Sensor P20514 - Steelpan TEFAL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Sensor P20514 TEFAL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Sensor P20514 TEFAL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Steelpan in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Sensor P20514 - TEFAL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Sensor P20514 van het merk TEFAL.
GEBRUIKSAANWIJZING Sensor P20514 TEFAL
Voordat u uw snelkookpan gebruikt, raden wij aan om alle instructies aandachtig te lezen en deze gebruiksaanwijzing altijd te raadplegen. Verkeerd gebruik kan leiden tot schade.
Met het oog op uw veiligheid, voldoet dit apparaat aan de toepasselijke normen en regelgevingen zoals:
- Richtlijn drukapparatuur
- Materialen die met levensmiddelen in contact kommen
- Milieu
| VERPLICHE CONTROLES VOOR ELK GEBRUIK | CONTROLEER■ visueel en dagelijks of de stoomuitlaat niet geblokkeerd is - fig. 16.■ of de kogel van het veiligheidsventiel zich kan bewegen - fig. 13.■ of de afdichtingsring van het deksel onder elke uitsparing van het deksel is geplaatst - fig. 11.■ of de handgrepen van de pan goed vastzitten. |
| RESPECTEER ALTIJD DE HIER VERMELDE VUL HOEVEELHEDEN | ■ Gebruik uw snelkookpan nooit zonder vloeistof, want dit kan de pan ernstig beschadigen. Zorg ervoor dat er altijd voldoende vloeistof aanwezig is tijdens het koken.■ Minimaal 25 cl.■ Maximaal 2/3 van de hoogte van de pan, marking MAX 2 - fig. 7.■ Tijdens het stomen mogen de voedingswaren in het stoommandje niet in contact komen met het water.■ Maximaal 1/3 (MAX 1) - fig. 6 voor zachte voedingsmiddelen die tijdens het koken uitzetten en/of schuimen, zoals rijst, peulvruchten, gedroogde groenten, vruchtencompotes, pompoen, courgette, wortelen, aardappelen, visfilet e.d.■ Voedingsmiddelen die in het stoommandje liggen, mogen niet boven de marking MAX 2 van de pan komen - fig. 5*. |
| VERPLICHTE CONTROLES VOOR ELK GEBRUIK | ■ Houd de snelkookpan tijdens het gebruik buiten het bereik van kinderen.■ Uw snelkookpan staat tijdens het gebruik onder druk. Verkeerd gebruik kan leiden tot verwondingen door contact met kokende vloeistoffen. Zorg ervoor dat de snelkookpan (start bullet at ‘let op’goed gesloten is voordat u deze gaat gebruiken. (Zie paragraaf «Sluiten».)■ Let erop dat het ventiel tijdens het koken altijd een zacht, sissend geluid maakt. Indien er niet voldoende stoom ontsnapt, laat u stoom vrij en controleert u of er voldoende vloeistof is en of de stoomuitlaat niet is geblokkeerd. Indien er na deze controles nog altijd geen stoom vrijkomt, zet u het vuur iets hoger.■ Bereid geen voedingsmiddelen die de leidingen van het beveiligingssysteem kunnen verstoppen:- bosbessen- parelgerst- havermoutvlokken- splitterwten- noedels, macaroni, spaghetti- rabarber- aalbessen■ Maak nooit recepten op basis van dierlijke melk klaar in de snelkookpan.■ Gebruik geen grof zout in de snelkookpan, maar voeg op het einde van de bereiding keukenzout toe. Zo vermijdt u vlekken die de bodem van de snelkookpan kunnen beschadigen.■ Gebruik de snelkookpan niet om onder druk met olie te frituren. Laat de snelkookpan niet onbewaakt achter wanneer u olie of vet verwarmt. Wanneer u rokende olie blijft verwarmen, verslechtert de kwaliteit en kan de temperatuur van de olie zodanig stijgen dat er vlammen ontstaan. Gebruik de snelkookpan niet voor andere doeleinden dan deze waarvoor deze is bedoeld.■ Zet de snelkookpan niet in een hete oven.■ Plaats nooit een los vel aluminiumpapier op een vorm in de snelkookpan.■ Plaats nooit huishoudfolie in de snelkookpan.■ Alcohol dampen zijn brandbaar. Breng de vloeistof ongeveer twee minuten aan de kook voordat u het deksel sluit. Houd de pan goed in de gaten wanneer u recepten met alcohol bereidt.■ Gebruik uitsluitend een geschikte warmtebron, zoals aangegeven in de gebruiksaanwijzing. |
