STIGA GT 300e - Zaag

GT 300e - Zaag STIGA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GT 300e STIGA in PDF-formaat.

📄 478 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice STIGA GT 300e - page 298
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over GT 300e STIGA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GT 300e - STIGA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GT 300e van het merk STIGA.

GEBRUIKSAANWIJZING GT 300e STIGA

NL Draagbare grasmaaier/graskantenrijder met accuvoeding GEBRUIKERSHANDLEIDING

LET OP: vooraleer de machine te gebruiken, dient men deze handleiding aandachtig te lezen.

STIGA GT 300e - 1

Bærbar batteridrevet plen- og kanttrimmer INSTRUKSJONSBOK

[2] Spanning en frequentie voeding MAX

[3] Spanning en frequentie voeding NOMINAL

[4] Maximale rotatiesnelheid van het werktuig (draadhouder)

[5] Snijbreedte (draadhouder)

[6] Diameter draadhouder (max)

[7] Code snij-inrichting

[8] Code bescherming

[9] Gewicht zonder batterij-eenheid and without cutting means

[10] Niveau geluidsdruk

[11] Meetonzekerheid

[12] Gemeten geluidsvermogenniveau

[13] Gegarandeerd geluidsniveau

[14] Trillingen

[15] - Voorste handgreep

[16] - Achterste handgreep

[17] OP AANVRAAG LEVERBARE ACCESSOIRES

[18] Accugroep, mod.

[19] Batterijlader

OPMERKING: De gedeclareerde totale trillingswaarde en de gedeclareerde geluidsemissiewaarde zijn gemeten volgens een gestandaardiseerde testmethode en kunnen worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De totale gedeclareerde trillingswaarde en de gedeclareerde geluidsemissiewaarde kunnen ook worden gebruikt in een voorafgaande blootstellingsbeoordeling.

LET OP: De trillings- en geluidsemissie tijdens het daadwerkelijke gebruik van het elektrische gereedschap kan afwijken van de gedeclareerde waarde, afhankelijk van hoe het gereedschap wordt gebruikt, met name het type werkstuk dat wordt bewerkt:

-Hoe het gereedschap wordt gebruikt en welke materialen moeten worden gesneden of geboord.

-Het instrument is in goede staat en goed onderhouden.

-Het juiste accessoire voor het gereedschap gebruiken en ervoor zorgen dat het scherp en in goede staat is.

-De grip op de handgrepen en het mogelijke gebruik van trillingdempende en akoestische accessoires.

-Het instrument wordt gebruikt zoals bedoeld in het ontwerp en deze instructies.

Dit instrument kan het hand-arm vibratiesyndroom veroorzaken als het niet op de juiste manier wordt gebruikt.

LET OP: Om precies te zijn, moet een schatting van het blootstellingsniveau onder werkelijke gebruiksomstandigheden ook rekening houden met alle delen van de gebruikscyclus, zoals de tijd dat het instrument is uitgeschakeld en de tijd dat het stationair draait maar niet daadwerkelijk het werk doet.

Dit kan het blootstellingsniveau tijdens de totale werkperiode aanzienlijk verlagen.

Het helpt het risico op blootstelling aan trillingen en lawaai te minimaliseren.

Gebruik altijd scherpe beitels, boren en messen.

Onderhoud dit instrument volgens deze instructies en houd het goed gesmeerd (indien nodig).

Als het instrument regelmatig gebruikt gaat worden, investeer dan in accessoires tegen trillingen en lawaai.

Plan je werkschema om het gebruik van het instrument met hoge trillingen over meerdere dagen te spreiden.

[1] NO - TEKNISKE DATA

3.1 Beschrijving machine en beoogd gebruik..... 6
3.2 Belangrijkste onderdelen (afb.1):...... 6
3.3 Productidentificatielabel (Afb. 1)....7
3.4 Veiligheidssignalisatie (Afb. 1)....7

  1. MONTAGE....7

4.1 Uitpakken 7
4.2 DE OPLAADBASIS monteren (afb. 2) ...... 8
4.3 Montage VAN DE RAIL VOOR MUURBEVESTIGING (afb.3)....8
4.4 Montage van de VOORSTE handgreep (Afb. 4) 8
4.5 Montage van de bescherming van de snij- inrichting (Afb.5) 8
4.6 Montage van de aanwijzer van de maailimiet (afb.6)....8

  1. BEDIENINGSELEMENTEN....8

5.1 Hendel versnelling (Afb. 7. A) 8
5.2 Hendel/VEILIGHEIDSKNOP van de (Afb. 7. B) 8
5.3 SNELHEIDSCELECTOR (Afb. 7.C) Hendel/veiligheidsknop .... 8

  1. GEBRUIK VAN DE MACHINE....8

6.1 Voorafgaande werkzaamheden....9
6.2 Veiligheidscontroles 9
6.3 Starten 9
6.4 Het werken 10
6.5 Suggesties voor het gebruik.... 11
6.6 Stoppen.... 11
6.7 Na het gebruik.... 11

  1. ONDERHOUD 11

7.1 Algemeen.... 11
7.2 Accu....11
7.3 Reiniging van de machine en van de motor.. 12
7.4 Moeren en schroeven voor bevestiging...... 12
7.5 snij-instrument 12
7.6 Bijslijpen van de draadsnijder....13

  1. STALLING....13

8.1 Stalling van de machine 13
8.2 Opslag van accu's 13

  1. HANTERING EN TRANSPORT 13

  2. ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN 14

  3. GARANTIEDEKKING 14
  4. PROBLEMEN IDENTIFICATIE....15
  5. OP AANVRAAG LEVERBARE ACCESSOIRES ... 16

13.1 Accu's (Afb. 22).... 16
13.2 Acculader (Afb. 23) 16

1. ALGEMEEN

1.1 HOE DE HANDLEIDING LEZEN

OPMERKING of BELANGRIJK verstrekt na- dere gegevens of andere elementen ter aanvulling op hetgeen daarvoor vermeld is, om te voorkomen dat de machine beschadigd wordt of dat er schade veroorzaakt wordt.

Het symbool wijst op een gevaar. Veron- achtzaming van de waarschuwing leidt tot mogelijke persoonlijke letsels of letsels aan anderen en/of schade.

De paragrafen die aangegeven zijn met een grijze stippen-boord wijzen op optionele kenmerken die niet aanwezig zijn op alle modellen die in deze handleiding beschreven zijn. Controleer of het kenmerk aanwezig is op het model in kwestie.

De aanwijzingen "voor", "achter", "rechts" en "links" hebben betrekking op de werkpositie van de bediener.

2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

2.1 ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR ELEKTRISCHE WERKTUIGEN

LET OP Lees alle veiligheidswaarschuwingen en instructies. Het niet in acht nemen van de voorschriften en instructies kan elektrische schokken, brand en/of ernstige letsels veroorzaken.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies om ze in de toekomst te kunnen raadplegen.

De term "elektrisch werktuig" die gebruikt wordt in de voorschriften, heeft betrekking op uw toestel met accuvoeding (zonder kabel).

1) Veiligheid van de werkzone

a) Houd de werkzone netjes et goed verlicht. Donkere en rommelige ruimtes vergemakkelijken ongelukken.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap in omgevingen met ontploffingsgevaar,

in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gas of stof. De elektrische gereedschappen genereren vonken die stof of dampen kunnen doen ontvlammen.

c) Hou kinderen en omstanders uit de buurt wanneer gebruik gemaakt wordt van een elektrisch gereedschap. Een moment van onoplettendheid kan ertoe leiden dat men de controle over de machine verlies.

