oliepeil mogen niet worden onder- resp. overschre- den.
2. Zet de hoogsnoeizaag horizontaal op een
stevige ondergrond en houd deze vast.
3. Reinig het gebied rondom de vuldop van de
4. Schroef de vuldop van de olietank.
Gebruik een trechter om het bijvullen te vergemakkelijken.
Er mag geen vuil in de olietank te- rechtkomen.
5. Vul de tank met biologisch afbreekbare ket-
tingzaagolie. Controleer daarbij het oliepeil in het kijkglas van de olietank. Laat de olietank niet overstromen!
6. Draai de vuldop weer vast op de olietank.
4.6 Draagriem aanbrengen op het apparaat
(19) De bijgeleverde draagriem brengt de belasting over op uw bovenlichaam.
1. Draagriem (19/2) over uw schouder hangen.
2. Karabijnhaak van de draagriem in het oog
(19/1) van het apparaat haken.
3. Door de gesp te verschuiven, de lengte van
de draagriem zodanig aanpassen dat u het apparaat gemakkelijk kunt dragen.
4. Enkele werkbewegingen uitvoeren met het
uitgeschakelde apparaat, om de lengte van de draagriem te testen. Lengte van de draagriem aanpassen, indien nodig. 5 INGEBRUIKNAME
De meegeleverde accu is gedeeltelijk opgeladen. De accu moet voor het eerste gebruik compleet worden opgeladen. De accu kan in elke wille- keurige laadtoestand worden opgeladen. Het is niet slecht voor de accu als het opladen wordt onderbroken. OPMERKING Neem de gedetailleerde gegevens uit de meegeleverde gebruiksaanwijzing van de accu en de oplader in acht.442216_a 57 Bediening
5.2 Accu plaatsen en verwijderen (11)
Accu plaatsen (11/a)
1. Schuif de accu (11/1) in de accu-uitsparing
(11/2), tot deze vastklikt. Accu verwijderen (11/b)
1. De ontgrendelingsknop (11/3) op de accu
(11/1) indrukken en ingedrukt houden.
2. Accu eruit trekken.
6 BEDIENING VOORZICHTIG! Gevaar voor verbranding Tijdens het gebruik wordt het transmis- siehuis heet.
Raak het transmissiehuis niet aan.
6.1 Apparaat in- en uitschakelen (12)
Apparaat inschakelen
1. Breng het apparaat in werkpositie.
2. Druk de ontgrendelingsknop (12/1) op het ap-
paraat in en houd deze ingedrukt (12/a).
3. Druk de aan/uit-schakelaar (12/2) in en houd
4. Laat de ontgrendelingsknop los. Zodra het
apparaat loopt, is het niet meer nodig de ont- grendelingsknop ingedrukt te houden. De ontgrendelingsknop dient ervoor het onbe- doeld starten van de kettingzaag te verhinde- ren. Apparaat uitschakelen
1. Aan/uit-schakelaar (12/2) loslaten.
7 WERKHOUDING EN WERKTECHNIEK
(14 - 18) WAARSCHUWING! Verhoogd gevaar voor vallen Er bestaat verhoogd gevaar voor vallen als het werk wordt uitgevoerd vanuit een verhoogde positie (bijv. ladder).
Werk altijd vanaf de grond met het apparaat en zorg er daarbij voor dat u veilig staat.
Volg de veiligheidsinstructies op.
Ga zo staan dat de snede, zoveel mogelijk, in een hoek van 90° ten opzichte van de tak kan worden uitgevoerd (14/a).
Zaag dikke takken stuksgewijs af, zodat u meer controle heeft over de plaats waar deze stukken neervallen (15/1).
Zaag nooit in de verdikking van de takaanzet, om de heling van de wond optimaal te laten verlopen en aantasting ervan te voorkomen (16).
Duw de hoogsnoeier met de boomklauw (17/1) tegen de tak (17/2) (17/a), om de zaag tegen de tak te stabiliseren.
Maak voordat u de tak afzaagt (18/b) eerst een insnede (18/a) in de onderkant van de tak. Zo voorkomt u dat de bast afscheurt en een moeilijk helende wond aan de boom ont- staat. De insnede mag niet dieper zijn dan 1/3 van de takdikte, om te voorkomen dat de hoogsnoeier vastgeklemd raakt.
Trek de hoogsnoeizaag altijd met draaiende zaagketting uit de tak, zodat deze niet klem kan raken.
