BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Meetinstrumenten

GLM 50-27 GC Professional - Meetinstrumenten BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GLM 50-27 GC Professional BOSCH in PDF-formaat.

📄 515 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice BOSCH GLM 50-27 GC Professional - page 141
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over GLM 50-27 GC Professional BOSCH

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Meetinstrumenten in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GLM 50-27 GC Professional - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GLM 50-27 GC Professional van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING GLM 50-27 GC Professional BOSCH

nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing

da Original brugsanvisning

sv Bruksanvisning i original

no Original driftsinstruks

Veiligheidsaanwijzingen

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Veiligheidsaanwijzingen - 1

Alle aanwijzingen moeten gelezen en in acht genomen worden om gevaarloos en veilig met het meetgereedschap te werken.

Wanneer het meetgereedschap niet volgens de beschikbare aanwijzingen gebruikt wordt, kunnen de geïntegreerde veiligheids- voorzieningen in het meetgereedschap belemmerd worden.

Maak waarschuwingsstickers op het meetgereedschap nooit onleesbaar. BEWAAR DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE.

▶ Voorzichtig – wanneer andere dan de hier aangegeven bedienings- of afstelvoorzieningen gebruikt of andere methods uitgevoerd worden, kan dit resulteren in een gevaarlijke blootstelling aan straling.
- Het meetgereedschap is voorzien van een laser-waarschuwingsplaatje (aangegeven op de weergave van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen).
Is de tekst van het laser-waarschuwingsplaatje niet in uw taal, plak dan vóór het eerste gebruik de meegeleverde sticker in uw eigen taal hieroverheen.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Veiligheidsaanwijzingen - 2

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk niet zelf in de directe of gereflecteerde laserstraal. Daardoor kunt u personen verblinden, ongevallen veroorzaken of het oog beschadigen.

Als laserstraling het oog raakt, dan moeten de ogen bewust gesloten worden en moet het hoofd onmiddellijk uit de straal bewogen worden.
▶ Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheidsbril. De laserbril dient voor het beter herkennen van de laserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laserstraling.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril of in het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-bescherming en vermindert het waarnemen van kleuren.
Laat het meetgereedschap alleen repareren door gekwalificeerd geschoold personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het meetgereedschap in stand blijft.

142 | Nederlands

▶ Laat kinderen het lasermeetgereedschap niet zonder toezicht gebruiken. Zij zou-den per ongeluk andere personen of zichzelf kunnen verblinden.
▶ Werk met het meetgereedschap niet in een omgeving waar ontploffingsgevaar heerst en zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. In het meetgereedschap kunnen vonken ontstaan die het stof of de dampen tot ontsteking brengen.
▶ Open de accu niet. Er bestaat gevaar voor kortsluiting.
Bij beschadiging en verkeerd gebruik van de accu kunnen er dampen vrijkomen. De accu kan branden of exploderen. Zorg voor de aanvoer van frisse lucht en zoek bij klachten een arts op. De dampen kunnen de luchtwegen irriteren.
Bij verkeerd gebruik of een beschadigde accu kan brandbare vloeistof uit de accu lekken. Voorkom contact daarmee. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u bovendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties of verbrandingen leiden.
▶ Door spitse voorwerpen, zoals bijv. spijkers of schroevendraaiers, of door krachtinwerking van buitenaf kan de accu beschadigd worden. Er kan een interne kortsluiting ontstaan en de accu doen branden, roken, exploderen of oververhitten.
Houd de niet-gebruikte accu uit de buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die overbrugging van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
- Gebruik de accu alleen in producten van de fabrikant. Alleen zo wordt de accu tegen gevaarlijke overbelasting beschermd.
▶ Laad de accu's alleen op met oplaadapparaten die door de fabrikant aangeraden worden. Door een oplaadapparaat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat bij gebruik met andere accu's brandgevaar.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - | Nederlands - 1

Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook tegen voortdu-rend zonlicht, vuur, vuil, water en vocht. Er bestaat gevaar voor ex-plosie en kortsluiting.

▶ Voorzichtig! Bij het gebruik van het meetgereedschap met Bluetooth® kunnen storingen bij andere apparaten en installaties, vliegtuigen en medische apparaten (bijv. pacemakers, hoorapparaten) ontstaan. Eveneens kan schade aan mens en dier in de directe omgeving niet volledig uitgesloten worden. Gebruik het meetgereedschap met Bluetooth® niet in de nabijheid van medische apparaten, tankstations, chemische installaties, gebieden waar ontploffingsgevaar heerst en in zones waar met explosieven wordt gewerkt. Gebruik het meetgereedschap

met Bluetooth® niet in vliegtuigen. Vermijd het gebruik gedurende een langere periode heel dichtbij het lichaam.

Het woordmerk Bluetooth® evenals de beeldtekens (logo's) zijn geregistreerde handelsmerken en eigendom van Bluetooth SIG, Inc. Elk gebruik van dit woordmerk/ deze beeldtekens door Robert Bosch Power Tools GmbH gebeurt onder licentie.

Beschrijving van product en werking

Vouw de uitvouwbare pagina met de afbeelding van het meetgereedschap open en laat deze pagina opengevouwen terwijl u de gebruiksaanwijzing leest.

Beoogd gebruik

Het meetgereedschap is bestemd voor het meten van afstanden, lengtes, hoogtes, afstanden, hellingen en voor het berekenen van oppervlaktes en volumes.

Het meetgereedschap is geschikt voor gebruik binnenshuis en buitenshuis.