| NA HET KOKEN | ■ Draai het ventiel geleidelijk (A) in de richting van het symbool fig. 10. Indien er bij het ontsnappen van de stoom abnormale hoeveelheden vrijkomen, draait u het ventiel (A) opnieuw in de kookpositie laat u de pan snel afkoelen onder koud water.■ Indien de veiligheidspen (E) niet zakt, plaatst u de snelkookpan onder koud water.■ Oefen zelf geen druk uit op deze veiligheidspen.■ Na het koken van vleesgerechten met huid (zoals ossentong), die onder druk kunnen opzwellen, prikt u niet in het vlees zolang de huid er opgezwollen uitziet. U loopt dan het risico door kokend vocht gewond te raken. Wij raden u om voor het koken in het vlees te prikken.■ Voor zachte voedingsmiddelen die tijdens het koken uitzetten en/of schuimen, zoals rijst, peulvruchten, gedroogde groenten, vruchtencompotes, pompoen, courgette, wortelen, aardappelen, visfilet e.d. laat u de snelkookpan eerst enkele minuten afkoelen. Koel de snelkookpan daarna verder af onder koud water. Schud de snelkookpan zachtjes voor het openen. Controleer eerst of de veiligheidspen naar beneden is om te vermijden dat u verbrand raakt door opstijgende stoom. Dit is zeer belangrijk wanneer u snel druk vrijlaat of na afkoeling onder koud water.■ Verplaats de snelkookpan zeer voorzichtig als deze onder druk staat. Raak de hete oppervlakken niet aan. Gebruik de handgrepen en de knoppen. Gebruik indien nodig ovenwanten.■ Voor soep raden we aan om de druk snel te verlagen onder koud water (zie paragraaf «Na het koken»).■ Let erop dat het ventiel in de drukverlagingsstand staat voordat u de snelkookpan opent. De veiligheidspen (E) moet zich in de laagste positie bevinden.■ Gebruik nooit kracht om de snelkookpan te openen. Zorg ervoor dat het drukniveau in de pan opnieuw is gedaald. De veiligheidspen (E) moet zich in de laagste stand bevinden. (Zie paragraaf «Veiligheid».) |
| ONDERHOUD | ■ Indien u merkt dat een deel van uw snelkookpan defect of gebarsten is, probeer dan in geen geval de pan te openen. Wacht totdat de kookpan volledig is afgekoeld voordat u deze verplaatst. Gebruik de pan niet en breng hem ter reparatie naar een erkend servicecentrum van TEFAL.■ Voor de beveiligingssystemen dient u zich strikt aan de instructies voor reiniging en onderhoud te houden.■ Gebruik alleen originele TEFAL-onderdelen die voor uw model geschikt zijn. Gebruik altijd een TEFAL-pan en -deksel.■ Bewaar voor of na het koken geen zure of zoute voedingsmiddelen in de snelkookpan. Deze kunnen de pan aantasten.■ Spoel en reinig de snelkookpan meteen na elk gebruik.■ Reinig het ventiel (A), de afdichtingsring (H)* en het deksel nooit in de vaatwasmachine.■ Gebruik nooit bleekmiddel of chloorhoudende producten, aangezien ze het roestvrij staal kunnen aantasten.■ Laat het deksel niet in water weken.■ Vervang de afdichtingsring elk jaar of zodra deze beschadigd is.■ Na tien jaar moet u de snelkookpan door een erkend servicecentrum van TEFAL laten nakijken. Opberging van de snelkookpan: keer het deksel om op de pan om een vroegtijdige slijtage van de afdichtingsring te voorkomen. |
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
Schematische beschrijving
A. Bedrijfsventiel
B. Stoomuitlaat
C. Lange handgreep van het deksel
D. Veiligheidsventiel
E. Veiligheidspen
F. Openingsknop
G. Positiemarkering van het bedrijfsventiel
H. Afdichtingsring van het deksel (afhankelijk van het model)
I. Stoommandje (afhankelijk van het model)
J. Steun voor het stoommandje (afhankelijk van het model)
K. Lange handgreep van de pan
L. Kookpan
M. Korte handgreep van de pan
Verplichte controles voor elk gebruik \_\_\_\_
Controle van het bedrijfsventiel

- Controleer of de stoomuitlaat van het bedrijfsventiel niet geblokkeerd is (zie paragraaf «Gebruik van het bedrijfsventiel»).