2) Elektrische veiligheid

a) De stekkers van het elektrische gereedschap moeten in het stopcontact passen. Wijzig de stekker op geen enkele manier. Gebruik geen adapterstekkers met geaard elektrisch gereedschap. Ongemodificeerde stekkers en bijpassende stopcontacten verminderen het risico op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.
c) Stel de elektrische gereedschappen niet bloot aan regen of vocht. Water dat in een elektrisch gereedschap sijpelt verhoogt het risico voor elektrische schokken.
d) Misbruik de kabel niet. Gebruik de kabel nooit om het elektrisch gereedschap te dragen, te trekken of los te koppelen. Houd de kabel uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende delen. Beschadigde of verstrikte kabels verhogen het risico op elektrische schokken.
e) Als u elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruik dan een verlengstuk dat geschikt is voor buitenshuis gebruik. Het gebruik van een kabel die geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op elektrische schokken.
f) Als het onvermijdelijk is om een elektrisch apparaat op een vochtige plaats te gebruiken, gebruik dan een voeding die beveiligd is met een aardlekschakelaar (RCD). Het gebruik van een RCD vermindert het risico op elektrische schokken

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf attent, controleer wat er gaande is en gebruik altijd het gezond verstand wanneer een elektrisch gereedschap gebruikt wordt. Gebruik het elektrisch gereedschap niet wanneer u moe bent, geneesmiddelen, alcohol of drugs gebruikt hebt. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van een elektrisch gereedschap kan ernstige persoonlijke letsels veroorzaken.

b) Gebruik beschermende kleding. Draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van een beschermende uitrusting zoals een stofmas-

ker, antislipschoenen, een veiligheidshelm of een oorbescherming voorkomt persoonlijke letsels.

c) Voorkom dat de machine ongewild start. Zorg ervoor dat het apparaat uitgeschakeld is vooraleer de accu te plaatsen, of gereedschap vast te nemen of te transporteren. Een elektrisch gereedschap dragen met je vinger op de schakelaar en het monteren van de batterij met de schakelaar in de 'AAN'-stand vergemakkelijkt ongelukken.
d) Verwijder alle sleutels of regelinstrumenten vooraleer het elektrisch gereedschap in te schakelen. Een sleutel of gereedschap dat in contact blijft met een bewegend onderdeel kan persoonlijke letsels veroorzaken.
e) Ga niet overhellen. Ga altijd stabiel staan en zorg ervoor dat het evenwicht niet verloren wordt. Zo heeft men in onverwachte situaties een betere controle over het elektrisch gereedschap.
f) Draag gepaste kleding. Draag geen rui- me kleding of juwelen. Hou het haar, de kleding en de handschoenen op veili- ge afstand van bewegende onderdelen. Loshangende kledingstukken, juwelen of lang haar kunnen gegrepen worden in de bewe- gende onderdelen.
g) Als er delen met stofafname-installaties verbonden moeten worden, verzeker u er dan van dat ze goed verbonden en gebruikt worden. Door het gebruik van deze inrichtingen kunnen de risico's met betrekking tot stof beperkt worden.
h) Laat de vertrouwdheid die u met het veelvuldig gebruik van de machine opgedaan heeft u niet misleiden, zodat u veiligheidsprincipes zou negeren. Nalatigheid kan in een fractie van een seconde ernstig letsel veroorzaken.

4) Gebruik en onderhoud van het elektrisch gereedschap

a) Het elektrisch gereedschap niet overbelasten. Gebruik het elektrisch gereedschap dat geschikt is voor het werk. Met een gepast elektrisch gereedschap zal het werk beter en op veiliger wijze uit te voeren, aan de snelheid waarvoor het gereedschap ontworpen werd.
b) Gebruik het elektrisch gereedschap indien de schakelaar hem niet correct kan in- en uitschakelen. Een elektrisch gereedschap dat niet bediend kan worden met de schakelaar is gevaarlijk en moet gerepareerd worden.
c) Verwijder de accu uit zijn zitting vooraleer een regeling uit te voeren of accessoires te veranderen, of vooraleer het elektrisch gereedschap op te bergen. Deze preven-

tieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico voor accidentele inschakelingen van het elektrisch gereedschap.

d) Hou de niet gebruikte gereedschappen buiten het bereik van kinderen en laat ze niet gebruiken door personen die niet vertrouwd zijn met het gereedschap zelf of met deze instructies. De elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk indien ze gebruikt worden door onervaren personen.

e) Onderhoud de elektrische gereedschappen correct. Controleer of de bewegende onderdelen goed uitgelijnd zijn en vrij kunnen bewegen, of er geen delen gebroken zijn en of er andere condities zijn die een invloed kunnen hebben op de werking van het elektrisch gereedschap. Bij schade moet het gereedschap gerepareerd worden vooraleer het opnieuw te gebruiken. Vele ongevallen worden veroorzaakt door een ontoereikend onderhoud.

f) Gebruik het elektrisch werktuig en de bijhorende toebehoren volgens de verschafte instructies, en houd rekening met de werkcondities en het soort werk dat uitgevoerd moet worden. Het gebruik van een elektrisch werktuig voor andere handelingen dan diegene die voorzien zijn kan tot gevaarlijk situaties leiden.

g) Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet. De gladde handgrepen staan geen veilige hantering en controle van het gereedschap in onverwachte situaties mogelijk.

5) Gebruik en voorzorgsmaatregelen voor het gebruik van de werktuigen met accu

a) Enkel herladen met de door de fabrikant aangegeven acculader. Een acculader geschikt voor een bepaalde accugroep kan een risico op brand inhouden indien deze gebruikt wordt voor een andere accugroep.

b) Gebruik de elektrische werktuigen enkel met de specifiek bepaalde accugroepen. Het gebruik van eender welke andere accugroep kan risico op letsels en brand veroorzaken.

c) Wanneer de accugroep niet in gebruik is, moet men deze op afstand houden van andere metalen voorwerpen zoals nietjes, muntstukken, nagels, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding tussen de twee aansluitklemmen kunnen creëren. Kortsluiting van de aansluitklemmen van de accu kan brandwonden of brand veroorzaken.

d) Indien de accu in slechte staat is, kan er vloeistof uit lekken: vermijd alle aanrakingen. Indien er zich een ongewilde aanraking voordoet, moet men onmiddellijk

met water spoelen. Indien de vloeistof in de ogen komt, moet men onmiddellijk medische hulp zoeken. De vloeistof die uit de accu lekt, kan huidirritatie of brandwonden veroorzaken.

e) Gebruik geen beschadigde of gewijzigde accu's of instrumenten. Beschadigde of gewijzigde accu's kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen, wat kan leiden tot brand, explosie of risico op letsel.

f) Stel een accu niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Blootstelling aan vuur of temperaturen boven 130°C kan explosies veroorzaken. OPMERKING. De temperatuur "130°C" kan worden vervangen door de temperatuur "265°F".

g) Volg alle oplaadinstructies en laad de accu niet op buiten het in de instructies gespecificeerde temperatuurbereik. On- juist opladen of bij temperaturen buiten het gespecificeerde bereik kan de accu beschadigen en het risico op brand vergroten.

6) Assistentie

a) Laat het elektrisch gereedschap repareren door gekwalificeerd personeel en gebruik alleen originele onderdelen. Op die manier wordt de veiligheid van het elektrisch gereedschap in stand gehouden.

b) Herstel geen beschadigde accu's. Onderhoud aan de accu mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of geautoriseerde serviceproviders.