De meetresultaten kunnen via Bluetooth® naar andere apparaten overgedragen worden.

Afgebeelde componenten

De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen.

(1) Toets Bluetooth®
(2) Functietoets [Func]
(3) Toets min/links [-]
(4) Display
(5) Meettoets [▲]
(6) Toets plus/rechts [+]
(7) Toets basisinstellingen [∅]
(8) Aan/Uit/Terug-toets [ ]
(9) Oog voor draaglus ^A)
(10) Laser-waarschuwingsplaatje
(11) Serienummer
(12) Vergrendeling van het batterijvakdeksel
(13) Batterijvakdeksel
(14) 1/4"-statiefschroefdraad

144 | Nederlands

(15) Ontvangstlens
(16) Uitgang laserstraal
(17) Ceintuurclip ^A)
(18) Schroef ^A) voor ceintuurclip ^A)
(19) Laserrichtbord ^A)
(20) Laserbril ^A)
(21) Statief ^A)
(22) Draaglus ^A)
(23) Opbergetui
(24) Li-Ion-occupack ^A)
(25) Vergrendeling van Li-lon-occupack ^A)
(26) USB Type-C®-kabel ^A)B)
(27) Afdekking USB Type-C®-bus A)

A) Niet elk afgebeeld en beschreven accessoire is standaard bij de levering inbegrepen. Alle accessoires zijn te vinden in ons accessoireprogramma.

B) USB Type-C® en USB-C® zijn handelsmerken van het USB Implementers Forum.

Aanduidingselementen (keuze)

(a) Referentievlak van de meting
(b) Verbindingsstatus

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Aanduidingselementen (keuze) - 1

Bluetooth® geactiveerd, verbinding niet tot stand gebracht

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Aanduidingselementen (keuze) - 2

Bluetooth® geactiveerd, verbinding tot stand gebracht

(c) Batterij-aanduiding
(d) Meetwaarderegels
(e) Resultaatregel
(f) Meetfunctie
(g) Aanduiding hellingshoek
(h) Statusbalk
(i) Displayaanduiding meetfuncties
(j) Displayaanduiding basisinstellingen
(k) Displayaanduiding meer instellingen

Technische gegevens

Digitale laserafstandsmeter GLM 50-27 CG GLM 50-27 C
Productnummer3 601 K72 U.. 3 601 K72 T..
Afstandsmeting
Meetbereik 0,05–50 mA)0,05–50 mA)
Meetbereik (ongunstige om-standigheden)0,05–20 mB)0,05–20 mB)
Meetnauwkeurigheid ±1,5 mmA)±1,5 mmA)
Meetnauwkeurigheid (ongunstige omstandigheden)±3,0 mmB)±3,0 mmB)
Kleinste aanduidingseenheid 0,5 mm 0,5 mm
Indirecte afstandsmeting en libel
Meetbereik 0°–360° (4 x 90°) 0°–360° (4 x 90°)
Hellingmeting
Meetbereik 0°–360° (4 x 90°) 0°–360° (4 x 90°)
Meetnauwkeurigheid (typisch) ± 0,2°C)D)± 0,2°C)D)
Kleinste aanduidingseenheid 0,1° 0,1°
Algemeen
Gebruikstemperatuur –10 °C ... +45°CE)-10 °C ... +45°C E)
Toegestaan oplaadtemperatuurbereik0 °C ... +60 °C0 °C ... +60 °C
Opslagtemperatuur –20 °C ... +70 °C –20 °C ... +70 °C
Relatieve luchtvochtigheid max. 90 % 90 %
Max. gebruikshoogte boven referentiehoogte2000 m2000 m
Vervuilingsgraad volgensIEC 61010-12F)2F)
Laserklasse22
Lasertype515 nm, < 1 mW635 nm, < 1 mW
Divergentie van laserstraal< 1,5 mrad (volledige hoek)< 1,5 mrad (volledige hoek)

146 | Nederlands

Digitale laserafstandsmeter GLM 50-27 CG GLM 50-27 C

Automatische uitschakeling na ca.
– Laser 20 s 20 s
– Meetgereedschap (zonder meting)5 minG)5 minG)
Gewicht volgens EPTA-Procedu-re 01:20140,17 kg 0,17 kg
Afmetingen 119 x 53 x 29 mm 119 x 53 x 29 mm
Beschermklasse IP 65 (stof- en sproei-dicht)IP 65 (stof- en sproei-dicht)
Batterijen 2 x 1,5 V LR6 (AA) 2 x 1,5 V LR6 (AA)
Instelling maateenheid m, ft, in m, ft, in

Accupack (accessoire) Li-Ion Li-Ion

Type BA 3.7V 1.0Ah ABA 3.7V 1.0Ah A
Productnummer1 607 A35 0N81 607 A35 0N8
USB-laadaansluiting Type-C®Type-C®
aanbevolen USB Type-C®-kabel1 600 A01 6A81 600 A01 6A8
Nominale spanning3,7 V---3,7 V---
Capaciteit1,0 Ah1,0 Ah
Aantal accucellen11

Voedingsadapter

Uitgangsspanning5,0 V=5,0 V=
Uitgangsstroom500 mA500 mA
Aanbevolen voedingsadapter2 609 120 713 (EU)2 609 120 713 (EU)
2 609 120 718 (UK)2 609 120 718 (UK)
1 600 A01 3A0 (ARG)1 600 A01 3A0 (ARG)
1 600 A01 3A1 (MEX)1 600 A01 3A1 (MEX)
1 600 A01 3A2 (BRL)1 600 A01 3A2 (BRL)