Controle van het veiligheidsventiel

- Controleer of de kogel van het veiligheidsventiel zich kan bewegen (gebruik hiervoor een tandenstoker).
GEBRUIK
Openen
- Terwijl u met één hand de lange handgreep van de pan (K) vasthoudt, pakt u met uw andere hand de handgreep van het deksel (C) en duwt u met de duim op de openingsknop (F) - fig. 1.
- Zonder de knop los te laten, draait u het deksel naar rechts totdat het opengaat. Neem het deksel van de kookpan - fig. 2.
Sluiten
- Zet het deksel goed plat op de pan en zorg ervoor dat de driehoekjes op het deksel overeenkomen met die op de handgreep van de pan (K) - fig. 3.
- Draai het deksel naar links totdat u een vergrendelingsklik hoort - fig. 4.
Als u het deksel niet kunt sluiten, controleer dan of de openingsknop (F) goed naar achteren staat. Is dat niet het geval, dan duwt u hem met uw duim in de juiste stand.
Eerste gebruik
■ Vul de pan voor 2/3 met water.
■ Sluit de snelkookpan.
■ Plaats het bedrijfsventiel (A) op
■ Plaats de snelkookpan op een warmtebron en zet deze op de hoogste stand.
- Wanneer er stoom uit het ventiel begint te ontsnappen, zet u het vuur lager en stelt u een timer in op 15 minuten.
■ Zet het vuur na 15 minuten uit. Plaats de snelkookpan onder koud water.
- Wanneer de veiligheidspen (E) weer zakt, staat de snelkookpan niet meer onder druk. Draai het bedrijfsventiel (A) in de stand 🌐 en open dan de snelkookpan.
■ Spoel de snelkookpan onder water en droog hem af.
Opmerking: als er vlekken op de bodem van de pan verschijnen, heeft dit geen invloed op de kwaliteit van het metaal. Het is namelijk kalkaanslag. Verwijder de vlekken met een keukensponsje en een beetje verdunde witte azijn.
Minimale vulniveau
■ Voeg altijd een minimale hoeveelheid van 25 cl toe.
- Vul de pan met minstens 75 cl water.
■ Klik het statief (J)* op het stoommandje (I)*.
Stomen
Maximale vulniveau
■ Vul de snelkookpan nooit hoger dan 2/3 van de pan - fig. 7.
Bepaalde voedingsmiddelen
- Maximaal 1/3 (MAX 1) - fig. 6 Voor zachte voedingsmiddelen die tijdens het koken uitzetten en/of schuimen, zoals rijst, peulvruchten, gedroogde groenten, vruchtencompotes, pompoen, courgette, wortelen, aardappelen, visfilet e.d. laat u de snelkookpan eerst enkele minuten afkoelen. Koel de snelkookpan daarna verder af onder koud water. Schud de snelkookpan zachtjes voor het openen. Controleer eerst of de veiligheidspen naar beneden is om te vermijden dat u verbrand raakt door opstijgende stoom. Dit is zeer belangrijk wanneer u snel druk vrijlaat of na afkoeling onder koud water.
