MAKITA AN902 - Nietmachine

AN902 - Nietmachine MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis AN902 MAKITA in PDF-formaat.

📄 144 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MAKITA AN902 - page 37
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : AN902

Categorie : Nietmachine

Download de handleiding voor uw Nietmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AN902 - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AN902 van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING AN902 MAKITA

Rolnagelpistool Gebruiksaanwijzing

  • Lees de gebruiksaanwijzing.
  • Draag een veiligheidsbril.
  • Draag gehoorbescherming.
  • Het gereedschap heeft de mogelijkheid om te werken in de functie voor herhaaldelijk schieten.
  • Niet gebruiken op stellingen, ladders, enz.
  • In verband met ononderbroken research en ontwikke- ling behouden wij ons het recht voor bovenstaande technische gegevens te wijzigen zonder voorafgaande kennisgeving.
  • De technische gegevens kunnen van land tot land ver- schillen. ENE059-2 Gebruiksdoeleinden Dit gereedschap is bedoeld voor voorbereidende afbouw, zoals het bevestigen van vloerbalken of dakspanten en stijl- en regelwerk in houtskeletbouw (2″ x 4″). Het gereedschap is uitsluitend bedoeld voor professio- nele toepassingen met hoge volumes. Gebruik het niet voor enig ander doel. Het is niet bedoeld om bevesti- gingsmiddelen rechtstreeks in een hard oppervlak (zoals staal of beton) te schieten. ENB132-1

WAARSCHUWINGEN VOOR PNEUMATISCH

NAGELPISTOOL/NIETPISTOOL WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidswaar- schuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. Omwille van uw persoonlijke veiligheid en de juiste wer- king en onderhoud van het gereedschap, leest u deze gebruiksaanwijzing alvorens het gereedschap te gebrui- ken. Algemene veiligheidswaarschuwingen

1. Al het overige gebruik buiten het beoogde

gebruik van dit gereedschap is verboden. Gereedschappen die bevestigingsmiddelen aanbrengen door middel van continu herhaaldelijk schieten of herhaaldelijk schieten mogen uitsluitend worden gebruikt in productietoepassingen.

2. Houd uw vingers uit de buurt van de trekker

wanneer u het gereedschap niet gebruikt en wanneer u het verplaatst van de ene werkplek naar de andere.

3. Meerdere gevaren. U moet de

veiligheidsinstructies lezen en begrijpen voordat u het gereedschap aansluit, loskoppelt, laadt, bedient, onderhoudt, van accessoires voorziet of in de buurt ervan werkt. Als u dit niet doet, kan dat leiden tot ernstig lichamelijk letsel.

4. Houd alle lichaamsdelen, zoals handen, benen,

enz., uit de schietrichting en verzeker u ervan dat het bevestigingsmiddel niet door het werkstuk heen in een lichaamsdeel kan schieten.

5. Wees bij gebruik van het gereedschap erop

bedacht dat het bevestigingsmiddel kan afketsen en letsel kan veroorzaken.

6. Houd het gereedschap stevig vast en wees

voorbereid om de terugslag op te vangen.

7. Alleen vakbekwame gebruikers mogen het

bevestigingsgreedschap bedienen. Model AN902 Luchtdruk 0,49 – 0,83 MPa (4,9 – 8,3 bar) Bevestigingsmiddel Type Draad-type nagelrol Lengte 45 – 90 mm Diameter Φ2,5 – 3,8 Nagellengte Draadgesorteerde rolnagel 45 mm – 90 mm Capaciteit nagelmagazijn 150 – 300 st. Min. diameter slang 6,5 mm Olie voor pneumatisch gereedschap ISO VG32 of gelijkwaardig Afmetingen (L x B x H) 318 mm x 128 mm x 378 mm Netto gewicht 3,5 kg 1 Trekker 2 Wisselhendel 3 Magazijn 4 Contactschoen 5 Olie voor pneumatisch gereed- schap 6 Stelring 7 Uitsteeksel 8 Opening 9 Neusbeschermkap 10 Deur 11 Vergrendelingshendel 12 Magazijnkap 13 Rolsteunplaat 14 Schaalverdeling 15 Toevoerklauw 16 Luchtinlaat 17 Mof van luchtslang 18 Herhaaldelijk-schietenfunctie 19 Enkelvoudig-opeenvolgend- schietenfunctie 20 HamerWisselhendel 21 Dunne staaf 22 Aftapkraan 23 Luchtfilter 24 Oliespuit 25 Pneumatische olie38

8. Wijzig het bevestigingsgreedschap niet.

Wijzigingen kunnen de effectiviteit van de veiligheidsvoorzieningen verlagen en de risico’s voor de gebruiker en/of omstanders vergroten.

