BENNING MM 3 - Multimeter

MM 3 - Multimeter BENNING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MM 3 BENNING in PDF-formaat.

📄 127 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice BENNING MM 3 - page 73
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Producttype Digitale multimeter
Merk BENNING
Model MM 3
Afmetingen (zonder frame) 175 x 84 x 31 mm
Afmetingen (met frame) 192 x 95 x 50 mm
Gewicht (zonder frame) 340 g
Gewicht (met frame) 550 g
Voeding 9V-batterij (IEC 6LR61)
Display 3½ cijfers, 20 mm, maximale waarde 1999
Meetfuncties DC/AC-spanning, DC/AC-stroom, weerstand, diodes, continuïteit, capaciteit, frequentie
Overspanningscategorie 300 V CAT III, 600 V CAT II
Bescherming Zekeringen 1 A/500 V (ref. 749669) en 16 A/500 V (ref. 749770)
Beschermingsgraad IP 30
Werktemperatuur 0 °C tot 50 °C (afhankelijk van vochtigheid)
Opslagtemperatuur -20 °C tot +60 °C
Relatieve luchtvochtigheid 80 % max (0-30 °C), 75 % max (30-40 °C), 45 % max (40-50 °C)
Dubbele isolatie Ja (beschermingsklasse II)
Onderhoud Reinigen met een droge doek, geen oplosmiddelen gebruiken
Reserveonderdelen Zekeringen 1 A en 16 A (ref. 749769, 749770), 9V-batterij
Bijgeleverde accessoires Meetsnoeren, beschermingsframe, draagtas, batterij, zekeringen, handleiding

Veelgestelde vragen - MM 3 BENNING

Hoe meet ik gelijkspanning met de BENNING MM 3?
Selecteer het DC-V-bereik met de draaischakelaar. Sluit de zwarte draad aan op de COM-ingang en de rode draad op de V/Ω/Hz-ingang. Plaats de punten op het circuit. Lees de waarde op het display af. De polariteit wordt automatisch aangegeven.
Wat is de maximale spanning die de BENNING MM 3 kan meten?
De BENNING MM 3 kan tot 600 V meten in gelijk- en wisselspanning. Overspanningsbeveiliging is gegarandeerd voor CAT II 600 V en CAT III 300 V.
Hoe test ik een diode met de BENNING MM 3?
Zet de draaischakelaar op de diode/continuïteitspositie. Sluit de zwarte draad aan op COM en de rode op V/Ω/Hz. Verbind de punten met de diode-aansluitingen. In doorlaatrichting geeft het display de drempelspanning aan (ongeveer 0,5 tot 0,9 V). In sperrichting wordt '1' weergegeven.
Wat te doen als het display een lege batterij aangeeft?
Het batterijpictogram verschijnt. Vervang de 9V-batterij (IEC 6LR61) volgens de procedure: verwijder de kabels, schakel het apparaat uit, schroef de achterkant los, koppel de oude batterij los en sluit de nieuwe aan. Sluit zorgvuldig.
Hoe vervang ik de zekering van de BENNING MM 3?
Verwijder de kabels en schakel het apparaat uit. Verwijder het rubberen frame, schroef de achterkant los, til de printplaat op. Vervang de defecte zekering (1 A of 16 A, snel, 500 V) door een nieuwe van hetzelfde type. Sluit de behuizing.
Is de BENNING MM 3 geschikt voor het meten van condensatoren?
Ja, het meet capacititeiten van 2 nF tot 200 µF. Voor de meting ontlaad de condensator volledig om schade aan het apparaat te voorkomen. Gebruik de speciale ingangen (condensatorsymbool).
Wat is de meetnauwkeurigheid bij gelijkspanning?
De nauwkeurigheid is ±(0,5 % van de meetwaarde + 2 cijfers) op alle bereiken (200 mV tot 600 V). De ingangsweerstand is 10 MΩ.
Hoe gebruik ik het rubberen beschermingsframe?
Het frame beschermt het apparaat tegen stoten. U kunt de meetsnoeren eromheen wikkelen voor opslag. Het heeft een beugel om de multimeter te kantelen of op te hangen, wat het aflezen vergemakkelijkt.
Schakelt de BENNING MM 3 automatisch uit?
Ja, het apparaat schakelt automatisch uit na ongeveer 30 seconden inactiviteit. Om het weer in te schakelen, draait u de draaischakelaar naar een andere stand.
Welke accessoires worden meegeleverd met de BENNING MM 3?
De levering omvat: de multimeter, twee veiligheidsmeetsnoeren (rood en zwart, 1,4 m), een rubberen beschermingsframe, een draagtas, een 9V-batterij, twee reeds geïnstalleerde zekeringen (1 A en 16 A) en de gebruikershandleiding.