Gegevensoverdracht

Bluetooth®Bluetooth®(4.2 Low Energy) ^H Bluetooth®(4.2 Low Energy) ^H
Frequentieband2402-2480 MHz2402-2480 MHz

1 609 92A 4ZJ | (14.10.2020)

Bosch Power Tools

Digitale laserafstandsmeter GLM 50-27 CG GLM 50-27 C

Max. zendvermogen 8 mW 8 mW

A) Bij meting vanaf voorkant van het meetgereedschap, geldt voor een hoog reflectievermogen van het doel (bijv. een wit geverfde muur), zwakke achtergrondverlichting en een gebruikstemperatuur van 25 °C. Daarnaast moet rekening worden gehouden met een van de afstand afhankelijke afwijking van ± 0,05 mm/m.
B) Bij meting vanaf voorkant van het meetgereedschap, geldt voor een hoog reflectievermogen van het doel (bijv. een wit geverfde muur), sterke achtergrondverlichting en een gebruikstemperatuur van 25 °C. Daarnaast moet rekening worden gehouden met een van de afstand afhankelijke afwijking van ± 0,15 mm/m.
C) Na de kalibrering door de gebruiker bij 0° en 90°; er moet rekening worden gehouden met een extra hellingfout van ±0,01°/graad tot 45° (max.). Als referentievlak voor de hellingmeting dient de linkerkant van het meetgereedschap.
D) Bij een gebruikstemperatuur van 25 °C
E) In de functie permanente meting bedraagt de max. gebruikstemperatuur +40 °C.
F) Er ontstaat slechts een niet geleidende vervuiling, waarbij echter soms een tijdelijke geleidbaarheid wort verwacht door bedauwing.
G) Bluetooth® gedeactiveerd
H) Bij Bluetooth®-Low-Energy-toestellen kan afhankelijk van model en besturingssysteem het op-bouwen van een verbinding niet mogelijk zijn. Bluetooth®-toestellen moeten het GATT-profiel ondersteunen.
Het serienummer (11) op het typeplaatje dient voor een duidelijke identificatie van uw meetgereedschap.

Bluetooth®-interface

Gegevensoverdracht naar andere apparaten

Het meetgereedschap is uitgerust met een Bluetooth®-module die draadloos de gegevensoverdracht naar bepaalde mobiele eindapparaten met Bluetooth®-interface mogelijk maakt (bijv. smartphone, tablet).

Informatie over de noodzakelijke systeemeisen voor een Bluetooth® verbinding, vindt u op de Bosch-internetpagina www.bosch-pt.com.

▶ Meer informatie vindt u op de Bosch productpagina.

Bij de gegevensoverdracht met Bluetooth® kunnen vertragingen tussen mobiel eindapparaat en meetgereedschap optreden. Dat kan aan de afstand van beide toestellen tot elkaar of aan het meetobject zelf liggen.

Activering van de Bluetooth®-interface voor de gegevensoverdracht naar een mobiel eindapparaat

Zorg ervoor dat de Bluetooth®-interface op uw mobiele eindapparaat geactiveerd is.

148 | Nederlands

Druk op de toets (1) om het Bluetooth®-menu op te vragen en druk opnieuw op de toets (1) (of de toets (6) [+]) om de Bluetooth®-interface te activeren. Als meerdere actieve meetgereedschappen worden gevonden, kies dan het passende meetgereedschap aan de hand van het serienummer. Het serienummer (11) vindt u op het typeplaatje van uw meetgereedschap. De verbindingsstatus evenals de actieve verbinding (b) verschijnt in de statusbalk (h) van het meetgereedschap.

Voor uitbreiding van de functionaliteit staan Bosch-apps ter beschikking. Deze kunt u afhankelijk van eindapparaat in de desbetreffende appstores downloaden.

Deactivering van de Bluetooth®-interface

Druk op de toets (1) om het Bluetooth®-menu op te vragen en druk opnieuw op de toets (1) (of de toets (3) [-]) om de Bluetooth®-interface te deactiveren.

Montage

Batterijen plaatsen/verwisselen

Voor het gebruik van het meetgereedschap worden alkalimangaanbatterijen of nikkelmetaalhydride-accu's (vooral bij lage gebruikstemperaturen) geadviseerd.

Met oplaadbare 1,2V-batterijen zijn afhankelijk van de capaciteit eventueel meer metingen mogelijk dan met 1,5V-batterijen.

Voor het openen van het batterijvakdeksel (13) drukt u op de vergrendeling (12) en neemt u het batterijvakdeksel weg. Plaats de (oplaadbare) batterijen. Let er hierbij op dat de polen juist worden geplaatst volgens de afbeelding op de binnenkant van het batterijvak.

Bij een lage laadtoestand van de batterijen of accu's verschijnt op het display de vraag om de batterijspaarstand te activeren. Bij geactiveerde batterijspaarstand wordt de batterijlooptijd langer en het batterijsymbool op het display krijgt een geel kader (zie „Menu „Instellingen“ (zie afbeelding C)“, Pagina 151).

Wanneer het lege batterijsymbool voor de eerste keer op het display verschijnt, dan is nog maar een gering aantal metingen mogelijk. Wanneer het batterijsymbool leeg is en rood knippert, dan zijn er geen metingen meer mogelijk. Verwissel de batterijen of accu's.

Verwissel altijd alle batterijen of accu's tegelijkertijd. Gebruik alleen batterijen of accu's van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.

