GEBRUIKSAANWIJZING MH 360 AL-KO
1 Over deze gebruiksaanwijzing.... 75
1.1 Symbolen op de titelpagina.... 75
1.2 Verklaring van pictogrammen en sig-
naalwoorden.... 76
2 Productomschrijving 76
2.1 Beoogd gebruik 76
2.2 Mogelijk afzienbaar foutief gebruik..... 76
2.3 Overige risico's.... 76
2.4 Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen 76
2.4.1 Afschermkap.... 76
2.5 Symbolen op het apparaat 76
2.5.1 Veiligheidstekens.... 76
2.5.2 Bedieningstekens 76
2.6 Productoverzicht (01) 77
3 Veiligheidsinstructies 77
3.1 Gebruiker 77
3.2 Veiligheid van het apparaat.... 77
3.3 Veiligheid van personen, dieren en eigendommen .... 77
3.4 Veiligheid op de werkplek 78
3.5 Omgang met benzine en olie 78
3.6 Persoonlijke beschermingsmiddelen.. 79
4 Montage....79
5 Ingebruikname 79
5.1 Duwboom instellen (04) 79
5.2 Transportwiel....79
6 Bediening....79
6.1 De motor starten en stoppen.... 79
6.1.1 Start de motor.... 79
6.1.2 Motor uitschakelen 79
6.2 Hakmessen 79
6.2.1 Hakmessen inschakelen.... 79
6.2.2 Hakmessen uitschakelen.... 80
7 Onderhoud en verzorging 80
7.1 Hakmessen reinigen 80
7.2 Transmissieolie verversen 80
7.3 Bougies onderhouden 80
7.4 Luchtfilter 80
7.5 Motorolie verversen 80
7.6 De bowdenkabels afstellen.... 80
8 Hulp bij storingen.... 80
9 Transport....81
10 Machine opbergen.... 81
11 Verwijderen 81
12 Klantenservice/service centre 82
13 Garantie.... 82
1 OVER DEZE GEBRUIKSAANWIJZING
De Duitse versie is de originele gebruiksaanwijzing. Alle andere taalversies zijn vertalingen van de originele gebruiksaanwijzing.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing goed zodat u erin het antwoord op uw vragen kunt terugvinden wanneer u informatie over de machine nodig heeft.
Draag de machine alleen samen met deze gebruiksaanwijzing aan andere personen over.
■ Lees en neem de veiligheids- en waarschu-wingsinstructies in deze gebruiksaanwijzing in acht.
1.1 Symbolen op de titelpagina
Symbool Betekenis

Lees voor de ingebruikname deze gebruiksaanwijzing absoluut zorgvuldig door. Dit is de voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik.

Gebruiksaanwijzing

Gebruik het benzineapparaat niet in de buurt van open vlammen of hittebronnen.
1.2 Verklaring van pictogrammen en signaalwoorden
⚠ GEVAAR! Wijst op een direct gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot de dood of tot een ernstig letsel leidt.
⚠ WAARSCHUWING! Wijst op een potentieel gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet verme- den wordt, tot de dood of tot een zwaar letsel kan leiden.
⚠️ VOORZICHTIG! Wijst op een potentieel gevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot een licht of middelzwaar letsel kan leiden.
LET OP! Wijst op een situatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, tot materiële schade kan leiden.
HOPMERKING Speciale aanwijzingen voor meer duidelijkheid en een beter gebruik.
Deze machine is te gebruiken voor:
■ Het bewerken van vooraf rul gemaakte grond.
Er mag alleen met het apparaat gewerkt worden als het volledig gemonteerd is.
Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik. Ieder ander gebruik alsmede niet-toege-stane verbouwingen of uitbreidingen worden voor misbruik aangezien en hebben de uitsluiting van de garantie en het verlies van de conformiteit en de weigering van iedere verantwoordelijkheid voor schade van de gebruiker of van derden van de fabrikant tot gevolg.
2.2 Mogelijk afzienbaar foutief gebruik
Het apparaat is noch bedoeld voor de commerciele toepassing in openbare parken en sportfacilitteiten, noch voor de toepassing in land- en bosbouw.