8 ONDERHOUD EN VERZORGING
WAARSCHUWING! Gevaar voor snijletsel Gevaar voor snijletsel als gevolg van contact met scherpe en bewegende de- len van het apparaat, zoals het snijblad.
Schakel voorafgaand aan onder- houds-, verzorgings- en reinigings- werkzaamheden altijd het apparaat uit. Verwijder de accu.
Draag bij onderhouds-, verzorgings- en reinigingswerkzaamheden altijd beschermende handschoenen.
8.1 Kettingspanning controleren
VOORZICHTIG! Letselgevaar door zaagketting De snijranden van de zaagketting zijn zeer scherp en kunnen, bij het hanteren van de zaagketting snijletsel veroorza- ken. Denk voor alle werkzaamheden aan de kettingzaag aan het volgende:
Schakel het apparaat uit en verwijder altijd de accu.
Draag veiligheidshandschoenen. Controleer de kettingspanning regelmatig, want nieuwe zaagkettingen rekken nog iets uit.
1. Trek de zaagketting met de hand iets vooruit
en controleer daarbij:NL 58 CSA 2020 Onderhoud en verzorging
In koude toestand: De zaagketting is cor- rect gespannen wanneer deze in het mid- den van het zaagblad nog ca. 3 tot 4 mm kan worden opgetild en met de hand ge- makkelijk kan worden doorgetrokken. Bij de bedrijfstemperatuur wordt de zaagket- ting langer en hangt deze iets door.
De geleiderelementen van de zaagket- ting mogen aan de onderkant van het zaagblad niet uit de groef komen, de zaagketting zou dan los kunnen schieten.
2. Indien nodig, span de zaagketting (zie Hoofd-
stuk 4.4 "Spannen en ontspannen van de zaagketting (09)", pagina55).
8.2 Controleren van de kettingsmering
Controleer de werking van de automatische ket- tingsmering door de hoogsnoeizaag aan te zetten en het uiteinde te richten naar een karton of een stuk papier op de ondergrond. LET OP! Kans op schade aan het apparaat Contact tussen de zaagketting en de grond leidt onvermijdelijk tot een stompe ketting.
Voorkom contact tussen de ketting en de grond en houd steeds een vei- ligheidsafstand van 20 cm aan!
1. Apparaat inschakelen.
2. Wijs met de punt van het zaagblad richting
een op de grond liggend stuk karton of pa- pier.
Wanneer zich bij deze test een steeds duidelijker wordend oliespoor vormt, werkt de automatische oliesmeerfunctie correct.
Wanneer zich, ondanks een volle olie- tank, geen oliespoor vormt: Reinig de olietoevoeropening in het apparaat en de groef in het zaagblad (Reinigen van het zaagblad). Mocht dit het probleem niet verhelpen, neem dan contact op met onze klantenservice.
8.3 Zaagketting en zaagblad
8.3.1 Vervangen van de zaagketting en het
zaagblad Vervangen van de zaagketting en het zaagblad De zaagketting en het zaagblad worden blootge- steld aan aanzienlijke slijtage. Vervang de zaag- ketting en het zaagblad direct als een storings- vrije werking niet langer gewaarborgd blijkt.
8.3.2 Zaagblad omkeren
Om eenzijdige slijtage van het zaagblad te voor- komen, moet dit bij elke kettingvervanging wor- den omgekeerd.
8.3.3 Zaagketting slijpen
VOORZICHTIG! Letselgevaar door terugslag Bij een beschadigde of foutief geslepen zaagketting is het terugslagrisico groter! Dit kan leiden tot ernstig letsel.
Controleer de zaagketting regelmatig op beschadigingen en vervang deze, indien nodig.
Wanneer u niet weet hoe u een zaagketting moet slijpen: Neem dan contact op met de klantenservice. De zaagketting moet in de volgende situaties worden geslepen:
Wanneer in plaats van spanen alleen nog zaagsel wordt uitgestoten.
