FLYMO SpeediMo 360C - Grasmaaier

SpeediMo 360C - Grasmaaier FLYMO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SpeediMo 360C FLYMO in PDF-formaat.

📄 100 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice FLYMO SpeediMo 360C - page 62
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : FLYMO

Model : SpeediMo 360C

Categorie : Grasmaaier

SKIP

Veelgestelde vragen - SpeediMo 360C FLYMO

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SpeediMo 360C - FLYMO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SpeediMo 360C van het merk FLYMO.

GEBRUIKSAANWIJZING SpeediMo 360C FLYMO

lvnl Elektrische grasmaaier Originele instructies. Dit product mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en ouder evenals door personen met verminderde lichamelijke, sensori- sche of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis, wan- neer zij onder toezicht staan of m.b.t. het veilige gebruik van het product werden geïnstrueerd en de daaruit voortvloeiende risico’s begrijpen. Kin- deren mogen niet spelen met het product. Kinderen mogen het product niet zonder toezicht reinigen of onderhouden. Het gebruik van dit product door jonge mensen onder de leeftijd van 16 jaar wordt niet aanbevolen.

1.1 Symbolen op het product

Æ Lees de gebruikershandleiding. WAARSCHUWING! Æ Wees voorzichtig met onderdelen die worden uitgewor- pen—houd omstanders uit de buurt. WAARSCHUWING! Æ Houd de netspanningskabel uit de buurt van de bladen (niet van toepassing op snoerloze maaiers). WAARSCHUWING! Æ Houd uw handen en voeten uit de buurt van de bladen. WAARSCHUWING! Æ Haal de netstekker uit het stopcontact voordat u onderhoud uitvoert of als de netspanningskabel beschadigd is (niet van toepassing op snoerloze maaiers). WAARSCHUWING! Æ Koppel de accu voorafgaand aan het onderhoud los. WAARSCHUWING! Æ Verwijder het vergrendelapparaat voordat u onderhoud uitvoert (niet van toepassing op snoerloze gazonmaaiers zonder vergrendelappa-raat).

6. PROBLĒMU NOVĒRŠANA

lvd) Berg elektrische apparaten die u niet nodig hebt op buiten het bereik van kinderen en laat personen die onbekend zijn met het apparaat of deze instructies niet ermee werken. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk in de handen van ongetrainde gebruikers. e) Voer onderhoud uit op elektrisch apparaten en accessoires. Contro- leer het apparaat op verkeerde uitlijning of ondeugdelijke bevestiging van bewegende onderdelen, breuk van onderdelen en andere afwijkingen die de werking van het apparaat negatief kunnen beïnvloeden. Als het apparaat is beschadigd, moet u het laten repareren voordat het weer wordt gebruikt. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden apparaten. f) Houd snijgereedschappen scherp en schoon. Goed onderhouden snij- gereedschappen met scherpe snijranden zullen minder gauw vastlopen en zijn eenvoudiger onder controle te houden. g) Gebruik het apparaat, de accessoires, bitjes en dergelijke in over- eenstemming met deze instructies en houd hierbij rekening met de werk- omstandigheden en het type klus dat moet worden uitgevoerd. Als u het apparaat voor andere toepassingen gebruikt dan waarvoor het is bedoeld, kan er een gevaarlijke situatie ontstaan. h) Houd de handgrepen en grijpoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Vettige of anderszins glibberige handgrepen en grijpoppervlakken belemmeren veilige hantering en bediening van het apparaat in onverwachte situaties.

a) Laat uw elektrische apparaat onderhouden door een gekwaliceerde onderhoudsmonteur met gebruikmaking van uitsluitend identieke vervan- gende onderdelen. Hierdoor blijft de veiligheid van de machine gehandhaafd.

