B 110 R Bp Pack - Schrobmachine Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis B 110 R Bp Pack Kärcher in PDF-formaat.
| Producttype | Professionele schrobmachine |
| Merk en model | Kärcher B 110 R Bp Pack |
| Afmetingen (L × B × H) | 1640 × 740 × 1310 mm |
| Leeggewicht | 480 kg |
| Maximaal toegestaan gewicht | 650 kg |
| Capaciteit schoonwatertank | 110 L |
| Capaciteit vuilwatertank | 110 L |
| Nominale spanning | 24 V |
| Accucapaciteit (5 uur) | 170 of 285 Ah (AGM/Gel) |
| Werksnelheid | 6 km/h |
| Werkbreedte (afhankelijk van borstel) | 650 mm (R65) of 750 mm (R75) |
| Werkbreedte met zijborstel | 850 mm (versie R75) |
| Reinigingsprogramma's | Transport, Eco, Normaal, Intens, Alleen borstelen, Alleen zuigen, Polijsten |
| Reinigingsmiddeldosering | 0,25 tot 3% |
| Instelbare waterstroom | 0,15 tot 5,7 L/min |
| Maximale borsteldruk | 736 N (75 kg) |
| Maximale helling in bedrijf | 10 % |
| Geluidsniveau (normaal) | 63,6 dB(A) |
| Beschermingsklasse | IPX3 |
| Doseersysteem | Dose (optie) of handmatig |
| Slimme sleutels | Geel (operator) en grijs (supervisor) |
| Scherm | Weergave van parameters en meldingen |
| Ingebouwde lader | Ja, 100-240 V, 50-60 Hz, 28 A |
Veelgestelde vragen - B 110 R Bp Pack Kärcher
Gebruikersvragen over B 110 R Bp Pack Kärcher
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schrobmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding B 110 R Bp Pack - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. B 110 R Bp Pack van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING B 110 R Bp Pack Kärcher
| Algemene instructies | 63 |
| Functie | 63 |
| Reglementair gebruik | 63 |
| Milieubescherming | 64 |
| Toebehoren en reserveonderdelen | 64 |
| Leveringsomvang | 64 |
| Veiligheidsinstructies | 64 |
| Beschrijving apparaat | 65 |
| Montage | 66 |
| Inbedrijfstelling | 67 |
| Werking | 68 |
| Werking beeindigen | 70 |
| Grijze Intelligent Key | 70 |
| vervoer | 71 |
| Opslag | 71 |
| Verzorging en onderhoud | 71 |
| Hulp bij storingen | 73 |
| Garantie | 75 |
| Toebehoren | 75 |
| Technische gegevens | 76 |
| EU-conformiteitsverklaring | 77 |
Algemene instructies

Voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, dient u deze originele gebruiksaanwijzing en de meege- leverde veiligheidsinstructies door te lezen en deze in acht te nemen.
Bewaar beide documenten voor later gebruik of volgende eigenaars.
Functie
Deze schuurzuigmachine wordt voor de natte reiniging of het polijsten van effen vloeren gebruikt.
Het apparaat kan door instellen van de waterhoeveelheid en de reinigingsmiddelhoeveelheid aan de desbetreffende
reinigingstaak worden aangepast. De reinigingsmiddeldosering wordt aangepast via de toevoeging in de tank of via een doseerinrichting (optie "Dosis").
De borstelbevochtiging wordt snelheidsafhankelijk of constant uitgevoerd.
De werkbreedte en de capaciteit van de vers- en vuilwatertanks (zie hoofdstuk "Technische gegevens") zorgen voor een effectieve rein- ging bij een lange gebruiksduur.
Het apparaat bezit een rijaandrijving.
Instructie
Overeenkomstig de desbetreffende reinigingstaak kan het apparaat met verschillend toebehoren worden uitgerust. Vraag naar onze catalogus of bezoek ons op internet op www.kaercher.com.
Dit apparaat is geschikt voor commercieel en industrieel gebruik, bijvoorbeeld in hotels, scholen, ziekenhuizen, fabrieken, winkels, kantoren en verhuurbedrijven.
Gebruik dit apparaat uitsluitend overeenkomstig de gegevens in deze gebruiksaanwijzing.
- Het apparaat mag alleen voor de reiniging van vochtongevoelige en polijstongevoelige, gladde vloeren worden gebruikt.
- Dit apparaat is bedoeld voor het reinigen van binnenruimtes.
- Het bedrijfstemperatuurbereik ligt tussen +5 °C en +40 °C.
- Het apparaat is niet geschikt voor de reiniging van bevroren vloeren (bijvoorbeeld in koelhuizen).
- Het apparaat is geschikt voor een maximale waterhoogte van 1 cm. Rijd geen gebied in, als het risico bestaat dat het maximale waterpeil wordt overschreden.
- Bij het gebruik van oplaadapparaten of accu's mogen alleen de in de gebruiks-aanwijzing toegestane componenten worden gebruikt. Een afwijkende combinatie moet door de verantwoordelijke leverancier van het oplaadapparaat en/of de accu zijn goedgekeurd.
- Het apparaat is niet bedoeld voor het reinigen van openbare verkeerswegen.
- Het apparaat mag niet worden gebruikt op drukgevoelige vloeren. Houd rekening met de toegestane oppervlaktebelasting van de vloer. De door het apparaat veroorzaakte oppervlaktebelasting is gespecificeerd in de technische gegevens.
- Het apparaat is niet geschikt voor gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen.
- Het apparaat is toegelaten voor gebruik op vlaktes met een maximale stijging (zie hoofdstuk "Technische gegevens").
Milieubescherming

Het verpakkingsmateriaal is recyclebaar. Gooi verpakkingen met het gescheiden afval weg.

Elektrische en elektronische appara- ten bevatten waardevolle recyclebare materialen en vaak onderdelen zoals erijen, accu's of olie, die bij onjuiste om- g of verkeerd weggooien een mogelijk aar voor de gezondheid en het milieu men vormen. Voor een correct gebruik het apparaat zijn deze onderdelen ech- oodzakelijk. Apparaten met dit sym- mogen niet met het huisvuil worden gegooid.
Instructies voor inhoudsstoffen (REACH)
Actuele informatie over inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.nl/REACH
Toebehoren en reserveonderdelen
Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reserveonderdelen. Deze garanderen een veilige en storingsvrije werking van het apparaat.
Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com.
Leveringsomvang
Controleer de inhoud bij het uitpakken op volledigheid. Bij ontbrekend toebehoren of bij transportschade neemt u contact op met uw distributeur.
Veiligheidsinstructies
Neem voor het eerste gebruik van het apparaat deze handleiding en de bijbehorende brochure veiligheidsinstructies voor borstelreinigingsapparaten en sproei-extractieapparaten, nr. 5.956-251.0 in acht, en handel overeenkomstig.
Het apparaat is toegelaten voor gebruik op vlaktes met een begrensde stijging (zie "Technische gegevens").
⚠ WAARSCHUWING
Het apparaat kan kantelen
Gevaar voor letsel
Gebruik het apparaat alleen op oppervlakken die de toegestane helling niet overschrijden (zie hoofdstuk "Technische gegevens").
⚠ WAARSCHUWING
Gevaren voor ongevallen door onjuiste bediening
Er kunnen mensen gewond raken. Bedieners moeten adequaat in het gebruik van het apparaat worden getraind. Het apparaat mag alleen worden gebruikt, als de kap en alle deksel gesloten zijn.
Veiligheidsinrichtingen
⚠VOORZICHTIG
Ontbrekende of gewijzigde veiligheids- inrichtingen
Veiligheidsinrichtingen zijn er voor uw veiligheid. Verander of omzeil veiligheidsinrichtingen nooit.
Veiligheidsschakelaars
Voor onmiddellijke buitenbedrijfstelling van alle functies: Zet de veiligheidsschakelaar op „0“.
- Het apparaat remt hard, als de veiligheidsschakelaar is uitgeschakeld.
- De veiligheidsschakelaar werkt rechtstreeks op alle apparaatfuncties
Stoelschakelaar
Als de bestuurder tijdens het werk of tijdens het rijden de stoel verlaat, schakelt de stoelschakelaar de aandrijfmotor na een korte vertraging uit.
Symbolen op het apparaat

LET OP
Beschadigingsgevaar
Water leidt tot beschadiging van de zuigturbine.
Vul of spuit geen water in deze opening.

⚠VOORZICHTIG
Gevaar voor verbranding
Onderdelen die met deze waarschuwing zijn gemarkeerd, worden tijdens het gebruik heet. Raak onderdelen die met deze waarschuwing zijn gemarkeerd niet aan. Laat deze onderdelen afkoe- len voordat u werkzaamheden aan het apparaat uitvoert.