Haal de batterijen of accu's uit het meetgereedschap, wanneer u dit langere tijd niet gebruikt. Als de batterijen of accu's lang worden bewaard, kunnen deze gaan corroderen en zichzelf ontladen.

Li-Ion-accupack (accessoire) plaatsen/vervangen

Plaats de Li-lon-accupack (24) (zie afbeelding A).

Voor het wegnemen van de Li-lon-accupack (24) duwt u op de vergrendeling (25) en pakt u de Li-lon-accupack weg.

Gebruik

Li-Ion-accupack (accessoire) opladen

Aanwijzing: De accu wordt gedeeltelijk geladen geleverd. Om het maximale vermogen van de accu te garanderen, dient u de accu vóór het eerste gebruik volledig op te laden. De USB-bus voor de aansluiting van de USB-kabel (26) en het laadcontrolelampje bevin-den zich onder de afdekking van de USB-bus (27) op de Li-lon-accupack (24) (accessoire). Open de afdekking van de USB-bus (27) en sluit de USB-kabel (26) aan.

Tijdens het opladen kan de batterijaanduiding op het display afwijken van de werkelijke laadtoestand van de Li-lon-occupack (24). Wanneer de Li-lon-occupack (24) helemaal is opgeladen, brandt het laadcontrolelampje groen.

Tijdens het opladen brandt het laadcontrolelampje geel. Een rood laadcontrolelampje signaleert dat laadspanning of laadstroom ongeschikt is.

Ingebruikname

Laat het ingeschakelde meetgereedschap niet onbeheerd achter en schakel het meetgereedschap na gebruik uit. Andere personen kunnen door de laserstraal verblind worden.
▶ Bescherm het meetgereedschap tegen vocht en fel zonlicht.
Stel het meetgereedschap niet bloot aan extreme temperaturen of temperatuurschommelingen. Laat het bijv. niet gedurende langere tijd in de auto liggen. Laat het meetgereedschap bij grotere temperatuurschommelingen eerst op temperatuur komen, voordat u het in gebruik neemt. Bij extreme temperaturen of temperatuurschommelingen kan de nauwkeurigheid van het meetgereedschap nadelig beïnvloed worden.
▶ Vermijd krachtige stoten of vallen van het meetgereedschap. Na sterke invloeden van buitenaf op het meetgereedschap dient u, voordat u de werkzaamheden hervat, altijd een nauwkeurigheidscontrole uit te voeren (zie „Nauwkeurigheidscontrole en kalibratie van de hellingmeting (zie afbeelding M)“, Pagina 158) en (zie „Nauwkeurigheidscontrole van de afstandsmeting“, Pagina 159).

150 | Nederlands

- Het meetgereedschap is met een radio-interface uitgerust. Lokale gebruiksbeperkingen, bijv. in vliegtuigen of ziekenhuizen, moeten in acht genomen worden.

In-/uitschakelen

  • Voor het inschakelen van het meetgereedschap en van de laser drukt u kort op de meettoets (5) [▲]
  • Voor het inschakelen van het meetgereedschap zonder laser drukt u kort op de aan/uit/terug-toets (8) [ ]

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote afstand.

Bij de eerste keer inschakelen van het meetgereedschap wordt u gevraagd om de door u gewenste taal voor de displayteksten in te stellen.

Voor het uitschakelen van het meetgereedschap houdt u de aan/uit/terug-toets (8) [ ] ingedrukt.

Bij het uitschakelen van het meetgereedschap blijven de waarden in het geheugen en de toestelinstellingen behouden.

Meetprocedure

Na de eerste keer inschakelen bevindt het meetgereedschap zich in de functie lengtemeting. Telkens na het verder inschakelen bevindt het meetgereedschap zich in de laatst gebruikte meetfunctie. Voor een andere meetfunctie drukt u op de toets (2) [Func]. Kies de gewenste meetfunctie met de toets (6) [+] of toets (3) [-] (zie „Meetfuncties“, Pagina 152). Activeer de meetfunctie met toets (2) [Func] of met de meettoets (5) [▲].

Voor het referentievlak van de meting zijn drie instellingen beschikbaar (zie „Referentievlak kiezen (zie afbeelding B)“, Pagina 151).

Plaats het meetgereedschap op het gewenste startpunt van de meting (bijv. muur).

Aanwijzing: Als het meetgereedschap met de aan/uit/terug-toets (8) [ ] werd ingeschakeld, druk dan kort op de meettoets (5) [ ] om de laser in te schakelen.

Druk voor het activeren van de meting kort op de meettoets (5) [▲ Daarna wordt de laserstraal uitgeschakeld. Voor nog een meting herhaalt u deze procedure.

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote afstand.

Aanwijzing: De meetwaarde verschijnt normaal gezien binnen 0,5 s en uiterlijk na ca. 4 s. De duur van de meting hangt van de afstand, de lichtomstandigheden en de reflectie-eigenschappen van het doelvlak af. Na de meting wordt de laserstraal automatisch uitgeschakeld.

Referentievlak kiezen (zie afbeelding B)

Voor de meting kunt u uit drie verschillende referentievlakken kiezen:

  • de achterkant van het meetgereedschap (bijv. als het tegen een muur wordt gelegd)
  • de voorkant van het meetgereedschap (bijv. bij het meten vanaf de rand van een tafel)
  • het midden van de schroefdraad (14) (bijv. voor metingen met statief)

Druk voor het kiezen van het referentievlak op de toets (7) [★Kies vervolgens met de meettoets (5) [▲] of met de toets (2) [Func] de instelling „Referentievlak“. Kies vervolgens met de toets (6) [+] of de toets (3) [-] het gewenste referentievlak. Telkens na het inschakelen van het meetgereedschap is het laatst gekozen referentievlak vooringesteld.

