WWP 45 - Waterpomp Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WWP 45 Kärcher in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over WWP 45 Kärcher
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WWP 45 - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WWP 45 van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING WWP 45 Kärcher
Algemene instructies 17
Toebehoren en reserveonderdelen 17
Leveringsomvang 17
Veiligheidsinstructures 17
Beschrijving apparatus 18
Eerste inbedrijfstelling 18
Inbedrijfstelling 18
Werkling 19
vervoer 19
Opslag. 19
Klein en groot onderhoud. 19
Hulp bij stongen 20
Garantie 20
EU-conformiteitsverklaring 20
Algemene instructies

Voordat u het apparaat voor het eerst
gebruikt, dient u deze originele ge
bruiksaanwijzing en de meegeleverde
veilgheidsinstructures door te lezen deze in acht te nemen.
Bewaar bereits documenten voor later gebruik of volgende eigenaards.
Deze vullwaterpomp mag nicht in gesloten ruimtes worden gebruikt, maar uitsuijtend buiten.
Deze voulpomp is nicht voor gebruik in levensmid-delenbeireken toeqestaan.
Met de pomp mag alleen zoet water worden gespompt.
Gebruik van brandbare stoffen zoals benzine, diesel of stockolie is weg brand- en explosiegevaar verboden.
Het pompen van zout water, zuren, chemicaliën en andere corrosiebevorderende stoffen kan de pomp beschadigen.
Deze vuilwaterpomp is in leveringstoestand voor gebruik op een hoogte van maximaal 1500m boven zee-niveau bedoeld. Hij kan door een geautorieerde klantenservice aan gebruik voor hogere niveaus worden aangepast.
Als een apparaat dat aan gebruik op hogere niveaus werd aangepast onder deze hoogte worden gebruikt, kan de motor door overheting onnbruikbaar worden.
Milieubescherming

Het verpakkingsmaterial is recyclebaar. Gooi verpakkingen met het geschaden afval weg. Elektrische en elektronische apparaten bevatten waardevolle recyclebare materialien en vaak onderden zoals batterijen, accu's of olie, die bij onjuiste omgang of verkeerd veglooien een
mogelijk gevaar voor de gezondheid en het milieu kuren vormen. Voor een correct gebruik van het apparaat zijn deze onderdelenECHTER noodzakelijk. Apparaten met dit symbol mogen Niet met het huisvuil worden weggegooid.
Instructies voor inhoudsstoffen (REACH)
Actuelle informatione over inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.nl/REACH
Toebehoren en reserveonderdelen
Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reserveondelerden. Deze garanderen een veilige en storingsvrij wekerng van het apparaat.
Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com.
Leveringsomvang
Controleer de inhoud bij het uilpakken op volledigheid. Bij ontbrecend toebehoren of bij transportschade neemtu contact op met uw distributeur.
Veiligheidsinstructies
Gevarenniveaus
GEVAAR
- Aanwijzing voor direct dreigend gevaar dat tot zware of dokelijke verwondingen leidt.
WAARSCHUWING
- Aanwijzing voor een möglichke gevaarlijke situatie die tot zware of dodelijkke verwondingen kan leiden.
VOORZICHTIG
- Aanwijzing voor een möglichke gevaarlijke situatie die tot lichte verwondingen kan leiden.
LET OP
- Aanwijzing voor een möglichke gevaarlijke situatie die tot materiaanse schade kan leiden.
Veiligheidsinstructies
GEVAAR
- Gevaar voor letsel.
- Dit apparaat mag nicht worden gezbrukt door Personen met een fysiieke, sensorische of verstendelijk beperking of een gebrek aan ervaring en/of kennis.
Houd toezicht op kinderen om ervoor te zorgen dat ze nicht met het apparaat spelen. - Kinderen enjongerenmogen het apparaat Niet gebruiken.
Explosiegevaar. - Gebruik het apparaat nooit in explosieve zones.
- Neem de desbetreffende verligheidsvoorschriften in acht, als u het apparaat in bevaren-zones (bijvoorbeeld tankstations) gebruikt.