⚠ GEVAAR
Gevaar voor ongevallen
Bij hoge snelheden is er op hellingen een verhoogd risico op kantelen.
Rijd .op hellingen langzaam naar be- neden
Draai niet op hellingen. Vermijd bij snel rijden schokkerig sturen met een grote stuuruitslag.
Symbolen nuwingsinstructies
Neem bij de omgang met accu's volgende waarschuwingsinstructies in acht:

Aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de accu en op de accu alsook in deze gebruiksaanwijzing in acht nemen.

Oogbescherming dragen.

Kinderen uit de buurt van zuur en accu houden.

Explosiegevaar

Vuur, vonken, open licht en ro- ken verboden.

Verbrandingsgevaar

Eerste hulp.

Waarschuwing

Afvalverwijdering

Accu niet in de vuilnisbak gooien.
Beschrijving apparaat
Overzicht apparaat

②Afsluiting verswatertank met verswaterfilter
③Grofvuilzeef
④Deksel vuilwatertank
⑤Bedieningsveld
⑥Instelwiel schraperlip (alleen D-reinigingskop)
⑦ Pedaal borstelvervanging (alleen D-reinigingskop)
8 Stuurwiel
⑨ Schraperlip
⑩Greep borstelvervanging (alleen R-reinigingskop)
⑪Zijlicht
⑫Grofvuilbak (alleen R-reinigingskop)
⑬Jerrycans met reinigingsmiddel
⑭Typeplaatje
⑮Zuigslang reinigingsmiddel
16Accu
⑰* Interne oplader
⑱Accuconnector (met externe oplader) Netsnoer oplader (met interne oplader)
⑲Opbergruimte voor reinigingsset "Homebase Box"
20* Waarschuwingslamp
21Stoel
22Ontgrendeling vuilwatertank
23Hendel stoelverstelling
②4 Vulopening verswaterreservoir
25 Slanghouder
26 Dagrijverlichting
27Rijpedaal
28* Zijschrobdek
29* Wateraansluiting voor vuilwatertankspoelsysteem
30 Steun deksel vuilwatertank
③1Vlotter
32Pluizenzeef
③3Opslag voor zuigbalk
③4 Aftapslang vuilwater met doseerinrichting
③5Vuilwatertank
36*Mophouder
37Zuigslang
38 Klemhendel zuigbalk
39 Afsluiting vuilwatertank
40Zuigbalk
④1Reinigingskop
④2Vulstandweergave verswater
- Bedieningselementen voor het reini- gingsproces zijn geel.
- Bedieningselementen voor onderhoud en service zijn lichtgrijs.
Bedieningsveld

①* Schakelaar zijschrobdek
②Claxon
③Rijrichting-schakelaar
④Programmaschakelaar
⑤Intelligent Key
⑥Display
⑦Infoknop
⑧Veiligheidsschakelaars
Programmaschakelaar

text_image
1 2 3 4 5 6 7 8 OFF①OFF
Apparaat is uitgeschakeld.
②Transport
Naar de gebruiksplaats rijden.
③Schrob & zuig: Eco
De vloer nat reinigen (met verminderde waterhoeveelheid en verlaagd borsteltoerental) en het vuile water opzuigen (met verminderd zuigvermogen).
④Schrobben & zuigen
De vloer nat reinigen en het vuile water opzuigen.
⑤Schrob & zuig: Hrd
De vloer nat reinigen (met verhoogde contactdruk) en het vuile water opzuigen.
⑥Alleen schrobben
Aanbrengen zonder opzuigen De vloer nat reinigen en reinigingsmid- del laten inwerken.
⑦Alleen zuigen
Het vuil opzuigen.
⑧Polijsten
De vloer zonder vloeistof aan te brengen met verhoogd borsteltoerental polijsten.
Houder zuigbalk
- Bij het rijden door nauwe ruimtes kan de zuigbalk worden verwijderd en in een van de openingen op het deksel van de vuilwatertank worden gehangen.

De zuigbalk kan voor opslag in de uit- sparing op de vuilwatertank worden ge- hangen.
Symbolen op het apparaat

Wateraansluiting vulsysteem

Waterdruk vuilwatertank-spoelsysteem

Borstelwissel
* optioneel
Montage
Lossen
- Verwijder de verpakkingsfolie.
- De spanband verwijderen.

- Schroef de blokken, kanthouten en bor- den los. De los te schroeven onderdelen zijn in de afbeelding grijs gemarkeerd.
- Plaats een oprit voor de pallet met de losgeschroefde borden en kanthouten, en zet deze vast met spaanplaatschroeven.

-
Installeer de accu's, als het apparaat zonder accu's is geleverd (zie hoofdstuk "Voor inbedrijfstelling/accu's").
-
Rijd het apparaat vooruit van de pallet (zie hoofdstuk "Bediening/rijden").
Monteer borstels
- De montage van de borstels wordt beschreven in het hoofdstuk "Onderhoudswerkzaamheden".
Zuigbalk monteren
- Beide klemhendels naar boven zwenken.

-
De zuigbalk in de zuigbalkophanging plaatsen.
-
Beide klemhendels naar onderen zwenken.
Accu's
Aanbevolen accupacks
| Beschrijving | Bestelnr. Volume (m3)* | Luchtroom (m3/h)** | |
| 170 Ah - onder-houdsvrij, AGM | 4.039-352.7 | 2,4 1,0 | |
| 180 Ah - onder-houdsvrij, gel | 4.039-354.7 | 3,8 1,6 | |
| 285Ah - onder-houdsvrij, AGM | 4.039-353.7 | 12,6 5,1 | |
* Minimaal volume van de acculaadruimte
** Minimale luchtstroom tussen accu- laadruimte en omgeving
Accu's plaatsen en aansluiten
⚠VOORZICHTIG
Uit- en inbouwen van de accu's
Instabiele stand van de machine
Zorg er bij het in- en uitbouwen van de accu's voor dat de machine veilig staat.
LET OP
Verwisselen van de polariteit
Onbruikbaar worden van de besturings- elektronica
Let bij het aansluiten van de accu op juiste poling.
LET OP
Diepontlading
Beschadigingsgevaar
Laad de accu's voor de inbedrijfstelling van het apparaat.
- Het vuilwater aftappen.
- Het vuilwaterreservoir ontgrendelen en naar achteren zwenken.
- De accu's in het apparaat plaatsen.

text_image
55 85 70 1 2 1 2 55170 Ah, 4.039-352.7
①Afstandsstuk 310x85x70 mm
②Afstandsstuk 240x55x30 mm

text_image
85 70 ① ①180 Ah, 4.039-354.7
①Afstandsstuk 310x85x70 mm

text_image
47 47 47 1 47 1 47 47285 Ah, 4.039-353.7
①Afstandsstuk 345x60x47 mm
- De afstandsstukken tussen de accu en het apparaat plaatsen op de punten die in de afbeelding worden weergegeven.
- De polen met de verbindingskabels verbinden.
- De aansluitkabel aan de nog vrije batterijpolen (+) en (-) klemmen.
Instructie
Bij accuset 170 Ah 4.039-352.7 de aansluitkabel met de geïsoleerde poolschroef aan de minpool bevestigen.
- De accustekker aan apparaatzijde met de accustekker aan accuzijde verbinden.
- Het vuilwaterreservoir naar voren zwenken en sluiten.
Accu uitbouwen
⚠VOORZICHTIG
Uit- en inbouwen van de accu's
Instabiele stand van de machine
Zorg er bij het in- en uitbouwen van de accu's voor dat de machine veilig staat.
- Zet de veiligheidsschakelaar op "0".
- Het vuilwater aftappen.
- Ontgrendel de vuilwatertank en klap hem terug.
- De accustekker eruit trekken.
- De kabel van de minpool van de accu losmaken.
- De resterende kabels van de accu's los- maken.
- De accu's eruit nemen.
- De opgebruikte accu's conform de geldende bepalingen afvoeren.
Inbedrijfstelling
Accu laden
⚠ GEVAAR
Onjuist gebruik van de oplader
Elektrische schok
Neem de netspanning en de zekering op het typeplaatje van het apparaat in acht. Gebruik het oplaadapparaat alleen in droge ruimtes met voldoende ventilatie.
Bij het opladen van de accu ontstaan brandbare gassen
Explosiegevaar
Laad de accu alleen in een geschikte ruimte. De kamer moet een minimaal volume hebben, afhankelijk van het accutype en een luchtverversing met een minimale luchtstroom (zie "Aanbevolen accu's").
LET OP
Verzamelen van gevaarlijke gassen tijdens het laden onder de tank Explosiegevaar
Zwenk voor het laden van onderhoudsvrije accu's het vuilwaterreservoir omhoog. De oplaadtijd bedraagt gemiddeld ca. 10-15 uur.
Het apparaat kan tijdens laden niet worden gebruikt.
Instructie
Het apparaat beschikt over een beveiliging tegen volledige ontlading, d.w.z. dat als nog de toegestane minimale capaciteit wordt bereikt, de borstelmotor en de turbine worden uitgeschakeld.
- Het apparaat direct naar de oplader verplaatsen, hierbij stijgingen vermijden.
Externe oplader
LET OP
Gebruik van een niet-passende oplader Beschadigingsgevaar
Verbind de oplader niet met de accustekker aan apparaatzijde.
Gebruik alleen een bij het ingebouwde accutype passende oplader.
Lees de gebruiksaanwijzing van de opla- derfabrikant door en let met name op de veiligheidsinstructies.
| Accu Capaciteit | Oplaadappa-raat |
| 4.039-352.7 170 | Ah 6.654-436.0 |
| 4.039-354.7 180 | Ah 6.654-434.0 |
| 4.039-353.7 285 | Ah 6.654-419.0 |
- Ontgrendel de vuilwatertank en klap hem terug.
- De accustekker aan apparaatzijde eraf trekken.