Gebruikersvragen over MM 3 BENNING

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MM 3 - BENNING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MM 3 van het merk BENNING.

GEBRUIKSAANWIJZING MM 3 BENNING

Bedienungsanleitung - Operatingmanual - Mode d'emploi - Gebruiksaanwijzing

Fig.1: Voorzijde van het apparatusat

Gebruiksaanwijzing BENNING MM 3

Digitale multimeter voor het meten van:

Gelijkspanning.
Wisselspanning
- Gelijkstroom
Wisselstroom
- Weerstand
- Dioden
- Stroomdoorgang
- Kapaciteit
Frequentie

Inhoud

  1. Opmerkingen voor de gebruiker
  2. Veiligheidsvoorschriften
  3. Leveringsomvang
  4. Beschrijving van het apparatus
  5. Algemene kenmerken
  6. Gebruiksomstandigheden
  7. Elektrische gegevens
  8. Meten met de BENNING MM 3
  9. Onderhoud
  10. Gebruik van de beschermingshoes
  11. Technische gegevens van veiligheidsmeetkabelset
  12. Milieu

1. Opmerkingen voor de gebruiker

Deze gebruksaanwijziging is bedoeld voor:

  • Electriciens
  • Electrotechnici

De BENNING MM 3 is bedoeld voor metingen in droge ruimtes en mag Niet worden gebruikt in electrische circuits met een nominale spanning hoger dan 600VDC/AC (zie ook pt. 6: Gebruikso mstandigheden)

In de gebruiksaanwijzing en op de BENNING MM 3 worden de volgende symbolen gebruikt:

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 1

Dit symbol wijst op gevaarlijke spanning.

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 2

Dit symbol verwijst maar möglichke gevaren bij het gebruik van de BENNING MM 3 (zie gebruiksaanwijzing)

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 3

Dit symbol geeft aan dat de BENNING MM 3 dubbel geisoleerd is. (bescherminingsklasse II).

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 4

Dit symbol op de BENNING MM 3 duidt op de ingebouwde zekeringen

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 5

Dit symbol verschijnt in het scherm bij een te lage batterijspanning

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 6

Dit symbol geeft de instelling „doorgangstest“ aan. De zoemer geeft bij doorgang een akoestisch signal

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 7

Dit symbol geeft de instelling waar van „diodecontrole"

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 8

DC:gelijkspanning/-stroom

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 9

AC: wisselspanning/ -stroom

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 10

Aarding (spanning t.o.v. aarde)

BENNING MM 3 - Opmerkingen voor de gebruiker - 11

Kondensator (contactbussen)

2. Veiligheidsvoorschriften

Dit apparaat is gebouwd en getest volgens de voorschriften: DIN VDE 0411 deel 1/EN 61010-1

en heeft, vanuit een veiligheidstechnisch oogpunt, de fabriek verlaten in een perfecte staat. Om deze staat te handhaven en om zeker teijken van gebruik zonder gevaar, dient de gebruiker goed te letten op de aanwijzingen en waarschuwingen zoals aangegeven in deze gebruiksaanwijzing.

BENNING MM 3 - Veiligheidsvoorschriften - 1

De BENNING MM 3 mag alleen worden gebruikt in elektrische circuits van overspanningscategorie II met max. 600V ten opzichte van aarde of overspanningscategorie III met 300V ten opzichte van aarde.

Gebruik alleen passende meetsnoeren voor deze. Bij metingen binnen de meetcategorie III mag het uitstekende geleidende gedeelte van een contactpunt op de verilgheidsmeetleidingen Niet longer zijn dan 4mm

Voor metingen binnen de meetcategorie III moeten de bij de set gevoegde, met CAT III en CAT IV aangeduide opsteekdopen op de contactpunten worden gestoken. Deze maatregel dient ter bescherming van de gebruiker.

Bedenk dat werken aan installations of onderdelen die onder spanning staan, in principe algijd gevaar kan opleveren. Zelfs spanningen vanaf 30 V AC en 60 V DC können voor mensen al levensgevaarlijk+zijn.

BENNING MM 3 - Veiligheidsvoorschriften - 2

Elke keer, voordat het apparaat in gebruik worden genomen, moet het worden gecontroleer op beschadigingen. Ook de veiligheidsmeetsnoeren dienen nausezen te worden.

Bij vermoeden dat het apparaat Niet meer geheel zonder gevaar kan worden gebruikt, mag het dan ook Niet meer worden ingezet, maar zodanig worden opgeborgen dat het, ook Niet bij/toeval, Niet kan worden gebruikt.