9. Gooi de gebruiksaanwijzing niet weg.

10. Gebruik het gereedschap niet als het

gereedschap beschadigd is.

11. Wees voorzichtig bij het hanteren van de

bevestigingsmiddelen, met name bij het laden en verwijderen, omdat de bevestigingsmiddelen scherpe punten hebben die letsel kunnen veroorzaken.

12. Controleer het gereedschap altijd vóór gebruik

op kapotte, verkeerd aangesloten of versleten onderdelen.

13. Reik niet te ver. Gebruik uitsluitend op een

veilige werkplek. Zorg altijd voor een stevige stand en goede lichaamsbalans.

14. Houd omstanders uit de buurt (bij het werken op

een plaats waar waarschijnlijk mensen voorbij komen). Zet uw werkgebied duidelijk af.

15. Richt het gereedschap nooit op uzelf of anderen.

16. Plaats uw vinger nooit om de trekker wanneer u

het gereedschap oppakt, wanneer u naar een andere werkplek of -positie gaat, en wanneer u met het gereedschap loopt omdat de vinger om de trekker tot onbedoelde bediening van het gereedschap kan leiden. Voor gereedschappen waarop de bedieningsfunctie kan worden gekozen, controleert u altijd het gereedschap vóór gebruik om er zeker van te zijn dat de correcte bedieningsfunctie is gekozen.

17. Draag uitsluitend handschoenen die voldoende

gevoel en een veilige bediening van de trekker en alle afstelmogelijkheden bieden.

18. Als u het gereedschap neerlegt, legt u het neer

op een vlakke ondergrond. Als u de haak van het gereedschap gebruikt, hangt u het gereedschap veilig op een stabiel oppervlak op.

19. Bedien het gereedschap niet onder invloed van

alcohol, drugs en dergelijke. Gevaren door projectielen

1. Het bevestigingsgereedschap moet worden

losgekoppeld wanneer bevestigingsmiddelen worden verwijderd, afstellingen worden gemaakt, vastgelopen bevestigingsmiddelen worden verwijderd en accessoires worden verwisseld.

2. Let er tijdens gebruik op dat de

bevestigingsmiddelen het materiaal correct penetreren en niet kunnen afketsen of per ongeluk in de richting van de gebruiker en/of omstanders worden geschoten.

3. Tijdens gebruik kan afval vanaf het werkstuk en

het bevestigings-/verzamelsysteem worden weggeworpen.

4. Draag tijdens het gebruik van elektrisch

gereedschap altijd een veiligheidsbril om uw ogen te beschermen tegen letsel. De bril moet voldoen aan ANSI Z87.1 in de Verenigde Staten, aan EN 166 in Europa, en aan AS/NZS 1336 in Australië en Nieuw-Zeeland. In Australië en Nieuw-Zeeland is het wettelijk verplicht om tevens een spatscherm te dragen om uw gezicht te beschermen. Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever om ervoor te zorgen dat geschikte bescher- mingsmiddelen gebruikt worden door de gebrui- kers van het gereedschap en anderen in de onmiddellijke omgeving van de werkplek.

5. De risico’s voor anderen moeten worden

beoordeeld door de gebruiker.

6. Wees voorzichtig met gereedschappen zonder

contactschoen omdat deze onbedoeld kunnen worden afgeschoten en letsel kunnen veroorzaken bij de gebruiker en/of omstanders.

7. Zorg er altijd voor dat het gereedschap veilig op

het werkstuk is geplaatst en niet kan wegglijden.

8. Draag gehoorbescherming om uw oren te

beschermen tegen het uitlaatgeluid en draag hoofdbescherming. Draag tevens lichte maar geen losse kleding. Manchetten moeten dichtgeknoopt zijn of de mouwen moeten worden opgerold. Draag geen stropdas. Gevaren bij gebruik

1. Houd het gereedschap correct vast: wees

voorbereid om normale of plotselinge bewegingen, zoals terugslag, op te vangen.

2. Zorg voor een goede lichaamsbalans en stevige

n geschikte veiligheidsbril moet worden gebruikt en geschikte handschoenen en beschermende kleding worden aanbevolen.