Tank alleen de in de gebruiks-aanwijzing vermelde brandstof.
Tank alleen met uitgezette motor.
Tank Niet in afgesloten ruimtes. - Rook en open vuur is verboden.
Zorg er bij het tanken voor dat op de hete oppervlakken geen brandstofterechtkomt. - Sluit de deksel van de brandstoftank na het tanken.
- Gebruik het apparaat Niet, als brandstof ward gemorst. Breng het apparaat waar een andere plek en voorkom vonkvorming.
-
Bewaar brandstof alleen in hiervoor toegestane reservoirs.
-
Bewaar brandstof nicht in de buurt van open vuur of apparaten die een ontstekingsvlam hebben of vonden vormen (bijvoorbeeld kachels, verwarmingsketels of boilers).
- Sproei geen starthulpspray in het luchtfilter.
- Brandgevaar.
Houd tussen Licht ontvlambare voorwerpen en de geluid-demper een minimumafstand van 2 m aan. - Plaats het apparaat Niet in bos-, struik- of graslandschappen, tenzij de uitlaat met een vonkenvanger werk uitgerust.
Houd kinderen en andere personen uit het werkbereik. - Gebruik het apparaat Niet, als het brandstofsysteme beschadigd of ndicht is. Controller het brandstofsysteme regelmatig.
Laat het apparaat voor de opslag in gesloten ruimtes afkoelen.
Gevaar voor elektrische schok
Raak de bougie of de ontstekingskabel nicht aan, als het apparaat in werking is.
WAARSCHUWING
- Gezondheidsrisico
- Uitlaatgassen zijn giftig. Adem geen uitlaatgassen in. Gebruik het apparaat nooit in gesloten ruimtes. Zorg voor voldoende beluchting en afvoer van emissiegassen.
Zorg ervoor dat in de buurt van luchtinlaten geen uitlaatgasemissies optreden.
Voorkom herhaaldelijk of langdurig contact van brandstof of motorolie en de huid en adem geen brandstofdampen in.
△VOORZICHTIG
- Gevaar voor verbranding
Raak geen hete oppervlakken zoals geluidemper, cilinders of koelribben aan.
Gevaar voor gehoorschade
- Gebruik het apparaat zich zo der geluiddemper. Controller de geluiddemper regelmatig en LAST een defeche geluid-demper verrangen.
LET OP
- Beschadigingsgevaar
-
Gebruik alleen originele delen van de fabrikant.
-
Oude brandstof kan leiden t afzettingen in de carburateur en kan zo het motorvermogen negatiefbeinvloeden. Gebruik uitsluitend neue brandstof.
-
Verstel geen regelveren of stangen die kuren leiden tot verhoging van het motortoerental.
-
Gebruik het apparaat Niet met verwijderd luchtfilter.
- Trek nicht aan het startkoord, als het apparaat in werkig is.
- Let op voldoende beluchting om oververhitting van het apparaat te voorkomen.
- Tap bij vorstgevaar het wateruit de pomp af.
Symbolen op het apparaat

WAARSCHUWING
Explosiegevaar, brandgevaar.
Benzine kan door ondeskundige hantering leiden tot brand of explosions.
Lees deze违法行为。
Gebruik het apparaat Niet in gesloten ruimten of gedeel- telijk omstolen terreinen.
Zet de motor voor het tanken uit
Tank alleen tot 16 mm onder de bovenrand van de tank, zodat voldoende ruimte voor de eventuale expansie van de brandstof overblift.

△VOORZICHTIG
Heet oppervlak
De uItlaat van het apparaat worden tijdens bedrif zeer heen kan leiden tot verbrandingen. Vermijd contact met de uItlaat.

WAARSCHUWING
Gevaar voor gehoorschade en oog-letsel.
Draag een vertigheidsbrin en gehoorbescherming wanner u het apparat gebruikt.
