MM 4 - Multimeter BENNING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MM 4 BENNING in PDF-formaat.
| Producttype | Multimeter met stroomtang |
| Merk | BENNING |
| Model | MM 4 |
| Afmetingen (L×B×H) | Multimeter alleen: 145×52×34 mm Met stroomtang: 225×77×35 mm |
| Gewicht | Multimeter alleen: 100 g Met stroomtang: 230 g |
| Voeding | 2 batterijen 1,5 V (IEC LR03) |
| Weergave | LCD 3 3/4 digits, max 4200 |
| Gelijkspanning (DC) | Bereiken: 4,2 V / 42 V / 420 V / 600 V Nauwkeurigheid: ±(0,5 % + 2 digits) |
| Wisselspanning (AC) | Bereiken: 4,2 V / 42 V / 420 V / 600 V Nauwkeurigheid: ±(1,5 % + 5 digits) |
| Weerstand | Bereiken: 420 Ω / 4,2 kΩ / 42 kΩ / 420 kΩ / 4,2 MΩ / 42 MΩ Nauwkeurigheid: ±(0,9 % tot 3,0 % + digits) |
| Diodetest | Ja, drempelspanning wordt weergegeven |
| Continuïteitstest | Met zoemer, drempel < 50 Ω |
| AC-stroommeting (stroomtang) | 0,1 A tot 300 A, nauwkeurigheid ±(1,9 % + 0,5 A) |
| Overspanningscategorie | CAT II 600 V, CAT III 300 V |
| Bescherming | Dubbele isolatie (klasse II), IP30 |
| Automatische uitschakeling | Na ongeveer 30 minuten |
| Bedrijfstemperatuur | Multimeter: 0 °C tot 50 °C Stroomtang: 0 °C tot 45 °C |
| Opslagtemperatuur | -20 °C tot +60 °C (batterijen verwijderd) |
| Meegeleverde accessoires | Stroomtang, zwarte meetsnoer, 2 rode meetpunten, tas, batterijen, handleiding |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een droge doek; vervang de batterijen wanneer het batterijsymbool verschijnt |
| Reserveonderdelen en herstelbaarheid | Batterijen, meetsnoeren; jaarlijkse kalibratie aanbevolen door de Benning service |
| Veiligheid | Maximale spanning ten opzichte van aarde: 600 V; alleen gebruiken in droge omgeving |
Veelgestelde vragen - MM 4 BENNING
Gebruikersvragen over MM 4 BENNING
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MM 4 - BENNING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MM 4 van het merk BENNING.
GEBRUIKSAANWIJZING MM 4 BENNING
Fig. 1: Voorzijde van het apparaat
Fig. 5: Doorgangstest met akoestisch signaal
Fig. 7: Meten van wisselstroom met stroomtang
Obr.7: Mereni stidaveho proudu s klestovym proudovym nastavcem
oxna7: Tpexouo aetpon AC tny amteporiimia
7.bra: Arammeres lakfogofejgel
Gebruiksaanwijzing BENNING MM 4
Digitale multimeter voor het meten van:
Wisselstroom
Wisselspanning
- Gelijkspanning
- Weerstand
- Dioden
- Stroomdoorgang
Inhoud
- Opmerkingen voor de gebruiker
- Veiligheidsvoorschriften
- Leveringsomvang
- Beschrijving van het apparatus
- Algemene kenmerken
- Gebruiksomstandigheden
- Elektrische gegevens
- Meten met de BENNING MM 4
- Onderhoud
- Technische gegevens van veiligheidsmeetkabelset
- Milieu
1. Opmerkingen voor de gebruiker
Deze gebruiksaanwijziging is bedoeld voor:
- Elektriciens
- Elektrotechnici
De BENNING MM 4 is bedoeld voor metingen in droge ruimtes en mag Niet worden gebruikt in elektrische circuits met een nominale spanning hoger dan 600V (zie ook pt. 6: "Gebruiksomstandigheden")
In de gebruiksaanwijzing en op de BENNING MM 4 worden de volgende symbolen gebruikt:

Aanleggen om GEVAARLIJKE ACTIEVE geleider of demonteren van deze is toegestaan.