4. Geschikte gehoorbescherming moet worden

5. Gebruik de correcte voeding, zoals beschreven

in de gebruiksaanwijzing.

6. Gebruik het gereedschap niet op bewegende

platformen of in de laadruimte van vrachtwagens. Door een plotselinge beweging van het platform kunt u de controle over het gereedschap verliezen en kan letsel worden veroorzaakt.

7. Ga er altijd vanuit dat in het gereedschap

bevestigingsmiddelen zitten.

8. Werk niet gehaast en forceer het gereedschap

niet. Hanteer het gereedschap voorzichtig.

9. Zorg ervoor dat u tijdens het gebruik van het

gereedschap stevig staat en uw evenwicht goed bewaart. Controleer dat er niemand onder u staat wanneer u op een hoge plaats werkt, en maak de luchtslang vast om gevaarlijke situaties te voorkomen als er plotseling aan wordt getrokken of deze bekneld raakt.39

10. Op daken en andere hoge plaatsen schroeft u

bevestigingsmiddelen erin terwijl u voorwaarts beweegt. U glijdt gemakkelijk weg als u bevestigingsmiddelen erin schroeft terwijl u achterwaarts kruipt. Als u bevestigingsmiddelen in een rechtopstaande ondergrond schroeft, werkt u van boven naar beneden. U kunt op deze manier schroeven zonder snel vermoeid te raken.

11. Een bevestigingsmiddel zal krom gaan of het

gereedschap kan vastlopen als u per ongeluk bovenop een ander bevestigingsmiddel of in een knoest in het hout schroeft. Het bevestigingsmiddel kan wegschieten en iemand raken, of het gereedschap zelf kan gevaarlijk terugslaan. Kies de plaats voor het bevestigingsmiddel met zorg.

12. Laat het geladen gereedschap of de

luchtcompressor onder druk, niet gedurende een lange tijd in de zon liggen. Zorg ervoor dat stof, zand, houtsnippers en vreemde stoffen niet kunnen binnendringen in het gereedschap op de plaats waar u het laat liggen.

13. Probeer nooit tegelijkertijd van binnenuit en van

buitenaf bevestigingsmiddelen erin te schroeven. De bevestigingsmiddelen kunnen er dwars doorheen schieten of afketsen en een groot gevaar opleveren. Gevaren door herhalende bedieningen

1. Wanneer een gereedschap gedurende een lange

tijd wordt gebruikt, kan de gebruiker een oncomfortabel gevoel ervaren in de handen, armen, schouders, nek of andere lichaamsdelen.

2. Bij gebruik van een gereedschap moet de

gebruiker een geschikte en ergonomische houding aannemen. Zorg ervoor dat u stevig staat en vermijd lastige en ongebalanceerde houdingen.

3. Als de gebruiker symptomen ervaart, zoals

aanhoudende of terugkerende ongemakken, pijn, kloppingen, tintelen, gevoelloosheid, brandend gevoel of stijfheid, mag u deze tekenen niet negeren. De gebruiker dient een vakbekwame zorgmedewerker te raadplegen aangaande zijn algemene activiteiten.

4. Het ononderbroken gebruik van het

gereedschap kan leiden tot RSI (Repetitive Strain Injury) als gevolg van de terugslag van het gereedschap.

5. Om RSI (Repetitive Strain Injury) te voorkomen,

mag de gebruiker niet te ver reiken of buitensporige kracht uitoefenen. Bovendien moet de gebruiker rusten wanneer hij/zij zich moe voelt.

6. Voer een risicobeoordeling uit met betrekking tot

het gevaar van zich herhalende bewegingen. Deze moet zich richten op skelet- spieraandoeningen en dient bij voorkeur te zijn gebaseerd op de aanname dat een afname van de vermoeidheid tijdens het werken effectief is in het verminderen van de aandoeningen. Gevaren door accessoires en verbruiksartikelen

1. Koppel de voeding, zoals perslucht, gas of accu

al naar gelang van toepassing, naar het gereedschap los alvorens accessoires zoals de contactschoen te verwisselen/vervangen, of het gereedschap af te stellen.

2. Gebruik uitsluitend de grootte en het type

accessoires die door de fabrikant worden geleverd.