①Accustekker, apparaatzijde
②Accustekker, accuzijde
3. De accustekker aan accuzijde met de oplader verbinden.
4. De netstekker van de oplader in het stopcontact steken.
5. Het laadproces volgens de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de oplader uitvoeren.
6. De accustekker aan apparaatzijde met de accustekker aan accuzijde verbinden.
7. Draai de vuilwaterertank naar voren en sluit deze.
Interne oplader
- Ontgrendel de vuilwatertank en klap hem terug.
- De netstekker van de interne oplader in het stopcontact steken. De ladingstoestand van de accu wordt op het display weergegeven.
- Trek na het opladen de netstekker van de oplader uit het stopcontact.
- De vuilwatertank omhoog zwenken.
Onderhoudsvrije accu's (nat)
GEVAAR
Bijvullen van water in ontladen toestand van de accu
Risico op brandwonden door uittreden van zuur, onbruikbaar worden van kleding
Gebruik bij de hantering van accuzuur een veiligheidsbril, beschermende kleding en beschermende handschoenen.
Neem de voorschriften in acht.
Spoel eventuele zuurspatten op de huid of de kleding onmiddellijk weg met veel water.
LET OP
Gebruik van water met additieven
Defecte accu's, verlies van de aanspraak op garantie
Gebruik voor het bijvullen van de accu's alleen gedestilleerd of ontzilt water (EN 50272-T3).
Gebruik geen additieven, zogenaamde verbeteringsmiddelen, omdat dan de garantie komt te vervallen.
- Een uur voor het einde van de laadprocedure gedestilleerd water toevoegen. Hierbij de juiste zuurstand conform de kenmerking van de accu in acht nemen. Aan het einde van de laadprocedure moeten alle cellen gassen.
- Gemorst water verwijderen. Ga hiervoor te werk zoals beschreven in het gedeelte "Accu's reinigen" van het hoofdstuk Verzorging en onderhoud.
Werking
⚠ GEVAAR
Vallende voorwerpen
Gevaar voor letsel Rijd niet met het apparaat in gebieden waar het bedieningspersoneel kan worden ge- raakt door vallende voorwerpen.
LET OP
Gevaarlijke situatie tijdens bedrijf
Gevaar voor letsel Zet de veiligheidsschakelaar bij gevaar op "0".
Verschuif het apparaat
Om het apparaat te kunnen verplaatsen, moeten de remmen worden ontgrendeld.
⚠ GEVAAR
Gevaar voor ongevallen
Als de rem ontgrendeld is, is de functie van de rem permanent buiten werking.
Zorg ervoor dat u de munten ter ontgrendeling verwijdert, nadat het verschuiven is beëindigd.
- Draai de ontgrendelingshendel weg van het wiel en houd hem daar vast.

- Steek een munt tussen de behuizing en de hendel aan beide uiteinden van de hendel.
- Laat de ontgrendelingshendel los.
- Duw het apparaat.
- Verwijder beide munten onmiddellijk na het verschuiven.
Stel de stoel in
Hoogte instellen
- Ga naast het apparaat staan.
- Breng de stoel achteraan omhoog.
- Lijn de stoelhouder uit met de gewenste hoogte van het apparaat.
- Laat de stoel achter neer.
Stel positie in
- Bedien de stoelverstelhendel en verplaats de stoel naar de gewenste positie.
- Laat de stoelverstelhendel los en zet de stoel vast.
Het apparaat inschakelen
- Op de bestuurdersplaats plaats nemen.
- De intelligente sleutel erin steken.
- De veiligheidsschakelaar op "1" zetten.
- De programmaschakelaar op de gewenste functie draaien.
- Als op het display een van de onderstaande indicaties verschijnt, dan de voet van het gaspedaal nemen, de veiligheidsschakelaar op "0" zetten en de nodige onderhoudswerkzaamheden uitvoeren.
| Display Handeling | |
| Onderhoud Zuigbalk | De zuigbalk reinigen. |
| Onderhoud Borstel | De borstels op slijtage controleren en reinigen. |
| Onderhoud Rubberstrip | De zuiglippen op slijtage en instelling controleren. |
| Onderhoud Vuilwaterfilter | De pluizenzeef reinigen. |
| Onderhoud Schoonwaterfilt. | Het filter verswater reinigen. |
- Op de infoknop drukken.
- De teller voor het onderhoud terugzetten (zie "Grijze intelligente sleutel/onder-houdsteller terugzetten").
Instructie
Als de teller niet wordt teruggezet, verschijnt de onderhoudsindicator telkens bij het inschakelen van het apparaat opnieuw.
Licht inschakelen
Dagrijverlichting
De dagrijverlichting is aan als het apparaat ingeschakeld is.
Zijlicht
Het stadslicht gaat branden, zodra de programmaschakelaar op een reinigingsprogramma is gezet.
Parkeerrem controleren
ΔGEVAAR
Defecte parkeerrem
Gevaar voor ongevallen
Controleer voor elke handeling de werking van de parkeerrem op het niveau.
- Het apparaat inschakelen.
- De rijrichtingsschakelaar op "vooruit" zetten.
- De programmaschakelaar op "Transport" zetten.
- Het gaspedaal licht intrappen. De rem moet hoorbaar ontgrendelen. Het apparaat moet op effen terrein vlot wegrollen.
- Het gaspedaal loslaten.
De rem moet hoorbaar aangrijpen.
Is dit niet het geval, stel het apparaat dan buiten bedrijf en bel de klantenservice.
Rijden
ΔGEVAAR
Geen remwerking
Gevaar voor ongevallen
Voordat u het apparaat gebruikt absoluut de werking van de parkeerrem controleren.
Gebruik het apparaat in geen geval als de parkeerrem niet werkt.
⚠ GEVAAR
Zorgeloos rijden
Kantelgevaar
Rij in rijrichting. Rij dwars op de rijrichting alleen op stijgingen tot maximaal 10%.
Keer niet op hellingen.
Rijd langzaam in bochten en op natte grond.
Gebruik het apparaat uitsluitend op verhar- de vloer.
Instructie
De rijrichting kan tijdens rijden worden gewijzigd. Dit betekent dat zeer doffe plekken kunnen worden gepolijst door meerdere keren heen en weer te bewegen.
- De zitpositie innemen.
- De intelligente sleutel erin steken.
-
De veiligheidsschakelaar op "1" zetten.
-
De programmaschakelaar op "Transport" zetten.
-
De rijrichting met de rijrichtingsschakelaar aan het bedieningspaneel instellen.
-
De rijsnelheid door het indrukken van het gaspedaal bepalen.
-
Het gaspedaal loslaten. Het apparaat stopt.
Bij overbelasting wordt de rijmotor uitgeschakeld. Op het display verschijnt een storingsmelding. Bij oververhitting van de besturing wordt het betreffende aggregaat uitgeschakeld.
-
Het apparaat minstens 15 minuten laten afkoelen.
-
De programmaschakelaar op "OFF" zetten, kort wachten en op het gewenste programma zetten.
Verswater bijvullen
Vul vers water bij met het vulsysteem
-
Sluit de waterslang aan op de aansluiting van het vulsysteem (maximale watertemperatuur 50 °C).
-
De watertoevoer openen.
-
Bewaak het apparaat. Het automatische vulsysteem onderbreekt de watertoevoer, als de verswatertank vol is.
-
De watertoevoer sluiten.
-
Verwijder de waterslang.
Verswater bijvullen
-
De afsluiting van de verswatertank openen.
-
Het verswater (maximaal 50 °C) tot de onderrand van de vulopening vullen.
Opmerking: De slang van het verswaterreservoir kan tijdens het vullen met de slanghouder worden vastgeklemd.
- De afsluiting van het verswaterreservoir sluiten.
Reinigingsmiddel vullen
Aanwijzingen over reinigingsmiddelen
⚠ WAARSCHUWING
Ongeschikte reinigingsmiddelen
Gezondheidsgevaar, beschadiging van het apparaat
Gebruik alleen aanbevolen reinigingsmiddelen. Voor andere reinigingsmiddelen is de exploitant het verhoogde risico met betrekking tot de bedrijfsveiligheid en het gevaar voor ongevallen.
Gebruik alleen reinigingsmiddelen die vrij zijn van oplosmiddelen, zout- en fluorwaterstofzuur.
Neem de veiligheidsaanwijzingen op de reinigingsmiddelen in acht.
Instructie
Gebruik geen sterk schuimende reinigingsmiddelen.
Aanbevolen reinigingsmiddelen
| Toepassing Zuiverings- | middelen |
| Onderhoudsreiniging van alle waterbestendige vloeren | RM 746RM 756RM 780 |
| Onderhoudsreiniging van glanzende oppervlakken (bijvoorbeeld graniet) | RM 755 es |
| Onderhoudsreiniging, tussenreiniging en basisreiniging van industriële vloeren | RM 69 ASF |
| Onderhoudsreiniging en basisreiniging van steengoed tegels | RM 753 |
| Onderhoudsreiniging van tegels in het sanitaire bereik | RM 751 |
| Decoating van alle alkalibestendige vloeren (bijvoorbeeld PVC) | RM 752 |
| Decoating van linoleum-vloeren | RM 754 |
Reinigingsmiddel met doseerinrichting vullen
Alleen variant DOSE:
Aan het vers water wordt op weg naar de reinigingskop door een doseerinrichting reinigingsmiddel toegevoegd.
- Het vuilwaterreservoir ontgrendelen en naar achteren zwenken.
- De reinigingsmiddelbus met reinigings-middel vullen.
- Het vuilwaterreservoir naar voren zwenken.
Instructie
Met de doseerinrichting kan maximaal 3 % reinigingsmiddel worden gedoseerd. Als de dosering hoger is, moet het reinigingsmiddel in het verswaterreservoir worden gedaan.
Reinigingsmiddel in de tank doen
- Het reinigingsmiddel in het verswaterreservoir vullen.
Opmerking: De deksel voor de vulopening van het verswaterreservoir kan voor het meten van het reinigingsmiddel worden gebruikt. Hij is aan de binnenzijden voorzien van een schaalindeling.
Stel parameters in
-
Stel de programmaschakelaar in op het gewenste reinigingsprogramma.
-
Draai de infoknop tot de gewenste parameter wordt weergegeven.
-
Druk op de infoknop. De ingestelde waarde knippert.
-
Stel de gewenste waarde in door de infoknop te verdraaien.
-
Bevestig de gewijzigde instelling door op de infoknop te drukken of wacht tot de ingestelde waarde na 10 seconden automatisch wordt overgenomen.
Gele Intelligent Key
De gele Intelligent Key autoriseert functies die nodig zijn voor de reinigingstaak. In het apparaat zijn de parameters voor de verschillende reinigingsprogramma's voor-ingesteld. Afhankelijk van de autorisatie van de gele Intelligent Key, kunnen individuele parameters worden gewijzigd.
De displayteksten voor parameterinstelling spreken grotendeels voor zich.
Parameter "FACT" (alleen beschikbaar met R-reinigingskop):
- "Fine Clean": Laag borsteltoerental voor het verwijderen van grijze sluiers op steenwerk.
- "Whisper Clean": Gemiddelde borstelsnelheid voor routinematige reiniging met verlaagd geluidsniveau.
- "Power Clean": Hoge borstelsnelheid voor polijsten, kristalliseren en vegen.
Zuigbalk instellen
Helling instellen
De helling moet zodanig worden ingesteld dat de zuiglippen van de zuigbalk over de gehele lengte gelijkmatig op de vloer worden gedrukt.
- Plaats het apparaat op een oppervlak zonder helling.
- De programmaschakelaar in stand "Zui-gen" draaien.
- Het apparaat een klein stuk vooruit schuiven.
- Lees het waterpas af.