Gebruik van het stoommandje\* \_
■ Giet 75 cl water in de pan (L).
- Klik het statief (J)* op het stoommandje (I)* en plaats het op de bodem van de pan.

- Tijdens het stomen mogen de voedingswaren in het stoommandje* niet in contact komen met het water - fig. 5*.
De voedingsmiddelen in het stoommandje* mogen de MAX 2-markering niet overschrijden.
Gebruik van het bedrijfsventiel (A)\_
Bereiding van delicate voedingsmiddelen en behoud van vitaminen
■ Draai het symbool van het ventiel (A) naar de positiemarkering (G).
Vlees bereiden en ontdooien
- Draai het symbool Ⓤ van het ventiel (A) naar de positiemarkering (G).
Stoom vrijlaten
■ Draai het symbool 🎨 van het ventiel (A) naar de positiemarkering (G).
Het bedrijfsventiel verwijderen
■ Laat de snelkookpan afkoelen voordat u het ventiel (A) verwijdert.
■ Druk op het midden en draai het ventiel zodat de positie 0 overeenkomt met de positiemarkering (G) - fig. 8.
■ Verwijder het ventiel.
Het bedrijfsventiel plaatsen
- Draai het ventiel zodat de positie 0 overeenkomt met de positiemarkering (G).
- Druk op het midden en draai het ventiel naar de gewenste stand.

■ Verwijder voor elk gebruik het ventiel (A) (zie paragraaf «Gebruik van het bedrijfsventiel (A)») en controleer met het blote oog en in voldoende daglicht of de stoomuitlaat van het bedrijfsventiel (B) niet geblokkeerd is. Reinig de stoomuitlaat indien nodig met een tandenstoker - fig. 9.
- Plaats het bedrijfsventiel (A) en kies de gewenste standaf .
■ Plaats de snelkookpan op een warmtebron en zet deze op de hoogste stand.
Tijdens het koken
- Wanneer het bedrijfsventiel (A) continu stoom vrijlaat en regelmatig een PSHHHT-geluid maakt, beginnen de voedingsmiddelen te koken. Zet het vuur een beetje lager.
■ Stel een timer in voor de bereidingstijd van het recept.
■ Zodra de bereidingstijd verstreken is, zet u het vuur uit.
De veiligheidspen (E) zorgt ervoor dat de druk in de snelkookpan niet kan oplopen als deze niet correct gesloten is.
Na het koken
Stoom vrijlaten
■ Zodra u het vuur hebt uitgezet, hebt u twee mogelijkheden:
De druk langzaam verlagen: draai het bedrijfsventiel (A) in de stand 🌿. Wanneer de veiligheidspen (E) weer zakt, staat de snelkookpan niet meer onder druk.
Indien er bij het ontsnappen van de stoom abnormale hoeveelheden vrijkomen, draait u het bedrijfsventiel (A) opnieuw in de kookpositie of laat de pan daarna snel afkoelen onder koud water.
Indien de veiligheidspen (E) niet zakt, vult u de spoelbak met koud water en plaatst u de bodem van de snelkookpan in de spoelbak totdat de veiligheidspen naar beneden gaat.
Oefen zelf geen druk uit op de veiligheidspen.
De druk snel verlagen: Vul de spoelbak met koud water en plaats de bodem van de snelkookpan in de spoelbak totdat de veiligheidspen naar beneden gaat.
Wanneer de veiligheidspen (E) weer zakt, staat de snelkookpan niet meer onder druk. Draai het bedrijfsventiel (A) in de stand 🌿.

■ Voor zachte voedingsmiddelen die tijdens het koken uitzetten en/of schuimen, zoals rijst, peulvruchten, gedroogde groenten, vruchtencompotes, pompoen, courgette, wortelen, aardappelen, visfilet e.d. vult u de snelkookpan tot maximaal 1/3 van de inhoud (MAX 1). Laat de snelkookpan eerst altijd enkele minuten afkoelen. Koel de snelkookpan daarna verder af onder koud water. Schud de snelkookpan zachtjes voor het openen. Controleer eerst of de veiligheidspen naar beneden is om te vermijden dat u verbrand raakt door opstijgende stoom. Dit is zeer belangrijk wanneer u snel druk vrijlaat of na afkoeling onder koud water. Voor soep raden we u aan om de druk in de snelkookpan snel te verlagen onder koud water.
