4731 VSI-A - Grasmaaier SOLO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 4731 VSI-A SOLO in PDF-formaat.
| Productsoort | Benzinegrasmaaier |
| Merk | Solo |
| Model | 4731 VSI-A |
| Voeding | Loodvrije benzine en 4-takt motorolie |
| Tankinhoud | Ongeveer 0,6 L olie; benzine afhankelijk van motor |
| Maaihoogte | Centraal of per wiel verstelbaar, meerdere standen |
| Maaisysteem | Draaiend mes |
| Grasvanger | Met niveaumelder, capaciteit niet gespecificeerd |
| Extra functies | Mulchkit (optioneel), zijuitworp (optioneel), wielaandrijving (optioneel), meskoppeling (optioneel) |
| Starten | Handmatig (kabel) of elektrisch (optioneel) |
| Veiligheidsvoorzieningen | Veiligheidsbeugel, deflectorklep, motor stopt wanneer losgelaten |
| Stuurverstelling | Hoogte verstelbaar met knoppen of vergrendeling |
| Regelmatig onderhoud | Reinigen na gebruik, controle en slijpen van het mes, motorolie verversen, luchtfilter en bougie vervangen |
| Opslag | Stuur inklappen, tank legen, droog en vorstvrij opslaan |
| Garantie | Wettelijke garantie, slijtageonderdelen uitgesloten |
| Beoogd gebruik | Particulier gazon, alleen droog gras |
| Niet geschikt voor | Openbare ruimtes, parken, sportvelden, landbouw, industrieel gebruik |
Veelgestelde vragen - 4731 VSI-A SOLO
Gebruikersvragen over 4731 VSI-A SOLO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 4731 VSI-A - SOLO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 4731 VSI-A van het merk SOLO.
GEBRUIKSAANWIJZING 4731 VSI-A SOLO
Lees voor de ingebruikname eerst deze documentatie volledig door. Dit is een voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik. U moet de veiligheidsinstructies en waarschuwingen die in dit document en op het apparaat vermeld staan opvolgen. Bewaar de bedieningshandleiding voor het gebruik en geef deze ook door aan toekomstige gebruikers.
Legenda

Let op!
Nauwkeurig opvolgen van de waarschuwingsinstructies kan schade aan personen en zaken voorkomen.

Speciale instructies voor een beter begrip en een goed gebruik.

Het camerasymbool verwijst naar afbeeldingen.
Inhoudsopgave
Over dit handboek 36 Productbeschrijving 36 Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten 36 Veiligheidsinstructies 38 Montage 39 Tanken 39 Ingebruikname 40 Elektrische starten (optie) 44 Onderhoud en reiniging 46 Opslag 47 Reparaties 47 Afvoer 47 Hulp bij storingen 48 Garantie 49 EG-conformiteitsverklaring 49
Productbeschrijving
In deze documentatie worden verschillende modellen benzinegrasmaaiers beschreven. Enkele modellen zijn uitgerust met een grasopvangbox en/of bovendien geschikt voor mulchen.
Identificeer uw model aan de hand van de productfoto's en de beschrijving van de verschillende opties.
Gebruik volgens bestemming
Dit apparaat is bestemd voor het maaien van gras in particulier gebruik en mag niet op droog gazon worden ingezet.
Een ander of verdergaand gebruik geldt niet als gebruik volgens bestemming.
Mogelijk verkeerd gebruik
Deze grasmaaier is niet geschikt voor gebruik in openbare plantsoenen, parken en sportvelden of voor land- en bosbouw. Veiligheidsinrichtingen mogen niet worden gedemonteerd of overbrugd. Het apparaat niet gebruiken bij regen of op een nat gazon. Het apparaat mag niet professioneel worden toegepast.
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten

Let op! - Gevaar voor letsel!
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten mogen niet buiten werking worden gesteld!
Veiligheidsbeugel
Het apparaat is uitgerust met een veiligheidsbeugel. Bij gevaar moet de veiligheidsbeugel worden losgelaten.
Apparaten zonder meskoppeling:
mes wordt gestopt, motor wordt gestopt
Apparaten met meskoppeling:
mes wordt gestopt, motor draait door
Veiligheidsklep
De veiligheidsklep beschermt tegen het eruit vliegen van de onderdelen.

| 1 Startkabel 9 Snijhoogteverstelling* | ||
| 2 Start, stop* 10 Meskoppeling* | ||
| 3 Wielaandrijving* 11 Varioaandrijving* | ||
| 4 Veiligheidsbeugel 12 Gebruikshandleiding | ||
| 5 Ergonomische hoogteverstelling* 13 Uitwerpinzet* | ||
| 6 Vulstandindicatie* 14 Sluitklep* | ||
| 7 Veiligheidsklep* 15 Mulchkit* | ||
| 8 Grasopvangbox* * afhankelijk van de uitvoering |
Symbolen op het apparaat
| Let op! Voorzichtig handelen bij gebruik. | Voordat u werkzaamheden gaat uitvoeren aan het snijmechanisme, eerst de bougiedop uittrekken. |
| Vórór de ingebruikname gebruiksaanwijzing lezen! Motorer lośmaken. | |
| Derden buiten het gezarenbereik honden! Wielaandrijving inschakelen. | |
| Handen en voeten bij messen vandaan honden | Snelheidsregelaar start / stop. |
| Afstand honden van het gezarenbereik. |
Extra symbolen bij apparaten met elektrische start

Let op! Gevaar door elektrische schok.

Houd de aansluitleiding uit de buurt van het mes.

Haal het apparaat altijd van het stroomnet voor onderhoudswerkzaamheden of bij een beschadigde kabel.
Veiligheidsinstructies

Let op!
Gebruik het apparaat alleen in een technisch perfecte staat!

Let op! - Gevaar voor letsel!
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten mogen niet buiten werking worden gesteld!

Let op! - Brandgevaar!
Berg machines met een volle tank niet op in gebouwen waarin benzinedampen met open vuur of vonken in aanraking kunnen komen!
Houd het gebied rond de motor, uitlaat, accuhuis en brandstoftank vrij van maaigoed, benzine en olie.
Houd derden buiten de gevarenzone. De machinebestuurder of gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen met andere personen of hun eigendommen. Kinderen of andere personen die de gebruikshandleiding niet kennen, mogen het apparaat niet gebruiken. Neem lokale voorschriften over de minimumleeftijd voor een bediener in acht. Bedien het apparaat niet onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen. Draag doelmatige werkkleding.
Draag een lange broek, stevige en niet glijdende schoenen en gehoorbescherming.
Let bij het werken op hellingen altijd op dat u stabiel staat.
Maai altijd dwars ten opzichte van de helling, nooit omhoog of omlaag. Maai niet op hellingen van meer dan 20 graden.
Werk alleen bij voldoende daglicht of kunstmatige verlichting. Houd lichaam, ledematen en kleding uit de buurt van het mes. Neem landspecifieke voorschriften voor het gebruik in acht. Laat een gebruiksklaar apparaat niet onbeheerd achter. Maai alleen met een scherp mes. Gebruik het apparaat nooit met beschadigde veiligheidsinrichtingen of veiligheidsroosters. Gebruik het apparaat nooit zonder volledig gemonteerde veiligheidsinrichtingen (bijv. veiligheidsklep, grasopvangvoorzieningen). Controleer het apparaat voor elk gebruik op beschadigingen. Vervang beschadigde onderdelen voordat u het apparaat weer in gebruik neemt. Zet de motor uit, wacht tot het apparaat stilstaat en trek de bougiedop eraf.
Als u het apparaat verlaat na het optreden van storingen, hoort het ontgrendelen van blokkeringen en het verwijderen van verstoppingen na het contact met vreemde voorwerpen.

