BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Meetinstrumenten

GCL 12V-50-22 CG Professional - Meetinstrumenten BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GCL 12V-50-22 CG Professional BOSCH in PDF-formaat.

📄 717 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - page 142
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over GCL 12V-50-22 CG Professional BOSCH

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Meetinstrumenten in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GCL 12V-50-22 CG Professional - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GCL 12V-50-22 CG Professional van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING GCL 12V-50-22 CG Professional BOSCH

MI Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing

da Original Drugsanvishing

sv Bruksanvisning i original

no Original driftsinstruks

II Aikuperaiset onjeet

el Prwotupio oonytow xphouc

Veiligheidsaanwijzingen

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Veiligheidsaanwijzingen - 1

Alle aanwijzingen moeten gelezen en in acht genomen worden om gevaarloos en veilig met het meetgereedschap te werken.

Wanneer het meetgereedschap niet volgens de beschikbare aanwijzingen gebruikt wordt, kunnen de geïntegreerde veiligheids- voorzieningen in het meetgereedschap belemmerd worden.

Maak waarschuwingsstickers op het meetgereedschap nooit onleesbaar. BEWAAR

142 | Nederlands

DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE.

▶ Voorzichtig – wanneer andere dan de hier aangegeven bedienings- of afstelvoorzieningen gebruikt of andere methods uitgevoerd worden, kan dit resulteren in een gevaarlijke blootstelling aan straling.
- Het meetgereedschap is voorzien van een laser-waarschuwingsplaatje (aangegeven op de weergave van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen).
Is de tekst van het laser-waarschuwingsplaatje niet in uw taal, plak dan vóór het eerste gebruik de meegeleverde sticker in uw eigen taal hieroverheen.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE. - 1

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk niet zelf in de directe of gereflecteerde laserstraal. Daardoor kunt u personen verblinden, ongevallen veroorzaken of het oog beschadigen.

▶ Als laserstraling het oog raakt, dan moeten de ogen bewust gesloten worden en moet het hoofd onmiddellijk uit de straal bewogen worden.
▶ Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheidsbril. De laserbril dient voor het beter herkennen van de laserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laserstraling.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril of in het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-bescherming en vermindert het waarnemen van kleuren.
Laat het meetgereedschap alleen repareren door gekwalificeerd geschoold personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het meetgereedschap in stand blijft.
▶ Laat kinderen het lasermeetgereedschap niet zonder toezicht gebruiken. Zij zouden per ongeluk andere personen of zichzelf kunnen verblinden.
▶ Werk met het meetgereedschap niet in een omgeving waar ontploffingsgevaar heerst en zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. In het meetgereedschap kunnen vonken ontstaan die het stof of de dampen tot ontsteking brengen.
▶ Verander en open de accu niet. Er bestaat gevaar voor kortsluiting.
Bij beschadiging en verkeerd gebruik van de accu kunnen er dampen vrijkomen. De accu kan branden of exploderen. Zorg voor de aanvoer van frisse lucht en zoek bij klachten een arts op. De dampen kunnen de luchtwegen irriteren.

Bij verkeerd gebruik of een beschadigde accu kan brandbare vloeistof uit de accu lekken. Voorkom contact daarmee. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u bovendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties of verbrandingen leiden.
▶ Door spitse voorwerpen, zoals bijv. spijkers of schroevendraaiers, of door krachtinwerking van buitenaf kan de accu beschadigd worden. Er kan een interne kortsluiting ontstaan en de accu doen branden, roken, exploderen of oververhitten.
Houd de niet-gebruikte accu uit de buurt van paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die overbrugging van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
- Gebruik de accu alleen in producten van de fabrikant. Alleen zo wordt de accu tegen gevaarlijke overbelasting beschermd.
▶ Laad de accu's alleen op met oplaadapparaten die door de fabrikant aangeraden worden. Door een oplaadapparaat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat bij gebruik met andere accu's brandgevaar.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE. - 2

Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook tegen voortdu-rend zonlicht, vuur, vuil, water en vocht. Er bestaat gevaar voor explosie en kortsluiting.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE. - 3

Houd de magnetische accessoires uit de buurt van implantaten en andere medische apparaten, zoals pacemakers en insulinepompen. Door de magneten van de accessoires wordt een veld opgewekt dat de werking van implantaten en medische apparaten kan verstoren.

Houd de magnetische accessoires uit de buurt van magnetische gegevensdragers en magnetisch gevoelige apparatuur. Door de werking van de magneten van de accessoires kan het tot onomkeerbaar gegevensverlies komen.
- Het meetgereedschap is met een radio-interface uitgerust. Lokale gebruiksbeperkingen, bijv. in vliegtuigen of ziekenhuizen, moeten in acht genomen worden. Het woordmerk Bluetooth® evenals de beeldtekens (logo's) zijn geregistreerde handelsmerken en eigendom van Bluetooth SIG, Inc. Elk gebruik van dit woordmerk/ deze beeldtekens door Robert Bosch Power Tools GmbH gebeurt onder licentie.
▶ Voorzichtig! Bij het gebruik van het meetgereedschap met Bluetooth® kunnen storingen bij andere apparaten en installaties, vliegtuigen en medische apparaten (bijv. pacemakers, hoorapparaten) ontstaan. Eveneens kan schade aan mens en dier in de directe omgeving niet volledig uitgesloten worden. Gebruik het

144 | Nederlands

meetgereedschap met Bluetooth® niet in de buurt van medische apparaten, tankstations, chemische installaties, zones met explosiegevaar en in zones waar gebruik wordt gemaakt van explosieven. Gebruik het meetgereedschap met Bluetooth® niet in vliegtuigen. Vermijd het gebruik gedurende een langere periode heel dichtbij het lichaam.