De veiligheidspen (E) zorgt ervoor dat de snelkookpan niet kan worden geopend wanneer deze nog onder druk staat.
VEILIGHEID
Uw snelkookpan is uitgerust met verschillende veiligheidssystemen:
■ Sluitveiligheid:
- Indien het deksel niet goed is geplaatst of niet helemaal vergrendeld is, komt er stoom vrij via de veiligheidspen (E) en kan de druk in de snelkookpan niet stijgen.
De veiligheidspen (E) zorgt ervoor dat de druk in de snelkookpan niet kan oplopen als deze niet correct gesloten is.
■ Openingsveiligheid:
- Indien de snelkookpan onder druk staat, komt de veiligheidspen (E) omhoog en kunt u de handgrepen van het deksel niet openen.
- Gebruik nooit kracht om de snelkookpan te openen.
- Oefen zelf geen kracht uit op de veiligheidspen (E).
- Controleer of de druk in de snelkookpan is gedaald. In dat geval staat de veiligheidspen (E) in de laagste positie.
- Gebruik nooit andere modellen handgrepen.
De veiligheidspen (E) zorgt ervoor dat de snelkookpan niet kan worden geopend wanneer deze nog onder druk staat.
■ Twee veiligheidssystemen tegen overdruk:
- Eerste beveiliging: het veiligheidsventiel (D) laat de druk vrij en de stoom ontsnapt verticaal - fig. 14.
- Tweede beveiliging: de afdichtingsring (H)* laat stoom ontsnappen tussen het deksel en de pan - fig. 15.
Als een van de veiligheidssystemen wordt geactiveerd:
■ Zet het vuur uit.
■ Laat de snelkookpan volledig afkoelen.
■ Open daarna de snelkookpan.
- Controleer en reinig het bedrijfsventiel (A), de stoomuitlaat (B), het veiligheidsventiel (D) en de afdichtingsring (H) ^* .
Gebruiksadvies
1 - De stoom die uit het bedrijfsventiel vrijkomt, is heel heet. Zorg ervoor dat u zich niet verbrandt.
2 - Zodra de veiligheidspen naar boven komt, kunt u de snelkookpan niet meer openen. Oefen zelf geen druk uit op de veiligheidspen.
3 - Gebruik de twee handgrepen om de snelkookpan te verplaatsen. Gebruik indien nodig ovenwanten.
4 - Bewaar geen voedingsmiddelen in de snelkookpan.
5 - Gebruik nooit bleekwater of chloorhoudende producten.
6 - Reinig de snelkookpan niet in de vaatwasmachine en laat de afdichtingsring, het deksel en het bedrijfsventiel niet in water weken.
7 - Vervang de afdichtingsring elk jaar of wanneer deze beschadigd is.
8 - Voor het reinigen van de snelkookpan moet deze volledig afgekoeld en leeg zijn.
9 - Net als bij elk ander keukenapparaat dient u de snelkookpan goed in de gaten te houden wanneer u deze binnen het bereik van kinderen gebruikt.
10 - Wanneer de pan of het deksel is gevallen, dient u de snelkookpan te laten nakijken in een erkend servicecentrum van TEFAL.
11 - Na tien jaar moet u de snelkookpan in een erkend servicecentrum van TEFAL laten nakijken.
REINIGING
Voor een goede werking van de snelkookpan volgt u na elk gebruik deze aanbevelingen voor reiniging en onderhoud.
Reinig de snelkookpan na elk gebruik.
De bruine kleur en sporen die na langdurig gebruik kunnen verschijnen, hebben geen invloed op de werking van de snelkookpan.