3. Gebruik uitsluitend smeermiddelen aanbevolen

in deze handleiding. Gevaren door de werkplek

1. Uitglijden, struikelen en vallen zijn de

hoofdoorzaken van letsel op de werkplek. Wees bedacht op gladde oppervlakken veroorzaakt door het gebruik van het gereedschap en tevens op struikelgevaar veroorzaakt door de persluchtslang.

2. Wees extra voorzichtig in een onbekende

omgeving. Er kunnen verborgen gevaren zijn, zoals elektriciteits- of andere nutsleidingen.

3. Dit gereedschap is niet voor gebruik in

omgevingen met explosiegevaar en is niet geïsoleerd tegen aanraking van stroomvoerende kabels.

4. Verzeker u ervan dat er geen elektriciteitskabels,

gasleidingen, enz. zijn die een gevaarlijke situatie zouden kunnen veroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap.

5. Houd uw werkplek schoon en zorg voor goede

verlichting. Op een rommelige of donkere werkplek gebeuren vaker ongevallen.

Er kunnen plaatselijk regels gelden met

etrekking tot geluid, waaraan u zich dient te houden door de geluidsproductie onder het voorgeschreven niveau te houden. In bepaalde gevallen moeten geluidsschermen worden gebruikt om het geluidsniveau te beperken. Gevaren door stof en uitlaatgassen

1. Controleer altijd de omgeving. De lucht die het

gereedschap uitstoot, kan stof of voorwerpen wegblazen die de gebruiker en/of omstanders kunnen raken.

2. Richt de uitlaat zodanig dat in een zeer stoffige

omgeving het opwerpen van stof minimaal is.

3. Als stof of voorwerpen worden uitgestoten in de

werkomgeving, vermindert u de uitstoot zo veel mogelijk om de gezondheidsrisico’s en kans op letsel te verkleinen. Gevaren door geluid

1. Onbeschermde blootstelling aan hoge

geluidsniveaus kan leiden tot permanente en onherstelbare gehoorschade en andere problemen zoals tinnitus (sis-, fluit-, brom- of pieptonen in het oor).

2. Voer een risicobeoordeling uit met betrekking tot

gevaren door geluid op de werkplek en tref geschikte beheersmaatregelen voor deze gevaren.

3. Geschikte methoden om het risico te verkleinen

zijn onder andere het gebruik van dempingsmaterialen die voorkomen dat werkstukken ‘meezingen’.

4. Gebruik geschikte gehoorbescherming.

5. Bedien en onderhoud het gereedschap zoals

aanbevolen in deze instructies om een onnodige toename van het geluidsniveau te voorkomen.

6. Tref geluidsverminderende maatregelen,

bijvoorbeeld door het werkstuk op geluiddempende ondersteuning te plaatsen.40 Gevaren door trillingen

1. De trillingsemissie tijdens gebruik is afhankelijk

van de grijpkracht, de contactdruk, de werkrichting, de afstelling van de voeding, het werkstuk en de ondersteuning van het werkstuk. Voer een risicobeoordeling uit met betrekking tot gevaren door trillingen en tref geschikte beheersmaatregelen voor deze gevaren.

2. Blootstelling aan trillingen kan onherstelbare

schade aanrichten aan de zenuwen en bloedvaten van de handen en armen.

3. Draag warme kleding tijdens het werken onder

koude omstandigheden, en houd uw handen warm en droog.

4. U kunt gevoelloosheid, tintelen, pijn of

verdroging van de huid van uw vingers of handen ervaren. Vraag een vakbekwame bedrijfsarts om medisch advies aangaande uw algemene activiteiten.

5. Bedien en onderhoud het gereedschap zoals

aanbevolen in deze instructies om een onnodige toename van de trillingsniveaus te voorkomen.

6. Houd het gereedschap vast met een lichte, maar

veilige greep omdat het risico door trillingen doorgaans groter is wanneer de grijpkracht hoger is. Aanvullende waarschuwingen voor pneumatische gereedschappen

1. Perslucht kan ernstig letsel veroorzaken.

2. Sluit altijd de luchttoevoer af en koppel het

gereedschap los van de luchttoevoer wanneer u het niet gebruikt.

3. Koppel het gereedschap altijd los van de

persluchttoevoer voordat u accessoires verwisselt, afstellingen en/of reparaties uitvoert, en het gereedschap verplaatst van de ene werkplek naar de andere.

4. Houd uw vingers uit de buurt van de trekker

wanneer u het gereedschap niet gebruikt en wanneer u het verplaatst van de ene werkplek naar de andere.