Zoek naar beschadigingen aan de grasmaaier en voer de vereiste reparaties uit voordat u de grasmaaier opnieuw start en ermee gaat werken.
Bougiekap opsteken en motor starten.
Na het verhelpen van storingen (zie tabel met storingen) en controle van het apparaat na het reinigen van het apparaat.
Het grasveld dat moet worden gemaaid volledig en nauwkeurig controleren, alle vreemde voorwerpen verwijderen. Bijzonder goed opletten bij het omkeren van de grasmaaier of wanneer u de grasmaaier naar u toetrekt. Niet over hindernissen maaien (bijv. takken, boomwortels).
Snijdsel enkel verwijderen bij stilstaande motor. Motor / mes uitschakelen wanneer er over een ander vlak dan het te maaien grasvlak moet worden gereden. Apparaat nooit bij draaiende motor optillen of dragen. Bij het vullen met benzine of motorolie niet eten of drinken. Benzinedampen niet inademen.
Montage
Meegeleverde montagehandleiding in acht nemen.

Let op!
Het apparaat mag pas na volledig te zijn gemonteerd gebruikt worden.
Tanken
Voor de ingebruikname moet u de grasmaaier voltanken.

Waarschuwing - Brandgevaar!
Benzine en olie zijn zeer licht ontvlambaar!

Steeds de bijgeleverde gebruiksaanwijzing van de motorfabrikant in acht nemen.
Verbruiksstoffen
| Benzine Motoriole | ||
| Soort | normale benzine / loodvrij | zie de aanwijzingen van de motorfabrikant |
| Vulhoeveelheid | zie de aanwijzingen van de motorfabrikant | ca. 0,6 l |
Veiligheid

Waarschuwing!
Motor niet in afgesloten ruimten laten lopen. Vergiftigingsgevaar!
Benzine en olie enkel in daarvoor bestemde reservoirs bewaren. Benzine en olie enkel bij koude motor en buiten vullen of aftappen. Bij draaiende motor geen benzine of olie vullen. Tank niet te vol vullen (benzine zet uit). Tijdens het tanken niet roken. De tankdop niet bij draaiende of warme motor openen. Beschadigde tank of tankdop vervangen. Tankdop altijd stevig vastdraaien. ■ Als er benzine gemorst is:
Motor niet starten. Startpogingen vermijden. Apparaat reinigen.
■ Als er motorolie gemorst is:
Motor niet starten. Uitgestroomde motorolie met oliebindmiddel of een lap opzuigen en op juiste wijze afvoeren. Apparaat reinigen.

Oude olie mag u
niet bij het afval voegen, in de riolering, de afvoer of op de grond uitgieten.
Wij adviseren u om de afgewerkte olie in een gesloten tankje af te geven bij het recyclingcentrum of bij een klantenservice locatie.
Benzine vullen
- Tankdop afschroeven, op een schone plek leggen.
- Benzine met een trechter vullen.
- Vulopening van de tank stevig sluiten en reinigen.
Motorolie vullen
- Olievuldop afschroeven, dop op een schone plek leggen.
- Olie met een trechter vullen.
Ingebruikname

Let op!
Met een loszittend of versleten snijmechanisme, en/of loszittende onderdelen, mag het apparaat niet gebruikt worden!
Voor iedere ingebruikname moet u een visuele controle uitvoeren.

Het camerasymbool op de volgende pagina's wijst op de afbeeldingen op pagina 4-7.
Snijhoogte instellen

Let op! - Gevaar voor letsel!
Snijhoogte enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verstellen.