1.2.2 Veiligheidswaarschuwingen voor gazonmaaier

a) Gebruik de gazonmaaier niet bij slechte weersomstandigheden, vooral wanneer er een risico op blikseminslag bestaat. Dit vermindert het risico op blikseminslag. b) Inspecteer het gebied waar de grasmaaier wordt gebruikt grondig op wilde dieren. Wilde dieren kunnen gewond raken wanneer u in hun nabijheid de gazonmaaier gebruikt. c) Onderwerp het gebied waar de gazonmaaier gebruikt gaat worden aan een grondige inspectie en verwijder alle stenen, stokken, draden, botten, en andere voorwerpen. Weggeslingerde objecten kunnen lichamelijk letsel veroorzaken. d) Voer vóór het gebruik van de gazonmaaier altijd een visuele inspectie uit om te kijken of het blad en de bladmontage niet versleten of bescha- digd zijn. Versleten of beschadigde onderdelen verhogen het risico op letsel. e) Controleer vóór het gebruik de voedings- en eventuele verlengkabels op tekenen van beschadiging of veroudering. Gebruik de gazonmaaier niet als de kabel beschadigd of versleten is. Als de kabel beschadigd of versleten raakt of blijkt tijdens gebruik, moet u de grasmaaier uitschake- len en loskoppelen van de voedingsbron. Raak de kabel niet aan voordat deze is losgekoppeld van de voedingsbron. Een beschadigde voedingskabel of verlengkabel kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. f) Controleer de grasopvangbak regelmatig op slijtage of veroudering. Een versleten of beschadigde grasopvangbak kan het risico op letsel verhogen. g) Houd beschermkappen op hun plaats. Beschermkappen moeten in goede staat en correct gemonteerd zijn. Een beschermkap die los zit, beschadigd is of niet goed functioneert, kan leiden tot lichamelijk letsel. h) Houd alle koelluchtinlaten vrij van vuil. Geblokkeerde luchtinlaten en vuil kunnen leiden tot oververhitting of brandgevaar.

i) Draag tijdens het gebruik van de grasmaaier altijd beschermend scho-

eisel met antislipzool. Bedien de gazonmaaier niet op blote voeten of met open sandalen aan. Dit vermindert de kans op letsel aan de voeten door con- tact met het bewegende blad. j) Draag tijdens de bediening van de grasmaaier altijd een lange broek. Blootliggende huid verhoogt de kans op letsel door weggeslingerde voorwerpen. k) Gebruik de grasmaaier niet op nat gras. U dient uitsluitend te lopen, nooit te rennen. Dit verkleint het risico op uitglijden en vallen, wat kan leiden tot lichamelijk letsel. l) Gebruik de grasmaaier niet op extreem steile hellingen. Dit verkleint het risico van controleverlies, uitglijden en vallen, wat kan leiden tot lichamelijk letsel. m) Wees bij het werken op hellingen altijd zeker van uw grip, werk altijd dwars over het oppervlak van hellingen, nooit omhoog of omlaag en wees uiterst voorzichtig wanneer u van richting verandert. Dit verkleint het risico van controleverlies, uitglijden en vallen, wat kan leiden tot lichamelijk letsel. n) Wees uiterst voorzichtig wanneer u achteruitgaat of de grasmaaier naar u toe trekt. Let altijd op uw omgeving. Dit verlaagt het risico op struike- len tijdens het bedrijf. o)Houd de voedingskabel uit de buurt van de snijbladen. Een beschadigde voedingskabel kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. p) Schakel de grasmaaier uit en trek de stekker uit het stopcontact als de kabel verstrikt of beschadigd is. In de knoop geraakte of beschadigde kabels verhogen het risico op een elektrische schok. q) Raak bladen en andere gevaarlijke bewegende delen niet aan als ze nog bewegen. Dit verlaagt het risico op letsel door bewegende delen. Als u vastgelopen materiaal verwijdert of de gazonmaaier reinigt, dient u ervoor te zorgen dat alle schakelaars zijn uitgeschakeld en dat de stroomkabel is losgekoppeld. Het onbedoeld inschakelen van de grasmaaier kan leiden tot ernstig letsel.

1.3 Aanvullende veiligheidsinstructies

De FLYMO-grasmaaier is bedoeld voor het maaien van gazons in tuinen van particulieren en hobbyisten. Het product is niet bedoeld voor langdurig gebruik.

1.2 Algemene veiligheidsinstructies

1.2.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen voor machines

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specicaties die bij dit apparaat zijn meegeleverd. Het niet opvolgen van ieder van de onderstaande instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor later gebruik. De term 'elektrisch apparaat' in de waarschuwingen verwijst zowel naar appa- raten die op het lichtnet (met snoer) werken als apparaten met een accu (snoer- loos).

1) Veiligheid van het werkgebied

a) Zorg ervoor dat de werkplek schoon en goed verlicht is. In rommelige of donkere gebieden gebeuren eerder ongelukken. b) Gebruik machines niet in een explosiegevaarlijke omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoen, gassen of stof. Elektrische apparaten creëren vonken, waardoor stof of dampen kunnen ontbranden. c) Houd kinderen en omstanders uit de buurt wanneer u een elektrisch apparaat gebruikt. U kunt de controle over het apparaat verliezen als u afgeleid wordt.