① Schroef
②Moer
③Waterweegschaal
5. De moer losdraaien.
6. Stel de schroef zodanig in dat de niveau-indicator tussen de twee lijnen staat.
7. Draai de moer vast.
8. Om de nieuwe instelling te controleren, beweegt u het apparaat een stuk verder naar voren. Herhaal indien nodig het instellingsproces.
9. De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
Hoogte instellen
Met de hoogteverstelling wordt de buiging van de zuiglippen bij contact met de vloer beïnvloed.
Instructie
Basisinstelling: 3 ringen boven, 3 ringen onder de zuigbalk.
Oneffen vloer: 5 sluitringen boven, 1 sluit-ring onder de zuigbalk.
Zeer gladde vloer: 1 sluitring boven, 5 sluitringen onder de zuigbalk.
- De moeren losschroeven.

③ Afstandsrol met houder
- Plaats het gewenste aantal ringen tussen de zuigbalk en de afstandsrol.
- De resterende onderlegringen boven de afstandrol aanbrengen.
- De moer erop schroeven en vastdraaien.
- Het proces bij de tweede afstandsrol herhalen.
Instructie
Stel beide afstandsrollen in op dezelfde hoogte.
Stel de schraperlip in
De schraperlippen moeten alleen bij de D-reinigingskop worden afgesteld.
- Stel de schraperlippen door verdraaien van het instelwiel zodanig in dat de schraperlip de vloer raakt.
- Draai het instelwiel nog eens 1 slag om- laag.
Reinigen
- Neem plaats op de stoel
- Steek de Intelligent Key erin.
- Zet de veiligheidsschakelaar op "1".
- Zet de rijrichtingschakelaar op voorwaarts rijden.
- Stel de programmaschakelaar in op het gewenste reinigingsprogramma.
- Bepaal de snelheid met het rijpedaal.
- Met de rijrichtingshendel de rijrichting selecteren.
- Over het te reinigen oppervlak rijden.
Zijschrobdek (optie)
Het zijschrobdek vereenvoudigt het werken dichtbij de rand.
Instructie
Het zijschrobdek is niet actief in de pro- gramma's voor polijsten en zuigen.
- Bedien de zijschrobschakelaar. Het zijschrobdek wordt geactiveerd.
- Om het werken met het zijschrobdek te beëindigen, zet u de schakelaar van het zijschrobdek op "0".
Werking beëindigen
Reiniging beëindigen
- Zet de programmaschakelaar op rijden.
- Een kort traject verder rijden. Het restwater wordt afgezogen.
- De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
- Neem de Intelligent Key eruit.
- Eventueel de accu laden.
Vuilwater aftappen
⚠ WAARSCHUWING
Onjuiste afvoer van afvoerwater
Milieuverontreiniging
Neem de plaatselijke voorschriften inzake de behandeling van afvoerwater in acht.
Instructie
Als de vuilwatertank vol is, wordt de zuigstroom onderbroken door een vlotter om te voorkomen dat de vuilwatertank overstroomt. Tap in dit geval het vuile water af.
- Verwijder de vuilwater-afvoerslang uit de houder en open het deksel van de afvoerslang.

- Knijp in het uiteinde van de slang en laat deze neer boven de afvoerinrichting.
- Pas de sterkte van de vuilwaterstraal aan door in het uiteinde van de slang te knijpen.
- De vuilwatertank met helder water schoonspoelen.
- Sluit de deksel van de afvoerslang.
- Druk de vuilwaterslang in de houder op het apparaat.
Vuilwatertank-spoelsysteem (optie)
- Verwijder de vuilwater-afvoerslang uit de houder en open het deksel van de afvoerslang.
- Sluit de deksel van de brandtstoftank.
- Sluit een watertoevoerslang aan op de wateraansluiting van het vuilwatertankspoelsysteem.
- Open de waterinlaat en spoel de vuilwatertank ongeveer 30 seconden.
- Herhaal indien nodig het spoelproces 2 tot 3 keer.
- De watertoevoer sluiten.
- De watertoevoerslang van het apparaat scheiden.
- Sluit de afvoerslang voor vuilwater en druk in de houder.
Leeg de grofvuilbak
- Til de grofvuilbak op en trek hem eruit.
- Leeg de grofvuilbak.
- De grofvuilbak weer plaatsen.
Verswater aftappen
- De afsluiting verswatertank openen.
- Tap het verse water af.
- Het filter reinigen.
- Breng de afsluiting verswatertank aan.
Zet apparaat uit
- De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
- Neem de Intelligent Key eruit.
-
Beveilig het apparaat tegen wegrollen.
-
Open het deksel van de vuilwatertank en zet deze vast met de steun zodat de vuilwatertank kan drogen. Zwenk hiervoor de steun omlaag en positioneer het onderste uiteinde bij het omlaag zwenken van de deksel op het gewenste niveau.