Wanneer de hoogsnoeizaag tijdens het za- gen door het hout heen moet worden ge- drukt. Voor onervaren gebruikers: laat de zaagketting slijpen door een vakman/klantenservice. Wan- neer u de zaagketting zelf slijpt, dient u de vol- gende waarden in acht te nemen. Accessoires zijn verkrijgbaar via de vakhandel. Kettingtype Vijldiameter Kophoek Ondersnij- hoek Kophellings- hoek (55°) Dieptemaat442216_a 59 Opslag Kettingtype Vijldiameter Kophoek Ondersnij- hoek Kophellings- hoek (55°) Dieptemaat Draaihoek van het ge- reedschap Hellingshoek van het ge- reedschap Zijwaartse hoek Oregon 91P033X 5/32" 30° 0° 80° 0,025" Dieptemaat Vijl OPMERKING Neem bij het slijpen zo min mogelijk ma- teriaal weg! Om uw zaagketting te slijpen, raden wij het gebruik van een kettingslijpapparaat aan.
8.3.4 Reinigen van het zaagblad
1. Reinig met regelmaat het zaagblad, de groef
in het zaagblad en de olietoevoeropening.
2. Verwijder de braam, die de zaagketting mo-
gelijk aan het zaagblad heeft achtergelaten, met behulp van een platte vijl. 9 OPSLAG Na elk gebruik het apparaat grondig reinigen en – indien beschikbaar – alle veiligheidsafdekkingen aanbrengen. Apparaat op een droge, afsluitbare plaats en buiten het bereik van kinderen bewa- ren. Voor aanvang van onderbrekingen in het gebruik die langer duren dan 30 dagen, moeten de vol- gende werkzaamheden worden uitgevoerd:
1. Leeg de olietank voor de kettingzaagolie.
2. De zaagketting en het zaagblad afnemen,
reinigen en insmeren met corrosiewerende olie.
3. Reinig het apparaat grondig en bewaren de-
ze in een droge ruimte. LET OP! Kans op schade aan het apparaat Opgedroogde/vastgekleefde ketting- zaagolie brengt bij langer durende opslag schade toe aan olievoerende onderdelen.
Verwijder voorafgaand aan langduri- ge opslag altijd de kettingzaagolie uit het apparaat. 10 TRANSPORT Voer voor het begin van het vervoer de volgende maatregelen uit:
1. Apparaat uitschakelen.
2. Accu verwijderen uit het apparaat.
3. Accu verpakken volgens de voorschriften (zie
hieronder). OPMERKING De nominale energie van de accu(s) be- draagt minder dan 100Wh. Neem de vol- gende transportrichtlijnen in acht! De gemonteerde Li-ion accu is onderhevig aan de wet inzake gevaarlijke goederen, maar kan eenvoudig worden getransporteerd:
Door de privégebruiker kan de onbeschadig- de accu zonder bijkomende voorwaarden openbaar worden getransporteerd, voor zo- ver ze individueel verpakt is en voor privé transportdoeleinden dient. De maximale ge- wichtsgrenzen voor apart verzonden accu's moeten worden aangehouden:NL 60 CSA 2020 Verwijderen
max. 30kg totaal gewicht per pakket tij- dens het vervoer over de weg, het spoor en water
geen maximale gewichtsgrens bij lucht- vervoer maar max. 2stuks per pakket
Wanneer een beschadiging van de accu wordt vermoed, (bijv. door het laten vallen van het apparaat) is het vervoer niet toege- staan.
Commerciële gebruikers, die het transport in het kader van hun hoofdactiviteit uitvoeren (bijv. leveringen van en naar werven of de- monstraties), kunnen ook van deze vereen- voudigde maatregel gebruik maken. In beide hierboven vermelde gevallen moeten ab- soluut voorzorgsmaatregelen worden genomen om te voorkomen dat de inhoud wordt gemorst. In andere gevallen moeten de voorschriften van de bepaling inzake gevaarlijke goederen absoluut in acht worden genomen! Bij het niet in acht ne- men kunnen de afzender en eventueel ook de vervoerder boetes opgelegd krijgen. Bijkomende instructies voor transport en verzending
Transporteer of verzend de lithium-ion accu’s alleen in onbeschadigde toestand!
Verpak het apparaat zo dat het onbedoeld starten van het apparaat tijdens het transport onmogelijk is.
Verpak het apparaat in een sterke externe verpakking (transportdoos). Gebruik indien mogelijk de originele verpakking van de fabri- kant.