Om in het menu „Instellingen“ (j) te komen, drukt u op de toets (7) [★].

Kies met de toets (6) [+] of toets (3) [-] de gewenste instelling en bevestig met de meettoets (5) [▲] of met de toets (2) [Func].

Kies de gewenste instelling met de toets (6) [+] of toets (3) [-] en bevestig met de meettoets (5) [▲] of met de toets (2) [Func].

Om het menu „Instellingen“ te verlaten, drukt u kort op de aan/uit/terug-toets (8) [F] De volgende instellingen zijn beschikbaar:

  • Geluid in- en uitschakelen
  • Trilling in-/uitschakelen : twee korte trillingen signaleren een succesvolle meting; een lange trilling signaleert een foutieve meting.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Menu „Instellingen“ (zie afbeelding C) - 1

- Displayverlichting

- Batterijspaarstand :bij ingeschakelde batterijspaarstand worden geluid en trilling gedeactiveerd en de displayhelderheid verlaagd. Daardoor wordt de batterijlooptijd langer.

- Maateenheid wisselen ft/m

- Taal instellen

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Menu „Instellingen“ (zie afbeelding C) - 2

- PRO360 : Een eerste activering is vereist. De gegevensoverdracht is alleen met de betreffende app of het betreffende pc-programma mogelijk. Na een batterijwissel moet het meetgereedschap een keer worden ingeschakeld om PRO360 weer te starten. PRO360 kan op elk moment weer worden gedeactiveerd. Meer informatie over PRO360 vindt u op www.pro360.com.

- Toestelinformatie i

- Fabrieksinstellingen

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Menu „Instellingen“ (zie afbeelding C) - 3

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Menu „Instellingen“ (zie afbeelding C) - 4

152 | Nederlands

Meetfuncties

Helpfunctie (zie afbeelding D)

Voor het kiezen van een meetfunctie drukt u op de toets (2) [Func]. Kies de gewenste meetfunctie met de toets (6) [+] of toets (3) [-].

Druk op de toets (7) [#om de helpfunctie te starten. De helpfunctie laat de gedetailleerde handelwijze voor de gekozen meetfunctie zien.

Lengtemeting

Kies de lengtemeting

Druk voor het inschakelen van de laserstraal kort op de meettoets (5) [ ]

Druk voor het meten kort op de meettoets (5) [▲] De meetwaarde verschijnt onderaan op het display.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Lengtemeting - 1

Herhaal de hierboven genoemde stappen voor elke verdere meting. De laatste meetwaarde staat onderaan op het display, de voorlaatste meetwaarde erboven enz.

Permanente meting

Bij de continueting kan het meetgereedschap relatief ten opzichte van het doel worden verplaatst, waarbij de meetwaarde ongeveer elke 0,5 s wordt geactualiseerd. U kunt zich bv. van een muur tot op de gewenste afstand verwijderen, de actuele afstand kan altijd worden afgelezen.

Kies de continuering - Kies een van de volgende functies:

- min/max: de kleinste en grootste meetwaarde verschijnen permanent op het display (zie afbeelding J).

- grote getallen: de meetwaarde wordt voor een betere leesbaarheid vergroot weergegeven (zie afbeelding K).

- rolmaat: de afstand wordt net als bij een rolmaat visueel weergegeven (zie afbeelding L). Aanwijzing: In de functie Rolmaat wordt de afstand tot de markering op het display weergegeven. De referentie is niet de rand van het meetgereedschap.

Druk voor het inschakelen van de laserstraal kort op de meettoets (5) [▲]

Beweeg het meetgereedschap zo lang tot de gewenste afstand onderaan op het display verschijnt.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Permanente meting - 1

Door kort op de meettoets (5) [▲te drukken onderbreekt u de continumeting. De actuele meetwaarde verschijnt onderaan op het display. Opnieuw indrukken van de meettoets (5) [▲start de continu-meting opnieuw.

De continuering schakelt na 4 minuten automatisch uit.

Oppervlaktemeting

Kies de oppervlaktemeting □

Meet daarna breedte en lengte na elkaar zoals bij een lengtemeting. Tussen de beide metingen blijft de laserstraal ingeschakeld. De te meten afstand knippert in de aanduiding voor oppervlaktemeting.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Oppervlaktemeting - 1

De eerste meetwaarde verschijnt bovenaan op het display.

Na het afsluiten van de tweede meting wordt de oppervlakte automatisch berekend en weergegeven. Het eindresultaat staat onderaan op het display, de afzonderlijke meetwaarden erboven.

Volumemeting

Kies de volumemeting.

Meet daarna breedte, lengte en diepte na elkaar zoals bij een lengtemeting. Tussen de drie metingen blijft de laserstraal ingeschakeld. De te meten afstand knippert in de aanduiding voor volumemeting.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Volumemeting - 1

De eerste meetwaarde verschijnt bovenaan op het display.

Na het afsluiten van de derde meting wordt het volume automatisch berekend en weergegeven. Het eindresultaat staat onderaan op het display, de afzonderlijke meetwaarden erboven.

Indirecte afstandsmeting

Voor de indirecte afstandmeting staan drie meetfuncties ter beschikking waarmee telkens verschillende afstanden kunnen worden bepaald.