Beschrijving apparatus
Abeeldingen, zie omslagpagina
Abfebding A
① Apparaatschakelaar
(2)Trekdraadstarter
③Luchtfilter
④Vulopening
(5) Deksel brandstoffank
Brandstoffank
(1)Oliepeilstok
⑧Dieaftapplug
9Uitgang
Zuigopening
(1)Water-aftapschoef
12 Typeplaaije
(13)Brandstofkraan
(14)Chokehendel
15Gashendel
Symbolen op het apparatus
AIR CLEANER MAINTENANCE
CLEAN THE FILTERING ELEMENT EVERY 50 HOURS (EVERY 10 HOURS UNDER DUSTY CONDITIONS).WASH IN HIGH FLASH-POINT SOLVENT. SQUEEZE DRY. THEN DIP IN CLEAN ENGINE OIL AND SQUEEZE OUT EXCESS OIL.
Luchtfilter om de 50 uur reinigen, in stoffige omgevingen om de 10 uur (zie "Verzorging en onderhoud/luchtfilter reinigen").

Instructie voor het controeren van het oliepeil.
Chokehendel
Gashendel
Eerste inbedrijfstelling
Olie bijvullen
- Het apparaat horizontaal plaatsen.
- De oliepeilstok eruit draaien.
- De motorolie bijvullen. Instructe: De motorolie is nicht bij de leveringsom-vang inbegren. De hoeveelheid en oliesoorten staan vermeld in het hoofdstuk "Technische geve-yens".
- De oliepeilstok schoonvegen.
- De oliepeilstok er helmaal insteken, maar nicht vast-schroeven.
- De oliepeilstok eruit trekken. Het oliepeil moet zich in het gemarkeerde deel van de oliepeilstok bevinden.
- Bij een laag oliepeil de motorolie bijvullen.
- De oliepeilstok erin draaien en vastdraaien.
Inbedrijfstelling
Oliepeil controlleren
- Het apparaat horizontala plaatsen.
- De oliepeilstok eruit draaien
- De oliepeilstok schoonvegen.
- De oliepellistok er—helemaal insteken, maar niet inschroeven.
- De olielseilstok eruit draaien. Het olielseil moet zich in het gemarkeerde deel van de olielseilstok bevinden.
- Bij laag oliepeil de motorolie bijvullen
- De oliepeilstok erin draaien en vastdraaien.
Brandstof tanken
- Het deksel van de brandstoftank eraf schroeven.
- De brandstof tot maximaal de onderrand van de vullopening vullen.
- Het deksel van de brandstofank erop zetten en vastdraien.
Pompplaatsen
Het debiet van de pomp hangt zeer sterk af van de gebruiksomstandigheden. De inachtneming van de volgende regels leidt tot een optima vermogen.
- Het hoogteverschil tussen wateroppervlak en pomp zo gering als möglichk honden.
- De pomp zodenig opstellen dat de aanzuigslang zo kort möglichk is.
- Een lange drukslang is voordeliger dan een lange aanzuigslang.
- Geen onnodig lange slangen gebruiken.
Slangen aansluten
- De slangklem op de aanzuigslang schuiven. Afbeelding B
①Aanzuigslang (niet meegeleverd)
(2) Slangklem
(3) Blangnippel
4Wartelmoer
(5)Platte afdichting
-
De wartelmoer op de slangnippel schuiven.
-
De aanzuigslang op de slangnippel schuiven.
-
De slangklem positioneren en vastdraaien.
-
De platte afdichtingussen aanzuiagaansluiting en slangnippel leggen. Instructie: Als aanzuigslang moet een verstevigde voor onderdruk geschikte slang worden gebruikt.
-
De aanzuigslang met de aanzuigaansluiting verbinden en de wartelmoer vastdraaien.
-
Het zuigfilter aan het andere einde van de aan-zuigslang aanbrengen.
Afbeelding C
①Aanzuigslang (niet meegeleverd)
② Slangklem
③Zuigfilter
-
De血液循环 (niet bijgeleverd) van slangnippel, wartelmoer en slangklem voorzien.
-
Een platte affdichting tussen siangnippel en uitgang leggen.
-
De drukslang met de uitgang verbinden en de wartelmoer vastdraalen.