2.2 SPECIFIEKE VEILIGHEIDSREGELS VOOR TUINTRIMMER

a) Gebruik het apparaat niet bij ongunstige weersomstandigheden, vooral wanneer er kans is op blikseminslag. Dit verkleint het risico om door de bliksem te worden getroffen.
b) Inspecteer grondig het werkgebied waar de machine gebruikt gaat worden. Let op de aanwezigheid van wilde dieren die tijdens het gebruik gewond kunnen raken door de machine.
c) Inspecteer grondig het gebied waar de machine gebruikt gaat worden en verwijder alle stenen, stokken, draden, botten en andere vreemde voorwerpen. Gegooide voorwerpen kunnen persoonlijk letsel veroorzaken.
d) Controleer de snij-inrichting en de beschermkap altijd visueel op beschadigingen voordat u de machine gebruikt. Beschadigde onderdelen verhogen het risico op letsel.
e) Houd alle afschermingen op hun plaats. De afschermingen moeten goed werken en correct gemonteerd zijn. Een losse, beschadigde of slecht werkende afscherming kan leiden tot persoonlijk letsel.

f) Houd alle koelluchtinlaten vrij van vuil. Belemmerde luchtinlaten en vuil kunnen oververhitting of brand veroorzaken.
g) Draag oog- en oorbescherming. De juiste beschermingsmiddelen verminderen verwondingen.
h) Draag bij het bedienen van de machine altijd antislip, beschermend schoeisel. Bedien het apparaat niet op blote voeten of met open sandalen. Dit verkleint de kans op voetletsel door contact met de bewegende frees.
i) Draag tijdens het bedienen van de machine altijd kleding zoals een broek die de benen van de bediener bedekt. Contact met het blad of de bewegende draad kan letsel veroorzaken.
j) Houd omstanders uit de buurt tijdens het gebruik van de machine. Weggeslingerde brokstukken kunnen ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.
k) Bedien de machine niet boven taillehoogte. Dit helpt onbedoeld contact van de snij-unit voorkomen en zorgt voor een betere controle over de machine in onvoorziene situaties.
I) Wees voorzichtig wanneer u de machine op nat gras gebruikt. Loop, ren nooit. Dit vermindert het risico op uitglijden en vallen, wat kan leiden tot persoonlijk letsel.
m) Gebruik de machine niet op te steile hellingen. Dit vermindert het risico op controleverlies, uitglijden en vallen, wat kan leiden tot persoonlijk letsel.
n) Zorg er bij het werken op hellingen voor dat je in balans blijft, werk altijd dwars op het oppervlak van de helling, nooit bergop of bergaf, en wees uiterst voorzichtig bij het veranderen van richting. Dit vermindert het risico op controleverlies, uitglijden en vallen, wat kan leiden tot persoonlijk letsel.
o) Houd alle stroomkabels en kabels uit de buurt van het snijgebied. Kabels of stroomkabels kunnen verborgen zijn in heggen of struiken en per ongeluk worden doorgeknipt of beschadigd.
p) Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de maai-eenheid van de bewegende motorzeis. Verwijder geen materiaal uit de machine voordat deze is losgekoppeld van de stroombron. De bewegende snij-unit kan ernstig persoonlijk letsel veroorzaken.
q) Transporteer de machine met uitgeschakelde motor en weg van het lichaam. Als u de machine op de juiste manier hanteert, is de kans kleiner dat u per ongeluk in contact komt met de bewegende snij-unit.
r) Gebruik alleen vervangende snijkoppen en messen of snijdraden zoals gespecificeerd door de fabrikant. Vervang de bladen of draden van de trimmer niet door metalen draden of bladen. Verkeerde reserveonderdelen kunnen leiden tot verlies van controle, breuk en letsel.

In het geval van breuken of ongevallen tijdens het werk, de motor onmiddellijk stoppen en de machine verplaatsen om geen verdere schade te veroorzaken; in het geval van ongevallen met persoonlijk letsel of letsel aan derden, onmiddellijk de eerstehulpprocedures in werking stellen die het meest geschikt zijn voor de situatie in kwestie en een medische instelling raadplegen voor de nodige behandeling. Verwijder zorgvuldig eventuele resten die schade of letsels aan personen of dieren kunnen veroorzaken indien ze onopgemerkt blijven.

Langdurige blootstelling aan trillingen kan verwondingen en neurovasculaire aandoeningen veroorzaken (ook bekend als 'Raynoud-fenomeen' of 'witte hand'), vooral bij mensen die lijden aan doorbloedingsstoornissen. De symptomen kunnen betrekking hebben op de handen, de polsen en de vingers, met verlies van gevoeligheid, loomheid, jeuk, pijn, verkleuring of structurele wijzigingen van de huid. Deze effecten kunnen versterkt worden door een lage omgevingstemperatuur en/of een overdreven druk op de handgreep. Wanneer deze symptomen optreden, moet de machine minder lang gebruikt worden en is het noodzakelijk een arts te raadplegen.

2.3 ONDERHOUD, STALLING

Regelmatig onderhoud en een correcte stalling garanderen de veiligheid van de machine en het niveau van de performance.

  • Wanneer u de machine uitschakelt voor onderhoud, inspectie, opslag of om een hulpstuk te vervangen, moet u de motor uitschakelen, de stekker uit het stopcontact trekken en ervoor zorgen dat alle bewegende delen volledig stilstaan.
  • Laat de machine afkoelen voordat u controles en afstellingen uitvoert en voordat u het opbergt.
  • Bewaar het zorgvuldig en bewaar het schoon, op een droge plaats en buiten het bereik van kinderen.
  • Gebruik de machine nooit als er onderdelen versleten of beschadigd zijn. Defecte of versleten onderdelen moeten worden vervangen en nooit gerepareerd. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
  • Laat geen houders met restmateriaal in een gesloten ruimte, om het risico op brand te voorkomen.

⚠ De geluids- en trillingsniveaus in deze instructies zijn maximumwaarden voor het gebruik van de machine. Het gebruik van een niet gebalanceerd maai-element, een overdreven snelheid van de beweging en gebrekkig onderhoud hebben een negatieve invloed op het geluidsniveau en op de trillingen. Bijgevolg is het noodzakelijk preventieve maatregelen te treffen om mogelijke schade ten gevolge van een hoog geluidsniveau en stress van trillingen te vermijden; zorg voor het onderhoud van de machine, draag gehoorbescherming, maak pauzes tijdens het werk.

2.4 ACCU / ACCULADER

LET OP

De hierna volgende veiligheidsnormen vervolledigen de veiligheidsvoorschriften die aangegeven zijn in de specifieke handleiding van de acculader.

  • Gebruik voor het laden van de accu enkel de door de fabrikant aanbevolen acculaders. Een niet geschikte acculader kan leiden tot elektroshock, oververhitting of lekken van de corrosieve vloeistof van de accu.
  • Gebruik enkel de specifieke accu's die voor uw toestel voorzien zijn. Het gebruik van andere accu's kan leiden tot letsels en risico op brand.
  • Houd de niet gebruikte accu ver van kantoorklemmetjes, muntstukken, sleutels, spijkers of andere kleine metalen voorwerpen die een kortsluiting van de contacten zouden kunnen veroorzaken. Een kortsluiting van de contacten van de accu kan tot brand leiden.
  • Gebruik de acculader niet in een omgeving waar er stoom aanwezig is, met ontvlambare materialen of op gemakkelijk ontvlambare oppervlakten zoals papier, stof, enz. Tijdens het opladen, wordt de accu opgewarmd en zou brand kunnen veroorzaken.
  • Tijdens het vervoer van de accu's, moet men er op letten dat de contacten onderling niet in contact komen, en dat er geen metalen houders gebruikt worden voor het vervoer.

De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven.

- Wees geen storend element voor uw buren. Gebruik de machine enkel op redelijke uren (niet 's ochtends vroeg of 's avonds laat wanneer dit andere personen zou kunnen storen).

  • Tijdens het werken wordt er een zekere hoeveelheid olie in de omgeving verspreid, noodzakelijk voor de smering van de ketting; gebruik om die reden alleen biologisch afbreekbare oliën, specifiek bedoeld voor dit gebruik. Het gebruik van een minerale olie of motorolie brengt ernstige schade toe aan het milieu.
  • Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, accu's, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op het milieu; dit afval mag niet met de huisafval weggeworpen worden, maar moet gescheiden worden en aan speciale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen.
  • Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de af-danking van het afval.
  • Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldende plaatselijke normen.