Grijze Intelligent Key
De grijze Intelligent Key geeft de het toe- zichtspersoneel uitgebreide bevoegdheden en instelmogelijkheden.
- Steek de Intelligent Key erin.
- Selecteer de gewenste functie door verdraaien van de infoknop.
Transportrit
- De programmaschakelaar op "Transport" zetten.
- Op de infoknop drukken.
In het menu Transport kunnen de volgende functies worden uitgevoerd:
• Maximale snelheid instellen
• Bedrijfsurenteller weergeven
• Onderhoudsteller wissen
• Softwareversies weergeven
• R- of D-reinigingskop instellen
- Snelheidsafhankelijke waterdosering in-/uitschakelen
• Nalooptijden instellen
- Taal instellen
- Sleutelbeheer
• Aanbouwsets in-/uitschakelen
• Fabrieksinstelling activeren
Maximale snelheid
In het menu "Max. snelheid" kan de maximale snelheid worden beperkt.
- Aan de infoknop draaien tot "Max. snelheid" op het display wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot de gewenste maximale snelheid wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
Instructie
De werksnelheid mag de ingestelde maximale snelheid niet overschrijden.
Onderhoudsteller terugzetten
Als er onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd die op het display worden weergegeven, moet vervolgens de onderhoudsteller wordt teruggezet.
- Aan de infoknop draaien tot "Onderhoudstellers" wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken. De tellerstanden worden weergegeven.
-
Aan de infoknop draaien tot de te wissen teller wordt geaccentueerd.
- Op de infoknop drukken.
- "Ja" selecteren door aan de infoknop te draaien.
- Op de infoknop drukken. De teller is gewist.
Reinigingskop instellen
- Aan de infoknop draaien tot "Borstel" in het menu wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot het type van de ingebouwde reinigingskop is gemarkeerd.
"Roll" = R-reinigingskop
“Disc” = D-reinigingskop
- Op de infoknop drukken.
Snelheidsafhankelijke waterdosering Als de snelheidsafhankelijke waterdosering is ingeschakeld, wordt de borstelbesproeiing evenredig afgestemd op de snelheid. De waterdosering wordt bovendien beïnvloed door de instelling van het desbetreffende reinigingsprogramma (0...100%).
Een snelheidsafhankelijke of constante waterdosering instellen:
- Aan de infoknop draaien tot "Waterdoseermodus" op het display wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot de gewens- te functie is gemarkeerd.
- Op de infoknop drukken.
Nalooptijden
- Aan de infoknop draaien tot het menupunt "Spin-downtijden" op het display wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot de gewens- te bouwgroep is gemarkeerd.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot de gewens- te nalooptijd wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
Taal instellen
- Aan de infoknop draaien tot het menupunt "Taal" op het display wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot de gewens- te taal is gemarkeerd.
- Op de infoknop drukken.
Sleutelbeheer
In het menu "KIK's" worden de bevoegdhe- den voor gele intelligente sleutels en de taal van de displayweergave vrijgegeven.
- De grijze intelligente sleutel erin steken.
- Aan de infoknop draaien tot op het display het menupunt "KIK's" wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- De grijze intelligente sleutel eruit trekken en de te personaliseren gele intelligente sleutel erin steken.
- Het te wijzigen menupunt selecteren door aan de infoknop te draaien.
- Op de infoknop drukken.
- De instelling van het menupunt selecteren door aan de infoknop te draaien.
- De instelling bevestigen door op het menupunt te drukken.
- Het volgende te wijzigen menupunt selecteren door aan de infoknop te draaien.
- Nadat alle instellingen zijn uitgevoerd, het menu "Bevestigen" oproepen door aan de infoknop te draaien.
- Op de infoknop drukken. De bevoegdheden zijn opgeslagen.
Schakel aanbouwsets in/uit
- Draai de infoknop tot de gewenste aanbouwset op het display wordt weergegeven.
- Druk op de infoknop.
- Draai de infoknop tot de gewenste functie van de aanbouwset is geselecteerd.
- Druk op de infoknop.
Fabrieksinstelling
De fabrieksinstelling van alle reinigingsparameters wordt hersteld.
- Aan de infoknop draaien tot het menupunt "Fabrieksinstel." wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
- Aan de infoknop draaien tot "Ja" wordt geaccentueerd.
- Op de infoknop drukken.
Parameters voor reinigingsprogramma's instellen
Alle parameters voor reinigingsprogramma's blijven behouden tot een andere instelling wordt geselecteerd.
- De programmaschakelaar op het gewenste reinigingsprogramma zetten.
- Op de infoknop drukken. De eerste instelbare parameter wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken De ingestelde waarde knippert.
- De gewenste waarde instellen door aan de infoknop te draaien.
- De gewijzigde instelling door het indrukken van de infoknop bevestigen of wachten tot de ingestelde waarde na 10 seconden automatisch wordt overgenomen.
- De volgende parameter selecteren door aan de infoknop te draaien.
- Na het wijzigen van alle gewenste parameters aan de infoknop draaien tot het menupunt "Afsluiten" wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken. Het menu wordt verlaten.
vervoer
ΔGEVAAR
Rijden op stijgende hellingen
Gevaar voor letsel
Gebruik het apparaat voor het laden en lossen alleen op hellingen tot de maximale waarde (zie hoofdstuk "Technische gegevens"). Rij langzaam.
⚠VOORZICHTIG
Niet in acht nemen van het gewicht
Gevaar voor letsel en beschadiging Houd bij het vervoer rekening met het gewicht van het apparaat.
- Met gemonteerde D-reinigingskop verwijdert u de schijfborstels van de borstelkop.
- Bij het transport in voertuigen het apparaat conform de geldende richtlijnen tegen wegglijden en omvallen beveiligen.

Niet in acht nemen van het gewicht
Gevaar voor letsel en beschadiging Houd bij de opslag rekening met het ge- wicht van het apparaat.
LET OP
Vorst
Vernietiging van het apparaat door bevrie- zend water.
Verwijder al het water uit het apparaat. Bewaar het apparaat op een vorstvrije plaats.
- Dit apparaat mag alleen in binnenruimtes worden opgeslagen.
- Voor een langere levensduur de batterijen volledig opladen.
- De batterijen bij opslag minstens één keer per maand volledig opladen.
Verzorging en onderhoud
⚠ GEVAAR
Per ongeluk opstartend apparaat
Verwondingsgevaar, elektrische schok Draai de programmaschakelaar in stand "OFF".
Verwijder de Intelligent Key voor alle werkzaamheden aan het apparaat.
Trek de netstekker van de oplader eruit. Trek de accustekker eruit.
- Het vuilwater en vuilwater aftappen en afvoeren.
Onderhoudsintervallen
Na elk gebruik
LET OP
Ondeskundige reiniging
Beschadigingsgevaar.
Spuit het apparaat niet schoon met water. Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen.
Voor de gedetailleerde beschrijving van de afzonderlijke onderhoudswerkzaamheden zie hoofdstuk "Onderhoudswerkzaamheden".
- Het vuilwater aftappen.
- De vuilwatertank met helder water schoonspoelen.
- De grofvuilzeef reinigen.
- Alleen R-reinigingskop: Neem de grof-vuilbak eruit en leeg hem.
- Het apparaat van buiten met een vochtige, in mild zeepsop gedrenkte doek reinigen.
- Reinig de zuiglip, controleer deze op slijtage en vervang hem indien nodig.
- Reinig de schraperlip, controleer deze op slijtage en vervang deze indien nodig.
- Reinig de borstels, controleer deze op slijtage en vervang deze indien nodig.
- De accu laden.
- Als de laadtoestand onder 50% is, de accu volledig en zonder onderbrekingen opladen.
- Als de ladingstoestand boven 50% is, de accu alleen opladen, als u bij het volgende gebruik de volledige bedrijfsduur nodig hebt.
Wekelijks
- Bij regelmatig gebruik de accu minstens een keer per week volledig en zonder onderbreking opladen.
Eens per maand
Voor de gedetailleerde beschrijving van de afzonderlijke onderhoudswerkzaamheden zie hoofdstuk "Onderhoudswerkzaamheden".
- Als het apparaat tijdelijk wordt uitgeschakeld: Voer de compensatielading van de accu uit.
- De accupool op oxidatie controleren, indien nodig afborstelen. Op vastheid van de verbindingskabels letten.
- De afdichtingen tussen de vuilwatertank en de deksel reinigen en op dichtheid controleren, indien nodig vervangen.
- Het verswatertank legen en de afzettingen schoonspoelen.
- Het filter verswater reinigen.
- Bij niet-onderhoudsvrije accu's de zuurdichtheid van de cellen controleren.
- Alleen R-reinigingskop: Reinig de borsteltunnel.
- Alleen R-reinigingskop: Reinig de water-verdelerlijst van de reinigingskop.
- Bij een langere stilstandtijd het apparaat met volledig opgeladen accu's afzetten. De accu minstens maandelijks volledig opladen.
Jaarlijks
- De voorgeschreven inspectie door de klantenservice laten uitvoeren.
Veiligheidsinspectie/ onderhoudscontract
Met uw dealer kunt u een regelmatige veiligheidsinspectie vastleggen of een onderhoudscontract afsluiten. Vraag hierover advies.
Onderhoudswerkzaamheden
Zuiglippen omkeren of vervangen
Als de zuiglippen zijn versleten, moeten ze worden omgekeerd of vervangen. De zuiglippen kunnen 3 keer worden omgekeerd totdat alle 4 de randen zijn versleten.
- De zuigbalk verwijderen.
- De stergreep eruit schroeven.