Werking
Pompontluchten
LET OP
Beschadigingsgevaar
Als de pomp droogloopt, worden de afdichtingen beschadigd.
Ontlucht de pomp voor inbedrijfstelling. Als de pomp onbedoeld droog worden gebruikt, de motor onmiddelijk stoppen en de pomp lately akfoelen alvorens met ontluchten te beginnen.
-
De aflsuiing van de vulopening eruit schroeven.
-
De pomp volledig met water vullen
-
De afsluitig weer in de vulopening draaien en vastdraaien.
Apparaat starten
-
De pomp ontluchten.
-
De brandstofkraan openen.
-
De chokehendel maar links schuiven.
-
De gashendel ongeveer 1/3 van de totale weg naar links schuiven.
-
De apparaatschakelaar op "I" zetten
-
Langzaam aan de trekdraadstarter trekken tot een sterke watstand merkbaar is, en dan steig trekken.
-
De trekdraadstarter langzaam teruggeleiden.
LET OP
Beschadigingsgevaar
De terugeschietende trekdraadstarter beschadigt het apparaaal.
De trekdraadstarter langzaam teruggeleiden.
-
Als de motor is gestart, de chokehendel waar rechts schuiven.
-
De gashendel maar links schuiven tot het gewenste torenteral is bereikt. Het debiet van de pomp hangt af van het torenteral.
-
De werkung van de pomp controeren. Drooglopen beschadigt de pomp. Als de pomp geen water pomp, de motor uitzetten en ontluchting van de pomp herhalen.
Apparaat in een noodgeval uitschakelen
- Zet de apparaatschakelaar op "0".
Apparaat uitschakelen
-
Gashendel helemaal maar rechts schuiven.
-
Zet de apparaatschakelaar op "0".
-
Brandstofkraan sluiten.
Water aftappen
-
Water-aftapschroef eruit draaien.
-
Water uit de pomp aftappen.
-
Afsluiting van de vulopening eruit schroeven.
-
Pomp met vers water spoelen.
-
Vers water aftappen.
-
Afsluiting van de vulopening erin schroeven en vastdraalen.
-
Water-aftapschroef erin draaien en vastdraaien.
Vervoer
Voor het transport de apparaatschakelaar op "0" zieten.
-
De motor voor het verlagen minstens 15 minutes lasting afkoelen.
-
Het apparaatijdens transport verticaal houden om morsen van brandstof te voorkomen.
-
Tijdens transport in voertuigen het apparaat conform de richtlijnen gegen wegrollen, weglijken en kantelen beweigeln.
-
Het gewicht van het apparraatijdens transport in acht nemen.
Opslag
VOORZICHTIG
Niet in acht nemen van het gewicht Gevaar voor letsel en beschadiging
Houd bij de opslag rekening met het gewicht van het apparaat.
LET OP
Beschadigingsgevaar
Leg geen zware voorwerpen op het apparaat. Apparaat drogen en stofvrij opsslan.
Apparaat reinigen
Voor opslag moet het apparaat worden gereinigd.
1. Het apparaat een half uur latent afkoelen, als het te kort in gebruik was.
2. De pomp met helder water schoonspoelen.
3. Het apparaat met weinig water van buiten met de
hand wassen.
4. Alle bereikbare oppervlakken droog wrijven.
5. De water-aftapschroef eruit draaien en water aftappen.
6. De water-aftapschroeif erin draaien en vastdraaien
7. Oppervlakken die gevoelig zijn voor roestlicht met olie behandelen.
8. De bedienelementen met siliconenspray smeren.
Opslagduur 1...2 maanden
- Benzinstabilisator in de brandstoffank vullen. 2. De brandstoffank bijvullen.
Opslagduur 2...12 maanden
Bovendien:
1. De brandstofkraan sluiten.
2. Een reservoir onder de carburateur plaatsen.
Afbeelding D
①Carburateur
(2)Aftapschroef
3. De aftapschroef eruit draaien.
4. De brandstof in het reservoir opvangen.
5. De aftapschroef erin draaien en vastdraaien.
6. De bezinkbeker reinigen (zie "Verzorgung en onderhoud/bezinkbeker controleren en reinigera").
Opslagduur meer dan 12 maanden
Bovendien:
1. De bougie eruit draaien.
2. 5...10 cm ^3 Motorolie in de cilinder vullen.