Verhit de snelkookpan niet wanneer deze leeg is. Zo zal de snelkookpan langer meegaan.
■ Reinig de snelkookpan (pan en deksel) na elk gebruik met lauw water en afwasmiddel. Doe hetzelfde voor het stoommandje*.
- Gebruik geen bleekwater linechloorhoudende producten.
■ Verhit de snelkookpan niet wanneer deze leeg is.
De pan reinigen
■ Reinig de binnenkant van de pan met een keukensponsje en afwasmiddel.
■ Reinig de buitenkant van de pan met een zachte keukendoek en afwasmiddel.
- Indien de binnenkant van de snelkookpan zwart kleurt of een regenbooggloed vertoont of indien er voedingsmiddelen zijn aangebrand, reinigt u de pan met witte azijn of een speciaal reinigingsmiddel voor roestvrij staal.
Het deksel reinigen
■ Reinig het deksel met een spons en afwasmiddel onder stromend lauw water.
■ Plaats het deksel niet in de vaatwasmachine.
Alleen de pan en het stoommandje* zijn vaatwasbestendig.
De afdichtingsring van het deksel (H)\* reinigen
■ Reinig de afdichtingsring (H)* en haar groef na elk gebruik.
- Plaats de ring opnieuw in de groef en zorg ervoor dat de opening van de afdichtingsring overeenkomt met de pen van het deksel - fig. 10.
Het bedrijfsventiel (A) reinigen
- Verwijder het ventiel. Zie paragraaf «Gebruik van het bedrijfsventiel»
■ Reinig het bedrijfsventiel (A) onder stromend water - fig. 12.
De stoomuitlaat (B) aan de binnenkant van het deksel reinigen
■ Verwijder het bedrijfsventiel (A) (zie paragraaf «Gebruik van het bedrijfsventiel»).
- Controleer met het blote oog en in voldoende daglicht of de stoomuitlaat (B) niet geblokkeerd is - fig. 16. Indien nodig reinigt u de stoomuitlaat met een tandenstoker - fig. 9.
Het veiligheidsventiel (D) reinigen
■ Reinig de onderkant van het veiligheidsventiel (D) aan de binnenkant van het deksel onder stromend water.
Controleer de juiste werking door zachtjes met een wattenstaafje op de kogel te drukken. Deze moet u moeiteloos kunnen indrukken. Zie onderstaande figuur.
Verwijder nooit het kapje van het veiligheidsventiel (D) aan de bovenkant van het deksel.

Verhit de snelkookpan niet wanneer deze leeg is. Zo zal de snelkookpan langer meegaan.
ONDERHOUD
De afdichtingsring van de snelkookpan vervangen
■ Vervang de afdichtingsring van de snelkookpan elk jaar of wanneer deze beschadiad is.
- Gebruik uitsluitend een originele TEFAL-afdichtingsring die voor uw model geschikt is.
Opberging van de snelkookpan:
■ Keer het deksel om op de pan.
Na tien jaar moet u de snelkookpan in een erkend servicecentrum van TEFAL laten nakijken.
TEFAL-accessoires
- De volgende accessoires zijn verkrijgbaar voor de Sensor-snelkookpan:
| 4,51/6181/101 | ||
| Stoommandje 792185 - | ||
| Steun voor mandje 792691 of X1030007 | ||
| Afdichtingsring 792189 980549 | ||
■ Voor de vervanging van andere onderdelen of voor reparaties neemt u contact op met een erkend servicecentrum van TEFAL.
- Gebruik alleen originele TEFAL-onderdelen die voor uw model geschikt zijn.
* totale inhoud: totale inhoud met inbegrip van het volume van het deksel
Technische informatie: Bedrijfsdruk: 80 kPa
Maximale veiligheidsdruk: 140 kPa
De kookpan en het deksel zijn gemaakt van roestvrij staal.