De indirecte afstandsmeting dient voor het bepalen van afstanden die niet rechtstreeks kunnen worden gemeten, omdat een obstakel de laserstraal belemmert of omdat er geen doelvlak als reflector beschikbaar is. Deze meetmethode kan alleen in verticale richting worden toegepast. Elke afwijking in horizontale richting leidt tot meetfouten.

154 | Nederlands

Aanwijzing: De indirecte afstandsmeting is altijd onnauwkeuriger dan de directe afstandsmeting. Meetfouten kunnen afhankelijk van de toepassing groter zijn dan bij de directe afstandsmeting. Voor de verbetering van de meetnauwkeurigheid raden we het gebruik van een statief (accessoire) aan.

Tussen de afzonderlijke metingen blijft de laserstraal ingeschakeld.

a) Indirecte hoogtemeting (zie afbeelding E)

Kies de indirecte hoogtemeting

Let erop dat het meetgereedschap zich op dezelfde hoogte als het onderste meetpunt bevindt. Kantel daarna het meetgereedschap om het referentievlak en meet net als bij een lengtemeting de afstand „1“ (op het display weergegeven als rode lijn).

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - a) Indirecte hoogtemeting (zie afbeelding E) - 1

Na afsluiting van de meting verschijnt het resultaat voor de gezochte afstand „X“ in de resultaatregel (e). De meetwaarden voor de afstand „1“ en de hoek „a“ staan in de meetwaarderegels (d).

b) Dubbele indirecte hoogtemeting (zie afbeelding F)

Het meetgereedschap kan alle afstanden indirect meten die in het verticale niveau van het meetgereedschap liggen.

Kies de dubbele indirecte hoogtemeting .

Meet net als bij een lengtemeting de afstanden „1“ en „2“ in deze volgorde.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - b) Dubbele indirecte hoogtemeting (zie afbeelding F) - 1

Na afsluiting van de meting verschijnt het resultaat voor de gezochte afstand „X“ in de resultaatregel (e). De meetwaarden voor de afstanden „1“, „2“ en de hoek „a“ staan in de meetwaarderegels (d).

Let erop dat het referentievlak van de meting (bijv. achterkant van het meetgereedschap) bij alle afzonderlijke metingen binnen een meetmethode op exact dezelfde plek blijft.

c) Indirecte lengtemeting (zie afbeelding G)

Kies de indirecte lengtemeting

Let erop dat het meetgereedschap zich op dezelfde hoogte als het gezochte meetpunt bevindt. Kantel daarna het meetgereedschap om het referentievlak en meet net als bij een lengtemeting de afstand „1“.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - c) Indirecte lengtemeting (zie afbeelding G) - 1

Na afsluiting van de meting verschijnt het resultaat voor de gezochte afstand „X“ in de resultaatregel (e). De meetwaarden voor de afstand „1“ en de hoek „a“ staan in de meetwaarderegels (d).

Muuroppervlaktemeting (zie afbeelding H)

De muuroppervlaktemeting dient voor het bepalen van de som van meerdere afzonderlijke vlakken met een gemeenschappelijke hoogte. In het weergegeven voorbeeld moet de totale oppervlakte van meerdere muren worden bepaald die dezelfde ruimtehoogte H, maar verschillende lengtes L hebben.

Kies de muuroppervlaktemeting

Meet de ruimtehoogte H net als bij een lengtemeting. De meetwaarde verschijnt in de bovenste meetwaarderegel. De laser blijft ingeschakeld.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Muuroppervlaktemeting (zie afbeelding H) - 1

Meet daarna de lengte L_1 van de eerste muur. De oppervlakte wordt automatisch berekend en verschijnt in de resultaatregel (e). De laatste lengtemeetwaarde staat in de onderste meetwaarderegel (d). De laser blijft ingeschakeld.

Meet nu de lengte L_2 van de tweede muur. De in de meetwaarderegel (d) weergegeven afzonderlijke meetwaarde wordt bij de lengte L_1 op-

geteld. De som van de beide lengtes (weergegeven in de middelste meetwaarderegel (d)) wordt vermenigvuldigd met de opgeslagen hoogte H. De totale oppervlaktewaarde verschijnt in de resultaatregel (e).

U kunt willekeurig veel verdere lengtes L_x meten die automatisch opgeteld en met de hoogte H vermenigvuldigd worden. Voorwaarde voor een correcte berekening van de oppervlakte is dat de eerste gemeten lengte (in het voorbeeld de ruimtehoogte H) voor alle deelvlakken hetzelfde is.

Uitzetfunctie (zie afbeelding I)

De uitzetfunctie meet herhalend een gedefinieerde lengte (afstand). Deze lengtes kunnen naar een oppervlak worden overgebracht om het bijv. mogelijk te maken materiaal in even lange stukken te snijden of staanderwanden in de droge montagebouw op te richten. De instelbare minimale lengte bedraagt 0,1 m, de maximale lengte bedraagt 50 m.

Aanwijzing: In de uitzetfunctie wordt de afstand tot de markering op het display weergegeven. De referentie is niet de rand van het meetgereedschap.

Kies de uitzetfunctie

Stel de gewenste lengte met toets (6) [+] of toets (3) [-] in.

156 | Nederlands

Start de uitzetfunctie door op de meettoets (5) [ ]te drukken en loop langzaam weg van het startpunt.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - | Nederlands - 1

Het meetgereedschap meet continu de afstand tot het startpunt. Daarbij worden de gedefinieerde lengte en de actuele meetwaarde weergegeven. De onderste of bovenste pijl geeft de kleinste afstand tot de komende of laatste markering aan.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - | Nederlands - 2

De linker factor geeft aan hoe vaak de gedefinieerde lengte al werd bereikt. Een groene meetwaarde geeft het bereiken van een lengte voor markeringsdoeleinden aan. Een blauwe meetwaarde geeft de werkelijke waarde aan, wanneer de referentiewaarde buiten het display ligt.