STIGA GT 300e - LET OP - 1

Gooi elektrische apparatuur niet bij het gewoon huishoudelijk afval. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/EG inzake elektrisch en elektronisch afval en de toepassing ervan overeenkomstig de nationale wetgeving, moet de afgedankte elektrische apparatuur apart ingezameld worden voor recyclagedoeleinden. Indien de elektrische apparatuur afgedankt wordt op een afvalpark of in de ondergrond, kunnen de schadelijke stoffen de waterlaag bereiken en in de voedingsketen terecht komen, met nadelige gevolgen voor uw gezondheid en welzijn. Voor meer informatie over de afdanking van dit product, contacteer de instantie die bevoegd is voor de verwerking van het huishoudelijk afval of raadpleeg uw Verkoper.

STIGA GT 300e - LET OP - 2

Aan het einde van hun levensduur, moet men de accu's met de nodige zorg voor het milieu afdanken. De accu bevat materialen die gevaarlijk zijn voor U en voor de omgeving. Ze moet verwijderd worden en gescheiden ingezameld worden nabij een structuur die lithium-ion-accu's aanvaardt.

STIGA GT 300e - LET OP - 3

De gescheiden inzameling van gebruikte producten en verpakkingen staat recycling en hergebruik van de materialen toe. Het hergebruik van gerecycled materiaal helpt de vervuiling van het milieu te voorkomen en vermindert de vraag naar grondstoffen.

3. LEER DE MACHINE KENNEN

3.1 BESCHRIJVING MACHINE EN BEOOGD GEBRUIK

Deze machine is een tuingereedschap en met name een draagbare grasmaaier/trimmer met accutoevoer.

De machine bestaat hoofdzakelijk uit een motor die, door middel van een aandrijvingsas die een snij-inrichting (draadhouder) aanschakelt.

De snij-inrichting werkt op een vlak dat ongeveer evenwijdig is met het terrein (bij gebruik als grasmaaier) ofwel ongeveer loodrecht op het terrein (bij gebruik als trimmer).

De bediener kan de belangrijkste commando's bedienen terwijl hij steeds op veilige afstand van de draaiende delen blijft.

3.1.1 Voorzien gebruik

Deze machine is ontworpen en gebouwd voor:

- het maaien van gras en niet-houtachtige vegetatie (bijv. aan de randen van bloembedden, aanplantingen, muren, omheiningen of beperkte groene ruimten);

  • het afwerken van het snijden met een maaier;
  • gebruik door een enkele bediener.

3.1.2 Onjuist gebruik

Eender welk ander gebruik, dat afwijkt van wat hierboven beschreven is, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken. De volgende situaties behoren tot het onjuist gebruik (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend):

  • Gebruik de machine niet om te vegen, door de draadhouder over te hellen. De kracht van de motor kan voorwerpen of keitjes tot 15 meter ver werpen en schade of verwondingen veroorzaken.
  • heggen knippen of andere werkzaamheden waarbij de snij-inrichting niet op grondhoogte gebruikt wordt;
    – struiken, planten en bloemen snijden en hakse- len;
  • gebruik van de machine voor het snijden van niet plantaardig materiaal;
  • gebruik van de machine met de snij-inrichting boven de riemhoogte van de bediener;
  • gebruik van de machine in openbare tuinen, parken, sportcentra, op rijbanen, in velden en bossen;
  • andere snij-inrichtingen gebruiken dan diegene die vermeld zijn in de tabel "Technische gege-

vens". Gevaar op ernstige wonden en kwets- uren.

- gebruik van de machine door meer dan één persoon tegelijk.

BELANGRIJK Het onjuist gebruik brengt verval van zowel de garantie als de aansprakelijkheid van de fabrikant teweeg waardoor de gebruiker zelf verantwoordelijk is voor schade of letsel die hijzelf of anderen oplopen.

3.1.3 Type gebruiker

Deze machine is bestemd voor gebruik door consumenten, d.w.z. door niet professionele bedieners. Ze is bestemd voor een "amateuriëel gebruik".

3.2 BELANGRIJKSTE ONDERDELEN (AFB.1):

A. Drive-eenheid:: zorgt voor beweging van het snijmechanisme via een aandrijfas.
B. Staaf: verbindt de achterste handgreep aan de motor.
C. Snijmechanisme: dit is het element dat de vegetatie afsnijdt.

  1. Draadhouder: Snij-inrichting met nylon-draad.

D. Bescherming van de snij-inrichting: dit is een beveiliging die voorkomt dat eventuele voorwerpen, die door de snij-inrichting meege-nomen worden, ver van de machine weg kunnen schieten.
E. Voorste handgreep: met een halfronde vorm, voor de bediening van de machine.
F. Achterste handgreep : staat de bediening van de machine toe; op de handgreep bevinden zich de belangrijkste commando's voor inschakelen/uitschakelen/versnellen.
G. Accu's (indien niet meegeleverd met de machine, zie hoofdstuk 13 "accessoires op aanvraag"): apparaat dat het gereedschap van stroom voorziet; de kenmerken en gebruiksregels worden beschreven in een specifieke handleiding.

H. Wandmontagerail

I. Oplaadbasis
J. Objecthouder
K. Meegeleverde schroeven
L. Acculader (indien niet meegeleverd met de machine, zie hoofdstuk 13 "accessoires op aanvraag): apparaat om de accu op te laden.

BELANGRIJK De machine werkt alleen als beide accu's geplaatst zijn.

OPMERKING De accu's kunnen direct op de machine worden opgeladen via de oplaadbasis.

3.3 PRODUCTIDENTIFICATIELABEL (Afb. 1)

  1. Naam en adres van de fabrikant
  2. Machinetype
  3. Geluidsniveau
  4. Conformiteitskenteken
  5. Toevoerspanning
  6. Bouwjaar
  7. Serienummer
  8. Artikelcode

Schrijf de identificatiegegevens van de machine in de vakjes op het label aan de achterkant van de omslag.

BELANGRIJK Gebruik de identificatiegegevens die aangegeven zijn op het identificatielabel van het product bij ieder contact met de geautoriseerde werkplaats.

3.4 VEILIGHEIDSSIGNALISATIE (Afb. 1)

Er verschijnen verschillende symbolen op de machine.

Betekenis van de symbolen:

STIGA GT 300e - VEILIGHEIDSSIGNALISATIE (Afb. 1) - 1

LET OP! GEVAAR! Indien deze machine niet correct gebruikt wordt, kan ze gevaarlijk zijn voor de bediener en voor anderen

STIGA GT 300e - VEILIGHEIDSSIGNALISATIE (Afb. 1) - 2

Lees de gebruiksaanwijzingen voordat u deze machine in gebruik neemt.

STIGA GT 300e - VEILIGHEIDSSIGNALISATIE (Afb. 1) - 3

Gebruik gehoorbescherming en brillen.

STIGA GT 300e - VEILIGHEIDSSIGNALISATIE (Afb. 1) - 4

STIGA GT 300e - VEILIGHEIDSSIGNALISATIE (Afb. 1) - 5

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE

DELEN! Let goed op voor mogelijk wegschieten van materiaal, veroorzaakt door de snij-inrichting, die ernstige schade kan berokkenen aan personen of zaken.

STIGA GT 300e - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE - 1

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE

DELEN! Houd personen of huisdieren op minstens 15 m afstand wanneer u de machine gebruikt.

STIGA GT 300e - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE - 1

Niet blootstellen aan de regen (of vocht)

STIGA GT 300e - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE - 2

Verwijder de accu voordat u controles, reinigings- of onderhouds-/afstelwerkzaamheden aan de machine uitvoert.

STIGA GT 300e - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE - 3

LET OP! Raadpleeg de relevante handleiding voor de accu en oplader.

BELANGRIJK De beschadigde of onleesbaar geworden labels moeten vervangen worden. Vraag nieuwe labels aan uw eigen geautoriseerd Dienstcentrum.

4. MONTAGE

BELANGRIJK De in acht te nemen veiligheidsnormen zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.

Om opslag- en transportredenen worden sommige machineonderdelen niet direct in de fabriek gemonteerd, maar moeten ze na het uitpakken worden gemonteerd volgens de onderstaande instructies.