2) Elektrische veiligheid

a) De stekker van een elektrisch apparaat moet geschikt zijn voor het stopcontact dat u wilt gebruiken. Pas de stekker nooit aan. Gebruik geen adapterstekkers met geaarde machines. Ongewijzigde stekkers en overeen- komende stopcontacten verkleinen het risico op elektrische schokken. b) Vermijd lichaamscontact met geaarde oppervlakken, zoals pijpen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is. c) Stel elektrische apparaten niet bloot aan regen of natte omstandig- heden. Als er water in een elektrisch apparaat binnendringt, wordt het risico op elektrische schokken groter. d) Gebruik het snoer niet op een verkeerde manier. Gebruik het snoer nooit om het apparaat te dragen, te trekken of om de stekker uit het stopcontact te verwijderen. Houd de kabel uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen en bewegende onderdelen. Beschadigde of in de knoop geraakte kabels verhogen het risico op elektrische schokken. e) Als u buitenshuis met een elektrisch apparaat werkt, gebruikt u een verlengkabel die geschikt is voor gebruik buiten. Het gebruik van een kabel die geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert het risico op elektrische schokken. f) Als werken met een elektrisch apparaat in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, gebruikt u voeding met een aardlekschakelaar (RCD). Gebruik van een RCD vermindert het risico op elektrische schokken.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf alert, let goed op wat u doet en gebruik uw gezonde verstand bij het werken met een elektrisch apparaat. Gebruik geen elektrische appa- raten als u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van een elektrisch apparaat kan ernstig lichamelijk letsel tot gevolg hebben. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescher- ming. Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, veiligheidsschoenen met antislipproel, een veiligheidshelm of gehoorbescherming in relevante werkoms- tandigheden beperken letsel. c) Voorkom onopzettelijk starten. Controleer of de schakelaar op OFF staat voordat u het elektrische apparaat aansluit op netvoeding en/of de accu, en voordat u het apparaat oppakt of draagt. Het dragen van elektri- sche apparaten met uw vinger op de schakelaar of het inschakelen van stroom of accu terwijl de schakelaar op ON staat, kan makkelijk tot ongelukken leiden. d) Verwijder een eventueel aanwezige stelsleutel voordat u het elektri- sche apparaat inschakelt. Gereedschap of sleutels die zich in een draaiend onderdeel van het elektrisch apparaat bevinden, kunnen verwondingen veroor- zaken. e) Voorkom overstrekken. Zorg dat u te allen tijde stevig en in balans staat. Hierdoor hebt u een betere controle over het apparaat in onverwachte situaties. f) Draag geschikte kleding. Draag geen losse kleding of sieraden. Houd uw haar en kleding uit de buurt van bewegende onderdelen. Losse kleding, sieraden of lang haar kunnen verstrikt raken in bewegende onderdelen. g) Als de mogelijkheid bestaat om een stofvanger te plaatsen, is het van belang dat deze op de juiste wijze wordt aangesloten en toegepast. Het gebruik van stofopvang kan stofgerelateerde gevaren beperken. h) Let erop dat uw ervaring en vertrouwdheid met machines niet ertoe leidt dat u veiligheidsprincipes minder streng gaat hanteren. Een onzorg- vuldige handeling kan binnen een fractie van een seconde leiden tot ernstig letsel.

4) Gebruik en behandeling van machine

a) Forceer het apparaat niet. Gebruik het juiste apparaat voor uw werk- zaamheden. Het juiste apparaat klaart de klus beter en veiliger, en op de snel- heid die mag worden verwacht. b) Gebruik een elektrisch apparaat niet als het niet met de schakelaar kan worden in- en uitgeschakeld. Apparaten die niet met de schakelaar kun- nen worden bediend, zijn gevaarlijk en moeten worden gerepareerd. c) Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder het accupack, indien verwijderbaar, van de elektrisch apparaat voordat u aanpassingen maakt, accessoires verwisselt of apparaten opbergt. Deze voorzorgsmaa- tregelen beperken het risico op onbedoeld starten van de machine. nlGEVAAR! Risico op letsel! → Gebruik het product niet voor het snoeien van struiken, heggen en vaste planten of voor het snoeien van klimplanten of gras op daken of op balkons, voor het jnhakken van takken en twijgen en om onregelmatigheden in de bodem vlak te maken. → Gebruik het product niet op hellingen van meer dan 20°.