- Altijd alle wielen op dezelfde snijhoogte instellen.
- Snijhoogteverstelling is afhankelijk van het model.
Centrale verstelling (c)
- Knop van de centrale hoogteverstelling ingedrukt houden (6/1). Voor kort gras de handgreep van de centrale hoogteverstelling omlaag duwen (2). Voor langer gras de handgreep van de centrale hoogteverstelling omhoog duwen (2). Het niveau van de centrale hoogteverstelling wordt weergegeven (3).
- Knop op de gewenste snijhoogte loslaten.
Asverstelling of centrale verstelling (12, 3)
- Hendel voor de ontgrendeling opzij duwen en vasthouden.
- Hendel links of rechts naar de gewenste snijhoogte schuiven.
- Hendel laten vergrendelen.
- Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Snel verstellen van apart wiel of asverstelling (C)
- Hendel voor de ontgrendeling opzij duwen en vasthouden.
- Hendel links of rechts naar de gewenste snijhoogte schuiven.
- Hendel laten vergrendelen.
- Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Verstelling apart wiel
- Wielschroef losdraaien.
- Wielschroef door het gat voor de gewenste snijhoogte steken.
- Wielschroef vastdraaien.
- Op gelijke katpositie bij alle wielen letten.
Centrale asverstelling (a)
- Beide duimen op de uiteinden van de as leggen.
- Vinger onder de maaierbehuizing leggen.
- As met beide duimen uit de momentele kerf voor de snijhoogte trekken.
- As met beide duimen voor de gewenste kerf voor de snijhoogte trekken en laten vergrendelen.
- Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Maaien met grasopvangbox

Let op! - Gevaar voor letsel!
Grasopvangbox enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verwijderen of monteren.
- Veiligheidsklep optillen en grasopvangbox in de houders hangen (68).
Vulstandindicatie
De vulstandindicatie wordt door de luchtstroom tijdens het maaien omhoog geduwd (c).
Wanneer de grasopvangbox vol is, ligt de vulstandindicatie tegen de box (c). De grasopvangbox moet worden geleegd.
Grasopvangbox leegmaken
- Veiligheidsklep optillen.
- Grasopvangbox eruit hangen en naar achteren toe verwijderen (8).
- Grasopvangbox leegmaken.
- Veiligheidsklep optillen en grasopvangbox weer in de houders hangen (6).
Maaien zonder grasopvangbox

Let op!
Enkel bij goed werkende draaiveer van de veiligheidsklep zonder grasopvangbox maaien.
De veiligheidsklep ligt met veerkracht tegen de behuizing van de grasmaaier. Het gemaaide gras wordt zo naar achteren uitgeworpen.
Mulchen met mulchkit (optie)
Bij het mulchen wordt het snijdsel niet opgevangen, maar blijft liggen op het gazon. De mulchlaag beschermt de bodem tegen uitdrogen en verzorgt deze met voedingsstoffen.
De beste resultaten worden bereikt wanneer regelmatig ca. 2 cm wordt teruggesneden. Enkel jong gras met zachte bladeren verrotten snel.
Grashoogte voor het mulchen: maximaal 8 cm. Grashoogte na het mulchen: minimaal 4 cm.

Stapsnelheid aanpassen aan het mulchen, niet te snel gaan.
Mulchkit inzetten

Let op! - Gevaar voor letsel!
Mulchkit enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes inzetten of verwijderen.
- Grasopvangbox afnemen (
- Veiligheidsklep optillen en mulchkit in de uitwerpschacht plaatsen (c). Vergrendeling vastklikken.

Wanneer de mulchkit niet vastklikt, kunnen mulchkit en mes worden beschadigd.
Mulchkit verwijderen
- Veiligheidsklep optillen.
- Vergrendeling aan mulchkit losmaken (10/1).
- Mulchkit eruit trekken (10/2).
Maaien met zijuitworp (optie)