Let vooral op:
- Deze machine is niet geschikt voor het bewerken van vaste grond, bijv. vastgetrapte gazons.
Ook bij doelmatig gebruik van het gereedschap blijft sprake van een zeker restrisico dat niet kan worden uitgesloten. Uit de aard en de bouwwijze
van het apparaat kunnen, afhankelijk van het gebruik, de volgende potentiële gevaren worden afgeleid:
Schade aan het gehoor als er geen gehoorbescherming wordt gedragen.
Lichamelijk letsel door hand-arm-trillingen als de machine gedurende een langere tijd gebruikt of niet als voorgeschreven onderhouden wordt.
■ Wegslingeren van aarde en kleine stenen.
■ Snijwonden bij het reiken in de roterende hakmessen.
2.4 Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen
⚠ WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel.
Defecte en buiten werking gestelde veiligheids- en beschermingsapparatuur kunnen ernstig letsel veroorzaken.
■ Laat defecte veiligheids- en beschermingsapparatuur repareren.
■ De veiligheids- en beschermingsuitrusting nooit buiten werking stellen.
2.4.1 Afschermkap
De afschermkap beschermt de bediener tegen het roterende hakmes en weggeslingerde voorwerpen.
2.5 Symbolen op het apparaat
2.5.1 Veiligheidstekens
Symbool Betekenis

Lees vóór ingebruikname de gebruiksaanwijzing!

Roterend gereedschap! Handen en voeten uit de buurt houden.
2.5.2 Bedieningstekens
Symbool Betekenis

Traploze snelheidsregeling:
"STOP" = stoppen;
“Schildpad” = langzaam;
"Haas" = snel
2.6 Productoverzicht (01)
Het productoverzicht (01) geeft een overzicht van de machine.
Nr. Onderdeel
| 1 Koppelingshendel |
| 2 Veiligheidsknop |
| 3 Gashendel |
| 4 Vulopening voor brandstof |
| 5 Rubber balg (primer) |
| 6 Wiel |
| 7 Hakmessen |
| 8 Oliestop |
| 9 Afschermkap |
| 10 Remspoor |
| 11 Trekkoord |
| 12 Duwboom |
3 VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
⚠️ GEVAAR! Levensgevaar en gevaar voor zeer ernstig letsel! Onbekendheid met de veiligheidsinstructies en bedieningsinstructies kan bijzonder ernstig letsel en zelfs de dood tot gevolg hebben.
Volg alle veiligheidsinstructies en bedienings-instructies in deze gebruiksaanwijzing op evenals in de gebruiksaanwijzingen waarnaar wordt verwezen, voordat u het apparaat gebruikt.
Bewaar alle bijgeleverde documenten voor toekomstig gebruik.
■ Levensgevaar door vergiftiging
De uitlaatgassen van de motorhak bevatten
koolmonoxide dat bij inademing binnen enke-
le minuten dodelijk kan zijn. Let voor of tij-
dens het gebruik op het volgende:
- Gebruik de motorhak nooit binnenshuis, maar alleen buitenshuis.
■ Adem geen uitlaatdampen in.
Schakel de motorhak uit als u zich misselijk, duizelig of zwak voelt tijdens het gebruik van deze machine.
■ Motorhak alleen in technisch perfecte staat gebruiken.
Stel de veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen niet buiten werking.
Draag gehoorbescherming.
De instructies in deze gebruiksaanwijzing en de gebruiksaanwijzing voor de motor zorgvuldig doorlezen en in acht nemen. Leer de motorhak snel uit te schakelen.
- Gebruik nooit startsprays of soortgelijke middelen.
3.1 Gebruiker
■ Personen van jonger dan 16 jaar en personen die de gebruikershandleiding niet hebben gelezen, mogen het apparaat niet gebruiken. Eventuele landspecifieke veiligheidsvoorschriften voor de minimumleeftijd van de gebruiker naleven.
■ Een onervaren bediener moet worden geïnstrueerd en opgeleid in de bediening van het apparaat.
Bedien het apparaat niet als u onder invloed bent van alcohol, drugs of geneesmiddelen.
3.2 Veiligheid van het apparaat
■ Het apparaat alleen gebruiken onder de volgende omstandigheden:
■ De machine is niet vervuild.