Dit symbol wijst op gevaarlijke spanning

Dit symbol verwijst maar möglichke gevaren bij het gebruik van de BENNING MM 4 (zie gebruiksaanwijzing)

Dit symbol geeft aan dat de BENNING MM 4 dubbel geisoleerd is. (beschermingsklasse II)

Dit symbolism verschijnt in het scherm bij een te lage batterijspanning

Dit symbool geeft de instelling „doorgangstest“ aan. De zoemergeeft bij doorgang een akoestisch signaal

Dit symbol geeft de instelling waar van „diodecontrole"

DC:gelijkspanning

AC: wisselspanning/ -stroom

Aarding (spanning t.o.v. aarde)
Let op:
Na het verwijderen van de sticker „Warnung...." (op de batterijdeksel) verschijnt de Engelse tekst!
2. Veiligheidsvoorschriften
Dit apparaat is gebouwd en getest volgens de voorschriften:
DIN VDE 0411 deel 1/ EN 61010-1
en heeft, vanuit een veiligheidstechnisch oogpunt, de fabriek verlaten in een perfecte staat. Om deze staat te handhaven en om zeker teijken van gebruik zonder gevaar, dient de gebruiker goed te letten op de aanwijzingen en waarschuwingen zoals aangegeven in deze gebruiksaanwijzing.

De BENNING MM 4 mag alleen worden gebruikt in elektrische circuits van overspanningscategorie II met max. 600V ten opzichte van aarde of overspanningscategorie III met 300V ten opzichte van aarde.
Bedenk dat werken aan installations of onderdelen die onder spanning staan, in principe algijd gevaar kan opleveren. Zelfs spanningen vanaf 30 V AC en 60 V DC können voor mensen al levensgevaarlijk zijn.

Elke keer, voordat het apparaat in gebruik worden genomen, moet het worden gecontroleer op beschadigingen. Ook de veiligheidsmeetsnoeren dienen nagezien te worden.
Bij vermoeden dat het apparaat Niet meer geheel zonder gevaar kan worden gebruikt, mag het dan ook Niet meer worden ingezet, maar zodanig worden opgeborgen dat het, ook Niet bij/toeval, Niet kan worden gebruikt.
Ga ervan uit dat gebruik van het apparaat zonder gevaar Niet meer möglichk is:
- bij zichtbare schade aan de behuizing en/ of meetsnoeren van het apparatus
- als het apparaat Niet meer (goed) werkst
- na langdurige opslag onder ongunstige omstandigheden
- na zware belasting of möglichke schade ten gevolge van transport of onoor-deelkundig gebruik.

Om gevaar te vermijden
- mogen de blanke meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren nicht worden aangeraakt
- moeten de meetsnoeren op de juiste contactbussen van de multimeter worden aangesloten.
3. Leveringsomvang
Bij de levering van de BENNING MM 4 behoren:
3.1 Eén multimeter.
3.2 Eén stroomtang (opzetstuk)
3.3 Eén veiligheidsmeetsnoer zwart, (L. = 1.4 meter; puntdia. 4 mm), met veiligheidskap.
3.4 Twee meetpennen rood (puntdia. 4mm
3.5 Eén compactbeschermingsetui.
3.6 Twee batterijen 1.5 V (micro, ingebouwd)
3.7 Een gebruksaanwijzing.
Opmerking t.a.v. aan slijtage onderhevige onderdelen:
De BENNING MM 4 word gevoed door twee micro-batterijen 1.5 V
(2 x 1.5 V IEC LR03).
4. Beschrijving van het apparatus
De BENNING MM 4 bestaatuit twee delen:
- De multimeter
- De stroomtang (opzetsuk)
Zie fig. 1: voorzijde van het apparatus
Hieronder volgt een beschrijving van de in fig. 1 aangegeven informatie- en bedieningselementen.
1 Behuizing
2 Schuifschakelaar om de gewenste functie te kiezen:
-
Uit (OFF)
-
Meten van wisselspanning (AC) en gelijkspanning (DC). Deze functies wisselen elkaar af door het indrukken van de blauwe functietoets. Door de knop langer ingedrukt te houden (2 sec.) worden de functies wisselstroommeting, etc. opgeroepen. In het display is steeds de gekozen functie af te lezen
- Weerstandsmeting, doorgangscontrole met zoemer en diodecontrole. Deze functies wisselen elkaar af door een druk op de blauwe functietoets. Ook nu verschijnt steeds de gekozen functie in het display 3
3 Display (LCD) voor weergave van:
- gemeten waarde met een maximale aanduiding van 4200
- polariteitsaanduiding
- decimalpunt
- symbol voor lege batterijen
- gekozen spanning AC of DC
- opgeslagen gemeten waarde ("Hold" -functie)
- aanduiding van een afwijking ten opzichte van opgeslagen gemeten waarde (rel.)
- gekozen meetbereik voor spanning, stroom en watstand
- doorgangstest met zoemer
diodecontrole
4 Functietoets blauw. In het display verzchijnen dan ,DC^ ,AC^ ^ ,V^