Zorg voor de juiste identificatie en documen- tatie van de zending tijdens het vervoer of de verzending (bijv. door een pakketdienst of ex- peditiebedrijf):
Tijdens het transport over de weg, het spoor en water moet op de verpakking een waarschuwingsetiket zijn aange- bracht, wanneer de accu(s) zich bij het apparaat bevinden. Als de accu(s) in het apparaat zijn geplaatst of zijn ingebouwd, is geen waarschuwingsetiket vereist, om- dat de buitenste verpakking/originele ver- pakking al moet voldoen aan bepaalde voorschriften.
Voor het vervoer door de lucht moet in elk geval een waarschuwingsetiket op de verpakking zijn aangebracht. De maxima- le gewichtsgrenzen voor accu's die sa- men met het apparaat worden verzon- den, moeten worden aangehouden: max. 5kg accugewicht per pakket en max. 2stuks per pakket, als de accu(s) zich bij het apparaat bevinden.
Neem vooraf inlichtingen of een transport met de door u gekozen transporteur mogelijk is, en breng duidelijke instructies op uw pak- ket aan. Wij bevelen aan om een specialist in gevaarlijke goederen bij de voorbereiding van de verzending te betrekken. Neem ook eventuele verdere natio- nale voorschriften in acht. 11 VERWIJDEREN Advies over de wetgeving inzake elektrische en elektronische apparaten (ElektroG)
Oude elektrische en elektronische ap- paraten horen niet thuis bij het huis- houdelijke afval, maar moeten geschei- den worden aangeboden of verwijderd!
Gebruikte batterijen of accu’s, die niet vast in het apparaat ingebouwd zijn, moeten voor de verwijdering worden gedemonteerd! De recycling ervan wordt door de batterijwetgeving be- heerst.
Bezitters of gebruikers van elektrische en elektronische apparatuur zijn wette- lijk tot teruggave na gebruik verplicht.
De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wissen van zijn persoonlijke gegevens op het te verwijderen ge- bruikte apparaat! Het symbool van de afvalemmer met de schuine streep erdoor betekent, dat elektrische en elek- tronische gebruikte apparaten niet via het ge- woon afval mogen worden verwijderd. Elektrische en elektronische apparaten kunnen op de volgende verzamelpunten gratis worden af- gegeven:
Openbare recycling- en verzamelpunten (bijv. milieuparken)
Verkooppunten van elektrische apparatuur (vast en online), voor zover handelaren tot te- rugname verplicht zijn of deze vrijwillig aan- bieden. Deze voorschriften zijn alleen voor toepassing op apparaten die in landen van de Europese Unie geïnstalleerd en verkocht werden en die beant- woorden aan de Europese richtlijn 2012/19/EU. In landen buiten de Europese Unie kunnen afwij-442216_a 61 Klantenservice/service centre kende voorschriften gelden voor het verwijderen van afgedankte elektrische en elektronische ap- paraten. Over de batterijwetgeving (in Duitsland: BattG)
Gebruikte batterijen en accu’s horen niet bij het gewone afval, maar moeten afzonderlijk worden weggedaan!
Zie de gebruikershandleiding om tot een veilige verwijdering van batterijen of accu’s uit het elektrische apparaat over te kunnen gaan en voor informatie over het type of het chemisch systeem.
Bezitters of gebruikers van batterijen en accu’s zijn wettelijk tot teruggave na gebruik verplicht. De teruggave is be- perkt tot de normale huishoudelijke hoeveelheden. Gebruikte batterijen kunnen schadelijke stoffen of zware metalen bevatten, die het milieu en de ge- zondheid schade kunnen toebrengen. Het herge- bruiken van gebruikte batterijen en het opnieuw gebruiken van de grondstoffen draagt bij tot het behoud van deze belangrijke goederen. Het symbool van de afvalemmer met de schuine streep erdoor betekent, dat gebruikte batterijen en accu’s niet via het gewoon afval mogen wor- den verwijderd. Wanneer ook de vermelding Hg, Cd of Pb onder de afvalemmer is aangebracht, betekent dit het volgende:
Hg: de batterij bevat meer dan 0,0005% kwik
Pb: de batterij bevat meer dan 0,004% lood Accu’s en batterijen kunnen op de volgende ver- zamelpunten gratis worden afgegeven:
Openbare recycling- en verzamelpunten (bijv. milieuparken)
Verkooppunten van batterijen en accu’s
Een verzamelpunt van het gemeenschappe- lijke recycling systeem voor gebruikte appa- raten en batterijen
Een verzamelpunt van de fabrikant (indien hij geen lid is van het gemeenschappelijke recy- cling systeem) Deze voorschriften zijn alleen voor toepassing op accu’s en batterijen die in landen van de Europe- se Unie verkocht werden en die beantwoorden aan de Europese richtlijn 2006/66/EU. In landen buiten de Europese Unie kunnen afwijkende be- palingen voor de recycling van accu’s en batterij- en gelden. 12 KLANTENSERVICE/SERVICE CENTRE Voor vragen over garantie, reparatie of reserve- onderdelen kunt u contact opnemen met het dichtstbijzijnde AL-KOservice centre. Deze vindt u op internet op het volgende adres: www.al-ko.com/service-contacts
13 HULP BIJ STORINGEN
VOORZICHTIG! Risico op letsel Onderdelen met scherpe randen en draaiende onderdelen kunnen letsel ver- oorzaken.