⚠ Het uitpakken en de vervollediging van de montage moeten uitgevoerd worden op een vlakke en stevige ondergrond, met voldoende ruimte voor de verplaatsing van de machine en de verpakkingen, en steeds met behulp van de geschikte instrumenten. Gebruik de machine niet vooraleer de aanwijzingen van de sectie "MONTAGE" teneinde gebracht te hebben.

4.1 UITPAKKEN

  1. Open de verpakking voorzichtig, let erop geen onderdelen te verliezen.
  2. Raadpleeg de documentatie in de doos, inclusief deze gebruiksaanwijzingen.

  3. Haal alle onderdelen die niet gemonteerd zijn uit de doos.

  4. Haal de machine uit de doos.
  5. Voer de doos en de verpakkingen af volgens de plaatselijke normen.

Alvorens de montage uit te voeren, moet men nagaan of de accu niet in zijn zitting geplaatst is.

4.2 DE OPLAADBASIS MONTEREN (AFB. 2)

OPMERKING Het apparaat kan aan de muur worden opgehangen.

De accu's kunnen direct op de machine worden opgeladen via de oplaadbasis (Afb. 2. A).

OPMERKING De oplaadbasis kan aan de muur worden bevestigd (Afb. 2. B) (met de meegeleverde schroeven, Afb. 1. K).

4.3 MONTAGE VAN DE RAIL VOOR MUURBEVESTIGING (AFB.3)

Zodra de rail is bevestigd (Afb. 1. H) aan de muur (met de meegeleverde schroeven), schuif de oplaadbasis (Afb. 3. A) en de objecthouder (Afb. 3. B)

4.4 MONTAGE VAN DE VOOR-STE HANDGREEP (AFB. 4)

  1. Plaats de voorste handgreep (Afb. 4.A) op de vooraf gemonteerde steun (Afb. 4.B).
  2. Plaats de schroef en draai de knop vast, zonder deze vast te draaien (Afb. 4.C).
  3. Stel de handgreep af op de meest ergonomische positie voor de bediener (hfdst.1.2).
  4. Draai de knop vast.

OPMERKING Zorg ervoor dat u de voorste handgreep onder de pijl plaatst (Afb. 4. D) die op het veiligheidslabel staat aangegeven.

4.5 MONTAGE VAN DE BESCHERMING VAN DE SNIJ-INRICHTING (AFB.5)

STIGA GT 300e - MONTAGE VAN DE BESCHERMING VAN DE SNIJ-INRICHTING (AFB.5) - 1

Draag werkhandschoenen.

  1. Plaats de bescherming (Afb. 5.A) ter hoogte van de openingen in de basis van de motor (Afb. 5.B).
  2. Bevestig de bescherming (Afb. 5.A) door schroeven aan te draaien (Afb. 5.C).

OPMERKING Op de bescherming van de snij-inrichting is het volgende symbool aangegeven:

STIGA GT 300e - Draag werkhandschoenen. - 1

Dit geeft de draairichting van de snij-inrichting aan.

4.6 MONTAGE VAN DE AANWIJZER VAN DE MAAILIMIET (AFB.6)

Plaats de twee uiteinden van de aanwijzer van de maailimiet (Afb. 6.A) en bevestig ze in de desbetreffende openingen op de motor (Afb. 6.B).

OPMERKING Houd handen altijd uit de buurt van de snij'-indicator

5. BEDIENINGSELEMENTEN

5.1 HENDEL VERSNELLING (AFB. 7. A)

Dit staat toe de machine te starten/stoppen en schakelt tegelijkertijd de snij-inrichting in/uit

Bediening van de hendel van de versnelling (Afb.7.A) is alleen mogelijk na het indrukken van de hendel/veiligheidsknop van de versnelling (Afb. 7.B)

5.2 HENDEL/VEILIGHEIDS-KNOP VAN DE (AFB. 7. B)

Hendel/bedieningshendel van de versnelling (Afb. 7.B) staat toe de versnellingshendel in te schakelen (Afb. 7.A).

5.3 SNELHEIDSCELECTOR (AFB. 7.C) HENDEL/VEILIGHEIDSKNOP

Maakt snelheidsvariatie mogelijk (twee niveaus)

6. GEBRUIK VAN DE MACHINE

BELANGRIJK De in acht te nemen veiligheidsnormen zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.

6.1 VOORAFGAANDE WERKZAAMHEDEN

Plaats de machine horizontaal en stevig op het terrein.

Zorg ervoor dat de accu niet in het compartiment is geplaatst.

6.1.1 Controle en opladen van de accu (Afb. 8)

Controleer voor elk gebruik de ladingstoestand van de accu aan de hand van de instructies in het accu-boekje.

OPMERKING De machine functioneert alleen als beide accu's geplaatst zijn.

6.1.2 Afstelling van de voor- ste handgreep (Afb. 9)

  1. Draai de knop los (Afb. 9.A) en de steun (Afb. 9.B).
  2. Draai de hendel totdat de meest ergonomische positie voor de operator is gevonden; de hendel kan alleen naar voren worden gedraaid.
  3. Draai de knop vast.

6.1.3 De lengte van de stang aanpassen (Afb. 10)

  1. Open de klemhaak (Afb. 10.A)
  2. Trek of duw aan de stang (Afb. 10.B) tot de gewenste lengte is bereikt.
  3. Sluit de klemhaak stevig nadat de afstelling is gemaakt. De stang moet stevig vergrendeld zijn in de gewenste positie.

6.1.4 Afstelling van kopkanteling (Afb. 11)

Door de oriëntatie van het snijmechanisme kun je werken door te schakelen tussen de grasmaaier- en trimmermodus en omgekeerd.

Voor gebruik als trimmer:

  1. Druk op de toets (Afb. 11.A);
  2. Draai het snijmechanisme (Afb. 11.B) 90° naar links en zorg ervoor dat deze vergrendeld blijft.

6.2 VEILIGHEIDSCONTROLES

⚠ Voer steeds de veiligheidscontroles uit vooraleer de machine te gebruiken.

6.2.1 Algemene controle

Object Resultaat
Handgrepen (Afb. 1.E,1.F)Gereinigd, afgedroogd, correct en stevig aan de machine bevestigd.
Bescherming van de snij-inrichting (Afb. 1.D)Correct en stevig bevestigd aan de machine, niet versleten of beschadigd.
Schroeven op de machineGoed vastgedraaid (niet los)
Snij-inrichting (Afb. 1.C) loslatenschoon, niet beschadigd of versleten
Accu (Afb. 1.G) Geen schade aan het omhulsel, geen lekken van vloeistoffen
Doorgangen van de koellucht (par 7.3)Niet verstopt
Machine Geen tekens van beschadiging of slijtage. Geen abnormale trillingen. Geen abnormaal geluid
Hendel versnelling (Afb. 7.A), de hendel/veiligheidsknop van de versnelling (Afb. 7.B)Ze moeten een vrije, ongedwongen beweging hebben en bij het loslaten automatisch en snel terugkeren naar de neutrale positie.

6.2.2 Test werking van de machine

ActieResultaat
1. De machine op-starten (par. 6.3)2. Laat de bedienings-hendel van de versnel-ling los (Afb. 7.A) en de hendel/veiligheidsknop gashendel (Afb. 7.B).1. Het snijmechanisme mag niet bewegen.2. De bedieningsele-menten moeten automatisch en snel terugkeren naar de neutrale stand en het snijmechanisme moet stoppen.
Druk gewoon op de be-dieningshendel van de versnelling (Afb. 7.A)De bedieningshendel van de versnelling blijft geblokkeerd.

Indien eendelijke van deze resultaten verschilt van wat aangegeven is in de volgende tabellen, mag de machine niet gebruikt worden! Breng de machine naar een dienstcentrum voor de nodige controles en herstelling.

Voer deze handeling steeds uit wanneer de machine en de snij-inrichting stilstaan.

6.3 STARTEN

STIGA GT 300e - STARTEN - 1

Start de machine niet als deze wordt opge- n.