1.3.2 Aanvullende elektrische veiligheidsinstructies

GEVAAR! Risico op hartstilstand! Dit product genereert een elektromagnetisch veld tijdens het bedrijf. Dit elektromagnetische veld kan de functionaliteit van actie- ve of passieve medische implantaten (bijvoorbeeld pacemakers) beïnvloeden, wat kan leiden tot ernstig letsel of de dood. → Raadpleeg uw arts en de fabrikant van uw implantaat voordat u dit product gebruikt. → Verwijder de stekker wanneer u het product niet gebruikt. Kabels Wanneer er verlengsnoeren worden gebruikt, moeten deze voldoen aan de mini- male doorsnedes die staan vermeld in onderstaande tabel: Spanning Kabellengte Dwarsdoorsnede

1. Netspanningskabels en verlengkabels zijn verkrijgbaar bij uw erkende service-

2. Gebruik alleen verlengkabels die speciaal ontworpen zijn voor buitengebruik en

die voldoen aan één van de volgende specicaties: − Gewoon rubber (60245 IEC 53), gewoon PVC (60227 IEC 53) of − gewoon PCP (60245 IEC 57).

3. Als de verbindingskabel is beschadigd, moet deze om gevaar te voorkomen,

worden vervangen door de fabrikant, de servicewerkplaats van de fabrikant of een gelijkwaardig gekwaliceerd persoon.

1.3.3 Aanvullende persoonlijke veiligheidsinstructies

GEVAAR! Verstikkingsgevaar! Kleinere onderdelen kunnen worden ingeslikt. → Houd kleine kinderen tijdens de montage uit te buurt. → Stop de machine, haal de stekker uit het stopcontact en wacht tot alle bewegen- de onderdelen volledig tot stilstand zijn gekomen. − Als de machine een vreemd voorwerp raakt: → Inspecteer in dat geval de machine op schade en voer reparaties uit alvorens de machine opnieuw te starten en te gebruiken. − Als de machine sterk begint te trillen: → Controleer in dat geval de machine onmiddellijk op schade, vervang of repareer beschadigde onderdelen en inspecteer op losse onderdelen en draai deze vast. → Controleer vóór het maaien het te maaien gebied op verborgen voor- werpen zoals takken en verwijder deze. Dit vermindert het risico dat het snoeigereedschap vastloopt. → Stop het snoeigereedschap als de machine moet worden gekanteld voor vervoer bij het oversteken van andere oppervlakken dan gras, en bij het transport van de machine naar en van de zone waar wordt gemaaid. → Kantel de machine niet terwijl de motor is ingeschakeld. → Leeg de grasopvangbak voordat u deze opbergt. → Aanbeveling: Voer reinigings- en onderhoudswerkzaamheden uit voordat u gaat opbergen. → Voer regelmatig onderhoud aan de machine uit. Dit verlengt de levensduur van de machine. → Gebruik uitsluitend door FLYMO goedgekeurde reserveonderdelen. Ongeschikte reserveonderdelen kunnen letsel of schade aan de machine ver- oorzaken. → Breng geen wijzigingen aan de veiligheidscomponenten aan. Het wijzigen van veiligheidscomponenten verhoogt het risico op letsel. → Wees voorzichtig bij het afstellen van de machine. Dit voorkomt dat vingers bekneld raken tussen het bewegende snoeigereedschap en stationaire delen van de machine. → Laat de machine altijd afkoelen voordat u deze opbergt. → Houd er bij het uitvoeren van onderhoud aan het snoeigereedschap rekening mee dat het snoeigereedschap nog kan bewegen nadat het is uitgeschakeld. → Aanbeveling: Draag gehoorbescherming. → Gevaar voor uitglijden: − in nat gras − op steile hellingen − tijdens transport → Overbelast de maaier niet. → Wees voorzichtig bij achteruit rijden.

GEVAAR! Risico op snijwonden door het blad. Als het product onbedoeld wordt gestart, kunnen mensen gewond raken door de bladen. → Wacht tot het zaagblad stopt. Ontkoppel het product van de voe- ding. → Draag veiligheidshandschoenen tijdens het monteren van het pro- duct.