3. De trekdraadstarter er meertere keren langzaam doortrekken, zodat de olie in de motor worden verdeeld.
4. De bougie er weein schroeven.
5. De olie verversen (zie "Verzorging en onderhoud/ olie verversen").
6. Langzaam aan de trekdraadstarter trekken tot een sterke waarstand merkbaar is.
Klein en groot onderhoud
GEVAAR
Letselgevaar, gevaar door elektrische stroomstoot. Het apparataan kan overwacht starten. Bewegende denlen kuren letselveroorzaken.
Trek voor onderhoudswerkzaamheden de bougiesteker los.
VOORZICHTIG
Verbrandingsgevaar.
Aanraken van hete apparaatdelen kan leiden tot brandwonden.
Laat het voertuig afkoelen, alvorens er werkzaamheden aan uit te voeren.
Beschrijving, zie "Inbedrijfstelling".
* Beschrijving, zie "Onderhoudswerkzaamheden".
Onderhoudsintervallen
Voor elk gebruik
- Het apparaat op correcte toestand en bedrifsveiligheid controlleren. Beschadig apparaat niel in gebruik nemen.
- Het oliepeil controeren.
- Het lucftfilter controleren.
Een keer na 1 maand of 20 bedrijfsuren
- De olie verversen.
Elke 3 maanden of 50 bedrijfsuren
- Het luchtfilter reinigen.
In stoffige omgevingen de reiniging vaker uitvoeren
Elke 6 maanden of 100 bedrijfsuren
- De olie yerversen.
-
De bezinkbeker reinigen.
-
De bougie controleren en reinigen.
- De vonkenvanger (niet bijgeleverd) reinigen.
Jaarlieks door de geauthoriseerde klantenservice
- De klepspeling controleren en instellen
- De brandstoftank en het brandstofffilter reinigen.
- Het luchtfilterinzetstuk verwangen.
- De bougie verrangen.
- Het standgas-toerental controlleren/instellen.
- De klepspeling controleren/instellen
- Het schoepenwiel van de pomp controeren.
- De spleet全过程 behuizing en schoepenwiel controlleren.
- De inlaatklep van de pomp controleren.
Elke 2aar door de geauthoriseerde klantenservice
- De brandstofleiding controleren, indien nodig ver-vangen.
- De verbrandingsruimte van de motor reinigen.
Onderhoudswerkzaamheden
Luchtfilter controlleren
- De lussen optillen en de deksel verwijderen.
Afbeelding E
①Deksel
②Lus
(3) Luchtfilterinzetstuk
2. Het luchtfilterinzetstuk op verruiling controeren. Het luchtfilter indien nodig reingen of bij beschadiging verwangen (zie "Luchtfilter reingen").
3. De deksel erop doe en laten vergrendelen.
Luchtfilter reinigen
LET OP
Beschadigingsgevaar
Als het luchtfliterinzetstuk ontbreekt, kan binnendringen stof de motor onbruikbaar make.
Gebruik het apparaat Niet zonder luchtfilterinzetstuk.
1. Schoepenwiel openen (zie "Luchtfilter controleren")
2. Het luchtfilterinzelstuk eruit nemen.
3. Het luchtfilterinzetstuk in warm water met schoonmaakmiddel wassen en met holder water spoelen. Instructie: Voer de oliehoudende wasoplosing milieuvriendelijk? af.
4. Het luchtfilterinzetstuk latent drogen.
5. Het luchtfilterinzerstuk in schone motorolle dompeelen en overtollige oile eruit drukken.
6. Het luchtfilterinzetstuk weeplaatsen.
7. Het deksel plaatsen.
8. De vergrendelingen sluiten.
Olie verversen
De olieverversing uitvoeren, als de motor warm is.