Beschrijving van product en werking

Neem de afbeeldingen in het voorste gedeelte van de gebruiksaanwijzing in acht.

Beoogd gebruik

Het meetgereedschap is bedoeld voor het bepalen en controleren van horizontale en verticale lijnen evenals loodpunten.

Het meetgereedschap is geschikt voor gebruik binnenshuis en buitenshuis.

Dit product is een laserproduct voor consumenten in overeenstemming met EN 50689.

Afgebeelde componenten

De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen.

(1) Aanduiding laadstatus accu/batterijen
(2) Toets Bluetooth®
(3) Toets voor bedieningsmodus laser
(4) Aan/uit-schakelaar
(5) Opening voor laserstraal
(6) Statiefopname 1/4"
(7) Geleidegroef
(8) Laser-waarschuwingsplaatje
(9) Serienummer
(10) Accu ^a)
(11) Afsluitkap batterijadapter
(12) Ontgrendelingstoets accu/batterijadapter
(13) Batterijen ^a)
(14) Huls batterijadapter
(15) Accuschacht

(16) Bevestigingssleuf ^a)
(17) Geleiderail ^a)
(18) Draaihouder (RM 20) ^a)
(19) Fijninstelschroef van de draaihouder ^a)
(20) Magneet ^a)
(21) Plafondklem (DK 20) ^a)
(22) Universele houder ^a)
(23) Houder (LB 10) ^a)
(24) Laserrichtbord ^a)
(25) Laserbril ^a)
(26) Laserontvanger ^a)
(27) Statief ^a)
(28) Telescoopstang ^a)
(29) Batterijadapter
(30) Opbergetui ^a)
(31) Koffer ^a)

a) Dit toebehoren wordt niet standaard meegeleverd.

Technische gegevens

Punt- en lijnlaser GCL 12V-50-22 CG
Productnummer3 601 K66 S..
Werkbereik^A)
– Laserlijnen standaard 25 m
– Laserlijnen met laserontvanger 5–50 m
– Laserpunten 10 m
Nivelleernauwkeurigheid^B)C)
– Laserlijnen ± 0,3 mm/m
– Laserpunten ± 0,7 mm/m
Zelfnivelleerbereik ± 4^
Nivelleertijd < 4 s
Max. gebruikshoogte boven referentiehoogte 2000 m

Bosch Power Tools 1 609 92A 9B1 | (14.08.2024)

146 | Nederlands

Punt- en lijnlaser GCL 12V-50-22 CG

Relatieve luchtvochtigheid max. 90 %
Vervuilingsgraad volgens IEC 61010-1 2D)
Laserklasse 2
Laserlijn
- Lasertype < 10 mW, 500–540 nm
- C_6 10
- Divergentie 50 × 10 mrad (volledige hoek)
- Pulsfrequentie 10 kHz
Laserpunt
- Lasertype < 1 mW, 500–540 nm
- C_6 1
- Divergentie 0,8 mrad (volledige hoek)
- Pulsfrequentie 1 kHz
Kortste impulsduur 0,03 ms
Compatibele laserontvanger LR 7
Statiefopname 1/4"
Energievoorziening
- Lithium-Ion-accu 12 V
- Alkalinebatterijen (met batterijadapter)4 × 1,5 V LR6 (AA)
Gebruiksduur in de kruislijn- en puntmodusE)
- met Li-Ion-accu8 h
- met alkalinebatterijen4 h
Bluetooth®-meetgereedschap
- CompatibiliteitBluetooth® 5.2 (Low Energy) F)
- Signaalbereik max.30 m G)
- Werkfrequentiebereik2402–2480 MHz
- Zendvermogen max.3,3 mW
Bluetooth®-smartphone
- CompatibiliteitBluetooth® 5.2 (Low Energy) F)

Punt- en lijnlaser GCL 12V-50-22 CG

GewichtH)0,59 kg
Afmetingen (lengte × breedte × hoogte) 152 × 68 × 116 mm
BeschermklasseI)IP65
Aanbevolen omgevingstemperatuur bij het opladen 0 °C ... +35 °C
Toegestane omgevingstemperatuur bij het gebruik -10 °C ... +45 °C
Toegestane omgevingstemperatuur bij opslag (zonder accu)-20 °C ... +70 °C
Aanbevolen accu's(2–3 Ah)GBA 12V...
Aanbevolen opladers GAL 12...GAX 18...