2.1 De handgreep monteren [ afb. A1 / A2 ]:

1. Steek de onderste handgrepen in de daarvoor bestemde gaten in het

dek. → Zet vast met de vleugelknop (afb. A1).

2. Maak met de vleugelknop de bovenste handgreep aan de onderste

handgrepen vast (afb. A2). De bovenste handgreep is in hoogte verstelbaar. De handgrepen kunnen naar wens worden bevestigd in stand I of II (afb. A2). OPMERKING: Zorg ervoor dat de kabelklemmen worden gebruikt om de kabel aan de handgreep te bevestigen. Maak de kabel vast aan de kabelhaak. Zorg ervoor dat de kabel genoeg speling heeft. Zorg ervoor dat de kabels niet verstrikt raken bij het in- en uitklappen van de bovenste handgrepen. Laat de handgrepen niet vallen.

2.2 De grasopvangbak monteren [ afb. B1/B2/B3/B4 ]:

1. Duw de handgreep van de grasopvangbak in de sleuven in het bovens-

te deel van de grasopvangbak totdat hij vastklikt (afb. B1).

2. Zet de twee delen van de grasopvangbak aan elkaar vast en installeer

vervolgens de tong (afb. B2).

3. Installeer de kap van de grasopvangbak met de klemmen beginnend bij

de achterkant van de grasopvangbak. → Zorg ervoor dat alle klemmen correct worden geplaatst (afb. B3).

4. Maak de complete grasopvangbak vast aan de grasmaaier (afb. B4).

a. Doe de beschermkap omhoog. b. Zorg ervoor dat de grasuitworptrechter schoon is en vrij van rom- mel. c. Installeer de volledig gemonteerde grasopvangbak op de paspunten aan de achterkant van het dek zoals afgebeeld. d. Plaats de beschermkap bovenop de grasopvangbak. OPMERKING: Indien u het gras niet wilt verzamelen, kan de gras- maaier zonder de grasopvangbak worden gebruikt. De beschermkap moet naar beneden staan.

2.3 De maaihoogte afstellen [afb. C]:

WAARSCHUWING! Risico van letsel door roterende baden. De bladen blijven een paar seconden ronddraaien nadat de machine is uitgeschakeld. Een ronddraaiend blad kan letsel veroorzaken. → Wacht tot het blad stopt voordat u de hoogte aanpast. Dit product beschikt over vijf maaihoogtes. → Stel de maaihoogte af door de handgreep voor de maaihoogteafstelling te bewegen (afb. C). OPMERKING: Voor de meeste gazons wordt een gemiddelde maai- hoogte aangeraden.

GEVAAR! Risico op snijwonden door het blad. Als het product onbedoeld wordt gestart, kunnen mensen gewond raken door de bladen. → Wacht tot het zaagblad stopt. → Ontkoppel het product van de voeding. → Draag veiligheidshandschoenen tijdens het afstellen of transport- eren van het product.

nl3.1 De maaier starten [ afb. D1/D2 ]: GEVAAR! Risico op letsel Risico op letsel als het product niet stopt wanneer de starthendel wordt losgelaten. → De veiligheidsvoorziening of schakelaars mogen nooit overbrugd worden. → De starthendel mag bijvoorbeeld niet aan de hendel worden beves- tigd. → Breng geen wijzigingen aan in het product die niet in deze handlei- ding worden beschreven.

2. Houd de veiligheidsknop ingedrukt (afb. D2).

3. Laat de veiligheidsknop los.

Belangrijk! → Controleer of het blad stopt met ronddraaien voordat u opnieuw inschakelt. → Schakel niet snel in- en uit.

→ Verminder de druk op de start/stop-hendel. Vol venster grasopvangbak: Met het vullen van de grasopvangbak, wordt gras zichtbaar door het vens- ter. Wanneer het venster/de grasopvangbak vol is, wordt het tijd de grasop- vangbak te legen.

1. Begin met maaien aan de rand van het gazon, het dichtste bij de stroo-

maansluiting, zodat de kabel wordt uitgelegd op het gazon waar u al hebt gemaaid (afb. E).

2. Maai twee keer per week tijdens het groeiseizoen. Uw gazon heeft

meer te lijden als in één keer meer dan een derde van de lengte wordt gemaaid.