Hellingmeting/digitale waterpas

Kies de hellingmeting/digitale waterpas Het meetgereedschap schakelt automatisch tussen twee toestanden om.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Hellingmeting/digitale waterpas - 1

De digitale waterpas dient voor de controle van de horizontale of verticale uitlijning van een object (bijv. wasmachine, koelkast enz.). Wanneer de helling 3° overschrijdt, brandt het bolletje op het display rood.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Hellingmeting/digitale waterpas - 2

De hellingmeting dient voor het meten van een stijging of helling (bijv. van trappen, leuningen, bij het inpassen van meubels, bij het plaatsen van buizen enz.). Als referentievlak voor de hellingmeting dient de linkerkant van het meetgereedschap.

Aanduiding geheugenwaarde

De waarde of het eindresultaat van elke afgesloten meting wordt automatisch opgeslagen.

Maximaal 30 waarden (meetwaarden of eindresultaten) kunnen opgeroepen worden.

Kies de geheugenfunctie [∅]

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Aanduiding geheugenwaarde - 1

Bovenaan op het display verschijnt het nummer van de geheugenwaarde, onderaan de bijbehorende geheugenwaarde en links de bijbehorende meetfunctie.

Druk op de toets (6) [+] om vooruit door de opgeslagen waarden te bladeren.

Druk op de toets (3) [-] om achteruit door de opgeslagen waarden te

bladeren.

De oudste waarde bevindt zich op positie 1 in het geheugen, de nieuwste waarde op positie 30 (bij 30 beschikbare geheugenwaarden). Bij het opslaan van een bijkomende waarde wordt altijd de oudste waarde in het geheugen gewist.

Geheugen wissen

Voor het wissen van een afzonderlijke geheugenwaarde selecteert u deze waarde (zie „Aanduiding geheugenwaarde“, Pagina 156). Voor het wissen drukt u eerst op de aan/uit/terug-toets (8) [ ] en bevestigt u vervolgens met toets (2) [Func].

Voor het wissen van de gehele geheugeninhoud drukt u op de toets (7) [en kiest u de functie]. Druk daarna op de toets (6) [+] en bevestig met toets (2) [Func].

Waarden optellen/aftrekken

Meetwaarden of eindresultaten kunnen opgeteld of afgetrokken worden.

Waarden optellen

Het volgende voorbeeld beschrijft het optellen van oppervlaktes:

Bepaal een oppervlakte volgens het hoofdstuk „Oppervlaktemeting“ Oppervlaktemeting.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Waarden optellen - 1

Druk op de toets (6) [+]. De berekende oppervlakte en het symbool „+“ verschijnen.

Druk op de meettoets (5) [▲om nog een oppervlaktemeting te starten. Bepaal de oppervlakte conform het deel „Oppervlaktemeting“ Oppervlaktemeting. Zodra de tweede meting is afgesloten, verschijnt het resultaat van de tweede oppervlaktemeting onderaan op het dis-

play. Om het eindresultaat weer te geven, drukt u opnieuw op de meettoets (5) [▲]

Aanwijzing: Bij een lengtemeting verschijnt het eindresultaat direct.

Om de optelfunctie te verlaten, drukt u op de toets (2) [Func].

Waarden aftrekken

Voor het aftrekken van waarden drukt u op de toets (3) [-]. De verdere werkwijze verloopt zoals bij „Waarden optellen“.

158 | Nederlands

Meetwaarden wissen

Door het kort indrukken van de aan/uit/terug-toets (8) [ ]kunt u in alle meetfuncties de laatst bepaalde meetwaarde wissen. Door meerdere keren kort op de aan/uit/terug-toets (8) [ ]te drukken worden de meetwaarden in omgekeerde volgorde gewist.

Aanwijzingen voor werkzaamheden

- Het meetgereedschap is met een radio-interface uitgerust. Lokale gebruiksbeperkingen, bijv. in vliegtuigen of ziekenhuizen, moeten in acht genomen worden.

Algemene aanwijzingen

De ontvangstlens (15) en de uitgang van de laserstraal (16) mogen bij een meting niet afgedekt zijn.

Het meetgereedschap mag tijdens een meting niet bewogen worden (met uitzondering van de functies continueting en hellingmeting). Leg daarom het meetgereedschap indien mogelijk tegen een vast aanslag- of oplegvlak.

Invloeden op het meetbereik

Het meetbereik hangt van de lichtomstandigheden en de reflectie-eigenschappen van het doelvlak af. Gebruik voor de betere zichtbaarheid van de laserstraal bij sterk omgevingslicht de laserbril (20) (accessoire) en het laserrichtbord (19) (accessoire) of beschaduw het doelvlak.

Invloeden op het meetresultaat

Vanwege bepaalde eigenschappen van materialen kunnen bij metingen op sommige oppervlakken foute metingen niet worden uitgesloten. Daartoe behoren:

- transparante oppervlakken (bijv. glas, water)

- spiegelende oppervlakken (bijv. gepolijst metaal, glas)

- poreuze oppervlakken (bijv. isolatiemateriaal)

- gestructureerde oppervlakken (bijv. ruw pleisterwerk, natuursteen).

Gebruik eventueel op deze oppervlakken het laserrichtbord (19) (accessoire).