Ga ervan uit dat gebruik van het apparaat zonder gevaar Nieteer mogetijk is:

  • bij zichtbare schade aan de behuizing en/ of meetsnoeren van het apparaat
  • als het apparaat Nieteer (goed) werkt
  • na langdurige opslag onder ongunstige omstandigheden
  • na zware belasting of möglichke schade ten gevolge van transport of onoor-deelkundig gebruik.

BENNING MM 3 - Veiligheidsvoorschriften - 3

Om gevaar te vermijden

  • mogen de blanke meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren Niet worden aangeraakt
  • moeten de meetsnoeren op de juiste contactbussen van de multimeter worden aangesloten.

3. Leveringsomvang

Bij de levering van de BENNING MM 3 behoren:

3.1 Eén BENNING MM 3.
3.2 Eén veiligheidsmeetsnoer rood, (L = 1,4 meter)
3.3 Een veiligheidsmeetsnoer zwart, (L = 1,4 meter)
3.4 Eén rubber beschemingshoes
3.5 Eén compactbeschermingsetui
3.6 Eén batterij van 9 V en twee verschillende zekeringen (ingebouwd)
3.7 Eén gebruiksaanwijzing

Opmerking t.a.v. aan slijtage onderhevige onderden:

  • De BENNING MM 3 worden gevoed door een batterij van 9 V.

  • Voorts is de BENNING MM 3 voorzien van twee smeltzekeringen gegen overbelasting. Eén zekering voor een nominale stroom van 16 A (500 V) (Art.Nr. 749770) en een zekering voor een nominale stroom van 1 A (500 V) (Art.Nr. 749669)

Afmetingen van de zekeringen: D = 6,35mm× L = 32mm

4. Beschrijving van het apparatus

Zie fig. 1: voorzijde van het apparatusat

Hieronder volgt een beschrijving van de in fig. 1 aangegeven informatie- en bedieningselementen.

Digital display (LCD) voor het aflezen van gemeten waarde, aanduiding indien meting buiten bereik van het toestel valt.

2 Aanduiding polariteit

3 Symbool voor lege batterijen
Keuzeschakelaar voor het gelijkspanning (DC) of wisselspanning (AC)
5 Draaischakelaar voor functiekeuze en bereik.
Contactbussen voor kapaciteitsmeting.
7 Contactbus(positief 1) voor wisselspanning, gelijkspanning en onderstandsmeeting V, en Hz
COM-contactbus, gezamenlijke Kontaktbus voor stroom-, spannings- en waarstandsmeting, freiementemeting, doorgangs- en diodencontrole
9 Contactbus (positief) voor A / mA -bereik, voor stromen tot 200mA
10 Contaktbus (positief) voor 20 A-bereik, voor stromen tot 20 A
Rubber beschermingshoes

1) Hierop is de automatisch polariteitsaanduiding gebaseerd voor gelijklstroom en -spanning

  1. Algemene kenmerken

5.1 Algemene gegevens van de BENNING MM 3

5.1.1 De nummerieke waarden zijn op een display (LCD) af te lezen met 3.5 cijfers van 20mm hoog, met een komma voor de decimalen. De grootst möglichk af te lezen waarde is 1999.
5.1.2 De polariteitsaanduiding 2 Werkt automatisch. Er worden slechts een pool t.o.v. de Kontaktbussen aangeduid met
5.1.3 Metingen buiten het bereik van de meter worden aangeduid met een knipperende -1 of een 1^*
5.1.4 De meetfrequentie van de BENNING MM 3 bedraagt gemiddeld 2,5 metingen per seconde.
5.1.5 De BENNING MM 3 wird in- en uitgeschakeld met de draai schakelaar. Uitschakelstand is "Off".
5.1.6 Na ca. 30 minutes in rust schakelt de BENNING MM 3 zich selbst automatisch uit. Hij worden weiter ingeschakeld als met de draaischakelaar ⑤ een ander bereik worden gekozen.
5.1.7 De temperatuurcoefficient van de gemeten waarde: 0,15 x (aangegeven nauwkeurigheid van de gemeten waarde)/ ^ C < 18~^ C of >28^ , t.o.v. de waarde bij een referentietemperatuur van 23^ .
5.1.8 De BENNING MM 3 word gevoed door een batterij van 9 V. (IEC-6LR61)
5.1.9 Indien de batterij onder de minimaal benodigde spanning daalt, verschijnt het batterij-symbool in het scherm
5.1.10 De levensduur van de batterij (alkaline) bedraagt ca. 150 uur
5.1.11 Afrometingen van het apparaat:

L x B x H = 175 x 84 x 31 mm (zonder beschemingshoes)

L x B x H = 192 x 95 x 50 mm (met beschermingshoes)

Gewicht:

340 gram (zonder beschermingshoes)

550 gram (met beschemingshoes)

5.1.12 De meetsnoeren zijn nadrukkelijk alleen bedoeld voor het meten van de voor de BENNING MM 3 genoemde nominale spanning en stroom. De meetpennen können met afdekkappen worden beschermd.
5.1.13 De BENNING MM 3 worden beschermd gegen Mechanische beschadigingen door een rubber beschermingshoes 山 Deze beschermingshoes maakt het tevens möglichk de BENNING MM 3 neer te zieten of op te hangen.