A) Het werkbereik kan door ongunstige omgevingsomstandigheden (bijv. direct zonlicht) vermin- derd worden.
B) De opgegeven waarden gelden bij normale tot gunstige omgevingsomstandigheden (bijv. geen trillingen, geen mist, geen rook, geen direct zonlicht). Na sterke temperatuurschommelingen kan de nauwkeurigheid afwijken.
C) Bij een maximaal zelfnivelleerbereik moet rekening worden gehouden met een extra mogelijke afwijking van ±0,1 mm/m.
D) Er ontstaat slechts een niet geleidende vervuiling, waarbij echter soms een tijdelijke geleidbaarheid wort verwacht door bedauwing.
E) Kortere gebruikstijden bij gebruik met Bluetooth®
F) Bij Bluetooth®-Low-Energy-toestellen kan, afhankelijk van model en besturingssysteem, eventueel het opbouwen van een verbinding niet mogelijk zijn. Bluetooth®-toestellen moeten het SPP-profiel ondersteunen.
G) Het bereik kan afhankelijk van externe omstandigheden, met inbegrip van de gebruikte ontvanger, sterk variëren. Binnen gesloten ruimten en door metalen barrières (bijv. muren, schappen, koffers, etc.) kan het Bluetooth®-bereik duidelijk worden beperkt.
H) Gewicht zonder accu/batterijadapter/batterijen
I) De Li-Ion-accu en de batterijadapter zijn uitgesloten van de beschermklasse.
Het productnummer (9) op het typeplaatje dient voor een ondubbelzinnige identificatie van uw meetgereedschap.

Energievoorziening meetgereedschap

Het meetgereedschap kan met in de handel verkrijgbare batterijen of met een Bosch lithiumionaccu worden gebruikt.

148 | Nederlands

Gebruik met batterijen

Voor het gebruik van het meetgereedschap wordt het gebruik van alkali-mangaanbatterijen aanbevolen.

De batterijen worden in de batterij-adapter geplaatst.

De batterij-adapter is uitsluitend bedoeld voor het gebruik in de betreffende Bosch-meetgereedschappen en mag niet bij elektrische gereedschappen worden gebruikt.

Voor het plaatsen van de batterijen de huls (14) van de batterijadapter in de accuschacht (15) schuiven. Plaats de batterijen volgens de afbeelding op de afsluitkap (11) in de huls. Schuif de afsluitkap over de huls tot deze voelbaar vastklikt.

Voor het verwijderen van de batterijen (13) drukt u op de ontgrendelingstoetsen (12) van de afsluitkap (11) en trekt u de afsluitkap eraf. Verwijder de batterijen. Om de binnenliggende huls (14) uit de accuschacht te verwijderen, grijpt u in de huls en trekt u deze met een lichte druk op de zijwand uit het meetgereedschap.

Vervang altijd alle batterijen tegelijk. Gebruik alleen batterijen van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.

▶ Haal de batterijen uit het meetgereedschap, wanneer u dit langere tijd niet gebruikt. De batterijen kunnen bij een langere opslagduur in het meetgereedschap gaan corroderen.

Gebruik met accu

- Gebruik alleen de in de technische gegevens vermelde oplaadapparaten. Alleen deze oplaadapparaten zijn afgestemd op de Li-Ion-accu die bij uw meetgereedschap moet worden gebruikt.

Aanwijzing: lithium-ion-accu's worden vanwege internationale transportvoorschriften gedeeltelijk geladen geleverd. Om het volledige vermogen van de accu te waarborgen, laadt u vóór het eerste gebruik de accu volledig op.

Voor het plaatsen van de geladen accu (10) deze in de accuschacht (15) schuiven, tot deze voelbaar vergrendelt.

Voor het verwijderen van de accu (10) op de ontgrendelingsknoppen (12) drukken en de accu uit de accuschacht (15) trekken. Gebruik daarbij geen geweld.

Aanwijzingen voor de optimale omgang met de accu

Bescherm de accu tegen vocht en water.

Bewaar de accu alleen bij een temperatuur tussen -20^ en 50^ . Laat de accu bijvoorbeeld in de zomer niet in de auto liggen.

Een duidelijk kortere gebruiksduur na het opladen duidt erop dat de accu versleten is en moet worden vervangen.

Neem de aanwijzingen met betrekking tot afvalverwijdering in acht.

Oplaadaanduiding op het meetgereedschap

De oplaadaanduiding (1) geeft bij ingeschakeld meetgereedschap de actuele laadtoestand van de accu of batterijen aan.

Als de accu of de batterijen zwak worden, dan wordt de helderheid van de laserlijnen langzaam minder.

Als de accu of de batterijen bijna leeg is/zijn, dan knippert de oplaadaanduiding (1) permanent. De laserlijnen knipperen om de 5 minuten gedurende 5 seconden.

Als de accu of de batterijen leeg is/zijn, dan knipperen de laserlijnen en de oplaadaanduiding (1) nog één keer, voordat het meetgereedschap wordt uitgeschakeld.