③Binnenste gedeelte zuigbalk
④Spansluiting
-
Het binnenste gedeelte van de zuigbalk eruit trekken.
-
De spansluiting openen.
- De spanband verwijderen.
- De zuiglippen uit het binnenste gedeelte verwijderen.

①Afstrijklip
②Steunlip
③Binnenste gedeelte zuigbalk
④Spanband
- De gebruikte of nieuwe zuiglippen op de noppen van het binnenste gedeelte van de zuigbalk drukken.
- De spanband aanbrengen.
- Het binnenste gedeelte van de zuigbalk in het bovenste deel schuiven.
- De stergreep erin schroeven en vastdraaien.
Grofvuilfilter reinigen
- Open de deksel van de vuilwatertank.

①Grofvuilzeef
②Pluizenzeef
- De grofvuilzeef er omhoog aftrekken.
- De grofvuilzeef onder stromend water schoonspoelen.
- Plaats de grofvuilzeef in de vuilwatertank.
Vlotter en pluizenzeef reinigen
- Open de deksel van de vuilwatertank.

①Vlotter
②Vlotterschakelaar
③Pluizenzeef
- Spoel de vlotter met schoon water.
- Spoel de vlotterschakelaar met schoon water.
- Verwijder de pluizenzeef en reinig deze.
Schijfborstel vervangen
Instructie
Vervang de schijfborstels, als de borstellengte 10 mm heeft bereikt.
- Breng de reinigingskop omhoog.
- Duw het borstelwisselpedaal omlaag.
- Trek de schijfborstel er zijdelings onder de reinigingskop uit.
- De nieuwe schijfborstel onder de reini- gingskop houden, omhoog drukken en vergrendelen.
Borstelwalsen vervangen
Instructie
Vervang de borstelwalsen, als de borstellengte 10 mm heeft bereikt.
- De reinigingskop optillen.
- De greep voor de borstelwissel eruit trekken.

① Greep borstelwissel
②Lagerdeksel met afstrijklip
③Borstelwals
3. Het lagerdeksel met afstrijklip verwijderen.
4. De borstelwals eruit trekken.
5. De nieuwe borstelwals inzetten en op de meenemer centreren.
① Meenemer
②Opnamedoorn
6. Het lagerdeksel met afstrijklip aanbrengen.
Instructie
Zorg ervoor dat de borstelwals op de opna- medoorn zit en niet eronder.
- De greep voor de borstelwissel naar bo- ven zwenken en vastklikken.
- De bewerking aan de tegenoverliggen- de zijde herhalen.
Vervang zijschrobborstel (optie)
- De borstelwisselhendel omlaag drukken.

① Borstel zijdelingse schrobmodule
②Hendel borstelwissel
De borstel valt uit de houder.
- Houd de nieuwe borstel onder het zij- schrobdek, druk hem omhoog en laat hem vergrendelen
Filter verswater reinigen
- Tap vers water af (zie hoofdstuk "Vers water aftappen").
- De afsluiting van het verswatertank los- schroeven.

- Het filter verswater eruit trekken en met schoon water schoonspoelen.
- Het filter verswater plaatsen.
- De afsluiting van het verswaterreservoir aanbrengen.
Opmerking: Zorg ervoor dat de slangaansluiting in de afsluiting verswaterreservoir na het vastschroeven op het diepste punt ligt.
Reinig de waterverdelerlijst
- Druk de ontgrendeling in pijlrichting en houd hem vast.