6. Gebruiksomstandigheden

  • De BENNING MM 3 is bedoeld om gebruikt te worden voor metingen in droge ruimtes.
  • Barometrische hoogte bij metingen: 2000 m maximaal
  • Categorie van overbelasting/ installment: IEC 60664-1/ IEC 61010-1 300 V categorie III, 600 V categorie II
    -Beschermingsgraad: IP 30 (DIN VDE 0470-1 IEC/ EN 60529),

Betekenis IP 30: Het eerste cijfer (3); Bescherming gegen binnendringen van stof en vuil >2,5mm in doorsnede, (eerste cijfer is bescherming gegen stof/ vuil). Het tweede cijfer (0); Niet beschermd gegen water, (tweede cijfer is waterdichtheid).

  • Beschermingsgraad stofindring: 2
    Werktemperatuur en relatieve vochtigheid:

Bij een omgevingstemperatuur van 0^ tot 30^ : relatieve vochtigkeit van de lucht < 80%

Bij een omgevingstemperatuur van 30^ tot 40^ : relative vochtigheid van de lucht < 75%

Bij een omgevingstemperatuur van 40^ tot 50^ :

relatieve vochtigkeit van de lucht < 45%

  • Opslagtemperatuur: de BENNING MM 3 kan worden opgeslagen bij temperatures van -20^ tot +60^ met een relatieve vochtigkeit van de lucht < 80% . Daar bij dient wel de batterij verwijderd te worden.

Opmerking: De nauwkeurigheid van de meting worden aangegeven als som van:

  • een relatief deel van de meetwaarde
  • een+aantal digits

Deze nauwkeurigheid geldt bij temperaturen van 18^ tot 28^ bij een relatieve vochtigkeit van de lucht < 75%

7.1 Meetbereik bij gelijkspanning

De ingangsweerstand bedraagt 10 MΩ

Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid v.d. metingBeveiliging gegen overbelasting
200 mV100 μV ± (0,5 % meetwaarde + 2 digits) 600 Veff
2 V1 mV ± (0,5 % meetwaarde + 2 digits) 600 Veff
20 V10 mV ± (0,5 % meetwaarde + 2 digits) 600 Veff
200 V100 mV± (0,5 % meetwaarde + 2 digits) 600 Veff
600 V1 V± (0,5 % meetwaarde + 2 digits) 600 Veff

7.2 Meetbereik voor wisselspanning

De ingangsweerstand bedraagt 10 MΩ parallel met 100 pF. De gemeten waarde worden verkreten door middeling van de gelijkrichting en aangeduid als effektieve waarde.

MeetbereikResolutieNauwkeurigheid v.d. meting bij 40 Hz-500 HzBeveiliging gegen overbelasting
200 mV100 μV± (1.3 %meetwaarde + 5 digits)600 Veff
2 V1 mV± (1.3 %meetwaarde + 5 digits)600 Veff
20 V10 mV± (1.3 %meetwaarde + 5 digits)600 Veff
200 V 100 mV± (1.3 %meetwaarde + 5 digits)600 Veff
600 V1 V± (1.3 %meetwaarde + 5 digits)600 Veff

7.3 Meetbereik voor gelijkstroom

  • 1 A (500 V) zekering, snel, aan μA/ mA - ingang
  • 16 A (500 V) zekering, snel, aan 20 A - ingang

Metingen bij ca. 20 A alleen kortstondig (30 seconden, met onderbrekingen van

3这段时间). Metingen tot 10 A können voortdurend worden uitgevoerd

MeetbereikResolutieNauwkeurigheid v.d. metingAfvalspanning
200 μA 0,1 μA± (1,0 % meetwaarde + 2 digits)600 mV max.
2 mA1 μA ± (1,0 % meetwaarde + 2 digits)600 mV max.
20 mA10 μA ± (1,0 % meetwaarde + 2 digits)600 mV max.
200 mA 100 μA ± (1,0 % meetwaarde + 2 digits)900 mV max.
20 A10 mA± (2,0 % meetwaarde + 3 digits)900 mV max.