Gebruik

Ingebruikname

▶ Bescherm het meetgereedschap tegen vocht en fel zonlicht.
Stel het meetgereedschap niet bloot aan extreme temperaturen of temperatuurschommelingen. Laat het bijv. niet gedurende langere tijd in de auto liggen. Laat het meetgereedschap bij grotere temperatuurschommelingen eerst op temperatuur komen en voer vóór het verder werken altijd een nauwkeurigheidscontrole uit (zie „Nauwkeurigheidscontrole van het meetgereedschap“, Pagina 153). Bij extreme temperaturen of temperatuurschommelingen kan de nauwkeurigheid van het meetgereedschap nadelig beïnvloed worden.
▶ Vermijd krachtige stoten of vallen van het meetgereedschap. Na sterke invloeden van buitenaf op het meetgereedschap, moet u altijd vóór het opnieuw gebruiken hiervan een nauwkeurigheidscontrole uitvoeren (zie „Nauwkeurigheidscontrole van het meetgereedschap“, Pagina 153).
- Het meetgereedschap tijdens transport uitschakelen. Bij het uitschakelen wordt de pendeleenheid vergrendeld. Anders kan deze bij heftige bewegingen beschadigd raken.

In-/uitschakelen

Voor het inschakelen van het meetgereedschap schuift u de aan/uit-schakelaar (4) naar de stand ON. Het meetgereedschap zendt direct na het inschakelen laserstralen uit de openingen (5).

150 | Nederlands

- Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote afstand.

Voor het uitschakelen van het meetgereedschap schuift u de aan-/uit-schakelaar (4) in stand OFF. Bij het uitschakelen wordt de pendeleenheid vergrendeld.

Laat het ingeschakelde meetgereedschap niet onbeheerd achter en schakel het meetgereedschap na gebruik uit. Andere personen kunnen door de laserstraal verblind worden.

Als de temperatuur van het meetgereedschap de maximaal toegestane werktemperatuur nadert, dan wordt de helderheid van de laserlijnen langzaam minder.

Bij overschrijding van de maximaal toegestane gebruikstemperatuur knipperen de laserlijnen snel, daarna schakelt het meetgereedschap uit. Na het afkoelen is het meetgereedschap weer gereed voor gebruik en kan het opnieuw worden ingeschakeld.

Automatische uitschakeling

Als ca. 120 minuten lang geen toets op het meetgereedschap wordt ingedrukt, dan schakelt het meetgereedschap automatisch uit om de accu of batterijen te sparen.

Als u het meetgereedschap na de automatische uitschakeling weer wilt inschakelen, kunt u de aan/uit-schakelaar (4) eerst in de stand OFF duwen en het meetgereedschap vervolgens weer inschakelen, of u drukt op de toets voor laser-functie (3).

Om de automatische uitschakeling te deactiveren (bij ingeschakeld meetgereedschap), de toets laser-gebruiksmodus (3) minimaal 3 sec. ingedrukt houden. Als de automatische uitschakeling is gedeactiveerd, knipperen de laserstralen even ter bevestiging.

Als u de automatische uitschakeling wilt activeren, schakelt u het meetgereedschap uit en weer in.

Modi

Het meetgereedschap beschikt over meerdere modi. U kunt op elk gewenst moment tussen de modi wisselen:

  • Kruislijn- en puntmodus: het meetgereedschap produceert een horizontale en verticale laserlijn naar voren evenals telkens een laserpunt verticaal naar boven en naar beneden. De laserlijnen kruisen elkaar in een hoek van 90°.
  • Lijnmodus horizontaal: het meetgereedschap produceert een horizontale laserlijn naar voren.
  • Lijnmodus verticaal: het meetgereedschap produceert een verticale laserlijn naar voren.
    Bij een plaatsing van het meetgereedschap in de ruimte verschijnt de verticale laser- lijn op het plafond boven het bovenste laserpunt uit.

Bij een plaatsing van het meetgereedschap direct tegen een muur produceert de verticale laserlijn een nagenoeg helemaal rondom lopende laserlijn (360°-lijn).

- Puntmodus: het meetgereedschap produceert telkens een laserpunt verticaal naar boven en naar beneden.

Om van modus te wisselen, drukt u zo vaak op de toets voor lasermodus (3) tot de laserstralen in de gewenste modus worden getoond.

Alle modi zijn zowel met automatische nivellering als met hellingsfunctie mogelijk.

Alle modi zijn geschikt voor het gebruik met de laserontvanger (26).

Het meetgereedschap bewaakt tijdens het gebruik op elk moment de positie. Bij plaatsing binnen het zelfnivelleerbereik van ±4° werkt het met automatische nivellering. Buiten het zelfnivelleerbereik wisselt het automatisch naar de hellingsfunctie.

Werken met automatische nivellering

Plaats het meetgereedschap op een horizontale, vlakke ondergrond en bevestig het op de draaihouder (18) of het statief (27).

De automatische nivellering compenseert automatisch oneffenheden binnen het zelfnivelleerbereik van ±4^ . Zodra de laserstralen continu branden, is het meetgereedschap klaar met nivelleren.