Geschikte warmtebronnen
GAS ELEKTRICITEIT
(Gietijzeren kookplaat)


ELEKTRICITEIT
(Keramische elektrische of halogeenkookplaat)

ELEKTRICITEIT
(Keramische inductiekookplaat)

ELEKTRICITEIT
(Gloeispiraal)

- De Sensor-snelkookpan is geschikt voor alle warmtebronnen, inclusief inductie.
- Gebruik bij een elektrische of inductiekookplaat altijd een pit met een gelijke of kleinere diameter dan die van de bodem van de snelkookpan.
- Let er bij gebruik van een vitrokeramische kookplaat op dat de bodem van de kookpan schoon is.
- Op gas mag de vlam niet groter zijn dan de diameter van de kookpan.
■ Plaats de snelkookpan op alle pitten goed in het midden.
GARANTIE
- Als de gebruiksaanwijzingen in deze handleiding correct worden gevolgd, geldt er op uw nieuwe TEFAL-snelkookpan een garantie van 10 jaar voor:
- alle defecten aan de metalen structuur van uw pan
- een voortijdige slijtage van de metalen bodem
- alle defecten aan de metalen structuur van uw pan
- een voortijdige slijtage van de metalen bodem
■ Voor alle andere onderdelen van de snelkookpan geldt een garantie voor fabricage- of materiaalfouten gedurende de garantieperiode die wettelijk is bepaald in het land van aankoop en vanaf de datum van aankoop.
- Deze contractuele garantie geldt uitsluitend op vertoon van een geldig aankoopbewijs met vermelding van de aankoopdatum.
De garantie geldt niet voor:
schade als gevolg van het niet naleven van belangrijke voorzorgsmaatregelen of van nalatig gebruik, met name:
- stoten, vallen, gebruik in een oven - reiniging van het deksel en het bedrijfsventiel in de vaatwasmachine
■ Alleen erkende servicecentra van TEFAL mogen deze garantie bieden.
- Bel naar TEFAL Advies voor het dichtstbijzijnde erkende servicecentrum van TEFAL.
| Markering Plaats | |
| Identificatie van fabrikant of handelsmerk | Op de handgreep van het deksel |
| Productiejaar Op de bovenkant van het deksel | |
| Identificatie van het apparaat/modelreferentie | Op de bovenkant van het deksel |
| Bedrijfsdruk (BD) Op de bovenkant van het deksel | |
| Veiligheidsdruk (VD) Op de bovenkant van het deksel | |
| Inhoud | Op de bodem (buitenkant) van de kookpan |
TEFAL BEANTWOORDT UW VRAGEN
| Problemen Aanbevelingen | |
| U kunt het deksel niet sluiten. | Controleer of de openingsknop (F) goed naar achteren is geplaatst. Duw indien nodig de knop naar achteren. |
| De snelkookpan werd onder druk gezet zonder vloeistof toe te voegen. | Laat de snelkookpan nakijken door een erkend servicecentrum van TEFAL. |
| De stoom ontsnapt via het bedrijfsventiel en maakt een scherp geluid. | Zet het vuur uit. Laat de snelkookpan volledig afkoelen. Open de snelkookpan en controleer of de stoomuitlaat van het bedrijfsventiel niet geblokkeerd is door voedingsmiddelen. |
| Het veiligheidsventiel is niet omhoog en er komt tijdens het koken geen stoom vrij via het bedrijfsventiel. | Dit is normaal gedurende de eerste minuten. Indien het probleem aanhoudt, controleer dan of:- het vuur hoog genoeg staat. Is dat niet het geval, dan zet u het hoger.- er voldoende vloeistof in de pan aanwezig is.- het bedrijfsventiel in een kookpositie staat.- de snelkookpan goed is gesloten.- de afdichtingsring of de rand van de pan nie beschadigd zijn.- de afdichtingsring correct op het deksel is geplaatst - fig. 10-11. |