Let op! - Gevaar voor letsel!
Zijuitworp enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verwijderen of monteren.
Zijuitworp inzetten
- Grasopvangbox verwijderen en mulchkit erin zetten.
- Afdekking voor zijuitworp openklappen en vasthouden (1/1).
- Zijuitwerpkanaal inzetten (192).
- Afdekking langzaam sluiten. De afdekking beveiligt het zijuitwerpkanaal tegen eruit vallen.
Zijuitworp verwijderen
- Afdekking voor zijuitworp openklappen en vasthouden (1/1).
- Zijuitworp verwijderen en afdekking sluiten (1/2).
Greephoogte instellen (optie)
Knopverstelling
- Beide knoppen aan de duwbeugel ingedrukt houden en de gewenste positie instellen (312/1).
- Knoppen loslaten, zodat de duwbeugel kan vastklikken.
Klemverstelling
- Beugel vasthouden en beide klemmen losmaken (2/2).
- Beugel in de gewenste positie zetten.
- Klemmen sluiten.
Motor starten

Let op! - Vergiftigingsgevaar!
Motor niet in afgesloten ruimten laten lopen.

Let op! - Gevaar voor letsel!
Apparaat tijdens het starten niet kantelen.

- Motor enkel starten als het mes is gemonteerd (mes dient als rotatiemassa).
- Bij het starten van de warme motor choke of primer knop NIET gebruiken. Regelaarinstellingen aan de motor niet wijzigen.
Apparaat niet starten, wanneer het uitwerpkanaal niet door een van de volgende onderdelen is afgedekt:
grasopvangbox, veiligheidsklep, mulchkit
Goed opletten bij het bedienen van de startschakelaar en de aanwijzingen van de fabrikant opvolgen. Erop letten dat er voldoende afstand is tussen de voeten en het snijgereedschap. Apparaat in laag gras starten.
Positietekens op het apparaat:
| Choke* aan uit | |
| Snelheidsregelaar* start stop | |
| Snelheidsregelaar met choke* | |
| Varioaandrijving* snel langzaam | |
| Meskoppeling* aan uit |
- afhankelijk van de uitvoering
Handmatig starten
zonder snelheidsregelaar, met choke
| Choke aan | uit |
- Choke in stand 1 zetten (10/1).
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam oprollen (68).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15-20 seconden) de choke in stand 2 zetten (3/2).
De motor heeft een vast toerental. U kunt het toerental niet regelen.
zonder snelheidsregelaar, met primer (16)
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (6). Bij temperaturen onder 10°C de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (47) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam oprollen (c8).
De motor heeft een vast toerental. U kunt het toerental niet regelen.
zonder snelheidsregelaar, zonder primer/choke
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (c7) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam oprollen (C8).
De motor heeft een vast toerental. U kunt het toerental niet regelen.
met snelheidsregelaar, met choke
Snelheidsregelaar met choke

- Gashendel in stand zetten (144)
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (68).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15-20 seconden) gashendel op een stand zetten tussen en 142
met snelheidsregelaar, zonder primer/choke
| Snelheidsregelaar start stop |
- Gashendel in stand zetten (20/1).
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna weer langzaam laten oprollen (318).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15-20 seconden) gashendel op een stand zetten tussen en (-20).
met snelheidsregelaar, met primer (6)
Snelheidsregelaar start stop

- Gashendel in stand zetten (204)
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (16). Bij temperaturen onder 10°C de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Startkabel uittrekken en vervolgens weer langzaam laten oprollen (68).
- Op het moment dat de motor draait, gashendel voor het gewenste motortoerental op een stand zetten en zetten (20)
Elektrische start (optie)
Elektrische start met primer (16)
- Gashendel in stand "START" zetten (1/1).
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (6). Bij temperaturen onder 10°C de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Contactsleutel in het contactslot steken en helemaal naar rechts draaien (19).
- Op het moment dat de motor draait, contactsleutel loslaten (springt terug in de stand 0).
- Gashendel afhankelijk van het gewenste motortoerental in een stand tussen ... en ... zetten (15/2).
Elektrische start zonder primer/choke (15)
- Gashendel in stand "START" zetten (43/1).
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Contactsleutel in het contactslot steken en helemaal naar rechts draaien (19).
- Op het moment dat de motor draait, contactsleutel loslaten (springt terug in de stand 0).
- Gashendel afhankelijk van het gewenste motortoerental in een stand tussen ... en ... zetten (15/2).
Meskoppeling (optie)
Meskoppeling aan/uit