OPMERKING Het wordt aanbevo- len om de machine te gebruiken bij een temperatuur tussen -10°C en 60°C.

STIGA GT 300e - STARTEN - 2

Het starten van de machine zorgt ervoor dat snijmechanisme tegelijkertijd draait.

OPMERKING Start op een vlakke, stevige ondergrond.

  1. Zorg ervoor dat het snijmechanisme de grond of andere voorwerpen niet raakt.
  2. Plaats de accu's (Afb. 12.A) in hun behuizing door hem helemaal in te duwen totdat u de 'klik' hoort die hem op zijn plaats vergrendelt en voor elektrisch contact zorgt

OPMERKING De machine werkt alleen als beide accu's geplaatst zijn.

  1. Neem een stevige en stabiele positie aan
  2. Gelijktijdig de bedieningshendel van de versnelling inschakelen (Afb. 7.A) en de hendel/veiligheidsknop gashendel (Afb. 7.B).

OPMERKING Bij iedere start wordt er automatisch nieuwe draad vrijgegeven (par. 6.4.2).

6.4 HET WERKEN

OPMERKING Vooraleer de eerste keer te gaan maaien, moet men vertrouwd raken met de machine en met de meest gepaste maaitechnieken, neem de machine stevig vast en voer de vereiste handelingen uit.

STIGA GT 300e - HET WERKEN - 1

Houd de machine tijdens het werk altijd ig met twee handen vast en houd de snij- heid onder de riemlijn.

OPMERKING Tijdens het werk, is de accu tegen volledige ontlading beschermd door een beschermingssysteem dat de machine uitschakelt en de werking ervan blokkeert.

OPMERKING De autonomie van de accu (en dus de oppervlakte van de vegetatie die gesneden kan worden alvorens de accu weer op te laden) wordt beïnvloed door verschillende factoren, beschreven in (par. 7.2.1).

6.4.1 Werktechnieken

STIGA GT 300e - Werktechnieken - 1

Gebruik ALLEEN nylondraad. Het gebruik metalen draden, geplastificeerde metaal- d of draad die niet geschikt is voor de kop, ernstige verwondingen veroorzaken.

a. In beweging snijden (Maaien)

  • Verzeker u ervan dat de snij-inrichting in werk-wijze grasmaaier staat (par. 6.1.4);
    – ga met een correcte houding te werk, met een boogbeweging zoals bij traditioneel maaien, zonder de draadhouder over te hellen (Afb. 13).

Probeer de juiste maaihoogte eerst uit in een kleine zone, om een uniform maairesultaat te verkrijgen door de draadhouder op een constante afstand van het terrein te houden.

Voor zwaarder werk, kan het handig zijn de draadhouder ongeveer 30° naar links te laten hellen.

STIGA GT 300e - a. In beweging snijden (Maaien) - 1

Doe dit niet wanneer voorwerp kunnen weg- ngen die personen of dieren kunnen ver- den of schade kunnen aanrichten.

b. Precisiesnijden (Recht afsnijden)

Houd de machine lichtjes schuin zodat de onderkant van de draadhouder niet in aanraking komt met het terrein en de snijlijn zich op het gewenste punt bevindt, waarbij de snij-inrichting altijd ver van de gebruiker gehouden wordt.

c. Maaien vlakbij omheiningen / funderingen

- benader de omheining, paaltjes, stenen, muren, enz. langzaam met de draadhouder zonder kracht toe te passen (Afb. 14).

Wanneer de draad een omvangrijke hindernis raakt kan hij breken of verslijten; wanneer hij blijft steken in een omheining, kan hij bruusk afknakken. In elk geval kan het snijden rond trottoirs, funderingen, muren, enz. een overmatige slijtage van de draad veroorzaken.

d. Maaien rond bomen

- loop rond de boom van links naar rechts en nader de stam langzaam om er niet met de draad tegen te komen; houd de draadhouder een bétje naar voren gekanteld.

Hou er rekening mee dat de nylondraad kleine heesters kan doorsnijden of beschadigen en dat het contact tussen de nylondraad en de stam van heesters of bomen met een zachte schors de plant ernstig kan beschadigen.

6.4.2 Afstelling van de lengte van de draad van de draadhouder tijdens het werk

De lengte van de draad van de draadhouder moet afgesteld worden:

  • Wanneer de draad verslijt en korter wordt;
  • Wanneer een grotere rotatie van de motor dan normaal wordt gevoeld;
  • Wanneer je merkt dat de snijefficiëntie afneemt.

- Automatische vrijgave van de draad

Deze machine is uitgerust met een draadhouder met automatische vrijgave van de draad.

Om nieuwe draad vrij te geven:

  1. Stop de machine (par. 6.6)
  2. Wacht twee seconden en start de machine op-nieuw op.

Er wordt een draad van ongeveer 6,35 mm vrijgegeven.

Herhaal de procedure tot de draad lang genoeg is om aan de draadsnijder te komen, die dan de eventuele overbodige lengte zal afsnijden.

- Handmatige vrijgave van de draad

Om nieuwe draad vrij te geven:

  1. Stop de machine (par. 6.6);
  2. Verwijder de accu
  3. Druk op de knop op de draadafsnijkop (Afb. 15.A) en trek tegelijkertijd met de hand de nodige lengte van de draad om de draadsnijder te bereiken (Afb. 15.B);
  4. Zet de machine terug in de werkstand;
  5. Plaats de accu in het compartiment (Afb. 12.A).

6.5 SUGGESTIES VOOR HET GEBRUIK

Men raadt aan, tijdens het gebruik het gras dat zich rond de machine wikkelt, regelmatig te verwijderen, om de oververhitting van de motor te vermijden (Afb.

1.A), die te wijten zou zijn aan het gras dat onder de beveiliging van de snij-inrichting verklemd geraakt (Afb. 1.D).

Ga als volgt te werk:

  • Stop de machine (par. 6.6)
  • Verwijder de accu
  • Draag werkhandschoenen
  • Verwijder verstrikt gras met een schroevendraaier zodat de motor goed kan afkoelen.

6.6 STOPPEN

  1. De versnellingshendel loslaten (Afb. 7.A)
  2. Wachten tot de snij-inrichting stilvalt;

⚠️ Na de machine stopgezet te hebben, moet men enkele seconden wachten vooraleer de snij-inrichting tot stilstand komt.

BELANGRIJK De machine steeds stoppen tijdens verplaatsingen tussen werkzones.

6.7 NA HET GEBRUIK

  1. Verwijder de accu's als ze niet worden opgeladen.
  2. Laat de motor eerst afkoelen vóór de machine in elke willekeurige ruimte op te bergen.
  3. Reinig de machine (par. 7.3).
  4. Controleer of er geen onderdelen los of beschadigd zijn. Vervang, indien nodig, de beschadigde onderdelen en klem eventueel schroeven en moeren die losgekomen zijn weer vast of neem contact op met het geautoriseerde dienstcentrum.
  5. Controle van eventuele schade aan de machine. Contacteer, indien nodig, het geautoriseerde dienstencentrum.

BELANGRIJK Verwijder steeds de accu's (Afb. 16) elke keer dat de machine ongebruikt of onbeheerd wordt achtergelaten.

6.7.1 Accu's verwijderen

Om de accu's te verwijderen, drukt u op de vergrendeltoets op de accu (Afb. 16. C)

7. ONDERHOUD

7.1 ALGEMEEN

BELANGRIJK De in acht te nemen veiligheidsnormen zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.

⚠️ Vooraleer eender welke controle, reiniging of ingreep voor onderhoud/afstelling op de machine uit te voeren:

  • Breng de machine
  • Verwijder de accu's (laat de accu's nooit in het toestel zitten of binnen het bereik van kinderen of ongeschikte personen)
  • Laat de motor eerst afkoelen vóór de machine in elke willekeurige ruimte op te bergen.
  • Draag geschikte kledij, werkhandschoenen en een beschermende bril;
  • Lees de relevante instructies.