Foute metingen zijn bovendien mogelijk op doelvlakken waar schuin op wordt gericht.

Ook kunnen luchtlagen met verschillende temperaturen of indirect ontvangen reflecties de meetwaarde beïnvloeden.

Nauwkeurigheidscontrole en kalibratie van de hellingmeting (zie afbeelding M)

Controleer regelmatig de nauwkeurigheid van de hellingmeting. Dit gebeurt door een omslagmeting. Leg daarvoor het meetgereedschap op een tafel en meet de helling. Draai het meetgereedschap 180° en meet opnieuw de helling. Het verschil van de weergegeven waarde mag max. 0,3° bedragen.

Bij grotere afwijkingen moet u het meetgereedschap opnieuw kalibreren. Kies hiervoor in de instellingen. Volg de instructies op het display.

Na sterke temperatuurveranderingen en na stoten raden we u een nauwkeurigheidscontrole aan en evt. een kalibrering van het meetgereedschap. Na een temperatuurverandering moet het meetgereedschap zich een tijdje aan de temperatuur aanpassen, voordat een kalibrering plaatsvindt.

Nauwkeurigheidscontrole van de afstandsmeting

U kunt de nauwkeurigheid van het meetgereedschap als volgt controleren:

- Kies een duurzaam onveranderlijke meetafstand van ca. 3 tot 10 m waarvan u de lengte precies kent (bijvoorbeeld kamerbreedte, deuropening). De meting moet onder gunstige omstandigheden uitgevoerd worden, d.w.z. dat het meettraject binnenshuis moet liggen en dat het doelvlak van de meting glad en goed reflecterend moet zijn.

- Meet het traject 10 keer na elkaar.

De afwijking van de afzonderlijke metingen van de gemiddelde waarde mag maximaal ±4 mm over het volledige meettraject bij gunstige omstandigheden bedragen. Noteer de metingen om op een later tijdstip de nauwkeurigheid te kunnen vergelijken

Werken met het statief (accessoire)

Het gebruik van een statief is vooral bij grotere afstanden noodzakelijk. Plaats het meetgereedschap met de 1/4"-schroefdraad (14) op de snelwisselplaat van het statief (21) of een gangbaar fotostatief. Schroef het met de vastzetschroef van de snelwisselplaat vast.

Stel het referentievlak voor metingen met statief in de instellingen in. (zie „Referentievlak kiezen (zie afbeelding B)“, Pagina 151).

Ceintuurclip (accessoire) (zie afbeelding N)

Met de ceintuurclip (17) kunt u het meetgereedschap comfortabel aan uw riem hangen.

Foutmelding

Wanneer een meting niet correct kan worden uitgevoerd, verschijnt de foutmelding „Error“ op het display. Start de meting opnieuw.

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Foutmelding - 1

Het meetgereedschap bewaakt de correcte werking bij elke meting. Als een defect wordt vastgesteld, verschijnt op het display alleen nog het hiernaast afgebeelde symbool en het meetgereedschap wordt uitgeschakeld. In dit geval laat u het meetgereedschap via uw dealer naar de Bosch klantenservice opsturen.

160 | Nederlands

Onderhoud en service

Onderhoud en reiniging

Bewaar en transporteer het meetgereedschap alleen in het meegeleverde opbergetui (23).

Houd het meetgereedschap altijd schoon.

Dompel het meetgereedschap niet in water of andere vloeistoffen.

Verwijder vuil met een vochtige, zachte doek. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Houd vooral de ontvangstlens (15) met dezelfde zorgvuldigheid schoon als waarmee een bril of lens van een fototoestel moet worden behandeld.

Stuur het meetgereedschap voor reparatie in het opbergetui (23) op.

Klantenservice en gebruiksadvies

Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op: www.bosch-pt.com

Het Bosch-gebruiksadviesteam helpt u graag bij vragen over onze producten en accessoires.

Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande productnummer volgens het typeplaatje van het product.

Nederland

Tel.: (076) 579 54 54

Fax: (076) 579 54 94

E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com

Meer serviceadressen vindt u onder:

Li-lon-accu's vallen onder de vereisten van de wetgeving inzake gevaarlijke stoffen. De accu's kunnen door de gebruiker zonder verdere voorschriften over de weg vervoerd worden.

Bij de verzending door derden (bijv. luchtvervoer of expeditiebedrijf) moeten bijzondere eisen ten aanzien van verpakking en markering in acht genomen worden. In deze gevallen moet bij de voorbereiding van de verzending een deskundige voor gevaarlijke stoffen geraadpleegd worden.

Verzend accu's alleen, wanneer de behuizing onbeschadigd is. Plak blootliggende contacten af en verpak de accu zodanig dat deze niet in de verpakking beweegt. Neem ook eventuele overige nationale voorschriften in acht.

Afvalverwijdering

BOSCH GLM 50-27 GC Professional - Afvalverwijdering - 1

Meetgereedschappen, accu's/batterijen, accessoires en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden gerecycled. Gooi meetgereedschappen en accu's/batterijen niet bij het huisvuil!

Alleen voor landen van de EU:

Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU moeten niet meer bruikbare meetgereedschappen en volgens de Europese richtlijn 2006/66/EG moeten defecte of verbruikte accu's/batterijen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden gerecycled.

Accu's/batterijen:

Li-Ion:

Lees de aanwijzingen in het gedeelte Vervoer en neem deze in acht (zie „Vervoer“, Pagina 160).

Dansk

(f) Functie de măsurare

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : GLM 50-27 GC Professional

Categorie : Meetinstrumenten