| Het veiligheidsventiel is omhoog en er komt tijdens het koken geen stoom vrij via het bedrijfsventiel. | Dit is normaal gedurende de eerste minuten.Indien het probleem aanhoudt, houdt u de snelkookpan onder koud water (zie paragraaf «Na het koken»). Open daarna de snelkookpan.Reinig het bedrijfsventiel en de stoomuitlaat, en controleer of de kogel van het veiligheidsventiel gemakkelijk kan worden ingedrukt. Oefen zelf geen druk uit op de veiligheidspen. |
| Er komt stoom vrij rond het deksel. | Controleer of:- het deksel correct is gesloten.- de afdichtingsring van het deksel correct is geplaatst.- de afdichtingsring in goede staat is. Is dat niet het geval, dan vervangt u de ring.- het deksel, de afdichtingsring, het veiligheidsventiel en het bedrijfsventiel schoon zijn.- de rand van de pan in goede staat is. |
| U kunt het deksel niet openen. | Controleer of de veiligheidspen zich in de laagste positie bevindt. Is dat niet het geval, dan laat u indien nodig druk vrij. Laat de snelkookpan onder koud water afkoelen (zie paragraaf «Na het koken»).Oefen zelf geen druk uit op de veiligheidspen. |
| De voedingsmiddelen zijn niet gaar of verbrand. | Controleer:- de kooktijd- het vermogen van de warmtebron- of het bedrijfsventiel correct is geplaatst- de hoeveelheid vloeistof |
| Een van de veiligheidssystemen wordt geactiveerd. | Zet het vuur uit.Laat de snelkookpan afkoelen totdat de veiligheidspen zakt.Open de snelkookpan.Controleer en reinig het bedrijfsventiel, de stoomuitlaat, het veiligheidsventiel en de afdichtingsring. Als het probleem zich blijft voordoen, laat u de snelkookpan nakijken door een erkend servicecentrum van TEFAL. |
TABEL MET BEREIDINGSTIJDEN
Vlees en vis
| VERSPositie van het ventiel | DIEPGEVRORENPositie van het ventiel | |
| Kip (hele kip, 1,2 kg) 20 min 45 min | ||
| Lam (bout van 1,3 kg) 25 min 35 min | ||
| Rund (lap van 1 kg) 10 min 28 min | ||
| Tonijn (4 steaks, 0,6 kg) 7 min 9 min | ||
| Zalm (4 moten, 0,6 kg) 6 min 8 min | ||
Groenten
Als uw model over een stoommandje beschikt, raden we u aan om de groenten te stomen (zie paragraaf «Gebruik van het stoommandje»).
Als uw model geen stoommandje heeft, kookt u de groenten in water.

text_image
MAX 75cl
| VERSPositie van het ventiel | DIEPGEVRORENPositie van het ventiel | |
| Aardappelen, in kwartjes (afhankelijk van grootte) | 10 tot 15 min | - |
| Artisjokken, heel | 20 min | - |
| Asperges | 5 min | 3 min |
| Bloemkoolroosjes | 5 tot 7 min | 5 min |
| Bonen, halfgedroogd | 18 tot 22 min | - |
| Broccoli | 4 min | 5 min |
| Champignons, in plakjes | 3 min | - |
| Courgettes, in schijfjes | 3 tot 6 min | 4 tot 7 min |
| Erwten | 3 tot 6 min | 5 min |
| Fijne sperziebonen | 6 tot 8 min | 4 tot 6 min |
| Groene kool, in reepjes | 5 tot 7 min | 3 min |
| Groene linzen (peulvruchten) | 16 min | - |
| Pompoen, in blokjes | 6 tot 8 min | 3 min |
| Prei, in stukjes | 8 min | 10 min |
| Rapen, in blokjes | 4 tot 6 min | 7 min |
| Rijst (peulvruchten) 8 min - | ||
| Rode bieten, in 4 gesneden (afhankelijk van grootte) | 20 tot 30 min - | |
| Selderij, in stukjes 7 tot 9 min - | ||
| Spinazie 3 tot 4 min 4 tot 5 min | ||
| Spruiten 8 tot 11 min 6 tot 8 min | ||
| Witloof, gehalveerd 13 tot 16 min - | ||
| Wortelen, in schijfjes 7 min 9 min |