BELANGRIJK Alle werkzaamheden voor onderhoud en afstelling die niet in deze handleiding beschreven zijn, moeten uitgevoerd worden door uw

Wederverkoper of door een gespecialiseerd Centrum.

7.2 ACCU

7.2.1 Autonomie van de accu

De autonomie van de accu (en dus de oppervlakte van de vegetatie die bewerkt kan worden alvorens de accu weer op te laden) hangt hoofdzakelijk af van:

a. omgevingsfactoren, die leiden tot een grotere energiebehoefte:

- maaien bij dikke, hoge, vochtige begroeing;

b. gedrag van de bediener, die moet vermijden:

- de machine vaak aan- en uit te schakelen tijdens het werken;

- een niet geschikte snijtechniek te gebruiken voor het werk dat moet uitgevoerd worden (par. 6.4.1).

Om de autonomie van de accu te optimaliseren, raadt men aan:

  • het gras te snijden wanneer het droog is;
  • de meest geschikte techniek voor het uit te voeren werk gebruiken (par. 6.4.1).

Indien men de machine met langere werkbeurten wenst te gebruiken dan wat mogelijk is met de standaard-accu, kan men:

  • andere standaardaccu's kopen om de ont-laden accu onmiddellijk te vervangen;
  • twee accu's kopen met een verhoogde autonomie in vergelijking met standaardaccu's (par. 13.1).

7.2.2 De accu's direct op de machine opladen (Afb. 17)

De accu's kunnen direct op de machine worden opgeladen door de connector aan te sluiten (Afb. 17. A) aan de machine (Afb. 17. B) met gebruik van de oplaadbasis.

De machine kan aan de muur worden opgehangen:

  • door bevestiging de laadbasis direct aan de muur (Afb. 17. I)
  • door bevestiging van de rail aan de muur waarop de laadbasis en de houder glijden (Afb. 17 II).

De accu is uitgerust met een beveiliging die het opladen verhindert als de omgevingstemperatuur niet tussen 0°C-40°C ligt.

BELANGRIJK De accu kan op elk moment worden opgeladen, zelfs gedeeltelijk, zonder risico op beschadiging.

De accu's worden achtereenvolgens gedeeltelijk opgeladen, zoals aangegeven in het diagram:

OPMERKING Met gedeeltelijk opladen kan de machine worden gebruikt om het werk af te maken zonder te wachten tot het volledig is opgeladen.

OPMERKING Verwijder geen accu's terwijl de machine wordt opgeladen.

OPMERKING Start de machine niet als deze wordt opgeladen.

7.3 REINIGING VAN DE MACHINE EN VAN DE MOTOR

  • Reinig de machine steeds na gebruik met een schone en met een neutraal reinigingsmiddel bevochtigd doek,
  • Verwijder alle sporen van vochtigheid met een zachte en droge doek. Vochtigheid kan leiden tot risico op elektrocutie.
  • Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen of oplosmiddelen om de plastic delen of de handgrepen te reinigen.
  • Houd de machine en vooral de motor vrij van grasresten, bladeren of overmatig vet om het risico op brand te verminderen.
  • Om oververhitting en schade aan de motor of aan de accu te vermijden, moet men zich er steeds van verzekeren dat de zuigroosters van de koellucht schoon en vrij van afval zijn.
  • Gebruik geen waterstralen en vermijd de motor en de elektrische onderdelen nat te maken.
  • Houd de schroeven en moeren goed vastgedraaid, om er zeker van te zijn dat de machine altijd veilig werkt
  • Controleer regelmatig of de handgrepen stevig bevestigd zijn.

7.5 SNIJ-INSTRUMENT

⚠️ Raak het snij-instrument pas aan als de accu verwijderd is en het snij-instrument volledig stilstaat.

BELANGRIJK Gebruik altijd originele

snij-instrumenten met de code die is aangegeven in de tabel 'Technische gegevens'.

Gezien de ontwikkeling van het product, kunnen de snij-inrichtingen aangegeven in de Technische Gegevens in de loop van de tijd vervangen worden door andere, met soortgelijke eigenschappen voor wat betreft verwisselbaarheid en functionele veiligheid.

7.5.1 Vervanging van het spoel van de draadhouder

  1. Druk op de twee zijdelingse lipjes (Afb. 18.A) en verwijder het deksel (Afb. 18.B)
  2. Trek de spoel eruit (Afb. 18.C);
  3. Plaats de nieuwe spoel (Afb. 19.A), en zorg ervoor het uiteinde van de draad uit de opening op de draadhouder te laten komen (Afb. 19.B)
  4. Hermonteer het deksel (Afb. 19.C) door de twee zijdelingse lipjes (Afb. 19.D) in de openingen van de draadhouder te steken (Afb. 19.E).

7.5.2 Vervanging van de draad van de draadhouder

  1. Verwijder het spoel (par. 7.5.1)
  2. Verwijder de draad die er nog in zit;
  3. Gebruik alleen draad met een diameter van 1,65 mm en knip een lengte van 3 m af.
  4. lijn de lijnen die uit de twee ga- ten komen gelijkmatig uit;
  5. Steek een uiteinde van de daad in de opening binnenin het spoel (Afb. 20.A)
  6. Rol de draad rechtsom zoals aangegeven door de pijlen (Afb. 20.B) en laat hem ongeveer 15 cm uit de spoel steken.
  7. Bevestig het aan een van de ankerbehuizingen (Afb. 20.C) die op de spoel is aangebracht.
  8. Vervang de spoel en plaats het deksel terug.

7.6 BIJSLIJPEN VAN DE DRAADSNIJDER

  1. Verwijder de draadsnijder (Afb. 21.A) van de bescherming van de snij-inrichting (Afb. 21.B), door de schroeven los te draaien (Afb. 21.C);
  2. Zet de draadsnijder vast in een bankschroef en vijl met behulp van een platte vijl. Zorg ervoor dat de originele snijhoek behouden blijft.
  3. Hermonteer de draadsnijder (Afb. 21.A) op de bescherming van de snij-inrichting (Afb. 21.B).

8. STALLING

BELANGRIJK De in acht te nemen veiligheidsnormen zijn beschreven in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of gevaren te lopen.

8.1 STALLING VAN DE MACHINE

Wanneer de machine gestald moet worden:

  1. Haal de accu uit zijn zitting en laad hem op (par. 7.2.2);
  2. Laat de motor eerst afkoelen vóór de machine in elke willekeurige ruimte op te bergen.
  3. Reinig de machine (par. 7.3)
  4. Controleer of er geen onderdelen los of beschadigd zijn. Vervang, indien nodig, de beschadigde onderdelen en klem eventueel schroeven en moeren die losgekomen zijn weer vast of neem contact op met het geautoriseerde dienstcentrum

  5. Berg de machine op:

  6. In een droge ruimte

  7. Beschermd tegen slechte weersomstandigheden
  8. Op een plek die ontoegankelijk is voor kinderen
  9. Ervoor zorgen dat sleutels of gereedschappen die gebruikt zijn voor onderhoud verwijderd zijn.
  10. bij een omgevingstemperatuur tussen -20°C en 85°C.
  11. De machine kan direct aan de muur worden opgehangen (Afb.17.I - II).

OPMERKINGEN Zorg ervoor dat de wand een belasting van minstens 20 kg kan dragen.

8.2 OPSLAG VAN ACCU'S

Begin met opladen.(par. 7.7.2).

De accu moet worden bewaard in een gesloten en vochtvrije omgeving, bij een temperatuur tussen:

  • 0°C - 60°C gedurende 1 maand
  • 0°C - 45°C gedurende 3 maanden
  • 0°C - 25°C gedurende 1 jaar

OPMERKING Bij langdurige inactiviteit moet de accu om de twee maanden worden opgeladen om de levensduur te verlengen.