Met de meskoppeling kan het mes in- en uitgekoppeld worden, terwijl de motor blijft draaien.
Mes inkoppelen
- Veiligheidsbeugel naar de duwbeugel trekken en vasthouden (197) - Veiligheidsbeugel klikt niet vast.
- Koppelingshendel van het lichaam af schuiven (1/1)
- Mes wordt ingekoppeld.
Mes uitkoppelen.
- Veiligheidsbeugel loslaten (26).
- Mes wordt uitgekoppeld.
- Koppelingshendel gaat naar de ruststand (21/2).
Motor uitzetten
Apparaat zonder meskoppeling
- Gashendel in stand zetten (20/2)
- Veiligheidsbeugel loslaten (26). - Motor schakelt uit.

Let op ernstige snijwonden!
Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat.
Apparaat met meskoppeling
Meskoppeling
aan
uit


- Veiligheidsbeugel loslaten (13).
- Gashendel in stand zetten (20/2)
- Motor schakelt uit.

Let op ernstige snijwonden!
Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat.
Wielaandrijving (optie) (2)

Let op!
Aandrijving enkel bij draaiende motor schakelen.
Wielaandrijving inschakelen.
- Aandrijfbeugel tegen de duwbeugel duwen en vasthouden (c2) - aandrijfbeugel klikt niet vast.
- Wielaandrijving wordt ingeschakeld.
Wielaandrijving uitschakelen
- Aandrijfbeugel loslaten (24).
- Wielaandrijving wordt uitgeschakeld.
Varioaandrijving (Speed Control) (optie)
Varioaandrijving
snel langzaam


Met de varioaandrijving kan de rijsnelheid van de grasmaaier traploos worden gewijzigd.

Let op!
Hendel enkel bij draaiende motor bedienen.
Schakelen zonder motoraandrijving kan het
aandrijfmechanisme beschadigen.
Voor een hogere snelheid de hendel (23) in de richting (3/2) trekken. Voor een lagere snelheid de hendel (23) in de richting (3/1) trekken.

Rijsnelheid altijd aanpassen aan de actuele
toestand van de bodem en het gras.
Onderhoud en reiniging

Let op! - Gevaar voor letsel!
Voor onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd eerst de motor uitschakelen en de bougiedop eruit trekken. - Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat. Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden aan het mes altijd werkhandschoenen dragen!
Grasopvangvoorziening regelmatig controleren op goede werking en slijtage. Het apparaat na ieder gebruik reinigen. Apparaat niet met water schoonspuiten. Indringend water kan tot storingen leiden (ontstekingssysteem, carburateur). Mes regelmatig controleren op beschadigingen. Defecte geluidsdempers altijd vervangen.
Grasmaaier kantelen
Afhankelijk van de motorproducent moet:
de carburateur / het luchtfilter naar boven wijzen (26) de bougie naar boven wijzen (27)

Bedieningshandleiding van de motorproducent in acht nemen!
Mes bijslijpen / vervangen
Stomp of beschadigd mes enkel bij een servicepunt of een geautoriseerd vakbedrijf laten slijpen of vervangen. Bijgeslepen messen moeten uitgebalanceerd zijn.

Let op!
Niet uitgebalanceerde messen veroorzaken sterke trillingen en beschadigen de grasmaaier.
Startaccu opladen (optie)
De startaccu is onderhoudsvrij en wordt normaliter door de grasmaaier geladen.
In uitzonderingsgevallen moet de accu door de gebruiker worden geladen:
Voordat de grasmaaier voor het eerst in gebruik wordt genomen, bij een lege accu, voor de winterpauze of na langere stilstandstijden (> 6 maanden).
Werkwijze voor het opladen:
- Lader uit het accuhuis nemen.
- Accukabel van de motorkabel losmaken (18).
- Accukabel met laderkabel verbinden (28).
- Lader aan het stroomnet aansluiten. De spanning van het stroomnet moet overeenkomen met de bedrijfsspanning van de lader.
De laadtijd bedraagt ca. 36 uur.
Enkel de meegeleverde originele lader gebruiken.