7.4 Meetbereik voor wisselstroom

De gemeten waarde worden vergreten door middeling van de gelijkrichting en aangeduid als effektieve waarde.

  • 1 A (500 V) zekering, snel aan μA/ mA - ingang.
  • 16 A (500 V) zekering snel aan 20 A - ingang.

Metingen bij ca. 20 A alleen kortstondig. (< 30 seconden, met onderbrekingen van 3 minutes). Metingen tot 10 A konnen voortdurend worden uitgevoerd.

MeetbereikResolutieNauwkeurigheid v.d. meting 40 Hz < f < 500 HzAfvalspanning
200 μA0,1 μA ± (1,5 % meetwaarde + 3 digits)600 mV eff max.
2 mA1 μA ± (1,5 % meetwaarde + 3 digits)600 mV eff max.
20 mA 10 μA ± (1,5 % meetwaarde + 3 digits) 600 mVeff max.
200 mA 100 μA ± (1,5 % meetwaarde + 3 digits) 900 mVeff max.
20 A 10 mA ± (2,5 % meetwaarde +5 digits) 900 mVeff max.

7.5 Meetbereik voor wonderden

Overbelastingsbeveiling bij waarstandsmeting: 600V_st

Meet-bereikReso-lutieNauwkeurigheid v.d. metingMax. meet-stroomMaximale nul-last spanning
200 Ω 0,1 Ω ± (0,8 % meetwaarde + 4 digits) 2,5 mA 3,2 V
2 kΩ 1 Ω ± (0,8 % meetwaarde + 2 digits) 200 μA 0,5 V
20 kΩ10 Ω± (0,8 % meetwaarde + 2 digits)40 μA0,5 V
200 kΩ100 Ω± (0,8 % meetwaarde + 2 digits)4 μA0,5 V
2 MΩ 1 kΩ ± (0,8 % meetwaarde + 2 digits) 400 nA 0,5 V
20 MΩ10 kΩ± (2 % meetwaarde + 5 digits)40 nA0,5 V

7.6 Doorgangstest en diodecontrole

De aangegeven nauwkeurigheid van de meting geldt voor het bereik+tussen 0,4V en 0,9 V. Overbelastingsbeveiliging bij diodecontrole: 600~V_eff

De ingebouwde zoemer geeft een akoestisch signal bij een verstand < 50

MeetbereikResolutieNauwkeurigheid v.d. metingMax. meet- stroomMaximale nul- last spanning
\( \rightarrow \rightarrow \rightarrow \rightarrow \)1 mV\( \pm \left( {1,5\% \text{meetwaarde} + 5\text{digits}}\right) \)1,5 mA3,2 V

7.7 Kapaciteitsbereik

Voorwaarde: kondensatoren zijn ontladen en overeénkomstig polariteit gemonteerd.

MeetbereikResolutieNauwkeurigheid v.d. metingMeetfrequentie
2 nF1 pF ± (2,0 % meetwaarde + 4 digits)40 Hz
20 nF10 pF± (2,0 % meetwaarde + 4 digits)40 Hz
200 nF100 pF ± (2,0 % meetwaarde + 4 digits)40 Hz
2 μF1 nF ± (2,0 % meetwaarde + 4 digits)40 Hz
20 μF10 nF± (2,0 % meetwaarde + 4 digits)40 Hz
200 μF100 nF± (2,0 % meetwaarde + 4 digits)40 Hz

Om een frequente te meten moet een spanning van minimaal 200mV_eff op de contactbussen voorhanden zijn.

Meet-bereikReso-lutieNauwkeurigheid v.d. meting voor max. \( 5{\mathrm{\;V}}_{\text{eff }} \)Minimale ingangsfrequentieBeveiliging gegen over-belasting
2 kHz 1 Hz± (1,0 %meetwaarde + 3 digits)20 Hz600 \( {\mathrm{V}}_{\text{eff }} \)
20 kHz10 Hz± (1,0 %meetwaarde + 3 digits)200 Hz600 \( {\mathrm{V}}_{\text{eff }} \)
200 kHz100 Hz± (1,0 %meetwaarde + 3 digits)2 kHz600 \( {\mathrm{V}}_{\text{eff }} \)

8. Meten met de BENNING MM 3

8.1 Voorbereiden van metingen

  • Gebruik en bewaar de BENNING MM 3 uitsluitend bij de aangegeven werk-en opslagtemperaturen. Niet blootstellen aan direkt zonlicht.
  • Controller de geevens op de veiligheidsmeetsnoren ten aanzien van nominale spanning en stroom. Origineel met de BENNING MM 3 meegeleverde snoersets voldoen aan de te stellen eisen.
  • Controller de isolatie van de veiligheidsmeetsnoren. Beschadigde meet-snoren direkt verwijden.