- De oliepeillstok erui
Afbeelding F
①Oliepeilstok
②Dieaftapplug
2. De olieaftapschroef er met de afdichting uittdraaien en de olie opvangen.
3. De olieaflapschroef met afdiching indraaien en vastdraalien.
4. Het apparaat horizontal neerzetten
5. De motorolie (voor oliesoort zich "Technische geveens") afmeten en bij de opening voor de oliepellstok bijvullen.
6. Het oliepeil controlleren (zie "Inbedrijfstelling").
7. De oliepeilstok erin draaien en vastdraaien.
8. De oude olie milieuvriendelijk afvoeren.
Bezinkbeker reinigen
De bezinkbeker scheidt water van benzine
- De brandstofkraan sluiten.
- De bezinkbeker losschroeven.
Afbeelding G
1Bezinkbeker
(2) Schroef
- De bezinkbeker met O-ring verwijderen.
- De bezinkbeker en de O-ring met Niet-brandbaar oplosmiddel reinigen en lately drogen.
- De bezinkbeker en de O-ring aanbrengen en vast-schroeken.
- De brandstofkraan openen.
- Afdlichtingussenbezkbekerencarburateur controleren.
- De brandstofkraan sluiten.
Bougie controlleren en reinigen
- De bougiestekker lostrekken.
Afbeelding H
①Bougiestekker
② Bougie
- De omgeving van de bougie reinigen zodate geen vuil in de motor dringt als de bougie wordt verwijderd.
- De bougie eruit schroeven.
- Een bougie met verslieten elektrode of gebroken isolator verrangen.
- De elekrodestafstand van de bougie controeren. Instelwaarde 0,7...0,8 mm.
- DeADFlichting van de bougie op beschadiging controleren.
LET OP
Beschadigingsgevaar
Een losse bougie kan oververhitten en de motor beschadigen. Een te vast aangedraide bougie beschadigt het schroefdraad in de motor.
Neem de volgende aanwijzingen voor het vastdraaien van de bougie in acht.
- De bougie er voorziglicht met de hand indraaien. Het schroefdraad net kantenen.
- De bougie er met de bougiesleutel helemaal indraaien en als volgt vastdraaien.
a Een gebruikte bougie 1/8...1/4 omdraaing vastdraaien.
b Een neue bougie 1/2 omdraailing vastdraien.
- De bougiestekker erop steken.
Hulp bij storingen
Laat alle controles en werkzaamheden aan elektrische delen doeen een vakman ultvoeren.
Neem bij storinge die nicht in dit hoofdstuk worden vermelt contact op met een bevoede klangtenservice.
- De brandstofkraan openen.
- De chokehendel maar links schuiven.
- Stel de apparaatschakelaar op "I" in.
- Brandstof in de tank vullen.
- Het oleieeil controlleren, indien nodig bijvullen.
- De brandstoffank en de carburateur legen. Nieuwe brandstoff tanken.
- De bougie controleren (zie "Verzorgung en onderhoud/bougie controleren en reinigen").
- Een natte bougie latenten drogen. Vervolgens de motor met gashendel in volle gasklepstand starten.
- De bezinkebeker reinigen (zie "Verzorgung en onderhoud/bougie controeren en reinigen").
Motorvermogen gering
- Het luchtfilter controlleren.
- De brandstoffank en de carburateur legen. Nieuwe brandstoff tanken.
Pompompt geen water
- De pomp ontluchter
- De aanzuigslang op dichtheid en gaten controleren.
- De platte afdichting tussen apparaat en aan
zuigslang controlleren
- Een stabielere aanzuigslang gebruiken.
- Het aanzuigfilter compleet onderdompelen.
- Het aanzuigfilter schoonmake.
- De pomp dichter bij de waterbronplaatsen. Hoogteverschil tussen pomp en wateroppervlak verkleinen.
8. Kortere slangen gebruiken.
Gering debiet
- De aanzuigslang op dichtheid en gaten controleren.
- De platte afdichtingussen apparaat en aanzuigslang controlener.
- Een stabielere aanzuigslang gebruiken
- Het aanzuigfilter compleet onderdompelen.