Als de automatische nivellering niet mogelijk is, bijv. omdat het standvlak van het meetgereedschap meer dan 4° van de horizontale lijn afwijkt, dan knipperen de laserlijnen eerst 2 seconden lang in een snel ritme, daarna om de 5 seconden meermaals in een snel ritme. Het meetgereedschap bevindt zich in de hellingsfunctie.

Voor verder werken met de automatische nivellering plaatst u het meetgereedschap horizontaal en wacht u de zelfnivellering af. Zodra het meetgereedschap zich binnen het zelf-nivelleerbereik van ±4° bevindt, branden de laserstralen continu.

Bij schokken of veranderingen van positie tijdens het gebruik wordt het meetgereedschap automatisch opnieuw genivelleerd. Controleer na het nivelleren de positie van de laserstralen met betrekking tot referentiepunten om fouten door een verschuiving van het meetgereedschap te voorkomen.

Werken met hellingsfunctie

Plaats het meetgereedschap op een hellende ondergrond. Bij het werken met de hellingsfunctie knipperen de laserlijnen eerst 2 seconden lang in een snel ritme, daarna om de 5 seconden meermaals in een snel ritme.

In de hellingsfunctie worden de laserlijnen niet meer genivelleerd en lopen niet meer noodzakelijk loodrecht op elkaar.

152 | Nederlands

Afstandsbediening via "Bosch Levelling Remote App"

Het meetgereedschap is uitgerust met een Bluetooth®-module die m.b.v. radiotechnologie afstandsbediening via een smartphone met Bluetooth®-functie mogelijk maakt.

Voor het gebruik van deze functie is de applicatie (app) "Bosch Levelling Remote App" nodig. Deze kunt u afhankelijk van eindapparaat downloaden in de betreffende app-store (Apple App Store, Google Play Store).

Informatie over de noodzakelijke systeemeisen voor een Bluetooth® verbinding, vindt u op de Bosch-internetpagina www.bosch-pt.com.

Bij de afstandsbediening via Bluetooth® kunnen door slechte ontvangstomstandigheden vertragingen tussen mobiel eindapparaat en meetgereedschap ontstaan.

Verbinding met het mobiele eindapparaat tot stand brengen/beëindigen

Na het inschakelen van het meetgereedschap is de functie Bluetooth® altijd uitgeschakeld.

Functie Bluetooth® voor de afstandsbediening inschakelen:

- Druk kort op de toets Bluetooth® (2). De toets knippert ter bevestiging langzaam.

- Was het meetgereedschap al met een mobiel eindapparaat verbonden en is dit mobiele eindapparaat binnen bereik (met geactiveerde interface Bluetooth®), dan wordt de verbinding met dit mobiele eindapparaat automatisch weer tot stand gebracht. De verbinding is met succes opgebouwd, zodra de toets Bluetooth® (2) permanent brandt.

De verbinding per Bluetooth® kan door een te grote afstand of obstakels tussen meetgereedschap en mobiel eindapparaat evenals door elektromagnetische storingen worden onderbroken. In dit geval knippert de toets Bluetooth® (2).

Opbouwen van een nieuwe verbinding (voor de eerste keer verbinden of verbinden met een ander mobiel eindapparaat):

  • Zorg ervoor dat de interface Bluetooth® op het mobiele eindapparaat geactiveerd en Bluetooth® op het meetgereedschap ingeschakeld is.
  • Start de Bosch Levelling Remote App. Worden meerdere actieve meetgereedschappen gevonden, kies dan het passende meetgereedschap.
  • Druk op de toets Bluetooth® (2) op het meetgereedschap en houd deze zolang ingedrukt tot de toets snel knippert.
  • Bevestig de verbinding op uw mobiele eindapparaat.
  • De verbinding is met succes opgebouwd zodra de toets Bluetooth® (2) permanent brandt.
  • Als er geen verbinding mogelijk is, blijft de toets Bluetooth ^ (2) snel knipperen.

Functie Bluetooth® uitschakelen:

Druk kort op de toets Bluetooth® (2), zodat deze uitgaat of schakel het meetgereedschap uit.

Terugzetten naar de fabrieksinstellingen:

  • Bij het terugzetten naar de fabrieksinstellingen worden alle verbindingsgegevens in het meetgereedschap gewist.
  • Bevindt zich een mobiel eindapparaat binnen bereik waarmee het meetgereedschap al verbonden was, schakel dan op dit eindapparaat de functie Bluetooth® uit of wis op het eindapparaat de verbinding met het meetgereedschap.
  • Schakel het meetgereedschap in. Druk vervolgens kort op de toets Bluetooth® (2) op het meetgereedschap. De toets knippert ter bevestiging langzaam.
  • Druk daarna tegelijkertijd 3 s lang op de toets Bluetooth® (2) en de toets voor de laser-gebruiksmodus (3) tot de toets Bluetooth® (2) even oplicht en weer uitgaat.
  • Het meetgereedschap is teruggezet naar de fabrieksinstellingen.