- De machine vertoont geen beschadigingen.
Alle bedieningselementen werken.
- Het apparaat niet overbelasten. Het is voor lichte particuliere werkzaamheden bedoeld. Overbelasting leidt tot beschadiging van de machine.
- Het apparaat nooit gebruiken met versleten of defecte onderdelen. Defecte onderdelen altijd vervangen door oorspronkelijke reserveonderdelen van de fabrikant. Wanneer het apparaat met versleten of defecte onderdelen wordt gebruikt, kan tegenover de fabrikant geen aanspraak op garantie worden geemaakt.
■ Reparatiewerkzaamheden mogen uitsluitend worden uitgevoerd in de vakhandel of op onze Servicevestigingen.
3.3 Veiligheid van personen, dieren en eigendommen
- Gebruik de machine alleen voor werkzaamheden waarvoor het is bedoeld. Niet-reglementair gebruik kan letsel en materiële schade veroorzaken.
■ Schakel het apparaat alleen in als er geen personen of dieren in het werkgebied aanwezig zijn.
Houd een veiligheidsafstand aan tot personen en dieren of schakel het apparaat uit als personen of dieren naderen.
Houd de stroom van uitlaatgassen nooit gericht op personen of dieren, of op brandbare producten en voorwerpen.
Grijp niet in het aanzuig- en luchtfilter als de motor draait. De draaiende onderdelen kunnen letsel veroorzaken.
Schakel het apparaat altijd uit wanneer u het niet nodig heeft, bijv. bij het verplaatsen naar een ander werkgebied, bij onderhoudswerkzaamheden, bij het tanken van het benzineoliemengsel.
■ Schakel het apparaat bij een ongeval onmiddellijk uit om verder letsel en materiële schade te voorkomen.
- Gebruik de machine nooit met versleten of defecte onderdelen. Versleten of defecte onderdelen kunnen ernstig letsel veroorzaken.
■ Bewaar het apparaat buiten het bereik van kinderen.
3.4 Veiligheid op de werkplek
■ Alleen bij daglicht of zeer helder kunstlicht werken.
■ De machine alleen op een vaste en vlakke ondergrond en niet op steile hellingen gebruiken.
- Gebruik de machine niet op ruw terrein met stenen.
Altijd dwars ten opzichte van de helling werken.
Niet naar boven en naar beneden op de helling werken en evenmin op hellingen met een inclinatie van meer dan 10°.
■ Op stabiliteit letten.
■ Verwijder vreemde voorwerpen uit het te bewerken terrein.
Blijf met uw handen en voeten uit de buurt van roterende onderdelen.
■ Machine nooit met lopende motor optillen of dragen.
Bij het starten van de motor mag niemand voor de machine of het gereedschap (hakmessen) staan – de aandrijving van de hakmessen moet uitgeschakeld zijn.
- Het bevestigen en verwijderen van het transportwiel of het afstellen van de remspoor alleen met een uitgeschakelde motor en stilstaande hakmessen.
■ Voor het rijden met gemonteerd transportwiel de motor afzetten en wachten op stilstand van de hakmessen.
- Het gebruik van de machine is slechts toegestaan, als men zich houdt aan de veilige afstand, die door de duwboom wordt bepaald.
■ Uitlaat en motor schoonhouden.
De tank of tankdop bij beschadiging vervangen.
3.5 Omgang met benzine en olie
■ Explosie- en brandgevaar:
Bij het ontsnappen van een benzine-lucht-mengsel ontstaat potentieel explosieve atmo-sfeer. Door een ondeskundige omgang met brandstoffen kunnen deze ontsteken, explo-deren en ontbranden, wat tot zwaar letsel en zelfs sterfgevallen kan leiden. Neem het vol-gende in acht:
■ Rook nooit, terwijl u met benzine werkt.
■ Werk uitsluitend in de buitenlucht met benzine en nooit in afgesloten ruimten.
- Neem beslist altijd de volgende gedragsregels in acht.
- Transporteer en bewaar benzine en olie uit-sluitend op in goedgekeurde voorraadvaten. Zorg ervoor dat de opgeslagen benzine en olie niet toegankelijk zijn voor kinderen.