9. HANTERING EN TRANSPORT

Telkens wanneer de machine verplaatst of vervoerd moet worden, is het noodzakelijk:

  1. Stop de machine (par. 6.6)
  2. Controleer of alle bewegende onderde- len volledig tot stilstand zijn gekomen
  3. Haal de accu uit zijn zitting en laad hem op (par. 7.2.2)
  4. Draag stevige werkhandschoenen

  5. De machine alleen vast te nemen aan de handgrepen en de snij-inrichting in de richting tegenover de loop- of rijrichting te houden.

  6. Zorg ervoor dat het hanteren van de machine geen schade of letsel veroorzaakt.

Wanneer men de machine met een wagen vervoert, moet men:

  1. Plaats het zo dat het geen ge- vaar oplevert voor iemand.
  2. Zet de machine goed vast met touwen of kettingen.

10. ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN

Deze handleiding verstrekt alle gegevens die u nodig hebt om de machine te kunnen gebruiken en om er op de juiste manier eenvoudige onderhoudswerkzaamheden aan te kunnen verrichten, die de gebruiker zelf kan uitvoeren. Alle afstel- en onderhoudswerkzaamheden die niet in deze handleiding worden beschreven, moeten door uw dealer of een gespecialiseerd centrum worden uitgevoerd. Handelingen die in niet geschikte structuren of door onbekwame personen uitgevoerd werden, doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikant vervallen.

- Niet originele wisselstukken en toebehoren zijn niet goedgekeurd, het gebruik van niet originele wisselstukken en toebehoren leidt tot verval van de garantie.

11. GARANTIEDEKKING

De garantievoorwaarden zijn alleen bedoeld voor consumenten, d.w.z. niet-professionals.

De garantie dekt alle kwaliteitsdefecten in materiaal en afwerking die tijdens de garantieperiode worden vastgesteld door uw dealer of een gespecialiseerd centrum.

De toepassing van de garantie is beperkt tot de reparatie of vervanging van het vermeende defecte onderdeel.

Men raadt aan de machine eens per jaar aan een geautoriseerd dienstcentrum toe te vertrouwen voor het onderhoud, assistentie en controle van de veiligheidsinrichtingen.

Toepassing van de garantie is afhankelijk van regelmatig onderhoud van de machine.

De garantie dekt geen schade als gevolg van:

  • Gebrek aan vertrouwdheid met begeleidende documentatie (instructiehandleidingen).
    • Professioneel gebruik.
  • Onachtzaamheid, nalatigheid.
  • Externe oorzaak (bliksem, schok, aanwezigheid van vreemde voorwerpen in de machine) of ongeval.
  • Onjuist gebruik en onjuiste montage of montage die niet is toegestaan door de fabrikant.
  • Slecht onderhoud.
  • Afstelling van de machine.
  • Gebruik van niet-originele reserveonderdelen (aanpasbare onderdelen).
  • Gebruik van toebehoren dat niet door de fabrikant verschaft of goedgekeurd werd.

Deze garantie geldt bovendien niet voor:

  • Onderhoudswerkzaamheden (beschreven in de gebruiksaanwijzing).
  • De normale slijtage van verbruiksmateriaal zoals snij-inrichtingen, veiligheidsbouten.
  • Normale slijtage

- Esthetische achteruitgang van de machine door het gebruik.

Incidentele kosten die verband kunnen houden met het activeren van de garantie, zoals het overdragen van de machine aan de gebruiker, het transporteren van de machine naar de dealer, het huren van apparatuur voor vervanging of het inschakelen van een extern bedrijf voor alle onderhoudswerkzaamheden.

De gebruiker wordt beschermd door zijn eigen nationale wetten. De rechten van de gebruiker onder zijn nationale wetgeving worden op geen enkele wijze beperkt door deze garantie.

  1. PROBLEMEN IDENTIFICATIE
PROBLEEM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
1. Als de gashendel en gashendel/veiligheidsknop worden bediend, start de machine niet en draait de snijinrichting niet.Geen accu of accu niet correct geplaatst.Zorg ervoor dat de accu's goed vastzitten
Accu plat Controleer oplaadstatus en laad de accu'sals nodig op.
Defecte versnelinngshendel/bedieningshendel van de versnellingGebruik de machine in geen geval. Stop de machine onmiddellijk, verwijder de accu en contacteer een Dienstcentrum.
Machine beschadigd Gebruik de machine in geen geval. Stop de machine onmiddellijk, verwijder de accu en contacteer een Dienstcentrum.
2. Oververhitting van de motorGras verklemd onder de bescherming van de snij-inrichting;Verwijder het verklemde gras
3. Het gras wordt rond de huizing van de motor en aan de draadhouder opgehoopt.Het hoge gras wordt te dicht bij de grond gemaaaid.Maai het gras met een beweging van boven naar beneden, om te vermijden dat het zich ophoopt.
4. De draad wordt niet vrijgegeven bij de werkwijze automatische vrijgave.De draad kleeft vast aan zichzelf. Smeer in met een silicone-spray.
Niet voldoende draad op de spoel of draad ten einde.Spoel of draad vervangen
De draad is versleten of te kort Pas de draadlengte aan.
De draad is verward op de spoel of binnenin gebrokenHaal de draad van de spoel en wikkel hem weer
5. De snij-inrichting komt in aanraking met een vreemd voorwerp.-- Stop de machine- Verwijder de accu's- Beperk de schade- Controleer op losse onderdelen en draai ze vast- Laat vervangingen of reparaties uitvoeren door een erkend servicecentrum.
6. Men hoort overdreven geluiden en/of trillingen tijdens het werkLosgekomen of beschadigde delen - Stop de machine- Verwijder de accu's- Beperk de schade- Controleer op losse onderdelen en draai ze vast- Laat vervangingen of reparaties uitvoeren door een erkend servicecentrum.
7. Er komt rook uit de machine tijdens de werkingMachine beschadigd Gebruik de machine in geen geval. Stop de machine onmiddellijk, verwijder de accu en contracteer een Dienstcentrum.
8. Kleine autonomie van de accu9. De acculader laadt de accu niet opZware gebruiksconditie met grotere stroomabsorptieOptimaliseer het gebruik
Accu niet voldoende voor de werkbehoeftenGebruik een tweede of grotere accu (par. 15.1)
Verslechtering van de capaciteit van de accu.Accu niet correct geplaatst in de acculaderKoop een nieuwe accuControleer of de accu correct geplaatst is (par. 7.2.3)
Niet geschikte omgevingscondities Herlaad de accu in een omgeving met geschikte temperatuur (zie handleiding van de accu/acculader)
Vuile contacten Reinig de contacten
Geen spanning aan de acculaderControleer of de stekker in het stopcontact steekt en of er spanning aanwezig is in het stopcontact
Defecte acculader Vervangen met een origineel wisselstuk
Accu te warm of te koud Breng de accu op een omgevingstemperatuur tussen 4-40°C
Indien het probleem aanhoudt, raadpleeg de handleiding van de accu / acculader

Mochten de problemen aanhouden na het toepassing van de bovengenoemde remedies, dan dient er contact te worden opgenomen met uw Verkoper.

13. OP AANVRAAG LEVER- BARE ACCESSOIRES

13.1 ACCU'S (AFB. 22)

Er zijn accu's met verschillende capaciteiten beschikbaar om aan te passen aan specifieke operationele behoeften.

De lijst van de voor deze machine gehomologeerde accu's bevindt zich in de tabel "Technische Gegevens".

13.2 ACCULADER (AFB. 23)

Er zijn verschillende apparaten om de batterij op te laden.

De lijst met goedgekeurde acculaders voor deze machine vindt u in de tabel 'Technische gegevens.

INNHOLD

NL • De inhoud en de afbeeldingen van deze gebruikshandleiding werden gerealiseerd voor rekening van ST. S.p.A. en zijn beschermd door het auteursrecht – Elke niet-geautoriseerde reproductie of wijziging, ook gedeeltelijke, van het document is verboden.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIGA

Model : GT 300e

Categorie : Zaag