- voor keuze tussen gelijkstroom (DC) en wisselstroom (AC), of wel
- weerstandsmeting, doorgangs- en diodecontrole, dan wel
-
na 2 seconden druk op de knop (n.b. schuifschakelaar in stand AC V/ DC V), wisselspanning (Amp).
-
Meten van temperatuur (^ / ^) , relatieve vochtigheid (%) , capaciteit ( F) , koolmonoxide (p.p.m.), windsnelheid (m/s) en Lichtsterkte (k lux) is met de BENNING MM 4 Niet möglichk.
-
hernieuwde langere druk op de knop schakelt terug maar spanningsmetting
Hold-/ Rel-toets (geheugenfungtie)
- eerste druk op de knop voert tot opslag van de gemeten waarde. ("Hold" -aanduiding in het display ③, geen weergave van gemeten waarde)
-
opnieuw indrukken van de toets bewerkstelligt verdere meting
-
door de knop langer in te drukken (2 sec.) worden de relatieve waarde bepaald. De op dat moment gemeten waarde worden opgeslagen en het verschil met naastligende hogere en lagere waarde worden weergegeven in het display. Door een verdere druk op de knoop kan zo een neue basiswaarde worden opgeslagen. De normalstatus worden weever verwiregen door nogmaals 2 seconden op de knop te drukken
6 Rangetoets (toets voor meetbereik) om handmatig het bereik voor stroomen waarstandsmeting te kiezen (wordt weergegeven als "Range" in het display.)
- meetbereiken wisselen door een korte druk op de toets
- door een langere druk op de toets (> 2 sec.) worden een automatische keuze ingesteld
COM-contactbus, zwart, gezamenlijke contactbus voor spannings- en waarstandsmetingen, doorgangs- en diodecontrole
V-Ω contactbus (positief), rood, gezamenlijke contactbus voor spanningsen waarstandsmetingen, doorgangs- en diodecontrole
9 Openingshendel om de stroomtang te openen en te sluiten
Kraag om aanraken van aders te voorkomen
Meettang om rondon wisselstroom voerende aders te plaatsen
5. Algemene kenmerken
5.1 Algemene gegevens van de BENNING MM 4
5.1.1. De numerieke waarden zijn op een display (LCD) af te lezen met 312 cijfers van 11 mm hoog, met een komma voor de decimalen. De grootst möglichk af te lezen waarde is 4200
5.1.2. De polariteitsaanduiding ② werkt automatisch. Er worden slechts eén pool t.o.v. de contactbussen aangeduid met „
5.1.3. Metingen buiten het bereik van de meter worden aangeduid met een knipperende "OL" of "-OL"
5.1.4. De meetfrequentie bij cijferweergave van de BENNING MM 4 bedraagt gemiddeld 2 metingen per secone.
5.1.5 Na ca. 30 minuten in rust schakelt de BENNING MM 4 zichzelf automatisch uit. Hij worden ingeschakeld door het indrukken van de "Range-toets" 6. Voor de automatische uitschakeling klinkt er een zoemtoon
5.1.6. De temperatuurcoefficien van de gemeten waarde: 0,15 x (aangegeven nauwkeurigheid van de gemeten waarde)/ ^ C < 18^ of >28^ t.o.v. de waarde bij een referentietemperatuur van 23^
5.1.7. De BENNING MM 4 wordt gevoed door wee batterijen 1.5 V (IEC LR03/ micro).
5.1.8. Indien de batterijen onder de minimaal benodigde spanning dalen, verschijnt het batterijsymbool in het scherm.
5.1.9. De levensduur van de batterijen (alkaline) bedraagt ca. 800 ur.
5.1.10. Afmetingen van het apparaat:
L x B x H = 145 x 52 x 34 mm (zonder stroomtang)
L x B x H = 225 x 77 x 35 mm (met stroomtang)
Gewicht: 100 gram zonder stroomtang, 230 gram met stroomtang
5.1.11 Het veiligheidsmeetsnoor en de meetpennen zich uitgevoerd in een 4mm stekertechniek. Het meetsnoor en de meetpennen zich nadrukkelijk alleen bedoeld voor het meten van de voor de BENNING MM 4 genoemde nominale spanning en stroom. De meetpennen konnen met afdekkappen worden beschermd.
5.2 Algemene gegevens stroomtang (opzetstuk)
5.2.1 Meetbereik van de stroom: van 0,1 A eff tot 300Aeff (direct in display in A)
5.2.2 Uitgangsspanning: De stroomtang van de BENNING MM 4 geeft een wisselspanning af van 1mV als de door de stroomtang omsloten enkelvoudigeaderen wisselstroom voert van O,1 A.
5.2.3 Sensortype: inductiespoel voor wisselstroom.
5.2.4 Temperatuurcoefficient van de gameten Waarde: 0,15 x (aangegeven nauwkeurigheid van de gameten Waarde)/ ^ C t.o.v.de waarde van een referentietemperatuur van 23^
5.2.5 Maximale schijnweerstand aan de uitgang: 120
5.2.6 Maximale opening van de stroomtang: 30~mm
5.2.7 Maximale diameter van de enkelvoudige stroomleiding: 29mm
5.2.8 Afmetingen stroomtang (opzetstuk): L x B x H = 102 x 77 x 35 mm Gewicht: 130 gram
Opmerking:
De stroomtang mag alleen worden gebruikt als deze op de multimeter gezet is.
6. Gebruiksomstandigheden
- De BENNING MM 4 is bedoeld om gebruikt te worden voor metingen in droge ruimtes.
- Barometrische hoogte bij metingen: 2000 m maximaal.
- Categorie van overbelasting/ installment: IEC 60664-1/ IEC 61010-1 300V categorie III, 600V categorie II