Zorg ervoor, om bodemvervuiling (milieubescherming) te vermijden, dat bij het tanken geen benzine en geen olie in de aarde terechtkomt. Gebruik bij het tanken een trechter.
Tank het apparaat nooit af in gesloten ruimten. Op de vloer kunnen zich benzinedampen verzamelen waardoor het tot een explosieve verbranding of zelfs explosie kan komen.
■ Veeg gemorste benzine altijd onmiddellijk op van het apparaat of de vloer. Laat de doeken waarmee u benzine afgeveegd heeft, op een goed geventileerde plaats drogen voordat u deze weggooit. Anders kan spontane zelfont-branding optreden.
Bij het morsen van benzine ontstaan benzin-edampen. Start het apparaat daarom nooit op dezelfde plaats, maar altijd op een plaats die minimaal 3 m daarvan is verwijderd.
Vermijd huidcontact met producten van minerale oliën. Adem geen benzinedampen in. Draag altijd veiligheidshandschoenen om brandstof bij te vullen. Vervang en reinig de beschermende kleding regelmatig.
Let erop dat uw kleding niet in contact komt met benzine. Vervang uw kleding onmiddel- lijk wanneer benzine op uw kleding terecht- gekomen is.
■ Tank het apparaat nooit af, bij draaiende of hete motor.
3.6 Persoonlijke beschermingsmiddelen
- Om verwondingen aan hoofd en ledematen evenals gehoorschade te voorkomen, wordt aanbevolen beschermende kleding en uitrusting te dragen.
De kleding moet functioneel (nauwsluitend) zijn en mag niet hinderen bij het dragen. Bij lang haar beslist een haarnetje dragen. Nooit losse kledingstukken of accessoires dragen die in het apparaat kunnen worden getrokken, bijv. sjaals, wijde shirts, lange halskettingen.
■ De persoonlijke beschermingsmiddelen bestaan uit:
Gehoorbescherming en veiligheidsbril
Lange broek en schoenen
Beschermende handschoenen
4 MONTAGE
Procedure zie afb. 02–06.

WAARSCHUWING! Gevaren door onvol-
ledige montage! De werking van een onvolledig apparaat kan ernstig letsel veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen als het volledig is gemonteerd!
- Controleer voor het inschakelen alle veiligheids- en beschermingsvoorzieningen op aanwezigheid en functionaliteit!
5 INGEBRUIKNAME
5.1 Duwboom instellen (04)
De hoogte van de duwboom aanpassen aan de lichaamslengte.
De normale hoogte-instelling komt overeen met heuphoogte.
-
Schroeven van de behuizingconsole losdraaien.
-
Duwboom afstellen overeenkomstig de lang-werpige gaten.
- Schroeven weer vastdraaien.
i OPMERKING Bij modellen met achteruitversnelling kan de duwboom naar links en rechts worden gedraaid.
5.2 Transportwiel
Met behulp van het transportwiel de motorhak gemakkelijk en comfortabel naar de plaats van gebruik rijden.
Om met de motorhak te werken, klikt u het transportwiel in de bovenste inkeping.
6 BEDIENING
6.1 De motor starten en stoppen
6.1.1 Start de motor
Bij het starten van de motor mag de koppelings-hendel voor de hakmessen niet geactiveerd zijn!
- De gashendel in de stand "Haas" (MAX) zetten.
- Rubber balg (primer) 2 à 5 maal indrukken.
- Het trekkoord vlot uittrekken en vervolgens weer rustig laten terugrollen.
- Als de motor aanslaat: Snelheid met gashendel regelen ("Haas" = snel, "Schildpad" = langzaam).
- Als de motor niet aanslaat: Werkstappen controleren en trekkoord er opnieuw eruit trekken.
6.1.2 Motor uitschakelen
- De gashendel in de stand "STOP" zetten.
6.2 Hakmessen
6.2.1 Hakmessen inschakelen

WAARSCHUWING! Gevaar door draaiendelen van de machine! Als er in draaiende en van de machine wordt gegrepen veroorkt dit zeer ernstig letsel!
■ Reik nooit in draaiende delen van de machine!