Software-update meetgereedschap

Als een software-update voor het meetgereedschap beschikbaar is, verschijnt een melding in de Bosch Levelling Remote App. Volg voor de installatie van de update de instructies in de app.

Tijdens de update knippert de toets Bluetooth® (2) snel. Alle andere toetsen zijn gedeactiveerd en de laserlijnen zijn uitgeschakeld tot de update met succes geïnstalleerd is.

Nauwkeurigheidscontrole van het meetgereedschap

Nauwkeurigheidsinvloeden

De grootste invloed oefent de omgevingstemperatuur uit. Vooral vanaf de grond naar boven toe verlopende temperatuurverschillen kunnen de laserstraal afbuigen.

Om thermische invloeden door van de vloer opstijgende warmte tot een minimum te beperken, wordt aangeraden om het meetgereedschap op een statief te gebruiken. Plaats het meetgereedschap bovendien indien mogelijk in het midden van het werkvlak.

Naast externe invloeden kunnen ook toestelspecifieke invloeden (zoals val of sterke stoten) leiden tot afwijkingen. Controleer daarom de nivelleernauwkeurigheid, telkens voordat u begint te werken.

Controleer altijd eerst de hoogte- en nivelleernauwkeurigheid van de horizontale laserlijn, daarna de nivelleernauwkeurigheid van de verticale laserlijn en de loodnauwkeurigheid.

Als het meetgereedschap bij een van de controles de maximale afwijking overschrijdt, dient u het door een Bosch-klantenservice te laten repareren.

154 | Nederlands

Hoogtenauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren

Voor de controle heeft u een vrij meettraject van 5 m op een vaste ondergrond tussen twee muren A en B nodig.

- Monteer het meetgereedschap dicht bij muur A op een statief of plaats het op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel het meetgereedschap in en kies kruislijnmodus.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Hoogtenauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren - 1

- Richt de laser op de nabijgelegen muur A en laat het meetgereedschap waterpassen. Markeer het midden van het punt waar de laserlijnen zich op de wand krui- sen (punt I).

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Hoogtenauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren - 2

text_image A 180° I B II

- Draai het meetgereedschap 180°, laat het zich nivelleren en markeer het kruispunt van de laserlijnen op de tegenoverliggende wand B (punt II).

- Plaats het meetgereedschap- zonder het te draaien - dicht bij wand B, inschakelen en laat het zich nivelleren.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Hoogtenauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren - 3

text_image A I B II

- Het meetgereedschap zodanig in de hoogte uitlijnen (met het statief of eventueel door onderlegmateriaal), dat het kruispunt van de laserlijnen exact het eerder gemarkeerde punt II op wand B raakt.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Hoogtenauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren - 4

text_image A III d 180° B X II

- Draai het meetgereedschap 180°, zonder de hoogte te wijzigen. Het zodanig op de wand A richten, dat de verticale laserlijn door het eerder gemarkeerde punt I loopt. Laat het meetapparaat zich nivelleren en markeer het kruispunt van de laserlijnen op de wand A (punt III).

- Het verschil d van de beide gemarkeerde punten I en III op de wand A geeft de werkelijke hoogteafwijking van het meetgereedschap.

Op het meettraject van 2 × 5 m = 10 m bedraagt de maximaal toegestane afwijking: 10 m × ±0,3 mm/m = ±3 mm. Het verschil d tussen de punten I en lll mag dus maximaal 3 mm bedragen.

Nivelleernauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren

Voor de controle heeft u een vrij vlak van ca. 5 × 5 m nodig.

- Monteer het meetgereedschap in het midden tussen de muren A en B op een statief of zet het op een stevige, vlakke ondergrond. Schakel het meetgereedschap in en kies de horizontale lijnmodus. Laat het meetgereedschap nivelleren.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Nivelleernauwkeurigheid van de horizontale lijn controleren - 1

- Markeer op een afstand van 2,5 m van het meetgereedschap op beide muren het midden van de laserlijn (punt I op muur A en punt II op muur B).

156 | Nederlands

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - | Nederlands - 1

text_image A I P III 5.0m 2.5m II B

- Plaats het meetgereedschap 180° gedraaid op een afstand van 5 m en laat het nivelleren.

  • Lijn het meetgereedschap in hoogte zodanig uit (met behulp van het statief of eventueel door onderlegmateriaal) dat het midden van de laserlijn precies het tevoren gemarkeerde punt II op muur B raakt.
  • Markeer op muur A het midden van de laserlijn als punt III (verticaal boven of onder punt I).
  • Het verschil d van de beide gemarkeerde punten I en III op de muur A levert de daad-werkelijke afwijking van het meetgereedschap van de horizontale lijn op.

Op het meettraject van 2 × 5 m = 10 m bedraagt de maximaal toegestane afwijking: 10 m × ±0,3 mm/m = ±3 mm. Het verschil d tussen de punten I en III mag dus maximaal 3 mm bedragen.

Nivelleernauwkeurigheid van de verticale lijn controleren

Voor de controle heeft u een deuropening nodig met (op een stabiele ondergrond) aan beide zijden van de deur minstens 2,5 meter ruimte.