5. Richt de perslucht nooit op uzelf of iemand

6. Een zwiepende slang kan ernstig letsel

veroorzaken. Controleer altijd op beschadigde of losse slangen of koppelingen.

7. Draag een pneumatisch gereedschap nooit aan

8. Sleep een pneumatisch gereedschap nooit aan

9. Bij gebruik van pneumatische gereedschappen

mag u nooit de maximumwerkdruk (ps max) overschrijden.

10. Pneumatische gereedschappen mogen

uitsluitend worden gevoed door perslucht van de laagste druk die vereist is voor de werkwijze om het geluids- en trillingsniveau te verlagen en de slijtage te minimaliseren.

11. Als zuurstof of brandbaar gas wordt gebruikt om

pneumatische gereedschappen te bedienen, ontstaat brand- en explosiegevaar.

12. Wees voorzichtig bij het gebruik van

pneumatische gereedschappen aangezien het gereedschap koud kan worden waardoor de grip en controle kunnen afnemen. Aanvullende waarschuwingen voor gereedschappen met de mogelijkheid van herhaaldelijk schieten

1. Plaats uw vinger nooit om de trekker wanneer u

het gereedschap oppakt, wanneer u naar een andere werkplek of -positie gaat, en wanneer u met het gereedschap loopt omdat de vinger om de trekker tot onbedoelde bediening van het gereedschap kan leiden. Voor gereedschappen waarop de bedieningsfunctie kan worden gekozen, controleert u altijd het gereedschap vóór gebruik om er zeker van te zijn dat de correcte bedieningsfunctie is gekozen.

2. Op dit gereedschap kan de bedieningswijze

worden gekozen uit herhaaldelijk schieten of continu schieten door middel van een bedieningsfunctie-keuzeknop, of het gereedschap werkt met herhaaldelijk schieten of continu schieten en is gemarkeerd met het bovenstaande symbool. Het beoogde gebruik is voor productietoepassingen, zoals pallets, meubels, huizenbouw, stoffering en plaatwerk.

3. Bij gebruik van dit gereedschap waarbij de

bedieningswijze kan worden gekozen, controleert u altijd of het in de correcte bedieningsfunctie staat.

4. Gebruik dit gereedschap niet in de

bedieningsfunctie herhaaldelijk schieten in toep assingen zoals het sluiten van kisten of kratten en het bevestigen van transportbeveiligingssystemen op vrachtwagens en aanhangers.

5. Wees voorzichtig bij het verplaatsen van de ene

bevestigingsplaats naar de andere. Veiligheidsvoorzieningen

1. Controleer voor gebruik dat alle

veiligheidssystemen goed werken. Het gereedschap mag niet werken als alleen de trekkerschakelaar wordt ingeknepen of als alleen de contactschoen op het hout wordt gedrukt. Het gereedschap mag alleen werken als beide handelingen tegelijkertijd worden uitgevoerd. Test op mogelijke defecte werking wanneer geen bevestigingsmiddelen zijn geladen en de aandrukker helemaal uitgetrokken is.

2. De trekker vastzetten in de AAN-stand is zeer

gevaarlijk. Probeer nooit de trekker vast te zetten.

3. Probeer niet de contactschoen voortdurend

ingedrukt te houden met tape of draad. Dit kan leiden tot de dood of ernstig letsel.

4. Controleer altijd de contactschoen volgens de

instructies in deze gebruiksaanwijzing. Als het veiligheidsmechanisme niet goed werkt, kunnen bevestigingsmiddelen per ongeluk worden ingedraaid. Service

1. Voer reinigings- en onderhoudswerkzaamheden

onmiddellijk uit nadat u klaar bent met werken. Houd het gereedschap in optimale conditie. Smeer bewegende delen om roesten te voorkomen en slijtage door wrijving te minimaliseren. Veeg alle stof van de onderdelen af.41

2. Vraag een erkend Makita-servicecentrum

regelmatig het gereedschap te inspecteren.

3. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van

het gereedschap te handhaven, dienen onderhoud en reparaties te worden uitgevoerd door een erkend Makita-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele Makita- vervangingsonderdelen.

4. Houd u aan de plaatselijke regelgeving bij het

verwerken van het gereedschap. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereed- schap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig per- soonlijk letsel.

BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN

(Fig. 1) INSTALLEREN Kiezen van de compressor De luchtcompressor moet voldoen aan de vereisten van EN60335-2-34. Gebruik een compressor die ruimschoots voldoende druk en luchtopbrengst levert om een rendabele werking te verzekeren. De grafiek toont de verhouding tussen de aandrijffrequentie, de toepasselijke druk en de luchtop- brengst van de compressor. Bij voorbeeld, wanneer u nagelt met een frequentie van ongeveer 30 keer per minuut bij een druk van 0,69 MPa (6,9 bar), is een compressor met een luchtopbrengst van meer dan 80 liter/minuut vereist. Wanneer de aangevoerde luchtdruk de nominale druk van het gereedschap overschrijdt, dienen drukregelaars te worden gebruikt om de luchtdruk te verlagen tot de nominale druk. Als u dit niet doet, bestaat er gevaar voor ernstige verwonding van de gebruiker van het gereed- schap of andere personen in de nabijheid. Kiezen van de luchtslang (Fig. 2) Gebruik een zo breed mogelijke en zo kort mogelijke luchtslang om een continue en effectieve aandrijving te verzekeren. Bij een luchtdruk van 0,49 MPa (4,9 bar) is het aan te bevelen een luchtslang te gebruiken met een binnendiameter van meer dan 6,5 mm en een lengte van minder dan 20 m wanneer het interval tussen de aandrijf- beurten 0,5 seconde bedraagt. Persluchtslangen moeten een nominale minimumwerkdruk hebben van 1,03 MPa (10,3 bar) of 150 procent van de maximumdruk die door het systeem wordt geleverd, al naar gelang welke hoger is. LET OP:

  • Een lage luchtopbrengst van de compressor, een te lange luchtslang of een luchtslang met een kleinere diameter in verhouding tot de aandrijffrequentie, kun- nen leiden tot een verminderd aandrijfvermogen van het gereedschap. Smering Om optimale prestaties te krijgen dient een luchtset (olie- spuit, regulateur, luchtfilter) zo dicht mogelijk bij het gereedschap te worden geïnstalleerd. Stel de oliespuit zodanig af dat één druppel olie voor iedere 30 nagels zal worden ingespoten. (Fig. 3) Wanneer u geen luchtset gebruikt, dient u het gereed- schap te smeren met olie voor pneumatisch gereed- schap door 2 (twee) of 3 (drie) druppels olie in de luchtinlaat aan te brengen. Doe dit zowel vóór als na het gebruik. Om een goede smering te verzekeren dient u het gereedschap na het aanbrengen van de olie een paar keer af te laden. (Fig. 4)
  • Koppel altijd de persluchtslang los alvorens functies op het gereedschap af te stellen of te controleren. Nageldiepte instellen (Fig. 5) Draai de stelring om de nageldiepte in te stellen. De nageldiepte is het grootst wanneer de stelring zo ver mogelijk in richting A, aangegeven in de afbeelding, is gedraaid. De diepte wordt geringer naarmate de stelring in richting B wordt gedraaid. Als de nagels niet diep genoeg worden geschoten, zelfs niet terwijl de stelring zo ver mogelijk in richting A is gedraaid, verhoogt u de lucht- druk. Als de nagels te diep worden geschoten, zelfs niet terwijl de stelring zo ver mogelijk in richting B is gedraaid, verlaagt u de luchtdruk. Algemeen gesproken, gaat het gereedschap langer mee als het wordt gebruikt met een lagere luchtdruk en de stelring is ingesteld op een gerin- gere nageldiepte. LET OP:
  • Koppel altijd de persluchtslang los voordat u de nagel- diepte inselt. Gebruik van de neusbeschermkap (Fig. 6) LET OP:
  • Maak altijd eerst de persluchtslang los, voordat u de neusbeschermkap aanbrengt of verwijdert. Als u het oppervlak van het werkstuk wilt beschermen, brengt u de neusbeschermkap voor het contactelement aan. 0,83 Mpa (8,3 bar) 0,79 Mpa (7,9 bar) 0,69 Mpa (6,9 bar) 0,59 Mpa (5,9 bar) (l/minuut) Compressor luchtopbrengst per minuut Aandrijffrequentie (keer/minuut)

Voor het nagelen van werkstukken met een kwetsbaar oppervlak gebruikt u de neusbeschermkap. Om de neus- beschermkap op het contactelement aan te brengen, drukt u de kap er zodanig op dat de drie uitsteeksels bin- nenin de neusneusbeschermkap precies in de drie ope- ningen in het contactelement passen. INEENZETTEN LET OP:

  • Koppel altijd de persluchtslang los voordat u enige werkzaamheden aan het gereedschap verricht. De nagelrol in het gereedschap laden Kies nagels die geschikt zijn voor uw werk. Duw de ver- grendelingshendel omlaag en open de deur. Open daarna de magazijnkap. (Fig. 7) Til de rolsteunplaat op en draai deze zodat de pijl van de nagelgrootte aangegeven op de rolsteunplaat in de rich- ting wijst van de overeenkomstige maat van de schaal- verdeling op het magazijn. Als het gereedschap wordt bediend terwijl de rolsteunplaat in de verkeerde stand staat, kan dit leiden tot een slechte nageltoevoer of een storing van het gereedschap. (Fig. 8) Plaats de nagelrol op de rolsteunplaat. Wikkel de nagel- rol voldoende af om de toevoerklauw te bereiken. Plaats de eerste nagel in het stootkanaal en de tweede nagel in de toevoerklauw. Plaats andere afgewikkelde nagels op het toevoerhuis. Sluit de magazijnkap nadat u hebt gecontroleerd dat de nagelrol goed in het magazijn is geplaatst. (Fig. 9) Aansluiten van de persluchtslang (Fig. 10) Monteer de mof van de persluchtslang op de luchtinlaat van het gereedschap. Controleer of de mof stevig vastzit op de luchtinlaat van het gereedschap. Een slangkoppe- ling dient op of dicht bij het gereedschap te worden geïn- stalleerd zodat de druktank zal ontlast worden wanneer de luchttoevoerkoppeling wordt losgemaakt. BEDIENING LET OP:
  • Controleer vóór het gebruik of alle veiligheidsinrichtin- gen normaal functioneren. De bedieningsfunctie kiezen LET OP:
  • Verzeker u er altijd van dat de wisselhendel in de cor- recte stand staat voor de gewenste nagelfunctie voor- dat u begint te nagelen. Dit gereedschap is uitgerust met een wisselhendel. U kunt daarmee de enkelvoudig-opeenvolgend-schieten- functie of de herhaaldelijk-schietenfunctie kiezen. (Fig. 11) Enkelvoudig-opeenvolgend-schietenfunctie: U kunt één nagel schieten met één afzonderlijke hande- ling. Kies deze functie wanneer u een nagel voorzichtig en nauwkeurig wilt schieten. Om deze functie te kiezen, zet u de wisselhendel in de stand . Herhaaldelijk-schietenfunctie: U kunt nagels achter elkaar schieten door de contact- schoen herhaaldelijk op het materiaal te drukken terwijl u de trekker ingeknepen houdt. Om deze functie te kiezen, zet u de wisselhendel in de stand . De correcte werking controleren vóór gebruik Controleer vóór gebruik altijd de volgende punten. – Verzeker u ervan dat het gereedschap niet in werking treedt door alleen de luchtslang aan te sluiten. – Verzeker u ervan dat het gereedschap niet in werking treedt door alleen de trekker in te knijpen. – Verzeker u ervan dat het gereedschap niet in werking treedt door alleen de contactschoen tegen het werk- stuk te drukken zonder de trekker in te knijpen. – Zorg bij enkelvoudig opeenvolgend schieten ervoor dat het gereedschap niet in werking treedt door eerst de trekker in te knijpen en daarna de contactschoen tegen het werkstuk te drukken. Enkelvoudig opeenvolgend schieten Druk de contactschoen tegen het werkstuk en knijp de trekker volledig in. Haal na het nagelen de contactschoen van het werkstuk af en laat daarna de trekker los. (Fig. 12) LET OP:
  • Druk de contactschoen niet met grote kracht tegen het werkstuk. Knijp bovendien de trekker volledig in en houd deze na het nagelen gedurende 1 tot 2 seconden ingeknepen. Zelfs in de functie “enkelvoudig opeenvol- gend schieten” zal een half ingeknepen trekker leiden tot onverwacht nagelen zodra de contactschoen weer het werkstuk raakt. Herhaaldelijk schieten Knijp eerst de trekker in en druk vervolgens de contact- schoen tegen het werkstuk. (Fig. 13) Vastgelopen nagelpistool (Fig. 14) LET OP:
  • Alvorens een vastgelopen nagel te verwijderen, kop- pelt u altijd eerst de persluchtslang los en haalt u de nagelrol uit het magazijn. Wanneer het nagelpistool vastloopt, gaat u als volgt te werk: Open de magazijnkap en verwijder de nagelrol. Steek een dunne stang of iets dergelijks in de uitwerpopening en tik er met een hamer op om de vastgelopen nagel via de uitwerpopening te verwijderen. Plaats de nagelrol terug en sluit de magazijnkap. Nagels Behandel nagelstrips en hun doos voorzichtig. Door ruwe behandeling kunnen de nagelrollen vervormd raken of kunnen hun verbindingen breken zodat de nagels niet goed zullen worden aangevoerd. (Fig. 15) Bewaar de nagels niet op zeer vochtige of warme plaat- sen en ook niet in direct zonlicht. (Fig. 16) ONDERHOUD LET OP:
  • Koppel altijd de persluchtslang los van het gereedschap alvorens te beginnen met inspectie of onderhoud.
  • Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor het verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.43 Onderhoud van het gereedschap Controleer vóór het gebruik altijd of het gereedschap in goede staat is en alle schroeven stevig zijn aangedraaid. Trek de schroeven zonodig aan. (Fig. 17) Inspecteer het gereedschap dagelijks met losgekoppelde persluchtslang op vrije beweging van het contactelement en trekker. Gebruik het gereedschap niet als het contac- telement of trekker vastlopen of klemmen. (Fig. 18) Wanneer het gereedschap gedurende een lange tijd niet gebruikt gaat worden, smeert u het gereedschap met olie voor pneumatisch gereedschap en bewaart u het gereedschap op een veilige plaats. Voorkom blootstelling aan direct zonlicht en/of een vochtige of warme omge- ving. (Fig. 19 en 20) Onderhoud van de compressor, luchtset en luchtslang Tap na het gebruik altijd de compressortank en het lucht- filter af. Als er vocht in het gereedschap terechtkomt, kunnen de prestaties verslechteren en kan het gereed- schap defect raken. (Fig. 21 en 22) Controleer regelmatig of er voldoende pneumatische olie in de oliespuit van de luchtset zit. Als het gereedschap niet goed gesmeerd blijft, zullen de O-ringen snel verslij- ten. (Fig. 23) Houd de luchtslang uit de buurt van hitte (meer dan 60°C) en chemicaliën (verdunner, sterke zuren of alka- lis). Houd de slang ook uit de buurt van obstakels waar- aan deze tijdens het gebruik zou kunnen blijven haken. Plaats de slangen ook niet dicht bij scherpe randen of andere plaatsen waar de slang beschadigd of afge- schuurd zou kunnen worden. (Fig. 24) Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het product te handhaven, dienen alle reparaties en andere onderhoudswerkzaamheden of afstellingen te worden uitgevoerd door een erkend Makita servicecentrum, en dat uitsluitend met gebruik van Makita vervangingson- derdelen. OPTIONELE ACCESSOIRES LET OP:
  • Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken kan gevaar voor persoonlijke verwonding opleveren. Gebruik de acces- soires of hulpstukken uitsluitend voor het gespecifi- ceerde doel. Wenst u meer informatie over deze accessoires, neem dan contact op met het dichtstbijzijnde Makita service- centrum.
  • Sommige van de onderdelen in deze lijst kunnen bijge- leverd zijn als standaard-accessoires. Deze accessoi- res kunnen per land verschillend zijn. ENG905-1 Geluidsniveau De typisch, A-gewogen geluidsniveaus vastgesteld vol- gens EN ISO 11148-13: Geluidsdrukniveau (L

): 98,9 dB (A) Onnauwkeurigheid (K): 2,5 dB (A) Draag oorbeschermers ENG904-2 Trilling De totaalwaarde van de trillingen vastgesteld volgens EN ISO 11148-13: Trillingsemissie (a

  • De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten vol- gens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereed- schappen.
  • De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstel- ling. WAARSCHUWING:
  • De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trillingsemissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
  • Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getrof- fen ter bescherming van de gebruiker die zijn geba- seerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedu- rende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stati- onair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). EG-verklaring van conformiteit Alleen voor Europese landen De EG-verklaring van conformiteit is bijgevoegd als Bij- lage A bij deze gebruiksaanwijzing.44 ESPAÑOL (Instrucciones originales) Explicación de los dibujos ESPECIFICACIONES