  • Veiligheidsmeetsnøeren testen op correcte doorgang. Indien de ader in het snoer onderbroken is, het meetsnøer direkt verwijdersen.

  • Voor dat met de draaischakelaar 5 een andere functie gekozen worden, dienen de meetsnoeren van het meetpunt te worden afgenomen.
  • Storingsbronnen in de omgeving van de BENNING MM 3(APen leiden tot instabiele aanduiding en/ of meetfouten.

8.2 Spannings- en stroommeting

BENNING MM 3 - Spannings- en stroommeting - 1

Let op de maxinale spanning t.o.v. aarde. Gevaarlijke spanning!

De hoogste spanning die aan de contactbussen

-COM-bus

  • Bus voor V, Ω en Hz 7
  • Contactbus voor A / - bereik 9 en de
  • Contactbus voor 20 A - bereik van de multimeter BENNING MM 3 ligt t.o.v. aarde, mag maximaal 600V bedragen.

BENNING MM 3 - Let op de maxinale spanning t.o.v. aarde. Gevaarlijke spanning! - 1

Gevaarlijke spanning: Spanning in het circuit bij stroommeting maximaal 500 V. Bij smelten van de zekering boven 500 V kan het apparaat worden beschadigd. Een beschadigd apparaat kan onder spanning komen te staan.

8.2.1 Spanningsmeting

  • Kies met de draaiknop 5 het gewenste bereik.
  • Kies met de keuzeschakelaar gelijk-/ wisselspanning (DC/ AC) 4 de te meten soort spanning.
  • Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus 8 van de BENNING MM 3.
  • Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus V, , Hz 7 van de BENNING MM 3.
  • Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan demeetpunten van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display van de BENNING MM 3.

Zie fig. 2: meten van gelijkspaning.

Zie fig. 3: meten van wisselspanning.

8.2.2 Stroommeting

  • Kies met de draaiknop 5 het gewenste bereik.
  • Kies met de keuzeschakelaar gelijk-/ wisselspanning (DC/ AC) 4 de te meten soort stroom.
  • Het Zwarte veiligheidsmeetsnoor inpluggen in de COM-contactbus 8 van de BENNING MM 3.
  • Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus voor A / mA 9 bereik voor stromen tot 200mA , dan wel met de contactbus voor 20 A 10 bereik voor stromen van 200mA tot 20 A.
  • Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpuntenvan het circuit en lees gemeten waarde af in het display van de BENNING MM 3.

Zie fig. 4: meten van gelijkstroom

Zie fig 5: meten van wisselstroom

8.3 Weerstandsmeting

  • Kies met de draaiknop 5 de gewenste instelling (Ω)
  • Het Zwarte veiligheidsmeetsnoor inpluggen in de COM-contactbus 8 van de BENNING MM 3.
  • Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus V, , Hz 7 van de BENNING MM 3.
  • Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display van de BENNING MM 3.

Zie fig. 6: weerstandsmeting

8.4 Diodecontrole

  • Kies met de draaiknop 5 de gewenste instelling ( +, +) .
  • Het zwarte veiligheidsmeetsnoor inpluggen in de COM-contactbus 8 van de BENNING MM 3.
  • Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus V, , Hz 7 van de BENNING MM 3.
  • Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de aansluitpunten van de diode en lees de gemeten waarde af in het display van de BENNING MM 3.

  • Voor een normale, in stroomrichting gemonteerde Si-diode worden een strooomspanning van 0,500 V tot 0,900 V aangegeven. De aanuiding „000 V“ wijst op een kortsluiting in de diode, de aanuiding „1“ geeft een onderbreking in de diode aan.

  • Bij een in sperrichting gemonteerde diode worden 1^ aangegeven. Bij een defekte diode worden 000V^ of een andere waarde aangegeven.

Zie fig. 7: diodekontrole

8.5 Doorgangstest met akoestisch signaal

  • Kies met de draaiknop 5 de gewenste instelling ( ,
  • Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de COM-contactbus 8 van de BENNING MM 3.
  • Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus V, , Hz 7 van de BENNING MM 3.
  • Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoren aan de meetpunter van het circuit. Indien de gemeten werdenstand in het circuit tussen de twee Kontaktbussenkleiner is dan 50 ,wordt een akoestisch signaal afgegeven.

Zie fig. 8: doorgangstest met zoemer.