- Zet het meetgereedschap op 2,5 meter afstand van de deuropening op een stevige, vlakke ondergrond (niet op een statief). Schakel het meetgereedschap in en kies de verticale lijnmodus. Richt de laserlijn op de deuropening en laat het meetgereedschap nivelleren.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Nivelleernauwkeurigheid van de verticale lijn controleren - 1

- Markeer het midden van de verticale laserlijn op de vloer van de deuropening (punt I), op een afstand van 5 m aan de andere zijde van de deuropening (punt II), evenals bij de bovenrand van de deuropening (punt III).

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Nivelleernauwkeurigheid van de verticale lijn controleren - 2

- Draai het meetgereedschap 180° en plaats het aan de andere zijde van de deuropening, direct achter punt II. Laat het meetgereedschap zich nivelleren en de verticale laserlijn zodanig uitlijnen, dat het midden hiervan door de punten I en II loopt.

  • Markeer het midden van de laserlijn op de bovenrand van de deuropening als punt IV.
  • Het verschil d van de beide gemarkeerde punten III en IV geeft de werkelijke verticale afwijking van het meetgereedschap.
  • Meet de hoogte van de deuropening.
    De maximale toegestane afwijking berekent u als volgt:
    dubbele hoogte van de deuropening × 0,3 mm/m
    Voorbeeld: bij een hoogte van de deuropening van 2 m mag de maximale afwijking
    2 × 2 m × ±0,3 mm/m = ±1,2 mm bedragen. De punten III en IV mogen dus maximaal
    1,2 mm uit elkaar liggen.

Loodnauwkeurigheid controleren

Voor de controle heeft u een vrij meettraject op een vaste ondergrond met een afstand van ca. 5 m tussen vloer en plafond nodig.

- Monteer het meetgereedschap op de draaihouder (18) en zet het op de grond. Schakel het meetgereedschap in en kies puntmodus. Laat het meetgereedschap nivelle- ren.

158 | Nederlands

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - | Nederlands - 1

text_image I 5 m II

- Markeer het midden van het bovenste laserpunt op het plafond (punt I). Markeer bovendien het midden van het onderste laserpunt op de grond (punt II).

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - | Nederlands - 2

- Draai het meetgereedschap 180°. Plaats het zodanig dat het midden van het onderste laserpunt op het reeds gemarkeerde punt II ligt. Laat het meetgereedschap nivelleren. Markeer het midden van het bovenste laserpunt (punt III).

- Het verschil d van de beide gemarkeerde punten I en III op het plafond levert de daadwerkelijke afwijking van het meetgereedschap van de verticale lijn op.

De maximale toegestane afwijking berekent u als volgt:

dubbele afstand tussen vloer en plafond × 0,7 mm/m.

Voorbeeld: bij een afstand tussen vloer en plafond van 5 m mag de maximale afwijking

2 × 5 m × ± 0,7 mm/m = ± 7 mm bedragen. De punten I en III mogen dus maximaal 7 mm uit elkaar liggen.

Aanwijzingen voor werkzaamheden

- Gebruik voor het markeren altijd alleen het midden van het laserpunt of de laserlijn. De grootte van het laserpunt of de breedte van de laserlijn veranderen met de afstand.

Werken met de draaihouder RM 20 (zie afbeeldingen A-D)

Met behulp van de draaihouder (18) kunt u het meetgereedschap 200° rond een centraal, altijd zichtbaar loodpunt draaien. Op deze manier kunnen de laserlijnen worden uitgelijnd zonder de positie van het meetgereedschap te veranderen.

Met de fijninstelschroef (19) kunt u verticale laserlijnen exact op referentiepunten uitlijnen.

Plaats het meetgereedschap met de geleidingsgroef (7) tegen de geleidingsrail (17) van de draaihouder (18) en schuif het meetgereedschap tot aan de aanslag op het platform. Om los te maken, trekt u het meetgereedschap in omgekeerde richting van de draaihouder.

Plaatsingsmogelijkheden van de draaihouder:

  • staand op een vlakke ondergrond
  • tegen een verticaal vlak geschroefd
  • met behulp van de magneten (20) op metalen oppervlakken
  • in combinatie met de plafondklem (21) aan plafondplinten.

u Houd uw vingers weg van de achterzijde van het magnetische accessoire, wanneer u het accessoire op een oppervlak bevestigt. Door de sterke aantrekkingskracht van de magneten kunnen uw vingers bekneld raken.

Lijn de draaihouder (18) grof uit, voordat u het meetgereedschap inschakelt.

Werkzaamheden met het laserrichtbord

Het laserrichtbord (24) verbetert de zichtbaarheid van de laserstraal onder ongunstige omstandigheden en over grotere afstanden.

Het reflecterende vlak van het laserrichtbord (24) verbetert de zichtbaarheid van de laserlijn, door het transparante vlak is de laserlijn ook aan de achterzijde van het laserrichtbord te zien.