■ De hakmessen mogen niet draaien wanneer de koppelingshendel is losgelaten.
-
Veiligheidsknop indrukken en ingedrukt houden.
-
Koppelingshendel helemaal optrekken en vasthouden. De hakmessen mogen pas van- af halverwege de slag van de hendel begin- nen te draaien.
6.2.2 Hakmessen uitschakelen
- Koppelingshendel loslaten.
7 ONDERHOUD EN VERZORGING
⚠ GEVAAR! Levensgevaar en gevaar voor zeer ernstig letsel. Levensgevaar en gevaar voor zeer ernstig persoonlijk letsel bij een ingeschakelde motor.
■ Voer alle ingrepen met uitgeschakelde motor uit.
⚠ GEVAAR! Levensgevaar door ondeskundig onderhoud. Onderhoudswerkzaamheden door ongekwalificeerd personeel en het gebruik van niet toegestane reservedelen kunnen tijdens het gebruik tot zeer ernstig letsel leiden, tot de dood toe.
■ Verwijder geen veiligheidsinrichtingen en stel deze nooit buiten werking.
- Gebruik uitsluitend originele, toegelaten reservedelen.
Zorg door regelmatig en deskundig onderhoud ervoor, dat het apparaat steeds in een functionele en schone staat verkeert.
⚠️ VOORZICHTIG! Gevaar voor letsel. Onderdelen met scherpe randen en draaiende onderdelen kunnen letsel veroorzaken.
Draag bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd beschermende handschoenen!
7.1 Hakmessen reinigen
Vóór en na het gebruik van de machine langvezelige plantdelen en grove brokken aarde uit de messen verwijderen.
7.2 Transmissieolie verversen
In principe moet om de 100 bedrijfsuren ook de tandwielolie worden ververst (olieviscositeit SAE 80).
Olie verversen
- Oliestop aan de rechterzijde van de aandrijving losdraaien.
- Afgewerkte olie aftappen.
- Met nieuwe olie vullen. De olie moet zichtbaar zijn bij de vulopening.
- De invulopening met de sluitschroef afsluiten.
- Afgewerkte olie conform de wettelijke bepa-
lingen afvoeren.
7.3 Bougies onderhouden
H OPMERKING Neem voor gedetailleerde informatie de aparte gebruikershandleiding van de motor in acht.
7.4 Luchtfilter
H OPMERKING Neem voor gedetailleerde informatie de aparte gebruikershandleiding van de motor in acht.
7.5 Motorolie verversen
OPMERKING Neem voor gedetailleerde informatie de aparte gebruikershandleiding van de motor in acht.
7.6 De bowdenkabels afstellen
De fijnafstelling gebeurt door middel van de stelschroef op de duwboom en op de motorconsole.
- De contramoer losdraaien.
- Met stelschroef afstellen.
- De contramoer weer aandraaien.
H OPMERKING De hakmessen mogen pas vanaf halverwege de slag van de hendel beginnen te draaien.
8 HULP BIJ STORINGEN
i OPMERKING Neem contact op met onze klantenservice bij storingen die niet in deze tabel staan vermeld of die u niet zelf kunt oplossen.
| Storing Oorzaak Maatregel | | |
| Motorvermogen is onvol-doende. | Luchtfilter verstopt Luchtfilter controleren en reinigen | |
| Verbrandingsproblemen Naar servicepunt gaan | |
| Hakmessen verontreinigd Hakmessen reinigen | |
| Motor slaat niet aan. Brandstof ontbreekt Vul brandstof bij | |
| Slechte, vervuilde brandstof, oude brandstof in de tank | Tap de brandstoftank af en vul deze met verse brandstof |
| Foute startprocedure De startprocedure correct uitvoeren |
| Gashendel in de verkeerde stand | Gashendel in de stand "Haas" (MAX) zetten |
| Defect aan de bougie Zie motorhandleiding. |
| Luchtfilter Zie motorhandleiding. |
| Hakmessen draaien niet V-riem defect Naar servicepunt gaan |
| Schade aan de versnellings-bak | Naar servicepunt gaan |
| Hakmessen los Hakmessen vastdraaien |
| Bowdenkabel uitgerekt of los Bowdenkabel instellen |
9 TRANSPORT
■ Motorhak alleen transporteren met een lege brandstoftank.