8.6 Kapaciteitsmeting

BENNING MM 3 - Kapaciteitsmeting - 1

Voor kapaciteitsmeting dienen de kondensatoren volledig ontladen te zich. Er mag nooit spanning gezet worden op de contactbussen voor kapaciteitsmeting. Het apparaat kan daardoor beschadigd worden of defekt raken. Een beschadigd apparaat kan spanningsgevaar opleveren.

  • Kies met de draaiknop 5 het gewenste bereik.
  • Stel de polariteit vast van de kondensator en ontlaad de kondensator.
  • De ontladen kondensator overeenkomstig polariteit aan de kontaktbussen voor kapaciteitsmeting leggen en de gemeten waarde aflezen in het display van de BENNING MM 3.

Zie fig.9: kapaciteitsmeting

8.7 Frequentemeting

  • Kies met de draaiknop 5 het gewenste bereik.
  • Het Zwarte veiligheidsmeetsnoor inpluggen de COM-contactbus van de BENNING MM 3.
  • Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de contactbus V, , Hz van de BENNING MM 3. Let op het juiste spanningsbereik voor freiuentiemeten gen met de BENNING MM 3.
  • Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display van de BENNING MM 3.

Zie fig. 10: frequentiemeting.

9. Onderhoud

BENNING MM 3 - Onderhoud - 1

De BENNING MM 3 mag nooit onder spanning staan als het apparaat geopend worden. Gevaarlijke spanning!

Werken aan een onder spanning staande BENNING MM 3 mag uitsluitend gebeuren door electrotechnische specialisten, die davon bij de nodige voorzorgsmaatregelen dienen te treffen om ongevallen te voorkomen.

Maak de BENNING MM 3 dan ook spanningsvrij, alvorens het apparaat te openen.

  • Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten object.
  • Neem de veiligheidsmeetsnoren af van de BENNING MM 3.
  • Zet de draaischakelaar 5 in de positie „Off".

9.1 Veiligheidsborging van het apparaat.

Onder bepaalde omstandigheden kan de veiligheidijdens het werken met de BENNING MM 3 Niet meer worden gegardeerd, bijvoorbeeld in geval van:

  • Zichtbare schade aan de behuizing

-Meetfouten

  • Waarneembare gevolgen van langdurige opslag onder verkeerde omstandigheden

-Transportschade

In dergelijke gezallen dient de BENNING MM 3 direkt te worden uitgeschakeld en nicht opnieuw elders te worden gebruikt.

9.2 Reiniging

Reinig de behuizing aan de buitenzijde met een schone, droge doeck. (speciale reinigingsdoeken uit gezonderd). Gebruik geen oplos- en/ of schuurmiddelen om de BENNING MM 3 schoon te makeen. Let er in het bijzonder op dat het batterijvak en de batterijcontacten Niet verruilen door uitlopende batterijen. Indien toch verontreiniging ontstaat door electrolyt of zich zout afzet bij de batterijen en/ of in het huis, dit eveneens verwijdenen met een droge, schone doeck.

9.3 Het wisselen van de batterij

BENNING MM 3 - Het wisselen van de batterij - 1

Voor het openen van de BENNING MM 3要去 het apparaat spanningsvrij bijn. Gevaarlijke spanning!

De BENNING MM 3 worden gevoed door een blokBatterij van 9V . Als het batterijsymbool in het display verschijnt,要去 de batterij worden verrangen. De batterij worden als volgt gewisseld.

  • Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten circuit.

  • Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 3.

  • Zet de draaischakelaar 5 in de positie „Off".

  • Neem de rubber beschermingshoes 1 af van de BENNING MM 3.

  • Leg het apparaat op de voorzijde en draai de drie schroeven uit dechterwand.

  • Til de bodemplaat omhoog aan de kant van de twee schroefgaten onderaan en verwijder dechterplaat.

  • Neem de batterij uit het batterijvak en maak de aansluitdraden van de batterij voorzichtig los.

  • Verbind de aansluitdraden weeper op de juiste manier met de neue batterij en leg deze op de juiste plaats in het apparatus. Let er waar bij op dat de aansluitdraden Niet:tussen de behuizing geklemd worden.

  • Klik dechterplaatoor op de behuizing en draai de schroeven er weer in.

  • Plaats de rubber beschermhoes 11 sheer op de BENNING MM 3.

Zie fig.11: verranging van de batterij.

BENNING MM 3 - Het wisselen van de batterij - 2

Gooi lege batterijen Niet weg met het gewone huisvuil, maar lever ze in op de bekende inzamelpunten. Zo levert u opnieuw een bijdrage voor een schoner milieu.

9.4 Het wisselen van de zekeringen

BENNING MM 3 - Het wisselen van de zekeringen - 1

Voor het openen van de BENNING MM 3要去 het apparaat spanningsvrij bijn. Gevaarlijke spanning!