Let op!
- Startaccu enkel in droge, goed geventileerde ruimtes laden.
- Grasmaaier tijdens het laden niet aanzetten.
Motoronderhoud
Motorolie verversen
- Een geschikte bak klaarzetten om de olie op te vangen.
- Olie via de olievulopening volledig laten uitstromen of afzuigen.

De afgewerkte motorolie op een milieuvriendelijke manier afvoeren!
Wij adviseren u om de afgewerkte olie in een gesloten tankje af te geven bij het recyclingcentrum of bij een klantenservice locatie.
Afgewerkte olie moet u
- niet bij het afval voegen
- niet in de riolering of afvoer gieten
- niet op de grond uitgieten
Luchtfilter vervangen
Aanwijzingen van de motorproducent in acht nemen.
Bougie vervangen
Neem de aanwijzingen van de motorproducent in acht.
Wielaandrijving (optie)
Bowdenkabel instellen
Wanneer de wielaandrijving bij draaiende motor niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, moet de betreffende bowdenkabel worden bijgesteld.

Let op!
Bowdenkabel enkel bij uitgeschakelde motor verstellen.
- Draai het verstelstuk aan de bowdenkabel in de richting van de pijl (C0).
- Controleer de instelling door de motor te starten en de wielaandrijving in te schakelen.
- Wanneer de wielaandrijving nog steeds niet werkt, moet de grasmaaier naar een servicepunt of een geautoriseerd vakbedrijf worden gebracht.
Aandrijfwiel met olie insmeren
Smeer het aandrijfwiel op de aandrijfas van tijd tot tijd in met spuitolie.

De aandrijving van de wielaandrijving is onderhoudsvrij.
Opslag

Let op! - Explosiegevaar!
Sla het apparaat niet op bij open vuur of warmtebronnen.
Motor laten afkoelen. Om bij het opslaan plaats te besparen kunt u de duwbeugel inklappen (31, 32). Apparaat droog en op een voor kinderen niet toegankelijke plaats opslaan. Startaccu vorstvrij opslaan. Startaccu van tijd tot tijd bijladen. Benzinetank legen. Bougiedop eruit trekken.
Reparaties
Reparatiewerkzaamheden mogen enkel worden uitgevoerd in servicepunten en geautoriseerde vakbedrijven.
Afvoer

Apparaten, batterijen of accu's die niet meer worden gebruikt, niet bij het huisvuil gooien!
Verpakking, apparaat en accessoires zijn gemaakt van recyclebare materialen en moeten ook als zodanig worden afgevoerd.
Hulp bij storingen

Let op!
Mes en motoras mogen niet worden uitgelijnd.
| Storing Oplossing | |
| Motor slaat nicht aan • Benzihe vullen • Gashendel op „start“ zetten • Choke inschakelen • Motorschakelbeugel maar de duwbeugel duwen • Bougie controleren, indien nodig verwangen • Luchtfilter reinigen • Maaiames vrijdraaien • Startaccu bijladen • Op gemaaid vlak starten | |
| Motorprestatie schiet te kort • Snijhoogte corrigeren • Maaiames bijslijpen / verwagen • Uitwerpkanaal / behuizing reinigen • Luchtfilter reinigen • Werksnelheid verlagen | |
| Niet zuiver maaien • Maaiames bijslijpen / verwagen • Snijhoogte corrigeren | |
| Grasopvangbox vult nicht voldoende | • Snijhoogte corrigeren • Gras latent drogen • Maaiames bijslijpen / verwagen • Rooster van de grasopvangbox schoonmaken • Uitwerpkanaal / behuizing reinigen |
| Wielaandrijving werkt nicht • Bowdenkabel bijstellen • V-snaar defect • Werkplaats van klantenservice raadplegen • Vuil in wielaandrijving, tandriem en aandrijving verwijderen • Vrijlopen (aandrijfwiel op aandrijfas) met spuitolie insmeren | |
| Wielen draaien nicht bij ingeschakelde aandrijving | • Wielschroeven bijdraaien • Wielnaaf defect • V-snaar defect • Werkplaats van klantenservice raadplegen |
| Apparaat tritt buitengewoon sterk | • Maaimes controleren |