- Het aanzuigfilter schoonmake
- De pomp dichter bij de waterbronnen paatsen. Hoogteverschilussenpomp en wateroppervlak verkleinen.
- Kortere slangen gebruiken.
Garantie
In elk land gelden de garantievoorwaarden die door onze verantwoordelijkere verkoopmaatschappij zijn uitgegeven. Mogelijkste storigen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode Gratis, voor zover een materiaal- of fabricagebout de oorzaak is. Als u gebruik wilt makesen van de garantie, neemt u met uw aankoopbon contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde geauroiserde klantenservice.
(adres zie ache terzijde)
Technische gegevens
WWP 45
Pomp
Nominate wijdte" 3
Opbrengst maximaal I/h 45000
Aanzuighoogte (max.) m 7
Opvoerhoogte (max.) m 2 5
Verbrandingsmotor
Motortype Eencilinder
Type 4-takt
Koeltype Luchtgekoeld
Cylinderinhoud cm³ 196
Motorrendement kW/PS 5,1/6,9
Brandstoftype Benzine, min. 88 octaan
Inhoud brandstoftank I 3,6
Gebruiksduur bij volle tank h 2,1
Hoeveelheid motorolie 1 0,5
Type oie 10 W-30
Bougietype F5T,F6TJC,F7TJC
Afmetingen en gewichten
Length mm 580
Breedte mm 440
Hoogte mm 450
Gewicht zonder brandstof kg 36
CO2-Emissions conform de meetprocedure van EU-verordering 2016/1628 Euro V
Motor
g/kWh
790
Technische wizzigingen voorbehonden.
EU-conformiteitsverklaring
Hiermee verklaren wij dat de hierna vermelde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt gebrachte uitvoerung voldoet aan de relevante veilighides- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een Niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine vertleist deze verwklaring zich geldigheid. Product: Vuilwaterpomp
Type: 1.812-xxx
Relevant EU-richtlijnen
2006/42/EG (+2009/127/EG)
2014/30/EU
2011/65/EU
Toegepaste geharmoniseerde normen
EN 809:1998:A1:2009+AC:2010
EN 61000-6-3:2007+A1:2011+AC:2010
EN 61000-6-1:2007
Toegepaste conformiteitswaarderingsprocedure
2000/14/EG:Bijlage V
De ondergelektenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie.
Gevolmachtigde voor de documentatie: S. Reiser
Alfred Karcher SE & Co. KG
Alfred-Karcher-Str. 28 - 40
gbsallalb 1e golalgalgo 2
aalb Jc baaill gbsgs
gagg ggbjll ojgwl aizg0
baal aal> baall gai jbalao ulg> gog .5
logbbaaWgbsu
jiasiall jaiial
algoaagbaaillggaalaaalp
1aBglgbrjull 7
C a>la|o
(aullssaaia)laaiilgloj
gbsjll ojgaw ②
alu (palil sioo oao) laolall pgbj 8
0g 0g 0g 0g 0g
iagpajl aal 2a bao ugeo .9
alalgolp>awgiaialgo baiall ggbjJoo.10
#
a#
4
- a4 = a1 + 3 = 10
.
aiaai, huiw ai 151.012xuWU, hao zuaai cuo ca maa
aiaai/1j0g jai// 1c jai// sla/sas
gao 1og/(w)
cJall a0d0d0d0
.
1gol>1wq eJall a29 0s1aill wj ola]
jglzjj
1 + u1 - 1 = ( 1 + u) u1 < 1 = u
0000
JUWJ11g211Ej893
Jlll aalll lla>1/3 jg> gglg 4
"!"goglljgljglzao gog .5
aagai aagai jai jai jai w jai 6
ogj
jJ 7
1.0000
Jall 11 aW x, all, fawll w,
aalllgglgds
J 1000000000000000000000000000
JcElaJIe JcJaaill aai p sll jaei Jaaip 1
jolll jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil jil
abjaiagwllbsc
aui|aL>
a 100
a1g aag slgo aagSLUg aLgSLg