Werken met het statief

Een statief biedt een stabiele, in hoogte instelbare meetondergrond. Plaats het meetgereedschap met de 1/4"-statiefopname (6) op de schroefdraad van het statief (27) of op een gangbaar fotostatief. Schroef het meetgereedschap met de vastzetschroef van het statief vast.

Stel het statief grof af voordat u het meetgereedschap inschakelt.

Bevestigen met de universele houder (zie afbeelding J)

Met de universele houder (22) kunt u het meetgereedschap bijv. aan verticale vlakken of magnetische materialen bevestigen. De universele houder is eveneens geschikt als vloerstatief en vergemakkelijkt de hoogteafstelling van het meetgereedschap.

u Houd uw vingers weg van de achterzijde van het magnetische accessoire, wanneer u het accessoire op een oppervlak bevestigt. Door de sterke aantrekkingskracht van de magneten kunnen uw vingers bekneld raken.

De universele houder (22) grof richten, vóór het inschakelen van het meetgereedschap.

160 | Nederlands

Werken met de houder LB 10

Met behulp van de houder (23) kunt u het meetgereedschap aan verticale vlakken of magnetiseerbare materialen bevestigen. In combinatie met de plafondklem (21) kan het meetgereedschap ook in hoogte worden uitgelijnd.

Houd uw vingers weg van de achterzijde van het magnetische accessoire, wanneer u het accessoire op een oppervlak bevestigt. Door de sterke aantrekkingskracht van de magneten kunnen uw vingers bekneld raken.

Lijn de houder (23) grof uit, voordat u het meetgereedschap inschakelt.

Werken met de laserontvanger (zie afbeelding J)

Bij ongunstige lichtomstandigheden (lichte omgeving, directe zonnestralen) en op grote- re afstanden kunt u de laserontvanger (26) gebruiken om de laserlijnen beter te kunnen vinden.

Alle modi zijn geschikt voor het gebruik met de laserontvanger (26).

Laserbril

De laserbril filtert het omgevingslicht uit. Daardoor lijkt het licht van de laser voor het oog helderder.

  • Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheidsbril. De laserbril dient voor het beter herkennen van de laserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laserstraling.
  • Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril of in het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-bescherming en vermindert het waarnemen van kleuren.

Gebruiksvoorbeelden (zie afbeeldingen E-K)

Voorbeelden van toepassingsmogelijkheden van het meetgereedschap vindt u op de pagina's met afbeeldingen.

Onderhoud en service

Onderhoud en reiniging

Houd het meetgereedschap altijd schoon.

Dompel het meetgereedschap niet in water of andere vloeistoffen.

Verwijder vuil met een vochtige, zachte doek. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.

Reinig in het bijzonder de opening van de laser regelmatig en let daarbij op pluizen.

Bewaar en vervoer het meetgereedschap uitsluitend in de opbergtas (30) of in de koffer (31).

Stuur het meetgereedschap in geval van reparatie altijd in de opbergtas (30) of in de koffer (31) retour.

Klantenservice en gebruiksadvies

Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op: www.bosch-pt.com

Het Bosch-adviesteam helpt u graag bij vragen over onze producten en het toebehoren.

Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande productnummer volgens het typeplaatje van het product.

Nederland

Tel.: (076) 579 54 54

Fax: (076) 579 54 94

E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com

Meer serviceadressen vindt u op:

Op de geadviseerde lithium-ion-accu's zijn de eisen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen van toepassing. De accu's kunnen door de gebruiker zonder verdere voorwaarden over de weg worden vervoerd.

Bij verzending door derden (bijv. luchtvervoer of expeditiebedrijf) moeten bijzondere eisen ten aanzien van verpakking en marking in acht worden genomen. In deze gevallen moet bij de voorbereiding van de verzending een deskundige voor gevaarlijke goederen worden geraadpleegd.

Verzend accu's alleen als de behuizing onbeschadigd is. Plak blootliggende contacten af en verpak de accu zodanig dat deze niet in de verpakking beweegt. Neem ook eventuele bijkomende nationale voorschriften in acht.

Afvalverwijdering

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Afvalverwijdering - 1

Meetgereedschappen, accu's/batterijen, accessoires en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden gerecycled.

BOSCH GCL 12V-50-22 CG Professional - Afvalverwijdering - 2

Gooi meetgereedschappen en accu's/batterijen niet bij het huisvuil!

162 | Dansk

Alleen voor landen van de EU:

Afgedankte meetgereedschappen en defecte of lege accu's/batterijen moeten apart worden verwijderd. Maak gebruik van de hiervoor bestemde inzamelingssystemen.

Als afgedankte elektrische en elektronische apparatuur op onjuiste wijze wordt verwijderd, kan dit schadelijke gevolgen hebben voor het milieu en de volksgezondheid vanwege de mogelijke aanwezigheid van gevaarlijke stoffen.

Accu's/batterijen:

Li-lon:

Lees de aanwijzingen in het gedeelte Vervoer en neem deze in acht (zie „Vervoer“, Pagina 161).

Dansk

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : GCL 12V-50-22 CG Professional

Categorie : Meetinstrumenten