ZORG ERVOOR UW GRASMAAIER NIET TE

OVERBELASTEN. Het maaien van lang, dik gras kan ertoe leiden dat de snelheid van de motor daalt. U zult een verandering in het geluid van de motor horen. Als de snelheid van de motor daalt, kunt u uw grasmaaier overbelasten, het- geen schade kan veroorzaken. Wanneer u lang dik gras maait, zorgt een eerste snede met een groter ingestelde maaihoogte ervoor de belasting te verlagen. Zie 'De maaihoogte afstellen'.

GEVAAR! Risico op snijwonden door het blad. Als het product onbedoeld wordt gestart, kunnen mensen gewond raken door de bladen. → Wacht tot het zaagblad stopt. → Ontkoppel het product van de voeding. → Draag veiligheidshandschoenen tijdens het uitvoeren van onde- rhoud aan het product.

4.1 Aanbevelingen voor onderhoud

Uw product heeft een unieke identicatie met een zilver en zwart product- typeplaatje. Wij bevelen ten zeerste aan dat uw product ten minste elke twaalf maan- den wordt onderhouden, bij voorkeur door een vakman.

4.2 Het blad verwijderen en monteren:

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door scherpe randen. → Hanteer het blad altijd voorzichtig. → Draag veiligheidshandschoenen. Gebruik nooit meer dan 3 afs- tandsstukken voor de maaihoogte. → Afstandsstukken mogen alleen worden aangebracht tussen het blad en de ventilator en NOOIT tussen het blad en de bout.

1. Uitschakelen en wachten tot het blad gestopt is met draaien.

2. Koppel het product los van het elektriciteitsnet.

3. Verwijder of monteer het blad opnieuw.

4.2.1 Het blad verwijderen:

1. Om de bladbout te verwijderen, houdt u het blad stevig vast met een

gehandschoende hand en draait u met een sleutel de bladbout linksom los (afb. F).

2. Verwijder de mesbout, de ring en het blad.

3. Controleer op beschadiging en reinig indien nodig.

→ Vervang uw metalen blad na 50 maai-uren of 2 jaar, wat zich het eerste voordoet, ongeacht de staat. → Als het blad gebarsten of beschadigd is, moet het vervangen worden.

4.2.2 Het blad monteren:

1. Monteer het blad op de as, met de scherpe randen van het blad van de

2. Monteer de mesbout weer door de ring en het blad heen.

3. Houd het blad stevig vast met een gehandschoende hand en draai met

een sleutel de mesbout stevig aan. Draai niet te strak aan.

4.3 De maaier reinigen

GEVAAR! Risico op letsel! Risico van letsel en risico van beschadiging van het product. → Gebruik geen water of waterstraal (vooral geen waterstraal onder hoge druk) om het product te reinigen. Hierdoor kan het product beschadigd raken of kan er water in de elektrische componenten binnendringen, wat corrosie of kortsluiting kan veroorzaken. → Gebruik geen chemische producten, waaronder benzine of oplos- middelen, voor de reiniging. Ze kunnen belangrijke kunststof onder- delen vernietigen. WAARSCHUWING! Brandgevaar door geblokkeerde luchtstroomsleuven Achtergebleven grasresten in luchtinlaten of onder het dek kunnen een mogelijk brandgevaar vormen. → De luchtstroomsleuven moeten altijd schoon zijn. → Nadat u de grasmaaier van de fabrikant hebt ontvangen, is het belangrijk dat u uw machine schoon houdt.

1. Koppel de grasmaaier los van het stroomnet.

2. Verwijder het gras met een borstel van onder het dek.

3. Verwijder met behulp van een zachte borstel grasresten uit alle luchtin-

laten, de grasuitworptrechter en de grasopvangbak.

4. Verwijder met behulp van een zachte borstel grasresten uit het kijkvens-

ter (indien aanwezig).

5. Veeg het oppervlak van uw grasmaaier af met een droge doek.

Het product moet uit de buurt van kinderen worden opgeborgen.

1. Haal de stekker van de maaier uit het stopcontact.

2. Reinig de maaier (zie 4. ONDERHOUD).

3. De kabelhaken moeten zich beide op de bovenste handgreep bevin-

den. Wikkel de kabel in een 8-guur.

4. Bewaar de maaier op een droge, afgesloten en vorstvrije plaats.

5.2 Uw kabel opbergen:

→ Uw elektrische kabel kan om haken worden gewikkeld om deze netjes en veilig te kunnen opbergen.