text_image
1. 2. 3.- Zwenk de waterverdeler naar voren.
- Trek de waterverdelerlijst er in lengte- richting uit.
- Reinig de waterverdelerlijst.
- Plaats de waterverdeellijst terug in de reini- gingskop en klik de vergrendeling vast.
Accu's reinigen
- Veiligheidsbril, beschermende kleding en beschermende handschoenen dragen.
- De doppen van de accu's gesloten houden.
- De accu's uitbouwen.
- De kunststof onderdelen van de accu's en het accucompartiment alleen met water of met water doordrenkte reinigingsdoeken zonder toevoegingen reinigen.
- De oppervlakken na het reinigen drogen.
- De accu's opnieuw inbouwen.
Onderhoudsteller terugzetten
Als er onderhoudswerkzaamheden op het display zijn uitgevoerd, moet de bijbehorende onderhoudsteller worden gereset.
Instructie
Het resetten van de onderhoudstellers wordt beschreven in het hoofdstuk "Grijze Intelligent Key".
Hulp bij storingen
ΔGEVAAR
Het apparaat kan onverwacht starten
Mensen die aan het apparaat werken, kunnen gewond raken.
Trek voor alle werkzaamheden aan het apparaat de Intelligent Key eruit.
Trek voor alle werkzaamheden de netstekker van de interne oplader uit het stopcontact.
Ontkoppel de accustekker voor alle werkzaamheden.
- Het vuilwater aftappen.
- Tap het resterende verse water af.
Instructie
Neem contact op met de klantenservice, als de fout niet kan worden verholpen met de volgende instructies.
Storingen met weergave
Als de weergegeven fout niet in de volgen- de lijst voorkomt, doe dan het volgende:
- De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
- Wacht 10 seconden.
- Zet de programmaschakelaar op de vo- rige functie.
- Als de storing opnieuw optreedt, de klantenservice raadplegen.
| Storing Oplossing | |
| Schoonwaterres. leeg! 1. Het schoonwaterreservoir bijvullen | |
| Waterventiel geblok. 1. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.2. Wacht 10 seconden.3. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. | |
| Hoofdbrstl overbel.! 1. De contactdruk van de borstels verminderen. | |
| Hoofdborstel geblok. | 1. Controleren of een vreemd voorwerp de borstels blokkeert, eventueel het voorwerp verwijderen.2. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.3. Wacht 10 seconden.4. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. |
| Zijborstel overbel.! | 1. De contactdruk van de borstel van het zijschrobdek verminderen. |
| Zijborstel geblok. | 1. Controleren of een vreemd voorwerp de borstel blokkeert, eventueel het voorwerp verwijderen.2. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.3. Wacht 10 seconden.4. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. |
| Vuilwaterres. vol! 1. Leeg het vuilwaterreservoir. | |
| Aandr.motor overbel.! | 1. De helling is te groot.a Bij het reinigen: reiniging annuleren.b Bij het vervoeren: een weg met een kleinere helling zoeken. |
| Aandr.motor geblok.! | 1. De wielen op een blokkering controleren, voorwerp verwijderen.2. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.3. Als de rijmotor oververhit is, hem ten minste 15 minuten laten afkoelen, anders 10 seconden wachten.4. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. |
| Storing Oplossing | |
| Batterijniveau laag! 1. De programmaschakelaar op “Transport” zetten.2. Het apparaat rechtstreeks naar de lader (of in het geval van een interne lader naar een stopcontact) rijden. Hellingen vermijden.3. De accu opladen. | |
| Batterij leeg! 1. De programmaschakelaar op “Transport” zetten.2. Het apparaat via de kortste weg naar de lader (of in het geval van een interne lader naar een stopcontact) rijden. Hellingen vermijden.3. De accu opladen. | |
| Sluit stoelcontact | 1. De bestuurdersstoel kort ontplasten zodat de besturing de functie van het stoelcontact kan contro-leren. |
| Inschakelen!! 1. De veiligheidsschakelaar op “1” zetten. | |
| Machine opn. starten! 1. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.2. Wacht 10 seconden.3. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. | |
| Gas loslaten! 1. Het gaspedaal loslaten. | |
Storingen zonder weergave op het display
| Storing Oplossing | |
| Het apparaat kan niet gestart worden | 1. Op de bestuurdersplaats gaan zitten.2. Voordat u de veiligheidsschakelaar inschakelt, uw voet van het rijpedaal nemen.3. De veiligheidsschakelaar op “1” zetten.4. De accu’s controleren, eventueel opladen.5. De programmaschakelaar op "OFF" zetten.6. Wacht 10 seconden.7. Zet de programmaschakelaar op het gewenste programma.8. Rijd indien mogelijk alleen met het apparaat op een vlakke vloer.9. Controleer eventueel de parkeerrem.Als de storing toch weer optreedt, de klantenservice raadplegen. |
| Het apparaat rijdt niet meer, op het display wordt “Batterij leeg!” weergegeven | 1. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.2. Wacht 10 seconden.3. De programmaschakelaar op “Transport” zetten.4. Naar het laadstation rijden.5. Als het apparaat nog steeds niet rijdt, dan de accu ter plaatse opladen of de rem ontgrendelen (zie “Gebruik/Apparaat duwen”) en het apparaat naar het laadstation duwen. |
| Het apparaat beweegt ongelijkmatig (schokkerig) bij het starten en stoppen. | 1. De rem ontgrendelen (zie “Gebruik/Apparaat duwen”). |
| De waterhoeveelheid is on-voldoende | 1. Controleer het verswaterniveau, vul indien nodig de tank volledig zodat de lucht eruit gedrukt wordt.2. Verwijder het filter voor vers water en reinig het.3. Plaats het filter en schroef de afsluiting erop.4. Alleen R-reinigingskop: Trek de waterverdeellijst van de reinigingskop af.5. Alleen R-reinigingskop: Reinig het waterkanaal.6. De slangen op verstopping controleren, eventueel reinigen. |
| Het schoonwaterdisplay geeft een verkeerd vulniveau aan na het handmatig legen van de tank | 1. Het apparaat gebruiken. Tijdens het gebruik ontlucht het slangsysteem en wordt de niveau-indica-tie automatisch gecorrigeerd. |
| De balk van de niveau-indica-tie knippert, op het display wordt “Schoonwaterres. leeg!” weergegeven | 1. Het verswaterreservoir bijvullen. |
| Het zuigvermogen is te ge-ring | 1. De afdichtingen tussen de vuilwatertank en de deksel reinigen en op dichtheid controleren, even-tueel vervangen.2. De pluizenzeef op vervuiling controleren, eventueel reinigen.3. De zuiglippen van de zuigbalk reinigen, eventueel omkeren of vervangen.4. Sluit het deksel van de vuilwater-afvoerslang.5. Sluit het deksel van het vuilwatertank-spoelsysteem.6. De zuigslang op verstopping controleren eventueel reinigen.7. De aanzuigslang op dichtheid controleren, eventueel reinigen.8. De instelling van de zuigbalk controleren. |
| Het reinigingsresultaat is on-voldoende | 1. Stel voor de reinigingstaak het passende reinigingsprogramma in.2. Gebruik passende borstels voor de reinigingstaak.3. Gebruik een passend reinigingsmiddel voor de reinigingstaak.4. De snelheid reduceren.5. Stel de contactdruk in.6. Stel de schraperlippen in.7. De borstels op slijtage controleren, eventueel vervangen.8. Controleer de wateruitvoer. |
| De borstels draaien niet 1. Ver minder de contactdruk.2. Controleer of een vreemd voorwerp de borstel blokkeert, eventueel het vreemde voorwerp verwijderen.3. Laat de motor afkoelen als deze overbelast is.4. De programmaschakelaar op "OFF" zetten.5. Wacht 10 seconden.6. Zet de programmaschakelaar op het gewenste programma.7. Controleer of de stekker van het apparaat in de reinigingskop is gestoken. | |
| Het apparaat remt niet | 1. Maak de rem van de rem los (zie "Bediening/apparaat verschuiven"). |
| De vuilwater-afvoerslang is verstopt | 1. De deksel van het doseerapparaat openen.2. Trek de zuigslang van de zuigbalk en sluit deze af met de hand.3. Zet de programmaschakelaar op "Zuigen".De verstopping wordt uit de afvoerslang in de vuilwatertank gezogen. |
| De reinigingsmiddeldosering dosis functioneert niet | 1. Alleen versie Dosis: Bel de klantenservice. |
Garantie
In elk land gelden de garantievoorwaarden die door onze verantwoordelijke verkoopmaatschappij zijn uitgegeven. Mogelijke storingen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode gratis, voor zo-
ver een materiaal- of fabricagefout de oorzaak is. Als u gebruik wilt maken van de garantie, neemt u met uw aankoopbon contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde geautoriseerde klantenservice. (adres zie achterzijde)
Toebehoren
Toebehoren reinigingskop met borstelwalsen
A: Verpakkingseenheid, B: Door het apparaat vereiste aantal
| Aanduiding R 65 | Onderdeelnr. | R 75 Onderdeelnr. | Beschrijving A B | ||
| Borstelwals, rood (gemiddeld, stan-daard) | 4.035-604.0 | 4.035-605.0 | Voor de onderhoudsreiniging van zelfs sterk vervuilde vloeren. | 1 | 2 |