-Beschermingsgraad: IP 30 (DIN VDE 0470-1 IEC/ EN 60529), Betekenis IP 30: Het eerste cijfer (3); Bescherming gegen binnendringen van stof en vuil >2,5mm in doorsnede, (eerste cijfer is bescherming gegen stof/ vuil). Het tweede cijfer (0); Niet beschermd gegen water, (tweede cijfer is waterdichtheid).
Beschermingsgraad stofindring: 2
Werktemperatuur en relatieve vochtigheid: Multimeter:
Bij een omgevingstemperatuur van 0^ tot 50^ : relatieve vochtigheid van de lucht < 80% Stroomtang:
Bij een omgevingstemperatuur van 0^ tot 45^ . relatieve vochtigkeit van de lucht < 75%
- Opslagtemperatuur: de BENNING MM 4 kan worden opgeslagen bij temperaturen van - 20^ tot + 60^ . Daar bij dienen wel de batterijen verwijderd te worden
Opmerking: De nauwkeurigheid van de meting worden aangegeven als som van:
- een relatief deel van de meetwaarde
- een,aantal digits
Deze nauwkeurigheid geldt bij een temperatuur van 23^ , bij een relatieve vochtigkeit van de lucht < 75%
De paragrafen 7.1 tot 7.5 hebben betrekking op aansluiting van de multimeter op de te meten circuits. (stroomtang Niet opgezet)
Paragraaf 7.6eft betrekking op de combinatie van multimeter met opgezette stroomtang
7.1 Meetbereik bij gelijkspanning
De ingangsweerstand bedraagt 9 MΩ
| Meetbereik | Resolutie | Nauwkeurigheid v.d. meting | Beveiliging gegen overbelasting |
| 4,2 V | 1 mV | ± (0,5 %meetwaarde +2 digits) | 600 Veff600 Vgelijkspanning |
| 42 V | 10 mV | ± (0,5 %meetwaarde +2 digits) | 600 Veff600 Vgelijkspanning |
| 420 V | 100 mV | ± (0,5 %meetwaarde +2 digits) | 600 Veff600 Vgelijkspanning |
| 600 V | 1 V | ± (0,5 %meetwaarde +2 digits) | 600 Veff600 Vgelijkspanning |
7.2 Meetbereik voor wisselspanning
De ingangsweerstand bedraagt 9 MΩ parallel met 100 pF. De gemeten waarde worden verrkreten door middeling van de gelijkrichting en aangeduid als effectieve waarde.
| Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid v.d. meting | Beveiligung gegen overbelasting | |
| 4,2 V 1 mV | ± (1,5 %meetwaarde + 5 digits)40 Hz - 300 Hz | 600 \(V_{\text{eff}}\)600 V gelijkspanning |
| 42 V 10 mV | ± (1,5 %meetwaarde + 5 digits)40 Hz - 500 Hz | 600 \(V_{\text{eff}}\)600 V gelijkspanning |
| 420 V 100 mV | ± (1,5 %meetwaarde + 5 digits)40 Hz - 500 Hz | 600 \(V_{\text{eff}}\)600 V gelijkspanning |
| 600 V 1 V | ± (1,5 %meetwaarde + 5 digits)40 Hz - 500 Hz | 600 \(V_{\text{eff}}\)600 V gelijkspanning |
7.3 Meetbereik voor wonderden
Insteltijd ca. 20 seconden.
| Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid v.d. meting | Beveiling gegen overbelasting |
| 420 Ω 0,1 Ω ± (1,2 % meetwaarde + 8 digits) | 600 Veff600 V gelijkspanning |
| 4,2 kΩ 1 Ω ± (0,9 % meetwaarde + 4 digits) | 600 Veff600 V gelijkspanning |
| 42 kΩ 10 Ω ± (0,9 % meetwaarde + 4 digits) | 600 Veff600 V gelijkspanning |
| 420 kΩ 100 Ω ± (1,2 % meetwaarde + 4 digits) | 600 Veff600 V gelijkspanning |
| 4,2 MΩ 1 kΩ ± (1,2 % meetwaarde + 4 digits) | 600 Veff600 V gelijkspanning |
| 42 MΩ 10 kΩ ± (3,0 % meetwaarde + 8 digits) | 600 Veff600 V gelijkspanning |
7.4 Diodecontrole
De aangegeven nauwkeurigheid van de meting geldt voor het bereik:tussen 0,4V en 0,8V .Overbelastingsbeveiliging bij diodecontrole: 600~V_eff / 600V gelijkspanning.
| Meet- bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid v.d. meting | max. Meestroom | Maximale nullast- spanning |
| → | 0,1 mV | ± (1,5 %meetwaarde + 5 digits) | 1,5 mA | 3,3 V |
7.5 Doorgangstest
De ingebouwde zoemer geeft een akoestisch signal bij een watstand < 50
7.6 Wisselstroombereik
(multimeter met stroomtangopzetstuk, opzetstuk bevat een énaderige wisselsstroomgeleider)
Meetnauwkeurigheid bedraagt ± (% van de meetwaarde + aantal digits) bij een temperatuur van 23^ ± 5^ .
Maximale stroom van de bijbehorende strooartangopzet 300 A!
| Meetbereik | Resolutie | Uitgangsspanning | Meetnauwkeurigheid |
| 300 A | 0,1 A 1 mV/ 0,1 A | ± (1,5 % meetwaarde + 5 digits) in frequentiebereik 40 Hz - 300 Hz | |
8. Meten met de BENNING MM 4
8.1 Voorbereiden van metingen
- Gebruik en bewaar de BENNING MM 4 uitsluitend bij de aangegeven werk-en opslagtemperaturen. Niet blootstellen aan direct zonlicht.
- Controller de geevens op het veiligheidsmeetsnoor en de rode meetpennen ten aanzien van nominale spanning en stroom. Origineel met de BENNING MM 4 meegeleverde snoersets voldoen aan de te stellen eisen.
-
Controller de isolatie van het veiligheidsmeetsnoor en de rode meetpennen. Beschadigde meetsnoren en/ of meetpennen direct verwijdersen.
-
Veiligheidsmeetsnoer testen op correcte doorgang. Indien de ader in het snoer onderbroken is, het meetsnoer direct verwijdersen.
- Voor dat met de schuifschakelaar of met de functietoets een andere functie gekozen worden, dieren het meetsnoer en de rode meetpen van het meetpunt te worden afgenomen.
- Storingsbronnen in de omgeving van de BENNING MM 4 konnen leiden tot instabiele aanduiding en/of meetfouten.
8.2 Spanningsmeting