■ Motorhak altijd horizontaal transporteren, anders gebeurt het volgende:
■ weglekkende brandstof en olie
rookontwikkeling
moeilijk starten
roetafzettingen op de bougie
10 MACHINE OPBERGEN
Na elk gebruik het apparaat grondig reinigen en – indien beschikbaar – alle veiligheidsafdekkingen aanbrengen. Apparaat op een droge, afsluitbare plaats en buiten het bereik van kinderen bewaren.
Wanneer u de machine langer dan 2 à 3 maanden niet gaat gebruiken, moeten de volgende werkzaamheden worden uitgevoerd, om beschadigingen te voorkomen:
- Maak de brandstoftank leeg:
Laat de motor net zolang lopen totdat deze vanzelf stopt. Zo is er in de brandstoftank en in de carburateur geen benzineoliemengsel meer aanwezig en kunnen er zich geen afzettingen vormen.
- De machine reinigen:
Wis de gehele machine en de bijbehorende accessoires schoon met een poetsdoek. Gebruik hierbij geen benzine of andere oplosmiddelen!
■ Verwijder eventueel vuil uit alle openingen in de machine (bijv. koelopeningen voor de motor).
- Cilinder smeren:
■ Laat de machine volledig afkoelen.
■ Bougiestekker verwijderen en bougie losdraaien.
- Druppel een klein beetje olie in de opening voor de bougie.
■ Trek langzaam aan de starchandgreep, zodat de zuiger beweegt en de olie in de cilinder wordt verdeeld.
- Apparaat op het wiel neerzetten en niet gekanteld opbergen.
- Apparaat op een zo droog mogelijke plaats opbergen.
11 VERWIJDEREN

Benzine en motorolie horen niet bij het gewone huisvuil of in de riolering, maar moeten afzonderlijk worden weggedaan!
■ Voordat de machine wordt afgedankt moeten de brandstof- en de motorolietank worden geleegd!
■ Verpakking, apparaat en toebehoren zijn vervaardigd van materialen die voor hergebruik geschikt zijn. Verwijder deze daarom dienovereenkomstig.
12 KLANTENSERVICE/SERVICE CENTRE
Voor vragen over garantie, reparatie of reserve-onderdelen kunt u contact opnemen met het
dichtstbijzijnde AL-KO service centre. Deze vindt u op internet op het volgende adres:
www.al-ko.com/service-contacts
13 GARANTIE
Eventueel binnen de wettelijke termijn voor aansprakelijkheid optredende materiaal- of fabricagefouten van het apparaat worden naar eigen oordeel door ons verholpen, hetzij door reparatie of door levering van een vervangend apparaat. De geldende termijn voor aansprakelijkheid hangt in elk geval af van de wetgeving in het land waarin het apparaat werd aangeschaft.
Onze garantie geldt alleen bij:
■ naleving van deze gebruiksaanwijzing
■ Deskundig gebruik
■ Gebruik van originele reserveonderdelen
De garantie vervalt bij:
■ Eigenhandig uitgevoerde reparatiepogingen
Eigenhandig aangebrachte technische wijzigingen
- Gebruik voor andere doeleinden dan het gebruiksdoel
Van de garantie zijn uitgesloten:
■ lakschade opgetreden als gevolg van normaal gebruik
■ Slijtageonderdelen die op de reserveonderdelenkaart met een kader xxxxxx (x) zijn aangeduid
■ Verbrandingsmotoren (hierop zijn de garantiebepalingen van toepassing van de betreffende motorfabrikant)
De garantietermijn begint bij de aanschaf door de eerste eindgebruiker. Maatgevend is daarbij de datum op de kassabon. Ga met deze garantieverklaring en de originele kassabon naar uw dealer of naar de dichtstbijzijnde klantenservice. Deze verklaring laat het vorderingsrecht van de koper jegens de verkoper wegens defecten aan het apparaat onverlet.
OVERSETTELSE AV DEN ORIGINALE BRUKSANVISNINGEN
Innhold
1 Om denne bruksanvisningen 83