| Borstelwals, wit (zacht) | 6.907-770.0 | 6.907-771.0 | Voor het polijsten en de onderhoudsreiniging van ge-voelige vloeren. | 1 | 2 |
| Borstelwals, oranje (hoog/laag) | 6.907-726.0 | 6.907-730.0 | Voor het schrobben van vloeren met structuur (veilig-heidstegels enz.). | 1 | 2 |
| Borstelwals, groen (hard) | 6.907-727.0 | 6.907-731.0 | Voor de basisreiniging van sterk vervuilde vloeren en voor het decoaten (bijv. was, acryl). 1 2 | 1 | 2 |
| Borstelwals, zwart (zeer hard) 6.907-728.0 6.907-732.0 | |||||
| Microvezelwals | 4.114-054.0 | 4.114-007.0 | Voor de onderhoudsreiniging van gladde vloeren. | 1 | 2 |
| Walspad-as | 4.762-626.0 | 4.762-627.0 | Voor het plaatsen van walspads. | 1 | 2 |
| Walspad, geel (zacht) | 6.369-454.0 | 6.369-454.0 | Voor het polijsten van bodems | 20 | 96; 106 |
| Walspad, rood (gemiddeld) | 6.369-456.0 | 6.369-456.0 | Voor het reinigen van licht vervuilde vloeren. | 20 | 96; 106 |
| Walspad, groen (hard) | 6.369-455.0 | 6.369-455.0 | Voor het reinigen van normaal tot sterk vervuilde vloeren. | 20 | 96; 106 |
Toebehoren reinigingskop met schijfborstels
A: Verpakkingseenheid, B: Door het apparaat vereiste aantal
| Aanduiding D 65 | Onderdeel-nr. | D 75 Onderdeel-nr. | Beschrijving | A | B |
| Schijfborstel, natuur (zacht) | 4.905-012.0 | 4.905-020.0 | Voor het polijsten van bodems. | 1 | 2 |
| Schijfborstel, wit | 4.905-011.0 | 4.905-019.0 | Voor het polijsten en de onderhoudsreiniging van gevoelige vloeren. | 1 | 2 |
| Schijfborstel, rood (gemiddeld, standaard) | 4.905-010.0 4 | 905-018.0 | Voor het reinigen van gering vervuilde of gevoelige vloe-ren. | 1 | 2 |
| Schijfborstel, zwart (hard) | 4.905-013.0 | 4.905-021.0 | Voor het reinigen van sterk vervuilde vloeren. | 1 | 2 |
| Diamantpad fijn, groen | 6.371-235.0 | 6.371-236.0 | Voor het opfrissen van kalkhoudende bekledingen en vloeren met een epoxyharslaag. | 5 | 2 |
| Diamantpad grof, wit | 6.371-250.0 | 6.371-252.0 | 5 | 2 | |
| Diamantpad gemiddeld, geel | 6.371-251.0 | 6.371-253.0 | 5 | 2 | |
| Pad-rijschotel | 4.762-446.0 | 4.762-447.0 | Voor het plaatsen van pads. | 1 | 2 |
Toebehoren zuigbalk
A: Verpakkingseenheid, B: Door het apparaat vereiste aantal
| Aanduiding | Onderdeel-nr. | Beschrijving | A | B |
| Set zuigstrips, voor PU (rood), achter Linatex | 4.039-366.0 | Standaard | paar | 1 paar |
| Set zuigstrips, Linatex-rubber | 4.039-356.0 | Scheurbestendig | paar | 1 paar |
| Set zuigstrips, PU | 4.039-357.0 | Oliebestendig | paar | 1 paar |
| Algemeen | ||||||
| Rij-/reinigingssnelheid km/h 6666 | ||||||
| T | r | a | n | s | p | o |
| Rijsnelheid, achteruit km/h 4 | 4 | 4 | 4 | |||
| Theoretische oppervlaktecapaciteit m2/h 3900 3900 4500 4500 | ||||||
| Theoretische oppervlaktecapaciteit met zijschrobdek m2/h - - 5100 5100 | ||||||
| Praktische oppervlaktecapaciteit | m2/h 2730 | 2730 | 3150 | 3150 | ||
| Volume verswaterreservoir | l | 110 | 110 | 110 | 110 | |
| Volume vuilwaterreservoir | l | 110 | 110 | 110 | 110 | |
| Volume grofvuilreservoir | l | 1,6 | - | 1,8 | - | |
| V | o | l | u | m | e | r |
| Reinigingsmiddeldosering | % | 0,25...3 | 0,25...3 | 0,25...3 | 0,25...3 | |
| Waterdosering | l/min | 0,15...5,7 | 0,15...5,7 | 0,15...5,7 | 0,15...5,7 | |
| Oppervlaktebelasting (met bestuurder en vol verswaterreservoir) | ||||||
| Oppervlaktedruk | N/mm2 | 0,62...0,66 | 0,62...0,66 | 0,62...0,66 | 0,62...0,66 | |
| Oppervlaktebelasting (gewicht/parkeerplaats) | kg/m2 | 470...542 | 470...542 | 470...542 | 470...542 | |
| Afmetingen | ||||||
| Lengte | mm | 1640 | 1640 | 1640 | ||
| Breedte | mm | 740 | 740 | 740 | 740 | |
| Breedte zuigbalk | mm | 950 | 950 | 950 | 950 | |
| Hoogte | mm | 1310 | 1310 | 1310 | ||
| Werkbreedte | mm | 650 | 650 | 750 | 750 | |
| Werkbreedte met zijschrobdek | mm | - | - | 850 | 850 | |
| Afmeting verpakking lxbxh | mm | 1750x990x1475 | 1750x990x1475 | 1750x990x1475 | 1750x990x1475 | |
| Draaicirkel | mm | 1750 | 1750 | 1750 | ||
| Afmetingen accuvak lxbxh | mm | 2x(315x386x375) | 2x(315x386x375) | 2x(315x386x375) | 2x(315x386x375) | |
| Bandenuitrusting | ||||||
| Voorwiel, breedte | mm | 90 | 90 | 90 | 90 | |
| Voorwiel, diameter | mm | 250 | 250 | 250 | 250 | |
| Achterwiel, breedte | mm | 75 | 75 | 75 | 75 | |
| Achterwiel, diameter | mm | 290 | 290 | 290 | 290 | |
| Gewicht | ||||||
| Toegestaan totaal gewicht | kg | 650 | 650 | 650 | 650 | |
| Leeggewicht (transportgewicht) | kg | 480 | 480 | 480 | 480 | |
| Typisch bedrijfsgewicht | kg | 540 | 540 | 540 | 540 | |
| Borstelcontactkracht, max. | N (kg) | 736 (75) | 736 (75) | 736 (75) | 736 (75) | |
| Borstelcontactkracht, max. | N/m2(g/cm2) | 581 (570) | 51 (50) | 510 (500) | 41 (40) | |
| Gegevens capaciteit apparaat | ||||||
| Nominale spanning | V | 24 | 24 | 24 | 24 | |
| Accucapaciteit | Ah (5 h) | 170 / 285 | 170 / 285 | 170 / 285 | 170 / 285 | |
| Gemiddelde netbelasting | W | 2350 | 2350 | 2350 | ||
| Nominaal vermogen | W | 2500 | 2500 | 2500 | ||
| Vermogen rijmotor | W | 600 | 600 | 600 | 600 | |
| Vermogen zuigturbine | W | 600 | 600 | 600 | 600 | |
| Vermogen borstelaandrijving | W | 2 x 600 | 2 x 600 | 2 x 600 | 2 x 600 | |
| Beschermingsgraad | IPX3 | IPX3 | IPX3 | IPX3 | ||
| Zuigen | ||||||
| Zuigvermögen, luchthoeveelheid | l/s | ~25 | ~25 | ~25 | ~25 | |
| Onderdruk (max.) | kPa(mbar) | ~17 (~170) | ~17 (~170) | ~17 (~170) | ~17 (~170) | |
| Onderdruk (tijdens bedrijf) | kPa(mbar) | ~5 (~50) | ~5 (~50) | ~5 (~50) | ~5 (~50) | |
| Reinigingsborstel | ||||||
| Borsteldoorsnede | mm | 100 | 355 | 100 | 385 | |
| Borstellengte | mm | 605 | - | 705 | - | |
| Borsteltoerental | l/min | 1200 | 180 | 1200 | 180 | |
| B 110 R 65 | B 110 D 65 | B 110 R 75 | B 110 D 75 | |||
| Borsteldiameter zijschrobdek mm - - 220 220 | ||||||
| Borstelsnelheid zijschrobdek 1/min - - 220 220 | ||||||
| Interne oplader | ||||||
| Kabellengte m 2 | 2 | 2 | 2 | |||
| Nominale spanning V 100...240 100...240 100...240 100...240 | ||||||
| Frequentie Hz 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 | |||
| Netbelasting | W | 750 750 750 750 | ||||
| Laadstroom A 28 | 28 | 28 | 28 | |||
| Efficiëntie | % | 92 | 92 | 92 | 92 | |
| Omgevingsvoorwaarden | ||||||
| Toegestaan temperatuurbereik | °C | 5...40 | 5...40 | 5...40 | 5...40 | |
| Watertemperatuuur max. | °C | 50 | 50 | 50 | 50 | |
| Waterdruk vulsysteem (optie) | MPa (bar) | 1 (10) | 1 (10) | 1 (10) | 1 (10) | |
| Waterdruk vuilwaterreservoir-spoelsysteem (optie) | MPa (bar) | 1 (10) | 1 (10) | 1 (10) | 1 (10) | |
| Relatieve luchtvochtigheid | % | 20...90 | 20...90 | 20...90 | 20...90 | |
| Helling | ||||||
| Stijging werkbereik max. | % | 10 | 10 | 10 | 10 | |
| Helling korte afstand (max. 10 m) transport, laden | % | 22 | 22 | 22 | 22 | |
| Berekende waarden conform EN 60335-2-72 | ||||||
| Hand-arm-vibratiewaarde | m/s2 | <2,5 | <2,5 | <2,5 | <2,5 | |
| Vibratiewaarde stoel | m/s2 | <2,5 | <2,5 | <2,5 | <2,5 | |
| Onzekerheid K | dB(A) | 0,2 | 0,2 | 0,2 | 0,2 | |
| Geluidsdrukniveau L_pA eco-modus | dB(A) | 59,2 | 59,2 | 59,2 | 59,2 | |
| Geluidsdrukniveau L_pA normaal bedrijf | dB(A) | 63,6 | 63,6 | 63,6 | 63,6 | |
| Onzekerheid KpA | dB(A) | 1,6 | 1,6 | 1,6 | 1,6 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA + onzekerheid KWA eco-modus | dB(A) | 74,1 | 74,1 | 74,1 | 74,1 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA + onzekerheid KWA normaal bedrijf | dB(A) | 78,7 | 78,7 | 78,7 | 78,7 | |
| Zijschrobdek | ||||||
| Vermogen | W | -- 140 140 | ||||
| Borstelcontactkracht, max. | N (kg) | - | - | 88 (9) | 88 (9) | |
| Borstelcontactkracht, max. | N/m ^2 (g/cm ^2 ) | -- 30,6 (30) | 30,6 (30) | |||
Technische wijzigingen voorbehouden.
EU-conformiteitsverklaring
Hiermee verklaren wij dat de hierna vermelde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt gebrachte uitvoering voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine verliest deze verklaring zijn geldigheid.
Product: bodemreiniger
Type: 1.161-xxx
Relevante EU-richtlijnen
2006/42/EG (+2009/127/EG)
2014/30/EU
2014/53/EU (TCU)
Toegepaste geharmoniseerde normen
EN 60335-1
EN 60335-2-29
EN 60335-2-72
EN 62233: 2008
EN 55012: 2007 + A1: 2009
EN 61000-3-2: 2014
EN 61000-3-3: 2013
EN 61000-6-2: 2005
EN 61000-6-3: 2007 + A1:2011
TCU
EN 301 511 V12.5.1
EN 300 440 V2.1.1
EN 300 328 V2.2.2
EN 300 330 V2.1.1
Toegepaste nationale normen
De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie.
Gevolmachtigde voor de documentatie:
S. Reiser
Alfred Kärcher SE & Co. KG
Alfred-Kärcher-Str. 28 - 40
Purtați ochelari de protectie.

Accesorii bara de aspiratie
①Rupjo netīrumu siets
②Pūku siets