De BENNING MM 3 wordt door twee ingebouwde snelle smeltzekeringen (eén zekering 1 A, een zekering 16A) beschermd gegen overbelasting (zie fig. 12). De zekeringen worden als volgt gewisseld:

  • Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten circuit.

  • Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 3.

  • Zet de draaischakelaar 5 in de positie „Off".

  • Neem de rubber beschermingshoes 1 af van de BENNING MM 3.

  • Leg het apparaat op de voorzijde en draai de drie schroeven uit dechterwand.

  • Til de bodemplaat omhoog aan de kant van de twee schroefgaten onderaan en verwijder dechterplaat.

BENNING MM 3 - Het wisselen van de zekeringen - 2

Geen schroeven losdraaien van de printplaat van de BENNING MM 3!

  • Til de printplaat voorzichtig uit de behuizing.
  • Til de defekte zekering aan een Kant uit de zekeringhouser.
  • Neem de defekte zekering uit de zekeringhouser.
  • Plaats een neue zekering metdezelfde nominale spanning, smeltsnelheid en metdezelfde afmetingen.
  • Positioneer de zekering in het midden van de houder.
  • Plaats de printplaat waar in de behuizing.
  • Let op dat de interne bedrading Niet beklemd raakt in de behuizing.
  • Klik dechterplaat weeop de behuizing en draai de schroeven er weer in.
  • Plaats de rubber beschermingshoes ① weir op de BENNING MM 3.
    Zie fig. 12: wisselen van zekeringen.

9.5 lking

Om de aangegeven nauwkeurigheid van de meetresultaten te kunnen waarborgen, is het aan te bevelen het apparaat Jaarliks door once servicedienst te latent kalibreren.

10. Gebruik van de rubber beschermingshoes

  • U kurz de veiligheidsmeetsnoeren opbergen als u deze om de rubber beschermingshoes ① wikkelt en de meetpennen van de meetsnoeren beschermd in de hoes vastklikt (zie fig.13).
  • U kunt een veiligheidsmeetsnoer ook zodanig in de beschermingshoes ① klikken, dat de kontaktpunt vrij komt te staan en deze, samen met de BENNING MM 3, maar een meetpunt kan worden gebracht.
  • Een steun aan dechterzijde van de beschemingshoes 1 maakt het mogelijk de BENNING MM 3 schuin neer te zetten of op te hangen (zie fig. 14).
  • De beschermingshoes heeft een oog waaraan het apparaat eventueel kan worden opgehangen.

Zie fig.13: wikkelen van de veiligheidsmeetsnooren

Zie fig 14: opstelling van de BENNING MM 3

11. Technische gegevens van veiligheidsmeetkabelset

  • Norm: EN 61010-031
  • Maximale meetspanning t.o.v. de aarde (12) en meetcategorie:

met opsteekdop: 1000 V CAT III, 600 V CAT IV,
zonder opsteenk Dop: 1000 V CAT II,
- Meetbereik max.: 10 A
- Beschermingsklasse II (回), doorgaans dubbel geisoleerd of versterkte isolatie
-Vervuilingsgraad:2
- Length: 1,4 m, AWG 18,
- Omgevingsvoorwaarden: metingen möglichk tot H = 2000 m ,
temperatuur: 0^ tot +50^ , vochtigheidsgraad 50% tot 80% ,
- Gebruik de veiligheidsmeetkabelset alleen indien ze in een goede staat is en volgens deze handleiding, anders kan de bescherming verminderd zich.
- Gebruik de veiligheidsmeetkabelset nicht als de isolatie is beschadigd of als er een beschadiging/ onderbreking in de kabel of stekker is.
- Raak tijdens de meting de blanke contactpennen nicht aan. Alleen aan de handvaten vastpakken!
- Steek de haakse aansluitingen in het te gebruiken BENNING meetapparaat.

12. Milieu

BENNING MM 3 - Milieu - 1

Wij raden u aan het apparaat aan het einde van zichn nuttige levensduur, Niet bij het gewone huisafval te deponeren, maar op de waarvoort bestemde adressen.

340 g fara rama de protectie din cauciuc

550 g cu rama de protectie din cauciuc

Protectie la suprasarcina:

  • siguranta - 1 A (500 V), μA/ mA - la intrare

  • siguranta - 16 A (500 V),aprope de 20 A - la intrare

Protectie la suprasarcina:

  • siguranta - 1 A (500 V), A / mA - la intrare

  • siguranta - 16 A (500 V), aprope de 20 A - la intrare

Fara capac de protectie: 1000 V CAT II,

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BENNING

Model : MM 3

Categorie : Multimeter