Draag bij onderhouds- en reinigings- werkzaamheden altijd beschermende handschoenen! Storing Oorzaak Oplossing Motor draait niet. Accu is leeg. Accu opladen. Accu ont- breekt of ac- cu is niet goed ge- plaatst. Accu correct plaatsen. De voeding is onderbro- ken.
Plaats de accu weer. Motor loopt met onder- brekingen In/uit-scha- kelaar is de- fect. Bezoek een AL- KO-servicepunt.NL 62 CSA 2020 Hulp bij storingen Storing Oorzaak Oplossing Het zaagblad en de zaag- ketting draai- en warm. Rookontwik- keling. De zaagket- ting is te strak ge- spannen. Controleer de kettingspanning. Zaagketting dan naspannen. De olietank is leeg. Vul ketting- zaagolie bij. De olietoe- voeropening en/of de groef in het zaagblad zijn/is ver- vuild. Reinig de olie- toevoeropening en de groef in het zaagblad. De motor draait, maar de zaagket- ting beweegt niet. De zaagket- ting is te strak ge- spannen. Controleer de kettingspanning. Zaagketting dan naspannen. Storing in het apparaat Bezoek een AL- KO-servicepunt. In plaats van spanen wordt alleen nog zaagsel uitge- stoten. De hoogsnoei- zaag moet door het hout worden ge- duwd. De zaagket- ting is stomp. Slijp de zaagket- ting of bezoek een AL-KO-ser- vicepunt. Apparaat trilt meer dan normaal. Storing in het apparaat Bezoek een AL- KO-servicepunt. Het vermo- gen van de accu neemt duidelijk af. Levensduur van de accu is afgelopen. Accu vervan- gen. Gebruik al- leen originele toebehoren van de fabrikant. Accu kan niet worden opge- laden. Accucontac- ten zijn vuil. Bezoek een AL- KO-servicepunt. Accu of opla- der defect. Vervang de ac- cu of oplader. Gebruik alleen originele toebe- horen van de fa- brikant. Accu is te warm. Laat de accu af- koelen. OPMERKING Neem contact op met onze klantenser- vice bij storingen die niet in deze tabel staan vermeld of die u niet zelf kunt op- lossen.442216_a 63 Garantie 14 GARANTIE Eventueel binnen de wettelijke termijn voor aansprakelijkheid optredende materiaal- of fabricagefouten van het apparaat worden naar eigen oordeel door ons verholpen, hetzij door reparatie of door levering van een vervangend apparaat. De geldende termijn voor aansprakelijkheid hangt in elk geval af van de wetgeving in het land waarin het apparaat werd aangeschaft. Onze garantie geldt alleen bij:
naleving van deze gebruikershandleiding
Gebruik van originele reserveonderdelen De garantie vervalt bij:
Eigenhandig uitgevoerde reparatiepogingen
Eigenhandig aangebrachte technische wijzi- gingen
Gebruik voor andere doeleinden dan het ge- bruiksdoel Van de garantie zijn uitgesloten:
lakschade opgetreden als gevolg van normaal gebruik
Slijtageonderdelen die op de reserveonderdelenkaart met een kader xxxxxx (x) zijn aangeduid De garantietermijn begint bij de aanschaf door de eerste eindgebruiker. Maatgevend is daarbij de da- tum op de kassabon. Ga met deze garantieverklaring en de originele kassabon naar uw dealer of naar de dichtstbijzijnde klantenservice. Deze verklaring laat het vorderingsrecht van de koper jegens de ver- koper wegens defecten aan het apparaat onverlet.
Notice-Facile