Let op de maximale spanning t.o.v. aarde. Gevaarlijke spanning!!
De hoogste spanning die aan de contactbussen
COM-bus zwart
bus voor V, Ω (positief) 3, rood, voor het meten van spanningen en waerstanden, doorgangs- en diodentest, van de multimeter BENNING MM 4 ligt t.o.v. aarde, mag maximaal 600V bedragen.
- Met schuifschakelaar 2, functietoets 4 en Range-toets 6 van de BENNING MM 4 de gewenste instelling kiezen.
- Het zwarte veiligheidsmeetsnoor inpluggen in de COM-contactbus 6 zwart, van de BENNING MM 4.
- De rode meetpen inpluggen in de contactbus V, Ω, rood, van de BENNING MM 4.
- Leg het zwarte veiligheidsmeetsnoer en de rode meetpen aan de meetpunten aan het circuit en lees de gemeten waarde af in het display van de BENNING MM 4.
Opmerking:
In het lage spanningsbereik zal bij een open circuit de „000 V“ aanduiding mogelijk Niet in het display verschijnen. Door de meetpennen even kort te sluiten kunt u de goede werkung van het apparaat controleren.
Zie fig. 2: meten van gelijkspanning.
Zie fig. 3: meten van wisselspanning.
8.3 Weerstandsmeting
Kies met de schuifschakelaar 2, de blauwe functietoets 4 en de Rangetoets 6 de gewenste instelling van de BENNING MM 4
- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus7 (zwart)
- De rode meetpen inpluggen in de contactbus V-Ω (rood)
- Leg de punten van het zwarte veiligheidsmeetsnoer en de rode meetpen aan de meepunten in het circuit en lees de gemeten waarde af in het display.
Opmerking:
Controleer, om zeker teijken van een juiste meting, dat er geen spanning staat op de meetpunten in het circuit.
Bijkleine wondersten kan het resultaat worden verbeterd indien van tevoren door middel van kortsluiting van de meetpennen de waarstand van het meetsnoer worden vastgesteld.
De aldus gemeten waarde kan dan van totaal gemeten werden worden afgetrokken.
Zie fig. 4: weerstandsmeting
8.4 Doorgangstest met zoemer
Kies met de schuifschakelaar 2 en de blauwe functietoets 4 de gewenste instelling
- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus (zwart) van de BENNING MM 4
- De rode meetpen inpluggen in de contactbus V, (rood) van de BENNING MM 4
- Leg de punten van het zwarte veiligheids-meetsnoor en de rode meetpen aan de meetpunter in het circuit. Is de onderstandussen de twee meetpunter kleiner dan 50 ,dan worden een geluidsignaal afgegeven door de in de BENNING MM 4 ingebouwde zoemer
Zie fig 5: doorgangstest met zoemer
8.5 Diodecontrole
- Kies met de schuifschakelaar 2 en de blauwe functietoets 4 de gewenste instelling
- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus (zwart) van de BENNING MM 4
- De rode meetpen inpluggen in de contactbus V, Ω, (rood) van de BENNING MM 4
- Leg het zwarte veiligheidsmeetsnoor en de rode meetpen aan de dio de aansluiting en lees de gemeten waarde af in het display
- Voor een normale, in stroomrichting gemonteerde Si-diode worden een
stroomspanning van 0,500 V tot 0,900 V aangegeven. De aanduiding „000 V" wijst op een kortsluiting in de diode, de aanduiding „OL" geeft een onderbreking in de diode aan
- Bij een in sperrichting gemonteerde diode worden „OL“ aangegeven. Bij een defecte diode worden „000 V“ of een andere waarde aangegeven.
Zie fig. 6: diodecontrole
8.6 Wisselstroommeting met stroomtang (opzetstuk)