Bij storingen die niet in deze tabel staan beschreven of die u zelf niet kunt verhelpen, verzoeken wij u contact op te nemen met onze geautoriseerde klantenservice.
In de volgende gevallen is er altijd een inspectie door een vakman nodig:
als het tegen een obstakel gereden is; als de motor plotseling stilvalt; bij drijfwerkschade; als de V-snaar defect is; als een mes verbogen is; als de motoras is verbogen.
EG-conformiteitsverklaring
■ zie montagehandleiding
Garantie
Eventuele materiaal- of fabricagefouten aan het apparaat verhelpen we gedurende de wettelijke termijn voor garantieaanspraken naar onze keuze door reparatie of een vervangende levering. Deze garantietermijn wordt bepaald door de wetgeving in het land waar het apparaat is gekocht.
Onze garantietoezegging geldt enkel bij: De garantie vervalt bij:
correcte behandeling van het apparaat
pogingen tot reparatie van het apparaat
inachtneming van de bedieningshandleiding
technische wijzigingen aan het apparaat
gebruik van originele reserveonderdelen
gebruik dat niet in overeenstemming is met de bestemming (bijvoorbeeld bedrijfsmatig of gemeentelijk gebruik)
Uitgesloten van de garantie zijn:
lakschade die is veroorzaakt door normale slijtage
■ slijtageonderdelen, die op de kaart met reserveonderdelen zijn gekenmerkt met de omkadering [XXX XXX(X)] ■ verbrandingsmotoren - hiervoor gelden de aparte garantiebepalingen van de betreffende motorfabrikant
Bij garantieaanspraken kunt u zich met deze garantieverklaring en het aankoopbewijs wenden tot de distributeur of de bevoegde klantenservice bij u in de buurt. Met deze garantietoezegging blijven de wettelijke aanspraken bij gebreken van de koper tegenover de verkoper onverkort van kracht.
Atvairītājs
*afhankelijk van de uitvoeringsvariant
Handmatige start
zonder accelerometer, met luchtklep
CHOKE
Aan
Uit


Xwpi TnAEXeipio yKaiou, eT ook
T
Aan
Uit


Ppooox - KivduvoeKpnns
Mn qualate Tn ouokun Kovt a e aoiktn loya n oE Tnyec 0epmuotnaC.
AqnoTeTovKIVnTppaVaKpuwoEi Tia eiokovouon xwpou kata n qua, dIawot Tnv Eavw mapa ohynonc (31, 32) AtooNkeuTe Tn OuaKEun oE mepoc Enpo, JaKpi aTTO TAIa KAI aTTO aToa Tnou dev 0a TpETe I va Tn xPNOIOTIOINou Φuλαξτη μπαταρία εκκινησος Εε μέρος προστατευμένον από TOV Πaγετό ΦoptiεTE kata δiaotμata tη μΠatapia EKKivnonc EKKEVWOTETo pEzepouap β ν ν n ApaipoeTn mouzotina
ETIOKeuñ
Onderhoud en reparatie mogen alleen worden uitgevoerd door een erkende service en door geautoriseerde werkplaatsen.
Verwijdering

Gooi gebruikte apparaten, batterijen en accessoires niet bij het huisvuil!
Het apparaat, de batterij en de accessoires moeten op de juiste wijze worden afgevoerd via recycling.