5.3 Uw grasmaaier opbergen:

→ Zet uw grasmaaier op een droge plek waar hij beschermd is tegen beschadiging. → Draai de vleugelknoppen los, zodat de handgrepen over het product kunnen worden geklapt; zorg ervoor dat het bovenste deel van de handgreep wordt ondersteund.

5.4 Aan het einde van het maaiseizoen:

3. Zorg ervoor dat de elektrische kabel correct wordt opgeborgen om

beschadiging te voorkomen.

GEVAAR! Risico op snijwonden door het blad. Als het product onbedoeld wordt gestart, kunnen mensen gewond raken door de bladen. → Wacht tot het zaagblad stopt. → Ontkoppel het product van de voeding. → Draag veiligheidshandschoenen tijdens probleemoplossing van het product.

6.1 Product werkt niet:

1. Is de juiste startprocedure gevolgd?

1. Koppel het apparaat los van de netvoeding.

2. Reinig de buitenkant van de luchtinlaten, de grasuitworptrechter en de

onderkant van het dek.

3. Stel een grotere maaihoogte in. Zie 'De maaihoogte afstellen'.

6.3 Overmatig trillen:

1. Koppel het apparaat los van de netvoeding.

2. Controleer of het blad correct is gemonteerd.

3. Vervang het blad door een nieuw exemplaar, indien het beschadigd of

6.4 De grasmaaier wordt zwaar om te duwen:

1. Koppel het apparaat los van de netvoeding.

2. Op lang gras of ongelijkmatige ondergrond moet de maaihoogte op

een hogere stand worden afgesteld. Zie 'De maaihoogte afstellen'.

3. Controleer of de wielen en rollen vrij kunnen draaien.

OPMERKING: Neem bij andere storingen contact op met de klantenservice van FLYMO. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de klantenservice van FLYMO of door gespeciali-seerde dealers die als zodanig door FLYMO zijn erkend.

7. TECHNISCHE GEGEVENS

Onzekerheidsmarge k vhw m/s

2,3 1,5 Meetproces voldoet aan: 1) EN IEC 62841-4-3 2) RL 2000/14/EC / S.I. 2001 nr.1701 OPMERKING: De vermelde trillingsemissiewaarde is gemeten volgens een gestandaardiseerde testprocedure, en kan gebruikt worden voor vergelijkin-gen tussen het ene elektrisch gereedschap en het andere. Deze waarde kan ook worden gebruikt voor de voorlopige beoordeling van de blootstelling. De trillings-emissiewaarde kan variëren tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap.

8. ACCESSOIRES/RESERVEONDERDELEN

De FLYMO-reserveonderdelen zijn verkrijgbaar via uw FLYMO-dealer of via de FLYMO-service. → Gebruik alleen een origineel FLYMO-blad: Vervangend FLYMO-blad Ter vervanging van een bot blad.Onderdeelnr.: 590605190 Art. FLY071

U vindt de actuele contactgegevens van onze service op de achterzijde en online: https://www.ymo.com/uk/content/contact-us

Het product afvoeren (volgens richtlijn 2012/19/EU/S.I. 2013 nr. 3113)Het product mag niet met het normale huishoudelijke afval worden afgevoerd. Het moet volgens de geldende lokale milieuvoorschriften worden afgevoerd. BELANGRIJK! → Voor het product via uw plaatselijke recyclinginstantie af.

Saskaņotie standarti (3) | Dokumentācijas atrašanās vieta (4) | Pilnvarotā iestāde (5) | CE marķējuma gads (6) | Ulm, (izdošanas datums) (7) Elektriskais zāles pļāvējs Izstr. nr. nl EU-conformiteitsverklaring De ondergetekende bevestigt als gevolmachtigde van de fabrikant, GARDENA Germany AB, PO Box 160 89, SE-103 92, Stockholm, Zweden, dat het / de onderstaand vermelde apparaat/apparaten in de door ons in de handel gebrachte uitvoering voldoet / voldoen aan de eisen van de geharmoniseerde EU-richt- lijnen, EU-veiligheidsnormen en productspecieke normen. Bij een niet met ons afgestemde verandering van het apparaat/de apparaten verliest deze verklaring haar geldigheid. Overeenstemmingsbeoordelingsprocedure volgens 2000/14/EG Art.14 Bijlage VI, geluidsniveau: Gemeten / gegarandeerd (1) | EU-richtlijnen (2) | Geharmoniseer- de normen (3) | Gedeponeerde documentatie (4) | Aangemelde instantie (5) | Jaar van CE-markering (6)