Maximale stroom van de bijbehorende stroomtangopzet 300 A!
8.6.2 Stroommeting
- Zet de stroomtang stevig op de multimeter.
- Op de multimeter spanningsmeting inschakelen. De blauwe toets 2 seconden indrukken en met de „Range-toets" het gewenste bereik instellen (AMP CLAMP).
- Met de openingshendel 9 de stroomtang openen
- Plaats de stroomtang om de te meten stroomvoerende ader
- Lees de gemeten waarde af in het display.
Zie fig. 7: wisselstroommeting met stroomtang (opzetstuk)
9. Onderhoud

De BENNING MM 4 mag nooit onder spanning staan als het apparaat geopend worden. Gevaarlijke spanning!
Werken aan een onder spanning staande BENNING MM 4 mag uitsluitend gebeuren door elektrotechnische specialisten, die davon bij de nodige voorzorgs maatregelen dienen te treffen om ongevallen te voorkomen.
Maak de BENNING MM 4 dan ook spanningsvrij, alvorens het apparaat te openen
- Ontkoppel het zwarte veiligheidsmeetsnoer en de rode meetpen van het te meten object.
- Neem het veiligheidsmeetsnoer en de rode meetpen af van de BENNING MM 4
- Zet de schuifschakelaar 2 in de positie „Off"
9.1 Veiligheidsborging van het apparaat
Onder bepaalde omstandigheden kan de veiligheidijdens het werken met de BENNING MM 4 Niet meer worden gegardeerd, bijvoorbeeld in geval van:
- Zichtbare schade aan de behuizing
-Meetfouten
- Waarneembare gevolgen van langdurige opslag onder verkeerde omstandigheden
-Transportschade
In dergelijke gezallen dient de BENNING MM 4 direct te worden uitgeschakeld en nicht opnieuw elders te worden gebruikt
9.2 Reiniging
Reinig de behuizing aan de buitenzijde met een schone, droge doek (speciale reinigingsdoeken uit gezonderd). Gebruik geen oplos- en/ of schuurmiddelen om de BENNING MM 4 schoon te make. Let er in het bijzonder op dat het batterijvak en de batterijcontacten Niet verruilen door uitlopende batterijen. Indien toch verontreiniging ontstaat door elektrolyt of zich zout afzet bij de batterijen en/ of in het huis, dit eveneens verwijderen met een droge, schone doek.
9.3 Het wisselen van batterijen

Voor het openen van de BENNING MM 4要去 het apparaat spanningsvrij bijn. Gevaarlijke spanning!
De BENNING MM 4 wordt gevoed door twee batterijen van 1,5 V. Als het batterijsymbol op het display verschijnt,要去en de batterijen worden verwangen. De batterijen worden als volgt gewisseld.
- Ontkoppel het zwarte veiligheidsmeetsnoer en de rode meetpen van het te meten circuit
- Neem het zwarte veiligheidsmeetsnoer en de rode meetpen af van de BENNING MM 4
- Zet de schuifschakelaar 2 in de positie „Off"
-
Leg het apparaat op de voorzijde en draai de schroefuit de bodem
-
Til de bodemplaat omhoog aan de kant van het schroefgat en verwijder de中断plaat
- Neem de batterijen uit het batterijvak
- Plaats de neue batterijen in de juiste poolrichting in de batterijhouser
- Klik dechterplaat waar op de behuizing en draai de schroef er waar in
Zie fig.8: verwanging van de batterijen

Gooi lege batterijen Niet weg met het gewone huisvuil, maar lever ze in op de bekende inzamelpunten. Zo levert u opnieuw een bijdrage voor een schoner milieu.
9.4 ljking
Om de aangegeven nauwkeurigheid van de meetresultaten te kunnen waarborgen, is het aan te bevelen het apparaat Jaarlijs door once servicedienst te latent kalibreren.
- Norm: EN 61010-031
- Maximale meetspanning t.o.v. de aarde (1等) en meetcategorie: 1000 V CAT III en 600 V CAT IV
- Meetbereik max.: 10 A
- Beschermingsklassell(回), doorgaans dubbel geisoleerd of versterkte isolatie -Veruilingsgraad:2
- Length: 1,4 m, AWG 18,
- Omgevingsvooraarden: metingen möglichk tot H = 2000 m , temperatuur: 0^ C tot + 50^ C ,vochtigheidsgraad 50 % tot 80 %,
- Gebruik de veiligheidsmeetkabelset alleen indien ze in een goede staat is en volgens.Deze handleiding, anders kan de bescherming verminderd zijn.
- Gebruik de veiligheidsmeetkabelset nicht als de isolatie is beschadigd of als er een beschadiging/ onderbreking in de kabel of stekker is.
- Raakijdens de meting de blanke contactpennen Niet aan. Alleen aan de handvaten vastpakken!
- Steek de haakse aansluitingen in het te gebruiken BENNING meetapparaat.
11. Milieu

Wij raden u aan het apparaat aan het einde van+zijn nuttige levensduur, Niet bij het gewone huisafval te deponeren, maar op de waarvoort bestemde adressen.